Naar de inhoud
Het Spurgeon Archief Preken en geschriften in het Nederlands

Brieven

Brief aan Ben. Nicholson — Westwood, 1 april 1882

1 min. lezen

Charles Haddon Spurgeon

BRIEF 232

Westwood, 1 april 1882.

Waarde vriend,

Ik ben van harte een vriend en helper van allen die het evangelie van Jezus prediken. Toch acht ik het niet onvriendelijk de waarheid te zeggen, en wat ik in 1876 schreef, heb ik nooit reden gezien te veranderen. De heren Moody en Sankey zijn twee gezegende mannen Gods. Als hun bekeerlingen van die keer verdwenen zijn, lag dat niet aan hen, en ik had ook niet gewild dat zij zich een uur lang hadden ingehouden, verre van dat. De beweging in Londen had (betrekkelijk) geen band met de kerken en kweekte een geest van rivaliteit; daarom bracht zij de kerken geen blijvende zegen van groei.

Toch bracht zij een grote zegen aan de algemene kerk, en zij heeft ons allen nieuw leven ingeblazen en bemoedigd. Ik zou de kerken willen waarschuwen niet te vertrouwen op krachtsinspanningen bij vlagen, maar tegelijk ook niet de bijzondere hulp af te wijzen die de Heere op hun weg brengt. Er is een middenweg. Hoe dan ook, ik ben niet tegen evangelisatiewerk, maar pleit er van harte voor.

Zeer oprecht en dankbaar de uwe,
C. H. Spurgeon.

© Vertaling Letters of Charles Haddon Spurgeon door Teun van der Plas