Brief aan J. W. Harrald — Benmore, juli 1880

BRIEF 206
Benmore, juli 1880.
Mijn beste Harrald,
Dank je voor je notities, die mij niet meer vertellen dan nodig is en alles wat ik wil weten. Ik zal de kwitantie naar de heer C. sturen. Ik neem aan dat er 16 pagina’s met rekeningen extra komen. Mocht er voor het Magazine meer in kleine letter nodig zijn, dan kan een van de “Apostles” van de heer Dawe worden opgenomen. De notities kostten mij weinig moeite, en ik dank je dat je er zo voortreffelijk de ruggengraat voor hebt gevormd. Ik geniet volop van mijn vakantie en ik wilde dat jij er ook een kon hebben, maar ik vrees dat het pas laat zal worden, want binnenkort zitten wij midden in het gewoel van een verhuizing.
Ik schrijf met een gepatenteerde pen die zijn eigen inkt meedraagt, maar ik heb er geen hoge dunk van, want hij schrijft naar mijn idee erg onduidelijk en lijkt meer op een potlood dan op een pen. Weet je hoe het met mejuffrouw C. gaat, en of zij bij de heer H. is? De vrede zij altijd met je. Hartelijk de jouwe,
C. H. Spurgeon.
Aan [kanunnik Palmer].
Nightingale Lane, 4 juli.
© Vertaling Letters of Charles Haddon Spurgeon door Teun van der Plas