Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Spreuken 22

1 De naam is uitgelezener dan grote rijkdom, de goede gunst dan zilver en dan goud.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 De naamH8034 is uitgelezenerH977 dan groteH7227 rijkdomH6239, de goedeH2896 gunstH2580 dan zilverH3701 en dan goudH2091. De naam is uitgelezener dan grote rijkdom, de goede gunst dan zilver en dan goud.

KJV A good name2 is rather to be chosen1 than great4 riches,3 and loving8 favour7 rather than silver5 and gold.

1 נִבְחָ֣ר H977 verkoren, verkiezen, verkoos acceptable, appoint, choose (choice), excellent, join, be rather, require 2 שֵׁ֭ם H8034 naam, Naam, namen [phrase] base, (in-) fame(-ous), named(-d), renown, report 3 מֵעֹ֣שֶׁר H6239 rijkdom, rijkdoms, Rijkdom [idiom] far (richer), riches 4 רָ֑ב H7227 vele, veel, grote (in) abound(-undance, -ant, -antly), captain, elder, enough, exceedingly, full, great(-ly, man, one), increase, long (enough, (time)), (do, have) many(-ifold, things, a time), (ship-)master, mighty, more, (too, very) much, multiply(-tude), officer, often(-times), plenteous, populous, prince, process (of time), suffice(-lent) 5 מִכֶּ֥סֶף H3701 zilver, geld, zilveren money, price, silver(-ling) 6 וּ֝מִזָּהָ֗ב H2091 goud, gouden, gouds gold(-en), fair weather 7 חֵ֣ן H2580 genade, aangenaam, gunst favour, grace(-ious), pleasant, precious, (well-) favoured 8 טֽוֹב H2896 goed, goede, beter beautiful, best, better, bountiful, cheerful, at ease, [idiom] fair (word), (be in) favour, fine, glad, good (deed, -lier, -liest, -ly, -ness, -s), graciously, joyful, kindly, kindness, liketh (best), loving, merry, [idiom] most, pleasant, [phrase] pleaseth, pleasure, precious, prosperity, ready, sweet, wealth, welfare, (be) well(-favoured)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 Rijken en armen ontmoeten elkander; de HEERE heeft hen allen gemaakt.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 RijkenH6223 en armenH7326 ontmoetenH6298 elkander; de HEEREH3068 heeft hen allenH3605 gemaaktH6213. Rijken en armen ontmoeten elkander; de HEERE heeft hen allen gemaakt.

KJV The rich1 and poor2 meet together:3 the LORD6 is the maker

1 עָשִׁ֣יר H6223 rijke, rijken, rijk rich (man) 2 וָרָ֣שׁ H7326 arme, armen, arm lack, needy, (make self) poor (man) 3 נִפְגָּ֑שׁוּ H6298 ontmoeten, ontmoette, aantrof meet (with, together) 4 עֹשֵׂ֖ה H6213 doen, gedaan, maakte accomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use 5 כֻלָּ֣ם H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 6 יְהוָֽה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Een kloekzinnig mens ziet het kwaad, en verbergt zich; maar de slechten gaan henen door, en worden gestraft.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 Een kloekzinnigH6175 mensH7200 ziet het kwaadH7451, en verbergtH5641 zich; maar de slechtenH6612 gaan henen door, en worden gestraftH6064. Een kloekzinnig mens ziet het kwaad, en verbergt zich; maar de slechten gaan henen door, en worden gestraft.

KJV A prudent1 man foreseeth2 the evil,3 and hideth4 himself: but the simple5 pass on,6 and are punished.

1 עָר֤וּם H6175 kloekzinnig, arglistigen, kloekzinnige crafty, prudent, subtil 2 רָאָ֣ה H7200 zag, zien, gezien advise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions 3 רָעָ֣ה H7451 kwaad, kwade, boze adversity, affliction, bad, calamity, [phrase] displease(-ure), distress, evil((-favouredness), man, thing), [phrase] exceedingly, [idiom] great, grief(-vous), harm, heavy, hurt(-ful), ill (favoured), [phrase] mark, mischief(-vous), misery, naught(-ty), noisome, [phrase] not please, sad(-ly), sore, sorrow, trouble, vex, wicked(-ly, -ness, one), worse(-st), wretchedness, wrong. (Incl. feminine raaah; as adjective or noun.) 4 וְנִסְתָּ֑ר H5641 verborgen, verbergen, verbergt be absent, keep close, conceal, hide (self), (keep) secret, [idiom] surely 5 וּ֝פְתָיִ֗ים H6612 slechten, slechte, slecht foolish, simple(-icity, one) 6 עָבְר֥וּ H5674 doorgaan, voorbij, gegaan alienate, alter, [idiom] at all, beyond, bring (over, through), carry over, (over-) come (on, over), conduct (over), convey over, current, deliver, do away, enter, escape, fail, gender, get over, (make) go (away, beyond, by, forth, his way, in, on, over, through), have away (more), lay, meddle, overrun, make partition, (cause to, give, make to, over) pass(-age, along, away, beyond, by, -enger, on, out, over, through), (cause to, make) [phrase] proclaim(-amation), perish, provoke to anger, put away, rage, [phrase] raiser of taxes, remove, send over, set apart, [phrase] shave, cause to (make) sound, [idiom] speedily, [idiom] sweet smelling, take (away), (make to) transgress(-or), translate, turn away, (way-) faring man, be wrath 7 וְֽנֶעֱנָֽשׁוּ H6064 gestraft, boete, boete opleggen amerce, condemn, punish, [idiom] surely
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Het loon der nederigheid, met de vreze des HEEREN, is rijkdom, en eer, en leven.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 Het loonH6118 der nederigheidH6038, met de vrezeH3374 des HEERENH3068, is rijkdomH6239, en eerH3519, en levenH2416. Het loon der nederigheid, met de vreze des HEEREN, is rijkdom, en eer, en leven.

KJV By1 humility2 and the fear3 of the LORD4 are riches,5 and honour,6 and life.

1 עֵ֣קֶב H6118 loon, einde, geschieden [idiom] because, by, end, for, if, reward 2 עֲ֭נָוָה H6038 nederigheid, zachtmoedigheid gentleness, humility, meekness 3 יִרְאַ֣ת H3374 vreze, vrees, vrezen [idiom] dreadful, [idiom] exceedingly, fear(-fulness) 4 יְהוָ֑ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 5 עֹ֖שֶׁר H6239 rijkdom, rijkdoms, Rijkdom [idiom] far (richer), riches 6 וְכָב֣וֹד H3519 heerlijkheid, eer, ere glorious(-ly), glory, honour(-able) 7 וְחַיִּֽים H2416 leven, leeft, levens [phrase] age, alive, appetite, (wild) beast, company, congregation, life(-time), live(-ly), living (creature, thing), maintenance, [phrase] merry, multitude, [phrase] (be) old, quick, raw, running, springing, troop
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Doornen en strikken, zijn in den weg des verkeerden; die zijn ziel bewaart, zal zich verre van die maken.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 DoornenH6791 en strikkenH6341, zijn in den wegH1870 des verkeerdenH6141; die zijn zielH5315 bewaartH8104, zal zich verreH7368 van die maken. Doornen en strikken, zijn in den weg des verkeerden; die zijn ziel bewaart, zal zich verre van die maken.

KJV Thorns1 and snares2 are in the way3 of the froward:4 he that doth keep5 his soul6 shall be far

1 צִנִּ֣ים H6791 Doornen, doornen thorn 2 פַּ֭חִים H6341 strik, strikken, dunne platen gin, (thin) plate, snare 3 בְּדֶ֣רֶךְ H1870 weg, wegen, weegs along, away, because of, [phrase] by, conversation, custom, (east-) ward, journey, manner, passenger, through, toward, (high-) (path-) way(-side), whither(-soever) 4 עִקֵּ֑שׁ H6141 verkeerde, verkeerd, verkeerden crooked, froward, perverse 5 שׁוֹמֵ֥ר H8104 houden, bewaren, waarnemen beward, be circumspect, take heed (to self), keep(-er, self), mark, look narrowly, observe, preserve, regard, reserve, save (self), sure, (that lay) wait (for), watch(-man) 6 נַ֝פְשׁ֗וֹ H5315 ziel, zielen, leven any, appetite, beast, body, breath, creature, [idiom] dead(-ly), desire, [idiom] (dis-) contented, [idiom] fish, ghost, [phrase] greedy, he, heart(-y), (hath, [idiom] jeopardy of) life ([idiom] in jeopardy), lust, man, me, mind, mortally, one, own, person, pleasure, (her-, him-, my-, thy-) self, them (your) -selves, [phrase] slay, soul, [phrase] tablet, they, thing, ([idiom] she) will, [idiom] would have it 7 יִרְחַ֥ק H7368 verre, wees verre, ver (a-, be, cast, drive, get, go, keep (self), put, remove, be too, (wander), withdraw) far (away, off), loose, [idiom] refrain, very, (be) a good way (off) 8 מֵהֶֽם
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 Leer den jongen de eerste beginselen naar den eis zijns wegs; als hij ook oud zal geworden zijn, zal hij daarvan niet afwijken.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 LeerH2596 den jongenH5288 de eerste beginselenH2596 naar den eisH6310 zijns wegsH1879; alsH3588 hij ookH1571 oudH2204 zal geworden zijn, zal hij daarvan nietH3808 afwijkenH5493. Leer den jongen de eerste beginselen naar den eis zijns wegs; als hij ook oud zal geworden zijn, zal hij daarvan niet afwijken.

KJV Train up1 a child2 in the way5 he should go:4 and when he is old,8 he will not depart

1 חֲנֹ֣ךְ H2596 ingewijd, Leer, eerste beginselen dedicate, train up 2 לַ֭נַּעַר H5288 jongen, jongeling, jongens babe, boy, child, damsel (from the margin), lad, servant, young (man) 3 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 4 פִּ֣י H6310 mond, monds, scherpte accord(-ing as, -ing to), after, appointment, assent, collar, command(-ment), [idiom] eat, edge, end, entry, [phrase] file, hole, [idiom] in, mind, mouth, part, portion, [idiom] (should) say(-ing), sentence, skirt, sound, speech, [idiom] spoken, talk, tenor, [idiom] to, [phrase] two-edged, wish, word 5 דַרְכּ֑וֹ H1870 weg, wegen, weegs along, away, because of, [phrase] by, conversation, custom, (east-) ward, journey, manner, passenger, through, toward, (high-) (path-) way(-side), whither(-soever) 6 גַּ֥ם H1571 ook, zelfs, ja again, alike, also, (so much) as (soon), both (so)...and, but, either...or, even, for all, (in) likewise (manner), moreover, nay...neither, one, then(-refore), though, what, with, yea 7 כִּֽי H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 8 יַ֝זְקִ֗ין H2204 oud, veroudert aged man, be (wax) old (man) 9 לֹֽא H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 10 יָס֥וּר H5493 weg, week, weggenomen be(-head), bring, call back, decline, depart, eschew, get (you), go (aside), [idiom] grievous, lay away (by), leave undone, be past, pluck away, put (away, down), rebel, remove (to and fro), revolt, [idiom] be sour, take (away, off), turn (aside, away, in), withdraw, be without 11 מִמֶּֽנָּה H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 De rijke heerst over de armen; en die ontleent, is des leners knecht.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 De rijkeH6223 heerstH4910 over de armenH7326; en die ontleentH3867, is des lenersH376 knechtH5650. De rijke heerst over de armen; en die ontleent, is des leners knecht.

KJV The rich1 ruleth3 over the poor,2 and the borrower5 is servant4 to the lender.6

1 עָ֭שִׁיר H6223 rijke, rijken, rijk rich (man) 2 בְּרָשִׁ֣ים H7326 arme, armen, arm lack, needy, (make self) poor (man) 3 יִמְשׁ֑וֹל H4910 heersen, heerst, heerser (have, make to have) dominion, governor, [idiom] indeed, reign, (bear, cause to, have) rule(-ing, -r), have power 4 וְעֶ֥בֶד H5650 knechten, knecht, knechts [idiom] bondage, bondman, (bond-) servant, (man-) servant 5 לֹ֝וֶ֗ה H3867 leent, lenen, vervoegen abide with, borrow(-er), cleave, join (self), lend(-er) 6 לְאִ֣ישׁ H376 man, mannen, ieder also, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה) 7 מַלְוֶֽה H3867 leent, lenen, vervoegen abide with, borrow(-er), cleave, join (self), lend(-er)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 Die onrecht zaait, zal moeite maaien; en de roede zijner verbolgenheid zal een einde nemen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 Die onrechtH5766 zaaitH2232, zal moeiteH205 maaienH7114; en de roedeH7626 zijner verbolgenheidH5678 zal een einde nemenH3615. Die onrecht zaait, zal moeite maaien; en de roede zijner verbolgenheid zal een einde nemen.

KJV He that soweth1 iniquity2 shall reap3 vanity:4 and the rod5 of his anger6 shall fail.

1 זוֹרֵ֣עַ H2232 zaaien, gezaaid, bezaaien bear, conceive seed, set with sow(-er), yield 2 עַ֭וְלָה H5766 onrecht, verkeerdheid, ongerechtigheid iniquity, perverseness, unjust(-ly), unrighteousness(-ly); wicked(-ness) 3 יִקְצָר H7114 maaien, maaiers, inoogsten [idiom] at all, cut down, much discouraged, grieve, harvestman, lothe, mourn, reap(-er), (be, wax) short(-en, -er), straiten, trouble, vex 4 אָ֑וֶן H205 ongerechtigheid, ijdelheid, ongerechtige affliction, evil, false, idol, iniquity, mischief, mourners(-ing), naught, sorrow, unjust, unrighteous, vain, vanity, wicked(-ness). Compare H369 (אַיִן) 5 וְשֵׁ֖בֶט H7626 stammen, stam, roede [idiom] correction, dart, rod, sceptre, staff, tribe 6 עֶבְרָת֣וֹ H5678 verbolgenheid, verbolgenheden anger, rage, wrath 7 יִכְלֶֽה H3615 geeindigd, voleind, verteerd accomplish, cease, consume (away), determine, destroy (utterly), be (when... were) done, (be an) end (of), expire, (cause to) fail, faint, finish, fulfil, [idiom] fully, [idiom] have, leave (off), long, bring to pass, wholly reap, make clean riddance, spend, quite take away, waste
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Die goed van oog is, die zal gezegend worden; want hij heeft van zijn brood den armen gegeven.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 Die goedH2896 van oogH5869 is, dieH1931 zal gezegendH1288 worden; wantH3588 hij heeft van zijn broodH3899 den armenH1800 gegevenH5414. Die goed van oog is, die zal gezegend worden; want hij heeft van zijn brood den armen gegeven.

KJV He that hath a bountiful1 eye2 shall be blessed;4 for he giveth6 of his bread7 to the poor.

1 טֽוֹב H2896 goed, goede, beter beautiful, best, better, bountiful, cheerful, at ease, [idiom] fair (word), (be in) favour, fine, glad, good (deed, -lier, -liest, -ly, -ness, -s), graciously, joyful, kindly, kindness, liketh (best), loving, merry, [idiom] most, pleasant, [phrase] pleaseth, pleasure, precious, prosperity, ready, sweet, wealth, welfare, (be) well(-favoured) 2 עַ֭יִן H5869 ogen, oog, verf affliction, outward appearance, [phrase] before, [phrase] think best, colour, conceit, [phrase] be content, countenance, [phrase] displease, eye((-brow), (-d), -sight), face, [phrase] favour, fountain, furrow (from the margin), [idiom] him, [phrase] humble, knowledge, look, ([phrase] well), [idiom] me, open(-ly), [phrase] (not) please, presence, [phrase] regard, resemblance, sight, [idiom] thee, [idiom] them, [phrase] think, [idiom] us, well, [idiom] you(-rselves) 3 ה֣וּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who 4 יְבֹרָ֑ךְ H1288 zegenen, gezegend, zegende [idiom] abundantly, [idiom] altogether, [idiom] at all, blaspheme, bless, congratulate, curse, [idiom] greatly, [idiom] indeed, kneel (down), praise, salute, [idiom] still, thank 5 כִּֽי H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 6 נָתַ֖ן H5414 gegeven, geven, gaf add, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield 7 מִלַּחְמ֣וֹ H3899 brood, broods, spijze (shew-) bread, [idiom] eat, food, fruit, loaf, meat, victuals 8 לַדָּֽל H1800 armen, arme, arm lean, needy, poor (man), weaker
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 Drijf den spotter uit, en het gekijf zal weggaan, en het geschil met de schande zal ophouden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 DrijfH1644 den spotterH3887 uit, en het gekijfH4066 zal weggaanH3318, en het geschilH1779 met de schandeH7036 zal ophoudenH7673. Drijf den spotter uit, en het gekijf zal weggaan, en het geschil met de schande zal ophouden.

KJV Cast out1 the scorner,2 and contention4 shall go out;3 yea, strife6 and reproach7 shall cease.

1 גָּ֣רֵֽשׁ H1644 uitdrijven, verstotene, dreef cast up (out), divorced (woman), drive away (forth, out), expel, [idiom] surely put away, trouble, thrust out 2 לֵ֭ץ H3887 spotter, spotters, bespot ambassador, have in derision, interpreter, make a mock, mocker, scorn(-er, -ful), teacher 3 וְיֵצֵ֣א H3318 uitgaan, uitgegaan, uitgevoerd [idiom] after, appear, [idiom] assuredly, bear out, [idiom] begotten, break out, bring forth (out, up), carry out, come (abroad, out, thereat, without), [phrase] be condemned, depart(-ing, -ure), draw forth, in the end, escape, exact, fail, fall (out), fetch forth (out), get away (forth, hence, out), (able to, cause to, let) go abroad (forth, on, out), going out, grow, have forth (out), issue out, lay (lie) out, lead out, pluck out, proceed, pull out, put away, be risen, [idiom] scarce, send with commandment, shoot forth, spread, spring out, stand out, [idiom] still, [idiom] surely, take forth (out), at any time, [idiom] to (and fro), utter 4 מָד֑וֹן H4066 gekijf, krakeel, krakeels brawling, contention(-ous), discord, strife. Compare H4079 (מִדְיָן), H4090 (מְדָן) 5 וְ֝יִשְׁבֹּ֗ת H7673 ophouden, rusten, houdt (cause to, let, make to) cease, celebrate, cause (make) to fail, keep (sabbath), suffer to be lacking, leave, put away (down), (make to) rest, rid, still, take away 6 דִּ֣ין H1779 rechtzaak, gericht, rechtshandel cause, judgement, plea, strife 7 וְקָלֽוֹן H7036 schande, schandvlek confusion, dishonour, ignominy, reproach, shame
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 Die de reinheid des harten liefheeft, wiens lippen aangenaam zijn, diens vriend is de koning.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 Die de reinheidH2890 des hartenH3820 liefheeftH157, wiens lippenH8193 aangenaamH2580 zijn, diens vriendH7453 is de koningH4428. Die de reinheid des harten liefheeft, wiens lippen aangenaam zijn, diens vriend is de koning.

KJV He that loveth1 pureness2 of heart,3 for the grace4 of his lips5 the king7 shall be his friend.

1 אֹהֵ֥ב H157 lief, liefhebben, liefheeft (be-) love(-d, -ly, -r), like, friend 2 טְהָר H2889 rein, louter, reine clean, fair, pure(-ness) 3 לֵ֑ב H3820 hart, harten, harte [phrase] care for, comfortably, consent, [idiom] considered, courag(-eous), friend(-ly), ((broken-), (hard-), (merry-), (stiff-), (stout-), double) heart(-ed), [idiom] heed, [idiom] I, kindly, midst, mind(-ed), [idiom] regard(-ed), [idiom] themselves, [idiom] unawares, understanding, [idiom] well, willingly, wisdom 4 חֵ֥ן H2580 genade, aangenaam, gunst favour, grace(-ious), pleasant, precious, (well-) favoured 5 שְׂ֝פָתָ֗יו H8193 lippen, oever, spraak band, bank, binding, border, brim, brink, edge, language, lip, prating, (sea-)shore, side, speech, talk, (vain) words 6 רֵעֵ֥הוּ H7453 naaste, naasten, vriend brother, companion, fellow, friend, husband, lover, neighbour, [idiom] (an-) other 7 מֶֽלֶךְ H4428 koning, konings, koningen king, royal

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 De ogen des HEEREN bewaren de wetenschap; maar de zaken des trouwelozen zal Hij omkeren.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 De ogenH5869 des HEERENH3068 bewarenH5341 de wetenschapH1847; maar de zakenH1697 des trouwelozenH898 zal Hij omkerenH5557. De ogen des HEEREN bewaren de wetenschap; maar de zaken des trouwelozen zal Hij omkeren.

KJV The eyes1 of the LORD2 preserve3 knowledge,4 and he overthroweth5 the words6 of the transgressor.

1 עֵינֵ֣י H5869 ogen, oog, verf affliction, outward appearance, [phrase] before, [phrase] think best, colour, conceit, [phrase] be content, countenance, [phrase] displease, eye((-brow), (-d), -sight), face, [phrase] favour, fountain, furrow (from the margin), [idiom] him, [phrase] humble, knowledge, look, ([phrase] well), [idiom] me, open(-ly), [phrase] (not) please, presence, [phrase] regard, resemblance, sight, [idiom] thee, [idiom] them, [phrase] think, [idiom] us, well, [idiom] you(-rselves) 2 יְ֭הוָה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 נָ֣צְרוּ H5341 bewaren, bewaart, behoeden besieged, hidden thing, keep(-er, -ing), monument, observe, preserve(-r), subtil, watcher(-man) 4 דָ֑עַת H1847 wetenschap, kennis, kennen cunning, (ig-) norantly, know(-ledge), (un-) awares (wittingly) 5 וַ֝יְסַלֵּ֗ף H5557 omkeren, verkeert, stort overthrow, pervert 6 דִּבְרֵ֥י H1697 woord, woorden, zaak act, advice, affair, answer, [idiom] any such (thing), because of, book, business, care, case, cause, certain rate, [phrase] chronicles, commandment, [idiom] commune(-ication), [phrase] concern(-ing), [phrase] confer, counsel, [phrase] dearth, decree, deed, [idiom] disease, due, duty, effect, [phrase] eloquent, errand, (evil favoured-) ness, [phrase] glory, [phrase] harm, hurt, [phrase] iniquity, [phrase] judgment, language, [phrase] lying, manner, matter, message, (no) thing, oracle, [idiom] ought, [idiom] parts, [phrase] pertaining, [phrase] please, portion, [phrase] power, promise, provision, purpose, question, rate, reason, report, request, [idiom] (as hast) said, sake, saying, sentence, [phrase] sign, [phrase] so, some (uncleanness), somewhat to say, [phrase] song, speech, [idiom] spoken, talk, task, [phrase] that, [idiom] there done, thing (concerning), thought, [phrase] thus, tidings, what(-soever), [phrase] wherewith, which, word, work 7 בֹגֵֽד H898 trouwelooslijk, trouwelozen, trouweloze deal deceitfully (treacherously, unfaithfully), offend, transgress(-or), (depart), treacherous (dealer, -ly, man), unfaithful(-ly, man), [idiom] very
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 De luiaard zegt: Er is een leeuw buiten; ik mocht op het midden der straten gedood worden!
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 De luiaardH6102 zegtH559: Er is een leeuwH738 buitenH2351; ik mocht op het middenH8432 der stratenH7339 gedoodH7523 worden! De luiaard zegt: Er is een leeuw buiten; ik mocht op het midden der straten gedood worden!

KJV The slothful2 man saith,1 There is a lion3 without,4 I shall be slain7 in5 the streets.

1 אָמַ֣ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 2 עָ֭צֵל H6102 luiaard, luiaards, luie slothful, sluggard 3 אֲרִ֣י H738 leeuw, leeuwen, leeuws (young) lion, [phrase] pierce (from the margin) 4 בַח֑וּץ H2351 buiten, straten, straat abroad, field, forth, highway, more, out(-side, -ward), street, without 5 בְּת֥וֹךְ H8432 midden, middelste, binnenste among(-st), [idiom] between, half, [idiom] (there-, where-), in(-to), middle, mid(-night), midst (among), [idiom] out (of), [idiom] through, [idiom] with(-in) 6 רְ֝חֹב֗וֹת H7339 straten, straat, wijken broad place (way), street. See also H1050 (בֵּית רְחוֹב) 7 אֵֽרָצֵֽחַ H7523 doodslager, doodslagers, doodslaan put to death, kill, (man-) slay(-er), murder(-er)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 De mond der vreemde vrouwen is een diepe gracht; op welken de HEERE vergramd is, zal daarin vallen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 De mondH6310 der vreemdeH2114 vrouwen is een diepeH6013 grachtH7745; op welken de HEEREH3068 vergramdH2194 is, zal daarin vallenH5307. De mond der vreemde vrouwen is een diepe gracht; op welken de HEERE vergramd is, zal daarin vallen.

KJV The mouth3 of strange women4 is a deep2 pit:1 he that is abhorred5 of the LORD6 shall fall

1 שׁוּחָ֣ה H7745 gracht, kuil, kuilen ditch, pit 2 עֲ֭מֻקָּה H6013 dieper, diepe, diep ([idiom] exceeding) deep (thing) 3 פִּ֣י H6310 mond, monds, scherpte accord(-ing as, -ing to), after, appointment, assent, collar, command(-ment), [idiom] eat, edge, end, entry, [phrase] file, hole, [idiom] in, mind, mouth, part, portion, [idiom] (should) say(-ing), sentence, skirt, sound, speech, [idiom] spoken, talk, tenor, [idiom] to, [phrase] two-edged, wish, word 4 זָר֑וֹת H2114 vreemde, vreemden, vreemd (come from) another (man, place), fanner, go away, (e-) strange(-r, thing, woman) 5 זְע֥וּם H2194 gram, vergramd, scheld abhor, abominable, (be) angry, defy, (have) indignation 6 יְ֝הוָ֗ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 7 יִפָּל H5307 vallen, viel, gevallen be accepted, cast (down, self, (lots), out), cease, die, divide (by lot), (let) fail, (cause to, let, make, ready to) fall (away, down, -en, -ing), fell(-ing), fugitive, have (inheritance), inferior, be judged (by mistake for H6419 (פָּלַל)), lay (along), (cause to) lie down, light (down), be ([idiom] hast) lost, lying, overthrow, overwhelm, perish, present(-ed, -ing), (make to) rot, slay, smite out, [idiom] surely, throw down 8 שָֽׁם H8033 daar, aldaar, derwaarts in it, [phrase] thence, there (-in, [phrase] of, [phrase] out), [phrase] thither, [phrase] whither
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 De dwaasheid is in het hart des jongen gebonden; de roede der tucht zal ze verre van hem wegdoen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 De dwaasheidH200 is in het hartH3820 des jongenH5288 gebondenH7194; de roedeH7626 der tuchtH4148 zal ze verreH7368 vanH4480 hem wegdoen. De dwaasheid is in het hart des jongen gebonden; de roede der tucht zal ze verre van hem wegdoen.

KJV Foolishness1 is bound2 in the heart3 of a child;4 but the rod5 of correction6 shall drive it far

1 אִ֭וֶּלֶת H200 dwaasheid, dwaas folly, foolishly(-ness) 2 קְשׁוּרָ֣ה H7194 verbintenis, binden, maakten bind (up), (make a) conspire(-acy, -ator), join together, knit, stronger, work (treason) 3 בְלֶב H3820 hart, harten, harte [phrase] care for, comfortably, consent, [idiom] considered, courag(-eous), friend(-ly), ((broken-), (hard-), (merry-), (stiff-), (stout-), double) heart(-ed), [idiom] heed, [idiom] I, kindly, midst, mind(-ed), [idiom] regard(-ed), [idiom] themselves, [idiom] unawares, understanding, [idiom] well, willingly, wisdom 4 נָ֑עַר H5288 jongen, jongeling, jongens babe, boy, child, damsel (from the margin), lad, servant, young (man) 5 שֵׁ֥בֶט H7626 stammen, stam, roede [idiom] correction, dart, rod, sceptre, staff, tribe 6 מ֝וּסָ֗ר H4148 tucht, kastijding, onderwijs bond, chastening(-eth), chastisement, check, correction, discipline, doctrine, instruction, rebuke 7 יַרְחִיקֶ֥נָּה H7368 verre, wees verre, ver (a-, be, cast, drive, get, go, keep (self), put, remove, be too, (wander), withdraw) far (away, off), loose, [idiom] refrain, very, (be) a good way (off) 8 מִמֶּֽנּוּ H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 Die den arme verdrukt, om het zijne te vermeerderen, en den rijke geeft, komt zekerlijk tot gebrek.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 Die den armeH1800 verdruktH6231, om het zijne te vermeerderenH7235, en den rijkeH6223 geeftH5414, komt zekerlijk tot gebrekH4270. Die den arme verdrukt, om het zijne te vermeerderen, en den rijke geeft, komt zekerlijk tot gebrek.

KJV He that oppresseth1 the poor2 to increase3 his riches, and he that giveth5 to the rich,6 shall surely come to want.

1 עֹ֣שֵֽׁק H6231 verdrukt, geweld, verdrukken get deceitfully, deceive, defraud, drink up, (use) oppress(-ion), -or), do violence (wrong) 2 דָּ֭ל H1800 armen, arme, arm lean, needy, poor (man), weaker 3 לְהַרְבּ֣וֹת H7235 veel, vermenigvuldigen, vermenigvuldigd (bring in) abundance ([idiom] -antly), [phrase] archer (by mistake for H7232 (רָבַב)), be in authority, bring up, [idiom] continue, enlarge, excel, exceeding(-ly), be full of, (be, make) great(-er, -ly, [idiom] -ness), grow up, heap, increase, be long, (be, give, have, make, use) many (a time), (any, be, give, give the, have) more (in number), (ask, be, be so, gather, over, take, yield) much (greater, more), (make to) multiply, nourish, plenty(-eous), [idiom] process (of time), sore, store, thoroughly, very 4 ל֑וֹ 5 נֹתֵ֥ן H5414 gegeven, geven, gaf add, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield 6 לְ֝עָשִׁ֗יר H6223 rijke, rijken, rijk rich (man) 7 אַךְ H389 doch, alleen; voorzeker also, in any wise, at least, but, certainly, even, howbeit, nevertheless, notwithstanding, only, save, surely, of a surety, truly, verily, [phrase] wherefore, yet (but) 8 לְמַחְסֽוֹר H4270 gebrek, gebrek lijden, watontbreekt lack, need, penury, poor, poverty, want
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 Neig uw oor, en hoor de woorden der wijzen, en stel uw hart tot mijn wetenschap;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 NeigH5186 uw oorH241, en hoorH8085 de woordenH1697 der wijzenH2450, en stelH7896 uw hartH3820 tot mijn wetenschapH1847; Neig uw oor, en hoor de woorden der wijzen, en stel uw hart tot mijn wetenschap;

KJV Bow down1 thine ear,2 and hear3 the words4 of the wise,5 and apply7 thine heart6 unto my knowledge.

1 הַ֥ט H5186 neig, uitgestrekt, uitgestrekten [phrase] afternoon, apply, bow (down, -ing), carry aside, decline, deliver, extend, go down, be gone, incline, intend, lay, let down, offer, outstretched, overthrown, pervert, pitch, prolong, put away, shew, spread (out), stretch (forth, out), take (aside), turn (aside, away), wrest, cause to yield 2 אָזְנְךָ֗ H241 oren, oor, Oren [phrase] advertise, audience, [phrase] displease, ear, hearing, [phrase] show 3 וּ֭שְׁמַע H8085 horen, gehoord, hoorde [idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness 4 דִּבְרֵ֣י H1697 woord, woorden, zaak act, advice, affair, answer, [idiom] any such (thing), because of, book, business, care, case, cause, certain rate, [phrase] chronicles, commandment, [idiom] commune(-ication), [phrase] concern(-ing), [phrase] confer, counsel, [phrase] dearth, decree, deed, [idiom] disease, due, duty, effect, [phrase] eloquent, errand, (evil favoured-) ness, [phrase] glory, [phrase] harm, hurt, [phrase] iniquity, [phrase] judgment, language, [phrase] lying, manner, matter, message, (no) thing, oracle, [idiom] ought, [idiom] parts, [phrase] pertaining, [phrase] please, portion, [phrase] power, promise, provision, purpose, question, rate, reason, report, request, [idiom] (as hast) said, sake, saying, sentence, [phrase] sign, [phrase] so, some (uncleanness), somewhat to say, [phrase] song, speech, [idiom] spoken, talk, task, [phrase] that, [idiom] there done, thing (concerning), thought, [phrase] thus, tidings, what(-soever), [phrase] wherewith, which, word, work 5 חֲכָמִ֑ים H2450 wijzen, wijs, wijze cunning (man), subtil, (un-), wise((hearted), man) 6 וְ֝לִבְּךָ֗ H3820 hart, harten, harte [phrase] care for, comfortably, consent, [idiom] considered, courag(-eous), friend(-ly), ((broken-), (hard-), (merry-), (stiff-), (stout-), double) heart(-ed), [idiom] heed, [idiom] I, kindly, midst, mind(-ed), [idiom] regard(-ed), [idiom] themselves, [idiom] unawares, understanding, [idiom] well, willingly, wisdom 7 תָּשִׁ֥ית H7896 zetten, zet, zette apply, appoint, array, bring, consider, lay (up), let alone, [idiom] look, make, mark, put (on), [phrase] regard, set, shew, be stayed, [idiom] take 8 לְדַעְתִּֽי H1847 wetenschap, kennis, kennen cunning, (ig-) norantly, know(-ledge), (un-) awares (wittingly)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 Want het is liefelijk, als gij die in uw binnenste bewaart; zij zullen samen op uw lippen gepast worden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 Want het is liefelijkH5273, alsH3588 gij die in uw binnensteH990 bewaartH8104; zij zullen samenH3162 opH5921 uw lippenH8193 gepastH3559 worden. Want het is liefelijk, als gij die in uw binnenste bewaart; zij zullen samen op uw lippen gepast worden.

KJV For it is a pleasant thing2 if thou keep4 them within5 thee; they shall withal7 be fitted6 in thy lips.

1 כִּֽי H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 2 נָ֭עִים H5273 liefelijk, liefelijke, liefelijkheden pleasant(-ure), sweet 3 כִּֽי H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 4 תִשְׁמְרֵ֣ם H8104 houden, bewaren, waarnemen beward, be circumspect, take heed (to self), keep(-er, self), mark, look narrowly, observe, preserve, regard, reserve, save (self), sure, (that lay) wait (for), watch(-man) 5 בְּבִטְנֶ֑ךָ H990 buik, buiks, binnenste belly, body, [phrase] as they be born, [phrase] within, womb 6 יִכֹּ֥נוּ H3559 bereid, bevestigd, bereiden certain(-ty), confirm, direct, faithfulness, fashion, fasten, firm, be fitted, be fixed, frame, be meet, ordain, order, perfect, (make) preparation, prepare (self), provide, make provision, (be, make) ready, right, set (aright, fast, forth), be stable, (e-) stablish, stand, tarry, [idiom] very deed 7 יַ֝חְדָּ֗ו H3162 samen, tezamen alike, at all (once), both, likewise, only, (al-) together, withal 8 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 9 שְׂפָתֶֽיךָ H8193 lippen, oever, spraak band, bank, binding, border, brim, brink, edge, language, lip, prating, (sea-)shore, side, speech, talk, (vain) words
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
19 Opdat uw vertrouwen op den HEERE zij, maak ik u die heden bekend; gij ook maak ze bekend.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

19 Opdat uw vertrouwenH4009 op den HEEREH3068 zijH1961, maak ik u die hedenH3117 bekendH3045; gij ook maak ze bekend. Opdat uw vertrouwen op den HEERE zij, maak ik u die heden bekend; gij ook maak ze bekend.

KJV That thy trust3 may be in the LORD,2 I have made known4 to thee this day,

1 לִהְי֣וֹת H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 2 בַּ֭יהוָה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 מִבְטַחֶ֑ךָ H4009 vertrouwen, Vertrouwen, vertrouwens confidence, hope, sure, trust 4 הוֹדַעְתִּ֖יךָ H3045 weten, weet, bekend acknowledge, acquaintance(-ted with), advise, answer, appoint, assuredly, be aware, (un-) awares, can(-not), certainly, comprehend, consider, [idiom] could they, cunning, declare, be diligent, (can, cause to) discern, discover, endued with, familiar friend, famous, feel, can have, be (ig-) norant, instruct, kinsfolk, kinsman, (cause to let, make) know, (come to give, have, take) knowledge, have (knowledge), (be, make, make to be, make self) known, [phrase] be learned, [phrase] lie by man, mark, perceive, privy to, [idiom] prognosticator, regard, have respect, skilful, shew, can (man of) skill, be sure, of a surety, teach, (can) tell, understand, have (understanding), [idiom] will be, wist, wit, wot 5 הַיּ֣וֹם H3117 dagen, dag, dage age, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger 6 אַף H637 ook, ja zelfs also, [phrase] although, and (furthermore, yet), but, even, [phrase] how much less (more, rather than), moreover, with, yea 7 אָֽתָּה H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
20 Heb ik u niet heerlijke dingen geschreven van allerlei raad en wetenschap?
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

20 Heb ik u nietH3808 heerlijkeH7991 dingen geschrevenH3789 van allerlei raadH4156 en wetenschapH1847? Heb ik u niet heerlijke dingen geschreven van allerlei raad en wetenschap?

KJV Have not I written2 to thee excellent things4 in counsels5 and knowledge,

1 הֲלֹ֤א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 2 כָתַ֣בְתִּי H3789 geschreven, schreef, beschreven describe, record, prescribe, subscribe, write(-ing, -ten) 3 לְ֭ךָ 4 שָׁלִישִׁ֑ים H7991 hoofdman, hoofdlieden, hoofdmannen captain, instrument of musick, (great) lord, (great) measure, prince, three (from the margin) 5 בְּמ֖וֹעֵצֹ֣ת H4156 raadslagen, beraadslagingen, raad counsel, device 6 וָדָֽעַת H1847 wetenschap, kennis, kennen cunning, (ig-) norantly, know(-ledge), (un-) awares (wittingly)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
21 Om u bekend te maken de zekerheid van de redenen der waarheid; opdat gij de redenen der waarheid antwoorden moogt dengenen, die u zenden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

21 Om u bekendH3045 te maken de zekerheidH7189 van de redenenH561 der waarheidH571; opdat gij de redenenH561 der waarheidH571 antwoordenH7725 moogt dengenen, die u zendenH7971. Om u bekend te maken de zekerheid van de redenen der waarheid; opdat gij de redenen der waarheid antwoorden moogt dengenen, die u zenden.

KJV That I might make thee know1 the certainty2 of the words3 of truth;4 that thou mightest answer5 the words6 of truth7 to them that send

1 לְהוֹדִֽיעֲךָ֗ H3045 weten, weet, bekend acknowledge, acquaintance(-ted with), advise, answer, appoint, assuredly, be aware, (un-) awares, can(-not), certainly, comprehend, consider, [idiom] could they, cunning, declare, be diligent, (can, cause to) discern, discover, endued with, familiar friend, famous, feel, can have, be (ig-) norant, instruct, kinsfolk, kinsman, (cause to let, make) know, (come to give, have, take) knowledge, have (knowledge), (be, make, make to be, make self) known, [phrase] be learned, [phrase] lie by man, mark, perceive, privy to, [idiom] prognosticator, regard, have respect, skilful, shew, can (man of) skill, be sure, of a surety, teach, (can) tell, understand, have (understanding), [idiom] will be, wist, wit, wot 2 קֹ֭שְׁטְ H7189 waarheid, zekerheid truth 3 אִמְרֵ֣י H561 redenen, woorden, geboden answer, [idiom] appointed unto him, saying, speech, word 4 אֱמֶ֑ת H571 waarheid, trouw, waarachtig assured(-ly), establishment, faithful, right, sure, true (-ly, -th), verity 5 לְהָשִׁ֥יב H7725 wederkeren, keerde, keren ((break, build, circumcise, dig, do anything, do evil, feed, lay down, lie down, lodge, make, rejoice, send, take, weep)) [idiom] again, (cause to) answer ([phrase] again), [idiom] in any case (wise), [idiom] at all, averse, bring (again, back, home again), call (to mind), carry again (back), cease, [idiom] certainly, come again (back), [idiom] consider, [phrase] continually, convert, deliver (again), [phrase] deny, draw back, fetch home again, [idiom] fro, get (oneself) (back) again, [idiom] give (again), go again (back, home), (go) out, hinder, let, (see) more, [idiom] needs, be past, [idiom] pay, pervert, pull in again, put (again, up again), recall, recompense, recover, refresh, relieve, render (again), requite, rescue, restore, retrieve, (cause to, make to) return, reverse, reward, [phrase] say nay, send back, set again, slide back, still, [idiom] surely, take back (off), (cause to, make to) turn (again, self again, away, back, back again, backward, from, off), withdraw 6 אֲמָרִ֥ים H561 redenen, woorden, geboden answer, [idiom] appointed unto him, saying, speech, word 7 אֱ֝מֶ֗ת H571 waarheid, trouw, waarachtig assured(-ly), establishment, faithful, right, sure, true (-ly, -th), verity 8 לְשֹׁלְחֶֽיךָ H7971 zond, gezonden, zenden [idiom] any wise, appoint, bring (on the way), cast (away, out), conduct, [idiom] earnestly, forsake, give (up), grow long, lay, leave, let depart (down, go, loose), push away, put (away, forth, in, out), reach forth, send (away, forth, out), set, shoot (forth, out), sow, spread, stretch forth (out)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
22 Beroof den arme niet, omdat hij arm is; en verbrijzel den ellendige niet in de poort.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

22 BeroofH1497 den armeH1800 nietH408, omdatH3588 hijH1931 armH1800 is; en verbrijzelH1792 den ellendigeH6041 nietH408 in de poortH8179. Beroof den arme niet, omdat hij arm is; en verbrijzel den ellendige niet in de poort.

KJV Rob2 not the poor,3 because he is poor:5 neither oppress8 the afflicted9 in the gate:

1 אַֽל H408 niet, geen, niemand nay, neither, [phrase] never, no, nor, not, nothing (worth), rather than 2 תִּגְזָל H1497 geroofd, roven, rooft catch, consume, exercise (robbery), pluck (off), rob, spoil, take away (by force, violence), tear 3 דָּ֭ל H1800 armen, arme, arm lean, needy, poor (man), weaker 4 כִּ֣י H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 5 דַל H1800 armen, arme, arm lean, needy, poor (man), weaker 6 ה֑וּא H1931 hij, het, zij he, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who 7 וְאַל H408 niet, geen, niemand nay, neither, [phrase] never, no, nor, not, nothing (worth), rather than 8 תְּדַכֵּ֖א H1792 verbrijzeld, verbrijzelen, verbrijzelt beat to pieces, break (in pieces), bruise, contrite, crush, destroy, humble, oppress, smite 9 עָנִ֣י H6041 ellendigen, ellendige, ellendig afflicted, humble, lowly, needy, poor 10 בַשָּֽׁעַר H8179 poort, poorten, stadspoort city, door, gate, port ([idiom] -er)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
23 Want de HEERE zal hun twistzaak twisten, en Hij zal dengenen, die hen beroven, de ziel roven.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

23 WantH3588 de HEEREH3068 zal hun twistzaakH7379 twistenH7378, en Hij zal dengenen, die hen berovenH6906, de zielH5315 rovenH6906. Want de HEERE zal hun twistzaak twisten, en Hij zal dengenen, die hen beroven, de ziel roven.

KJV For the LORD2 will plead3 their cause,4 and spoil5 the soul8 of those that spoiled

1 כִּֽי H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 2 יְ֭הוָה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 יָרִ֣יב H7378 twisten, twist, getwist adversary, chide, complain, contend, debate, [idiom] ever, [idiom] lay wait, plead, rebuke, strive, [idiom] thoroughly 4 רִיבָ֑ם H7379 twist, twistzaak, geschil [phrase] adversary, cause, chiding, contend(-tion), controversy, multitude (from the margin), pleading, strife, strive(-ing), suit 5 וְקָבַ֖ע H6906 beroven, berooft, roven rob, spoil 6 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 7 קֹבְעֵיהֶ֣ם H6906 beroven, berooft, roven rob, spoil 8 נָֽפֶשׁ H5315 ziel, zielen, leven any, appetite, beast, body, breath, creature, [idiom] dead(-ly), desire, [idiom] (dis-) contented, [idiom] fish, ghost, [phrase] greedy, he, heart(-y), (hath, [idiom] jeopardy of) life ([idiom] in jeopardy), lust, man, me, mind, mortally, one, own, person, pleasure, (her-, him-, my-, thy-) self, them (your) -selves, [phrase] slay, soul, [phrase] tablet, they, thing, ([idiom] she) will, [idiom] would have it
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
24 Vergezelschap u niet met een grammoedige, en ga niet om met een zeer grimmig man;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

24 VergezelschapH7462 u niet metH854 een grammoedigeH639, en ga niet om metH854 een zeer grimmigH2534 manH376; Vergezelschap u niet met een grammoedige, en ga niet om met een zeer grimmig man;

KJV Make no friendship2 with an angry5 man;4 and with a furious8 man7 thou shalt not go:

1 אַל H408 niet, geen, niemand nay, neither, [phrase] never, no, nor, not, nothing (worth), rather than 2 תִּ֭תְרַע H7462 weiden, herders, herder [idiom] break, companion, keep company with, devour, eat up, evil entreat, feed, use as a friend, make friendship with, herdman, keep (sheep) (-er), pastor, [phrase] shearing house, shepherd, wander, waste 3 אֶת H854 met, van, bij against, among, before, by, for, from, in(-to), (out) of, with. Often with another prepositional prefix 4 בַּ֣עַל H1167 burgers, heer, man [phrase] archer, [phrase] babbler, [phrase] bird, captain, chief man, [phrase] confederate, [phrase] have to do, [phrase] dreamer, those to whom it is due, [phrase] furious, those that are given to it, great, [phrase] hairy, he that hath it, have, [phrase] horseman, husband, lord, man, [phrase] married, master, person, [phrase] sworn, they of 5 אָ֑ף H639 toorn, toorns, neus anger(-gry), [phrase] before, countenance, face, [phrase] forebearing, forehead, [phrase] (long-) suffering, nose, nostril, snout, [idiom] worthy, wrath 6 וְאֶת H854 met, van, bij against, among, before, by, for, from, in(-to), (out) of, with. Often with another prepositional prefix 7 אִ֥ישׁ H376 man, mannen, ieder also, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה) 8 חֵ֝מוֹת H2534 grimmigheid, grimmige, vurig venijn anger, bottles, hot displeasure, furious(-ly, -ry), heat, indignation, poison, rage, wrath(-ful). See H2529 (חֶמְאָה) 9 לֹ֣א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 10 תָבֽוֹא H935 komen, kwam, kwamen abide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
25 Opdat gij zijn paden niet leert, en een strik over uw ziel haalt.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

25 Opdat gij zijn padenH734 niet leertH502, en een strikH4170 over uw zielH5315 haaltH3947. Opdat gij zijn paden niet leert, en een strik over uw ziel haalt.

KJV Lest thou learn2 his ways,3 and get4 a snare5 to thy soul.

1 פֶּן H6435 opdat niet, anders (lest) (peradventure), that...not 2 תֶּאֱלַ֥ף H502 leert, geleerder, leren learn, teach, utter 3 אֹֽרְחֹתָ֑יו H734 paden, pad, weg manner, path, race, rank, traveller, troop, (by-, high-) way 4 וְלָקַחְתָּ֖ H3947 nam, nemen, genomen accept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win 5 מוֹקֵ֣שׁ H4170 strik, strikken, valstrik be ensnared, gin, (is) snare(-d), trap 6 לְנַפְשֶֽׁךָ H5315 ziel, zielen, leven any, appetite, beast, body, breath, creature, [idiom] dead(-ly), desire, [idiom] (dis-) contented, [idiom] fish, ghost, [phrase] greedy, he, heart(-y), (hath, [idiom] jeopardy of) life ([idiom] in jeopardy), lust, man, me, mind, mortally, one, own, person, pleasure, (her-, him-, my-, thy-) self, them (your) -selves, [phrase] slay, soul, [phrase] tablet, they, thing, ([idiom] she) will, [idiom] would have it
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
26 Wees niet onder degenen, die in de hand klappen, onder degenen, die voor schulden borg zijn.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

26 Wees nietH408 onder degenen, die in de handH3709 klappenH8628, onder degenen, die voor schuldenH4859 borgH6148 zijn. Wees niet onder degenen, die in de hand klappen, onder degenen, die voor schulden borg zijn.

KJV Be not thou one of them that strike3 hands,4 or of them that are sureties5 for debts.

1 אַל H408 niet, geen, niemand nay, neither, [phrase] never, no, nor, not, nothing (worth), rather than 2 תְּהִ֥י H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 3 בְתֹֽקְעֵי H8628 blazen, blies, bliezen blow (a trumpet), cast, clap, fasten, pitch (tent), smite, sound, strike, [idiom] suretiship, thrust 4 כָ֑ף H3709 handen, hand, reukschaal branch, [phrase] foot, hand((-ful), -dle, (-led)), hollow, middle, palm, paw, power, sole, spoon 5 בַּ֝עֹרְבִ֗ים H6148 borg, drijven, vermeng engage, (inter-) meddle (with), mingle (self), mortgage, occupy, give pledges, be(-come, put in) surety, undertake 6 מַשָּׁאֽוֹת H4859 schulden [idiom] any(-thing), debt
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
27 Zo gij niet hadt om te betalen, waarom zou men uw bed van onder u wegnemen?
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

27 ZoH518 gij nietH369 hadt om te betalenH7999, waaromH4100 zou men uw bedH4904 van onderH8478 u wegnemenH3947? Zo gij niet hadt om te betalen, waarom zou men uw bed van onder u wegnemen?

KJV If thou hast nothing to pay,4 why should he take away6 thy bed

1 אִם H518 zo, indien, of (and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet 2 אֵֽין H369 geen, niet, niemand else, except, fail, (father-) less, be gone, in(-curable), neither, never, no (where), none, nor, (any, thing), not, nothing, to nought, past, un(-searchable), well-nigh, without. Compare H370 (אַיִן) 3 לְךָ֥ 4 לְשַׁלֵּ֑ם H7999 vergelden, wedergeven, betalen make amends, (make an) end, finish, full, give again, make good, (re-) pay (again), (make) (to) (be at) peace(-able), that is perfect, perform, (make) prosper(-ous), recompense, render, requite, make restitution, restore, reward, [idiom] surely 5 לָ֥מָּה H4100 wat, waarom, hoe how (long, oft, (-soever)), (no-) thing, what (end, good, purpose, thing), whereby(-fore, -in, -to, -with), (for) why 6 יִקַּ֥ח H3947 nam, nemen, genomen accept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win 7 מִ֝שְׁכָּבְךָ֗ H4904 leger, bijligging, legers bed(-chamber), couch, lieth (lying) with 8 מִתַּחְתֶּֽיךָ H8478 onder, plaats, voor as, beneath, [idiom] flat, in(-stead), (same) place (where...is), room, for...sake, stead of, under, [idiom] unto, [idiom] when...was mine, whereas, (where-) fore, with
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
28 Zet de oude palen niet terug, die uw vaderen gemaakt hebben.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

28 ZetH5253 de oudeH5769 palenH1366 nietH408 terugH5253, dieH834 uw vaderenH1 gemaaktH6213 hebben. Zet de oude palen niet terug, die uw vaderen gemaakt hebben.

KJV Remove2 not the ancient4 landmark,3 which thy fathers7 have set.

1 אַל H408 niet, geen, niemand nay, neither, [phrase] never, no, nor, not, nothing (worth), rather than 2 תַּ֭סֵּג H5253 Zet, terug, verrukken departing away, remove, take (hold), turn away 3 גְּב֣וּל H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 4 עוֹלָ֑ם H5769 eeuwigheid, eeuwige, eeuwig alway(-s), ancient (time), any more, continuance, eternal, (for, (n-)) ever(-lasting, -more, of old), lasting, long (time), (of) old (time), perpetual, at any time, (beginning of the) world ([phrase] without end). Compare H5331 (נֶצַח), H5703 (עַד) 5 אֲשֶׁ֖ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 6 עָשׂ֣וּ H6213 doen, gedaan, maakte accomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use 7 אֲבוֹתֶֽיךָ H1 vader, vaderen, vaders chief, (fore-) father(-less), [idiom] patrimony, principal. Compare names in 'Abi-'
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
29 Hebt gij een man gezien, die vaardig in zijn werk is? Hij zal voor het aangezicht der koningen gesteld worden; voor het aangezicht der ongeachte lieden zal hij niet gesteld worden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

29 Hebt gij een manH376 gezien, die vaardigH4106 in zijn werkH4399 is? Hij zal voor het aangezichtH6440 der koningenH4428 gesteldH3320 worden; voor het aangezichtH6440 der ongeachteH2823 lieden zal hij niet gesteldH3320 worden. Hebt gij een man gezien, die vaardig in zijn werk is? Hij zal voor het aangezicht der koningen gesteld worden; voor het aangezicht der ongeachte lieden zal hij niet gesteld worden.

KJV Seest1 thou a man2 diligent3 in his business?4 he shall stand7 before5 kings;6 he shall not stand9 before10 mean

1 חָזִ֡יתָ H2372 zien, aanschouwen, aanschouwt behold, look, prophesy, provide, see 2 אִ֤ישׁ H376 man, mannen, ieder also, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה) 3 מָ֘הִ֤יר H4106 vaardig, vaardigen diligent, hasty, ready 4 בִּמְלַאכְתּ֗וֹ H4399 werk, werks, handwerk business, [phrase] cattle, [phrase] industrious, occupation, ([phrase] -pied), [phrase] officer, thing (made), use, (manner of) work((-man), -manship) 5 לִֽפְנֵֽי H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 6 מְלָכִ֥ים H4428 koning, konings, koningen king, royal 7 יִתְיַצָּ֑ב H3320 stelde, stellen, stelt present selves, remaining, resort, set (selves), (be able to, can, with-) stand (fast, forth, -ing, still, up) 8 בַּל H1077 niet, geenszins lest, neither, no, none (that...), not (any), nothing 9 יִ֝תְיַצֵּב H3320 stelde, stellen, stelt present selves, remaining, resort, set (selves), (be able to, can, with-) stand (fast, forth, -ing, still, up) 10 לִפְנֵ֥י H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 11 חֲשֻׁכִּֽים H2823 ongeachte meaning
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Spreuken 22:1 Prediker 7:1 1 Koningen 1:47 Handelingen 7:10 Filippenzen 4:3 Hebreeën 11:39 Lukas 10:20
Spreuken 22:2 Job 31:15 Spreuken 14:31 Jakobus 2:2 Job 34:19 Spreuken 29:13 1 Korinthe 12:21 1 Samuël 2:7 Lukas 16:19
Spreuken 22:3 Spreuken 14:16 Spreuken 27:12 Hebreeën 11:7 1 Thessalonicenzen 5:2 Spreuken 7:7 Spreuken 9:16 Spreuken 29:1 Jesaja 26:20
Spreuken 22:4 Spreuken 21:21 Psalmen 112:1 Spreuken 3:16 Jesaja 57:15 Mattheüs 6:33 Jesaja 33:6 Jakobus 4:10 Jakobus 4:6
Spreuken 22:5 Spreuken 15:19 1 Johannes 5:18 Spreuken 13:15 Psalmen 18:26 Job 18:8 Psalmen 11:6 Judas 1:20 Jozua 23:13
Spreuken 22:6 Efeze 6:4 2 Timotheüs 3:15 Genesis 18:19 Deuteronomium 6:7 Psalmen 78:3 Deuteronomium 4:9 1 Samuël 1:28 1 Samuël 12:2
Spreuken 22:7 Spreuken 18:23 Jakobus 2:6 Amos 8:4 Jakobus 5:1 Jesaja 24:2 Jakobus 5:4 Amos 5:11 2 Koningen 4:1
Spreuken 22:8 Job 4:8 Psalmen 125:3 Hosea 10:13 Jesaja 30:31 Galaten 6:7 Jesaja 9:4 Spreuken 14:3 Jesaja 14:29
Spreuken 22:9 Spreuken 19:17 Hebreeën 13:16 Spreuken 21:13 Markus 7:22 1 Petrus 4:9 Psalmen 112:9 Lukas 14:13 Mattheüs 20:15
Spreuken 22:10 Genesis 21:9 Psalmen 101:5 Spreuken 21:24 Nehemia 13:28 1 Korinthe 5:13 Nehemia 4:1 Spreuken 18:6 1 Korinthe 5:5
Spreuken 22:11 Spreuken 16:13 Mattheüs 5:8 Psalmen 101:6 Nehemia 2:4 Daniël 3:30 Spreuken 14:35 Daniël 6:20 Ezra 7:6
Spreuken 22:12 Handelingen 12:23 2 Timotheüs 3:8 Jesaja 59:19 Openbaring 11:3 Mattheüs 16:16 Handelingen 8:9 Handelingen 5:39 Job 5:12
Spreuken 22:13 Spreuken 15:19 Spreuken 26:13 Numeri 13:32
Spreuken 22:14 Prediker 7:26 Spreuken 23:27 Spreuken 6:24 Spreuken 5:3 Spreuken 2:16 Nehemia 13:26 Richteren 16:20 Psalmen 81:12
Spreuken 22:15 Spreuken 13:24 Spreuken 19:18 Spreuken 29:15 Spreuken 23:13 Efeze 2:3 Johannes 3:6 Spreuken 29:17 Hebreeën 12:10
Spreuken 22:16 Psalmen 12:5 Jakobus 2:13 Micha 2:2 Lukas 6:33 Spreuken 28:22 Lukas 14:12 Jakobus 5:1 Job 20:19
Spreuken 22:17 Spreuken 23:12 Spreuken 5:1 Spreuken 4:4 Prediker 8:9 Spreuken 3:1 Prediker 7:25 Psalmen 90:12 Mattheüs 17:5
Spreuken 22:18 Spreuken 2:10 Psalmen 19:10 Spreuken 10:13 Hebreeën 13:15 Spreuken 25:11 Johannes 7:38 Spreuken 24:13 Psalmen 119:13
Spreuken 22:19 Spreuken 3:5 Jesaja 26:4 1 Petrus 1:21 Jeremia 17:7 Psalmen 62:8 Jesaja 12:2
Spreuken 22:20 Spreuken 8:6 2 Timotheüs 3:15 2 Petrus 1:19 Hosea 8:12 Psalmen 12:6
Spreuken 22:21 Lukas 1:3 1 Petrus 3:15 Johannes 20:31 1 Johannes 5:13
Spreuken 22:22 Maleachi 3:5 Zacharia 7:10 Exodus 23:6 Spreuken 22:16 Job 31:21 Job 31:16 Job 29:12 Ezechiël 22:29
Spreuken 22:23 1 Samuël 25:39 Psalmen 12:5 Spreuken 23:11 Psalmen 140:12 Jeremia 51:36 Psalmen 35:10 Maleachi 3:5 Psalmen 68:5
Spreuken 22:24 Spreuken 29:22 Spreuken 21:24 2 Korinthe 6:14
Spreuken 22:25 1 Korinthe 15:33 Psalmen 106:35 Spreuken 13:20
Spreuken 22:26 Spreuken 17:18 Spreuken 11:15 Spreuken 27:13 Spreuken 6:1
Spreuken 22:27 Spreuken 20:16 Exodus 22:26 2 Koningen 4:1
Spreuken 22:28 Deuteronomium 19:14 Spreuken 23:10 Job 24:2 Deuteronomium 27:17
Spreuken 22:29 Spreuken 10:4 Genesis 41:46 1 Koningen 11:28 1 Koningen 10:8 2 Timotheüs 4:2 Mattheüs 25:21 Spreuken 12:24 Romeinen 12:11
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Spreuken 22 vers 1

naam Versta, een goede naam en eerlijke lof bij de mensen. Naam voor goeden naam. Het woord goed moet hier den zin geven uit het volgende lid van vs.1. Vergelijk boven Spr. 18:22 .

Hertaald: naam Versta: een goede naam en eerbare lof bij de mensen. Naam staat hier voor goede naam. Het woord goede moet de zin hier krijgen uit het tweede deel van vers 1. Vergelijk hierboven Spr. 18:22.

goede gunst Dat is, het goed gevoelen, dat vrome mensen van iemand hebben, en de goede genegenheid, die zij hem toedragen. Vergelijk boven Spr. 3:4 ; de aantekening op het woord gunst.

Hertaald: goede gunst Dat is: het goede oordeel dat vrome mensen over iemand hebben, en de goede gezindheid die zij hem toedragen. Vergelijk hierboven Spr. 3:4, de aantekening bij het woord gunst.

Spreuken 22 vers 2

ontmoeten Dat is, zij leven met elkander en hebben den een den ander van doen. Vergelijk onder Spr. 29:13 .

Hertaald: ontmoeten Dat is: zij leven met elkaar en hebben elkaar nodig. Vergelijk hieronder Spr. 29:13.

HEERE Te weten, die den rijke verbiedt den arme te verachten en den arme den rijke te benijden. De rijken zijn gehouden de armen uit liefde te helpen en de armen de rijken voor loon te dienen.

Hertaald: HEERE Namelijk: Die de rijke verbiedt de arme te verachten en de arme verbiedt de rijke te benijden. De rijken zijn verplicht de armen uit liefde te helpen en de armen de rijken voor loon te dienen.

Spreuken 22 vers 3

kloekzinnig mens Dat is, die voorzichtig is en kloek van verstand. Zie boven Spr. 1:4 .

Hertaald: kloekzinnig mens Dat is: die voorzichtig en scherp van verstand is. Zie hierboven Spr. 1:4.

kwaad, Te weten, dat schijnt over de mensen te zullen vallen en vorziet zich daartegen om het te ontgaan.

Hertaald: kwaad, Namelijk: dat de mensen dreigt te treffen, en hij neemt zijn maatregelen om het te ontgaan.

gaan henen Te weten, omdat zij niet voorzien het kwaad, dat over hen hangt, of het verachten.

Hertaald: gaan henen Namelijk: omdat zij het kwaad dat hun boven het hoofd hangt niet zien aankomen, of het niet serieus nemen.

Spreuken 22 vers 4

met Dat is, die met de vreze des Heeren gevoegd is. In denzelfden zin kunnen de woorden ook overgezet worden, [en] der vreze des Heeren.

Hertaald: met Dat is: die met de vreze van de Heere verbonden is. In dezelfde zin kunnen de woorden ook vertaald worden: en van de vreze van de Heere.

rijkdom, Dat is, gelijk met de ware nederigheid de vreze Gods verenigd is, alzo heeft de vreze Gods de belofte van het tegenwoordige en het toekomende leven; 1 Tim. 4:8 .

Hertaald: rijkdom, Dat is: zoals met de ware nederigheid de vreze van God verbonden is, zo heeft de vreze van God de belofte van het tegenwoordige en het toekomende leven; 1 Tim. 4:8.

Spreuken 22 vers 5

Doornen Dat is, ellendigheden en plagen, waarin de boze door zijn kwade werken zo verward en verstrikt wordt, dat hij zich daaruit niet kan redden.

Hertaald: Doornen Dat is: ellenden en plagen, waarin de boze door zijn kwade werken zo verward en verstrikt raakt dat hij zich daaruit niet kan redden.

des verkeerden; Dat is, des onherborenen en desgenen, die vreemd is van de vreze Gods.

Hertaald: des verkeerden; Dat is: van de onwedergeborene en van hem die vreemd is aan de vreze van God.

Spreuken 22 vers 6

Leer den jongen Het Hebreeuwse woord betekent eigenlijk iemand van jongsaf in enige wetenschap, en voornamelijk in de gronden der heilige leer, tot zijner ziele zaligheid onderwijzen. Vergelijk Gen. 14:14 . Het is hier zoveel als catechiseren, hetwelk dikwijls in het Nieuwe Testament alzo gebruikt wordt. Zie Luc. 1:4 ; Hand. 18:25 ; Rom. 2:18 ; 1 Kor. 14:19 ; Gal. 6:6 .

Hertaald: Leer den jongen Het Hebreeuwse woord betekent eigenlijk iemand van jongs af in enige kennis onderwijzen, en vooral in de gronden van de heilige leer, tot zaligheid van zijn ziel. Vergelijk Gen. 14:14. Het betekent hier zoveel als catechiseren, zoals het in het Nieuwe Testament vaak gebruikt wordt. Zie Luk. 1:4; Hand. 18:25; Rom. 2:18; 1 Kor. 14:19; Gal. 6:6.

naar den eis Hebreeuws, naar den mond; dat is, naar den eis of de gelegenheid zijns wegs, dat is zijns ouderdoms, begrips en zijner tederheid. Anders: in het begin, of den ingang zijns wegs; dat is in den aanvang zijns levens.

Hertaald: naar den eis Hebreeuws: naar de mond; dat is: naar de eis of de aard van zijn weg, dat is: van zijn leeftijd, zijn bevattingsvermogen en zijn tederheid. Anders: in het begin of bij de ingang van zijn weg, dat is: aan het begin van zijn leven.

daarvan niet Te weten, van hetgeen gij in zijne jonkheid met de eerste onderwijzing hem ingestort hebt.

Hertaald: daarvan niet Namelijk: van wat u hem in zijn jeugd met het eerste onderwijs ingeprent hebt.

Spreuken 22 vers 7

rijke Te weten, die den arme wat leent, of enige weldaad bewijst.

Hertaald: rijke Namelijk: die de arme iets leent of hem enige weldaad bewijst.

armen; Te weten, die van de rijke wat geleend, of enige weldaad ontvangen heeft.

Hertaald: armen; Namelijk: die van de rijke iets geleend of enige weldaad ontvangen heeft.

knecht Dat is, die hem ten dienste staan moet. Hij spreekt eigenlijk niet van hetgeen behoort te geschieden, maar van hetgeen ten meesten dele in de wereld geschiedt.

Hertaald: knecht Dat is: die hem ten dienste moet staan. Hij spreekt eigenlijk niet over wat behoort te gebeuren, maar over wat meestal in de wereld gebeurt.

Spreuken 22 vers 8

onrecht Zie Job 4:8 .

Hertaald: onrecht Zie Job 4:8.

roede Dat is de plaag, waarmede hij anderen door zijn oplopende grimmigheid gekweld, beledigd en verdrukt heeft. Het schijnt een gelijkenis te zijn van een stok, waarmede men het zaad en gewas placht te dorsen.

Hertaald: roede Dat is: de plaag waarmee hij anderen door zijn opvliegende grimmigheid gekweld, gekrenkt en verdrukt heeft. Het lijkt een vergelijking te zijn met een stok waarmee men het zaad en het gewas placht te dorsen.

Spreuken 22 vers 9

goed van oog is, Dat is, die vriendelijk, mild, medelijdend en goeddadig is; alzo Matt. 20:15 . Want gemeenlijk openbaart zich de genegenheid van de mensen in de ogen. Het goede oog wordt ook genaamd een eenvoudig oog, Matt. 6:22 . Zie van een kwaad, of boos oog, Deut. 15:9 , en onder Spr. 23:6 .

Hertaald: goed van oog is, Dat is: die vriendelijk, mild, meelevend en weldadig is; zo Matth. 20:15. Want gewoonlijk toont de gezindheid van de mensen zich in de ogen. Het goede oog wordt ook een eenvoudig oog genoemd, Matth. 6:22. Zie over een kwaad of boos oog Deut. 15:9, en hieronder Spr. 23:6.

den armen Hebreeuws, den dunne.

Hertaald: den armen Hebreeuws: de dunne.

Spreuken 22 vers 10

gekijf Te weten, dien hij pleegt te verwekken.

Hertaald: gekijf Namelijk: die hij pleegt te veroorzaken.

schande Te weten, die hij anderen met zijne twistingen aandoet.

Hertaald: schande Namelijk: die hij anderen met zijn twisten aandoet.

Spreuken 22 vers 11

reinheid Dat is, de oprechtheid des gemoeds; waarvan zie Gen. 20:5 ; 1 Kon. 9:4 ; Ps. 51:12 ; Matt. 5:8 .

Hertaald: reinheid Dat is: de oprechtheid van het gemoed; zie daarover Gen. 20:5; 1 Kon. 9:4; Ps. 51:12; Matth. 5:8.

wiens lippen Dat is, die zo bespraakt is, dat hij zijn oprechte gedachten met bevalligheid kan voortbrengen. De overzetting kan ook aldus staan: met, of door, of om de aangenaamheid zijner lippen is de koning zijn vriend.

Hertaald: wiens lippen Dat is: die zo welbespraakt is dat hij zijn oprechte gedachten met bevalligheid kan uitspreken. De vertaling kan ook zo luiden: door of om de aangenaamheid van zijn lippen is de koning zijn vriend.

aangenaam zijn, Hebreeuws, aangenaamheid; dat is bevalligheid. Zie van deze Ps. 45:3 ; Pred. 10:12 .

Hertaald: aangenaam zijn, Hebreeuws: aangenaamheid; dat is: bevalligheid. Zie daarover Ps. 45:3; Pred. 10:12.

Spreuken 22 vers 12

De ogen Dat is, de voorzienigheid en zorg des Heeren; zie 2 Kron. 16:9 .

Hertaald: De ogen Dat is: de voorzienigheid en zorg van de Heere; zie 2 Kron. 16:9.

wetenschap; Dat is, degenen, die met ware wetenschap en godvruchtige wijsheid begaafd is, en naar dezelve zijne woorden en werken beleidt. Vergelijk de manier van spreken met Job 35:13 .

Hertaald: wetenschap; Dat is: hem die met ware kennis en godvruchtige wijsheid begiftigd is en daarnaar zijn woorden en werken inricht. Vergelijk deze manier van spreken met Job 35:13.

zaken Anders: woorden.

Hertaald: zaken Anders: woorden.

trouwelozen Dat is, des goddelozen, die, het verbond des Heeren niet getrouwelijk houdende, in woorden en werken zich moedwilliglijk verloopt.

Hertaald: trouwelozen Dat is: van de goddeloze, die het verbond van de Heere niet trouw houdt en zich in woorden en werken moedwillig te buiten gaat.

Spreuken 22 vers 13

zegt Te weten om den arbeid te ontgaan. Dan vindt hij lichtelijk ene voorwending vna dit of dat gevaar, hetwelk hij verzint voorhanden te wezen.

Hertaald: zegt Namelijk: om aan de arbeid te ontkomen. Dan vindt hij gemakkelijk een voorwendsel van dit of dat gevaar dat hij zich inbeeldt.

Spreuken 22 vers 14

De mond Te weten, door hun vleien, pluimstrijken en aanlokkende woorden.

Hertaald: De mond Namelijk: door hun vleien, pluimstrijken en lokkende woorden.

vreemde vrouwen Zie boven Spr. 2:16 .

Hertaald: vreemde vrouwen Zie hierboven Spr. 2:16.

gracht; Te weten, der ellenden voor het lichaam en de ziel. Vergelijk onder Spr. 23:27 .

Hertaald: gracht; Namelijk: van de ellende voor lichaam en ziel. Vergelijk hieronder Spr. 23:27.

Spreuken 22 vers 15

De dwaasheid Zie boven Spr. 12:23 .

Hertaald: De dwaasheid Zie hierboven Spr. 12:23.

gebonden; Het is ene gelijkenis, te kennen gevende dat de zonde zo vast aan de jonge jeugd gehecht is als de dingen, die met touwen en repen aan elkander gebonden worden.

Hertaald: gebonden; Het is een vergelijking die te kennen geeft dat de zonde even vast aan de jonge jeugd gehecht zit als dingen die met touwen en riemen aan elkaar gebonden zijn.

der tucht Dat is, waardoor een kind gekastijd wordt.

Hertaald: der tucht Dat is: waarmee een kind gekastijd wordt.

Spreuken 22 vers 16

verdrukt, Te weten, door bedrog of geweld. Vergelijk boven Spr. 14:31 .

Hertaald: verdrukt, Namelijk: door bedrog of geweld. Vergelijk hierboven Spr. 14:31.

vermeerderen, Of, zich te vergroten.

Hertaald: vermeerderen, Of: zichzelf te vergroten.

geeft, Te weten, om zijne gunst, hulp en vordering te krijgen jegens de armen.

Hertaald: geeft, Namelijk: om zijn gunst, hulp en steun tegenover de armen te krijgen.

zekerlijk Anders: alleen, of niet dan tot gebrek. Vergelijk boven Spr. 21:5 , en de aantekening.

Hertaald: zekerlijk Anders: alleen, of: uitsluitend tot gebrek. Vergelijk hierboven Spr. 21:5, en de aantekening daar.

Spreuken 22 vers 17

Neig uw oor, Deze vermaning wordt hier ingevoegd om den lezer tot de rechte betrachting van deze spreuken, ja van alle geboden Gods, op te scherpen.

Hertaald: Neig uw oor, Deze vermaning is hier ingevoegd om de lezer aan te sporen tot het werkelijk betrachten van deze spreuken, ja van alle geboden van God.

der wijzen, Salomo noemt deze spreuken niet alleen zijne, maar ook van alle andere ware wijzen, die hetzelve toestemden, van welken enigen genoemd worden onder Pro 30 , Pro 31 .

Hertaald: der wijzen, Salomo noemt deze spreuken niet alleen de zijne, maar ook die van alle andere ware wijzen die ermee instemden; van sommigen van hen worden de namen genoemd in Spr. 30 en Spr. 31.

mijn wetenschap; Dat is, mijne leer en geboden, die gij weten moet. Zie boven Spr. 15:7 . Anders: om mij te kennen, [mij]; te weten, de wijsheid.

Hertaald: mijn wetenschap; Dat is: mijn leer en geboden, die u moet kennen. Zie hierboven Spr. 15:7. Anders: om mij te kennen, namelijk de wijsheid.

Spreuken 22 vers 18

die Te weten, woorden der wijzen.

Hertaald: die Namelijk: de woorden van de wijzen.

in uw binnenste Hebreeuws, in uwen buik; dat is in het binnenste uws harten. Zie boven Spr. 18:8 , en Spr. 20:30 ; Job 15:2 .

Hertaald: in uw binnenste Hebreeuws: in uw buik; dat is: in het binnenste van uw hart. Zie hierboven Spr. 18:8, en Spr. 20:30; Job 15:2.

gepast worden Te weten, opdat gij ze bekwamelijk en stichtelijk tot de mensen zoudt mogen uitspreken.

Hertaald: gepast worden Namelijk: opdat u ze gepast en stichtelijk tot de mensen zou kunnen uitspreken.

Spreuken 22 vers 19

Opdat Vergelijk boven Spr. 3:5-6 . Hiermede is het doel dezer spreuken aangewezen, hetwelk is in God te geloven en alles goeds van Hem te verwachten, mits dat wij Hem ook gehoorzamen.

Hertaald: Opdat Vergelijk hierboven Spr. 3:5-6. Hiermee is het doel van deze spreuken aangewezen: in God te geloven en alle goeds van Hem te verwachten, mits wij Hem ook gehoorzamen.

gij ook Te weten, die de wijsheid zoekt horende of lezende deze spreuken. Anders: [doet] gij ze ook. Vergelijk de manier van spreken met Spr. 23:15 .

Hertaald: gij ook Namelijk: u die de wijsheid zoekt door deze spreuken te horen of te lezen. Anders: doet u ze ook. Vergelijk de manier van spreken met Spr. 23:15.

Spreuken 22 vers 20

heerlijke Dat is, die den heren zelf en den gouverneurs of regeerders dienstig zijn, om van hen overlegd, besproken en in het werk gesteld te worden. Vergelijk boven Spr. 8:6 . Anders: heb ik niet driemaal, dat is, dikwijls geschreven?

Hertaald: heerlijke Dat is: die voor de heren zelf en voor de bestuurders of regeerders van nut zijn, om door hen overwogen, besproken en uitgevoerd te worden. Vergelijk hierboven Spr. 8:6. Anders: heb ik u niet driemaal — dat is: herhaaldelijk — geschreven?

allerlei Dat is, allerlei goede aanleidingen en onderwijs, om zichzelven naar Gods woord in het publieke en private leven wel aan te stellen.

Hertaald: allerlei Dat is: allerlei goede aanwijzingen en onderwijs om zichzelf naar Gods Woord in het openbare en het persoonlijke leven goed te gedragen.

Spreuken 22 vers 21

opdat gij Dat is opdat gij niet alleen zelf de waarheid weet, maar ook anderen die bekend moogt maken, naar de gelegenheid van uwe roeping.

Hertaald: opdat gij Dat is: opdat u niet alleen zelf de waarheid kent, maar die ook aan anderen bekend zou maken, naar de aard van uw roeping.

zenden Te weten, om enig werk voor hen in het bijzonder te doen, of voor allen in het algemeen enig ambt te bedienen. Anders: die [tot] u zenden; te weten, om goeden raad en rechte onderwijzing van u te hebben.

Hertaald: zenden Namelijk: om voor hen in het bijzonder enig werk te doen, of voor allen in het algemeen een ambt te bedienen. Anders: die tot u zenden, namelijk om goede raad en juist onderwijs van u te krijgen.

Spreuken 22 vers 22

arm is; De rijken en machtigen worden niet uitgesloten; maar de armen worden voornamelijk vermeld, omdat zij lichtelijk verdrukt kunnen worden, Job 31:21 , en omdat wij gehouden zijn hun meest goed te doen. Zie boven Spr. 3:27 .

Hertaald: arm is; De rijken en machtigen worden niet uitgesloten, maar de armen worden vooral genoemd omdat zij gemakkelijk verdrukt kunnen worden, Job 31:21, en omdat wij verplicht zijn hun het meest goed te doen. Zie hierboven Spr. 3:27.

in de poort Dat is, in het gericht. Zie Gen. 22:17 .

Hertaald: in de poort Dat is: in het gericht. Zie Gen. 22:17.

Spreuken 22 vers 23

twistzaak Dat is, hunne zaken beschermen en voorstaan. Zie dezelfde manier van spreken 1 Sam. 25:39 ; onder Spr. 23:11 ; Jer. 51:36 .

Hertaald: twistzaak Dat is: hun zaak beschermen en verdedigen. Zie dezelfde manier van spreken in 1 Sam. 25:39; hieronder Spr. 23:11; Jer. 51:36.

die hen beroven, Dat is, die den ellendigen hunne goederen en middelen afnemen.

Hertaald: die hen beroven, Dat is: die de ellendigen hun goederen en middelen afnemen.

de ziel roven Dat is, het leven nemen.

Hertaald: de ziel roven Dat is: het leven nemen.

Spreuken 22 vers 24

grammoedige, Hebreeuws, heer, of bezitter des toorns; dat is die van nature en door gewoonte zeer tot toorn genegen is; alzo onder Spr. 29:22 ; een heer der grimmigheid. Vergelijk Gen. 14:13 .

Hertaald: grammoedige, Hebreeuws: heer of bezitter van de toorn; dat is: die van nature en uit gewoonte zeer tot toorn geneigd is; zo hieronder Spr. 29:22: een heer van de grimmigheid. Vergelijk Gen. 14:13.

zeer grimmig man; Hebreeuws, man der grimmigheden, of der brandende toornigheden; dat is, die haast met groten toorn ontstoken wordt. Vergelijk Job 11:11 , en Ps. 5:7 .

Hertaald: zeer grimmig man; Hebreeuws: man van de grimmigheden of van de brandende toornigheden; dat is: die snel in grote toorn ontsteekt. Vergelijk Job 11:11, en Ps. 5:7.

Spreuken 22 vers 25

paden Of, wegen; zie Gen. 6:12 .

Hertaald: paden Of: wegen; zie Gen. 6:12.

een strik Dat is, een kwaad en verderf over uzelven brengt, dat gij niet ontgaan kunt. Vergelijk boven Spr. 18:7 .

Hertaald: een strik Dat is: een kwaad en verderf over uzelf brengt waaraan u niet kunt ontkomen. Vergelijk hierboven Spr. 18:7.

Spreuken 22 vers 26

hand klappen, Te weten, van den schuldheer, tot een teken dat men voor den schuldenaar borg is; zie Job 17:3 , en boven Spr. 6:1 .

Hertaald: hand klappen, Namelijk: met de schuldeiser, als teken dat men borg staat voor de schuldenaar; zie Job 17:3, en hierboven Spr. 6:1.

Spreuken 22 vers 27

te betalen, Te weten, den schuldheer, tot wiens verzekering gij voor den schuldenaar borg geworden zijt.

Hertaald: te betalen, Namelijk: aan de schuldeiser, tot wiens zekerheid u voor de schuldenaar borg geworden bent.

wegnemen? Te weten, zo er anders in uw huis niets ware om den schuldeiser te voldoen. Versta dit van dengene, die zich borg stelde voor de schuld van een ander; want daarmede verklaarde hij dat hij rijk was en de macht had om te betalen, zodat hij zich niet mocht behelpen met de wet, Ex. 22:26-27 ; Deut. 24:6 . Hoewel dan de wet der liefde beval dat men des armen noodzakelijke dingen niet zou te pand nemen; nochtans liet het burgerlijke recht zulks in zekere gevallen toe, ja ook den schuldenaar voor een tijd tot slaaf te maken, 2 Kon. 4:1 . Zie ook boven Spr. 20:16 .

Hertaald: wegnemen? Namelijk: als er anders in uw huis niets zou zijn om de schuldeiser te voldoen. Versta dit van iemand die zich borg stelde voor de schuld van een ander; want daarmee verklaarde hij dat hij rijk was en de macht had te betalen, zodat hij zich niet kon beroepen op de wet van Ex. 22:26-27; Deut. 24:6. Hoewel de wet van de liefde dus voorschreef dat men de noodzakelijke dingen van de arme niet in pand mocht nemen, liet het burgerlijk recht dat in bepaalde gevallen toch toe, en zelfs dat de schuldenaar voor een tijd tot slaaf gemaakt werd, 2 Kon. 4:1. Zie ook hierboven Spr. 20:16.

Spreuken 22 vers 28

de oude Hebreeuws, de palen der eeuwigheid. Zie van deze palen Deut. 19:14 , en Deut. 27:17 ; boven Spr. 15:25 , en onder Spr. 23:10 ; en van het woord eeuwigheid, dat hier voor een langen en onbepaalden tijd genomen wordt, 1 Kon. 1:31 .

Hertaald: de oude Hebreeuws: de palen van de eeuwigheid. Zie over deze grenspalen Deut. 19:14, en Deut. 27:17; hierboven Spr. 15:25, en hieronder Spr. 23:10; en over het woord eeuwigheid, dat hier voor een lange en onbepaalde tijd gebruikt wordt, 1 Kon. 1:31.

Spreuken 22 vers 29

voor het aangezicht Voor iemands aangezicht gesteld worden, of staan, is hem te dienen, of daartoe bevorderd en geroepen te worden; zie Deut. 1:38 , en 1 Kon. 1:2 .

Hertaald: voor het aangezicht Voor iemands aangezicht gesteld worden of staan betekent: hem dienen, of daartoe bevorderd en geroepen worden; zie Deut. 1:38, en 1 Kon. 1:2.

ongeachte Hebreeuws, duistere; te weten, lieden, of mensen; dat is, gemene, onbekende, slechte en niet van aanzien.

Hertaald: ongeachte Hebreeuws: duistere, namelijk lieden of mensen; dat is: gewone, onbekende, eenvoudige mensen zonder aanzien.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
De goede naam  — wat anderen terecht van iemand verwachten, wordt hier boven zilver en goud gesteld (Spr. 22:1)

"De naam is uitgelezener dan grote rijkdom, de goede gunst dan zilver en dan goud" (Spr. 22:1). Het woord naam staat hier voor wat anderen van iemand weten en van hem verwachten. Hetzelfde hoofdstuk laat zien waar zo'n naam vandaan komt. Van wie de reinheid van het hart liefheeft en aangenaam spreekt, wordt gezegd dat de koning zijn vriend is (Spr. 22:11). En het hoofdstuk eindigt bij het werk: "Hebt gij een man gezien, die vaardig in zijn werk is? Hij zal voor het aangezicht der koningen gesteld worden" (Spr. 22:29).

Bijbelse betekenis: Het gaat hier niet om beroemdheid maar om betrouwbaarheid. Een naam in deze zin is niet te kopen, en dat is precies waarom hij boven het geld gesteld wordt: rijkdom kan iemand erven of in één slag verwerven, maar een naam wordt in jaren opgebouwd. Merk op dat hij ook in één keer verspeeld kan worden; dat maakt hem kostbaar en kwetsbaar tegelijk. Let ten slotte op Spr. 22:29. De naam wordt niet verdiend door erover te spreken maar door het werk goed te doen, ook wanneer niemand meekijkt. Wie vooral op zijn naam let, loopt het gevaar hem juist te verspelen; wie zijn werk doet, krijgt hem erbij.

Typologie: Prediker zegt hetzelfde in dezelfde vergelijkende vorm: "Beter is een goede naam, dan goede olie" (Pred. 7:1). Paulus maakt er een eis van voor wie de gemeente dient: "hij moet ook een goede getuigenis hebben van degenen, die buiten zijn" (1 Tim. 3:7).

Spr. 22:1; Spr. 22:11; Spr. 22:29; Pred. 7:1; 1 Tim. 3:7

De opvoeding van de jonge mens  — de bekendste spreuk over opvoeding, met de verzen die er scherper over spreken (Spr. 22:6)

"Leer den jongen de eerste beginselen naar den eis zijns wegs; als hij ook oud zal geworden zijn, zal hij daarvan niet afwijken" (Spr. 22:6). Er staan twee dingen in. Het onderwijs begint vroeg, en het gaat naar de eis van zijn weg, dus afgestemd op dit kind en niet op kinderen in het algemeen. Even verder staat dat de dwaasheid in het hart van de jongen gebonden is en dat "de roede der tucht" haar daar ver vandaan doet (Spr. 22:15). In het volgende hoofdstuk klinkt dat nog scherper (Spr. 23:13-14). Dit zijn spreuken en geen wetten; zij zeggen in de gedrongen vorm van dit boek dat een kind leiding nodig heeft en dat verwaarlozing hem duur komt te staan. De grenzen van het Nieuwe Testament horen erbij: "verwekt uw kinderen niet tot toorn" (Ef. 6:4), en "tergt uw kinderen niet, opdat zij niet moedeloos worden" (Kol. 3:21).

Bijbelse betekenis: Twee dingen moeten hier uit elkaar gehouden worden. Het eerste is wat de spreuken zeggen: een kind wordt niet vanzelf wijs, en wie hem laat begaan, laat hem alleen. Het tweede is de vorm waarin dat gezegd wordt. De roede is in de Schrift ook het gereedschap van de herder, dat leidt en terughaalt (Ps. 23:4). Het register leidt uit deze verzen geen opvoedmethode af, en het beveelt geen lichamelijke straf aan. De grenzen komen uit de Schrift zelf, en zij zijn scherp getrokken. Een vader mag zijn kinderen niet tot toorn verwekken, maar moet hen opvoeden in de lering en vermaning des Heeren (Ef. 6:4); hij mag hen niet tergen, opdat zij niet moedeloos worden (Kol. 3:21). Wat uit drift gebeurt en niet tot wijsheid van het kind dient, valt daarmee buiten deze spreuken. En wat de overheid in dit opzicht van ouders vraagt, gehoorzaamt de gelovige om des Heeren wil, zolang zij niet tegen Gods Woord ingaat (Rom. 13:1). Wat blijft staan is de opdracht zelf: onderwijzen, vroeg beginnen, en het kind nemen zoals het is. Merk ten slotte op dat Spr. 22:6 geen garantie geeft. Een spreuk is een regel en geen belofte (reeds behandeld bij Spr. 10:1). Dat is van gewicht voor ouders die hun kind zien afdwalen; zij lezen hier geen vonnis over hun opvoeding.

Typologie: Paulus herinnert Timotheüs aan wat vroeg begonnen was: "dat gij van kinds af de heilige Schriften geweten hebt" (2 Tim. 3:15). En de Hebreeënbrief tekent hoe God Zelf Zijn kinderen opvoedt (reeds behandeld bij Hebr. 12:5-11).

Spr. 22:6; Spr. 22:15; Spr. 23:13-14; Spr. 10:1; Ps. 23:4; Ef. 6:4; Kol. 3:21; Rom. 13:1; 2 Tim. 3:15; Hebr. 12:5-11

De schuld en de borgtocht  — twee gedeelten over schuld en borgtocht, en over de verhouding die daardoor ontstaat (Spr. 22:7)

"De rijke heerst over de armen; en die ontleent, is des leners knecht" (Spr. 22:7). Er wordt geen oordeel geveld maar een verhouding beschreven. Wie geleend heeft, is aan de uitlener gebonden zolang de schuld staat. Aan het einde van hetzelfde hoofdstuk komt de borgtocht terug: wees niet onder degenen die in de hand klappen en voor schulden borg staan (Spr. 22:26), want wie niet betalen kan, ziet zijn bed onder zich weggenomen worden (Spr. 22:27). Die waarschuwing is eerder in het boek uitgewerkt (reeds behandeld bij Spr. 6:1-5).

Bijbelse betekenis: De Schrift verbiedt het lenen niet, en de wet regelt het zelfs. Wat hier gezegd wordt, is dat er iets meegaat wat men niet ziet: een stuk vrijheid. Wie schuld heeft, kan minder nee zeggen, minder wachten en minder weglopen. Merk op dat het woord knecht gebruikt wordt en niet het woord schuldenaar. Dat is nuchter en niet hard bedoeld. Let ten slotte op Spr. 22:27. Het beeld van het bed dat weggenomen wordt, laat zien hoe diep zo'n verplichting kan reiken; zij raakt uiteindelijk het huis en de nachtrust.

Typologie: Paulus noemt de ene schuld die wél mag blijven staan: "Zijt niemand iets schuldig, dan elkander lief te hebben" (Rom. 13:8).

Spr. 22:7; Spr. 22:26-27; Spr. 6:1-5; Rom. 13:8

De oude landpalen  — over het verzetten van grensstenen, en over Wie het opneemt voor wie geen verdediger heeft (Spr. 22:28)

"Zet de oude palen niet terug, die uw vaderen gemaakt hebben" (Spr. 22:28). De palen waren de grensstenen tussen de akkers. Wie zo'n steen ongemerkt een eind verzette, stal land zonder dat iemand het merkte, en hij stal het van iemand die het meestal niet kon bewijzen. In het volgende hoofdstuk keert het vers terug met een toevoeging: "Zet de oude palen niet terug; en kom op de akkers der wezen niet" (Spr. 23:10). En dan volgt de reden: "hun Verlosser is sterk; Die zal hun twistzaak tegen u twisten" (Spr. 23:11). Hetzelfde is even eerder gezegd over de arme in de poort: beroof hem niet, want de HEERE zal hun twistzaak twisten (Spr. 22:22-23).

Bijbelse betekenis: Let op wie hier tegenover de dief komt te staan. Niet de wees, want die kan niets, maar God Zelf. Het woord dat met Verlosser vertaald is, is het woord voor de losser: de naaste bloedverwant die opkwam voor wie zichzelf niet kon redden (reeds behandeld bij Lev. 25:25). God neemt die plaats in bij wie geen familie meer heeft om hem te verdedigen. Merk daarnaast op dat het om verborgen onrecht gaat, net als bij de weegsteen (Spr. 11:1). Onrecht dat niemand ziet, wordt in dit boek telkens rechtstreeks aan God voorgelegd. En let op het woord sterk. Er staat niet dat hun Verlosser rechtvaardig is, wat ook waar is, maar dat Hij sterk is; dat is wat de wees nodig heeft.

Typologie: Job noemde dezelfde Verlosser op het ogenblik dat hij geen mens meer had die voor hem opkwam (reeds behandeld bij Job 19:25).

Spr. 22:22-23; Spr. 22:28; Spr. 23:10-11; Spr. 11:1; Lev. 25:25; Job 19:25

De woorden der wijzen  — drie opschriften laten zien hoe dit boek is samengesteld (Spr. 22:17)

Bij Spr. 22:17 begint een nieuw deel: "Neig uw oor, en hoor de woorden der wijzen". De vorm verandert; in plaats van losse tweeregelige spreuken staan er weer korte vermaningen van enkele verzen. Er wordt bij gezegd waartoe zij dienen: "Opdat uw vertrouwen op den HEERE zij, maak ik u die heden bekend" (Spr. 22:19), en om zekerheid te geven over wat waar is (Spr. 22:21). Later begint opnieuw zo'n verzameling: "Deze spreuken zijn ook van de wijzen" (Spr. 24:23). En het volgende hoofdstuk vermeldt wie het boek verder heeft samengesteld: "Dit zijn ook spreuken van Salomo, die de mannen van Hizkia, den koning van Juda, uitgeschreven hebben" (Spr. 25:1).

Bijbelse betekenis: Deze opschriften laten zien hoe het boek gegroeid is. Er is verzameld, geordend en later opnieuw uitgeschreven, in het geval van Spr. 25:1 pas eeuwen na Salomo, onder Hizkia. Dat neemt niets weg van het gezag van deze woorden. De Schrift verbergt haar eigen ontstaan niet, en het toezicht van de Geest loopt door het gewone werk van verzamelaars en afschrijvers heen. Merk daarnaast op wat in Spr. 22:19 als doel genoemd wordt. Het is niet dat de lezer knap wordt, maar dat zijn vertrouwen op de HEERE zou zijn. Dat is een opmerkelijk doel voor een verzameling praktische spreuken, en het verklaart waarom er telkens weer over de vreze des HEEREN gesproken wordt.

Typologie: Paulus zegt van heel de Schrift wat hier van deze verzameling geldt: "Al de Schrift is van God ingegeven, en is nuttig tot lering" (2 Tim. 3:16).

Spr. 22:17-21; Spr. 24:23; Spr. 25:1; 2 Tim. 3:16

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Spreuken 22

Spurgeon heeft geen commentaar gegeven op dit hoofdstuk.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content