“En zij zullen hun zwaarden slaan tot spaden, en hun spiesen tot sikkelen; het ene volk zal tegen het andere volk geen zwaard opheffen, en zij zullen geen oorlog meer leren.”—Jesaja 2:4
O, kwamen die gelukkige tijden maar! Nu zijn de volken zwaar bewapend en bedenken zij steeds verschrikkelijker wapens, alsof de mens zijn hoogste doel alleen kan bereiken door zijn medemensen bij duizenden te vernietigen. Toch zal er eens vrede heersen; ja, zo heersen dat de wapens omgesmeed worden tot ander gereedschap en voor betere doelen gebruikt worden.
Hoe zal dit gebeuren? Door handel? Door beschaving? Door bemiddeling? Wij geloven het niet. Wat we in het verleden hebben meegemaakt, verbiedt ons te vertrouwen op zulke zwakke middelen. De vrede zal alleen gevestigd worden door de heerschappij van de Vredevorst. Hij moet de mensen door Zijn Geest onderwijzen, hun hart vernieuwen door Zijn genade, en over hen regeren met Zijn hoogste macht, en dan zullen zij ophouden te verwonden en te doden. De mens is een monster als zijn bloed eenmaal kookt, en alleen de Heere Jezus kan deze leeuw in een lam veranderen. Door het hart van de mens te veranderen worden zijn bloeddorstige hartstochten weggenomen. Laat
iedere lezer van dit belofteboek vandaag in het bijzonder bidden tot de Heere en Gever van de vrede, dat Hij snel een einde maakt aan alle oorlog en overal ter wereld eensgezindheid vestigt.

