BIJBELS DAGBOEK
C. H. SPURGEON

Voor Iedere Avond | 3 juli
3 juli — Avond
“Indien wij verdragen, wij zullen ook met Hem heersen…”—2 Timotheüs 2:12
We moeten niet denken dat we lijden voor Christus en met Christus als we niet in Christus zijn. Beste lezer, vertrouw je alleen op Jezus? Zo niet, dan heb je op aarde misschien veel verdriet, maar je lijdt niet met Christus en je hebt geen hoop op het heersen met Hem in de hemel. Ook moeten we niet denken dat al het lijden van een christen lijden met Christus is, want het is nodig dat hij door God geroepen is om te lijden. Als we roekeloos en onverstandig zijn en in situaties terechtkomen waarvoor God ons noch door Zijn voorzienigheid noch door Zijn genade heeft toegerust, moeten we ons afvragen of we niet eerder zondigen dan gemeenschap hebben met Jezus. Als we onze hartstocht de plaats van ons oordeel laten innemen en eigenzinnigheid laten heersen in plaats van het gezag van de Schrift, voeren we de strijd van de Heere met de wapens van de duivel. En als we ons daarbij in de vingers snijden, hoeven we ons niet te verbazen. Verder moeten we niet menen dat we met Christus lijden bij moeilijkheden die ons overkomen als gevolg van zonde. Toen Mirjam kwaad sprak over Mozes en de melaatsheid haar trof, leed ze niet voor God. Bovendien moet lijden dat God aanvaardt, Gods eer als doel hebben. Als ik lijd om naam te maken of applaus te winnen, krijg ik geen andere beloning dan die van de Farizeeër. Het is ook nodig dat liefde tot Jezus en liefde tot Zijn uitverkorenen steeds de drijfveer is van al ons geduld. We moeten de Geest van Christus laten zien in zachtmoedigheid, vriendelijkheid en vergevingsgezindheid. Laten we onderzoeken of we echt met Jezus lijden. En als we zo lijden, wat is onze “lichte verdrukking” dan vergeleken met het heersen met Hem? O, het is zo gezegend om met Christus in de oven te zijn, en zo’n eer om met Hem aan de schandpaal te staan, dat we ons gelukkig zouden mogen prijzen met de eer van nu, ook al was er geen toekomstige beloning. Maar nu de beloning zo eeuwig is, zo oneindig veel meer dan we ooit hadden mogen verwachten, zullen we dan het kruis niet gretig opnemen en onze weg gaan met blijdschap?

