Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Romeinen 13

1 Alle ziel zij den machten, over haar gesteld, onderworpen; want er is geen macht dan van God, en de machten, die er zijn, die zijn van God geordineerd.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 AlleG3956 zielG5590 zij den machtenG1849, over haar gesteldG5242, onderworpenG5293; wantG1063 er isG1510 geen machtG1849 dan van GodG2316, enG1161 de machtenG1849, die er zijn, die zijn van GodG2316 geordineerdG5021. Alle ziel zij den machten, over haar gesteld, onderworpen; want er is geen macht dan van God, en de machten, die er zijn, die zijn van God geordineerd.

KJV Let every1 soul2 be subject5 unto the higher4 powers.3 For7 there is no6 power9 but of12 God:13 the powers17 that be are ordained21 of18 God.

1 πασα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 2 ψυχη G5590 ziel, leven, zielen heart (+ -ily), life, mind, soul, + us, + you 3 εξουσιαις G1849 macht, machten, gebied authority, jurisdiction, liberty, power, right, strength 4 υπερεχουσαις G5242 gesteld, opperste macht, uitnemender better, excellency, higher, pass, supreme 5 υποτασσεσθω G5293 onderworpen, onderdanig, onderwerpt be under obedience (obedient), put under, subdue unto, (be, make) subject (to, unto), be (put) in subjection (to, under), submit self unto 6 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 7 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 8 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 9 εξουσια G1849 macht, machten, gebied authority, jurisdiction, liberty, power, right, strength 10 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 11 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 12 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 13 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 14 αι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 16 ουσαι G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 17 εξουσιαι G1849 macht, machten, gebied authority, jurisdiction, liberty, power, right, strength 18 υπο G5259 van, onder, door among, by, from, in, of, under, with 19 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 21 τεταγμεναι G5021 geordineerd, gesteld, bescheiden addict, appoint, determine, ordain, set 22 εισιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 Alzo dat die zich tegen de macht stelt, de ordinantie van God wederstaat; en die ze wederstaan, zullen over zichzelven een oordeel halen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 Alzo dat die zich tegen de machtG1849 steltG498, de ordinantieG1296 van GodG2316 wederstaatG436; enG1161 die ze wederstaanG436, zullen over zichzelvenG1438 een oordeelG2917 halenG2983. Alzo dat die zich tegen de macht stelt, de ordinantie van God wederstaat; en die ze wederstaan, zullen over zichzelven een oordeel halen.

KJV Whosoever therefore1 resisteth3 the power,5 resisteth10 the ordinance9 of God:8 and12 they that resist13 shall receive16 to themselves14 damnation.

1 ωστε G5620 zodat, daarom (insomuch) as, so that (then), (insomuch) that, therefore, to, wherefore 2 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 αντιτασσομενος G498 wederstaat, stelt, wederstonden oppose themselves, resist 4 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 εξουσια G1849 macht, machten, gebied authority, jurisdiction, liberty, power, right, strength 6 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 9 διαταγη G1296 bestellingen, ordinantie instrumentality 10 ανθεστηκεν G436 wederstaan, wederstaat, wederstond resist, withstand 11 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 13 ανθεστηκοτες G436 wederstaan, wederstaat, wederstond resist, withstand 14 εαυτοις G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 15 κριμα G2917 oordeel, oordelen, rechtzaken avenge, condemned, condemnation, damnation, + go to law, judgment 16 ληψονται G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Want de oversten zijn niet tot een vreze den goeden werken, maar den kwaden. Wilt gij nu de macht niet vrezen, doe het goede, en gij zult lof van haar hebben;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 WantG1063 de overstenG758 zijnG1510 niet tot een vrezeG5401 den goedenG18 werkenG2041, maar den kwadenG2556. WiltG2309 gij nuG1161 de machtG1849 niet vrezenG5399, doeG4160 het goedeG18, en gij zult lofG1868 vanG1537 haarG846 hebbenG2192; Want de oversten zijn niet tot een vreze den goeden werken, maar den kwaden. Wilt gij nu de macht niet vrezen, doe het goede, en gij zult lof van haar hebben;

KJV For2 rulers3 are not4 a terror6 to good8 works,9 but10 to the evil.12 Wilt thou13 then14 not15 be afraid16 of the power?18 do21 that which is good,20 and22 thou shalt have23 praise24 of25 the same:

1 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 αρχοντες G758 oversten, overste, Overste chief (ruler), magistrate, prince, ruler 4 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 5 εισιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 6 φοβος G5401 vreze, vrees, schrik be afraid, + exceedingly, fear, terror 7 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 αγαθων G18 goede, goed, goeden benefit, good(-s, things), well 9 εργων G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 10 αλλα G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 11 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 κακων G2556 kwaad, kwade, kwaads bad, evil, harm, ill, noisome, wicked 13 θελεις G2309 wil, wilt, willen desire, be disposed (forward), intend, list, love, mean, please, have rather, (be) will (have, -ling, - ling(-ly)) 14 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 15 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 16 φοβεισθαι G5399 bevreesd, vreest, vreesden be (+ sore) afraid, fear (exceedingly), reverence 17 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 εξουσιαν G1849 macht, machten, gebied authority, jurisdiction, liberty, power, right, strength 19 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 αγαθον G18 goede, goed, goeden benefit, good(-s, things), well 21 ποιει G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 22 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 23 εξεις G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 24 επαινον G1868 lof, prijs praise 25 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 26 αυτης G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Want zij is Gods dienares, u ten goede. Maar indien gij kwaad doet, zo vrees; want zij draagt het zwaard niet tevergeefs; want zij is Gods dienares, een wreekster tot straf dengene, die kwaad doet.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 WantG1063 zij is GodsG2316 dienaresG1249, uG4771 ten goedeG18. MaarG1161 indienG1437 gij kwaadG2556 doetG4160, zo vreesG5399; wantG1063 zij draagtG5409 het zwaardG3162 nietG3756 tevergeefsG1500; wantG1063 zij is GodsG2316 dienaresG1249, een wreeksterG1558 totG1519 strafG3709 dengene, die kwaadG2556 doet. Want zij is Gods dienares, u ten goede. Maar indien gij kwaad doet, zo vrees; want zij draagt het zwaard niet tevergeefs; want zij is Gods dienares, een wreekster tot straf dengene, die kwaad doet.

KJV For2 he is the minister3 of God1 to thee for6 good.8 But10 if9 thou do13 that which is evil,12 be afraid;14 for16 he beareth20 not15 the sword19 in vain:17 for22 he is the minister23 of God,21 a revenger25 to execute wrath27 upon26 him that doeth31 evil.

1 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 διακονος G1249 dienaar, dienaars, diakenen deacon, minister, servant 4 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 5 σοι G4771 u, gij, gijlieden thou 6 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 7 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 αγαθον G18 goede, goed, goeden benefit, good(-s, things), well 9 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 10 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 11 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 κακον G2556 kwaad, kwade, kwaads bad, evil, harm, ill, noisome, wicked 13 ποιης G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 14 φοβου G5399 bevreesd, vreest, vreesden be (+ sore) afraid, fear (exceedingly), reverence 15 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 16 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 17 εικη G1500 tevergeefs, onrecht, vergeefs without a cause, (in) vain(-ly) 18 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 μαχαιραν G3162 zwaard, zwaarden, zwaards sword 20 φορει G5409 draagt, dragen, dragende bear, wear 21 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 22 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 23 διακονος G1249 dienaar, dienaars, diakenen deacon, minister, servant 24 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 25 εκδικος G1558 wreekster, wreker a (re-)venger 26 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 27 οργην G3709 toorn, toorns, gramschap anger, indignation, vengeance, wrath 28 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 29 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 30 κακον G2556 kwaad, kwade, kwaads bad, evil, harm, ill, noisome, wicked 31 πρασσοντι G4238 doen, bedrijven, volbrengen; eisen commit, deeds, do, exact, keep, require, use arts
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Daarom is het nodig onderworpen te zijn, niet alleen om der straffe, maar ook om des gewetens wil.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 Daarom is het nodigG318 onderworpenG5293 te zijn, nietG3756 alleen omG1223 der straffeG3709, maarG235 ookG2532 omG1223 des gewetensG4893 wil. Daarom is het nodig onderworpen te zijn, niet alleen om der straffe, maar ook om des gewetens wil.

KJV Wherefore1 ye must needs2 be subject,3 not4 only5 for6 wrath,8 but9 also10 for conscience13 sake.

1 διο G1352 daarom, weshalve for which cause, therefore, wherefore 2 αναγκη G318 nood, noodzaak, nodig distress, must needs, (of) necessity(-sary), needeth, needful 3 υποτασσεσθαι G5293 onderworpen, onderdanig, onderwerpt be under obedience (obedient), put under, subdue unto, (be, make) subject (to, unto), be (put) in subjection (to, under), submit self unto 4 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 5 μονον G3440 alleen, slechts alone, but, only 6 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 7 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 οργην G3709 toorn, toorns, gramschap anger, indignation, vengeance, wrath 9 αλλα G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 12 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 συνειδησιν G4893 geweten, gewetens conscience
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 Want daarom betaalt gij ook schattingen; want zij zijn dienaars van God, in ditzelve geduriglijk bezig zijnde.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 WantG1063 daarom betaaltG5055 gij ookG2532 schattingenG5411; wantG1063 zij zijnG1510 dienaarsG3011 van GodG2316, inG1519 ditzelveG5124 geduriglijkG4342 bezig zijnde. Want daarom betaalt gij ook schattingen; want zij zijn dienaars van God, in ditzelve geduriglijk bezig zijnde.

KJV For3 for1 this cause pay ye6 tribute5 also:4 for8 they are God's9 ministers,7 attending continually14 upon11 this very thing.

1 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 2 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 3 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 φορους G5411 schatting, schattingen tribute 6 τελειτε G5055 geeindigd, volbracht, volbrengt accomplish, make an end, expire, fill up, finish, go over, pay, perform 7 λειτουργοι G3011 dienaars, Bedienaar, bedienaar minister(-ed) 8 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 9 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 10 εισιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 11 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 12 αυτο G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 13 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 14 προσκαρτερουντες G4342 volhardende, gedurig, Volhardt attend (give self) continually (upon), continue (in, instant in, with), wait on (continually)

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Zo geeft dan een iegelijk, wat gij schuldig zijt; schatting, dien gij de schatting, tol, dien gij den tol, vreze, dien gij de vreze, eer, die gij de eer schuldig zijt.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 Zo geeftG591 danG3767 een iegelijkG3956, wat gij schuldigG3782 zijt; schattingG5411, dien gij de schattingG5411, tolG5056, dien gij den tolG5056, vrezeG5401, dien gij de vrezeG5401, eerG5092, die gij de eerG5092 schuldig zijt. Zo geeft dan een iegelijk, wat gij schuldig zijt; schatting, dien gij de schatting, tol, dien gij den tol, vreze, dien gij de vreze, eer, die gij de eer schuldig zijt.

KJV Render1 therefore2 to all3 their dues:5 tribute8 to whom4 tribute10 is due; custom13 to whom6 custom;15 fear18 to whom7 fear;20 honour23 to whom9 honour.

1 αποδοτε G591 vergelden, betaald, betalen deliver (again), give (again), (re-)pay(-ment be made), perform, recompense, render, requite, restore, reward, sell, yield 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 πασιν G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 4 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 οφειλας G3782 schuld, schuldig debt, due 6 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 φορον G5411 schatting, schattingen tribute 9 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 φορον G5411 schatting, schattingen tribute 11 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 τελος G5056 einde, Einde, tol + continual, custom, end(-ing), finally, uttermost 14 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 τελος G5056 einde, Einde, tol + continual, custom, end(-ing), finally, uttermost 16 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 φοβον G5401 vreze, vrees, schrik be afraid, + exceedingly, fear, terror 19 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 φοβον G5401 vreze, vrees, schrik be afraid, + exceedingly, fear, terror 21 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 23 τιμην G5092 eer, prijs, ere honour, precious, price, some 24 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 τιμην G5092 eer, prijs, ere honour, precious, price, some
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 Zijt niemand iets schuldig, dan elkander lief te hebben; want die den ander liefheeft, die heeft de wet vervuld.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 Zijt niemandG3367 ietsG3367 schuldigG3784, dan elkanderG240 liefG25 te hebben; wantG1063 die den anderG2087 liefheeftG25, die heeft de wetG3551 vervuldG4137. Zijt niemand iets schuldig, dan elkander lief te hebben; want die den ander liefheeft, die heeft de wet vervuld.

KJV Owe3 no man1 any thing,2 but to love7 one another:8 for10 he that loveth11 another13 hath fulfilled15 the law.

1 μηδενι G3367 niemand, niets, ding any (man, thing), no (man), none, not (at all, any man, a whit), nothing, + without delay 2 μηδεν G3367 niemand, niets, ding any (man, thing), no (man), none, not (at all, any man, a whit), nothing, + without delay 3 οφειλετε G3784 schuldig, moet, moeten behove, be bound, (be) debt(-or), (be) due(-ty), be guilty (indebted), (must) need(-s), ought, owe, should 4 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 5 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 6 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 αγαπαν G25 liefhebben, lief, liefgehad (be-)love(-ed) 8 αλληλους G240 elkander, ander, onderlinge each other, mutual, one another, (the other), (them-, your-)selves, (selves) together (sometimes with G3326 (μετά) or G4314 (πρός)) 9 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 11 αγαπων G25 liefhebben, lief, liefgehad (be-)love(-ed) 12 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 ετερον G2087 ander, anders, zoeke altered, else, next (day), one, (an-)other, some, strange 14 νομον G3551 wet, wetten, Wet law 15 πεπληρωκεν G4137 vervuld, vervullen, vervult accomplish, X after, (be) complete, end, expire, fill (up), fulfil, (be, make) full (come), fully preach, perfect, supply
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Want dit: Gij zult geen overspel doen, gij zult niet doden, gij zult niet stelen, gij zult geen valse getuigenis geven, gij zult niet begeren; en zo er enig ander gebod is, wordt in dit woord als in een hoofdsom begrepen, namelijk in dit: Gij zult uw naaste liefhebben gelijk uzelven.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 WantG1063 dit: Gij zult geenG3756 overspelG3431 doen, gij zult nietG3756 dodenG5407, gij zult nietG3756 stelenG2813, gij zult geenG3756 valse getuigenisG5576 geven, gij zult nietG3756 begerenG1937; enG2532 zoG1487 er enigG1536 anderG2087 gebodG1785 is, wordt in ditG3778 woordG3056 als in een hoofdsomG346 begrepen, namelijk inG1722 dit: GijG4771 zult uw naasteG4139 liefhebbenG25 gelijkG5613 uzelven. Want dit: Gij zult geen overspel doen, gij zult niet doden, gij zult niet stelen, gij zult geen valse getuigenis geven, gij zult niet begeren; en zo er enig ander gebod is, wordt in dit woord als in een hoofdsom begrepen, namelijk in dit: Gij zult uw naaste liefhebben gelijk uzelven.

KJV For2 this, Thou shalt4 not3 commit adultery, Thou shalt6 not5 kill, Thou shalt8 not7 steal, Thou shalt10 not9 bear false witness, Thou shalt12 not11 covet; and13 if there be any other16 commandment,17 it is briefly comprehended22 in18 this saying,21 namely,23 Thou shalt love25 thy neighbour27 as29 thyself.

1 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 4 μοιχευσεις G3431 overspel, overspel bedrijven, overspel begaande commit adultery 5 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 6 φονευσεις G5407 doden, gedood, benijdt kill, do murder, slay 7 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 8 κλεψεις G2813 stelen, gestolen, stele steal 9 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 10 ψευδομαρτυρησεις G5576 getuigenis, getuigden valselijk, valse getuigenis be a false witness 11 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 12 επιθυμησεις G1937 begeren, begeerd, begeert covet, desire, would fain, lust (after) 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 15 τις G5100 iemand, sommigen, zeker a (kind of), any (man, thing, thing at all), certain (thing), divers, he (every) man, one (X thing), ought, + partly, some (man, -body, - thing, -what), (+ that no-)thing, what(-soever), X wherewith, whom(-soever), whose(-soever) 16 ετερα G2087 ander, anders, zoeke altered, else, next (day), one, (an-)other, some, strange 17 εντολη G1785 gebod, geboden, bevel commandment, precept 18 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 19 τουτω G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 20 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 λογω G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work 22 ανακεφαλαιουται G346 hoofdsom, vergaderen, wederom briefly comprehend, gather together in one 23 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 24 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 αγαπησεις G25 liefhebben, lief, liefgehad (be-)love(-ed) 26 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 27 πλησιον G4139 naaste, nabij near, neighbour 28 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 29 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 30 εαυτον G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves)

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 De liefde doet den naaste geen kwaad. Zo is dan de liefde de vervulling der wet.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 De liefdeG26 doet den naasteG4139 geenG3756 kwaadG2556. Zo is dan de liefdeG26 de vervullingG4138 der wetG3551. De liefde doet den naaste geen kwaad. Zo is dan de liefde de vervulling der wet.

KJV Love2 worketh7 no6 ill5 to his neighbour:4 therefore9 love12 is the fulfilling8 of the law.

1 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 αγαπη G26 liefde, liefdemaaltijden, liefhebben (feast of) charity(-ably), dear, love 3 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 πλησιον G4139 naaste, nabij near, neighbour 5 κακον G2556 kwaad, kwade, kwaads bad, evil, harm, ill, noisome, wicked 6 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 7 εργαζεται G2038 werkt, werken, werkende commit, do, labor for, minister about, trade (by), work 8 πληρωμα G4138 volheid, vervulling, aangenaaide lap which is put in to fill up, piece that filled up, fulfilling, full, fulness 9 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 10 νομου G3551 wet, wetten, Wet law 11 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 αγαπη G26 liefde, liefdemaaltijden, liefhebben (feast of) charity(-ably), dear, love
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 En dit zeg ik te meer, dewijl wij de gelegenheid des tijds weten, dat het de ure is, dat wij nu uit den slaap opwaken; want de zaligheid is ons nu nader, dan toen wij eerst geloofd hebben.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 EnG2532 ditG3778 zeg ikG1473 te meer, dewijlG3754 wij de gelegenheid des tijdsG2540 wetenG1492, dat het de ureG5610 is, dat wij nu uitG1537 den slaapG5258 opwakenG1453; want de zaligheidG4991 is ons nu naderG1452, danG2228 toen wij eerst geloofdG4100 hebben. En dit zeg ik te meer, dewijl wij de gelegenheid des tijds weten, dat het de ure is, dat wij nu uit den slaap opwaken; want de zaligheid is ons nu nader, dan toen wij eerst geloofd hebben.

KJV And1 that, knowing3 the time,5 that6 now9 it is high time7 to awake12 out of10 sleep:11 for14 now13 is our salvation18 nearer15 than19 when20 we believed.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 3 ειδοτες G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot 4 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 καιρον G2540 tijd, tijden, gelegenheden X always, opportunity, (convenient, due) season, (due, short, while) time, a while 6 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 7 ωρα G5610 ure, uur, uren day, hour, instant, season, X short, (even-)tide, (high) time 8 ημας G1473 mij, ik I, me 9 ηδη G2235 alrede, Alrede already, (even) now (already), by this time 10 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 11 υπνου G5258 slaap, slaaps sleep 12 εγερθηναι G1453 opgewekt, opgestaan, Sta awake, lift (up), raise (again, up), rear up, (a-)rise (again, up), stand, take up 13 νυν G3568 nu, thans henceforth, + hereafter, of late, soon, present, this (time) 14 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 15 εγγυτερον G1452 nader nearer 16 ημων G1473 mij, ik I, me 17 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 σωτηρια G4991 zaligheid, verlossing, behoudenis deliver, health, salvation, save, saving 19 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 20 οτε G3753 toen, wanneer after (that), as soon as, that, when, while 21 επιστευσαμεν G4100 gelooft, geloven, geloofd believe(-r), commit (to trust), put in trust with
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 De nacht is voorbijgegaan, en de dag is nabij gekomen. Laat ons dan afleggen de werken der duisternis, en aandoen de wapenen des lichts.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 De nachtG3571 is voorbijgegaanG4298, en de dagG2250 is nabijG1448 gekomen. Laat ons dan afleggenG659 de werkenG2041 der duisternisG4655, en aandoenG1746 de wapenenG3696 des lichtsG5457. De nacht is voorbijgegaan, en de dag is nabij gekomen. Laat ons dan afleggen de werken der duisternis, en aandoen de wapenen des lichts.

KJV The night2 is far spent,3 the day6 is at hand:7 let us8 therefore9 cast off the works11 of darkness,13 and14 let us put on15 the armour17 of light.

1 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 νυξ G3571 nacht, nachts, nachten (mid-)night 3 προεκοψεν G4298 toenemen, nam, toenam increase, proceed, profit, be far spent, wax 4 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 6 ημερα G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 7 ηγγικεν G1448 nabij, genaakte, genaakt approach, be at hand, come (draw) near, be (come, draw) nigh 8 αποθωμεθα G659 afleggen, legt, afgelegd cast off, lay apart (aside, down), put away (off) 9 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 10 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 εργα G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 12 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 σκοτους G4655 duisternis darkness 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 ενδυσωμεθα G1746 aangedaan, aandoen, gekleed array, clothe (with), endue, have (put) on 16 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 οπλα G3696 wapenen armour, instrument, weapon 18 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 φωτος G5457 licht, Licht, lichts fire, light
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Laat ons, als in den dag, eerlijk wandelen; niet in brasserijen en dronkenschappen, niet in slaapkameren en ontuchtigheden, niet in twist en nijdigheid;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 Laat ons, alsG5613 inG1722 den dagG2250, eerlijkG2156 wandelenG4043; nietG3361 in brasserijenG2970 enG2532 dronkenschappenG3178, nietG3361 in slaapkamerenG2845 enG2532 ontuchtighedenG766, nietG3361 in twistG2054 enG2532 nijdigheidG2205; Laat ons, als in den dag, eerlijk wandelen; niet in brasserijen en dronkenschappen, niet in slaapkameren en ontuchtigheden, niet in twist en nijdigheid;

KJV Let us walk5 honestly,4 as1 in2 the day;3 not6 in rioting7 and8 drunkenness,9 not10 in chambering11 and12 wantonness,13 not14 in strife15 and16 envying.

1 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 2 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 3 ημερα G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 4 ευσχημονως G2156 eerlijk decently, honestly 5 περιπατησωμεν G4043 wandelen, wandelt, wandelende go, be occupied with, walk (about) 6 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 7 κωμοις G2970 brasserijen revelling, rioting 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 μεθαις G3178 dronkenschappen, dronkenschap drunkenness 10 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 11 κοιταις G2845 bed, bevrucht, slaapkamer bed, chambering, X conceive 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 ασελγειαις G766 ontuchtigheid, ontuchtigheden, ontuchtigen filthy, lasciviousness, wantonness 14 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 15 εριδι G2054 twist, twisten, twistingen contention, debate, strife, variance 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 ζηλω G2205 ijver, nijd, nijdigheid emulation, envy(-ing), fervent mind, indignation, jealousy, zeal
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Maar doet aan den Heere Jezus Christus, en verzorgt het vlees niet tot begeerlijkheden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 MaarG235 doet aan den HeereG2962 JezusG2424 ChristusG5547, enG2532 verzorgtG4160 het vleesG4561 nietG3361 totG1519 begeerlijkhedenG1939. Maar doet aan den Heere Jezus Christus, en verzorgt het vlees niet tot begeerlijkheden.

KJV But1 put ye on2 the Lord4 Jesus5 Christ,6 and7 make12 not11 provision10 for13 the flesh,9 to fulfil the lusts

1 αλλ G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 2 ενδυσασθε G1746 aangedaan, aandoen, gekleed array, clothe (with), endue, have (put) on 3 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 κυριον G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 5 ιησουν G2424 Jezus, JEZUS, Jezus' Jesus 6 χριστον G5547 Christus, Christus', CHRISTUS Christ 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 σαρκος G4561 vlees, vleses, lichaams carnal(-ly, + -ly minded), flesh(-ly) 10 προνοιαν G4307 voorzichtigheid providence, provision 11 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 12 ποιεισθε G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 13 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 14 επιθυμιας G1939 begeerlijkheden, begeerlijkheid, begeerte concupiscence, desire, lust (after)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Romeinen 13:1 Titus 3:1 Johannes 19:11 1 Petrus 2:13 2 Petrus 2:10 Efeze 5:21 Judas 1:8 Spreuken 8:15 Daniël 2:21
Romeinen 13:2 Titus 3:1 1 Petrus 2:13 Lukas 20:47 Jeremia 23:8 Jakobus 3:1 Markus 12:40 Romeinen 13:5 Jeremia 44:14
Romeinen 13:3 Deuteronomium 25:1 Spreuken 20:2 Jeremia 22:15 Spreuken 14:35 Romeinen 13:4 Prediker 10:4 1 Petrus 3:13 1 Petrus 2:13
Romeinen 13:4 Romeinen 12:19 2 Kronieken 19:6 Spreuken 24:23 1 Thessalonicenzen 4:6 Micha 3:9 Numeri 35:19 Jesaja 1:17 Ezechiël 25:14
Romeinen 13:5 Prediker 8:2 1 Petrus 2:19 1 Petrus 2:13 1 Samuël 24:5 Titus 3:1 Hebreeën 13:18 Handelingen 24:16 1 Petrus 3:16
Romeinen 13:6 Markus 12:14 Mattheüs 17:24 Mattheüs 22:17 Lukas 20:21 Romeinen 12:8 Deuteronomium 1:9 Nehemia 5:4 Ezra 4:20
Romeinen 13:7 Mattheüs 17:25 Lukas 20:25 Mattheüs 22:21 1 Timotheüs 5:17 1 Timotheüs 5:13 Leviticus 19:32 Spreuken 24:21 Exodus 20:12
Romeinen 13:8 Romeinen 13:10 Mattheüs 7:12 Galaten 5:14 Jakobus 2:8 Mattheüs 22:39 Johannes 13:34 Romeinen 13:7 Kolossenzen 3:14
Romeinen 13:9 Leviticus 19:18 Mattheüs 19:18 Exodus 20:12 Romeinen 7:7 Markus 12:31 Lukas 10:27 Deuteronomium 5:16 Jakobus 2:8
Romeinen 13:10 Romeinen 13:8 Mattheüs 22:39 1 Korinthe 13:4
Romeinen 13:11 Efeze 5:14 1 Korinthe 15:34 Lukas 21:28 1 Petrus 4:7 Markus 13:35 1 Thessalonicenzen 5:5 1 Korinthe 7:29 Prediker 9:10
Romeinen 13:12 Efeze 5:11 2 Korinthe 6:7 Jesaja 30:22 1 Thessalonicenzen 5:5 Ezechiël 18:31 Jesaja 2:20 Romeinen 13:14 Job 24:14
Romeinen 13:13 Galaten 5:21 1 Thessalonicenzen 4:3 Lukas 21:34 1 Thessalonicenzen 4:12 Efeze 5:18 2 Petrus 2:18 Jakobus 4:5 1 Petrus 4:3
Romeinen 13:14 Galaten 3:27 Efeze 4:24 Galaten 5:24 1 Petrus 2:11 Romeinen 8:12 Kolossenzen 3:10 Kolossenzen 3:5 Galaten 5:16
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Romeinen 13 vers 1

ziel zij Dat is, een ieder mens van welk geslacht, staat, beroeping of ouderdom hij zij; en dus ook de kerkedienaren.

Hertaald: ziel zij Dat is: ieder mens, van welk geslacht, stand, beroep of leeftijd hij ook is — en dus ook de kerkendienaars.

den machten, Dat is, den overheden, die van God over andere met macht en autoriteit gesteld zijn.

Hertaald: den machten, Dat is: de overheden, die door God met macht en gezag over anderen aangesteld zijn.

over haar gesteld Grieks, over hebbende, op uitnemende; dat is, overste macht hebbende; waardoor verstaan worden niet alleen de hoge overheden, maar ook allen, die onder hen in enig ambt van regering gesteld zijn; 1 Tim. 2:2 ; 1 Petr. 2:13-14 .

Hertaald: over haar gesteld Grieks: die boven staan, die uitsteken; dat is: de hoogste macht hebben. Daarmee worden niet alleen de hoge overheden bedoeld, maar ook allen die onder hen in enig regeringsambt aangesteld zijn; 1 Tim. 2:2; 1 Petr. 2:13-14.

onderworpen; Dat is, moeten hun niet alleen gehoorzaam zijn, maar ook behoorlijk erkennen en eer bewijzen.

Hertaald: onderworpen; Dat is: zij moeten hun niet alleen gehoorzaam zijn, maar hen ook naar behoren erkennen en eren.

geen macht Dat is geen overheid met macht bekleed.

Hertaald: geen macht Dat is: geen overheid die met macht bekleed is.

dan van God, Namelijk die niet alleen het ambt der overheid heeft ingesteld, maar die ook de personen [hoewel meest door het middel van mensen] daartoe verkiest en stelt; Spr. 8:15 ; Dan. 4:32 .

Hertaald: dan van God, Namelijk God, Die niet alleen het ambt van de overheid ingesteld heeft, maar Die ook de personen daartoe kiest en aanstelt — hoewel meestal door middel van mensen; Spr. 8:15; Dan. 4:32.

die er zijn, Namelijk hetzij hoge of lage, hetzij opperste of onder anderen gesteld; 1 Petr. 2:13-14 .

Hertaald: die er zijn, Namelijk hetzij hoog of laag, hetzij de hoogste of onder anderen gesteld; 1 Petr. 2:13-14.

geordineerd Dat is, ingesteld onder het menselijk geslacht, om hetzelve in Gods plaats met orde te regeren; hoewel sommigen hunne macht dikwijls misbruiken, hetwelk God toelaat om de zonden des volks te straffen; Job 34:30 .

Hertaald: geordineerd Dat is: ingesteld onder het menselijke geslacht om dat in Gods plaats met orde te regeren — hoewel sommigen hun macht vaak misbruiken, wat God toelaat om de zonden van het volk te straffen; Job 34:30.

Romeinen 13 vers 2

tegen de macht stelt, Namelijk niet alleen met opstand, gelijk Absalom, maar ook met ongehoorzaamheid in zaken, die tegen Gods Woord niet strijden.

Hertaald: tegen de macht stelt, Namelijk niet alleen met opstand, zoals Absalom, maar ook met ongehoorzaamheid in zaken die niet tegen Gods Woord ingaan.

een oordeel Dat is, ene straf, zo van God als van de overheden.

Hertaald: een oordeel Dat is: een straf, zowel van God als van de overheden.

halen Grieks, ontvangen.

Hertaald: halen Grieks: ontvangen.

Romeinen 13 vers 3

de oversten Dat is, de overheden over ons gesteld.

Hertaald: de oversten Dat is: de overheden die over ons aangesteld zijn.

tot een vreze Namelijk van te zullen straffen.

Hertaald: tot een vreze Namelijk de vrees dat zij zullen straffen.

den goeden werken, Dat is, als gij weldoet en hunne bevelen gehoorzaam zijt.

Hertaald: den goeden werken, Dat is: wanneer u goeddoet en hun bevelen gehoorzaamt.

den kwaden Namelijk, werken, dat is, als gij kwaaddoet en hunne bevelen overtreedt.

Hertaald: den kwaden Namelijk kwade werken; dat is: wanneer u kwaaddoet en hun bevelen overtreedt.

Wilt gij nu de macht niet vrezen, Dat is, wilt gij vrij zijn van de vrees om van hen gestraft te worden.

Hertaald: Wilt gij nu de macht niet vrezen, Dat is: wilt u vrij zijn van de vrees door hen gestraft te worden.

lof van haar hebben; Dat is, van hen geprezen worden en met vergelding vereerd. Want het ambt der overheid is, niet alleen het kwaad te straffen, maar ook het goed te belonen; door welke twee zaken als door zenuwen het lichaam van den staat samengebonden en bijeengehouden wordt.

Hertaald: lof van haar hebben; Dat is: door hen geprezen en met een beloning geëerd worden. Want het ambt van de overheid bestaat niet alleen in het straffen van het kwaad, maar ook in het belonen van het goede. Door deze twee zaken wordt het lichaam van de staat als door pezen samengebonden en bijeengehouden.

Romeinen 13 vers 4

Gods dienares, Dat is, van God gesteld, om als een instrument Gods u te dienen.

Hertaald: Gods dienares, Dat is: door God aangesteld om u als een instrument van God te dienen.

u ten goede Dat is, om door dezelve alle goeds u toe te brengen en voor uw welvaren te zorgen. Zie de aantekeningen 1 Tim. 2:2 .

Hertaald: u ten goede Dat is: om daardoor alles wat goed is aan u te bewijzen en voor uw welzijn te zorgen. Zie de aantekeningen bij 1 Tim. 2:2.

kwaad doet, Dat is, de goede wetten der overheden overtreedt.

Hertaald: kwaad doet, Dat is: de goede wetten van de overheden overtreedt.

zo vrees; Namelijk van hen daarover gestraft te zullen worden.

Hertaald: zo vrees; Namelijk dat u daarover door hen gestraft zult worden.

draagt het zwaard niet tevergeefs; Dat is, heeft de macht ontvangen om de kwaaddoeners zelfs ook met den dood te straffen, Gen. 9:6 ; en laat niet zonder oorzaak het zwaard voor zich dragen, of draagt het aan zijne zijde, om te kennen te geven dat hij zulke macht heeft en die tegen de boosdoeners ook zal uitvoeren.

Hertaald: draagt het zwaard niet tevergeefs; Dat is: hij heeft de macht ontvangen om de kwaaddoeners zelfs met de dood te straffen, Gen. 9:6. Hij laat het zwaard niet zonder reden voor zich uit dragen, of draagt het aan zijn zijde, om te kennen te geven dat hij die macht heeft en die ook tegen de boosdoeners zal uitoefenen.

een wreekster Namelijk van Gods wege, dien de wraak toekomt; Rom. 12:19 .

Hertaald: een wreekster Namelijk namens God, aan Wie de wraak toekomt; Rom. 12:19.

tot straf dengene, Grieks, toorn. Zie dergelijke Matt. 3:7 ; Luc. 21:23 ; Rom. 2:8 .

Hertaald: tot straf dengene, Grieks: toorn. Zie iets dergelijks in Matth. 3:7; Luk. 21:23; Rom. 2:8.

Romeinen 13 vers 5

nodig onderworpen te zijn, Namelijk om rechte onderdanen, en voornamelijk rechte Christenen te zijn.

Hertaald: nodig onderworpen te zijn, Namelijk om echte onderdanen te zijn, en vooral om echte christenen te zijn.

om der straffe, Dat is, uit vrees van straf. Grieks, toorn.

Hertaald: om der straffe, Dat is: uit vrees voor straf. Grieks: toorn.

om des gewetens wil Dat is, omdat wij weten, dat God zulks verordineerd en bevolen heeft, en dat overzulks niemand met een goede en geruste conscientie kan zijn, die dat niet doet.

Hertaald: om des gewetens wil Dat is: omdat wij weten dat God dit verordend en bevolen heeft, en dat daarom niemand met een goed en gerust geweten kan leven die dat niet doet.

Romeinen 13 vers 6

daarom Dat is, het blijkt dat gij den overheden onderworpen zijt en behoort te zijn, omdat gij schatting betaalt; zie Matt. 22:21 .

Hertaald: daarom Dat is: het blijkt dat u aan de overheden onderworpen bent en behoort te zijn, doordat u belasting betaalt; zie Matth. 22:21.

betaalt gij ook Namelijk aan de overheden, of die van hen daartoe gesteld zijn.

Hertaald: betaalt gij ook Namelijk aan de overheden, of aan hen die door hen daartoe aangesteld zijn.

schattingen; Daardoor worden verstaan alle lasten, die den onderdanen opgelegd worden.

Hertaald: schattingen; Daarmee worden alle lasten bedoeld die aan de onderdanen opgelegd worden.

want zij zijn Dit is ene reden, om te bewijzen billijk te zijn, dat men den overheden gehoorzaam zij en schatting betale.

Hertaald: want zij zijn Dit is een argument om te bewijzen dat het billijk is dat men de overheden gehoorzaam is en belasting betaalt.

dienaars van God, Grieks, Leitourgoi; welk woord men hier ziet niet alleen van kerkelijke diensten, gelijk Hand. 13:2 , maar ook van staatkundige en burgerlijke diensten gebruikt te worden; zie ook Rom. 15:27 ; Hebr. 1:14 .

Hertaald: dienaars van God, Grieks: leitourgoi. Men ziet dat dit woord hier niet alleen voor kerkelijke diensten gebruikt wordt, zoals Hand. 13:2, maar ook voor staatkundige en burgerlijke diensten; zie ook Rom. 15:27; Hebr. 1:14.

in ditzelve Namelijk om God te dienen in het regeren des volks.

Hertaald: in ditzelve Namelijk om God te dienen in het besturen van het volk.

geduriglijk bezig zijnde Grieks, tot datzelve volhardende; dat is, in dezen dienst veel arbeid, zwarigheid, moeiten en zorgen gedurig uitstaande. Zie van dit woord Hand. 1:14 .

Hertaald: geduriglijk bezig zijnde Grieks: daarin volhardend; dat is: in deze dienst voortdurend veel arbeid, moeite, last en zorg doorstaand. Zie over dit woord Hand. 1:14.

Romeinen 13 vers 7

geeft dan Grieks, geeft wederom, of vergeldt een iegelijk de schulden.

Hertaald: geeft dan Grieks: geeft terug, of: vergeldt ieder wat u hem schuldig bent.

een iegelijk, Namelijk overheid; hoewel het ook in het algemeen kan genomen worden.

Hertaald: een iegelijk, Namelijk iedere overheid; hoewel het ook in het algemeen opgevat kan worden.

schatting, Is eigenlijk hetgeen gesteld wordt op de personen of vaste goederen.

Hertaald: schatting, Dat is eigenlijk wat geheven wordt op de personen of op de onroerende goederen.

tol, dien gij den tol, Is hetgeen gesteld wordt op de koopmanschappen, of op de uit en inkomende goederen en waren.

Hertaald: tol, dien gij den tol, Dat is wat geheven wordt op de koopwaren, of op de in- en uitgaande goederen en waren.

dien gij de vreze, Namelijk den overheden en hunnen dienaren, die hen gebruiken om de kwaaddoeners te straffen.

Hertaald: dien gij de vreze, Namelijk aan de overheden en hun dienaars, die zij gebruiken om de kwaaddoeners te straffen.

die gij de eer schuldig zijt Namelijk den overheden, hetzij hoge of lage; 1 Petr. 2:17 .

Hertaald: die gij de eer schuldig zijt Namelijk aan de overheden, hetzij hoge of lage; 1 Petr. 2:17.

Romeinen 13 vers 8

Zijt niemand iets schuldig, Dat is, betaalt een iegelijk hetgeen waartoe gij aan hem verplicht zijt, hetzij geld, diensten of iets anders. Hetwelk als men niet doet, zo blijft de verplichting en schuld.

Hertaald: Zijt niemand iets schuldig, Dat is: betaal ieder wat u aan hem verplicht bent, hetzij geld, diensten of iets anders. Wanneer men dat niet doet, blijft de verplichting en de schuld bestaan.

dan elkander lief te hebben; Want die verplichting kan nimmermeer afgedaan of betaald worden, maar blijft altijd een verse schuld die geduriglijk moet betaald worden.

Hertaald: dan elkander lief te hebben; Want die verplichting kan nooit afgedaan of afbetaald worden, maar blijft altijd een verse schuld die voortdurend betaald moet worden.

den ander liefheeft, Dat is, zijnen naaste.

Hertaald: den ander liefheeft, Dat is: zijn naaste.

de wet Dat is, de geboden van de tweede tafel der wet, gelijk in vs.9 verklaard wordt.

Hertaald: de wet Dat is: de geboden van de tweede tafel van de wet, zoals in vers 9 verklaard wordt.

vervuld Dat is, gedaan en onderhouden hetgeen niet alleen in een of twee geboden, maar in al de geboden tezamen geëist wordt, ten aanzien van al de delen zelve; hoewel niemand ten aanzien van de trappen der volmaaktheid in dit leven hetzelve kan volbrengen, alzo onze liefde hier nog onvolmaakt is; 1 Kon. 8:46 ; Ps. 19:13 ; Spr. 20:9 ; Jak. 3:2 ; 1 Joh. 1:8 .

Hertaald: vervuld Dat is: gedaan en onderhouden wat niet in één of twee geboden, maar in alle geboden samen geëist wordt, wat de onderdelen zelf betreft. Wat de graad van volmaaktheid betreft kan niemand dat in dit leven volbrengen, aangezien onze liefde hier nog onvolmaakt is; 1 Kon. 8:46; Ps. 19:13; Spr. 20:9; Jak. 3:2; 1 Joh. 1:8.

Romeinen 13 vers 9

Gij zult geen overspel doen, De apostel houdt de orde van de geboden niet, gelijk zij in de tien geboden voorgesteld worden, omdat daaraan niet zoveel is gelegen, als maar al de geboden wel onderhouden worden.

Hertaald: Gij zult geen overspel doen, De apostel houdt de volgorde van de geboden niet aan zoals die in de tien geboden staan, omdat daaraan niet zoveel gelegen is, als de geboden maar goed onderhouden worden.

in dit woord als in een hoofdsom begrepen, Dat is, in dit ene gebod.

Hertaald: in dit woord als in een hoofdsom begrepen, Dat is: in dit ene gebod.

Romeinen 13 vers 10

De liefde doet den naaste geen kwaad Hij beschrijft hier den aard der liefde, gelijk ook 1Co 13 .

Hertaald: De liefde doet den naaste geen kwaad Hij beschrijft hier de aard van de liefde, zoals ook in 1 Kor. 13.

de vervulling der wet Zie vs.8, en 1 Tim. 1:5 .

Hertaald: de vervulling der wet Zie vers 8 en 1 Tim. 1:5.

Romeinen 13 vers 11

dewijl wij de gelegenheid des tijds weten, Dat is, alzo wij nu niet meer ongelovig zijn, gelijk wij in voortijden waren, zijnde in den duisteren nacht der onwetendheid, Ef. 4:18 ; Kol. 1:13 ; 1 Joh. 2:8 , maar alzo Christus de Zon der gerechtigheid, Mal. 4:2 , en het licht der wereld, Joh. 8:12 , ons nu verschenen is.

Hertaald: dewijl wij de gelegenheid des tijds weten, Dat is: aangezien wij nu niet meer ongelovig zijn zoals wij vroeger waren, toen wij in de donkere nacht van de onwetendheid verkeerden, Ef. 4:18; Kol. 1:13; 1 Joh. 2:8, maar aangezien Christus, de Zon der gerechtigheid, Mal. 4:2, en het Licht van de wereld, Joh. 8:12, ons nu verschenen is.

den slaap opwaken; Namelijk der zonden; Ef. 5:14 ; 1 Thess. 5:6 .

Hertaald: den slaap opwaken; Namelijk de slaap van de zonden; Ef. 5:14; 1 Thess. 5:6.

de zaligheid Of, onze zaligheid is nu nader; dit is, de prijs onzer hemelse roeping in Christus Jezus, waar wij naar lopen en jagen, 1 Kor. 9:24-25 ; Fil. 3:14 , welke is het einde onzes geloofs; 1 Petr. 1:9 .

Hertaald: de zaligheid Of: onze zaligheid is nu nabij; dat is: de prijs van onze hemelse roeping in Christus Jezus, waarnaar wij lopen en jagen, 1 Kor. 9:24-25; Filipp. 3:14, en die het einddoel van ons geloof is; 1 Petr. 1:9.

is ons nu nader, Dat is, wij zijn nu voor onzen Christelijken loop dezelve nader bijgekomen, om dezelve haast te grijpen, Fil. 3:12 ; 1 Tim. 6:12 ; en daarom moeten wij niet verflauwen om dezen Christelijken loop te voleindigen, 2 Tim. 4:7 , alzo het grote schande en schade zou zijn, dat wij, zo nabij gekomen zijnde, door verflauwen of afwijken dezelve niet zouden verkrijgen. Want hoe nader iemand aan den prijs komt, hoe sterker hij behoort te lopen.

Hertaald: is ons nu nader, Dat is: wij zijn die in onze christelijke loop nu dichter genaderd, om haar spoedig te grijpen, Filipp. 3:12; 1 Tim. 6:12. Daarom moeten wij niet verslappen in het voleindigen van deze christelijke loop, 2 Tim. 4:7, aangezien het een grote schande en schade zou zijn als wij haar, nu wij zo dichtbij gekomen zijn, door verslappen of afwijken niet zouden verkrijgen. Want hoe dichter iemand bij de prijs komt, des te krachtiger behoort hij te lopen.

toen wij eerst geloofd hebben Dat is, toen wij eerst tot het geloof in Christus geroepen en bekeerd zijn.

Hertaald: toen wij eerst geloofd hebben Dat is: toen wij voor het eerst tot het geloof in Christus geroepen en bekeerd zijn.

Romeinen 13 vers 12

nacht is Namelijk der onwetendheid; 1 Thess. 5:5 .

Hertaald: nacht is Namelijk de nacht van de onwetendheid; 1 Thess. 5:5.

voorbijgegaan, Het Griekse woord betekent dat dezelve ten merendeel voorbijgegaan is. Want al de duisternis is nog uit onze harten niet volkomen weggedaan; 1 Kor. 13:9-10 .

Hertaald: voorbijgegaan, Het Griekse woord duidt aan dat die grotendeels voorbijgegaan is. Want alle duisternis is nog niet volkomen uit onze harten weggenomen; 1 Kor. 13:9-10.

de dag Namelijk der zaligmakende kennis, vs.13; 1 Thess. 5:5 .

Hertaald: de dag Namelijk de dag van de zaligmakende kennis, vers 13; 1 Thess. 5:5.

is nabij gekomen Dat is, wij zijn tot het zaligmakende licht der kennis van Christus gekomen, doch niet volkomen, zolang wij in dit leven zijn, maar hebben zulk een licht, gelijk er is als de dag begint aan te breken en te lichten.

Hertaald: is nabij gekomen Dat is: wij zijn gekomen tot het zaligmakende licht van de kennis van Christus — maar niet volkomen, zolang wij in dit leven zijn. Wij hebben zo'n licht als er is wanneer de dag begint aan te breken en te lichten.

afleggen Namelijk gelijk de mensen, als het dag is geworden, de nachtklederen en dekens verwerpen, en met dezelve gene gemeenschap meer hebben; Ef. 4:22 .

Hertaald: afleggen Namelijk zoals de mensen, wanneer het dag geworden is, hun nachtkleren en dekens wegwerpen en daarmee geen gemeenschap meer hebben; Ef. 4:22.

de werken der duisternis, Dat is, de zonden, die degenen, die nog in de duisternis der onwetendheid zijn, gewoon zijn te doen, en voornamelijk die lelijke zonden, welke ook de mensen zich schamen openbaar in het licht te doen, maar die zij des nachts in duisternis bedrijven; Job 24:15-16 ; Joh. 3:20-21 ; 1 Thess. 5:7 . Waarvan enige in het vs.13 verhaald worden.

Hertaald: de werken der duisternis, Dat is: de zonden die zij die nog in de duisternis van de onwetendheid zijn gewoonlijk doen, en vooral die schandelijke zonden die de mensen zich zelfs schamen openlijk bij daglicht te doen, maar die zij 's nachts in het donker bedrijven; Job 24:15-16; Joh. 3:20-21; 1 Thess. 5:7. Enkele daarvan worden in vers 13 opgesomd.

aandoen Of, aantrekken; gelijk degenen doen, die, uit den slaap opstaande, hunne klederen aantrekken of hunne naaktheid te bedekken en eerbaar in den dag te wandelen.

Hertaald: aandoen Of: aantrekken, zoals zij doen die na het opstaan uit de slaap hun kleren aantrekken om hun naaktheid te bedekken en fatsoenlijk bij dag rond te lopen.

de wapenen Dit woord betekent al hetgeen waarmede het lichaam bedekt wordt tegen alle kwetsingen; en worden daardoor alhier verstaan allerlei Christelijke deugden, met welke onze ziel niet alleen bekleed en versierd wordt, maar ook als gewapend tegen de kwetsingen en verzoekingen des duivels en des vleesches. Zie Rom. 6:13 ; 2 Kor. 6:7 ; Ef. 6:11-12 , enz.; 1 Thess. 5:8 .

Hertaald: de wapenen Dit woord duidt alles aan waarmee het lichaam tegen verwondingen bedekt wordt. Daarmee worden hier allerlei christelijke deugden bedoeld, waarmee onze ziel niet alleen bekleed en gesierd, maar ook gewapend wordt tegen de aanvallen en verzoekingen van de duivel en het vlees. Zie Rom. 6:13; 2 Kor. 6:7; Ef. 6:11-12, enzovoort; 1 Thess. 5:8.

des lichts Dat is, die voortkomen van het licht der ware kennis Gods en tot Zijne eer voor de mensen lichten, en die betamen dengenen, die tot dit licht geroepen zijn en in het licht eerbaar willen wandelen.

Hertaald: des lichts Dat is: de deugden die voortkomen uit het licht van de ware kennis van God en die tot Zijn eer voor de mensen lichten, en die passen bij hen die tot dit licht geroepen zijn en fatsoenlijk in het licht willen wandelen.

Romeinen 13 vers 13

als in den dag, Dat is, gelijk betaamt dengenen, wien door de genade Gods het licht der zaligmakende kennis verschenen is.

Hertaald: als in den dag, Dat is: zoals het hen betaamt aan wie door Gods genade het licht van de zaligmakende kennis verschenen is.

eerlijk Dat is, niet alleen godzalig voor God, maar ook eerbaar voor de mensen.

Hertaald: eerlijk Dat is: niet alleen godzalig voor God, maar ook fatsoenlijk voor de mensen.

wandelen; Dat is, ons leven aanstellen, en onder de mensen verkeren.

Hertaald: wandelen; Dat is: ons leven inrichten en met de mensen omgaan.

brasserijen Waardoor verstaan worden, niet eerlijke en matige maaltijden, Gen. 21:8 ; Joh. 2:1 , maar gulzige en ontuchtige, in welke allerlei overdadigheid, dartelheid, danserij en lichtvaardigheid gepleegd wordt.

Hertaald: brasserijen Daarmee worden niet de fatsoenlijke en matige maaltijden bedoeld, Gen. 21:8; Joh. 2:1, maar de gulzige en losbandige, waarbij allerlei overdaad, dartelheid, danserij en lichtzinnigheid bedreven wordt.

dronkenschappen, Of, onmatig zuipen van wijn of sterken drank; Jes. 5:22 .

Hertaald: dronkenschappen, Of: onmatig zuipen van wijn of sterkedrank; Jes. 5:22.

in slaapkameren Dat is, overspelen, of hoererijen, die in de slaapkamers gemeenlijk gepleegd worden.

Hertaald: in slaapkameren Dat is: overspel of hoererij, die gewoonlijk in de slaapkamers bedreven wordt.

ontuchtigheden, Dat is, geile en onkuische dartelheden.

Hertaald: ontuchtigheden, Dat is: geile en onkuise uitspattingen.

Romeinen 13 vers 14

doet aan Of, trekt aan; namelijk als uw kleed en wapen.

Hertaald: doet aan Of: trekt aan; namelijk als uw kleed en uw wapenrusting.

den Heere Jezus Christus, Namelijk aannemende door het geloof Zijne gerechtigheid, en al Zijne deugden navolgende, daarmede uwe ziel bekledende en versierende; Gal. 3:27 .

Hertaald: den Heere Jezus Christus, Namelijk door Zijn gerechtigheid door het geloof aan te nemen en al Zijn deugden na te volgen, en zo uw ziel daarmee te bekleden en te sieren; Gal. 3:27.

verzorgt Grieks, maakt geen voorzorg des vleesches.

Hertaald: verzorgt Grieks: draagt geen zorg voor het vlees.

het vlees niet Dat is, het lichaam, waarmede niet wordt verboden dat men het lichaam zou mogen verzorgen met een eerlijk kleed, spijs, drank, medicijnen en andere dingen tot onderhoud van hetzelve nodig; want dat wordt ook geprezen; Ef. 5:29 ; 1 Tim. 5:8 , 1 Tim. 5:23 , maar om het in zijn kwade lusten te voldoen; 1 Kor. 9:27 .

Hertaald: het vlees niet Dat is: het lichaam. Daarmee wordt niet verboden dat men voor het lichaam zorgt met fatsoenlijke kleding, voedsel, drank, geneesmiddelen en andere dingen die voor het onderhoud daarvan nodig zijn, want dat wordt juist geprezen; Ef. 5:29; 1 Tim. 5:8, 1 Tim. 5:23. Wat verboden wordt is het lichaam te verzorgen om aan zijn kwade lusten te voldoen; 1 Kor. 9:27.

begeerlijkheden Namelijk die strekken tot onmatigheid, hovaardij, gulzigheid, onkuischheid, om het daarin te voeden en zijn eis te geven; 1 Joh. 2:16 .

Hertaald: begeerlijkheden Namelijk de begeerten die uitlopen op onmatigheid, hoogmoed, gulzigheid en onkuisheid, om die te voeden en eraan toe te geven; 1 Joh. 2:16.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Overheid (onderworpen aan de machten)  — De christelijke plicht tot onderwerping aan de burgerlijke overheid, omdat alle macht die er is, van God geordineerd is

"Alle ziel zij den machten, over haar gesteld, onderworpen; want er is geen macht dan van God, en de machten, die er zijn, die zijn van God geordineerd" (Rom. 13:1); wie zich daartegen verzet, weerstaat Gods eigen ordinantie en haalt zich een oordeel op de hals (Rom. 13:2). De overheid draagt het zwaard niet tevergeefs, maar is "Gods dienares, een wreekster tot straf dengene, die kwaad doet" (Rom. 13:4).

Bijbelse betekenis: Dit is de meest uitgewerkte nieuwtestamentische tekst over de burgerlijke overheid, en bouwt voort op het grondbeginsel dat al bij Gen. 9 is gelegd, waar na de zondvloed het zwaardrecht tegen de doodslager werd ingesteld (reeds behandeld). Het gezag van de overheid is afgeleid van God, en niet van het volk of van zichzelf. Haar bevoegdheid om het zwaard te dragen is een uitvoering van diezelfde Goddelijke instelling. Waar Gen. 9 het beginsel van het zwaardrecht zelf geeft, werkt Rom. 13 de christelijke onderdanigheid eraan uit, met inbegrip van de belastingplicht (Rom. 13:6-7, niet apart aangehaald).

Typologie: Christus Zelf onderscheidt reeds tussen het rijk des keizers en het rijk Gods: "Geeft dan den keizer, dat des keizers is, en Gode, dat Gods is" (Matt. 22:21); Petrus herhaalt hetzelfde beginsel: "Zijt dan alle menselijke ordening onderdanig, om des Heeren wil" (1 Petr. 2:13-14).

Rom. 13:1-2,4; Matt. 22:21; 1 Petr. 2:13-14

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Romeinen 13

Romeinen 13:11-14

KruisverwijzingenGalaten 3:27Efeze 4:24Galaten 5:24Galaten 5:211 Petrus 2:11Efeze 5:141 Korinthe 15:34Romeinen 8:12
— En dit zeg ik te meer, dewijl wij de gelegenheid des tijds weten, dat het de ure is, dat wij nu uit den slaap opwaken; want de zaligheid is ons nu nader, dan toen wij eerst geloofd hebben. De nacht is voorbijgegaan, en de dag is nabij gekomen. Laat ons dan afleggen de werken der duisternis, en aandoen de wapenen des lichts. Laat ons, als in den dag, eerlijk wandelen; niet in brasserijen en dronkenschappen, niet in slaapkameren en ontuchtigheden, niet in twist en nijdigheid; Maar doet aan den Heere Jezus Christus, en verzorgt het vlees niet tot begeerlijkheden.

Paulus heeft ons aangespoord acht te geven op onze onderlinge verhoudingen. In onze rol als burgers gebiedt hij ons eer te bewijzen aan de overheid en aan hen die gezag hebben, en alle wettige lasten en belastingen te betalen. En hij zegt ons niemand iets schuldig te zijn dan elkaar lief te hebben. Vervolgens laat hij zien dat de wet van de liefde de samenvatting en het wezen is van heel die grote tafel van de wet met betrekking tot onze verhouding tot de naaste. Hij spoort ons aan die wet van de liefde te houden, de liefde steeds meer te tonen, en voegt daaraan de oproep toe om te “ontwaken.” Ik meen dat hij bedoelt dat veel christenen slaperig zijn wat betreft de wet van de liefde, wat betreft hun verplichtingen jegens anderen.

“Maar doet aan den Heere Jezus Christus, en verzorgt het vlees niet tot begeerlijkheden.” Christus moet in ons zijn voordat Hij op ons kan zijn. Christus moet door het geloof in het hart zijn voordat Hij door heiligheid in het leven kan zijn. Hebt u licht van een lantaarn nodig, dan is het eerste werk de kaars erbinnen aan te steken; en dan schijnt, als gevolg daarvan, het licht naar buiten, zichtbaar voor anderen. Wanneer Christus in ons gevormd is en onze hoop op heerlijkheid is, kunnen wij onze liefde voor Hem niet verbergen. Integendeel, wij tonen Hem in ons gedrag als de heerlijkheid van onze hoop. Zoals wij Christus van binnen hebben als onze Zaligmaker, het geheim van ons innerlijk leven, zo doen wij Christus aan als de luister van ons dagelijks leven. Het uiterlijke wordt verlicht door het innerlijke, en dit zal het wapen van het licht zijn dat elke soldaat van de Heere Jezus het voorrecht heeft te dragen. Zoals Christus ons voedsel is dat ons innerlijk wezen voedt, zo doen wij Hem aan als het kleed dat het uiterlijk bedekt. Een mens neemt zijn staf op voor een reis, of zijn zwaard voor de strijd, maar legt ze na verloop van tijd weer neer. U moet de Heere Jezus aandoen zoals u uw kleren aandoet, zodat Hij u bedekt en deel gaat uitmaken van uw uiterlijke verschijning, een zichtbaar deel van uw openbare persoonlijkheid.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content