Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Jesaja 33

1 Wee u, gij verwoester, die niet verwoest zijt, en gij, die trouwelooslijk handelt, waar men niet trouwelooslijk tegen u gehandeld heeft! Als gij het verwoesten zult volbracht hebben, zult gij verwoest worden; als gij het trouweloos handelen zult voleind hebben, zal men trouwelooslijk tegen u handelen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 WeeH1945 u, gij verwoesterH7703, die nietH3808 verwoestH7703 zijt, en gij, die trouwelooslijkH898 handelt, waar men nietH3808 trouwelooslijkH898 tegen u gehandeld heeft! Als gij het verwoestenH7703 zult volbrachtH8552 hebben, zult gij verwoestH7703 worden; als gij het trouweloosH898 handelen zult voleindH5239 hebben, zal men trouwelooslijkH898 tegen u handelen. Wee u, gij verwoester, die niet verwoest zijt, en gij, die trouwelooslijk handelt, waar men niet trouwelooslijk tegen u gehandeld heeft! Als gij het verwoesten zult volbracht hebben, zult gij verwoest worden; als gij het trouweloos handelen zult voleind hebben, zal men trouwelooslijk tegen u handelen.

KJV Woe1 to thee that spoilest,2 and thou wast not spoiled;5 and dealest treacherously,6 and they dealt not treacherously8 with thee! when thou shalt cease10 to spoil,11 thou shalt be spoiled;12 and when thou shalt make an end13 to deal treacherously,14 they shall deal treacherously

1 ה֣וֹי H1945 Wee, wee, Och ah, alas, ho, O, woe 2 שׁוֹדֵ֗ד H7703 verwoest, verstoord, verstoorder dead, destroy(-er), oppress, robber, spoil(-er), [idiom] utterly, (lay) waste 3 וְאַתָּה֙ H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you 4 לֹ֣א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 5 שָׁד֔וּד H7703 verwoest, verstoord, verstoorder dead, destroy(-er), oppress, robber, spoil(-er), [idiom] utterly, (lay) waste 6 וּבוֹגֵ֖ד H898 trouwelooslijk, trouwelozen, trouweloze deal deceitfully (treacherously, unfaithfully), offend, transgress(-or), (depart), treacherous (dealer, -ly, man), unfaithful(-ly, man), [idiom] very 7 וְלֹא H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 8 בָ֣גְדוּ H898 trouwelooslijk, trouwelozen, trouweloze deal deceitfully (treacherously, unfaithfully), offend, transgress(-or), (depart), treacherous (dealer, -ly, man), unfaithful(-ly, man), [idiom] very 9 ב֑וֹ 10 כַּהֲתִֽמְךָ֤ H8552 verteerd, verdaan, geeindigd accomplish, cease, be clean (pass-) ed, consume, have done, (come to an, have an, make an) end, fail, come to the full, be all gone, [idiom] be all here, be (make) perfect, be spent, sum, be (shew self) upright, be wasted, whole 11 שׁוֹדֵד֙ H7703 verwoest, verstoord, verstoorder dead, destroy(-er), oppress, robber, spoil(-er), [idiom] utterly, (lay) waste 12 תּוּשַּׁ֔ד H7703 verwoest, verstoord, verstoorder dead, destroy(-er), oppress, robber, spoil(-er), [idiom] utterly, (lay) waste 13 כַּנְּלֹתְךָ֥ H5239 voleind make an end 14 לִבְגֹּ֖ד H898 trouwelooslijk, trouwelozen, trouweloze deal deceitfully (treacherously, unfaithfully), offend, transgress(-or), (depart), treacherous (dealer, -ly, man), unfaithful(-ly, man), [idiom] very 15 יִבְגְּדוּ H898 trouwelooslijk, trouwelozen, trouweloze deal deceitfully (treacherously, unfaithfully), offend, transgress(-or), (depart), treacherous (dealer, -ly, man), unfaithful(-ly, man), [idiom] very 16 בָֽךְ
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 HEERE, wees ons genadig, wij hebben op U gewacht; wees hun arm allen morgen, daartoe onze behoudenis ten tijde der benauwdheid.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 HEEREH3068, wees ons genadigH2603, wij hebben op U gewachtH6960; weesH1961 hun armH2220 allen morgenH1242, daartoe onze behoudenisH3444 ten tijdeH6256 der benauwdheidH6869. HEERE, wees ons genadig, wij hebben op U gewacht; wees hun arm allen morgen, daartoe onze behoudenis ten tijde der benauwdheid.

KJV O LORD,1 be gracious2 unto us; we have waited4 for thee: be thou their arm6 every morning,7 our salvation9 also in the time10 of trouble.

1 יְהוָ֥ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 2 חָנֵּ֖נוּ H2603 genadig, wees genadig, ontfermt beseech, [idiom] fair, (be, find, shew) favour(-able), be (deal, give, grant (gracious(-ly), intreat, (be) merciful, have (shew) mercy (on, upon), have pity upon, pray, make supplication, [idiom] very 3 לְךָ֣ 4 קִוִּ֑ינוּ H6960 verwacht, verwachten, wacht gather (together), look, patiently, tarry, wait (for, on, upon) 5 הֱיֵ֤ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 6 זְרֹעָם֙ H2220 arm, armen, arms arm, [phrase] help, mighty, power, shoulder, strength 7 לַבְּקָרִ֔ים H1242 morgen, morgens, morgenstond ([phrase]) day, early, morning, morrow 8 אַף H637 ook, ja zelfs also, [phrase] although, and (furthermore, yet), but, even, [phrase] how much less (more, rather than), moreover, with, yea 9 יְשׁוּעָתֵ֖נוּ H3444 heil, heils, verlossingen deliverance, health, help(-ing), salvation, save, saving (health), welfare 10 בְּעֵ֥ת H6256 tijd, tijde, tijden [phrase] after, (al-) ways, [idiom] certain, [phrase] continually, [phrase] evening, long, (due) season, so (long) as, (even-, evening-, noon-) tide, (meal-), what) time, when 11 צָרָֽה H6869 benauwdheid, benauwdheden, nood adversary, adversity, affliction, anguish, distress, tribulation, trouble
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Van het geluid des rumoers zullen de volken wegvlieden; van Uw verhoging zullen de heidenen verstrooid worden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 Van het geluidH6963 des rumoersH1995 zullen de volkenH5971 wegvliedenH5074; van Uw verhogingH7427 zullen de heidenenH1471 verstrooidH5310 worden. Van het geluid des rumoers zullen de volken wegvlieden; van Uw verhoging zullen de heidenen verstrooid worden.

KJV At the noise1 of the tumult2 the people4 fled;3 at the lifting up5 of thyself the nations7 were scattered.

1 מִקּ֣וֹל H6963 stem, geluid, geruis [phrase] aloud, bleating, crackling, cry ([phrase] out), fame, lightness, lowing, noise, [phrase] hold peace, (pro-) claim, proclamation, [phrase] sing, sound, [phrase] spark, thunder(-ing), voice, [phrase] yell 2 הָמ֔וֹן H1995 menigte, veelheid, rumoer abundance, company, many, multitude, multiply, noise, riches, rumbling, sounding, store, tumult 3 נָדְד֖וּ H5074 omdoolt, omzwervende, vloden weg chase (away), [idiom] could not, depart, flee ([idiom] apace, away), (re-) move, thrust away, wander (abroad, -er, -ing) 4 עַמִּ֑ים H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 5 מֵר֣וֹמְמֻתֶ֔ךָ H7427 verhoging lifting up of self 6 נָפְצ֖וּ H5310 slaan, stukken slaan, verstrooid be beaten in sunder, break (in pieces), broken, dash (in pieces), cause to be discharged, dispersed, be overspread, scatter 7 גּוֹיִֽם H1471 heidenen, volken, volk Gentile, heathen, nation, people
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Dan zal ulieder buit verzameld worden, gelijk de kevers verzameld worden; men zal daarin ginds en weder huppelen, gelijk de sprinkhanen ginds en weder huppelen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 Dan zal ulieder buitH7998 verzameld worden, gelijk de keversH2625 verzameld worden; men zal daarin ginds en weder huppelen, gelijk de sprinkhanenH1357 ginds en weder huppelen. Dan zal ulieder buit verzameld worden, gelijk de kevers verzameld worden; men zal daarin ginds en weder huppelen, gelijk de sprinkhanen ginds en weder huppelen.

Ook in dit vers verzameldH622 verzameldH625 huppelenH4944 huppelenH8264

KJV And your spoil2 shall be gathered1 like the gathering3 of the caterpiller:4 as the running to and fro5 of locusts6 shall he run

1 וְאֻסַּ֣ף H622 verzameld, verzamelden, verzamelen assemble, bring, consume, destroy, felch, gather (in, together, up again), [idiom] generally, get (him), lose, put all together, receive, recover (another from leprosy), (be) rereward, [idiom] surely, take (away, into, up), [idiom] utterly, withdraw 2 שְׁלַלְכֶ֔ם H7998 buit, roof, roofs prey, spoil 3 אֹ֖סֶף H625 ingezameld, inzameling, verzameld gathering 4 הֶֽחָסִ֑יל H2625 kevers, kruidworm caterpillar 5 כְּמַשַּׁ֥ק H4944 huppelen running to and fro 6 גֵּבִ֖ים H1357 sprinkhanen locust 7 שׁוֹקֵ֥ק H8264 begerig, dorstige, huppelen have appetite, justle one against another, long, range, run (to and fro) 8 בּֽוֹ
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 De HEERE is verheven, want Hij woont in de hoogte; Hij heeft Sion vervuld met gericht en gerechtigheid.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 De HEEREH3068 is verhevenH7682, wantH3588 Hij woontH7931 in de hoogteH4791; Hij heeft SionH6726 vervuldH4390 met gerichtH4941 en gerechtigheidH6666. De HEERE is verheven, want Hij woont in de hoogte; Hij heeft Sion vervuld met gericht en gerechtigheid.

KJV The LORD2 is exalted;1 for he dwelleth4 on high:5 he hath filled6 Zion7 with judgment8 and righteousness.

1 נִשְׂגָּ֣ב H7682 verheven, hoog, zette hoog vertrek defend, exalt, be excellent, (be, set on) high, lofty, be safe, set up (on high), be too strong 2 יְהוָ֔ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 כִּ֥י H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 4 שֹׁכֵ֖ן H7931 wonen, woont, wone abide, continue, (cause to, make to) dwell(-er), have habitation, inhabit, lay, place, (cause to) remain, rest, set (up) 5 מָר֑וֹם H4791 hoogte, hoogten, omhoog (far) above, dignity, haughty, height, (most, on) high (one, place), loftily, upward 6 מִלֵּ֣א H4390 vervuld, vol, vervullen accomplish, confirm, [phrase] consecrate, be at an end, be expired, be fenced, fill, fulfil, (be, become, [idiom] draw, give in, go) full(-ly, -ly set, tale), (over-) flow, fulness, furnish, gather (selves, together), presume, replenish, satisfy, set, space, take a (hand-) full, [phrase] have wholly 7 צִיּ֔וֹן H6726 Sion, Sions Zion 8 מִשְׁפָּ֖ט H4941 recht, rechten, gericht [phrase] adversary, ceremony, charge, [idiom] crime, custom, desert, determination, discretion, disposing, due, fashion, form, to be judged, judgment, just(-ice, -ly), (manner of) law(-ful), manner, measure, (due) order, ordinance, right, sentence, usest, [idiom] worthy, [phrase] wrong 9 וּצְדָקָֽה H6666 gerechtigheid, gerechtigheden, Gerechtigheid justice, moderately, right(-eous) (act, -ly, -ness)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 En het zal geschieden, dat de vastigheid uwer tijden, de sterkte van uw behoudenissen zal zijn wijsheid en kennis; de vreze des HEEREN zal zijn schat zijn.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 En het zal geschiedenH1961, dat de vastigheidH530 uwer tijdenH6256, de sterkteH2633 van uw behoudenissenH3444 zal zijn wijsheidH2451 en kennisH1847; de vrezeH3374 des HEERENH3068 zal zijn schatH214 zijn. En het zal geschieden, dat de vastigheid uwer tijden, de sterkte van uw behoudenissen zal zijn wijsheid en kennis; de vreze des HEEREN zal zijn schat zijn.

KJV And wisdom6 and knowledge7 shall be the stability2 of thy times,3 and strength4 of salvation:5 the fear8 of the LORD9 is his treasure.

1 וְהָיָה֙ H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 2 אֱמוּנַ֣ת H530 waarheid, getrouwheid, ambt faith(-ful, -ly, -ness, (man)), set office, stability, steady, truly, truth, verily 3 עִתֶּ֔יךָ H6256 tijd, tijde, tijden [phrase] after, (al-) ways, [idiom] certain, [phrase] continually, [phrase] evening, long, (due) season, so (long) as, (even-, evening-, noon-) tide, (meal-), what) time, when 4 חֹ֥סֶן H2633 schat, sterkte, vermogen riches, strength, treasure 5 יְשׁוּעֹ֖ת H3444 heil, heils, verlossingen deliverance, health, help(-ing), salvation, save, saving (health), welfare 6 חָכְמַ֣ת H2451 wijsheid, Wijsheid, wijs skilful, wisdom, wisely, wit 7 וָדָ֑עַת H1847 wetenschap, kennis, kennen cunning, (ig-) norantly, know(-ledge), (un-) awares (wittingly) 8 יִרְאַ֥ת H3374 vreze, vrees, vrezen [idiom] dreadful, [idiom] exceedingly, fear(-fulness) 9 יְהוָ֖ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 10 הִ֥יא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who 11 אוֹצָרֽוֹ H214 schatten, schat, schatkameren armory, cellar, garner, store(-house), treasure(-house) (-y)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Ziet, hun allersterksten roepen daar buiten; de boden des vredes wenen bitterlijk.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 ZietH2005, hun allersterkstenH691 roepenH6817 daar buitenH2351; de bodenH4397 des vredesH7965 wenenH1058 bitterlijkH4751. Ziet, hun allersterksten roepen daar buiten; de boden des vredes wenen bitterlijk.

KJV Behold, their valiant ones2 shall cry3 without:4 the ambassadors5 of peace6 shall weep8 bitterly.

1 הֵ֚ן H2005 ziet, zie behold, if, lo, though 2 אֶרְאֶלָּ֔ם H691 allersterksten valiant one 3 צָעֲק֖וּ H6817 riep, riepen, roepen [idiom] at all, call together, cry (out), gather (selves) (together) 4 חֻ֑צָה H2351 buiten, straten, straat abroad, field, forth, highway, more, out(-side, -ward), street, without 5 מַלְאֲכֵ֣י H4397 Engel, boden, engel ambassador, angel, king, messenger 6 שָׁל֔וֹם H7965 vrede, welstand, vredes [idiom] do, familiar, [idiom] fare, favour, [phrase] friend, [idiom] great, (good) health, ([idiom] perfect, such as be at) peace(-able, -ably), prosper(-ity, -ous), rest, safe(-ty), salute, welfare, ([idiom] all is, be) well, [idiom] wholly 7 מַ֖ר H4751 bitter, bitterheid, bitterlijk [phrase] angry, bitter(-ly, -ness), chafed, discontented, [idiom] great, heavy 8 יִבְכָּיֽוּן H1058 weende, weenden, wenen [idiom] at all, bewail, complain, make lamentation, [idiom] more, mourn, [idiom] sore, [idiom] with tears, weep
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 De gebaande wegen zijn verwoest, die door de paden gaat, houdt op; hij vernietigt het verbond, hij veracht de steden, hij acht geen mens.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 De gebaande wegenH4546 zijn verwoestH8074, die door de padenH734 gaat, houdtH7673 op; hij vernietigtH6565 het verbondH1285, hij verachtH3988 de stedenH5892, hij achtH2803 geenH3808 mensH582. De gebaande wegen zijn verwoest, die door de paden gaat, houdt op; hij vernietigt het verbond, hij veracht de steden, hij acht geen mens.

KJV The highways2 lie waste,1 the wayfaring man4 ceaseth:3 he hath broken6 the covenant,7 he hath despised8 the cities,9 he regardeth11 no man.

1 נָשַׁ֣מּוּ H8074 verwoest, verwoeste, ontzetten make amazed, be astonied, (be an) astonish(-ment), (be, bring into, unto, lay, lie, make) desolate(-ion, places), be destitute, destroy (self), (lay, lie, make) waste, wonder 2 מְסִלּ֔וֹת H4546 hogen weg, baan, straat causeway, course, highway, path, terrace 3 שָׁבַ֖ת H7673 ophouden, rusten, houdt (cause to, let, make to) cease, celebrate, cause (make) to fail, keep (sabbath), suffer to be lacking, leave, put away (down), (make to) rest, rid, still, take away 4 עֹבֵ֣ר H5674 doorgaan, voorbij, gegaan alienate, alter, [idiom] at all, beyond, bring (over, through), carry over, (over-) come (on, over), conduct (over), convey over, current, deliver, do away, enter, escape, fail, gender, get over, (make) go (away, beyond, by, forth, his way, in, on, over, through), have away (more), lay, meddle, overrun, make partition, (cause to, give, make to, over) pass(-age, along, away, beyond, by, -enger, on, out, over, through), (cause to, make) [phrase] proclaim(-amation), perish, provoke to anger, put away, rage, [phrase] raiser of taxes, remove, send over, set apart, [phrase] shave, cause to (make) sound, [idiom] speedily, [idiom] sweet smelling, take (away), (make to) transgress(-or), translate, turn away, (way-) faring man, be wrath 5 אֹ֑רַח H734 paden, pad, weg manner, path, race, rank, traveller, troop, (by-, high-) way 6 הֵפֵ֤ר H6565 vernietigen, vernietigd, ganselijk [idiom] any ways, break (asunder), cast off, cause to cease, [idiom] clean, defeat, disannul, disappoint, dissolve, divide, make of none effect, fail, frustrate, bring (come) to nought, [idiom] utterly, make void 7 בְּרִית֙ H1285 verbond, verbonds, Verbond confederacy, (con-) feder(-ate), covenant, league 8 מָאַ֣ס H3988 verworpen, verwerpen, versmaad abhor, cast away (off), contemn, despise, disdain, (become) loathe(some), melt away, refuse, reject, reprobate, [idiom] utterly, vile person 9 עָרִ֔ים H5892 stad, steden, vrijstad Ai (from margin), city, court (from margin), town 10 לֹ֥א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 11 חָשַׁ֖ב H2803 geacht, gedacht, bedenken (make) account (of), conceive, consider, count, cunning (man, work, workman), devise, esteem, find out, forecast, hold, imagine, impute, invent, be like, mean, purpose, reckon(-ing be made), regard, think 12 אֱנֽוֹשׁ H582 mannen, lieden, mens another, [idiom] (blood-) thirsty, certain, chap(-man); divers, fellow, [idiom] in the flower of their age, husband, (certain, mortal) man, people, person, servant, some ([idiom] of them), [phrase] stranger, those, [phrase] their trade. It is often unexpressed in the English versions, especially when used in apposition with another word. Compare H376 (אִישׁ)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Het land treurt, het kweelt; de Libanon schaamt zich, hij verwelkt; Saron is geworden als een woestijn; zo Basan als Karmel zijn geschud.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 Het landH776 treurtH56, het kweeltH535; de LibanonH3844 schaamtH2659 zich, hij verwelktH7060; SaronH8289 isH1961 geworden als een woestijnH6160; zo BasanH1316 als KarmelH3760 zijn geschudH5287. Het land treurt, het kweelt; de Libanon schaamt zich, hij verwelkt; Saron is geworden als een woestijn; zo Basan als Karmel zijn geschud.

KJV The earth3 mourneth1 and languisheth:2 Lebanon5 is ashamed4 and hewn down:6 Sharon8 is like a wilderness;9 and Bashan11 and Carmel12 shake off

1 אָבַ֤ל H56 rouw, treuren, treurt lament, mourn 2 אֻמְלְלָה֙ H535 kweelt, kwelen, flauw languish, be weak, wax feeble 3 אָ֔רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 4 הֶחְפִּ֥יר H2659 schaamrood, schaamt, schaamte be ashamed, be confounded, be brought to confusion (unto shame), come (be put to) shame, bring reproach 5 לְבָנ֖וֹן H3844 Libanon Lebanon 6 קָמַ֑ל H7060 verwelken, verwelkt hew down, wither 7 הָיָ֤ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 8 הַשָּׁרוֹן֙ H8289 Saron, Lassaron Lasharon, Sharon 9 כָּֽעֲרָבָ֔ה H6160 vlakke velden, vlakke veld, wildernis Arabah, champaign, desert, evening, heaven, plain, wilderness. See also H1026 (בֵּית הָעֲרָבָה) 10 וְנֹעֵ֥ר H5287 schudde, uitgeschud, Schuduit shake (off, out, self), overthrow, toss up and down 11 בָּשָׁ֖ן H1316 Bazan, Basan Bashan 12 וְכַרְמֶֽל H3760 Karmel, schonen velds, vruchtbaar land Carmel, fruitful (plentiful) field, (place)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 Nu zal Ik opstaan, zegt de HEERE, nu zal Ik verhoogd worden, nu zal Ik verheven worden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 Nu zal Ik opstaanH6965, zegtH559 de HEEREH3068, nuH6258 zal Ik verhoogdH7426 worden, nuH6258 zal Ik verhevenH5375 worden. Nu zal Ik opstaan, zegt de HEERE, nu zal Ik verhoogd worden, nu zal Ik verheven worden.

KJV Now will I rise,2 saith3 the LORD;4 now will I be exalted; now will I lift up

1 עַתָּ֥ה H6258 nu, dan henceforth, now, straightway, this time, whereas 2 אָק֖וּם H6965 opstaan, stond, Sta abide, accomplish, [idiom] be clearer, confirm, continue, decree, [idiom] be dim, endure, [idiom] enemy, enjoin, get up, make good, help, hold, (help to) lift up (again), make, [idiom] but newly, ordain, perform, pitch, raise (up), rear (up), remain, (a-) rise (up) (again, against), rouse up, set (up), (e-) stablish, (make to) stand (up), stir up, strengthen, succeed, (as-, make) sure(-ly), (be) up(-hold, -rising) 3 יֹאמַ֣ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 4 יְהוָ֑ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 5 עַתָּה֙ H6258 nu, dan henceforth, now, straightway, this time, whereas 6 אֵֽרוֹמָ֔ם H7311 verhoogd, verhogen, offeren bring up, exalt (self), extol, give, go up, haughty, heave (up), (be, lift up on, make on, set up on, too) high(-er, one), hold up, levy, lift(-er) up, (be) lofty, ([idiom] a-) loud, mount up, offer (up), [phrase] presumptuously, (be) promote(-ion), proud, set up, tall(-er), take (away, off, up), breed worms 7 עַתָּ֖ה H6258 nu, dan henceforth, now, straightway, this time, whereas 8 אֶנָּשֵֽׂא H5375 dragen, hief, droegen accept, advance, arise, (able to, (armor), suffer to) bear(-er, up), bring (forth), burn, carry (away), cast, contain, desire, ease, exact, exalt (self), extol, fetch, forgive, furnish, further, give, go on, help, high, hold up, honorable ([phrase] man), lade, lay, lift (self) up, lofty, marry, magnify, [idiom] needs, obtain, pardon, raise (up), receive, regard, respect, set (up), spare, stir up, [phrase] swear, take (away, up), [idiom] utterly, wear, yield

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 Gijlieden gaat met stro zwanger, gij zult stoppelen baren; uw geest zal u als vuur verslinden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 Gijlieden gaat met stroH2842 zwangerH2029, gij zult stoppelenH7179 barenH3205; uw geestH7307 zal u als vuurH784 verslindenH398. Gijlieden gaat met stro zwanger, gij zult stoppelen baren; uw geest zal u als vuur verslinden.

KJV Ye shall conceive1 chaff,2 ye shall bring forth3 stubble:4 your breath,5 as fire,6 shall devour

1 תַּהֲר֥וּ H2029 bevrucht, zwanger, ontvangen been, be with child, conceive, progenitor 2 חֲשַׁ֖שׁ H2842 kaf, stro chaff 3 תֵּ֣לְדוּ H3205 gewon, baarde, geboren bear, beget, birth(-day), born, (make to) bring forth (children, young), bring up, calve, child, come, be delivered (of a child), time of delivery, gender, hatch, labour, (do the office of a) midwife, declare pedigrees, be the son of, (woman in, woman that) travail(-eth, -ing woman) 4 קַ֑שׁ H7179 stoppel, stoppelen stubble 5 רוּחֲכֶ֕ם H7307 geest, Geest, wind air, anger, blast, breath, [idiom] cool, courage, mind, [idiom] quarter, [idiom] side, spirit(-ual), tempest, [idiom] vain, (whirl-) wind(-y) 6 אֵ֖שׁ H784 vuur, vuurs, vurige burning, fiery, fire, flaming, hot 7 תֹּאכַלְכֶֽם H398 eten, gegeten, eet [idiom] at all, burn up, consume, devour(-er, up), dine, eat(-er, up), feed (with), food, [idiom] freely, [idiom] in...wise(-deed, plenty), (lay) meat, [idiom] quite
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 En de volken zullen zijn als de verbrandingen des kalks; als afgehouwen doornen zullen zij met het vuur verbrand worden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 En de volkenH5971 zullen zijnH1961 als de verbrandingenH4955 des kalksH7875; als afgehouwenH3683 doornenH6975 zullen zij met het vuurH784 verbrandH3341 worden. En de volken zullen zijn als de verbrandingen des kalks; als afgehouwen doornen zullen zij met het vuur verbrand worden.

KJV And the people2 shall be as the burnings3 of lime:4 as thorns5 cut up6 shall they be burned8 in the fire.

1 וְהָי֥וּ H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 2 עַמִּ֖ים H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 3 מִשְׂרְפ֣וֹת H4955 brandingen, verbrandingen burning 4 שִׂ֑יד H7875 kalk, bestrijken, kalks lime, plaister 5 קוֹצִ֥ים H6975 doornen, distel, doorn thorn 6 כְּסוּחִ֖ים H3683 afgehouwen cut down (up) 7 בָּאֵ֥שׁ H784 vuur, vuurs, vurige burning, fiery, fire, flaming, hot 8 יִצַּֽתּוּ H3341 aansteken, aangestoken, verbrand burn (up), be desolate, set (on) fire (fire), kindle
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Hoort gijlieden, die verre zijt, wat Ik gedaan heb; en gijlieden, die nabij zijt, bekent Mijn macht!
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 HoortH8085 gijlieden, die verreH7350 zijt, wat Ik gedaanH6213 heb; en gijlieden, die nabijH7138 zijt, bekentH3045 Mijn machtH1369! Hoort gijlieden, die verre zijt, wat Ik gedaan heb; en gijlieden, die nabij zijt, bekent Mijn macht!

KJV Hear,1 ye that are far off,2 what I have done;4 and, ye that are near,6 acknowledge5 my might.

1 שִׁמְע֥וּ H8085 horen, gehoord, hoorde [idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness 2 רְחוֹקִ֖ים H7350 verre, verren, ver (a-) far (abroad, off), long ago, of old, space, great while to come 3 אֲשֶׁ֣ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 4 עָשִׂ֑יתִי H6213 doen, gedaan, maakte accomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use 5 וּדְע֥וּ H3045 weten, weet, bekend acknowledge, acquaintance(-ted with), advise, answer, appoint, assuredly, be aware, (un-) awares, can(-not), certainly, comprehend, consider, [idiom] could they, cunning, declare, be diligent, (can, cause to) discern, discover, endued with, familiar friend, famous, feel, can have, be (ig-) norant, instruct, kinsfolk, kinsman, (cause to let, make) know, (come to give, have, take) knowledge, have (knowledge), (be, make, make to be, make self) known, [phrase] be learned, [phrase] lie by man, mark, perceive, privy to, [idiom] prognosticator, regard, have respect, skilful, shew, can (man of) skill, be sure, of a surety, teach, (can) tell, understand, have (understanding), [idiom] will be, wist, wit, wot 6 קְרוֹבִ֖ים H7138 nabij, naaste, nabestaande allied, approach, at hand, [phrase] any of kin, kinsfold(-sman), (that is) near (of kin), neighbour, (that is) next, (them that come) nigh (at hand), more ready, short(-ly) 7 גְּבֻרָתִֽי H1369 macht, mogendheden, sterkte force, mastery, might, mighty (act, power), power, strength
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 De zondaren te Sion zijn verschrikt; beving heeft de huichelaren aangegrepen; zij zeggen: Wie is er onder ons, die bij een verterend vuur wonen kan? Wie is er onder ons, die bij een eeuwigen gloed wonen kan?
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 De zondarenH2400 te SionH6726 zijn verschriktH6342; bevingH7461 heeft de huichelarenH2611 aangegrepenH270; zij zeggen: WieH4310 is er onder ons, die bij een verterendH398 vuurH784 wonenH1481 kan? WieH4310 is er onder ons, die bij een eeuwigenH5769 gloedH4168 wonen kanH1481? De zondaren te Sion zijn verschrikt; beving heeft de huichelaren aangegrepen; zij zeggen: Wie is er onder ons, die bij een verterend vuur wonen kan? Wie is er onder ons, die bij een eeuwigen gloed wonen kan?

KJV The sinners3 in Zion2 are afraid;1 fearfulness5 hath surprised4 the hypocrites.6 Who among us shall dwell8 with the devouring11 fire?10 who among us shall dwell13 with everlasting16 burnings?

1 פָּחֲד֤וּ H6342 vervaard, vrezen, schrikken be afraid, stand in awe, (be in) fear, make to shake 2 בְצִיּוֹן֙ H6726 Sion, Sions Zion 3 חַטָּאִ֔ים H2400 zondaars, zondaren, gezondigd offender, sinful, sinner 4 אָחֲזָ֥ה H270 bevangen, vast, bezitters [phrase] be affrighted, bar, (catch, lay, take) hold (back), come upon, fasten, handle, portion, (get, have or take) possess(-ion) 5 רְעָדָ֖ה H7461 beving, Beving trembling 6 חֲנֵפִ֑ים H2611 huichelaars, huichelaar, huichelachtig hypocrite(-ical) 7 מִ֣י H4310 wie, wien, wiens any (man), [idiom] he, [idiom] him, [phrase] O that! what, which, who(-m, -se, -soever), [phrase] would to God 8 יָג֣וּר H1481 vreemdelingen, verkeren, vreemdeling verkeert abide, assemble, be afraid, dwell, fear, gather (together), inhabitant, remain, sojourn, stand in awe, (be) stranger, [idiom] surely 9 לָ֗נוּ 10 אֵ֚שׁ H784 vuur, vuurs, vurige burning, fiery, fire, flaming, hot 11 אוֹכֵלָ֔ה H398 eten, gegeten, eet [idiom] at all, burn up, consume, devour(-er, up), dine, eat(-er, up), feed (with), food, [idiom] freely, [idiom] in...wise(-deed, plenty), (lay) meat, [idiom] quite 12 מִי H4310 wie, wien, wiens any (man), [idiom] he, [idiom] him, [phrase] O that! what, which, who(-m, -se, -soever), [phrase] would to God 13 יָג֥וּר H1481 vreemdelingen, verkeren, vreemdeling verkeert abide, assemble, be afraid, dwell, fear, gather (together), inhabitant, remain, sojourn, stand in awe, (be) stranger, [idiom] surely 14 לָ֖נוּ 15 מוֹקְדֵ֥י H4168 gloed, haard burning, hearth 16 עוֹלָֽם H5769 eeuwigheid, eeuwige, eeuwig alway(-s), ancient (time), any more, continuance, eternal, (for, (n-)) ever(-lasting, -more, of old), lasting, long (time), (of) old (time), perpetual, at any time, (beginning of the) world ([phrase] without end). Compare H5331 (נֶצַח), H5703 (עַד)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 Die in gerechtigheden wandelt, en die billijkheden spreekt; die het gewin der onderdrukkingen verwerpt; die zijn handen uitschudt, dat zij geen geschenken behouden; die zijn oor stopt, dat hij geen bloedschulden hore, en zijn ogen toesluit; dat hij het kwade niet aanzie;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 Die in gerechtighedenH6666 wandeltH1980, en die billijkhedenH4339 spreektH1696; die het gewinH1215 der onderdrukkingenH4642 verwerptH3988; die zijn handenH3709 uitschudtH5287, dat zij geen geschenkenH7810 behoudenH8551; die zijn oorH241 stoptH331, dat hij geen bloedschuldenH1818 horeH8085, en zijn ogenH5869 toesluitH6105; dat hij het kwadeH7451 niet aanzieH7200; Die in gerechtigheden wandelt, en die billijkheden spreekt; die het gewin der onderdrukkingen verwerpt; die zijn handen uitschudt, dat zij geen geschenken behouden; die zijn oor stopt, dat hij geen bloedschulden hore, en zijn ogen toesluit; dat hij het kwade niet aanzie;

KJV He that walketh1 righteously,2 and speaketh3 uprightly;4 he that despiseth5 the gain6 of oppressions,7 that shaketh8 his hands9 from holding10 of bribes,11 that stoppeth12 his ears13 from hearing14 of blood,15 and shutteth16 his eyes17 from seeing18 evil;

1 הֹלֵ֣ךְ H1980 wandelt, gewandeld, wandelen (all) along, apace, behave (self), come, (on) continually, be conversant, depart, [phrase] be eased, enter, exercise (self), [phrase] follow, forth, forward, get, go (about, abroad, along, away, forward, on, out, up and down), [phrase] greater, grow, be wont to haunt, lead, march, [idiom] more and more, move (self), needs, on, pass (away), be at the point, quite, run (along), [phrase] send, speedily, spread, still, surely, [phrase] tale-bearer, [phrase] travel(-ler), walk (abroad, on, to and fro, up and down, to places), wander, wax, (way-) faring man, [idiom] be weak, whirl 2 צְדָק֔וֹת H6666 gerechtigheid, gerechtigheden, Gerechtigheid justice, moderately, right(-eous) (act, -ly, -ness) 3 וְדֹבֵ֖ר H1696 gesproken, sprak, spreken answer, appoint, bid, command, commune, declare, destroy, give, name, promise, pronounce, rehearse, say, speak, be spokesman, subdue, talk, teach, tell, think, use (entreaties), utter, [idiom] well, [idiom] work 4 מֵֽישָׁרִ֑ים H4339 billijkheden, recht, rechtmatigheid agreement, aright, that are equal, equity, (things that are) right(-eously, things), sweetly, upright(-ly, -ness) 5 מֹאֵ֞ס H3988 verworpen, verwerpen, versmaad abhor, cast away (off), contemn, despise, disdain, (become) loathe(some), melt away, refuse, reject, reprobate, [idiom] utterly, vile person 6 בְּבֶ֣צַע H1215 gierigheid, gewin, nuttigheid covetousness, (dishonest) gain, lucre, profit 7 מַעֲשַׁקּ֗וֹת H4642 onderdrukkingen, verdrukkingen oppression, [idiom] oppressor 8 נֹעֵ֤ר H5287 schudde, uitgeschud, Schuduit shake (off, out, self), overthrow, toss up and down 9 כַּפָּיו֙ H3709 handen, hand, reukschaal branch, [phrase] foot, hand((-ful), -dle, (-led)), hollow, middle, palm, paw, power, sole, spoon 10 מִתְּמֹ֣ךְ H8551 houdt, vast, onderhoudt (take, up-) hold (up), maintain, retain, stay (up) 11 בַּשֹּׁ֔חַד H7810 geschenk, geschenken bribe(-ry), gift, present, reward 12 אֹטֵ֤ם H331 gesloten, stopt, toesluit narrow, shut, stop 13 אָזְנוֹ֙ H241 oren, oor, Oren [phrase] advertise, audience, [phrase] displease, ear, hearing, [phrase] show 14 מִשְּׁמֹ֣עַ H8085 horen, gehoord, hoorde [idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness 15 דָּמִ֔ים H1818 bloed, bloeds, bloedschulden blood(-y, -guiltiness, (-thirsty), [phrase] innocent 16 וְעֹצֵ֥ם H6105 machtig, machtig veel, machtiger break the bones, close, be great, be increased, be (wax) mighty(-ier), be more, shut, be(-come, make) strong(-er) 17 עֵינָ֖יו H5869 ogen, oog, verf affliction, outward appearance, [phrase] before, [phrase] think best, colour, conceit, [phrase] be content, countenance, [phrase] displease, eye((-brow), (-d), -sight), face, [phrase] favour, fountain, furrow (from the margin), [idiom] him, [phrase] humble, knowledge, look, ([phrase] well), [idiom] me, open(-ly), [phrase] (not) please, presence, [phrase] regard, resemblance, sight, [idiom] thee, [idiom] them, [phrase] think, [idiom] us, well, [idiom] you(-rselves) 18 מֵרְא֥וֹת H7200 zag, zien, gezien advise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions 19 בְּרָֽע H7451 kwaad, kwade, boze adversity, affliction, bad, calamity, [phrase] displease(-ure), distress, evil((-favouredness), man, thing), [phrase] exceedingly, [idiom] great, grief(-vous), harm, heavy, hurt(-ful), ill (favoured), [phrase] mark, mischief(-vous), misery, naught(-ty), noisome, [phrase] not please, sad(-ly), sore, sorrow, trouble, vex, wicked(-ly, -ness, one), worse(-st), wretchedness, wrong. (Incl. feminine raaah; as adjective or noun.)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 Die zal in de hoogten wonen, de sterkten der steenrotsen zullen zijn hoog vertrek zijn; zijn brood wordt hem gegeven, zijn wateren zijn gewis.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 DieH1931 zal in de hoogtenH4791 wonenH7931, de sterktenH4869 der steenrotsenH5553 zullen zijn hoog vertrekH4679 zijn; zijn broodH3899 wordt hem gegevenH5414, zijn waterenH4325 zijn gewisH539. Die zal in de hoogten wonen, de sterkten der steenrotsen zullen zijn hoog vertrek zijn; zijn brood wordt hem gegeven, zijn wateren zijn gewis.

KJV He shall dwell3 on high:2 his place of defence6 shall be the munitions4 of rocks:5 bread7 shall be given8 him; his waters9 shall be sure.

1 ה֚וּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who 2 מְרוֹמִ֣ים H4791 hoogte, hoogten, omhoog (far) above, dignity, haughty, height, (most, on) high (one, place), loftily, upward 3 יִשְׁכֹּ֔ן H7931 wonen, woont, wone abide, continue, (cause to, make to) dwell(-er), have habitation, inhabit, lay, place, (cause to) remain, rest, set (up) 4 מְצָד֥וֹת H4679 vestingen, vesting, burg castle, fort, (strong) hold, munition 5 סְלָעִ֖ים H5553 steenrots, rotssteen, steenrotsen (ragged) rock, stone(-ny), strong hold 6 מִשְׂגַּבּ֑וֹ H4869 Hoog Vertrek, hoge, sterkten Misgab 7 לַחְמ֣וֹ H3899 brood, broods, spijze (shew-) bread, [idiom] eat, food, fruit, loaf, meat, victuals 8 נִתָּ֔ן H5414 gegeven, geven, gaf add, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield 9 מֵימָ֖יו H4325 water, wateren, waters [phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring)) 10 נֶאֱמָנִֽים H539 getrouw, geloven, geloofd hence, assurance, believe, bring up, establish, [phrase] fail, be faithful (of long continuance, stedfast, sure, surely, trusty, verified), nurse, (-ing father), (put), trust, turn to the right
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 Uw ogen zullen den Koning zien in Zijn schoonheid; zij zullen een ver gelegen land zien.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 Uw ogenH5869 zullen den KoningH4428 zien in Zijn schoonheidH3308; zij zullen een verH4801 gelegen landH776 zien. Uw ogen zullen den Koning zien in Zijn schoonheid; zij zullen een ver gelegen land zien.

Ook in dit vers zienH2372 zienH7200

KJV Thine eyes4 shall see3 the king1 in his beauty:2 they shall behold5 the land6 that is very far off.

1 מֶ֥לֶךְ H4428 koning, konings, koningen king, royal 2 בְּיָפְי֖וֹ H3308 schoonheid beauty 3 תֶּחֱזֶ֣ינָה H2372 zien, aanschouwen, aanschouwt behold, look, prophesy, provide, see 4 עֵינֶ֑יךָ H5869 ogen, oog, verf affliction, outward appearance, [phrase] before, [phrase] think best, colour, conceit, [phrase] be content, countenance, [phrase] displease, eye((-brow), (-d), -sight), face, [phrase] favour, fountain, furrow (from the margin), [idiom] him, [phrase] humble, knowledge, look, ([phrase] well), [idiom] me, open(-ly), [phrase] (not) please, presence, [phrase] regard, resemblance, sight, [idiom] thee, [idiom] them, [phrase] think, [idiom] us, well, [idiom] you(-rselves) 5 תִּרְאֶ֖ינָה H7200 zag, zien, gezien advise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions 6 אֶ֥רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 7 מַרְחַקִּֽים H4801 verre, verren, ver (a-, dwell in, very) far (country, off). See also H1023 (בֵּית הַמֶּרְחָק)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 Uw hart zal de verschrikking overdenken, zeggende: Waar is de schrijver? Waar is de betaalsheer? Waar is hij, die de torens telt?
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 Uw hartH3820 zal de verschrikkingH367 overdenkenH1897, zeggende: Waar is de schrijverH5608? Waar is de betaalsheerH8254? Waar is hij, die de torensH4026 teltH5608? Uw hart zal de verschrikking overdenken, zeggende: Waar is de schrijver? Waar is de betaalsheer? Waar is hij, die de torens telt?

KJV Thine heart1 shall meditate2 terror.3 Where is the scribe?5 where is the receiver?7 where is he that counted9 the towers?

1 לִבְּךָ֖ H3820 hart, harten, harte [phrase] care for, comfortably, consent, [idiom] considered, courag(-eous), friend(-ly), ((broken-), (hard-), (merry-), (stiff-), (stout-), double) heart(-ed), [idiom] heed, [idiom] I, kindly, midst, mind(-ed), [idiom] regard(-ed), [idiom] themselves, [idiom] unawares, understanding, [idiom] well, willingly, wisdom 2 יֶהְגֶּ֣ה H1897 bedenkt, overdenken, overleg imagine, meditate, mourn, mutter, roar, [idiom] sore, speak, study, talk, utter 3 אֵימָ֑ה H367 verschrikking, schrik, verschrikkingen dread, fear, horror, idol, terrible, terror 4 אַיֵּ֤ה H346 waar? where 5 סֹפֵר֙ H5608 schrijver, vertellen, tellen commune, (ac-) count; declare, number, [phrase] penknife, reckon, scribe, shew forth, speak, talk, tell (out), writer 6 אַיֵּ֣ה H346 waar? where 7 שֹׁקֵ֔ל H8254 gewogen, woog, wegen pay, receive(-r), spend, [idiom] throughly, weigh 8 אַיֵּ֖ה H346 waar? where 9 סֹפֵ֥ר H5608 schrijver, vertellen, tellen commune, (ac-) count; declare, number, [phrase] penknife, reckon, scribe, shew forth, speak, talk, tell (out), writer 10 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 11 הַמִּגְדָּלִֽים H4026 toren, torens, Bakoventoren castle, flower, tower. Compare the names following
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
19 Gij zult niet meer dat stuurse volk zien, het volk, dat zo diep van spraak is, dat men het niet horen kan, van belachelijke tong, hetwelk men niet verstaan kan.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

19 Gij zult niet meer dat stuurseH3267 volkH5971 zienH7200, het volkH5971, dat zo diepH6012 van spraakH8193 is, dat men het niet horenH8085 kan, van belachelijkeH3932 tongH3956, hetwelk men niet verstaan kanH998. Gij zult niet meer dat stuurse volk zien, het volk, dat zo diep van spraak is, dat men het niet horen kan, van belachelijke tong, hetwelk men niet verstaan kan.

KJV Thou shalt not see5 a fierce3 people,2 a people6 of a deeper7 speech8 than thou canst perceive;9 of a stammering10 tongue,11 that thou canst not understand.

1 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 2 עַ֥ם H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 3 נוֹעָ֖ז H3267 stuurse fierce 4 לֹ֣א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 5 תִרְאֶ֑ה H7200 zag, zien, gezien advise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions 6 עַ֣ם H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 7 עִמְקֵ֤י H6012 diep, diepten deeper, depth, strange 8 שָׂפָה֙ H8193 lippen, oever, spraak band, bank, binding, border, brim, brink, edge, language, lip, prating, (sea-)shore, side, speech, talk, (vain) words 9 מִשְּׁמ֔וֹעַ H8085 horen, gehoord, hoorde [idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness 10 נִלְעַ֥ג H3932 bespot, bespotten, spotten have in derision, laugh (to scorn), mock (on), stammering 11 לָשׁ֖וֹן H3956 tong, spraak, tongen [phrase] babbler, bay, [phrase] evil speaker, language, talker, tongue, wedge 12 אֵ֥ין H369 geen, niet, niemand else, except, fail, (father-) less, be gone, in(-curable), neither, never, no (where), none, nor, (any, thing), not, nothing, to nought, past, un(-searchable), well-nigh, without. Compare H370 (אַיִן) 13 בִּינָֽה H998 verstand, verstands, Verstand knowledge, meaning, [idiom] perfectly, understanding, wisdom
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
20 Schouwt Sion aan, de stad onzer bijeenkomsten; uw ogen zullen Jeruzalem zien, een geruste woonplaats, een tent, die niet ter neder geworpen zal worden, welker pinnen in der eeuwigheid niet zullen uitgetogen worden, en van welker zelen geen verscheurd worden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

20 SchouwtH2372 SionH6726 aan, de stadH7151 onzer bijeenkomstenH4150; uw ogenH5869 zullen JeruzalemH3389 zienH7200, een gerusteH7600 woonplaatsH5116, een tentH168, die niet ter neder geworpenH6813 zal worden, welker pinnenH3489 in der eeuwigheidH5331 niet zullen uitgetogenH5265 worden, en van welker zelenH2256 geen verscheurdH5423 worden. Schouwt Sion aan, de stad onzer bijeenkomsten; uw ogen zullen Jeruzalem zien, een geruste woonplaats, een tent, die niet ter neder geworpen zal worden, welker pinnen in der eeuwigheid niet zullen uitgetogen worden, en van welker zelen geen verscheurd worden.

KJV Look1 upon Zion,2 the city3 of our solemnities:4 thine eyes5 shall see6 Jerusalem7 a quiet9 habitation,8 a tabernacle10 that shall not be taken down;12 not one of the stakes15 thereof shall ever16 be removed,14 neither shall any of the cords18 thereof be broken.

1 חֲזֵ֣ה H2372 zien, aanschouwen, aanschouwt behold, look, prophesy, provide, see 2 צִיּ֔וֹן H6726 Sion, Sions Zion 3 קִרְיַ֖ת H7151 stad city 4 מֽוֹעֲדֵ֑נוּ H4150 samenkomst, gezette hoogtijden, tijd appointed (sign, time), (place of, solemn) assembly, congregation, (set, solemn) feast, (appointed, due) season, solemn(-ity), synogogue, (set) time (appointed) 5 עֵינֶיךָ֩ H5869 ogen, oog, verf affliction, outward appearance, [phrase] before, [phrase] think best, colour, conceit, [phrase] be content, countenance, [phrase] displease, eye((-brow), (-d), -sight), face, [phrase] favour, fountain, furrow (from the margin), [idiom] him, [phrase] humble, knowledge, look, ([phrase] well), [idiom] me, open(-ly), [phrase] (not) please, presence, [phrase] regard, resemblance, sight, [idiom] thee, [idiom] them, [phrase] think, [idiom] us, well, [idiom] you(-rselves) 6 תִרְאֶ֨ינָה H7200 zag, zien, gezien advise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions 7 יְרוּשָׁלִַ֜ם H3389 Jeruzalem, Jeruzalems Jerusalem 8 נָוֶ֣ה H5116 woning, schaapskooi, kooi comely, dwelling (place), fold, habitation, pleasant place, sheepcote, stable, tarried 9 שַׁאֲנָ֗ן H7600 geruste, woeling, gerust that is at ease, quiet, tumult. Compare H7946 (שַׁלְאֲנָן) 10 אֹ֤הֶל H168 tent, tenten, hutten covering, (dwelling) (place), home, tabernacle, tent 11 בַּל H1077 niet, geenszins lest, neither, no, none (that...), not (any), nothing 12 יִצְעָן֙ H6813 neder geworpen be taken down 13 בַּל H1077 niet, geenszins lest, neither, no, none (that...), not (any), nothing 14 יִסַּ֤ע H5265 verreisden, reisden, optrekken cause to blow, bring, get, (make to) go (away, forth, forward, onward, out), (take) journey, march, remove, set aside (forward), [idiom] still, be on his (go their) way 15 יְתֵֽדֹתָיו֙ H3489 pennen, nagel, pin nail, paddle, pin, stake 16 לָנֶ֔צַח H5331 eeuwigheid, altoos, overwinning alway(-s), constantly, end, ([phrase] n-) ever(more), perpetual, strength, victory 17 וְכָל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 18 חֲבָלָ֖יו H2256 snoer, koorden, landstreek band, coast, company, cord, country, destruction, line, lot, pain, pang, portion, region, rope, snare, sorrow, tackling 19 בַּל H1077 niet, geenszins lest, neither, no, none (that...), not (any), nothing 20 יִנָּתֵֽקוּ H5423 afgetrokken, verscheurd, verscheuren break (off), burst, draw (away), lift up, pluck (away, off), pull (out), root out
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
21 Maar de HEERE zal aldaar bij ons heerlijk zijn, het zal zijn een plaats van rivieren, van wijde stromen; geen roeischuit zal daar doorvaren, en geen treffelijk schip zal daar overvaren.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

21 MaarH3588 de HEEREH3068 zal aldaarH8033 bij ons heerlijkH117 zijn, het zal zijn een plaatsH4725 van rivierenH5104, van wijdeH7342 stromenH2975; geen roeischuitH590 zal daar doorvarenH3212, en geen treffelijkH117 schipH6716 zal daar overvarenH5674. Maar de HEERE zal aldaar bij ons heerlijk zijn, het zal zijn een plaats van rivieren, van wijde stromen; geen roeischuit zal daar doorvaren, en geen treffelijk schip zal daar overvaren.

KJV But there the glorious4 LORD5 will be unto us a place7 of broad10 rivers8 and streams;9 wherein shall go13 no12 galley15 with oars,16 neither shall gallant18 ship17 pass

1 כִּ֣י H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 2 אִם H518 zo, indien, of (and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet 3 שָׁ֞ם H8033 daar, aldaar, derwaarts in it, [phrase] thence, there (-in, [phrase] of, [phrase] out), [phrase] thither, [phrase] whither 4 אַדִּ֤יר H117 heerlijken, voortreffelijken, heerlijk excellent, famous, gallant, glorious, goodly, lordly, mighty(-ier one), noble, principal, worthy 5 יְהוָה֙ H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 6 לָ֔נוּ 7 מְקוֹם H4725 plaats, plaatsen, plaatse country, [idiom] home, [idiom] open, place, room, space, [idiom] whither(-soever) 8 נְהָרִ֥ים H5104 rivier, rivieren, stromen flood, river 9 יְאֹרִ֖ים H2975 rivier, rivieren, stromen brook, flood, river, stream 10 רַחֲבֵ֣י H7342 wijd, wijde, breden broad, large, at liberty, proud, wide 11 יָדָ֑יִם H3027 hand, handen, dienst ([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves 12 בַּל H1077 niet, geenszins lest, neither, no, none (that...), not (any), nothing 13 תֵּ֤לֶךְ H3212 ging, ga, gaan [idiom] again, away, bear, bring, carry (away), come (away), depart, flow, [phrase] follow(-ing), get (away, hence, him), (cause to, made) go (away, -ing, -ne, one's way, out), grow, lead (forth), let down, march, prosper, [phrase] pursue, cause to run, spread, take away (-journey), vanish, (cause to) walk(-ing), wax, [idiom] be weak 14 בּוֹ֙ 15 אֳנִי H590 schepen, roeischuit galley, navy (of ships) 16 שַׁ֔יִט H7885 oar, scourge 17 וְצִ֥י H6716 schepen, schip ship 18 אַדִּ֖יר H117 heerlijken, voortreffelijken, heerlijk excellent, famous, gallant, glorious, goodly, lordly, mighty(-ier one), noble, principal, worthy 19 לֹ֥א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 20 יַעַבְרֶֽנּוּ H5674 doorgaan, voorbij, gegaan alienate, alter, [idiom] at all, beyond, bring (over, through), carry over, (over-) come (on, over), conduct (over), convey over, current, deliver, do away, enter, escape, fail, gender, get over, (make) go (away, beyond, by, forth, his way, in, on, over, through), have away (more), lay, meddle, overrun, make partition, (cause to, give, make to, over) pass(-age, along, away, beyond, by, -enger, on, out, over, through), (cause to, make) [phrase] proclaim(-amation), perish, provoke to anger, put away, rage, [phrase] raiser of taxes, remove, send over, set apart, [phrase] shave, cause to (make) sound, [idiom] speedily, [idiom] sweet smelling, take (away), (make to) transgress(-or), translate, turn away, (way-) faring man, be wrath
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
22 Want de HEERE is onze Rechter, de HEERE is onze Wetgever, de HEERE is onze Koning. Hij zal ons behouden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

22 WantH3588 de HEEREH3068 is onze RechterH8199, de HEEREH3068 is onze WetgeverH2710, de HEEREH3068 is onze KoningH4428. HijH1931 zal ons behoudenH3467. Want de HEERE is onze Rechter, de HEERE is onze Wetgever, de HEERE is onze Koning. Hij zal ons behouden.

KJV For the LORD2 is our judge,3 the LORD4 is our lawgiver,5 the LORD6 is our king;7 he will save

1 כִּ֤י H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 2 יְהוָה֙ H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 שֹׁפְטֵ֔נוּ H8199 richten, richtte, rechters [phrase] avenge, [idiom] that condemn, contend, defend, execute (judgment), (be a) judge(-ment), [idiom] needs, plead, reason, rule 4 יְהוָ֖ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 5 מְחֹקְקֵ֑נוּ H2710 wetgever, wetgevers, Wetgever appoint, decree, governor, grave, lawgiver, note, pourtray, print, set 6 יְהוָ֥ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 7 מַלְכֵּ֖נוּ H4428 koning, konings, koningen king, royal 8 ה֥וּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who 9 יוֹשִׁיעֵֽנוּ H3467 verlossen, verlost, behouden [idiom] at all, avenging, defend, deliver(-er), help, preserve, rescue, be safe, bring (having) salvation, save(-iour), get victory
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
23 Uw touwen zijn slap geworden, zij zullen hun mastboom niet kunnen recht stijf houden, zij zullen het zeil niet uitspannen; dan zal de roof van een overvloedigen buit uitgedeeld worden, zelfs zullen de lammen den roof roven.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

23 Uw touwenH2256 zijn slapH5203 geworden, zij zullen hun mastboomH8650 niet kunnen rechtH3653 stijf houdenH2388, zij zullen het zeilH5251 niet uitspannenH6566; dan zal de roof van een overvloedigenH4766 buitH7998 uitgedeeldH2505 worden, zelfs zullen de lammenH6455 den roof rovenH962. Uw touwen zijn slap geworden, zij zullen hun mastboom niet kunnen recht stijf houden, zij zullen het zeil niet uitspannen; dan zal de roof van een overvloedigen buit uitgedeeld worden, zelfs zullen de lammen den roof roven.

Ook in dit vers roofH957 roofH5706

KJV Thy tacklings2 are loosed;1 they could not well5 strengthen4 their mast,6 they could not spread8 the sail:9 then is the prey12 of a great14 spoil13 divided;11 the lame15 take16 the prey.

1 נִטְּשׁ֖וּ H5203 verlaten, varen, verlaat cast off, drawn, let fall, forsake, join (battle), leave (off), lie still, loose, spread (self) abroad, stretch out, suffer 2 חֲבָלָ֑יִךְ H2256 snoer, koorden, landstreek band, coast, company, cord, country, destruction, line, lot, pain, pang, portion, region, rope, snare, sorrow, tackling 3 בַּל H1077 niet, geenszins lest, neither, no, none (that...), not (any), nothing 4 יְחַזְּק֤וּ H2388 sterk, verbeterde, wees sterk aid, amend, [idiom] calker, catch, cleave, confirm, be constant, constrain, continue, be of good (take) courage(-ous, -ly), encourage (self), be established, fasten, force, fortify, make hard, harden, help, (lay) hold (fast), lean, maintain, play the man, mend, become (wax) mighty, prevail, be recovered, repair, retain, seize, be (wax) sore, strengthen (self), be stout, be (make, shew, wax) strong(-er), be sure, take (hold), be urgent, behave self valiantly, withstand 5 כֵן H3653 voet, staat, recht base, estate, foot, office, place, well 6 תָּרְנָם֙ H8650 mast, mastboom, masten beacon, mast 7 בַּל H1077 niet, geenszins lest, neither, no, none (that...), not (any), nothing 8 פָּ֣רְשׂוּ H6566 uitbreiden, uitspreiden, breidde break, chop in pieces, lay open, scatter, spread (abroad, forth, selves, out), stretch (forth, out) 9 נֵ֔ס H5251 banier, stang, zeil banner, pole, sail, (en-) sign, standard 10 אָ֣ז H227 toen, alsdan beginning, for, from, hitherto, now, of old, once, since, then, at which time, yet 11 חֻלַּ֤ק H2505 delen, uitgedeeld, verdeeld deal, distribute, divide, flatter, give, (have, im-) part(-ner), take away a portion, receive, separate self, (be) smooth(-er) 12 עַֽד H5706 roof prey 13 שָׁלָל֙ H7998 buit, roof, roofs prey, spoil 14 מַרְבֶּ֔ה H4766 grootheid, overvloedigen great, increase 15 פִּסְחִ֖ים H6455 kreupel, kreupele, kreupelen lame 16 בָּ֥זְזוּ H962 roven, roofden, plunderen catch, gather, (take) for a prey, rob(-ber), spoil, take (away, spoil), [idiom] utterly 17 בַֽז H957 roof, plundering, buit booty, prey, spoil(-ed)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
24 En geen inwoner zal zeggen: Ik ben ziek, want het volk, dat daarin woont, zal vergeving van ongerechtigheid hebben.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

24 En geen inwonerH7934 zal zeggenH559: Ik ben ziekH2470, want het volkH5971, dat daarin woontH3427, zal vergevingH5375 van ongerechtigheidH5771 hebben. En geen inwoner zal zeggen: Ik ben ziek, want het volk, dat daarin woont, zal vergeving van ongerechtigheid hebben.

KJV And the inhabitant3 shall not say,2 I am sick:4 the people5 that dwell6 therein shall be forgiven8 their iniquity.

1 וּבַל H1077 niet, geenszins lest, neither, no, none (that...), not (any), nothing 2 יֹאמַ֥ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 3 שָׁכֵ֖ן H7934 naburen, nabuur, geburen inhabitant, neighbour, nigh 4 חָלִ֑יתִי H2470 krank, smeken, ziek beseech, (be) diseased, (put to) grief, be grieved, (be) grievous, infirmity, intreat, lay to, put to pain, [idiom] pray, make prayer, be (fall, make) sick, sore, be sorry, make suit ([idiom] supplication), woman in travail, be (become) weak, be wounded 5 הָעָ֛ם H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 6 הַיֹּשֵׁ֥ב H3427 inwoners, wonen, woonden (make to) abide(-ing), continue, (cause to, make to) dwell(-ing), ease self, endure, establish, [idiom] fail, habitation, haunt, (make to) inhabit(-ant), make to keep (house), lurking, [idiom] marry(-ing), (bring again to) place, remain, return, seat, set(-tle), (down-) sit(-down, still, -ting down, -ting (place) -uate), take, tarry 7 בָּ֖הּ 8 נְשֻׂ֥א H5375 dragen, hief, droegen accept, advance, arise, (able to, (armor), suffer to) bear(-er, up), bring (forth), burn, carry (away), cast, contain, desire, ease, exact, exalt (self), extol, fetch, forgive, furnish, further, give, go on, help, high, hold up, honorable ([phrase] man), lade, lay, lift (self) up, lofty, marry, magnify, [idiom] needs, obtain, pardon, raise (up), receive, regard, respect, set (up), spare, stir up, [phrase] swear, take (away, up), [idiom] utterly, wear, yield 9 עָוֺֽן H5771 ongerechtigheid, ongerechtigheden, misdaad fault, iniquity, mischeif, punishment (of iniquity), sin
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Jesaja 33:1 Jesaja 21:2 Mattheüs 7:2 Jesaja 24:16 Jesaja 17:14 Jeremia 25:12 Jesaja 10:12 Zacharia 14:1 Jesaja 10:5
Jesaja 33:2 Jesaja 25:9 Jesaja 26:8 Jesaja 30:18 Psalmen 46:1 Psalmen 25:3 Psalmen 91:15 Psalmen 130:4 Jesaja 59:16
Jesaja 33:3 Jesaja 37:29 Jesaja 10:13 Psalmen 46:6 Jesaja 37:11 Jesaja 10:32 Jesaja 59:16 Jesaja 17:12
Jesaja 33:4 2 Koningen 7:15 2 Kronieken 14:13 Joël 2:25 2 Kronieken 20:25 Jesaja 33:23 Joël 2:9
Jesaja 33:5 Jesaja 2:17 Efeze 1:20 Jesaja 57:15 Romeinen 11:26 Psalmen 115:1 Psalmen 123:1 Romeinen 3:26 Jesaja 12:4
Jesaja 33:6 Mattheüs 6:33 Spreuken 24:3 Psalmen 112:1 Spreuken 14:27 Psalmen 45:4 Prediker 7:19 Prediker 9:14 Spreuken 28:2
Jesaja 33:7 2 Koningen 18:18 Jesaja 36:22 Jesaja 36:3 2 Koningen 18:37
Jesaja 33:8 Richteren 5:6 Jesaja 35:8 Jesaja 10:13 Jesaja 36:1 Lukas 18:2 1 Samuël 17:10 Jesaja 10:29 2 Koningen 18:20
Jesaja 33:9 Jesaja 35:2 Jesaja 65:10 Nahum 1:4 Micha 7:14 Zacharia 11:1 Jesaja 2:13 Jesaja 14:8 Jesaja 24:1
Jesaja 33:10 Psalmen 12:5 Psalmen 102:13 Psalmen 7:6 Psalmen 46:10 Exodus 14:18 Amos 6:1 Exodus 15:9 Jesaja 2:21
Jesaja 33:11 Jesaja 59:4 Psalmen 7:14 Jakobus 1:15 Jesaja 5:24 Jesaja 29:5 Jesaja 30:30 Jesaja 26:18 Psalmen 83:5
Jesaja 33:12 2 Samuël 23:6 Jesaja 27:4 Jesaja 9:18 Amos 2:1 Jesaja 10:17 Jesaja 37:36
Jesaja 33:13 Jesaja 49:1 Psalmen 48:10 Efeze 2:11 Handelingen 2:5 Psalmen 148:14 Jesaja 37:20 Psalmen 98:1 Psalmen 46:6
Jesaja 33:14 Hebreeën 12:29 Mattheüs 25:41 Mattheüs 18:8 Deuteronomium 5:24 Openbaring 14:10 Jesaja 66:24 Mattheüs 25:46 Nahum 1:6
Jesaja 33:15 Psalmen 119:37 2 Petrus 2:14 Jesaja 58:8 1 Johannes 3:7 Job 31:13 Jesaja 56:1 Psalmen 1:1 Lukas 1:6
Jesaja 33:16 Jesaja 32:18 Lukas 12:29 Psalmen 111:5 Jesaja 49:10 Psalmen 33:18 Jesaja 26:1 Psalmen 90:1 Psalmen 15:1
Jesaja 33:17 Jesaja 6:5 Johannes 17:24 2 Kronieken 32:23 Jesaja 37:1 Hooglied 5:10 Jesaja 26:15 Jesaja 32:1 Hebreeën 11:13
Jesaja 33:18 2 Koningen 18:14 1 Korinthe 1:20 Jesaja 17:14 Jesaja 10:16 1 Samuël 30:6 2 Korinthe 1:8 2 Timotheüs 3:11 2 Koningen 15:19
Jesaja 33:19 Jesaja 28:11 Deuteronomium 28:49 Jeremia 5:15 2 Koningen 19:32 Ezechiël 3:5 Exodus 14:13 1 Korinthe 14:21
Jesaja 33:20 Psalmen 46:5 Jesaja 32:18 Jesaja 54:2 Psalmen 78:68 Psalmen 48:12 Jesaja 37:33 Psalmen 125:1 Mattheüs 16:18
Jesaja 33:21 Psalmen 46:4 Jesaja 48:18 Jesaja 41:18 Handelingen 7:2 Psalmen 29:3 Jesaja 66:12 2 Korinthe 4:4
Jesaja 33:22 Jakobus 4:12 Jesaja 25:9 Psalmen 89:18 Jesaja 12:2 Zacharia 9:9 Jesaja 11:4 Handelingen 5:31 Genesis 18:25
Jesaja 33:23 2 Koningen 7:8 1 Korinthe 1:27 Psalmen 68:12 Jesaja 33:4 Jesaja 33:21 2 Koningen 7:16 1 Samuël 30:10 Handelingen 27:40
Jesaja 33:24 Jeremia 50:20 Micha 7:18 1 Johannes 1:7 Jesaja 58:8 Jesaja 44:22 Openbaring 21:4 Deuteronomium 28:27 Deuteronomium 7:15
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Jesaja 33 vers 1

gij verwoester, Te weten gij Sanherib, koning van Assyrië. Doch het wordt ook gesproken tot alle vervolgers van de kerk Gods.

Hertaald: gij verwoester, Namelijk: u, Sanherib, koning van Assyrië. Maar het wordt ook gezegd tot alle vervolgers van Gods kerk.

Als gij Als gij aan het einde, hetwelk u God gesteld heeft, zult gekomen zijn, dat is als gij uw maat zult vervuld hebben, als de straffen, met welke God zijn volk zal bezoeken, een einde nemen zullen.

Hertaald: Als gij Wanneer u aan het einde gekomen zult zijn dat God u gesteld heeft, dat is: wanneer u uw maat vol gemaakt zult hebben en de straffen waarmee God Zijn volk zal bezoeken een einde zullen nemen.

zult gij verwoest Te weten vooreerst uw leger door den engel; daarna bijzelf door uwe zonen, zie 2 Kon. 19:35 , enz., eindelijk uwe stad Nineve door de Chaldeën.

Hertaald: zult gij verwoest Namelijk: eerst uw leger door de engel, daarna uzelf door uw zonen — zie 2 Kon. 19:35, enzovoort — en ten slotte uw stad Ninevé door de Chaldeeën.

zal men trouwelooslijk Het schijnt dat dit te duiden is op de zonen van Sanherib, die hem in zijn afgodischen tempel hebben vermoord; 2 Kon. 19:37 .

Hertaald: zal men trouwelooslijk Het lijkt dat dit betrokken moet worden op de zonen van Sanherib, die hem in zijn afgodentempel vermoord hebben; 2 Kon. 19:37.

Jesaja 33 vers 2

ons genadig, Te weten uw heilige kerk, of [ ons ], die uw volk zijn.

Hertaald: ons genadig, Namelijk: Uw heilige kerk; of: ons, die Uw volk zijn.

wij hebben Te weten, dat Gij ons zoudt helpen en verlossen.

Hertaald: wij hebben Namelijk: dat U ons zou helpen en verlossen.

hun arm Te weten der vrome Joden arm. De zin is: wees een voorvechter en beschermer van uw volk, tegen de Assyriërs.

Hertaald: hun arm Namelijk: de arm van de vrome Joden. De betekenis is: wees een voorvechter en beschermer van Uw volk tegen de Assyriërs.

allen morgen, Hebreeuws, in de morgenstonden; dat is allen morgen, steeds, altoos, gelijk Ps. 90:14 ; zie de aantekening Ps. 73:14 ; of, als zij U ten tijde van het morgenoffer aanroepen.

Hertaald: allen morgen, Hebreeuws: in de morgenstonden — dat is: elke morgen, voortdurend, altijd, zoals in Ps. 90:14; zie de aantekening bij Ps. 73:14. Of: wanneer zij U aanroepen op de tijd van het morgenoffer.

Jesaja 33 vers 3

Van het geluid Te weten als de engel hen zal overvallen. Zie 2 Kon. 19:35 .

Hertaald: Van het geluid Namelijk: wanneer de engel hen zal overvallen. Zie 2 Kon. 19:35.

de volken Te weten het krijgsvolk in het heir van den koning van Assyrië, bestaande uit verscheidene volken en natiën.

Hertaald: de volken Namelijk: het krijgsvolk in het leger van de koning van Assyrië, dat uit verschillende volken en naties bestond.

van Uw verhoging Als Gij, o Heere, U als op uw rechterstoel zetten en gericht oefenen zult over de vijanden uws volks.

Hertaald: van Uw verhoging Wanneer U, o HEERE, Zich als op Uw rechterstoel zet en gericht houdt over de vijanden van Uw volk.

Jesaja 33 vers 4

Dan zal Eene aanspraak tot de Assyriërs. De zin is: Gij, Assyriërs, zult van den engel des Heeren verslagen en dan van de Joden beroofd worden.

Hertaald: Dan zal Een aanspraak tot de Assyriërs. De betekenis is: u, Assyriërs, zult door de engel van de HEERE verslagen en daarna door de Joden beroofd worden.

ulieder buit Dat is, de buit, dien gij, Assyriërs, van andere volken geroofd hebt, zal van ulieden wedergenomen worden.

Hertaald: ulieder buit Dat is: de buit die u, Assyriërs, van andere volken geroofd hebt, zal u weer afgenomen worden.

gelijk Hebreeuws, met ene verzameling des kevers.

Hertaald: gelijk Hebreeuws: met een verzameling van de kever.

daarin Te weten in uwen roof; dat is, in den roof, dien men u zal afnemen. Daarin zal men onder en over, door en weer door huppelen en springen, met vreugde, met blijdschap en gejuich.

Hertaald: daarin Namelijk: in uw roof, dat is: in de buit die men u zal afnemen. Daarin zal men heen en weer huppelen en springen, met vreugde, blijdschap en gejuich.

Jesaja 33 vers 5

in de hoogte; Dat is, in den hemel.

Hertaald: in de hoogte; Dat is: in de hemel.

Hij heeft Sion Of, Hij zal Zion vervullen, enz., te weten na de verdelging der Assyriërs ten tijde aan Hizkia.

Hertaald: Hij heeft Sion Of: Hij zal Sion vervullen, enzovoort, namelijk na de verdelging van de Assyriërs in de tijd van Hizkia.

Jesaja 33 vers 6

de vastigheid Hier wendt de profeet zijne rede tot den koning Hizkia. Anderen verstaan dat het ene aanspraak is aan de kerk Gods; alsof de profeet zeide: Wat de kerk zal doen vaststaan, zal zijn de kennis van de goedertierenheid en gunst des Heeren.

Hertaald: de vastigheid Hier richt de profeet zijn woorden tot koning Hizkia. Anderen menen dat het een aanspraak tot de kerk van God is, alsof de profeet zei: wat de kerk vast zal doen staan, is de kennis van de goedertierenheid en de gunst van de HEERE.

uwer tijden, Dat is, uwer regering, o Hizkia, of, o gemeente Gods.

Hertaald: uwer tijden, Dat is: van uw regering, o Hizkia; of: o gemeente van God.

de sterkte Of, [uw] heilzame sterkte, of de sterkte des veelvoudigen heils.

Hertaald: de sterkte Of: uw heilzame sterkte, of de sterkte van het veelvoudige heil.

zal zijn [Zal zijn] of, is.

Hertaald: zal zijn Zal zijn, of: is.

zijn schat Te weten van den koning Hizkia. Alsof hij zeide: Omdat hij den Heere vreest, zo zal Hij hem zegenen met rijkdom. Zie 2 Kon. 20:13 , en 2 Kron. 32:27-29 . Anders, zijnen, of haren; te weten der kerk Gods. Indien men deze woorden op den koning Hizkia duidt, zo wijzen zij tegelijk aan, welke en hoedanig de wijsheid van den koning Hizkia geweest is, waarvan te lezen is 2 Kon. 19:1 , 2 Kon. 19:14 , en 2 Kon. 18:4-6 .

Hertaald: zijn schat Namelijk: van koning Hizkia. Alsof hij zei: omdat hij de HEERE vreest, zal Hij hem met rijkdom zegenen. Zie 2 Kon. 20:13 en 2 Kron. 32:27-29. Anders: zijn of haar schat, namelijk van de kerk van God. Wanneer men deze woorden op koning Hizkia betrekt, wijzen zij tegelijk aan hoe en hoedanig de wijsheid van koning Hizkia geweest is, waarover te lezen is in 2 Kon. 19:1, 2 Kon. 19:14 en 2 Kon. 18:4-6.

Jesaja 33 vers 7

hun Te weten van Sanherib en zijne vorsten. Zie onder Jes. 36:13 , enz. en Jes. 37:10 , enz.

Hertaald: hun Namelijk: van Sanherib en zijn vorsten. Zie hieronder Jes. 36:13, enzovoort, en Jes. 37:10, enzovoort.

allersterksten Of, ambassadeurs, gezanten; te weten die, welken Sanherib aan den koning Hizkia en de inwoners van Jeruzalem gezonden heeft; 2 Kon. 18:17-18 .

Hertaald: allersterksten Of: ambassadeurs, gezanten, namelijk die Sanherib naar koning Hizkia en de inwoners van Jeruzalem gezonden heeft; 2 Kon. 18:17-18.

daar buiten; Te weten buiten de stad Jeruzalem, gelijk te lezen is 2 Kon. 18:17-18 , enz.

Hertaald: daar buiten; Namelijk: buiten de stad Jeruzalem, zoals te lezen is in 2 Kon. 18:17-18, enzovoort.

de boden Te weten die mannen, die Hizkia had gezonden aan Sanherib om hem den vrede af te bidden, 2 Kon. 18:14 .

Hertaald: de boden Namelijk: die mannen die Hizkia naar Sanherib gezonden had om hem om vrede te smeken, 2 Kon. 18:14.

Jesaja 33 vers 8

De gebaande wegen Te weten in het land Juda. De zin is: Niemand durft zich in het land Juda op de gewone herenstraten laten vinden, of reizen, vanwege den inval der Assyriërs. Vergelijk Richt. 5:6 , en de aantekening aldaar.

Hertaald: De gebaande wegen Namelijk: in het land Juda. De betekenis is: niemand durft zich in het land Juda op de gewone heerbanen te vertonen of te reizen, vanwege de inval van de Assyriërs. Vergelijk Richt. 5:6 en de aantekening daarbij.

zijn verwoest, Te weten van de Assyriërs.

Hertaald: zijn verwoest, Namelijk: door de Assyriërs.

hij vernietigt Te weten Sanherib.

Hertaald: hij vernietigt Namelijk: Sanherib.

het verbond, Te weten hetwelk hij gemaakt had, belovende af te trekken, als Hizkia hem de som geld, die hij hem opgelegd had, zou betaald hebben. Zie 2 Kon. 18:14 , enz.

Hertaald: het verbond, Namelijk: het verbond dat hij gesloten had, waarbij hij beloofde af te trekken zodra Hizkia hem de geldsom betaald zou hebben die hij hem opgelegd had. Zie 2 Kon. 18:14, enzovoort.

de steden, Te weten de steden in Juda.

Hertaald: de steden, Namelijk: de steden in Juda.

Jesaja 33 vers 9

Het land Te weten het Joodse land, hetwelk van de Assyriërs verwoest is.

Hertaald: Het land Namelijk: het Joodse land, dat door de Assyriërs verwoest is.

de Libanon De naam van een berg, en door dezen, als andere hier genaamde plaatsen, liggende aan de grenzen des lands, wordt te kennen gegeven, dat het ganse land verwoest was.

Hertaald: de Libanon De naam van een berg. Door deze berg en door de andere hier genoemde plaatsen, die aan de grenzen van het land liggen, wordt te kennen gegeven dat het hele land verwoest was.

schaamt zich, Te weten omdat hij van zijn schone hoge cederbomen ontbloot is, die door de Assyriërs zijn afgehouwen, waarmede hij tevoren versierd en als opgepronkt was.

Hertaald: schaamt zich, Namelijk: omdat hij beroofd is van zijn schone, hoge cederbomen, die door de Assyriërs omgehakt zijn en waarmee hij tevoren versierd en als het ware getooid was.

hij verwelkt; Of, hij is nedergehouwen.

Hertaald: hij verwelkt; Of: hij is omgehakt.

Saron Een land, waar goede tarwe pleegt te wassen. Zie 1 Kron. 27:29 , maar het was jammerlijk verwoest als de profeet dit schreEf.

Hertaald: Saron Een landstreek waar goede tarwe placht te groeien. Zie 1 Kron. 27:29; maar zij was jammerlijk verwoest toen de profeet dit schreef.

Basan In Basan was goede weide. Zie Deut. 32:14 ; Ps. 22:13 . Dit gebergte lag niet in den stam van Juda, maar in den halven stam van Manasse; Joz. 13:30 .

Hertaald: Basan In Basan was goede weidegrond. Zie Deut. 32:14 en Ps. 22:13. Dit gebergte lag niet in de stam van Juda, maar in de halve stam van Manasse; Joz. 13:30.

Karmel Hier was ook goed weideland. Zie 1 Sam. 25:2 .

Hertaald: Karmel Ook hier was goed weideland. Zie 1 Sam. 25:2.

zijn geschud Of, werpen af; te weten hunne vruchten. Anders: ruchelt; dat roept als een ezel, dat is, schreit verschrikkelijk, namelijk omdat de beesten, die daar plachten te weiden, nu verdreven en geroofd waren.

Hertaald: zijn geschud Of: werpen af, namelijk hun vruchten. Anders: balkt — dat is: roept als een ezel, dus: schreeuwt vreselijk, namelijk omdat de dieren die daar plachten te weiden nu verdreven en geroofd waren.

Jesaja 33 vers 10

opstaan, Of, mij opmaken; te weten tegen de Assyriërs.

Hertaald: opstaan, Of: Mij opmaken, namelijk tegen de Assyriërs.

verhoogd worden, Te weten door het ombrengen der Assyriërs.

Hertaald: verhoogd worden, Namelijk: door het ombrengen van de Assyriërs.

Jesaja 33 vers 11

Gijlieden Dit spreekt de Heere tot de Assyriërs; alsof Hij zeide: Gij hebt wel wat groots voor, te weten Jeruzalem in te nemen en te verdelgen; maar het zal u niet gelukken, gij zult zelf te schande en ten verderve komen.

Hertaald: Gijlieden Dit spreekt de HEERE tot de Assyriërs, alsof Hij zei: u hebt wel iets groots voor, namelijk Jeruzalem in te nemen en te verdelgen, maar het zal u niet lukken; u zult zelf te schande en in het verderf komen.

gij zult Uwe aanslagen zullen zo weinig vermogen, alsof zij van stro en stoppels waren.

Hertaald: gij zult Uw plannen zullen zo weinig vermogen alsof zij van stro en stoppels waren.

uw geest Dat is, uwe hoogheid zal mij bewegen ulieden te verderven, te weten door mijn slaanden engel; zie 2 Kon. 18:19 , enz., en 2 Kon. 19:9 , enz.

Hertaald: uw geest Dat is: uw hoogmoed zal Mij ertoe brengen u te verderven, namelijk door Mijn slaande engel; zie 2 Kon. 18:19, enzovoort, en 2 Kon. 19:9, enzovoort.

Jesaja 33 vers 12

de volken Te weten het krijgsvolk in het leger van de Assyriërs zal verdelgd worden gelijk de kalk in den kalkoven gebrand word; zie 2 Kon. 19:35 . Anders: zullen in kalkovens gelegd worden, namelijk om tot kalk verbrand te worden.

Hertaald: de volken Namelijk: het krijgsvolk in het leger van de Assyriërs zal verdelgd worden zoals de kalk in de kalkoven verbrand wordt; zie 2 Kon. 19:35. Anders: zullen in kalkovens gelegd worden, namelijk om tot kalk verbrand te worden.

Jesaja 33 vers 13

Hoort Dit is ene voorrede op hetgeen hier volgt, namelijk ene vermaning aan de vreemde natiën, dat zij den waren God zouden eren vanwege het vernielen der Assyriërs.

Hertaald: Hoort Dit is een inleiding op wat hier volgt, namelijk een vermaning aan de vreemde volken om de ware God te eren vanwege de vernietiging van de Assyriërs.

wat Ik Te weten hoe wonderbaar Ik de Assyriërs door een engel verdelgd heb.

Hertaald: wat Ik Namelijk: hoe wonderlijk Ik de Assyriërs door een engel verdelgd heb.

bekent Dat is, merkt en roemt mijn grote macht.

Hertaald: bekent Dat is: merkt Mijn grote macht op en roemt die.

Jesaja 33 vers 14

De zondaren Dat is, de goddelozen onder de Joden, die alle vermaningen veracht hebben.

Hertaald: De zondaren Dat is: de goddelozen onder de Joden, die alle vermaningen veracht hebben.

te Sion Dat is, te Jeruzalem.

Hertaald: te Sion Dat is: in Jeruzalem.

zijn verschrikt; Te weten als Ik hen door de Assyriërs bezocht heb, die zich niet verschrikten als Ik hen door den profeet Jesaja gedreigd heb; zie 2 Kon. 18:37 ; en 2 Kon. 19:14 .

Hertaald: zijn verschrikt; Namelijk: toen Ik hen door de Assyriërs bezocht heb — zij die niet schrokken toen Ik hen door de profeet Jesaja dreigde; zie 2 Kon. 18:37 en 2 Kon. 19:14.

bij een verterend Dat is, bij God, als Hij vertoornd is. Zie Deut. 4:24 , en Deut. 9:3 ; Hebr. 12:29 . Sommigen nemen deze woorden als gesproken zijnde door den profeet. Vergelijk Ps. 15:1 .

Hertaald: bij een verterend Dat is: bij God, wanneer Hij vertoornd is. Zie Deut. 4:24, Deut. 9:3 en Hebr. 12:29. Sommigen vatten deze woorden op als gesproken door de profeet. Vergelijk Ps. 15:1.

Jesaja 33 vers 15

Die in Hier antwoordt de profeet, of God door den profeet, op de voorgaande vraag der goddeloze Joden; en Hij wijst aan dat zij geen oorzaak hebben om over Gods gestrengheid te klagen, maar wel over hun goddeloos leven, waarmede zij God tot straffen veroorzaken.

Hertaald: Die in Hier antwoordt de profeet, of God door de profeet, op de voorgaande vraag van de goddeloze Joden, en Hij wijst aan dat zij geen reden hebben om over Gods gestrengheid te klagen, maar wel over hun goddeloze leven, waarmee zij God tot straffen aanleiding geven.

het gewin Dat is het onrechtvaardig gewin, hetwelk men neemt om zijnen naaste te helpen onderdrukken.

Hertaald: het gewin Dat is: het onrechtvaardige gewin dat men aanneemt om zijn naaste te helpen onderdrukken.

geen geschenken Te weten die hem, als rechter, gegeven worden om een goede zaak kwaad te maken.

Hertaald: geen geschenken Namelijk: geschenken die hem als rechter gegeven worden om een goede zaak slecht te maken.

dat hij geen Dat is, dat hij de raadslagen van onschuldig bloedvergieten niet bijwone; zie Ps. 51:16 .

Hertaald: dat hij geen Dat is: dat hij niet aanwezig is bij de beraadslagingen over het vergieten van onschuldig bloed; zie Ps. 51:16.

niet aanzie; Te weten met lust en met behagen. Zie Ps. 22:18 .

Hertaald: niet aanzie; Namelijk: met lust en behagen. Zie Ps. 22:18.

Jesaja 33 vers 16

in de hoogten Dat is, zeker en vast, buiten gevaar, onder de beschutting des Allerhoogsten. Vergelijk Ps. 91:1 .

Hertaald: in de hoogten Dat is: veilig en vast, buiten gevaar, onder de bescherming van de Allerhoogste. Vergelijk Ps. 91:1.

zijn brood Dat is, het brood, hetwelk hij behoeft, of wenst te hebben. De zin is: hem zal niets ontbreken.

Hertaald: zijn brood Dat is: het brood dat hij nodig heeft of wenst te hebben. De betekenis is: hem zal niets ontbreken.

zijn gewis Dat is, de Heere zal hem gewisselijk van drank verzorgen.

Hertaald: zijn gewis Dat is: de HEERE zal hem zeker van drinken voorzien.

Jesaja 33 vers 17

Uw ogen Hier spreekt de profeet hen aan, die hij vs.15 beschreven heeft, te weten de godzaligen onder de Joden.

Hertaald: Uw ogen Hier spreekt de profeet hen aan die hij in vers 15 beschreven heeft, namelijk de godzaligen onder de Joden.

den Koning Eenigen verstaan hier den koning Hizkia, anderen den Heere Christus.

Hertaald: den Koning Sommigen verstaan hier koning Hizkia, anderen de Heere Christus.

zien Of, aanschouwen, met blijdschap, te weten na de heerlijke victorie over de Assyriërs, want tevoren, toen hem de Assyriërs in het land gevallen waren, was hij in een treurigen en bedroefden staat; zie 2 Kron. 32:23 , 2 Kron. 32:27 .

Hertaald: zien Of: aanschouwen, met blijdschap, namelijk na de heerlijke overwinning op de Assyriërs; want tevoren, toen de Assyriërs zijn land binnengevallen waren, verkeerde hij in een treurige en bedroefde toestand; zie 2 Kron. 32:23 en 2 Kron. 32:27.

zij zullen Hebreeuws, het land der verheden. De zin is: Zij, te weten de burgers van Jeruzalem, zullen niet meer zo verschrikkelijk binnen hunne stad moeten besloten en als gevangen blijven, maar zij zullen mogen reizen en trekken waar het hun belieft door het ganse land.

Hertaald: zij zullen Hebreeuws: het land van de verten. De betekenis is: zij, namelijk de burgers van Jeruzalem, zullen niet langer zo angstig binnen hun stad opgesloten en als gevangen hoeven blijven, maar zij zullen door het hele land mogen reizen en trekken waarheen zij willen.

Jesaja 33 vers 18

Uw hart Hier spreekt de profeet alle godzalige Joden in het bijzonder aan.

Hertaald: Uw hart Hier spreekt de profeet alle godzalige Joden in het bijzonder aan.

zal de verschrikking Of, het zal dichten van die verschrikking; te weten van die verschrikkingen, waarmede gij zijt bevangen geweest vanwege de Assyriërs, en van welke gij wonderbaarlijk, door Gods kracht en genade, zult verlost worden.

Hertaald: zal de verschrikking Of: het zal peinzen over die verschrikking, namelijk over de verschrikkingen waardoor u bevangen geweest bent vanwege de Assyriërs en waarvan u wonderlijk verlost zult worden door Gods kracht en genade.

Waar Dit zijn de woorden der Joden, de Assyriërs trotserende na verkregen victorie; alsof zij zeiden: Waar zijn nu al die grote meesters en officieren van den koning Sanherib? Zij zijn nu allen vernield en verdelgd, wij passen nu niet langer op hen, zij kunnen ons niet hinderen noch schaden. Sommigen nemen dit als woorden van de Joden, alsof zij in de aankomst der Assyriërs uit verbaasdheid en radeloosheid vraagden: Waar zijn nu de officieren, die op onze bescherming moesten letten en op alles orde stellen?

Hertaald: Waar Dit zijn de woorden van de Joden, die na de behaalde overwinning de Assyriërs trotseren, alsof zij zeiden: waar zijn nu al die grote meesters en officieren van koning Sanherib? Zij zijn nu allemaal vernietigd en verdelgd; wij letten niet langer op hen, zij kunnen ons niet hinderen of schaden. Sommigen vatten dit op als woorden van de Joden bij de komst van de Assyriërs, alsof zij in ontsteltenis en radeloosheid vroegen: waar zijn nu de officieren die op onze bescherming moesten letten en alles moesten regelen?

is de schrijver? Te weten monsterschrijver, of krijgssecretaris, te weten van den koning Sanherib.

Hertaald: is de schrijver? Namelijk: de monsterschrijver of krijgssecretaris, namelijk van koning Sanherib.

de betaalsheer? Of, de penningmeester, thesaurier, betaalmeester. Hebreeuws, de weger, of die daar weegt; te weten het geld; dat is, die den soldaten hunne soldij betaalt. Aangaande het wegen, zie Gen. 23:16 .

Hertaald: de betaalsheer? Of: de penningmeester, thesaurier, betaalmeester. Hebreeuws: de weger, of hij die weegt, namelijk het geld — dat is: hij die de soldaten hun soldij betaalt. Over het wegen, zie Gen. 23:16.

die de torens Dat is, de bouwmeester of ingenieur, wiens ambt het is te tellen en te ordineren hoeveel torens, sterkten, schansen of bolwerken men moet maken tot verdediging ener belegerde stad, of om ene stad te belegeren en te besluiten.

Hertaald: die de torens Dat is: de bouwmeester of ingenieur, wiens taak het is te tellen en te bepalen hoeveel torens, versterkingen, schansen of bolwerken men moet maken om een belegerde stad te verdedigen, of om een stad te belegeren en in te sluiten.

Jesaja 33 vers 19

niet meer Want de engel des Heeren zal hen ten dele verslaan, ten dele op de vlucht jagen; zie 2 Kon. 19:35-36 .

Hertaald: niet meer Want de engel van de HEERE zal hen deels verslaan en deels op de vlucht jagen; zie 2 Kon. 19:35-36.

dat stuurse Of, wreed volk, of barbaars volk. Hebreeuws, gesterkt, verhard volk. Zie Deut. 28:50 ; Richt. 14:4 , en Ps. 114:1 .

Hertaald: dat stuurse Of: wreed volk, of barbaars volk. Hebreeuws: gehard, verhard volk. Zie Deut. 28:50, Richt. 14:4 en Ps. 114:1.

van spraak Hebreeuws, van lip, gelijK Gen. 11:1 ; dat is, een volk, dat een onbekende spraak heeft.

Hertaald: van spraak Hebreeuws: van lip, zoals in Gen. 11:1 — dat is: een volk dat een onbekende taal heeft.

horen kan, Dat is, verstaan kan; zie Gen. 11:7 .

Hertaald: horen kan, Dat is: verstaan kan; zie Gen. 11:7.

belachelijke tong, Zie Jes. 28:11 . Anders, van stamelende tong.

Hertaald: belachelijke tong, Zie Jes. 28:11. Anders: van stamelende tong.

Jesaja 33 vers 20

Schouwt Hier spreekt de profeet nog de godzalige Joden aan.

Hertaald: Schouwt Hier spreekt de profeet nog steeds de godzalige Joden aan.

de stad Te weten Jeruzalem, waar het volk Gods gewoon was, inzonderheid op de hoge feestdagen, samen te komen.

Hertaald: de stad Namelijk: Jeruzalem, waar het volk van God gewoon was samen te komen, in het bijzonder op de hoge feestdagen.

een tent, Versta hier, de Christelijke kerk, die steeds vast blijft staande, ofschoon zij hard wordt bestreden van hare vijanden. Het aardse Jeruzalem is van de Romeinen verwoest.

Hertaald: een tent, Versta hier de christelijke kerk, die voortdurend vast blijft staan, ook al wordt zij hard bestreden door haar vijanden. Het aardse Jeruzalem is door de Romeinen verwoest.

in der eeuwigheid Dat is, nimmermeer.

Hertaald: in der eeuwigheid Dat is: nooit meer.

zullen uitgetogen Hebreeuws, niet zullen verreizen.

Hertaald: zullen uitgetogen Hebreeuws: niet zullen wegreizen.

Jesaja 33 vers 21

heerlijk zijn, Zie van het woord heerlijk, Ps. 8:2 .

Hertaald: heerlijk zijn, Over het woord heerlijk, zie Ps. 8:2.

het zal zijn Te weten Jeruzalem; wel verstaande het geestelijke Jeruzalem; dat is, de gemeente der uitverkorenen.

Hertaald: het zal zijn Namelijk: Jeruzalem — en dan het geestelijke Jeruzalem, dat is: de gemeente van de uitverkorenen.

wijde stromen; Of, brede. Hebreeuws, wijd van handen; dat is, wijd van ruimte, gelijk Gen. 34:21 ; Richt. 18:10 ; Ps. 104:25 ; zie de aantekening aldaar.

Hertaald: wijde stromen; Of: brede. Hebreeuws: wijd van handen — dat is: wijd van ruimte, zoals in Gen. 34:21, Richt. 18:10 en Ps. 104:25; zie de aantekening daarbij.

schip Of, galei.

Hertaald: schip Of: galei.

zal daar Of, daarover komen. De zin van dit vs. is: De kerk zal zijn als een stad, rondom welke wijde grachten gaan, alzo dat de vijanden tegen haar niet zullen vermogen, maar alle uitverkorenen zullen in haar zeker en gewis zijn.

Hertaald: zal daar Of: daaroverheen komen. De betekenis van dit vers is: de kerk zal zijn als een stad met brede grachten eromheen, zodat de vijanden niets tegen haar vermogen, maar alle uitverkorenen zullen in haar veilig en zeker zijn.

Jesaja 33 vers 22

behouden Of, verlossen, of zalig maken.

Hertaald: behouden Of: verlossen, of zalig maken.

Jesaja 33 vers 23

Uw touwen De profeet spreekt hier de Assyriërs aan, alsof zij altegaar in een schip waren, hetwelk in groot gevaar is; alsof hij zeide: O gij Assyriërs, al uw macht en voornemen tegen Gods kerk zal ijdel en tevergeefs zijn, gelijk men niet zeilen kan noch voortkomen, als de touwen en zeilen, bij gebrek van wind, niet stijf kunnen uitstaan of door storm gebroken worden.

Hertaald: Uw touwen De profeet spreekt hier de Assyriërs aan alsof zij allen in een schip zaten dat in groot gevaar verkeert. Alsof hij zei: o Assyriërs, al uw macht en al uw plannen tegen Gods kerk zullen ijdel en tevergeefs zijn, zoals men niet kan zeilen of vooruitkomen wanneer de touwen en zeilen bij gebrek aan wind niet strak kunnen staan of door de storm gebroken worden.

zijn slap Of, los geworden, geslaakt.

Hertaald: zijn slap Of: los geworden, geslakt.

zij zullen hun mastboom Te weten de vijanden, of de touwen.

Hertaald: zij zullen hun mastboom Namelijk: de vijanden, of de touwen.

recht Of, recht overeind houden.

Hertaald: recht Of: recht overeind houden.

zij zullen het zeil Of de vlag, of vaan uitbreiden.

Hertaald: zij zullen het zeil Of: de vlag of vaan uitspreiden.

dan Te weten als de vijanden, die Gods kerk wilden verstoren, van den Heere zullen verslagen en te schande gemaakt worden.

Hertaald: dan Namelijk: wanneer de vijanden die Gods kerk wilden verstoren door de HEERE verslagen en te schande gemaakt zullen worden.

zal de roof Anders: dan zal er uitgedeeld worden tot een groten roof toe. De zin is: De burgers der Christelijke kerk [te weten de gelovigen] zullen zich grotelijks verheugen. Vergelijk dit met Jes. 9:2 .

Hertaald: zal de roof Anders: dan zal er uitgedeeld worden tot een grote buit toe. De betekenis is: de burgers van de christelijke kerk, namelijk de gelovigen, zullen zich zeer verheugen. Vergelijk dit met Jes. 9:2.

zelfs De zin is: Het zal met de vijanden der kerk Gods alzo gesteld zijn, dat zelfs de allerzwaksten machtig genoeg zullen zijn om hen te beroven. Zie Ps. 68:13 .

Hertaald: zelfs De betekenis is: het zal met de vijanden van Gods kerk zo gesteld zijn dat zelfs de allerzwaksten sterk genoeg zullen zijn om hen te beroven. Zie Ps. 68:13.

Jesaja 33 vers 24

geen inwoner Te weten van de stad Jeruzalem; dat is van de Christelijke kerk.

Hertaald: geen inwoner Namelijk: van de stad Jeruzalem, dat is: van de christelijke kerk.

ziek, Of, zwak, of krank, want de Heere heelt al onze gebreken en Hij vergeeft ons onze misdaden.

Hertaald: ziek, Of: zwak, of ziek; want de HEERE geneest al onze gebreken en Hij vergeeft ons onze misdaden.

zal vergeving Hebreeuws, zal ontlast zijn van ongerechtigheid; God zal hen ontlasten; dat is, God zal hun hunne zonden vergeven en derhalve maakt Hij hen sterk en wakker. Zie de aantekening Ps. 32:1 .

Hertaald: zal vergeving Hebreeuws: zal ontlast zijn van ongerechtigheid; God zal hen ontlasten — dat is: God zal hun de zonden vergeven en daardoor maakt Hij hen sterk en monter. Zie de aantekening bij Ps. 32:1.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Wie is er onder ons, die bij een verterend vuur wonen kan?  — de vraag van verschrikte zondaars in Sion, en het antwoord dat erop volgt (Jes. 33:14-16)

"De zondaren te Sion zijn verschrikt; beving heeft de huichelaren aangegrepen" (Jes. 33:14). Hun vraag staat er woordelijk bij: "Wie is er onder ons, die bij een verterend vuur wonen kan? Wie is er onder ons, die bij een eeuwigen gloed wonen kan?" Het antwoord komt onmiddellijk en het is opvallend concreet: het gaat over iemand "die in gerechtigheden wandelt, en die billijkheden spreekt; die het gewin der onderdrukkingen verwerpt; die zijn handen uitschudt, dat zij geen geschenken behouden" (Jes. 33:15). Ook de oren en de ogen worden genoemd: hij luistert niet naar plannen die bloed kosten en kijkt niet naar het kwade. En dan volgt wat hem beloofd wordt: "Die zal in de hoogten wonen, de sterkten der steenrotsen zullen zijn hoog vertrek zijn; zijn brood wordt hem gegeven, zijn wateren zijn gewis" (Jes. 33:16).

Bijbelse betekenis: Merk op wie deze vraag stelt. Niet de heidenen buiten maar de zondaars en huichelaars binnen Sion; het vuur waar zij bang voor zijn, is dat van hun eigen God. Wonen bij een verterend vuur is de zaak waar het in dit hoofdstuk om draait. Let vervolgens op het antwoord. Er wordt geen leerstelling gegeven maar een levenswandel beschreven, en die is nadrukkelijk maatschappelijk: geen winst uit onderdrukking, geen geschenken die de rechter buigen, geen oor voor bloedplannen. De vraag hoe men bij God kan wonen wordt hier dus beantwoord met hoe men met de naaste omgaat. Let ten slotte op wat er beloofd wordt (Jes. 33:16). Geen rijkdom, maar een hoge woonplaats en brood en water die zeker zijn. Dat is genoeg gezegd voor wie in een belegerde stad zit.

Typologie: De Hebreeënbrief neemt hetzelfde beeld op, maar dan van de andere kant: "onze God is een verterend vuur" (Hebr. 12:29). Wat de zondaars in Sion vreesden, staat daar als reden om Hem te dienen met eerbied en godvruchtigheid. En de vraag zelf klinkt als een psalm: wie zal verkeren in Gods tent, en wie zal wonen op de berg Zijner heiligheid (Ps. 15:1)?

Jes. 33:14-16; Hebr. 12:29; Ps. 15:1

De HEERE is onze Rechter, onze Wetgever, onze Koning  — de belofte dat het oog de Koning zelf zal zien, en dat drie ambten in Eén samenkomen (Jes. 33:17-24)

"Uw ogen zullen den Koning zien in Zijn schoonheid; zij zullen een ver gelegen land zien" (Jes. 33:17). Wat daarop volgt is een terugblik op de angst van de belegering, in drie vragen: waar is de schrijver, waar de betaalsheer, waar hij die de torens telt (Jes. 33:18)? Die functionarissen hoorden bij de bezetting en bij de schatting, en zij zijn er niet meer. Dan wordt Sion getekend als een tent waarvan de pinnen niet uitgetrokken worden (Jes. 33:20). En het hoofdstuk komt tot zijn kern: "Want de HEERE is onze Rechter, de HEERE is onze Wetgever, de HEERE is onze Koning. Hij zal ons behouden" (Jes. 33:22). Het slotvers noemt wat er dan niet meer is: "En geen inwoner zal zeggen: Ik ben ziek, want het volk, dat daarin woont, zal vergeving van ongerechtigheid hebben" (Jes. 33:24).

Bijbelse betekenis: Merk op wat er in Jes. 33:17 beloofd wordt. Niet een betere koning en niet vrede in het algemeen, maar dat het oog de Koning zelf zal zien. Dat is meer dan verlichting van de omstandigheden; het is de omkering van een tijd waarin men alleen belastinginners en muren zag. Let vervolgens op de drie namen in Jes. 33:22. Rechter, Wetgever en Koning zijn drie ambten die bij mensen bijna nooit in één hand liggen, en met reden. Wanneer zij toch in Eén samenkomen, is dat alleen goed als Hij volmaakt rechtvaardig is; en juist daarom staat er meteen achter: Hij zal ons behouden. Let ten slotte op de volgorde in het slotvers. Eerst wordt gezegd dat niemand meer ziek zal zijn, en dan komt de reden: het volk heeft vergeving van ongerechtigheid. De diepste oorzaak van de ellende wordt dus als eerste weggenomen.

Typologie: Jakobus zegt hetzelfde van de Wetgever, en trekt er een gevolg uit voor het onderlinge oordelen: "Er is een enig Wetgever, Die behouden kan en verderven. Doch wie zijt gij, die een anderen oordeelt?" (Jak. 4:12). En wat Jesaja aan het oog belooft, belooft de Heere Jezus aan de reinen van hart: zij zullen God zien (Matt. 5:8).

Jes. 33:17-24; Jak. 4:12; Matt. 5:8

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

Profeet, priester en koning niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding ambt

Rechter, Wetgever en Koning — 33:17-24

Assyrië ligt voor de poorten en de boodschappers van de vrede wenen bitterlijk. Jesaja beschrijft de angst in de stad, en dan opeens wordt de blik opgetild van de muren naar iets dat verder weg ligt.

Na een hoofdstuk vol dreiging krijgt het volk te horen dat het de Koning in zijn schoonheid zien zal — en dat drie ambten in één Persoon samenkomen.

De omslag komt met een belofte die niets praktisch belooft: “Uw ogen zullen den Koning zien in Zijn schoonheid; zij zullen een ver gelegen land zien.” Wat aangeboden wordt is niet dat de vijand verdwijnt maar dat men zien zal.

De verzen ervoor maakten duidelijk wie dat mag. Er wordt gevraagd wie er wonen kan bij een verterend vuur, en het antwoord is een korte reeks: wie in gerechtigheden wandelt, wie de winst der onderdrukkingen verwerpt, wie zijn oren stopt om geen bloed te horen. Zien begint bij een leven dat het verdragen kan.

Wat er dan beschreven wordt, is een stad die nooit meer opgebroken wordt: een tent waarvan de pinnen in eeuwigheid niet uitgetrokken worden en waarvan geen enkel touw scheurt. Dat is een merkwaardig beeld voor een stad, maar het past bij een volk dat veertig jaar in tenten geleefd had. Nu wordt hun een tent beloofd die blijft staan.

En dan komt het vers waar dit hoofdstuk in dit register om staat: “Want de HEERE is onze Rechter, de HEERE is onze Wetgever, de HEERE is onze Koning. Hij zal ons behouden.”

Drie ambten in één zin, en driemaal dezelfde Naam. Een rechter spreekt recht over wat gebeurd is. Een wetgever bepaalt wat gelden zal. Een koning bestuurt en beschermt. In elk volk zijn dat drie machten die elkaar in evenwicht houden, juist omdat men aan één mens niet alle drie durft toe te vertrouwen. Hier worden zij alle drie aan Eén gegeven, en de zin sluit met de reden waarom dat geen schrikbeeld is: Hij zal ons behouden.

Zo staan de ambten in heel het Oude Testament uit elkaar. Mozes gaf de wet en was geen koning; David was koning en mocht niet offeren; de priester sprak recht maar regeerde niet. Elk van die mannen droeg één deel, en geen van hen droeg het lang goed.

Het Nieuwe Testament legt die drie bij Eén neer, en het doet dat zonder ophef. Van Hem staat er dat de Vader al het oordeel aan de Zoon gegeven heeft. Van Hem staat er dat er één Wetgever is Die behouden kan en verderven. En van Hem staat er dat Hij Koning der koningen is. Wat Jesaja in één vers naast elkaar zette, staat daar in drie brieven verdeeld — en het gaat over dezelfde Persoon.

Het hoofdstuk eindigt bij de zwakste in de stad: de inwoner zal niet zeggen ik ben ziek, want het volk dat daarin woont, zal vergeving van ongerechtigheid hebben.

  1. Jesaja 33:15-16 — Wie mag wonen bij een verterend vuur? Zien begint bij een leven dat het verdraagt.
  2. Jesaja 33:17 — Uw ogen zullen de Koning zien in Zijn schoonheid.
  3. Jesaja 33:20 — Een tent waarvan de pinnen nooit meer uitgetrokken worden.
  4. Jesaja 33:22 — Rechter, Wetgever en Koning — drie ambten, één Naam.
  5. Johannes 5:22 — De Vader heeft al het oordeel den Zoon gegeven.
  6. Jakobus 4:12 — Er is één Wetgever, Die behouden kan en verderven.

In het Nieuwe Testament: Johannes 5:22; Jakobus 4:12; Openbaring 19:16; Jesaja 9:5-6; Mattheüs 9:2-6

Hoever dit reikt: Het Nieuwe Testament haalt Jesaja 33 niet aan. Wat hier gelegd wordt rust op vers 22, waar drie ambten aan dezelfde Naam worden toegekend. Daarnaast op de plaatsen waar het Nieuwe Testament die drie afzonderlijk aan Christus toeschrijft. Dat die plaatsen bewust naar dit vers verwijzen, staat er niet; de verbinding komt van de zaak zelf.

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Jesaja 33

Jesaja 33:17.KruisverwijzingenJesaja 6:5Johannes 17:242 Kronieken 32:23Jesaja 37:1Hooglied 5:10Jesaja 26:15Jesaja 32:1Hebreeën 11:13
— Uw ogen zullen den Koning zien in Zijn schoonheid; zij zullen een ver gelegen land zien.
“Uw ogen zullen den Koning zien in Zijn schoonheid; zij zullen een ver gelegen land zien.” Deze woorden hadden oorspronkelijk een letterlijke betekenis voor de mensen van Jeruzalem, en wel op hun eigen tijd. Toen Sanherib de stad Jeruzalem belegerde, zagen de inwoners koning Hizkia in rouwgewaad; hij scheurde zijn klederen van verdriet.

Maar de dag zou komen, naar het woord van de HEERE door Jesaja, dat Sanherib moest vallen. Wie de hulpmiddelen telden en de sterkte of de zwakte van de stad schatten, zouden ver weg zijn, en dan zou er een tijd van vrijheid aanbreken. Het volk zou tot aan de uiterste einden van het beloofde land kunnen reizen, en zo zouden zij het land zien dat ver gelegen is. Koning Hizkia zelf zou bij een vreugdevolle gelegenheid uitkomen in zijn klederen van voortreffelijkheid en majesteit om de HEERE te prijzen; en zo zouden de ogen van het volk de koning zien in zijn schoonheid.

Het gedeelte is echter vaak in een andere zin gebruikt, en dat mag ook wel, mits men goed begrijpt dat wij het dan bij wijze van toepassing nemen. Hebben wij door het geloof onze Koning niet in Zijn rouwgewaad gezien? Hebben wij Jezus niet gezien in de treurige klederen van verdrukking en vernedering, toen Hij hier beneden was? Ons geloof heeft Hem aanschouwd in de gescheurde klederen van Zijn lijden. Wij hebben Hem gezien in Zijn zielsangst en Zijn bloedig zweet, in Zijn kruisiging en Zijn dood.

Maar nu wacht ons een ander en helderder gezicht. Onze ogen zullen de Koning eenmaal in een heerlijker dracht zien. Wij zullen Hem aanschouwen zoals Johannes Hem op Patmos zag. Wij zullen de Koning zien in Zijn schoonheid, en dan zullen wij het land binnengaan en genieten dat nu nog ver gelegen is.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Verdiepende artikelen

Een Visioen van de Koning

Preken

Jesaja 33:17 belooft de gelovige dat hij de Koning, Christus, in Zijn schoonheid zal aanschouwen, en dat dit vooruitzicht ook een ver land – de Hemel – nabij…

Wat een versterking is God voor Zijn gemeente

Voor Iedere Morgen

Bijbels Dagboek, C.H. Spurgeon  "Voor Iedere Morgen" Want de HEERE zal daar in Zijn macht bij ons zijn. Het zal een plaats van rivieren, van brede stromen zijn.…

Op de hoogten der bergen

Nabij De Zon

Die zal in de hoogten wonen, de sterkten der steenrotsen zullen zijn hoog vertrek zijn; zijn brood wordt hem gegeven, zijn wateren zijn gewis. Jesaja 33:16 Het is een…

Vertrouwen dat God zal helpen

Voor Iedere Avond

Bijbels Dagboek, C.H. Spurgeon  "Voor Iedere Avond" De sterkten van de steenrotsen zullen zijn hoog vertrek zijn; zijn brood wordt hem gegeven, zijn wateren zijn gewis. Jesaja 33:16 Twijfelt u,…

Hoe u Jezus in Zijn ware gelijkenis kunt zien

Voor Iedere Avond

Bijbels Dagboek, C.H. Spurgeon  "Voor Iedere Avond" Uw ogen zullen de Koning zien in Zijn schoonheid. Jesaja. 33:17 Hoe meer u van Christus wilt leren kennen, hoe minder genoegen…

Vertrouwen op uw Vader

Voor Iedere Avond

Bijbels Dagboek, C.H. Spurgeon  "Voor Iedere Avond" De sterkten der steenrotsen zullen zijn hoog vertrek zijn; zijn brood wordt hem gegeven, zijn wateren zijn gewis. Jesaja 33:16 Twijfelt u…

Die zal in de hoogten wonen

Bank Des Geloofs

Die zal in de hoogten wonen, de sterkten der steenrotsen zullen zijn hoog vertrek zijn; zijn brood wordt hem gegeven, zijn wateren zijn gewis. Jes. 33:16 De man,…

Brede rivieren zonder schepen

Bank Des Geloofs

Maar de Heere zal aldaar bij ons heerlijk zijn, het zal zijn een plaats van rivieren, van wijde stromen; geen roeischuit zal daar doorvaren, en geen treffelijk schip…

God Zelf zal werken

Bank Des Geloofs

Nu zal Ik opstaan, zegt de HEERE, nu zal Ik verhoogd worden, nu zal Ik verheven worden. Jesaja 33:10 Toen de plunderaars het land verwoest hadden zodat het…

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content