“Hij bewaart al zijn beenderen; niet een van die wordt gebroken.”—Psalm 34:21
Deze belofte wordt door de samenhang betrokken op de rechtvaardige die veel te lijden heeft: “Vele zijn de tegenspoeden des rechtvaardigen; maar uit alle die redt hem de HEERE.” Hij kan huidwonden en vleeswonden oplopen, maar er zal hem geen groot kwaad geschieden: geen enkel bot van hem zal gebroken worden.
Dit is een grote troost voor een beproefd kind van God, een troost die ik durf aan te nemen. Want tot op dit uur heb ik door mijn vele beproevingen geen echte schade geleden. Ik heb mijn geloof niet verloren, noch mijn hoop, noch mijn liefde. Integendeel, deze beenderen van mijn karakter zijn er sterker en krachtiger van geworden. Ik heb meer kennis, meer ervaring, meer geduld en meer standvastigheid dan voordat de beproevingen kwamen. Zelfs mijn vreugde is niet vernietigd. Menige blauwe plek heb ik gehad door ziekte, rouw, neerslachtigheid, laster en tegenstand, maar de blauwe plek is genezen, en er is geen gecompliceerde botbreuk geweest, zelfs geen eenvoudige. De reden is niet ver te zoeken. Als we op de Heere vertrouwen, bewaart Hij al onze beenderen, en als Hij ze bewaart, mogen we er zeker van zijn dat niet één ervan gebroken wordt.
Kom, mijn hart, wees niet bedroefd. Je hebt pijn, maar er zijn geen beenderen gebroken. Verdraag de moeite en trotseer de angst.

