BIJBELS DAGBOEK
C. H. SPURGEON

Voor Iedere Avond | 9 december
9 december — Avond
“En mijn volk zal in een woonplaats des vredes wonen, en in welverzekerde woningen, en in stille geruste plaatsen.”—Jesaja 32:18
Vrede en rust horen niet bij de onwedergeborenen. Ze zijn het bijzondere bezit van het volk van de Heere, en alleen van hen. De God des vredes geeft volkomen vrede aan wie hun hart op Hem gericht houden. Toen de mens nog niet gevallen was, gaf God hem de bloemrijke priëlen van Eden als stille rustplaatsen. Helaas, hoe snel liet de zonde die mooie woonplaats van onschuld verwelken! Op de dag van de algemene toorn, toen de zondvloed een schuldig geslacht wegvaagde, werd de uitgekozen familie rustig veiliggesteld in de rustplaats van de ark. Die droeg hen uit de oude, veroordeelde wereld naar de nieuwe aarde van de regenboog en het verbond. Zo was de ark een beeld van Jezus, de ark van onze behoudenis. Israël rustte veilig onder de met bloed bestreken huizen in Egypte toen de verderver de eerstgeborenen sloeg. In de woestijn gaven de schaduw van de wolkkolom en de stromende rots de vermoeide pelgrims verkwikkende rust. Op dit moment rusten wij in de beloften van onze trouwe God. We weten dat Zijn woorden vol waarheid en kracht zijn. We rusten in de leer van Zijn woord, die zelf pure troost is. We rusten in het verbond van Zijn genade, dat een haven vol vreugde is. We zijn meer bevoorrecht dan David in Adullam of Jona onder zijn wonderboom, want niemand kan ons toevluchtsoord binnenvallen of vernietigen. De Persoon van Jezus is de stille rustplaats van Zijn volk. Als wij tot Hem naderen bij het breken van het brood, bij het horen van het woord, bij het onderzoeken van de Schriften, in gebed of lofzang, dan merken we dat elke manier om tot Hem te komen de vrede in onze geest terugbrengt.
“Ik hoor de woorden van liefde, ik kijk naar het bloed,
ik zie het machtige offer en ik heb vrede met God.
Het is eeuwige vrede, zeker als de Naam van Jehova,
standvastig als Zijn vaste troon, voor altijd dezelfde.
De wolken mogen komen en gaan, en stormen mogen over mijn hemel jagen,
maar deze met bloed bezegelde vriendschap verandert niet: het kruis is altijd
dichtbij.”

