“…in stilheid en in vertrouwen zou uw sterkte zijn”—Jesaja 30:15
Het is altijd zwakte om te piekeren en je zorgen te maken, te twijfelen en te wantrouwen. Wat kunnen we doen als we onszelf uitputten tot op het bot? Winnen we iets door te vrezen en te razen? Maken we onszelf niet ongeschikt om te handelen en brengen we onze geest niet in de war, zodat we geen wijze beslissing kunnen nemen? We zinken door onze worsteling, terwijl we door het geloof konden blijven drijven.
O, had ik maar genade om stil te zijn! Waarom van huis naar huis rennen om het vermoeiende verhaal te vertellen, dat ons alleen maar zieker van hart maakt naarmate we het vertellen? Waarom zelfs thuisblijven om het uit te schreeuwen van angst, door akelige voorgevoelens die misschien nooit uitkomen? Het zou goed zijn om een stille tong te hebben, maar het zou veel beter zijn om een stil hart te hebben. O, om stil te zijn en te weten dat Jehovah God is!
O, had ik maar genade om op God te vertrouwen! De Heilige van Israël moet de Zijnen verdedigen en redden. Hij kan niet terugkomen op Zijn plechtige woorden. We mogen er zeker van zijn dat elk woord van Hem blijft staan, ook als de bergen zouden wijken. Hij verdient het dat we op Hem vertrouwen. Als we vertrouwen en daardoor rust laten zien, kunnen we net zo gelukkig zijn als de geesten voor de troon.
Kom, mijn ziel, keer terug tot je rust en leg je hoofd aan de borst van de Heere Jezus.

