“Gelijk vliegende vogelen, alzo zal de HEERE der heirscharen Jeruzalem beschutten.”—Jesaja 31:5
Met snelle vleugelslag haast de moedervogel zich naar haar jongen om hen te beschermen.
Zij verspilt geen tijd onderweg als zij hun voedsel komt brengen of hen tegen gevaar komt beschermen. Zo zal de Heere als op arendsvleugels komen om Zijn uitverkorenen te verdedigen; ja, Hij zal zweven op de vleugels van de wind.
Met uitgespreide vleugel dekt de moeder haar kleintjes in het nest. Zij verbergt hen door haar eigen lichaam tussen hen en het gevaar te plaatsen. De kloek geeft haar eigen warmte aan haar kuikens en maakt van haar vleugels een huis, waarin zij thuis zijn. Zo wordt Jehova Zelf de bescherming van Zijn uitverkorenen. Hij Zelf is hun toevlucht, hun woning, hun alles.
Als vliegende en als dekkende vogels (want het woord betekent beide) zal de Heere voor ons zijn, en dat zal Hij telkens opnieuw doen, en met succes. Wij zullen verdedigd en bewaard worden voor alle kwaad: de Heere, Die Zichzelf met vogels vergelijkt, zal niet zwak zijn zoals zij, want Hij is Jehova der heirscharen. Laat dit onze troost zijn: de almachtige liefde zal snel te hulp komen en zeker beschutting bieden. De vleugel van God is sneller en zachter dan de vleugel van een vogel, en wij zullen voortaan en voor altijd onze toevlucht zoeken onder Zijn schaduw.

