Naar de inhoud
Het Spurgeon Archief Preken en geschriften in het Nederlands
Charles Haddon Spurgeon

Voor Iedere Dag 20 april

Christus, de Eersteling

2 min. lezen

“Maar nu, Christus is opgewekt uit de doden, en is de Eersteling geworden dergenen, die ontslapen zijn.”—1 Korinthe 15:20

Lees verder: Romeinen 6:5-11.

Waarom is de opstanding van Christus zo belangrijk? We hebben gezegd dat het hele christelijke geloof erop rust, want “indien Christus niet opgewekt is, zo is dan onze prediking ijdel, en ijdel is ook uw geloof… zo zijt gij nog in uw zonden” (1 Korinthe 15:14,17). De godheid van Christus vindt haar zekerste bewijs in Zijn opstanding, want de apostel vertelt ons dat Christus “krachtelijk bewezen is te zijn de Zoon van God, … uit de opstanding der doden” (Romeinen 1:4). Het zou niet onredelijk zijn om aan Zijn godheid te twijfelen als Hij niet was opgestaan. Bovendien hangt Christus’ soevereiniteit af van Zijn opstanding. De Schrift bevestigt: “Want daartoe is Christus ook gestorven, en opgestaan, en weder levend geworden, opdat Hij beiden over doden en levenden heersen zou” (Romeinen 14:9). Ook de rechtvaardigmaking, de zegen van het verbond, hangt af van Christus’ opstanding: “Welke overgeleverd is om onze zonden, en opgewekt om onze rechtvaardigmaking” (Romeinen 4:25). Zelfs onze wedergeboorte hangt af van de opstanding, want Petrus zegt, door de Heilige Geest: “Geloofd zij de God en Vader van onzen Heere Jezus Christus, Die naar Zijn grote barmhartigheid ons heeft wedergeboren, tot een levende hoop, door de opstanding van Jezus Christus uit de doden” (1 Petrus 1:3). En zeker hangt onze eigen opstanding hiervan af, want “indien de Geest Desgenen, Die Jezus uit de doden opgewekt heeft, in u woont, zo zal Hij, Die Christus uit de doden opgewekt heeft, ook uw sterfelijke lichamen levend maken, door Zijn Geest, Die in u woont” (Romeinen 8:11). Als Christus niet is opgestaan, zullen wij ook niet opstaan. Maar als Hij is opgestaan, dan zullen zij die in Christus ontslapen zijn, niet verloren gaan. In hun vlees zullen zij hun God zien.

Ter overdenking

De predikers van de vroegere kerk legden zowel op de opstanding van de Heere Jezus als op Zijn dood grote nadruk (Handelingen 2:24,31-32; 3:15,26; 4:10,33; 5:30; 10:40-41; 13:30,33-34,37; 17:3,18,31; 26:23). Is dat ook voor u belangrijk?

Preek 445, 20 april 1862