“Indien iemand Mijn stem zal horen, en de deur opendoen, Ik zal tot hem inkomen”—Openbaring 3:20
Wat verlang je vanavond? Is je verlangen op hemelse dingen gericht? Wil je de hoge leer van de eeuwige liefde graag ervaren? Verlang je naar vrijheid in de nauwste gemeenschap met God? Verlang je ernaar de hoogten, diepten, lengten en breedten te kennen? Dan moet je dicht bij Jezus komen. Je moet Hem duidelijk zien in Zijn kostbaarheid en volkomenheid. Je moet Hem leren kennen in Zijn werk, in Zijn ambten en in Zijn persoon. Wie Christus verstaat, ontvangt een zalving van de Heilige, waardoor hij alle dingen weet. Christus is de grote hoofdsleutel van alle kamers van God. Er is geen schatkamer van God die niet opengaat en al haar rijkdom prijsgeeft aan de ziel die dicht bij Jezus leeft. Zeg je: “O, kwam Hij maar in mijn boezem wonen!” of “Maakte Hij mijn hart maar voor altijd tot Zijn woonplaats”? Doe de deur open, geliefde, dan komt Hij bij je binnen. Hij klopt al lang, en dat met geen ander doel dan dit: dat Hij met jou het avondmaal kan houden en jij met Hem. Hij houdt het avondmaal met jou omdat jij het huis levert, namelijk je hart, en jij met Hem omdat Hij het eten meebrengt. Hij zou niet met jou kunnen eten als het niet in jouw hart gebeurde, want jij levert het huis. En jij zou niet met Hem kunnen eten als Hij niet zelf het eten meebracht, want je kast is leeg. Gooi dus de poorten van je ziel wijd open. Hij komt met die liefde die je zo graag wilt voelen. Hij komt met die vreugde waar je zelf je arme, neerslachtige geest niet in kunt brengen. Hij brengt de vrede mee die je nu niet hebt. Hij komt met Zijn flessen wijn en zoete appels van liefde en bemoedigt je, tot je geen andere ziekte meer hebt dan die van “overweldigende liefde, goddelijke liefde”. Doe Hem alleen maar open, jaag Zijn vijanden weg, geef Hem de sleutels van je hart, en Hij zal er voor altijd wonen. O wonderlijke liefde, die zo’n gast brengt om in zo’n hart te wonen!

