BIJBELS DAGBOEK
C. H. SPURGEON

Voor Iedere Avond | 7 oktober
7 oktober — Avond
“Op wien vertrouwt gij nu”—Jesaja 36:5
Lezer, dit is een belangrijke vraag. Luister naar het antwoord van de christen en kijk of het ook het jouwe is. “Op wien vertrouwt gij nu?” “Ik vertrouw,” zegt de christen, “op een drie-enige God. Ik vertrouw de Vader. Ik geloof dat Hij mij heeft uitverkoren vóór de grondlegging van de wereld. Ik vertrouw erop dat Hij in Zijn voorzienigheid voor mij zorgt, mij leert, mij leidt, mij zo nodig terechtwijst en mij thuisbrengt in Zijn eigen huis, waar de vele woningen zijn. Ik vertrouw de Zoon. Waarachtig God uit waarachtig God is Hij — de mens Christus Jezus. Ik vertrouw erop dat Hij al mijn zonden wegneemt door Zijn eigen offer en mij versiert met Zijn volmaakte gerechtigheid. Ik vertrouw erop dat Hij mijn Voorbidder is, die mijn gebeden en verlangens voor de troon van Zijn Vader brengt. Ik vertrouw erop dat Hij mijn Voorspraak is op de grote laatste dag, om mijn zaak te bepleiten en mij te rechtvaardigen. Ik vertrouw Hem om wat Hij is, om wat Hij gedaan heeft en om wat Hij nog beloofd heeft te doen. En ik vertrouw de Heilige Geest. Hij is begonnen mij te redden van mijn aangeboren zonden. Ik vertrouw erop dat Hij ze allemaal verdrijft. Ik vertrouw erop dat Hij mijn humeur beteugelt, mijn wil onderwerpt, mijn verstand verlicht en mijn hartstochten bedwingt. Ik vertrouw erop dat Hij mijn moedeloosheid troost, mijn zwakheid helpt en mijn duisternis verlicht. Ik vertrouw erop dat Hij in mij woont als mijn leven, in mij regeert als mijn Koning, mij helemaal heiligt, geest, ziel en lichaam, en mij dan opneemt om voor altijd te wonen bij de heiligen in het licht.”
O, gezegend vertrouwen! Te vertrouwen op Hem Wiens kracht nooit uitgeput raakt. Op Hem Wiens liefde nooit afneemt en Wiens goedheid nooit verandert. Op Hem Wiens trouw nooit tekortschiet, Wiens wijsheid nooit ten einde raad is en Wiens volmaakte goedheid nooit minder kan worden! Gelukkig ben je, lezer, als dit vertrouwen het jouwe is! Als je zo vertrouwt, zul je nu rijke vrede kennen en hierna heerlijkheid. En de grond van je vertrouwen zal nooit worden weggenomen.

