Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Romeinen 11

1 Ik zeg dan: Heeft God Zijn volk verstoten? Dat zij verre; want ik ben ook een Israeliet, uit het zaad Abrahams, van den stam Benjamin.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 Ik zegG3004 danG3767: Heeft GodG2316 Zijn volkG2992 verstotenG683? Dat zij verreG3361; wantG1063 ikG1473 benG1510 ookG2532 een IsraelietG2475, uitG1537 het zaadG4690 AbrahamsG11, van den stamG5443 BenjaminG958. Ik zeg dan: Heeft God Zijn volk verstoten? Dat zij verre; want ik ben ook een Israeliet, uit het zaad Abrahams, van den stam Benjamin.

KJV I say1 then,2 Hath4 God6 cast away his9 people?8 God forbid.3 For13 I14 also12 am16 an Israelite,15 of17 the seed18 of Abraham,19 of the tribe20 of Benjamin.

1 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 4 απωσατο G683 verstoten, verstiet, verstoot cast away, put away (from), thrust away (from) 5 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 7 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 λαον G2992 volk, volks, volke people 9 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 10 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 11 γενοιτο G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 14 εγω G1473 mij, ik I, me 15 ισραηλιτης G2475 Israelietische, Israeliet, Israelieten Israelite 16 ειμι G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 17 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 18 σπερματος G4690 zaad, zade, zaden issue, seed 19 αβρααμ G11 Abraham, Abrahams Abraham 20 φυλης G5443 geslacht, geslachten, stam kindred, tribe 21 βενιαμιν G958 Benjamin Benjamin
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 God heeft Zijn volk niet verstoten, hetwelk Hij te voren gekend heeft. Of weet gij niet, wat de Schrift zegt van Elia, hoe hij God aanspreekt tegen Israel, zeggende:
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 GodG2316 heeft Zijn volkG2992 nietG3756 verstotenG683, hetwelkG3739 HijG846 te voren gekend heeft. OfG2228 weetG1492 gij nietG3756, wat de SchriftG1124 zegtG3004 van EliaG2243, hoeG5613 hij GodG2316 aanspreektG1793 tegenG2596 IsraelG2474, zeggendeG3004: God heeft Zijn volk niet verstoten, hetwelk Hij te voren gekend heeft. Of weet gij niet, wat de Schrift zegt van Elia, hoe hij God aanspreekt tegen Israel, zeggende:

Ook in dit vers tevoren gekendG4267

KJV God4 hath2 not1 cast away his7 people6 which8 he foreknew.9 Wot ye12 not11 what15 the scripture18 saith16 of13 Elias?14 how19 he maketh intercession20 to God22 against23 Israel,25 saying,

1 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 2 απωσατο G683 verstoten, verstiet, verstoot cast away, put away (from), thrust away (from) 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 5 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 λαον G2992 volk, volks, volke people 7 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 8 ον G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 9 προεγνω G4267 tevoren gekend, tevoren wetende, voorgekend foreknow (ordain), know (before) 10 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 11 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 12 οιδατε G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot 13 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 14 ηλια G2243 Elias, Elia Elias 15 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 16 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 17 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 γραφη G1124 Schrift, Schriften, Schriftuur scripture 19 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 20 εντυγχανει G1793 bidt, aangesproken, aanspreekt deal with, make intercession 21 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 θεω G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 23 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 24 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 ισραηλ G2474 Israels, Israel Israel 26 λεγων G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Heere! zij hebben Uw profeten gedood, en Uw altaren omgeworpen; en ik ben alleen overgebleven en zij zoeken mijn ziel.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 HeereG2962! zij hebben Uw profetenG4396 gedoodG615, enG2532 Uw altarenG2379 omgeworpenG2679; en ikG1473 ben alleen overgeblevenG5275 enG2532 zij zoekenG2212 mijn zielG5590. Heere! zij hebben Uw profeten gedood, en Uw altaren omgeworpen; en ik ben alleen overgebleven en zij zoeken mijn ziel.

KJV Lord,1 they have killed5 thy prophets,3 and6 digged down10 thine altars;8 and I11 am left12 alone,13 and14 they seek15 my life.

1 κυριε G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 2 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 προφητας G4396 profeten, profeet, Profeet prophet 4 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 5 απεκτειναν G615 doden, gedood, doodden put to death, kill, slay 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 θυσιαστηρια G2379 altaar, altaars, altaren altar 9 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 10 κατεσκαψαν G2679 omgeworpen, verbroken dig down, ruin 11 καγω G2504 en ik, ook ik (and, even, even so, so) I (also, in like wise), both me, me also 12 υπελειφθην G5275 overgebleven be left 13 μονος G3441 alleen, enig alone, only, by themselves 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 ζητουσιν G2212 zoekt, zochten, zoeken be (go) about, desire, endeavour, enquire (for), require, (X will) seek (after, for, means) 16 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 ψυχην G5590 ziel, leven, zielen heart (+ -ily), life, mind, soul, + us, + you 18 μου G1473 mij, ik I, me
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Maar wat zegt tot hem het Goddelijk antwoord? Ik heb Mijzelven nog zeven duizend mannen overgelaten, die de knie voor het beeld van Baal niet gebogen hebben.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 MaarG235 watG5101 zegtG3004 tot hemG846 het Goddelijk antwoordG5538? Ik heb Mijzelven nog zeven duizendG2035 mannenG435 overgelatenG2641, die de knieG1119 voor het beeld van BaalG896 nietG3756 gebogenG2578 hebben. Maar wat zegt tot hem het Goddelijk antwoord? Ik heb Mijzelven nog zeven duizend mannen overgelaten, die de knie voor het beeld van Baal niet gebogen hebben.

KJV But1 what2 saith3 the answer of God6 unto him?4 I have reserved7 to myself8 seven thousand9 men,10 who11 have13 not12 bowed the knee14 to the image of Baal.

1 αλλα G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 2 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 3 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 4 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 χρηματισμος G5538 Goddelijk antwoord answer of God 7 κατελιπον G2641 verlaten, gelaten, verlatende forsake, leave, reserve 8 εμαυτω G1683 mijzelf, mij me, mine own (self), myself 9 επτακισχιλιους G2035 zeven duizend seven thousand 10 ανδρας G435 man, mannen, Mannen fellow, husband, man, sir 11 οιτινες G3748 wie ook, die, welke X and (they), (such) as, (they) that, in that they, what(-soever), whereas ye, (they) which, who(-soever) 12 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 13 εκαμψαν G2578 buigen, buig, gebogen bow 14 γονυ G1119 knieen, knie, nederknielende knee(X -l) 15 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 βααλ G896 Baal Baal
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Alzo is er dan ook in dezen tegenwoordigen tijd een overblijfsel geworden, naar de verkiezing der genade.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 AlzoG3779 is er danG3767 ookG2532 inG1722 dezen tegenwoordigenG3568 tijdG2540 een overblijfselG3005 gewordenG1096, naarG2596 de verkiezingG1589 der genadeG5485. Alzo is er dan ook in dezen tegenwoordigen tijd een overblijfsel geworden, naar de verkiezing der genade.

KJV Even so1 then2 at4 this present6 time7 also3 there is12 a remnant8 according9 to the election10 of grace.

1 ουτως G3779 alzo, aldus, zo after that, after (in) this manner, as, even (so), for all that, like(-wise), no more, on this fashion(-wise), so (in like manner), thus, what 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 νυν G3568 nu, thans henceforth, + hereafter, of late, soon, present, this (time) 7 καιρω G2540 tijd, tijden, gelegenheden X always, opportunity, (convenient, due) season, (due, short, while) time, a while 8 λειμμα G3005 overblijfsel remnant 9 κατ G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 10 εκλογην G1589 verkiezing, uitverkoren, uitverkorenen chosen, election 11 χαριτος G5485 genade, Genade, dank acceptable, benefit, favour, gift, grace(- ious), joy, liberality, pleasure, thank(-s, -worthy) 12 γεγονεν G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 En indien het door genade is, zo is het niet meer uit de werken; anderszins is de genade geen genade meer; en indien het is uit de werken, zo is het geen genade meer; anderszins is het werk geen werk meer.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 EnG1161 indien het door genadeG5485 is, zo is het niet meer uitG1537 de werkenG2041; anderszinsG1893 is de genadeG5485 geen genadeG5485 meer; enG1161 indienG1487 het is uitG1537 de werkenG2041, zo isG1510 het geen genadeG5485 meer; anderszinsG1893 isG1510 het werkG2041 geen werkG2041 meer. En indien het door genade is, zo is het niet meer uit de werken; anderszins is de genade geen genade meer; en indien het is uit de werken, zo is het geen genade meer; anderszins is het werk geen werk meer.

KJV And2 if1 by grace,3 then is it no more4 of5 works:6 otherwise7 grace9 is11 no more10 grace.12 But14 if13 it be of15 works,16 then is it no more17 grace:19 otherwise20 work22 is no more23 work.

1 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 χαριτι G5485 genade, Genade, dank acceptable, benefit, favour, gift, grace(- ious), joy, liberality, pleasure, thank(-s, -worthy) 4 ουκετι G3765 niet meer, voortaan niet after that (not), (not) any more, henceforth (hereafter) not, no longer (more), not as yet (now), now no more (not), yet (not) 5 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 6 εργων G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 7 επει G1893 anderszins, Anders, overmits because, else, for that (then, -asmuch as), otherwise, seeing that, since, when 8 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 χαρις G5485 genade, Genade, dank acceptable, benefit, favour, gift, grace(- ious), joy, liberality, pleasure, thank(-s, -worthy) 10 ουκετι G3765 niet meer, voortaan niet after that (not), (not) any more, henceforth (hereafter) not, no longer (more), not as yet (now), now no more (not), yet (not) 11 γινεται G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 12 χαρις G5485 genade, Genade, dank acceptable, benefit, favour, gift, grace(- ious), joy, liberality, pleasure, thank(-s, -worthy) 13 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 14 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 15 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 16 εργων G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 17 ουκετι G3765 niet meer, voortaan niet after that (not), (not) any more, henceforth (hereafter) not, no longer (more), not as yet (now), now no more (not), yet (not) 18 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 19 χαρις G5485 genade, Genade, dank acceptable, benefit, favour, gift, grace(- ious), joy, liberality, pleasure, thank(-s, -worthy) 20 επει G1893 anderszins, Anders, overmits because, else, for that (then, -asmuch as), otherwise, seeing that, since, when 21 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 εργον G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 23 ουκετι G3765 niet meer, voortaan niet after that (not), (not) any more, henceforth (hereafter) not, no longer (more), not as yet (now), now no more (not), yet (not) 24 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 25 εργον G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Wat dan? Hetgeen Israel zoekt, dat heeft het niet verkregen; maar de uitverkorenen hebben het verkregen, en de anderen zijn verhard geworden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 Wat dan? HetgeenG3739 IsraelG2474 zoektG1934, dat heeft het nietG3756 verkregenG2013; maarG1161 de uitverkorenenG1589 hebben het verkregenG2013, enG1161 de anderenG3062 zijn verhardG4456 geworden. Wat dan? Hetgeen Israel zoekt, dat heeft het niet verkregen; maar de uitverkorenen hebben het verkregen, en de anderen zijn verhard geworden.

KJV What1 then?2 Israel5 hath8 not7 obtained12 that which3 he seeketh for;4 but10 the election11 hath obtained it, and14 the rest15 were blinded

1 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 ο G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 4 επιζητει G1934 verzoekt, zoeken, zoek desire, enquire, seek (after, for) 5 ισραηλ G2474 Israels, Israel Israel 6 τουτου G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 7 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 8 επετυχεν G2013 verkregen, verkrijgen obtain 9 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 11 εκλογη G1589 verkiezing, uitverkoren, uitverkorenen chosen, election 12 επετυχεν G2013 verkregen, verkrijgen obtain 13 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 15 λοιποι G3062 anderen, andere, overige other, which remain, remnant, residue, rest 16 επωρωθησαν G4456 verhard, verharde blind, harden
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 (Gelijk geschreven is: God heeft hun gegeven een geest des diepen slaaps; ogen om niet te zien, en oren om niet te horen) tot op den huidigen dag.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 (Gelijk geschrevenG1125 is: GodG2316 heeft hunG846 gegevenG1325 een geestG4151 des diepen slaapsG2659; ogenG3788 om nietG3361 te zienG991, enG2532 orenG3775 om nietG3361 te horenG191) tot op den huidigenG4594 dagG2250. (Gelijk geschreven is: God heeft hun gegeven een geest des diepen slaaps; ogen om niet te zien, en oren om niet te horen) tot op den huidigen dag.

KJV (According as1 it is written,2 God6 hath given3 them4 the spirit7 of slumber,8 eyes9 that they should12 not11 see, and13 ears14 that they should17 not16 hear;) unto18 this20 day.

1 καθως G2531 gelijk, zoals according to, (according, even) as, how, when 2 γεγραπται G1125 geschreven, schrijf, schrijven describe, write(-ing, -ten) 3 εδωκεν G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 4 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 7 πνευμα G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 8 κατανυξεως G2659 slaaps slumber 9 οφθαλμους G3788 ogen, oog, Ogen eye, sight 10 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 12 βλεπειν G991 zien, zie, ziende behold, beware, lie, look (on, to), perceive, regard, see, sight, take heed 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 ωτα G3775 oren, oor ear 15 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 17 ακουειν G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand 18 εως G2193 tot, totdat even (until, unto), (as) far (as), how long, (un-)til(-l), (hither-, un-, up) to, while(-s) 19 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 σημερον G4594 heden, Heden, huidigen this (to-)day 21 ημερας G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 En David zegt: Hun tafel worde tot een strik, en tot een val, en tot een aanstoot, en tot een vergelding voor hen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 EnG2532 DavidG1138 zegtG3004: HunG846 tafelG5132 wordeG1096 totG1519 een strikG3803, enG2532 totG1519 een valG2339, enG2532 totG1519 een aanstootG4625, enG2532 totG1519 een vergeldingG468 voor henG846. En David zegt: Hun tafel worde tot een strik, en tot een val, en tot een aanstoot, en tot een vergelding voor hen.

KJV And1 David2 saith,3 Let4 their7 table6 be made a snare,8 and10 a trap,11 and13 a stumblingblock,14 and16 a recompence17 unto them:

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 δαβιδ G1138 David, Davids David 3 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 4 γενηθητω G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 5 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 τραπεζα G5132 tafel, tafelen, bank bank, meat, table 7 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 8 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 9 παγιδα G3803 strik snare 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 12 θηραν G2339 val trap 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 15 σκανδαλον G4625 ergernis, ergernissen, aanstoot occasion to fall (of stumbling), offence, thing that offends, stumblingblock 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 18 ανταποδομα G468 vergelding recompense 19 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 Dat hun ogen verduisterd worden, om niet te zien; en verkrom hun rug allen tijd.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 Dat hunG846 ogenG3788 verduisterdG4654 worden, omG1223 nietG3361 te zienG991; enG2532 verkromG4781 hunG846 rugG3577 allenG3956 tijdG1275. Dat hun ogen verduisterd worden, om niet te zien; en verkrom hun rug allen tijd.

KJV Let1 their4 eyes3 be darkened, that they may7 not6 see, and8 bow down18 their11 back10 alway.

1 σκοτισθητωσαν G4654 verduisterd, Verduisterd darken 2 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 οφθαλμοι G3788 ogen, oog, Ogen eye, sight 4 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 7 βλεπειν G991 zien, zie, ziende behold, beware, lie, look (on, to), perceive, regard, see, sight, take heed 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 νωτον G3577 rug back 11 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 13 διαπαντος G1275 altijd, tijd, geduriglijk alway(-s), continually 15 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 16 παντος G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 18 συγκαμψον G4781 verkrom bow down
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 Zo zeg ik dan: Hebben zij gestruikeld, opdat zij vallen zouden? Dat zij verre; maar door hun val is de zaligheid den heidenen geworden, om hen tot jaloersheid te verwekken.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 Zo zegG3004 ik dan: Hebben zij gestruikeldG4417, opdatG2443 zij vallenG4098 zouden? Dat zij verreG3361; maarG235 door hunG846 valG3900 is de zaligheidG4991 den heidenenG1484 gewordenG1096, om hen tot jaloersheid te verwekken. Zo zeg ik dan: Hebben zij gestruikeld, opdat zij vallen zouden? Dat zij verre; maar door hun val is de zaligheid den heidenen geworden, om hen tot jaloersheid te verwekken.

Ook in dit vers jaloersheid verwekkenG3863

KJV I say1 then,2 Have they stumbled4 that5 they should fall?6 God forbid:3 but9 rather through their11 fall12 salvation14 is come unto the Gentiles,16 for to17 provoke19 them20 to jealousy.

1 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 4 επταισαν G4417 struikelen, gestruikeld, struikelt fall, offend, stumble 5 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 6 πεσωσιν G4098 viel, gevallen, vielen fail, fall (down), light on 7 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 8 γενοιτο G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 9 αλλα G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 10 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 12 παραπτωματι G3900 misdaden, misdaad, val fall, fault, offence, sin, trespass 13 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 σωτηρια G4991 zaligheid, verlossing, behoudenis deliver, health, salvation, save, saving 15 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 εθνεσιν G1484 heidenen, volken, volk Gentile, heathen, nation, people 17 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 18 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 παραζηλωσαι G3863 jaloersheid verwekken, tergen provoke to emulation (jealousy) 20 αυτους G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 En indien hun val de rijkdom is der wereld, en hun vermindering de rijkdom der heidenen, hoeveel te meer hun volheid!
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 En indienG1487 hunG846 valG3900 de rijkdomG4149 is der wereldG2889, en hun verminderingG2275 de rijkdomG4149 der heidenenG1484, hoeveelG4214 te meer hunG846 volheidG4138! En indien hun val de rijkdom is der wereld, en hun vermindering de rijkdom der heidenen, hoeveel te meer hun volheid!

KJV Now2 if1 the fall4 of them5 be the riches6 of the world,7 and8 the diminishing10 of them11 the riches12 of the Gentiles;13 how14 much more15 their18 fulness?

1 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 παραπτωμα G3900 misdaden, misdaad, val fall, fault, offence, sin, trespass 5 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 πλουτος G4149 rijkdom, rijkdoms riches 7 κοσμου G2889 wereld, versiersel adorning, world 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 ηττημα G2275 gebrek, vermindering diminishing, fault 11 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 12 πλουτος G4149 rijkdom, rijkdoms riches 13 εθνων G1484 heidenen, volken, volk Gentile, heathen, nation, people 14 ποσω G4214 hoeveel, Hoeveel, hoevele how great (long, many), what 15 μαλλον G3123 meer, veeleer + better, X far, (the) more (and more), (so) much (the more), rather 16 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 πληρωμα G4138 volheid, vervulling, aangenaaide lap which is put in to fill up, piece that filled up, fulfilling, full, fulness 18 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Want ik spreek tot u, heidenen, voor zoveel ik der heidenen apostel ben; ik maak mijn bediening heerlijk;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 WantG1063 ik spreekG3004 totG1909 uG4771, heidenenG1484, voor zoveelG3745 ikG1473 der heidenenG1484 apostelG652 benG1510; ikG1473 maakG1392 mijn bedieningG1248 heerlijkG1392; Want ik spreek tot u, heidenen, voor zoveel ik der heidenen apostel ben; ik maak mijn bediening heerlijk;

KJV For2 I speak3 to you Gentiles,5 inasmuch as6 I10 am9 the apostle12 of the Gentiles,11 I magnify16 mine office:

1 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 4 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 εθνεσιν G1484 heidenen, volken, volk Gentile, heathen, nation, people 6 εφ G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 7 οσον G3745 zoveel als, allen die all (that), as (long, many, much) (as), how great (many, much), (in-)asmuch as, so many as, that (ever), the more, those things, what (great, -soever), wheresoever, wherewithsoever, which, X while, who(-soever) 8 μεν G3303 wel, enerzijds even, indeed, so, some, truly, verily 9 ειμι G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 10 εγω G1473 mij, ik I, me 11 εθνων G1484 heidenen, volken, volk Gentile, heathen, nation, people 12 αποστολος G652 apostelen, apostel, Apostel apostle, messenger, he that is sent 13 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 διακονιαν G1248 bediening, dienst, bedienen (ad-)minister(-ing, -tration, -try), office, relief, service(-ing) 15 μου G1473 mij, ik I, me 16 δοξαζω G1392 verheerlijkt, verheerlijken, verheerlijkten (make) glorify(-ious), full of (have) glory, honour, magnify
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Of ik enigszins mijn vlees tot jaloersheid verwekken, en enigen uit hen behouden mocht.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 OfG1487 ikG1473 enigszinsG4458 mijn vleesG4561 tot jaloersheid verwekkenG3863, enG2532 enigenG5100 uitG1537 henG846 behoudenG4982 mocht. Of ik enigszins mijn vlees tot jaloersheid verwekken, en enigen uit hen behouden mocht.

KJV If by any means I may provoke to emulation3 them which are my flesh,6 and7 might save8 some9 of10 them.

1 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 2 πως G4459 hoe?, op welke wijze how, after (by) what manner (means), that 3 παραζηλωσω G3863 jaloersheid verwekken, tergen provoke to emulation (jealousy) 4 μου G1473 mij, ik I, me 5 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 σαρκα G4561 vlees, vleses, lichaams carnal(-ly, + -ly minded), flesh(-ly) 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 σωσω G4982 zalig, behouden, gezond heal, preserve, save (self), do well, be (make) whole 9 τινας G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 10 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 11 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 Want indien hun verwerping de verzoening is der wereld, wat zal de aanneming wezen, anders dan het leven uit de doden?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 WantG1063 indienG1487 hunG846 verwerpingG580 de verzoeningG2643 is der wereldG2889, watG5101 zal de aannemingG4356 wezen, andersG1508 dan het levenG2222 uitG1537 de dodenG3498? Want indien hun verwerping de verzoening is der wereld, wat zal de aanneming wezen, anders dan het leven uit de doden?

KJV For2 if1 the casting away4 of them5 be the reconciling6 of the world,7 what8 shall the receiving10 of them be, but life13 from14 the dead?

1 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 αποβολη G580 verlies, verwerping casting away, loss 5 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 καταλλαγη G2643 verzoening atonement, reconciliation(-ing) 7 κοσμου G2889 wereld, versiersel adorning, world 8 τις G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 9 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 προσληψις G4356 aanneming receiving 11 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 12 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 13 ζωη G2222 leven, levens, Leven life(-time) 14 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 15 νεκρων G3498 doden, dood, dode dead

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 En indien de eerstelingen heilig zijn, zo is ook het deeg heilig, en indien de wortel heilig is, zo zijn ook de takken heilig.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 En indien de eerstelingenG536 heiligG40 zijn, zo is ookG2532 het deegG5445 heiligG40, en indien de wortelG4491 heilig is, zo zijn ookG2532 de takkenG2798 heilig. En indien de eerstelingen heilig zijn, zo is ook het deeg heilig, en indien de wortel heilig is, zo zijn ook de takken heilig.

Ook in dit vers [heilig]G1487

KJV For2 if1 the firstfruit4 be holy,5 the lump8 is also6 holy: and9 if10 the root12 be holy,13 so14 are the branches.

1 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 απαρχη G536 eerstelingen, eersteling, Eersteling first-fruits 5 αγια G40 heiligen, Heiligen, Heilige (most) holy (one, thing), saint 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 φυραμα G5445 deeg, klomp lump 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 11 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 ριζα G4491 wortel, Wortel, wortelen root 13 αγια G40 heiligen, Heiligen, Heilige (most) holy (one, thing), saint 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 κλαδοι G2798 takken, tak branch
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 En zo enige der takken afgebroken zijn, en gij, een wilde olijfboom zijnde, in derzelver plaats zijt ingeent, en des wortels en der vettigheid des olijfbooms mede deelachtig zijt geworden,
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 En zoG1487 enigeG1536 der takkenG2798 afgebrokenG1575 zijn, en gijG4771, een wilde olijfboomG65 zijnde, inG1722 derzelver plaats zijt ingeentG1461, en des wortelsG4491 en der vettigheidG4096 des olijfboomsG1636 mede deelachtigG4791 zijt geworden, En zo enige der takken afgebroken zijn, en gij, een wilde olijfboom zijnde, in derzelver plaats zijt ingeent, en des wortels en der vettigheid des olijfbooms mede deelachtig zijt geworden,

KJV And2 if some of the branches5 be broken off,6 and8 thou,7 being a wild olive tree,9 wert graffed in11 among12 them,13 and14 with15 them23 partakest of the root17 and18 fatness20 of the olive tree;

1 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 τινες G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 4 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 κλαδων G2798 takken, tak branch 6 εξεκλασθησαν G1575 afgebroken break off 7 συ G4771 u, gij, gijlieden thou 8 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 9 αγριελαιος G65 olijfboom, wild, wilde olijfboom olive tree (which is) wild 10 ων G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 11 ενεκεντρισθης G1461 ingeent, enten, geent graff in(-to) 12 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 13 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 συγκοινωνος G4791 mede deelachtig, medegenoot companion, partake(-r, -r with) 16 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 ριζης G4491 wortel, Wortel, wortelen root 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 πιοτητος G4096 vettigheid fatness 21 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 ελαιας G1636 Olijf, Olijfberg, olijfbomen olive (berry, tree) 23 εγενου G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 Zo roem niet tegen de takken; en indien gij daartegen roemt, gij draagt den wortel niet, maar de wortel u.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 Zo roemG2620 niet tegen de takkenG2798; enG1161 indienG1487 gij daartegen roemtG2620, gijG4771 draagtG941 den wortelG4491 niet, maar de wortelG4491 uG4771. Zo roem niet tegen de takken; en indien gij daartegen roemt, gij draagt den wortel niet, maar de wortel u.

KJV Boast2 not1 against7 the branches.4 But6 if5 thou boast, thou9 bearest12 not8 the root,11 but13 the root15 thee.

1 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 2 κατακαυχω G2620 roemt, roem boast (against), glory, rejoice against 3 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 κλαδων G2798 takken, tak branch 5 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 6 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 7 κατακαυχασαι G2620 roemt, roem boast (against), glory, rejoice against 8 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 9 συ G4771 u, gij, gijlieden thou 10 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 ριζαν G4491 wortel, Wortel, wortelen root 12 βασταζεις G941 dragen, gedragen, draagt bear, carry, take up 13 αλλ G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 14 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 ριζα G4491 wortel, Wortel, wortelen root 16 σε G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
19 Gij zult dan zeggen: De takken zijn afgebroken, opdat ik zou ingeent worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

19 Gij zult danG3767 zeggenG2046: De takkenG2798 zijn afgebrokenG1575, opdatG2443 ikG1473 zou ingeentG1461 worden. Gij zult dan zeggen: De takken zijn afgebroken, opdat ik zou ingeent worden.

KJV Thou wilt say1 then,2 The branches5 were broken off,3 that6 I7 might be graffed in.

1 ερεις G2046 zeggen, gezegd, gesproken call, say, speak (of), tell 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 εξεκλασθησαν G1575 afgebroken break off 4 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 κλαδοι G2798 takken, tak branch 6 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 7 εγω G1473 mij, ik I, me 8 εγκεντρισθω G1461 ingeent, enten, geent graff in(-to)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
20 Het is wel; zij zijn door ongeloof afgebroken, en gij staat door het geloof. Zijt niet hooggevoelende, maar vrees.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

20 Het is wel; zij zijn door ongeloofG570 afgebrokenG1575, enG1161 gijG4771 staatG2476 door het geloofG4102. Zijt nietG3361 hooggevoelendeG5309, maar vreesG5399. Het is wel; zij zijn door ongeloof afgebroken, en gij staat door het geloof. Zijt niet hooggevoelende, maar vrees.

KJV Well;1 because of unbelief3 they were broken off,4 and6 thou5 standest9 by faith.8 Be11 not10 highminded, but12 fear:

1 καλως G2573 wel, goed, recht (in a) good (place), honestly, + recover, (full) well 2 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 απιστια G570 ongeloof, ongelovigheid, ongeloofs unbelief 4 εξεκλασθησαν G1575 afgebroken break off 5 συ G4771 u, gij, gijlieden thou 6 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 7 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 πιστει G4102 geloof, geloofs, gelove assurance, belief, believe, faith, fidelity 9 εστηκας G2476 stond, staande, staan abide, appoint, bring, continue, covenant, establish, hold up, lay, present, set (up), stanch, stand (by, forth, still, up) 10 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 11 υψηλοφρονει G5309 hooggevoelende, hoogmoedig be highminded 12 αλλα G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 13 φοβου G5399 bevreesd, vreest, vreesden be (+ sore) afraid, fear (exceedingly), reverence
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
21 Want is het, dat God de natuurlijke takken niet gespaard heeft, zie toe, dat Hij ook mogelijk u niet spare.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

21 WantG1063 is het, dat GodG2316 de natuurlijkeG2596 takkenG2798 nietG3756 gespaardG5339 heeft, zieG3381 toe, dat Hij ook mogelijkG4458 uG4771 niet spareG5339. Want is het, dat God de natuurlijke takken niet gespaard heeft, zie toe, dat Hij ook mogelijk u niet spare.

KJV For2 if1 God4 spared10 not9 the natural7 branches,8 take heed lest11 he14 also spare not12 thee.

1 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 5 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 7 φυσιν G5449 nature, natuur (man-)kind, nature(-al) 8 κλαδων G2798 takken, tak branch 9 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 10 εφεισατο G5339 gespaard, sparen, spare forbear, spare 11 μηπως G3381 zie, ergens lest (by any means, by some means, haply, perhaps) 12 ουδε G3761 ook niet, noch neither (indeed), never, no (more, nor, not), nor (yet), (also, even, then) not (even, so much as), + nothing, so much as 13 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 14 φεισηται G5339 gespaard, sparen, spare forbear, spare

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
22 Zie dan de goedertierenheid en de strengheid van God; de strengheid wel over degenen, die gevallen zijn, maar de goedertierenheid over u, indien gij in de goedertierenheid blijft; anderszins zult ook gij afgehouwen worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

22 ZieG1492 dan de goedertierenheidG5544 en de strengheidG663 van GodG2316; de strengheidG663 wel overG1909 degenen, die gevallenG4098 zijn, maarG1161 de goedertierenheidG5544 overG1909 u, indienG1437 gij in de goedertierenheidG5544 blijftG1961; anderszinsG1893 zult ookG2532 gijG4771 afgehouwenG1581 worden. Zie dan de goedertierenheid en de strengheid van God; de strengheid wel over degenen, die gevallen zijn, maar de goedertierenheid over u, indien gij in de goedertierenheid blijft; anderszins zult ook gij afgehouwen worden.

KJV Behold therefore2 the goodness3 and4 severity5 of God:6 on7 them which fell,10 severity;11 but13 toward12 thee, goodness,15 if16 thou continue17 in his goodness:19 otherwise20 thou14 also21 shalt be cut off.

1 ιδε G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 χρηστοτητα G5544 goedertierenheid, goed gentleness, good(-ness), kindness 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 αποτομιαν G663 strengheid severity 6 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 7 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 8 μεν G3303 wel, enerzijds even, indeed, so, some, truly, verily 9 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 πεσοντας G4098 viel, gevallen, vielen fail, fall (down), light on 11 αποτομιαν G663 strengheid severity 12 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 13 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 14 σε G4771 u, gij, gijlieden thou 15 χρηστοτητα G5544 goedertierenheid, goed gentleness, good(-ness), kindness 16 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 17 επιμεινης G1961 bleven, bleef, blijft abide (in), continue (in), tarry 18 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 χρηστοτητι G5544 goedertierenheid, goed gentleness, good(-ness), kindness 20 επει G1893 anderszins, Anders, overmits because, else, for that (then, -asmuch as), otherwise, seeing that, since, when 21 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 22 συ G4771 u, gij, gijlieden thou 23 εκκοπηση G1581 uitgehouwen, afgehouwen, houwt cut down (off, out), hew down, hinder

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
23 Maar ook zij, indien zij in het ongeloof niet blijven, zullen ingeent worden; want God is machtig om dezelve weder in te enten.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

23 MaarG1161 ookG2532 zij, indienG1437 zij in het ongeloofG570 nietG3361 blijven, zullen ingeentG1461 worden; wantG1063 GodG2316 isG1510 machtigG1415 om dezelveG846 weder in te entenG1461. Maar ook zij, indien zij in het ongeloof niet blijven, zullen ingeent worden; want God is machtig om dezelve weder in te enten.

KJV And3 they2 also,1 if they abide6 not still in unbelief,8 shall be graffed in:9 for11 God14 is able10 to graff16 them17 in again.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εκεινοι G1565 die, dien, dezen he, it, the other (same), selfsame, that (same, very), X their, X them, they, this, those 3 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 4 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 5 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 6 επιμεινωσιν G1961 bleven, bleef, blijft abide (in), continue (in), tarry 7 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 απιστια G570 ongeloof, ongelovigheid, ongeloofs unbelief 9 εγκεντρισθησονται G1461 ingeent, enten, geent graff in(-to) 10 δυνατος G1415 machtig, mogelijk, krachtig able, could, (that is) mighty (man), possible, power, strong 11 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 12 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 13 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 15 παλιν G3825 wederom, opnieuw again 16 εγκεντρισαι G1461 ingeent, enten, geent graff in(-to) 17 αυτους G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
24 Want indien gij afgehouwen zijt uit den olijfboom, die van nature wild was, en tegen nature in den goeden olijfboom ingeent; hoeveel te meer zullen deze, die natuurlijke takken zijn, in hun eigen olijfboom geent worden?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

24 WantG1063 indienG1487 gijG4771 afgehouwenG1581 zijt uitG1537 den olijfboom, die van natureG5449 wildG65 was, enG2532 tegen natureG5449 in den goeden olijfboom ingeentG1461; hoeveelG4214 te meer zullen deze, dieG3778 natuurlijkeG2596 takken zijn, in hun eigenG2398 olijfboom geentG1461 worden? Want indien gij afgehouwen zijt uit den olijfboom, die van nature wild was, en tegen nature in den goeden olijfboom ingeent; hoeveel te meer zullen deze, die natuurlijke takken zijn, in hun eigen olijfboom geent worden?

Ook in dit vers olijfboomG1636 olijfboomG2565

KJV For2 if1 thou3 wert cut8 out of4 the olive tree which is wild9 by6 nature,7 and10 wert graffed13 contrary to11 nature12 into14 a good olive tree:15 how much16 more17 shall these,18 which be the natural20 branches, be graffed into22 their own24 olive tree?

1 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 συ G4771 u, gij, gijlieden thou 4 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 5 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 7 φυσιν G5449 nature, natuur (man-)kind, nature(-al) 8 εξεκοπης G1581 uitgehouwen, afgehouwen, houwt cut down (off, out), hew down, hinder 9 αγριελαιου G65 olijfboom, wild, wilde olijfboom olive tree (which is) wild 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 παρα G3844 van, bij, naast above, against, among, at, before, by, contrary to, X friend, from, + give (such things as they), + that (she) had, X his, in, more than, nigh unto, (out) of, past, save, side…by, in the sight of, than, (there-)fore, with 12 φυσιν G5449 nature, natuur (man-)kind, nature(-al) 13 ενεκεντρισθης G1461 ingeent, enten, geent graff in(-to) 14 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 15 καλλιελαιον G2565 olijfboom good olive tree 16 ποσω G4214 hoeveel, Hoeveel, hoevele how great (long, many), what 17 μαλλον G3123 meer, veeleer + better, X far, (the) more (and more), (so) much (the more), rather 18 ουτοι G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 19 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 21 φυσιν G5449 nature, natuur (man-)kind, nature(-al) 22 εγκεντρισθησονται G1461 ingeent, enten, geent graff in(-to) 23 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 24 ιδια G2398 eigen, bijzonder, eigenen X his acquaintance, when they were alone, apart, aside, due, his (own, proper, several), home, (her, our, thine, your) own (business), private(-ly), proper, severally, their (own) 25 ελαια G1636 Olijf, Olijfberg, olijfbomen olive (berry, tree)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
25 Want ik wil niet, broeders, dat u deze verborgenheid onbekend zij (opdat gij niet wijs zijt, bij uzelven), dat de verharding voor een deel over Israel gekomen is, totdat de volheid der heidenen zal ingegaan zijn.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

25 Want ik wilG2309 niet, broedersG80, dat uG4771 dezeG3778 verborgenheidG3466 onbekendG50 zij (opdatG2443 gij niet wijsG5429 zijt, bij uzelven), dat de verhardingG4457 voor een deelG3313 over IsraelG2474 gekomen is, totdat de volheidG4138 der heidenenG1484 zal ingegaanG1525 zijn. Want ik wil niet, broeders, dat u deze verborgenheid onbekend zij (opdat gij niet wijs zijt, bij uzelven), dat de verharding voor een deel over Israel gekomen is, totdat de volheid der heidenen zal ingegaan zijn.

KJV For2 I would3 not,1 brethren,6 that ye should be ignorant5 of this mystery,8 lest ye should be wise15 in13 your own conceits;14 that16 blindness17 in18 part19 is happened22 to Israel,21 until23 the fulness26 of the Gentiles28 be come in.

1 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 θελω G2309 wil, wilt, willen desire, be disposed (forward), intend, list, love, mean, please, have rather, (be) will (have, -ling, - ling(-ly)) 4 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 5 αγνοειν G50 onwetende, onbekend, kennende (be) ignorant(-ly), not know, not understand, unknown 6 αδελφοι G80 broeders, broeder, broederen brother 7 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 μυστηριον G3466 verborgenheid, verborgenheden, Verborgenheid mystery 9 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 10 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 11 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 12 ητε G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 13 παρ G3844 van, bij, naast above, against, among, at, before, by, contrary to, X friend, from, + give (such things as they), + that (she) had, X his, in, more than, nigh unto, (out) of, past, save, side…by, in the sight of, than, (there-)fore, with 14 εαυτοις G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 15 φρονιμοι G5429 wijzen, wijs, voorzichtig wise(-r) 16 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 17 πωρωσις G4457 verharding blindness, hardness 18 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 19 μερους G3313 deel, dele, delen behalf, course, coast, craft, particular (+ -ly), part (+ -ly), piece, portion, respect, side, some sort(-what) 20 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 ισραηλ G2474 Israels, Israel Israel 22 γεγονεν G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 23 αχρις G891 tot, totdat, zolang als as far as, for, in(-to), till, (even, un-)to, until, while 24 ου G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 25 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 26 πληρωμα G4138 volheid, vervulling, aangenaaide lap which is put in to fill up, piece that filled up, fulfilling, full, fulness 27 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 28 εθνων G1484 heidenen, volken, volk Gentile, heathen, nation, people 29 εισελθη G1525 ingaan, ingegaan, inkomen X arise, come (in, into), enter in(-to), go in (through)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
26 En alzo zal geheel Israel zalig worden; gelijk geschreven is: De Verlosser zal uit Sion komen en zal de goddeloosheden afwenden van Jakob.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

26 EnG2532 alzoG3779 zal geheelG3956 IsraelG2474 zaligG4982 worden; gelijk geschrevenG1125 is: De VerlosserG4506 zal uitG1537 SionG4622 komenG2240 enG2532 zal de goddelooshedenG763 afwendenG654 vanG575 JakobG2384. En alzo zal geheel Israel zalig worden; gelijk geschreven is: De Verlosser zal uit Sion komen en zal de goddeloosheden afwenden van Jakob.

KJV And1 so2 all3 Israel4 shall be saved:5 as6 it is written,7 There shall come8 out of9 Sion10 the Deliverer,12 and13 shall turn away14 ungodliness15 from16 Jacob:

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ουτως G3779 alzo, aldus, zo after that, after (in) this manner, as, even (so), for all that, like(-wise), no more, on this fashion(-wise), so (in like manner), thus, what 3 πας G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 4 ισραηλ G2474 Israels, Israel Israel 5 σωθησεται G4982 zalig, behouden, gezond heal, preserve, save (self), do well, be (make) whole 6 καθως G2531 gelijk, zoals according to, (according, even) as, how, when 7 γεγραπται G1125 geschreven, schrijf, schrijven describe, write(-ing, -ten) 8 ηξει G2240 komen, kom come 9 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 10 σιων G4622 Sion, Sions Sion 11 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 ρυομενος G4506 verlost, verlossen, verlos deliver(-er) 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 αποστρεψει G654 afkeren, afwenden, afgewend bring again, pervert, turn away (from) 15 ασεβειας G763 goddeloosheid, goddeloze, goddeloosheden ungodly(-liness) 16 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 17 ιακωβ G2384 Jakob, Jakobs also an Israelite:--Jacob
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
27 En dit is hun een verbond van Mij, als Ik hun zonden zal wegnemen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

27 EnG2532 ditG3778 is hun een verbondG1242 van Mij, als Ik hunG846 zondenG266 zal wegnemenG851. En dit is hun een verbond van Mij, als Ik hun zonden zal wegnemen.

KJV For1 this2 is my5 covenant7 unto them,3 when8 I shall take away9 their12 sins.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 αυτη G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 3 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 παρ G3844 van, bij, naast above, against, among, at, before, by, contrary to, X friend, from, + give (such things as they), + that (she) had, X his, in, more than, nigh unto, (out) of, past, save, side…by, in the sight of, than, (there-)fore, with 6 εμου G1473 mij, ik I, me 7 διαθηκη G1242 verbond, testaments, verbonds covenant, testament 8 οταν G3752 wanneer, zodra as long (soon) as, that, + till, when(-soever), while 9 αφελωμαι G851 hieuw, afdoen, afdoet cut (smite) off, take away 10 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 αμαρτιας G266 zonde, zonden, zondigen offence, sin(-ful) 12 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
28 Zo zijn zij wel vijanden aangaande het Evangelie, om uwentwil, maar aangaande de verkiezing zijn zij beminden, om der vaderen wil;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

28 Zo zijn zij wel vijandenG2190 aangaande het EvangelieG2098, omG1223 uwentwil, maarG1161 aangaande de verkiezingG1589 zijn zij bemindenG27, omG1223 der vaderenG3962 wil; Zo zijn zij wel vijanden aangaande het Evangelie, om uwentwil, maar aangaande de verkiezing zijn zij beminden, om der vaderen wil;

KJV As concerning1 the gospel,4 they are enemies5 for your sakes:6 but9 as touching8 the election,11 they are beloved12 for13 the fathers'15 sakes.

1 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 2 μεν G3303 wel, enerzijds even, indeed, so, some, truly, verily 3 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 ευαγγελιον G2098 Evangelie, Evangelies gospel 5 εχθροι G2190 vijanden, vijand, vijandig enemy, foe 6 δι G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 7 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 8 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 9 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 10 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 εκλογην G1589 verkiezing, uitverkoren, uitverkorenen chosen, election 12 αγαπητοι G27 geliefden, geliefde, Geliefden (dearly, well) beloved, dear 13 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 14 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 πατερας G3962 Vader, vader, vaders father, parent
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
29 Want de genadegiften en de roeping Gods zijn onberouwelijk.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

29 WantG1063 de genadegiftenG5486 enG2532 de roepingG2821 GodsG2316 zijn onberouwelijkG278. Want de genadegiften en de roeping Gods zijn onberouwelijk.

KJV For2 the gifts4 and5 calling7 of God9 are without repentance.

1 αμεταμελητα G278 onberouwelijk, onberouwelijke without repentance, not to be repented of 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 χαρισματα G5486 gave, gaven, genadegift (free) gift 5 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 6 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 κλησις G2821 roeping, beroeping calling 8 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
30 Want gelijkerwijs ook gijlieden eertijds Gode ongehoorzaam geweest zijt, maar nu barmhartigheid verkregen hebt door dezer ongehoorzaamheid;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

30 WantG1063 gelijkerwijsG5618 ookG2532 gijliedenG4771 eertijdsG4218 GodeG2316 ongehoorzaamG544 geweest zijt, maarG1161 nu barmhartigheidG1653 verkregen hebt door dezer ongehoorzaamheidG543; Want gelijkerwijs ook gijlieden eertijds Gode ongehoorzaam geweest zijt, maar nu barmhartigheid verkregen hebt door dezer ongehoorzaamheid;

KJV For2 as1 ye in times past5 have not believed6 God,8 yet10 have11 now9 obtained mercy through their unbelief:

1 ωσπερ G5618 gelijkerwijs, geschiedt (even, like) as 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 υμεις G4771 u, gij, gijlieden thou 5 ποτε G4218 eertijds, tijd, ooit afore-(any, some-)time(-s), at length (the last), (+ n- )ever, in the old time, in time past, once, when 6 ηπειθησατε G544 ongehoorzaam, ongehoorzamen not believe, disobedient, obey not, unbelieving 7 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 θεω G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 9 νυν G3568 nu, thans henceforth, + hereafter, of late, soon, present, this (time) 10 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 11 ηλεηθητε G1653 ontferm, barmhartigheid, ontfermd have compassion (pity on), have (obtain, receive, shew) mercy (on) 12 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 τουτων G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 14 απειθεια G543 ongehoorzaamheid, ongelovigheid disobedience, unbelief
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
31 Alzo zijn ook dezen nu ongehoorzaam geweest, opdat ook zij door uw barmhartigheid zouden barmhartigheid verkrijgen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

31 AlzoG3779 zijn ookG2532 dezenG3778 nu ongehoorzaamG544 geweest, opdatG2443 ookG2532 zijG846 door uw barmhartigheid zouden barmhartigheid verkrijgen. Alzo zijn ook dezen nu ongehoorzaam geweest, opdat ook zij door uw barmhartigheid zouden barmhartigheid verkrijgen.

Ook in dit vers barmhartigheidG1653 barmhartigheidG1656

KJV Even so1 have5 these3 also2 now4 not believed, that9 through your7 mercy8 they11 also10 may obtain mercy.

1 ουτως G3779 alzo, aldus, zo after that, after (in) this manner, as, even (so), for all that, like(-wise), no more, on this fashion(-wise), so (in like manner), thus, what 2 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 3 ουτοι G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 4 νυν G3568 nu, thans henceforth, + hereafter, of late, soon, present, this (time) 5 ηπειθησαν G544 ongehoorzaam, ongehoorzamen not believe, disobedient, obey not, unbelieving 6 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 υμετερω G5212 uw, het uwe your (own) 8 ελεει G1656 barmhartigheid, Barmhartigheid (+ tender) mercy 9 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 αυτοι G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 12 ελεηθωσιν G1653 ontferm, barmhartigheid, ontfermd have compassion (pity on), have (obtain, receive, shew) mercy (on)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
32 Want God heeft hen allen onder de ongehoorzaamheid besloten, opdat Hij hun allen zou barmhartig zijn.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

32 WantG1063 GodG2316 heeft hen allenG3956 onder de ongehoorzaamheidG543 beslotenG4788, opdatG2443 Hij hun allenG3956 zou barmhartigG1653 zijn. Want God heeft hen allen onder de ongehoorzaamheid besloten, opdat Hij hun allen zou barmhartig zijn.

KJV For2 God4 hath concluded1 them all6 in7 unbelief,8 that9 he might have mercy12 upon all.

1 συνεκλεισεν G4788 besloten conclude, inclose, shut up 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 5 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 παντας G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 7 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 8 απειθειαν G543 ongehoorzaamheid, ongelovigheid disobedience, unbelief 9 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 10 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 παντας G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 12 ελεηση G1653 ontferm, barmhartigheid, ontfermd have compassion (pity on), have (obtain, receive, shew) mercy (on)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
33 O diepte des rijkdoms, beide der wijsheid en der kennis Gods, hoe ondoorzoekelijk zijn Zijn oordelen, en onnaspeurlijk Zijn wegen!
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

33 O diepteG899 des rijkdomsG4149, beide der wijsheidG4678 enG2532 der kennisG1108 GodsG2316, hoeG5613 ondoorzoekelijkG419 zijn Zijn oordelenG2917, enG2532 onnaspeurlijkG421 Zijn wegenG3598! O diepte des rijkdoms, beide der wijsheid en der kennis Gods, hoe ondoorzoekelijk zijn Zijn oordelen, en onnaspeurlijk Zijn wegen!

KJV O1 the depth2 of the riches3 both4 of the wisdom5 and6 knowledge7 of God!8 how9 unsearchable10 are his13 judgments,12 and14 his18 ways17 past finding out!

1 ω G5599 o (aanroep) O 2 βαθος G899 diepte, diepten deep(-ness, things), depth 3 πλουτου G4149 rijkdom, rijkdoms riches 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 σοφιας G4678 wijsheid, Wijsheid wisdom 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 γνωσεως G1108 kennis, wetenschap, verstand knowledge, science 8 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 9 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 10 ανεξερευνητα G419 ondoorzoekelijk unsearchable 11 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 κριματα G2917 oordeel, oordelen, rechtzaken avenge, condemned, condemnation, damnation, + go to law, judgment 13 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 ανεξιχνιαστοι G421 onnaspeurlijk, onnaspeurlijken past finding out; unsearchable 16 αι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 οδοι G3598 weg, wegen, Weg journey, (high-)way 18 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
34 Want wie heeft den zin des Heeren gekend? Of wie is Zijn raadsman geweest?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

34 WantG1063 wieG5101 heeft den zinG3563 des HeerenG2962 gekendG1097? OfG2228 wieG5101 is Zijn raadsmanG4825 geweestG1096? Want wie heeft den zin des Heeren gekend? Of wie is Zijn raadsman geweest?

KJV For2 who1 hath known3 the mind4 of the Lord?5 or6 who7 hath been10 his9 counsellor?

1 τις G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 εγνω G1097 gekend, weten, kent allow, be aware (of), feel, (have) know(-ledge), perceived, be resolved, can speak, be sure, understand 4 νουν G3563 verstand, zin, gemoeds mind, understanding 5 κυριου G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 6 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 7 τις G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 8 συμβουλος G4825 raadsman counsellor 9 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 10 εγενετο G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
35 Of wie heeft Hem eerst gegeven, en het zal hem wedervergolden worden?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

35 OfG2228 wieG5101 heeft Hem eerstG4272 gegeven, enG2532 het zal hemG846 wedervergoldenG467 worden? Of wie heeft Hem eerst gegeven, en het zal hem wedervergolden worden?

KJV Or1 who2 hath first given3 to him,4 and5 it shall be recompensed6 unto him7 again?

1 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 2 τις G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 3 προεδωκεν G4272 eerst first give 4 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 6 ανταποδοθησεται G467 vergelden, vergelding wedergeven, vergolden recompense, render, repay 7 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
36 Want uit Hem, en door Hem, en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid in der eeuwigheid. Amen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

36 WantG3754 uitG1537 HemG846, enG2532 doorG1223 Hem, enG2532 totG1519 Hem zijn alleG3956 dingen. Hem zijG846 de heerlijkheidG1391 inG1519 der eeuwigheidG165. AmenG281. Want uit Hem, en door Hem, en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid in der eeuwigheid. Amen.

KJV For1 of2 him,3 and4 through5 him,6 and7 to8 him,9 are all things:11 to whom12 be glory14 for15 ever.17 Amen.

1 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 2 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 3 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 δι G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 6 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 9 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 10 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 παντα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 12 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 13 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 δοξα G1391 heerlijkheid, eer, heerlijkheden dignity, glory(-ious), honour, praise, worship 15 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 16 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 αιωνας G165 eeuwigheid, wereld, eeuw age, course, eternal, (for) ever(-more), (n-)ever, (beginning of the , while the) world (began, without end) 18 αμην G281 Voorwaar, Amen, voorwaar amen, verily
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Romeinen 11:1 Filippenzen 3:5 1 Samuël 12:22 2 Korinthe 11:22 Jeremia 33:24 Psalmen 77:7 Jeremia 31:36 Handelingen 26:4 2 Koningen 23:27
Romeinen 11:2 1 Petrus 1:2 Handelingen 15:18 Numeri 16:15 Johannes 4:1 Jeremia 18:19 Genesis 44:15 Romeinen 9:23 1 Korinthe 6:2
Romeinen 11:3 Jeremia 2:30 1 Koningen 18:13 1 Koningen 18:30 1 Koningen 18:4 1 Koningen 19:10 Nehemia 9:26
Romeinen 11:4 1 Koningen 19:18 Jeremia 19:5 1 Koningen 16:31 Numeri 25:3 Hosea 2:8 Hosea 13:1 Richteren 2:13 2 Koningen 10:19
Romeinen 11:5 Romeinen 9:27 Efeze 1:5 Romeinen 9:11 Romeinen 11:28 Romeinen 11:6
Romeinen 11:6 1 Korinthe 15:10 Romeinen 4:4 Deuteronomium 9:4 2 Timotheüs 1:9 Galaten 5:4 Romeinen 5:20 Galaten 2:21 Titus 3:5
Romeinen 11:7 Romeinen 9:18 2 Korinthe 3:14 1 Petrus 1:2 Romeinen 8:28 2 Thessalonicenzen 2:10 Johannes 12:40 Romeinen 10:3 Mattheüs 13:14
Romeinen 11:8 Deuteronomium 29:4 Jesaja 29:10 Ezechiël 12:2 Jeremia 5:21 Mattheüs 13:13 2 Korinthe 3:14 Handelingen 28:26 Lukas 8:10
Romeinen 11:9 Psalmen 69:22 1 Timotheüs 6:17 Jesaja 66:9 Hebreeën 2:2 Jesaja 59:18 Job 20:20 Spreuken 1:32 Lukas 16:19
Romeinen 11:10 Psalmen 69:23 Zacharia 11:17 2 Petrus 2:4 Jesaja 65:12 Romeinen 11:8 Romeinen 1:21 Jesaja 51:23 Deuteronomium 28:64
Romeinen 11:11 Ezechiël 18:23 Romeinen 10:19 Romeinen 11:14 Romeinen 11:12 Romeinen 11:31 Romeinen 11:1 Handelingen 22:18 Handelingen 28:24
Romeinen 11:12 Romeinen 11:25 Micha 5:7 Jesaja 66:8 Kolossenzen 1:27 Efeze 3:8 Zacharia 2:11 Jesaja 11:11 Romeinen 9:23
Romeinen 11:13 Handelingen 9:15 2 Timotheüs 1:11 Romeinen 15:16 1 Timotheüs 2:7 Handelingen 22:21 Galaten 2:2 Handelingen 26:17 Galaten 1:16
Romeinen 11:14 1 Korinthe 7:16 Jakobus 5:20 1 Timotheüs 4:16 Romeinen 9:3 Romeinen 11:11 1 Korinthe 1:21 1 Timotheüs 2:4 2 Timotheüs 2:10
Romeinen 11:15 Kolossenzen 1:20 Lukas 15:24 Romeinen 11:11 Ezechiël 37:1 Romeinen 11:1 Openbaring 20:4 Lukas 15:32 Openbaring 11:11
Romeinen 11:16 Leviticus 23:10 Ezechiël 44:30 Exodus 23:16 Deuteronomium 26:10 Spreuken 3:9 Numeri 15:17 Jakobus 1:18 Romeinen 11:17
Romeinen 11:17 Efeze 2:11 Jeremia 11:16 Johannes 15:2 Efeze 3:6 Psalmen 52:8 Handelingen 2:39 Kolossenzen 2:13 Richteren 9:8
Romeinen 11:18 Romeinen 11:20 Efeze 2:19 1 Koningen 20:11 Spreuken 16:18 Johannes 4:22 Romeinen 3:27 Mattheüs 26:33 Romeinen 4:16
Romeinen 11:19 Romeinen 11:17 Romeinen 11:11 Romeinen 11:23
Romeinen 11:20 2 Korinthe 1:24 Romeinen 12:16 1 Korinthe 10:12 1 Petrus 1:17 Spreuken 28:14 Jesaja 66:2 Filippenzen 2:12 1 Timotheüs 6:17
Romeinen 11:21 Romeinen 8:32 2 Petrus 2:4 Judas 1:5 Romeinen 11:17 Romeinen 11:19 1 Korinthe 10:1 Jeremia 25:29 Jeremia 49:12
Romeinen 11:22 Hebreeën 3:6 Johannes 15:2 1 Korinthe 15:2 Hebreeën 3:14 Hebreeën 10:23 Galaten 6:9 Lukas 8:15 Hebreeën 10:35
Romeinen 11:23 2 Korinthe 3:16 Zacharia 12:10 Mattheüs 23:39
Romeinen 11:24 Romeinen 11:17 Romeinen 11:30
Romeinen 11:25 Lukas 21:24 Romeinen 12:16 Romeinen 16:25 Efeze 3:9 Efeze 3:3 Openbaring 7:9 Zacharia 14:9 Hosea 14:9
Romeinen 11:26 Jesaja 59:20 Amos 9:14 Zacharia 10:6 Hosea 3:5 Jeremia 31:31 Ezechiël 37:21 Psalmen 14:7 Ezechiël 39:25
Romeinen 11:27 Jesaja 27:9 Ezechiël 36:25 Jesaja 59:21 Jeremia 50:20 Jeremia 32:38 Hebreeën 8:8 Jesaja 43:25 Jeremia 31:31
Romeinen 11:28 Deuteronomium 10:15 Lukas 1:68 Romeinen 9:5 Genesis 28:14 Jesaja 41:8 Romeinen 11:30 Romeinen 11:7 Micha 7:20
Romeinen 11:29 Romeinen 8:28 Hebreeën 7:21 Numeri 23:19 Maleachi 3:6 Hosea 13:14
Romeinen 11:30 Kolossenzen 3:7 2 Korinthe 4:1 1 Petrus 2:10 Efeze 2:19 1 Korinthe 6:9 Romeinen 11:31 Efeze 2:1 Titus 3:3
Romeinen 11:31 Romeinen 11:25 Romeinen 11:15 Romeinen 10:16
Romeinen 11:32 Romeinen 3:9 Galaten 3:22 Johannes 12:32 Romeinen 3:22 1 Timotheüs 2:4 Johannes 1:7
Romeinen 11:33 Psalmen 92:5 Job 5:9 Romeinen 2:4 Kolossenzen 2:2 Efeze 3:10 Efeze 1:7 Job 37:23 Psalmen 36:6
Romeinen 11:34 1 Korinthe 2:16 Jesaja 40:13 Job 36:22 Job 15:8 Jeremia 23:18
Romeinen 11:35 Job 35:7 Job 41:11
Romeinen 11:36 1 Korinthe 8:6 Romeinen 16:27 1 Petrus 5:11 1 Timotheüs 1:17 2 Timotheüs 4:18 2 Petrus 3:18 Efeze 3:21 Filippenzen 4:20
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Romeinen 11 vers 1

zeg dan Dat is, hetgeen ik tevoren gezegd heb van de verwerping der Joden, daarmede wil ik niet zeggen dat God al de Joden zou hebben verstoten; gelijk iemand daaruit zou kunnen besluiten.

Hertaald: zeg dan Dat is: met wat ik tevoren gezegd heb over de verwerping van de Joden wil ik niet zeggen dat God alle Joden verstoten zou hebben, zoals iemand daaruit zou kunnen afleiden.

Zijn volk Dat is, de Joden, die Hij tot Zijn volk bijzonder had verkoren.

Hertaald: Zijn volk Dat is: de Joden, die Hij in het bijzonder tot Zijn volk verkoren had.

verstoten? Grieks, afgestoten; namelijk van die waardigheid, waar zij in gesteld waren, zodat zij de beloofde zegening in Christus niet meer zouden deelachtig zijn.

Hertaald: verstoten? Grieks: afgestoten; namelijk van de waardigheid waarin zij gesteld waren, zodat zij geen deel meer zouden hebben aan de beloofde zegen in Christus.

een Israëliet, Dat is, een Jood van afkomst, en nochtans van God niet verstoten.

Hertaald: een Israëliet, Dat is: een Jood van afkomst, en toch niet door God verstoten.

uit het zaad Abrahams, Namelijk naar het vlees; en ook naar de genade des verbonds, hetwelk God met Abraham en zijn zaad gemaakt heeft; Gen. 17:1 .

Hertaald: uit het zaad Abrahams, Namelijk naar het vlees, en ook naar de genade van het verbond dat God met Abraham en zijn zaad gemaakt heeft; Gen. 17:1.

Benjamin Namelijk den zoon van Jakob, uit Rachel, een van de aanzienlijkste stammen Israëls, uit welken ook de koning Saul gesproten is geweest, 1 Sam. 9:1 , en de koningin Esther; Est. 2:5 .

Hertaald: Benjamin Namelijk de zoon van Jakob bij Rachel, uit een van de aanzienlijkste stammen van Israël, waaruit ook koning Saul voortgekomen is, 1 Sam. 9:1, en koningin Esther; Est. 2:5.

Romeinen 11 vers 2

Zijn volk Namelijk dat waarlijk Zijn volk was, niet naar het vlees alleen, maar ook naar de belofte.

Hertaald: Zijn volk Namelijk het volk dat werkelijk Zijn volk was, niet alleen naar het vlees maar ook naar de belofte.

verstoten, Zie vs.1.

Hertaald: verstoten, Zie vers 1.

gekend heeft Dat is, voor de Zijnen erkend en verkoren heeft; Matt. 7:23 ; Joh. 10:14 ; Rom. 8:29 ; 2 Tim. 2:19 ; 1 Petr. 1:2 , 1 Petr. 1:20 .

Hertaald: gekend heeft Dat is: als de Zijnen erkend en verkoren heeft; Matth. 7:23; Joh. 10:14; Rom. 8:29; 2 Tim. 2:19; 1 Petr. 1:2, 1 Petr. 1:20.

weet gij niet, Dat is, ik meen dat gij wel weet.

Hertaald: weet gij niet, Dat is: ik neem aan dat u wel weet.

van Elia, Grieks, in Elia; dat is, in de geschiedenis van Elia, die beschreven wordt 1Ki 17 , en in de volgende hoofdstukken.

Hertaald: van Elia, Grieks: in Elia; dat is: in de geschiedenis van Elia, die beschreven wordt in 1 Kon. 17 en de volgende hoofdstukken.

aanspreekt Grieks, bejegent, ontmoet; namelijk met woorden.

Hertaald: aanspreekt Grieks: tegemoet treedt, ontmoet; namelijk met woorden.

tegen Israël, Dit kan gevoegd worden, òf met het woord aanspreekt, òf met het woord zeggende; namelijk klagende over den afval der Israëlieten.

Hertaald: tegen Israël, Dit kan verbonden worden met het woord aanspreekt of met het woord zeggende; namelijk terwijl hij klaagt over de afval van de Israëlieten.

Romeinen 11 vers 3

Uw altaren Dat is, die eertijds tot uw dienst en eer opgericht waren geweest.

Hertaald: Uw altaren Dat is: de altaren die vroeger tot Uw dienst en eer opgericht waren.

omgeworpen; Grieks, ondergraven; dat is, met ondergraving omvergeworpen; 1 Kon. 19:10 , 1 Kon. 19:14 .

Hertaald: omgeworpen; Grieks: ondergraven; dat is: door ondergraving omvergeworpen; 1 Kon. 19:10, 1 Kon. 19:14.

zoeken mijn ziel Dat is, zij staan naar mijn leven; Matt. 2:20 .

Hertaald: zoeken mijn ziel Dat is: zij staan mij naar het leven; Matth. 2:20.

Romeinen 11 vers 4

het Goddelijk antwoord? Of, de goddelijke openbaring. Zie Matt. 2:12 , Matt. 2:22 ; Luc. 2:26 .

Hertaald: het Goddelijk antwoord? Of: de goddelijke openbaring. Zie Matth. 2:12, Matth. 2:22; Luk. 2:26.

zeven duizend Dat is, enige duizenden. Hebreeuws. Gen. 33:3 ; Ps. 12:7 .

Hertaald: zeven duizend Dat is: enkele duizenden; een hebraïsme. Gen. 33:3; Ps. 12:7.

mannen Dat is, mensen, waardoor ook zonder twijfel vrouwen waren.

Hertaald: mannen Dat is: mensen, waaronder ongetwijfeld ook vrouwen waren.

overgelaten, Dat is, doen overblijven, of gemaakt dat zij overgebleven zijn, door mijne genade hen behoudende dat zij niet in afgoderij gevallen zijn.

Hertaald: overgelaten, Dat is: doen overblijven, of gemaakt dat zij overgebleven zijn, doordat Ik hen door Mijn genade bewaard heb zodat zij niet tot afgoderij vervallen zijn.

de knie voor het beeld Namelijk om godsdienstige of enige andere eer te bewijzen; Ex. 20:5 ; Fil. 2:10 .

Hertaald: de knie voor het beeld Namelijk om er godsdienstige of enige andere eer aan te bewijzen; Ex. 20:5; Filipp. 2:10.

Baäl niet gebogen hebben Dit woord betekent iemand, die over anderen macht en gebied heeft, gelijk de man over de vrouw en een heer over zijnen knecht; en met dezen naam werd genaamd een afgod der Babyloniërs, Moabieten en Samaritanen; Num. 22:41 ; 1 Kon. 16:31-32 ; 2 Kon. 10:26 ; Jer. 11:13 ; Hos. 2:12 , Hos. 2:16 .

Hertaald: Baäl niet gebogen hebben Dit woord duidt iemand aan die macht en gezag over anderen heeft, zoals de man over de vrouw en een heer over zijn knecht. Met die naam werd een afgod van de Babyloniërs, Moabieten en Samaritanen aangeduid; Num. 22:41; 1 Kon. 16:31-32; 2 Kon. 10:26; Jer. 11:13; Hos. 2:12, Hos. 2:16.

Romeinen 11 vers 5

in dezen tegenwoordigen tijd Namelijk van de prediking des Evangelies.

Hertaald: in dezen tegenwoordigen tijd Namelijk de tijd van de prediking van het Evangelie.

een overblijfsel geworden, Dat is, God heeft nog enige Joden laten overblijven, die het Evangelie niet verwerpen maar aannemen, en krachtiglijk geroepen zijn; die maar voor een overblijfsel tot overschot mogen gerekent worden, ten aanzien van de grote menigte dergenen, die het verwerpen en ongelovig blijven.

Hertaald: een overblijfsel geworden, Dat is: God heeft nog enkele Joden laten overblijven die het Evangelie niet verwerpen maar aannemen en krachtig geroepen zijn. Zij mogen slechts als een overblijfsel of restant gerekend worden, in vergelijking met de grote menigte van hen die het verwerpen en ongelovig blijven.

naar de verkiezing der genade Dat is, de genadige verkiezing, namelijk die uit enkel genade van eeuwigheid ter zaligheid zijn verkoren, en in den tijd krachtiglijk geroepen; Rom. 8:30 .

Hertaald: naar de verkiezing der genade Dat is: de genadige verkiezing; namelijk zij die uit louter genade van eeuwigheid tot de zaligheid verkoren zijn en in de tijd krachtig geroepen worden; Rom. 8:30.

Romeinen 11 vers 6

door genade is, Namelijk dat dezen tot de zaligheid uitverkoren en krachtiglijk geroepen zijn.

Hertaald: door genade is, Namelijk dat dezen tot de zaligheid uitverkoren en krachtig geroepen zijn.

zo is het niet meer Of, zo is het gewisselijk niet.

Hertaald: zo is het niet meer Of: dan is het zeker niet.

uit de werken; Dat is, uit de verdiensten of waardigheid hunner werken.

Hertaald: uit de werken; Dat is: uit de verdiensten of de waardigheid van hun werken.

anderszins is de genade Namelijk zo het ware uit de werken alleen, of uit de genade en werken tezamen.

Hertaald: anderszins is de genade Namelijk als het uit de werken alleen zou zijn, of uit de genade en de werken samen.

geen genade meer; en Namelijk overmits genade alle schuld, verdienste of waardigheid uitsluit, en daarmede niet kan bestaan; want genade is geen genade enigszins zo zij niet is genade alleszins; Rom. 4:4 .

Hertaald: geen genade meer; en Namelijk omdat genade alle schuld, verdienste of waardigheid uitsluit en daarmee niet samen kan gaan. Want genade is in geen enkel opzicht genade als zij niet in alle opzichten genade is; Rom. 4:4.

geen genade meer; anderszins Namelijk maar een verdiend loon. Dat is, zo is hunne verkiezing en roeping niet uit genade geschied.

Hertaald: geen genade meer; anderszins Namelijk maar een verdiend loon. Dat is: dan is hun verkiezing en roeping niet uit genade gebeurd.

geen werk meer Dat is, geen verdienend werk.

Hertaald: geen werk meer Dat is: geen verdienend werk.

Romeinen 11 vers 7

Wat dan? Namelijk zullen wij zeggen? gelijk Rom. 6:1 , en Rom. 7:7 , en Rom. 8:31 . Dit is ene tegenwerping van iemand, die meent ongerijmd te zijn dat de Joden de gerechtigheid niet zouden verkrijgen, daar zij zozeer naar dezelve trachten.

Hertaald: Wat dan? Namelijk zullen wij zeggen, zoals Rom. 6:1, Rom. 7:7 en Rom. 8:31. Dit is een tegenwerping van iemand die het ongerijmd vindt dat de Joden de gerechtigheid niet zouden verkrijgen, terwijl zij daar zo naar streven.

Hetgeen Namelijk dit zullen wij zeggen.

Hertaald: Hetgeen Namelijk dit zullen wij zeggen.

Israël Dat is, de Israëlieten, dat is, de meeste hoop derzelve, die naar het vlees alleen Israëlieten zijn; Rom. 9:31 ; 2 Kor. 11:22 .

Hertaald: Israël Dat is: de Israëlieten, en wel het grootste deel van hen, die alleen naar het vlees Israëlieten zijn; Rom. 9:31; 2 Kor. 11:22.

zoekt, Dat is, dat hij tracht te verkrijgen door zijne werken, namelijk de gerechtigheid voor God en het eeuwige leven.

Hertaald: zoekt, Dat is: wat hij door zijn werken probeert te verkrijgen, namelijk de gerechtigheid voor God en het eeuwige leven.

de uitverkorenen Grieks, de verkiezing heeft het verkregen; dat is, al de uitverkorenen onder de Israëlieten, ten aanzien en omdat zij uit genade zijn uitverkoren.

Hertaald: de uitverkorenen Grieks: de verkiezing heeft het verkregen; dat is: alle uitverkorenen onder de Israëlieten, met het oog erop en omdat zij uit genade uitverkoren zijn.

de anderen Namelijk die niet verkoren en krachtig geroepen zijn.

Hertaald: de anderen Namelijk zij die niet verkoren en krachtig geroepen zijn.

verhard geworden Grieks, vereeld. Zie Marc. 3:5 .

Hertaald: verhard geworden Grieks: vereelt. Zie Mark. 3:5.

Romeinen 11 vers 8

geest Dat is, gemoed.

Hertaald: geest Dat is: gemoed.

des diepen slaaps; Of, een knagenden, prikkelenden geest, gelijk het Griekse woord ook betekent. Doch het eerste komt met het Hebreeuwse woord Jes. 29:10 beter overeen.

Hertaald: des diepen slaaps; Of: een knagende, prikkelende geest, zoals het Griekse woord ook kan betekenen. Maar het eerste komt beter overeen met het Hebreeuwse woord in Jes. 29:10.

ogen om niet te zien, Dat is, die onbekwaam zijn om te zien.

Hertaald: ogen om niet te zien, Dat is: ogen die niet in staat zijn te zien.

tot op den huidigen dag Deze woorden moeten gevoegd worden met het woord verhard, vs.7. Zie ook 2 Kor. 3:15 .

Hertaald: tot op den huidigen dag Deze woorden moeten verbonden worden met het woord verhard in vers 7. Zie ook 2 Kor. 3:15.

Romeinen 11 vers 9

David zegt Namelijk als een voorbeeld van Christus en van Christus profeterende.

Hertaald: David zegt Namelijk als een voorafbeelding van Christus, en profeterend over Christus.

tafel worde Dat is, al hun vermaak.

Hertaald: tafel worde Dat is: al hun genot.

tot een strik, Dat is, tot hun verderf; gelijk ook een val, waar wilde beesten mede gevangen worden, en een aanstoot, hetzelfde betekenen bij gelijkenis.

Hertaald: tot een strik, Dat is: tot hun verderf; zoals ook een val, waarmee wilde dieren gevangen worden, en een aanstoot bij wijze van vergelijking hetzelfde betekenen.

tot een vergelding voor hen Dat is, tot hetgeen hun vergolden zal worden, hetwelk is het eeuwig verderf.

Hertaald: tot een vergelding voor hen Dat is: tot datgene wat hun vergolden zal worden, namelijk het eeuwige verderf.

Romeinen 11 vers 10

verkrom hun rug allen tijd Hebreeuws, doet hunne leden waggelen; dat is, dat hunne conscientiën mogen beven en benauwd zijn; of beneemt hun hunne kracht.

Hertaald: verkrom hun rug allen tijd Hebreeuws: doe hun leden wankelen; dat is: laat hun geweten beven en benauwd zijn. Of: ontneem hun de kracht.

Romeinen 11 vers 11

Zo zeg ik dan Of, zij dan, zeg ik, hebben zij, enz.

Hertaald: Zo zeg ik dan Of: zij dan, zeg ik, hebben zij, enzovoort.

vallen zouden? Namelijk in ongeloof, met het verwerpen van het Evangelie zonder hoop van bekering. Of, vervallen, verloren gaan, gelijk Openb. 18:2 .

Hertaald: vallen zouden? Namelijk in ongeloof, door het Evangelie te verwerpen zonder hoop op bekering. Of: vervallen, verloren gaan, zoals Openb. 18:2.

val is Dat is de verwerping des Evangelies van het merendeel onder hen.

Hertaald: val is Dat is: de verwerping van het Evangelie door het grootste deel van hen.

de zaligheid Dat is, ene gelegenheid geweest, dat den heidenen het Evangelie is gepredikt, en dat zij daardoor tot de zaligheid geroepen en gebracht zijn.

Hertaald: de zaligheid Dat is: een gelegenheid geweest waarbij het Evangelie aan de heidenen gepredikt is en zij daardoor tot de zaligheid geroepen en gebracht zijn.

om hen Namelijk de Joden, die het Evangelie niet aannemen.

Hertaald: om hen Namelijk de Joden, die het Evangelie niet aannemen.

tot jaloersheid te verwekken Dat is, door het voorbeeld der gelovige heidenen mogen opgewekt worden, om hetzelve navolgende, het Evangelie mede aan te nemen en zich tot Christus te bekeren, en daardoor de zaligheid mede te verkrijgen. Want jaloersheid is ook ene beweging des gemoeds, waardoor iemand een ander enig goed ziende hebben, dat hij niet heeft, met een ijver en lust wordt ontstoken om naar hetzelfde goed mede te trachten en dat te verkrijgen.

Hertaald: tot jaloersheid te verwekken Dat is: dat zij door het voorbeeld van de gelovige heidenen opgewekt zouden worden om dat na te volgen, het Evangelie eveneens aan te nemen, zich tot Christus te bekeren en zo ook de zaligheid te verkrijgen. Want jaloersheid is ook een beweging van het gemoed waardoor iemand, wanneer hij ziet dat een ander een goed bezit dat hij zelf niet heeft, met ijver en begeerte ontstoken wordt om ook naar datzelfde goed te streven en het te verkrijgen.

Romeinen 11 vers 12

hun val Dat is, der Joden ongelovigheid en verwerping van het Evangelie. Zie vs.11.

Hertaald: hun val Dat is: de ongelovigheid van de Joden en hun verwerping van het Evangelie. Zie vers 11.

de rijkdom is Dat is tot een rijke en overvloedige kennis van Christus en van het Evangelie gelegenheid gegeven heeft.

Hertaald: de rijkdom is Dat is: aanleiding gegeven heeft tot een rijke en overvloedige kennis van Christus en van het Evangelie.

der wereld, Dat is, der heidenen door de ganse wereld verstrooid, gelijk daarna verklaard wordt.

Hertaald: der wereld, Dat is: van de heidenen, die over de hele wereld verspreid zijn, zoals daarna verklaard wordt.

hun vermindering Dat is, dat zo weinigen onder hen het Evangelie hebben aangenomen, gelegenheid is geweest, dat hetzelve zo rijkelijk aan de heidenen is bediend geworden.

Hertaald: hun vermindering Dat is: dat zo weinigen onder hen het Evangelie aangenomen hebben, is aanleiding geweest dat het zo rijkelijk aan de heidenen bediend is.

hun volheid Dat is, wanneer de Joden met grote hopen en menigte het Evangelie zullen aannemen, namelijk zal hetzelve wezen de rijkdom der heidenen.

Hertaald: hun volheid Dat is: wanneer de Joden bij grote menigten het Evangelie zullen aannemen, zal dat de rijkdom van de heidenen zijn.

Romeinen 11 vers 13

Want ik spreek tot u, Hij spreekt nu dat deel der gemeente van Rome aan, dat uit de heidenen geroepen was.

Hertaald: Want ik spreek tot u, Hij spreekt nu dat deel van de gemeente van Rome aan dat uit de heidenen geroepen was.

voor zoveel ik Of, overmits; en daarom mijn dienst en vermaning bij de heidenen veel behoort te gelden.

Hertaald: voor zoveel ik Of: aangezien; en daarom behoren mijn dienst en mijn vermaning bij de heidenen veel gewicht te hebben.

der heidenen apostel ben; Namelijk voornamelijk; anderszins was hij ook gesteld om de Joden mede het Evangelie te verkondigen, gelijk hij ook gedaan heeft en hier nog doet.

Hertaald: der heidenen apostel ben; Namelijk in de eerste plaats; overigens was hij ook aangesteld om ook aan de Joden het Evangelie te verkondigen, zoals hij ook gedaan heeft en hier nog doet.

mijn bediening Namelijk des apostelschaps.

Hertaald: mijn bediening Namelijk van het apostelschap.

heerlijk; Grieks, verheerlijke; dat is, versiere die met dezelve te bedienen in alle naarstigheid en getrouwheid om vele heidenen tot Christus te bekeren; hetwelk een eer en sieraad is voor mijn dienst; Fil. 4:1 ; 1 Thess. 2:19 .

Hertaald: heerlijk; Grieks: verheerlijke; dat is: ik versier hem door hem met alle nauwgezetheid en trouw te bedienen, om veel heidenen tot Christus te bekeren. Dat is een eer en een sieraad voor mijn dienst; Filipp. 4:1; 1 Thess. 2:19.

Romeinen 11 vers 14

mijn vlees Dat is, mijne bloedverwanten, de Joden. Zie Gen. 29:14 ; Jes. 58:7 ; Rom. 9:3 .

Hertaald: mijn vlees Dat is: mijn bloedverwanten, de Joden. Zie Gen. 29:14; Jes. 58:7; Rom. 9:3.

jaloersheid verwekken, Zie de aantekeningen vs.11.

Hertaald: jaloersheid verwekken, Zie de aantekeningen bij vers 11.

enigen Namelijk weinigen; alzo hij wist dat de tijd nog niet was gekomen, dat zij met grote menigte zouden bekeerd worden.

Hertaald: enigen Namelijk weinigen; want hij wist dat de tijd nog niet gekomen was waarop zij bij grote menigten bekeerd zouden worden.

uit hen Namelijk de Joden, die mijn vlees zijn.

Hertaald: uit hen Namelijk de Joden, die mijn vlees zijn.

behouden mocht Namelijk hen brengende door mijn dienst tot het geloof in Christus, door wien de zaligheid alleen verkregen wordt. Zie 1 Kor. 3:5 , en 1 Tim. 4:16 .

Hertaald: behouden mocht Namelijk door hen door mijn dienst te brengen tot het geloof in Christus, door Wie de zaligheid alleen verkregen wordt. Zie 1 Kor. 3:5 en 1 Tim. 4:16.

Romeinen 11 vers 15

hun Dat is, van het merendeel van hen.

Hertaald: hun Dat is: van het grootste deel van hen.

verwerping Of, verwerping, verstoting; namelijk, om de verachting en verwerping des Evangelies.

Hertaald: verwerping Of: verwerping, verstoting; namelijk vanwege hun verachting en verwerping van het Evangelie.

de verzoening Dat is, gelegenheid is geweest dat den heidenen het Evangelie, hetwelk de bediening is der verzoening, 2 Kor. 5:18 , is verkondigd geweest; Hand. 13:46 .

Hertaald: de verzoening Dat is: aanleiding geweest is dat aan de heidenen het Evangelie verkondigd is, dat de bediening van de verzoening is, 2 Kor. 5:18; Hand. 13:46.

der wereld, Dat is, der heidenen, die verre het merendeel der wereld bewonen, en door de ganse wereld verstrooid zijn.

Hertaald: der wereld, Dat is: van de heidenen, die verreweg het grootste deel van de wereld bewonen en over de hele wereld verspreid zijn.

de aanneming wezen, Namelijk tot de gemeente van Christus, wanneer de Joden met grote menigte zich tot Christus zullen bekeren.

Hertaald: de aanneming wezen, Namelijk in de gemeente van Christus, wanneer de Joden zich bij grote menigten tot Christus zullen bekeren.

het leven uit de doden? Dit is een algemeen spreekwoord, waarmede te kennen gegeven wordt ene zeer grote verandering ten beste, alsof iemand dood zijnde wederom levend werd. Hetwelk geschiedt door de predikatie des Evangelies, waardoor degenen die dood waren, Ef. 2:1 , levend gemaakt worden; Joh. 6:68 ; Fil. 2:16 .

Hertaald: het leven uit de doden? Dit is een gangbaar spreekwoord waarmee een zeer grote verandering ten goede aangeduid wordt, alsof iemand die dood was weer levend werd. Dat gebeurt door de prediking van het Evangelie, waardoor zij die dood waren, Ef. 2:1, levend gemaakt worden; Joh. 6:68; Filipp. 2:16.

Romeinen 11 vers 16

de eerstelingen Dat is, Abraham en de patriarchen van wie de Joden afkomstig waren. De apostel neemt hier ene gelijkenis van de eerste broden, die naar de wet opgeofferd werden, tot heiliging der andere vruchten; Lev. 23:14 , Lev. 23:17 ; Num. 15:20 .

Hertaald: de eerstelingen Dat is: Abraham en de aartsvaders, van wie de Joden afstamden. De apostel ontleent hier een vergelijking aan de eerste broden die volgens de wet geofferd werden tot heiliging van de overige vruchten; Lev. 23:14, Lev. 23:17; Num. 15:20.

heilig zijn, Dat is, tot het verbond behoren; 1 Kor. 7:14 .

Hertaald: heilig zijn, Dat is: tot het verbond behoren; 1 Kor. 7:14.

het deeg heilig, Dat is, de nakomelingen, die van hen afkomstig zijn, alzo God het verbond gemaakt heeft niet alleen met hen, maar ook men hun zaad; Gen. 17:7 .

Hertaald: het deeg heilig, Dat is: de nakomelingen die van hen afstammen, aangezien God het verbond niet alleen met hen gemaakt heeft maar ook met hun zaad; Gen. 17:7.

de wortel heilig is, Dit is een andere gelijkenis, genomen van de bomen, om hetzelfde te verklaren; en worden daardoor ook de patriarchen verstaan, uit wie de Joden gesproten zijn.

Hertaald: de wortel heilig is, Dit is een tweede vergelijking, ontleend aan de bomen, om hetzelfde te verklaren. Ook daarmee worden de aartsvaders bedoeld, uit wie de Joden voortgekomen zijn.

de takken heilig Dat is, de Joden, die als takken van dezen wortel zijn gesproten.

Hertaald: de takken heilig Dat is: de Joden, die als takken uit deze wortel voortgekomen zijn.

Romeinen 11 vers 17

enige der takken Dat is, enige ongelovige Joden. Van hier af vermaant de apostel de geroepen heidenen dat zij zich niet moeten beroemen tegen de verstoten Joden; maar toezien dat zij door hun voorbeeld mogen gewaarschuwd worden, om zich te wachten dat zij niet mede tot ongeloof vervallen, opdat hun hetzelfde ook niet overkome.

Hertaald: enige der takken Dat is: enkele ongelovige Joden. Vanaf hier vermaant de apostel de geroepen heidenen dat zij zich niet moeten beroemen tegenover de verstoten Joden, maar moeten toezien dat zij zich door hun voorbeeld laten waarschuwen om zich ervoor te hoeden dat ook zij tot ongeloof vervallen, opdat hun niet hetzelfde overkomt.

afgebroken zijn, Namelijk van den wortel en stam; dat is, verstoten zijn van het verbond.

Hertaald: afgebroken zijn, Namelijk van de wortel en de stam; dat is: verstoten zijn uit het verbond.

gij, Namelijk geroepen heidenen. De apostel spreekt hier aan het gehele lichaam der geroepen heidenen, niet deze of gene in het bijzonder.

Hertaald: gij, Namelijk geroepen heidenen. De apostel spreekt hier het hele lichaam van de geroepen heidenen aan, niet deze of gene in het bijzonder.

een wilde olijfboom zijnde, Dat is, een spruit of ent, van een wilden olijfboom genomen, dat is, uit de heidenen, die een ongelovig volk waren.

Hertaald: een wilde olijfboom zijnde, Dat is: een spruit of ent die van een wilde olijfboom genomen is, dat is: uit de heidenen, die een ongelovig volk waren.

in derzelver plaats Dat is, in plaats der afgebroken takken, welke zijn de ongelovige Joden. Grieks, in dezelve.

Hertaald: in derzelver plaats Dat is: in de plaats van de afgebroken takken, dat zijn de ongelovige Joden. Grieks: in hen.

zijt ingeënt, Dat is, in de gemeente Gods ingelijfd.

Hertaald: zijt ingeënt, Dat is: in de gemeente van God ingelijfd.

des wortels en der vettigheid Dat is, van het sap, hetwelk uit den wortel voortkomt en zich verspreidt in de takken; welke hier ook vettigheid genaamd wordt. En worden daardoor verstaan de voordelen en beloften den Joden van God gedaan.

Hertaald: des wortels en der vettigheid Dat is: van het sap dat uit de wortel voortkomt en zich door de takken verspreidt, dat hier ook vettigheid genoemd wordt. Daarmee worden de voorrechten en beloften bedoeld die God aan de Joden gedaan heeft.

des olijfbooms mede deelachtig zijt geworden, Dat is, der Israëlietische gemeente.

Hertaald: des olijfbooms mede deelachtig zijt geworden, Dat is: van de Israëlitische gemeente.

Romeinen 11 vers 18

de takken; Dat is, de Joden, die om hun ongeloof nu afgebroken zijn, alsof gij van nature deze genade waardiger waart.

Hertaald: de takken; Dat is: de Joden, die om hun ongeloof nu afgebroken zijn, alsof u van nature deze genade meer waard was.

gij draagt den wortel niet, Namelijk zo zal u dit geantwoord worden, dat gij gene oorzaak hebt te roemen tegen hen, overmits gij een ent zijt, die den wortel niet draagt, maar van denzelven gedragen wordt.

Hertaald: gij draagt den wortel niet, Namelijk dan zal u dit geantwoord worden: dat u geen reden hebt om tegen hen te roemen, aangezien u een ent bent die de wortel niet draagt maar juist door de wortel gedragen wordt.

Romeinen 11 vers 19

Gij zult dan zeggen Dit is, dit zult gij dan gedenken en zeggen, waarom gij tegen hen zoudt mogen roemen.

Hertaald: Gij zult dan zeggen Dat is: dit zult u dan bedenken en zeggen als reden waarom u tegen hen zou mogen roemen.

Romeinen 11 vers 20

Het is wel; Dat is, het is alzo, dit antwoordt de apostel.

Hertaald: Het is wel; Dat is: het is zo. Dat antwoordt de apostel.

zij zijn door ongeloof afgebroken, Dat is, doch dit moet gij daarbij weten en gedenken dat zij afgebroken zijn door hunne ongelovigheid, waartoe gij ook van nature zijt genegen, en mede zoudt kunnen vervallen, zo gij hun voorbeeld zoudt navolgen.

Hertaald: zij zijn door ongeloof afgebroken, Dat is: maar dit moet u erbij weten en bedenken, dat zij afgebroken zijn door hun ongelovigheid — waartoe ook u van nature geneigd bent en waarin ook u zou kunnen vervallen als u hun voorbeeld zou volgen.

gij staat door het geloof Dat is, zijt ingeënt en tot nog toe staande gebleven.

Hertaald: gij staat door het geloof Dat is: u bent ingeënt en tot nu toe staande gebleven.

Zijt niet hooggevoelende, Namelijk òf van enige uwe waardigheid, waarom gij zoudt ingeëent zijn, òf van uwe krachten bij uzelven, om staande te blijven.

Hertaald: Zijt niet hooggevoelende, Namelijk óf van enige waardigheid van uzelf waarom u ingeënt zou zijn, óf van uw eigen krachten om staande te blijven.

vrees Namelijk dat gij niet mede in ongeloof valt en daardoor ook afgehouwen wordt. Deze vrees is een heilige zorgvuldigheid om in het geloof te volharden, die met de verzekering der zaligheid wel kan bestaan; Fil. 2:12 .

Hertaald: vrees Namelijk dat ook u niet in ongeloof valt en daardoor eveneens afgehouwen wordt. Deze vrees is een heilige zorgvuldigheid om in het geloof te volharden, die heel goed samen kan gaan met de verzekering van de zaligheid; Filipp. 2:12.

Romeinen 11 vers 21

de natuurlijke takken Grieks, die naar de natuur zijn; dat is, de Joden, die natuurlijkerwijze afkomstig zijn van de heilige vaders, met wie en hun zaad God Zijn verbond heeft opgericht, Gen. 17:7 , en die in de Joodse gemeente geboren zijn.

Hertaald: de natuurlijke takken Grieks: die naar de natuur zijn; dat is: de Joden, die langs natuurlijke weg afstammen van de heilige vaderen met wie en met wier zaad God Zijn verbond opgericht heeft, Gen. 17:7, en die in de Joodse gemeente geboren zijn.

gespaard heeft, Namelijk maar uit Zijne gemeente en verbond verstoten.

Hertaald: gespaard heeft, Namelijk maar hen uit Zijn gemeente en verbond verstoten heeft.

u niet spare Namelijk die een wilden olijfbom genomen zijde, als een vreemde tak ingeënt zijt, dat Hij u ook om dezelfde oorzaak niet verstote.

Hertaald: u niet spare Namelijk u, die als een tak van een wilde olijfboom genomen bent en als een vreemde tak ingeënt bent — dat Hij ook u om dezelfde oorzaak niet verstoot.

Romeinen 11 vers 22

Zie dan Dat is, let dan wel in deze zaak op beide deze eigenschappen Gods, die zich daarin vertonen.

Hertaald: Zie dan Dat is: let dan in deze zaak goed op beide eigenschappen van God die zich daarin vertonen.

de goedertierenheid Of, goedaardigheid; dat is genade, barmhartigheid.

Hertaald: de goedertierenheid Of: goedaardigheid; dat is: genade, barmhartigheid.

de strengheid van God; Grieks, afsnijding, of afgesnedenheid, preciesheid, gelijk degenen, die straf zijn, hunne woorden kort afsnijden; dat is, strenge rechtvaardigheid.

Hertaald: de strengheid van God; Grieks: afsnijding of afgesnedenheid, kortheid — zoals mensen die streng zijn hun woorden kort afsnijden; dat is: strenge rechtvaardigheid.

over degenen, Dat is, over de Joden, die in ongeloof zijn gevallen, en daarom van God rechtvaardig zijn verstoten, namelijk om door hun voorbeeld vermaand en gewaarschuwd te worden, u te wachten dat gij niet mede tot ongeloof vervalt, en alzo ook met hen niet rechtvaardig verstoten wordt.

Hertaald: over degenen, Dat is: over de Joden, die in ongeloof gevallen zijn en daarom door God rechtvaardig verstoten zijn. Dat gebeurt opdat u door hun voorbeeld vermaand en gewaarschuwd wordt, om u ervoor te hoeden dat ook u tot ongeloof vervalt en zo met hen rechtvaardig verstoten wordt.

over u, Namelijk die uit de heidenen genadig geroepen zijt, zonder enige uwer waardigheid of verdienste; om daardoor vermaand te worden, dat gij tegen de Joden niet behoort te roemen.

Hertaald: over u, Namelijk u die uit de heidenen genadig geroepen bent, zonder enige waardigheid of verdienste van uzelf — om daardoor vermaand te worden dat u niet tegen de Joden behoort te roemen.

indien gij in de goedertierenheid blijft; Dat is, in den stand der genade en des geloofs, waarin gij door de genade en goedertierenheid Gods gesteld zijt. Zie dergelijke wijze van spreken vs.31.

Hertaald: indien gij in de goedertierenheid blijft; Dat is: in de staat van de genade en het geloof waarin u door de genade en goedertierenheid van God gesteld bent. Zie een soortgelijke manier van spreken in vers 31.

gij De apostel spreekt hier ook van het gehele lichaam der geroepen heidenen, gelijk vs.17.

Hertaald: gij De apostel spreekt hier eveneens over het hele lichaam van de geroepen heidenen, zoals in vers 17.

afgehouwen worden Namelijk als onnutte takken; Joh. 15:2 , Joh. 15:6 . Dat is, verstoten worden.

Hertaald: afgehouwen worden Namelijk als onnutte takken; Joh. 15:2, Joh. 15:6. Dat is: verstoten worden.

Romeinen 11 vers 23

zij, indien zij Namelijk de Joden, of het Joodse volk.

Hertaald: zij, indien zij Namelijk de Joden, of het Joodse volk.

ingeënt worden; Dat is, wedergebracht worden tot de gemeente Gods.

Hertaald: ingeënt worden; Dat is: teruggebracht worden tot de gemeente van God.

weder in te enten Dat is, hun verstokt hart te veranderen, hen met het geloof te begaven, en daardoor wederom als in de enten.

Hertaald: weder in te enten Dat is: hun verstokte hart te veranderen, hun het geloof te schenken en hen daardoor als het ware weer in te enten.

Romeinen 11 vers 24

gij Namelijk geroepen heidenen.

Hertaald: gij Namelijk geroepen heidenen.

afgehouwen zijt uit den olijfboom, Namelijk niet om weggeworpen, maar om ingeënt te worden.

Hertaald: afgehouwen zijt uit den olijfboom, Namelijk niet om weggeworpen, maar om ingeënt te worden.

die van nature wild was, Dat is, uit de heidenen, die van nature vreemd waren van de Testamenen der beloften; Ef. 2:12 .

Hertaald: die van nature wild was, Dat is: uit de heidenen, die van nature vreemd waren aan de verbonden van de belofte; Ef. 2:12.

tegen nature in den goeden olijfboom ingeënt; Namelijk van uwe afkomst, overmits gij een wilde olijfboom waart, en door een zonderlinge genade Gods in den rechten of tammen olijfboom zijt ingeënt.

Hertaald: tegen nature in den goeden olijfboom ingeënt; Namelijk tegen uw afkomst in, aangezien u een wilde olijfboom was en door een bijzondere genade van God in de echte of tamme olijfboom ingeënt bent.

deze, die natuurlijke takken zijn, Namelijk Joden, die van de vaderen, met wie God Zijn verbond gemaakt heeft, afkomstig zijn.

Hertaald: deze, die natuurlijke takken zijn, Namelijk de Joden, die afstammen van de vaderen met wie God Zijn verbond gemaakt heeft.

hun eigen olijfboom geënt worden? Namelijk waar zij van afgehouwen waren.

Hertaald: hun eigen olijfboom geënt worden? Namelijk de olijfboom waarvan zij afgehouwen waren.

Romeinen 11 vers 25

deze verborgenheid onbekend zij Dat is, deze zaak, die tot nog toe weinig bekend is geweest.

Hertaald: deze verborgenheid onbekend zij Dat is: deze zaak, die tot nu toe weinig bekend geweest is.

wijs zijt, Dat is, laatdunkend of hoogmoedig in uwe ogen; Spr. 3:7 ; Rom. 12:16 .

Hertaald: wijs zijt, Dat is: laatdunkend of hoogmoedig in eigen ogen; Spr. 3:7; Rom. 12:16.

de verharding Dat is, de ongehoorzaamheid, gelijk vs.30, 32; zie vs.7.

Hertaald: de verharding Dat is: de ongehoorzaamheid, zoals vers 30 en 32; zie vers 7.

voor een deel Dat is, niet van alle Joden, maar van enigen, hoewel zeer velen. Want daar is nog altijd enig overblijfsel behouden geweest, en daarna zullen zij zich met grote menigte bekeren.

Hertaald: voor een deel Dat is: niet van alle Joden, maar van sommigen — hoewel van zeer velen. Want er is altijd nog een overblijfsel behouden gebleven, en daarna zullen zij zich bij grote menigten bekeren.

Israël gekomen is, Dat is, het Israëlietische volk, de Joden.

Hertaald: Israël gekomen is, Dat is: het Israëlitische volk, de Joden.

de volheid der heidenen Dat is, het volle getal, of de menigte der heidenen, en gelijk als het lichaam derzelve. Zie dergelijk vs.12.

Hertaald: de volheid der heidenen Dat is: het volle getal of de menigte van de heidenen, als het ware hun hele lichaam. Zie iets dergelijks in vers 12.

ingegaan zijn Namelijk door belijdenis des Christelijken geloofs in de gemeente Gods.

Hertaald: ingegaan zijn Namelijk door de belijdenis van het christelijke geloof in de gemeente van God.

Romeinen 11 vers 26

alzo zal Dat is, alsdan, namelijk als de volheid der heidenen zal ingegaan zijn.

Hertaald: alzo zal Dat is: dan, namelijk wanneer de volheid van de heidenen ingegaan zal zijn.

geheel Israël Dat is, niet enige weinigen, maar ene zeer grote menigte, en gelijk als de ganse Joodse natie.

Hertaald: geheel Israël Dat is: niet enkele weinigen, maar een zeer grote menigte, als het ware de hele Joodse natie.

zalig worden; Namelijk door de predikatie des Evangelies krachtig geroepen, en door het geloof gerechtvaardigd zijnde.

Hertaald: zalig worden; Namelijk doordat zij door de prediking van het Evangelie krachtig geroepen en door het geloof gerechtvaardigd zijn.

De Verlosser zal uit Sion komen Grieks, die uittrekt; namelijk iemand uit enige zwarigheid. Hebreeuws, Goël. Waardoor de Messias verstaan wordt, die, als een naaste bloedverwant der Joden, hen uit het verderf zal trekken en verlossen.

Hertaald: De Verlosser zal uit Sion komen Grieks: Die uittrekt; namelijk iemand uit enige moeilijkheid. Hebreeuws: Goël. Daarmee wordt de Messias bedoeld, Die als naaste bloedverwant van de Joden hen uit het verderf zal trekken en verlossen.

de goddeloosheden Namelijk hen door den Geest der wedergeboorte van dezelve bekerende, en hen die vergevende.

Hertaald: de goddeloosheden Namelijk doordat Hij hen door de Geest van de wedergeboorte daarvan bekeert en hun die vergeeft.

van Jakob Dat is, van de Joden, die Jakobs nakomelingen zijn.

Hertaald: van Jakob Dat is: van de Joden, die de nakomelingen van Jakob zijn.

Romeinen 11 vers 27

hun een verbond van Mij, Namelijk den Joden, die derhalve, alzo dit verbond onveranderlijk en vast is, nog bekeerd zullen worden tot het geloof, opdat hunne zonden daardoor mogen vergeven en weggenomen worden.

Hertaald: hun een verbond van Mij, Namelijk met de Joden. Aangezien dit verbond onveranderlijk en vast is, zullen zij dus nog tot het geloof bekeerd worden, opdat hun zonden daardoor vergeven en weggenomen worden.

Romeinen 11 vers 28

Zo zijn zij wel Dit is een antwoord op ene tegenwerping, dat het niet wel gelofelijk was dat de Joden wederom zouden aangenomen worden, overmits zij door het verwerpen des Evangelies van God gehaat waren. De apostel bekent dat zij wel daarom gehaat waren, maar dat zij ook evenwel om een andere reden bemind waren, namelijk omdat zij afkomstig zijn van de vaderen, die God verkoren had tot Zijn volk.

Hertaald: Zo zijn zij wel Dit is een antwoord op een tegenwerping, namelijk dat het niet erg aannemelijk was dat de Joden weer aangenomen zouden worden, aangezien zij door het verwerpen van het Evangelie door God gehaat werden. De apostel erkent dat zij daarom inderdaad gehaat waren, maar dat zij toch om een andere reden bemind waren: namelijk omdat zij afstammen van de vaderen die God tot Zijn volk verkoren had.

vijanden Dat is, van God gehaat.

Hertaald: vijanden Dat is: door God gehaat.

aangaande het Evangelie, Dat is, omdat zij nu tegenwoordig het Evangelie verwerpen en bestrijden.

Hertaald: aangaande het Evangelie, Dat is: omdat zij nu het Evangelie verwerpen en bestrijden.

om uwentwil, Dat is, omdat zij u vanwege de belijdenis des Evangelies haten en vervolgen, of opdat gij, heidenen, in hunne plaats zoudt geroepen en ingeënt worden.

Hertaald: om uwentwil, Dat is: omdat zij u vanwege de belijdenis van het Evangelie haten en vervolgen; of: opdat u, heidenen, in hun plaats geroepen en ingeënt zou worden.

aangaande de verkiezing Dat is, dewijl God deze natie uit alle andere tot Zijn volk uitverkoren heeft, en nog onder haar Zijne uitverkorenen heeft.

Hertaald: aangaande de verkiezing Dat is: aangezien God deze natie uit alle andere tot Zijn volk uitverkoren heeft en nog steeds Zijn uitverkorenen onder haar heeft.

beminden, Namelijk van God, dat is Gode aangenaam.

Hertaald: beminden, Namelijk door God, dat is: God aangenaam.

om der vaderen wil; Dat is om het verbond, dat God met Abraham en zijne nakomelingen en de andere patriarchen, van wie de Joden afkomstig zijn, gemaakt heeft; Gen. 17:7 .

Hertaald: om der vaderen wil; Dat is: vanwege het verbond dat God gemaakt heeft met Abraham en zijn nakomelingen en met de andere aartsvaders, van wie de Joden afstammen; Gen. 17:7.

Romeinen 11 vers 29

onberouwelijk Dat is, zodanig, dat God van dezelve geen berouw krijgt, dat is, onveranderlijk is; want bij de mensen ontstaat veranderen van voornemen daaruit, dat het hun berouwt zulk een voornemen genomen te hebben; 1 Sam. 15:29 ; 2 Kor. 7:10 .

Hertaald: onberouwelijk Dat is: zodanig dat God daarvan geen berouw krijgt, dat is: onveranderlijk. Want bij de mensen ontstaat verandering van voornemen doordat het hun berouwt zo'n voornemen opgevat te hebben; 1 Sam. 15:29; 2 Kor. 7:10.

Romeinen 11 vers 30

gijlieden Namelijk geroepenen uit de heidenen.

Hertaald: gijlieden Namelijk u die uit de heidenen geroepen bent.

eertijds Gode Namelijk eer Christus gekomen en u gepredikt is geweest.

Hertaald: eertijds Gode Namelijk voordat Christus gekomen en aan u gepredikt was.

ongehoorzaam geweest zijt, Namelijk niet gelovende Zijn woord en niet houdende Zijne geboden.

Hertaald: ongehoorzaam geweest zijt, Namelijk doordat u Zijn Woord niet geloofde en Zijn geboden niet hield.

barmhartigheid verkregen hebt Dat is, uit enkele barmhartigheid Gods, door de predikatie des Evangelies, tot het geloof geroepen zijt.

Hertaald: barmhartigheid verkregen hebt Dat is: doordat u uit louter barmhartigheid van God door de prediking van het Evangelie tot het geloof geroepen bent.

door dezer ongehoorzaamheid Dat is, bij gelegenheid dat de Joden het Evangelie ongehoorzaam zijn geweest, heeft God het Evangelie tot u laten komen, vs.11. Ongehoorzaamheid is meer dan ongelovigheid, want het betekent ene hardnekkigheid van niet te willen geloven.

Hertaald: door dezer ongehoorzaamheid Dat is: bij gelegenheid dat de Joden het Evangelie ongehoorzaam geweest zijn, heeft God het Evangelie tot u laten komen, vers 11. Ongehoorzaamheid is meer dan ongelovigheid, want het duidt een hardnekkig niet willen geloven aan.

Romeinen 11 vers 31

nu ongehoorzaam geweest, Namelijk nadat Christus gekomen en u gepredikt is.

Hertaald: nu ongehoorzaam geweest, Namelijk nadat Christus gekomen en aan u gepredikt is.

door uw barmhartigheid zouden Namelijk die u geschied is, dat is, door de krachtige roeping en het geloof, hetwelk God u, heidenen, uit enkel barmhartigheid en genade gegeven heeft.

Hertaald: door uw barmhartigheid zouden Namelijk de barmhartigheid die u bewezen is, dat is: door de krachtige roeping en het geloof dat God u, heidenen, uit louter barmhartigheid en genade gegeven heeft.

barmhartigheid verkrijgen Namelijk aanmerkende de barmhartigheid, die den heidenen geschied is, en hun geloof, door dezelfde genade zouden opgewekt worden, om hun voorbeeld te volgen, en alzo mede derzelver barmhartigheid Gods deelachtig te worden.

Hertaald: barmhartigheid verkrijgen Namelijk dat zij, wanneer zij letten op de barmhartigheid die de heidenen bewezen is en op hun geloof, door diezelfde genade opgewekt zouden worden om hun voorbeeld te volgen en zo ook zelf deel te krijgen aan Gods barmhartigheid.

Romeinen 11 vers 32

allen onder de ongehoorzaamheid Namelijk zo Joden als heidenen.

Hertaald: allen onder de ongehoorzaamheid Namelijk zowel Joden als heidenen.

besloten, Of, gelijk als tezamen gebonden.

Hertaald: besloten, Of: als het ware samengebonden.

allen zou barmhartig zijn Dat is, opdat allen, zo Joden als heidenen, zalig gemaakt zouden worden alleen uit Gods barmhartigheid en genade, en niet uit hunne verdiensten. Zodat het woord allen niet verstaan wordt van een ieder mens in het bijzonder, want dat geschiedt niet; maar van allen, die uit de Joden of heidenen zalig worden; namelijk dat niemand hunner zalig wordt dan uit barmhartigheid. Zie Joh. 12:32 ; Gal. 3:22 .

Hertaald: allen zou barmhartig zijn Dat is: opdat allen, zowel Joden als heidenen, zalig gemaakt zouden worden alleen uit Gods barmhartigheid en genade, en niet uit hun verdiensten. Het woord allen wordt dus niet opgevat als ieder mens afzonderlijk, want dat gebeurt niet, maar als allen die uit de Joden of de heidenen zalig worden — namelijk dat niemand van hen zalig wordt dan uit barmhartigheid. Zie Joh. 12:32; Gal. 3:22.

Romeinen 11 vers 33

O diepte des rijkdoms, Dat is, zeer overvloedige verborgenheid der geestelijke wijsheid.

Hertaald: O diepte des rijkdoms, Dat is: een zeer overvloedige verborgenheid van geestelijke wijsheid.

Gods, Niet die God in ons werkt, maar die in God zelf is, door welke Hij alles wijselijk overlegt en bestuurt.

Hertaald: Gods, Niet de wijsheid die God in ons werkt, maar die in God Zelf is, waardoor Hij alles wijs overlegt en bestuurt.

Zijn oordelen, Dat is, Zijne wijze die Hij houdt in het beschikken en besturen van der mensen verkiezing en verwerping.

Hertaald: Zijn oordelen, Dat is: de wijze waarop Hij de verkiezing en verwerping van de mensen beschikt en bestuurt.

Zijn wegen Dat is, Zijne redenen, waarom Hij dus of zo doet.

Hertaald: Zijn wegen Dat is: de redenen waarom Hij zo of zo handelt.

Romeinen 11 vers 34

den zin des Heeren gekend? Of, mening, gedachten, voornemen, raad.

Hertaald: den zin des Heeren gekend? Of: de bedoeling, de gedachten, het voornemen, de raad.

raadsman geweest? Namelijk die Hem raad zou gegeven hebben, hoe en aan wien Hij de zaligheid tot Zijn meeste eer zou teweegbrengen; niemand namelijk dan Hij zelf, naar Zijn oneindelijke wijsheid.

Hertaald: raadsman geweest? Namelijk iemand die Hem raad zou hebben gegeven hoe en aan wie Hij de zaligheid tot Zijn hoogste eer tot stand zou brengen — niemand namelijk dan Hijzelf, naar Zijn oneindige wijsheid.

Romeinen 11 vers 35

eerst gegeven, Of, tevoren gegeven; dat is, eerst iets goeds gehad of gedaan tot Gods eer, waardoor God aan hem zou verplicht zijn.

Hertaald: eerst gegeven, Of: tevoren gegeven; dat is: eerst iets goeds gehad of gedaan tot Gods eer, waardoor God aan hem verplicht zou zijn.

wedervergolden worden? Namelijk naar verdienste; te weten, zo er iemand is, die Gode eerst gegeven heeft. Waarmede hij wil tonen dat alzo God niemand schuldig is ene vergelding te geven, dat dan de zaligheid niet uit verdienste, maar uit genade van Hem gegeven wordt; Ps. 16:2 .

Hertaald: wedervergolden worden? Namelijk naar verdienste, in het geval dat er iemand zou zijn die God eerst gegeven heeft. Daarmee wil hij laten zien dat, aangezien God aan niemand een vergelding verschuldigd is, de zaligheid dus niet uit verdienste maar uit genade door Hem gegeven wordt; Ps. 16:2.

Romeinen 11 vers 36

uit Hem, Namelijk als de eerste oorzaak, die alles naar Zijn wijzen raad schikt en ordineert.

Hertaald: uit Hem, Namelijk als de eerste oorzaak, Die alles naar Zijn wijze raad schikt en ordent.

door Hem, Namelijk als die alles, wat den mens ter zaligheid nodig is, werkt en hetgeen naar Zijn wijzen raad geordineerd is, krachtig uitvoert.

Hertaald: door Hem, Namelijk als Degene Die alles wat de mens tot zaligheid nodig heeft werkt, en Die krachtig uitvoert wat naar Zijn wijze raad geordend is.

tot Hem Namelijk als tot het uiterste einde, tot wiens eer alles moet strekken en gebracht worden; Spr. 16:4 .

Hertaald: tot Hem Namelijk als het uiterste doel, tot Wiens eer alles moet strekken en gebracht worden; Spr. 16:4.

alle dingen Namelijk die niet alleen de schepping, onderhouding en regering aller schepselen, maar voornamelijk die de zaligmaking der mensen aangaan, waarvan hier inzonderheid gehandeld wordt.

Hertaald: alle dingen Namelijk niet alleen de dingen die de schepping, het onderhoud en de regering van alle schepselen betreffen, maar vooral die welke de zaligmaking van de mensen betreffen, waarover hier in het bijzonder gehandeld wordt.

Amen Van dit woord, zie Matt. 6:13 .

Hertaald: Amen Zie over dit woord Matth. 6:13.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Overblijfsel (naar de verkiezing der genade)  — De erkenning dat God, ook nu het grootste deel van Israël Christus verwerpt, altijd een klein, door Zijn genade verkoren deel bewaart

"Alzo is er dan ook in dezen tegenwoordigen tijd een overblijfsel geworden, naar de verkiezing der genade" (Rom. 11:5), met de scherpe toevoeging: "indien het door genade is, zo is het niet meer uit de werken; anderszins is de genade geen genade meer" (Rom. 11:6). Paulus tekent daarna het beeld van de wilde olijftak, geënt op de plaats van afgebroken takken, delend in de wortel en het sap van de olijfboom (Rom. 11:17). Daarbij klinkt de waarschuwing dat zij door het geloof staat en niet hoogmoedig mag zijn, maar vrezen moet (Rom. 11:20).

Bijbelse betekenis: Dit past dezelfde Verkiezing (Deut. 7, reeds behandeld) toe op de geschiedenis van Israël en de heidenen. Gods verkiezende genade werkt door, ondanks het ongeloof van het grootste deel van het volk, en dezelfde genade is de enige grond waarop ook de ingeënte heidenchristen staat. Dat geeft geen reden tot hoogmoed over de afgebroken takken, maar tot vrees en volharding in het geloof.

Typologie: Hetzelfde beginsel klonk al bij Baäl (Richt. 2), waar Rom. 11:4-5 aangehaald werd als "de verkiezing der genade" tegenover de zevenduizend die de knie voor Baäl niet gebogen hadden — dit hoofdstuk is de volle, leerstellige ontplooiing van dat vroeger al aangehaalde beginsel.

Rom. 11:4-6,17,20

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

Gij draagt den wortel niet, maar de wortel u — 11:16-24, 26-29

Het beloofde Zaad niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe

Paulus heeft drie hoofdstukken lang geworsteld met de vraag hoe het kan dat zijn eigen volk het Evangelie afwijst. Nu tekent hij een boom, en zet daarmee de verhouding tussen Israël en de heidenen op zijn plaats.

Er is één boom en één wortel; de takken wisselen, de stam niet.

**Het beeld.** Een olijfboom met een wortel, takken die eraf gebroken zijn, en wilde takken die erin gezet worden. Er wordt geen tweede boom geplant. De heidenen komen niet naast Israël te staan maar erin.

**De waarschuwing.** Wie ingeënt is zou groot van zichzelf kunnen gaan denken, en daar staat één zin tegen: “Zo roem niet tegen de takken; en indien gij daartegen roemt, gij draagt den wortel niet, maar de wortel u.”

Dat is voor deze lijn de kern. De belofte begon niet bij Rome. Wie erbij gekomen is, is aangesloten op iets dat er al was: op Abraham, op de vaders, op het woord dat aan hen gegeven is.

**En hoe men erin komt.** Niet door afstamming, en ook niet door verdienste: “zij zijn door ongeloof afgebroken, en gij staat door het geloof. Zijt niet hooggevoelende, maar vrees.”

Dezelfde regel als in hoofdstuk 9: de kinderen der belofte worden voor het zaad gerekend. Bloed bepaalt het niet, en gunst evenmin.

**Wat er beloofd wordt.** Het loopt uit op een aanhaling uit Jesaja: “De Verlosser zal uit Sion komen en zal de goddeloosheden afwenden van Jakob. En dit is hun een verbond van Mij, als Ik hun zonden zal wegnemen.”

De kanttekening blijft bij dat woord Verlosser staan en wijst het Hebreeuwse woord aan: Goël. Dat is de losser — de naaste bloedverwant die het recht en de plicht had terug te kopen wat verloren was. De Messias, zegt zij, zal als zulk een bloedverwant Zijn volk uit het verderf trekken.

**De grond eronder.** En dan komt de zin waarmee het hele hoofdstuk staat of valt: “Want de genadegiften en de roeping Gods zijn onberouwelijk.”

God neemt niet terug. Dat is dezelfde grond die Bileam moest uitspreken over een volk dat hij vervloeken kwam: God neemt Zijn woord niet terug. De zaadlijn houdt niet stand omdat de takken het volhouden, maar omdat de wortel blijft staan.

  1. Genesis 12:3 — In Abraham zullen alle geslachten des aardrijks gezegend worden.
  2. Romeinen 9:8 — De kinderen der belofte worden voor het zaad gerekend.
  3. Romeinen 11:17 — Wilde takken worden in de olijfboom geënt.
  4. Romeinen 11:18 — Gij draagt de wortel niet, maar de wortel u.
  5. Jesaja 59:20 — De Verlosser — de Goël — zal uit Sion komen.
  6. Romeinen 11:29 — Want de genadegiften en de roeping Gods zijn onberouwelijk.

In het Nieuwe Testament: Jesaja 59:20-21; Jeremia 11:16; Romeinen 9:8; Ruth 4:14; Numeri 23:19; Efeziers 2:12-13

Hoever dit reikt: Paulus haalt Jesaja 59 uitdrukkelijk aan; daarop rust het niveau. Wat geheel Israël in vers 26 betekent, wordt verschillend uitgelegd; de kanttekening verstaat het als een zeer grote menigte uit dat volk, wanneer de volheid der heidenen zal zijn ingegaan. Deze post volgt het beeld van de boom en spreekt zich over de tijdsorde niet uit.

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Romeinen 11

Romeinen 11:33-36

Kruisverwijzingen1 Korinthe 8:6Psalmen 92:5Job 5:9Romeinen 2:41 Korinthe 2:16Romeinen 16:27Kolossenzen 2:2Efeze 3:10
— O diepte des rijkdoms, beide der wijsheid en der kennis Gods, hoe ondoorzoekelijk zijn Zijn oordelen, en onnaspeurlijk Zijn wegen! Want wie heeft den zin des Heeren gekend? Of wie is Zijn raadsman geweest? Of wie heeft Hem eerst gegeven, en het zal hem wedervergolden worden? Want uit Hem, en door Hem, en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid in der eeuwigheid. Amen.

“Want uit Hem, en door Hem, en tot Hem zijn alle dingen. Hem zij de heerlijkheid in der eeuwigheid. Amen.” Paulus legt hier een algemeen beginsel uit: alle dingen zijn uit God. Zij zijn uit Hem als hun bron, door Hem als hun middel, en tot Hem als hun doel. Uit Hem in het plan, door Hem in de uitwerking, en tot Hem in de heerlijkheid die zij voortbrengen. Wie dit beginsel vasthoudt, zal ontdekken dat het op alle dingen van toepassing is, en het is aan ons om te letten op de gevallen waarin dat het duidelijkst blijkt. Het moet daarom ons verlangen en ons doel zijn om Hem in alle dingen te verheerlijken. Wilt u God werkelijk verheerlijken, wees er dan op bedacht dat u dat niet met lippendienst doet, die in de lucht wegsterft, maar met oprechte eer in het dagelijks leven. Verheerlijk Hem door uw geduld in lijden, door uw volharding in de plicht, door uw vrijgevigheid voor Zijn zaak, door uw vrijmoedigheid in het getuigenis, door uw toewijding aan Zijn werk. Verheerlijk Hem niet alleen in de eredienst op zondagmorgen, maar ook elke dag, door op allerlei manieren iets voor God te doen, naar de mate waarin het Hem heeft behaagd u te zegenen.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content