“Want Ik zal u zekerlijk bevrijden, en gij zult door het zwaard niet vallen; maar gij zult uw ziel tot een buit hebben, omdat gij op Mij vertrouwd hebt, spreekt de HEERE.”—Jeremia 39:18
Kijk naar de beschermende kracht van het vertrouwen op God. De grote mannen van Jeruzalem vielen door het zwaard, maar de arme Ebed-melech was veilig, want zijn vertrouwen lag bij Jehova. Waar moet een mens anders op vertrouwen dan op zijn Maker? Het is dwaas als wij het schepsel boven de Schepper verkiezen. Ach, konden wij maar in alles door het geloof leven! Dan zouden wij in elk uur van gevaar gered worden. Niemand heeft ooit tevergeefs op de Heere vertrouwd, en niemand zal dat ooit doen.
De Heere zegt: “Ik zal u zekerlijk bevrijden.” Let op dat goddelijke “zekerlijk”. Wat er ook onzeker mag zijn: Gods zorg voor de gelovigen is zeker. God Zelf is de beschermer van de vromen. Onder Zijn heilige vleugel is er veiligheid, ook als er overal gevaar dreigt. Kunnen wij deze belofte als zeker aannemen? Dan zullen wij in onze huidige nood merken dat zij vaststaat. Wij hopen gered te worden omdat wij vrienden hebben, of omdat wij verstandig zijn, of omdat wij hoopvolle tekenen zien; maar geen van die dingen is half zo goed als Gods eenvoudige “omdat gij op Mij vertrouwd hebt”. Beste lezer, probeer deze weg, en als je het eenmaal hebt geprobeerd, blijf je er je hele leven bij. Die weg is even heerlijk als zeker.

