“Ik zal Mijn schapen weiden, en Ik zal ze legeren, spreekt de Heere HEERE.”—Ezechiël 34:15
Onder de zorg van de goddelijke Herder worden de heiligen overvloedig gevoed. Zij krijgen geen windige brei van louter menselijk “denken” die niet verzadigt, maar de Heere voedt hen met de degelijke, stevige waarheid van Gods openbaring. Er zit echte voeding voor de ziel in de Schrift, wanneer de Heilige Geest die in het hart brengt. Jezus Zelf is het ware Voedsel dat de gelovigen in leven houdt.
Hier belooft onze Grote Herder dat Hij ons Zelf zo’n heilige voeding zal geven. Als onze herder op aarde op de dag van de Heere met lege handen staat, dan staat de Heere niet met lege handen.
Wanneer de geest met heilige waarheid is gevuld, komt hij tot rust. Zij die door Jehova gevoed worden, hebben vrede. Geen hond zal hen lastigvallen, geen wolf zal hen verslinden, geen onrustige neigingen zullen hen storen. Zij zullen neerliggen en verteren wat zij met zoveel genoegen gegeten hebben. De leer van de genade geeft niet alleen kracht, maar ook troost: daarin vinden wij wat ons opbouwt en wat ons laat rusten. Als predikers ons geen rust geven, laten wij die dan van de Heere verwachten.
Moge de Heere ons vandaag laten weiden in de weiden van het Woord en ons daar laten neerliggen. Mogen niet dwaasheid en zorgen, maar overdenking en vrede deze dag kenmerken.

