Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Genesis 7

1 Daarna zeide de HEERE tot Noach: Ga gij, en uw ganse huis in de ark; want u heb Ik gezien rechtvaardig voor Mijn aangezicht in dit geslacht.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 Daarna zeideH559 de HEEREH3068 totH413 NoachH5146: GaH935 gijH859, en uw ganseH3605 huisH1004 in de arkH8392; wantH3588 u heb Ik gezienH7200 rechtvaardigH6662 voor Mijn aangezichtH6440 in ditH2088 geslachtH1755. Daarna zeide de HEERE tot Noach: Ga gij, en uw ganse huis in de ark; want u heb Ik gezien rechtvaardig voor Mijn aangezicht in dit geslacht.

KJV And the LORD2 said1 unto Noah,3 Come4 thou and all thy house7 into the ark;9 for thee have I seen12 righteous13 before me14 in this16 generation.

1 וַיֹּ֤אמֶר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 2 יְהוָה֙ H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 לְנֹ֔חַ H5146 Noach, Noachs Noah 4 בֹּֽא H935 komen, kwam, kwamen abide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way 5 אַתָּ֥ה H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you 6 וְכָל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 7 בֵּיתְךָ֖ H1004 huis, huizen, huize court, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out) 8 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 9 הַתֵּבָ֑ה H8392 ark, kistje ark 10 כִּֽי H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 11 אֹתְךָ֥ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 12 רָאִ֛יתִי H7200 zag, zien, gezien advise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions 13 צַדִּ֥יק H6662 rechtvaardige, rechtvaardigen, rechtvaardig just, lawful, righteous (man) 14 לְפָנַ֖י H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 15 בַּדּ֥וֹר H1755 geslacht, geslachten, Geslacht age, [idiom] evermore, generation, (n-) ever, posterity 16 הַזֶּֽה H2088 dit, deze, dezen he, [idiom] hence, [idiom] here, it(-self), [idiom] now, [idiom] of him, the one...the other, [idiom] than the other, ([idiom] out of) the (self) same, such (a one) that, these, this (hath, man), on this side...on that side, [idiom] thus, very, which. Compare H2063 (זֹאת), H2090 (זֹה), H2097 (זוֹ), H2098 (זוּ)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 Van alle rein vee zult gij tot u nemen zeven en zeven, het mannetje en zijn wijfje; maar van het vee, dat niet rein is, twee, het mannetje en zijn wijfje.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 Van alleH3605 reinH2889 veeH929 zult gij tot u nemenH3947 zevenH7651 en zevenH7651, het mannetjeH376 en zijn wijfjeH802; maar vanH4480 het veeH929, dat nietH3808 reinH2889 is, tweeH8147, het mannetjeH376 en zijn wijfjeH802. Van alle rein vee zult gij tot u nemen zeven en zeven, het mannetje en zijn wijfje; maar van het vee, dat niet rein is, twee, het mannetje en zijn wijfje.

KJV Of every clean3 beast2 thou shalt take4 to thee by sevens,6 the male8 and his female:9 and of beasts11 that are not clean14 by two,16 the male17 and his female.

1 מִכֹּ֣ל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 2 הַבְּהֵמָ֣ה H929 beesten, vee, beest beast, cattle 3 הַטְּהוֹרָ֗ה H2889 rein, louter, reine clean, fair, pure(-ness) 4 תִּֽקַּח H3947 nam, nemen, genomen accept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win 5 לְךָ֛ 6 שִׁבְעָ֥ה H7651 zeven, zevenhonderd, zevenmaal ([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה) 7 שִׁבְעָ֖ה H7651 zeven, zevenhonderd, zevenmaal ([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה) 8 אִ֣ישׁ H376 man, mannen, ieder also, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה) 9 וְאִשְׁתּ֑וֹ H802 vrouw, vrouwen, huisvrouw (adulter) ess, each, every, female, [idiom] many, [phrase] none, one, [phrase] together, wife, woman. Often unexpressed in English 10 וּמִן H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with 11 הַבְּהֵמָ֡ה H929 beesten, vee, beest beast, cattle 12 אֲ֠שֶׁר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 13 לֹ֣א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 14 טְהֹרָ֥ה H2889 rein, louter, reine clean, fair, pure(-ness) 15 הִ֛וא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who 16 שְׁנַ֖יִם H8147 twee, twaalf, beide both, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two 17 אִ֥ישׁ H376 man, mannen, ieder also, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה) 18 וְאִשְׁתּֽוֹ H802 vrouw, vrouwen, huisvrouw (adulter) ess, each, every, female, [idiom] many, [phrase] none, one, [phrase] together, wife, woman. Often unexpressed in English
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Ook van het gevogelte des hemels zeven en zeven, het mannetje en het wijfje, om zaad levend te houden op de ganse aarde.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 OokH1571 van het gevogelteH5775 des hemelsH8064 zevenH7651 en zevenH7651, het mannetjeH2145 en het wijfjeH5347, om zaadH2233 levendH2421 te houden opH5921 de ganseH3605 aardeH776. Ook van het gevogelte des hemels zeven en zeven, het mannetje en het wijfje, om zaad levend te houden op de ganse aarde.

KJV Of fowls2 also of the air3 by sevens,4 the male6 and the female;7 to keep8 seed9 alive upon the face11 of all the earth.

1 גַּ֣ם H1571 ook, zelfs, ja again, alike, also, (so much) as (soon), both (so)...and, but, either...or, even, for all, (in) likewise (manner), moreover, nay...neither, one, then(-refore), though, what, with, yea 2 מֵע֧וֹף H5775 gevogelte, vogelen, vogel bird, that flieth, flying, fowl 3 הַשָּׁמַ֛יִם H8064 hemel, hemels, hemelen air, [idiom] astrologer, heaven(-s) 4 שִׁבְעָ֥ה H7651 zeven, zevenhonderd, zevenmaal ([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה) 5 שִׁבְעָ֖ה H7651 zeven, zevenhonderd, zevenmaal ([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה) 6 זָכָ֣ר H2145 mannelijk, manspersonen, mannetje [idiom] him, male, man(child, -kind) 7 וּנְקֵבָ֑ה H5347 vrouw, wijfje, meisje female 8 לְחַיּ֥וֹת H2421 leven, leefde, levend keep (leave, make) alive, [idiom] certainly, give (promise) life, (let, suffer to) live, nourish up, preserve (alive), quicken, recover, repair, restore (to life), revive, ([idiom] God) save (alive, life, lives), [idiom] surely, be whole 9 זֶ֖רַע H2233 zaad, zaads, zaadzaaiende [idiom] carnally, child, fruitful, seed(-time), sowing-time 10 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 11 פְּנֵ֥י H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 12 כָל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 13 הָאָֽרֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Want over nog zeven dagen zal Ik doen regenen op de aarde veertig dagen, en veertig nachten; en Ik zal van den aardbodem verdelgen al wat bestaat, dat Ik gemaakt heb.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 WantH3588 overH5921 nogH5750 zevenH7651 dagenH3117 zal IkH595 doen regenenH4305 opH5921 de aardeH776 veertigH705 dagenH3117, en veertigH705 nachtenH3915; en Ik zal van den aardbodemH127 verdelgenH4229 alH3605 watH834 bestaatH3351, dat Ik gemaaktH6213 heb. Want over nog zeven dagen zal Ik doen regenen op de aarde veertig dagen, en veertig nachten; en Ik zal van den aardbodem verdelgen al wat bestaat, dat Ik gemaakt heb.

KJV For yet3 seven4 days,2 and I will cause it to rain6 upon the earth8 forty9 days10 and forty11 nights;12 and every15 living substance16 that I have made18 will I destroy13 from off7 the face20 of the earth.

1 כִּי֩ H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 2 לְיָמִ֨ים H3117 dagen, dag, dage age, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger 3 ע֜וֹד H5750 meer, nog, wederom again, [idiom] all life long, at all, besides, but, else, further(-more), henceforth, (any) longer, (any) more(-over), [idiom] once, since, (be) still, when, (good, the) while (having being), (as, because, whether, while) yet (within) 4 שִׁבְעָ֗ה H7651 zeven, zevenhonderd, zevenmaal ([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה) 5 אָֽנֹכִי֙ H595 ik, mij I, me, [idiom] which 6 מַמְטִ֣יר H4305 regenen, regende, beregend (cause to) rain (upon) 7 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 8 הָאָ֔רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 9 אַרְבָּעִ֣ים H705 veertig, veertigste, Veertig -forty 10 י֔וֹם H3117 dagen, dag, dage age, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger 11 וְאַרְבָּעִ֖ים H705 veertig, veertigste, Veertig -forty 12 לָ֑יְלָה H3915 nacht, nachts, nachten (mid-)night (season) 13 וּמָחִ֗יתִי H4229 uitgedelgd, delg, verdelgen abolish, blot out, destroy, full of marrow, put out, reach unto, [idiom] utterly, wipe (away, out) 14 אֶֽת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 15 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 16 הַיְקוּם֙ H3351 bestond, bestaat (living) substance 17 אֲשֶׁ֣ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 18 עָשִׂ֔יתִי H6213 doen, gedaan, maakte accomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use 19 מֵעַ֖ל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 20 פְּנֵ֥י H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 21 הָֽאֲדָמָֽה H127 land, aardbodem, lands country, earth, ground, husband(-man) (-ry), land
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 En Noach deed, naar al wat de HEERE hem geboden had.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 En NoachH5146 deedH6213, naar alH3605 watH834 de HEEREH3068 hem gebodenH6680 had. En Noach deed, naar al wat de HEERE hem geboden had.

KJV And Noah2 did1 according unto all that the LORD6 commanded

1 וַיַּ֖עַשׂ H6213 doen, gedaan, maakte accomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use 2 נֹ֑חַ H5146 Noach, Noachs Noah 3 כְּכֹ֥ל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 4 אֲשֶׁר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 5 צִוָּ֖הוּ H6680 geboden, gebood, gebiede appoint, (for-) bid, (give a) charge, (give a, give in, send with) command(-er, -ment), send a messenger, put, (set) in order 6 יְהוָֽה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 Noach nu was zeshonderd jaren oud, als de vloed der wateren op de aarde was.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 NoachH5146 nu was zeshonderdH8337 jarenH8141 oudH1121, als de vloedH3999 der waterenH4325 opH5921 de aardeH776 was. Noach nu was zeshonderd jaren oud, als de vloed der wateren op de aarde was.

KJV And Noah1 was six3 hundred4 years5 old2 when the flood6 of waters8 was upon the earth.

1 וְנֹ֕חַ H5146 Noach, Noachs Noah 2 בֶּן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 3 שֵׁ֥שׁ H8337 zes, zeshonderd, zestien six(-teen, -teenth), sixth 4 מֵא֖וֹת H3967 honderd, tweehonderd, honderden hundred((-fold), -th), [phrase] sixscore 5 שָׁנָ֑ה H8141 jaren, jaar, jaars [phrase] whole age, [idiom] long, [phrase] old, year([idiom] -ly) 6 וְהַמַּבּ֣וּל H3999 vloed, vloeds, watervloed flood 7 הָיָ֔ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 8 מַ֖יִם H4325 water, wateren, waters [phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring)) 9 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 10 הָאָֽרֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Zo ging Noach, en zijn zonen, en zijn huisvrouw, en de vrouwen zijner zonen met hem in de ark, vanwege de wateren des vloeds.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 Zo gingH935 NoachH5146, en zijn zonenH1121, en zijn huisvrouwH802, en de vrouwenH802 zijner zonenH1121 metH854 hem in de arkH8392, vanwegeH6440 de waterenH4325 des vloedsH3999. Zo ging Noach, en zijn zonen, en zijn huisvrouw, en de vrouwen zijner zonen met hem in de ark, vanwege de wateren des vloeds.

KJV And Noah2 went in,1 and his sons,3 and his wife,4 and his sons'6 wives5 with him, into the ark,9 because of10 the waters11 of the flood.

1 וַיָּ֣בֹא H935 komen, kwam, kwamen abide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way 2 נֹ֗חַ H5146 Noach, Noachs Noah 3 וּ֠בָנָיו H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 4 וְאִשְׁתּ֧וֹ H802 vrouw, vrouwen, huisvrouw (adulter) ess, each, every, female, [idiom] many, [phrase] none, one, [phrase] together, wife, woman. Often unexpressed in English 5 וּנְשֵֽׁי H802 vrouw, vrouwen, huisvrouw (adulter) ess, each, every, female, [idiom] many, [phrase] none, one, [phrase] together, wife, woman. Often unexpressed in English 6 בָנָ֛יו H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 7 אִתּ֖וֹ H854 met, van, bij against, among, before, by, for, from, in(-to), (out) of, with. Often with another prepositional prefix 8 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 9 הַתֵּבָ֑ה H8392 ark, kistje ark 10 מִפְּנֵ֖י H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 11 מֵ֥י H4325 water, wateren, waters [phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring)) 12 הַמַּבּֽוּל H3999 vloed, vloeds, watervloed flood
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 Van het reine vee, en van het vee, dat niet rein was, en van het gevogelte, en al wat op den aardbodem kruipt,
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 Van het reineH2889 veeH929, en vanH4480 het veeH929, datH834 nietH369 reinH2889 was, en vanH4480 het gevogelteH5775, en alH3605 watH834 opH5921 den aardbodemH127 kruiptH7430, Van het reine vee, en van het vee, dat niet rein was, en van het gevogelte, en al wat op den aardbodem kruipt,

KJV Of clean3 beasts,2 and of beasts5 that are not clean,8 and of fowls,10 and of every thing that creepeth13 upon the earth,

1 מִן H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with 2 הַבְּהֵמָה֙ H929 beesten, vee, beest beast, cattle 3 הַטְּהוֹרָ֔ה H2889 rein, louter, reine clean, fair, pure(-ness) 4 וּמִן H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with 5 הַ֨בְּהֵמָ֔ה H929 beesten, vee, beest beast, cattle 6 אֲשֶׁ֥ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 7 אֵינֶ֖נָּה H369 geen, niet, niemand else, except, fail, (father-) less, be gone, in(-curable), neither, never, no (where), none, nor, (any, thing), not, nothing, to nought, past, un(-searchable), well-nigh, without. Compare H370 (אַיִן) 8 טְהֹרָ֑ה H2889 rein, louter, reine clean, fair, pure(-ness) 9 וּמִ֨ן H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with 10 הָע֔וֹף H5775 gevogelte, vogelen, vogel bird, that flieth, flying, fowl 11 וְכֹ֥ל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 12 אֲשֶׁר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 13 רֹמֵ֖שׂ H7430 kruipt, roert, kruipende gedierte creep, move 14 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 15 הָֽאֲדָמָֽה H127 land, aardbodem, lands country, earth, ground, husband(-man) (-ry), land
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Kwamen er twee en twee tot Noach in de ark, het mannetje en het wijfje, gelijk als God Noach geboden had.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 KwamenH935 er tweeH8147 en tweeH8147 totH413 NoachH5146 in de arkH8392, het mannetjeH2145 en het wijfjeH5347, gelijk als GodH430 NoachH5146 gebodenH6680 had. Kwamen er twee en twee tot Noach in de ark, het mannetje en het wijfje, gelijk als God Noach geboden had.

KJV There went in3 two1 and two2 unto Noah5 into the ark,7 the male8 and the female,9 as10 God12 had commanded11 Noah.

1 שְׁנַ֨יִם H8147 twee, twaalf, beide both, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two 2 שְׁנַ֜יִם H8147 twee, twaalf, beide both, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two 3 בָּ֧אוּ H935 komen, kwam, kwamen abide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way 4 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 5 נֹ֛חַ H5146 Noach, Noachs Noah 6 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 7 הַתֵּבָ֖ה H8392 ark, kistje ark 8 זָכָ֣ר H2145 mannelijk, manspersonen, mannetje [idiom] him, male, man(child, -kind) 9 וּנְקֵבָ֑ה H5347 vrouw, wijfje, meisje female 10 כַּֽאֲשֶׁ֛ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 11 צִוָּ֥ה H6680 geboden, gebood, gebiede appoint, (for-) bid, (give a) charge, (give a, give in, send with) command(-er, -ment), send a messenger, put, (set) in order 12 אֱלֹהִ֖ים H430 God, Gods, goden angels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty 13 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 14 נֹֽחַ H5146 Noach, Noachs Noah
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 En het geschiedde na die zeven dagen, dat de wateren des vloeds op de aarde waren.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 En het geschieddeH1961 na die zevenH7651 dagenH3117, dat de waterenH4325 des vloedsH3999 opH5921 de aardeH776 warenH1961. En het geschiedde na die zeven dagen, dat de wateren des vloeds op de aarde waren.

KJV And it came to pass after seven2 days,3 that the waters4 of the flood5 were upon the earth.

1 וַֽיְהִ֖י H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 2 לְשִׁבְעַ֣ת H7651 zeven, zevenhonderd, zevenmaal ([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה) 3 הַיָּמִ֑ים H3117 dagen, dag, dage age, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger 4 וּמֵ֣י H4325 water, wateren, waters [phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring)) 5 הַמַּבּ֔וּל H3999 vloed, vloeds, watervloed flood 6 הָי֖וּ H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 7 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 8 הָאָֽרֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 In het zeshonderdste jaar des levens van Noach, in de tweede maand, op de zeventiende dag der maand, op dezen zelfden dag zijn alle fonteinen des groten afgronds opengebroken, en de sluizen des hemels geopend.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 In het zeshonderdsteH8337 jaarH8141 des levensH2416 van NoachH5146, in de tweedeH8145 maandH2320, op de zeventiendeH7651 dagH3117 der maandH2320, op dezen zelfdenH2088 dagH3117 zijn alleH3605 fonteinenH4599 des grotenH7227 afgrondsH8415 opengebrokenH1234, en de sluizenH699 des hemelsH8064 geopendH6605. In het zeshonderdste jaar des levens van Noach, in de tweede maand, op de zeventiende dag der maand, op dezen zelfden dag zijn alle fonteinen des groten afgronds opengebroken, en de sluizen des hemels geopend.

KJV In1 the six2 hundredth3 year4 of Noah's6 life,5 in the second8 month,7 the seventeenth9 day11 of the month,12 the same14 day13 were all the fountains17 of the great19 deep18 broken up,15 and the windows20 of heaven21 were opened.

1 בִּשְׁנַ֨ת H8141 jaren, jaar, jaars [phrase] whole age, [idiom] long, [phrase] old, year([idiom] -ly) 2 שֵׁשׁ H8337 zes, zeshonderd, zestien six(-teen, -teenth), sixth 3 מֵא֤וֹת H3967 honderd, tweehonderd, honderden hundred((-fold), -th), [phrase] sixscore 4 שָׁנָה֙ H8141 jaren, jaar, jaars [phrase] whole age, [idiom] long, [phrase] old, year([idiom] -ly) 5 לְחַיֵּי H2416 leven, leeft, levens [phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop 6 נֹ֔חַ H5146 Noach, Noachs Noah 7 בַּחֹ֨דֶשׁ֙ H2320 maand, maanden, nieuwe maan month(-ly), new moon 8 הַשֵּׁנִ֔י H8145 tweede, tweeden, andermaal again, either (of them), (an-) other, second (time) 9 בְּשִׁבְעָֽה H7651 zeven, zevenhonderd, zevenmaal ([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה) 10 עָשָׂ֥ר H6240 -tien (in samenstellingen) (eigh-, fif-, four-, nine-, seven-, six-, thir-) teen(-th), [phrase] eleven(-th), [phrase] sixscore thousand, [phrase] twelve(-th) 11 י֖וֹם H3117 dagen, dag, dage age, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger 12 לַחֹ֑דֶשׁ H2320 maand, maanden, nieuwe maan month(-ly), new moon 13 בַּיּ֣וֹם H3117 dagen, dag, dage age, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger 14 הַזֶּ֗ה H2088 dit, deze, dezen he, [idiom] hence, [idiom] here, it(-self), [idiom] now, [idiom] of him, the one...the other, [idiom] than the other, ([idiom] out of) the (self) same, such (a one) that, these, this (hath, man), on this side...on that side, [idiom] thus, very, which. Compare H2063 (זֹאת), H2090 (זֹה), H2097 (זוֹ), H2098 (זוּ) 15 נִבְקְעוּ֙ H1234 gekloofd, kliefde, braken make a breach, break forth (into, out, in pieces, through, up), be ready to burst, cleave (asunder), cut out, divide, hatch, rend (asunder), rip up, tear, win 16 כָּֽל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 17 מַעְיְנֹת֙ H4599 fonteinen, fontein, waterfonteinen fountain, spring, well 18 תְּה֣וֹם H8415 afgrond, afgronden, afgronds deep (place), depth 19 רַבָּ֔ה H7227 vele, veel, grote (in) abound(-undance, -ant, -antly), captain, elder, enough, exceedingly, full, great(-ly, man, one), increase, long (enough, (time)), (do, have) many(-ifold, things, a time), (ship-)master, mighty, more, (too, very) much, multiply(-tude), officer, often(-times), plenteous, populous, prince, process (of time), suffice(-lent) 20 וַאֲרֻבֹּ֥ת H699 vensteren, sluizen, schoorsteen chimney, window 21 הַשָּׁמַ֖יִם H8064 hemel, hemels, hemelen air, [idiom] astrologer, heaven(-s) 22 נִפְתָּֽחוּ H6605 open, opende, geopend appear, break forth, draw (out), let go free, (en-) grave(-n), loose (self), (be, be set) open(-ing), put off, ungird, unstop, have vent
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 En een plasregen was op de aarde veertig dagen en veertig nachten.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 En een plasregenH1653 wasH1961 opH5921 de aardeH776 veertigH705 dagenH3117 en veertigH705 nachtenH3915. En een plasregen was op de aarde veertig dagen en veertig nachten.

KJV And the rain2 was upon the earth4 forty5 days6 and forty7 nights.

1 וַֽיְהִ֥י H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 2 הַגֶּ֖שֶׁם H1653 regen, plasregen, plasregens rain, shower 3 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 4 הָאָ֑רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 5 אַרְבָּעִ֣ים H705 veertig, veertigste, Veertig -forty 6 י֔וֹם H3117 dagen, dag, dage age, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger 7 וְאַרְבָּעִ֖ים H705 veertig, veertigste, Veertig -forty 8 לָֽיְלָה H3915 nacht, nachts, nachten (mid-)night (season)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Even op dienzelfden dag ging Noach, en Sem, en Cham, en Jafeth, Noachs zonen, desgelijks ook Noachs huisvrouw, en de drie vrouwen zijner zonen met hem in de ark;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 EvenH6106 op dienzelfden dagH3117 gingH935 NoachH5146, en SemH8035, en ChamH2526, en JafethH3315, NoachsH5146 zonenH1121, desgelijks ook NoachsH5146 huisvrouwH802, en de drieH7969 vrouwenH802 zijner zonenH1121 metH854 hem in de arkH8392; Even op dienzelfden dag ging Noach, en Sem, en Cham, en Jafeth, Noachs zonen, desgelijks ook Noachs huisvrouw, en de drie vrouwen zijner zonen met hem in de ark;

KJV In the selfsame1 day2 entered4 Noah,5 and Shem,6 and Ham,7 and Japheth,8 the sons9 of Noah,10 and Noah's12 wife,11 and the three13 wives14 of his sons15 with them, into the ark;

1 בְּעֶ֨צֶם H6106 beenderen, gebeente, been body, bone, [idiom] life, (self-) same, strength, [idiom] very 2 הַיּ֤וֹם H3117 dagen, dag, dage age, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger 3 הַזֶּה֙ H2088 dit, deze, dezen he, [idiom] hence, [idiom] here, it(-self), [idiom] now, [idiom] of him, the one...the other, [idiom] than the other, ([idiom] out of) the (self) same, such (a one) that, these, this (hath, man), on this side...on that side, [idiom] thus, very, which. Compare H2063 (זֹאת), H2090 (זֹה), H2097 (זוֹ), H2098 (זוּ) 4 בָּ֣א H935 komen, kwam, kwamen abide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way 5 נֹ֔חַ H5146 Noach, Noachs Noah 6 וְשֵׁם H8035 Sem, Sems Sem, Shem 7 וְחָ֥ם H2526 Cham Ham 8 וָיֶ֖פֶת H3315 Jafeth Japheth 9 בְּנֵי H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 10 נֹ֑חַ H5146 Noach, Noachs Noah 11 וְאֵ֣שֶׁת H802 vrouw, vrouwen, huisvrouw (adulter) ess, each, every, female, [idiom] many, [phrase] none, one, [phrase] together, wife, woman. Often unexpressed in English 12 נֹ֗חַ H5146 Noach, Noachs Noah 13 וּשְׁלֹ֧שֶׁת H7969 drie, driehonderd, dertien [phrase] fork, [phrase] often(-times), third, thir(-teen, -teenth), three, [phrase] thrice. Compare H7991 (שָׁלִישׁ) 14 נְשֵֽׁי H802 vrouw, vrouwen, huisvrouw (adulter) ess, each, every, female, [idiom] many, [phrase] none, one, [phrase] together, wife, woman. Often unexpressed in English 15 בָנָ֛יו H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 16 אִתָּ֖ם H854 met, van, bij against, among, before, by, for, from, in(-to), (out) of, with. Often with another prepositional prefix 17 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 18 הַתֵּבָֽה H8392 ark, kistje ark
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Zij, en al het gedierte naar zijn aard, en al het vee naar zijn aard, en al het kruipend gedierte, dat op de aarde kruipt, naar zijn aard, en al het gevogelte naar zijn aard, alle vogeltjes van allerlei vleugel.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 ZijH1992, en al het gedierteH2416 naar zijn aardH4327, en al het veeH929 naar zijn aardH4327, en al het kruipend gedierteH7431, dat opH5921 de aardeH776 kruiptH7430, naar zijn aardH4327, en al het gevogelteH5775 naar zijn aardH4327, alle vogeltjesH6833 van allerleiH3605 vleugelH3671. Zij, en al het gedierte naar zijn aard, en al het vee naar zijn aard, en al het kruipend gedierte, dat op de aarde kruipt, naar zijn aard, en al het gevogelte naar zijn aard, alle vogeltjes van allerlei vleugel.

KJV They,1 and every beast3 after his kind,4 and all the cattle6 after their kind,7 and every creeping thing9 that creepeth10 upon the earth12 after his kind,13 and every fowl15 after his kind,16 every bird18 of every sort.

1 הֵ֜מָּה H1992 zij, die, hun it, like, [idiom] (how, so) many (soever, more as) they (be), (the) same, [idiom] so, [idiom] such, their, them, these, they, those, which, who, whom, withal, ye 2 וְכָל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 3 הַֽחַיָּ֣ה H2416 leven, leeft, levens [phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop 4 לְמִינָ֗הּ H4327 aard, zaad kind. Compare H4480 (מִן) 5 וְכָל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 6 הַבְּהֵמָה֙ H929 beesten, vee, beest beast, cattle 7 לְמִינָ֔הּ H4327 aard, zaad kind. Compare H4480 (מִן) 8 וְכָל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 9 הָרֶ֛מֶשׂ H7431 kruipend gedierte, kruipende, kruipend that creepeth, creeping (moving) thing 10 הָרֹמֵ֥שׂ H7430 kruipt, roert, kruipende gedierte creep, move 11 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 12 הָאָ֖רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 13 לְמִינֵ֑הוּ H4327 aard, zaad kind. Compare H4480 (מִן) 14 וְכָל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 15 הָע֣וֹף H5775 gevogelte, vogelen, vogel bird, that flieth, flying, fowl 16 לְמִינֵ֔הוּ H4327 aard, zaad kind. Compare H4480 (מִן) 17 כֹּ֖ל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 18 צִפּ֥וֹר H6833 vogel, gevogelte, vogelen bird, fowl, sparrow 19 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 20 כָּנָֽף H3671 vleugelen, vleugel, slip [phrase] bird, border, corner, end, feather(-ed), [idiom] flying, [phrase] (one an-) other, overspreading, [idiom] quarters, skirt, [idiom] sort, uttermost part, wing(-ed)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 En van alle vlees, waarin een geest des levens was, kwamen er twee en twee tot Noach in de ark.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 En van alleH3605 vleesH1320, waarin een geestH7307 des levensH2416 was, kwamenH935 er tweeH8147 en tweeH8147 totH413 NoachH5146 in de arkH8392. En van alle vlees, waarin een geest des levens was, kwamen er twee en twee tot Noach in de ark.

KJV And they went in1 unto Noah3 into the ark,5 two6 and two7 of all flesh,9 wherein10 is the breath12 of life.

1 וַיָּבֹ֥אוּ H935 komen, kwam, kwamen abide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way 2 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 3 נֹ֖חַ H5146 Noach, Noachs Noah 4 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 5 הַתֵּבָ֑ה H8392 ark, kistje ark 6 שְׁנַ֤יִם H8147 twee, twaalf, beide both, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two 7 שְׁנַ֨יִם֙ H8147 twee, twaalf, beide both, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two 8 מִכָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 9 הַבָּשָׂ֔ר H1320 vlees, vleses, vleselijke body, (fat, lean) flesh(-ed), kin, (man-) kind, [phrase] nakedness, self, skin 10 אֲשֶׁר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 11 בּ֖וֹ 12 ר֥וּחַ H7307 geest, Geest, wind air, anger, blast, breath, [idiom] cool, courage, mind, [idiom] quarter, [idiom] side, spirit(-ual), tempest, [idiom] vain, (whirl-) wind(-y) 13 חַיִּֽים H2416 leven, leeft, levens [phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 En die er kwamen, die kwamen mannetje en wijfje, van alle vlees, gelijk als hem God bevolen had. En de HEERE sloot achter hem toe.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 En die er kwamenH935, die kwamenH935 mannetjeH2145 en wijfjeH5347, van alleH3605 vleesH1320, gelijk als hem GodH430 bevolenH6680 had. En de HEEREH3068 slootH5462 achterH1157 hem toe. En die er kwamen, die kwamen mannetje en wijfje, van alle vlees, gelijk als hem God bevolen had. En de HEERE sloot achter hem toe.

KJV And they that went in,1 went in6 male2 and female3 of all flesh,5 as God10 had commanded8 him: and the LORD12 shut him in.

1 וְהַבָּאִ֗ים H935 komen, kwam, kwamen abide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way 2 זָכָ֨ר H2145 mannelijk, manspersonen, mannetje [idiom] him, male, man(child, -kind) 3 וּנְקֵבָ֤ה H5347 vrouw, wijfje, meisje female 4 מִכָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 5 בָּשָׂר֙ H1320 vlees, vleses, vleselijke body, (fat, lean) flesh(-ed), kin, (man-) kind, [phrase] nakedness, self, skin 6 בָּ֔אוּ H935 komen, kwam, kwamen abide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way 7 כַּֽאֲשֶׁ֛ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 8 צִוָּ֥ה H6680 geboden, gebood, gebiede appoint, (for-) bid, (give a) charge, (give a, give in, send with) command(-er, -ment), send a messenger, put, (set) in order 9 אֹת֖וֹ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 10 אֱלֹהִ֑ים H430 God, Gods, goden angels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty 11 וַיִּסְגֹּ֥ר H5462 gesloten, sloot, toegesloten close up, deliver (up), give over (up), inclose, [idiom] pure, repair, shut (in, self, out, up, up together), stop, [idiom] straitly 12 יְהוָ֖ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 13 בַּֽעֲדֽוֹ H1157 voor, om; door heen about, at by (means of), for, over, through, up (-on), within
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 En die vloed was veertig dagen op de aarde, en de wateren vermeerderden, en hieven de ark op, zodat zij oprees boven de aarde.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 En die vloedH3999 wasH1961 veertigH705 dagenH3117 opH5921 de aardeH776, en de waterenH4325 vermeerderdenH7235, en hievenH5375 de arkH8392 op, zodat zij opreesH7311 bovenH5921 de aardeH776. En die vloed was veertig dagen op de aarde, en de wateren vermeerderden, en hieven de ark op, zodat zij oprees boven de aarde.

KJV And the flood2 was forty3 days4 upon the earth;6 and the waters8 increased,7 and bare up9 the ark,11 and it was lift up12 above the earth.

1 וַֽיְהִ֧י H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 2 הַמַּבּ֛וּל H3999 vloed, vloeds, watervloed flood 3 אַרְבָּעִ֥ים H705 veertig, veertigste, Veertig -forty 4 י֖וֹם H3117 dagen, dag, dage age, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger 5 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 6 הָאָ֑רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 7 וַיִּרְבּ֣וּ H7235 veel, vermenigvuldigen, vermenigvuldigd (bring in) abundance ([idiom] -antly), [phrase] archer (by mistake for H7232 (רָבַב)), be in authority, bring up, [idiom] continue, enlarge, excel, exceeding(-ly), be full of, (be, make) great(-er, -ly, [idiom] -ness), grow up, heap, increase, be long, (be, give, have, make, use) many (a time), (any, be, give, give the, have) more (in number), (ask, be, be so, gather, over, take, yield) much (greater, more), (make to) multiply, nourish, plenty(-eous), [idiom] process (of time), sore, store, thoroughly, very 8 הַמַּ֗יִם H4325 water, wateren, waters [phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring)) 9 וַיִּשְׂאוּ֙ H5375 dragen, hief, droegen accept, advance, arise, (able to, (armor), suffer to) bear(-er, up), bring (forth), burn, carry (away), cast, contain, desire, ease, exact, exalt (self), extol, fetch, forgive, furnish, further, give, go on, help, high, hold up, honorable ([phrase] man), lade, lay, lift (self) up, lofty, marry, magnify, [idiom] needs, obtain, pardon, raise (up), receive, regard, respect, set (up), spare, stir up, [phrase] swear, take (away, up), [idiom] utterly, wear, yield 10 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 11 הַתֵּבָ֔ה H8392 ark, kistje ark 12 וַתָּ֖רָם H7311 verhoogd, verhogen, offeren bring up, exalt (self), extol, give, go up, haughty, heave (up), (be, lift up on, make on, set up on, too) high(-er, one), hold up, levy, lift(-er) up, (be) lofty, ([idiom] a-) loud, mount up, offer (up), [phrase] presumptuously, (be) promote(-ion), proud, set up, tall(-er), take (away, off, up), breed worms 13 מֵעַ֥ל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 14 הָאָֽרֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 En de wateren namen de overhand, en vermeerderden zeer op de aarde; en de ark ging op de wateren.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 En de waterenH4325 namen de overhandH1396, en vermeerderdenH7235 zeerH3966 opH5921 de aardeH776; en de arkH8392 gingH3212 opH5921 de waterenH4325. En de wateren namen de overhand, en vermeerderden zeer op de aarde; en de ark ging op de wateren.

KJV And the waters2 prevailed,1 and were increased3 greatly4 upon the earth;6 and the ark8 went7 upon the face10 of the waters.

1 וַיִּגְבְּר֥וּ H1396 overhand, geweldig, machtig exceed, confirm, be great, be mighty, prevail, put to more (strength), strengthen, be stronger, be valiant 2 הַמַּ֛יִם H4325 water, wateren, waters [phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring)) 3 וַיִּרְבּ֥וּ H7235 veel, vermenigvuldigen, vermenigvuldigd (bring in) abundance ([idiom] -antly), [phrase] archer (by mistake for H7232 (רָבַב)), be in authority, bring up, [idiom] continue, enlarge, excel, exceeding(-ly), be full of, (be, make) great(-er, -ly, [idiom] -ness), grow up, heap, increase, be long, (be, give, have, make, use) many (a time), (any, be, give, give the, have) more (in number), (ask, be, be so, gather, over, take, yield) much (greater, more), (make to) multiply, nourish, plenty(-eous), [idiom] process (of time), sore, store, thoroughly, very 4 מְאֹ֖ד H3966 zeer, gans, grote diligently, especially, exceeding(-ly), far, fast, good, great(-ly), [idiom] louder and louder, might(-ily, -y), (so) much, quickly, (so) sore, utterly, very ([phrase] much, sore), well 5 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 6 הָאָ֑רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 7 וַתֵּ֥לֶךְ H3212 ging, ga, gaan [idiom] again, away, bear, bring, carry (away), come (away), depart, flow, [phrase] follow(-ing), get (away, hence, him), (cause to, made) go (away, -ing, -ne, one's way, out), grow, lead (forth), let down, march, prosper, [phrase] pursue, cause to run, spread, take away (-journey), vanish, (cause to) walk(-ing), wax, [idiom] be weak 8 הַתֵּבָ֖ה H8392 ark, kistje ark 9 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 10 פְּנֵ֥י H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 11 הַמָּֽיִם H4325 water, wateren, waters [phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring))
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
19 En de wateren namen gans zeer de overhand op de aarde, zodat alle hoge bergen, die onder den ganse hemel zijn, bedekt werden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

19 En de waterenH4325 namenH1396 gansH3966 zeer de overhandH1396 opH5921 de aardeH776, zodat alle hogeH1364 bergenH2022, dieH834 onderH8478 den ganseH3605 hemelH8064 zijn, bedektH3680 werden. En de wateren namen gans zeer de overhand op de aarde, zodat alle hoge bergen, die onder den ganse hemel zijn, bedekt werden.

KJV And the waters1 prevailed2 exceedingly3 upon the earth;6 and all the high10 hills,9 that were under12 the whole heaven,14 were covered.

1 וְהַמַּ֗יִם H4325 water, wateren, waters [phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring)) 2 גָּֽבְר֛וּ H1396 overhand, geweldig, machtig exceed, confirm, be great, be mighty, prevail, put to more (strength), strengthen, be stronger, be valiant 3 מְאֹ֥ד H3966 zeer, gans, grote diligently, especially, exceeding(-ly), far, fast, good, great(-ly), [idiom] louder and louder, might(-ily, -y), (so) much, quickly, (so) sore, utterly, very ([phrase] much, sore), well 4 מְאֹ֖ד H3966 zeer, gans, grote diligently, especially, exceeding(-ly), far, fast, good, great(-ly), [idiom] louder and louder, might(-ily, -y), (so) much, quickly, (so) sore, utterly, very ([phrase] much, sore), well 5 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 6 הָאָ֑רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 7 וַיְכֻסּ֗וּ H3680 bedekt, bedekken, bedekte clad self, close, clothe, conceal, cover (self), (flee to) hide, overwhelm. Compare H3780 (כָּשָׂה) 8 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 9 הֶֽהָרִים֙ H2022 berg, bergen, gebergte hill (country), mount(-ain), [idiom] promotion 10 הַגְּבֹהִ֔ים H1364 hogen, hoge, hoog haughty, height, high(-er), lofty, proud, [idiom] exceeding proudly 11 אֲשֶׁר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 12 תַּ֖חַת H8478 onder, plaats, voor as, beneath, [idiom] flat, in(-stead), (same) place (where...is), room, for...sake, stead of, under, [idiom] unto, [idiom] when...was mine, whereas, (where-) fore, with 13 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 14 הַשָּׁמָֽיִם H8064 hemel, hemels, hemelen air, [idiom] astrologer, heaven(-s)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
20 Vijftien ellen omhoog namen de wateren de overhand, en de bergen werden bedekt.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

20 VijftienH6240 ellenH520 omhoogH4605 namenH1396 de waterenH4325 de overhandH1396, en de bergenH2022 werden bedektH3680. Vijftien ellen omhoog namen de wateren de overhand, en de bergen werden bedekt.

KJV Fifteen2 cubits3 upward4 did the waters6 prevail;5 and the mountains8 were covered.

1 חֲמֵ֨שׁ H2568 vijf, vijfhonderd, vijftien fif(-teen), fifth, five ([idiom] apiece) 2 עֶשְׂרֵ֤ה H6240 -tien (in samenstellingen) (eigh-, fif-, four-, nine-, seven-, six-, thir-) teen(-th), [phrase] eleven(-th), [phrase] sixscore thousand, [phrase] twelve(-th) 3 אַמָּה֙ H520 ellen, el, anderhalve cubit, [phrase] hundred (by exchange for H3967 (מֵאָה)), measure, post 4 מִלְמַ֔עְלָה H4605 opwaarts, hoogste, omhoog above, exceeding(-ly), forward, on ([idiom] very) high, over, up(-on, -ward), very 5 גָּבְר֖וּ H1396 overhand, geweldig, machtig exceed, confirm, be great, be mighty, prevail, put to more (strength), strengthen, be stronger, be valiant 6 הַמָּ֑יִם H4325 water, wateren, waters [phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring)) 7 וַיְכֻסּ֖וּ H3680 bedekt, bedekken, bedekte clad self, close, clothe, conceal, cover (self), (flee to) hide, overwhelm. Compare H3780 (כָּשָׂה) 8 הֶהָרִֽים H2022 berg, bergen, gebergte hill (country), mount(-ain), [idiom] promotion
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
21 En alle vlees, dat zich op de aarde roerde, gaf den geest, van het gevogelte, en van het vee, en van het wild gedierte, en van al het kruipend gedierte, dat op de aarde kroop, en alle mens.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

21 En alleH3605 vleesH1320, dat zich opH5921 de aardeH776 roerdeH7430, gaf den geestH1478, van het gevogelteH5775, en van het veeH929, en van het wild gedierteH2416, en van alH3605 het kruipend gedierteH8318, dat opH5921 de aardeH776 kroopH8317, en alleH3605 mensH120. En alle vlees, dat zich op de aarde roerde, gaf den geest, van het gevogelte, en van het vee, en van het wild gedierte, en van al het kruipend gedierte, dat op de aarde kroop, en alle mens.

KJV And all flesh3 died1 that moved4 upon the earth,6 both of fowl,7 and of cattle,8 and of beast,9 and of every creeping thing11 that creepeth12 upon the earth,14 and every man:

1 וַיִּגְוַ֞ע H1478 geest, doodbrakende, eest die, be dead, give up the ghost, perish 2 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 3 בָּשָׂ֣ר H1320 vlees, vleses, vleselijke body, (fat, lean) flesh(-ed), kin, (man-) kind, [phrase] nakedness, self, skin 4 הָרֹמֵ֣שׂ H7430 kruipt, roert, kruipende gedierte creep, move 5 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 6 הָאָ֗רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 7 בָּע֤וֹף H5775 gevogelte, vogelen, vogel bird, that flieth, flying, fowl 8 וּבַבְּהֵמָה֙ H929 beesten, vee, beest beast, cattle 9 וּבַ֣חַיָּ֔ה H2416 leven, leeft, levens [phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop 10 וּבְכָל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 11 הַשֶּׁ֖רֶץ H8318 kruipend, kruipend gedierte, gewemel creep(-ing thing), move(-ing creature) 12 הַשֹּׁרֵ֣ץ H8317 kruipt, bracht, krielen breed (bring forth, increase) abundantly (in abundance), creep, move 13 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 14 הָאָ֑רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 15 וְכֹ֖ל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 16 הָאָדָֽם H120 mens, mensen, Adam [idiom] another, [phrase] hypocrite, [phrase] common sort, [idiom] low, man (mean, of low degree), person
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
22 Al wat een adem des geestes des levens in zijn neusgaten had, van alles wat op het droge was, is gestorven.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

22 Al wat een ademH5397 des geestesH7307 des levensH2416 in zijn neusgatenH639 had, van allesH3605 watH834 op het drogeH2724 was, is gestorvenH4191. Al wat een adem des geestes des levens in zijn neusgaten had, van alles wat op het droge was, is gestorven.

KJV All in whose nostrils6 was the breath3 of life,5 of all that was in the dry9 land, died.

1 כֹּ֡ל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 2 אֲשֶׁר֩ H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 3 נִשְׁמַת H5397 adem, geblaas, geest blast, (that) breath(-eth), inspiration, soul, spirit 4 ר֨וּחַ H7307 geest, Geest, wind air, anger, blast, breath, [idiom] cool, courage, mind, [idiom] quarter, [idiom] side, spirit(-ual), tempest, [idiom] vain, (whirl-) wind(-y) 5 חַיִּ֜ים H2416 leven, leeft, levens [phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop 6 בְּאַפָּ֗יו H639 toorn, toorns, neus anger(-gry), [phrase] before, countenance, face, [phrase] forebearing, forehead, [phrase] (long-) suffering, nose, nostril, snout, [idiom] worthy, wrath 7 מִכֹּ֛ל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 8 אֲשֶׁ֥ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 9 בֶּחָֽרָבָ֖ה H2724 droge, droog, droogte dry (ground, land) 10 מֵֽתוּ H4191 sterven, stierf, gedood [idiom] at all, [idiom] crying, (be) dead (body, man, one), (put to, worthy of) death, destroy(-er), (cause to, be like to, must) die, kill, necro(-mancer), [idiom] must needs, slay, [idiom] surely, [idiom] very suddenly, [idiom] in (no) wise
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
23 Alzo werd verdelgd al wat bestond, dat op den aardbodem was, van den mens aan tot het vee, tot het kruipend gedierte, en tot het gevogelte des hemels, en zij werden verdelgd van de aarde; doch Noach alleen bleef over, en wat met hem in de ark was.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

23 Alzo werd verdelgdH4229 alH3605 wat bestondH3351, datH834 opH5921 den aardbodemH127 was, van den mensH120 aan tot het veeH929, tot het kruipend gedierteH7431, en tot het gevogelteH5775 des hemelsH8064, en zij werden verdelgdH4229 van de aardeH776; doch NoachH5146 alleen bleefH7604 over, en watH834 metH854 hem in de arkH8392 was. Alzo werd verdelgd al wat bestond, dat op den aardbodem was, van den mens aan tot het vee, tot het kruipend gedierte, en tot het gevogelte des hemels, en zij werden verdelgd van de aarde; doch Noach alleen bleef over, en wat met hem in de ark was.

KJV And every living substance4 was destroyed1 which was upon the face7 of the ground,8 both man,9 and cattle,11 and the creeping things,13 and the fowl15 of the heaven;16 and they were destroyed17 from the earth:19 and Noah22 only21 remained20 alive, and they that5 were with him in the ark.

1 וַיִּ֜מַח H4229 uitgedelgd, delg, verdelgen abolish, blot out, destroy, full of marrow, put out, reach unto, [idiom] utterly, wipe (away, out) 2 אֶֽת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 3 כָּל H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 4 הַיְק֣וּם H3351 bestond, bestaat (living) substance 5 אֲשֶׁ֣ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 6 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 7 פְּנֵ֣י H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 8 הָֽאֲדָמָ֗ה H127 land, aardbodem, lands country, earth, ground, husband(-man) (-ry), land 9 מֵאָדָ֤ם H120 mens, mensen, Adam [idiom] another, [phrase] hypocrite, [phrase] common sort, [idiom] low, man (mean, of low degree), person 10 עַד H5704 tot, totdat, aan against, and, as, at, before, by (that), even (to), for(-asmuch as), (hither-) to, [phrase] how long, into, as long (much) as, (so) that, till, toward, until, when, while, ([phrase] as) yet 11 בְּהֵמָה֙ H929 beesten, vee, beest beast, cattle 12 עַד H5704 tot, totdat, aan against, and, as, at, before, by (that), even (to), for(-asmuch as), (hither-) to, [phrase] how long, into, as long (much) as, (so) that, till, toward, until, when, while, ([phrase] as) yet 13 רֶ֨מֶשׂ֙ H7431 kruipend gedierte, kruipende, kruipend that creepeth, creeping (moving) thing 14 וְעַד H5704 tot, totdat, aan against, and, as, at, before, by (that), even (to), for(-asmuch as), (hither-) to, [phrase] how long, into, as long (much) as, (so) that, till, toward, until, when, while, ([phrase] as) yet 15 ע֣וֹף H5775 gevogelte, vogelen, vogel bird, that flieth, flying, fowl 16 הַשָּׁמַ֔יִם H8064 hemel, hemels, hemelen air, [idiom] astrologer, heaven(-s) 17 וַיִּמָּח֖וּ H4229 uitgedelgd, delg, verdelgen abolish, blot out, destroy, full of marrow, put out, reach unto, [idiom] utterly, wipe (away, out) 18 מִן H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with 19 הָאָ֑רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 20 וַיִשָּׁ֧אֶר H7604 overgebleven, overblijven, overgelaten leave, (be) left, let, remain, remnant, reserve, the rest 21 אַךְ H389 doch, alleen; voorzeker also, in any wise, at least, but, certainly, even, howbeit, nevertheless, notwithstanding, only, save, surely, of a surety, truly, verily, [phrase] wherefore, yet (but) 22 נֹ֛חַ H5146 Noach, Noachs Noah 23 וַֽאֲשֶׁ֥ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 24 אִתּ֖וֹ H854 met, van, bij against, among, before, by, for, from, in(-to), (out) of, with. Often with another prepositional prefix 25 בַּתֵּבָֽה H8392 ark, kistje ark
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
24 En de wateren hadden de overhand boven de aarde, honderd en vijftig dagen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

24 En de waterenH4325 hadden de overhandH1396 bovenH5921 de aardeH776, honderdH3967 en vijftigH2572 dagenH3117. En de wateren hadden de overhand boven de aarde, honderd en vijftig dagen.

KJV And the waters2 prevailed1 upon the earth4 an hundred6 and fifty5 days.

1 וַיִּגְבְּר֥וּ H1396 overhand, geweldig, machtig exceed, confirm, be great, be mighty, prevail, put to more (strength), strengthen, be stronger, be valiant 2 הַמַּ֖יִם H4325 water, wateren, waters [phrase] piss, wasting, water(-ing, (-course, -flood, -spring)) 3 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 4 הָאָ֑רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 5 חֲמִשִּׁ֥ים H2572 vijftig, vijftigen, vijftigste fifty 6 וּמְאַ֖ת H3967 honderd, tweehonderd, honderden hundred((-fold), -th), [phrase] sixscore 7 יֽוֹם H3117 dagen, dag, dage age, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
De wereld vernietigd door water Noah
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Genesis 7:1 Genesis 6:9 Genesis 7:13 Mattheüs 24:37 2 Petrus 2:5 Lukas 17:26 1 Petrus 3:20 Hebreeën 11:7 Genesis 7:7
Genesis 7:2 Genesis 8:20 Leviticus 11:1 Leviticus 10:10 Genesis 7:8 Genesis 6:19 Deuteronomium 14:1 Ezechiël 44:23 Handelingen 10:11
Genesis 7:4 Genesis 7:12 Genesis 7:17 Genesis 6:7 Genesis 6:17 Genesis 6:13 Job 22:16 Genesis 8:12 Job 28:25
Genesis 7:5 Genesis 6:22 Exodus 39:42 Johannes 2:5 Psalmen 119:6 Mattheüs 3:15 Lukas 8:21 Johannes 13:17 Hebreeën 5:8
Genesis 7:6 Genesis 5:32 Genesis 8:13
Genesis 7:7 Lukas 17:27 Genesis 6:18 Mattheüs 24:38 Genesis 7:1 2 Petrus 2:5 Hebreeën 6:18 Hebreeën 11:7 Spreuken 22:3
Genesis 7:9 Handelingen 10:11 Genesis 7:16 Jeremia 8:7 Galaten 3:28 Kolossenzen 3:11 Jesaja 65:25 Genesis 2:19 Jesaja 11:6
Genesis 7:10 Genesis 7:4 Lukas 17:27 Mattheüs 24:38 Genesis 6:17 Job 22:16 Genesis 7:17
Genesis 7:11 Genesis 8:2 Genesis 1:7 2 Koningen 7:19 Ezechiël 26:19 Maleachi 3:10 Jeremia 5:22 Spreuken 8:28 Genesis 6:17
Genesis 7:12 Genesis 7:4 Genesis 7:17 Deuteronomium 9:9 1 Koningen 19:8 Deuteronomium 9:18 Mattheüs 4:2 Deuteronomium 10:10 Exodus 24:18
Genesis 7:13 Genesis 7:1 Genesis 6:18 Genesis 6:10 Genesis 5:32 Genesis 9:18 Hebreeën 11:7 1 Kronieken 1:4 1 Petrus 3:20
Genesis 7:14 Genesis 7:2 Genesis 7:8
Genesis 7:15 Jesaja 11:6 Genesis 6:19
Genesis 7:16 Genesis 7:2 Mattheüs 25:10 Lukas 13:25 Psalmen 46:2 Psalmen 91:1 1 Petrus 1:5 2 Koningen 4:4 Spreuken 3:23
Genesis 7:17 Genesis 7:4 Genesis 7:12
Genesis 7:18 Psalmen 104:26 Psalmen 69:15 Job 22:16 Exodus 14:28
Genesis 7:19 Jeremia 3:23 2 Petrus 3:6 Psalmen 46:2 Job 12:15 Psalmen 104:6
Genesis 7:20 Psalmen 104:6 Jeremia 3:23
Genesis 7:21 Genesis 6:13 Genesis 6:17 Genesis 7:4 Genesis 6:6 Mattheüs 24:39 Romeinen 8:20 Lukas 17:27 2 Petrus 2:5
Genesis 7:22 Genesis 2:7 Genesis 6:17
Genesis 7:23 2 Petrus 2:5 1 Petrus 3:20 Hebreeën 11:7 Lukas 17:26 Mattheüs 25:46 Exodus 14:28 Mattheüs 24:37 Maleachi 3:17
Genesis 7:24 Genesis 8:3
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Genesis 7 vers 1

huis Dat is, huisgezin, alzo onder Gen. 17:12, Gen. 34:2, Gen. 39:11; Ex. 1:1; Spr. 31:27; Hand. 16:16, enz.

Hertaald: huis Dat is: huisgezin, zo ook in Gen. 17:12, Gen. 34:2, Gen. 39:11; Ex. 1:1; Spr. 31:27; Hand. 16:16, enz.

voor mijn Dat is, niet alleen uitwendig, in schijn en in den mond, maar ook inwendig, in waarheid en inderdaad, en dat door het geloof in het beloofde zaad en de heiligmaking des Geestes, alzo Luc. 1:6.

Hertaald: voor mijn Dat is: niet alleen uiterlijk, in schijn en met de mond, maar ook innerlijk, in waarheid en werkelijkheid, en dat door het geloof in het beloofde zaad en de heiligmaking door de Geest. Zo ook Luk. 1:6.

geslacht Zie boven Gen. 6:9.

Hertaald: geslacht Zie Gen. 6:9.

Genesis 7 vers 2

rein vee Rein ten aanzien van Gods ordinantie, waardoor Hij deze beesten van anderen had afgezonderd tot offerande en spijs der mensen; waarvan Hij zijn wil den voorvaders wel geopenbaard had, maar naderhand door Mozes volkomen verklaard heeft. Zie Lev. 11:2.

Hertaald: rein vee Rein volgens Gods instelling, waardoor Hij deze dieren van andere had afgezonderd tot offer en voedsel voor de mensen; iets wat Hij aan de voorvaders al bekendgemaakt had, maar later door Mozes volledig heeft laten uitleggen. Zie Lev. 11:2.

zeven en zeven, Hebr. zeven zeven, gelijk ook in het volgende, dat is van iedere soort drie paren, en een overtollig ter offerande na den zondvloed. De Hebreën stellen dikwijls een woord, of meer, tweemalen, wanneer zij een verdeling willen maken. Zie onder Gen. 32:16; Num. 7:11, Num. 29:10; Marc. 6:39, enz.

Hertaald: zeven en zeven, Hebreeuws: zeven zeven, zo ook verderop, dat is: van elke soort drie paar, en één extra voor een offer na de zondvloed. De Hebreeën herhalen vaak een woord (of meer) om een verdeling aan te geven. Zie Gen. 32:16; Num. 7:11, Num. 29:10; Marc. 6:39, enz.

Genesis 7 vers 3

gevogelte Te weten, van het reine, gelijk vs.2.

Hertaald: gevogelte Namelijk: van het reine, zoals in vers 2.

op de ganse aarde Hebr. op het aangezicht der ganse aarde, en zo in het volgende.

Hertaald: op de ganse aarde Hebreeuws: op het aangezicht van de gehele aarde, en zo ook verderop.

Genesis 7 vers 4

over Dat is, na, of tegen den uitgang van zeven dagen.

Hertaald: over Dat is: na, of tegen het einde van zeven dagen.

al wat bestaat, Alle levende wezens, te weten, dat om in het leven te blijven zich op de aarde ophouden moet, en zich door de kracht der ziel, die er in is, als overeind zet, gelijk integendeel een dood lichaam nederligt. Zie onder vs.23.

Hertaald: al wat bestaat, Alle levende wezens, namelijk alles wat om in leven te blijven zich op de aarde moet ophouden en zich door de kracht van de ziel daarin overeind houdt, zoals een dood lichaam daarentegen neerligt. Zie vers 23.

Genesis 7 vers 6

zeshonderd jaren Hebr. een zoon van zeshonderd jaar; alzo boven Gen. 5:32, enz.

Hertaald: zeshonderd jaren Hebreeuws: een zoon van zeshonderd jaar; zo ook in Gen. 5:32, enz.

Genesis 7 vers 7

vanwege Hebr. van het aangezicht der wateren, of, voor, enz. dat is, om de wateren des vloeds te ontgaan.

Hertaald: vanwege Hebreeuws: van het aangezicht van de wateren, of: voor, enz., dat is: om aan de wateren van de vloed te ontkomen.

Genesis 7 vers 9

Kwamen er Zie Gen. 1:20.

Hertaald: Kwamen er Zie Gen. 1:20.

twee en twee Zie boven op vs.2.

Hertaald: twee en twee Zie hierboven bij vers 2.

Genesis 7 vers 10

na Zie boven vs.4.

Hertaald: na Zie hierboven bij vers 4.

waren Dat is kwamen of vielen.

Hertaald: waren Dat is: kwamen of vielen.

Genesis 7 vers 11

In het zeshonderdste jaar Gelijk boven vs.6. Dit was 1656 jaren na de schepping der wereld.

Hertaald: In het zeshonderdste jaar Zoals hierboven bij vers 6. Dit was 1656 jaar na de schepping van de wereld.

in de tweede maand, Welke deze geweest is, daarvan is tweeërlei gevoelen, omdat de Hebreën het jaar op tweeërlei wijze begonnen zijn: in heilige zaken met de maand Nisan, merendeels overeenkomende met onzen Maart, wanneer de dagen en nachten even lang zijn; in burgerlijke zaken met de maand Tisri, vallende meest in September, wanneer wederom de dagen en nachten even lang zijn. Van welk jaar deze tweede maand te verstaan is, laten wij aan het oordeel van den verstandigen lezer.

Hertaald: in de tweede maand, Hierover bestaan twee meningen, omdat de Hebreeën het jaar op twee manieren lieten beginnen: in heilige zaken met de maand Nisan, ongeveer overeenkomend met onze maart, wanneer dag en nacht even lang zijn; in burgerlijke zaken met de maand Tisri, vallend in ongeveer september, wanneer dag en nacht opnieuw even lang zijn. Welke van deze tweede maand hier bedoeld wordt, laten wij aan het oordeel van de verstandige lezer over.

groten afgronds Dat is, der diepe wateren, besloten in de holligheden der aarde, waaruit alle fonteinen, rivieren, stromen en watervloeden voortkomen.

Hertaald: groten afgronds Dat is: van de diepe wateren, besloten in de holten van de aarde, waaruit alle bronnen, rivieren, stromen en watervloeden voortkomen.

sluizen Of, vensters; aldus worden de regenwolken genoemd, hier en onder Gen. 8:2; 2 Kon. 7:2, 2 Kon. 7:19; Jes. 24:18; Mal. 3:10.

Hertaald: sluizen Of: vensters; zo worden de regenwolken genoemd, hier en in Gen. 8:2; 2 Kon. 7:2, 2 Kon. 7:19; Jes. 24:18; Mal. 3:10.

Genesis 7 vers 12

veertig dagen en veertig nachten Dit is de vervulling van de dreigement, uitgesproken vs.4.

Hertaald: veertig dagen en veertig nachten Dit is de vervulling van de dreiging die in vers 4 werd uitgesproken.

Genesis 7 vers 13

op Hebr. in, of, op het been, of het wezen van dien dag, alzo onder 17:26. Zie Ezech. 2:3.

Hertaald: op Hebreeuws: in, of op het wezen van die dag, zo ook in vers 26. Zie Ezech. 2:3.

Jafeth, Hebr. Jepheth.

Hertaald: Jafeth, Hebreeuws: Jepheth.

Genesis 7 vers 14

al het gedierte Dat is allerlei; gelijk ook in het volgende en elders meer. Versta dan niet elk bijzonder gedierte, maar van al de soorten der gedierten, hier vermeld, een zeker getal, tevoren uitgedrukt vs.2.

Hertaald: al het gedierte Dat is: allerlei, zoals ook verderop en elders. Bedoeld wordt dan niet elk afzonderlijk dier, maar van alle vermelde diersoorten een bepaald aantal, zoals eerder in vers 2 aangegeven.

het gevogelte naar zijn aard, Het Hebr. woord betekent in het algemeen allerlei vogels, maar hier eigenlijk grote en zware vogels, omdat het gesteld wordt bij een ander woord, hetwelk meest kleine vogels betekent. Verg. Lev. 14:4.

Hertaald: het gevogelte naar zijn aard, Het Hebreeuwse woord betekent in het algemeen allerlei vogels, maar hier eigenlijk grote, zware vogels, omdat het naast een ander woord staat dat meestal kleine vogels betekent. Vergelijk Lev. 14:4.

allerlei Hebr. allen.

Hertaald: allerlei Hebreeuws: allen.

Genesis 7 vers 15

een geest des levens Zie boven Gen. 6:17.

Hertaald: een geest des levens Zie Gen. 6:17.

twee en twee Hebr. twee twee. Zie boven vs.2, vs.9.

Hertaald: twee en twee Hebreeuws: twee twee. Zie hierboven vers 2, vers 9.

Genesis 7 vers 16

En de HEERE sloot achter hem toe Hoewel Noach de ark van binnen mocht sluiten, nochtans beduidt dit een bijzondere toesluiting en verzekering der ark, gedaan door God, òf zonder middel, òf door der engelen dienst.

Hertaald: En de HEERE sloot achter hem toe Hoewel Noach de ark van binnen mocht sluiten, wordt hiermee toch een bijzondere afsluiting en bescherming van de ark bedoeld, tot stand gebracht door God, hetzij zonder tussenkomst, hetzij door de dienst van engelen.

Genesis 7 vers 17

vloed Versta dit niet van het geweld en de overhand der wateren, dat honderd vijftig dagen duurde, onder. vs.24, maar van den regen, waarvan gemeld is boven vs.4, 12.

Hertaald: vloed Dit slaat niet op de kracht en overmacht van de wateren, die honderdvijftig dagen duurde (vers 24), maar op de regen waarvan hierboven in vers 4 en 12 gesproken is.

veertig dagen Te weten, natuurlijke dagen, bestaande uit vier-en-twintig uren, dat is uit een dag en nacht, boven vs.4, vs.12.

Hertaald: veertig dagen Namelijk: natuurlijke dagen, bestaande uit vierentwintig uur, dat is een dag en een nacht, zie vers 4, vers 12.

Genesis 7 vers 18

op de wateren Hebr. op het aangezicht der wateren.

Hertaald: op de wateren Hebreeuws: op het aangezicht van de wateren.

Genesis 7 vers 19

gans zeer Hebr. zeer zeer.

Hertaald: gans zeer Hebreeuws: zeer zeer.

Genesis 7 vers 20

omhoog Boven de bergen.

Hertaald: omhoog Boven de bergen.

Genesis 7 vers 21

gaf den geest, Volgens het voorgegaan dreigement van God, boven Gen. 6:13, en van dit hoofdstuk vs.4.

Hertaald: gaf den geest, Overeenkomstig de eerder gedane dreiging van God, in Gen. 6:13 en in dit hoofdstuk vers 4.

Genesis 7 vers 22

Al Verg. hiermede boven Gen. 6:17, de aantekening.

Hertaald: Al Vergelijk hiermee de aantekening bij Gen. 6:17.

droge was, Aldus worden klaarlijk de vissen uitgesloten; verg. hiermede het voorgaande vs.21.

Hertaald: droge was, Hiermee worden de vissen duidelijk uitgesloten; vergelijk het voorgaande vers 21.

Genesis 7 vers 23

den aardbodem Hebr. op het aangezicht des aardbodems.

Hertaald: den aardbodem Hebreeuws: op het aangezicht van de aardbodem.

Genesis 7 vers 24

honderd en vijftig dagen Hieronder zijn begrepen de dagen van den regen, welke waren veertig dagen, zie boven vs.17.

Hertaald: honderd en vijftig dagen Hierin zijn de dagen van de regen inbegrepen, die veertig dagen duurde, zie hierboven vers 17.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Namen Personen die in dit hoofdstuk genoemd worden
Noach  — rust, troost

De zoon van Lamech, de tiende aartsvader van Adam af, en de enige rechtvaardige van zijn geslacht die met zijn gezin de zondvloed overleefde in de ark die hij op Gods bevel bouwde. Uit zijn drie zonen Sem, Cham en Jafeth is na de vloed de gehele mensheid opnieuw voortgekomen.

Sem  — naam; roem

De eerstgenoemde van Noachs drie zonen (Gen. 5:32; 6:10), waarschijnlijk de oudste. Uit hem stammen de Semitische volken af, onder wie later Abraham en zijn nageslacht. In Gen. 9:26-27 zegent Noach de HEERE als de God van Sem.

Cham  — warm, heet; ook een Egyptisch woord voor 'zwart'

De jongste zoon van Noach (Gen. 5:32; 9:24). Hij zag de naaktheid van zijn dronken vader en vertelde dit aan zijn broers in plaats van hem te bedekken, waarop Noach zijn zoon Kanaän vervloekte. Uit Cham stammen onder meer de Egyptenaren, Kanaänieten en Cusjieten af.

Jafeth  — wijd verspreid

Een van Noachs drie zonen (Gen. 5:32; 9:23), stamvader van vele volken die zich over het noorden van Klein-Azië en Europa verspreidden (Gen. 10:2-5). Samen met Sem bedekte hij, met afgewend gezicht, de naaktheid van hun vader en werd daarvoor door Noach gezegend: 'God breide Jafeth uit' (Gen. 9:27).

Alle bijbelse namen in één overzicht →

Easton’s Bible Dictionary, © hertaald naar het Nederlands door Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Ark (van Noach)  — Hebreeuws: tebah, een kist- of kastvormig vaartuig (een ander woord dan de "ark" van het verbond, in het Hebreeuws aron)

Op Gods bevel bouwde Noach een ark van goferhout, met vertrekken, van binnen en van buiten met pek bestreken, driehonderd el lang, vijftig el breed en dertig el hoog (Gen. 6:14-16). Daarin zouden hijzelf, zijn gezin en van elke diersoort een aantal levend bewaard blijven tijdens de zondvloed (Gen. 6:19-20; 7:1-9). Na honderdvijftig dagen kwam de ark tot rust op het gebergte Ararat (Gen. 8:4).

Bijbelse betekenis: De ark was het enige middel waardoor Noach en de zijnen aan het oordeel van de zondvloed ontkwamen. Dat gebeurde niet door eigen kracht, maar doordat zij zich bevonden in het vaartuig dat God Zelf had voorgeschreven en waarvan Hij de deur achter hen sloot (Gen. 7:16).

Typologie: Petrus vergelijkt de doop uitdrukkelijk met deze geschiedenis: zoals weinige zielen door het water heen behouden werden in de ark, zo behoudt nu de doop ook ons, als de bede van een goede consciëntie tot God (1 Petr. 3:20-21). De ark wordt zo een beeld van de veilige toevlucht die er alleen is in wat God Zelf heeft bereid, buiten welke geen ontkomen is aan het oordeel.

Gen. 6:14-22; Gen. 7:1-24; Gen. 8:1-19; 1 Petr. 3:20-21; Matt. 24:37-39

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

Het offer en de plaatsvervanging niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding uitwerking

Zeven en zeven van het reine vee — 7:1-16, 23

De ark is af en de dieren komen aan boord. De meeste mensen onthouden daarvan dat zij twee aan twee kwamen, en dat klopt ook — behalve bij één groep. Van die groep moesten er zeven paar mee, en het hoofdstuk zegt niet waarom.

Van de reine dieren gaan er zeven paar mee in plaats van één, en pas na de vloed blijkt waar dat overschot voor was.

Het onderscheid staat meteen in het tweede vers: “Van alle rein vee zult gij tot u nemen zeven en zeven, het mannetje en zijn wijfje; maar van het vee, dat niet rein is, twee, het mannetje en zijn wijfje.”

Dat is opmerkelijk, want de wet die rein en onrein onderscheidt zou pas eeuwen later gegeven worden. Kennelijk wist men het al. En het is nog opmerkelijker dat er van de reine dieren méér nodig waren, terwijl één paar genoeg is om een soort in stand te houden.

Het antwoord komt pas een hoofdstuk verder, en het is de enige reden die past. Als het water gezakt is en Noach uit de ark komt, bouwt hij een altaar. Hij neemt van al het reine vee en van al het reine gevogelte, en hij offert brandoffers. Daar zijn die extra dieren voor. Het overschot was er voor het offer.

Dat zegt iets over de volgorde waarin God werkt. Voordat de vloed kwam, was er al voorzien in wat er na de vloed geofferd zou worden. Het altaar stond nog niet, en de dieren ervoor waren al aan boord.

Wat er dan gebeurt is de kortste samenvatting van de redding: “En de HEERE sloot achter hem toe.” Noach maakte de deur niet dicht. Hij kon hem ook niet openen, en hij hoefde niet in de gaten te houden of hij dicht bleef. Wat hem droeg was hout en pek, en wat hem beschermde was een deur die door God gesloten was.

En dan volgt het vers waar alles op uitloopt, en het is verschrikkelijk in zijn eenvoud: “doch Noach alleen bleef over, en wat met hem in de ark was.” Er was op dat moment één plaats waar men leven kon, en die plaats was een boot.

Het offer daarna heeft nog een naklank die de moeite waard is. Er staat dat de HEERE die liefelijke reuk rook, en dat Hij in Zijn hart zei de aardbodem niet meer te zullen vervloeken om des mensen wil. De reden die Hij daarbij noemt is opzienbarend: want het gedichtsel van 's mensen hart is boos van zijn jeugd aan. Datzelfde argument was vóór de vloed de grond geweest om de mensheid te verdelgen; ná het offer is het de grond om het niet meer te doen.

Zo staat dit hoofdstuk in de lijn van het offer. Wat er veranderde, was niet de mens maar het feit dat er een altaar stond. En het Nieuwe Testament gebruikt precies dezelfde woorden voor het offer waarop dit alles uitloopt: Christus heeft Zichzelf voor ons overgegeven, tot een offerande, Gode tot een welriekende reuk.

  1. Genesis 7:2 — Van de reine dieren zeven paar, en van de onreine één.
  2. Genesis 7:16 — En de HEERE sloot achter hem toe; Noach deed de deur niet dicht.
  3. Genesis 7:23 — Noach alleen bleef over, en wat met hem in de ark was.
  4. Genesis 8:20 — Na de vloed bouwt hij een altaar en offert van het reine vee.
  5. Genesis 8:21 — En God noemt hetzelfde argument dat eerder de grond voor het oordeel was.
  6. Efeze 5:2 — Christus heeft Zichzelf overgegeven, Gode tot een welriekende reuk.

In het Nieuwe Testament: Efeze 5:2; Genesis 8:20-21; 1 Petrus 3:20-21; Hebreeën 11:7; Mattheüs 24:38-39

Hoever dit reikt: Het Nieuwe Testament haalt Genesis 7 aan in 1 Petrus 3 en in Mattheüs 24. Daar gaat het over de redding door het water en over de plotselinge komst van het oordeel, en niet over de reine dieren. Dat het zevenvoud van de reine dieren met het offer van Genesis 8 samenhangt, staat er niet met zoveel woorden; het is een gevolgtrekking, maar er is geen andere verklaring die past. De gesloten deur wordt in de tekst niet uitgelegd.

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Genesis 7

Verzen 1–24

Genesis 7:1.KruisverwijzingenGenesis 6:9Genesis 7:13Mattheüs 24:372 Petrus 2:5Lukas 17:261 Petrus 3:20Hebreeën 11:7Genesis 7:7
— Daarna zeide de HEERE tot Noach: Ga gij, en uw ganse huis in de ark; want u heb Ik gezien rechtvaardig voor Mijn aangezicht in dit geslacht.
En de HEERE zei tegen Noach: “Kom, u en uw hele huis, in de ark. (KJV)” Let erop dat de HEERE niet tegen Noach zei: “Ga de ark binnen”, maar: “Kom.” Daarmee wordt duidelijk gesuggereerd dat God Zelf in de ark was en Noach en zijn gezin daar opwachtte om hen te ontvangen in het grote schip dat hun toevlucht zou zijn, terwijl alle andere mensen op de aarde zouden omkomen in de wateren. Het kenmerkende woord van het evangelie is een uitnodiging: “Kom.” Jezus zegt: “Komt herwaarts tot Mij, allen die vermoeid en belast zijt, en Ik zal u rust geven”, en uiteindelijk zal Hij tot Zijn volk zeggen: “Komt, gij gezegenden Mijns Vaders! beërft dat Koninkrijk, hetwelk u bereid is van de grondlegging der wereld.” “Ga weg” is het woord van gerechtigheid en oordeel, maar “Kom” is het woord van barmhartigheid en genade. “De HEERE zei tot Noach: Kom, gij en uw gehele huis, in de ark.”

Genesis 7:1.KruisverwijzingenGenesis 6:9Genesis 7:13Mattheüs 24:372 Petrus 2:5Lukas 17:261 Petrus 3:20Hebreeën 11:7Genesis 7:7
— Daarna zeide de HEERE tot Noach: Ga gij, en uw ganse huis in de ark; want u heb Ik gezien rechtvaardig voor Mijn aangezicht in dit geslacht.
God maakte onderscheid tussen Noach en de goddelozen, want Hij heeft altijd een bijzondere welgevallen in hen die Hem vrezen.

Genesis 7:2-3.KruisverwijzingenGenesis 8:20Leviticus 11:1Leviticus 10:10Genesis 7:8Genesis 6:19Deuteronomium 14:1Ezechiël 44:23Handelingen 10:11
— Van alle rein vee zult gij tot u nemen zeven en zeven, het mannetje en zijn wijfje; maar van het vee, dat niet rein is, twee, het mannetje en zijn wijfje. Ook van het gevogelte des hemels zeven en zeven, het mannetje en het wijfje, om zaad levend te houden op de ganse aarde.
 Van de reine dieren, die aan God geofferd konden worden, moesten er meer meegenomen worden dan van de onreine, zodat er voldoende zouden zijn voor de offers zonder dat een soort zou uitsterven. De onreine dieren waren veelal roofdieren en verslinders van andere dieren; daarom hoefde hun aantal niet zo groot te zijn als dat van de reine soorten. O, mocht de dag spoedig aanbreken waarop er meer reine mannen en vrouwen zouden zijn dan onreinen, waarop er minder zondaars dan godvrezenden op aarde zouden zijn, al zouden er zelfs dan nog goddelozen “een mannetje en zijn wijfje” zijn, zoals de onreine dieren.

Genesis 7:4.KruisverwijzingenGenesis 7:12Genesis 7:17Genesis 6:7Genesis 6:17Genesis 6:13Job 22:16Genesis 8:12Job 28:25
— Want over nog zeven dagen zal Ik doen regenen op de aarde veertig dagen, en veertig nachten; en Ik zal van den aardbodem verdelgen al wat bestaat, dat Ik gemaakt heb.
 Het is het voorrecht van een koning om macht te hebben over leven en dood, maar het is het unieke voorrecht van de Koning der koningen dat Hij kan scheppen én vernietigen. Wat een ontzaglijke kracht wordt hier ingezet vanwege de zonde van de mens. De zonde moet wel iets buitengewoon afschuwelijks zijn, aangezien God, Die het werk van Zijn eigen handen niet veracht, liever het menselijk geslacht en al wat leeft vernietigt dan toe te laten dat de zonde de aarde blijft verontreinigen. Eens heeft Hij de aarde vanwege de zonde door water geoordeeld, en opnieuw zal Hij haar om dezelfde reden door vuur oordelen. Waar de zonde zich ook bevindt, God zal haar opsporen. Met weerhaakte pijlen zal Hij haar treffen, en met Zijn scherpe, tweesnijdende zwaard haar vernietigen, want de zonde kan Hij niet verdragen. Hoe dwaas zijn daarom zij die haar in hun hart koesteren; wie haar blijft vasthouden, zal er uiteindelijk door te gronde gaan.

Genesis 7:5.KruisverwijzingenGenesis 6:22Exodus 39:42Johannes 2:5Psalmen 119:6Mattheüs 3:15Lukas 8:21Johannes 13:17Hebreeën 5:8
— En Noach deed, naar al wat de HEERE hem geboden had.
  Daarin lag het onweerlegbare bewijs van zijn gerechtigheid: hij gehoorzaamde het Woord van de HEERE. Iemand die Gods geboden niet gehoorzaamt, kan spreken over gerechtigheid, zelfs over de gerechtigheid die uit het geloof voortkomt, maar daarmee bewijst hij nog niet dat hij haar bezit. Het geloof werkt immers door de liefde, en de gerechtigheid uit het geloof openbaart zich in gehoorzaamheid aan God. “Noach deed, naar al wat de HEERE hem geboden had” en bewees daarmee dat hij rechtvaardig was voor God.

Genesis 7:6.KruisverwijzingenGenesis 5:32Genesis 8:13
— Noach nu was zeshonderd jaren oud, als de vloed der wateren op de aarde was.
 Hij was ongeveer vijfhonderd jaar oud toen hij begon te prediken over de komende zondvloed — een eerbiedwaardige leeftijd om zo’n boodschap te verkondigen. Honderdtwintig jaar lang bleef hij dit onderwerp prediken, driemaal zo lang als de meeste mensen ooit kunnen doen. Nu was de tijd van Gods lankmoedigheid voorbij en bevestigde Hij de waarheid van het getuigenis van Zijn dienaar door de zondvloed te zenden die Noach had aangekondigd.

Genesis 7:7-8.KruisverwijzingenLukas 17:27Genesis 6:18Mattheüs 24:38Genesis 7:12 Petrus 2:5Hebreeën 6:18Hebreeën 11:7Spreuken 22:3
— Zo ging Noach, en zijn zonen, en zijn huisvrouw, en de vrouwen zijner zonen met hem in de ark, vanwege de wateren des vloeds. Van het reine vee, en van het vee, dat niet rein was, en van het gevogelte, en al wat op den aardbodem kruipt,
 Deze grootste en meest volledige dierenverzameling die ooit bijeenkwam, was niet het resultaat van menselijke bekwaamheid. Alleen Gods almachtige kracht kon zoiets tot stand brengen.

Genesis 7:9.KruisverwijzingenHandelingen 10:11Genesis 7:16Jeremia 8:7Galaten 3:28Kolossenzen 3:11Jesaja 65:25Genesis 2:19Jesaja 11:6
— Kwamen er twee en twee tot Noach in de ark, het mannetje en het wijfje, gelijk als God Noach geboden had.
 Zij gingen vanzelf naar binnen. Noach hoefde hen niet op te sporen of bijeen te drijven; zij kwamen overeenkomstig Gods plan en voornemen. Zo zal ook, wat betreft de zaligheid in Christus Jezus, Zijn volk bereid zijn tot Hem te komen op de dag van Zijn heirkracht. Met vreugde zullen zij de ark van hun behoudenis binnengaan.

Genesis 7:10-11.KruisverwijzingenGenesis 8:2Genesis 1:7Genesis 7:42 Koningen 7:19Ezechiël 26:19Maleachi 3:10Lukas 17:27Mattheüs 24:38
— En het geschiedde na die zeven dagen, dat de wateren des vloeds op de aarde waren. In het zeshonderdste jaar des levens van Noach, in de tweede maand, op de zeventiende dag der maand, op dezen zelfden dag zijn alle fonteinen des groten afgronds opengebroken, en de sluizen des hemels geopend.
 Misschien stond de wereld juist in haar volle schoonheid, toen de bomen bloeiden, de vogels zongen in hun takken en de bloemen de aarde sierden. Juist “op dezen zelfden dag zijn alle fonteinen des groten afgronds opengebroken, en de sluizen des hemels geopend.”

Genesis 7:12-13. KruisverwijzingenGenesis 7:4Genesis 7:17Genesis 7:1Genesis 6:18Deuteronomium 9:91 Koningen 19:8Deuteronomium 9:18Mattheüs 4:2
— En een plasregen was op de aarde veertig dagen en veertig nachten. Even op dienzelfden dag ging Noach, en Sem, en Cham, en Jafeth, Noachs zonen, desgelijks ook Noachs huisvrouw, en de drie vrouwen zijner zonen met hem in de ark;
Deze acht personen worden met zorg bij naam genoemd. “De Heere kent degenen die de Zijnen zijn”, en: “zij zullen, zegt de HEERE der heirscharen, te dien dage die Ik maken zal, Mij een eigendom zijn” — “Ik zal Mijn allerdierbaarste juwelen afzonderen (Kantt.)”. Dat is wat Hij hier op het punt stond te doen. Zo kent God allen die in Hem geloven: zij zijn kostbaar in Zijn ogen en zullen behouden worden, terwijl anderen omkomen.

Genesis 7:14.KruisverwijzingenGenesis 7:2Genesis 7:8
— Zij, en al het gedierte naar zijn aard, en al het vee naar zijn aard, en al het kruipend gedierte, dat op de aarde kruipt, naar zijn aard, en al het gevogelte naar zijn aard, alle vogeltjes van allerlei vleugel.
“Al het gevogelte naar zijn aard”, dat wil zeggen: iedere vogelsoort wordt opnieuw genoemd. God hecht grote waarde aan de verlossing. O, laten wij dat ook doen. Wij mogen het verhaal van onze redding uit het oordeel steeds opnieuw vertellen en hoeven ons er nooit voor te schamen. Zoals de Heilige Geest deze woorden herhaalt, zo mogen ook wij de geschiedenis van onze verlossing telkens weer vertellen en zelfs bij de kleinste bijzonderheden stilstaan, want elk onderdeel ervan bevat rijke lessen.

Genesis 7:15-16.KruisverwijzingenGenesis 7:2Mattheüs 25:10Lukas 13:25Jesaja 11:6Genesis 6:19Psalmen 46:2Psalmen 91:11 Petrus 1:5
— En van alle vlees, waarin een geest des levens was, kwamen er twee en twee tot Noach in de ark. En die er kwamen, die kwamen mannetje en wijfje, van alle vlees, gelijk als hem God bevolen had. En de HEERE sloot achter hem toe.
 Nu zijn alle juwelen binnen, en daarom wordt de ark gesloten.

Genesis 7:17.KruisverwijzingenGenesis 7:4Genesis 7:12
— En die vloed was veertig dagen op de aarde, en de wateren vermeerderden, en hieven de ark op, zodat zij oprees boven de aarde.
 Precies zoals God had aangekondigd, want Zijn voorzienigheid stemt altijd overeen met Zijn beloften én met Zijn dreigingen. “Zou Hij het zeggen en niet doen?”

Genesis 7:17.KruisverwijzingenGenesis 7:4Genesis 7:12
— En die vloed was veertig dagen op de aarde, en de wateren vermeerderden, en hieven de ark op, zodat zij oprees boven de aarde.
 U ziet hoe de ark in beweging komt totdat zij begint te drijven. Zo gaat het ook vaak met ons. Juist wanneer de vloed van beproevingen hoog stijgt, worden wij omhooggeheven. Hoe vaak zijn wij niet boven de aarde verheven door juist datgene wat ons dreigde te overspoelen en te verdrinken. David zei: “Het is mij goed dat ik verdrukt ben geweest”, en menig heilige kan getuigen dat hij pas werkelijk begon te drijven toen de vloed kwam. Toen liet hij de wereldsgezindheid achter waarin hij zich vroeger had geschikt en begon hij te stijgen tot een hoger geestelijk leven dan hij ooit tevoren had gekend.

Genesis 7:18-19.KruisverwijzingenPsalmen 104:26Psalmen 69:15Job 22:16Exodus 14:28Jeremia 3:232 Petrus 3:6Psalmen 46:2Job 12:15
— En de wateren namen de overhand, en vermeerderden zeer op de aarde; en de ark ging op de wateren. En de wateren namen gans zeer de overhand op de aarde, zodat alle hoge bergen, die onder den ganse hemel zijn, bedekt werden.
  Als Mozes slechts een plaatselijke zondvloed had willen beschrijven, zou hij zich wel zeer misleidend hebben uitgedrukt. Maar als hij wilde leren dat de zondvloed de hele aarde omvatte, gebruikte hij precies de woorden die wij mochten verwachten. Ik denk dat niemand die dit hoofdstuk onbevangen leest, tot de conclusie zal komen waartoe sommige zeer geleerde mannen zijn gekomen — te geleerd om de eenvoudige waarheid te aanvaarden. De zondvloed moet wel algemeen zijn geweest wanneer wij lezen dat niet alleen de wateren de aarde overvloedig bedekten, maar ook dat “alle hoge bergen, die onder den ganse hemel zijn, bedekt werden”, bedekt werden. Dat wil zeggen: alles onder het hemelgewelf. Wat zou duidelijker kunnen zijn?

Genesis 7:20-23.Kruisverwijzingen1 Petrus 3:20Genesis 6:13Genesis 6:17Genesis 7:4Genesis 2:7Hebreeën 11:7Genesis 6:6Lukas 17:26
— Vijftien ellen omhoog namen de wateren de overhand, en de bergen werden bedekt. En alle vlees, dat zich op de aarde roerde, gaf den geest, van het gevogelte, en van het vee, en van het wild gedierte, en van al het kruipend gedierte, dat op de aarde kroop, en alle mens. Al wat een adem des geestes des levens in zijn neusgaten had, van alles wat op het droge was, is gestorven. Alzo werd verdelgd al wat bestond, dat op den aardbodem was, van den mens aan tot het vee, tot het kruipend gedierte, en tot het gevogelte des hemels, en zij werden verdelgd van de aarde; doch Noach alleen bleef over, en wat met hem in de ark was.
 Dit is het tegenbeeld van wat zal volgen op de verkondiging van het evangelie. Zij die in Christus zijn, zullen leven, opstaan en voor eeuwig met Hem regeren, maar niemand die buiten Christus is, zal dat leven ontvangen. “Doch Noach alleen bleef over, en wat met hem in de ark was.”

Genesis 7:24.KruisverwijzingenGenesis 8:3
— En de wateren hadden de overhand boven de aarde, honderd en vijftig dagen.
“En de wateren hadden de overhand boven de aarde, honderd en vijftig dagen.”

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content