3 januari — Rust op een belofte
“dit land, waarop gij ligt te slapen, zal Ik aan u geven”—Genesis 28:13
Geen enkele belofte is een privézaak: ze is niet voor één heilige, maar voor alle gelovigen. Als jij, mijn broeder, in geloof op een belofte kunt gaan liggen en daarop kunt rusten, dan is ze van jou. Waar Jakob neerstreek, bleef en rustte, daar nam hij bezit. Hij strekte zijn vermoeide lichaam uit op de grond, met de stenen van die plaats als kussens, en had er geen idee van dat hij zo eigenaar werd van het land. Toch was het zo. In zijn droom zag hij die wonderlijke ladder die voor alle ware gelovigen de aarde met de hemel verbindt. Op de plek waar de voet van de ladder stond, moest hij zeker recht op de grond hebben, want anders kon hij niet bij die hemelse trap komen. Alle beloften van God zijn in Christus Jezus “ja” en “amen”, en omdat Hij van ons is, is elke belofte van ons, als we er maar in rustend geloof op gaan liggen.
Kom, vermoeide ziel, gebruik de woorden van je Heere als kussens. Ga in vrede liggen. Droom alleen van Hem. Jezus is jouw ladder van licht. Zie de engelen op Hem op- en neergaan tussen je ziel en je God. Wees er zeker van dat de belofte je eigen, door God gegeven deel is, en dat het geen diefstal is als je haar voor jezelf neemt, als een woord dat speciaal tot jou is gesproken.