“En de mens zal zeggen: Immers is er vrucht voor den rechtvaardige; immers is er een God, Die op de aarde richt.”—Psalm 58:12
Gods oordelen in dit leven zijn niet altijd duidelijk te zien, want in veel gevallen treft dezelfde gebeurtenis iedereen. Dit is de tijd van beproeving, niet van straf of beloning. Toch doet God soms vreselijke dingen in gerechtigheid, en zelfs de onverschilligen moeten Zijn hand erkennen.
Zelfs in dit leven heeft de gerechtigheid het soort loon dat zij boven alle andere verkiest, namelijk de glimlach van God, waaruit een rustig geweten voortkomt. Soms volgen er ook andere beloningen, want God wil bij niemand in de schuld staan. Maar tegelijk ligt het voornaamste loon van de rechtvaardigen in het hiernamaals.
Intussen merken wij op grote schaal dat de grote Heerser aanwezig is onder de volken. Hij slaat onderdrukkende tronen in stukken en straft schuldige volken. Wie de geschiedenis van de opkomst en ondergang van rijken bestudeert, kan niet anders dan merken dat er een macht is die op gerechtigheid uit is. Uiteindelijk brengt die macht het onrecht voor haar rechtbank en veroordeelt zij het met onverbiddelijke rechtvaardigheid. De zonde zal niet ongestraft blijven en het goede zal niet onbeloond blijven. De Rechter van de hele aarde moet recht doen. Laten wij daarom ontzag voor Hem hebben en niet langer vrezen voor de macht van de goddelozen.

