27 september — Gods licht in de duisternis

“Want Gij doet mijn lamp lichten …”—Psalm 18:29

Het kan zijn dat mijn ziel in duisternis zit; en als het een geestelijke duisternis is, kan geen menselijke macht mij licht brengen. Geprezen zij God! Hij kan mijn duisternis verlichten en meteen mijn lamp laten branden. Zelfs als ik omringd ben door een duisternis, zo dik “dat men de duisternis tasten zal”, dan kan Hij toch het donker doorbreken en het meteen helder om mij maken.

Het is een genade dat niemand de lamp kan uitblazen als Hij haar heeft aangestoken; ze gaat ook niet uit door gebrek aan brandstof, noch brandt ze vanzelf op door het verstrijken van de uren. De lichten die de Heere in het begin aanstak, schijnen nog steeds. De lampen van de Heere moeten misschien bijgeknipt worden, maar Hij doet ze niet uit.

Laat mij dan, net als de nachtegaal, zingen in het donker. Het uitzien naar het licht zal mij muziek geven, en de hoop zal de toon aangeven. Binnenkort zal ik mij verheugen in een lamp die God zelf heeft aangestoken. Ik ben nu somber en neerslachtig. Misschien komt het door het weer, of door lichamelijke zwakte, of door de schrik van een plotseling verdriet; maar wat de duisternis ook heeft veroorzaakt, alleen God kan het licht brengen. Mijn ogen zijn alleen op Hem gericht. Straks zullen de lampen van de Heere om mij heen schijnen; en later, wanneer Hij het goed vindt, zal ik zijn waar zij “geen kaars noch licht der zon van node hebben”. Halleluja!

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content