Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

2 Korinthe 6

1 En wij, als medearbeidende, bidden u ook, dat gij de genade Gods niet tevergeefs moogt ontvangen hebben.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 En wij, als medearbeidendeG4903, biddenG3870 u ookG2532, dat gij de genadeG5485 GodsG2316 nietG3361 tevergeefsG1519 moogt ontvangenG1209 hebben. En wij, als medearbeidende, bidden u ook, dat gij de genade Gods niet tevergeefs moogt ontvangen hebben.

KJV We4 ➔ then,2 as workers together1 with him, beseech you also3 that ye receive12 not5 the grace9 of God11 in6 vain.7

1 συνεργουντες G4903 mede gewrocht, medearbeidende, medewerken help (work) with, work(-er) together 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 παρακαλουμεν G3870 baden, bid, vertroost beseech, call for, (be of good) comfort, desire, (give) exhort(-ation), intreat, pray 5 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 6 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 7 κενον G2756 ijdel, ledig, ijdele empty, (in) vain 8 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 χαριν G5485 genade, Genade, dank acceptable, benefit, favour, gift, grace(- ious), joy, liberality, pleasure, thank(-s, -worthy) 10 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 12 δεξασθαι G1209 ontvangen, ontvangt, aangenomen accept, receive, take 13 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 Want Hij zegt: In den aangenamen tijd heb Ik u verhoord, en in den dag der zaligheid heb Ik u geholpen. Ziet, nu is het de welaangename tijd, ziet, nu is het de dag der zaligheid!
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 WantG1063 Hij zegtG3004: In den aangenamenG1184 tijdG2540 heb Ik uG4771 verhoordG1873, enG2532 inG1722 den dagG2250 der zaligheidG4991 heb Ik uG4771 geholpenG997. Ziet, nu is het de welaangenameG2144 tijdG2540, zietG3708, nu is het de dagG2250 der zaligheidG4991! Want Hij zegt: In den aangenamen tijd heb Ik u verhoord, en in den dag der zaligheid heb Ik u geholpen. Ziet, nu is het de welaangename tijd, ziet, nu is het de dag der zaligheid!

KJV (For2 he saith,1 I have heard5 thee in a time3 accepted,4 and7 in8 the day9 of salvation10 have I succoured11 thee: behold, now14 is the accepted16 time;15 behold, now18 is the day19 of salvation.)20

1 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 καιρω G2540 tijd, tijden, gelegenheden X always, opportunity, (convenient, due) season, (due, short, while) time, a while 4 δεκτω G1184 aangenaam, aangename, aangenamen accepted(-table) 5 επηκουσα G1873 verhoord hear 6 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 9 ημερα G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 10 σωτηριας G4991 zaligheid, verlossing, behoudenis deliver, health, salvation, save, saving 11 εβοηθησα G997 help, hulp, geholpen help, succor 12 σοι G4771 u, gij, gijlieden thou 13 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 14 νυν G3568 nu, thans henceforth, + hereafter, of late, soon, present, this (time) 15 καιρος G2540 tijd, tijden, gelegenheden X always, opportunity, (convenient, due) season, (due, short, while) time, a while 16 ευπροσδεκτος G2144 aangenaam, welaangename acceptable(-ted) 17 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 18 νυν G3568 nu, thans henceforth, + hereafter, of late, soon, present, this (time) 19 ημερα G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 20 σωτηριας G4991 zaligheid, verlossing, behoudenis deliver, health, salvation, save, saving
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Wij geven geen aanstoot in enig ding, opdat de bediening niet gelasterd worde.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 Wij gevenG1325 geen aanstootG4349 inG1722 enig dingG3367, opdatG2443 de bedieningG1248 nietG3361 gelasterdG3469 worde. Wij geven geen aanstoot in enig ding, opdat de bediening niet gelasterd worde.

KJV Giving4 no1 offence5 in2 any thing,3 that ➔ the ministry10 be8 ➔ not blamed:

1 μηδεμιαν G3367 niemand, niets, ding any (man, thing), no (man), none, not (at all, any man, a whit), nothing, + without delay 2 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 3 μηδενι G3367 niemand, niets, ding any (man, thing), no (man), none, not (at all, any man, a whit), nothing, + without delay 4 διδοντες G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 5 προσκοπην G4349 aanstoot offence 6 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 7 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 8 μωμηθη G3469 gelasterd, lasteren blame 9 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 διακονια G1248 bediening, dienst, bedienen (ad-)minister(-ing, -tration, -try), office, relief, service(-ing)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Maar wij, als dienaars van God, maken onszelven in alles aangenaam, in vele verdraagzaamheid, in verdrukkingen, in noden, in benauwdheden,
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 MaarG235 wij, alsG5613 dienaarsG1249 van GodG2316, maken onszelvenG1438 inG1722 allesG3956 aangenaamG4921, in veleG4183 verdraagzaamheidG5281, in verdrukkingenG2347, inG1722 nodenG318, inG1722 benauwdhedenG4730, Maar wij, als dienaars van God, maken onszelven in alles aangenaam, in vele verdraagzaamheid, in verdrukkingen, in noden, in benauwdheden,

KJV But1 in2 all3 things approving4 ourselves5 as6 the ministers8 of God,7 in9 much11 patience,10 in12 afflictions,13 in14 necessities,15 in16 distresses,17

1 αλλ G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 2 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 3 παντι G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 4 συνιστωντες G4921 prijzen, aangenaam, bevestigt approve, commend, consist, make, stand (with) 5 εαυτους G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 6 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 7 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 8 διακονοι G1249 dienaar, dienaars, diakenen deacon, minister, servant 9 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 10 υπομονη G5281 lijdzaamheid, verdraagzaamheid, geduld enduring, patience, patient continuance (waiting) 11 πολλη G4183 vele, velen, veel abundant, + altogether, common, + far (passed, spent), (+ be of a) great (age, deal, -ly, while), long, many, much, oft(-en (-times)), plenteous, sore, straitly 12 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 13 θλιψεσιν G2347 verdrukking, verdrukkingen, Verdrukking afflicted(-tion), anguish, burdened, persecution, tribulation, trouble 14 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 15 αναγκαις G318 nood, noodzaak, nodig distress, must needs, (of) necessity(-sary), needeth, needful 16 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 17 στενοχωριαις G4730 benauwdheden, benauwdheid anguish, distress
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 In slagen, in gevangenissen, in beroerten, in arbeid, in waken, in vasten,
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 In slagenG4127, inG1722 gevangenissenG5438, inG1722 beroertenG181, inG1722 arbeidG2873, inG1722 wakenG70, inG1722 vastenG3521, In slagen, in gevangenissen, in beroerten, in arbeid, in waken, in vasten,

KJV In1 stripes,2 in3 imprisonments,4 in5 tumults,6 in7 labours,8 in9 watchings,10 in11 fastings;12

1 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 2 πληγαις G4127 plagen, slagen, plage plague, stripe, wound(-ed) 3 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 4 φυλακαις G5438 gevangenis, gevangenissen, wake cage, hold, (im-)prison(-ment), ward, watch 5 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 6 ακαταστασιαις G181 beroerten, verwarring commotion, confusion, tumult 7 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 8 κοποις G2873 arbeid, moeite labour, + trouble, weariness 9 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 10 αγρυπνιαις G70 waken watch 11 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 12 νηστειαις G3521 vasten fast(-ing)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 In reinheid, in kennis, in lankmoedigheid, in goedertierenheid, in den Heiligen Geest, in ongeveinsde liefde,
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 In reinheidG54, inG1722 kennisG1108, inG1722 lankmoedigheidG3115, inG1722 goedertierenheidG5544, inG1722 den HeiligenG40 GeestG4151, inG1722 ongeveinsdeG505 liefdeG26, In reinheid, in kennis, in lankmoedigheid, in goedertierenheid, in den Heiligen Geest, in ongeveinsde liefde,

KJV By1 pureness,2 by3 knowledge,4 by5 longsuffering,6 by7 kindness,8 by9 the Holy11 Ghost,10 by12 love13 unfeigned,14

1 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 2 αγνοτητι G54 reinheid pureness 3 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 4 γνωσει G1108 kennis, wetenschap, verstand knowledge, science 5 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 6 μακροθυμια G3115 lankmoedigheid longsuffering, patience 7 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 8 χρηστοτητι G5544 goedertierenheid, goed gentleness, good(-ness), kindness 9 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 10 πνευματι G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 11 αγιω G40 heiligen, Heiligen, Heilige (most) holy (one, thing), saint 12 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 13 αγαπη G26 liefde, liefdemaaltijden, liefhebben (feast of) charity(-ably), dear, love 14 ανυποκριτω G505 ongeveinsd, ongeveinsde without dissimulation (hypocrisy), unfeigned
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 In het woord der waarheid, in de kracht van God, door de wapenen der gerechtigheid aan de rechter en aan de linker zijde;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 In het woordG3056 der waarheidG225, inG1722 de krachtG1411 van GodG2316, door de wapenenG3696 der gerechtigheidG1343 aan de rechterG1188 enG2532 aan de linkerG710 zijde; In het woord der waarheid, in de kracht van God, door de wapenen der gerechtigheid aan de rechter en aan de linker zijde;

KJV By1 the word2 of truth,3 by4 the power5 of God,6 by7 the armour9 of righteousness11 on the right hand13 and14 on the left,15

1 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 2 λογω G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work 3 αληθειας G225 waarheid, Waarheid, ware true, X truly, truth, verity 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 δυναμει G1411 kracht, krachten, vermogen ability, abundance, meaning, might(-ily, -y, -y deed), (worker of) miracle(-s), power, strength, violence, mighty (wonderful) work 6 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 7 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 8 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 οπλων G3696 wapenen armour, instrument, weapon 10 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 δικαιοσυνης G1343 rechtvaardigheid, gerechtigheid righteousness 12 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 δεξιων G1188 rechter, rechterhand, rechter- right (hand, side) 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 αριστερων G710 linker left (hand)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 Door eer en oneer, door kwaad gerucht en goed gerucht; als verleiders, en nochtans waarachtigen;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 DoorG1223 eerG1391 enG2532 oneerG819, doorG1223 kwaad geruchtG1426 enG2532 goed geruchtG2162; alsG5613 verleidersG4108, enG2532 nochtans waarachtigenG227; Door eer en oneer, door kwaad gerucht en goed gerucht; als verleiders, en nochtans waarachtigen;

KJV By1 honour2 and3 dishonour,4 by5 evil report6 and7 good report:8 as9 deceivers,10 and11 yet true;12

1 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 2 δοξης G1391 heerlijkheid, eer, heerlijkheden dignity, glory(-ious), honour, praise, worship 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 ατιμιας G819 oneer, onere, oneerlijke dishonour, reproach, shame, vile 5 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 6 δυσφημιας G1426 kwaad gerucht evil report 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 ευφημιας G2162 goed gerucht good report 9 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 10 πλανοι G4108 verleider, verleiders, verleidende --deceiver, seducing 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 αληθεις G227 waarachtig, waarachtige, waarachtigen true, truly, truth
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Als onbekenden, en nochtans bekend; als stervenden, en ziet, wij leven; als getuchtigd, en niet gedood;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 AlsG5613 onbekendenG50, enG2532 nochtans bekendG1921; alsG5613 stervendenG599, enG2532 zietG3708, wij levenG2198; alsG5613 getuchtigdG3811, enG2532 nietG3361 gedoodG2289; Als onbekenden, en nochtans bekend; als stervenden, en ziet, wij leven; als getuchtigd, en niet gedood;

KJV As1 unknown,2 and3 yet well known;4 as5 dying,6 and,7 behold, we live;9 as10 chastened,11 and12 not13 killed;14

1 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 2 αγνοουμενοι G50 onwetende, onbekend, kennende (be) ignorant(-ly), not know, not understand, unknown 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 επιγινωσκομενοι G1921 kenden, bekennende, gekend (ac-, have, take)know(-ledge, well), perceive 5 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 6 αποθνησκοντες G599 gestorven, sterven, sterft be dead, death, die, lie a-dying, be slain (X with) 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 9 ζωμεν G2198 leven, levenden, leeft life(-time), (a-)live(-ly), quick 10 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 11 παιδευομενοι G3811 getuchtigd, kastijden, kastijdt chasten(-ise), instruct, learn, teach 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 14 θανατουμενοι G2289 doden, gedood, doodt become dead, (cause to be) put to death, kill, mortify
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 Als droevig zijnde, doch altijd blijde; als arm, doch velen rijk makende; als niets hebbende, en nochtans alles bezittende.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 AlsG5613 droevigG3076 zijnde, doch altijdG104 blijdeG5463; alsG5613 armG4434, dochG1161 velenG4183 rijk makendeG4148; alsG5613 nietsG3367 hebbendeG2192, en nochtans allesG3956 bezittendeG2722. Als droevig zijnde, doch altijd blijde; als arm, doch velen rijk makende; als niets hebbende, en nochtans alles bezittende.

KJV As1 sorrowful,2 yet4 alway3 rejoicing;5 as6 poor,7 yet9 making10 ➔ many8 rich; as11 having13 nothing,12 and14 yet possessing16 all things.15

1 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 2 λυπουμενοι G3076 bedroefd, droevig, bedroef cause grief, grieve, be in heaviness, (be) sorrow(-ful), be (make) sorry 3 αει G104 altijd, Altijd always, ever 4 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 5 χαιροντες G5463 verblijd, verblijden, verblijdt farewell, be glad, God speed, greeting, hall, joy(- fully), rejoice 6 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 7 πτωχοι G4434 armen, arme, arm beggar(-ly), poor 8 πολλους G4183 vele, velen, veel abundant, + altogether, common, + far (passed, spent), (+ be of a) great (age, deal, -ly, while), long, many, much, oft(-en (-times)), plenteous, sore, straitly 9 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 10 πλουτιζοντες G4148 rijk, rijk makende en- (make) rich 11 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 12 μηδεν G3367 niemand, niets, ding any (man, thing), no (man), none, not (at all, any man, a whit), nothing, + without delay 13 εχοντες G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 παντα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 16 κατεχοντες G2722 behouden, behoudt, houden have, hold (fast), keep (in memory), let, X make toward, possess, retain, seize on, stay, take, withhold
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 Onze mond is opengedaan tegen u, o Korinthiers, ons hart is uitgebreid.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 Onze mondG4750 is opengedaanG455 tegen uG4771, o KorinthiersG2881, ons hartG2588 is uitgebreidG4115. Onze mond is opengedaan tegen u, o Korinthiers, ons hart is uitgebreid.

Ook in dit vers totG4314

KJV O ye Corinthians,7 our mouth2 is open4 unto5 you, our heart9 is enlarged.11

1 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 στομα G4750 mond, monde, monden edge, face, mouth 3 ημων G1473 mij, ik I, me 4 ανεωγεν G455 geopend, open, openen open 5 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 6 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 7 κορινθιοι G2881 Korinthiers Corinthian 8 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 καρδια G2588 hart, harten, harte (+ broken-)heart(-ed) 10 ημων G1473 mij, ik I, me 11 πεπλατυνται G4115 uitgebreid, breed make broad, enlarge
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 Gij zijt niet nauw in ons, maar gij zijt nauw in uw ingewanden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 Gij zijt nietG3756 nauwG4729 inG1722 ons, maarG1161 gij zijt nauwG4729 inG1722 uw ingewandenG4698. Gij zijt niet nauw in ons, maar gij zijt nauw in uw ingewanden.

KJV Ye are2 ➔ not1 straitened5 in3 us, but6 ye are straitened in7 your own bowels.9

1 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 2 στενοχωρεισθε G4729 nauw, benauwd distress, straiten 3 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 4 ημιν G1473 mij, ik I, me 5 στενοχωρεισθε G4729 nauw, benauwd distress, straiten 6 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 7 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 8 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 σπλαγχνοις G4698 ingewanden, innerlijke bewegingen, hart bowels, inward affection, + tender mercy 10 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Nu, om dezelfde vergelding te doen,, ik spreek als tot mijn kinderen) zo wordt gij ook uitgebreid.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 NuG1161, om dezelfde vergeldingG489 te doen,, ik spreekG3004 alsG5613 tot mijn kinderenG5043) zo wordt gijG4771 ookG2532 uitgebreidG4115. Nu, om dezelfde vergelding te doen,, ik spreek als tot mijn kinderen) zo wordt gij ook uitgebreid.

KJV Now2 for a recompence4 in the same,3 (I speak7 as5 unto my children,)6 be8 ➔ ye also9 enlarged.

1 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 αυτην G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 αντιμισθιαν G489 vergelding recompense 5 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 6 τεκνοις G5043 kinderen, kind, zoon child, daughter, son 7 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 8 πλατυνθητε G4115 uitgebreid, breed make broad, enlarge 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 υμεις G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Trekt niet een ander juk aan met de ongelovigen; want wat mededeel heeft de gerechtigheid met de ongerechtigheid, en wat gemeenschap heeft het licht met de duisternis?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 TrektG1096 nietG3361 een ander jukG2086 aanG4314 met de ongelovigenG571; wantG1063 watG5101 mededeelG3352 heeft de gerechtigheidG1343 met de ongerechtigheidG458, en watG5101 gemeenschapG2842 heeft het lichtG5457 met de duisternisG4655? Trekt niet een ander juk aan met de ongelovigen; want wat mededeel heeft de gerechtigheid met de ongerechtigheid, en wat gemeenschap heeft het licht met de duisternis?

KJV Be ye2 not1 unequally yoked together3 with unbelievers:4 for6 what5 fellowship7 hath righteousness8 with9 unrighteousness?10 and12 what11 communion13 hath light14 with15 darkness?16

1 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 2 γινεσθε G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 3 ετεροζυγουντες G2086 juk unequally yoke together with 4 απιστοις G571 ongelovigen, ongelovige, ongelovig that believeth not, faithless, incredible thing, infidel, unbeliever(-ing) 5 τις G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 6 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 7 μετοχη G3352 mededeel fellowship 8 δικαιοσυνη G1343 rechtvaardigheid, gerechtigheid righteousness 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 ανομια G458 ongerechtigheid, ongerechtigheden, overtredingen iniquity, X transgress(-ion of) the law, unrighteousness 11 τις G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 12 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 13 κοινωνια G2842 gemeenschap, handreiking, mededeelzaamheid (to) communicate(-ation), communion, (contri-)distribution, fellowship 14 φωτι G5457 licht, Licht, lichts fire, light 15 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 16 σκοτος G4655 duisternis darkness
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 En wat samenstemming heeft Christus met Belial, of wat deel heeft de gelovige met den ongelovige?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 EnG1161 watG5101 samenstemmingG4857 heeft ChristusG5547 met BelialG955, ofG2228 watG5101 deelG3310 heeft de gelovigeG4103 metG3326 den ongelovigeG571? En wat samenstemming heeft Christus met Belial, of wat deel heeft de gelovige met den ongelovige?

Ook in dit vers totG4314

KJV And2 what1 concord3 hath Christ4 with5 Belial?10 or11 what12 part13 hath he that believeth14 with15 an infidel?16

1 τις G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 συμφωνησις G4857 samenstemming concord 4 χριστω G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ 5 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 7 βελιαρ 9 βελιαλ 11 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 12 τις G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 13 μερις G3310 deel part (X -akers) 14 πιστω G4103 getrouw, getrouwe, gelovigen believe(-ing, -r), faithful(-ly), sure, true 15 μετα G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 16 απιστου G571 ongelovigen, ongelovige, ongelovig that believeth not, faithless, incredible thing, infidel, unbeliever(-ing)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 Of wat samenvoeging heeft de tempel Gods met de afgoden? Want gij zijt de tempel des levenden Gods; gelijkerwijs God gezegd heeft: Ik zal in hen wonen, en Ik zal onder hen wandelen; en Ik zal hun God zijn, en zij zullen Mij een volk zijn.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 Of watG5101 samenvoegingG4783 heeft de tempelG3485 GodsG2316 met de afgodenG1497? Want gijG4771 zijtG1510 de tempelG3485 des levendenG2198 GodsG2316; gelijkerwijsG2531 GodG2316 gezegdG2036 heeft: Ik zal inG1722 hen wonenG1774, en Ik zal onder hen wandelenG1704; en Ik zal hunG846 GodG2316 zijnG1510, en zij zullen MijG1473 een volkG2992 zijnG1510. Of wat samenvoeging heeft de tempel Gods met de afgoden? Want gij zijt de tempel des levenden Gods; gelijkerwijs God gezegd heeft: Ik zal in hen wonen, en Ik zal onder hen wandelen; en Ik zal hun God zijn, en zij zullen Mij een volk zijn.

KJV And2 what1 agreement3 hath the temple4 of God5 with6 idols?7 for9 ye are the temple10 of the living13 God;11 as14 God17 hath said,18 I will dwell19 in20 them,21 and22 walk in23 them; and24 I will be their26 God,27 and28 they29 shall be my people.32

1 τις G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 συγκαταθεσις G4783 samenvoeging agreement 4 ναω G3485 tempel, tempels, tempelen shrine, temple 5 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 6 μετα G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 7 ειδωλων G1497 afgoden, afgod, afgods idol 8 υμεις G4771 u, gij, gijlieden thou 9 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 10 ναος G3485 tempel, tempels, tempelen shrine, temple 11 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 12 εστε G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 13 ζωντος G2198 leven, levenden, leeft life(-time), (a-)live(-ly), quick 14 καθως G2531 gelijk, zoals according to, (according, even) as, how, when 15 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 16 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 18 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 19 ενοικησω G1774 woont, gewoond, wone dwell in 20 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 21 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 22 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 23 εμπεριπατησω G1704 wandelen walk in 24 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 25 εσομαι G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 26 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 27 θεος G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 28 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 29 αυτοι G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 30 εσονται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 31 μοι G1473 mij, ik I, me 32 λαος G2992 volk, volks, volke people

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 Daarom gaat uit het midden van hen, en scheidt u af, zegt de Heere, en raakt niet aan hetgeen onrein is, en Ik zal ulieden aannemen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 Daarom gaat uitG1537 het middenG3319 van henG846, enG2532 scheidtG873 uG4771 af, zegtG3004 de HeereG2962, en raaktG680 nietG3361 aan hetgeen onreinG169 is, en Ik zal ulieden aannemenG1523. Daarom gaat uit het midden van hen, en scheidt u af, zegt de Heere, en raakt niet aan hetgeen onrein is, en Ik zal ulieden aannemen.

KJV Wherefore1 come out2 from3 among4 them,5 and6 be ye separate,7 saith8 the Lord,9 and10 touch13 not12 the unclean11 thing; and14 I will receive15 you,

1 διο G1352 daarom, weshalve for which cause, therefore, wherefore 2 εξελθετε G1831 uitgegaan, gingen, uitgaande come (forth, out), depart (out of), escape, get out, go (abroad, away, forth, out, thence), proceed (forth), spread abroad 3 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 4 μεσου G3319 midden, middernacht among, X before them, between, + forth, mid(-day, -night), midst, way 5 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 αφορισθητε G873 afgezonderd, afscheiden, scheidde divide, separate, sever 8 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 9 κυριος G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 ακαθαρτου G169 onreine, onreinen, onrein foul, unclean 12 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 13 απτεσθε G680 raakte, aangeraakt, aanraken touch 14 καγω G2504 en ik, ook ik (and, even, even so, so) I (also, in like wise), both me, me also 15 εισδεξομαι G1523 aannemen receive 16 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 En Ik zal u tot een Vader zijn, en gij zult Mij tot zonen en dochteren zijn, zegt de Heere, de Almachtige.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 En Ik zal u totG1519 een VaderG3962 zijnG1510, enG2532 gijG4771 zult MijG1473 totG1519 zonenG5207 enG2532 dochterenG2364 zijnG1510, zegtG3004 de HeereG2962, de AlmachtigeG3841. En Ik zal u tot een Vader zijn, en gij zult Mij tot zonen en dochteren zijn, zegt de Heere, de Almachtige.

KJV And1 will be4 a Father5 unto you, and6 ye shall be my sons11 and12 daughters,13 saith14 the Lord15 Almighty.16

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εσομαι G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 3 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 4 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 5 πατερα G3962 Vader, vader, vaders father, parent 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 υμεις G4771 u, gij, gijlieden thou 8 εσεσθε G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 9 μοι G1473 mij, ik I, me 10 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 11 υιους G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 θυγατερας G2364 dochter, dochters, Dochter daughter 14 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 15 κυριος G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 16 παντοκρατωρ G3841 almachtige, Almachtige, almachtigen Almighty, Omnipotent
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
2 Korinthe 6:1 Hebreeën 12:15 1 Korinthe 3:9 1 Petrus 4:10 2 Korinthe 8:1 2 Korinthe 10:1 Galaten 4:11 Titus 2:11 Mattheüs 23:37
2 Korinthe 6:2 Jesaja 49:8 Hebreeën 3:13 Hebreeën 4:7 Ezechiël 16:8 Lukas 19:42 Jesaja 61:2 Hebreeën 3:7 Lukas 4:19
2 Korinthe 6:3 1 Korinthe 9:12 Romeinen 14:13 Mattheüs 17:27 2 Korinthe 8:20 2 Korinthe 1:12 1 Korinthe 10:32 Mattheüs 18:6 1 Korinthe 9:22
2 Korinthe 6:4 2 Korinthe 3:6 1 Korinthe 3:5 2 Korinthe 12:10 2 Korinthe 12:12 2 Korinthe 4:8 2 Korinthe 2:17 1 Thessalonicenzen 5:14 2 Timotheüs 4:5
2 Korinthe 6:5 2 Korinthe 11:23 2 Korinthe 11:27 Handelingen 17:5 Handelingen 19:23 Handelingen 26:10 Jeremia 38:6 Handelingen 12:4 Handelingen 14:23
2 Korinthe 6:6 2 Korinthe 11:6 Romeinen 12:9 1 Korinthe 2:4 1 Thessalonicenzen 2:10 Romeinen 15:19 Titus 2:7 2 Korinthe 4:6 Efeze 3:4
2 Korinthe 6:7 2 Korinthe 4:2 Efeze 1:13 Efeze 6:11 Kolossenzen 1:5 Handelingen 11:21 2 Korinthe 10:4 1 Korinthe 1:24 Jesaja 11:5
2 Korinthe 6:8 Romeinen 3:8 Mattheüs 27:63 1 Timotheüs 3:7 1 Korinthe 4:10 Mattheüs 5:11 Hebreeën 13:13 Handelingen 10:22 3 Johannes 1:12
2 Korinthe 6:9 1 Korinthe 4:9 Romeinen 8:36 2 Korinthe 4:10 2 Korinthe 1:8 2 Korinthe 11:6 Psalmen 118:17 Handelingen 25:14 2 Korinthe 4:2
2 Korinthe 6:10 2 Korinthe 8:9 Johannes 16:22 Filippenzen 4:4 1 Timotheüs 6:18 Lukas 16:11 1 Thessalonicenzen 1:6 Romeinen 5:2 Romeinen 9:2
2 Korinthe 6:11 Psalmen 119:32 2 Korinthe 12:15 Filippenzen 1:8 Job 32:20 Habakuk 2:5 Job 33:2 2 Korinthe 7:3 Openbaring 22:12
2 Korinthe 6:12 Micha 2:7 2 Korinthe 7:2 1 Johannes 3:17 Spreuken 4:12 Filippenzen 1:8 Prediker 6:9 Job 36:16
2 Korinthe 6:13 1 Johannes 5:14 Mattheüs 17:19 Hebreeën 12:5 Galaten 4:12 Markus 11:24 1 Johannes 2:12 1 Johannes 3:7 2 Koningen 13:14
2 Korinthe 6:14 1 Korinthe 15:33 Efeze 5:6 1 Korinthe 10:21 Deuteronomium 22:9 Jakobus 4:4 1 Thessalonicenzen 5:4 Psalmen 139:21 1 Petrus 2:9
2 Korinthe 6:15 1 Johannes 5:11 1 Korinthe 10:20 1 Koningen 18:21 Handelingen 5:14 1 Samuël 5:2 Markus 16:16 Handelingen 8:20 1 Timotheüs 5:8
2 Korinthe 6:16 Exodus 29:45 Openbaring 21:3 Jeremia 32:38 Leviticus 26:12 Hebreeën 8:10 Ezechiël 11:20 Ezechiël 37:26 Jeremia 31:33
2 Korinthe 6:17 Jesaja 52:11 Openbaring 18:4 2 Korinthe 7:1 Numeri 16:26 Spreuken 9:6 Ezra 6:21 Handelingen 2:40 Johannes 6:37
2 Korinthe 6:18 Johannes 1:12 Openbaring 21:7 Romeinen 8:14 Jesaja 43:6 Jeremia 31:9 Galaten 4:5 Galaten 3:26 Psalmen 22:30
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
2 Korinthe 6 vers 1

wij Hij begrijpt met zich Timotheus, uit wiens naam hij ook schrijft.

Hertaald: wij Hij rekent Timotheüs bij zichzelf, uit wiens naam hij ook schrijft.

medearbeidende, Of, medewerkende; namelijk met God, gelijk de dienaars des Woords als instrumenten en gezanten Gods ook elders genaamd worden; 1 Kor. 3:9-10 .

Hertaald: medearbeidende, Of: medewerkend; namelijk met God, zoals de dienaars van het Woord ook elders werktuigen en gezanten van God genoemd worden; 1 Kor. 3:9-10.

bidden u Of, vermanen.

Hertaald: bidden u Of: sporen wij u aan.

gij de genade Gods Namelijk die u door het Evangelie en onzen dienst is aangeboden en van u ontvangen.

Hertaald: gij de genade Gods Namelijk de genade die u door het Evangelie en door onze dienst is aangeboden en door u ontvangen is.

tevergeefs moogt Dat is, zonder behoorlijke vruchten van dankbaarheid en toeneming in het geloof voort te brengen.

Hertaald: tevergeefs moogt Dat is: zonder de behoorlijke vruchten van dankbaarheid en toename in het geloof voort te brengen.

2 Korinthe 6 vers 2

Hij zegt Namelijk Jes. 49:8 , waar God de Vader alzo spreekt tot Zijnen Zoon, en de opbouwing van Zijne gemeente door Hem in Zijne toekomst belooft.

Hertaald: Hij zegt Namelijk in Jes. 49:8, waar God de Vader zo spreekt tot Zijn Zoon en de opbouw van Zijn gemeente door Hem bij Zijn komst belooft.

Zie nu is het Dit zijn nu de woorden van Paulus, met welke hij de voorgaande woorden verklaart en op den tijd des Nieuwen Testaments past.

Hertaald: Zie nu is het Dit zijn nu de woorden van Paulus, waarmee hij de voorgaande woorden verklaart en op de tijd van het Nieuwe Testament toepast.

de welaangename tijd; Of, de tijds des welbehagens, gelijk het Hebreeuwse woord bij Jesaja eigenlijk luidt, dien God in Zijn welbehagen bestemd had, om de mensen alom door Christus en Zijne dienaars tot bekering te roepen en hun krachtig door Zijnen Geest daartoe te brengen; Hand. 2:16-17 , en Hand. 17:30-31 , enz.

Hertaald: de welaangename tijd; Of: de tijd van het welbehagen, zoals het Hebreeuwse woord bij Jesaja eigenlijk luidt. Dat is de tijd die God in Zijn welbehagen bestemd had om de mensen overal door Christus en Zijn dienaars tot bekering te roepen en hen daar krachtig door Zijn Geest toe te brengen; Hand. 2:16-17 en Hand. 17:30-31, enzovoort.

2 Korinthe 6 vers 3

de bediening niet Namelijk des Heiligen Evangelies, die ons toebetrouwd is, en van welken hij in het einde van het voorgaande hoofdstuk heeft gesproken.

Hertaald: de bediening niet Namelijk de dienst van het heilige Evangelie, die ons toevertrouwd is en waarover hij aan het einde van het voorgaande hoofdstuk gesproken heeft.

gelasterd worde Of, berispt, bestraft, gelijk het Griekse woord eigenlijk medebrengt; hetwelk placht te geschieden wanneer het leven der dienaren van het Woord met hunne leer niet overeenkomt.

Hertaald: gelasterd worde Of: berispt, bestraft, zoals het Griekse woord eigenlijk inhoudt. Dat gebeurde gewoonlijk wanneer het leven van de dienaars van het Woord niet met hun leer overeenkwam.

2 Korinthe 6 vers 4

maken onszelven Gr. recommanderen wij onszelven, of maken dat wij na gedane proeve goed gekend worden. Of bewijzen.

Hertaald: maken onszelven Grieks: bevelen wij onszelf aan, of: maken wij dat wij na een afgelegde proef erkend worden. Of: bewijzen wij.

2 Korinthe 6 vers 5

beroerten, in arbeid, Of, verwarringen, onvastigheden; waardoor verstaan wordt de staat dergenen, die herwaarts en derwaarts gejaagd of verdreven worden.

Hertaald: beroerten, in arbeid, Of: verwarringen, onzekerheden. Hiermee wordt de toestand bedoeld van mensen die her en der opgejaagd of verdreven worden.

2 Korinthe 6 vers 6

reinigheid, Of, kuisheid. Alzo verhaalt de apostel van hier voort de deugden en middelen, waardoor hij de vorige zwarigheden is te boven gekomen.

Hertaald: reinigheid, Of: kuisheid. Van hier af noemt de apostel de deugden en middelen op waardoor hij de eerder genoemde moeilijkheden te boven gekomen is.

in den Heiligen Geest, Hierdoor verstaat hij de vrijmoedigheid en vreugde des Geestes, die ons ondersteunt ook in het midden van alle verdrukkingen; Joh. 16:33 ; Rom. 5:3-5 , en Rom. 14:17 .

Hertaald: in den Heiligen Geest, Hiermee bedoelt hij de vrijmoedigheid en de vreugde van de Geest, die ons ook te midden van alle verdrukkingen ondersteunt; Joh. 16:33; Rom. 5:3-5 en Rom. 14:17.

2 Korinthe 6 vers 7

het woord der waarheid, Dat is, de predikatie des Evangelies, gelijk Joh. 17:17 .

Hertaald: het woord der waarheid, Dat is: de prediking van het Evangelie, zoals in Joh. 17:17.

de kracht Gods, Namelijk die deze predikatie der apostelen vergezelschapte, niet alleen met tekenen en wonderen, Hebr. 2:3-4 , maar ook met macht om de bozen te wederstaan en ten onder te brengen, als met wapenen die machtig waren in God om van alle zijden de uitverkorenen van Christus te gewinnen en de anderen van zich te weren; 2 Kor. 10:4-6 .

Hertaald: de kracht Gods, Namelijk de kracht die deze prediking van de apostelen begeleidde, niet alleen met tekenen en wonderen, Hebr. 2:3-4, maar ook met macht om de bozen te weerstaan en ten onder te brengen. Dat waren als wapens die machtig waren door God, om van alle zijden de uitverkorenen voor Christus te winnen en de anderen af te weren; 2 Kor. 10:4-6.

door de wapenen der Of, door de rechter en linkerwapenen der gerechtigheid.

Hertaald: door de wapenen der Of: door de wapens van de gerechtigheid aan de rechter- en aan de linkerhand.

2 Korinthe 6 vers 8

Door eer en oneer, Dat is, in het midden van eer en oneer; namelijk, eer bij de vrome en oneer bij de goddelozen en wereldse mensen. Versta hetzelfde onderscheid ook in de volgende tegenstellingen, en zie een voorbeeld in Christus, Joh. 7:12 , en in Paulus, Hand. 17:18 , Hand. 17:32 .

Hertaald: Door eer en oneer, Dat is: te midden van eer en oneer, namelijk eer bij de vromen en oneer bij de goddelozen en wereldse mensen. Begrijp hetzelfde onderscheid ook in de volgende tegenstellingen, en zie een voorbeeld bij Christus, Joh. 7:12, en bij Paulus, Hand. 17:18, Hand. 17:32.

2 Korinthe 6 vers 9

als stervende Namelijk naar het oordeel der mensen voor doden gehouden.

Hertaald: als stervende Namelijk naar het oordeel van de mensen voor doden gehouden.

ziet, wij leven Namelijk door de bijzondere genade en beschutting Gods; Ps. 118:18 .

Hertaald: ziet, wij leven Namelijk door de bijzondere genade en bescherming van God; Ps. 118:18.

2 Korinthe 6 vers 10

doch altijd blijde; Dat is, getroost in God; Rom. 5:3 ; 1 Thess. 5:16 .

Hertaald: doch altijd blijde; Dat is: getroost in God; Rom. 5:3; 1 Thess. 5:16.

als arm, Namelijk naar de wereldse rijkdommen.

Hertaald: als arm, Namelijk wat de wereldse rijkdommen betreft.

rijk makende; als Namemlijk met geestelijke gaven.

Hertaald: rijk makende; als Namelijk met geestelijke gaven.

alles bezittende Namelijk in Christus en met Christus; 1 Kor. 3:21-22 .

Hertaald: alles bezittende Namelijk in Christus en met Christus; 1 Kor. 3:21-22.

2 Korinthe 6 vers 11

Onze mond is Dat is, ik spreek vrijmoedig en in het brede met u van al mijne gelegenheden, gelijk mijn genegenheid en goed hart tegen u ook groot is. Een Hebreeuwse wijze van spreken.

Hertaald: Onze mond is Dat is: ik spreek vrijmoedig en uitvoerig met u over al mijn omstandigheden, zoals ook mijn toewijding en mijn goede hart tegenover u groot zijn. Dit is een Hebreeuwse manier van spreken.

2 Korinthe 6 vers 12

Gij zijt niet nauw Dat is, gij bezit ons hart in het geheel. Wij doen ons hart voor u wijd open.

Hertaald: Gij zijt niet nauw Dat is: u bezit ons hart helemaal. Wij zetten ons hart voor u wijd open.

gij zijt nauw in uw ingewanden Dat is, gij doet uw hart niet genoeg open, maar houdt dat nog ten dele gelijk gesloten voor ons.

Hertaald: gij zijt nauw in uw ingewanden Dat is: u zet uw hart niet genoeg open, maar houdt het nog gedeeltelijk als het ware voor ons gesloten.

2 Korinthe 6 vers 13

wordt gij ook Namelijk in uwe ingewanden, of hart; om ons gelijke genegenheid of liefde toe te dragen.

Hertaald: wordt gij ook Namelijk in uw binnenste, of hart, om ons dezelfde toewijding of liefde toe te dragen.

2 Korinthe 6 vers 14

een ander juk aan met Dat is een juk, of gemeenschap met degenen, die van ongelijke religie zijn, gelijk de afgodische heidenen waren. Waarmede hij niet allerlei gemeenschap verbiedt, want dat zou strijden met hetgeen hij gezegd heeft 1 Kor. 5:10 , maar alleen zulke gemeenschap, waardoor zij ook tot de gemeenschap van hunne afgoderij of andere zonden zouden worden gebracht, of de ongelovigen in hunne zonden gesterkt; en is ene gelijkenis, genomen uit de wet, Deut. 22:10 , waar God verbiedt, dat zij in het ploegen den os en den ezel niet zouden samenvoegen.

Hertaald: een ander juk aan met Dat is: een juk of gemeenschap met hen die een andere religie hebben, zoals de heidenen met hun afgoden. Daarmee verbiedt hij niet allerlei omgang, want dat zou strijden met wat hij gezegd heeft in 1 Kor. 5:10. Hij verbiedt alleen zulke gemeenschap waardoor zij ook tot deelname aan hun afgoderij of andere zonden gebracht zouden worden, of waardoor de ongelovigen in hun zonden gesterkt zouden worden. Het is een vergelijking, genomen uit de wet, Deut. 22:10, waar God verbiedt de os en de ezel bij het ploegen samen te voegen.

2 Korinthe 6 vers 15

Belial; Dit is een Hebreeuws woord, en betekent een die zonder juk is, of niemand nuttig. Hier wordt het genomen voor den Satan zelf, die alle gehoorzaamheid Gods van zich heeft geworpen. Zie 1 Sam. 1:16 .

Hertaald: Belial; Dit is een Hebreeuws woord en betekent iemand die zonder juk is, of die voor niemand nuttig is. Hier wordt het gebruikt voor de satan zelf, die alle gehoorzaamheid aan God van zich geworpen heeft. Zie 1 Sam. 1:16.

2 Korinthe 6 vers 16

de tempel Gods met de Namelijk die tot den dienst van den waren God is geheiligd.

Hertaald: de tempel Gods met de Namelijk die aan de dienst van de ware God gewijd is.

gij zijt de tempel Namelijk die in Christus gelooft, Ef. 2:21-22 ; 1 Petr. 2:5 .

Hertaald: gij zijt de tempel Namelijk u die in Christus gelooft, Ef. 2:21-22; 1 Petr. 2:5.

des levenden Gods; Dat is, die niet alleen zelf leeft, maar allen een auteur des levens is, Hand. 17:25 , en wordt deze titel hier God gegeven tegen de stomme en dode afgoden.

Hertaald: des levenden Gods; Dat is: Die niet alleen Zelf leeft, maar voor allen de bron van het leven is, Hand. 17:25. Deze titel wordt hier aan God gegeven tegenover de stomme en dode afgoden.

God gezegd heeft Deze woorden zijn genomen ten dele uit Lev. 26:11-12 , ten dele uit Ezech. 37:26 .

Hertaald: God gezegd heeft Deze woorden zijn gedeeltelijk genomen uit Lev. 26:11-12 en gedeeltelijk uit Ezech. 37:26.

2 Korinthe 6 vers 17

Daarom gaat uit het Deze woorden zijn genomen uit Jes. 52:11 , alzo dat deze vermaning van Paulus uit verscheidene plaatsen bijeengevoegd is.

Hertaald: Daarom gaat uit het Deze woorden zijn genomen uit Jes. 52:11, zodat deze aansporing van Paulus uit verschillende plaatsen is samengevoegd.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Ongelijk juk (afgescheidenheid van de wereld)  — "Trekt niet een ander juk aan met de ongelovigen" (2 Kor. 6:14) — de oproep om geen bindende, gelijkwaardige verbintenis (huwelijk, zakelijk verbond, geestelijke gemeenschap) aan te gaan met wie de Heere niet toebehoort

Paulus onderbouwt het gebod met een reeks retorische vragen die elk een onmogelijke combinatie tekenen: "wat mededeel heeft de gerechtigheid met de ongerechtigheid, en wat gemeenschap heeft het licht met de duisternis? En wat samenstemming heeft Christus met Belial, of wat deel heeft de gelovige met den ongelovige? Of wat samenvoeging heeft de tempel Gods met de afgoden?" (2 Kor. 6:14-16) — met de grond: "gij zijt de tempel des levenden Gods" (reeds behandeld, 1 Kor. 3 en 6). Daarom de oproep: "gaat uit het midden van hen, en scheidt u af, zegt de Heere, en raakt niet aan hetgeen onrein is, en Ik zal ulieden aannemen" (2 Kor. 6:17), met de belofte: "Ik zal u tot een Vader zijn, en gij zult Mij tot zonen en dochteren zijn" (2 Kor. 6:18).

Bijbelse betekenis: Het beeld van het juk (twee dieren onder één juk, die dezelfde richting en hetzelfde tempo moeten aanhouden) tekent de onmogelijkheid van een werkelijk gelijkwaardige, bindende verbintenis tussen een gelovige en iemand die de Heere niet dient. Het gaat daarbij niet om wereldmijding op zichzelf, maar hierom: twee zo tegengestelde heren kunnen niet in één juk trekken zonder dat de een de ander meesleept.

Typologie: Paulus citeert hier zelf reeds Lev. 26:12 ("Ik zal in het midden van u wandelen, en zal u tot een God zijn, en gij zult Mij tot een volk zijn") als de oudtestamentische grond van deze afgescheidenheid.

2 Kor. 6:14-18; Lev. 26:12

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

Ik zal in hen wonen — 6:14-18

God bij Zijn volk niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe

Paulus waarschuwt de Korinthiërs om zich niet met de afgodendienst van hun stad in te laten. Hij doet dat met een reeks vragen, en die vragen lopen uit op een woord dat God eeuwen eerder gesproken had.

De reden om zich af te scheiden is niet een regel maar een feit: God woont hier.

De vragen komen achter elkaar en worden telkens scherper. Wat heeft gerechtigheid met ongerechtigheid te maken, licht met duisternis, Christus met Belial, een gelovige met een ongelovige? En dan de laatste, die de vorige samenvat: “Of wat samenvoeging heeft de tempel Gods met de afgoden?”

Daarna komt de vaststelling: “Want gij zijt de tempel des levenden Gods.” En daarbij haalt Paulus de Schrift aan: “Want gij zijt de tempel des levenden Gods; gelijkerwijs God gezegd heeft: Ik zal in hen wonen, en Ik zal onder hen wandelen.”

De kanttekening wijst aan waar die woorden vandaan komen: ten dele uit Leviticus 26 en ten dele uit Ezechiël 37.

Dat is voor deze lijn het hele punt. In Leviticus stond het als belofte bij het verbond: Ik zal Mijn tabernakel in het midden van u zetten, en Ik zal in het midden van u wandelen. Bij Ezechiël klonk het opnieuw toen de tempel in puin lag: “En Mijn tabernakel zal bij hen zijn, en Ik zal hun tot een God zijn.” Beide keren ging het over een plaats waar God zou wonen, midden onder Zijn volk.

En Paulus past die woorden toe op mensen. Er is geen gebouw meer waarnaar hij verwijzen kan; hij verwijst naar hen.

De vermaning die erop volgt komt eveneens uit het Oude Testament. Zij staat bij Jesaja, en hoorde daar bij het vertrek uit Babel: gaat uit het midden van hen, en scheidt u af, en raakt niet aan hetgeen onrein is. In Jesaja waren dat de mannen die de heilige vaten droegen; wie het gerei van de tempel vervoerde, moest rein zijn.

Daarmee sluit alles op elkaar. Zij dragen de tempel niet — zij zíjn hem. Vandaar de eis om zich niet te laten samenvoegen met wat er in Korinthe te koop was.

En het slot is geen dreiging maar een belofte, en zij bevat de zin die door de hele Schrift meeloopt: “En Ik zal u tot een Vader zijn, en gij zult Mij tot zonen en dochteren zijn, zegt de Heere, de Almachtige.” Wat aan David beloofd was over één zoon, staat hier in het meervoud.

  1. Exodus 25:8 — Een heiligdom, opdat Ik in het midden van hen wone.
  2. Leviticus 26:12 — Ik zal in het midden van u wandelen, en u tot een God zijn.
  3. Ezechiël 37:27 — Diezelfde belofte klinkt opnieuw als de tempel in puin ligt.
  4. 2 Korintiers 6:16 — Paulus past die woorden toe op mensen: gij zijt de tempel.
  5. Jesaja 52:11 — Daarom: gaat uit, en raakt niet aan hetgeen onrein is.
  6. Openbaring 21:3 — En ten slotte: de tabernakel Gods is bij de mensen.

In het Nieuwe Testament: Leviticus 26:11-12; Ezechiël 37:27; Jesaja 52:11; 2 Samuël 7:14; Openbaring 21:3; Exodus 25:8

Hoever dit reikt: Paulus voegt hier verschillende plaatsen uit het Oude Testament samen; de kanttekening wijst aan welke dat zijn, en dat de aanhaling niet woordelijk uit één plaats komt. Dat de belofte over zonen en dochteren mede teruggaat op de belofte aan David, blijkt uit de bewoording; Paulus noemt David hier niet.

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

2 Korinthe 6

2 Korinthe 6:1

KruisverwijzingenHebreeën 12:151 Korinthe 3:91 Petrus 4:102 Korinthe 8:12 Korinthe 10:1Galaten 4:11Titus 2:11Mattheüs 23:37
— En wij, als medearbeidende, bidden u ook, dat gij de genade Gods niet tevergeefs moogt ontvangen hebben.

Gods dienstknechten worden geroepen vele verschillende posities in te nemen. Onder het ene opzicht zijn zij gezanten voor Christus; onder het andere zijn zij medearbeiders. Als gezanten zijn zij gezanten voor Christus; als arbeiders zijn zij medearbeiders Gods. O, hoeveel kost het een ziel te winnen! Ik bedoel niet alleen hoeveel het de Zaligmaker gekost heeft, zodat Zijn hart brak en Hij Zijn levensbloed vergoot, maar ook hoeveel het de boodschapper van de vrede moet kosten! Hij moet weten hoe te smeken en te bidden; en wanneer zelfs dat faalt, moet hij toch blijven zwoegen, arbeiden, als medearbeider Gods.

2 Korinthe 6:2

KruisverwijzingenJesaja 49:8Hebreeën 3:13Hebreeën 4:7Ezechiël 16:8Lukas 19:42Jesaja 61:2Hebreeën 3:7Lukas 4:19
— Want Hij zegt: In den aangenamen tijd heb Ik u verhoord, en in den dag der zaligheid heb Ik u geholpen. Ziet, nu is het de welaangename tijd, ziet, nu is het de dag der zaligheid!

Spreek ik iemand aan die zegt dat het voor hem te laat is om behouden te worden, en dat zijn zonde te groot is om vergeven te worden? Dan zal deze tekst die onheilige en ongegronde vrees verjagen: “ziet, nu is het de welaangename tijd, ziet, nu is het de dag der zaligheid!”

2 Korinthe 6:3-4

Kruisverwijzingen1 Korinthe 9:12Romeinen 14:13Mattheüs 17:272 Korinthe 3:61 Korinthe 3:52 Korinthe 12:102 Korinthe 12:122 Korinthe 4:8
— Wij geven geen aanstoot in enig ding, opdat de bediening niet gelasterd worde. Maar wij, als dienaars van God, maken onszelven in alles aangenaam, in vele verdraagzaamheid, in verdrukkingen, in noden, in benauwdheden,

Zoals die eerste dienstknechten van de Heere werkelijk deden.

2 Korinthe 6:4-10

Kruisverwijzingen2 Korinthe 8:92 Korinthe 4:2Johannes 16:222 Korinthe 11:232 Korinthe 11:6Romeinen 12:9Romeinen 3:8Mattheüs 27:63
— Maar wij, als dienaars van God, maken onszelven in alles aangenaam, in vele verdraagzaamheid, in verdrukkingen, in noden, in benauwdheden, In slagen, in gevangenissen, in beroerten, in arbeid, in waken, in vasten, In reinheid, in kennis, in lankmoedigheid, in goedertierenheid, in den Heiligen Geest, in ongeveinsde liefde, In het woord der waarheid, in de kracht van God, door de wapenen der gerechtigheid aan de rechter en aan de linker zijde; Door eer en oneer, door kwaad gerucht en goed gerucht; als verleiders, en nochtans waarachtigen; Als onbekenden, en nochtans bekend; als stervenden, en ziet, wij leven; als getuchtigd, en niet gedood; Als droevig zijnde, doch altijd blijde; als arm, doch velen rijk makende; als niets hebbende, en nochtans alles bezittende.

Al deze dingen moesten Paulus en zijn broeders zijn en doen, om zielen voor Christus te winnen. Zo gaan de jagers in het koude noorden op zoek naar bont, en beproeven zij allerlei plannen om de wilde dieren te vangen waarvan zij leven. Zij zullen ze verstrikken, of vangen, of schieten; maar op de een of andere manier zullen zij ze krijgen. Zij zullen de hele dag en de hele nacht waakzaam zijn. Zij zullen de gewoonten van elk dier waarmee zij te maken hebben bestuderen, maar op de een of andere manier zullen zij het bont krijgen. Zo moet ook de ware dienaar van Christus bereid zijn alles te zijn, alles te doen, alles te lijden. Hij moet smaad en schande willen dragen, niets willen zijn, of alles voor allen willen zijn, als hij daardoor maar enigen mag redden.

2 Korinthe 6:11-12

KruisverwijzingenPsalmen 119:322 Korinthe 12:15Micha 2:7Filippenzen 1:8Job 32:20Habakuk 2:5Job 33:22 Korinthe 7:3
— Onze mond is opengedaan tegen u, o Korinthiers, ons hart is uitgebreid. Gij zijt niet nauw in ons, maar gij zijt nauw in uw ingewanden.

Waren zij niet behouden, dan was het niet omdat Paulus zijn mond niet opende om tot hen te spreken, hen te waarschuwen en uit te nodigen. Het was ook niet omdat hij zijn hart niet opende en in zijn diepste binnenste de bewegingen van een heilig medelijden met hen voelde.

2 Korinthe 6:13

Kruisverwijzingen1 Johannes 5:14Mattheüs 17:19Hebreeën 12:5Galaten 4:12Markus 11:241 Johannes 2:121 Johannes 3:72 Koningen 13:14
— Nu, om dezelfde vergelding te doen,, ik spreek als tot mijn kinderen) zo wordt gij ook uitgebreid.

Er moet een zeker loon staan tegenover dit gezegende werk. De apostel legt het wijselijk op die voet, alsof zij hem inderdaad iets schuldig waren. Maar de betaling die hij zoekt, is uiteraard geen persoonlijk gewin voor hemzelf; hij stelt het slechts zo voor, terwijl het een winst voor hen is. Er is zoveel ernstige arbeid verricht om uw bekering te bewerken; wees dan ook u ernstig om anderen te winnen. Krijg grote gedachten van God; wijd u geheel aan Hem toe, besteed en verteer uzelf voor Hem. Volg een goed voorbeeld.

2 Korinthe 6:14

Kruisverwijzingen1 Korinthe 15:33Efeze 5:61 Korinthe 10:21Deuteronomium 22:9Jakobus 4:41 Thessalonicenzen 5:4Psalmen 139:211 Petrus 2:9
— Trekt niet een ander juk aan met de ongelovigen; want wat mededeel heeft de gerechtigheid met de ongerechtigheid, en wat gemeenschap heeft het licht met de duisternis?

Op geen enkele wijze, noch in het huwelijk, dat de voornaamste van alle vormen van juk-dragen is, noch in zaken of andere samenwerkingsverbanden. U moet in dezelfde wereld met hen zijn, maar houd uzelf apart van hen. Ga niet uit eigen keuze in hun gezelschap, en zoek uw genoegen niet bij hen.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content