“En Maria zeide: Mijn ziel maakt groot den Heere; en mijn geest verheugt zich in God, mijn Zaligmaker.”—Lukas 1:46-47
Lees verder: Mattheüs 2:1-12.
Wanneer we onze familie en vrienden ontmoeten, laat het dan ons gebed zijn dat ons samenzijn niet alleen gezellig is, maar ook nuttig. Laten we de tijd niet alleen verdrijven en het prettig hebben, maar een dagreis dichter bij de hemel komen en beter toegerust worden voor onze eeuwige rust. Let op de heilige vreugde van Maria, zodat u die kunt navolgen. Dit is de tijd waarin iedereen van ons vreugde verwacht. We wensen elkaar een “Vrolijk Kerstfeest”. Sommige nogal stugge christenen houden niet van het woord “vrolijk.” Het is echter een goed en fatsoenlijk oud woord, met de vreugde van de kindertijd en de opgewektheid van de volwassenheid erin. Het roept de oude kerstliederen op, het luiden van de klokken rond middernacht, de hulst en het brandende hout in de kachel. In deze tijd wordt van ons verwacht dat we gelukkig zijn, en het is de wens van mijn hart dat u, die gelooft, “vrolijk” zult zijn in de beste en hoogste zin van het woord. Het hart van Maria was vrolijk, maar het kenmerk van haar vreugde was dat het een heilige vrolijkheid was; elke druppel ervan was heilige opgewektheid. Het was niet de vrolijkheid die wereldse mensen vandaag en morgen genieten, maar de vrolijkheid van de engelen rond de troon, waar zij zingen: “Ere zij God in de hoogste hemelen,” terwijl wij zingen: “en vrede op aarde, in de mensen een welbehagen.” Zulke vrolijke harten hebben een onophoudelijk feestmaal. Ik wens u, bruiloftskinderen, die hoge en heilige gelukzaligheid van Maria toe, vandaag, morgen en alle dagen van uw leven. Mag u haar woorden niet alleen lezen, maar ze ook zelf gebruiken en hun betekenis altijd ervaren: “Mijn ziel maakt groot den Heere; en mijn geest verheugt zich in God, mijn Zaligmaker.”
Ter overdenking
Maria’s ziel maakte de Heere groot om Gods macht en majesteit (Lukas 1:49), Gods genade (Lukas 1:50) en Gods herinnering (Lukas 1:54-55). Zulke heilige opgewektheid is goed voor de ziel (2 Kronieken 7:10; Spreuken 15:13,15; 17:22; Jakobus 5:13) en zorgt voor een echt “Vrolijk Kerstfeest”.

