“Alzo brachten zij een kwaad gerucht voort van het land, dat zij verspied hadden, aan de kinderen Israels, zeggende: Dat land, door hetwelk wij doorgegaan zijn, om het te verspieden, is een land, dat zijn inwoners verteert; en al het volk, hetwelk wij in het midden van hetzelve gezien hebben, zijn mannen van grote lengte.”—Numeri 13:32
Lees verder: Romeinen 2:17-24.
Elk onbezonnen woord dat u zegt en elke daad die niet bij uw geloof past, werpt een smet op Christus. De wereld ziet geen gebreken in zichzelf, maar schrijft ze allemaal toe aan uw Meester. Als u morgen een misstap maakt, zeggen ze niet: “Dat is de menselijke natuur van Jan Jansen”, maar: “Dat is de godsdienst van Jan Jansen.” Ze weten wel beter, maar toch zeggen ze het. Ze geven Christus de schuld van alle ongerechtigheid. Als u de schuld zelf zou kunnen dragen, zou u dat dapper kunnen doen; maar sta niet toe dat Christus de schande draagt. Sta niet toe dat Zijn goede naam wordt aangetast. Sta niet toe dat Zijn banier in het stof wordt vertrapt. Er is nog iets om over na te denken. Let erop dat de wereld het zeker zal opmerken als u iets verkeerds doet. De wereld draagt twee zakken: in de achterste doet ze alle deugden van een christen, in de voorste al onze misdaden en zonden. Ze denkt er nooit aan om naar de deugden van heilige mensen te kijken. Alle moed van de martelaren, alle trouw van de belijders en alle heiligheid van de heiligen betekenen niets voor haar. Onze ongerechtigheden staan haar echter altijd voor ogen. Bedenk alstublieft dat de ogen van de wereld op u gericht zijn, waar u ook bent als christen. De argusogen van een verdorven geslacht volgen u overal. Een kerk kan blind zijn, maar de wereld is dat niet. Men zegt wel: “Zo vast in slaap als een kerk”, en dat is heel juist, want de meeste kerken slapen vast. Het zou echter een grote leugen zijn als iemand zei: “Zo vast in slaap als de wereld”, want de wereld slaapt nooit. Slapen laat men over aan de kerk. En bedenk ook dat de wereld altijd een vergrootglas bij zich heeft om de fouten van christenen te bekijken.
Ter overdenking
Net als Maria kunnen ook wij met onze ziel en onze woorden de Heere groot maken (Lukas 1:46). Maar is er een gebied in ons leven waar de ongelovige wereld ruimte krijgt om in plaats daarvan onze zonden breed uit te meten?
Preek 197

