21 maart — Avond

“Kunt gij de liefelijkheden van het Zevengesternte binden, of de strengen des Orions losmaken?”—Job 38:31

Als we geneigd zijn te pochen op ons kunnen, laat de grootsheid van de natuur ons al snel zien hoe klein we zijn. We kunnen de kleinste van alle twinkelende sterren niet verplaatsen, en ook niet één van de stralen van de morgen doven. We spreken over macht, maar de hemelen lachen ons uit. Als het Zevengesternte in het voorjaar vol lentevreugde opkomt, kunnen we zijn invloeden niet tegenhouden. En als Orion hoog heerst en het jaar in de boeien van de winter ligt, kunnen we de ijzige banden niet losmaken. De jaargetijden wentelen zoals God het bepaald heeft, en het hele mensdom kan daar geen verandering in brengen. Heere, wat is de mens?

Ook in de geestelijke wereld is, net als in de natuurlijke, de macht van de mens aan alle kanten beperkt. Wanneer de Heilige Geest Zijn vreugden in de ziel uitstort, kan niemand dat verstoren. Alle sluwheid en boosheid van mensen kan de milde, levendmakende kracht van de Trooster niet tegenhouden. Wanneer Hij een gemeente wil bezoeken en nieuw leven geven, kunnen de hardnekkigste vijanden dat goede werk niet weerstaan. Ze kunnen het belachelijk maken, maar ze kunnen het niet meer tegenhouden dan ze de lente kunnen terugduwen wanneer het Zevengesternte het uur regeert. God wil het, en dus moet het gebeuren. Aan de andere kant: als de Heere in Zijn soevereiniteit of in Zijn rechtvaardigheid iemand zo vastbindt dat zijn ziel gevangenzit, wie kan hem dan vrijheid geven? Hij alleen kan de winter van de geestelijke dood bij een mens of een volk wegnemen. Hij maakt de banden van Orion los, en niemand dan Hij. Wat een zegen dat Hij het kan! O, dat Hij vanavond dat wonder deed! Heere, maak een eind aan mijn winter en laat mijn lente beginnen. Met al mijn verlangen kan ik mijn ziel niet optillen uit haar dood en dofheid, maar bij U is alles mogelijk. Ik heb hemelse invloeden nodig, het heldere schijnsel van Uw liefde, de stralen van Uw genade, het licht van Uw aangezicht. Dat is voor mij het Zevengesternte. Ik lijd veel onder zonde en verzoeking. Dat zijn mijn winterse tekens, mijn verschrikkelijke Orion. Heere, doe wonderen in mij en voor mij. Amen.

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content