Brief aan de dames van de Bijbelklas van mevrouw Bartlett — Mentone, zaterdagavond

BRIEF 212
Mentone, zaterdagavond. [Zonder datum.]
Geliefde vrienden,
Ik schrijf om u allen te groeten, en in het bijzonder uw geliefde moeder in het evangelie, mijn dierbare vriendin mevrouw Bartlett. Ik hoop dat u tijden van kracht beleeft, zoals de klas die zo vaak gekend heeft. De eigen dochters van de Heere onder u, ieder van hen een prinses, niet uit eigen recht, maar door haar huwelijk met Koning Jezus, leven, vertrouw ik, in het genot van hun hoge voorrechten.
“Waarom zouden de kinderen van een Koning
al hun dagen treurend gaan?”
U komt het toe een gordel van vreugde te dragen, “want de blijdschap des HEEREN, die is uw sterkte.” Zie erop toe dat uw leven in overeenstemming is met uw hoge roeping, want het past de dochters van Sion slecht zich te gedragen als de kinderen van de aarde. “Alleenlijk wandelt waardiglijk het Evangelie van Christus.” Waak over de zielen van anderen, en steun met uw gebeden het ernstige werk van uw geliefde leidster, mevrouw Bartlett. Tot wie van u nog niet behouden zijn, richt ik dit woord: “Hoe lang hinkt gij op twee gedachten?” De jaren gaan voorbij, en elk jaar dat u vervreemd van God doorbrengt, maakt uw vreselijke rekening groter.
Hebt u nog niet genoeg gezondigd? Hebt u nog niet genoeg gewaagd, dat u uw ziel nog altijd in gevaar moet brengen? Zelfs één uur kiespijn is al te veel; maar wat is dat vergeleken bij de ziekte van de zonde en de toorn van God? En toch draagt u die, alsof het maar kleinigheden zijn. Zal het uur van de beslissing dan nooit komen? Of blijft u talmen tot u in uw zonde omkomt? “Gedenkt aan de vrouw van Lot.” Zij staat daar als een gedenkteken van zout; neem een weinig van dat zout en kruid er uw gedachten mee.
Uw graven gapen u tegemoet, en ook de hel spert zich wijd open. Vlucht voor de toekomende toorn; schrik wakker, als mensen die op de rand van de dood hebben liggen slapen, en “strijdt om in te gaan door de enge poort.” Met liefde de uwe, om Christus’ wil,
C. H. Spurgeon.
© Vertaling Letters of Charles Haddon Spurgeon door Teun van der Plas