Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Lukas 17

1 En Hij zeide tot de discipelen: Het kan niet wezen, dat er geen ergernissen komen; doch wee hem, door welken zij komen;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 EnG1161 Hij zeideG2036 totG4314 de discipelenG3101: Het kanG418 niet wezenG1510, dat er geenG3361 ergernissenG4625 komenG2064; dochG1161 weeG3759 hem, doorG1223 welkenG3739 zij komenG2064; En Hij zeide tot de discipelen: Het kan niet wezen, dat er geen ergernissen komen; doch wee hem, door welken zij komen;

KJV Then2 said he unto3 the disciples,5 It is impossible6 but9 that offences12 will come:10 but14 woe13 unto him, through15 whom16 they come!

1 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 4 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 μαθητας G3101 discipelen, discipel, discipels disciple 6 ανενδεκτον G418 kan impossible 7 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 8 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 10 ελθειν G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 11 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 σκανδαλα G4625 ergernis, ergernissen, aanstoot occasion to fall (of stumbling), offence, thing that offends, stumblingblock 13 ουαι G3759 Wee, wee, weeen alas, woe 14 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 15 δι G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 16 ου G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 17 ερχεται G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 Het zoude hem nuttiger zijn, dat een molensteen om zijn hals gedaan ware, en hij in de zee geworpen, dan dat hij een van deze kleinen zou ergeren.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 Het zoude hemG846 nuttigerG3081 zijn, dat een molensteenG3458 om zijn halsG5137 gedaan wareG4029, enG2532 hijG846 inG1519 de zeeG2281 geworpenG4496, danG2228 dat hij eenG1520 vanG4012 dezeG3778 kleinenG3398 zou ergerenG4624. Het zoude hem nuttiger zijn, dat een molensteen om zijn hals gedaan ware, en hij in de zee geworpen, dan dat hij een van deze kleinen zou ergeren.

KJV It were better1 for him2 that3 a millstone4 were hanged6 about7 his10 neck,9 and11 he cast12 into13 the sea,15 than16 that17 he should offend18 one19 of these little ones.

1 λυσιτελει G3081 nuttiger it is better 2 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 3 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 4 μυλος G3458 molensteen, molens millstone 5 ονικος G3684 millstone 6 περικειται G4029 omvangen, ware, liggende be bound (compassed) with, hang about 7 περι G4012 van, over, aangaande (there-)about, above, against, at, on behalf of, X and his company, which concern, (as) concerning, for, X how it will go with, ((there-, where-)) of, on, over, pertaining (to), for sake, X (e-)state, (as) touching, (where-)by (in), with 8 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 τραχηλον G5137 hals neck 10 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 ερριπται G4496 geworpen, wierpen, verstrooid cast (down, out), scatter abroad, throw 13 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 14 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 θαλασσαν G2281 zee sea 16 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 17 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 18 σκανδαλιση G4624 geergerd, ergert, Ergert (make to) offend 19 ενα G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 20 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 μικρων G3398 kleinen, klein, minste least, less, little, small 22 τουτων G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Wacht uzelven. En indien uw broeder tegen u zondigt, zo bestraf hem; en indien het hem leed is, zo vergeef het hem.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 WachtG4337 uzelven. En indienG1437 uw broederG80 tegen uG4771 zondigtG264, zo bestrafG2008 hemG846; en indien het hem leedG3340 is, zo vergeefG863 het hem. Wacht uzelven. En indien uw broeder tegen u zondigt, zo bestraf hem; en indien het hem leed is, zo vergeef het hem.

KJV Take heed1 to yourselves:2 If4 thy brother9 trespass5 against6 thee, rebuke11 him;12 and13 if3 he repent,15 forgive16 him.

1 προσεχετε G4337 wacht, begeven, acht (give) attend(-ance, -ance at, -ance to, unto), beware, be given to, give (take) heed (to unto); have regard 2 εαυτοις G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 3 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 4 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 5 αμαρτη G264 gezondigd, zondigt, zondigen for your faults, offend, sin, trespass 6 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 7 σε G4771 u, gij, gijlieden thou 8 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 αδελφος G80 broeders, broeder, broederen brother 10 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 11 επιτιμησον G2008 bestrafte, bestraften, gebood (straitly) charge, rebuke 12 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 15 μετανοηση G3340 bekeerd, bekeert, bekeren repent 16 αφες G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up 17 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 En indien hij zevenmaal daags tegen u zondigt, en zevenmaal daags tot u wederkeert, zeggende: Het is mij leed; zo zult gij het hem vergeven.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 En indienG1437 hij zevenmaalG2034 daagsG2250 tegenG1909 u zondigtG264, enG2532 zevenmaalG2034 daagsG2250 tot u wederkeertG1994, zeggendeG3004: Het is mij leedG3340; zo zult gij het hemG846 vergevenG863. En indien hij zevenmaal daags tegen u zondigt, en zevenmaal daags tot u wederkeert, zeggende: Het is mij leed; zo zult gij het hem vergeven.

KJV And1 if2 he trespass6 against7 thee seven times3 in a day,5 and9 seven times10 in a day12 turn again13 to14 thee, saying,16 I repent;17 thou shalt forgive18 him.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 3 επτακις G2034 zevenmaal seven times 4 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 ημερας G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 6 αμαρτη G264 gezondigd, zondigt, zondigen for your faults, offend, sin, trespass 7 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 8 σε G4771 u, gij, gijlieden thou 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 επτακις G2034 zevenmaal seven times 11 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 ημερας G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 13 επιστρεψη G1994 bekeren, bekeerd, keerde come (go) again, convert, (re-)turn (about, again) 14 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 15 σε G4771 u, gij, gijlieden thou 16 λεγων G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 17 μετανοω G3340 bekeerd, bekeert, bekeren repent 18 αφησεις G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up 19 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 En de apostelen zeiden tot den Heere: Vermeerder ons het geloof.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 EnG2532 de apostelenG652 zeidenG2036 tot den HeereG2962: VermeerderG4369 ons het geloofG4102. En de apostelen zeiden tot den Heere: Vermeerder ons het geloof.

KJV And1 the apostles4 said unto the Lord,6 Increase7 our faith.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ειπον G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 3 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 αποστολοι G652 apostelen, apostel, Apostel apostle, messenger, he that is sent 5 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 κυριω G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 7 προσθες G4369 toegedaan, toedoen, toegeworpen add, again, give more, increase, lay unto, proceed further, speak to any more 8 ημιν G1473 mij, ik I, me 9 πιστιν G4102 geloof, geloofs, gelove assurance, belief, believe, faith, fidelity

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 En de Heere zeide: Zo gij een geloof hadt als een mostaardzaad, gij zoudt tegen dezen moerbezienboom zeggen: Word ontworteld, en in de zee geplant, en hij zou u gehoorzaam zijn.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 En de HeereG2962 zeideG2036: ZoG1487 gij een geloofG4102 hadtG2192 alsG5613 een mostaardzaadG2848, gij zoudt tegen dezenG5026 moerbezienboomG4807 zeggenG3004: Word ontworteldG1610, en inG1722 de zeeG2281 geplantG5452, en hij zou uG4771 gehoorzaamG5219 zijn. En de Heere zeide: Zo gij een geloof hadt als een mostaardzaad, gij zoudt tegen dezen moerbezienboom zeggen: Word ontworteld, en in de zee geplant, en hij zou u gehoorzaam zijn.

KJV And2 the Lord4 said, If5 ye had6 faith7 as8 a grain9 of mustard seed,10 ye might12 say1 unto this sycamine14 tree, Be thou plucked up by the root,16 and17 be thou planted18 in19 the sea;21 and22 it should24 obey23 you.

1 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 κυριος G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 5 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 6 ειχετε G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 7 πιστιν G4102 geloof, geloofs, gelove assurance, belief, believe, faith, fidelity 8 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 9 κοκκον G2848 mosterdzaad, mostaardzaad, graan corn, grain 10 σιναπεως G4615 mustard 11 ελεγετε G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 12 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 13 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 συκαμινω G4807 moerbezienboom sycamine tree 15 ταυτη G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 16 εκριζωθητι G1610 ontworteld, uitgeroeid, uittrekt pluck up by the root, root up 17 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 18 φυτευθητι G5452 geplant, plant, plantte plant 19 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 20 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 θαλασση G2281 zee sea 22 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 23 υπηκουσεν G5219 gehoorzaam, gehoorzaamt, gehoorzamen hearken, be obedient to, obey 24 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 25 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 En wie van u heeft een dienstknecht ploegende, of de beesten hoedende, die tot hem, als hij van den akker inkomt, terstond zal zeggen: Kom bij, en zit aan?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 EnG1161 wie vanG1537 uG4771 heeftG2192 een dienstknechtG1401 ploegendeG722, ofG2228 de beesten hoedendeG4165, dieG3739 tot hem, als hij vanG1537 den akkerG68 inkomtG1525, terstondG2112 zal zeggenG2046: KomG3928 bij, en zitG377 aan? En wie van u heeft een dienstknecht ploegende, of de beesten hoedende, die tot hem, als hij van den akker inkomt, terstond zal zeggen: Kom bij, en zit aan?

KJV But2 which1 of3 you, having6 a servant5 plowing7 or8 feeding cattle,9 will say15 unto him10 by and by,16 when he is come11 from12 the field,14 Go17 and sit down to meat?

1 τις G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 4 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 5 δουλον G1401 dienstknecht, dienstknechten, dienstknechts bond(-man), servant 6 εχων G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 7 αροτριωντα G722 ploegen, ploegende, ploegt plough 8 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 9 ποιμαινοντα G4165 weiden, hoeden, Hoed feed (cattle), rule 10 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 11 εισελθοντι G1525 ingaan, ingegaan, inkomen X arise, come (in, into), enter in(-to), go in (through) 12 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 13 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 αγρου G68 akker, akkers, dorpen country, farm, piece of ground, land 15 ερει G2046 zeggen, gezegd, gesproken call, say, speak (of), tell 16 ευθεως G2112 terstond, dadelijk anon, as soon as, forthwith, immediately, shortly, straightway 17 παρελθων G3928 voorbijgaan, voorbij, voorbijgegaan come (forth), go, pass (away, by, over), past, transgress 18 αναπεσαι G377 neder zitten, gevallen, nederzitten lean, sit down (to meat)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 Maar zal hij niet tot hem zeggen: Bereid, dat ik te avond zal eten, en omgord u, en dien mij, totdat ik zal gegeten en gedronken hebben; en eet en drink gij daarna?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 MaarG235 zal hij niet tot hem zeggenG2046: BereidG2090, datG3778 ik te avond zal eten, enG2532 omgordG4024 u, en dien mijG1473, totdat ik zal gegetenG5315 enG2532 gedronkenG4095 hebben; en eetG5315 enG2532 drinkG4095 gijG4771 daarna? Maar zal hij niet tot hem zeggen: Bereid, dat ik te avond zal eten, en omgord u, en dien mij, totdat ik zal gegeten en gedronken hebben; en eet en drink gij daarna?

Ook in dit vers avond etenG1172

KJV And1 will not2 rather say3 unto him,4 Make ready5 wherewith6 I may sup,7 and8 gird thyself,9 and serve10 me, till12 I have eaten13 and14 drunken;15 and16 afterward17 thou22 shalt eat19 and20 drink?

1 αλλ G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 2 ουχι G3780 neen, geenszins nay, not 3 ερει G2046 zeggen, gezegd, gesproken call, say, speak (of), tell 4 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 ετοιμασον G2090 bereid, bereiden, bereidden prepare, provide, make ready 6 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 7 δειπνησω G1172 avondmaal, avond eten, avondmaals sup (X -er) 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 περιζωσαμενος G4024 omgord, Omgord, omgorden gird (about, self) 10 διακονει G1247 dienen, dient, gediend (ad-)minister (unto), serve, use the office of a deacon 11 μοι G1473 mij, ik I, me 12 εως G2193 tot, totdat even (until, unto), (as) far (as), how long, (un-)til(-l), (hither-, un-, up) to, while(-s) 13 φαγω G5315 eten, gegeten, eet eat, meat 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 πιω G4095 drinken, drinkt, drinkende drink 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 μετα G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 18 ταυτα G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 19 φαγεσαι G5315 eten, gegeten, eet eat, meat 20 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 21 πιεσαι G4095 drinken, drinkt, drinkende drink 22 συ G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Dankt hij ook denzelven dienstknecht omdat hij gedaan heeft, hetgeen hem bevolen was? Ik meen, neen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 DanktG2192 hij ook denzelven dienstknechtG1401 omdatG3754 hij gedaanG4160 heeft, hetgeen hem bevolenG1299 was? Ik meenG1380, neenG3756. Dankt hij ook denzelven dienstknecht omdat hij gedaan heeft, hetgeen hem bevolen was? Ik meen, neen.

KJV Doth he3 thank2 that6 servant5 because7 he did8 the things that were commanded10 him?11 I trow13 not.

1 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 2 χαριν G5485 genade, Genade, dank acceptable, benefit, favour, gift, grace(- ious), joy, liberality, pleasure, thank(-s, -worthy) 3 εχει G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 4 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 δουλω G1401 dienstknecht, dienstknechten, dienstknechts bond(-man), servant 6 εκεινω G1565 die, dien, dezen he, it, the other (same), selfsame, that (same, very), X their, X them, they, this, those 7 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 8 εποιησεν G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 9 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 διαταχθεντα G1299 bevolen, geordineerd, besteld appoint, command, give, (set in) order, ordain 11 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 12 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 13 δοκω G1380 meent, dunkt, meenden be accounted, (of own) please(-ure), be of reputation, seem (good), suppose, think, trow
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 Alzo ook gij, wanneer gij zult gedaan hebben al hetgeen u bevolen is, zo zegt: Wij zijn onnutte dienstknechten; want wij hebben maar gedaan, hetgeen wij schuldig waren te doen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 Alzo ookG2532 gij, wanneer gij zult gedaan hebben alG3956 hetgeen uG4771 bevolenG1299 is, zoG3779 zegtG3004: Wij zijn onnutteG888 dienstknechtenG1401; wantG3754 wij hebben maar gedaan, hetgeenG3739 wij schuldigG3784 waren te doen. Alzo ook gij, wanneer gij zult gedaan hebben al hetgeen u bevolen is, zo zegt: Wij zijn onnutte dienstknechten; want wij hebben maar gedaan, hetgeen wij schuldig waren te doen.

KJV So1 likewise2 ye, when4 ye shall have done5 all6 those things which are commanded8 you, say,10 We are unprofitable13 servants:12 we have done18 that which16 was our duty17 to do.

1 ουτως G3779 alzo, aldus, zo after that, after (in) this manner, as, even (so), for all that, like(-wise), no more, on this fashion(-wise), so (in like manner), thus, what 2 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 3 υμεις G4771 u, gij, gijlieden thou 4 οταν G3752 wanneer, zodra as long (soon) as, that, + till, when(-soever), while 5 ποιησητε G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 6 παντα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 7 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 διαταχθεντα G1299 bevolen, geordineerd, besteld appoint, command, give, (set in) order, ordain 9 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 10 λεγετε G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 11 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 12 δουλοι G1401 dienstknecht, dienstknechten, dienstknechts bond(-man), servant 13 αχρειοι G888 onnutte, onnutten unprofitable 14 εσμεν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 15 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 16 ο G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 17 ωφειλομεν G3784 schuldig, moet, moeten behove, be bound, (be) debt(-or), (be) due(-ty), be guilty (indebted), (must) need(-s), ought, owe, should 18 ποιησαι G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 19 πεποιηκαμεν G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 En het geschiedde, als Hij naar Jeruzalem reisde, dat Hij door het midden van Samaria en Galilea ging.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 En het geschieddeG1096, als Hij naarG1519 JeruzalemG2419 reisdeG4198, dat HijG846 door het middenG3319 van SamariaG4540 enG2532 GalileaG1056 ging. En het geschiedde, als Hij naar Jeruzalem reisde, dat Hij door het midden van Samaria en Galilea ging.

KJV And1 it came to pass,2 as3 he6 went5 to7 Jerusalem,8 that9 he10 passed11 through12 the midst13 of Samaria14 and15 Galilee.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εγενετο G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 3 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 4 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 πορευεσθαι G4198 reisde, reizen, reisden --depart, go (away, forth, one's way, up), (make a, take a) journey, walk 6 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 7 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 8 ιερουσαλημ G2419 Jeruzalem, Jeruzalems Jerusalem 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 αυτος G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 11 διηρχετο G1330 doorgegaan, doorgaande, doorgereisd come, depart, go (about, abroad, everywhere, over, through, throughout), pass (by, over, through, throughout), pierce through, travel, walk through 12 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 13 μεσου G3319 midden, middernacht among, X before them, between, + forth, mid(-day, -night), midst, way 14 σαμαρειας G4540 Samaria, Samarie Samaria 15 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 16 γαλιλαιας G1056 Galilea, Galilese Galilee
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 En als Hij in een zeker vlek kwam, ontmoetten Hem tien melaatse mannen, welke stonden van verre;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 EnG2532 als Hij inG1519 een zekerG5100 vlekG2968 kwam, ontmoettenG528 HemG846 tienG1176 melaatseG3015 mannenG435, welkeG3739 stondenG2476 van verreG4207; En als Hij in een zeker vlek kwam, ontmoetten Hem tien melaatse mannen, welke stonden van verre;

KJV And1 as he3 entered2 into4 a certain5 village,6 there met7 him8 ten9 men11 that were lepers,10 which12 stood13 afar off:

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εισερχομενου G1525 ingaan, ingegaan, inkomen X arise, come (in, into), enter in(-to), go in (through) 3 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 5 τινα G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 6 κωμην G2968 vlek, vlekken town, village 7 απηντησαν G528 ontmoeten, ontmoette, ontmoet meet 8 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 9 δεκα G1176 tien, achttien (eight-)een, ten 10 λεπροι G3015 melaatse, melaatsen leper 11 ανδρες G435 man, mannen, Mannen fellow, husband, man, sir 12 οι G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 13 εστησαν G2476 stond, staande, staan abide, appoint, bring, continue, covenant, establish, hold up, lay, present, set (up), stanch, stand (by, forth, still, up) 14 πορρωθεν G4207 verre afar off
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 En zij verhieven hun stem, zeggende: Jezus, Meester! ontferm U onzer!
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 EnG2532 zij verhievenG142 hun stemG5456, zeggendeG3004: JezusG2424, MeesterG1988! ontfermG1653 U onzer! En zij verhieven hun stem, zeggende: Jezus, Meester! ontferm U onzer!

KJV And1 they2 lifted up3 their voices,4 and said,5 Jesus,6 Master,7 have mercy8 on us.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 αυτοι G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 3 ηραν G142 weggenomen, namen, neem away with, bear (up), carry, lift up, loose, make to doubt, put away, remove, take (away, up) 4 φωνην G5456 stem, stemmen, stemme noise, sound, voice 5 λεγοντες G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 6 ιησου G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 7 επιστατα G1988 Meester master 8 ελεησον G1653 ontferm, barmhartigheid, ontfermd have compassion (pity on), have (obtain, receive, shew) mercy (on) 9 ημας G1473 mij, ik I, me
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 En als Hij hen zag, zeide Hij tot hen: Gaat heen en vertoont uzelven den priesters. En het geschiedde, terwijl zij heengingen, dat zij gereinigd werden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 En als Hij hen zagG1492, zeideG2036 Hij tot hen: Gaat heen enG2532 vertoontG1925 uzelven den priestersG2409. EnG2532 het geschieddeG1096, terwijlG1722 zij heengingenG5217, dat zijG846 gereinigdG2511 werden. En als Hij hen zag, zeide Hij tot hen: Gaat heen en vertoont uzelven den priesters. En het geschiedde, terwijl zij heengingen, dat zij gereinigd werden.

KJV And1 when he saw them, he said unto them,4 Go5 shew6 yourselves7 unto the priests.9 And10 it came to pass,11 that, as they15 went,14 they were cleansed.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ιδων G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 3 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 4 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 πορευθεντες G4198 reisde, reizen, reisden --depart, go (away, forth, one's way, up), (make a, take a) journey, walk 6 επιδειξατε G1925 Toont, tonen, bewijzen shew 7 εαυτους G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 8 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 ιερευσιν G2409 priester, priesters, priesteren (high) priest 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 εγενετο G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 12 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 13 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 υπαγειν G5217 heenga, heengaan, heengaat depart, get hence, go (a-)way 15 αυτους G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 16 εκαθαρισθησαν G2511 gereinigd, reinigen, reinigt (make) clean(-se), purge, purify

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 En een van hen, ziende, dat hij genezen was, keerde wederom, met grote stemme God verheerlijkende.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 EnG1161 eenG1520 van hen, ziendeG1492, datG3754 hij genezenG2390 was, keerde wederomG5290, metG1537 groteG3173 stemmeG5456 GodG2316 verheerlijkendeG1392. En een van hen, ziende, dat hij genezen was, keerde wederom, met grote stemme God verheerlijkende.

KJV And2 one1 of3 them,4 when he saw that6 he was healed,7 turned back,8 and with9 a loud11 voice10 glorified12 God,

1 εις G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 4 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 ιδων G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 6 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 7 ιαθη G2390 gezond, genezen, geneze heal, make whole 8 υπεστρεψεν G5290 wedergekeerd, keerden wederom, keerden come again, return (again, back again), turn back (again) 9 μετα G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 10 φωνης G5456 stem, stemmen, stemme noise, sound, voice 11 μεγαλης G3173 grote, groot, groten (+ fear) exceedingly, great(-est), high, large, loud, mighty, + (be) sore (afraid), strong, X to years 12 δοξαζων G1392 verheerlijkt, verheerlijken, verheerlijkten (make) glorify(-ious), full of (have) glory, honour, magnify 13 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 θεον G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward)

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 En hij viel op het aangezicht voor Zijn voeten, Hem dankende; en dezelve was een Samaritaan;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 EnG2532 hijG846 vielG4098 opG1909 het aangezichtG4383 voor Zijn voetenG4228, HemG846 dankendeG2168; enG2532 dezelveG846 wasG1510 een SamaritaanG4541; En hij viel op het aangezicht voor Zijn voeten, Hem dankende; en dezelve was een Samaritaan;

KJV And1 fell down2 on3 his face4 at5 his8 feet,7 giving9 him10 thanks: and11 he12 was a Samaritan.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 επεσεν G4098 viel, gevallen, vielen fail, fall (down), light on 3 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 4 προσωπον G4383 aangezicht, aangezichten, aangezichts (outward) appearance, X before, countenance, face, fashion, (men's) person, presence 5 παρα G3844 van, bij, naast above, against, among, at, before, by, contrary to, X friend, from, + give (such things as they), + that (she) had, X his, in, more than, nigh unto, (out) of, past, save, side…by, in the sight of, than, (there-)fore, with 6 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 ποδας G4228 voeten, voet, voetstap foot(-stool) 8 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 9 ευχαριστων G2168 gedankt, dank, danken (give) thank(-ful, -s) 10 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 αυτος G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 13 ην G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 14 σαμαρειτης G4541 Samaritanen, Samaritaan Samaritan
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 En Jezus, antwoordende, zeide: Zijn niet de tien gereinigd geworden, en waar zijn de negen?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 EnG1161 JezusG2424, antwoordendeG611, zeideG2036: Zijn niet de tienG1176 gereinigdG2511 geworden, enG1161 waar zijn de negenG1767? En Jezus, antwoordende, zeide: Zijn niet de tien gereinigd geworden, en waar zijn de negen?

KJV And2 Jesus4 answering1 said, Were there9 not6 ten8 cleansed? but11 where13 are the nine?

1 αποκριθεις G611 antwoordde, antwoordende, antwoordden answer 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 ιησους G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 5 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 6 ουχι G3780 neen, geenszins nay, not 7 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 δεκα G1176 tien, achttien (eight-)een, ten 9 εκαθαρισθησαν G2511 gereinigd, reinigen, reinigt (make) clean(-se), purge, purify 10 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 12 εννεα G1767 negen nine 13 που G4226 waar where, whither

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 En zijn er geen gevonden, die wederkeren, om Gode eer te geven, dan deze vreemdeling?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 En zijn er geen gevondenG2147, die wederkerenG5290, om GodeG2316 eerG1391 te gevenG1325, dan dezeG3778 vreemdelingG241? En zijn er geen gevonden, die wederkeren, om Gode eer te geven, dan deze vreemdeling?

KJV There are2 not1 found that returned3 to give4 glory5 to God,7 save this12 stranger.

1 ουχ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 2 ευρεθησαν G2147 gevonden, vinden, vonden find, get, obtain, perceive, see 3 υποστρεψαντες G5290 wedergekeerd, keerden wederom, keerden come again, return (again, back again), turn back (again) 4 δουναι G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 5 δοξαν G1391 heerlijkheid, eer, heerlijkheden dignity, glory(-ious), honour, praise, worship 6 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 θεω G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 8 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 9 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 10 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 αλλογενης G241 vreemdeling stranger 12 ουτος G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
19 En Hij zeide tot hem: Sta op, en ga heen; uw geloof heeft u behouden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

19 En Hij zeideG2036 tot hemG846: StaG450 op, enG2532 ga heen; uw geloofG4102 heeft uG4771 behoudenG4982. En Hij zeide tot hem: Sta op, en ga heen; uw geloof heeft u behouden.

KJV And1 he said unto him,3 Arise,4 go thy way:5 thy faith7 hath made9 thee whole.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 3 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 αναστας G450 stond, opgestaan, opstaan arise, lift up, raise up (again), rise (again), stand up(-right) 5 πορευου G4198 reisde, reizen, reisden --depart, go (away, forth, one's way, up), (make a, take a) journey, walk 6 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 πιστις G4102 geloof, geloofs, gelove assurance, belief, believe, faith, fidelity 8 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 9 σεσωκεν G4982 zalig, behouden, gezond heal, preserve, save (self), do well, be (make) whole 10 σε G4771 u, gij, gijlieden thou

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
20 En gevraagd zijnde van de Farizeen, wanneer het Koninkrijk Gods komen zou, heeft Hij hun geantwoord en gezegd: Het Koninkrijk Gods komt niet met uiterlijk gelaat.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

20 En gevraagdG1905 zijnde vanG5259 de FarizeenG5330, wanneer het KoninkrijkG932 GodsG2316 komenG2064 zou, heeft Hij hun geantwoordG611 en gezegdG2036: Het KoninkrijkG932 GodsG2316 komtG2064 nietG3756 metG3326 uiterlijk gelaatG3907. En gevraagd zijnde van de Farizeen, wanneer het Koninkrijk Gods komen zou, heeft Hij hun geantwoord en gezegd: Het Koninkrijk Gods komt niet met uiterlijk gelaat.

KJV And2 when he was demanded1 of3 the Pharisees,5 when6 the kingdom9 of God11 should come,7 he answered12 them13 and14 said, The kingdom19 of God21 cometh17 not16 with22 observation:

1 επερωτηθεις G1905 vraagde, vraagden, vragen ask (after, questions), demand, desire, question 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 υπο G5259 van, onder, door among, by, from, in, of, under, with 4 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 φαρισαιων G5330 Farizeen, Farizeer, Farizeers Pharisee 6 ποτε G4219 wanneer?, hoe lang? + how long, when 7 ερχεται G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 8 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 βασιλεια G932 Koninkrijk, koninkrijk, Koninkrijks kingdom, + reign 10 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 12 απεκριθη G611 antwoordde, antwoordende, antwoordden answer 13 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 16 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 17 ερχεται G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 18 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 βασιλεια G932 Koninkrijk, koninkrijk, Koninkrijks kingdom, + reign 20 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 22 μετα G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 23 παρατηρησεως G3907 uiterlijk gelaat obervation

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
21 En men zal niet zeggen: Ziet hier, of ziet daar, want, ziet, het Koninkrijk Gods is binnen ulieden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

21 En men zal niet zeggenG2046: ZietG3708 hier, ofG2228 zietG3708 daar, wantG1063, zietG3708, het KoninkrijkG932 GodsG2316 isG1510 binnen ulieden. En men zal niet zeggen: Ziet hier, of ziet daar, want, ziet, het Koninkrijk Gods is binnen ulieden.

KJV Neither1 shall they say,2 Lo here!4 or,5 lo there!7 for,9 behold, the kingdom11 of God13 is within14 you.

1 ουδε G3761 ook niet, noch neither (indeed), never, no (more, nor, not), nor (yet), (also, even, then) not (even, so much as), + nothing, so much as 2 ερουσιν G2046 zeggen, gezegd, gesproken call, say, speak (of), tell 3 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 4 ωδε G5602 hier, op deze plaats here, hither, (in) this place, there 5 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 6 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 7 εκει G1563 daar, aldaar there, thither(-ward), (to) yonder (place) 8 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 9 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 10 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 βασιλεια G932 Koninkrijk, koninkrijk, Koninkrijks kingdom, + reign 12 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 14 εντος G1787 within 15 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 16 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
22 En Hij zeide tot de discipelen: Er zullen dagen komen, wanneer gij zult begeren een der dagen van den Zoon des mensen te zien, en gij zult dien niet zien.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

22 En Hij zeideG2036 totG4314 de discipelenG3101: Er zullen dagenG2250 komenG2064, wanneer gij zult begerenG1937 eenG1520 der dagenG2250 van den ZoonG5207 des mensenG444 te zienG3708, en gij zult dien nietG3756 zienG3708. En Hij zeide tot de discipelen: Er zullen dagen komen, wanneer gij zult begeren een der dagen van den Zoon des mensen te zien, en gij zult dien niet zien.

KJV And2 he said unto3 the disciples,5 The days7 will come,6 when8 ye shall desire9 to see one of the days12 of the Son14 of man,16 and18 ye shall not19 see

1 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 4 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 μαθητας G3101 discipelen, discipel, discipels disciple 6 ελευσονται G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 7 ημεραι G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 8 οτε G3753 toen, wanneer after (that), as soon as, that, when, while 9 επιθυμησετε G1937 begeren, begeerd, begeert covet, desire, would fain, lust (after) 10 μιαν G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 11 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 ημερων G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 13 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 υιου G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 15 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 ανθρωπου G444 mensen, mens, Mens certain, man 17 ιδειν G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 20 οψεσθε G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
23 En zij zullen tot u zeggen: Ziet hier, of ziet daar is Hij; gaat niet heen, en volgt niet.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

23 En zij zullen tot uG4771 zeggenG2046: Ziet hier, ofG2228 ziet daar is Hij; gaat nietG3361 heenG565, en volgtG1377 niet. En zij zullen tot u zeggen: Ziet hier, of ziet daar is Hij; gaat niet heen, en volgt niet.

KJV And1 they shall say2 to you, See here;5 or,6 see there:8 go10 not9 after them, nor11 follow

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ερουσιν G2046 zeggen, gezegd, gesproken call, say, speak (of), tell 3 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 4 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 5 ωδε G5602 hier, op deze plaats here, hither, (in) this place, there 6 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 7 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 8 εκει G1563 daar, aldaar there, thither(-ward), (to) yonder (place) 9 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 10 απελθητε G565 ging, weg, weggegaan come, depart, go (aside, away, back, out, … ways), pass away, be past 11 μηδε G3366 en niet, ook niet, noch neither, nor (yet), (no) not (once, so much as) 12 διωξητε G1377 vervolgd, vervolgen, vervolgt ensue, follow (after), given to, (suffer) persecute(-ion), press forward
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
24 Want gelijk de bliksem, die van het ene einde onder den hemel bliksemt, tot het andere onder den hemel schijnt, alzo zal ook de Zoon des mensen wezen in Zijn dag.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

24 WantG1063 gelijk de bliksemG796, die van het ene einde onder den hemelG3772 bliksemtG797, totG1519 het andere onder den hemelG3772 schijntG2989, alzoG3779 zal ookG2532 de ZoonG5207 des mensenG444 wezen in Zijn dagG2250. Want gelijk de bliksem, die van het ene einde onder den hemel bliksemt, tot het andere onder den hemel schijnt, alzo zal ook de Zoon des mensen wezen in Zijn dag.

Ook in dit vers uit/metG1537 [einde]G5259

KJV For2 as1 the lightning,4 that lighteneth6 out of7 the one part under9 heaven,10 shineth15 unto11 the other part under13 heaven;14 so16 shall also18 the Son20 of man22 be in23 his26 day.

1 ωσπερ G5618 gelijkerwijs, geschiedt (even, like) as 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 αστραπη G796 bliksem, bliksemen, schijnsel lightning, bright shining 5 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 αστραπτουσα G797 bliksemt, blinkende lighten, shine 7 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 8 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 υπ G5259 van, onder, door among, by, from, in, of, under, with 10 ουρανον G3772 hemel, hemelen, hemels air, heaven(-ly), sky 11 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 12 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 υπ G5259 van, onder, door among, by, from, in, of, under, with 14 ουρανον G3772 hemel, hemelen, hemels air, heaven(-ly), sky 15 λαμπει G2989 schijnen, schijnt, blonk give light, shine 16 ουτως G3779 alzo, aldus, zo after that, after (in) this manner, as, even (so), for all that, like(-wise), no more, on this fashion(-wise), so (in like manner), thus, what 17 εσται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 υιος G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 21 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 ανθρωπου G444 mensen, mens, Mens certain, man 23 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 24 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 ημερα G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 26 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
25 Maar eerst moet Hij veel lijden, en verworpen worden van dit geslacht.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

25 MaarG1161 eerstG4412 moetG1163 HijG846 veelG4183 lijdenG3958, en verworpenG593 worden vanG575 ditG3778 geslachtG1074. Maar eerst moet Hij veel lijden, en verworpen worden van dit geslacht.

KJV But2 first1 must3 he4 suffer6 many things,5 and7 be rejected8 of9 this generation.

1 πρωτον G4412 eerst, eerste, Eerstelijk before, at the beginning, chiefly (at, at the) first (of all) 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 δει G1163 moet, moest, moeten behoved, be meet, must (needs), (be) need(-ful), ought, should 4 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 πολλα G4183 vele, velen, veel abundant, + altogether, common, + far (passed, spent), (+ be of a) great (age, deal, -ly, while), long, many, much, oft(-en (-times)), plenteous, sore, straitly 6 παθειν G3958 lijden, geleden, lijdt feel, passion, suffer, vex 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 αποδοκιμασθηναι G593 verworpen disallow, reject 9 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 10 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 γενεας G1074 geslacht, geslachten, tijden age, generation, nation, time 12 ταυτης G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
26 En gelijk het geschied is in de dagen van Noach, alzo zal het ook zijn in de dagen van den Zoon des mensen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

26 En gelijk het geschiedG1096 is inG1722 de dagenG2250 van NoachG3575, alzoG3779 zal het ookG2532 zijn inG1722 de dagenG2250 van den ZoonG5207 des mensenG444. En gelijk het geschied is in de dagen van Noach, alzo zal het ook zijn in de dagen van den Zoon des mensen.

KJV And1 as2 it was3 in4 the days6 of Noe,8 so9 shall it be also11 in12 the days14 of the Son16 of man.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 καθως G2531 gelijk, zoals according to, (according, even) as, how, when 3 εγενετο G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 ημεραις G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 7 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 νωε G3575 Noach, Noe Noe 9 ουτως G3779 alzo, aldus, zo after that, after (in) this manner, as, even (so), for all that, like(-wise), no more, on this fashion(-wise), so (in like manner), thus, what 10 εσται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 13 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 ημεραις G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 15 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 υιου G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 17 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 ανθρωπου G444 mensen, mens, Mens certain, man
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
27 Zij aten, zij dronken, zij namen ten huwelijk, zij werden ten huwelijk gegeven, tot den dag, op welken Noach in de ark ging, en de zondvloed kwam, en verdierf ze allen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

27 Zij atenG2068, zij dronkenG4095, zij namen ten huwelijkG1060, zij werden ten huwelijk gegevenG1547, tot den dagG2250, op welkenG3739 NoachG3575 inG1519 de arkG2787 ging, enG2532 de zondvloedG2627 kwamG2064, enG2532 verdierfG622 ze allen. Zij aten, zij dronken, zij namen ten huwelijk, zij werden ten huwelijk gegeven, tot den dag, op welken Noach in de ark ging, en de zondvloed kwam, en verdierf ze allen.

KJV They did eat,1 they drank,2 they married wives,3 they were given in marriage,4 until5 the day7 that6 Noe9 entered8 into10 the ark,12 and13 the flood16 came,14 and17 destroyed18 them all.

1 ησθιον G2068 eet, eten, aten devour, eat, live 2 επινον G4095 drinken, drinkt, drinkende drink 3 εγαμουν G1060 trouwen, trouwt, getrouwd marry (a wife) 4 εξεγαμιζοντο G1547 huwelijk, huwelijk gegeven, huwelijk uitgeeft give in marriage 5 αχρι G891 tot, totdat, zolang als as far as, for, in(-to), till, (even, un-)to, until, while 6 ης G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 7 ημερας G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 8 εισηλθεν G1525 ingaan, ingegaan, inkomen X arise, come (in, into), enter in(-to), go in (through) 9 νωε G3575 Noach, Noe Noe 10 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 11 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 κιβωτον G2787 ark ark 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 ηλθεν G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 15 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 κατακλυσμος G2627 zondvloed flood 17 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 18 απωλεσεν G622 verloren, verliezen, verderven destroy, die, lose, mar, perish 19 απαντας G537 alles all (things), every (one), whole
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
28 Desgelijks ook, gelijk het geschiedde in de dagen van Lot; zij aten, zij dronken, zij kochten, zij verkochten, zij plantten, zij bouwden;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

28 Desgelijks ookG2532, gelijkG5613 het geschieddeG1096 inG1722 de dagenG2250 van LotG3091; zij atenG2068, zij dronkenG4095, zij kochtenG59, zij verkochtenG4453, zij planttenG5452, zij bouwdenG3618; Desgelijks ook, gelijk het geschiedde in de dagen van Lot; zij aten, zij dronken, zij kochten, zij verkochten, zij plantten, zij bouwden;

KJV Likewise1 also2 as3 it was4 in5 the days7 of Lot;8 they did eat,9 they drank,10 they bought,11 they sold,12 they planted,13 they builded;

1 ομοιως G3668 insgelijks, evenzo likewise, so 2 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 3 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 4 εγενετο G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 5 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 6 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 ημεραις G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 8 λωτ G3091 Lot Lot 9 ησθιον G2068 eet, eten, aten devour, eat, live 10 επινον G4095 drinken, drinkt, drinkende drink 11 ηγοραζον G59 gekocht, kopen, kochten buy, redeem 12 επωλουν G4453 verkochten, verkocht, verkoop sell, whatever is sold 13 εφυτευον G5452 geplant, plant, plantte plant 14 ωκοδομουν G3618 bouwen, gebouwd, bouwde (be in) build(-er, -ing, up), edify, embolden
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
29 Maar op den dag, op welken Lot van Sodom uitging, regende het vuur en sulfer van den hemel, en verdierf ze allen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

29 MaarG1161 op den dagG2250, op welkenG3739 LotG3091 vanG575 SodomG4670 uitgingG1831, regendeG1026 het vuurG4442 en sulferG2303 vanG575 den hemelG3772, en verdierfG622 ze allen. Maar op den dag, op welken Lot van Sodom uitging, regende het vuur en sulfer van den hemel, en verdierf ze allen.

KJV But1 the same day3 that Lot5 went4 out of6 Sodom7 it rained8 fire9 and10 brimstone11 from12 heaven,13 and14 destroyed15 them all.

1 η G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 ημερα G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 4 εξηλθεν G1831 uitgegaan, gingen, uitgaande come (forth, out), depart (out of), escape, get out, go (abroad, away, forth, out, thence), proceed (forth), spread abroad 5 λωτ G3091 Lot Lot 6 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 7 σοδομων G4670 Sodom, Sodoma Sodom 8 εβρεξεν G1026 nat, regende, regen regene (send) rain, wash 9 πυρ G4442 vuur, vuurs, vurigen fiery, fire 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 θειον G2303 sulfer, sulfers brimstone 12 απ G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 13 ουρανου G3772 hemel, hemelen, hemels air, heaven(-ly), sky 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 απωλεσεν G622 verloren, verliezen, verderven destroy, die, lose, mar, perish 16 απαντας G537 alles all (things), every (one), whole
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
30 Even alzo zal het zijn in den dag, op welken de Zoon des mensen geopenbaard zal worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

30 EvenG5024 alzo zal het zijnG1510 in den dagG2250, opG2596 welkenG3739 de ZoonG5207 des mensenG444 geopenbaardG601 zal worden. Even alzo zal het zijn in den dag, op welken de Zoon des mensen geopenbaard zal worden.

KJV Even1 thus shall it be in the day4 when the Son7 of man9 is revealed.

1 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 2 ταυτα G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 3 εσται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 4 η G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 5 ημερα G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 6 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 υιος G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 8 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 ανθρωπου G444 mensen, mens, Mens certain, man 10 αποκαλυπτεται G601 geopenbaard, openbaren, ontdekt reveal

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
31 In dienzelven dag, wie op het dak zal zijn, en zijn huisraad in huis, die kome niet af, om hetzelve weg te nemen; en wie op den akker zijn zal, die kere desgelijks niet naar hetgeen, dat achter is.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

31 In dienzelven dagG2250, wieG3739 op het dakG1430 zal zijn, enG2532 zijn huisraadG4632 in huisG3614, die komeG2597 nietG3361 af, om hetzelveG846 weg te nemen; enG2532 wie op den akkerG68 zijn zal, die kereG1994 desgelijks nietG3361 naarG1519 hetgeen, dat achterG3694 is. In dienzelven dag, wie op het dak zal zijn, en zijn huisraad in huis, die kome niet af, om hetzelve weg te nemen; en wie op den akker zijn zal, die kere desgelijks niet naar hetgeen, dat achter is.

Ook in dit vers weg nemenG142

KJV In1 that2 day,4 he which5 shall be upon7 the housetop,9 and10 his13 stuff12 in14 the house,16 let18 him not17 come down to take19 it20 away: and21 he that is in23 the field,25 let him28 likewise26 not27 return back.29

1 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 2 εκεινη G1565 die, dien, dezen he, it, the other (same), selfsame, that (same, very), X their, X them, they, this, those 3 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 ημερα G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 5 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 6 εσται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 7 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 8 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 δωματος G1430 dak, daken housetop 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 σκευη G4632 vat, vaten, huisraad goods, sail, stuff, vessel 13 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 15 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 οικια G3614 huis, huizen, huize home, house(-hold) 17 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 18 καταβατω G2597 afgekomen, nederdalen, nedergedaald come (get, go, step) down, fall (down) 19 αραι G142 weggenomen, namen, neem away with, bear (up), carry, lift up, loose, make to doubt, put away, remove, take (away, up) 20 αυτα G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 21 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 22 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 23 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 24 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 αγρω G68 akker, akkers, dorpen country, farm, piece of ground, land 26 ομοιως G3668 insgelijks, evenzo likewise, so 27 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 28 επιστρεψατω G1994 bekeren, bekeerd, keerde come (go) again, convert, (re-)turn (about, again) 29 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 30 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 31 οπισω G3694 achter, achterwaarts, nagegaan after, back(-ward), (+ get) behind, + follow
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
32 Gedenkt aan de vrouw van Lot.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

32 GedenktG3421 aan de vrouwG1135 van LotG3091. Gedenkt aan de vrouw van Lot.

KJV Remember1 Lot's4 wife.

1 μνημονευετε G3421 gedenkt, Gedenkt, Gedenk make mention; be mindful, remember 2 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 γυναικος G1135 vrouw, vrouwen, Vrouw wife, woman 4 λωτ G3091 Lot Lot
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
33 Zo wie zijn leven zal zoeken te behouden, die zal het verliezen; en zo wie hetzelve zal verliezen, die zal het in het leven behouden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

33 Zo wie zijn levenG5590 zal zoekenG2212 te behoudenG4982, die zal het verliezenG622; enG2532 zoG1437 wieG3739 hetzelveG846 zal verliezenG622, die zal het in het leven behoudenG2225. Zo wie zijn leven zal zoeken te behouden, die zal het verliezen; en zo wie hetzelve zal verliezen, die zal het in het leven behouden.

KJV Whosoever1 shall seek3 to save7 his6 life5 shall lose8 it;9 and10 whosoever11 shall lose13 his14 life shall preserve15 it.

1 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 2 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 3 ζητηση G2212 zoekt, zochten, zoeken be (go) about, desire, endeavour, enquire (for), require, (X will) seek (after, for, means) 4 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 ψυχην G5590 ziel, leven, zielen heart (+ -ily), life, mind, soul, + us, + you 6 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 7 σωσαι G4982 zalig, behouden, gezond heal, preserve, save (self), do well, be (make) whole 8 απολεσει G622 verloren, verliezen, verderven destroy, die, lose, mar, perish 9 αυτην G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 12 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 13 απολεση G622 verloren, verliezen, verderven destroy, die, lose, mar, perish 14 αυτην G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 15 ζωογονησει G2225 leven behouden, voorttelen live, preserve 16 αυτην G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
34 Ik zeg u: In dien nacht zullen twee op een bed zijn; de een zal aangenomen, en de ander zal verlaten worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

34 Ik zegG3004 uG4771: In dien nachtG3571 zullen tweeG1417 opG1909 een bedG2825 zijnG1510; de eenG1520 zal aangenomenG3880, enG2532 de anderG2087 zal verlatenG863 worden. Ik zeg u: In dien nacht zullen twee op een bed zijn; de een zal aangenomen, en de ander zal verlaten worden.

KJV I tell1 you, in that night5 there shall be two7 men in8 one bed;9 the one10 shall be taken,13 and14 the other16 shall be left.

1 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 2 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 3 ταυτη G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 4 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 νυκτι G3571 nacht, nachts, nachten (mid-)night 6 εσονται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 7 δυο G1417 twee, Twee, tweeen both, twain, two 8 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 9 κλινης G2825 bed, bedden bed, table 10 μιας G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 11 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 εις G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 13 παραληφθησεται G3880 nam, aangenomen, ontvangen receive, take (unto, with) 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 ετερος G2087 ander, anders, zoeke altered, else, next (day), one, (an-)other, some, strange 17 αφεθησεται G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
35 Twee vrouwen zullen te zamen malen; de ene zal aangenomen, en de ander zal verlaten worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

35 TweeG1417 vrouwen zullen te zamenG846 malenG229; de eneG1520 zal aangenomenG3880, enG2532 de anderG2087 zal verlatenG863 worden. Twee vrouwen zullen te zamen malen; de ene zal aangenomen, en de ander zal verlaten worden.

KJV Two1 women shall be grinding3 together;6 the one shall be taken,12 and13 the other15 left.

1 δυο G1417 twee, Twee, tweeen both, twain, two 2 εσονται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 3 αληθουσαι G229 malen grind 4 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 5 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 αυτο G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 9 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 μια G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 12 παραληφθησεται G3880 nam, aangenomen, ontvangen receive, take (unto, with) 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 ετερα G2087 ander, anders, zoeke altered, else, next (day), one, (an-)other, some, strange 16 αφεθησεται G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
36 Twee zullen op den akker zijn; de een zal aangenomen, en de ander zal verlaten worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

36 TweeG1417 zullen opG1722 den akkerG68 zijnG1510; de eenG1520 zal aangenomenG3880, enG2532 de anderG2087 zal verlatenG863 worden. Twee zullen op den akker zijn; de een zal aangenomen, en de ander zal verlaten worden.

KJV Two3 men shall be in5 the field;7 the one9 shall be taken,10 and11 the other13 left.

3 δυο G1417 twee, Twee, tweeen both, twain, two 4 εσονται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 5 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 6 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 αγρω G68 akker, akkers, dorpen country, farm, piece of ground, land 8 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 εις G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 10 παραληφθησεται G3880 nam, aangenomen, ontvangen receive, take (unto, with) 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 ετερος G2087 ander, anders, zoeke altered, else, next (day), one, (an-)other, some, strange 14 αφεθησεται G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
37 En zij antwoordden en zeiden tot Hem: Waar, Heere? En Hij zeide tot hen: Waar het lichaam is, aldaar zullen de arenden vergaderd worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

37 En zij antwoorddenG611 en zeidenG3004 tot HemG846: Waar, HeereG2962? En Hij zeideG2036 tot henG846: Waar het lichaamG4983 is, aldaar zullen de arendenG105 vergaderdG4863 worden. En zij antwoordden en zeiden tot Hem: Waar, Heere? En Hij zeide tot hen: Waar het lichaam is, aldaar zullen de arenden vergaderd worden.

KJV And1 they answered2 and said3 unto him,4 Where,5 Lord?6 And8 he said unto them,10 Wheresoever11 the body13 is, thither14 will15 the eagles17 be gathered together.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 αποκριθεντες G611 antwoordde, antwoordende, antwoordden answer 3 λεγουσιν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 4 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 που G4226 waar where, whither 6 κυριε G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 7 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 9 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 10 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 11 οπου G3699 waar, waarheen in what place, where(-as, -soever), whither (+ soever) 12 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 σωμα G4983 lichaam, lichaams, lichamen bodily, body, slave 14 εκει G1563 daar, aldaar there, thither(-ward), (to) yonder (place) 15 συναχθησονται G4863 vergaderd, vergaderden, vergadert + accompany, assemble (selves, together), bestow, come together, gather (selves together, up, together), lead into, resort, take in 16 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 αετοι G105 arenden, arend, arends eagle

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Lukas 17:1 Mattheüs 18:7 1 Korinthe 11:19 2 Thessalonicenzen 2:10 Openbaring 13:14 1 Korinthe 10:32 1 Korinthe 8:13 Romeinen 16:17 Romeinen 14:20
Lukas 17:2 Markus 9:42 Mattheüs 18:3 Mattheüs 18:10 Mattheüs 18:14 Mattheüs 26:24 2 Petrus 2:1 1 Korinthe 8:11 1 Korinthe 9:22
Lukas 17:3 Leviticus 19:17 Mattheüs 18:21 Mattheüs 18:15 Spreuken 9:8 Spreuken 27:5 Efeze 5:15 Lukas 21:34 Deuteronomium 4:23
Lukas 17:4 Mattheüs 18:21 Mattheüs 6:12 Mattheüs 6:14 Efeze 4:31 2 Thessalonicenzen 3:13 Mattheüs 18:35 Romeinen 12:20 Kolossenzen 3:12
Lukas 17:5 Markus 9:24 Hebreeën 12:2 2 Thessalonicenzen 1:3 2 Korinthe 12:8 Lukas 7:13 Filippenzen 4:13 1 Petrus 1:22 Markus 6:30
Lukas 17:6 Mattheüs 17:20 Markus 9:23 Mattheüs 21:21 Mattheüs 13:31 Lukas 13:19 1 Korinthe 13:2 Markus 11:22 Lukas 19:4
Lukas 17:8 Lukas 12:37 Genesis 43:16 2 Samuël 12:20
Lukas 17:10 Mattheüs 25:30 Job 35:6 1 Korinthe 9:16 Jesaja 6:5 Romeinen 3:12 Romeinen 11:35 1 Petrus 5:5 Psalmen 16:2
Lukas 17:11 Lukas 9:51 Johannes 4:3
Lukas 17:12 Leviticus 13:45 Lukas 5:12 2 Kronieken 26:20 2 Koningen 7:3 Lukas 18:13 2 Koningen 5:27 Numeri 5:2 Numeri 12:14
Lukas 17:13 Mattheüs 15:22 Lukas 18:38 Mattheüs 9:27 Mattheüs 20:30 Markus 9:22 Lukas 5:5
Lukas 17:14 Lukas 5:14 Mattheüs 3:15 Johannes 11:10 Leviticus 14:1 Johannes 4:50 Johannes 9:7 Leviticus 13:1 Johannes 2:5
Lukas 17:15 Lukas 17:17 Jesaja 38:19 Psalmen 118:18 Johannes 5:14 Psalmen 103:1 Johannes 9:38 Psalmen 107:20 2 Kronieken 32:24
Lukas 17:16 Mattheüs 10:5 Johannes 5:23 Handelingen 1:8 Openbaring 19:4 Openbaring 4:10 Openbaring 19:10 Handelingen 8:5 Openbaring 5:14
Lukas 17:17 Genesis 3:9 Psalmen 106:13 Johannes 8:7 Romeinen 1:21
Lukas 17:18 Psalmen 106:13 Mattheüs 15:24 Mattheüs 8:12 Psalmen 29:1 Mattheüs 19:30 Openbaring 14:7 Mattheüs 8:10 Psalmen 50:23
Lukas 17:19 Mattheüs 9:22 Lukas 18:42 Markus 10:52 Markus 5:34 Lukas 8:48 Lukas 7:50
Lukas 17:20 Lukas 19:11 Lukas 17:23 Johannes 18:36 Handelingen 1:6 Lukas 16:16 Daniël 2:44 Zacharia 4:6 Lukas 10:11
Lukas 17:21 Romeinen 14:17 Mattheüs 12:28 Lukas 10:9 Mattheüs 24:23 Kolossenzen 1:27 Lukas 17:23 Lukas 21:8 Markus 13:21
Lukas 17:22 Mattheüs 9:15 Lukas 5:35 Lukas 13:35 Johannes 17:11 Johannes 16:16 Markus 2:20 Johannes 8:21 Johannes 7:33
Lukas 17:23 Lukas 21:8 Lukas 17:21 Mattheüs 24:23 Markus 13:21
Lukas 17:24 Mattheüs 24:27 Zacharia 9:14 1 Thessalonicenzen 5:2 Maleachi 4:1 Jakobus 5:8 Maleachi 3:1 2 Petrus 3:10 Mattheüs 24:30
Lukas 17:25 Mattheüs 16:21 Lukas 9:22 Markus 8:31 Mattheüs 21:42 Lukas 18:33 1 Samuël 10:19 Lukas 24:46 Mattheüs 20:18
Lukas 17:26 Mattheüs 24:37 Hebreeën 11:7 Genesis 7:7 2 Petrus 2:5 1 Petrus 3:19 Lukas 17:24 2 Petrus 3:6 Lukas 17:22
Lukas 17:27 1 Thessalonicenzen 5:1 Job 21:9 Lukas 16:19 1 Samuël 25:36 Jesaja 22:12 Jesaja 21:4 Deuteronomium 8:12 Deuteronomium 6:10
Lukas 17:28 Jakobus 5:1 Ezechiël 16:49 Genesis 19:1 Genesis 13:13 Genesis 18:20
Lukas 17:29 2 Petrus 2:6 Judas 1:7 Mattheüs 11:23 Sefanja 2:9 Openbaring 11:8 Jesaja 13:19 Genesis 19:16 Hosea 11:8
Lukas 17:30 Openbaring 1:7 1 Petrus 1:13 1 Korinthe 1:7 Mattheüs 24:3 2 Thessalonicenzen 1:7 Mattheüs 16:27 Mattheüs 24:37 Mattheüs 26:64
Lukas 17:31 Markus 13:14 Jeremia 45:5 Lukas 21:21 Mattheüs 24:17 Job 2:4 Filippenzen 3:7 Mattheüs 16:26 Mattheüs 6:25
Lukas 17:32 Genesis 19:26 2 Petrus 2:18 Hebreeën 10:38 Genesis 19:17 1 Korinthe 10:6
Lukas 17:33 Johannes 12:25 Mattheüs 10:39 Markus 8:35 Mattheüs 16:25 Lukas 9:24 Openbaring 2:10
Lukas 17:34 Mattheüs 24:40 Ezechiël 9:4 Mattheüs 24:25 Maleachi 3:16 Markus 13:23 Romeinen 11:4 Markus 14:29 Jeremia 45:5
Lukas 17:35 Mattheüs 24:41 Exodus 11:5 Richteren 16:21
Lukas 17:37 Mattheüs 24:28 Amos 9:1 Job 39:29 Openbaring 19:17 Zacharia 13:8 Daniël 9:26 Zacharia 14:2 1 Thessalonicenzen 2:16
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Lukas 17 vers 1

Het kan niet wezen, Grieks het is ongebeurlijk; dat is, het kan niet gebeuren. Zie hiervan Matt. 18:7 .

Hertaald: Het kan niet wezen, Grieks: het is ondoenlijk; dat is: het kan niet anders. Zie hierover Matth. 18:7.

Lukas 17 vers 2

nuttiger zijn, Grieks het is hem nut; dat is, het ware minder kwaad voor hem, dat hem die straf aangedaan ware, eer hij ergernis zou geven, dan dat hij na gegeven ergernis met den eeuwigen dood zou gestraft worden, gelijk Christus hier dreigt.

Hertaald: nuttiger zijn, Grieks: het is hem nuttig; dat is: het zou minder erg voor hem zijn als hem die straf werd aangedaan vóórdat hij aanstoot gaf, dan dat hij na het geven van aanstoot met de eeuwige dood gestraft zou worden, zoals Christus hier dreigt.

kleinen zou ergeren Dat is, ook de geringste onder de gelovigen. Zie Matt. 18:6 .

Hertaald: kleinen zou ergeren Dat is: ook de geringste onder de gelovigen. Zie Matth. 18:6.

Lukas 17 vers 3

indien het hem leed is, Grieks indien hij zich bekeert; dat is zijn schuld bekent en vergeving begeert. Waarmede nochtans Christus niet wil zeggen dat men niet zal vergeven dien, die zulks nog niet doen; want hij heeft anders met zijn voorbeeld geleerd, Luc. 23:34 ; gelijk ook Stefanus gedaan heeft, Hand. 7:60 , en Paulus, 1 Kor. 4:12 .

Hertaald: indien het hem leed is, Grieks: indien hij zich bekeert; dat is: zijn schuld erkent en om vergeving vraagt. Christus wil daarmee overigens niet zeggen dat men hen die dat nog niet doen niet zou vergeven, want Hij heeft door Zijn eigen voorbeeld anders geleerd, Luk. 23:34 — zoals ook Stefanus gedaan heeft, Hand. 7:60, en Paulus, 1 Kor. 4:12.

Lukas 17 vers 4

zevenmaal daags tegen u zondigt, Dat is, dikmaals, gelijk Ps. 119:164 ; Spr. 24:16 .

Hertaald: zevenmaal daags tegen u zondigt, Dat is: vaak, zoals Ps. 119:164; Spr. 24:16.

Lukas 17 vers 6

als een mosterdzaad, Dat is, al ware het ook zeer klein, als het maar oprecht is. Zie Matt. 17:20 .

Hertaald: als een mosterdzaad, Dat is: al was het ook zeer klein, als het maar oprecht is. Zie Matth. 17:20.

moerbeziënboom zeggen Grieks Sycaminos; welke een soort is van moerbeziënboom, of gelijk sommigen menen, van vijgeboom.

Hertaald: moerbeziënboom zeggen Grieks: sykaminos; dat is een soort moerbeiboom, of, zoals sommigen menen, een soort vijgenboom.

ontworteld, Dat is met den wortel uitgetrokken of uitgeroeid.

Hertaald: ontworteld, Dat is: met wortel en al uitgetrokken of uitgeroeid.

Lukas 17 vers 7

dienstknecht ploegende, Dat is, een slaaf, of lijfeigene, die zijnen heer alles schuldig is, wat hij doen kan.

Hertaald: dienstknecht ploegende, Dat is: een slaaf of lijfeigene, die zijn heer alles verschuldigd is wat hij doen kan.

Lukas 17 vers 8

omgord u, Namelijk naar de wijze van die landen, waar men lange klederen droeg. Zie Luc. 12:37 .

Hertaald: omgord u, Namelijk naar de gewoonte van die landen, waar men lange kleren droeg. Zie Luk. 12:37.

Lukas 17 vers 9

Dankt hij ook denzelven dienstknecht Dat is, weet hij hem dat ook dank, als hij daardoor in Hem gehouden ware?

Hertaald: Dankt hij ook denzelven dienstknecht Dat is: is hij hem daarvoor ook dank verschuldigd, alsof hij daardoor iets aan hem verplicht zou zijn?

Lukas 17 vers 10

onnutte dienstknechten; Dat is, die onzen Heer geen nut, of voordeel toebrengen, Rom. 11:35 . Hoewel er niemand is die doet, zelfs hetgeen hij schuldig is, 1 Kon. 8:46 ; Job 9:3 ; Matt. 6:12 .

Hertaald: onnutte dienstknechten; Dat is: die onze Heere geen nut of voordeel opleveren, Rom. 11:35. Hoewel er ook niemand is die zelfs doet wat hij verplicht is, 1 Kon. 8:46; Job 9:3; Matth. 6:12.

Lukas 17 vers 11

van Samaria en Galilea ging Dat is, van het land, waarvan de stad Samaria de hoofdstad was. Want van Galilea naar Jeruzalem was de naaste weg door het land van Samaria.

Hertaald: van Samaria en Galilea ging Dat is: van het land waarvan de stad Samaria de hoofdstad was. Want van Galilea naar Jeruzalem liep de kortste weg door het land van Samaria.

Lukas 17 vers 12

van verre; Dat is, buiten het volk, volgens de wet, Num. 5:2 .

Hertaald: van verre; Dat is: buiten het volk, volgens de wet, Num. 5:2.

Lukas 17 vers 13

Meester Grieks voorstander.

Hertaald: Meester Grieks: voorstander.

Lukas 17 vers 14

vertoont uzelven den De oorzaak hiervan zie Matt. 8:4 .

Hertaald: vertoont uzelven den Zie de reden hiervan bij Matth. 8:4.

Lukas 17 vers 18

vreemdeling? Dat is, die van een ander dan van het Joodse geslacht is; want de Samaritanen waren van de heidenen gesproten; 2 Kon. 17:24 .

Hertaald: vreemdeling? Dat is: iemand die uit een ander dan het Joodse geslacht is; want de Samaritanen stamden van de heidenen af; 2 Kon. 17:24.

Lukas 17 vers 20

met uiterlijk gelaat Grieks met waarneming; dat is in zulker voege, dat het tevoren kan gemerkt worden, gelijk het toegaat in de komst van de wereldse prinsen, die om de grote uiterlijke pracht tevoren kunnen waargenomen en verwacht worden.

Hertaald: met uiterlijk gelaat Grieks: met waarneming; dat is: zo dat het van tevoren opgemerkt kan worden, zoals het gaat bij de komst van wereldse vorsten, die vanwege hun grote uiterlijke praal van tevoren waargenomen en verwacht kunnen worden.

Lukas 17 vers 21

binnen ulieden Of, in het midden van u. Hetwelk verstaan kan worden, òf van de Joden in het algemeen, overmits de Messias nu midden onder hen was, Joh. 1:26 , òf ook van de gelovigen onder hen, in welker harten Hij door zijn woord en Geest zijn rijk oprichtte.

Hertaald: binnen ulieden Of: in uw midden. Dat kan opgevat worden van de Joden in het algemeen, aangezien de Messias nu midden onder hen was, Joh. 1:26, óf ook van de gelovigen onder hen, in wier harten Hij door Zijn Woord en Geest Zijn rijk oprichtte.

Lukas 17 vers 22

een der dagen van den Zoon des mensen te zien, Namelijk om zijn lichamelijke tegenwoordigheid te genieten, en uit zijn mond zelf het woord te horen.

Hertaald: een der dagen van den Zoon des mensen te zien, Namelijk om Zijn lichamelijke tegenwoordigheid te genieten en het Woord uit Zijn eigen mond te horen.

Lukas 17 vers 24

in Zijn dag Namelijk zo in de snelle verbreiding des Evangelies door de gehele wereld, Rom. 10:18 , als in zijn laatste toekomst ten oordeel, 1 Kor. 15:52 ; 2 Petr. 3:10 .

Hertaald: in Zijn dag Namelijk zowel in de snelle verbreiding van het Evangelie over de hele wereld, Rom. 10:18, als in Zijn laatste komst ten oordeel, 1 Kor. 15:52; 2 Petr. 3:10.

Lukas 17 vers 25

verworpen worden Grieks afgekeurd.

Hertaald: verworpen worden Grieks: afgekeurd.

dit geslacht Namelijk der Joden.

Hertaald: dit geslacht Namelijk van de Joden.

Lukas 17 vers 27

Zij aten, Dat is, zij zorgden nergens anders voor dan voor deze en dergelijke wereldse of lichamelijke dingen, zonder te letten op hetgeen voorzegd was.

Hertaald: Zij aten, Dat is: zij zorgden nergens anders voor dan voor deze en dergelijke wereldse of lichamelijke dingen, zonder te letten op wat voorzegd was.

zij namen ten huwelijk, Namelijk de mannen.

Hertaald: zij namen ten huwelijk, Namelijk de mannen.

zij werden ten huwelijk gegeven, Namelijk de vrouwen of dochters.

Hertaald: zij werden ten huwelijk gegeven, Namelijk de vrouwen of dochters.

Lukas 17 vers 30

in den dag, Namelijk der wraak en des oordeels, hetwelk Hij zal uitvoeren, zo in het bijzonder tegen de Joden en de stad Jeruzalem, als over de gehele wereld. Zie Matt. 24:3 .

Hertaald: in den dag, Namelijk van de wraak en het oordeel, dat Hij zal voltrekken zowel in het bijzonder tegen de Joden en de stad Jeruzalem, als over de hele wereld. Zie Matth. 24:3.

geopenbaard zal worden Grieks geopenbaard wordt.

Hertaald: geopenbaard zal worden Grieks: geopenbaard wordt.

Lukas 17 vers 31

zijn huisraad in huis, Grieks zijne vaten.

Hertaald: zijn huisraad in huis, Grieks: zijn vaten.

Lukas 17 vers 32

Gedenkt aan de vrouw van Lot Namelijk opdat gij met uwe harten niet te zeer hangt aan de aardse dingen, en naar deze omziende, gelijk zij deed, gij met haar niet gestraft wordt.

Hertaald: Gedenkt aan de vrouw van Lot Namelijk opdat u met uw hart niet te zeer aan de aardse dingen hangt, en niet met haar gestraft wordt doordat u daarnaar omziet zoals zij deed.

Lukas 17 vers 33

leven zal zoeken te behouden, Grieks ziel; zie Matt. 10:39 .

Hertaald: leven zal zoeken te behouden, Grieks: ziel; zie Matth. 10:39.

in het leven behouden Grieks levend telen; dat is, in het eeuwige leven behouden.

Hertaald: in het leven behouden Grieks: levend voortbrengen; dat is: in het eeuwige leven behouden.

Lukas 17 vers 34

nacht zullen twee op een bed zijn; Namelijk als Christus ten oordeel zal komen.

Hertaald: nacht zullen twee op een bed zijn; Namelijk wanneer Christus ten oordeel zal komen.

aangenomen, Namelijk van God in genade.

Hertaald: aangenomen, Namelijk door God, in genade.

verlaten worden Namelijk om rechtvaardig veroordeeld te worden.

Hertaald: verlaten worden Namelijk om rechtvaardig veroordeeld te worden.

Lukas 17 vers 35

malen; Zie hiervan de aantekening op Matt. 24:41 .

Hertaald: malen; Zie hierover de aantekening bij Matth. 24:41.

Lukas 17 vers 37

Waar het lichaam is, Zie hiervan de verklaring Matt. 24:28 .

Hertaald: Waar het lichaam is, Zie hierover de verklaring bij Matth. 24:28.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Het Koninkrijk Gods komt niet met uiterlijk gelaat  — Het antwoord van Christus op de vraag wanneer het Koninkrijk komen zou (Luk. 17:20-21)

De Farizeeën vragen naar een tijdstip, en zij krijgen een antwoord over de aard van de zaak: "Het Koninkrijk Gods komt niet met uiterlijk gelaat" (Luk. 17:20). Daarna sluit Hij de manier van zoeken af die bij hun vraag hoort: "men zal niet zeggen: Ziet hier, of ziet daar, want, ziet, het Koninkrijk Gods is binnen ulieden" (Luk. 17:21). Onmiddellijk daarna spreekt Hij tot Zijn discipelen wél over de dag van de Zoon des mensen. Dan noemt Hij die juist onmiskenbaar zichtbaar, gelijk de bliksem die van het ene einde onder de hemel tot het andere licht (Luk. 17:24).

Bijbelse betekenis: De twee gedeelten horen bij elkaar en houden elkaar in evenwicht. Het Koninkrijk komt niet als een schouwspel dat men kan aanwijzen, en tegelijk komt de dag van de Zoon des mensen zo openbaar dat niemand hem missen kan. De uitdrukking binnen ulieden is in de Statenvertaling behouden zoals zij staat; sommigen lezen haar als in uw midden, omdat de Koning voor hen stond, anderen als inwendig in het hart. Het register kiest hier geen kant, want beide lezingen zijn in de traditie te vinden en de tekst beslist het niet. Wat de tekst wel beslist, is de richting van het zoeken: wie naar tekenen wijst, kijkt de verkeerde kant op.

Typologie: Paulus omschrijft het Koninkrijk op dezelfde onzichtbare wijze: het is niet spijs en drank, maar rechtvaardigheid, en vrede, en blijdschap door den Heiligen Geest (Rom. 14:17). En Christus zegt tot Pilatus dat Zijn Koninkrijk niet van deze wereld is (Joh. 18:36).

Luk. 17:20-21; Luk. 17:24; Rom. 14:17; Joh. 18:36

De ene die terugkeerde (de tien melaatsen)  — Tien worden gereinigd, één komt terug om God te danken, en juist hij is een vreemdeling (Luk. 17:15-18)

Op de weg naar de priesters worden tien melaatsen gereinigd. Van één wordt verteld wat hij daarna deed: hij zag dat hij genezen was, keerde terug en verheerlijkte God met grote stem (Luk. 17:15). Hij viel op zijn aangezicht voor de voeten van Christus en dankte Hem; en dan volgt de mededeling die de geschiedenis haar scherpte geeft: "dezelve was een Samaritaan" (Luk. 17:16). Christus stelt drie vragen achter elkaar: zijn niet de tien gereinigd, waar zijn de negen, en zijn er geen gevonden die terugkeren om God eer te geven dan deze vreemdeling (Luk. 17:17-18)? Tot hem alleen zegt Hij: "Sta op, en ga heen; uw geloof heeft u behouden" (Luk. 17:19).

Bijbelse betekenis: Alle tien werden gereinigd; de negen ontvingen even werkelijk wat zij vroegen. Het onderscheid ligt dus niet in de gave maar in de terugkeer. Twee dingen vallen op. Het eerste is dat de dankbaarheid hier geen bijkomstigheid is maar het enige waarover de Heere Jezus spreekt; Hij vraagt niet waar de genezing bleef, maar waar de negen bleven. Het tweede is het slotwoord tot de Samaritaan. Hij was al gereinigd toen hij terugkwam, en toch krijgt alleen hij te horen dat zijn geloof hem behouden heeft. Daarmee wordt onderscheiden tussen ontvangen wat men vroeg en behouden worden.

Typologie: De lijn naar de vreemdeling die gelooft loopt door heel Lukas en Handelingen. Van de hoofdman over honderd zegt Christus dat Hij zo groot een geloof in Israël niet gevonden heeft (Luk. 7:9). Later zijn het de eersten uit de heidenen die het Evangelie aannemen (Hand. 10:2, reeds behandeld). Paulus vat het samen: door hun val is de zaligheid tot de heidenen gekomen (Rom. 11:11).

Luk. 17:15-19; Luk. 7:9; Hand. 10:2; Rom. 11:11

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

Gelijk de bliksem — 17:15-19, 20-24

De Engel des HEEREN niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe

Tien melaatsen zijn genezen onderweg naar de priester, en één keert terug — een Samaritaan. Daarna vragen de Farizeeën wanneer het koninkrijk komen zal, en het antwoord loopt uit op de dag van de Zoon des mensen.

Het koninkrijk komt niet met vertoon, maar de dag ervan zal niemand kunnen missen.

**De één die terugkwam.** Tien werden gereinigd, negen liepen door. Eén keerde om, verheerlijkte God met grote stem en viel op zijn aangezicht voor Zijn voeten. Lukas voegt er droog aan toe: en deze was een Samaritaan.

De vraag die erop volgt is scherper dan een verwijt: “En zijn er geen gevonden, die wederkeren, om Gode eer te geven, dan deze vreemdeling?” De man die er niet bij hoorde, ligt op de grond.

**De vraag van de Farizeeën.** Wanneer komt het koninkrijk? Zij verwachten iets aanwijsbaars: een datum, een plaats, een leger.

**Het antwoord.** “Het Koninkrijk Gods komt niet met uiterlijk gelaat. En men zal niet zeggen: Ziet hier, of ziet daar, want, ziet, het Koninkrijk Gods is binnen ulieden.”

De kanttekening geeft daar twee lezingen bij, en beide zijn de moeite waard: in het midden van u, omdat de Messias nu onder hen stond — of ín u, omdat Hij door Woord en Geest Zijn rijk in harten opricht.

**En dan de ommekeer.** Want er komt wél een dag die niemand hoeft aan te wijzen: “Want gelijk de bliksem, die van het ene einde onder den hemel bliksemt, tot het andere onder den hemel schijnt, alzo zal ook de Zoon des mensen wezen in Zijn dag.”

Dat is voor deze lijn de kern. De verschijningen in het Oude Testament waren plaatselijk: een doornbos, een berg, een deur van een tent, een rivieroever. Steeds één mens of één volk dat zag, en de rest hoorde het naderhand.

De laatste verschijning is niet plaatselijk. Van het ene einde van de hemel tot het andere.

**En de waarschuwing ertussen.** Juist daarom zegt Hij: als men zegt ziet hier of ziet daar, ga er niet heen. Wat aangewezen moet worden, is het niet. Wat het wel is, hoeft niemand aan te wijzen.

  1. Exodus 3:2 — God verschijnt plaatselijk: in één struik, aan één man.
  2. Exodus 19:18 — En op één berg, waar het volk op afstand blijft.
  3. Lukas 17:20 — Het koninkrijk komt niet met uiterlijk gelaat.
  4. Lukas 17:23 — Ga niet heen achter wie zegt: ziet hier, of ziet daar.
  5. Lukas 17:24 — Want Zijn dag is als de bliksem, van einde tot einde.
  6. Openbaring 1:7 — Alle oog zal Hem zien, ook zij die Hem doorstoken hebben.

In het Nieuwe Testament: Mattheüs 24:27; Handelingen 1:11; Zacharia 14:4; Exodus 3:2; Lukas 17:18; Openbaring 1:7

Hoever dit reikt: Wat binnen ulieden betekent, wordt verschillend uitgelegd; de kanttekening noemt beide lezingen en deze post geeft ze allebei. Wanneer de dag van de Zoon des mensen komt, wordt hier niet gezegd — alleen hoe: niet aanwijsbaar vooraf, en niet te missen wanneer hij er is.

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Lukas 17

Lukas 17:1-2.KruisverwijzingenMattheüs 18:71 Korinthe 11:19Markus 9:422 Thessalonicenzen 2:10Openbaring 13:141 Korinthe 10:321 Korinthe 8:13Romeinen 16:17
— En Hij zeide tot de discipelen: Het kan niet wezen, dat er geen ergernissen komen; doch wee hem, door welken zij komen; Het zoude hem nuttiger zijn, dat een molensteen om zijn hals gedaan ware, en hij in de zee geworpen, dan dat hij een van deze kleinen zou ergeren.
“En Hij zeide tot de discipelen: Het kan niet wezen, dat er geen ergernissen komen; doch wee hem, door welken zij komen; Het zoude hem nuttiger zijn, dat een molensteen om zijn hals gedaan ware, en hij in de zee geworpen, dan dat hij een van deze kleinen zou ergeren.”

Sinds de val zijn wij zo gemaakt dat er zeker verschillen en geschillen komen. Het is een grote barmhartigheid wanneer mensen in eendracht samenwonen. “Ziet, hoe goed en hoe liefelijk is het, dat broeders ook samenwonen!” Dat is een werk van genade; maar de natuur heeft haar begeerten, en begeerten leiden tot twisten.

Zolang de wereld is zoals zij nu is, is het onmogelijk dat er geen ergernissen komen — maar wee hem door wie zij komen. Laten wij dus geen ergernis géven en er ook geen némen. Ergert iemand ons, laten wij dan zeggen: het is onmogelijk dat er geen ergernissen komen, en laten wij er licht over denken. En laten wij heel goed oppassen dat wij niet maken dat anderen zich ergeren.

Lukas 17:3-4.KruisverwijzingenLeviticus 19:17Mattheüs 18:21Mattheüs 18:15Spreuken 9:8Spreuken 27:5Efeze 5:15Lukas 21:34Deuteronomium 4:23
— Wacht uzelven. En indien uw broeder tegen u zondigt, zo bestraf hem; en indien het hem leed is, zo vergeef het hem. En indien hij zevenmaal daags tegen u zondigt, en zevenmaal daags tot u wederkeert, zeggende: Het is mij leed; zo zult gij het hem vergeven.
“Wacht uzelven. En indien uw broeder tegen u zondigt, zo bestraf hem; en indien het hem leed is, zo vergeef het hem. En indien hij zevenmaal daags tegen u zondigt, en zevenmaal daags tot u wederkeert, zeggende: Het is mij leed; zo zult gij het hem vergeven.”

Misschien merkt iemand op: het lijkt erop dat zo’n man niets anders doet dan telkens zondigen en zich bekeren.

Welnu, stel dat het zo is — dan is dat precies wat u ook doet, behalve dat u zich niet zo vaak bekeert wanneer u zondigt. Mogelijk is de overtreder dus nog beter dan u. En is God zachtmoedig in Zijn handelen met u, dan mag u ook wel zachtmoedig zijn in uw handelen met uw naaste.

Lukas 17:5-6.KruisverwijzingenMarkus 9:24Mattheüs 17:20Hebreeën 12:2Markus 9:23Mattheüs 21:212 Thessalonicenzen 1:32 Korinthe 12:8Lukas 7:13
— En de apostelen zeiden tot den Heere: Vermeerder ons het geloof. En de Heere zeide: Zo gij een geloof hadt als een mostaardzaad, gij zoudt tegen dezen moerbezienboom zeggen: Word ontworteld, en in de zee geplant, en hij zou u gehoorzaam zijn.
“En de apostelen zeiden tot den Heere: Vermeerder ons het geloof. En de Heere zeide: Zo gij een geloof hadt als een mostaardzaad, gij zoudt tegen dezen moerbezienboom zeggen: Word ontworteld, en in de zee geplant, en hij zou u gehoorzaam zijn.”

De apostelen waren zo getroffen door de strengheid van dit gebod dat zij om meer geloof vroegen, opdat zij het zouden kunnen gehoorzamen. En lieve vrienden, dat is altijd het beste wat u doen kunt.

Weiger niet het voorschrift van de HEERE te gehoorzamen, maar zeg: Heere, vermeerder mijn geloof, opdat ik het gehoorzamen kan. Het kán gedaan worden, anders zou U mij het gebod niet gegeven hebben. Zoals ik ben kan ik het niet doen zonder een vermeerdering van kracht; en omdat het geloof het middel is waardoor kracht ontvangen wordt: Heere, vermeerder mijn geloof.

Christus bedoelt dat alles voor ons geloof mogelijk zou moeten zijn — maar wij hebben er veel meer van nodig dan de meesten van ons hebben.

Denk aan wat de heilige Bernard zegt: hebt u een harde taak, vraag God dan om een hard besluit. De diamant is moeilijk te snijden, maar hij kán gesneden worden als u iets vindt dat harder is. Wordt ons dus een heel moeilijke taak opgelegd, dan zal zij volbracht worden als wij een geloof krijgen dat meer dan tegen die taak opgewassen is. “Bij God zijn alle dingen mogelijk” — en dat betekent niet alleen dat God alle dingen doen kan, maar ook dat wíj alle dingen kunnen doen wanneer God met ons is.

Lukas 17:7-8.KruisverwijzingenLukas 12:37Genesis 43:162 Samuël 12:20
— En wie van u heeft een dienstknecht ploegende, of de beesten hoedende, die tot hem, als hij van den akker inkomt, terstond zal zeggen: Kom bij, en zit aan? Maar zal hij niet tot hem zeggen: Bereid, dat ik te avond zal eten, en omgord u, en dien mij, totdat ik zal gegeten en gedronken hebben; en eet en drink gij daarna?
“En wie van u heeft een dienstknecht ploegende, of de beesten hoedende, die tot hem, als hij van den akker inkomt, terstond zal zeggen: Kom bij, en zit aan? Maar zal hij niet tot hem zeggen: Bereid, dat ik te avond zal eten, en omgord u, en dien mij, totdat ik zal gegeten en gedronken hebben; en eet en drink gij daarna?”

Deze wereld is de plaats van de dienst; wij moeten hier geen feestmaal verwachten. De grote maaltijd komt aan het einde van de dag. Dit is de tijd om te dienen, zoals Jezus deed toen Hij hier was. En wij moeten doordienen tot het einde van de dag, zoals Hij dat deed.

Lukas 17:9-10.KruisverwijzingenMattheüs 25:30Job 35:61 Korinthe 9:16Jesaja 6:5Romeinen 3:12Romeinen 11:351 Petrus 5:5Psalmen 16:2
— Dankt hij ook denzelven dienstknecht omdat hij gedaan heeft, hetgeen hem bevolen was? Ik meen, neen. Alzo ook gij, wanneer gij zult gedaan hebben al hetgeen u bevolen is, zo zegt: Wij zijn onnutte dienstknechten; want wij hebben maar gedaan, hetgeen wij schuldig waren te doen.
“Dankt hij ook denzelven dienstknecht omdat hij gedaan heeft, hetgeen hem bevolen was? Ik meen, neen. Alzo ook gij, wanneer gij zult gedaan hebben al hetgeen u bevolen is, zo zegt: Wij zijn onnutte dienstknechten; want wij hebben maar gedaan, hetgeen wij schuldig waren te doen.”

Heeft de knecht zijn dagwerk gedaan, dan zegt zijn heer niet: ik ben je heel dankbaar voor wat je voor mij gedaan hebt. Hij krijgt zijn loon, en dat lóón is de dank van zijn heer.

Wanneer u alles gedaan zult hebben wat u geboden is — maar zover zijn wij nog lang niet gekomen. En zelfs als wij het waren, dan zouden wij nog altijd onnutte dienstknechten zijn. Wij zouden in ons hart geen dank van onze Meester verwachten, maar wij zouden bedroefd zijn dat wij Hem niet beter gediend hadden.

Lukas 17:11-12.KruisverwijzingenLukas 9:51Leviticus 13:45Johannes 4:3Lukas 5:122 Kronieken 26:202 Koningen 7:3Lukas 18:132 Koningen 5:27
— En het geschiedde, als Hij naar Jeruzalem reisde, dat Hij door het midden van Samaria en Galilea ging. En als Hij in een zeker vlek kwam, ontmoetten Hem tien melaatse mannen, welke stonden van verre;
“En het geschiedde, als Hij naar Jeruzalem reisde, dat Hij door het midden van Samaria en Galilea ging. En als Hij in een zeker vlek kwam, ontmoetten Hem tien melaatse mannen, welke stonden van verre;”

Er is er één aan Wie wij vanavond denken zullen: onze goddelijke Heere, Die op weg was naar Jeruzalem. Hij trok langs de grens van Samaria en Galilea, met de Joden aan de ene kant en de Samaritanen aan de andere. Hij nam de middenweg. Het was alsof Hij daarmee tonen wilde hoe Hij naar het nieuwe Jeruzalem opging. Hij was beladen met zegeningen: voor de Joden aan de ene kant, voor de heidenen aan de andere.

Wat een overvloed van menselijke ellende viel het oog van de Zaligmaker in het oog: tien mannen die melaats waren!

De melaatsheid kwam in Palestina in de dagen van Christus heel veel voor. Wat mogen wij dankbaar zijn dat zij in ons land vrijwel geheel uitgestorven is! Er was hier vroeger in bijna elke stad een gasthuis voor melaatsen, zo gewoon was die ziekte.

Zij stonden van verre, en dat was ook het meest gepast, opdat zij de besmetting niet aan anderen zouden overdragen. Zij moesten roepen en de mensen waarschuwen niet te dichtbij te komen; met bedekte lip riepen zij: onrein, onrein. Kon men het woord niet verstaan, dan hielp de gedempte klank die zij maakten de voorbijgangers toch om een ruime boog om hen heen te maken.

Ik las gisteren nog wat er vele jaren geleden in Westminster gebeurde. Wanneer de koning over de weg ging, stonden er aan weerskanten drommen arme melaatsen — een schokkend gezicht in ons dierbare land. En de koning vaardigde in zijn tedere barmhartigheid eenvoudig een wet uit dat de melaatsen niet meer bij de weg mochten komen om zijne majesteit met hun ellende te bezwaren. Meer had hij niet voor hen over. Maar onze heerlijke Koning behandelde melaatsen heel anders.

Lukas 17:13-14.KruisverwijzingenLukas 5:14Mattheüs 3:15Mattheüs 15:22Lukas 18:38Mattheüs 9:27Mattheüs 20:30Markus 9:22Johannes 11:10
— En zij verhieven hun stem, zeggende: Jezus, Meester! ontferm U onzer! En als Hij hen zag, zeide Hij tot hen: Gaat heen en vertoont uzelven den priesters. En het geschiedde, terwijl zij heengingen, dat zij gereinigd werden.
“En zij verhieven hun stem, zeggende: Jezus, Meester! ontferm U onzer! En als Hij hen zag, zeide Hij tot hen: Gaat heen en vertoont uzelven den priesters. En het geschiedde, terwijl zij heengingen, dat zij gereinigd werden.”

Veel stem zullen zij niet gehad hebben, want de melaatsheid droogt de keel uit, en dan is de stem laag en schor. Wanneer melaatsen roepen: onrein, onrein, is dat een vreselijk droevig geluid, maar heel zwak. Deze tien melaatsen verhieven hun arme stemmen, en alle tien moesten zij hun stem verheffen voordat zij goed gehoord konden worden.

Niemand kon rein verklaard worden, ook al was hij genezen, voordat hij de plechtigheid ondergaan had die de wet van Mozes voorschreef. Deze melaatsen moesten naar de priesters gaan zoals zij waren, en hun gaan was dus een daad van geloof.

Lukas 17:15-16.KruisverwijzingenLukas 17:17Mattheüs 10:5Jesaja 38:19Psalmen 118:18Johannes 5:14Psalmen 103:1Johannes 9:38Psalmen 107:20
— En een van hen, ziende, dat hij genezen was, keerde wederom, met grote stemme God verheerlijkende. En hij viel op het aangezicht voor Zijn voeten, Hem dankende; en dezelve was een Samaritaan;
“En een van hen, ziende, dat hij genezen was, keerde wederom, met grote stemme God verheerlijkende. En hij viel op het aangezicht voor Zijn voeten, Hem dankende; en dezelve was een Samaritaan;”

Zij zagen allen dat zij genezen waren, en zij moeten zich allen uitermate verblijd hebben. Och, het geluk om het hete bloed te voelen bekoelen, en om volle gezondheid de plaats te zien innemen van matheid en ziekte!

Dat hij zijn stem terug had, was een zeker teken dat hij genezen was. De ziekte was zo volkomen geweken, dat het geluid dat zich in zijn schorre keel scheen te verbergen er nu helder en luid uitkwam, als de slag van een klok.

Hij was een van die verstotelingen en verworpenen die de Joden niet erkennen wilden. Van zulke mannen zeiden zij dat zij van gemengde afkomst waren: half Israeliet en half afgodendienaar. O genade, het is uw gewoonte om juist in de onwaarschijnlijkste harten binnen te komen!

Toen ik deze woorden zojuist las, dacht ik: dáár zou ik willen zijn, en dát zou ik heel mijn leven willen doen — neervallen aan Zijn voeten en Hem dankzeggen.

Ach, negen uit het zaad van Israel waren ondankbaar, en maar één arme verworpen heiden was de HEERE dankbaar voor het wonder van genezing dat gewrocht was.

Lukas 17:17-19.KruisverwijzingenMattheüs 9:22Genesis 3:9Psalmen 106:13Johannes 8:7Romeinen 1:21Mattheüs 15:24Mattheüs 8:12Psalmen 29:1
— En Jezus, antwoordende, zeide: Zijn niet de tien gereinigd geworden, en waar zijn de negen? En zijn er geen gevonden, die wederkeren, om Gode eer te geven, dan deze vreemdeling? En Hij zeide tot hem: Sta op, en ga heen; uw geloof heeft u behouden.
“En Jezus, antwoordende, zeide: Zijn niet de tien gereinigd geworden, en waar zijn de negen? En zijn er geen gevonden, die wederkeren, om Gode eer te geven, dan deze vreemdeling? En Hij zeide tot hem: Sta op, en ga heen; uw geloof heeft u behouden.”

Moge de Heere Jezus vanavond zo spreken tot menig arm, melaats zondaar hier: sta op en ga heen; uw geloof heeft u behouden.

Lukas 17:26-32.KruisverwijzingenGenesis 19:262 Petrus 2:6Openbaring 1:71 Petrus 1:131 Korinthe 1:7Mattheüs 24:32 Thessalonicenzen 1:7Mattheüs 24:37
— En gelijk het geschied is in de dagen van Noach, alzo zal het ook zijn in de dagen van den Zoon des mensen. Zij aten, zij dronken, zij namen ten huwelijk, zij werden ten huwelijk gegeven, tot den dag, op welken Noach in de ark ging, en de zondvloed kwam, en verdierf ze allen. Desgelijks ook, gelijk het geschiedde in de dagen van Lot; zij aten, zij dronken, zij kochten, zij verkochten, zij plantten, zij bouwden; Maar op den dag, op welken Lot van Sodom uitging, regende het vuur en sulfer van den hemel, en verdierf ze allen. Even alzo zal het zijn in den dag, op welken de Zoon des mensen geopenbaard zal worden. In dienzelven dag, wie op het dak zal zijn, en zijn huisraad in huis, die kome niet af, om hetzelve weg te nemen; en wie op den akker zijn zal, die kere desgelijks niet naar hetgeen, dat achter is. Gedenkt aan de vrouw van Lot.
“En gelijk het geschied is in de dagen van Noach, alzo zal het ook zijn in de dagen van den Zoon des mensen. Zij aten, zij dronken, zij namen ten huwelijk, zij werden ten huwelijk gegeven, tot den dag, op welken Noach in de ark ging, en de zondvloed kwam, en verdierf ze allen. Desgelijks ook, gelijk het geschiedde in de dagen van Lot; zij aten, zij dronken, zij kochten, zij verkochten, zij plantten, zij bouwden; Maar op den dag, op welken Lot van Sodom uitging, regende het vuur en sulfer van den hemel, en verdierf ze allen. Even alzo zal het zijn in den dag, op welken de Zoon des mensen geopenbaard zal worden. In dienzelven dag, wie op het dak zal zijn, en zijn huisraad in huis, die kome niet af, om hetzelve weg te nemen; en wie op den akker zijn zal, die kere desgelijks niet naar hetgeen, dat achter is. Gedenkt aan de vrouw van Lot.”

Onze Heere heeft met opzet veel over Zijn komst onbepaald gelaten. Maar Hij gaf Zijn discipelen twee voorbeelden uit de vroege geschiedenis van de wereld, die tonen in wat voor toestand velen bij Zijn verschijning gevonden zullen worden.

Gedenk de vrouw van Lot.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content