“Daarom, ziet, Ik zal haar lokken, en zal haar voeren in de woestijn; en Ik zal naar haar hart spreken.”—Hosea 2:13
Gods goedheid ziet dat wij door de zonde worden verlokt, en Hij besluit de krachtiger lokkingen van de liefde op ons uit te proberen. Herinneren wij ons nog hoe de Liefhebber van onze ziel ons voor het eerst in Zijn ban nam en ons wegtrok van de bekoringen van de wereld? Dat zal Hij steeds opnieuw doen wanneer Hij ziet dat wij door het kwaad verstrikt dreigen te raken.
Hij belooft ons apart te nemen, want daar kan Hij het best met ons omgaan, en deze afgezonderde plaats zal geen paradijs zijn, maar een woestijn, omdat op zo’n plaats niets onze aandacht van onze God kan afleiden. In de woestijnen van het lijden wordt de aanwezigheid van de Heere alles voor ons, en wij waarderen Zijn gezelschap veel meer dan toen wij onder onze eigen wijnstok en vijgenboom zaten te midden van onze medemensen. Eenzaamheid en lijden brengen mensen eerder tot zichzelf en tot hun hemelse Vader dan welk ander middel ook.
Wanneer Hij ons zo lokt en afzondert, heeft de Heere uitgelezen woorden voor ons, tot onze troost. Hij wil naar ons hart spreken, zoals de grondtekst het zegt. Och, mochten wij deze belofte in onze eigen ervaring leren verstaan! Verlokt door liefde, afgezonderd door beproeving en getroost door de Geest van de waarheid, mogen wij de Heere kennen en juichen van vreugde!

