Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar
De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.
Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is. De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen. De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler. De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders. Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften. Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is. De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas. Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd. Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen. Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten. © Teun van der Plas
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
1
LooftH1984 den HEEREH3068, alleH3605 heidenenH1471; prijstH7623 Hem, alleH3605 natienH523!
Looft den HEERE, alle heidenen; prijst Hem, alle natien!
KJV
O praise1
the LORD,3
all ye nations:5
praise6
him, all ye people.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
2
WantH3588 Zijn goedertierenheidH2617 is geweldigH1396 overH5921 ons, en de waarheidH571 des HEERENH3068 is in der eeuwigheidH5769! HallelujahH1984!
Want Zijn goedertierenheid is geweldig over ons, en de waarheid des HEEREN is in der eeuwigheid! Hallelujah!
KJV
For his merciful4
kindness
is great2
toward us: and the truth5
of the LORD6
endureth for ever.7
Praise8
ye the LORD.
Zijn goedertierenheid
In Christus over alle uitverkorenen bewezen.
Hertaald:
Zijn goedertierenheid
In Christus aan alle uitverkorenen bewezen.
geweldig over ons,
Of, treffelijk.
Hertaald:
geweldig over ons,
Of: uitnemend.
de waarheid des HEEREN
Dat is, de vastheid der belofte.
Hertaald:
de waarheid des HEEREN
Dat is: de vastheid van de belofte. © Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas "Looft den HEERE, alle heidenen; prijst Hem, alle natien! Want Zijn goedertierenheid is geweldig over ons, en de waarheid des HEEREN is in der eeuwigheid! Hallelujah!" (Ps. 117:1-2). Twee verzen, meer niet. Toch staan er twee dingen in die elkaar in evenwicht houden. De oproep gaat naar alle volken, en de reden is wat God aan Israël gedaan heeft: Zijn goedertierenheid is geweldig over óns. Bijbelse betekenis: De kortste psalm heeft het wijdste bereik. De heidenen worden opgeroepen God te loven om wat Hij aan een ander volk deed, en dat is minder vreemd dan het lijkt: wat aan Israël gebeurde, was van meet af bedoeld om de volken te bereiken. Merk op dat er niet gevraagd wordt of zij eerst iets ontvangen hebben. Zij loven om wat zij zien gebeuren aan anderen. Let ten slotte op het tweede woord van de reden: waarheid, dat hier trouw betekent. Gods goedertierenheid is groot en Zijn trouw duurt eeuwig; op die twee rust de hele lofzang. Typologie: Paulus haalt deze psalm aan als bewijs dat de heidenen van meet af in Gods plan begrepen waren: "Looft den Heere, al gij heidenen, en prijst Hem, al gij volken!" (Rom. 15:11). Ps. 117:1-2; Rom. 15:11 © Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas © 2026 Het Spurgeon Archief
Over deze StudieBijbel
De Bijbeltekst
De kanttekeningen
Het commentaar, de citaten en de overdenkingen
De verklaring van Dächsel
Namen, plaatsen en begrippen
Christus in dit hoofdstuk
Waarom deze uitgave bijzonder is
Psalmen 117
א
א
Kruisverwijzingen
Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Kanttekeningen
De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Bijbelse Begrippen
Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen


Psalmen 117
Spurgeon heeft geen commentaar gegeven op dit hoofdstuk.
© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas
De 117de Psalm is een meesterstuk des Heiligen Geestes, om met zo weinige woorden zo veel te zeggen; maar ook een toonbeeld, hoe iets wat de woorden aangaat, gemakkelijk en bekend kan zijn, terwijl het toch in zijne betekenis en kracht zo weinig wordt verstaan. Dezen kleinen Psalm zal ieder Jodenkind van buiten hebben gekend en toen het vervuld werd, is het zo weinig begrepen.
Op den dank-Psalm, den 116den, die in een Halleluja eindigt, volgt deze kleinste aller Psalmen, een Halleluja tot de heidenwereld, door Cassiodorus (een Oost-Gothisch staatsman van de zesde eeuw na Christus) Psalmorum quasi punctum (als het ware de punt der Psalmen) genoemd, omdat de punt het grondelement van alle geometrische figuren en de inhoud van dezen Psalm de grondstof van alle andere, ten minste van alle Messiaanse is.
Zonder twijfel schrijven wij hem, evenals den vorigen Psalm, aan Ezra als vervaardiger toe, alhoewel wij dezen in Ezra 9: 1-10: 44 zozeer tegen de huwelijken met vreemde vrouwen zien ijveren, want hoe groter en oprechter zulk een ijver, des te minder heeft het zeker den man Gods aan Goddelijk licht ontbroken omtrent het ware universalismus van den geopenbaarden godsdienst en het was hem, bij afzondering van Israël van de heidenwereld zeker ook behoefte, om de heidenwereld in te sluiten in de verwachtingen van Israël’s zegen.
Looft den HEERE, alle Heidenen! prijst Hem, alle natiën! (Rom. 15: 11).
Want zijns goedertierenheid is geweldig is bijzonder krachtig en groot over ons 1) en de waarheid des HEREN is in der eeuwigheid! Halleluja! 2)
In dit ons is Israël en de heidenwereld begrepen Wat God onder de O. Bedeling aan Israël had geschonken, was bestemd, om ook het eigendom der heidenwereld te worden, n.l. de openbaring van Zijn Wezen, maar dan in de volheid der Bedeling van het N. Verbond.
De beloften, die op de heidenen en hun bekering zien, zijn zeer vele in het Oude Testament; ook Israël’s roeping tot het zendingswerk is dikwijls genoeg uitgesproken; maar zo, gelijk de woorden hier staan, als ene vreugdevolle uitstorting des Geestes over alle heidenen en aan alle heidenen, opdat zij God, Jehova, zouden loven en prijzen voor Zijne heerlijk zich uitstorten den zegen en Zijne eeuwige waarheid, dat is enig in zijne soort, daarin ligt het zekerste bewijs, dat de verlossing Gods, hoewel die van de Joden komt, toch een algemeen goed van alle volkeren volgens Gods raadsbesluit moet worden.
De aansporing wordt tot alle volkeren zonder onderscheid en tot alle natiën zonder uitzondering gericht en heeft haren grond in de macht van de over Israël gebied voerende genade en de eeuwigheid van de waarheid van Jehova. Israël is de gemeente van genade en waarheid, de gemeente van Jehova heeft genade en waarheid ten grondslag van haar bestaan tot het leven van haar aanzijn, ten doel van hare verkondiging in woord en daad. Het zijn de Goddelijke machten, die zich in Israël eens volkomen openbaren en ontvouwen en van Israël uit de wereld zullen overwinnen; want de heidenen behoeven slechts aan den God der openbaring de ere te geven, zo worden zij deelgenoten van hetgeen Israël bezit, de overwinnende genade betoont zich ook aan hen krachtig en de eeuwige waarheid blijkt ook aan hen. Deze toekomst is het, die deze weinige gevleugelde woorden met alles omvattende liefde zouden willen verhaasten.
Zo alle heidenen God moeten loven, zo moet Hij te voren hun God worden; zal Hij God zijn, zo moeten zij Hem kennen en aan Hem geloven en alle afgoderij laten varen, naardien men God niet kan loven met enen mond vol afgodendienst, of met een ongelovig hart; zullen zij geloven, zo moeten zij te voren Zijn woord horen en daardoor den Heiligen Geest verkrijgen, die hun hart door het geloof reinigt en verlicht, want men kan niet tot het geloof komen, noch den Heiligen Geest ontvangen, of het woord moet eerst gehoord worden (Rom. 10: 14); zullen zij Zijn woord horen zo moeten er predikers tot hen worden gezonden, die hun Gods woord verkondigen, want alle heidenen kunnen niet naar Jeruzalem komen of onder het kleinen hoopje der Joden zich begeven. Zo spreekt de Psalmist ook hier niet: “alle gij heidenen komt naar Jeruzalem,” daar hij laat ze blijven waar ze zijn, en spreekt hen daar op hun plaats aan, dat zij God moeten loven.
Wat God aan Zijne kerk doet wordt ten zegen der gehele wereld.
Met dank aan OnlineBijbelverklaring.nl: Dachsel