“gij zult grotere dingen zien dan deze”—Johannes 1:51
Dit werd gezegd tegen een gelovige met een kinderlijk hart, die bereid was Jezus als de Zoon van God en de Koning van Israël aan te nemen op grond van één overtuigend argument. Wie wil zien, zal zien; het komt doordat wij onze ogen sluiten dat we zo jammerlijk blind worden.
We hebben al veel gezien. Grote en ondoorgrondelijke dingen heeft de Heere ons laten zien, en daarvoor prijzen wij Zijn Naam. Maar er zijn nog grotere waarheden in Zijn Woord, grotere diepten van ervaring, grotere hoogten van gemeenschap, grotere mogelijkheden om nuttig te zijn, grotere ontdekkingen van kracht, liefde en wijsheid. Die zullen we nog zien als we bereid zijn onze Heere te geloven. Het vermogen om valse leer te bedenken richt ons te gronde, maar de kracht om de waarheid te zien is een zegen. De hemel zal voor ons geopend worden, de weg ernaartoe zal in de Zoon des mensen voor ons duidelijk worden, en het heen en weer gaan van engelen tussen het hogere en het lagere koninkrijk zal ons duidelijker getoond worden. Laten we onze ogen openhouden voor geestelijke dingen en verwachten dat we steeds meer zullen zien. Laten we geloven dat ons leven niet wegkwijnt tot niets, maar dat we altijd blijven groeien en steeds grotere dingen zien, totdat we de grote God Zelf zien en Hem nooit meer uit het oog verliezen.

