Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Micha 5

1 En gij, Bethlehem Efratha! zijt gij klein om te wezen onder de duizenden van Juda? Uit u zal Mij voortkomen, Die een Heerser zal zijn in Israel, en Wiens uitgangen zijn van ouds, van de dagen der eeuwigheid.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 En gij, Bethlehem EfrathaH672! zijt gij kleinH6810 om te wezen onder de duizendenH505 van JudaH3063? Uit u zal Mij voortkomenH3318, Die een HeerserH4910 zal zijn in IsraelH3478, en Wiens uitgangenH4163 zijn van ouds, van de dagenH3117 der eeuwigheidH5769. En gij, Bethlehem Efratha! zijt gij klein om te wezen onder de duizenden van Juda? Uit u zal Mij voortkomen, Die een Heerser zal zijn in Israel, en Wiens uitgangen zijn van ouds, van de dagen der eeuwigheid.

Ook in dit vers BethlehemH1035 oudsH6924

KJV Now gather thyself in troops, O daughter of troops: he hath laid siege against us: they shall smite the judge of Israel14 with a rod upon the cheek.

1 וְאַתָּ֞ה H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you 2 בֵּֽית H1035 Bethlehem, Bethlehem-juda, Bethlehems Bethlehem 3 לֶ֣חֶם H1035 Bethlehem, Bethlehem-juda, Bethlehems Bethlehem 4 אֶפְרָ֗תָה H672 Efrath, Efratha once (Psalm 132:6) perhaps for Ephraim; also of an Israelitish woman; Ephrath, Ephratah 5 צָעִיר֙ H6810 jongste, kleinste, geringsten least, little (one), small (one), [phrase] young(-er, -est) 6 לִֽהְיוֹת֙ H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 7 בְּאַלְפֵ֣י H505 duizend, duizenden, twee duizend thousand 8 יְהוּדָ֔ה H3063 Juda Judah 9 מִמְּךָ֙ H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with 10 לִ֣י 11 יֵצֵ֔א H3318 uitgaan, uitgegaan, uitgevoerd [idiom] after, appear, [idiom] assuredly, bear out, [idiom] begotten, break out, bring forth (out, up), carry out, come (abroad, out, thereat, without), [phrase] be condemned, depart(-ing, -ure), draw forth, in the end, escape, exact, fail, fall (out), fetch forth (out), get away (forth, hence, out), (able to, cause to, let) go abroad (forth, on, out), going out, grow, have forth (out), issue out, lay (lie) out, lead out, pluck out, proceed, pull out, put away, be risen, [idiom] scarce, send with commandment, shoot forth, spread, spring out, stand out, [idiom] still, [idiom] surely, take forth (out), at any time, [idiom] to (and fro), utter 12 לִֽהְי֥וֹת H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 13 מוֹשֵׁ֖ל H4910 heersen, heerst, heerser (have, make to have) dominion, governor, [idiom] indeed, reign, (bear, cause to, have) rule(-ing, -r), have power 14 בְּיִשְׂרָאֵ֑ל H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel 15 וּמוֹצָאֹתָ֥יו H4163 heimelijke gemakken, uitgangen draught house; going forth 16 מִקֶּ֖דֶם H6924 oosten, ouds, oostwaarts aforetime, ancient (time), before, east (end, part, side, -ward), eternal, [idiom] ever(-lasting), forward, old, past. Compare H6926 (קִדְמָה) 17 מִימֵ֥י H3117 dagen, dag, dage age, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger 18 עוֹלָֽם H5769 eeuwigheid, eeuwige, eeuwig alway(-s), ancient (time), any more, continuance, eternal, (for, (n-)) ever(-lasting, -more, of old), lasting, long (time), (of) old (time), perpetual, at any time, (beginning of the) world ([phrase] without end). Compare H5331 (נֶצַח), H5703 (עַד)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 Daarom zal Hij henlieden overgeven, tot den tijd toe, dat zij, die baren zal, gebaard hebbe; dan zullen de overigen Zijner broederen zich bekeren met de kinderen Israels.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 DaaromH3651 zal Hij henlieden overgevenH5414, tot den tijdH6256 toe, dat zij, die baren zal, gebaard hebbe; dan zullen de overigenH3499 Zijner broederenH251 zich bekerenH7725 met de kinderen IsraelsH3478. Daarom zal Hij henlieden overgeven, tot den tijd toe, dat zij, die baren zal, gebaard hebbe; dan zullen de overigen Zijner broederen zich bekeren met de kinderen Israels.

Ook in dit vers kinderenH1121 barenH3205 gebaardH3205

KJV But thou, Bethlehem Ephratah, though thou be little among the thousands of Judah, yet out of thee shall he come forth unto me that is to be ruler in Israel;12 whose goings forth have been from of old, from everlasting.

1 לָכֵ֣ן H3651 daarom, alzo, zo [phrase] after that (this, -ward, -wards), as... as, [phrase] (for-) asmuch as yet, [phrase] be (for which) cause, [phrase] following, howbeit, in (the) like (manner, -wise), [idiom] the more, right, (even) so, state, straightway, such (thing), surely, [phrase] there (where) -fore, this, thus, true, well, [idiom] you 2 יִתְּנֵ֔ם H5414 gegeven, geven, gaf add, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield 3 עַד H5704 tot, totdat, aan against, and, as, at, before, by (that), even (to), for(-asmuch as), (hither-) to, [phrase] how long, into, as long (much) as, (so) that, till, toward, until, when, while, ([phrase] as) yet 4 עֵ֥ת H6256 tijd, tijde, tijden [phrase] after, (al-) ways, [idiom] certain, [phrase] continually, [phrase] evening, long, (due) season, so (long) as, (even-, evening-, noon-) tide, (meal-), what) time, when 5 יוֹלֵדָ֖ה H3205 gewon, baarde, geboren bear, beget, birth(-day), born, (make to) bring forth (children, young), bring up, calve, child, come, be delivered (of a child), time of delivery, gender, hatch, labour, (do the office of a) midwife, declare pedigrees, be the son of, (woman in, woman that) travail(-eth, -ing woman) 6 יָלָ֑דָה H3205 gewon, baarde, geboren bear, beget, birth(-day), born, (make to) bring forth (children, young), bring up, calve, child, come, be delivered (of a child), time of delivery, gender, hatch, labour, (do the office of a) midwife, declare pedigrees, be the son of, (woman in, woman that) travail(-eth, -ing woman) 7 וְיֶ֣תֶר H3499 overige, overblijfsel, overgelaten [phrase] abundant, cord, exceeding, excellancy(-ent), what they leave, that hath left, plentifully, remnant, residue, rest, string, with 8 אֶחָ֔יו H251 broederen, broeder, broeders another, brother(-ly); kindred, like, other. Compare also the proper names beginning with 'Ah-' or 'Ahi-' 9 יְשׁוּב֖וּן H7725 wederkeren, keerde, keren ((break, build, circumcise, dig, do anything, do evil, feed, lay down, lie down, lodge, make, rejoice, send, take, weep)) [idiom] again, (cause to) answer ([phrase] again), [idiom] in any case (wise), [idiom] at all, averse, bring (again, back, home again), call (to mind), carry again (back), cease, [idiom] certainly, come again (back), [idiom] consider, [phrase] continually, convert, deliver (again), [phrase] deny, draw back, fetch home again, [idiom] fro, get (oneself) (back) again, [idiom] give (again), go again (back, home), (go) out, hinder, let, (see) more, [idiom] needs, be past, [idiom] pay, pervert, pull in again, put (again, up again), recall, recompense, recover, refresh, relieve, render (again), requite, rescue, restore, retrieve, (cause to, make to) return, reverse, reward, [phrase] say nay, send back, set again, slide back, still, [idiom] surely, take back (off), (cause to, make to) turn (again, self again, away, back, back again, backward, from, off), withdraw 10 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 11 בְּנֵ֥י H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 12 יִשְׂרָאֵֽל H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 En Hij zal staan, en zal weiden in de kracht des HEEREN, in de hoogheid van den Naam des HEEREN, Zijns Gods, en zij zullen wonen, want nu zal Hij groot zijn tot aan de einden der aarde.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 En Hij zal staanH5975, en zal weidenH7462 in de krachtH5797 des HEERENH3068, in de hoogheidH1347 van den NaamH8034 des HEERENH3068, Zijns GodsH430, en zij zullen wonenH3427, wantH3588 nuH6258 zal Hij grootH1431 zijn tot aan de eindenH657 der aardeH776. En Hij zal staan, en zal weiden in de kracht des HEEREN, in de hoogheid van den Naam des HEEREN, Zijns Gods, en zij zullen wonen, want nu zal Hij groot zijn tot aan de einden der aarde.

KJV Therefore will he give them up, until the time that she which travaileth hath brought forth: then the remnant of his brethren shall return unto the children of Israel.

1 וְעָמַ֗ד H5975 stond, staan, stonden abide (behind), appoint, arise, cease, confirm, continue, dwell, be employed, endure, establish, leave, make, ordain, be (over), place, (be) present (self), raise up, remain, repair, [phrase] serve, set (forth, over, -tle, up), (make to, make to be at a, with-) stand (by, fast, firm, still, up), (be at a) stay (up), tarry 2 וְרָעָה֙ H7462 weiden, herders, herder [idiom] break, companion, keep company with, devour, eat up, evil entreat, feed, use as a friend, make friendship with, herdman, keep (sheep) (-er), pastor, [phrase] shearing house, shepherd, wander, waste 3 בְּעֹ֣ז H5797 sterkte, Sterkte, sterke boldness, loud, might, power, strength, strong 4 יְהוָ֔ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 5 בִּגְא֕וֹן H1347 hovaardij, hoogmoed, heerlijkheid arrogancy, excellency(-lent), majesty, pomp, pride, proud, swelling 6 שֵׁ֖ם H8034 naam, Naam, namen [phrase] base, (in-) fame(-ous), named(-d), renown, report 7 יְהוָ֣ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 8 אֱלֹהָ֑יו H430 God, Gods, goden angels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty 9 וְיָשָׁ֕בוּ H3427 inwoners, wonen, woonden (make to) abide(-ing), continue, (cause to, make to) dwell(-ing), ease self, endure, establish, [idiom] fail, habitation, haunt, (make to) inhabit(-ant), make to keep (house), lurking, [idiom] marry(-ing), (bring again to) place, remain, return, seat, set(-tle), (down-) sit(-down, still, -ting down, -ting (place) -uate), take, tarry 10 כִּֽי H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 11 עַתָּ֥ה H6258 nu, dan henceforth, now, straightway, this time, whereas 12 יִגְדַּ֖ל H1431 groot, groter, maakt advance, boast, bring up, exceed, excellent, be(-come, do, give, make, wax), great(-er, come to... estate, [phrase] things), grow(up), increase, lift up, magnify(-ifical), be much set by, nourish (up), pass, promote, proudly (spoken), tower 13 עַד H5704 tot, totdat, aan against, and, as, at, before, by (that), even (to), for(-asmuch as), (hither-) to, [phrase] how long, into, as long (much) as, (so) that, till, toward, until, when, while, ([phrase] as) yet 14 אַפְסֵי H657 einden, niets, niemand ankle, but (only), end, howbeit, less than nothing, nevertheless (where), no, none (beside), not (any, -withstanding), thing of nought, save(-ing), there, uttermost part, want, without (cause) 15 אָֽרֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 En Deze zal Vrede zijn; wanneer Assur in ons land zal komen, en wanneer hij in onze paleizen zal treden, zo zullen wij tegen hem stellen zeven herders, en acht vorsten uit de mensen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 En DezeH2088 zal VredeH7965 zijnH1961; wanneer AssurH804 in ons landH776 zal komenH935, en wanneer hij in onze paleizenH759 zal tredenH1869, zo zullen wij tegenH5921 hem stellen zevenH7651 herdersH7462, en achtH8083 vorstenH5257 uit de mensenH120. En Deze zal Vrede zijn; wanneer Assur in ons land zal komen, en wanneer hij in onze paleizen zal treden, zo zullen wij tegen hem stellen zeven herders, en acht vorsten uit de mensen.

Ook in dit vers stellenH6965

KJV And he shall stand and feed14 in the strength of the LORD, in the majesty of the name of the LORD his God; and they shall abide: for now shall he be great unto the ends of the earth.

1 וְהָיָ֥ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 2 זֶ֖ה H2088 dit, deze, dezen he, [idiom] hence, [idiom] here, it(-self), [idiom] now, [idiom] of him, the one...the other, [idiom] than the other, ([idiom] out of) the (self) same, such (a one) that, these, this (hath, man), on this side...on that side, [idiom] thus, very, which. Compare H2063 (זֹאת), H2090 (זֹה), H2097 (זוֹ), H2098 (זוּ) 3 שָׁל֑וֹם H7965 vrede, welstand, vredes [idiom] do, familiar, [idiom] fare, favour, [phrase] friend, [idiom] great, (good) health, ([idiom] perfect, such as be at) peace(-able, -ably), prosper(-ity, -ous), rest, safe(-ty), salute, welfare, ([idiom] all is, be) well, [idiom] wholly 4 אַשּׁ֣וּר H804 Assyrie, Assur, Assyriers Asshur, Assur, Assyria, Assyrians. See H838 (אָשֻׁר) 5 כִּֽי H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 6 יָב֣וֹא H935 komen, kwam, kwamen abide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way 7 בְאַרְצֵ֗נוּ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 8 וְכִ֤י H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 9 יִדְרֹךְ֙ H1869 treden, gespannen, getreden archer, bend, come, draw, go (over), guide, lead (forth), thresh, tread (down), walk 10 בְּאַרְמְנֹתֵ֔ינוּ H759 paleizen, paleis castle, palace. Compare H2038 (הַרְמוֹן) 11 וַהֲקֵמֹ֤נוּ H6965 opstaan, stond, Sta abide, accomplish, [idiom] be clearer, confirm, continue, decree, [idiom] be dim, endure, [idiom] enemy, enjoin, get up, make good, help, hold, (help to) lift up (again), make, [idiom] but newly, ordain, perform, pitch, raise (up), rear (up), remain, (a-) rise (up) (again, against), rouse up, set (up), (e-) stablish, (make to) stand (up), stir up, strengthen, succeed, (as-, make) sure(-ly), (be) up(-hold, -rising) 12 עָלָיו֙ H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 13 שִׁבְעָ֣ה H7651 zeven, zevenhonderd, zevenmaal ([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה) 14 רֹעִ֔ים H7462 weiden, herders, herder [idiom] break, companion, keep company with, devour, eat up, evil entreat, feed, use as a friend, make friendship with, herdman, keep (sheep) (-er), pastor, [phrase] shearing house, shepherd, wander, waste 15 וּשְׁמֹנָ֖ה H8083 acht, achttien, achthonderd eight(-een, -eenth), eighth 16 נְסִיכֵ֥י H5257 vorsten, geweldigen, drankofferen drink offering, duke, prince(-ipal) 17 אָדָֽם H120 mens, mensen, Adam [idiom] another, [phrase] hypocrite, [phrase] common sort, [idiom] low, man (mean, of low degree), person
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Die zullen het land van Assur afweiden met het zwaard, en het land van Nimrod in deszelfs ingangen. Alzo zal Hij ons redden van Assur, wanneer dezelve in ons land zal komen, en wanneer hij in onze landpale zal treden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 Die zullen het landH776 van AssurH804 afweidenH7462 met het zwaardH2719, en het land van NimrodH5248 in deszelfs ingangenH6607. Alzo zal Hij ons reddenH5337 van Assur, wanneer dezelve in ons land zal komenH935, en wanneer hij in onze landpaleH1366 zal tredenH1869. Die zullen het land van Assur afweiden met het zwaard, en het land van Nimrod in deszelfs ingangen. Alzo zal Hij ons redden van Assur, wanneer dezelve in ons land zal komen, en wanneer hij in onze landpale zal treden.

Ook in dit vers landH776 landH776 AssurH804

KJV And this man shall be the peace, when the Assyrian4 shall come13 into our land:3 and when he shall tread16 in our palaces, then shall we raise against him seven shepherds,1 and eight principal men.

1 וְרָע֞וּ H7462 weiden, herders, herder [idiom] break, companion, keep company with, devour, eat up, evil entreat, feed, use as a friend, make friendship with, herdman, keep (sheep) (-er), pastor, [phrase] shearing house, shepherd, wander, waste 2 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 3 אֶ֤רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 4 אַשּׁוּר֙ H804 Assyrie, Assur, Assyriers Asshur, Assur, Assyria, Assyrians. See H838 (אָשֻׁר) 5 בַּחֶ֔רֶב H2719 zwaard, zwaards, zwaarden axe, dagger, knife, mattock, sword, tool 6 וְאֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 7 אֶ֥רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 8 נִמְרֹ֖ד H5248 Nimrod Nimrod 9 בִּפְתָחֶ֑יהָ H6607 deur, deuren, ingang door, entering (in), entrance (-ry), gate, opening, place 10 וְהִצִּיל֙ H5337 redden, gered, red [idiom] at all, defend, deliver (self), escape, [idiom] without fail, part, pluck, preserve, recover, rescue, rid, save, spoil, strip, [idiom] surely, take (out) 11 מֵֽאַשּׁ֔וּר H804 Assyrie, Assur, Assyriers Asshur, Assur, Assyria, Assyrians. See H838 (אָשֻׁר) 12 כִּֽי H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 13 יָב֣וֹא H935 komen, kwam, kwamen abide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way 14 בְאַרְצֵ֔נוּ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 15 וְכִ֥י H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 16 יִדְרֹ֖ךְ H1869 treden, gespannen, getreden archer, bend, come, draw, go (over), guide, lead (forth), thresh, tread (down), walk 17 בִּגְבוּלֵֽנוּ H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 En Jakobs overblijfsel zal zijn in het midden van vele volken, als een dauw van den HEERE, als droppelen op het kruid, dat naar geen man wacht, noch mensenkinderen verbeidt.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 En JakobsH3290 overblijfselH7611 zal zijnH1961 in het middenH7130 van veleH7227 volkenH5971, als een dauwH2919 vanH854 den HEEREH3068, als droppelenH7241 opH5921 het kruidH6212, datH834 naar geen man wachtH6960, noch mensenkinderenH1121 verbeidtH3176. En Jakobs overblijfsel zal zijn in het midden van vele volken, als een dauw van den HEERE, als droppelen op het kruid, dat naar geen man wacht, noch mensenkinderen verbeidt.

Ook in dit vers mensenH120 manH376

KJV And they shall waste the land of Assyria with the sword, and the land of Nimrod in the entrances thereof: thus shall he deliver us from the Assyrian, when he cometh into our land, and when he treadeth within our borders.

1 וְהָיָ֣ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 2 שְׁאֵרִ֣ית H7611 overblijfsel, overige, overigen that had escaped, be left, posterity, remain(-der), remnant, residue, rest 3 יַעֲקֹ֗ב H3290 Jakob, Jakobs Jacob 4 בְּקֶ֨רֶב֙ H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self 5 עַמִּ֣ים H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 6 רַבִּ֔ים H7227 vele, veel, grote (in) abound(-undance, -ant, -antly), captain, elder, enough, exceedingly, full, great(-ly, man, one), increase, long (enough, (time)), (do, have) many(-ifold, things, a time), (ship-)master, mighty, more, (too, very) much, multiply(-tude), officer, often(-times), plenteous, populous, prince, process (of time), suffice(-lent) 7 כְּטַל֙ H2919 dauw, dauws dew 8 מֵאֵ֣ת H854 met, van, bij against, among, before, by, for, from, in(-to), (out) of, with. Often with another prepositional prefix 9 יְהוָ֔ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 10 כִּרְבִיבִ֖ים H7241 druppelen, droppelen, regendruppelen shower 11 עֲלֵי H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 12 עֵ֑שֶׂב H6212 kruid, gras, kruiden grass, herb 13 אֲשֶׁ֤ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 14 לֹֽא H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 15 יְקַוֶּה֙ H6960 verwacht, verwachten, wacht gather (together), look, patiently, tarry, wait (for, on, upon) 16 לְאִ֔ישׁ H376 man, mannen, ieder also, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה) 17 וְלֹ֥א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 18 יְיַחֵ֖ל H3176 hopen, gehoopt, hope (cause to, have, make to) hope, be pained, stay, tarry, trust, wait 19 לִבְנֵ֥י H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 20 אָדָֽם H120 mens, mensen, Adam [idiom] another, [phrase] hypocrite, [phrase] common sort, [idiom] low, man (mean, of low degree), person
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Ja, het overblijfsel van Jakob zal zijn onder de heidenen, in het midden van vele volken, als een leeuw onder de beesten des wouds, als een jonge leeuw onder de schaapskudden; dewelke, wanneer hij doorgaat, zo vertreedt en verscheurt hij, dat niemand redde.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 Ja, het overblijfselH7611 van JakobH3290 zal zijnH1961 onder de heidenenH1471, in het middenH7130 van veleH7227 volkenH5971, alsH518 een leeuw onder de beestenH929 des woudsH3293, als een jonge leeuw onder de schaapskuddenH5739; dewelke, wanneer hij doorgaatH5674, zo vertreedtH7429 en verscheurtH2963 hij, dat niemandH369 reddeH5337. Ja, het overblijfsel van Jakob zal zijn onder de heidenen, in het midden van vele volken, als een leeuw onder de beesten des wouds, als een jonge leeuw onder de schaapskudden; dewelke, wanneer hij doorgaat, zo vertreedt en verscheurt hij, dat niemand redde.

Ook in dit vers leeuwH738 jonge leeuwH3715

KJV And the remnant2 of Jacob3 shall be in the midst5 of many7 people6 as a dew from the LORD, as the showers upon the grass, that tarrieth not for man, nor waiteth for the sons of men.

1 וְהָיָה֩ H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 2 שְׁאֵרִ֨ית H7611 overblijfsel, overige, overigen that had escaped, be left, posterity, remain(-der), remnant, residue, rest 3 יַעֲקֹ֜ב H3290 Jakob, Jakobs Jacob 4 בַּגּוֹיִ֗ם H1471 heidenen, volken, volk Gentile, heathen, nation, people 5 בְּקֶ֨רֶב֙ H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self 6 עַמִּ֣ים H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 7 רַבִּ֔ים H7227 vele, veel, grote (in) abound(-undance, -ant, -antly), captain, elder, enough, exceedingly, full, great(-ly, man, one), increase, long (enough, (time)), (do, have) many(-ifold, things, a time), (ship-)master, mighty, more, (too, very) much, multiply(-tude), officer, often(-times), plenteous, populous, prince, process (of time), suffice(-lent) 8 כְּאַרְיֵה֙ H738 leeuw, leeuwen, leeuws (young) lion, [phrase] pierce (from the margin) 9 בְּבַהֲמ֣וֹת H929 beesten, vee, beest beast, cattle 10 יַ֔עַר H3293 woud, wouds, wouden (honey-) comb, forest, wood 11 כִּכְפִ֖יר H3715 jonge leeuwen, jonge leeuw, jongen leeuws (young) lion, village. Compare H3723 (כָּפָר) 12 בְּעֶדְרֵי H5739 kudde, kudden, schaapskudden drove, flock, herd 13 צֹ֑אן H6629 schapen, kudde, klein vee (small) cattle, flock ([phrase] -s), lamb ([phrase] -s), sheep(-cote, -fold, -shearer, -herds) 14 אֲשֶׁ֧ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 15 אִם H518 zo, indien, of (and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet 16 עָבַ֛ר H5674 doorgaan, voorbij, gegaan alienate, alter, [idiom] at all, beyond, bring (over, through), carry over, (over-) come (on, over), conduct (over), convey over, current, deliver, do away, enter, escape, fail, gender, get over, (make) go (away, beyond, by, forth, his way, in, on, over, through), have away (more), lay, meddle, overrun, make partition, (cause to, give, make to, over) pass(-age, along, away, beyond, by, -enger, on, out, over, through), (cause to, make) [phrase] proclaim(-amation), perish, provoke to anger, put away, rage, [phrase] raiser of taxes, remove, send over, set apart, [phrase] shave, cause to (make) sound, [idiom] speedily, [idiom] sweet smelling, take (away), (make to) transgress(-or), translate, turn away, (way-) faring man, be wrath 17 וְרָמַ֥ס H7429 vertrad, vertreden, betreden oppressor, stamp upon, trample (under feet), tread (down, upon) 18 וְטָרַ֖ף H2963 verscheurd, verscheurt, roven catch, [idiom] without doubt, feed, ravin, rend in pieces, [idiom] surely, tear (in pieces) 19 וְאֵ֥ין H369 geen, niet, niemand else, except, fail, (father-) less, be gone, in(-curable), neither, never, no (where), none, nor, (any, thing), not, nothing, to nought, past, un(-searchable), well-nigh, without. Compare H370 (אַיִן) 20 מַצִּֽיל H5337 redden, gered, red [idiom] at all, defend, deliver (self), escape, [idiom] without fail, part, pluck, preserve, recover, rescue, rid, save, spoil, strip, [idiom] surely, take (out)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 Uw hand zal verhoogd zijn boven uw wederpartijders, en al uw vijanden zullen uitgeroeid worden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 Uw handH3027 zal verhoogdH7311 zijn bovenH5921 uw wederpartijdersH6862, en alH3605 uw vijanden zullen uitgeroeidH3772 worden. Uw hand zal verhoogd zijn boven uw wederpartijders, en al uw vijanden zullen uitgeroeid worden.

Ook in dit vers vijandenH341

KJV And the remnant of Jacob shall be among the Gentiles in the midst of many people as a lion among the beasts of the forest, as a young lion among the flocks of sheep: who, if he go through, both treadeth down, and teareth in pieces, and none can deliver.

1 תָּרֹ֥ם H7311 verhoogd, verhogen, offeren bring up, exalt (self), extol, give, go up, haughty, heave (up), (be, lift up on, make on, set up on, too) high(-er, one), hold up, levy, lift(-er) up, (be) lofty, ([idiom] a-) loud, mount up, offer (up), [phrase] presumptuously, (be) promote(-ion), proud, set up, tall(-er), take (away, off, up), breed worms 2 יָדְךָ֖ H3027 hand, handen, dienst ([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves 3 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 4 צָרֶ֑יךָ H6862 wederpartijders, benauwdheid, tegenpartijders adversary, afflicted(-tion), anguish, close, distress, enemy, flint, foe, narrow, small, sorrow, strait, tribulation, trouble 5 וְכָל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 6 אֹיְבֶ֖יךָ H341 vijanden, vijand, vijands enemy, foe 7 יִכָּרֵֽתוּ H3772 uitgeroeid, uitroeien, afgesneden be chewed, be con-(feder-) ate, covenant, cut (down, off), destroy, fail, feller, be freed, hew (down), make a league (covenant), [idiom] lose, perish, [idiom] utterly, [idiom] want
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 En het zal te dien dage geschieden, spreekt de HEERE, dat Ik uw paarden uit het midden van u zal uitroeien, en Ik zal uw wagenen verdoen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 En het zal te dien dageH3117 geschiedenH1961, spreektH5002 de HEEREH3068, datH1931 Ik uw paardenH5483 uit het middenH7130 van u zal uitroeienH3772, en Ik zal uw wagenenH4818 verdoenH6. En het zal te dien dage geschieden, spreekt de HEERE, dat Ik uw paarden uit het midden van u zal uitroeien, en Ik zal uw wagenen verdoen.

KJV Thine hand shall be lifted up upon thine adversaries, and all thine enemies shall be cut off.

1 וְהָיָ֤ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 2 בַיּוֹם H3117 dagen, dag, dage age, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger 3 הַהוּא֙ H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who 4 נְאֻם H5002 spreekt, zegt, gesproken (hath) said, saith 5 יְהוָ֔ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 6 וְהִכְרַתִּ֥י H3772 uitgeroeid, uitroeien, afgesneden be chewed, be con-(feder-) ate, covenant, cut (down, off), destroy, fail, feller, be freed, hew (down), make a league (covenant), [idiom] lose, perish, [idiom] utterly, [idiom] want 7 סוּסֶ֖יךָ H5483 paarden, paard, Paardenpoort crane, horse (-back, -hoof). Compare H6571 (פָּרָשׁ) 8 מִקִּרְבֶּ֑ךָ H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self 9 וְהַאֲבַדְתִּ֖י H6 vergaan, verloren, omkomen break, destroy(-uction), [phrase] not escape, fail, lose, (cause to, make) perish, spend, [idiom] and surely, take, be undone, [idiom] utterly, be void of, have no way to flee 10 מַרְכְּבֹתֶֽיךָ H4818 wagen, wagenen, wagens chariot. See also H1024 (בֵּית הַמַּרְכָּבוֹת)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 En Ik zal de steden uws lands uitroeien, en Ik zal al uw vestingen afbreken.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 En Ik zal de stedenH5892 uws landsH776 uitroeienH3772, en Ik zal alH3605 uw vestingenH4013 afbrekenH2040. En Ik zal de steden uws lands uitroeien, en Ik zal al uw vestingen afbreken.

KJV And it shall come to pass in that day, saith the LORD, that I will cut off1 thy horses out of the midst of thee, and I will destroy thy chariots:

1 וְהִכְרַתִּ֖י H3772 uitgeroeid, uitroeien, afgesneden be chewed, be con-(feder-) ate, covenant, cut (down, off), destroy, fail, feller, be freed, hew (down), make a league (covenant), [idiom] lose, perish, [idiom] utterly, [idiom] want 2 עָרֵ֣י H5892 stad, steden, vrijstad Ai (from margin), city, court (from margin), town 3 אַרְצֶ֑ךָ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 4 וְהָרַסְתִּ֖י H2040 afbreken, afgebroken, verbroken beat down, break (down, through), destroy, overthrow, pluck down, pull down, ruin, throw down, [idiom] utterly 5 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 6 מִבְצָרֶֽיךָ H4013 vaste, vastigheden, vesting (de-, most) fenced, fortress, (most) strong (hold)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 En Ik zal de toverijen uit uw hand uitroeien, en gij zult geen guichelaars hebben.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 En Ik zal de toverijenH3785 uit uw handH3027 uitroeienH3772, en gij zult geenH3808 guichelaarsH6049 hebben. En Ik zal de toverijen uit uw hand uitroeien, en gij zult geen guichelaars hebben.

Ook in dit vers geschiedenH1961

KJV And I will cut off1 the cities of thy land, and throw down all thy strong holds:

1 וְהִכְרַתִּ֥י H3772 uitgeroeid, uitroeien, afgesneden be chewed, be con-(feder-) ate, covenant, cut (down, off), destroy, fail, feller, be freed, hew (down), make a league (covenant), [idiom] lose, perish, [idiom] utterly, [idiom] want 2 כְשָׁפִ֖ים H3785 toverijen sorcery, witchcraft 3 מִיָּדֶ֑ךָ H3027 hand, handen, dienst ([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves 4 וּֽמְעוֹנְנִ֖ים H6049 guichelaars, pleegde guichelarij, Meonenim [idiom] bring, enchanter, Meonemin, observe(-r of) times, soothsayer, sorcerer 5 לֹ֥א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 6 יִֽהְיוּ H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 7 לָֽךְ
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 En Ik zal uw gesneden beelden en uw opgerichte beelden uit het midden van u uitroeien, dat gij u niet meer zult nederbuigen voor het werk uwer handen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 En Ik zal uw gesneden beelden en uw opgerichte beeldenH4676 uit het middenH7130 van u uitroeienH3772, dat gij u nietH3808 meerH5750 zult nederbuigenH7812 voor het werkH4639 uwer handenH3027. En Ik zal uw gesneden beelden en uw opgerichte beelden uit het midden van u uitroeien, dat gij u niet meer zult nederbuigen voor het werk uwer handen.

Ook in dit vers gesneden beeldenH6456

KJV And I will cut off1 witchcrafts out of thine hand;9 and thou shalt have no more soothsayers:

1 וְהִכְרַתִּ֧י H3772 uitgeroeid, uitroeien, afgesneden be chewed, be con-(feder-) ate, covenant, cut (down, off), destroy, fail, feller, be freed, hew (down), make a league (covenant), [idiom] lose, perish, [idiom] utterly, [idiom] want 2 פְסִילֶ֛יךָ H6456 gesneden beelden, gesneden, gesnedene beelden carved (graven) image, quarry 3 וּמַצֵּבוֹתֶ֖יךָ H4676 opgerichte beelden, opgericht teken, opgericht beeld garrison, (standing) image, pillar 4 מִקִּרְבֶּ֑ךָ H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self 5 וְלֹֽא H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 6 תִשְׁתַּחֲוֶ֥ה H7812 boog, bogen, nederbuigen bow (self) down, crouch, fall down (flat), humbly beseech, do (make) obeisance, do reverence, make to stoop, worship 7 ע֖וֹד H5750 meer, nog, wederom again, [idiom] all life long, at all, besides, but, else, further(-more), henceforth, (any) longer, (any) more(-over), [idiom] once, since, (be) still, when, (good, the) while (having being), (as, because, whether, while) yet (within) 8 לְמַעֲשֵׂ֥ה H4639 werk, werken, daden act, art, [phrase] bakemeat, business, deed, do(-ing), labor, thing made, ware of making, occupation, thing offered, operation, possession, [idiom] well, (handy-, needle-, net-) work(ing, -manship), wrought 9 יָדֶֽיךָ H3027 hand, handen, dienst ([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Voorts zal Ik uw bossen uit het midden van u uitroeien, en Ik zal uw steden verdelgen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 Voorts zal Ik uw bossenH842 uit het middenH7130 van u uitroeienH3772, en Ik zal uw stedenH5892 verdelgenH8045. Voorts zal Ik uw bossen uit het midden van u uitroeien, en Ik zal uw steden verdelgen.

Ook in dit vers uitroeienH5428

KJV Thy graven images also will I cut off, and thy standing images out of the midst3 of thee; and thou shalt no more worship the work of thine hands.

1 וְנָתַשְׁתִּ֥י H5428 uitrukken, uitgerukt, rukken destroy, forsake, pluck (out, up, by the roots), pull up, root out (up), [idiom] utterly. s 2 אֲשֵׁירֶ֖יךָ H842 bossen, bos, haag grove. Compare H6253 (עַשְׁתֹּרֶת) 3 מִקִּרְבֶּ֑ךָ H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self 4 וְהִשְׁמַדְתִּ֖י H8045 verdelgd, verdelgen, verdelgde destory(-uction), bring to nought, overthrow, perish, pluck down, [idiom] utterly 5 עָרֶֽיךָ H5892 stad, steden, vrijstad Ai (from margin), city, court (from margin), town

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 En Ik zal in toorn en in grimmigheid wrake doen aan de heidenen, die niet horen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 En Ik zal in toornH639 en in grimmigheidH2534 wrakeH5359 doenH6213 aan de heidenenH1471, dieH834 nietH3808 horenH8085. En Ik zal in toorn en in grimmigheid wrake doen aan de heidenen, die niet horen.

KJV And I will pluck up thy groves out of the midst of thee: so will I destroy thy cities.

1 וְעָשִׂ֜יתִי H6213 doen, gedaan, maakte accomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use 2 בְּאַ֧ף H639 toorn, toorns, neus anger(-gry), [phrase] before, countenance, face, [phrase] forebearing, forehead, [phrase] (long-) suffering, nose, nostril, snout, [idiom] worthy, wrath 3 וּבְחֵמָ֛ה H2534 grimmigheid, grimmige, vurig venijn anger, bottles, hot displeasure, furious(-ly, -ry), heat, indignation, poison, rage, wrath(-ful). See H2529 (חֶמְאָה) 4 נָקָ֖ם H5359 wraak, wrake, enkel [phrase] avenged, quarrel, vengeance 5 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 6 הַגּוֹיִ֑ם H1471 heidenen, volken, volk Gentile, heathen, nation, people 7 אֲשֶׁ֖ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 8 לֹ֥א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 9 שָׁמֵֽעוּ H8085 horen, gehoord, hoorde [idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Micha 5:1 Klaagliederen 3:30 Job 16:10 Jesaja 33:22 Joël 3:9 2 Koningen 25:1 Mattheüs 5:39 Jesaja 8:9 Jeremia 4:7
Micha 5:2 Mattheüs 2:6 Johannes 7:42 Jesaja 11:1 Jesaja 9:6 Zacharia 9:9 Lukas 1:31 Genesis 49:10 Psalmen 90:2
Micha 5:3 Hosea 11:8 Micha 4:7 Jesaja 10:20 Micha 4:9 Micha 7:13 Romeinen 9:27 Jeremia 31:7 Romeinen 11:4
Micha 5:4 Micha 7:14 Lukas 1:32 Psalmen 72:8 Zacharia 9:10 Jesaja 52:10 Psalmen 93:1 Johannes 10:27 Jesaja 52:13
Micha 5:5 Lukas 2:14 Zacharia 9:10 Jesaja 59:19 Psalmen 72:7 Efeze 2:14 Zacharia 12:6 Zacharia 10:3 Zacharia 1:18
Micha 5:6 Jesaja 14:25 Genesis 10:8 2 Koningen 19:32 2 Koningen 18:9 Nahum 2:11 2 Koningen 17:3 Jesaja 14:2 Lukas 1:74
Micha 5:7 Micha 5:3 Deuteronomium 32:2 Jesaja 44:3 Hosea 14:5 Psalmen 110:3 Psalmen 72:6 Handelingen 9:15 Jesaja 32:15
Micha 5:8 Psalmen 50:22 Micha 4:13 Zacharia 10:5 Jesaja 41:15 Hosea 5:14 Psalmen 110:5 Handelingen 18:6 Genesis 49:9
Micha 5:9 Jesaja 26:11 Psalmen 21:8 Jesaja 11:14 Openbaring 20:8 1 Korinthe 15:25 Jesaja 33:10 Jesaja 1:25 Psalmen 10:12
Micha 5:10 Zacharia 9:10 Hosea 14:3 Psalmen 20:7 Hosea 1:7 Jesaja 2:7 Jeremia 3:23 Psalmen 33:16
Micha 5:11 Jesaja 2:12 Amos 5:9 Ezechiël 38:11 Hosea 10:14 Jesaja 6:11 Zacharia 4:6
Micha 5:12 Deuteronomium 18:10 Zacharia 13:2 Jesaja 8:19 Openbaring 22:15 Jesaja 2:20 Jesaja 2:6 Openbaring 19:20 Jesaja 27:9
Micha 5:13 Ezechiël 6:9 Hosea 14:3 Hosea 14:8 Ezechiël 37:23 Ezechiël 36:25 Jesaja 17:7 Hosea 2:16 Jesaja 2:8
Micha 5:14 Exodus 34:13
Micha 5:15 Micha 5:8 Psalmen 149:7 2 Thessalonicenzen 1:8 Jesaja 65:12
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Micha 5 vers 1

Nu Alsof de Heere zeide: Maar dewijl het voor deze tijd, om uw zonden wil, alzo moet gaan, gelijk vs.10,11 gezegd is, zo zal het al vergeefs zijn, wat gij daartegen met al uw gewoel zoudt mogen voornemen, want gij moet toch naar Babel. Het is een aanspraak tot de inwoners van Jerzualem, met wie de profeet in de volgende woorden zich samenvoegt door het woord ons. Doch sommigen houden het voor een spotachtige aanspraak aan de Babyloniërs, alsof God zeide: Doet vrij uw best, gij krijgers van Babel [gelijk gij dan ook voorzeker doen zult], evenwel zult gij daardoor mijn genadewerk, dat Ik voorheb [waarvan in het volgende hoofdstuk], niet kunnen beletten. anders: nu zult gij met benden samengehoopt, samengepakt worden, te weten, door de belegering, gelijk volgt. Dit vers hechten sommigen aan het volgende hoofdstuk als het eerste vers daarvan.

Hertaald: Nu Alsof de HEERE zei: maar omdat het voor deze tijd om uw zonden zo moet gaan als in vers 10 en 11 gezegd is, zal alles wat u daartegen met al uw drukte zou ondernemen tevergeefs zijn, want u moet toch naar Babel. Het is een aanspraak tot de inwoners van Jeruzalem, met wie de profeet zich in de volgende woorden verbindt door het woord ons. Maar sommigen houden het voor een spottende aanspraak tot de Babyloniërs, alsof God zei: doe gerust uw best, u krijgslieden van Babel — en dat zult u ook zeker doen — maar daarmee zult u Mijn genadewerk dat Ik voorheb, waarover het volgende hoofdstuk, toch niet kunnen verhinderen. Anders: nu zult u met benden samengedrongen worden, namelijk door de belegering, zoals volgt. Sommigen voegen dit vers bij het volgende hoofdstuk als het eerste vers daarvan.

rot u met benden, Dat is, doe uw best, met al uw krijgsmacht.

Hertaald: rot u met benden, Dat is: doe uw best, met heel uw krijgsmacht.

dochter der bende, Dat is, gij krijgers, die gij meent in de krijg zo ervaren en met krijgdsvolk zo voorzien te zijn dat gij geen vijand hebt te vrezen; of gij die gewoon zijt met benden en troepen uit te lopen om, als struikrovers en straatschenders, de reizende lieden te beroven, gelijk Micha 2:8. Zie van het Hebr. woord, betekenende een bende, of troep van soldaten, enz. 2 Sam. 3:22 ; Jer. 18:22 , en verg. Israëls voorbeeld, Hos. 4:2 , en Hos. 6:9 , en Hos. 7:1 . aangaande de manier van spreken, dochter der bende, verg. Job 5:7 , en Zach. 4:14 .

Hertaald: dochter der bende, Dat is: u, krijgslieden die menen dat u zo ervaren in de oorlog bent en zo goed van krijgsvolk voorzien dat u geen vijand hoeft te vrezen. Of: u die gewoon bent er met benden en troepen op uit te trekken om als struikrovers en straatrovers de reizigers te beroven, zoals Micha 2:8. Zie over het Hebreeuwse woord dat een bende of troep soldaten aanduidt 2 Sam. 3:22; Jer. 18:22, en vergelijk het voorbeeld van Israël in Hos. 4:2, Hos. 6:9 en Hos. 7:1. Over de manier van spreken dochter van de bende, vergelijk Job 5:7 en Zach. 4:14.

hij zal een belegering tegen ons stellen; De vijand, de koning van Babel. Dit zijn woorden van de profeet alsof hij zeide: Dit zal ons voorzeker overkomen, gij doet er tegen wat gij wilt of moogt.

Hertaald: hij zal een belegering tegen ons stellen; Namelijk de vijand, de koning van Babel. Dit zijn woorden van de profeet, alsof hij zei: dit zal ons zeker overkomen, doe ertegen wat u wilt of kunt.

rechter Israëls met de roede op het kinnebakken slaan Dat is, de regenten, of gouverneurs openbare schande en smaadheid aandoen. Zie 1 Kon. 22:24 ; Job 16:10 ; Ps. 3:8 ; Klaagl. 3:30 met de aantekening. Dit was een teken dat hun aardse koninkrijk een einde zou nemen; waartegen in het volgende de belofte gedaan wordt van een nieuwe hemelse Koning, de Messias.

Hertaald: rechter Israëls met de roede op het kinnebakken slaan Dat is: de bestuurders of gouverneurs openlijk schande en smaad aandoen. Zie 1 Kon. 22:24; Job 16:10; Ps. 3:8; Klaagl. 3:30 met de aantekening. Dit was een teken dat hun aardse koninkrijk zou eindigen; daartegenover wordt in het vervolg de belofte gegeven van een nieuwe, hemelse Koning, de Messias.

Micha 5 vers 2

gij, Dat is, u aangaande.

Hertaald: gij, Dat is: wat u betreft.

Bethlehem Efratha Zie Gen. 35:16 , Gen. 35:19 ; Richt. 12:8 , met de aantekening. Hebr. Bethlechem; dat is, broodhuis; gelijk Efrath of Efratha [welke ook de naam was van Kalebs huisvrouw, 1 Kron. 2:19 , 1 Kron. 2:24 ] komt van vruchtbaarheid.

Hertaald: Bethlehem Efratha Zie Gen. 35:16, Gen. 35:19; Richt. 12:8 met de aantekening. Hebreeuws: Bethlechem, dat is: broodhuis; zoals Efrath of Efratha — ook de naam van de vrouw van Kaleb, 1 Kron. 2:19, 1 Kron. 2:24 — van vruchtbaarheid komt.

zijt gij klein Dat is, gij zijt geenszins klein, Matt. 2:6 . Of [hoewel] gij klein zijt, enz. [nochtans] zal, enz. Anders aldus; Het [is wat] kleins, of gerings, een kleine zaak, dat gij zijt onder de duizenden, of voorgangers, vorsten, van Juda. [Verg. de aantekening van deze plaats, gedaan bij de overpriesters en schriftgeleerden voor de koning Herodes, Matt. 2:6 ] . De zin is: Gij zijt wel klein naar het uiterlijk aanzien, maar gij zult tot zeer grote waardigheid verheven worden door de geboorte van de Messias en Zaligmaker Jezus Christus.

Hertaald: zijt gij klein Dat is: u bent volstrekt niet klein, Matth. 2:6. Of: hoewel u klein bent, zal er toch, enzovoort. Anders aldus: het is iets kleins of gerings dat u onder de duizenden — of onder de voorgangers, vorsten — van Juda bent. Vergelijk de aanhaling van deze plaats door de overpriesters en schriftgeleerden voor koning Herodes in Matth. 2:6. De betekenis is: u bent naar het uiterlijk wel klein, maar u zult tot zeer grote waardigheid verheven worden door de geboorte van de Messias en Zaligmaker Jezus Christus.

duizenden van Juda? Dit ziet op de afdeling van de stammen in hun duizenden, hebbende elke duizend zijn hoofd en overste, of leidsman en voorganger, zie Richt. 6:15 ; 1 Sam. 10:19 , met de aantekening. Idem 1 Kron. 12:20 . Daarom staat bij Matt. 2:6 , onder de vorsten, of voorgangers, leidslieden, hertogen; zijnde daarenboven de twee Hebr. woorden, die duizend en een leidsman, of voorganger betekenen, elkander zeer na verwant en van een oorsprong.

Hertaald: duizenden van Juda? Dit ziet op de indeling van de stammen in hun duizendtallen, waarbij elk duizendtal zijn hoofd en overste of leidsman had; zie Richt. 6:15; 1 Sam. 10:19 met de aantekening, en ook 1 Kron. 12:20. Daarom staat er in Matth. 2:6: onder de vorsten of leidslieden. Bovendien zijn de twee Hebreeuwse woorden voor duizend en voor leidsman of voorganger sterk aan elkaar verwant en van dezelfde oorsprong.

Uit u zal Naar zijn menselijke natuur en ten aanzien dat het eeuwig en zelfstandig Woord van de Vader vlees zal worden, zo zal hij in u, o Bethlehem, geboren worden, en alzo uit u voortkomen, of uitgaan.

Hertaald: Uit u zal Naar Zijn menselijke natuur, en met het oog erop dat het eeuwige en zelfstandige Woord van de Vader vlees zou worden: zo zal Hij in u, o Bethlehem, geboren worden en dus uit u voortkomen.

Mij voortkomen, Woorden van God de Vader.

Hertaald: Mij voortkomen, Woorden van God de Vader.

Die een Heerser zal zijn in Israël, Hebr. om een heerser te zijn.

Hertaald: Die een Heerser zal zijn in Israël, Hebreeuws: om een heerser te zijn.

uitgangen zijn Of, hoewel zijn uitgangen, gelijk het woord uitgaan, of voortkomen, in het voorgaande gebruikt is van Christus voortkomst uit Bethlehem naar zijn mensheid, omdat Hij aldaar uit Maria zou geboren worden; alzo wordt hetzelfde Hebr. woord hier nu gebruikt van zijn eeuwige voortkomst of uitgang van de vader, tot betekenis van zijn eeuwige godheid en Goddelijke geboorte van de Vader, en dat in het veelvoudige getal, uitgangen, hetwelk niet vreemd in de Hebr. taal, inzonderheid tot betekenis van iets groots en iets bijzonders, [zie Ob. 1:21 ,enz.], als daar is de eeuwigheid van de Zoon met de Vader en zijn onbegrijpelijke geboorte van dezelve. Zie Hebr. 1:3 .

Hertaald: uitgangen zijn Of: hoewel Zijn uitgangen. Het woord uitgaan of voortkomen is hierboven gebruikt van Christus' voortkomst uit Bethlehem naar Zijn mensheid, omdat Hij daar uit Maria geboren zou worden. Hetzelfde Hebreeuwse woord wordt hier gebruikt van Zijn eeuwige voortkomst uit de Vader, ter aanduiding van Zijn eeuwige godheid en goddelijke geboorte uit de Vader. En dat in het meervoud, uitgangen, wat in het Hebreeuws niet vreemd is, vooral ter aanduiding van iets groots en bijzonders (zie Obadja 1:21, enzovoort) — zoals hier de eeuwigheid van de Zoon met de Vader en Zijn onbegrijpelijke geboorte uit Hem. Zie Hebr. 1:3.

van ouds, van de dagen der eeuwigheid Dat is, vóór het begin der schepping, ja van eeuwigheid, of eeuwige tijden af. Verg. Spr. 8:22-24 , Spr. 8:30-31 ; Joh. 1:1 , en Joh. 17:5 . Dat het Hebr. woord kredem, als het van God gebruikt wordt, somtijds eeuwigheid betekent, zie daarvan Deut. 33:27 met de aantekening.

Hertaald: van ouds, van de dagen der eeuwigheid Dat is: vóór het begin van de schepping, ja van eeuwigheid af. Vergelijk Spr. 8:22-24, Spr. 8:30-31; Joh. 1:1 en Joh. 17:5. Dat het Hebreeuwse woord kedem, wanneer het van God gebruikt wordt, soms eeuwigheid betekent, zie daarover Deut. 33:27 met de aantekening.

Micha 5 vers 3

Hij God.

Hertaald: Hij Namelijk God.

henlieden De Joden.

Hertaald: henlieden De Joden.

overgeven, Of, laten, onder de heerschappij en macht hunner vijanden, zo Babyloniërs als anderen, totdat hun koning de Messias komt.

Hertaald: overgeven, Of: laten, onder de heerschappij en macht van hun vijanden, zowel de Babyloniërs als anderen, totdat hun Koning, de Messias, komt.

baren zal, Totdat de Israëlietische kerk door de predikatie der apostelen ene menigte van geestelijke kinderen zal voortbrengen, zo Joden als inzonderheid heidenen. Verg. Jes. 54:1 , enz., en Jes. 66:7-8 ; of [gelijk sommigen] totdat de arbeid en kindsnood [dat is, het lijden der Joodse kerk] over is, en blijdschap kome, als wanneer ene vrouw verlost is; verg. Mi. 4:9-10 ; Joh. 16:20-21 . Men kan dit ook eenvoudig duiden op de geboorte van den Messias uit de maagd Maria. Verg. Jes. 7:4 .

Hertaald: baren zal, Totdat de Israëlitische kerk door de prediking van de apostelen een menigte geestelijke kinderen zal voortbrengen, zowel Joden als vooral heidenen. Vergelijk Jes. 54:1, enzovoort, en Jes. 66:7-8. Volgens sommigen: totdat de barensnood — dat is: het lijden van de Joodse kerk — voorbij is en de blijdschap komt, zoals wanneer een vrouw verlost is; vergelijk Micha 4:9-10; Joh. 16:20-21. Men kan dit ook eenvoudig betrekken op de geboorte van de Messias uit de maagd Maria. Vergelijk Jes. 7:14.

de overigen Hebr. het overige zullen, enz.

Hertaald: de overigen Hebreeuws: het overige zal, enzovoort.

Zijner broederen zich bekeren Des Heeren Christus broeders, namelijk de uitverkorenen uit de heidenen, die zich tot de gemeenschap van Christus en zijner kerk zullen begeven, en met de Joden onder een hoofd door een geloof verening worden. Zie Joh. 10:16 ; Ef. 2:11-12 , enz.; Hebr. 2:11-12 .

Hertaald: Zijner broederen zich bekeren De broeders van de Heere Christus, namelijk de uitverkorenen uit de heidenen, die zich zullen voegen bij de gemeenschap van Christus en Zijn kerk en die met de Joden onder één Hoofd door één geloof verenigd zullen worden. Zie Joh. 10:16; Ef. 2:11-12, enzovoort; Hebr. 2:11-12.

met de kinderen Israëls Anders: tot, de zin overeenkomende.

Hertaald: met de kinderen Israëls Anders: tot; de betekenis komt op hetzelfde neer.

Micha 5 vers 4

Hij zal De voorzeide heerser, de Messias.

Hertaald: Hij zal Namelijk de genoemde Heerser, de Messias.

staan, Dat is, steeds bezig zijn met verrichting van zijn ambt, als een getrouwe herder, die goede wacht houdt over zijn kudde, en altijd op de been is, gelijk men zegt. Verg. Mi. 7:14 ; Zach. 1:8 , en Zach. 3:5, en de manier van spreken met Zach. 14:4, Zach. 14:12. Of, Hij zal staan, dat is bestaan, een bestendige heerschappij hebben.

Hertaald: staan, Dat is: voortdurend bezig zijn met de uitoefening van Zijn ambt, als een trouwe herder die goede wacht houdt over zijn kudde en altijd op de been is, zoals men zegt. Vergelijk Micha 7:14; Zach. 1:8 en Zach. 3:5, en de manier van spreken met Zach. 14:4, Zach. 14:12. Of: Hij zal staan, dat is: standhouden, een blijvende heerschappij hebben.

weiden Als een herder zijn kudde, met den staf van zijn Woord en Geest, of weiden, dat is regeren, in enen zin. Zie 2 Sam. 5:2 , enz. Waarom ook voor heersen, [ vs.1], staat Matt. 2:6 , weiden.

Hertaald: weiden Zoals een herder zijn kudde weidt, met de staf van Zijn Woord en Geest. Of: weiden, dat is: regeren, in dezelfde betekenis. Zie 2 Sam. 5:2, enzovoort. Daarom staat er in Matth. 2:6 weiden waar vers 2 heersen heeft.

HEEREN, Zijns Vaders, die ook zijn eigen kracht is. Zie Joh. 10:38 , en Joh. 14:10 ; waarom hem de hhogheid of voortreffelijkheid van den naam van zijn Vader wordt toegeëigend. Verg. Joh. 5:18 ; Fil. 2:6 ; Hebr. 1:3 , Hebr. 1:5 .

Hertaald: HEEREN, Namelijk van Zijn Vader, Die ook Zijn eigen kracht is. Zie Joh. 10:38 en Joh. 14:10; daarom wordt Hem de hoogheid of voortreffelijkheid van de naam van Zijn Vader toegekend. Vergelijk Joh. 5:18; Filipp. 2:6; Hebr. 1:3, Hebr. 1:5.

zij zullen wonen, Zijne onderdanen of schapen zullen een gerusten, vasten en zekeren staat hebben onder dezen heerser en herder. Verg. Mi. 4:4 , enz.

Hertaald: zij zullen wonen, Zijn onderdanen of schapen zullen onder deze Heerser en Herder een rustige, vaste en veilige staat hebben. Vergelijk Micha 4:4, enzovoort.

want Of, wanneer Hij nu groot zal zijn, enz.

Hertaald: want Of: wanneer Hij nu groot zal zijn, enzovoort.

nu zal Hij Dat is, al haast, ter gezetter tijd. Zie Mi. 4:10 .

Hertaald: nu zal Hij Dat is: spoedig, op de gestelde tijd. Zie Micha 4:10.

zijn tot aan de einden der aarde Of, worden; amders: groot gemaakt worden; dat is, zijne eer en heerlijkheid zal wassen, uitgebreid en vermaard worden, door de predikatie van het Evangelie en de werking van den Heiligen Geest onder de heidenen; of, Hij zal zijne grootheid en heerlijkheid alzo bewijzen, tot aan de uiterste einden der aarde.

Hertaald: zijn tot aan de einden der aarde Of: worden; anders: groot gemaakt worden. Dat is: Zijn eer en heerlijkheid zal groeien, zich uitbreiden en vermaard worden door de prediking van het Evangelie en de werking van de Heilige Geest onder de heidenen. Of: Hij zal Zijn grootheid en heerlijkheid zo bewijzen, tot aan de uiterste einden van de aarde.

Micha 5 vers 5

Vrede zijn; Dit is een reden, waarom de kerk van Christus zo vast en vredig wonen zal, als in het voorgaande beloofd is; om dat Christus Verde zal zijn; dat is, zijn geestelijken en goddelijken vrede haar onfeilbaar en in alle manieren geven en beschikken, dien haar geen vijand zal kunnen ontnemen, [verg. Richt. 6:24 , en Joh. 14:27 ] , hoewel zij in de wereld veel zal moeten lijden; waartegen zij in het volgende getroost wordt.

Hertaald: Vrede zijn; Dit is een reden waarom de kerk van Christus zo vast en vredig zal wonen als in het voorgaande beloofd is: omdat Christus vrede zal zijn. Dat is: Hij zal haar Zijn geestelijke en goddelijke vrede onfeilbaar en op alle manieren geven en beschikken, een vrede die geen vijand haar zal kunnen ontnemen (vergelijk Richt. 6:24 en Joh. 14:27), hoewel zij in de wereld veel zal moeten lijden. Daartegen wordt zij in het vervolg getroost.

wanneer Assur in ons land zal komen, Hier wordt de kerk ingevoerd, betuigende hare gerustheid en vertrouwen, dat zij op dezen haren Koning heeft, tegen alle vijandelijkheid, die haar zal mogen bejegenen. Verg. Jes. 41:25 , en Jes. 59:19 , met de aantekening. De eenvoudigste zin dezer figuurlijke woorden schijnt te zijn: Wanneer de vijanden der kerk en de kinderen dezer wereld [afgebeeld door de vijandelijke Assyriërs en Nimrods land] haar over last zullen doen, [hetwelk zij van tevoren wel weet dat haar zal wedervaren] dat zij alsdan van haren Koning [die, in vs.5, gezegd wordt] van Assur te redden daartegen genoeg, ja overvloediglijk, met tegenweer en wederwraak voorzien zal zijn, om haar geestelijken staat te handhaven en de vijanden te straffen; [alzo wel, alsof zij] zeven, of acht heirlegers onder zoveel krijgsoversten kon te velde brengen tegen de Assyriërs en Chaldeën]; en dat vooreerst door het zwaard en het goddelijke Woord, en het middel der kerkelijke tucht [welke de geestelijke wapenen der kerk zijn] gebruikt van herders en regeerders der kerk [waarvan sommigen dit alleen verstaan, alsook van de bekering der voorzeide vijanden

Hertaald: wanneer Assur in ons land zal komen, Hier wordt de kerk sprekend ingevoerd, terwijl zij haar gerustheid en vertrouwen op deze Koning betuigt tegen alle vijandigheid die haar kan overkomen. Vergelijk Jes. 41:25 en Jes. 59:19 met de aantekening. De eenvoudigste betekenis van deze beeldende woorden lijkt te zijn: wanneer de vijanden van de kerk en de kinderen van deze wereld — afgebeeld door de vijandige Assyriërs en het land van Nimrod — haar overlast aandoen, wat zij tevoren al weet dat haar zal overkomen, dan zal zij door haar Koning, van Wie in vers 6 gezegd wordt dat Hij van Assur redt, ruim voldoende, ja overvloedig van tegenweer en wraak voorzien zijn om haar geestelijke staat te handhaven en de vijanden te straffen — alsof zij zeven of acht legers onder evenzoveel legeraanvoerders tegen de Assyriërs en Chaldeeën te velde kon brengen. En dat allereerst door het zwaard van het goddelijke Woord en door de kerkelijke tucht, die de geestelijke wapens van de kerk zijn, gehanteerd door de herders en bestuurders van de kerk — waar sommigen dit alleen op betrekken, evenals op de bekering van de genoemde vijanden

wanneer Assur in ons land zal komen, tot de gemeenschap der kerk en haar kerkelijke en geestelijke weiding en regering]. Daarna ook, nu en dan, uiterlijk en lichamelijk [gelijk anderen hier bijvoegen] wanneer het den Zoon Gods believen mag zijne kerk van der vijanden overval door zijne helden, die Hij ten beste van zijn volk verwekken kan, te verlossen en de vijanden te verdelgen, zulks Hij zelf ten laatste eens volkomenlijk zal doen. Verg. vs.8, 14.

Hertaald: wanneer Assur in ons land zal komen, tot de gemeenschap van de kerk en tot haar kerkelijke en geestelijke weiding en bestuur. Daarna ook, nu en dan, uiterlijk en lichamelijk, zoals anderen hieraan toevoegen: wanneer het de Zoon van God behaagt Zijn kerk van de overval van de vijanden te verlossen door helden die Hij ten beste van Zijn volk kan verwekken, en de vijanden te verdelgen — wat Hij ten slotte eenmaal volkomen zal doen. Vergelijk vers 9 en 15. De bron verdeelt deze ene noot over twee stukken met hetzelfde kopwoord.

stellen Of, over hem verwekken, doen opstaan, verkiezen, beroepen, ordineren, te weten, door de regering en het beleid van onzen Koning en zijnen Geest. Zie Hand. 13:2 , enz., idem Hand. 20:28 ; Ef. 4:11 .

Hertaald: stellen Of: over hem verwekken, doen opstaan, uitkiezen, roepen, aanstellen, namelijk door het bestuur en het beleid van onze Koning en Zijn Geest. Zie Hand. 13:2, enzovoort, en ook Hand. 20:28; Ef. 4:11.

zeven Dat is, genoeg, of veel, een zeker getal voor een onzeker. Verg. Pred. 11:2 met de aantekening.

Hertaald: zeven Dat is: genoeg, of veel; een bepaald getal voor een onbepaald. Vergelijk Pred. 11:2 met de aantekening.

herders, Kerkelijke en politieke regenten, ook krijgsoversten, gelijk het krijgsvolk ook kudden genoemd worden. Zie Jer. 49:19-20 met de aantekening.

Hertaald: herders, Kerkelijke en burgerlijke bestuurders, en ook legeraanvoerders, aangezien het krijgsvolk ook kudden genoemd wordt. Zie Jer. 49:19-20 met de aantekening.

vorsten Of, voornamen, geweldigen, stadhouders. Zie Ezech. 32:30 .

Hertaald: vorsten Of: aanzienlijken, machtigen, stadhouders. Zie Ezech. 32:30.

uit de mensen Hebr. des, of een mensen, der mensen; dat is, naar sommigen gevoelen, uit de gemene lieden. Verg. Ps. 4:3 . Zodat de slechtsten van Gods kerk, door wettelijk beroep en den Geest des Heeren Christus, bekwaam zullen worden tot tegenstand; gelijk God Mozes en Aäron, enz., en Christus zijne apostelen, uit de menigte, en voorts de anderen door de apostelen en zijn volk, beroepen en daartoe ingesteld heeft. Zie Hand. 4:13 . Of, men kan het aldus nemen: de vorsten der mensen; dat is, de treffelijksten en dappersten, die in het midden van ons begaafd zijn met den geest der dapperheid. Verg. Ps. 149:6-9 met de aantekening, idem Joh. 16:8-11 , en 2 Kor. 10:4-5 .

Hertaald: uit de mensen Hebreeuws: van de mensen; dat is volgens sommigen: uit het gewone volk. Vergelijk Ps. 4:3. Zo zullen de eenvoudigsten van Gods kerk door een wettige roeping en door de Geest van de Heere Christus bekwaam worden tot tegenstand. Zo heeft God Mozes en Aäron, en Christus Zijn apostelen, uit de menigte geroepen en daartoe aangesteld, en verder de anderen door de apostelen en Zijn volk. Zie Hand. 4:13. Of men kan het zo opvatten: de vorsten van de mensen, dat is: de voortreffelijksten en dappersten, die in ons midden begiftigd zijn met de geest van de dapperheid. Vergelijk Ps. 149:6-9 met de aantekening, en ook Joh. 16:8-11 en 2 Kor. 10:4-5.

Micha 5 vers 6

Nimrod Zie Gen. 10:8-10 .

Hertaald: Nimrod Zie Gen. 10:8-10.

ingangen Of, openingen, deuren des lands, dat is, frontieren, grenzen, of waar het land open is. Anders: met deszelfs [lands eigen] blote zwaarden, omdat een ander verwant Hebr. woord alzo genomen wordt; zie Ps. 55:22 , met de aantekening.

Hertaald: ingangen Of: openingen, deuren van het land, dat is: de grenzen, of de plaatsen waar het land open ligt. Anders: met de blote zwaarden van dat land zelf, omdat een verwant Hebreeuws woord zo opgevat wordt; zie Ps. 55:22 met de aantekening.

Hij ons redden van Assur, De heerser, die uit Bethlehem zal voortkomen, zal dat doen, gebruikende daartoe en zegenende de voorzeide middelen.

Hertaald: Hij ons redden van Assur, De Heerser Die uit Bethlehem zal voortkomen zal dat doen, waarbij Hij de genoemde middelen gebruikt en zegent.

Micha 5 vers 7

dauw van den HEERE, Omdat uit Jakobs overblijfsel Christus [naar het vlees] en zijne apostelen, en voorts uit de algemene kerk leraars zouden voortkomen, die door de predikatie van het Evangelie van de zaligmakende genade, vele volken zouden bedruipen en overgieten als met een hemelsen dauw en lieflijke regendroppelen, waarbij de Geest des Heeren [wiens werk dat alleen is] alzo zou werken in de harten der uitverkorenen, dat er menigten van gelovigen ter ere Gods zouden opschieten, of geboren worden, wassen, groeien en bleoien, enz. Verg. Ps. 110:3 ; Jes. 26:19 , en Jes. 66:8-9 ; Ezech. 47:7 met de aantekening, enz.; idem 1 Kor. 3:6-7 .

Hertaald: dauw van den HEERE, Uit het overblijfsel van Jakob zouden Christus naar het vlees en Zijn apostelen voortkomen, en verder uit de algemene kerk leraars. Die zouden door de prediking van het Evangelie van de zaligmakende genade veel volken bedruipen en overgieten als met een hemelse dauw en liefelijke regendruppels. Daarbij zou de Geest van de HEERE — Wiens werk dat alleen is — zo in de harten van de uitverkorenen werken dat er menigten gelovigen ter ere van God zouden opschieten, geboren worden, groeien en bloeien. Vergelijk Ps. 110:3; Jes. 26:19 en Jes. 66:8-9; Ezech. 47:7 met de aantekening, enzovoort, en ook 1 Kor. 3:6-7.

geen man wacht, Dat is, zodat dit gewas louter en alleenlijk een werk Gods zal zijn ven boven. Verg. Job 38:26-27 , met de aantekening.

Hertaald: geen man wacht, Dat is: zodat dit gewas louter en alleen een werk van God van boven zal zijn. Vergelijk Job 38:26-27 met de aantekening.

Micha 5 vers 8

leeuw onder de beesten des wouds, Vrijmoedig in zijnen weg, en zijnen vijanden vreeslijk, door de onoverwinnelijke kracht van hun Hoofd Christus [den leeuw uit Juda, Openb. 5:5 ] en van zijn Geest. Zie Joh. 16:33 ; 1 Joh. 5:4-5 . Sommigen stellen tegen elkander der kerken dauw, als lieflijk voor de boetvaardigen, en den leeuw, als vreeslijk tegen de onboetvaardigen en hardnekkigen, in het gebruik der sleutels van het hemelrijk.

Hertaald: leeuw onder de beesten des wouds, Vrijmoedig op zijn weg en vreselijk voor zijn vijanden, door de onoverwinnelijke kracht van hun Hoofd Christus — de Leeuw uit Juda, Openb. 5:5 — en van Zijn Geest. Zie Joh. 16:33; 1 Joh. 5:4-5. Sommigen stellen de dauw van de kerk, liefelijk voor de boetvaardigen, tegenover de leeuw, vreselijk voor de onboetvaardigen en hardnekkigen, bij het gebruik van de sleutels van het hemelrijk.

verscheurt hij, Verg. Ps. 7:3 .

Hertaald: verscheurt hij, Vergelijk Ps. 7:3.

Micha 5 vers 9

hand zal verhoogd zijn boven uw wederpartijders, Dat is, macht, o Jakob, uit het voorgaande. Verg. Gen. 49:8 , en zie Gen. 16:6 .

Hertaald: hand zal verhoogd zijn boven uw wederpartijders, Dat is: uw macht, o Jakob, uit het voorgaande. Vergelijk Gen. 49:8, en zie Gen. 16:6.

al uw vijanden zullen uitgeroeid worden Niet alleen de geestelijke, maar ook ten laatste alle lichamelijke, gelijk vs.14.

Hertaald: al uw vijanden zullen uitgeroeid worden Niet alleen de geestelijke, maar ten slotte ook alle lichamelijke, zoals vers 15.

Micha 5 vers 10

paarden uit het midden van u zal uitroeien, De Heere wil hier en in het volgende zeggen dat Hij alles, waarmede zijn volk Hem nu zolang onteerd en vertoorn had, zal wegnemen, te weten den vleselijken arm, allen ijdelen, afgodischen en duivelsen toeverlaat; en zijne kerk alzo heiligen, dat zij zich op Hem alleen verlate, Hem alleen godsdienstig ere en diene, en onder zijne bescherming zeker zijnde, door zijne macht en oordelen over al hare vijanden zegeviere. Verg. Hos. 1:7 , en Hos. 14:4 met de aantekening.

Hertaald: paarden uit het midden van u zal uitroeien, De HEERE wil hier en in het vervolg zeggen dat Hij alles zal wegnemen waarmee Zijn volk Hem zo lang onteerd en vertoornd had: de vleselijke arm en alle ijdele, afgodische en duivelse toevluchten. Zo zal Hij Zijn kerk heiligen, opdat zij zich alleen op Hem verlaat, Hem alleen godsdienstig eert en dient, en onder Zijn bescherming veilig door Zijn macht en oordelen over al haar vijanden zal zegevieren. Vergelijk Hos. 1:7 en Hos. 14:4 met de aantekening.

Micha 5 vers 12

guichelaars hebben Zie Lev. 19:26 .

Hertaald: guichelaars hebben Zie Lev. 19:26.

Micha 5 vers 13

werk uwer handen De afgodische beelden.

Hertaald: werk uwer handen De afgodsbeelden.

Micha 5 vers 14

bossen uit het midden van u uitroeien, Ter ere der afgoden gesticht, en tot afgoderij gebruikt; zie Deut. 12:3 , en Deut. 16:21 , met de aantekening en verg. hiermede Ezech. 43:7-9 .

Hertaald: bossen uit het midden van u uitroeien, Die ter ere van de afgoden gesticht en voor afgoderij gebruikt werden; zie Deut. 12:3 en Deut. 16:21 met de aantekening, en vergelijk hiermee Ezech. 43:7-9.

Micha 5 vers 15

horen Dat is, gehoorzaam. Verg. Jes. 60:12 ; Jer. 12:17 . Anders: welke [te weten, wraak, dat is, desgelijks] zij niet hebben gehoord; dat is, desgelijks nooit tevoren gehoord is.

Hertaald: horen Dat is: gehoorzaam zijn. Vergelijk Jes. 60:12; Jer. 12:17. Anders: welke wraak zij niet gehoord hebben, dat is: waarvan nooit eerder iets dergelijks gehoord is.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
En gij, Bethlehem Efratha  — het messiaanse sleutelvers van dit boek: uit de kleinste plaats komt de Eeuwige voort (Micha 5:1-3)

"En gij, Bethlehem Efratha! zijt gij klein om te wezen onder de duizenden van Juda? Uit u zal Mij voortkomen, Die een Heerser zal zijn in Israel, en Wiens uitgangen zijn van ouds, van de dagen der eeuwigheid" (Micha 5:1). Er volgt een tussentijd: "Daarom zal Hij henlieden overgeven, tot den tijd toe, dat zij, die baren zal, gebaard hebbe; dan zullen de overigen Zijner broederen zich bekeren met de kinderen Israels" (Micha 5:2). En dan Zijn werk: "En Hij zal staan, en zal weiden in de kracht des HEEREN, in de hoogheid van den Naam des HEEREN, Zijns Gods, en zij zullen wonen, want nu zal Hij groot zijn tot aan de einden der aarde" (Micha 5:3).

Bijbelse betekenis: Merk op de tegenstelling in Micha 5:1: klein om te wezen onder de duizenden van Juda, en toch de plaats van herkomst van Wie Zijn uitgangen zijn van ouds, van de dagen der eeuwigheid. De kleinheid van de plaats staat tegenover de eeuwigheid van Degene Die eruit voortkomt. Let vervolgens op het woordje Mij in Micha 5:1: het is de HEERE Zelf Die spreekt, en Hij zegt dat deze Heerser aan Hemzelf zal voortkomen. Let ten slotte op Micha 5:3: Zijn heerschappij wordt getekend als weiden — Hij regeert als een herder, in de kracht van de HEERE. Zijn grootte reikt tot de einden der aarde, verder dan enige aardse koning van Juda ooit reikte.

Typologie: Wanneer de wijzen naar de geboorteplaats van de Koning der Joden vragen, halen de schriftgeleerden dit vers aan: "uit u zal de Leidsman voortkomen, Die Mijn volk Israel weiden zal" (Matt. 2:6). Let op het woordverschil: waar Micha "Heerser" heeft, citeert Mattheüs "Leidsman". Lukas noemt Bethlehem uitdrukkelijk "de stad Davids", omdat Jozef uit het huis en geslacht van David was (Luk. 2:4).

Micha 5:1-3; Matt. 2:6; Luk. 2:4

En Deze zal Vrede zijn  — een korte belijdenis binnen de belofte van de Heerser (Micha 5:4-5)

"En Deze zal Vrede zijn; wanneer Assur in ons land zal komen, en wanneer hij in onze paleizen zal treden, zo zullen wij tegen hem stellen zeven herders, en acht vorsten uit de mensen" (Micha 5:4). Wat die herders en vorsten doen, staat in het vers erna: "Die zullen het land van Assur afweiden met het zwaard, en het land van Nimrod in deszelfs ingangen" (Micha 5:5a). Het vers besluit met het doel ervan: "Alzo zal Hij ons redden van Assur, wanneer dezelve in ons land zal komen, en wanneer hij in onze landpale zal treden" (Micha 5:5b).

Bijbelse betekenis: Merk op de korte, krachtige zin waarmee Micha 5:4 begint: en Deze zal Vrede zijn. Niet een zegen die Hij brengt, maar een naam die Hij Zelf draagt. Let vervolgens op de spanning met wat er meteen op volgt: Assur die het land binnenvalt. Vrede wordt hier niet getekend als afwezigheid van dreiging, maar als iets dat standhoudt te midden van een vijand die daadwerkelijk komt. Let ten slotte op het getal zeven herders en acht vorsten — een gebruikelijke Hebreeuwse manier om een ruim voldoende aantal aan te duiden; er zal geen gebrek zijn aan wie het land verdedigen.

Typologie: Deze naam, Vrede, past bij de andere namen die Jesaja aan dezelfde Persoon geeft: "Vredevorst" (reeds behandeld bij Jes. 9:5).

Micha 5:4-5; Jes. 9:5

Jakobs overblijfsel: een dauw, en een leeuw  — twee beelden die tegenover elkaar lijken te staan, maar allebei van het overblijfsel gelden (Micha 5:6-7)

"En Jakobs overblijfsel zal zijn in het midden van vele volken, als een dauw van den HEERE, als droppelen op het kruid, dat naar geen man wacht, noch mensenkinderen verbeidt" (Micha 5:6). Dan volgt een heel ander beeld: "Ja, het overblijfsel van Jakob zal zijn onder de heidenen, in het midden van vele volken, als een leeuw onder de beesten des wouds, als een jonge leeuw onder de schaapskudden; dewelke, wanneer hij doorgaat, zo vertreedt en verscheurt hij, dat niemand redde" (Micha 5:7).

Bijbelse betekenis: Merk op wat de twee beelden gemeen hebben: beide beschrijven iets waar de mens part noch deel aan heeft. Dauw ontstaat zonder dat een mens hem maakt of tegenhoudt; een leeuw wacht evenmin op toestemming voordat hij toeslaat. In beide gevallen wordt de kracht van het overblijfsel niet aan zijn eigen inspanning toegeschreven maar aan wat er buiten de mens om gebeurt. Let vervolgens op het contrast tussen de twee beelden zelf: het ene verkwikt (dauw op het kruid), het andere verwoest (een leeuw onder de kudde). Het register laat beide beelden naast elkaar staan zoals de tekst ze geeft, zonder ze tot één les samen te trekken.

Typologie: De zegen die niet van mensenwerk afhangt, is dezelfde gedachte die Paulus uitspreekt: "Ik heb geplant, Apollos heeft nat gemaakt; maar God heeft den wasdom gegeven" (1 Kor. 3:6).

Micha 5:6-7; 1 Kor. 3:6-7

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

Het beloofde Zaad niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe

En gij, Bethlehem Efratha — 5:1-4

Micha heeft zojuist de belegering van Jeruzalem aangekondigd en de vernedering van de rechter van Israël. En dan wendt hij zich, midden in dat onheil, tot een dorpje van niets, een paar uur ten zuiden van de stad.

De Heerser komt niet uit de hoofdstad maar uit het kleinste dorp — en Zijn uitgangen zijn van de dagen der eeuwigheid.

Bethlehem was geen plaats van betekenis. De kanttekening merkt op dat de naam broodhuis betekent, en dat Efratha met vruchtbaarheid te maken heeft — maar de stad zelf telde niet mee onder de duizenden van Juda.

En juist daar vandaan komt de Heerser. De kanttekening vat de bedoeling zo samen: u bent volstrekt niet klein, en verwijst daarbij naar de aanhaling in Mattheüs 2.

Het tweede deel van het vers is het opzienbarendst. Wiens uitgangen zijn van ouds, van de dagen der eeuwigheid. Van een mens die geboren wordt zegt men niet dat zijn uitgangen van eeuwigheid zijn. Hier staan de twee naturen naast elkaar in één zin: geboren in een dorp, en van de dagen der eeuwigheid.

Wat er in Mattheüs mee gebeurt, is opmerkelijk genoeg om apart te noemen. Wanneer de wijzen naar de pasgeboren Koning vragen, roept Herodes de overpriesters en schriftgeleerden bijeen, en die weten het antwoord meteen: te Bethlehem in Judea, want alzo is geschreven door den profeet. Zij kennen de plaats, zij citeren het vers — en zij gaan niet kijken. De heidenen uit het oosten leggen de reis af; de kenners van de Schrift blijven zitten.

  1. Micha 5:1 — Uit Bethlehem Efratha zal Mij voortkomen Die een Heerser zal zijn.
  2. Micha 5:1 — Wiens uitgangen zijn van ouds, van de dagen der eeuwigheid.
  3. 1 Samuël 16:1 — Uit datzelfde Bethlehem werd eerder David geroepen.
  4. Mattheüs 2:5-6 — De schriftgeleerden noemen de plaats meteen — en gaan niet kijken.
  5. Lukas 2:4-7 — Jozef en Maria komen naar Bethlehem, en daar wordt Hij geboren.
  6. Johannes 8:58 — Eer Abraham was, ben Ik.

In het Nieuwe Testament: Mattheüs 2:5-6; Lukas 2:4-7; Johannes 8:58; Johannes 1:1

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Micha 5

Micha 5:1.KruisverwijzingenKlaagliederen 3:30Job 16:10Jesaja 33:22Joël 3:92 Koningen 25:1Mattheüs 5:39Jesaja 8:9Jeremia 4:7
— En gij, Bethlehem Efratha! zijt gij klein om te wezen onder de duizenden van Juda? Uit u zal Mij voortkomen, Die een Heerser zal zijn in Israel, en Wiens uitgangen zijn van ouds, van de dagen der eeuwigheid.
“En gij, Bethlehem Efratha! zijt gij klein om te wezen onder de duizenden van Juda? Uit u zal Mij voortkomen, Die een Heerser zal zijn in Israel, en Wiens uitgangen zijn van ouds, van de dagen der eeuwigheid.”

Zouden wij vragen of Christus altijd bestaan heeft, dan antwoorden wij: ja, want onze tekst zegt: “Wiens uitgangen zijn van ouds, van de dagen der eeuwigheid”. Christus heeft Zijn uitgangen gehad in Zijn Godheid. Hij is geen verborgen en zwijgend Persoon geweest tot aan Zijn geboorte in Bethlehem; dat pasgeboren Kind had al lang daarvoor wonderen gewrocht.

Dat Kind, sluimerend in de armen van Zijn moeder, was het Kind van die dag, maar Hij was ook de Oude van de eeuwigheid. Hij diende Zijn volk als hun Vertegenwoordiger voor de troon van God, nog voordat zij in de wereld verwekt waren.

Van eeuwigheid af grepen Zijn machtige vingers de pen, de stift van de eeuwen, en schreven zij Zijn eigen naam: de naam van de eeuwige Zoon van God. Van eeuwigheid af tekende Hij het verdrag met Zijn Vader. Hij zou ten behoeve van Zijn volk bloed voor bloed betalen, wonde voor wonde, lijden voor lijden, benauwdheid voor benauwdheid en dood voor dood. Van eeuwigheid af gaf Hij Zichzelf over zonder een mopperend woord. Hij zou van de kruin van Zijn hoofd tot de zool van Zijn voeten bloed zweten. Hij zou bespuwd en doorstoken en bespot en vaneengescheurd worden, en de pijn van de dood en de benauwdheden van het kruis lijden.

Sta stil, mijn ziel, en verwonder u! Wij hadden onze oorsprong in de persoon van Jezus, van eeuwigheid af. Hij dacht dikwijls aan ons; van eeuwigheid tot eeuwigheid had Hij Zijn liefde op ons gezet.

Micha 5:3.KruisverwijzingenHosea 11:8Micha 4:7Jesaja 10:20Micha 4:9Micha 7:13Romeinen 9:27Jeremia 31:7Romeinen 11:4
— En Hij zal staan, en zal weiden in de kracht des HEEREN, in de hoogheid van den Naam des HEEREN, Zijns Gods, en zij zullen wonen, want nu zal Hij groot zijn tot aan de einden der aarde.
“En Hij zal staan, en zal weiden in de kracht des HEEREN, in de hoogheid van den Naam des HEEREN, Zijns Gods, en zij zullen wonen, want nu zal Hij groot zijn tot aan de einden der aarde.”

Er kan geen twijfel over bestaan dat de profeet hier op de Messias doelt, onze Heere Jezus Christus. Dit betekent natuurlijk niet dat Jezus Christus ooit groter zal worden dan Hij wezenlijk en van nature altijd is. Als de Zoon van God is Hij oneindig in heerlijkheid en kan Hij niet groter worden. Als Koning der koningen en Heere der heren vervult Zijn heerlijkheid de onmetelijkheid. Voor Hem brengen alle verstandelijke geesten die God gehoorzamen hun gedurige hulde. Hij is zo groot dat wij ons, terwijl wij tot Hem opzien, in Hem verblijden kunnen als onze Broeder. En dat wij tegelijk voor Zijn aangezicht verootmoedigd worden wanneer wij bedenken dat Hij onze Gód is.

Jezus Christus zal dus niet wezenlijk groter worden dan Hij nu is. De grootheid waarvan hier sprake is, is niet die van Zijn wezen maar die van Zijn openbaarwording. Christus zal groot gemaakt worden in het oordeel, in het hart en in het verstand van de mensen, zoals Hij te allen tijde groot is in Zichzelf.

Lezen wij in de tekst dat Hij nu groot zal zijn tot aan de einden van de aarde, dan mogen wij bedenken dat Hij in de hemel al groót is. De mens verwerpt Hem. En hoe pijnlijk is de gedachte dat menigten in deze wereld Zijn naam niet eens gehoord hebben! Nog veel meer menigten kennen die naam alleen om haar te lasteren. En toch is er een plaats waar Zijn naam groot is.

In elke gouden straat wordt die naam bezongen. De snaren van elke heilige harp in de hemel zijn gestemd op de melodieën van Zijn lof. Alle welluidende gezangen die de engelenscharen daarboven zingen, zijn er om Hem te verheffen en groot te maken. Zij verlustigen zich erin Hem te dienen.

Met die gedachte mogen wij ons vertroosten wanneer de godslastering overhandneemt en de liefde van velen verkoudt. Er is tenminste één heiligdom waar Hij altijd aangebeden wordt. Er is één gelukkiger en beter land waar het geluid van de lastering Hem nooit ontheiligt, en waar Hij door elk schepsel bemind en aangebeden en geëerbiedigd wordt.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Spurgeon Citaten

Christus heeft ons niet pas liefgehad toen wij in de wereld geboren werden; Zijn vermakingen waren al met de mensenkinderen voordat er ook maar één van hen was.

Verdiepende artikelen

Het verhaal van Gods liefde

Blog

HET VERHAAL VAN GODS LIEFDE Met Kerst worden we eraan herinnerd dat God een plan van verlossing klaar had voor Zijn volk; een plan dat draait om de…

Schapen die hun herder koesteren

Hij Verkwikt Mijn Ziel

Hij zal staan en hen weiden in de kracht van de HEERE. Micha 5:3 Christus regeert Zijn kerk als een herder-Koning. Hij heerst over Zijn volk, maar het…

Waar we moeten komen om de Heere te ontmoeten

Met Spurgeon Het Jaar Door

...en Wiens uitgangen zijn vanouds, van de dagen der eeuwigheid. Micha 5:1 Jezus Christus verschijnt niet elke dag aan Zijn gelovigen. Hij kwam niet eerder tot Jakob dan…

Is Hij uw Heerser?

Met Spurgeon Het Jaar Door

... Die een Heerser zal zijn in Israël. Micha 5:1 Waartoe is Jezus gekomen? Hij is gekomen om een Heerser te zijn in Israël. Het is iets heel…

De Christus van de kleinen

Met Spurgeon Het Jaar Door

En gij, Bethlehem Efratha, zijt gij klein om te wezen onder de duizenden van Juda? Uit u zal Mij voortkomen, Die een Heerser zal zijn in Israël. Micha…

Verbonden met God de Eeuwige

Met Spurgeon Het Jaar Door

Uit u zal Mij voortkomen, Die een Heerser zal zijn in Israël. Micha 5:1 Wie heeft Jezus gezonden? ‘Uit u,’ zegt de Heere, sprekende bij monde van Micha,…

Hemelse Heirscharen

Korte Overdenkingen

En gij, Bethlehem Efratha, zijt gij klein om te wezen onder de duizenden van Juda? Uit u zal Mij voortkomen, Die een Heerser zal zijn in Israël. Micha…

Hij zal staan en weiden in de kracht van de HEERE

Voor Iedere Morgen

Bijbels Dagboek, C.H. Spurgeon  "Voor Iedere Morgen" Hij zal staan en weiden in de kracht van de HEERE, in de majesteit van de Naam van de HEERE, Zijn…

Uitgangen van eeuwigheid

Nabij De Zon

En gij, Bethlehem Efratha! zijt gij klein om te wezen onder de duizenden van Juda? Uit u zal Mij voortkomen. Die een Heerser zal zijn in Israël, en…

Het wonder van Bethlehem

Preken

Een preek uitgesproken op zondagmorgen 23 december 1855, door C.H. Spurgeon, in de New Park Street Chapel, Southwark. En gij, Bethlehem Efratha! zijt gij klein om te wezen…

De vleeswording en geboorte van Christus

Preken

Een preek uitgesproken op zondagmorgen 23 december 1855, door C.H. Spurgeon, in de New Park Street Chapel, Southwark. En gij, Bethlehem Efratha! zijt gij klein om te wezen…

God heeft een eeuwige liefde voor Zijn volk

Voor Iedere Avond

Bijbels Dagboek, C.H. Spurgeon  "Voor Iedere Avond" Wiens uitgangen zijn van ouds, van de dagen van de eeuwigheid. Micha 5:1 De Heere Jezus was vanaf Zijn oorsprong voor Zijn…

Dauwdruppels

Bank Des Geloofs

En Jakobs overblijfsel zal zijn in het midden van vele volken, als een dauw van den Heere, als droppelen op het kruid, dat naar geen man wacht, noch…

Een Heerser in Israël

Korte Overdenkingen

En gij, Bethlehem Efratha, zijt gij klein om te wezen onder de duizenden van Juda? Uit u zal Mij voortkomen, Die een Heerser zal zijn in Israël. Micha…

Vruchtbaar

Korte Overdenkingen

En gij, Bethlehem Efratha... Micha 5:1 Het woord Efratha. Dat was de oude naam van de plaats, en die naam was geliefd bij de Joden. Efratha betekent vruchtbaarheid…

Brood des levens of het zwaard

Korte Overdenkingen

En gij, Bethlehem Efratha... Micha 5:1 Het onwetendste kind van God gaat naar Bethlehem om brood te halen, en de krachtigste man, die vaste spijzen nodig heeft, gaat…

Alle verstand te boven

Korte Overdenkingen

...en Wiens uitgangen zijn vanouds, van de dagen der eeuwigheid. Micha 5:1 Jakob worstelde, en dat is een deel van het werk waartoe een christen geroepen is. Toen…

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content