BIJBELS DAGBOEK
C. H. SPURGEON

Voor Iedere Avond | 20 mei
20 mei — Avond
“Ik trok ze met mensenzelen, met touwen der liefde”—Hosea 11:4
Onze hemelse Vader trekt ons vaak met koorden van liefde. Maar ach, wat zijn wij terughoudend om naar Hem toe te rennen! Hoe langzaam reageren we op Zijn zachte aandrang! Hij trekt ons tot een eenvoudiger geloof in Hem, maar het vertrouwen van Abraham hebben we nog niet bereikt. We laten onze wereldse zorgen niet bij God, maar maken ons, net als Martha, druk met veel bedienen. Ons magere geloof maakt onze ziel mager. We doen onze mond niet wijd open, hoewel God beloofd heeft die te vullen. Trekt Hij ons vanavond niet om Hem te vertrouwen? Horen we Hem niet zeggen: “Kom, Mijn kind, en vertrouw Mij. Het voorhangsel is gescheurd. Kom binnen in Mijn tegenwoordigheid en nader vrijmoedig tot de troon van Mijn genade. Ik ben je volste vertrouwen waard. Werp je zorgen op Mij. Schud het stof van je zorgen van je af en trek je mooie kleren van vreugde aan.” Maar helaas, hoewel we met liefdevolle stem geroepen worden tot deze gezegende oefening van dit troostrijke geloof, komen we niet. Een andere keer trekt Hij ons tot nauwere gemeenschap met Zichzelf. We zitten al een tijd op de drempel van Gods huis, en Hij nodigt ons uit verder te gaan naar de feestzaal om met Hem te eten, maar we slaan die eer af. Er zijn verborgen kamers die nog niet voor ons geopend zijn. Jezus nodigt ons uit daar binnen te gaan, maar we blijven achter. Schande over onze koude harten! Wij zijn maar armzalige liefhebbers van onze lieve Heere Jezus. We zijn niet geschikt om Zijn knechten te zijn, laat staan Zijn bruiden. En toch heeft Hij ons verheven tot been van Zijn gebeente en vlees van Zijn vlees, met Hem getrouwd in een heerlijk huwelijksverbond. Hierin is liefde! Maar het is een liefde die geen weigering aanvaardt. Als we het zachte trekken van Zijn liefde niet gehoorzamen, zal Hij verdrukking sturen om ons in nauwere vertrouwdheid met Zichzelf te drijven. Hij zal ons dichter bij Zich hebben. Wat zijn we toch dwaze kinderen dat we die liefdesbanden weigeren en zo de gesel van dunne touwtjes op onze rug halen, die Jezus zo goed weet te gebruiken!

