“Ik heb lief, die Mij liefhebben; en die Mij vroeg zoeken, zullen Mij vinden.”—Spreuken 8:17
De wijsheid heeft haar liefhebbers lief en zoekt wie haar zoeken. Wie wijs wil worden, is al wijs, en wie ijverig naar wijsheid zoekt, heeft haar bijna gevonden. Wat voor de wijsheid in het algemeen waar is, geldt in het bijzonder voor de wijsheid die in onze Heere Jezus te zien is. Hem moeten wij liefhebben en zoeken, en als antwoord zullen wij Zijn liefde ervaren en Hemzelf vinden.
Onze taak is om Jezus al jong te zoeken. Gelukkig zijn de jongeren die hun ochtend met Jezus doorbrengen! Het is nooit te vroeg om de Heere Jezus te zoeken. Wie vroeg zoekt, zal zeker vinden. Wij moeten Hem vroeg zoeken, en wel met ijver. Succesvolle ambachtslieden staan vroeg op, en gelovigen die bloeien, zoeken Jezus ijverig. Wie Jezus vindt en daardoor rijk wordt, zet zijn hart op het zoeken naar Hem. Wij moeten Hem eerst zoeken, dus als allereerste. Boven alles Jezus. Jezus op de eerste plaats, en niets anders, zelfs niet als een povere tweede.
De zegen is dat Hij te vinden zal zijn. Hij laat Zich steeds duidelijker zien aan wie Hem zoekt… Gelukkig zijn zij die Iemand zoeken Die, wanneer zij Hem hebben gevonden, voor altijd bij hen blijft, een schat die voor hun hart en verstand steeds kostbaarder wordt.
Heere Jezus, ik heb U gevonden; laat mij U vinden, tot een onuitsprekelijke, blijde voldoening.

