Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Psalmen 99

1 De HEERE regeert, dat de volken beven; Hij zit tussen de cherubim; de aarde bewege zich.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 De HEEREH3068 regeertH4427, dat de volkenH5971 bevenH7264; Hij zitH3427 tussen de cherubimH3742; de aardeH776 bewegeH5120 zich. De HEERE regeert, dat de volken beven; Hij zit tussen de cherubim; de aarde bewege zich.

KJV The LORD1 reigneth;2 let the people4 tremble:3 he sitteth5 between the cherubims;6 let the earth8 be moved.

1 יְהוָ֣ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 2 מָ֭לָךְ H4427 koning, regeerde, regeren consult, [idiom] indeed, be (make, set a, set up) king, be (make) queen, (begin to, make to) reign(-ing), rule, [idiom] surely 3 יִרְגְּז֣וּ H7264 beroerd, woeden, beroerden be afraid, stand in awe, disquiet, fall out, fret, move, provoke, quake, rage, shake, tremble, trouble, be wroth 4 עַמִּ֑ים H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 5 יֹשֵׁ֥ב H3427 inwoners, wonen, woonden (make to) abide(-ing), continue, (cause to, make to) dwell(-ing), ease self, endure, establish, [idiom] fail, habitation, haunt, (make to) inhabit(-ant), make to keep (house), lurking, [idiom] marry(-ing), (bring again to) place, remain, return, seat, set(-tle), (down-) sit(-down, still, -ting down, -ting (place) -uate), take, tarry 6 כְּ֝רוּבִ֗ים H3742 cherubs, cherubim, cherub cherub, (plural) cherubims 7 תָּנ֥וּט H5120 bewege be moved 8 הָאָֽרֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 De HEERE is groot in Sion, en Hij is hoog boven alle volken.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 De HEEREH3068 is grootH1419 in SionH6726, en HijH1931 is hoogH7311 bovenH5921 alleH3605 volkenH5971. De HEERE is groot in Sion, en Hij is hoog boven alle volken.

KJV The LORD1 is great3 in Zion;2 and he is high4 above all the people.

1 יְ֭הוָה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 2 בְּצִיּ֣וֹן H6726 Sion, Sions Zion 3 גָּד֑וֹל H1419 grote, groot, groten [phrase] aloud, elder(-est), [phrase] exceeding(-ly), [phrase] far, (man of) great (man, matter, thing,-er,-ness), high, long, loud, mighty, more, much, noble, proud thing, [idiom] sore, ([idiom]) very 4 וְרָ֥ם H7311 verhoogd, verhogen, offeren bring up, exalt (self), extol, give, go up, haughty, heave (up), (be, lift up on, make on, set up on, too) high(-er, one), hold up, levy, lift(-er) up, (be) lofty, ([idiom] a-) loud, mount up, offer (up), [phrase] presumptuously, (be) promote(-ion), proud, set up, tall(-er), take (away, off, up), breed worms 5 ה֝֗וּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who 6 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 7 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 8 הָֽעַמִּֽים H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Dat zij Uw groten en vreselijken Naam loven, die heilig is;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 Dat zij Uw grotenH1419 en vreselijkenH3372 NaamH8034 lovenH3034, dieH1931 heiligH6918 is; Dat zij Uw groten en vreselijken Naam loven, die heilig is;

KJV Let them praise1 thy great3 and terrible4 name;2 for it is holy.

1 יוֹד֣וּ H3034 loven, Looft, belijden cast (out), (make) confess(-ion), praise, shoot, (give) thank(-ful, -s, -sgiving) 2 שִׁ֭מְךָ H8034 naam, Naam, namen [phrase] base, (in-) fame(-ous), named(-d), renown, report 3 גָּד֥וֹל H1419 grote, groot, groten [phrase] aloud, elder(-est), [phrase] exceeding(-ly), [phrase] far, (man of) great (man, matter, thing,-er,-ness), high, long, loud, mighty, more, much, noble, proud thing, [idiom] sore, ([idiom]) very 4 וְנוֹרָ֗א H3372 vrezen, vreesde, Vrees affright, be (make) afraid, dread(-ful), (put in) fear(-ful, -fully, -ing), (be had in) reverence(-end), [idiom] see, terrible (act, -ness, thing) 5 קָד֥וֹשׁ H6918 heilig, Heilige, heilige holy (One), saint 6 הֽוּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 En de sterkte des Konings, die het recht lief heeft. Gij hebt billijkheden bevestigd, Gij hebt recht en gerechtigheid gedaan in Jakob.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 En de sterkteH5797 des KoningsH4428, die het rechtH4941 liefH157 heeft. GijH859 hebt billijkhedenH4339 bevestigdH3559, GijH859 hebt rechtH4941 en gerechtigheidH6666 gedaanH6213 in JakobH3290. En de sterkte des Konings, die het recht lief heeft. Gij hebt billijkheden bevestigd, Gij hebt recht en gerechtigheid gedaan in Jakob.

KJV The king's2 strength1 also loveth4 judgment;3 thou dost establish6 equity,7 thou executest12 judgment8 and righteousness9 in Jacob.

1 וְעֹ֥ז H5797 sterkte, Sterkte, sterke boldness, loud, might, power, strength, strong 2 מֶלֶךְ֮ H4428 koning, konings, koningen king, royal 3 מִשְׁפָּ֪ט H4941 recht, rechten, gericht [phrase] adversary, ceremony, charge, [idiom] crime, custom, desert, determination, discretion, disposing, due, fashion, form, to be judged, judgment, just(-ice, -ly), (manner of) law(-ful), manner, measure, (due) order, ordinance, right, sentence, usest, [idiom] worthy, [phrase] wrong 4 אָ֫הֵ֥ב H157 lief, liefhebben, liefheeft (be-) love(-d, -ly, -r), like, friend 5 אַ֭תָּה H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you 6 כּוֹנַ֣נְתָּ H3559 bereid, bevestigd, bereiden certain(-ty), confirm, direct, faithfulness, fashion, fasten, firm, be fitted, be fixed, frame, be meet, ordain, order, perfect, (make) preparation, prepare (self), provide, make provision, (be, make) ready, right, set (aright, fast, forth), be stable, (e-) stablish, stand, tarry, [idiom] very deed 7 מֵישָׁרִ֑ים H4339 billijkheden, recht, rechtmatigheid agreement, aright, that are equal, equity, (things that are) right(-eously, things), sweetly, upright(-ly, -ness) 8 מִשְׁפָּ֥ט H4941 recht, rechten, gericht [phrase] adversary, ceremony, charge, [idiom] crime, custom, desert, determination, discretion, disposing, due, fashion, form, to be judged, judgment, just(-ice, -ly), (manner of) law(-ful), manner, measure, (due) order, ordinance, right, sentence, usest, [idiom] worthy, [phrase] wrong 9 וּ֝צְדָקָ֗ה H6666 gerechtigheid, gerechtigheden, Gerechtigheid justice, moderately, right(-eous) (act, -ly, -ness) 10 בְּיַעֲקֹ֤ב H3290 Jakob, Jakobs Jacob 11 אַתָּ֬ה H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you 12 עָשִֽׂיתָ H6213 doen, gedaan, maakte accomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Verheft den HEERE, onzen God, en buigt u neder voor de voetbank Zijner voeten; Hij is heilig!
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 VerheftH7311 den HEEREH3068, onzen GodH430, en buigtH7812 u neder voor de voetbankH1916 Zijner voetenH7272; HijH1931 is heiligH6918! Verheft den HEERE, onzen God, en buigt u neder voor de voetbank Zijner voeten; Hij is heilig!

KJV Exalt1 ye the LORD2 our God,3 and worship4 at his footstool;6 for he is holy.

1 רֽוֹמְמ֡וּ H7311 verhoogd, verhogen, offeren bring up, exalt (self), extol, give, go up, haughty, heave (up), (be, lift up on, make on, set up on, too) high(-er, one), hold up, levy, lift(-er) up, (be) lofty, ([idiom] a-) loud, mount up, offer (up), [phrase] presumptuously, (be) promote(-ion), proud, set up, tall(-er), take (away, off, up), breed worms 2 יְה֘וָ֤ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 אֱלֹהֵ֗ינוּ H430 God, Gods, goden angels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty 4 וְֽ֭הִשְׁתַּחֲווּ H7812 boog, bogen, nederbuigen bow (self) down, crouch, fall down (flat), humbly beseech, do (make) obeisance, do reverence, make to stoop, worship 5 לַהֲדֹ֥ם H1916 voetbank (foot-) stool 6 רַגְלָ֗יו H7272 voeten, voet, voetstappen [idiom] be able to endure, [idiom] according as, [idiom] after, [idiom] coming, [idiom] follow, (broken-)foot(-ed, -stool), [idiom] great toe, [idiom] haunt, [idiom] journey, leg, [phrase] piss, [phrase] possession, time 7 קָד֥וֹשׁ H6918 heilig, Heilige, heilige holy (One), saint 8 הֽוּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 Mozes en Aaron waren onder Zijn priesters, en Samuel onder de aanroepers Zijns Naams; zij riepen tot den HEERE, en Hij verhoorde hen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 MozesH4872 en AaronH175 waren onder Zijn priestersH3548, en SamuelH8050 onder de aanroepersH7121 Zijns NaamsH8034; zij riepenH7121 totH413 den HEEREH3068, en HijH1931 verhoordeH6030 hen. Mozes en Aaron waren onder Zijn priesters, en Samuel onder de aanroepers Zijns Naams; zij riepen tot den HEERE, en Hij verhoorde hen.

KJV Moses1 and Aaron2 among his priests,3 and Samuel4 among them that call5 upon his name;6 they called7 upon the LORD,9 and he answered

1 מֹ֘שֶׁ֤ה H4872 Mozes, Mozes', mozes Moses 2 וְאַהֲרֹ֨ן H175 Aaron, Aarons, Aaronieten Aaron 3 בְּֽכֹהֲנָ֗יו H3548 priester, priesters, priesteren chief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer 4 וּ֭שְׁמוּאֵל H8050 Samuel, Samuels, Semuel Samuel, Shemuel 5 בְּקֹרְאֵ֣י H7121 riep, noemde, roepen bewray (self), that are bidden, call (for, forth, self, upon), cry (unto), (be) famous, guest, invite, mention, (give) name, preach, (make) proclaim(-ation), pronounce, publish, read, renowned, say 6 שְׁמ֑וֹ H8034 naam, Naam, namen [phrase] base, (in-) fame(-ous), named(-d), renown, report 7 קֹרִ֥אים H7121 riep, noemde, roepen bewray (self), that are bidden, call (for, forth, self, upon), cry (unto), (be) famous, guest, invite, mention, (give) name, preach, (make) proclaim(-ation), pronounce, publish, read, renowned, say 8 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 9 יְ֝הוָ֗ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 10 וְה֣וּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who 11 יַעֲנֵֽם H6030 antwoordde, antwoorden, antwoordden give account, afflict (by mistake for H6031 (עָנָה)), (cause to, give) answer, bring low (by mistake for H6031 (עָנָה)), cry, hear, Leannoth, lift up, say, [idiom] scholar, (give a) shout, sing (together by course), speak, testify, utter, (bear) witness. See also H1042 (בֵּית עֲנוֹת), H1043 (בֵּית עֲנָת)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Hij sprak tot hen in een wolkkolom; zij hebben Zijn getuigenissen onderhouden, en de inzettingen, die Hij hun gegeven had.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 Hij sprakH1696 totH413 hen in een wolkkolomH6051; zij hebben Zijn getuigenissenH5713 onderhoudenH8104, en de inzettingenH2706, die Hij hun gegevenH5414 had. Hij sprak tot hen in een wolkkolom; zij hebben Zijn getuigenissen onderhouden, en de inzettingen, die Hij hun gegeven had.

KJV He spake3 unto them in the cloudy2 pillar:1 they kept5 his testimonies,6 and the ordinance7 that he gave

1 בְּעַמּ֣וּד H5982 pilaren, pilaar, wolkkolom [idiom] apiece, pillar 2 עָ֭נָן H6051 wolk, wolken, wolkkolom cloud(-y) 3 יְדַבֵּ֣ר H1696 gesproken, sprak, spreken answer, appoint, bid, command, commune, declare, destroy, give, name, promise, pronounce, rehearse, say, speak, be spokesman, subdue, talk, teach, tell, think, use (entreaties), utter, [idiom] well, [idiom] work 4 אֲלֵיהֶ֑ם H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 5 שָׁמְר֥וּ H8104 houden, bewaren, waarnemen beward, be circumspect, take heed (to self), keep(-er, self), mark, look narrowly, observe, preserve, regard, reserve, save (self), sure, (that lay) wait (for), watch(-man) 6 עֵ֝דֹתָ֗יו H5713 getuigenissen, getuigenis, getuige testimony, witness. Compare H5712 (עֵדָה) 7 וְחֹ֣ק H2706 inzettingen, inzetting, bescheiden appointed, bound, commandment, convenient, custom, decree(-d), due, law, measure, [idiom] necessary, ordinance(-nary), portion, set time, statute, task 8 נָֽתַן H5414 gegeven, geven, gaf add, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield 9 לָֽמוֹ
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 O HEERE, onze God! Gij hebt hen verhoord, Gij zijt hun geweest een vergevend God, hoewel wraak doende over hun daden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 O HEEREH3068, onze God! GijH859 hebt hen verhoordH6030, Gij zijt hun geweestH1961 een vergevendH5375 God, hoewel wraakH5358 doende overH5921 hun dadenH5949. O HEERE, onze God! Gij hebt hen verhoord, Gij zijt hun geweest een vergevend God, hoewel wraak doende over hun daden.

Ook in dit vers GodH410 GodH430

KJV Thou answeredst4 them, O LORD1 our God:2 thou wast a God5 that forgavest6 them, though thou tookest vengeance9 of their inventions.

1 יְהוָ֣ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 2 אֱלֹהֵינוּ֮ H430 God, Gods, goden angels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty 3 אַתָּ֪ה H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you 4 עֲנִ֫יתָ֥ם H6030 antwoordde, antwoorden, antwoordden give account, afflict (by mistake for H6031 (עָנָה)), (cause to, give) answer, bring low (by mistake for H6031 (עָנָה)), cry, hear, Leannoth, lift up, say, [idiom] scholar, (give a) shout, sing (together by course), speak, testify, utter, (bear) witness. See also H1042 (בֵּית עֲנוֹת), H1043 (בֵּית עֲנָת) 5 אֵ֣ל H410 God, Gods, god God (god), [idiom] goodly, [idiom] great, idol, might(-y one), power, strong. Compare names in '-el.' 6 נֹ֭שֵׂא H5375 dragen, hief, droegen accept, advance, arise, (able to, (armor), suffer to) bear(-er, up), bring (forth), burn, carry (away), cast, contain, desire, ease, exact, exalt (self), extol, fetch, forgive, furnish, further, give, go on, help, high, hold up, honorable ([phrase] man), lade, lay, lift (self) up, lofty, marry, magnify, [idiom] needs, obtain, pardon, raise (up), receive, regard, respect, set (up), spare, stir up, [phrase] swear, take (away, up), [idiom] utterly, wear, yield 7 הָיִ֣יתָ H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 8 לָהֶ֑ם 9 וְ֝נֹקֵ֗ם H5358 wreken, gewroken, wreke avenge(-r, self), punish, revenge (self), [idiom] surely, take vengeance 10 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 11 עֲלִילוֹתָֽם H5949 handelingen, daden, oorzaak act(-ion), deed, doing, invention, occasion, work
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Verheft den HEERE, onzen God, en buigt u voor den berg Zijner heiligheid; want de HEERE, onze God, is heilig.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 VerheftH7311 den HEEREH3068, onzen GodH430, en buigtH7812 u voor den bergH2022 Zijner heiligheidH6944; wantH3588 de HEEREH3068, onze GodH430, is heiligH6918. Verheft den HEERE, onzen God, en buigt u voor den berg Zijner heiligheid; want de HEERE, onze God, is heilig.

KJV Exalt1 the LORD2 our God,3 and worship4 at his holy6 hill;5 for the LORD9 our God10 is holy.

1 רֽוֹמְמ֡וּ H7311 verhoogd, verhogen, offeren bring up, exalt (self), extol, give, go up, haughty, heave (up), (be, lift up on, make on, set up on, too) high(-er, one), hold up, levy, lift(-er) up, (be) lofty, ([idiom] a-) loud, mount up, offer (up), [phrase] presumptuously, (be) promote(-ion), proud, set up, tall(-er), take (away, off, up), breed worms 2 יְה֘וָ֤ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 אֱלֹהֵ֗ינוּ H430 God, Gods, goden angels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty 4 וְ֭הִֽשְׁתַּחֲווּ H7812 boog, bogen, nederbuigen bow (self) down, crouch, fall down (flat), humbly beseech, do (make) obeisance, do reverence, make to stoop, worship 5 לְהַ֣ר H2022 berg, bergen, gebergte hill (country), mount(-ain), [idiom] promotion 6 קָדְשׁ֑וֹ H6944 heilige, heiligheid, heiligdoms consecrated (thing), dedicated (thing), hallowed (thing), holiness, ([idiom] most) holy ([idiom] day, portion, thing), saint, sanctuary 7 כִּֽי H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 8 קָ֝ד֗וֹשׁ H6918 heilig, Heilige, heilige holy (One), saint 9 יְהוָ֥ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 10 אֱלֹהֵֽינוּ H430 God, Gods, goden angels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Psalmen 99:1 Psalmen 97:1 Exodus 25:22 Psalmen 80:1 Psalmen 93:1 Jesaja 24:19 Psalmen 2:11 Psalmen 2:6 Jeremia 50:46
Psalmen 99:2 Psalmen 97:9 Psalmen 113:4 Jesaja 12:6 Jakobus 4:6 Psalmen 66:7 Psalmen 48:1 Psalmen 50:2 Jesaja 14:32
Psalmen 99:3 Jesaja 6:3 Deuteronomium 28:58 Jozua 24:19 1 Samuël 2:2 Psalmen 111:9 Psalmen 76:1 Psalmen 66:3 Psalmen 76:12
Psalmen 99:4 Psalmen 11:7 Jeremia 23:5 Jesaja 42:4 Psalmen 45:6 Deuteronomium 32:3 Job 36:5 Jesaja 61:11 Deuteronomium 10:18
Psalmen 99:5 Psalmen 132:7 Psalmen 99:3 Jesaja 25:1 Psalmen 34:3 Exodus 15:2 Psalmen 107:32 Jesaja 66:1 Psalmen 99:9
Psalmen 99:6 Jeremia 15:1 Exodus 24:6 Exodus 14:15 Exodus 15:25 Exodus 40:23 Numeri 14:13 1 Samuël 7:9 Exodus 32:30
Psalmen 99:7 Exodus 33:9 Numeri 12:5 1 Samuël 12:3 Psalmen 105:28 Numeri 16:15 Hebreeën 3:2 Deuteronomium 33:9 Exodus 40:16
Psalmen 99:8 Numeri 20:12 Jeremia 46:28 Psalmen 89:33 Numeri 20:24 Numeri 14:20 Numeri 11:33 Sefanja 3:7 Deuteronomium 9:19
Psalmen 99:9 Openbaring 4:8 Psalmen 87:1 Lukas 1:49 Habakuk 1:12 Jesaja 5:16 Jesaja 57:15 Psalmen 99:5 Psalmen 99:3
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Psalmen 99 vers 1

regeert, Te weten, over ons, dat is, Hij beschermt ons krachtiglijk tegen onze vijanden. Zie Ps. 97:1 .

Hertaald: regeert, Namelijk: over ons; dat is: Hij beschermt ons krachtig tegen onze vijanden. Zie Ps. 97:1.

dat de volken Anders, [daarom] beven de volken, en alzo in het volgende. Anders: ofschoon de volken gestoord, of beroerd, of verschrikt zijn.

Hertaald: dat de volken Anders: daarom beven de volken; en zo ook in het vervolg. Anders: ook al zijn de volken verstoord, of beroerd, of verschrikt.

Hij zit Zie 1 Sam. 4:4 .

Hertaald: Hij zit Zie 1 Sam. 4:4.

bewege zich Te weten, van vreze, of om den Heere eerbieding te doen.

Hertaald: bewege zich Namelijk: van vrees, of om de Heere eer te bewijzen.

Psalmen 99 vers 2

groot Dat is, treffelijk, vol van majesteit.

Hertaald: groot Dat is: voortreffelijk, vol van majesteit.

in Sion, Dat is, onder zijn volk Israël, dat op den berg, waar de tempel was, placht te vergaderen en tot den godsdienst te komen.

Hertaald: in Sion, Dat is: onder Zijn volk Israël, dat placht samen te komen op de berg waar de tempel stond, om daar de godsdienst te houden.

Psalmen 99 vers 4

de sterkte Die Hij doet blijken in het verdrijven onzer vijanden.

Hertaald: de sterkte Die Hij laat blijken in het verdrijven van onze vijanden.

des Konings, Te weten, Christus Jezus.

Hertaald: des Konings, Namelijk: Christus Jezus.

Gij hebt Te weten, die onze Koning zijt.

Hertaald: Gij hebt Namelijk: U Die onze Koning bent.

billijkheden Dat is, alle billijkheid of rechtmatigheid; alsof hij zeide: Al is de Heere een sterk en machtig Koning, nochthans is Hij geen tiran, dat Hij zijne onderzaten met geweld zou onderdrukken; maar Hij bemint de gerechtigheid en Hij doet een ieder recht.

Hertaald: billijkheden Dat is: alle billijkheid of rechtmatigheid. Alsof hij zei: al is de Heere een sterk en machtig Koning, toch is Hij geen tiran die Zijn onderdanen met geweld zou onderdrukken; maar Hij bemint de gerechtigheid en doet ieder recht.

in Jakob Dat is, onder het volk Israël, dat van Jakob afkomstig is.

Hertaald: in Jakob Dat is: onder het volk Israël, dat van Jakob afstamt.

Psalmen 99 vers 5

voor de voetbank Anders, tegenover de voetbank zijner voeten. Zie de aantekening bij 1 Kron. 28:2 ; alzo wordt de letter lamed ook genomen in vs.9, en elders dikwijls.

Hertaald: voor de voetbank Anders: tegenover de voetbank van Zijn voeten. Zie de aantekening bij 1 Kron. 28:2; zo wordt de letter lamed ook opgevat in vers 9, en elders vaak.

Hij is heilig Te weten, God, of de tempel; of welke [te weten voetbank] heilig is.

Hertaald: Hij is heilig Namelijk: God, of de tempel; of: die [namelijk de voetbank] heilig is.

Psalmen 99 vers 6

Mozes Alsof hij zeide: Gij zult niet tevergeefs, voor den Heere nedervallende, Hem aanroepen, want immers heeft Hij zijn getrouwe dienaars verhoord; alzo zal Hij ulieden mede doen, vooral nadat de ware Priesters en voorspraak Christus persoonlijk zal verschenen zijn. Mozes wordt onder de priesters gesteld, omdat hij voor het volk placht te bidden en ook geofferd heeft, hoewel hij daarna geen gewoon priester gebleven is. Zie Ex. 29:11 , Ex. 29:16 ; Jer. 15:1 .

Hertaald: Mozes Alsof hij zei: u zult niet tevergeefs voor de Heere neervallen en Hem aanroepen, want Hij heeft Zijn trouwe dienaren toch verhoord; zo zal Hij ook u doen, vooral nadat de ware Priester en Voorspraak Christus persoonlijk verschenen zal zijn. Mozes wordt onder de priesters gerekend omdat hij voor het volk placht te bidden en ook geofferd heeft, hoewel hij daarna geen gewoon priester gebleven is. Zie Ex. 29:11, Ex. 29:16; Jer. 15:1.

zijn priesters, Of, oversten, prinsen. Hebr. cohen. Zie de aantekening bij Gen. 41:45 .

Hertaald: zijn priesters, Of: oversten, vorsten. Hebreeuws: cohen. Zie de aantekening bij Gen. 41:45.

zij riepen Te weten, Mozes en Aäron, gelijk er geschreven staat Ex. 32:11 , enz.; Num. 14:13 , Num. 14:17 ,Num. 14:19 , en Num. 16:22 , Num. 16:42 , Num. 16:46 , en 1 Sam. 7:9 , en 1 Sam. 12:19 , 1 Sam. 12:23 ; Jer. 15:1 .

Hertaald: zij riepen Namelijk: Mozes en Aäron, zoals geschreven staat in Ex. 32:11, enzovoort; Num. 14:13, Num. 14:17, Num. 14:19, en Num. 16:22, Num. 16:42, Num. 16:46, en 1 Sam. 7:9, en 1 Sam. 12:19, 1 Sam. 12:23; Jer. 15:1.

Psalmen 99 vers 7

tot hen in Te weten, Mozes en Aäron; Num. 16:22 , Num. 16:42 . Doch inzonderheid tot Mozes. Zie Ex. 33:9 .

Hertaald: tot hen in Namelijk: tot Mozes en Aäron; Num. 16:22, Num. 16:42. Maar in het bijzonder tot Mozes. Zie Ex. 33:9.

zij hebben Te weten, Mozes en Aäron.

Hertaald: zij hebben Namelijk: Mozes en Aäron.

zijn getuigenissen Dat is, zijne geboden, door welke Hij betuigde wat Hij wilde dat zij doen zouden.

Hertaald: zijn getuigenissen Dat is: Zijn geboden, waarmee Hij betuigde wat Hij wilde dat zij zouden doen.

Psalmen 99 vers 8

een vergevend Dat is, die hun hunne zonden hebt vergeven, en hebt hen van U niet verworpen.

Hertaald: een vergevend Dat is: Die hun de zonden vergeven hebt en hen niet van U verworpen hebt.

hun Te weten, des volks, voor hetwelk Mozes had; Ex. 32:14 , en Ex. 34:35 ; Num. 14:20-21 , Num. 14:23 . Of hunne, te weten Mozes en Aäron; gelijk te zien is Num. 20:12 ; Deut. 3:23-25 . Of versta hier door hunne zowel den een als den ander.

Hertaald: hun Namelijk: van het volk, voor wie Mozes bad; Ex. 32:14, en Ex. 34:35; Num. 14:20-21, Num. 14:23. Of: van hen, namelijk van Mozes en Aäron, zoals te zien is in Num. 20:12; Deut. 3:23-25. Of versta hier onder hun zowel de een als de ander.

daden Dat is, misdaden.

Hertaald: daden Dat is: misdaden.

Psalmen 99 vers 9

Verheft Te weten, door lofzangen en dankzeggingen.

Hertaald: Verheft Namelijk: door lofzangen en dankzeggingen.

voor den berg Of, tegenover, gelijk boven vs.5, en hier wordt verstaan de berg Zion, en daardoor de tempel en de ark die daarin was.

Hertaald: voor den berg Of: tegenover, zoals hierboven vers 5; en hier wordt de berg Sion bedoeld, en daarmee de tempel en de ark die daarin stond.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
De HEERE regeert  — de opening van een reeks psalmen over Gods koningschap (Ps. 93:1)

"De HEERE regeert, Hij is met hoogheid bekleed; de HEERE is bekleed met sterkte, Hij heeft Zich omgord. Ook is de wereld bevestigd, zij zal niet wankelen" (Ps. 93:1). Met deze woorden begint een reeks psalmen die alle over hetzelfde gaan (Ps. 95 tot Ps. 100). Daarna komt het beeld van het water: "De rivieren verheffen, o HEERE! de rivieren verheffen haar bruisen" (Ps. 93:3), en dan het antwoord: "Doch de HEERE in de hoogte is geweldiger dan het bruisen van grote wateren, dan de geweldige baren der zee" (Ps. 93:4). Dezelfde belijdenis klinkt verderop: "Zegt onder de heidenen: De HEERE regeert" (Ps. 96:10). En bij die koning hoort heiligheid: "Verheft den HEERE, onzen God, en buigt u neder voor de voetbank Zijner voeten; Hij is heilig!" (Ps. 99:5). Ook wordt er iets van de onderdanen gevraagd: "Gij liefhebbers des HEEREN! haat het kwade" (Ps. 97:10).

Bijbelse betekenis: Het bruisende water is in de Schrift vaker het beeld van de volken die tekeergaan. De psalm ontkent dat rumoer niet; er staat driemaal dat de rivieren zich verheffen. Wat ertegenover gezet wordt, is één woord: de HEERE is geweldiger. Merk op dat het koningschap in Ps. 93:1 met kleding beschreven wordt. Hoogheid en sterkte zijn wat Hij aanheeft, en Hij heeft Zich omgord als iemand die aan het werk gaat. Let ten slotte op Ps. 97:10. Wie belijdt dat de HEERE regeert, wordt daarmee niet toeschouwer; het haten van het kwade hoort erbij.

Typologie: Openbaring laat bij de zevende bazuin dezelfde belijdenis klinken: "dat Gij Uw grote kracht hebt aangenomen, en als Koning hebt geheerst" (Op. 11:17).

Ps. 93:1-5; Ps. 96:10; Ps. 97:10; Ps. 99:5; Op. 11:17

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

God bij Zijn volk niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding uitwerking

Driemaal heilig — 99:1-9

Deze psalm hoort bij een groepje liederen die alle beginnen met de mededeling dat de HEERE regeert. Deze doet daar iets bij: zij zegt waar Hij zit, en zij eindigt drie keer met hetzelfde woord.

De psalm is in drieën verdeeld, en elk deel sluit met de vaststelling dat Hij heilig is.

De opening laat er geen misverstand over bestaan waar het over gaat: “De HEERE regeert, dat de volken beven; Hij zit tussen de cherubim; de aarde bewege zich.”

Die tweede zin wijst een plaats aan. Boven de ark stonden twee cherubs met uitgespreide vleugels, en tussen die vleugels in was de plek waar God beloofd had te spreken. De psalm zegt dus niet alleen dát Hij regeert, maar ook vanwaar: uit het binnenste van een tent, boven een kist met een deksel waarop bloed gesprengd werd.

De psalm valt daarna in drie stukken uiteen, en elk stuk eindigt met hetzelfde. Het eerste: dat zij Uw groten en vreselijken Naam loven, die heilig is. Het tweede: verheft de HEERE onze God en buigt u voor de voetbank Zijner voeten; Hij is heilig. En het derde, aan het slot: want de HEERE onze God is heilig. Drie keer, als een refrein dat elke gedachte afsluit.

Dat driemaal terugkerende woord is niet toevallig. Wanneer Jesaja de HEERE ziet zitten op een hoge troon, roepen de serafs elkaar toe: heilig, heilig, heilig is de HEERE der heirscharen. En Johannes hoort in de Openbaring precies hetzelfde, met een toevoeging die de tijd erbij haalt: “Heilig, heilig, heilig is de Heere God, de Almachtige, Die was, en Die is, en Die komen zal.”

Midden in de psalm staat een gedeelte over drie mannen die met deze heilige God omgingen: Mozes en Aäron onder Zijn priesters, en Samuël onder de aanroepers van Zijn Naam. Er staat bij wat zij deden en wat er gebeurde: zij riepen tot de HEERE, en Hij verhoorde hen. Zij spraken met Hem uit een wolkkolom en zij hielden Zijn getuigenissen.

En dan komt het vers dat de hele psalm draagt, en het is een van de merkwaardigste van het psalmboek: “O HEERE, onze God! Gij hebt hen verhoord, Gij zijt hun geweest een vergevend God, hoewel wraak doende over hun daden.”

Daar staan twee dingen in één zin die men niet bij elkaar verwacht. Hij vergaf hun, én Hij deed wraak over hun daden. Mozes mocht het land niet in; Aäron had het gouden kalf gemaakt en stierf op de berg; Samuëls zonen deugden niet. Vergeving nam bij hen de gevolgen niet weg.

Wie vraagt hoe die twee samen kunnen gaan, komt bij het Nieuwe Testament uit. Paulus zegt van God dat Hij rechtvaardig is én rechtvaardigende dengene die uit het geloof van Jezus is. Waar deze psalm de spanning laat staan, wijst hij de plaats aan waar zij is opgelost.

  1. Psalm 99:1 — Hij regeert, en Hij zit tussen de cherubim — boven het deksel van de ark.
  2. Psalm 99:3, 5, 9 — Drie afdelingen, en elke sluit met hetzelfde woord: heilig.
  3. Jesaja 6:3 — Heilig, heilig, heilig is de HEERE der heirscharen.
  4. Psalm 99:6 — Drie mannen riepen tot Hem, en Hij verhoorde hen.
  5. Psalm 99:8 — Een vergevend God — en tegelijk wraak doende over hun daden.
  6. Romeinen 3:26 — Opdat Hij rechtvaardig zij, en rechtvaardigende dengene die uit het geloof is.

In het Nieuwe Testament: Jesaja 6:3; Openbaring 4:8; Romeinen 3:25-26; Hebreeën 4:16; 1 Petrus 1:15-16

Hoever dit reikt: Het Nieuwe Testament haalt Psalm 99 niet aan. Wat hier gelegd wordt rust op de opbouw van de psalm zelf: drie afdelingen die alle sluiten met de heiligheid van God, en één vers waarin vergeving en vergelding naast elkaar staan. Dat het driemaal heilig van Jesaja 6 en Openbaring 4 hetzelfde zou uitdrukken, is een overeenkomst van woorden; de psalm verwijst daar niet naar. De verbinding met Romeinen 3 komt van de zaak en niet van een aanhaling.

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Psalmen 99

Spurgeon heeft geen commentaar gegeven op dit hoofdstuk.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content