14 februari — Goedertierenheid voor wie het niet verdient
“maar die op den HEERE vertrouwt, dien zal de goedertierenheid omringen”—Psalm 32:10
O, wat een mooie beloning voor wie vertrouwt! Mijn Heere, geef ze mij in volle mate! Wie vertrouwt, voelt zich meer dan wie ook een zondaar; en zie, er is goedertierenheid voor hem klaar: hij weet dat hij niets verdient, maar de goedertierenheid komt binnen en zorgt royaal voor zijn huishouden. O Heere, geef mij deze goedertierenheid, zoals ik op U vertrouw!
Merk op, mijn ziel, wat een lijfwacht je hebt! Zoals een prins door soldaten omringd wordt, zo word jij omringd door goedertierenheid. Voor en achter en aan alle kanten rijdt deze ruitergarde van genade. Wij wonen midden in de wereld van de goedertierenheid, want wij wonen in Christus Jezus.
O mijn ziel, wat een lucht adem je in! Zoals de lucht je omringt, zo omringt je ook de goedertierenheid van je Heere. Voor de goddeloze zijn er veel smarten, maar voor jou is er zoveel goedertierenheid dat je smarten het noemen niet waard zijn. David zegt: “Verblijdt u in den HEERE, en verheugt u, gij rechtvaardigen! en zingt vrolijk, alle gij oprechten van harte!” Uit gehoorzaamheid aan dit gebod zal mijn hart juichen in God, en ik zal mijn blijdschap uitspreken. Zoals U mij met goedertierenheid hebt omringd, zo zal ik ook Uw altaren, o mijn God, omringen met lofzangen van dank!