“Maar de HEERE zal aldaar bij ons heerlijk zijn, het zal zijn een plaats van rivieren, van wijde stromen; geen roeischuit zal daar doorvaren, en geen treffelijk schip zal daar overvaren.”—Jesaja 33:21
De Heere zal voor ons het hoogste goed zijn, zonder de bezwaren die schijnbaar onlosmakelijk bij het beste van deze aarde horen. Als een stad gezegend is met brede rivieren, kan ze worden aangevallen door roeischepen en andere oorlogsschepen. Maar wanneer de Heere de overvloed van Zijn goedheid met dit beeld uitdrukt, zorgt Hij er uitdrukkelijk voor dat de vrees wordt weggenomen die dit beeld zou kunnen oproepen. Gezegend zij Zijn volmaakte liefde!
Heere, als U mij rijkdom zendt als brede rivieren, laat dan de roeischuit niet komen in de gedaante van wereldsgezindheid of trots. Als U mij overvloedige gezondheid en een vrolijk gemoed geeft, laat dan geen “treffelijk schip” van vleselijke gemakzucht over de stromende vloed komen zeilen. Als ik succes heb in heilige dienst, zo breed als de Rijn in Duitsland, laat mij dan nooit de roeischuit van eigendunk en zelfvertrouwen op de golven van mijn dienstbaarheid vinden drijven.
Mocht ik zo overgelukkig zijn dat ik jaar na jaar het licht van Uw aangezicht geniet, laat mij dan nooit Uw zwakke heiligen verachten, en laat de ijdele inbeelding van mijn eigen volmaaktheid niet over de brede rivieren van mijn volle zekerheid komen varen. Heere, geef mij die zegen die rijk maakt, zonder er smart aan toe te voegen of de zonde in de hand te werken.

