De eerste opstanding

“Zalig en heilig is hij, die deel heeft in de eerste opstanding; over deze heeft de tweede dood geen macht, maar zij zullen priesters van God en Christus zijn, en zij zullen met Hem als koningen heersen duizend jaren.”—Openbaring 20:6

Lees verder: Johannes 5:19-29.

De verdoemenis, de tweede dood, heeft geen macht over hen die opstaan in de eerste opstanding. De verdoemenis treft alleen zondaars die gezondigd hebben en dus schuldig zijn. De heiligen zijn niet schuldig. Ze hebben net als iedereen gezondigd en waren net als iedereen van nature kinderen des toorns. Maar hun zonde is van hen weggenomen. Hun zonde werd op het hoofd van de zondebok gelegd. Hij, de eeuwige Plaatsvervanger, onze Heere Jezus, droeg al hun schuld en ongerechtigheid weg naar de wildernis van de vergetelheid. Daar zal die nooit meer gevonden worden om tegen hen te getuigen. Ze dragen de gerechtigheid van de Verlosser en zijn gewassen in Zijn bloed. Welke toorn kan rusten op een mens die niet alleen onschuldig is door het bloed, maar ook verdienstelijk door de toegerekende gerechtigheid? O arm van de gerechtigheid, u bent machteloos om hen te treffen die in het bloed zijn gewassen! O vlammen van de hel, zelfs uw hete adem kan een mens die veilig bedekt is met de wonden van de Verlosser niet aanraken! O dood, vernietiging, verschrikkingen, somberheid, plagen en angsten, u bent krachteloos, als een wolkje dat langs de heldere hemel van een geest zweeft die vrede met God gevonden heeft door het bloed van Christus. Nee, broeders, ik zal moedig zijn op die grote dag. Er is een tweede dood, maar die heeft geen macht over ons. Ziet u hoe mooi dat beeld is? Het is alsof we door de vlammen van de hel zullen lopen zonder dat ze ons kunnen verslinden. Zo liepen ook de heilige jongemannen over de hete kolen van Nebukadnezars zevenmaal heter gestookte oven.

Ter overdenking

Alleen Gods reddende kracht kan ons bevrijden uit de macht van de tweede dood (Judas 1:25). Dan zijn we echt vrij. Vrij om ons leven te geven, voor God en onze naaste. Hoe afschuwelijk is de bestemming van de ongelovige, afgesneden van Gods reddende kracht (2 Thessalonicenzen 1:9), maar nog steeds onder Zijn veroordelende macht (Lukas 12:5).

Preek 391, 5 mei 1861

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content