“Zo weet de Heere de godzaligen uit de verzoeking te verlossen, en de onrechtvaardigen te bewaren tot den dag des oordeels, om gestraft te worden.”—2 Petrus 2:9
De godvruchtigen worden verzocht en beproefd. Een geloof dat nooit op de proef wordt gesteld, is geen echt geloof. Maar de godvruchtigen worden uit hun beproevingen verlost, en dat niet door toeval en ook niet door tussenkomst van andere krachten, maar door de Heere Zelf. Hij neemt persoonlijk de taak op Zich om hen te verlossen die op Hem vertrouwen. God houdt van de godvruchtigen, van hen die op Hem lijken, en Hij let er nauwgezet op waar zij zijn en hoe het met hen gaat.
Soms lijkt hun weg een doolhof, en zij kunnen zich niet voorstellen hoe zij aan het dreigende gevaar kunnen ontkomen. Wat zij niet weten, weet hun Heere. Hij weet wie Hij moet verlossen, wanneer Hij moet verlossen en hoe Hij moet verlossen. Hij verlost op de manier die het heilzaamst is voor de godvruchtigen, het vernietigendst voor de verzoeker en het meest tot eer van Hemzelf. Wij mogen het “hoe” aan de Heere overlaten en tevreden zijn met de zekerheid dat Hij Zijn eigen volk op de een of andere manier door alle gevaren, beproevingen en verzoekingen van dit aardse leven zal leiden, tot aan Zijn eigen rechterhand in heerlijkheid.
Vandaag is het niet aan mij om in de geheimen van mijn Heere te snuffelen, maar om geduldig op Zijn tijd te wachten. Ik weet immers: al weet ik zelf niets, mijn hemelse Vader weet het.

