Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Kolossenzen 2

1 Want ik wil, dat gij weet, hoe groten strijd ik voor u heb, en voor degenen, die te Laodicea zijn, en zo velen als er mijn aangezicht in het vlees niet hebben gezien;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 WantG1063 ik wilG2309, dat gijG4771 weetG1492, hoeG2245 groten strijdG73 ik voor uG4771 hebG2192, enG2532 voor degenen, die te LaodiceaG2993 zijn, enG2532 zo velenG3745 als er mijn aangezichtG4383 inG1722 het vleesG4561 nietG3756 hebben gezien; Want ik wil, dat gij weet, hoe groten strijd ik voor u heb, en voor degenen, die te Laodicea zijn, en zo velen als er mijn aangezicht in het vlees niet hebben gezien;

KJV For2 I would1 that ye knew4 what great5 conflict6 I have7 for8 you, and10 for them at12 Laodicea,13 and14 for as many as15 have17 not16 seen my face19 in21 the flesh;

1 θελω G2309 wil, wilt, willen desire, be disposed (forward), intend, list, love, mean, please, have rather, (be) will (have, -ling, - ling(-ly)) 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 4 ειδεναι G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot 5 ηλικον G2245 hoe how (what) great 6 αγωνα G73 strijd, loopbaan, strijds conflict, contention, fight, race 7 εχω G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 8 περι G4012 van, over, aangaande (there-)about, above, against, at, on behalf of, X and his company, which concern, (as) concerning, for, X how it will go with, ((there-, where-)) of, on, over, pertaining (to), for sake, X (e-)state, (as) touching, (where-)by (in), with 9 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 13 λαοδικεια G2993 Laodicea Laodicea 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 οσοι G3745 zoveel als, allen die all (that), as (long, many, much) (as), how great (many, much), (in-)asmuch as, so many as, that (ever), the more, those things, what (great, -soever), wheresoever, wherewithsoever, which, X while, who(-soever) 16 ουχ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 17 εωρακασιν G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 18 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 προσωπον G4383 aangezicht, aangezichten, aangezichts (outward) appearance, X before, countenance, face, fashion, (men's) person, presence 20 μου G1473 mij, ik I, me 21 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 22 σαρκι G4561 vlees, vleses, lichaams carnal(-ly, + -ly minded), flesh(-ly)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 Opdat hun harten vertroost mogen worden, en zij samengevoegd zijn in de liefde, en dat tot allen rijkdom der volle verzekerdheid des verstands, tot kennis der verborgenheid van God en den Vader, en van Christus;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 OpdatG2443 hun hartenG2588 vertroostG3870 mogen worden, en zij samengevoegdG4822 zijn in de liefdeG26, enG2532 dat totG1519 allenG3956 rijkdomG4149 der volle verzekerdheidG4136 des verstandsG4907, totG1519 kennisG1922 der verborgenheidG3466 van GodG2316 enG2532 den VaderG3962, enG2532 van ChristusG5547; Opdat hun harten vertroost mogen worden, en zij samengevoegd zijn in de liefde, en dat tot allen rijkdom der volle verzekerdheid des verstands, tot kennis der verborgenheid van God en den Vader, en van Christus;

KJV That1 their5 hearts4 might be comforted,2 being knit together6 in7 love,8 and9 unto10 all11 riches12 of the full assurance14 of understanding,16 to17 the acknowledgement18 of the mystery20 of God,22 and23 of the Father,24 and25 of Christ;

1 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 2 παρακληθωσιν G3870 baden, bid, vertroost beseech, call for, (be of good) comfort, desire, (give) exhort(-ation), intreat, pray 3 αι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 καρδιαι G2588 hart, harten, harte (+ broken-)heart(-ed) 5 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 συμβιβασθεντων G4822 samengevoegd, besluitende, bewijzende compact, assuredly gather, intrust, knit together, prove 7 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 8 αγαπη G26 liefde, liefdemaaltijden, liefhebben (feast of) charity(-ably), dear, love 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 11 παντα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 12 πλουτον G4149 rijkdom, rijkdoms riches 13 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 πληροφοριας G4136 volle verzekerdheid, verzekerdheid (full) assurance 15 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 συνεσεως G4907 verstand, verstands, wetenschap knowledge, understanding 17 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 18 επιγνωσιν G1922 kennis, erkentenis, bekendmaking (ac-)knowledge(-ing, - ment) 19 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 μυστηριου G3466 verborgenheid, verborgenheden, Verborgenheid mystery 21 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 23 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 24 πατρος G3962 Vader, vader, vaders father, parent 25 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 26 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 27 χριστου G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 In Denwelken al de schatten der wijsheid en der kennis verborgen zijn.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 InG1722 Denwelken alG3956 de schattenG2344 der wijsheidG4678 enG2532 der kennisG1108 verborgenG614 zijnG1510. In Denwelken al de schatten der wijsheid en der kennis verborgen zijn.

KJV In1 whom2 are hid12 all4 the treasures6 of wisdom8 and9 knowledge.

1 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 2 ω G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 3 εισιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 4 παντες G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 5 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 θησαυροι G2344 schat, schatten treasure 7 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 σοφιας G4678 wijsheid, Wijsheid wisdom 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 γνωσεως G1108 kennis, wetenschap, verstand knowledge, science 12 αποκρυφοι G614 verborgen, heimelijk hid, kept secret
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 En dit zeg ik, opdat niet iemand u misleide met beweegredenen, die een schijn hebben.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 EnG1161 ditG3778 zegG3004 ik, opdatG2443 nietG3361 iemandG5100 uG4771 misleideG3884 metG1722 beweegredenenG4086, die een schijn hebben. En dit zeg ik, opdat niet iemand u misleide met beweegredenen, die een schijn hebben.

KJV And2 this I say,3 lest any man6 should beguile8 you with9 enticing words.

1 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 4 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 5 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 6 τις G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 7 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 8 παραλογιζηται G3884 misleide, valse overlegging bedriegende beguile, deceive 9 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 10 πιθανολογια G4086 beweegredenen enticing words
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Want hoewel ik met het vlees van u ben, nochtans ben ik met den geest bij u, mij verblijdende en ziende uw ordening, en de vastigheid van uw geloof in Christus.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 WantG1063 hoewelG1499 ik met het vleesG4561 van uG4771 ben, nochtans ben ik met den geestG4151 bij uG4771, mij verblijdendeG5463 enG2532 ziendeG991 uw ordeningG5010, enG2532 de vastigheidG4733 van uw geloofG4102 inG1519 ChristusG5547. Want hoewel ik met het vlees van u ben, nochtans ben ik met den geest bij u, mij verblijdende en ziende uw ordening, en de vastigheid van uw geloof in Christus.

KJV For2 though I be absent6 in the flesh,5 yet7 am I12 with10 you in the spirit,9 joying13 and3 beholding15 your order,18 and14 the stedfastness21 of your faith25 in23 Christ.

1 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 σαρκι G4561 vlees, vleses, lichaams carnal(-ly, + -ly minded), flesh(-ly) 6 απειμι G548 afwezend, afwezende, afwezig be absent 7 αλλα G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 8 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 πνευματι G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 10 συν G4862 met, samen met beside, with 11 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 12 ειμι G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 13 χαιρων G5463 verblijd, verblijden, verblijdt farewell, be glad, God speed, greeting, hall, joy(- fully), rejoice 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 βλεπων G991 zien, zie, ziende behold, beware, lie, look (on, to), perceive, regard, see, sight, take heed 16 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 17 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 ταξιν G5010 ordening, beurt, orde order 19 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 20 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 στερεωμα G4733 vastigheid stedfastness 22 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 23 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 24 χριστον G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ 25 πιστεως G4102 geloof, geloofs, gelove assurance, belief, believe, faith, fidelity 26 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 Gelijk gij dan Christus Jezus, den Heere, hebt aangenomen, wandelt alzo in Hem;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 GelijkG5613 gij danG3767 ChristusG5547 JezusG2424, den HeereG2962, hebt aangenomenG3880, wandeltG4043 alzo inG1722 HemG846; Gelijk gij dan Christus Jezus, den Heere, hebt aangenomen, wandelt alzo in Hem;

KJV As1 ye have3 therefore2 received Christ5 Jesus6 the Lord,8 so walk ye11 in9 him:

1 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 παρελαβετε G3880 nam, aangenomen, ontvangen receive, take (unto, with) 4 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 χριστον G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ 6 ιησουν G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 7 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 κυριον G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 9 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 10 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 11 περιπατειτε G4043 wandelen, wandelt, wandelende go, be occupied with, walk (about)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Geworteld en opgebouwd in Hem, en bevestigd in het geloof, gelijkerwijs gij geleerd zijt, overvloedig zijnde in hetzelve, met dankzegging.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 GeworteldG4492 enG2532 opgebouwdG2026 inG1722 HemG846, enG2532 bevestigdG950 inG1722 het geloofG4102, gelijkerwijsG2531 gij geleerdG1321 zijt, overvloedigG4052 zijnde inG1722 hetzelveG846, metG1722 dankzeggingG2169. Geworteld en opgebouwd in Hem, en bevestigd in het geloof, gelijkerwijs gij geleerd zijt, overvloedig zijnde in hetzelve, met dankzegging.

KJV Rooted1 and2 built up3 in4 him,5 and6 stablished7 in8 the faith,10 as11 ye have been taught,12 abounding13 therein14 with16 thanksgiving.

1 ερριζωμενοι G4492 Geworteld, geworteld root 2 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 3 εποικοδομουμενοι G2026 bouwt, Gebouwd, bouwe build thereon (thereupon, on, upon) 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 βεβαιουμενοι G950 bevestigd, bevestigen, bevestigde confirm, (e-)stablish 8 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 9 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 πιστει G4102 geloof, geloofs, gelove assurance, belief, believe, faith, fidelity 11 καθως G2531 gelijk, zoals according to, (according, even) as, how, when 12 εδιδαχθητε G1321 lerende, leerde, leren teach 13 περισσευοντες G4052 overvloedig, overvloed, overgeschoten (make, more) abound, (have, have more) abundance (be more) abundant, be the better, enough and to spare, exceed, excel, increase, be left, redound, remain (over and above) 14 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 15 αυτη G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 16 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 17 ευχαριστια G2169 dankzegging, dankzeggingen, dankbaarheid thankfulness, (giving of) thanks(-giving)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 Ziet toe, dat niemand u als een roof vervoere door de filosofie, en ijdele verleiding, naar de overlevering der mensen, naar de eerste beginselen der wereld, en niet naar Christus;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 Ziet toe, dat niemandG3361 uG4771 als een roof vervoereG2071 door de filosofieG5385, enG2532 ijdeleG2756 verleidingG539, naarG2596 de overleveringG3862 der mensenG444, naarG2596 de eerste beginselenG4747 der wereldG2889, enG2532 nietG3756 naarG2596 ChristusG5547; Ziet toe, dat niemand u als een roof vervoere door de filosofie, en ijdele verleiding, naar de overlevering der mensen, naar de eerste beginselen der wereld, en niet naar Christus;

KJV Beware1 lest2 any man3 spoil7 you through8 philosophy10 and11 vain12 deceit,13 after14 the tradition16 of men,18 after19 the rudiments21 of the world,23 and24 not25 after26 Christ.

1 βλεπετε G991 zien, zie, ziende behold, beware, lie, look (on, to), perceive, regard, see, sight, take heed 2 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 3 τις G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 4 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 5 εσται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 6 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 συλαγωγων G4812 spoil 8 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 9 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 φιλοσοφιας G5385 filosofie philosophy 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 κενης G2756 ijdel, ledig, ijdele empty, (in) vain 13 απατης G539 verleiding, bedriegerijen deceit(-ful, -fulness), deceivableness(-ving) 14 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 15 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 παραδοσιν G3862 inzetting, inzettingen, overlevering ordinance, tradition 17 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 ανθρωπων G444 mensen, mens, Mens certain, man 19 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 20 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 στοιχεια G4747 eerste beginselen, beginselen, elementen element, principle, rudiment 22 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 23 κοσμου G2889 wereld, versiersel adorning, world 24 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 25 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 26 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 27 χριστον G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Want in Hem woont al de volheid der Godheid lichamelijk;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 WantG3754 inG1722 HemG846 woontG2730 alG3956 de volheidG4138 der GodheidG2320 lichamelijkG4985; Want in Hem woont al de volheid der Godheid lichamelijk;

KJV For1 in2 him3 dwelleth4 all5 the fulness7 of the Godhead9 bodily.

1 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 2 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 3 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 κατοικει G2730 wonen, woont, woonden dwell(-er), inhabitant(-ter) 5 παν G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 6 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 πληρωμα G4138 volheid, vervulling, aangenaaide lap which is put in to fill up, piece that filled up, fulfilling, full, fulness 8 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 θεοτητος G2320 Godheid godhead 10 σωματικως G4985 lichamelijk bodily
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 En gij zijt in Hem volmaakt, Die het Hoofd is van alle overheid en macht;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 En gij zijt inG1722 HemG846 volmaaktG4137, DieG3739 het HoofdG2776 is van alleG3956 overheidG746 enG2532 machtG1849; En gij zijt in Hem volmaakt, Die het Hoofd is van alle overheid en macht;

KJV And1 ye are complete5 in3 him,4 which6 is the head9 of all10 principality11 and12 power:

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εστε G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 3 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 4 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 πεπληρωμενοι G4137 vervuld, vervullen, vervult accomplish, X after, (be) complete, end, expire, fill (up), fulfil, (be, make) full (come), fully preach, perfect, supply 6 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 7 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 8 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 κεφαλη G2776 hoofd, hoofden, Hoofd head 10 πασης G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 11 αρχης G746 beginne, begin, overheden beginning, corner, (at the, the) first (estate), magistrate, power, principality, principle, rule 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 εξουσιας G1849 macht, machten, gebied authority, jurisdiction, liberty, power, right, strength
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 In Welken gij ook besneden zijt met een besnijdenis, die zonder handen geschiedt, in de uittrekking van het lichaam der zonden des vleses, door de besnijdenis van Christus;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 In Welken gij ookG2532 besnedenG4059 zijt met een besnijdenisG4061, die zonder handen geschiedtG886, inG1722 de uittrekkingG555 van het lichaamG4983 der zondenG266 des vlesesG4561, doorG1722 de besnijdenisG4061 van ChristusG5547; In Welken gij ook besneden zijt met een besnijdenis, die zonder handen geschiedt, in de uittrekking van het lichaam der zonden des vleses, door de besnijdenis van Christus;

KJV In1 whom2 also3 ye are circumcised4 with the circumcision5 made without hands,6 in7 putting off9 the body11 of the sins13 of the flesh15 by16 the circumcision18 of Christ:

1 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 2 ω G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 περιετμηθητε G4059 besnijden, besneden, besneed circumcise 5 περιτομη G4061 besnijdenis, Besneden, besnijding X circumcised, circumcision 6 αχειροποιητω G886 handen, handen geschiedt made without (not made with) hands 7 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 8 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 απεκδυσει G555 uittrekking putting off 10 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 σωματος G4983 lichaam, lichaams, lichamen bodily, body, slave 12 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 αμαρτιων G266 zonde, zonden, zondigen offence, sin(-ful) 14 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 σαρκος G4561 vlees, vleses, lichaams carnal(-ly, + -ly minded), flesh(-ly) 16 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 17 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 περιτομη G4061 besnijdenis, Besneden, besnijding X circumcised, circumcision 19 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 χριστου G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 Zijnde met Hem begraven in den doop, in welken gij ook met Hem opgewekt zijt door het geloof der werking Gods, Die Hem uit de doden opgewekt heeft.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 Zijnde met HemG846 begravenG4916 inG1722 den doopG908, inG1722 welkenG3739 gij ookG2532 met Hem opgewekt zijt door het geloofG4102 der werkingG1753 GodsG2316, Die HemG846 uitG1537 de dodenG3498 opgewekt heeft. Zijnde met Hem begraven in den doop, in welken gij ook met Hem opgewekt zijt door het geloof der werking Gods, Die Hem uit de doden opgewekt heeft.

Ook in dit vers opgewektG1453 opgewektG4891

KJV Buried with1 him2 in3 baptism,5 wherein6 also8 ye are risen with9 him through10 the faith12 of the operation14 of God,16 who4 hath raised18 him19 from20 the dead.

1 συνταφεντες G4916 begraven bury with 2 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 3 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 4 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 βαπτισματι G908 doop baptism 6 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 7 ω G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 συνηγερθητε G4891 opgewekt, mede opgewekt raise up together, rise with 10 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 11 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 πιστεως G4102 geloof, geloofs, gelove assurance, belief, believe, faith, fidelity 13 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 ενεργειας G1753 werking, kracht operation, strong, (effectual) working 15 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 17 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 εγειραντος G1453 opgewekt, opgestaan, Sta awake, lift (up), raise (again, up), rear up, (a-)rise (again, up), stand, take up 19 αυτον G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 20 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 21 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 νεκρων G3498 doden, dood, dode dead
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 En Hij heeft u, als gij dood waart in de misdaden, en in de voorhuid uws vleses, mede levend gemaakt met Hem, al uw misdaden u vergevende;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 En Hij heeft u, als gij doodG3498 waartG5607 inG1722 de misdadenG3900, enG2532 in de voorhuidG203 uws vlesesG4561, mede levendG4806 gemaakt met HemG846, alG3956 uw misdadenG3900 uG4771 vergevendeG5483; En Hij heeft u, als gij dood waart in de misdaden, en in de voorhuid uws vleses, mede levend gemaakt met Hem, al uw misdaden u vergevende;

KJV And1 you, being dead3 in5 your sins7 and8 the uncircumcision10 of your flesh,12 hath he quickened together18 with19 him,20 having forgiven21 you all27 trespasses;

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 3 νεκρους G3498 doden, dood, dode dead 4 οντας G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 5 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 6 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 παραπτωμασιν G3900 misdaden, misdaad, val fall, fault, offence, sin, trespass 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 ακροβυστια G203 voorhuid not circumcised, uncircumcised (with G2192 (ἔχω)), uncircumcision 11 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 σαρκος G4561 vlees, vleses, lichaams carnal(-ly, + -ly minded), flesh(-ly) 13 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 15 συνεζωποιησεν 17 συνεζωοποιησεν 19 συν G4862 met, samen met beside, with 20 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 21 χαρισαμενος G5483 vergeven, geschonken, vergevende deliver, (frankly) forgive, (freely) give, grant 23 ημιν G1473 mij, ik I, me 25 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 27 παντα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 28 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 29 παραπτωματα G3900 misdaden, misdaad, val fall, fault, offence, sin, trespass

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Uitgewist hebbende het handschrift, dat tegen ons was, in inzettingen bestaande, hetwelk, zeg ik, enigerwijze ons tegen was, en heeft datzelve uit het midden weggenomen, hetzelve aan het kruis genageld hebbende;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 UitgewistG1813 hebbende het handschriftG5498, dat tegenG2596 ons was, in inzettingenG1378 bestaande, hetwelkG3739, zeg ikG1473, enigerwijzeG2254 ons tegen was, enG2532 heeft datzelve uitG1537 het middenG3319 weggenomenG142, hetzelveG846 aan het kruisG4716 genageldG4338 hebbende; Uitgewist hebbende het handschrift, dat tegen ons was, in inzettingen bestaande, hetwelk, zeg ik, enigerwijze ons tegen was, en heeft datzelve uit het midden weggenomen, hetzelve aan het kruis genageld hebbende;

KJV Blotting out1 the handwriting5 of ordinances7 that was against3 us, which8 was contrary10 to us, and12 took14 it13 out of15 the way,17 nailing18 it19 to his cross;

1 εξαλειψας G1813 afwissen, Uitgewist, uitdoen blot out, wipe away 2 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 καθ G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 4 ημων G1473 mij, ik I, me 5 χειρογραφον G5498 handschrift handwriting 6 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 δογμασιν G1378 inzettingen, gebod, geboden decree, ordinance 8 ο G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 9 ην G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 10 υπεναντιον G5227 tegenstanders adversary, against 11 ημιν G1473 mij, ik I, me 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 αυτο G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 ηρκεν G142 weggenomen, namen, neem away with, bear (up), carry, lift up, loose, make to doubt, put away, remove, take (away, up) 15 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 16 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 μεσου G3319 midden, middernacht among, X before them, between, + forth, mid(-day, -night), midst, way 18 προσηλωσας G4338 genageld nail to 19 αυτο G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 20 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 σταυρω G4716 kruis, kruises cross

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 En de overheden en de machten uitgetogen hebbende, heeft Hij die in het openbaar tentoongesteld, en heeft door hetzelve over hen getriomfeerd.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 En de overhedenG746 enG2532 de machtenG1849 uitgetogenG554 hebbende, heeft Hij die in het openbaarG3954 tentoongesteldG1165, en heeft door hetzelve over hen getriomfeerdG2358. En de overheden en de machten uitgetogen hebbende, heeft Hij die in het openbaar tentoongesteld, en heeft door hetzelve over hen getriomfeerd.

KJV And having spoiled1 principalities3 and4 powers,6 he made a shew of them7 openly,8 triumphing over10 them11 in12 it.

1 απεκδυσαμενος G554 uitgedaan, uitgetogen put off, spoil 2 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 αρχας G746 beginne, begin, overheden beginning, corner, (at the, the) first (estate), magistrate, power, principality, principle, rule 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 εξουσιας G1849 macht, machten, gebied authority, jurisdiction, liberty, power, right, strength 7 εδειγματισεν G1165 tentoongesteld make a shew 8 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 9 παρρησια G3954 vrijmoedigheid, vrijuit, vrijmoedigheid bold (X -ly, -ness, -ness of speech), confidence, X freely, X openly, X plainly(-ness) 10 θριαμβευσας G2358 getriomfeerd, triomferen (cause) to triumph (over) 11 αυτους G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 12 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 13 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 Dat u dan niemand oordele in spijs of in drank, of in het stuk des feest dags, of der nieuwe maan, of der sabbatten;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 Dat uG4771 danG3767 niemandG3361 oordeleG2919 inG1722 spijsG1035 ofG2228 inG1722 drankG4213, of inG1722 het stukG3313 des feestG1859 dags, of der nieuwe maanG3561, of der sabbattenG4521; Dat u dan niemand oordele in spijs of in drank, of in het stuk des feest dags, of der nieuwe maan, of der sabbatten;

KJV Let5 no1 man3 therefore2 judge you in6 meat,7 or8 in9 drink,10 or11 in12 respect13 of an holyday,14 or15 of the new moon,16 or17 of the sabbath

1 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 τις G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 4 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 5 κρινετω G2919 oordeelt, geoordeeld, oordelen avenge, conclude, condemn, damn, decree, determine, esteem, judge, go to (sue at the) law, ordain, call in question, sentence to, think 6 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 7 βρωσει G1035 spijs, roest, spijze eating, food, meat 8 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 9 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 10 ποσει G4213 drank, Drank drink 11 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 12 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 13 μερει G3313 deel, dele, delen behalf, course, coast, craft, particular (+ -ly), part (+ -ly), piece, portion, respect, side, some sort(-what) 14 εορτης G1859 feest, feestdag feast, holyday 15 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 16 νουμηνιας G3561 nieuwe maan new moon 17 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 18 σαββατων G4521 sabbat, week, sabbats sabbath (day), week
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 Welke zijn een schaduw der toekomende dingen, maar het lichaam is van Christus.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 WelkeG3739 zijnG1510 een schaduwG4639 der toekomendeG3195 dingen, maarG1161 het lichaamG4983 is van ChristusG5547. Welke zijn een schaduw der toekomende dingen, maar het lichaam is van Christus.

KJV Which1 are a shadow3 of things to come;5 but7 the body8 is of Christ.

1 α G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 2 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 3 σκια G4639 schaduw, schaduwe shadow 4 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 μελλοντων G3195 toekomende, toekomenden, komen about, after that, be (almost), (that which is, things, + which was for) to come, intend, was to (be), mean, mind, be at the point, (be) ready, + return, shall (begin), (which, that) should (after, afterwards, hereafter) tarry, which was for, will, would, be yet 6 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 8 σωμα G4983 lichaam, lichaams, lichamen bodily, body, slave 9 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 χριστου G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 Dat dan niemand u overheerse naar zijn wil in nederigheid en dienst der engelen, intredende in hetgeen hij niet gezien heeft, tevergeefs opgeblazen zijnde door het verstand zijns vleses;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 Dat dan niemandG3367 uG4771 overheerseG2603 naar zijn wilG2309 inG1722 nederigheidG5012 enG2532 dienstG2356 der engelenG32, intredendeG1687 in hetgeenG3739 hijG846 nietG3361 gezienG3708 heeft, tevergeefsG1500 opgeblazenG5448 zijnde door het verstandG3563 zijns vlesesG4561; Dat dan niemand u overheerse naar zijn wil in nederigheid en dienst der engelen, intredende in hetgeen hij niet gezien heeft, tevergeefs opgeblazen zijnde door het verstand zijns vleses;

KJV Let3 no man1 beguile you of your reward in5 a voluntary4 humility6 and7 worshipping8 of angels,10 intruding into14 those things which11 he hath13 not12 seen, vainly15 puffed up16 by17 his22 fleshly21 mind,

1 μηδεις G3367 niemand, niets, ding any (man, thing), no (man), none, not (at all, any man, a whit), nothing, + without delay 2 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 3 καταβραβευετω G2603 overheerse beguile of reward 4 θελων G2309 wil, wilt, willen desire, be disposed (forward), intend, list, love, mean, please, have rather, (be) will (have, -ling, - ling(-ly)) 5 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 6 ταπεινοφροσυνη G5012 ootmoedigheid, nederigheid humbleness of mind, humility (of mind, loneliness (of mind) 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 θρησκεια G2356 godsdienst, dienst religion, worshipping 9 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 αγγελων G32 engel, engelen, engels angel, messenger 11 α G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 12 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 13 εωρακεν G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 14 εμβατευων G1687 intredende intrude into 15 εικη G1500 tevergeefs, onrecht, vergeefs without a cause, (in) vain(-ly) 16 φυσιουμενος G5448 opgeblazen, maakt opgeblazen puff up 17 υπο G5259 van, onder, door among, by, from, in, of, under, with 18 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 νοος G3563 verstand, zin, gemoeds mind, understanding 20 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 σαρκος G4561 vlees, vleses, lichaams carnal(-ly, + -ly minded), flesh(-ly) 22 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
19 En het Hoofd niet behoudende, uit hetwelk het gehele lichaam, door de samenvoegselen en samenbindingen voorzien en samengevoegd zijnde, opwast met goddelijken wasdom.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

19 En het HoofdG2776 nietG3756 behoudendeG2902, uitG1537 hetwelkG3739 het geheleG3956 lichaamG4983, doorG1223 de samenvoegselenG860 enG2532 samenbindingenG4886 voorzienG2023 enG2532 samengevoegdG4822 zijnde, opwastG837 met goddelijkenG2316 wasdomG838. En het Hoofd niet behoudende, uit hetwelk het gehele lichaam, door de samenvoegselen en samenbindingen voorzien en samengevoegd zijnde, opwast met goddelijken wasdom.

KJV And1 not2 holding3 the Head,5 from6 which7 all8 the body10 by11 joints13 and14 bands15 having nourishment ministered,16 and17 knit together,18 increaseth19 with the increase21 of God.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 3 κρατων G2902 grepen, houdt, vangen hold (by, fast), keep, lay hand (hold) on, obtain, retain, take (by) 4 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 κεφαλην G2776 hoofd, hoofden, Hoofd head 6 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 7 ου G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 8 παν G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 9 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 σωμα G4983 lichaam, lichaams, lichamen bodily, body, slave 11 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 12 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 αφων G860 samenvoegselen, voegselen joint 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 συνδεσμων G4886 band, samenbindingen, samenknoping band, bond 16 επιχορηγουμενον G2023 verleent, toegevoegd, voegt add, minister (nourishment, unto) 17 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 18 συμβιβαζομενον G4822 samengevoegd, besluitende, bewijzende compact, assuredly gather, intrust, knit together, prove 19 αυξει G837 wies, wassen, opwassen grow (up), (give the) increase 20 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 αυξησιν G838 wasdom increase 22 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 23 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
20 Indien gij dan met Christus de eerste beginselen der wereld zijt afgestorven, wat wordt gij, gelijk of gij in de wereld leefdet, met inzettingen belast?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

20 Indien gij danG3767 met ChristusG5547 de eerste beginselenG4747 der wereldG2889 zijt afgestorvenG599, watG5101 wordt gij, gelijkG5613 of gij in de wereldG2889 leefdetG2198, met inzettingen belastG1379? Indien gij dan met Christus de eerste beginselen der wereld zijt afgestorven, wat wordt gij, gelijk of gij in de wereld leefdet, met inzettingen belast?

KJV Wherefore2 if1 ye be dead3 with4 Christ6 from7 the rudiments9 of the world,11 why,12 as though13 living14 in15 the world,16 are ye subject to ordinances,

1 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 απεθανετε G599 gestorven, sterven, sterft be dead, death, die, lie a-dying, be slain (X with) 4 συν G4862 met, samen met beside, with 5 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 χριστω G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ 7 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 8 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 στοιχειων G4747 eerste beginselen, beginselen, elementen element, principle, rudiment 10 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 κοσμου G2889 wereld, versiersel adorning, world 12 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 13 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 14 ζωντες G2198 leven, levenden, leeft life(-time), (a-)live(-ly), quick 15 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 16 κοσμω G2889 wereld, versiersel adorning, world 17 δογματιζεσθε G1379 inzettingen belast be subject to ordinances
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
21 Namelijk raak niet, en smaak niet, en roer niet aan.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

21 Namelijk raakG680 nietG3361, en smaakG1089 niet, en roerG2345 niet aan. Namelijk raak niet, en smaak niet, en roer niet aan.

KJV (Touch2 not;1 taste4 not;3 handle6 not;

1 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 2 αψη G680 raakte, aangeraakt, aanraken touch 3 μηδε G3366 en niet, ook niet, noch neither, nor (yet), (no) not (once, so much as) 4 γευση G1089 smaken, gesmaakt, eten eat, taste 5 μηδε G3366 en niet, ook niet, noch neither, nor (yet), (no) not (once, so much as) 6 θιγης G2345 aanraakt, raken, roer handle, touch
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
22 Welke dingen alle verderven door het gebruik, ingevoerd naar de geboden en leringen der mensen;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

22 WelkeG3739 dingen alleG3956 verdervenG2076 doorG2596 het gebruikG671, ingevoerd naarG1519 de gebodenG1778 enG2532 leringenG1319 der mensenG444; Welke dingen alle verderven door het gebruik, ingevoerd naar de geboden en leringen der mensen;

KJV Which1 all3 are to4 perish5 with the using;)7 after8 the commandments10 and11 doctrines12 of men?

1 α G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 2 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 3 παντα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 4 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 5 φθοραν G5356 verderfelijkheid, verderfenis, verdorvenheid corruption, destroy, perish 6 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 αποχρησει G671 gebruik using 8 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 9 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 ενταλματα G1778 geboden commandment 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 διδασκαλιας G1319 leer, leringen, leren doctrine, learning, teaching 13 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 ανθρωπων G444 mensen, mens, Mens certain, man

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
23 Dewelke wel hebben een schijn rede van wijsheid in eigenwilligen gods dienst en nederigheid, en in het lichaam niet te sparen, doch zijn niet in enige waarde, maar tot verzadiging van het vlees.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

23 Dewelke wel hebbenG2192 een schijn redeG3056 van wijsheidG4678 inG1722 eigenwilligen gods dienst enG2532 nederigheidG5012, enG2532 in het lichaamG4983 niet te sparenG857, doch zijnG1510 niet inG1722 enigeG5100 waardeG5092, maar totG4314 verzadigingG4140 van het vleesG4561. Dewelke wel hebben een schijn rede van wijsheid in eigenwilligen gods dienst en nederigheid, en in het lichaam niet te sparen, doch zijn niet in enige waarde, maar tot verzadiging van het vlees.

Ook in dit vers eigenwilligen dienstG1479

KJV Which things1 have5 indeed4 a shew3 of wisdom6 in7 will worship,8 and9 humility,10 and11 neglecting12 of the body;13 not14 in15 any17 honour16 to18 the satisfying19 of the flesh.

1 ατινα G3748 wie ook, die, welke X and (they), (such) as, (they) that, in that they, what(-soever), whereas ye, (they) which, who(-soever) 2 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 3 λογον G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work 4 μεν G3303 wel, enerzijds even, indeed, so, some, truly, verily 5 εχοντα G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 6 σοφιας G4678 wijsheid, Wijsheid wisdom 7 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 8 εθελοθρησκεια G1479 eigenwilligen dienst will worship 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 ταπεινοφροσυνη G5012 ootmoedigheid, nederigheid humbleness of mind, humility (of mind, loneliness (of mind) 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 αφειδια G857 sparen neglecting 13 σωματος G4983 lichaam, lichaams, lichamen bodily, body, slave 14 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 15 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 16 τιμη G5092 eer, prijs, ere honour, precious, price, some 17 τινι G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 18 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 19 πλησμονην G4140 verzadiging satisfying 20 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 σαρκος G4561 vlees, vleses, lichaams carnal(-ly, + -ly minded), flesh(-ly)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Kolossenzen 2:1 Kolossenzen 1:29 Filippenzen 1:30 Kolossenzen 4:12 Openbaring 1:11 Kolossenzen 2:5 Kolossenzen 1:24 Lukas 22:44 1 Thessalonicenzen 2:2
Kolossenzen 2:2 Kolossenzen 4:8 Kolossenzen 3:14 Efeze 6:22 Kolossenzen 1:15 Kolossenzen 1:27 Johannes 17:21 Hebreeën 6:11 Efeze 1:17
Kolossenzen 2:3 1 Korinthe 1:30 1 Korinthe 1:24 Romeinen 11:33 2 Timotheüs 3:15 Spreuken 2:4 Efeze 1:8 1 Korinthe 2:6 Job 28:21
Kolossenzen 2:4 Efeze 5:6 Romeinen 16:18 2 Thessalonicenzen 2:9 2 Johannes 1:7 Mattheüs 24:24 1 Johannes 2:26 2 Timotheüs 2:16 Titus 1:10
Kolossenzen 2:5 1 Petrus 5:9 1 Korinthe 14:40 1 Korinthe 16:13 1 Thessalonicenzen 2:17 2 Petrus 3:17 Psalmen 78:8 1 Korinthe 15:58 1 Thessalonicenzen 3:8
Kolossenzen 2:6 Kolossenzen 1:10 1 Thessalonicenzen 4:1 1 Johannes 2:6 Efeze 5:1 Kolossenzen 3:17 2 Johannes 1:8 2 Korinthe 5:7 1 Johannes 5:11
Kolossenzen 2:7 Efeze 3:17 Efeze 2:20 Kolossenzen 1:23 2 Thessalonicenzen 2:17 Kolossenzen 1:12 Romeinen 11:17 Efeze 5:20 Psalmen 92:13
Kolossenzen 2:8 1 Timotheüs 6:20 Efeze 5:6 Kolossenzen 2:20 Galaten 4:3 Romeinen 1:21 Mattheüs 7:15 1 Korinthe 3:18 Kolossenzen 2:22
Kolossenzen 2:9 Kolossenzen 1:19 Johannes 1:14 Johannes 10:30 1 Timotheüs 3:16 Johannes 10:38 1 Johannes 5:20 Johannes 14:9 Jesaja 7:14
Kolossenzen 2:10 Efeze 1:20 Kolossenzen 1:16 Efeze 3:19 Filippenzen 2:9 1 Petrus 3:22 Johannes 1:16 1 Korinthe 1:30 Galaten 3:26
Kolossenzen 2:11 Romeinen 2:29 Romeinen 6:6 Efeze 4:22 Filippenzen 3:3 Kolossenzen 3:8 Lukas 2:21 Deuteronomium 30:6 Galaten 2:20
Kolossenzen 2:12 Romeinen 6:3 Romeinen 4:24 Efeze 4:5 1 Petrus 3:21 Handelingen 2:24 Efeze 3:17 Galaten 3:27 Efeze 1:19
Kolossenzen 2:13 Efeze 2:1 Jakobus 2:26 1 Johannes 1:7 Lukas 15:32 Jeremia 31:34 Johannes 6:63 Psalmen 119:50 Romeinen 4:17
Kolossenzen 2:14 Hebreeën 7:18 Efeze 2:14 Hebreeën 10:8 1 Petrus 2:24 Jesaja 44:22 Kolossenzen 2:20 Hebreeën 9:9 Hebreeën 8:13
Kolossenzen 2:15 Efeze 4:8 Hebreeën 2:14 Mattheüs 12:29 Jesaja 53:12 Johannes 12:31 Psalmen 68:18 Lukas 10:18 Lukas 11:22
Kolossenzen 2:16 Romeinen 14:5 Galaten 4:10 Romeinen 14:10 Romeinen 14:13 1 Kronieken 23:31 Hebreeën 9:10 Ezechiël 45:17 Romeinen 14:20
Kolossenzen 2:17 Hebreeën 10:1 Hebreeën 8:5 Johannes 1:17 Hebreeën 9:9 Hebreeën 4:1 Mattheüs 11:28
Kolossenzen 2:18 Kolossenzen 2:23 Kolossenzen 2:8 1 Timotheüs 1:7 2 Korinthe 11:3 Deuteronomium 29:29 Openbaring 22:8 Jakobus 4:1 1 Timotheüs 4:1
Kolossenzen 2:19 Efeze 4:15 Job 19:9 Johannes 17:21 Kolossenzen 1:18 Galaten 5:2 Romeinen 12:4 Efeze 5:29 Filippenzen 1:27
Kolossenzen 2:20 Galaten 4:3 Kolossenzen 2:8 Kolossenzen 2:14 Kolossenzen 2:16 Galaten 4:9 Johannes 17:14 1 Johannes 5:19 Hebreeën 13:9
Kolossenzen 2:21 2 Korinthe 6:17 1 Timotheüs 4:3 Jesaja 52:11 Genesis 3:3
Kolossenzen 2:22 Jesaja 29:13 Titus 1:14 1 Korinthe 6:13 Markus 7:7 Mattheüs 15:3 Daniël 11:37 Markus 7:18 Jesaja 29:18
Kolossenzen 2:23 Kolossenzen 2:18 1 Timotheüs 4:8 1 Timotheüs 4:3 Genesis 3:5 Mattheüs 23:27 Efeze 5:29 Kolossenzen 2:8 Kolossenzen 2:22
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Kolossenzen 2 vers 1

ik wil, dat Dit woordje want, ziet op hetgeen in het einde van het voorgaande hoofdstuk van Paulus is gezegd, en wijst daarmede aan, dat hij niet alleen bij degenen, waar hij zelf had gepredikt, met alle kracht had gearbeid, maar ook zorgvuldig was voor degenen, waar hij zelf niet was geweest.

Hertaald: ik wil, dat Het woordje want ziet op wat Paulus aan het einde van het voorgaande hoofdstuk gezegd heeft. Daarmee wijst hij erop dat hij niet alleen met alle kracht gearbeid heeft bij hen onder wie hij zelf gepredikt had, maar dat hij ook zorg had voor hen bij wie hij zelf niet geweest was.

strijd ik voor Namelijk door zorgvuldige gedachten, gebeden, vermaningen aan degenen, die derwaarts reizen en bezendingen, en dat alles niettegenstaande de beletselen, die de Satan mij daartegen voortbrengt; hetwelk hij daarom een strijd noemt.

Hertaald: strijd ik voor Namelijk door zorgvolle gedachten, gebeden en aansporingen aan hen die daarheen reizen, en door boodschappers; en dat alles ondanks de belemmeringen die de satan mij daarbij in de weg legt. Daarom noemt hij het een strijd.

te Laodicéa zijn, Eene stad, niet ver van Colosse gelegen, waar het schijnt dat deze valse leraars dezelfde dwalingen strooiden. Waarom hij dezen brief bij hen ook beveelt te lezen; Kol. 4:16.

Hertaald: te Laodicéa zijn, Een stad niet ver van Kolosse, waar deze valse leraars naar het schijnt dezelfde dwalingen verspreidden. Daarom beveelt hij ook dat deze brief bij hen gelezen wordt; Kol. 4:16.

mijn aangezicht Dat is, mijn lichamelijke tegenwoordigheid niet hebben gehad; gelijk Hand. 20:38.

Hertaald: mijn aangezicht Dat is: mijn lichamelijke aanwezigheid niet gehad hebben; zoals in Hand. 20:38.

Kolossenzen 2 vers 2

Opdat hun harten Deze drie dingen, namelijk vertroosting, liefde en volle verzekering, kunnen òf de vrucht zijn van den strijd van Paulus voor hen, òf de zaak zelve, waaromtrent deze zorgvuldigheid en strijd van Paulus zich bezighield.

Hertaald: Opdat hun harten Deze drie dingen — troost, liefde en volle zekerheid — kunnen óf de vrucht zijn van de strijd van Paulus voor hen, óf de zaak zelf waarmee deze zorg en strijd van Paulus zich bezighield.

vertroost mogen Namelijk verstaande mijne zorg voor hen, en mijne getuigenis van de oprechtheid der leer, die zij door Epafras en anderen hadden ontvangen.

Hertaald: vertroost mogen Namelijk wanneer zij mijn zorg voor hen vernemen en mijn getuigenis over de zuiverheid van de leer die zij door Epafras en anderen ontvangen hadden.

en zij samengevoegd Eene gelijkenis van enig timmerwerk, hetwelk samengevoegd en in elkander gesloten zijnde, te sterker en te vaster is. Nu is er niets, dat de harten meer samenbindt, dan enigheid in het ware geloof, Hand. 4:32, waaruit de rechte liefde ook vloeit.

Hertaald: en zij samengevoegd Dit is een vergelijking met timmerwerk, dat sterker en vaster is wanneer het samengevoegd en in elkaar gesloten is. Nu is er niets dat de harten meer samenbindt dan eenheid in het ware geloof, Hand. 4:32, waaruit ook de ware liefde voortvloeit.

der volle verzekerdheid Namelijk door den Heiligen Geest in ons gewrocht. Want, hoewel het Evangelie zelf ons deze wetenschap des geloofs toebrengt, zo kan nochtans de volle verzekerdheid daarvan in ons hart niet zijn, dan door deze bijzondere verzekering des Geestes. Zie Ef. 1:13.

Hertaald: der volle verzekerdheid Namelijk zekerheid die door de Heilige Geest in ons gewerkt wordt. Want hoewel het Evangelie zelf ons deze kennis van het geloof brengt, kan de volle zekerheid daarvan toch niet in ons hart zijn dan door deze bijzondere verzekering van de Geest. Zie Ef. 1:13.

tot kennis der Dit is een nadere verklaring van de wetenschap des geloofs, waarvan hij tevoren gesproken had. Want hierin bestaat het geheel der leer van de zaligheid, dat wij God den Vader recht kennen en Jezus Christus, dien Hij gezonden heeft; Joh. 17:3.

Hertaald: tot kennis der Dit is een nadere verklaring van de kennis van het geloof waarover hij eerder gesproken had. Want hierin bestaat het geheel van de leer van de zaligheid: dat wij God de Vader goed kennen en Jezus Christus, Die Hij gezonden heeft; Joh. 17:3.

Kolossenzen 2 vers 3

In Denwelken al Namelijk Christus; of, in welker verborgenheid Gods des Vaders en Christus. Want het Griekse woord kan tot beiden gebracht worden, alzo dat de zin is, dat in Christus, of in de leer van God den Vader en van Christus alle schatten der wijsheid en kennis [namelijk tot de zaligheid nodig] verborgen zijn. En dit wordt alzo van den apostel betuigd, om den Colossensen te tonen dat dan nergens elders de zaligheid moet gezocht worden dan in deze leer, die ons tot God door Christus wijst, gelijk 1 Kor. 1:30, en 1 Kor. 2:2, enz. Anderen nemen dit niet voor de zaak die wij ter zaligheid moeten kennen, maar voor de wijsheid die in Christus' persoon zelf is, die alle anderen wijsheid van mensen en engelen tebovengaat; hetwelk wel waar is, dan schijnt op het doel van Paulus zo wel niet te passen, dan door een verder genomen besluit.

Hertaald: In Denwelken al Namelijk in Christus; of: in welke verborgenheid van God de Vader en van Christus. Want het Griekse woord kan op beide betrokken worden, zodat de betekenis is dat in Christus, of in de leer over God de Vader en over Christus, alle schatten van de wijsheid en de kennis — namelijk die tot zaligheid nodig zijn — verborgen zijn. Dit betuigt de apostel om de Kolossenzen te laten zien dat de zaligheid dan nergens anders gezocht moet worden dan in deze leer, die ons door Christus tot God wijst, zoals in 1 Kor. 1:30 en 1 Kor. 2:2, enzovoort. Anderen vatten dit niet op als de zaak die wij tot zaligheid moeten kennen, maar als de wijsheid die in de Persoon van Christus Zelf is en die alle andere wijsheid van mensen en engelen te boven gaat. Dat is wel waar, maar het lijkt niet zo goed te passen bij het doel van Paulus, tenzij door een verder strekkende gevolgtrekking.

der wijsheid Deze twee woorden onderscheiden enigen hier aldus, dat door de wijsheid de wetenschap van alle leerstukken des geloofs, en door de kennis de wetenschap van al de bevelen van Christus, tot den Christelijken wandel nodig, verstaan worden.

Hertaald: der wijsheid Sommigen onderscheiden deze twee woorden hier zo, dat met de wijsheid de kennis van alle leerstukken van het geloof bedoeld wordt en met de kennis het weten van alle bevelen van Christus die voor de christelijke levenswandel nodig zijn.

verborgen zijn Dat is, begrepen of besloten zijn. Doch de apostel gebruikt het woord verborgen, omdat de natuurlijke mens deze dingen niet begrijpt, maar dat zij geestelijk worden onderscheiden; Matt. 11:25; 1 Kor. 1:23.

Hertaald: verborgen zijn Dat is: begrepen of besloten zijn. Toch gebruikt de apostel het woord verborgen, omdat de natuurlijke mens deze dingen niet begrijpt, maar zij geestelijk onderscheiden worden; Matth. 11:25; 1 Kor. 1:23.

Kolossenzen 2 vers 4

misleide met Het Griekse woord betekent iemand overreden met bedriegelijke disputen of sluitredenen.

Hertaald: misleide met Het Griekse woord betekent iemand overreden met bedrieglijke argumenten of drogredenen.

beweegredenen, Namelijk gelijk de redenaars en wijsgeren plachten te gebruiken, waardoor zij onder den glimp van waarschijnlijke redenen, die dikwijls gene vastigheid hadden, de harten innamen, en wijsmaakten wat zij wilden.

Hertaald: beweegredenen, Namelijk zoals de redenaars en de wijsgeren die gewoonlijk gebruikten: onder de schijn van waarschijnlijke redenen, die dikwijls geen enkele vastheid hadden, namen zij de harten in en maakten zij de mensen wijs wat zij wilden.

Kolossenzen 2 vers 5

met het vlees Dat is, naar mijn lichaam, gelijk hij spreekt 1 Kor. 5:3.

Hertaald: met het vlees Dat is: naar mijn lichaam, zoals hij zegt in 1 Kor. 5:3.

ziende Namelijk in mijnen geest, gelijk hij tevoren had betuigd, en gelijk hij spreekt 1 Kor. 5:3; hetzij de apostel dit verstaat van de wetenschap, die hij hiervan had door het aandienen van Epafras en anderen, hetzij ook door enige bijzondere openbaringen des Heiligen Geestes, gelijk Eliza had van het doen van zijn dienaar Gehasi, 2 Kon. 5:26.

Hertaald: ziende Namelijk ziende in mijn geest, zoals hij eerder betuigd had en zoals hij zegt in 1 Kor. 5:3. De apostel bedoelt daarmee de kennis die hij hiervan had door de berichten van Epafras en anderen, of ook door bijzondere openbaringen van de Heilige Geest, zoals Elisa kennis had van wat zijn knecht Gehazi deed, 2 Kon. 5:26.

uw ordening, Namelijk in uw algemenen wandel, en ook in het oefenen der tucht en regering uwer gemeente.

Hertaald: uw ordening, Namelijk in uw algemene levenswandel, en ook in het uitoefenen van de tucht en het bestuur van uw gemeente.

van uw geloof Dat is, van de belijdenis uws geloofs, zonder daarvan in het minste te wijken, wat men u ook zoekt wijs te maken; welke standvastigheid de apostel in hen prijst, om hen daarin meer en meer te versterken.

Hertaald: van uw geloof Dat is: van de belijdenis van uw geloof, zonder daarvan in het minst af te wijken, wat men u ook probeert wijs te maken. De apostel prijst deze standvastigheid in hen om hen daarin meer en meer te versterken.

Kolossenzen 2 vers 6

aangenomen, Namelijk door het ware geloof; Joh. 1:12.

Hertaald: aangenomen, Namelijk door het ware geloof; Joh. 1:12.

in Hem; Dat is, gelijk het Hem of Zijne gemeenschap waardig is.

Hertaald: in Hem; Dat is: zoals het Hem of Zijn gemeenschap waardig is.

Kolossenzen 2 vers 7

gelijkerwijs Namelijk van Epafras en uw voorgaande trouwe leraars, niet gelijk deze anderen u zoeken wijs te maken.

Hertaald: gelijkerwijs Namelijk zoals u geleerd bent door Epafras en uw eerdere trouwe leraars, en niet zoals deze anderen u proberen wijs te maken.

met dankzegging Namelijk over de genade, die gij alrede hebt ontvangen, Kol. 1:12.

Hertaald: met dankzegging Namelijk dankzegging over de genade die u al ontvangen hebt, Kol. 1:12.

Kolossenzen 2 vers 8

Ziet toe, Hier begint de apostel het verhaal der dwalingen, waar hij hen tegen waarschuwt, namelijk wijsbegeerte, menselijke inzettingen, en vermengingen van de wet der ceremoniën, die hij de een voor, de andere na, wederspreekt.

Hertaald: Ziet toe, Hier begint de apostel de opsomming van de dwalingen waartegen hij hen waarschuwt, namelijk de wijsbegeerte, de menselijke inzettingen en de vermenging met de wet van de ceremoniën. Die weerspreekt hij de een na de ander.

als een roof Of, berove, tot enen roof weg voere, namelijk van Christus en Zijne waarheid tot andere leringen of middelen ter zaligheid buiten Christus; ene gelijkenis, genomen van rovers, die niet alleen de goederen, maar ook de mensen zelf tot een roof wegvoerden, om hen tot slaven voor hen of voor anderen te maken. Zie een voorbeeld, 1Sa 30.

Hertaald: als een roof Of: berove, als een buit wegvoere, namelijk van Christus en Zijn waarheid naar andere leringen of middelen tot zaligheid buiten Christus. Dit is een vergelijking, genomen van rovers, die niet alleen de goederen, maar ook de mensen zelf als buit wegvoerden om hen tot slaven voor zichzelf of voor anderen te maken. Zie een voorbeeld in 1 Sam. 30.

de filosofie, Hierdoor wordt de rechte filosofie niet verstaan, die ene gave Gods is, en zelfs een instrument of middel is, dienstig om Gods Woord beter te verstaan en te verklaren; maar de sophisterij of bedriegelijke schijnwijsheid van enige heidense filosofen, gelijk de volgende woorden ijdele verleiding verklaren, en gelijk Paulus hiervan spreekt, Rom. 1:21-22, welke filosofen in deze hunne schijnwijsheid enige dingen van God en van den weg tot het opperste goed hadden voorgesteld, die deze leraars met het Evangelie wilden vermengen, gelijk ook de scholastieke leraars in het Pausdom doen, waardoor de eenvoudigheid en oprechtheid der zaligmakende leer van het Evangelie merkelijk is verduisterd en vervalst.

Hertaald: de filosofie, Hieronder wordt niet de ware wijsbegeerte verstaan, die een gave van God is en die zelfs een werktuig of middel is dat dienstig is om Gods Woord beter te verstaan en te verklaren. Het gaat over de drogredenen of de schijnwijsheid van sommige heidense wijsgeren, zoals de volgende woorden ijdele verleiding verklaren en zoals Paulus hierover spreekt in Rom. 1:21-22. Die wijsgeren hadden in hun schijnwijsheid bepaalde dingen over God en over de weg tot het hoogste goed voorgesteld, en die wilden deze leraars met het Evangelie vermengen — zoals ook de scholastieke leraars in het pausdom doen. Daardoor is de eenvoud en zuiverheid van de zaligmakende leer van het Evangelie aanzienlijk verduisterd en vervalst.

overlevering Dit is de tweede dwaling, die deze bij het Evangelie van Christus wilden voegen, om naar hunne mening aan de eenvoudigheid des Evangelies een meerderen luister bij de mensen te geven, gelijk eertijds de Farizeën deden; Matt. 15:3, enz.

Hertaald: overlevering Dit is de tweede dwaling die dezen bij het Evangelie van Christus wilden voegen, om naar hun mening aan de eenvoud van het Evangelie meer luister bij de mensen te geven, zoals eerder de farizeeën deden; Matth. 15:3, enzovoort.

de eerste beginselen Grieks elementen. Alzo noemt de apostel de ceremoniën der wet, omdat het God beliefd heeft in de verdeling der tijden de Israëlieten, en vervolgens in hen de overigen der wereld die zalig worden, door dit middel tot Christus te leiden, gelijk een kind door het leren van het A B C tot het lezen wordt bereid, en als door een schoolmeester tot meerdere wijsheid gebracht. Zie hiervan bredere verklaring Gal. 3:24, en Gal. 4:3, Gal. 4:9, enz.

Hertaald: de eerste beginselen Grieks: elementen. Zo noemt de apostel de ceremoniën van de wet, omdat het God behaagd heeft in de verdeling van de tijden de Israëlieten — en door hen ook de overigen in de wereld die zalig worden — door dit middel tot Christus te leiden. Dat is zoals een kind door het leren van het alfabet voorbereid wordt op het lezen en als door een schoolmeester tot grotere wijsheid gebracht wordt. Zie hierover de uitvoeriger verklaring bij Gal. 3:24 en Gal. 4:3, Gal. 4:9, enzovoort.

niet naar Christus Dat is, naar de leer of instelling van Christus, die alleen in de gemeente van Christus moet gelden; Gal. 1:6, Gal. 1:8-9.

Hertaald: niet naar Christus Dat is: niet naar de leer of de instelling van Christus, die alleen in de gemeente van Christus mag gelden; Gal. 1:6, Gal. 1:8-9.

Kolossenzen 2 vers 9

in Hem Namelijk als waarachtig mens, die onder ons heeft gewoond vol genade en heerlijkheid; Joh. 1:14.

Hertaald: in Hem Namelijk in Hem als waarachtig mens, Die onder ons gewoond heeft, vol van genade en heerlijkheid; Joh. 1:14.

woont al Namelijk met een wezenlijke inwoning des Zoons Gods in de menselijke natuur, door de vereniging Zijner goddelijke natuur met de menselijke in enigheid Zijns persoons, gelijk het lichaam een tabernakel en woning wordt genoemd onzer ziel, 2 Kor. 5:1; en gelijk ook Christus Zijn menselijke natuur daarom een tempel noemt, waar namelijk zijn godheid in woont, die dezen weder zou opbouwen; Joh. 2:19.

Hertaald: woont al Namelijk met een wezenlijke inwoning van de Zoon van God in de menselijke natuur, door de vereniging van Zijn goddelijke natuur met de menselijke in de eenheid van Zijn Persoon. Zo wordt het lichaam een tent en woning van onze ziel genoemd, 2 Kor. 5:1; en zo noemt Christus Zijn menselijke natuur ook een tempel, waarin Zijn godheid woont en die Hij weer zou opbouwen; Joh. 2:19.

de volheid Dat is, de gehele godheid, namelijk des Zoons, met al Zijne eigenschappen, niet alleen ten aanzien van enige gaven, gelijk Hij in de profeten, apostelen en andere heiligen ook woont.

Hertaald: de volheid Dat is: de hele godheid, namelijk van de Zoon, met al Zijn eigenschappen; en dus niet alleen wat bepaalde gaven betreft, zoals Hij ook in de profeten, de apostelen en andere heiligen woont.

lichamelijk; Dat is, persoonlijk, gelijk het Griekse woord Soma somwijlen een persoon betekent, of, wezenlijk, waarachtiglijk, tegengesteld tegen de schaduwen en figuren des Ouden Testaments, gelijk het woord Soma in ditzelfde hoofdstuk vs.17 wordt genomen. Doch de zaak komt opeen uit. Want God wordt wel in het Oude Testament gezegd te wonen in den tabernakel, tempel, en ark des verbonds, enz. maar alleen als in schaduwen of figuren van Christus' menselijke natuur, die Hij in de volheid des tijds zou aannemen, om persoonlijk, of waarachtig en wezenlijk in dezelve met al Zijne volheid te wonen. Is Hij dan waarachtig God en waarachtig mens in één persoon, en woont de volheid der godheid in Hem, zo wil de apostel zeggen, dat wij buiten Hem gene zaligheid moeten zoeken, noch in de ceremoniën der wet, noch in de filosofische aanradingen van den dienst der engelen, noch in enige andere menselijke inzettingen of bedenkingen, maar alleen in Hem en in Zijn woord.

Hertaald: lichamelijk; Dat is: persoonlijk, omdat het Griekse woord sōma soms een persoon aanduidt; of: wezenlijk, werkelijk, tegenover de schaduwen en beelden van het Oude Testament, zoals het woord sōma in dit zelfde hoofdstuk in vers 17 gebruikt wordt. Maar de zaak komt op hetzelfde neer. Want van God wordt in het Oude Testament wel gezegd dat Hij woonde in de tabernakel, de tempel en de ark van het verbond, enzovoort, maar dat was alleen als in schaduwen of beelden van de menselijke natuur van Christus, die Hij in de volheid van de tijd zou aannemen om daarin persoonlijk, werkelijk en wezenlijk met al Zijn volheid te wonen. Als Hij dan waarachtig God en waarachtig mens is in één Persoon, en de volheid van de godheid in Hem woont, dan wil de apostel zeggen dat wij buiten Hem geen zaligheid moeten zoeken: niet in de ceremoniën van de wet, niet in de filosofische aanbevelingen van de dienst van de engelen, en ook niet in enige andere menselijke inzettingen of bedenksels, maar alleen in Hem en in Zijn Woord.

Kolossenzen 2 vers 10

in Hem Grieks in Hem vervuld; dat is, wij hebben alles in Hem, wat tot onze volmaakte zaligheid nodig is; 1 Kor. 1:30.

Hertaald: in Hem Grieks: in Hem vervuld; dat is: wij hebben in Hem alles wat tot onze volkomen zaligheid nodig is; 1 Kor. 1:30.

volmaakt, Zie Ef. 1:23, en Ef. 4:16.

Hertaald: volmaakt, Zie Ef. 1:23 en Ef. 4:16.

alle overheid Dat is, ook zelfs der engelen in den hemel, die onder Hem staan, gelijk Kol. 1:16 betuigd is. Waaruit blijkt, dat wij niet in hen, maar in Christus de zaligheid hebben. Want dit vereist de eigenschap van het hoofd en Zijne werking, dat al de leden, waaronder hier ook de engelen merkelijk worden gesteld, van Hem afhangen, en hun geestelijk leven ontvangen, Ef. 5:23. En hoewel de goede engelen de verlossing door Christus niet van node hadden, omdat zij niet gevallen waren, nochtans blijkt hieruit, dat zij door Hem ook in hun gelukzaligen stand in de eeuwigheid worden behouden. Waarom zij ook, onder de vergadering dergenen waar de gelovigen bij zijn gekomen, geteld worden, Hebr. 12:22, en uitverkoren engelen worden genaamd, 1 Tim. 5:21; en zij zichzelven ook stellen onder de dienstknechten van Christus en mededienstknechten der gelovigen; Openb. 22:9.

Hertaald: alle overheid Dat is: ook van de engelen in de hemel, die onder Hem staan, zoals in Kol. 1:16 betuigd is. Daaruit blijkt dat wij de zaligheid niet in hen, maar in Christus hebben. Want de eigen aard van het hoofd en zijn werking brengt mee dat alle leden — waaronder hier duidelijk ook de engelen gerekend worden — van Hem afhangen en hun geestelijke leven van Hem ontvangen, Ef. 5:23. En hoewel de goede engelen de verlossing door Christus niet nodig hadden omdat zij niet gevallen waren, blijkt hieruit toch dat ook zij door Hem in hun gelukzalige staat voor eeuwig bewaard worden. Daarom worden zij ook gerekend onder de vergadering waarbij de gelovigen gekomen zijn, Hebr. 12:22, en worden zij uitverkoren engelen genoemd, 1 Tim. 5:21; en zij rekenen zichzelf ook onder de dienstknechten van Christus en de mededienstknechten van de gelovigen; Openb. 22:9.

Kolossenzen 2 vers 11

In Welken Namelijk Christus.

Hertaald: In Welken Namelijk Christus.

besneden zijt Namelijk niet met de uitwendige besnijdenis, die door Christus' dood, nevens de andere ceremoniën des Ouden Testaments teniet gedaan is, gelijk de apostel hier leert, en Gal. 5:1-2; maar met de inwendige besnijdenis des harten, in den geest, welke de betekenende zaak was van de uitwendige besnijdenis, en die de apostel in de volgende woorden nader verklaart. Waaruit hij wil besluiten dat dan de uitwendige ons niet meer nodig noch nut is.

Hertaald: besneden zijt Namelijk besneden, niet met de uiterlijke besnijdenis, die door de dood van Christus samen met de andere ceremoniën van het Oude Testament tenietgedaan is, zoals de apostel hier leert en in Gal. 5:1-2, maar met de innerlijke besnijdenis van het hart, in de geest. Die was de zaak die door de uiterlijke besnijdenis werd aangeduid, en de apostel verklaart haar in de volgende woorden nader. Daaruit wil hij besluiten dat de uiterlijke besnijdenis dan voor ons niet meer nodig of nuttig is.

zonder handen Dat is, van God zelf, door Zijnen Geest, Deut. 30:6; Rom. 2:29.

Hertaald: zonder handen Dat is: door God Zelf, door Zijn Geest, Deut. 30:6; Rom. 2:29.

van het lichaam Dat is, de ganse massa der verdorvenheid, die bij een lichaam wordt vergeleken, dat vele leden heeft. Zie Rom. 6:6; Kol. 3:5, vanwege de velerlei begeerlijkheden, die de zonde in ons werkt.

Hertaald: van het lichaam Dat is: de hele massa van de verdorvenheid, die vergeleken wordt met een lichaam dat veel leden heeft. Zie Rom. 6:6; Kol. 3:5; dat is vanwege de vele begeerten die de zonde in ons werkt.

des vleses, Hierdoor wordt verklaard, waaruit deze zondige aard zijnen oorsprong heeft, namelijk uit de vleselijke geboorte; Joh. 3:6.

Hertaald: des vleses, Hiermee wordt verklaard waar deze zondige aard zijn oorsprong heeft, namelijk in de vleselijke geboorte; Joh. 3:6.

door de besnijdenis Niet eigenlijk, waardoor Christus zelf ten achtsten dage is besneden geweest, maar door welke Hij onsmet Zijnen Geest in onze harten besnijdt, dat is, van de schuld en heerschappij der zonde verlost, en onze harten reinigt, gelijk de volgende verzen breder verklaren.

Hertaald: door de besnijdenis Niet de besnijdenis in eigenlijke zin, waarmee Christus Zelf op de achtste dag besneden is, maar de besnijdenis waarmee Hij ons door Zijn Geest in onze harten besnijdt, dat is: van de schuld en de heerschappij van de zonde verlost en onze harten reinigt, zoals de volgende verzen uitvoeriger verklaren.

Kolossenzen 2 vers 12

begraven in Of, begraven door den doop. Want in den doop wordt ons betekend en verzegeld dat onze oude mens door den dood van Christus is gedood, en vervolgens ook begraven, dat is, door Christus' lijden en sterven alzo zijn heersende kracht heeft verloren, dat hij is gelijk een dood en begraven lichaam, hetwelk zich niet kan bewegen om te heersen, hoewel het zijn stank nog wel van zich geeft, totdat het door denzelfden dood en Geest van Christus geheel wordt vernietigd. Zie Rom. 6:3, enz.

Hertaald: begraven in Of: begraven door de doop. Want in de doop wordt ons aangeduid en verzegeld dat onze oude mens door de dood van Christus gedood is en dus ook begraven; dat is: dat hij door het lijden en sterven van Christus zijn heersende kracht zo verloren heeft dat hij is als een dood en begraven lichaam, dat zich niet kan bewegen om te heersen — al geeft het nog wel zijn stank af, totdat het door diezelfde dood en Geest van Christus geheel vernietigd wordt. Zie Rom. 6:3, enzovoort.

in welken gij Namelijk doopt of Christus. Want beide is waarachtig, doch op verscheidene wijze. Want door de kracht der opstanding van Christus zijn wij opgewekt tot nieuwigheid des levens en door den doop wordt hetzelve ook verzegeld. Zie Rom. 6:4, enz. En de apostel wil daarmede bewijzen dat wij zelfs het zegel der besnijdenis in het Nieuwe Testament niet meer van node hebben, dewijl de doop ons nu even hetzelfde betekent en verzegelt.

Hertaald: in welken gij Namelijk in de doop, of in Christus. Want beide is waar, maar op verschillende wijze. Want door de kracht van de opstanding van Christus zijn wij opgewekt tot een nieuw leven, en door de doop wordt dat ook verzegeld. Zie Rom. 6:4, enzovoort. Daarmee wil de apostel bewijzen dat wij zelfs het zegel van de besnijdenis in het Nieuwe Testament niet meer nodig hebben, omdat de doop ons nu precies hetzelfde aanduidt en verzegelt.

door het geloof Namelijk zonder hetwelk de uitwendige doop gene kracht heeft. Want die gelooft en gedoopt wordt, zal zalig worden, Marc. 16:16. Het geloof dan neemt de weldaad aan, die de doop ons aanwijst en verzegelt.

Hertaald: door het geloof Namelijk het geloof, zonder welk de uiterlijke doop geen kracht heeft. Want wie gelooft en gedoopt wordt, zal zalig worden, Mark. 16:16. Het geloof neemt dus de weldaad aan die de doop ons aanwijst en verzegelt.

der werking Gods, Hierdoor kan verstaan worden, òf de kracht Gods, waardoor het geloof in ons wordt gewrocht, òf het steunsel des geloofs, waarop het in onze vernieuwing ziet, namelijk op de kracht Gods, die Christus uit de doden heeft opgewekt, waardoor wij ook uit den dood der zonde opgewekt worden.

Hertaald: der werking Gods, Daaronder kan verstaan worden óf de kracht van God waardoor het geloof in ons gewerkt wordt, óf de grond van het geloof waarop het in onze vernieuwing ziet, namelijk de kracht van God die Christus uit de doden heeft opgewekt en waardoor ook wij uit de dood van de zonde opgewekt worden.

Kolossenzen 2 vers 13

u, als gij Namelijk die nu in Christus gelooft en gedoopt zijt.

Hertaald: u, als gij Namelijk u die nu in Christus gelooft en gedoopt bent.

dood waart Zie Ef. 2:1.

Hertaald: dood waart Zie Ef. 2:1.

in de voorhuid Dit wordt niet gesproken van de eigenlijk genoemde voorhuid, die de gelovige Colossensen nog hadden, maar van de natuurlijke verdorvenheid, waarin zij vóór hunne bekering waren, die alzo bij gelijkenis genoemd wordt, omdat de voorhuis in het Oude Testament een schandelijk en verachtelijk ding was bij de Israëlieten. Zie dergelijke wijze van spreken Deut. 10:16; Jer. 9:25, enz.

Hertaald: in de voorhuid Dit wordt niet gezegd van de voorhuid in eigenlijke zin, die de gelovige Kolossenzen nog hadden, maar van de natuurlijke verdorvenheid waarin zij vóór hun bekering waren. Die wordt bij wijze van vergelijking zo genoemd, omdat de voorhuid in het Oude Testament bij de Israëlieten iets schandelijks en verachtelijks was. Zie een dergelijke manier van spreken in Deut. 10:16; Jer. 9:25, enzovoort.

mede levend gemaakt Zie Ef. 2:5.

Hertaald: mede levend gemaakt Zie Ef. 2:5.

vergevende; Of, genadiglijk vergevende, of vergeven hebbende. Want door het geloof worden ons onze misdaden en zondige aard uit kracht van Christus' verdiensten vergeven, en wordt het lichaam der zonde, of de oude mens, in ons ook gedood, van welke beide weldaden de doop, een teken en zegel in het Nieuwe Testament is, gelijk de besnijdenis in het Oude was; Rom. 2:29, en Rom. 4:11.

Hertaald: vergevende; Of: genadig vergevende, of: vergeven hebbende. Want door het geloof worden ons onze misdaden en onze zondige aard vergeven op grond van de verdiensten van Christus, en wordt het lichaam van de zonde, of de oude mens, in ons ook gedood. Van deze beide weldaden is de doop in het Nieuwe Testament een teken en zegel, zoals de besnijdenis dat in het Oude was; Rom. 2:29 en Rom. 4:11.

Kolossenzen 2 vers 14

Uitgewist hebbende Dat is, doorgetrokken en uitgeworpen, of ten enenmale vernietigd, gelijk wij spreken.

Hertaald: Uitgewist hebbende Dat is: doorgehaald en weggeworpen, of geheel tenietgedaan, zoals wij dat zeggen.

het handschrift, Het Griekse woord Cheirographon, dat is, handschrift, nemen hier sommigen voor een schrift, dat met Gods hand zelve in stenen tafelen was geschreven, gelijk van de wet der tien geboden betuigd wordt, Ex. 34:1; en wordt dit bij hen verstaan van de wet der zeden, of der tien geboden, die tegen ons te zijn gezegd wordt ten aanzien van haar scherpen eis van volkomen gehoorzaamheid, of bij gebreke van die, vanwege hare vervloeking, die Christus voor ons aan het kruis heeft gedragen, en ons daarvan verlost, Gal. 3:10, Gal. 3:13. Doch alzo de apostel hier eigenlijk handelt tegen de onderhouding der besnijdenis en andere ceremoniën, zo wordt dit handschrift hier verstaan van de wet der ceremoniën des Ouden Testaments, die een handschrift worden genoemd, dat tegen ons was, omdat zij als een obligatie of schuldbrief waren, waardoor de mensen hunne misdaden en schulden dagelijks voor God wel bekenden, en nochtans door het uiterlijk oefenen derzelve nooit werden verlost, gelijk Paulus verklaart Hebr. 10:1, enz., gelijk dit woord Cheirographon, of handschrift, ook genomen wordt in den Grieksen tekst, Tob.5:3, en Tob.9:3. Dit blijkt ook uit

Hertaald: het handschrift, Het Griekse woord cheirographon, dat is: handschrift, vatten sommigen hier op als een schrift dat met Gods eigen hand op stenen tafelen geschreven was, zoals van de wet van de tien geboden betuigd wordt, Ex. 34:1. Zij verstaan dit dan van de zedelijke wet of de tien geboden, waarvan gezegd wordt dat die tegen ons is met het oog op haar strenge eis van volkomen gehoorzaamheid, of bij het ontbreken daarvan met het oog op haar vloek, die Christus voor ons aan het kruis gedragen heeft en waarvan Hij ons verlost heeft, Gal. 3:10, Gal. 3:13. Maar omdat de apostel hier eigenlijk spreekt tegen het onderhouden van de besnijdenis en de andere ceremoniën, wordt dit handschrift hier verstaan van de wet van de ceremoniën van het Oude Testament. Die worden een handschrift genoemd dat tegen ons was, omdat zij als een schuldbekentenis of schuldbrief waren, waarmee de mensen hun misdaden en schulden dagelijks voor God wel erkenden en waardoor zij toch door de uiterlijke naleving nooit verlost werden, zoals Paulus verklaart in Hebr. 10:1, enzovoort. Zo wordt dit woord cheirographon, of handschrift, ook gebruikt in de Griekse tekst van Tob. 5:3 en Tob. 9:3. Dit blijkt ook uit

het handschrift, de vergelijking van deze plaats met Ef. 2:14-15, waar dit woord handschrift in inzettingen genoemd wordt de wet der geboden in inzettingen, welk woord dogmasi, dat is, ordinantiën of inzettingen, nergens in Gods Woord voor de wet der tien geboden wordt gebruikt, noch ook het woord dogmatizesthe, vs.20. En hetgeen van Paulus aldaar wordt bijgevoegd, bewijst dat ook klaarlijk. Want de wet der zeden maakt eigenlijk gene vijandschap tussen Joden en heidenen, alzo die ook in de natuur geschreven is, Rom. 2:14; maar het is alleen de wet der ceremoniën, door welke dit onderscheid en vijandschap tussen deze volken werd veroorzaakt, gelijk aldaar is aangetekend. Van de wet der zeden kan ook niet wel gezegd worden, dat Christus die uit het midden heeft weggenomen door Zijnen dood, om ons van de onderhouding derzelve ten enenmale te bevrijden, gelijk Paulus hier voren heeft bewezen. Want hoewel wij van den vloek en de scherpe onderhouding van de wet der zeden zijn verlost door Christus, zo blijven wij nochtans aan de onderhouding derzelve verbonden, als aan een regel van dankbaarheid, die wij God vóór onze verlossing schuldig zijn.

Hertaald: het handschrift, de vergelijking van deze plaats met Ef. 2:14-15, waar dit handschrift in inzettingen de wet van de geboden in inzettingen genoemd wordt. Het woord dogmasi, dat is: verordeningen of inzettingen, wordt nergens in Gods Woord voor de wet van de tien geboden gebruikt, en het woord dogmatizesthe uit vers 20 ook niet. En wat Paulus daar toevoegt bewijst het ook duidelijk. Want de zedelijke wet maakt eigenlijk geen vijandschap tussen Joden en heidenen, omdat die ook in de natuur geschreven is, Rom. 2:14; het is alleen de wet van de ceremoniën waardoor dit onderscheid en deze vijandschap tussen deze volken veroorzaakt werd, zoals daar aangetekend is. Van de zedelijke wet kan ook niet goed gezegd worden dat Christus die door Zijn dood uit het midden heeft weggenomen om ons van het onderhouden daarvan volledig te bevrijden, zoals Paulus hiervoor bewezen heeft. Want hoewel wij door Christus verlost zijn van de vloek en van de strenge eis van de zedelijke wet, blijven wij toch aan het onderhouden daarvan verbonden, als aan een regel van dankbaarheid die wij God voor onze verlossing verschuldigd zijn.

in inzettingen Of, door de inzettingen, of bevelen, waardoor sommigen verstaan de inzettingen of leringen des Nieuwen Testaments, door welke de wet der ceremoniën is verklaard teniet gedaan te zijn; doch de vergelijking met de plaats Ef. 2:15, toont dat dit handschrift in deze inzettingen bestond, en wordt hier geleerd dat dit handschrift, niet enkel door de leer en inzettingen van Christus, maar door den dood van Christus aan het kruis is teniet gedaan, die hetzelve aan het kruis heeft genageld, en ten enenmale vernietigd, wanneer Hij voor onze misdaden en voor de schuld van die aan het kruis heeft voldaan. Want waar voldoening van schuld is, daar is geen handschrift, noch schuldbrief meer van node, en wordt derhalve gecasseerd.

Hertaald: in inzettingen Of: door de inzettingen of bevelen. Sommigen verstaan daaronder de inzettingen of leringen van het Nieuwe Testament, waardoor verklaard is dat de wet van de ceremoniën tenietgedaan is. Maar de vergelijking met de plaats Ef. 2:15 laat zien dat dit handschrift in deze inzettingen bestond. En hier wordt geleerd dat dit handschrift niet alleen door de leer en de inzettingen van Christus, maar door de dood van Christus aan het kruis tenietgedaan is. Hij heeft het aan het kruis genageld en volledig vernietigd, toen Hij voor onze misdaden en voor de schuld daarvan aan het kruis voldaan heeft. Want waar voldoening van schuld is, is geen handschrift of schuldbrief meer nodig, en die wordt dan ook doorgehaald.

enigerwijze Of, heimelijk, secretelijk, namelijk omdat de wassingen, offeranden en andere ceremoniën des Ouden Testaments de mensen wel schenen te reinigen, doch inderdaad zulks niet deden, maar hen van hunne schuld alleen overtuigden, tenware zij door dezelve tot Christus werden gebracht, wiens bloed de gewetens alleen kon reinigen van dodelijke werken; Hebr. 9:9, enz.

Hertaald: enigerwijze Of: heimelijk, in het verborgen; namelijk omdat de wassingen, offers en andere ceremoniën van het Oude Testament de mensen wel schenen te reinigen, maar dat in werkelijkheid niet deden. Zij overtuigden hen alleen van hun schuld, tenzij zij daardoor tot Christus gebracht werden, Wiens bloed als enige de gewetens kon reinigen van dode werken; Hebr. 9:9, enzovoort.

Kolossenzen 2 vers 15

de overheden Dat is, den Satan met al zijn boze geesten, die grote macht over de mensen hebben, zolang zij van de heerschappij der zonde niet zijn verlost. Zie Ef. 6:12; 2 Tim. 2:26.

Hertaald: de overheden Dat is: de satan met al zijn boze geesten, die grote macht over de mensen hebben zolang die niet van de heerschappij van de zonde verlost zijn. Zie Ef. 6:12; 2 Tim. 2:26.

uitgetogen hebbende, Dat is, van hunne macht en wapenen ontbloot hebbende, welker wapenen waren de zonde en dood, welker macht was de wet; 1 Kor. 15:55-56; zie ook Luc. 11:22; ene gelijkenis, genomen van den overwonnen veldoverste met zijne krijgsknechten, die alzo van hunne wapenen ontbloot zijnde voor de ogen van een ieder tot een schouwspel plachten omgevoerd te worden, totdat zij in de gevangenis gebracht, en aldaar opgesloten of omgebracht werden.

Hertaald: uitgetogen hebbende, Dat is: hen van hun macht en wapens ontdaan hebbende. Hun wapens waren de zonde en de dood, en hun macht was de wet; 1 Kor. 15:55-56; zie ook Luk. 11:22. Dit is een vergelijking, genomen van een overwonnen veldheer met zijn soldaten, die zo van hun wapens ontdaan gewoonlijk voor de ogen van iedereen als een schouwspel rondgevoerd werden, totdat zij in de gevangenis gebracht werden en daar opgesloten of omgebracht werden.

in het openbaar Of, vrijmoedig, met vrijmoedigheid.

Hertaald: in het openbaar Of: vrijmoedig, met vrijmoedigheid.

tentoongesteld, Of, te schande gemaakt, namelijk tot hunne verkleining en versmaadheid. Zie van dit woord Matt. 1:19.

Hertaald: tentoongesteld, Of: te schande gemaakt, namelijk tot hun vernedering en smaad. Zie over dit woord Matth. 1:19.

door hetzelve Of, in hetzelve; namelijk kruis. Want door Zijnen dood heeft Hij den Satan, die de macht des doods had, de macht benomen om ons te beschadigen of beschuldigen. En hoewel hij ons nog strijd aandoet, zo zijn wij evenwel verzekerd van de volle overwinning in Christus Jezus, Luc. 10:17; Rom. 16:20; Hebr. 2:14; Openb. 12:10. Anders, in zichzelven, of, door zichzelven.

Hertaald: door hetzelve Of: in hetzelve, namelijk in het kruis. Want door Zijn dood heeft Hij de satan, die de macht van de dood had, de macht ontnomen om ons te schaden of aan te klagen. En hoewel hij ons nog bestrijdt, zijn wij toch zeker van de volle overwinning in Christus Jezus, Luk. 10:17; Rom. 16:20; Hebr. 2:14; Openb. 12:10. Anders: in Zichzelf, of: door Zichzelf.

getriomfeerd Dit wordt verstaan van een geestelijken triomf, waardoor Christus, alle geestelijke macht des Satan benomen hebbende, een overwinnaar van hel, dood en verdoemenis is gebleven.

Hertaald: getriomfeerd Dit wordt verstaan van een geestelijke triomf, waardoor Christus, nadat Hij de satan alle geestelijke macht ontnomen had, overwinnaar van hel, dood en verdoemenis gebleven is.

Kolossenzen 2 vers 16

Dat u dan niemand Hiermede besluit de apostel den voorgaanden handel, en eerst tegen de ceremoniën, daarna tegen de Platonische filosofie, en eindelijk tegen de inzettingen van mensen.

Hertaald: Dat u dan niemand Hiermee besluit de apostel de voorgaande behandeling: eerst tegen de ceremoniën, daarna tegen de platonische wijsbegeerte en tot slot tegen de inzettingen van mensen.

oordele Dat is, veroordele als onreinen en overtreders der wet, gelijk de Joden plachten te doen.

Hertaald: oordele Dat is: veroordele als onreinen en overtreders van de wet, zoals de Joden dat plachten te doen.

in spijs Dat is, omdat gij zulk onderscheid der spijs of drank niet meer onderhoudt, als God in het Oude Testament had ingesteld.

Hertaald: in spijs Dat is: omdat u dat onderscheid in eten of drinken niet meer onderhoudt, zoals God dat in het Oude Testament had ingesteld.

in drank, Gelijk de Joden in het Oude Testament in zeker geval bevolen was, ook in den drank onderscheid te maken; Num. 6:3.

Hertaald: in drank, Zoals de Joden in het Oude Testament in een bepaald geval geboden was ook in de drank onderscheid te maken; Num. 6:3.

of in het stuk Of, vanwege de zaak des feestdags; gelijk deze wijze van spreken ook genomen wordt 1 Petr. 4:16.

Hertaald: of in het stuk Of: vanwege de zaak van de feestdag; deze manier van spreken wordt ook zo gebruikt in 1 Petr. 4:16.

des feest- dags, Hierdoor worden verstaan de drie jaarlijkse feestdagen, die God in het Oude Testament had ingesteld, Lev. 23:4, gelijk door de nieuwe maan de maandelijkse feesten, Num. 28:11, en door het woord sabbaten de Sabbaten der jaren, en bijzonderlijk de wekelijkse, voorzoveel dezelve ceremonieel waren, Ex. 20:11; Lev. 19:3, welke door de komst van Christus zijn teniet gedaan, ten aanzien van hun bijzondere en meerdere heiligheid, die zij door Gods instelling hadden, alsook vanwege hunne betekenis en noodwendigheid. Hoewel de Christelijke kerk ook sommige feestdagen, naar de vrijheid der Christenen, heeft goedgevonden te onderhouden, tot gedachtenis van enige bijzondere weldaden van Christus, om God naar Zijn bevel in dezelve te dienen, met gehoor van Zijn woord, gebruik der heilige sacramenten, openbare en algemene gebeden en lofzangen, en geven van aalmoezen, enz. Aan welke dagen evenwel de conscientie der Christenen nu niet verder is gebonden, dan om goede orde te onderhouden, en om elkander in de Christelijke vergaderingen, door onderlinge opwekkingen, meer en meer te stichten en te sterken.

Hertaald: des feest- dags, Hieronder worden de drie jaarlijkse feestdagen verstaan die God in het Oude Testament had ingesteld, Lev. 23:4; met de nieuwe maan de maandelijkse feesten, Num. 28:11; en met het woord sabbatten de sabbatten van de jaren en in het bijzonder de wekelijkse, voor zover die ceremonieel waren, Ex. 20:11; Lev. 19:3. Die zijn door de komst van Christus tenietgedaan, wat betreft de bijzondere en grotere heiligheid die zij door Gods instelling hadden, en ook wat betreft hun betekenis en hun noodzakelijkheid. Toch heeft de christelijke kerk ook enkele feestdagen naar de vrijheid van de christenen goedgevonden te onderhouden, tot gedachtenis van bepaalde bijzondere weldaden van Christus, om God daarin naar Zijn bevel te dienen: met het horen van Zijn Woord, het gebruik van de heilige sacramenten, openbare en algemene gebeden en lofzangen, het geven van aalmoezen, enzovoort. Aan die dagen is het geweten van de christenen nu echter niet verder gebonden dan om een goede orde te onderhouden en om elkaar in de christelijke bijeenkomsten door onderlinge opwekking meer en meer op te bouwen en te sterken.

des feest- dags, Hetwelk ook op andere tijden wel mag gedaan worden, wanneer het met goede orde kan geschieden. Zie 1 Kor. 11:17, enz., en 1 Kor. 14:23, enz. Doch in plaats van den wekelijksen sabbat is van der apostelen tijden af de eerste dag der week tot hetzelfde einde altijd onderhouden. Zie Hand. 20:7; 1 Kor. 16:1-2; Openb. 1:10.

Hertaald: des feest- dags, Dat mag ook op andere tijden gedaan worden, wanneer het in goede orde kan gebeuren. Zie 1 Kor. 11:17, enzovoort, en 1 Kor. 14:23, enzovoort. Maar in plaats van de wekelijkse sabbat is vanaf de tijd van de apostelen de eerste dag van de week altijd met datzelfde doel onderhouden. Zie Hand. 20:7; 1 Kor. 16:1-2; Openb. 1:10.

Kolossenzen 2 vers 17

het lichaam is van Dat is, de betekenende zaak is Christus; dat is, in Christus vervuld. Want alle schaduwen des Ouden Testaments hebben op Christus en Zijne weldaden gezien, door wiens komst zij ook een einde hebben. Zie Joh. 1:17; Gal. 4:3-4.

Hertaald: het lichaam is van Dat is: de zaak die erdoor aangeduid wordt is Christus; dat is: in Christus vervuld. Want alle schaduwen van het Oude Testament hebben op Christus en Zijn weldaden gezien, en door Zijn komst hebben zij ook een einde gekregen. Zie Joh. 1:17; Gal. 4:3-4.

Kolossenzen 2 vers 18

u overheerse Of, den prijs ontvreemde. Het Griekse woord Katabrabeuein betekent een misbruik van de macht, die iemand over anderen wordt gegeven; en is eigenlijk genomen van degenen, die in openbare loop-of strijdspelen het gezag hebben, om elk zijne beurt van lopen of strijden te vergunnen, en den prijs, die in het Griekse brabeion genaamd wordt, 1 Kor. 9:24, daarna dien, die hem verdiend heeft, te geven. Zo nu iemand zulks niet naar billijkheid, maar met ongelijk, of naar zijnen wil alleen doet, die wordt gezegd Katabrabeuein, of heersend hierin te handelen, gelijk het woord brabeuein daarentegen betekent naar billijkheid hierin te handelen of heersen. Zie Kol. 3:15.

Hertaald: u overheerse Of: u de prijs ontneme. Het Griekse woord katabrabeuein duidt op misbruik van de macht die iemand over anderen gegeven wordt. Het is eigenlijk genomen van hen die bij openbare wedlopen of wedstrijden het gezag hebben om ieder zijn beurt van lopen of strijden toe te wijzen en daarna de prijs — die in het Grieks brabeion genoemd wordt, 1 Kor. 9:24 — te geven aan wie hem verdiend heeft. Wanneer iemand dat niet naar billijkheid doet, maar met onrecht of alleen naar zijn eigen wil, dan wordt van hem gezegd katabrabeuein, dat is: hierin heersend te werk gaan; terwijl het woord brabeuein daarentegen betekent hierin naar billijkheid te werk gaan of leiding geven. Zie Kol. 3:15.

naar zijn wil Grieks willen; dat is, gewillig, eigenwillig, willens.

Hertaald: naar zijn wil Grieks: willen; dat is: gewillig, eigenwillig, met opzet.

dienst der engelen, Dezen dienst der engelen zochten sommigen uit de Platonische filosofie in te voeren in de gemeente van Frygië, gelijk enige oude schrijvers getuigen. Waartegen zelfs lang na dezen tijd ene synode te Laodicea is gehouden. Deze verleiders gaven voor dat men uit nederigheid niet regelrecht tot God noch tot Christus moest gaan, maar door de engelen, die dienaars Gods waren, en die als middelaars zouden zijn tussen God en ons, gelijk nog hedendaags enigen voorgeven van de verstorven heiligen.

Hertaald: dienst der engelen, Deze dienst van de engelen probeerden sommigen uit de platonische wijsbegeerte in de gemeente van Frygië in te voeren, zoals enkele oude schrijvers betuigen. Daartegen is zelfs lang na deze tijd een synode in Laodicea gehouden. Deze verleiders stelden het zo voor dat men uit nederigheid niet rechtstreeks tot God of tot Christus moest gaan, maar door de engelen, die dienaars van God waren en die als middelaars tussen God en ons zouden zijn — zoals sommigen dat nog vandaag beweren over de gestorven heiligen.

intredende in Of, indringende; namelijk met hunne spitsvondige en stoute voorgevingen, en sprekende van deze zaken, alsof zij uit den hemel kwamen; daar het anders niet waren dan menselijke vonden en bedenkingen zonder grond.

Hertaald: intredende in Of: indringend, namelijk met hun spitsvondige en stoutmoedige beweringen, en sprekend over deze zaken alsof zij uit de hemel kwamen, terwijl het niets anders was dan menselijke vondsten en bedenksels zonder grond.

opgeblazen Dat is, zichzelven hierin behagende en verhovaardigende, alsof hij grote dingen had gevonden.

Hertaald: opgeblazen Dat is: zichzelf hierin behagend en verheffend, alsof hij grote dingen gevonden had.

verstand zijns Of, vernuft zijns vleesches; dat is, niet door Gods ingeven verlicht, maar door de verborgen natuur verleid. Want het verstand des vleesches is vijandschap tegen God; Rom. 8:7.

Hertaald: verstand zijns Of: het verstand van zijn vlees; dat is: niet door Gods ingeven verlicht, maar door de verdorven natuur verleid. Want het verstand van het vlees is vijandschap tegen God; Rom. 8:7.

Kolossenzen 2 vers 19

het Hoofd niet Namelijk Christus Jezus, die het hoofd is Zijner gemeente en ook zelfs aller engelen, van welk hoofd, en volgens werking dezes hoofds in al de leden, dezulken afwijken.

Hertaald: het Hoofd niet Namelijk Christus Jezus, Die het Hoofd is van Zijn gemeente en zelfs van alle engelen. Van dat Hoofd, en dus ook van de werking van dit Hoofd in alle leden, wijken zulke mensen af.

het gehele lichaam, Namelijk der gemeente.Zie Kol. 1:24.

Hertaald: het gehele lichaam, Namelijk het lichaam van de gemeente. Zie Kol. 1:24.

de samenvoegselen Zie van deze gehele gelijkenis de aantekeningen Ef. 4:16, waar dezelfde woorden ook verhaald en verklaard worden.

Hertaald: de samenvoegselen Zie over deze hele vergelijking de aantekeningen bij Ef. 4:16, waar dezelfde woorden ook vermeld en verklaard worden.

opwast met Grieks wast den wasdom Gods.

Hertaald: opwast met Grieks: groeit de groei van God.

Kolossenzen 2 vers 20

Indien gij dan Met dit besluit komt de apostel tot de laatste soort van dwalingen, namelijk de menselijke instellingen.

Hertaald: Indien gij dan Met deze gevolgtrekking komt de apostel tot de laatste soort dwalingen, namelijk de menselijke inzettingen.

de eerste beginselen Dat is, de ceremoniën der wet, van God zelf in het Oude Testament ingesteld, gelijk hij die ook in vs.8 alzo genoemd heeft. Hoeveel te meer, wil hij zeggen, zijt gij dan vrij van de inzettingen, die alleen op mensengoeddunken gegrond zijn.

Hertaald: de eerste beginselen Dat is: de ceremoniën van de wet, die God Zelf in het Oude Testament ingesteld heeft, zoals hij die ook in vers 8 zo genoemd heeft. Hoeveel te meer, wil hij zeggen, bent u dan vrij van de inzettingen die alleen op het goeddunken van mensen gebaseerd zijn.

in de wereld Dat is, alsof uw leven en gelukzaligheid in deze uitwendige wereldse beginselen waren gelegen.

Hertaald: in de wereld Dat is: alsof uw leven en uw geluk in deze uiterlijke, wereldse beginselen zouden liggen.

met inzettingen belast? Of, bevelen; dat is, laat ulieden van zulke leraars met inzettingen niet belasten.

Hertaald: met inzettingen belast? Of: bevelen; dat is: laat u door zulke leraars geen inzettingen opleggen.

Kolossenzen 2 vers 21

raak niet, Dit zijn de woorden van deze bijgelovige mensen, die Paulus verhaalt; wijzende met deze drieërlei wijze van spreken aan, dat het bijgeloof altijd groeit. Want eerst verbieden zij aan te raken, namelijk om te eten of te drinken; daarna zelfs niet om te smaken; eindelijk om zelfs niet aan te roeren. Want dat hier alleen gesproken wordt van zulke dingen, waarmede het lichaam geoefend en gevoed wordt, blijkt uit de twee navolgende verzen, vs.22,23, in welke dingen vele valse leraars eertijds grote heiligheid hebben gesteld, en nog stellen tegen de leer van Paulus alhier, en Rom. 14:17; 1 Tim. 4:3-4.

Hertaald: raak niet, Dit zijn de woorden van deze bijgelovige mensen, die Paulus weergeeft. Met deze drie uitdrukkingen wijst hij erop dat het bijgeloof altijd groeit. Want eerst verbieden zij aan te raken, namelijk om te eten of te drinken; daarna zelfs om te smaken; en tot slot om er ook maar aan te komen. Dat hier alleen gesproken wordt over zulke dingen waarmee het lichaam bezig is en gevoed wordt, blijkt uit de twee volgende verzen 22 en 23. In die dingen hebben veel valse leraars vroeger een grote heiligheid gezocht, en zij doen dat nog, tegen de leer van Paulus hier en in Rom. 14:17; 1 Tim. 4:3-4.

Kolossenzen 2 vers 22

verderven Grieks zijn ten verderve; dat is, vergaan zelf in het lichaam des mensen, wanneer zijn nu gebruikt zijn, en dienen alleen tot onderhoud van dit vergankelijke leven, doch hebben gene kracht om het geestelijke leven in ons voort te brengen. Zie Matt. 15:11; 1 Kor. 6:13, en 1 Kor. 8:8, maar die naar Gods Woord doet, blijft in der eeuwigheid; 1 Joh. 2:17.

Hertaald: verderven Grieks: zijn tot verderf; dat is: zij vergaan zelf in het lichaam van de mens wanneer zij gebruikt zijn, en zij dienen alleen tot onderhoud van dit vergankelijke leven; maar zij hebben geen kracht om het geestelijke leven in ons voort te brengen. Zie Matth. 15:11; 1 Kor. 6:13 en 1 Kor. 8:8. Maar wie naar Gods Woord doet, blijft tot in eeuwigheid; 1 Joh. 2:17.

de geboden Dat is, zijn ingesteld niet van God, maar van het goedvinden van mensen, waar nochtans in zaken van godsdienst en conscientie het woord Gods alleen moet gelden. Zie Deut. 12:32, en Matt. 15:9.

Hertaald: de geboden Dat is: zij zijn niet door God ingesteld, maar naar het goeddunken van mensen, terwijl in zaken van godsdienst en geweten alleen het Woord van God mag gelden. Zie Deut. 12:32 en Matth. 15:9.

Kolossenzen 2 vers 23

van wijsheid Dat is, van een zeer hoge leer, waar zich de menselijke wijsheid over verwondert.

Hertaald: van wijsheid Dat is: van een zeer verheven leer, waarover de menselijke wijsheid zich verwondert.

in eigenwilligen Dat is, in zulken godsdienst, dien de mensen zich vanzelf opleggen, alsof zij meer wilden doen dan God van hem eist. Want dezen dekmantel, alsook de navolgende twee andere, van nederigheid en temming des lichaams, plegen deze mensen gemeenlijk voor te wenden.

Hertaald: in eigenwilligen Dat is: in zulke godsdienst als de mensen zich uit zichzelf opleggen, alsof zij meer wilden doen dan God van hen eist. Deze dekmantel gebruiken zulke mensen gewoonlijk, en ook de twee volgende: nederigheid en het tuchtigen van het lichaam.

zijn niet in enige waarde, Of, zijn niet in enige eer; namelijk die men het lichaam aandoet, tot verzadiging des vleesches, dat is, in enige achting bij God, of van enige kracht tot de zaligheid. Zie 1 Kor. 8:8; 1 Tim. 4:8; Hebr. 13:9.

Hertaald: zijn niet in enige waarde, Of: zij zijn niet in enige eer; namelijk de eer die men het lichaam aandoet tot verzadiging van het vlees. Dat is: zij hebben bij God geen enkele waarde en geen enkele kracht tot zaligheid. Zie 1 Kor. 8:8; 1 Tim. 4:8; Hebr. 13:9.

tot verzadiging Dat is, dienen alleen om het lichaam te sterken en van nodig voedsel te voorzien.

Hertaald: tot verzadiging Dat is: zij dienen alleen om het lichaam te sterken en van het nodige voedsel te voorzien.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Volheid (pleroma) in Christus  — Grieks: pleroma — de volledige, ongedeelde Godheid die in Christus lichamelijk woont, tegenover elke leer die Hem slechts als een tussenschakel tussen God en de wereld voorstelt

Paulus waarschuwt: "Ziet toe, dat niemand u als een roof vervoere door de filosofie, en ijdele verleiding, naar de overlevering der mensen, naar de eerste beginselen der wereld, en niet naar Christus" (Kol. 2:8), en stelt daar de volheid tegenover: "want in Hem woont al de volheid der Godheid lichamelijk; en gij zijt in Hem volmaakt, Die het Hoofd is van alle overheid en macht" (Kol. 2:9-10). Niet in een systeem van tussenmachten, engelen of speciale kennis ligt de volheid, maar alleen en volledig in Christus Zelf — en wie in Hem is, is daarin "volmaakt": er valt niets aan toe te voegen.

Bijbelse betekenis: Dit weerlegt elke leer die stelt dat het geloof in Christus alleen niet genoeg is en aangevuld moet worden met bijzondere kennis, rituelen of bemiddelende machten. De volheid der Godheid woont niet gedeeltelijk maar geheel in Christus, en niet slechts geestelijk maar "lichamelijk". De gelovige die in Hem is, ontbreekt daarom niets voor zijn volkomen heil.

Typologie: Wat zelfs de tempel niet kon bevatten, woont in Christus volledig: Salomo beleed bij de tempelwijding al: "Maar waarlijk, zou God op de aarde wonen? Zie, de hemelen, ja, de hemel der hemelen zouden U niet begrijpen, hoeveel te min dit huis, dat ik gebouwd heb!" (reeds behandeld bij 1 Kon. 8:27).

Kol. 2:8-10

Besnijdenis van Christus (doop als begrafenis en opstanding)  — De geestelijke, "zonder handen" verrichte besnijdenis die de gelovige in Christus ontvangt bij zijn wedergeboorte, en die in de doop op geloof beleden en gezegeld wordt

"In Welken gij ook besneden zijt met een besnijdenis, die zonder handen geschiedt, in de uittrekking van het lichaam der zonden des vleses, door de besnijdenis van Christus" (Kol. 2:11) — geen lichamelijk teken meer, maar de innerlijke aflegging van het zondige vlees. Paulus verbindt dit onmiddellijk aan de doop: "zijnde met Hem begraven in den doop, in welken gij ook met Hem opgewekt zijt door het geloof der werking Gods, Die Hem uit de doden opgewekt heeft" (Kol. 2:12), met als resultaat: "Hij heeft u, als gij dood waart in de misdaden, en in de voorhuid uws vleses, mede levend gemaakt met Hem, al uw misdaden u vergevende" (Kol. 2:13). In datzelfde vers staat dat het handschrift dat tegen ons was, is uitgewist en aan het kruis genageld (Kol. 2:14).

Bijbelse betekenis: Waar de lichamelijke besnijdenis (Gen. 17, reeds behandeld) een teken in het vlees was dat aan de geboorte hing, is dit de geestelijke vervulling ervan. Zij is de innerlijke afsnijding van de oude, zondige natuur, die geschiedt wanneer iemand in Christus komt te staan. Merk op wat Kol. 2:12 zelf als middel noemt: niet de doop op zichzelf, maar "het geloof der werking Gods" — de doop is hier het zichtbare zegel op iets dat door het geloof al werkelijkheid is. Dat is dezelfde orde als bij de doop van Johannes en de doop in Handelingen (reeds behandeld bij Matt. 3): eerst het geloof, dan het teken. Deze tekst wordt in de paedobaptistische uitleg wel gebruikt om de doop als opvolger van de besnijdenis aan pasgeboren kinderen te verbinden. De tekst zelf doet dat niet: zij verbindt de besnijdenis-zonder-handen en de doop aan het geloof, niet aan de geboorte. Wie nog niet geloven kan, kan naar deze tekst ook niet besneden zijn met de besnijdenis van Christus.

Typologie: Dit vervult wat het Oude Testament al aankondigde: "En de HEERE, uw God, zal uw hart besnijden, en het hart van uw zaad, om den HEERE, uw God, lief te hebben" (Deut. 30:6). En Paulus noemt de ware besnijdenis elders die van het hart, door de Geest, en niet naar de letter (reeds behandeld bij Rom. 2:28-29).

Kol. 2:11-14; Matt. 3:1-15; Deut. 30:6; Rom. 2:28-29; Rom. 6:4

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

De verlossing en de losser niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe

Het handschrift aan het kruis genageld — 2:8-17

In Kolosse dringen leraars aan op inzettingen: op eten en drinken, op feestdagen en nieuwe manen en sabbatten. Wie het goed wil doen, moet dat er volgens hen bij nemen. Paulus antwoordt met een beeld uit de rechtszaal.

De schuldbekentenis die tegen ons getuigde is uitgewist en aan het kruis genageld — en de inzettingen waren maar een schaduw.

Paulus gebruikt het woord cheirographon: een handschrift, een eigenhandig getekende schuldbekentenis. De kanttekening legt uit dat sommigen daarbij denken aan de wet die God met eigen hand op stenen tafelen schreef. Zij wijst ook op Efeze 2, waar hetzelfde de wet der geboden in inzettingen heet.

Wat er met dat handschrift gebeurt, staat er in drie werkwoorden. Uitgewist — de kanttekening geeft: doorgehaald en weggeworpen, geheel tenietgedaan. Weggenomen uit het midden. En dan het derde, dat het beeld verankert in een plaats en een uur: hetzelve aan het kruis genageld hebbende.

De schuldbrief die tegen ons getuigde is dus niet kwijtgeraakt of vergeten. Hij is doorgehaald en vastgespijkerd op de plek waar ook Hij hing.

Daarna volgt de toepassing op de dwaalleraars, en die is nuchter. Dat niemand u dan oordele in spijs of in drank, of in het stuk des feestdags of der nieuwe maan of der sabbatten. En dan de zin die dit hele register in vier woorden samenvat: welke zijn een schaduw der toekomende dingen, maar het lichaam is van Christus.

De kanttekening werkt dat uit: de zaak die erdoor aangeduid wordt is Christus, in Wie zij vervuld zijn. Alle schaduwen van het Oude Testament hebben op Christus en Zijn weldaden gezien, en door Zijn komst hebben zij ook een einde gekregen.

Een schaduw bewijst dat er iets is dat hem werpt. Maar wie de schaduw vasthoudt terwijl de zaak zelf gekomen is, houdt niets in handen.

  1. Leviticus 23:2 — De feesten, nieuwe manen en sabbatten worden ingesteld.
  2. Kolossenzen 2:14 — Het handschrift dat tegen ons was, is uitgewist en aan het kruis genageld.
  3. Kolossenzen 2:17 — Die dingen zijn een schaduw; het lichaam is van Christus.
  4. Hebreeën 10:1 — De wet had een schaduw der toekomende goederen, niet het beeld zelf.
  5. Efeze 2:15 — De wet der geboden in inzettingen tenietgedaan.
  6. Johannes 19:30 — Het is volbracht.

In het Nieuwe Testament: Hebreeën 10:1; Efeze 2:14-16; Galaten 4:9-10; Johannes 19:30

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Kolossenzen 2

Kolossenzen 2:1

KruisverwijzingenKolossenzen 1:29Filippenzen 1:30Kolossenzen 4:12Openbaring 1:11Kolossenzen 2:5Kolossenzen 1:24Lukas 22:441 Thessalonicenzen 2:2
— Want ik wil, dat gij weet, hoe groten strijd ik voor u heb, en voor degenen, die te Laodicea zijn, en zo velen als er mijn aangezicht in het vlees niet hebben gezien;

Paulus had deze Kolossenzer christenen nooit ontmoet, maar hij had gehoord van hun geloof, hun hoop en hun liefde. Hij verlangde zo naar hun welzijn dat hij voortdurend zorg voor hen in zijn hart droeg. Hij bracht die zorg tot God in het gebed, en toch bleef hij hen liefdevol gedenken. Zij waren altijd op zijn hart, zoals een ziek kind altijd op het hart van zijn moeder is.

Kolossenzen 2:2-3

KruisverwijzingenKolossenzen 4:81 Korinthe 1:301 Korinthe 1:24Romeinen 11:33Kolossenzen 3:14Efeze 6:22Kolossenzen 1:15Kolossenzen 1:27
— Opdat hun harten vertroost mogen worden, en zij samengevoegd zijn in de liefde, en dat tot allen rijkdom der volle verzekerdheid des verstands, tot kennis der verborgenheid van God en den Vader, en van Christus; In Denwelken al de schatten der wijsheid en der kennis verborgen zijn.

Hij wilde dat zij God kenden, en rustten, getroost en gelukkig, in wat Hij geopenbaard had. Hij zag bij hen een neiging om verder te kijken naar iets meer dan dat. Zij verlangden nog iets aan het Evangelie toe te voegen, buiten het Woord om nieuw licht te vinden, en daarover treurde hij zeer. Hijzelf was meer dan tevreden met het Evangelie, en hij wilde dat zij dat in dat opzicht ook waren.

Kolossenzen 2:4

KruisverwijzingenEfeze 5:6Romeinen 16:182 Thessalonicenzen 2:92 Johannes 1:7Mattheüs 24:241 Johannes 2:262 Timotheüs 2:16Titus 1:10
— En dit zeg ik, opdat niet iemand u misleide met beweegredenen, die een schijn hebben.

Zij spraken het Evangelie niet openlijk tegen; zij deden alsof zij er grote genegenheid voor hadden. En toch probeerden zij met hun verleidelijke woorden van menselijke wijsheid het hart eruit te scheuren.

Kolossenzen 2:5

Kruisverwijzingen1 Petrus 5:91 Korinthe 14:401 Korinthe 16:131 Thessalonicenzen 2:172 Petrus 3:17Psalmen 78:81 Korinthe 15:581 Thessalonicenzen 3:8
— Want hoewel ik met het vlees van u ben, nochtans ben ik met den geest bij u, mij verblijdende en ziende uw ordening, en de vastigheid van uw geloof in Christus.

Hij vergat hen nooit; en het was zijn blijdschap wanneer hij hen vast zag staan in Christus, en zijn droefheid en zijn afschuw wanneer zij achter iemand anders aangingen.

Kolossenzen 2:6

KruisverwijzingenKolossenzen 1:101 Thessalonicenzen 4:11 Johannes 2:6Efeze 5:1Kolossenzen 3:172 Johannes 1:82 Korinthe 5:71 Johannes 5:11
— Gelijk gij dan Christus Jezus, den Heere, hebt aangenomen, wandelt alzo in Hem;

Keer u niet van Hem af, denk er niet aan verder te gaan dan Hem. U hebt Hem in het begin heel eenvoudig aangenomen, u vertrouwde geheel op Hem, ga dus zo door. U was tevreden met Christus toen u voor het eerst tot Hem kwam. Wees dat dan nog steeds, want u hebt niets meer nodig dan Christus, en er is niets meer dan Christus. Begin niet met Christus om daarna terug te vallen op uzelf; laat het van begin tot eind geheel Christus zijn.

Kolossenzen 2:7

KruisverwijzingenEfeze 3:17Efeze 2:20Kolossenzen 1:232 Thessalonicenzen 2:17Kolossenzen 1:12Romeinen 11:17Efeze 5:20Psalmen 92:13
— Geworteld en opgebouwd in Hem, en bevestigd in het geloof, gelijkerwijs gij geleerd zijt, overvloedig zijnde in hetzelve, met dankzegging.

Neem een levend houvast aan Christus, zoals een boom houvast heeft aan de grond. Wees ook in Hem opgebouwd; zoals een gebouw zich zet op zijn fundament, zo moet u zich zetten op Christus. Vergeet niet wat u geleerd hebt; verwerp het niet; houd eraan vast. Wie het ene wijsgerige stelsel zou leren, en het dan weer afleren, en aan een ander beginnen, en dat dan weer afleren, en aan nog weer een ander beginnen, zou eerder een dwaas worden dan een wijsgeer. En wie op de ene manier begint het geloof te leren, en het dan op een andere manier probeert te leren, en het vervolgens op nog weer een andere manier probeert te leren, wordt eerder een scepticus dan een heilige. Christenen behoren vooruitgang te maken op de weg naar de hemel. Maar zij behoren geen ander fundament voor hun geloof te hebben dan zij bij het begin van hun christelijke loopbaan hadden. Wij moeten nog altijd vaststaan zoals wij bij het begin stonden. Wij moeten geworteld en gegrond zijn, bevestigd in het geloof, vasthoudend aan de oude waarheid die onze zielen behouden heeft. Met steeds grotere vastheid moeten wij vasthouden aan diezelfde Zaligmaker, elk uur van ons leven. Wij mogen niet zijn als kaf, voortgedreven door de wind, altijd in beweging; maar als de cederen van Libanon, stevig geworteld, bestand tegen de zwaarste stormen.

Kolossenzen 2:8

Kruisverwijzingen1 Timotheüs 6:20Efeze 5:6Kolossenzen 2:20Galaten 4:3Romeinen 1:21Mattheüs 7:151 Korinthe 3:18Kolossenzen 2:22
— Ziet toe, dat niemand u als een roof vervoere door de filosofie, en ijdele verleiding, naar de overlevering der mensen, naar de eerste beginselen der wereld, en niet naar Christus;

Velen zouden u op deze manier willen bederven, door u hun diepzinnige gedachten, hun grootse uitvindingen, hun schitterende ideeën te onderwijzen. Wees op uw hoede voor hen allen. Houd u aan Christus, geliefde. Ga niet verder dan Hij u leidt; wijk niet van Hem af, noch naar rechts, noch naar links. In Hem zijn alle rijkdommen van de genade en alle schatten van de kennis besloten. Wilt u werkelijk wijs worden, zoek dan meer te weten van de wijsheid van God in Christus Jezus.

Kolossenzen 2:9-10

KruisverwijzingenKolossenzen 1:19Johannes 1:14Johannes 10:301 Timotheüs 3:16Johannes 10:38Efeze 1:20Kolossenzen 1:16Efeze 3:19
— Want in Hem woont al de volheid der Godheid lichamelijk; En gij zijt in Hem volmaakt, Die het Hoofd is van alle overheid en macht;

U hebt alles in Christus wat u zou moeten willen; u bent volledig toegerust, geheel voorzien en uitgerust voor alle toekomstige dienst. U hoeft niet naar Christus te gaan voor de vervulling van sommige van uw noden, en dan elders voor de vervulling van andere noden; nee, u bent volmaakt in Hem.

Kolossenzen 2:11

KruisverwijzingenRomeinen 2:29Romeinen 6:6Efeze 4:22Filippenzen 3:3Kolossenzen 3:8Lukas 2:21Deuteronomium 30:6Galaten 2:20
— In Welken gij ook besneden zijt met een besnijdenis, die zonder handen geschiedt, in de uittrekking van het lichaam der zonden des vleses, door de besnijdenis van Christus;

Alles wat er goeds was in het jodendom, is voor u zekergesteld in Christus. Wat er ook van zegen en voorrecht lag in het verbondsteken in het vlees van hen die God vroeger tot Zijn volk maakte, dat is u overgedragen door de dood van Christus.

Kolossenzen 2:12

KruisverwijzingenRomeinen 6:3Romeinen 4:24Efeze 4:51 Petrus 3:21Handelingen 2:24Efeze 3:17Galaten 3:27Efeze 1:19
— Zijnde met Hem begraven in den doop, in welken gij ook met Hem opgewekt zijt door het geloof der werking Gods, Die Hem uit de doden opgewekt heeft.

Alleen doordat u één bent met Christus, zal de doop voor u zijn wat Hij bedoeld heeft. Met Hem begraven in de doop, bent u dood voor al het overige, en al uw leven ligt in Hem.

Kolossenzen 2:13

KruisverwijzingenEfeze 2:1Jakobus 2:261 Johannes 1:7Lukas 15:32Jeremia 31:34Johannes 6:63Psalmen 119:50Romeinen 4:17
— En Hij heeft u, als gij dood waart in de misdaden, en in de voorhuid uws vleses, mede levend gemaakt met Hem, al uw misdaden u vergevende;

Uw vergeving wordt u gegeven in Christus. O, hoe vol en hoe vrij is die vergeving die tot u komt door Christus Jezus!

Kolossenzen 2:14-15

KruisverwijzingenEfeze 4:8Hebreeën 2:14Mattheüs 12:29Jesaja 53:12Hebreeën 7:18Efeze 2:14Hebreeën 10:8Johannes 12:31
— Uitgewist hebbende het handschrift, dat tegen ons was, in inzettingen bestaande, hetwelk, zeg ik, enigerwijze ons tegen was, en heeft datzelve uit het midden weggenomen, hetzelve aan het kruis genageld hebbende; En de overheden en de machten uitgetogen hebbende, heeft Hij die in het openbaar tentoongesteld, en heeft door hetzelve over hen getriomfeerd.

Al de Mozaïsche plechtigheden, waarvan u als heidenen buitengesloten was, zijn afgeschaft. Christus heeft er een spijker doorheen geslagen en ze aan Zijn kruis vastgemaakt. Zoals een bankier weleens een cheque doorstempelt wanneer zij betaald is, zo heeft Christus dwars door het hart van alle Joodse inzettingen heen gestoken, door wat Hij voor Zijn volk gedaan heeft. Zijn kruis was Zijn triomf. Hij heeft de gevangenis gevankelijk weggevoerd, hen in het openbaar tentoongesteld als Zijn gevangenen in een triomftocht, zoals de zegevierende Romeinse veldheren deden wanneer zij van de oorlog terugkeerden. Wat wilt u dan nog meer? Uw vijand is overwonnen, uw zonden uitgewist, uw dood in leven veranderd, in al uw noden is voorzien.

Kolossenzen 2:16

KruisverwijzingenRomeinen 14:5Galaten 4:10Romeinen 14:10Romeinen 14:131 Kronieken 23:31Hebreeën 9:10Ezechiël 45:17Romeinen 14:20
— Dat u dan niemand oordele in spijs of in drank, of in het stuk des feest dags, of der nieuwe maan, of der sabbatten;

Stel uzelf niet onder de dwang van regels en voorschriften die door mensen gemaakt zijn. Kiest u ervoor iets te doen, of iets te laten, omdat u het juist en heilzaam acht, doe dat dan. Maar laat niemand u vertellen dat het voor uw zaligheid nodig is zich van dit voedsel of die drank te onthouden. Laat ook niemand u vertellen dat er verdienste ligt in veertig dagen vasten, of dat u niet zalig kunt worden zonder zo’n heilige dag te houden. Uw zaligheid ligt in Christus. Houd u daaraan, en voeg niets toe aan dit ene fundament, dat eens voor altijd in Hem gelegd is.

Kolossenzen 2:17

KruisverwijzingenHebreeën 10:1Hebreeën 8:5Johannes 1:17Hebreeën 9:9Hebreeën 4:1Mattheüs 11:28
— Welke zijn een schaduw der toekomende dingen, maar het lichaam is van Christus.

Dat is alles wat zij zijn: een schaduw van de toekomende dingen. U kunt de schaduw nu missen, nu u de zaak zelf hebt; houd u dus daaraan. Sommige mensen vermenigvuldigen kerkelijke plechtigheden; zij hebben deze vorm en die vorm. Welnu, laat hen die hebben als zij ze nuttig vinden, maar onderwerp uzelf niet aan zoiets. Volg het Nieuwe Testament, en blijf boven alles dicht bij Christus, want Hij is alles voor u.

Kolossenzen 2:18

KruisverwijzingenKolossenzen 2:23Kolossenzen 2:81 Timotheüs 1:72 Korinthe 11:3Deuteronomium 29:29Openbaring 22:8Jakobus 4:11 Timotheüs 4:1
— Dat dan niemand u overheerse naar zijn wil in nederigheid en dienst der engelen, intredende in hetgeen hij niet gezien heeft, tevergeefs opgeblazen zijnde door het verstand zijns vleses;

Wij kennen mensen die zeggen: wij weten niets, wij zijn alleen maar zoekers, die proberen de waarheid te vinden. Zij spreken heel nederig, als men bedenkt hoe wanhopig trots zij werkelijk zijn, maar die nederigheid die mensen doet twijfelen, is schijnnederigheid, en is niet uit God. Hebt u de waarheid uit de Schriften geleerd, wees er dan onwrikbaar in. Wees niet bang voor de aanmatiging waarvan men u zal beschuldigen, of de bekrompenheid die men u zal toeschrijven. Laat niemand u van uw beloning beroven. Agnosten belijden door hun naam al dat zij het niet weten. Maar laat hen niet wegnemen wat u wél weet, en u niet aanzetten dingen te onderzoeken die boven uw begrip gaan. Zij willen u doen geloven dat hun oordeel bijna onfeilbaar is, terwijl het juist heel feilbaar is. Wees niet opgeblazen door uw vleselijke gemoed.

Kolossenzen 2:19

KruisverwijzingenEfeze 4:15Job 19:9Johannes 17:21Kolossenzen 1:18Galaten 5:2Romeinen 12:4Efeze 5:29Filippenzen 1:27
— En het Hoofd niet behoudende, uit hetwelk het gehele lichaam, door de samenvoegselen en samenbindingen voorzien en samengevoegd zijnde, opwast met goddelijken wasdom.

Dat is het punt: deze mensen wenden zich af van de Godheid van Christus, van het verzoenend bloed, van de verheerlijking van Hem Die alleen de Waarheid is. Neem het Hoofd weg, en er is dood; alles raakt dan uit de orde. Wordt het Hoofd geloochend, wordt enige leer onderwezen die tegen de heerlijkheid van Christus ingaat? Dan hebt u het lichaam gedood, hoezeer u ook doet alsof u het laat groeien en voedt.

Kolossenzen 2:20-22

KruisverwijzingenGalaten 4:3Jesaja 29:13Kolossenzen 2:8Kolossenzen 2:14Kolossenzen 2:16Titus 1:14Galaten 4:91 Korinthe 6:13
— Indien gij dan met Christus de eerste beginselen der wereld zijt afgestorven, wat wordt gij, gelijk of gij in de wereld leefdet, met inzettingen belast? Namelijk raak niet, en smaak niet, en roer niet aan. Welke dingen alle verderven door het gebruik, ingevoerd naar de geboden en leringen der mensen;

U mag, en behoort te voelen dat er sommige dingen zijn die u niet zult aanraken, of proeven, of aanroeren. Laat vergiftige middelen liever met rust. Maar tracht iemand u enig voorschrift daarover als een deel van het geloof op te leggen, dan mag u dat weerstaan en verwerpen, en uw vrijheid in Christus voor u opeisen.

Kolossenzen 2:23

KruisverwijzingenKolossenzen 2:181 Timotheüs 4:81 Timotheüs 4:3Genesis 3:5Mattheüs 23:27Efeze 5:29Kolossenzen 2:8Kolossenzen 2:22
— Dewelke wel hebben een schijn rede van wijsheid in eigenwilligen gods dienst en nederigheid, en in het lichaam niet te sparen, doch zijn niet in enige waarde, maar tot verzadiging van het vlees.

Er waren sommige Joden die bepaalde soorten vlees niet wilden eten, en anderen die lange perioden vastten. Sommigen vonden het zeer goddeloos op een bepaalde dag vlees te eten, en er waren nog veel meer van zulke begrippen. Soortgelijke bijgelovigheden bestaan nog onder ons voort, zoals geen vlees eten op vrijdag, bang zijn voor dertien personen aan tafel, en zo meer. Maar u hebt met al zulke onzin niets te maken; maak u er dus van los. Bent u een gelovige in Christus, vertrap dan al zulke dwaasheid onder uw voeten. Er is geen eer aan zulke dingen; zij zijn verachtelijk. Dat is alles wat zij zouden doen: u beter doen lijken dan andere mensen. Laat u dus niet op deze manier verleiden, maar staat vast in de vrijheid waarmee Christus Zijn volk heeft vrijgemaakt.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Verdiepende artikelen

De Triomfantelijke Hemelvaart van onze Heere

Preken

Een preek uitgesproken op zondag 11 mei 1890, door C.H. Spurgeon in de Metropolitan Tabernacle. U bent opgevaren naar omhoog, U hebt gevangenen weggevoerd, U hebt gaven genomen…

Sekten

Voor kinderen

Pas op dat niemand u als buit meesleept door de filosofie... Kolossenzen 2:8 Er zijn veel verschillende soorten christelijke kerken—kun je er een paar noemen voordat je verder leest?…

Een vrije gift

Hij Verkwikt Mijn Ziel

Zoals u dan Christus Jezus, de Heere, hebt aangenomen, wandel in Hem. Kolossenzen 2:6 Het geloofsleven wordt voorgesteld als ontvangen – iets wat precies het tegenovergestelde is van…

Blijf dicht bij Christus

Hij Verkwikt Mijn Ziel

Wandel in Hem. Kolossenzen  2:6 Als je Christus echt in je hart hebt verwelkomd, zal dat nieuwe leven zichtbaar worden in hoe je met Hem samenwandelt – een…

Leven en wandelen in geloof

Geloof Voor Iedere Dag

Zoals u dan Christus Jezus, de Heere, hebt aangenomen, wandel in Hem.(Kolossenzen 2:6) Lees verder 1 Johannes 2:3—11. Er zijn veel mensen met een tegenstrijdig leven. Ik kan…

Blijf in Jezus en wandel in Hem

Voor Iedere Morgen

Bijbels Dagboek, C.H. Spurgeon  "Voor Iedere Morgen" Wandel in Hem. Kolossenzen 2 vers 6 Als wij Christus Zelf in het diepst van ons hart ontvangen hebben, zal ons…

Gaven ontvangen om Jezus aan te nemen

Voor Iedere Morgen

Bijbels Dagboek, C.H. Spurgeon  "Voor Iedere Morgen" Zoals u dan Christus Jezus, de Heere, hebt aangenomen, wandel in Hem. Kolossenzen 2 vers 6 Het geloofsleven wordt hier vergeleken…

In Hem volmaakt

Nabij De Zon

Want in Hem woont al de volheid der Godheid lichamelijk; en gij zijt in Hem volmaakt, Die het Hoofd is van alle overheid en macht. Kolossenzen 2:9-10 Alle eigenschappen…

Jezus voetstappen volgen

Nabij De Zon

Gelijk gij dan Christus Jezus, de Heere, hebt aangenomen, wandelt alzo in Hem. Kolossenzen 2:6 O, er is niets waaraan u zo’n groot voordeel kunt hebben, waardoor u zo…

Kan God vergeten?

Aan De Voeten Van De Meester

En Hij heeft u, als gij dood waart in de misdaden, en in de voorhuid uws vleses, mede levend gemaakt met Hem, al uw misdaden u vergevende; Uitgewist hebbende…

Wat het geloof insluit

Geloof

Worden we niet veroordeeld? Dan zijn Gods kinderen in Gods oog nooit schuldig als ze in Christus geloven. Bent u verbaasd dat ik dit zo zeg? Ik zeg…

Volmaakt geworden in Hem

Voor Iedere Morgen

Bijbels Dagboek, C.H. Spurgeon  "Voor Iedere Morgen" Want in Hem woont heel de volheid van de Godheid lichamelijk. En u bent volmaakt geworden in Hem. Kolossenzen 2 vers…

Wandel met Jezus

Korte Overdenkingen

Gelijk gij dan Christus Jezus, den Heere, hebt aangenomen, wandelt alzo in Hem; Geworteld en opgebouwd in Hem, en bevestigd in het geloof, gelijkerwijs gij geleerd zijt, overvloedig zijnde…

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content