Naar de inhoud
Het Spurgeon Archief Preken en geschriften in het Nederlands

Voor Iedere Dag

Persoonlijke dienst

2 min. lezen

“Och, HEERE! zekerlijk ik ben Uw knecht, ik ben Uw knecht, een zoon Uwer dienstmaagd; Gij hebt mijn banden losgemaakt.”—Psalm 116:16

Lees verder: Romeinen 6:15-23.

De vrijheid om heilig te zijn, is een grotere vrijheid dan de vrijheid om zondig te zijn. De vrijheid om gewetensvol te leven, de vrijheid om vergeving van zonden te kennen, de vrijheid om overwonnen lusten te vertrappen, is oneindig veel groter dan de vrijheid die mij zou toestaan de gemakkelijke slaaf van de zonde te zijn en ondertussen de ijdele hoop te koesteren dat ik op een dag het koninkrijk der hemelen zal binnengaan. De sterkste uitdrukkingen die ooit door de vrijmoedigste dienaar van de vrije genade gebruikt kunnen worden, zijn op dit punt niet overdreven. Luther mag donderen zo veel hij wil en Calvijn al zijn redeneerkunst gebruiken, maar na alle grote dingen die gezegd zijn over de vrijheid waarmee Christus ons heeft vrijgemaakt, zijn we nog vrijer dan zij wisten. Een christen is even vrij als de lucht die hij inademt, wanneer hij leeft overeenkomstig zijn voorrechten. Als hij toch gebonden is, komt dat doordat hij zijn geest niet volledig heeft gericht op de verzoenende en bevrijdende invloed van het evangelie van de Heere Jezus Christus. Daarom mag de gelovige in de volste en ruimste zin uitroepen: “Gij hebt mijn banden losgemaakt.” Toch is deze vrijheid niet alleen te verenigen met de meest diepgaande en eerbiedige dienst, maar is die dienst juist een hoofdkenmerk van de verheven vrijheid. “Zekerlijk ik ben Uw knecht, ik ben Uw knecht, een zoon Uwer dienstmaagd.” Dit is niet in strijd met wat volgt: “Gij hebt mijn banden losgemaakt.” Dat ik Gods dienstknecht ben, is voor mij een bewijs, een aanduiding, een heerlijke vrucht en een gevolg van het feit dat mijn banden door de grote Bevrijder, Jezus Christus, zijn losgemaakt. Dienst dus, evengoed als vrijheid!

Ter overdenking

Een christen is bevrijd van de slavernij van de zonde om een dienstknecht van God te worden. Blijkt dit uit uw manier van leven? (Galaten 5:13)

Preek 312