Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Mattheüs 12

1 In dien tijd ging Jezus, op een sabbatdag, door het gezaaide, en Zijn discipelen hadden honger, en begonnen aren te plukken, en te eten.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 In dienG1565 tijdG2540 ging JezusG2424, op een sabbatdagG4521, door het gezaaideG4702, en Zijn discipelenG3101 hadden hongerG3983, en begonnenG756 arenG4719 te plukkenG5089, en te etenG2068. In dien tijd ging Jezus, op een sabbatdag, door het gezaaide, en Zijn discipelen hadden honger, en begonnen aren te plukken, en te eten.

KJV At1 that2 time4 Jesus7 went5 on the sabbath day9 through10 the corn;12 and14 his16 disciples15 were an hungred,17 and18 began19 to pluck20 the ears of corn,21 and22 to eat.

1 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 2 εκεινω G1565 die, dien, dezen he, it, the other (same), selfsame, that (same, very), X their, X them, they, this, those 3 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 καιρω G2540 tijd, tijden, gelegenheden X always, opportunity, (convenient, due) season, (due, short, while) time, a while 5 επορευθη G4198 reisde, reizen, reisden --depart, go (away, forth, one's way, up), (make a, take a) journey, walk 6 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 ιησους G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 8 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 σαββασιν G4521 sabbat, week, sabbats sabbath (day), week 10 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 11 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 σποριμων G4702 gezaaide corn(-field) 13 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 15 μαθηται G3101 discipelen, discipel, discipels disciple 16 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 17 επεινασαν G3983 hongerde, hongerig, hongeren be an hungered 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 ηρξαντο G756 begon, begonnen, beginnen (rehearse from the) begin(-ning) 20 τιλλειν G5089 plukken, plukten pluck 21 σταχυας G4719 aren, aar ear (of corn) 22 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 23 εσθιειν G2068 eet, eten, aten devour, eat, live
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 En de Farizeen, dat ziende, zeiden tot Hem: Zie, Uw discipelen doen, wat niet geoorloofd is te doen op den sabbat.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 EnG1161 de FarizeenG5330, dat ziendeG1492, zeidenG2036 tot HemG846: ZieG2400, Uw discipelenG3101 doenG4160, watG3739 nietG3756 geoorloofdG1832 is te doenG4160 opG1722 den sabbatG4521. En de Farizeen, dat ziende, zeiden tot Hem: Zie, Uw discipelen doen, wat niet geoorloofd is te doen op den sabbat.

KJV But2 when the Pharisees3 saw it, they said unto him,6 Behold, thy disciples9 do11 that which12 is14 not13 lawful to do15 upon16 the sabbath day.

1 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 φαρισαιοι G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee 4 ιδοντες G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 5 ειπον G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 6 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 7 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 8 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 μαθηται G3101 discipelen, discipel, discipels disciple 10 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 11 ποιουσιν G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 12 ο G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 13 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 14 εξεστιν G1832 geoorloofd be lawful, let, X may(-est) 15 ποιειν G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 16 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 17 σαββατω G4521 sabbat, week, sabbats sabbath (day), week

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Maar Hij zeide tot hen: Hebt gij niet gelezen, wat David gedaan heeft, toen hem hongerde, en hun, die met hem waren?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 MaarG1161 Hij zeideG2036 tot hen: Hebt gij nietG3756 gelezenG314, watG5101 DavidG1138 gedaanG4160 heeft, toen hem hongerdeG3983, en hun, die metG3326 hem waren? Maar Hij zeide tot hen: Hebt gij niet gelezen, wat David gedaan heeft, toen hem hongerde, en hun, die met hem waren?

KJV But2 he said unto them,4 Have ye6 not5 read what7 David9 did,8 when10 he12 was an hungred,11 and13 they15 that were with him;

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 4 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 6 ανεγνωτε G314 gelezen, leest, lezen read 7 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 8 εποιησεν G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 9 δαβιδ G1138 David, Davids David 10 οτε G3753 toen, wanneer after (that), as soon as, that, when, while 11 επεινασεν G3983 hongerde, hongerig, hongeren be an hungered 12 αυτος G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 μετ G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 16 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Hoe hij gegaan is in het huis Gods, en de toonbroden gegeten heeft, die hem niet geoorloofd waren te eten, noch ook hun, die met hem waren, maar den priesteren alleen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 HoeG4459 hij gegaanG1525 is inG1519 het huisG3624 GodsG2316, enG2532 de toonbrodenG740 gegetenG5315 heeft, dieG3739 hem niet geoorloofdG1832 warenG1510 te etenG5315, noch ook hun, die metG3326 hemG846 waren, maar den priesterenG2409 alleen. Hoe hij gegaan is in het huis Gods, en de toonbroden gegeten heeft, die hem niet geoorloofd waren te eten, noch ook hun, die met hem waren, maar den priesteren alleen.

KJV How1 he entered into2 the house5 of God,7 and8 did eat13 the shewbread,10 which14 was not15 lawful16 for him18 to eat,19 neither for20 them which22 were with him,23 but only28 for the priests?

1 πως G4459 hoe?, op welke wijze how, after (by) what manner (means), that 2 εισηλθεν G1525 ingaan, ingegaan, inkomen X arise, come (in, into), enter in(-to), go in (through) 3 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 4 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 οικον G3624 huis, huize, huizen home, house(-hold), temple 6 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 αρτους G740 brood, broden, Brood (shew-)bread, loaf 11 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 προθεσεως G4286 voornemen, toonbroden purpose, shew(-bread) 13 εφαγεν G5315 eten, gegeten, eet eat, meat 14 ους G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 15 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 16 εξον G1832 geoorloofd be lawful, let, X may(-est) 17 ην G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 18 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 19 φαγειν G5315 eten, gegeten, eet eat, meat 20 ουδε G3761 ook niet, noch neither (indeed), never, no (more, nor, not), nor (yet), (also, even, then) not (even, so much as), + nothing, so much as 21 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 μετ G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 23 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 24 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 25 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 26 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 27 ιερευσιν G2409 priester, priesters, priesteren (high) priest 28 μονοις G3441 alleen, enig alone, only, by themselves
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Of hebt gij niet gelezen in de wet, dat de priesters den sabbat ontheiligen in den tempel, op de sabbatdagen, en nochtans onschuldig zijn?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 OfG2228 hebt gij nietG3756 gelezenG314 inG1722 de wetG3551, datG3754 de priestersG2409 den sabbatG4521 ontheiligenG953 in den tempelG2411, op de sabbatdagenG4521, enG2532 nochtans onschuldigG338 zijnG1510? Of hebt gij niet gelezen in de wet, dat de priesters den sabbat ontheiligen in den tempel, op de sabbatdagen, en nochtans onschuldig zijn?

KJV Or1 have ye3 not2 read in4 the law,6 how that7 on the sabbath days9 the priests11 in12 the temple14 profane17 the sabbath,16 and18 are blameless?

1 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 2 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 3 ανεγνωτε G314 gelezen, leest, lezen read 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 νομω G3551 wet, wetten, Wet law 7 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 8 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 σαββασιν G4521 sabbat, week, sabbats sabbath (day), week 10 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 ιερεις G2409 priester, priesters, priesteren (high) priest 12 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 13 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 ιερω G2411 tempel, tempels, heilige temple 15 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 σαββατον G4521 sabbat, week, sabbats sabbath (day), week 17 βεβηλουσιν G953 ontheiligen profane 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 αναιτιοι G338 onschuldig, onschuldigen blameless, guiltless 20 εισιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 En Ik zeg u, dat Een, meerder dan de tempel, hier is.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 En Ik zegG3004 uG4771, datG3754 Een, meerderG3187 dan de tempelG2411, hier isG1510. En Ik zeg u, dat Een, meerder dan de tempel, hier is.

KJV But2 I say1 unto you, That4 in this place9 is one greater than the temple.

1 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 4 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 5 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 ιερου G2411 tempel, tempels, heilige temple 7 μειζων G3173 grote, groot, groten (+ fear) exceedingly, great(-est), high, large, loud, mighty, + (be) sore (afraid), strong, X to years 8 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 9 ωδε G5602 hier, op deze plaats here, hither, (in) this place, there

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Doch zo gij geweten hadt, wat het zij: Ik wil barmhartigheid en niet offerande, gij zoudt de onschuldigen niet veroordeeld hebben.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 DochG1161 zoG1487 gij gewetenG1097 hadt, watG5101 het zijG1510: Ik wilG2309 barmhartigheidG1656 en nietG3756 offerandeG2378, gij zoudt de onschuldigenG338 nietG3756 veroordeeldG302 hebben. Doch zo gij geweten hadt, wat het zij: Ik wil barmhartigheid en niet offerande, gij zoudt de onschuldigen niet veroordeeld hebben.

KJV But2 if1 ye had known3 what4 this meaneth, I will have7 mercy,6 and8 not9 sacrifice,10 ye would12 not11 have condemned13 the guiltless.

1 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 εγνωκειτε G1097 gekend, weten, kent allow, be aware (of), feel, (have) know(-ledge), perceived, be resolved, can speak, be sure, understand 4 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 5 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 6 ελεον G1656 barmhartigheid, Barmhartigheid (+ tender) mercy 7 θελω G2309 wil, wilt, willen desire, be disposed (forward), intend, list, love, mean, please, have rather, (be) will (have, -ling, - ling(-ly)) 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 10 θυσιαν G2378 offerande, offeranden, slachtofferen sacrifice 11 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 12 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 13 κατεδικασατε G2613 veroordeeld, verdoemd, verdoemt condemn 14 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 αναιτιους G338 onschuldig, onschuldigen blameless, guiltless
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 Want de Zoon des mensen is een Heere ook van den sabbat.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 WantG1063 de ZoonG5207 des mensenG444 isG1510 een HeereG2962 ookG2532 van den sabbatG4521. Want de Zoon des mensen is een Heere ook van den sabbat.

KJV For2 the Son8 of man10 is Lord1 even4 of the sabbath day.

1 κυριος G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 σαββατου G4521 sabbat, week, sabbats sabbath (day), week 7 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 υιος G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 9 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 ανθρωπου G444 mensen, mens, Mens certain, man
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 En van daar voortgaande, kwam Hij in hun synagoge.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 EnG2532 van daar voortgaandeG3327, kwamG2064 Hij inG1519 hun synagogeG4864. En van daar voortgaande, kwam Hij in hun synagoge.

KJV And1 when he was departed2 thence,3 he went4 into5 their8 synagogue:

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 μεταβας G3327 overgegaan, Vertrek, gegaan depart, go, pass, remove 3 εκειθεν G1564 vandaar, van die plaats from that place, (from) thence, there 4 ηλθεν G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 5 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 6 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 συναγωγην G4864 synagoge, synagogen, vergadering assembly, congregation, synagogue 8 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 En ziet, er was een mens, die een dorre hand had, en zij vraagden Hem, zeggende: Is het ook geoorloofd op de sabbatdagen te genezen? (opdat zij Hem mochten beschuldigen).
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 En zietG3708, er wasG1510 een mensG444, die een dorreG3584 handG5495 hadG2192, enG2532 zij vraagdenG1905 HemG846, zeggendeG3004: Is het ook geoorloofdG1832 op de sabbatdagenG4521 te genezenG2323? (opdatG2443 zij HemG846 mochten beschuldigenG2723). En ziet, er was een mens, die een dorre hand had, en zij vraagden Hem, zeggende: Is het ook geoorloofd op de sabbatdagen te genezen? (opdat zij Hem mochten beschuldigen).

KJV And,1 behold, there was a man3 which had7 his hand6 withered.8 And9 they asked10 him,11 saying,12 Is it lawful13 to heal17 on the sabbath days?16 that18 they might accuse19 him.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 3 ανθρωπος G444 mensen, mens, Mens certain, man 4 ην G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 5 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 χειρα G5495 handen, hand hand 7 εχων G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 8 ξηραν G3584 dorre, dor, droge dry land, withered 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 επηρωτησαν G1905 vraagde, vraagden, vragen ask (after, questions), demand, desire, question 11 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 12 λεγοντες G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 13 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 14 εξεστιν G1832 geoorloofd be lawful, let, X may(-est) 15 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 σαββασιν G4521 sabbat, week, sabbats sabbath (day), week 17 θεραπευειν G2323 genezen, genas, genezende cure, heal, worship 18 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 19 κατηγορησωσιν G2723 beschuldigen, beschuldigd, beschuldigden accuse, object 20 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 En Hij zeide tot hen: Wat mens zal er zijn onder u, die een schaap heeft, en zo datzelve op een sabbatdag in een gracht valt, die hetzelve niet zal aangrijpen en uitheffen?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 En Hij zeideG2036 tot hen: Wat mensG444 zal er zijnG1510 onderG1537 uG4771, die een schaapG4263 heeftG2192, en zoG1437 datzelve op een sabbatdagG4521 inG1519 een grachtG999 valtG1706, die hetzelveG846 niet zal aangrijpenG2902 en uitheffenG1453? En Hij zeide tot hen: Wat mens zal er zijn onder u, die een schaap heeft, en zo datzelve op een sabbatdag in een gracht valt, die hetzelve niet zal aangrijpen en uitheffen?

KJV And2 he said unto them,4 What5 man9 shall there be among7 you, that10 shall have11 one13 sheep,12 and14 if15 it fall16 into20 a pit21 on the sabbath day,19 will he23 not22 lay hold on it,24 and25 lift it out?

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 4 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 τις G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 6 εσται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 7 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 8 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 9 ανθρωπος G444 mensen, mens, Mens certain, man 10 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 11 εξει G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 12 προβατον G4263 schapen, schaap sheep(-fold) 13 εν G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 16 εμπεση G1706 vallen, valle, gevallen fall among (into) 17 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 18 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 σαββασιν G4521 sabbat, week, sabbats sabbath (day), week 20 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 21 βοθυνον G999 gracht ditch, pit 22 ουχι G3780 neen, geenszins nay, not 23 κρατησει G2902 grepen, houdt, vangen hold (by, fast), keep, lay hand (hold) on, obtain, retain, take (by) 24 αυτο G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 25 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 26 εγερει G1453 opgewekt, opgestaan, Sta awake, lift (up), raise (again, up), rear up, (a-)rise (again, up), stand, take up

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 Hoe veel gaat nu een mens een schaap te boven? Zo is het dan op de sabbatdagen geoorloofd wel te doen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 Hoe veelG4214 gaat nuG3767 een mensG444 een schaapG4263 te boven? Zo is het dan op de sabbatdagenG4521 geoorloofdG1832 wel te doenG4160. Hoe veel gaat nu een mens een schaap te boven? Zo is het dan op de sabbatdagen geoorloofd wel te doen.

KJV How much1 then2 is a man4 better than3 a sheep?5 Wherefore6 it is lawful7 to do11 well10 on the sabbath days.

1 ποσω G4214 hoeveel, Hoeveel, hoevele how great (long, many), what 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 διαφερει G1308 verschilt, verschillen, droeg be better, carry, differ from, drive up and down, be (more) excellent, make matter, publish, be of more value 4 ανθρωπος G444 mensen, mens, Mens certain, man 5 προβατου G4263 schapen, schaap sheep(-fold) 6 ωστε G5620 zodat, daarom (insomuch) as, so that (then), (insomuch) that, therefore, to, wherefore 7 εξεστιν G1832 geoorloofd be lawful, let, X may(-est) 8 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 σαββασιν G4521 sabbat, week, sabbats sabbath (day), week 10 καλως G2573 wel, goed, recht (in a) good (place), honestly, + recover, (full) well 11 ποιειν G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Toen zeide Hij tot dien mens: Strek uw hand uit; en hij strekte ze uit, en zij werd hersteld, gezond gelijk de andere.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 Toen zeideG3004 Hij tot dien mensG444: StrekG1614 uw handG5495 uit; enG2532 hij strekteG1614 ze uit, enG2532 zij werd hersteldG600, gezondG5199 gelijkG5613 de andere. Toen zeide Hij tot dien mens: Strek uw hand uit; en hij strekte ze uit, en zij werd hersteld, gezond gelijk de andere.

KJV Then1 saith2 he to the man,4 Stretch forth5 thine hand.7 And9 he stretched it forth;10 and11 it was restored12 whole,13 like as14 the other.

1 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 2 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 3 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 ανθρωπω G444 mensen, mens, Mens certain, man 5 εκτεινον G1614 strekte, Strek, uitstrekkende cast, put forth, stretch forth (out) 6 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 χειρα G5495 handen, hand hand 8 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 εξετεινεν G1614 strekte, Strek, uitstrekkende cast, put forth, stretch forth (out) 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 αποκατεσταθη G600 hersteld, oprichten, wedergegeven restore (again) 13 υγιης G5199 gezond, genezen sound, whole 14 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 15 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 αλλη G243 ander, anders more, one (another), (an-, some an-)other(-s, -wise)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 En de Farizeen, uitgegaan zijnde, hielden te zamen raad tegen Hem, hoe zij Hem doden mochten.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 EnG1161 de FarizeenG5330, uitgegaanG1831 zijnde, hieldenG2983 te zamen raadG4824 tegenG2596 Hem, hoeG3704 zij Hem dodenG622 mochten. En de Farizeen, uitgegaan zijnde, hielden te zamen raad tegen Hem, hoe zij Hem doden mochten.

KJV Then2 the Pharisees3 went out,8 and held5 a council4 against6 him,7 how9 they might destroy11 him.

1 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 φαρισαιοι G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee 4 συμβουλιον G4824 tezamen raad, raad consultation, counsel, council 5 ελαβον G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 6 κατ G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 7 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 8 εξελθοντες G1831 uitgegaan, gingen, uitgaande come (forth, out), depart (out of), escape, get out, go (abroad, away, forth, out, thence), proceed (forth), spread abroad 9 οπως G3704 opdat, zodat because, how, (so) that, to, when 10 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 11 απολεσωσιν G622 verloren, verliezen, verderven destroy, die, lose, mar, perish
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 Maar Jezus, dat wetende, vertrok van daar, en vele scharen volgden Hem, en Hij genas ze allen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 MaarG1161 JezusG2424, dat wetendeG1097, vertrokG402 van daar, en veleG4183 scharenG3793 volgdenG190 Hem, en Hij genasG2323 ze allenG3956. Maar Jezus, dat wetende, vertrok van daar, en vele scharen volgden Hem, en Hij genas ze allen.

KJV But2 when Jesus3 knew4 it, he withdrew himself5 from thence:6 and7 great11 multitudes10 followed8 him,9 and12 he healed13 them14 all;

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 ιησους G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 4 γνους G1097 gekend, weten, kent allow, be aware (of), feel, (have) know(-ledge), perceived, be resolved, can speak, be sure, understand 5 ανεχωρησεν G402 vertrok, vertrokken, gegaan depart, give place, go (turn) aside, withdraw self 6 εκειθεν G1564 vandaar, van die plaats from that place, (from) thence, there 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 ηκολουθησαν G190 volgde, gevolgd, volgden follow, reach 9 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 10 οχλοι G3793 schare, scharen, volk company, multitude, number (of people), people, press 11 πολλοι G4183 vele, velen, veel abundant, + altogether, common, + far (passed, spent), (+ be of a) great (age, deal, -ly, while), long, many, much, oft(-en (-times)), plenteous, sore, straitly 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 εθεραπευσεν G2323 genezen, genas, genezende cure, heal, worship 14 αυτους G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 15 παντας G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 En Hij gebood hun scherpelijk, dat zij Hem niet openbaar maken zouden;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 EnG2532 Hij geboodG2008 hunG846 scherpelijkG2008, datG2443 zij Hem nietG3361 openbaarG5318 makenG4160 zouden; En Hij gebood hun scherpelijk, dat zij Hem niet openbaar maken zouden;

KJV And1 charged2 them3 that they should8 not make him7 known:

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 επετιμησεν G2008 bestrafte, bestraften, gebood (straitly) charge, rebuke 3 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 5 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 6 φανερον G5318 openbaar abroad, + appear, known, manifest, open (+ -ly), outward (+ -ly) 7 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 8 ποιησωσιν G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 Opdat vervuld zou worden, hetgeen gesproken is door Jesaja, den profeet, zeggende:
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 Opdat vervuldG4137 zou worden, hetgeen gesprokenG4483 is doorG1223 JesajaG2268, den profeetG4396, zeggendeG3004: Opdat vervuld zou worden, hetgeen gesproken is door Jesaja, den profeet, zeggende:

KJV That1 it might be fulfilled2 which3 was spoken by5 Esaias6 the prophet,8 saying,

1 οπως G3704 opdat, zodat because, how, (so) that, to, when 2 πληρωθη G4137 vervuld, vervullen, vervult accomplish, X after, (be) complete, end, expire, fill (up), fulfil, (be, make) full (come), fully preach, perfect, supply 3 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 ρηθεν G2046 zeggen, gezegd, gesproken call, say, speak (of), tell 5 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 6 ησαιου G2268 Jesaja Esaias 7 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 προφητου G4396 profeten, profeet, Profeet prophet 9 λεγοντος G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 Ziet, Mijn Knecht, Welken Ik verkoren heb, Mijn Beminde, in Welken Mijn ziel een welbehagen heeft; Ik zal Mijn Geest op Hem leggen, en Hij zal het oordeel den heidenen verkondigen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 ZietG3708, Mijn KnechtG3816, WelkenG3739 IkG1473 verkorenG140 heb, Mijn BemindeG27, inG1519 WelkenG3739 Mijn zielG5590 een welbehagenG2106 heeft; IkG1473 zal Mijn GeestG4151 op Hem leggenG5087, enG2532 HijG846 zal het oordeelG2920 den heidenenG1484 verkondigenG518. Ziet, Mijn Knecht, Welken Ik verkoren heb, Mijn Beminde, in Welken Mijn ziel een welbehagen heeft; Ik zal Mijn Geest op Hem leggen, en Hij zal het oordeel den heidenen verkondigen.

KJV Behold my servant,3 whom5 I have chosen;6 my beloved,8 in10 whom11 my soul14 is well pleased:12 I will put16 my spirit18 upon20 him,21 and22 he shall shew26 judgment23 to the Gentiles.

1 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 2 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 παις G3816 knecht, Kind, kind child, maid(-en), (man) servant, son, young man 4 μου G1473 mij, ik I, me 5 ον G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 6 ηρετισα G140 verkoren choose 7 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 αγαπητος G27 geliefden, geliefde, Geliefden (dearly, well) beloved, dear 9 μου G1473 mij, ik I, me 10 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 11 ον G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 12 ευδοκησεν G2106 welbehagen, behaagd, behagen think good, (be well) please(-d), be the good (have, take) pleasure, be willing 13 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 ψυχη G5590 ziel, leven, zielen heart (+ -ily), life, mind, soul, + us, + you 15 μου G1473 mij, ik I, me 16 θησω G5087 gelegd, gesteld, gezet + advise, appoint, bow, commit, conceive, give, X kneel down, lay (aside, down, up), make, ordain, purpose, put, set (forth), settle, sink down 17 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 πνευμα G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 19 μου G1473 mij, ik I, me 20 επ G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 21 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 22 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 23 κρισιν G2920 oordeel, oordeels, gericht accusation, condemnation, damnation, judgment 24 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 εθνεσιν G1484 heidenen, volken, volk Gentile, heathen, nation, people 26 απαγγελει G518 boodschapten, boodschapte, verkondigen bring word (again), declare, report, shew (again), tell
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
19 Hij zal niet twisten, noch roepen, noch zal er iemand Zijn stem op de straten horen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

19 HijG846 zal nietG3756 twistenG2051, noch roepenG2905, noch zal er iemandG5100 Zijn stemG5456 opG1722 de stratenG4113 horenG191. Hij zal niet twisten, noch roepen, noch zal er iemand Zijn stem op de straten horen.

KJV He shall2 not1 strive, nor3 cry;4 neither5 shall any man7 hear6 his13 voice12 in8 the streets.

1 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 2 ερισει G2051 twisten strive 3 ουδε G3761 ook niet, noch neither (indeed), never, no (more, nor, not), nor (yet), (also, even, then) not (even, so much as), + nothing, so much as 4 κραυγασει G2905 riepen, riep, roepen cry out 5 ουδε G3761 ook niet, noch neither (indeed), never, no (more, nor, not), nor (yet), (also, even, then) not (even, so much as), + nothing, so much as 6 ακουσει G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand 7 τις G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 8 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 9 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 πλατειαις G4113 straten, straat street 11 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 φωνην G5456 stem, stemmen, stemme noise, sound, voice 13 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
20 Het gekrookte riet zal Hij niet verbreken, en het rokende lemmet zal Hij niet uitblussen, totdat Hij het oordeel zal uitbrengen tot overwinning.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

20 Het gekrookteG4937 rietG2563 zal Hij nietG3756 verbrekenG2608, enG2532 het rokendeG5188 lemmetG3043 zal Hij nietG3756 uitblussenG4570, totdat Hij het oordeelG2920 zal uitbrengenG1544 totG1519 overwinningG3534. Het gekrookte riet zal Hij niet verbreken, en het rokende lemmet zal Hij niet uitblussen, totdat Hij het oordeel zal uitbrengen tot overwinning.

KJV A bruised2 reed1 shall he4 not3 break, and5 smoking7 flax6 shall he9 not8 quench, till10 he send forth12 judgment16 unto13 victory.

1 καλαμον G2563 rietstok, riet, pen pen, reed 2 συντετριμμενον G4937 gebroken, gekrookte, verbrijzeld break (in pieces), broken to shivers (+ -hearted), bruise 3 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 4 κατεαξει G2608 braken, gebroken, verbreken break 5 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 6 λινον G3043 lemmet, lijnwaad linen 7 τυφομενον G5188 rokende smoke 8 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 9 σβεσει G4570 uitgeblust, uitblussen, Blust go out, quench 10 εως G2193 tot, totdat even (until, unto), (as) far (as), how long, (un-)til(-l), (hither-, un-, up) to, while(-s) 11 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 12 εκβαλη G1544 werpt, wierpen, uitgeworpen bring forth, cast (forth, out), drive (out), expel, leave, pluck (pull, take, thrust) out, put forth (out), send away (forth, out) 13 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 14 νικος G3534 overwinning victory 15 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 κρισιν G2920 oordeel, oordeels, gericht accusation, condemnation, damnation, judgment
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
21 En in Zijn Naam zullen de heidenen hopen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

21 EnG2532 inG1722 Zijn NaamG3686 zullen de heidenenG1484 hopenG1679. En in Zijn Naam zullen de heidenen hopen.

KJV And1 in2 his5 name4 shall7 the Gentiles6 trust.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 3 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 ονοματι G3686 Naam, naam, name called, (+ sur-)name(-d) 5 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 εθνη G1484 heidenen, volken, volk Gentile, heathen, nation, people 7 ελπιουσιν G1679 hoop, hoopt, hopen (have, thing) hope(-d) (for), trust
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
22 Toen werd tot Hem gebracht een van den duivel bezeten, die blind en stom was; en Hij genas hem, alzo dat de blinde en stomme beide sprak en zag.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

22 Toen werd tot Hem gebrachtG4374 een van den duivel bezetenG1139, die blindG5185 enG2532 stomG2974 was; enG2532 Hij genasG2323 hemG846, alzo dat de blindeG5185 enG2532 stommeG2974 beide sprakG2980 enG2532 zagG991. Toen werd tot Hem gebracht een van den duivel bezeten, die blind en stom was; en Hij genas hem, alzo dat de blinde en stomme beide sprak en zag.

KJV Then1 was brought2 unto him3 one possessed with a devil,4 blind,5 and6 dumb:7 and8 he healed9 him,10 insomuch that11 the blind13 and14 dumb15 both16 spake17 and18 saw.

1 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 2 προσηνεχθη G4374 brachten, geofferd, gebracht bring (to, unto), deal with, do, offer (unto, up), present unto, put to 3 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 δαιμονιζομενος G1139 duivel bezeten, bezetene, bezetenen have a (be vexed with, be possessed with) devil(-s) 5 τυφλος G5185 blinden, blind, blinde blind 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 κωφος G2974 stom, doven, stomme deaf, dumb, speechless 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 εθεραπευσεν G2323 genezen, genas, genezende cure, heal, worship 10 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 11 ωστε G5620 zodat, daarom (insomuch) as, so that (then), (insomuch) that, therefore, to, wherefore 12 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 τυφλον G5185 blinden, blind, blinde blind 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 κωφον G2974 stom, doven, stomme deaf, dumb, speechless 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 λαλειν G2980 spreken, gesproken, sprak preach, say, speak (after), talk, tell, utter 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 βλεπειν G991 zien, zie, ziende behold, beware, lie, look (on, to), perceive, regard, see, sight, take heed
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
23 En al de scharen ontzetten zich, en zeiden: Is niet Deze de Zoon van David?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

23 En alG3956 de scharenG3793 ontzettenG1839 zich, enG2532 zeidenG3004: IsG1510 niet DezeG3778 de ZoonG5207 van DavidG1138? En al de scharen ontzetten zich, en zeiden: Is niet Deze de Zoon van David?

KJV And1 all3 the people5 were amazed,2 and6 said,7 Is not8 this9 the son12 of David?

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εξισταντο G1839 ontzetten, oud ontzetten, buiten zinnen amaze, be (make) astonished, be beside self (selves), bewitch, wonder 3 παντες G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 4 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 οχλοι G3793 schare, scharen, volk company, multitude, number (of people), people, press 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 ελεγον G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 8 μητι G3385 toch niet? not (the particle usually not expressed, except by the form of the question) 9 ουτος G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 10 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 11 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 υιος G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 13 δαβιδ G1138 David, Davids David
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
24 Maar de Farizeen, dit gehoord hebbende, zeiden: Deze werpt de duivelen niet uit, dan door Beelzebul, den overste der duivelen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

24 MaarG1161 de FarizeenG5330, dit gehoordG191 hebbende, zeidenG2036: Deze werptG1544 de duivelenG1140 niet uit, dan doorG1722 BeelzebulG954, den oversteG758 der duivelenG1140. Maar de Farizeen, dit gehoord hebbende, zeiden: Deze werpt de duivelen niet uit, dan door Beelzebul, den overste der duivelen.

KJV But2 when the Pharisees3 heard4 it, they said, This6 fellow doth8 not7 cast out devils,10 but by13 Beelzebub15 the prince16 of the devils.

1 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 φαρισαιοι G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee 4 ακουσαντες G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand 5 ειπον G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 6 ουτος G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 7 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 8 εκβαλλει G1544 werpt, wierpen, uitgeworpen bring forth, cast (forth, out), drive (out), expel, leave, pluck (pull, take, thrust) out, put forth (out), send away (forth, out) 9 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 δαιμονια G1140 duivelen, duivel, duivels devil, god 11 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 12 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 13 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 14 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 βεελζεβουλ G954 Beelzebul Beelzebub 16 αρχοντι G758 oversten, overste, Overste chief (ruler), magistrate, prince, ruler 17 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 δαιμονιων G1140 duivelen, duivel, duivels devil, god

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
25 Doch Jezus, kennende hun gedachten, zeide tot hen: Een ieder koninkrijk, dat tegen zichzelf verdeeld is, wordt verwoest; en een iedere stad, of huis, dat tegen zichzelf verdeeld is, zal niet bestaan.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

25 DochG1161 JezusG2424, kennendeG1492 hunG846 gedachtenG1761, zeideG2036 tot henG846: Een ieder koninkrijkG932, dat tegenG2596 zichzelfG1438 verdeeldG3307 is, wordt verwoestG2049; en een iedereG3956 stadG4172, ofG2228 huisG3614, dat tegenG2596 zichzelfG1438 verdeeldG3307 is, zal nietG3756 bestaanG2476. Doch Jezus, kennende hun gedachten, zeide tot hen: Een ieder koninkrijk, dat tegen zichzelf verdeeld is, wordt verwoest; en een iedere stad, of huis, dat tegen zichzelf verdeeld is, zal niet bestaan.

KJV And2 Jesus4 knew1 their7 thoughts,6 and said unto them,9 Every10 kingdom11 divided12 against13 itself14 is brought to desolation;15 and16 every17 city18 or19 house20 divided21 against22 itself23 shall25 not24 stand:

1 ειδως G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 ιησους G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 5 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 ενθυμησεις G1761 gedachten, bedenking device, thought 7 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 8 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 9 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 10 πασα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 11 βασιλεια G932 Koninkrijk, koninkrijk, Koninkrijks kingdom, + reign 12 μερισθεισα G3307 verdeeld, deelde, gedeeld deal, be difference between, distribute, divide, give participle 13 καθ G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 14 εαυτης G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 15 ερημουται G2049 verwoest, woest (bring to, make) desolate(-ion), come to nought 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 πασα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 18 πολις G4172 stad, steden city 19 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 20 οικια G3614 huis, huizen, huize home, house(-hold) 21 μερισθεισα G3307 verdeeld, deelde, gedeeld deal, be difference between, distribute, divide, give participle 22 καθ G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 23 εαυτης G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 24 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 25 σταθησεται G2476 stond, staande, staan abide, appoint, bring, continue, covenant, establish, hold up, lay, present, set (up), stanch, stand (by, forth, still, up)

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
26 En indien de satan den satan uitwerpt, zo is hij tegen zichzelf verdeeld; hoe zal dan zijn rijk bestaan?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

26 EnG2532 indienG1487 de satanG4567 den satanG4567 uitwerptG1544, zo is hijG846 tegenG1909 zichzelfG1438 verdeeldG3307; hoeG4459 zal danG3767 zijn rijkG932 bestaanG2476? En indien de satan den satan uitwerpt, zo is hij tegen zichzelf verdeeld; hoe zal dan zijn rijk bestaan?

KJV And1 if2 Satan4 cast out7 Satan,6 he is divided10 against8 himself;9 how11 shall13 then12 his16 kingdom15 stand?

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 σατανας G4567 satan, satanas, satans Satan 5 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 σαταναν G4567 satan, satanas, satans Satan 7 εκβαλλει G1544 werpt, wierpen, uitgeworpen bring forth, cast (forth, out), drive (out), expel, leave, pluck (pull, take, thrust) out, put forth (out), send away (forth, out) 8 εφ G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 9 εαυτον G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 10 εμερισθη G3307 verdeeld, deelde, gedeeld deal, be difference between, distribute, divide, give participle 11 πως G4459 hoe?, op welke wijze how, after (by) what manner (means), that 12 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 13 σταθησεται G2476 stond, staande, staan abide, appoint, bring, continue, covenant, establish, hold up, lay, present, set (up), stanch, stand (by, forth, still, up) 14 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 βασιλεια G932 Koninkrijk, koninkrijk, Koninkrijks kingdom, + reign 16 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
27 En indien Ik door Beelzebul de duivelen uitwerp, door wien werpen ze dan uw zonen uit? Daarom zullen die uw rechters zijn.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

27 EnG2532 indienG1487 IkG1473 door BeelzebulG954 de duivelenG1140 uitwerpG1544, door wien werpenG1544 ze dan uw zonenG5207 uit? Daarom zullen dieG3778 uw rechtersG2923 zijnG1510. En indien Ik door Beelzebul de duivelen uitwerp, door wien werpen ze dan uw zonen uit? Daarom zullen die uw rechters zijn.

KJV And1 if2 I3 by4 Beelzebub5 cast out6 devils,8 by12 whom13 do your children10 cast them out?14 therefore15 they17 shall be your judges.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 3 εγω G1473 mij, ik I, me 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 βεελζεβουλ G954 Beelzebul Beelzebub 6 εκβαλλω G1544 werpt, wierpen, uitgeworpen bring forth, cast (forth, out), drive (out), expel, leave, pluck (pull, take, thrust) out, put forth (out), send away (forth, out) 7 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 δαιμονια G1140 duivelen, duivel, duivels devil, god 9 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 υιοι G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 11 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 12 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 13 τινι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 14 εκβαλλουσιν G1544 werpt, wierpen, uitgeworpen bring forth, cast (forth, out), drive (out), expel, leave, pluck (pull, take, thrust) out, put forth (out), send away (forth, out) 15 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 16 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 17 αυτοι G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 18 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 19 εσονται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 20 κριται G2923 rechter, Rechter, rechters judge
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
28 Maar indien Ik door den Geest Gods de duivelen uitwerp, zo is dan het Koninkrijk Gods tot u gekomen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

28 Maar indien IkG1473 doorG1722 den GeestG4151 GodsG2316 de duivelenG1140 uitwerpG1544, zo is dan het KoninkrijkG932 GodsG2316 totG1909 uG4771 gekomen. Maar indien Ik door den Geest Gods de duivelen uitwerp, zo is dan het Koninkrijk Gods tot u gekomen.

KJV But2 if1 I3 cast out7 devils9 by4 the Spirit5 of God,6 then10 the kingdom15 of God17 is come11 unto12 you.

1 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 εγω G1473 mij, ik I, me 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 πνευματι G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 6 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 7 εκβαλλω G1544 werpt, wierpen, uitgeworpen bring forth, cast (forth, out), drive (out), expel, leave, pluck (pull, take, thrust) out, put forth (out), send away (forth, out) 8 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 δαιμονια G1140 duivelen, duivel, duivels devil, god 10 αρα G686 dan, dus, derhalve haply, (what) manner (of man), no doubt, perhaps, so be, then, therefore, truly, wherefore 11 εφθασεν G5348 voorkomen (already) attain, come, prevent 12 εφ G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 13 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 14 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 βασιλεια G932 Koninkrijk, koninkrijk, Koninkrijks kingdom, + reign 16 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
29 Of hoe kan iemand in het huis eens sterken inkomen, en zijn vaten ontroven, tenzij dat hij eerst den sterke gebonden hebbe? en alsdan zal hij zijn huis beroven.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

29 OfG2228 hoeG4459 kanG1410 iemandG5100 inG1519 het huisG3614 eens sterkenG2478 inkomenG1525, enG2532 zijn vatenG4632 ontrovenG1283, tenzijG3362 dat hijG846 eerstG4412 den sterkeG2478 gebondenG1210 hebbe? enG2532 alsdanG5119 zal hijG846 zijn huisG3614 berovenG1283. Of hoe kan iemand in het huis eens sterken inkomen, en zijn vaten ontroven, tenzij dat hij eerst den sterke gebonden hebbe? en alsdan zal hij zijn huis beroven.

KJV Or1 else how2 can3 one4 enter5 into6 a strong man's10 house,8 and11 spoil15 his14 goods,13 except he first18 bind19 the strong man?21 and22 then23 he will spoil27 his26 house.

1 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 2 πως G4459 hoe?, op welke wijze how, after (by) what manner (means), that 3 δυναται G1410 kan, kunt, kon be able, can (do, + -not), could, may, might, be possible, be of power 4 τις G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 5 εισελθειν G1525 ingaan, ingegaan, inkomen X arise, come (in, into), enter in(-to), go in (through) 6 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 7 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 οικιαν G3614 huis, huizen, huize home, house(-hold) 9 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 ισχυρου G2478 sterke, sterken, sterker boisterous, mighty(-ier), powerful, strong(-er, man), valiant 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 σκευη G4632 vat, vaten, huisraad goods, sail, stuff, vessel 14 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 15 διαρπασαι G1283 beroven, ontroven spoil 16 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 17 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 18 πρωτον G4412 eerst, eerste, Eerstelijk before, at the beginning, chiefly (at, at the) first (of all) 19 δηση G1210 gebonden, binden, verbonden bind, be in bonds, knit, tie, wind 20 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 ισχυρον G2478 sterke, sterken, sterker boisterous, mighty(-ier), powerful, strong(-er, man), valiant 22 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 23 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 24 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 οικιαν G3614 huis, huizen, huize home, house(-hold) 26 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 27 διαρπασει G1283 beroven, ontroven spoil

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
30 Wie met Mij niet is, die is tegen Mij; en wie met Mij niet vergadert, die verstrooit.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

30 Wie metG3326 Mij nietG3361 is, die is tegenG2596 Mij; enG2532 wie metG3326 Mij nietG3361 vergadertG4863, die verstrooitG4650. Wie met Mij niet is, die is tegen Mij; en wie met Mij niet vergadert, die verstrooit.

KJV He that is not2 with4 me is against6 me; and9 he that gathereth12 not11 with13 me scattereth abroad.

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 3 ων G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 4 μετ G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 5 εμου G1473 mij, ik I, me 6 κατ G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 7 εμου G1473 mij, ik I, me 8 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 12 συναγων G4863 vergaderd, vergaderden, vergadert + accompany, assemble (selves, together), bestow, come together, gather (selves together, up, together), lead into, resort, take in 13 μετ G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 14 εμου G1473 mij, ik I, me 15 σκορπιζει G4650 verstrooit, gestrooid, verstrooid disperse abroad, scatter (abroad)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
31 Daarom zeg Ik u: Alle zonde en lastering zal den mensen vergeven worden; maar de lastering tegen den Geest zal den mensen niet vergeven worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

31 Daarom zegG3004 Ik uG4771: AlleG3956 zondeG266 en lasteringG988 zal den mensenG444 vergevenG863 worden; maarG1161 de lasteringG988 tegen den GeestG4151 zal den mensenG444 nietG3756 vergevenG863 worden. Daarom zeg Ik u: Alle zonde en lastering zal den mensen vergeven worden; maar de lastering tegen den Geest zal den mensen niet vergeven worden.

KJV Wherefore1 I say3 unto you, All manner of5 sin6 and7 blasphemy8 shall be forgiven9 unto men:11 but13 the blasphemy16 against the Holy Ghost15 shall18 not17 be forgiven unto men.

1 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 2 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 3 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 4 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 5 πασα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 6 αμαρτια G266 zonde, zonden, zondigen offence, sin(-ful) 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 βλασφημια G988 lastering, lasteringen blasphemy, evil speaking, railing 9 αφεθησεται G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up 10 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 ανθρωποις G444 mensen, mens, Mens certain, man 12 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 14 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 πνευματος G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 16 βλασφημια G988 lastering, lasteringen blasphemy, evil speaking, railing 17 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 18 αφεθησεται G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up 19 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 ανθρωποις G444 mensen, mens, Mens certain, man
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
32 En zo wie enig woord gesproken zal hebben tegen den Zoon des mensen, het zal hem vergeven worden; maar zo wie tegen den Heiligen Geest zal gesproken hebben, het zal hem niet vergeven worden, noch in deze eeuw, noch in de toekomende.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

32 En zo wieG3739 enig woordG3056 gesprokenG2036 zal hebben tegenG2596 den ZoonG5207 des mensenG444, het zal hemG846 vergevenG863 worden; maarG1161 zo wieG3739 tegenG2596 den HeiligenG40 GeestG4151 zal gesprokenG2036 hebben, het zal hemG846 nietG3756 vergevenG863 worden, noch inG1722 dezeG3778 eeuwG165, noch inG1722 de toekomendeG3195. En zo wie enig woord gesproken zal hebben tegen den Zoon des mensen, het zal hem vergeven worden; maar zo wie tegen den Heiligen Geest zal gesproken hebben, het zal hem niet vergeven worden, noch in deze eeuw, noch in de toekomende.

KJV And1 whosoever2 speaketh a word5 against6 the Son8 of man,10 it shall be forgiven11 him:12 but13 whosoever14 speaketh against17 the Holy21 Ghost,19 it shall23 not22 be forgiven him,24 neither25 in26 this world,29 neither30 in31 the world to come.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 3 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 4 ειπη G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 5 λογον G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work 6 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 7 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 υιου G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 9 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 ανθρωπου G444 mensen, mens, Mens certain, man 11 αφεθησεται G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up 12 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 13 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 14 δ G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 15 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 16 ειπη G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 17 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 18 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 πνευματος G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 20 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 αγιου G40 heiligen, Heiligen, Heilige (most) holy (one, thing), saint 22 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 23 αφεθησεται G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up 24 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 25 ουτε G3777 noch, ook niet neither, none, nor (yet), (no, yet) not, nothing 26 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 27 τουτω G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 28 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 29 αιωνι G165 eeuwigheid, wereld, eeuw age, course, eternal, (for) ever(-more), (n-)ever, (beginning of the , while the) world (began, without end) 30 ουτε G3777 noch, ook niet neither, none, nor (yet), (no, yet) not, nothing 31 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 32 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 33 μελλοντι G3195 toekomende, toekomenden, komen about, after that, be (almost), (that which is, things, + which was for) to come, intend, was to (be), mean, mind, be at the point, (be) ready, + return, shall (begin), (which, that) should (after, afterwards, hereafter) tarry, which was for, will, would, be yet

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
33 Of maakt den boom goed en zijn vrucht goed; of maakt den boom kwaad en zijn vrucht kwaad; want uit de vrucht wordt de boom gekend.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

33 OfG2228 maaktG4160 den boomG1186 goedG2570 enG2532 zijn vruchtG2590 goedG2570; ofG2228 maaktG4160 den boomG1186 kwaadG4550 enG2532 zijn vruchtG2590 kwaadG4550; wantG1063 uitG1537 de vruchtG2590 wordt de boomG1186 gekendG1097. Of maakt den boom goed en zijn vrucht goed; of maakt den boom kwaad en zijn vrucht kwaad; want uit de vrucht wordt de boom gekend.

KJV Either1 make2 the tree4 good,5 and6 his9 fruit8 good;10 or else11 make12 the tree14 corrupt,15 and16 his19 fruit18 corrupt:20 for22 the tree26 is known27 by21 his fruit.

1 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 2 ποιησατε G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 3 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 δενδρον G1186 boom, bomen tree 5 καλον G2570 goede, goed, goeden X better, fair, good(-ly), honest, meet, well, worthy 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 καρπον G2590 vrucht, vruchten, oorbaar fruit 9 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 10 καλον G2570 goede, goed, goeden X better, fair, good(-ly), honest, meet, well, worthy 11 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 12 ποιησατε G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 13 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 δενδρον G1186 boom, bomen tree 15 σαπρον G4550 kwade, kwaad, vuile bad, corrupt 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 καρπον G2590 vrucht, vruchten, oorbaar fruit 19 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 20 σαπρον G4550 kwade, kwaad, vuile bad, corrupt 21 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 22 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 23 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 24 καρπου G2590 vrucht, vruchten, oorbaar fruit 25 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 26 δενδρον G1186 boom, bomen tree 27 γινωσκεται G1097 gekend, weten, kent allow, be aware (of), feel, (have) know(-ledge), perceived, be resolved, can speak, be sure, understand
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
34 Gij adderengebroedsels! hoe kunt gij goede dingen spreken, daar gij boos zijt? want uit den overvloed des harten spreekt de mond.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

34 Gij adderengebroedselsG1081! hoeG4459 kuntG1410 gij goedeG18 dingen sprekenG2980, daar gij boosG4190 zijtG1510? wantG1063 uitG1537 den overvloedG4051 des hartenG2588 spreektG2980 de mondG4750. Gij adderengebroedsels! hoe kunt gij goede dingen spreken, daar gij boos zijt? want uit den overvloed des harten spreekt de mond.

KJV O generation1 of vipers,2 how3 can ye,4 being evil,7 speak6 good things?5 for10 out of9 the abundance12 of the heart14 the mouth16 speaketh.

1 γεννηματα G1081 adderengebroedsels, vrucht, gewas fruit, generation 2 εχιδνων G2191 adder viper 3 πως G4459 hoe?, op welke wijze how, after (by) what manner (means), that 4 δυνασθε G1410 kan, kunt, kon be able, can (do, + -not), could, may, might, be possible, be of power 5 αγαθα G18 goede, goed, goeden benefit, good(-s, things), well 6 λαλειν G2980 spreken, gesproken, sprak preach, say, speak (after), talk, tell, utter 7 πονηροι G4190 boze, boos, bozen bad, evil, grievous, harm, lewd, malicious, wicked(-ness) 8 οντες G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 9 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 10 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 11 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 περισσευματος G4051 overvloed, overschot abundance, that was left, over and above 13 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 καρδιας G2588 hart, harten, harte (+ broken-)heart(-ed) 15 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 στομα G4750 mond, monde, monden edge, face, mouth 17 λαλει G2980 spreken, gesproken, sprak preach, say, speak (after), talk, tell, utter
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
35 De goede mens brengt goede dingen voort uit den goede schat des harten, en de boze mens brengt boze dingen voort uit den boze schat.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

35 De goedeG18 mensG444 brengtG1544 goedeG18 dingen voortG1544 uitG1537 den goedeG18 schatG2344 des hartenG2588, enG2532 de bozeG4190 mensG444 brengtG1544 bozeG4190 dingen voortG1544 uitG1537 den bozeG4190 schatG2344. De goede mens brengt goede dingen voort uit den goede schat des harten, en de boze mens brengt boze dingen voort uit den boze schat.

KJV A good2 man3 out of4 the good6 treasure7 of the heart9 bringeth forth10 good things:12 and13 an evil15 man16 out of17 the evil19 treasure20 bringeth forth21 evil things.

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 αγαθος G18 goede, goed, goeden benefit, good(-s, things), well 3 ανθρωπος G444 mensen, mens, Mens certain, man 4 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 5 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 αγαθου G18 goede, goed, goeden benefit, good(-s, things), well 7 θησαυρου G2344 schat, schatten treasure 8 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 καρδιας G2588 hart, harten, harte (+ broken-)heart(-ed) 10 εκβαλλει G1544 werpt, wierpen, uitgeworpen bring forth, cast (forth, out), drive (out), expel, leave, pluck (pull, take, thrust) out, put forth (out), send away (forth, out) 11 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 αγαθα G18 goede, goed, goeden benefit, good(-s, things), well 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 πονηρος G4190 boze, boos, bozen bad, evil, grievous, harm, lewd, malicious, wicked(-ness) 16 ανθρωπος G444 mensen, mens, Mens certain, man 17 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 18 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 πονηρου G4190 boze, boos, bozen bad, evil, grievous, harm, lewd, malicious, wicked(-ness) 20 θησαυρου G2344 schat, schatten treasure 21 εκβαλλει G1544 werpt, wierpen, uitgeworpen bring forth, cast (forth, out), drive (out), expel, leave, pluck (pull, take, thrust) out, put forth (out), send away (forth, out) 22 πονηρα G4190 boze, boos, bozen bad, evil, grievous, harm, lewd, malicious, wicked(-ness)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
36 Maar Ik zeg u, dat van elk ijdel woord, hetwelk de mensen zullen gesproken hebben, zij van hetzelve zullen rekenschap geven in den dag des oordeels.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

36 MaarG1161 Ik zegG3004 uG4771, dat van elkG3956 ijdelG692 woordG4487, hetwelkG3739 de mensenG444 zullen gesprokenG2980 hebben, zij vanG4012 hetzelveG846 zullen rekenschapG3056 geven inG1722 den dagG2250 des oordeelsG2920. Maar Ik zeg u, dat van elk ijdel woord, hetwelk de mensen zullen gesproken hebben, zij van hetzelve zullen rekenschap geven in den dag des oordeels.

KJV But2 I say1 unto you, That4 every5 idle7 word6 that8 men12 shall speak,10 they shall give13 account16 thereof14 in17 the day18 of judgment.

1 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 4 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 5 παν G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 6 ρημα G4487 woorden, woord, Woord + evil, + nothing, saying, word 7 αργον G692 ledig, ijdel, luie barren, idle, slow 8 ο G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 9 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 10 λαλησωσιν G2980 spreken, gesproken, sprak preach, say, speak (after), talk, tell, utter 11 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 ανθρωποι G444 mensen, mens, Mens certain, man 13 αποδωσουσιν G591 vergelden, betaald, betalen deliver (again), give (again), (re-)pay(-ment be made), perform, recompense, render, requite, restore, reward, sell, yield 14 περι G4012 van, over, aangaande (there-)about, above, against, at, on behalf of, X and his company, which concern, (as) concerning, for, X how it will go with, ((there-, where-)) of, on, over, pertaining (to), for sake, X (e-)state, (as) touching, (where-)by (in), with 15 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 16 λογον G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work 17 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 18 ημερα G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 19 κρισεως G2920 oordeel, oordeels, gericht accusation, condemnation, damnation, judgment
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
37 Want uit uw woorden zult gij gerechtvaardigd worden, en uit uw woorden zult gij veroordeeld worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

37 WantG1063 uitG1537 uw woordenG3056 zult gijG4771 gerechtvaardigdG1344 worden, enG2532 uitG1537 uw woordenG3056 zult gijG4771 veroordeeldG2613 worden. Want uit uw woorden zult gij gerechtvaardigd worden, en uit uw woorden zult gij veroordeeld worden.

KJV For2 by1 thy words4 thou shalt be justified,6 and7 by8 thy words10 thou shalt be condemned.

1 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 λογων G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work 5 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 6 δικαιωθηση G1344 gerechtvaardigd, rechtvaardigen, rechtvaardigt free, justify(-ier), be righteous 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 9 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 λογων G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work 11 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 12 καταδικασθηση G2613 veroordeeld, verdoemd, verdoemt condemn
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
38 Toen antwoordden sommigen der Schriftgeleerden en Farizeen, zeggende: Meester! wij willen van U wel een teken zien.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

38 Toen antwoorddenG611 sommigenG5100 der SchriftgeleerdenG1122 enG2532 FarizeenG5330, zeggendeG3004: MeesterG1320! wij willenG2309 vanG575 UG4771 wel een tekenG4592 zienG1492. Toen antwoordden sommigen der Schriftgeleerden en Farizeen, zeggende: Meester! wij willen van U wel een teken zien.

KJV Then1 certain3 of the scribes5 and6 of the Pharisees7 answered,2 saying,8 Master,9 we would10 see a sign13 from11 thee.

1 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 2 απεκριθησαν G611 antwoordde, antwoordende, antwoordden answer 3 τινες G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 4 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 γραμματεων G1122 Schriftgeleerden, Schriftgeleerde, schriftgeleerde scribe, town-clerk 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 φαρισαιων G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee 8 λεγοντες G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 9 διδασκαλε G1320 Meester, leraars, meester doctor, master, teacher 10 θελομεν G2309 wil, wilt, willen desire, be disposed (forward), intend, list, love, mean, please, have rather, (be) will (have, -ling, - ling(-ly)) 11 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 12 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 13 σημειον G4592 teken, tekenen, krachten miracle, sign, token, wonder 14 ιδειν G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
39 Maar Hij antwoordde en zeide tot hen: Het boos en overspelig geslacht verzoekt een teken; en hun zal geen teken gegeven worden, dan het teken van Jonas, den profeet.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

39 MaarG1161 Hij antwoorddeG611 en zeideG2036 tot henG846: Het boosG4190 en overspeligG3428 geslachtG1074 verzoektG1934 een tekenG4592; en hunG846 zal geen tekenG4592 gegevenG1325 worden, dan het tekenG4592 van JonasG2495, den profeetG4396. Maar Hij antwoordde en zeide tot hen: Het boos en overspelig geslacht verzoekt een teken; en hun zal geen teken gegeven worden, dan het teken van Jonas, den profeet.

KJV But2 he answered3 and said unto them,5 An evil7 and8 adulterous9 generation6 seeketh after11 a sign;10 and12 there shall no14 sign13 be given15 to it,16 but the sign20 of the prophet23 Jonas:

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 αποκριθεις G611 antwoordde, antwoordende, antwoordden answer 4 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 5 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 γενεα G1074 geslacht, geslachten, tijden age, generation, nation, time 7 πονηρα G4190 boze, boos, bozen bad, evil, grievous, harm, lewd, malicious, wicked(-ness) 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 μοιχαλις G3428 overspelig, overspeelster, overspel adulteress(-ous, -y) 10 σημειον G4592 teken, tekenen, krachten miracle, sign, token, wonder 11 επιζητει G1934 verzoekt, zoeken, zoek desire, enquire, seek (after, for) 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 σημειον G4592 teken, tekenen, krachten miracle, sign, token, wonder 14 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 15 δοθησεται G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 16 αυτη G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 17 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 18 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 19 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 σημειον G4592 teken, tekenen, krachten miracle, sign, token, wonder 21 ιωνα G2495 Jonas, Jona Jonas 22 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 23 προφητου G4396 profeten, profeet, Profeet prophet

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
40 Want gelijk Jonas drie dagen en drie nachten was in den buik van den walvis, alzo zal de Zoon des mensen drie dagen en drie nachten wezen in het hart der aarde.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

40 WantG1063 gelijk JonasG2495 drieG5140 dagenG2250 enG2532 drieG5140 nachtenG3571 wasG1510 inG1722 den buikG2836 van den walvisG2785, alzoG3779 zal de ZoonG5207 des mensenG444 drieG5140 dagenG2250 enG2532 drieG5140 nachtenG3571 wezenG1510 inG1722 het hartG2588 der aardeG1093. Want gelijk Jonas drie dagen en drie nachten was in den buik van den walvis, alzo zal de Zoon des mensen drie dagen en drie nachten wezen in het hart der aarde.

KJV For2 as1 Jonas4 was three10 days11 and12 three13 nights14 in5 the whale's9 belly;7 so15 shall the Son18 of man20 be three26 days27 and28 three29 nights30 in21 the heart23 of the earth.

1 ωσπερ G5618 gelijkerwijs, geschiedt (even, like) as 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 ην G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 4 ιωνας G2495 Jonas, Jona Jonas 5 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 6 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 κοιλια G2836 buik, lijf, buiken belly, womb 8 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 κητους G2785 walvis whale 10 τρεις G5140 drie, Drie three 11 ημερας G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 τρεις G5140 drie, Drie three 14 νυκτας G3571 nacht, nachts, nachten (mid-)night 15 ουτως G3779 alzo, aldus, zo after that, after (in) this manner, as, even (so), for all that, like(-wise), no more, on this fashion(-wise), so (in like manner), thus, what 16 εσται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 17 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 υιος G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 19 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 ανθρωπου G444 mensen, mens, Mens certain, man 21 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 22 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 23 καρδια G2588 hart, harten, harte (+ broken-)heart(-ed) 24 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 γης G1093 aarde, land, Egypteland country, earth(-ly), ground, land, world 26 τρεις G5140 drie, Drie three 27 ημερας G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 28 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 29 τρεις G5140 drie, Drie three 30 νυκτας G3571 nacht, nachts, nachten (mid-)night
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
41 De mannen van Nineve zullen opstaan in het oordeel met dit geslacht, en zullen hetzelve veroordelen; want zij hebben zich bekeerd op de prediking van Jonas; en ziet, meer dan Jonas is hier!
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

41 De mannenG435 van NineveG3536 zullen opstaanG450 in het oordeelG2920 met ditG3778 geslachtG1074, enG2532 zullen hetzelve veroordelenG2632; wantG3754 zijG846 hebben zich bekeerdG3340 op de predikingG2782 van JonasG2495; enG2532 zietG3708, meer dan JonasG2495 is hier! De mannen van Nineve zullen opstaan in het oordeel met dit geslacht, en zullen hetzelve veroordelen; want zij hebben zich bekeerd op de prediking van Jonas; en ziet, meer dan Jonas is hier!

KJV The men1 of Nineveh2 shall rise3 in4 judgment6 with7 this generation,9 and11 shall condemn12 it:13 because14 they repented15 at16 the preaching18 of Jonas;19 and,20 behold, a greater than Jonas23 is here.

1 ανδρες G435 man, mannen, Mannen fellow, husband, man, sir 2 νινευιται G3536 Nineve, Ninevieten of Nineve, Ninevite 3 αναστησονται G450 stond, opgestaan, opstaan arise, lift up, raise up (again), rise (again), stand up(-right) 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 κρισει G2920 oordeel, oordeels, gericht accusation, condemnation, damnation, judgment 7 μετα G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 8 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 γενεας G1074 geslacht, geslachten, tijden age, generation, nation, time 10 ταυτης G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 κατακρινουσιν G2632 veroordeeld, veroordelen, verdoemd condemn, damn 13 αυτην G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 15 μετενοησαν G3340 bekeerd, bekeert, bekeren repent 16 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 17 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 κηρυγμα G2782 prediking preaching 19 ιωνα G2495 Jonas, Jona Jonas 20 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 21 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 22 πλειον G4183 vele, velen, veel abundant, + altogether, common, + far (passed, spent), (+ be of a) great (age, deal, -ly, while), long, many, much, oft(-en (-times)), plenteous, sore, straitly 23 ιωνα G2495 Jonas, Jona Jonas 24 ωδε G5602 hier, op deze plaats here, hither, (in) this place, there
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
42 De koningin van het zuiden zal opstaan in het oordeel met dit geslacht, en hetzelve veroordelen; want zij is gekomen van de einden der aarde, om te horen, de wijsheid van Salomo; en ziet, meer dan Salomo is hier!
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

42 De koninginG938 van het zuidenG3558 zal opstaanG1453 inG1722 het oordeelG2920 metG1537 ditG3778 geslachtG1074, enG2532 hetzelveG846 veroordelenG2632; wantG3754 zij is gekomenG2064 van de eindenG4009 der aardeG1093, om te horenG191, de wijsheidG4678 van SalomoG4672; enG2532 zietG3708, meer dan SalomoG4672 is hier! De koningin van het zuiden zal opstaan in het oordeel met dit geslacht, en hetzelve veroordelen; want zij is gekomen van de einden der aarde, om te horen, de wijsheid van Salomo; en ziet, meer dan Salomo is hier!

KJV The queen1 of the south2 shall rise up3 in4 the judgment6 with7 this generation,9 and11 shall condemn12 it:13 for14 she came15 from16 the uttermost parts18 of the earth20 to hear21 the wisdom23 of Solomon;24 and,25 behold, a greater than Solomon28 is here.

1 βασιλισσα G938 koningin queen 2 νοτου G3558 Zuiden, zuiden, zuidenwind south (wind) 3 εγερθησεται G1453 opgewekt, opgestaan, Sta awake, lift (up), raise (again, up), rear up, (a-)rise (again, up), stand, take up 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 κρισει G2920 oordeel, oordeels, gericht accusation, condemnation, damnation, judgment 7 μετα G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 8 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 γενεας G1074 geslacht, geslachten, tijden age, generation, nation, time 10 ταυτης G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 κατακρινει G2632 veroordeeld, veroordelen, verdoemd condemn, damn 13 αυτην G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 15 ηλθεν G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 16 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 17 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 περατων G4009 einde, einden end, ut-(ter-)most participle 19 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 γης G1093 aarde, land, Egypteland country, earth(-ly), ground, land, world 21 ακουσαι G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand 22 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 23 σοφιαν G4678 wijsheid, Wijsheid wisdom 24 σολομωντος G4672 Salomo, Salomon Solomon 25 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 26 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 27 πλειον G4183 vele, velen, veel abundant, + altogether, common, + far (passed, spent), (+ be of a) great (age, deal, -ly, while), long, many, much, oft(-en (-times)), plenteous, sore, straitly 28 σολομωντος G4672 Salomo, Salomon Solomon 29 ωδε G5602 hier, op deze plaats here, hither, (in) this place, there
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
43 En wanneer de onreine geest van den mens uitgegaan is, zo gaat hij door dorre plaatsen, zoekende rust, en vindt ze niet.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

43 En wanneer de onreineG169 geestG4151 vanG575 den mensG444 uitgegaanG1831 is, zo gaat hij doorG1223 dorreG504 plaatsenG5117, zoekendeG2212 rustG372, en vindtG2147 ze nietG3756. En wanneer de onreine geest van den mens uitgegaan is, zo gaat hij door dorre plaatsen, zoekende rust, en vindt ze niet.

KJV When1 the unclean4 spirit5 is gone6 out of7 a man,9 he walketh10 through11 dry12 places,13 seeking14 rest,15 and16 findeth18 none.

1 οταν G3752 wanneer, zodra as long (soon) as, that, + till, when(-soever), while 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 ακαθαρτον G169 onreine, onreinen, onrein foul, unclean 5 πνευμα G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 6 εξελθη G1831 uitgegaan, gingen, uitgaande come (forth, out), depart (out of), escape, get out, go (abroad, away, forth, out, thence), proceed (forth), spread abroad 7 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 8 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 ανθρωπου G444 mensen, mens, Mens certain, man 10 διερχεται G1330 doorgegaan, doorgaande, doorgereisd come, depart, go (about, abroad, everywhere, over, through, throughout), pass (by, over, through, throughout), pierce through, travel, walk through 11 δι G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 12 ανυδρων G504 dorre, waterloze dry, without water 13 τοπων G5117 plaats, plaatsen, Hoofdschedelplaats coast, licence, place, X plain, quarter, + rock, room, where 14 ζητουν G2212 zoekt, zochten, zoeken be (go) about, desire, endeavour, enquire (for), require, (X will) seek (after, for, means) 15 αναπαυσιν G372 rust rest 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 ουχ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 18 ευρισκει G2147 gevonden, vinden, vonden find, get, obtain, perceive, see
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
44 Dan zegt hij: Ik zal wederkeren in mijn huis, van waar ik uitgegaan ben; en komende, vindt hij het ledig, met bezemen gekeerd en versierd.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

44 Dan zegtG3004 hij: Ik zal wederkerenG1994 inG1519 mijn huisG3624, van waar ikG1473 uitgegaanG1831 ben; enG2532 komendeG2064, vindtG2147 hij het ledigG4980, met bezemen gekeerdG4563 enG2532 versierdG2885. Dan zegt hij: Ik zal wederkeren in mijn huis, van waar ik uitgegaan ben; en komende, vindt hij het ledig, met bezemen gekeerd en versierd.

KJV Then1 he saith,2 I will return3 into4 my house6 from whence8 I came out;9 and10 when he is come,11 he findeth12 it empty,13 swept,14 and15 garnished.

1 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 2 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 3 επιστρεψω G1994 bekeren, bekeerd, keerde come (go) again, convert, (re-)turn (about, again) 4 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 5 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 οικον G3624 huis, huize, huizen home, house(-hold), temple 7 μου G1473 mij, ik I, me 8 οθεν G3606 Waaruit, waaruit from thence, (from) whence, where(-by, -fore, -upon) 9 εξηλθον G1831 uitgegaan, gingen, uitgaande come (forth, out), depart (out of), escape, get out, go (abroad, away, forth, out, thence), proceed (forth), spread abroad 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 ελθον G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 12 ευρισκει G2147 gevonden, vinden, vonden find, get, obtain, perceive, see 13 σχολαζοντα G4980 ledig, verledigen empty, give self 14 σεσαρωμενον G4563 bezemen gekeerd, gekeerd sweep 15 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 16 κεκοσμημενον G2885 versierd, versieren, bereidden adorn, garnish, trim
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
45 Dan gaat hij heen en neemt met zich zeven andere geesten, bozer dan hijzelf, en ingegaan zijnde, wonen zij aldaar; en het laatste van denzelven mens wordt erger dan het eerste. Alzo zal het ook met dit boos geslacht zijn.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

45 Dan gaat hij heen enG2532 neemtG3880 metG3326 zichG1438 zevenG2033 andere geestenG4151, bozerG4191 dan hijzelf, en ingegaanG1525 zijnde, wonenG2730 zij aldaar; enG2532 het laatsteG2078 van denzelven mensG444 wordt ergerG5501 dan het eersteG4413. AlzoG3779 zal het ookG2532 met ditG3778 boosG4190 geslachtG1074 zijn. Dan gaat hij heen en neemt met zich zeven andere geesten, bozer dan hijzelf, en ingegaan zijnde, wonen zij aldaar; en het laatste van denzelven mens wordt erger dan het eerste. Alzo zal het ook met dit boos geslacht zijn.

KJV Then1 goeth he,2 and3 taketh4 with5 himself6 seven7 other8 spirits9 more wicked than himself,11 and12 they enter in13 and dwell14 there:15 and16 the last19 state of that22 man21 is17 worse than23 the first.25 Even so26 shall it be also28 unto this wicked10 generation.

1 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 2 πορευεται G4198 reisde, reizen, reisden --depart, go (away, forth, one's way, up), (make a, take a) journey, walk 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 παραλαμβανει G3880 nam, aangenomen, ontvangen receive, take (unto, with) 5 μεθ G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 6 εαυτου G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 7 επτα G2033 zeven, Zeven, zevende seven 8 ετερα G2087 ander, anders, zoeke altered, else, next (day), one, (an-)other, some, strange 9 πνευματα G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 10 πονηροτερα G4190 boze, boos, bozen bad, evil, grievous, harm, lewd, malicious, wicked(-ness) 11 εαυτου G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 εισελθοντα G1525 ingaan, ingegaan, inkomen X arise, come (in, into), enter in(-to), go in (through) 14 κατοικει G2730 wonen, woont, woonden dwell(-er), inhabitant(-ter) 15 εκει G1563 daar, aldaar there, thither(-ward), (to) yonder (place) 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 γινεται G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 18 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 εσχατα G2078 laatste, laatsten, Laatste ends of, last, latter end, lowest, uttermost 20 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 ανθρωπου G444 mensen, mens, Mens certain, man 22 εκεινου G1565 die, dien, dezen he, it, the other (same), selfsame, that (same, very), X their, X them, they, this, those 23 χειρονα G5501 erger, ergere, ergers sorer, worse 24 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 πρωτων G4413 eerste, eersten, eerst before, beginning, best, chief(-est), first (of all), former 26 ουτως G3779 alzo, aldus, zo after that, after (in) this manner, as, even (so), for all that, like(-wise), no more, on this fashion(-wise), so (in like manner), thus, what 27 εσται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 28 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 29 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 30 γενεα G1074 geslacht, geslachten, tijden age, generation, nation, time 31 ταυτη G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 32 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 33 πονηρα G4190 boze, boos, bozen bad, evil, grievous, harm, lewd, malicious, wicked(-ness)

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
46 En als Hij nog tot de scharen sprak, ziet, Zijn moeder en broeders stonden buiten, zoekende Hem te spreken.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

46 En als Hij nog tot de scharenG3793 sprakG2980, zietG3708, Zijn moederG3384 en broedersG80 stondenG2476 buitenG1854, zoekendeG2212 HemG846 te sprekenG2980. En als Hij nog tot de scharen sprak, ziet, Zijn moeder en broeders stonden buiten, zoekende Hem te spreken.

KJV While1 he3 yet2 talked4 to the people,6 behold, his mother9 and10 his13 brethren12 stood14 without,15 desiring16 to speak18 with him.

1 ετι G2089 nog, verder after that, also, ever, (any) further, (t-)henceforth (more), hereafter, (any) longer, (any) more(-one), now, still, yet 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 λαλουντος G2980 spreken, gesproken, sprak preach, say, speak (after), talk, tell, utter 5 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 οχλοις G3793 schare, scharen, volk company, multitude, number (of people), people, press 7 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 8 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 μητηρ G3384 moeder, moeders mother 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 αδελφοι G80 broeders, broeder, broederen brother 13 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 ειστηκεισαν G2476 stond, staande, staan abide, appoint, bring, continue, covenant, establish, hold up, lay, present, set (up), stanch, stand (by, forth, still, up) 15 εξω G1854 buiten, weg, uitgedreven away, forth, (with-)out (of, -ward), strange 16 ζητουντες G2212 zoekt, zochten, zoeken be (go) about, desire, endeavour, enquire (for), require, (X will) seek (after, for, means) 17 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 18 λαλησαι G2980 spreken, gesproken, sprak preach, say, speak (after), talk, tell, utter
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
47 En iemand zeide tot Hem: Zie, Uw moeder en Uw broeders staan daar buiten, zoekende U te spreken.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

47 En iemandG5100 zeideG2036 tot HemG846: ZieG2400, Uw moederG3384 en Uw broedersG80 staanG2476 daar buitenG1854, zoekendeG2212 UG4771 te sprekenG2980. En iemand zeide tot Hem: Zie, Uw moeder en Uw broeders staan daar buiten, zoekende U te spreken.

KJV Then2 one3 said unto him,4 Behold, thy mother7 and9 thy brethren11 stand14 without,13 desiring15 to speak17 with thee.

1 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 τις G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 4 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 6 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 μητηρ G3384 moeder, moeders mother 8 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 αδελφοι G80 broeders, broeder, broederen brother 12 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 13 εξω G1854 buiten, weg, uitgedreven away, forth, (with-)out (of, -ward), strange 14 εστηκασιν G2476 stond, staande, staan abide, appoint, bring, continue, covenant, establish, hold up, lay, present, set (up), stanch, stand (by, forth, still, up) 15 ζητουντες G2212 zoekt, zochten, zoeken be (go) about, desire, endeavour, enquire (for), require, (X will) seek (after, for, means) 16 σοι G4771 u, gij, gijlieden thou 17 λαλησαι G2980 spreken, gesproken, sprak preach, say, speak (after), talk, tell, utter

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
48 Maar Hij, antwoordende, zeide tot dengene die Hem dat zeide: Wie is Mijn moeder, en wie zijn Mijn broeders?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

48 MaarG1161 Hij, antwoordendeG611, zeideG2036 tot dengene die HemG846 dat zeideG2036: WieG5101 isG1510 Mijn moederG3384, en wieG5101 zijnG1510 Mijn broedersG80? Maar Hij, antwoordende, zeide tot dengene die Hem dat zeide: Wie is Mijn moeder, en wie zijn Mijn broeders?

KJV But2 he answered3 and said unto him that told him,7 Who8 is my mother?11 and13 who14 are my brethren?

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 αποκριθεις G611 antwoordde, antwoordende, antwoordden answer 4 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 5 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 ειποντι G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 7 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 8 τις G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 9 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 10 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 μητηρ G3384 moeder, moeders mother 12 μου G1473 mij, ik I, me 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 τινες G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 15 εισιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 16 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 αδελφοι G80 broeders, broeder, broederen brother 18 μου G1473 mij, ik I, me

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
49 En Zijn hand uitstrekkende over Zijn discipelen, zeide Hij: Ziet, Mijn moeder en Mijn broeders.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

49 EnG2532 Zijn handG5495 uitstrekkendeG1614 overG1909 Zijn discipelenG3101, zeideG2036 HijG846: ZietG3708, Mijn moederG3384 enG2532 Mijn broedersG80. En Zijn hand uitstrekkende over Zijn discipelen, zeide Hij: Ziet, Mijn moeder en Mijn broeders.

KJV And1 he stretched forth2 his5 hand4 toward6 his9 disciples,8 and said, Behold my mother13 and15 my brethren!

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εκτεινας G1614 strekte, Strek, uitstrekkende cast, put forth, stretch forth (out) 3 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 χειρα G5495 handen, hand hand 5 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 7 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 μαθητας G3101 discipelen, discipel, discipels disciple 9 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 10 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 11 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 12 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 μητηρ G3384 moeder, moeders mother 14 μου G1473 mij, ik I, me 15 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 16 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 αδελφοι G80 broeders, broeder, broederen brother 18 μου G1473 mij, ik I, me

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
50 Want zo wie den wil Mijns Vaders doet Die in de hemelen is, dezelve is Mijn broeder, en zuster, en moeder.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

50 WantG1063 zo wie den wilG2307 Mijns VadersG3962 doetG4160 Die inG1722 de hemelenG3772 is, dezelveG846 is Mijn broederG80, enG2532 zusterG79, enG2532 moederG3384. Want zo wie den wil Mijns Vaders doet Die in de hemelen is, dezelve is Mijn broeder, en zuster, en moeder.

KJV For2 whosoever1 shall do4 the will6 of my Father8 which5 is in11 heaven,12 the same13 is my brother,15 and16 sister,17 and18 mother.

1 οστις G3748 wie ook, die, welke X and (they), (such) as, (they) that, in that they, what(-soever), whereas ye, (they) which, who(-soever) 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 4 ποιηση G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 5 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 θελημα G2307 wil desire, pleasure, will 7 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 πατρος G3962 Vader, vader, vaders father, parent 9 μου G1473 mij, ik I, me 10 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 12 ουρανοις G3772 hemel, hemelen, hemels air, heaven(-ly), sky 13 αυτος G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 μου G1473 mij, ik I, me 15 αδελφος G80 broeders, broeder, broederen brother 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 αδελφη G79 zuster, zusters sister 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 μητηρ G3384 moeder, moeders mother 20 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Mattheüs 12:1 Deuteronomium 23:25 Markus 2:23 Lukas 6:1
Mattheüs 12:2 Mattheüs 12:10 Exodus 20:9 Lukas 14:3 Markus 3:2 Exodus 31:15 Jesaja 58:13 Numeri 15:32 Lukas 23:56
Mattheüs 12:3 1 Samuël 21:3 Lukas 6:3 Markus 2:25 Markus 12:26 Mattheüs 21:16 Mattheüs 22:31 Lukas 10:26 Mattheüs 19:4
Mattheüs 12:4 Exodus 25:30 Leviticus 24:5 Leviticus 8:31 Exodus 29:32
Mattheüs 12:5 Numeri 28:9 Johannes 7:22 Ezechiël 24:21
Mattheüs 12:6 Mattheüs 12:41 2 Kronieken 6:18 Maleachi 3:1 Hagai 2:7 Johannes 2:19 Kolossenzen 2:9 1 Petrus 2:4 Mattheüs 23:17
Mattheüs 12:7 Mattheüs 9:13 Hosea 6:6 Micha 6:6 Jesaja 1:11 Job 32:3 Jakobus 5:6 Psalmen 94:21 Psalmen 109:31
Mattheüs 12:8 Lukas 6:5 Mattheüs 9:6 Markus 2:28 Mattheüs 8:20 1 Korinthe 16:2 1 Korinthe 9:21 Johannes 5:17 Markus 9:4
Mattheüs 12:9 Lukas 6:6 Markus 3:1
Mattheüs 12:10 Lukas 13:14 Johannes 9:16 1 Koningen 13:4 Johannes 5:10 Mattheüs 22:17 Zacharia 11:17 Johannes 8:6 Mattheüs 12:2
Mattheüs 12:11 Lukas 14:5 Exodus 23:4 Deuteronomium 22:4 Lukas 13:15
Mattheüs 12:12 Mattheüs 6:26 Mattheüs 10:31 Lukas 12:24 Markus 3:4 Lukas 6:9
Mattheüs 12:13 Lukas 13:13 Handelingen 3:7
Mattheüs 12:14 Johannes 11:53 Lukas 6:11 Johannes 5:18 Markus 3:6 Johannes 10:39 Mattheüs 27:1 Mattheüs 26:4 Johannes 11:57
Mattheüs 12:15 Mattheüs 10:23 Mattheüs 19:2 Johannes 9:4 Lukas 6:17 Johannes 10:40 1 Petrus 2:21 Lukas 6:12 Markus 3:7
Mattheüs 12:16 Mattheüs 17:9 Mattheüs 8:4 Mattheüs 9:30 Lukas 5:14 Markus 7:36
Mattheüs 12:17 Jesaja 42:9 Jesaja 42:1 Lukas 24:44 Johannes 10:35 Handelingen 13:27 Johannes 12:38 Jesaja 44:26 Johannes 19:28
Mattheüs 12:18 Lukas 4:18 Jesaja 42:1 Johannes 3:34 Jesaja 32:15 Jesaja 49:5 Jesaja 61:1 Romeinen 15:9 Handelingen 10:38
Mattheüs 12:19 Johannes 18:36 2 Timotheüs 2:24 Zacharia 9:9 2 Korinthe 10:1 Lukas 17:20 Mattheüs 11:29
Mattheüs 12:20 Jesaja 42:3 Lukas 4:18 Jesaja 61:1 Psalmen 147:3 Ezechiël 34:16 Hebreeën 12:12 Psalmen 51:17 2 Korinthe 10:3
Mattheüs 12:21 Jesaja 11:10 Kolossenzen 1:27 Jesaja 42:4 Efeze 1:12 Romeinen 15:12
Mattheüs 12:22 Jesaja 35:5 Jesaja 29:18 Handelingen 26:18 Markus 3:11 Jesaja 32:3 Mattheüs 9:32 Markus 7:35 Lukas 11:14
Mattheüs 12:23 Mattheüs 9:27 Johannes 4:29 Johannes 7:40 Mattheüs 21:9 Mattheüs 22:42 Mattheüs 9:33 Mattheüs 15:22 Mattheüs 15:30
Mattheüs 12:24 Mattheüs 9:34 Markus 3:22 Lukas 11:15
Mattheüs 12:25 Mattheüs 9:4 Jeremia 17:10 Psalmen 139:2 Hebreeën 4:13 Galaten 5:15 Openbaring 17:16 Jesaja 19:2 Markus 3:23
Mattheüs 12:26 Kolossenzen 1:13 1 Johannes 5:19 Johannes 14:30 2 Korinthe 4:4 Johannes 12:31 Openbaring 12:9 Mattheüs 4:10 Openbaring 16:10
Mattheüs 12:27 Lukas 9:49 Markus 9:38 Lukas 11:19 Handelingen 19:13 Mattheüs 12:41 Lukas 19:22 Romeinen 3:19
Mattheüs 12:28 Lukas 11:20 Handelingen 10:38 Mattheüs 21:43 Mattheüs 12:18 Kolossenzen 1:13 Mattheüs 21:31 Markus 11:10 Lukas 17:20
Mattheüs 12:29 Markus 3:27 Jesaja 53:12 Jesaja 49:24 Openbaring 20:1 Lukas 11:21 1 Johannes 4:4 Openbaring 20:7 Openbaring 12:7
Mattheüs 12:30 Lukas 11:23 Markus 9:40 Lukas 9:50 1 Johannes 2:19 2 Korinthe 6:15 Jozua 24:15 Mattheüs 6:24 1 Kronieken 12:17
Mattheüs 12:31 Lukas 12:10 Markus 3:28 1 Johannes 5:16 Hebreeën 6:4 Hebreeën 10:26 1 Timotheüs 1:13 Hebreeën 10:29 Mattheüs 12:31
Mattheüs 12:32 Markus 3:29 Mattheüs 11:19 Efeze 1:21 Titus 2:12 Hebreeën 10:26 Johannes 7:12 1 Timotheüs 1:13 Hebreeën 6:4
Mattheüs 12:33 Lukas 6:43 Mattheüs 7:16 Lukas 11:39 Ezechiël 18:31 Jakobus 4:8 Amos 5:15 Mattheüs 3:8 Johannes 15:4
Mattheüs 12:34 Lukas 6:45 Mattheüs 15:18 Efeze 4:29 Jakobus 3:5 1 Samuël 24:13 Jesaja 32:6 Mattheüs 12:35 Johannes 8:44
Mattheüs 12:35 Kolossenzen 4:6 Spreuken 25:11 Kolossenzen 3:16 Mattheüs 13:52 Spreuken 10:20 Spreuken 15:23 Spreuken 12:17 Spreuken 15:4
Mattheüs 12:36 Prediker 12:14 Judas 1:14 Openbaring 20:12 Romeinen 2:16
Mattheüs 12:37 Spreuken 13:3 Jakobus 2:21
Mattheüs 12:38 1 Korinthe 1:22 Johannes 2:18 Markus 8:11 Lukas 11:16 Lukas 11:29 Johannes 4:48 Johannes 6:30 Mattheüs 16:1
Mattheüs 12:39 Mattheüs 16:4 Lukas 11:29 Jakobus 4:4 Markus 8:38 Jesaja 57:3
Mattheüs 12:40 Jona 1:17 Mattheüs 16:21 Mattheüs 17:23 Johannes 2:19 Mattheüs 27:63 Mattheüs 8:20 Mattheüs 27:40 Psalmen 63:9
Mattheüs 12:41 Mattheüs 12:42 Hebreeën 11:7 Mattheüs 12:6 Ezechiël 16:51 Jeremia 3:11 Jona 1:2 Jesaja 54:17 Romeinen 2:27
Mattheüs 12:42 Hebreeën 1:2 2 Kronieken 9:1 1 Koningen 10:1 Filippenzen 2:6 1 Koningen 5:12 Johannes 1:14 Mattheüs 3:17 Mattheüs 17:5
Mattheüs 12:43 Psalmen 63:1 Job 2:2 Amos 8:11 1 Petrus 5:8 Ezechiël 47:8 Jesaja 35:6 Jesaja 41:18 Mattheüs 8:29
Mattheüs 12:44 Judas 1:4 1 Johannes 2:19 Johannes 13:27 Psalmen 81:11 Johannes 13:2 Hosea 7:6 Openbaring 13:3 2 Thessalonicenzen 2:9
Mattheüs 12:45 Hebreeën 6:4 Markus 5:9 Hebreeën 10:26 Lukas 11:26 Lukas 11:49 Lukas 19:41 Hebreeën 10:39 Mattheüs 23:24
Mattheüs 12:46 Handelingen 1:14 Galaten 1:19 Johannes 2:12 Mattheüs 13:55 Johannes 7:3 1 Korinthe 9:5 Johannes 7:5 Markus 6:3
Mattheüs 12:48 Lukas 2:52 Lukas 2:49 Markus 3:32 Mattheüs 10:37 2 Korinthe 5:16 Deuteronomium 33:9 Johannes 2:3
Mattheüs 12:49 Johannes 17:20 Johannes 20:17 Johannes 17:8 Mattheüs 28:7 Markus 3:34
Mattheüs 12:50 Johannes 15:14 Markus 3:35 Mattheüs 7:20 1 Timotheüs 5:2 Mattheüs 28:10 Jakobus 1:21 Lukas 8:21 Hebreeën 2:11
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Mattheüs 12 vers 1

sabbatdag Grieks, sabbaten.

Hertaald: sabbatdag Grieks: sabbatten.

Mattheüs 12 vers 2

den sabbat De Farizeën bestraften de discipelen van Christus, niet omdat zij uit eens anders gezaaide aren plukten, want het was door de wet geoorloofd, Deut. 23:25 , maar dat zij zulks deden op den sabbat.

Hertaald: den sabbat De Farizeeën bestraften de discipelen van Christus niet omdat zij aren plukten uit wat een ander gezaaid had, want dat was door de wet toegestaan, Deut. 23:25, maar omdat zij dat op de sabbat deden.

Mattheüs 12 vers 4

het huis Gods Dat is, de tabernakel, die toen ter tijd te Nob was. Zie 1 Sam. 21:6 .

Hertaald: het huis Gods Dat is: de tabernakel, die in die tijd in Nob stond. Zie 1 Sam. 21:6.

toonbroden gegeten heeft, Grieks, broden der voorlegging; Hebr. des aangezichts, namelijk des Heeren. Wat dit voor broden geweest zijn en wat men er mee deed, zie Lev. 24:5 , enz.

Hertaald: toonbroden gegeten heeft, Grieks: broden van de voorlegging; Hebreeuws: van het aangezicht, namelijk van de HEERE. Wat dat voor broden waren en wat men ermee deed, zie Lev. 24:5, enzovoort.

Mattheüs 12 vers 5

ontheiligen in den tempel Dat is, zulke werken doen, die den sabbat ontheiligen zouden, indien God die tot zijn dienst niet bevolen had.

Hertaald: ontheiligen in den tempel Dat is: zulke werken doen die de sabbat zouden ontheiligen als God ze niet voor Zijn dienst bevolen had.

onschuldig zijn? Dat is, daaraan niet misdoen.

Hertaald: onschuldig zijn? Dat is: daarmee geen kwaad doen.

Mattheüs 12 vers 6

meerder dan de tempel, Want Christus was de Heere des tempels, en de zaak zelve door den tempel afgebeeld en betekend; Mal. 3:1 ; Joh. 2:19 .

Hertaald: meerder dan de tempel, Want Christus was de Heere van de tempel, en de zaak zelf die door de tempel afgebeeld en aangeduid werd; Mal. 3:1; Joh. 2:19.

Mattheüs 12 vers 7

niet offerande, Zie hiervoor Matt. 9:13 en Matt. 23:23 .

Hertaald: niet offerande, Zie hiervoor Matth. 9:13 en Matth. 23:23.

Mattheüs 12 vers 8

Heere ook van den sabbat Dat is, heeft macht om orde te stellen over de werken van den sabbat.

Hertaald: Heere ook van den sabbat Dat is: Hij heeft de macht om te bepalen wat er op de sabbat gedaan mag worden.

Mattheüs 12 vers 12

gaat nu een mens een schaap teboven? Grieks, verschilt van een schaap.

Hertaald: gaat nu een mens een schaap teboven? Grieks: verschilt van een schaap.

wel te doen Dat is, werken der liefde te oefenen.

Hertaald: wel te doen Dat is: werken van liefde te doen.

Mattheüs 12 vers 14

doden mochten Grieks, verderven, of vernielen.

Hertaald: doden mochten Grieks: verderven, of vernietigen.

Mattheüs 12 vers 18

knecht, Christus wordt een knecht des Vaders genaamd, omdat Hij de gedaante van een dienstknecht aangenomen heeft, Fil. 2:7 , en de raad des Vaders van onze verlossing door Hem uitgevoerd is, Jes. 53:10-11 . Zie ook de aantekening bij Jes. 42:1 .

Hertaald: knecht, Christus wordt een knecht van de Vader genoemd, omdat Hij de gedaante van een dienstknecht aangenomen heeft, Filipp. 2:7, en omdat de raad van de Vader over onze verlossing door Hem uitgevoerd is, Jes. 53:10-11. Zie ook de aantekening bij Jes. 42:1.

oordeel den heidenen verkondigen Dat is, zaligmakende leer, of ware godsdienst, en wat daartoe behoort.

Hertaald: oordeel den heidenen verkondigen Dat is: de zaligmakende leer, of de ware godsdienst en wat daarbij hoort.

Mattheüs 12 vers 19

roepen, Namelijk uit eergierigheid of twistgierigheid.

Hertaald: roepen, Namelijk uit eerzucht of twistzucht.

Mattheüs 12 vers 20

Het Dat is, Hij zal de verslagen gemoederen en de zwakgelovigen niet verstoten, maar met alle toegenegenheid ontmoeten.

Hertaald: Het Dat is: Hij zal de verslagen gemoederen en de zwakgelovigen niet verstoten, maar hun met alle genegenheid tegemoet komen.

gekrookte riet Of, gepletterde.

Hertaald: gekrookte riet Of: geplette.

lemmet Grieks, vlas; omdat de lemmeten of wieken daarvan gemaakt werden.

Hertaald: lemmet Grieks: vlas, omdat de pitten of wieken daarvan gemaakt werden.

het oordeel zal Dat is, zal met de waarheid zijner leer krachtig doordringen, totdat deze de overhand behoude.

Hertaald: het oordeel zal Dat is: Hij zal met de waarheid van Zijn leer krachtig doordringen, totdat die de overhand behoudt.

uitbrengen tot overwinning Of, tevoorschijn brengen. Grieks, uitstoten, uitwerpen.

Hertaald: uitbrengen tot overwinning Of: tevoorschijn brengen. Grieks: uitstoten, uitwerpen.

Mattheüs 12 vers 22

blind en stom was ; Dat is, wien de duivel het gebruik der ogen en tong benomen had.

Hertaald: blind en stom was ; Dat is: iemand aan wie de duivel het gebruik van de ogen en de tong ontnomen had.

Mattheüs 12 vers 24

Beëlzebul, Zie hierboven Matt. 10:25 .

Hertaald: Beëlzebul, Zie Matth. 10:25.

Mattheüs 12 vers 27

zonen uit? Hierdoor worden verstaan òf de discipelen van Christus, die in zijn naam duivelen uitwerpen, Luc. 10:17 , òf enige andere Joden, die ook somwijlen zulk deden. Zie Luc. 9:49 .

Hertaald: zonen uit? Hieronder worden verstaan óf de discipelen van Christus, die in Zijn naam duivelen uitwerpen, Luk. 10:17, óf enkele andere Joden die dat soms ook deden. Zie Luk. 9:49.

Mattheüs 12 vers 29

vaten ontroven, Dat is, huisraad of goed. Want de Hebreën noemen vaten allerlei gereedschap, waar het huis mede voorzien wordt.

Hertaald: vaten ontroven, Dat is: huisraad of goed. Want de Hebreeën noemen alle gereedschap waarmee het huis is uitgerust vaten.

Mattheüs 12 vers 31

vergeven worden; Namelijk indien zij zich bekeren.

Hertaald: vergeven worden; Namelijk als zij zich bekeren.

tegen den Geest Deze zonde tegen den Heiligen Geest is wanneer iemand, niet uit zwakheid of vrees gelijk Petrus, noch uit onwetendheid gelijk Paulus, de Evangelische waarheid verzaakt of bestrijdt, maar dezelve uit enkel haat en moedwil, tegen de overtuiging des Heiligen Geestes, wederstaat, lastert en vervolgt.

Hertaald: tegen den Geest Deze zonde tegen de Heilige Geest is er wanneer iemand de evangelische waarheid verzaakt of bestrijdt — niet uit zwakheid of vrees zoals Petrus, en niet uit onwetendheid zoals Paulus, maar uit louter haat en moedwil, tegen de overtuiging van de Heilige Geest in, terwijl hij haar weerstaat, lastert en vervolgt.

niet vergeven worden Namelijk omdat zij zich niet bekeren, noch door het rechtvaardig oordeel Gods bekeerd kunnen worden. Zie Hebr. 6:4 .

Hertaald: niet vergeven worden Namelijk omdat zij zich niet bekeren en zich door het rechtvaardig oordeel van God ook niet kunnen bekeren. Zie Hebr. 6:4.

Mattheüs 12 vers 32

Noch in deze eeuw Dat is, nimmermeer, gelijk het verklaard wordt, Marc. 3:29 , noch hier noch hiernamaals in het uiterste oordeel, hetwelk ook de toekomende eeuw genaamd wordt, zie Luc. 18:30 .

Hertaald: Noch in deze eeuw Dat is: nooit, zoals het verklaard wordt in Mark. 3:29 — niet hier en niet hierna in het laatste oordeel, dat ook de toekomende eeuw genoemd wordt, zie Luk. 18:30.

Mattheüs 12 vers 33

maakt den boom goed Dat is, houdt en oordeelt.

Hertaald: maakt den boom goed Dat is: houd en beoordeel hem zo.

kwaad en zijn vrucht kwaad; Grieks, verrot.

Hertaald: kwaad en zijn vrucht kwaad; Grieks: verrot.

Mattheüs 12 vers 36

ijdel woord, Grieks, ledig. Dat is, wat geen nuttigheid heeft tot stichting, Ef. 4:29 , hoeveelmeer dan de lasterwoorden.

Hertaald: ijdel woord, Grieks: leeg. Dat is: wat geen nut heeft voor de stichting, Ef. 4:29 — hoeveel te meer dan de lasterwoorden.

Mattheüs 12 vers 37

gerechtvaardigd worden, Dat is, voor rechtvaardig erkend en verklaard worden.

Hertaald: gerechtvaardigd worden, Dat is: als rechtvaardig erkend en verklaard worden.

Mattheüs 12 vers 39

overspelig geslacht Of, ontaard en verbasterd. Zie Joh. 8:39 .

Hertaald: overspelig geslacht Of: ontaard en verbasterd. Zie Joh. 8:39.

Mattheüs 12 vers 40

drie dagen en drie nachten Voor een deel der dagen worden hier genomen gehele dagen en nachten, gelijk dat bij de Hebreën gebruikelijk is. Zie 1 Sam. 30:12 , verg. met vs.13, en Est. 4:16 , verg met Est. 5:1 . En zo men het neemt naar de Romeinse rekening, die de dagen op de middernacht begonnen en eindigden, zo valt het nog duidelijker.

Hertaald: drie dagen en drie nachten Hier worden gedeelten van dagen genomen voor hele dagen en nachten, zoals dat bij de Hebreeën gebruikelijk is. Zie 1 Sam. 30:12, vergeleken met vers 13, en Est. 4:16, vergeleken met Est. 5:1. En als men het volgens de Romeinse tijdrekening neemt, waarbij de dagen om middernacht begonnen en eindigden, komt het nog duidelijker uit.

hart der aarde Dat is, binnen in de aarde, naar de Hebreeuwse wijze van spreken. Zo wordt Tyrus gezegd te liggen in het hart der zee; Ezech. 27:4 .

Hertaald: hart der aarde Dat is: binnen in de aarde, naar de Hebreeuwse manier van spreken. Zo wordt van Tyrus gezegd dat het in het hart van de zee ligt; Ezech. 27:4.

Mattheüs 12 vers 41

veroordelen, Namelijk door hun voorbeeld.

Hertaald: veroordelen, Namelijk door hun voorbeeld.

Mattheüs 12 vers 42

zuiden zal opstaan Dat is, van Saba, 1 Kon. 10:1 , hetwelk zuidwaarts van Judea gelegen was.

Hertaald: zuiden zal opstaan Dat is: uit Scheba, 1 Kon. 10:1, dat ten zuiden van Judea lag.

einden der aarde Dat is, van vergelegen plaatsen.

Hertaald: einden der aarde Dat is: uit ver afgelegen plaatsen.

Mattheüs 12 vers 43

dorre plaatsen, Dat is, droge of waterloze plaatsen.

Hertaald: dorre plaatsen, Dat is: droge of waterloze plaatsen.

Mattheüs 12 vers 44

versierd Of, opgeschikt.

Hertaald: versierd Of: opgesierd.

Mattheüs 12 vers 45

zeven andere geesten, Dat is, vele. Een Hebreeuwse wijze van spreken.

Hertaald: zeven andere geesten, Dat is: veel. Een Hebreeuwse manier van spreken.

Alzo zal het ook Met deze gelijkenis leert Christus dat, wanneer een mens door de kennis des evangelies verlost is van zijn natuurlijke onwetendheid, en nochtans deze kennis niet beleeft maar onderdrukt, hij veel erger wordt dan tevoren. Zie 2 Petr. 2:20-21 .

Hertaald: Alzo zal het ook Met deze vergelijking leert Christus dat een mens die door de kennis van het Evangelie verlost is van zijn natuurlijke onwetendheid, maar die kennis niet in praktijk brengt en onderdrukt, veel slechter wordt dan hij tevoren was. Zie 2 Petr. 2:20-21.

Mattheüs 12 vers 46

broeders stonden buiten, Dat is bloedverwanten, die bij de Hebreën ook broeders genaamd worden. Zie Gen. 13:8 , Gen. 13:11 .

Hertaald: broeders stonden buiten, Dat is: bloedverwanten, die bij de Hebreeën ook broeders genoemd worden. Zie Gen. 13:8, Gen. 13:11.

Mattheüs 12 vers 48

Wie is mijn moeder Christus spreekt hier niet uit verachting van zijn moeder, maar prijst alleen de geestelijke maagdschap boven de vleselijke.

Hertaald: Wie is mijn moeder Christus spreekt hier niet uit verachting van Zijn moeder, maar prijst alleen de geestelijke verwantschap boven de vleselijke.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Zoon des mensen  — Grieks: ho huios tou anthropou, naar het Aramese bar enasj — de aanduiding die Christus in de Evangeliën vrijwel uitsluitend van Zichzelf gebruikt

De uitdrukking komt in Mattheüs ruim dertig maal voor en altijd uit Zijn eigen mond. Zij klinkt het eerst in armoede: de vossen hebben holen en de vogelen des hemels nesten, maar de Zoon des mensen heeft niet waar Hij het hoofd nederlegge (Matt. 8:20). Zij klinkt in gezag: de Zoon des mensen heeft macht op de aarde de zonden te vergeven (Matt. 9:6), en Hij is een Heere ook van de sabbat (Matt. 12:8). Zij klinkt in het lijden: driemaal kondigt Hij aan dat de Zoon des mensen overgeleverd zal worden en ten derden dage opstaan (Matt. 17:22-23; 20:18-19). En zij klinkt in heerlijkheid: men zal Hem zien komen op de wolken des hemels, en voor Hem zullen alle volken vergaderd worden (Matt. 24:30; 25:31-32).

Bijbelse betekenis: De aanduiding is met opzet dubbelzinnig. In het gewone Aramees betekent zij niet meer dan "mens", en juist daarom kon Christus haar gebruiken zonder Zich vóór de tijd bloot te geven. Maar bij Daniël is zij een titel van hemelse waardigheid, en dáár grijpt Hij naar terug op het beslissende ogenblik. Voor de hogepriester zegt Hij onder ede dat men de Zoon des mensen zal zien zitten ter rechterhand der kracht en komen op de wolken des hemels (Matt. 26:64). Daarop volgt het vonnis. De laagheid en de hoogheid zitten dus in één woord.

Typologie: Daniël zag in de nachtgezichten "Een met de wolken des hemels, als eens mensen zoon", en Hem werd heerschappij, eer en het koninkrijk gegeven, een eeuwige heerschappij die niet vergaan zal (Dan. 7:13-14). Stefanus ziet die Zoon des mensen staande ter rechterhand Gods (Hand. 7:56). De Hebreeënbrief past Psalm 8 op Hem toe: wij zien nog niet dat Hem alle dingen onderworpen zijn, maar wij zien Jezus, met heerlijkheid en eer gekroond vanwege het lijden des doods (Hebr. 2:6-9). De weg van Matt. 8:20 naar Matt. 25:31 is dus geen omslag maar één weg.

Matt. 8:20; Matt. 9:6; Matt. 12:8; Matt. 17:22-23; Matt. 20:18-19; Matt. 24:30; Matt. 25:31-32; Matt. 26:64; Dan. 7:13-14; Hand. 7:56; Hebr. 2:6-9

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

Profeet, priester en koning niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe ambt

Meer dan de tempel, meer dan Jona, meer dan Salomo — 12:1-8, 38-42

Het verzet tegen Hem wordt in dit hoofdstuk hard. Eerst gaat het over de sabbat, dan over een genezing, dan over de vraag door welke macht Hij dit doet. Middenin en aan het slot zegt Hij drie keer hetzelfde over Zichzelf, met hetzelfde woord.

Drie keer stelt Hij Zich boven iets wat Israël heilig was: de tempel, een profeet en een koning. Dat zijn precies de drie ambten waarin men in Israël gezalfd werd.

De aanleiding is klein. De discipelen plukken aren op de sabbat, en de Farizeeën zien het. Zijn antwoord is niet dat het meevalt, maar dat er iets aan de hand is dat groter is dan de kwestie.

Hij noemt eerst David, die de toonbroden at die alleen de priesters toekwamen. Hij noemt vervolgens de priesters zelf, die in de tempel op de sabbat werken en toch onschuldig zijn — de dienst gaat immers door. En dan zegt Hij: “En Ik zeg u, dat Een, meerder dan de tempel, hier is.”

Dat is de eerste van de drie. De kanttekening vat samen waarom dat gezegd kan worden: Hij was de Heere van de tempel, en tegelijk de zaak zelf die door de tempel werd afgebeeld. Wie het gebouw eerbiedigt en Hem verwerpt, houdt het beeld en laat de zaak lopen.

Daarop volgt een woord uit Hosea: “Ik wil barmhartigheid en niet offerande.” Ook dat gaat over de tempel. God had de offerdienst zelf ingesteld, en toch zegt Hij bij monde van Hosea dat Hij lust heeft tot weldadigheid, en niet tot offer. De dienst was nooit bedoeld als een middel om mensen mee te veroordelen.

Aan het slot van het hoofdstuk vragen zij een teken. Hij weigert er een te geven, op één na: “Want gelijk Jonas drie dagen en drie nachten was in den buik van den walvis, alzo zal de Zoon des mensen drie dagen en drie nachten wezen in het hart der aarde.” Daar zet Hij alles op. Wie een profeet wilde toetsen, moest volgens de wet zien of zijn woord uitkwam; Hij geeft één woord op, en dat woord is Zijn eigen opstanding.

En dan komen de tweede en de derde: meer dan Jona is hier, en meer dan Salomo is hier. Jona was een profeet, en heidenen bekeerden zich op zijn prediking. Salomo was een koning, en een koningin kwam van de einden der aarde om zijn wijsheid te horen. Beiden waren gezalfden in het klein.

Zo staan er in dit ene hoofdstuk drie dingen naast elkaar: de tempel, waar de priester dienst deed; de profeet; en de koning. In Israël waren dat drie ambten, gedragen door drie soorten mensen, en niemand droeg er meer dan één tegelijk. Hier staat Eén Die van alle drie zegt dat Hij meer is.

En dan het zinnetje dat de sabbatkwestie besluit: “Want de Zoon des mensen is een Heere ook van den sabbat.” Wie de dag mag ordenen, heeft hem gegeven.

  1. Deuteronomium 18:15 — Een profeet zou er komen, gelijk Mozes, naar wie men horen moest.
  2. Exodus 28:1 — En een priesterschap, om in de tempel voor het volk te dienen.
  3. 2 Samuël 7:13 — En een koning, met een troon tot in eeuwigheid.
  4. Mattheüs 12:6 — Meerder dan de tempel: het beeld wijkt voor de zaak zelf.
  5. Mattheüs 12:41 — Meer dan Jona: de Profeet Die op Zijn eigen opstanding wijst.
  6. Mattheüs 12:42 — Meer dan Salomo: de Koning bij Wie de wijsheid thuishoort.

In het Nieuwe Testament: Hosea 6:6; 1 Samuël 21:6; 1 Koningen 10:1; Jona 1:17; Deuteronomium 18:15; Hebreeën 7:11

Hoever dit reikt: Dat deze drie uitspraken samen op de drie ambten wijzen, is een gevolgtrekking uit hun onderlinge samenhang; Mattheüs zegt dat niet met zoveel woorden. Wel is elk van de drie afzonderlijk uitdrukkelijk zo bedoeld: over de tempel, over Jona en over Salomo spreekt Hij Zelf. Over de uitdrukking drie dagen en drie nachten merkt de kanttekening op dat bij de Hebreeën een deel van een dag voor een hele dag en nacht geteld werd.

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Mattheüs 12

Mattheüs 12:38-39.Kruisverwijzingen1 Korinthe 1:22Mattheüs 16:4Johannes 2:18Markus 8:11Lukas 11:16Lukas 11:29Johannes 4:48Johannes 6:30
— Toen antwoordden sommigen der Schriftgeleerden en Farizeen, zeggende: Meester! wij willen van U wel een teken zien. Maar Hij antwoordde en zeide tot hen: Het boos en overspelig geslacht verzoekt een teken; en hun zal geen teken gegeven worden, dan het teken van Jonas, den profeet.
“Toen antwoordden sommigen der Schriftgeleerden en Farizeen, zeggende: Meester! wij willen van U wel een teken zien. Maar Hij antwoordde en zeide tot hen: Het boos en overspelig geslacht verzoekt een teken; en hun zal geen teken gegeven worden, dan het teken van Jonas, den profeet.”

De farizeeën veranderen van manier van doen, maar zij jagen hetzelfde doel na. Hoe hopeloos waren de godsdienstige mensen van die eeuw geworden! Niets kon hen overtuigen. Zij toonden hun haat tegen de Heere Jezus door alle wonderen die Hij gedaan had eenvoudig te negeren.

Welke verdere tekenen konden zij nog zoeken dan die Hij al gegeven had? Fraaie onderzoekers waren dat! Zij behandelen alle wonderen van onze Heere alsof zij nooit gebeurd waren. De HEERE mocht hen met recht boos en overspelig noemen, want zij waren zo aan hun eigen lusten overgegeven en geestelijk zo ontrouw aan God.

Wij hebben er ook nu die zo onoprecht zijn dat zij alles wat de rechtzinnige leer tot stand gebracht heeft behandelen alsof het niets was. Zij spreken tegen ons alsof er op de prediking van het evangelie nooit enig gevolg gekomen was. Er is veel geduld nodig om met zulke mensen wijs om te gaan.

De koningin van Scheba vroeg niet om een teken. Zij verwachtte niet dat Salomo een wonder zou doen. Maar zij ging voor hem zitten, legde hem haar raadsels voor en wachtte ootmoedig zijn antwoorden af. Zo hadden deze schriftgeleerden en farizeeën het met de Heere Jezus moeten doen.

Mattheüs 12:40.KruisverwijzingenJona 1:17Mattheüs 16:21Mattheüs 17:23Johannes 2:19Mattheüs 27:63Mattheüs 8:20Mattheüs 27:40Psalmen 63:9
— Want gelijk Jonas drie dagen en drie nachten was in den buik van den walvis, alzo zal de Zoon des mensen drie dagen en drie nachten wezen in het hart der aarde.
“Want gelijk Jonas drie dagen en drie nachten was in den buik van den walvis, alzo zal de Zoon des mensen drie dagen en drie nachten wezen in het hart der aarde.”

Het grote teken van de zending van onze Heere is Zijn opstanding, en dat Hij een evangelie van zaligheid voor de heidenen gereedmaakt. Zijn levensgeschiedenis wordt treffend afgebeeld in die van Jona.

Zij wierpen onze Heere overboord, net zoals de zeelieden dat met de man van God deden. Het offer van Jona bracht de zee tot rust voor de schepelingen; de dood van onze Heere maakte vrede voor ons. Onze Heere was een tijd in het hart van de aarde zoals Jona in de diepte van de zee. Maar Hij is opgestaan, en Zijn dienst was vol van de kracht van Zijn opstanding.

Zoals de dienst van Jona bekrachtigd werd door zijn terugkeer uit de zee, zo wordt de dienst van onze Heere bevestigd door Zijn opstanding uit de doden. De man die uit de dood en uit een graf in de zee teruggekomen was, eiste de aandacht van heel Ninevé op. Zo eist en verdient de opgestane Zaligmaker het gehoorzame geloof van allen tot wie Zijn boodschap komt.

Mattheüs 12:41.KruisverwijzingenMattheüs 12:42Hebreeën 11:7Mattheüs 12:6Ezechiël 16:51Jeremia 3:11Jona 1:2Jesaja 54:17Romeinen 2:27
— De mannen van Nineve zullen opstaan in het oordeel met dit geslacht, en zullen hetzelve veroordelen; want zij hebben zich bekeerd op de prediking van Jonas; en ziet, meer dan Jonas is hier!
“De mannen van Nineve zullen opstaan in het oordeel met dit geslacht, en zullen hetzelve veroordelen; want zij hebben zich bekeerd op de prediking van Jonas; en ziet, meer dan Jonas is hier!”

De heidenen van Ninevé werden overtuigd door het teken van een profeet die uit zijn graf in de zee hersteld was. En door die overtuiging bewogen bekeerden zij zich op zijn prediking. Zonder tegenwerping en zonder uitstel brachten zij de hele stad in de rouw en pleitten zij bij God of Hij Zich van Zijn toorn afkeren wilde.

Jezus kwam met een duidelijker bevel tot bekering en een helderder belofte van verlossing. Maar Hij sprak tot verharde harten. Onze Heere herinnert de farizeeën hieraan. En zij waren de meest Joodse van alle Joden. Dus werden zij in het hart geraakt door het feit dat héidenen doorzagen wat Israel niet begreep, en dat Ninevieten zich bekeerden terwijl Joden zich verhardden.

Het leven van boetvaardigen zal hen veroordelen die zich niet bekeerden. De Ninevieten zullen de Joden veroordelen, omdat zij zich bekeerd hebben op de prediking van Jona en de Joden niet. Wie Jona hoorden en zich bekeerden, zullen snelle getuigen zijn tegen wie Jezus hoorden en Zijn getuigenis verwierpen.

Jona was een knecht; Jezus was de Meester. Jona predikte maar één preek; Jezus predikte er vele. Die preek was kort; Jezus arbeidde lang om zielen. Jona was een man vol zwakheden en met een liefdeloos hart; Jezus was teder en vol medelijden. Jona haastte zich alleen door de straten met de roep dat Ninevé over veertig dagen omgekeerd zou worden, zonder één woord van barmhartigheid. Jezus leefde lang onder het volk en gaf hun aanwijzingen, waarschuwingen en nodigingen om de zaligheid te zoeken en te vinden. Ziet, meer dan Jona is hier!

Het blijvende getuigenis over onze Heere is Zijn opstanding uit de doden. God geve dat ieder van ons, dat onbetwistbare feit gelovend, zo van Zijn zending verzekerd mag zijn dat wij ons bekeren en het evangelie geloven.

Mattheüs 12:42.KruisverwijzingenHebreeën 1:22 Kronieken 9:11 Koningen 10:1Filippenzen 2:61 Koningen 5:12Johannes 1:14Mattheüs 3:17Mattheüs 17:5
— De koningin van het zuiden zal opstaan in het oordeel met dit geslacht, en hetzelve veroordelen; want zij is gekomen van de einden der aarde, om te horen, de wijsheid van Salomo; en ziet, meer dan Salomo is hier!
“De koningin van het zuiden zal opstaan in het oordeel met dit geslacht, en hetzelve veroordelen; want zij is gekomen van de einden der aarde, om te horen, de wijsheid van Salomo; en ziet, meer dan Salomo is hier!”

Het tweede teken van de zending van onze Heere is Zijn koninklijke wijsheid. De vermaardheid van Salomo deed de koningin van het zuiden van de uiterste einden van de aarde komen. Zo eist de leer van onze Heere de aandacht op van de verste eilanden van de zee.

Ziet Israel Zijn heerlijke wijsheid niet, dan zullen Ethiopië en Scheba ervan horen en zich voor Hem komen buigen. De koningin van Scheba zal weer opstaan, en zij zal opstaan als een getuige tegen de ongelovige Joden. Want zij reisde ver om Salomo te horen, terwijl zij de Zoon van God Zelf niet wilden horen toen Hij in hun midden kwam.

De allerhoogste uitnemendheid van Zijn wijsheid staat voor onze Heere als een teken dat nooit werkelijk te betwisten valt. Welk ander onderwijs voorziet in alle noden van de mensen? Wie anders heeft zulke genade en waarheid geopenbaard? Hij is oneindig groter dan Salomo, die zedelijk gezien een treurige kleinheid vertoonde. Wie anders dan de Zoon van God had de Vader kunnen bekendmaken zoals Hij gedaan heeft?

Mattheüs 12:43.KruisverwijzingenPsalmen 63:1Job 2:2Amos 8:111 Petrus 5:8Ezechiël 47:8Jesaja 35:6Jesaja 41:18Mattheüs 8:29
— En wanneer de onreine geest van den mens uitgegaan is, zo gaat hij door dorre plaatsen, zoekende rust, en vindt ze niet.
“En wanneer de onreine geest van den mens uitgegaan is, zo gaat hij door dorre plaatsen, zoekende rust, en vindt ze niet.”

Let erop: niet wanneer hij door een sterkere macht uitgeworpen wordt, maar wanneer hij uit eigen beweging weggegaan is.

De duivel was van ouds in de Joden, maar hij ging uit hen weg ten tijde van de Babylonische gevangenschap; die zware straf genas hen van de afgoderij. Maar de duivel kon in heidense harten nooit een rustplaats vinden die hem zo aangenaam was als onder Gods eigen volk.

Mattheüs 12:44.KruisverwijzingenJudas 1:41 Johannes 2:19Johannes 13:27Psalmen 81:11Johannes 13:2Hosea 7:6Openbaring 13:32 Thessalonicenzen 2:9
— Dan zegt hij: Ik zal wederkeren in mijn huis, van waar ik uitgegaan ben; en komende, vindt hij het ledig, met bezemen gekeerd en versierd.
“Dan zegt hij: Ik zal wederkeren in mijn huis, van waar ik uitgegaan ben; en komende, vindt hij het ledig, met bezemen gekeerd en versierd.”

Ik zal naar die Joden teruggaan, zegt de duivel. En wanneer hij terugkomt, vindt hij hen zonder enige ware liefde tot God: ledig, met bezemen gekeerd en versierd.

Zie hoe keurig de farizeeer gekleed gaat, en let met wat een schijnheilige zalving hij zijn geveinsde gebeden opzegt. Hij vast twee keer in de week en geeft tienden van zijn munt, dille en komijn. De duivel vindt het huis ledig, gekeerd en versierd. En omdat het hem niet uitmaakt of hij in een vuil hart woont of in een schoon, zolang hij er maar in wonen kan, neemt hij daar zijn intrek weer.

Mattheüs 12:45.KruisverwijzingenHebreeën 6:4Markus 5:9Hebreeën 10:26Lukas 11:26Lukas 11:49Lukas 19:41Hebreeën 10:39Mattheüs 23:24
— Dan gaat hij heen en neemt met zich zeven andere geesten, bozer dan hijzelf, en ingegaan zijnde, wonen zij aldaar; en het laatste van denzelven mens wordt erger dan het eerste. Alzo zal het ook met dit boos geslacht zijn.
“Dan gaat hij heen en neemt met zich zeven andere geesten, bozer dan hijzelf, en ingegaan zijnde, wonen zij aldaar; en het laatste van denzelven mens wordt erger dan het eerste. Alzo zal het ook met dit boos geslacht zijn.”

Al kwam de afgoderij niet bij de Joden terug, de duivel van de hoogmoed en de eigenwaan kwam wél terug, en nog veel meer duivelen met hem. Zij streden tegen de Zoon van God, zodat zij erger werden dan zij tevoren waren. De eerste duivel van het Joodse volk was niets vergeleken bij de zeven duivelen die hen daarna bezaten.

Wij hebben zulke mensen wel gezien. Onder een tijdelijke overtuiging hebben zij bepaalde uiterlijke zonden opgegeven, maar daarna zijn zij tienmaal erger geworden dan zij eerst waren.

Wij hebben iemand gekend die een dronkaard was, en wij hebben ons verheugd toen hij zijn bekers liet staan. Maar toen maakte hij van zijn matigheid een eigengerechtigheid en keerde hij zich tegen God en Zijn waarheid. En toen hebben wij werkelijk geloofd dat er zeven duivelen in hem waren die erger waren dan de eerste.

Een mens kan zichzelf hervormen tot zwartere vlekken. Hij kan zich met het water van zijn eigengerechtigheid wassen tot hij moeilijker te reinigen is dan hij in het begin geweest zou zijn.

Och, om de machtige hand van Hem Die sterker is dan de vorst van de hel, om de duivel uit te werpen! Dan zal hij nooit meer terugkomen. Maar gaat hij alleen door menselijke overreding uit, of door onze eigen wil en wens, dan zal hij zeker bij ons terugkomen. Drijft de Heilige Geest hem uit, dan zal hij nooit meer toegang krijgen.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Verdiepende artikelen

De rokende vlaswiek

Preken

In de preek De rokende vlaswiek laat Spurgeon zien hoe teder en geduldig de Heere Jezus omgaat met zwakke, twijfelende en moedeloze gelovigen, die slechts een klein vonkje…

De koningin van het Zuiden, of De Ernstige Zoeker

Preken

Deze preek gebruikt de koningin van het Zuiden als voorbeeld van een ziel die oprecht naar de waarheid zoekt. Zij legde een lange reis af om de wijsheid…

Onderzoek de Schriften

Hij Verkwikt Mijn Ziel

Hebt u niet gelezen? … dan had u geweten had wat het betekent. Mattheüs 12:3, 7 Als je echt wilt begrijpen wat je in de Bijbel leest, dan…

1 Kon. 10:1‭ - Raadplegende Jezus

Preekaantekeningen

En toen de koningin van Scheba het gerucht van Salomo hoorde, aangaande de naam van de Heere, kwam zij om hem met moeilijke vragen op de proef te…

Kenmerken van het geloof

Voor Iedere Dag

Jezus dan zei tot hem: Tenzij dat gij tekenen en wonderen ziet, zo zult gij niet geloven. Johannes 4:48 Verder lezen: Mattheüs 12:38-42 Vertrouw op de Heere, wacht…

Een lieflijke troost voor zwakke heiligen

Preken

Het geknakte riet zal Hij niet breken en de walmende vlaspit zal Hij niet doven, totdat Hij het oordeel uitvoert tot overwinning. Mattheüs 12:20 Al pratend geeft men graag…

Hij genas hen allen!

Voor Iedere Morgen

Bijbels Dagboek, C.H. Spurgeon  "Voor Iedere Morgen" Veel menigten volgden Hem, en Hij genas hen allen. Mattheüs 12:15 Wat zag de Heere Jezus veel afzichtelijke ziekten aan Zijn…

Het gekrookte riet zal Hij niet verbreken, en de rokende vlaswiek zal Hij niet uitblussen

Voor Iedere Avond

Bijbels Dagboek, C.H. Spurgeon  "Voor Iedere Avond" Het gekrookte riet zal Hij niet verbreken, en de rokende vlaswiek zal Hij niet uitblussen. Mattheus 12:20 Wat is zwakker dan het…

In geloof gehoorzamen

Preken

En zie, daar was een mens, die een verdorde hand had....... Toen zeide Hij tot die mens: Strek uw hand uit, en hij strekte haar uit, en zij werd…

De gelijkenis van de bruiloft

Preken

Het koninkrijk der hemelen is gelijk een zeker koning, die zijn zoon een bruiloft bereid had; en zond zijn dienstknechten uit, om de genoden ter bruiloft te roepen;…

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content