“Hij stak Zijn hand uit van omhoog, greep mij, trok mij op uit grote wateren.” Psalm 18:17
Ben jij weleens in Blackpool geweest, aan de westkust van Engeland? Het is een bekende badplaats waar elk jaar veel mensen vakantie vieren. Misschien heb je weleens gehoord van de Blackpool Tower. Ben je er zelfs ooit bovenop geweest? Weet je welk land aan de overkant van de zee ligt? Sommige mensen zeggen dat je het op een heel heldere dag kunt zien.Dat is Ierland. Het eiland bestaat uit twee delen: Ierland (Éire) en Noord-Ierland. Op een dag was Thomas op ongeveer dertig kilometer van Dublin, de hoofdstad van Ierland. Samen met een paar vrienden genoot hij van het prachtige landschap. Ze zagen groene valleien en hoge, steile kliffen. Beneden, ver onder hen, zagen ze een groep soldaten in rode uniformen. Ze waren samen met hun vrouwen en kinderen aan het picknicken.
Later liepen Thomas en zijn vrienden een vallei in. Opeens keek Thomas omhoog. Halverwege een steile klif zag hij een jonge man die zich wanhopig aan de rotswand vastklampte. Thomas zei tegen een van zijn vrienden: “Zie je die man daar? Wat doet hij daar? Hij zit in groot gevaar! Hij kan niet verder omhoog, want de rotswand boven hem is veel te steil. Maar naar beneden durft hij ook niet te kijken, want dan zou hij te pletter kunnen vallen.”
De man zat helemaal vast. Hij kon niet omhoog en hij kon niet naar beneden. Wanhopig riep hij om hulp. Een paar soldaten boven op de klif hoorden hem. Eén van hen kwam met een touw aanrennen. Ze wilden het touw naar beneden laten zakken en de man omhoog trekken. Maar toen Thomas het touw zag, dacht hij meteen dat het te kort en te dun was. En hij had gelijk. Het touw kwam niet eens bij de man.
Daar hing hij nog steeds, terwijl iedere seconde wel een minuut leek en iedere minuut wel een uur. Na een tijdje kwamen andere soldaten met een veel langer en sterker touw. Aan het uiteinde maakten ze een zwaar stuk hout vast. Daarna lieten ze het voorzichtig naar beneden zakken. Wat moet de man opgelucht zijn geweest! Hij greep het touw stevig vast en klom hand over hand omhoog.
Thomas dacht dat de man vroeger misschien wel zeeman was geweest, omdat hij zo handig omhoog klom, net als iemand die gewend was in de tuigage van een zeilschip te werken. Toen hij eindelijk veilig boven op de klif stond, begon iedereen hard te juichen. Thomas moest daarbij denken aan de woorden uit de Bijbel: “Hij stak Zijn hand uit van omhoog, greep mij, trok mij op uit grote wateren.” (Psalm 18:17)
Door onze zonden lijken wij op die man aan de rotswand. Wij kunnen onszelf niet redden. Maar de Heere is vol genade. Hij wil zondaren redden. Daarom zond Hij Zijn Zoon, de Heere Jezus Christus. Wie op Hem vertrouwt, zal niet verloren gaan, maar door Hem worden gered.

