Brief aan zijn zoon Charles — Mentone, 1878

BRIEF 52
Mentone, donderdag, [1878].
Mijn lieve zoon,
Je bent een goede zoon, dat je je vader zo vaak en zo liefdevol schrijft. Ik ben werkelijk gelukkig met twee van de beste zonen die er zijn.
Ik zal er heel blij om zijn als je de Colportage op enige wijze kunt helpen, want juist nu verkeert zij in grote nood. Ga daarom naar Birmingham, als je kunt. Houd je in het algemeen aan deze regel: verbind je niet ver vooruit. Want er kan plotseling een geschikte plaats verschijnen waar je je kunt vestigen, en het zou heel jammer zijn die te missen vanwege een paar verplichtingen op reis. Werk nu hard aan de theologie, en houd daar nooit mee op. Hoe meer je erin stopt, hoe meer eruit komt. Kom steeds dichter bij de Heere, in het gebed en in heel je wandel; zo krijg je een diepte die op geen andere wijze kan komen.
Je tijd is binnenkort om, en ik zou graag zien dat je begint in een werkkring die niet te groot en niet te klein is, en van waaruit je kunt overstappen naar een plaats voor je hele leven. Ik denk dat je een goede gemeente bijeen zult houden en door Gods zegen tot nut zult zijn. Wij moeten niet duwen of ons inspannen om een plaats voor je te krijgen, maar op de Heere wachten, en Hij zal beter voor je zorgen dan ik het kan. Wanneer bisschoppen uitzien naar kerkelijke posten voor hun neven of zonen, veroordelen wij hun nepotisme, en daar moeten wij zelf niet in vervallen.
Je zult geduldig zijn en geloven, en de juiste deur zal opengaan. Spreek hun thuis allen moed in. Je liefhebbende vader,
C. H. Spurgeon.
© Vertaling Letters of Charles Haddon Spurgeon door Teun van der Plas