Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Openbaring 2

1 Schrijf aan den engel der Gemeente van Efeze: Dit zegt Hij, Die de zeven sterren in Zijn rechter hand houdt, Die in het midden der zeven gouden kandelaren wandelt:
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 SchrijfG1125 aan den engelG32 der GemeenteG1577 van EfezeG2179: Dit zegtG3004 HijG846, Die de zevenG2033 sterrenG792 inG1722 Zijn rechterG1188 hand houdtG2902, Die inG1722 het middenG3319 der zevenG2033 goudenG5552 kandelarenG3087 wandeltG4043: Schrijf aan den engel der Gemeente van Efeze: Dit zegt Hij, Die de zeven sterren in Zijn rechter hand houdt, Die in het midden der zeven gouden kandelaren wandelt:

KJV Unto the angel2 of the church5 of Ephesus4 write;6 These things7 saith8 he that holdeth10 the seven12 stars13 in14 his17 right hand,16 who1 walketh19 in20 the midst21 of the seven23 golden26 candlesticks;

1 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 αγγελω G32 engel, engelen, engels angel, messenger 3 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 εφεσινης G2179 Efeze of Ephesus 5 εκκλησιας G1577 Gemeente, Gemeenten, gemeente assembly, church 6 γραψον G1125 geschreven, schrijf, schrijven describe, write(-ing, -ten) 7 ταδε G3592 deze, dit he, she, such, these, thus 8 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 9 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 κρατων G2902 grepen, houdt, vangen hold (by, fast), keep, lay hand (hold) on, obtain, retain, take (by) 11 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 επτα G2033 zeven, Zeven, zevende seven 13 αστερας G792 sterren, ster star 14 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 15 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 δεξια G1188 rechter, rechterhand, rechter- right (hand, side) 17 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 18 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 περιπατων G4043 wandelen, wandelt, wandelende go, be occupied with, walk (about) 20 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 21 μεσω G3319 midden, middernacht among, X before them, between, + forth, mid(-day, -night), midst, way 22 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 23 επτα G2033 zeven, Zeven, zevende seven 24 λυχνιων G3087 kandelaar, kandelaren candlestick 25 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 26 χρυσων G5552 gouden of gold, golden
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 Ik weet uw werken, en uw arbeid, en uw lijdzaamheid, en dat gij de kwaden niet kunt dragen; en dat gij beproefd hebt degenen, die uitgeven, dat zij apostelen zijn, en zij zijn het niet; en hebt ze leugenaars bevonden;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 Ik weetG1492 uw werkenG2041, enG2532 uw arbeidG2873, enG2532 uw lijdzaamheidG5281, enG2532 datG3754 gijG4771 de kwadenG2556 nietG3756 kuntG1410 dragenG941; enG2532 dat gij beproefdG3985 hebt degenen, die uitgevenG5335, dat zijG1510 apostelenG652 zijn, enG2532 zij zijn het nietG3756; enG2532 hebt zeG846 leugenaarsG5571 bevondenG2147; Ik weet uw werken, en uw arbeid, en uw lijdzaamheid, en dat gij de kwaden niet kunt dragen; en dat gij beproefd hebt degenen, die uitgeven, dat zij apostelen zijn, en zij zijn het niet; en hebt ze leugenaars bevonden;

KJV I know1 thy works,3 and5 thy labour,7 and9 thy patience,11 and13 how14 thou canst16 not15 bear17 them which are evil:18 and19 thou hast tried20 them which say22 they are apostles,24 and25 are not,26 and28 hast found29 them30 liars:

1 οιδα G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot 2 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 εργα G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 4 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 5 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 6 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 κοπον G2873 arbeid, moeite labour, + trouble, weariness 8 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 υπομονην G5281 lijdzaamheid, verdraagzaamheid, geduld enduring, patience, patient continuance (waiting) 12 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 15 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 16 δυνη G1410 kan, kunt, kon be able, can (do, + -not), could, may, might, be possible, be of power 17 βαστασαι G941 dragen, gedragen, draagt bear, carry, take up 18 κακους G2556 kwaad, kwade, kwaads bad, evil, harm, ill, noisome, wicked 19 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 20 επειρασω G3985 verzocht, verzoekende, verzoekt assay, examine, go about, prove, tempt(-er), try 21 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 φασκοντας G5335 uitgeven, uitgevende, zeggende affirm, profess, say 23 ειναι G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 24 αποστολους G652 apostelen, apostel, Apostel apostle, messenger, he that is sent 25 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 26 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 27 εισιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 28 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 29 ευρες G2147 gevonden, vinden, vonden find, get, obtain, perceive, see 30 αυτους G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 31 ψευδεις G5571 leugenaars, valse false, liar
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 En gij hebt verdragen, en hebt geduld; en gij hebt om Mijns Naams wil gearbeid, en zijt niet moede geworden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 En gij hebt verdragenG941, enG2532 hebt geduldG5281; enG2532 gij hebt omG1223 Mijns NaamsG3686 wil gearbeidG2872, enG2532 zijt nietG3756 moedeG2577 geworden. En gij hebt verdragen, en hebt geduld; en gij hebt om Mijns Naams wil gearbeid, en zijt niet moede geworden.

KJV And1 hast borne,2 and3 hast5 patience,4 and6 for7 my name's sake9 hast laboured,11 and12 hast14 not13 fainted.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εβαστασας G941 dragen, gedragen, draagt bear, carry, take up 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 υπομονην G5281 lijdzaamheid, verdraagzaamheid, geduld enduring, patience, patient continuance (waiting) 5 εχεις G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 δια G1223 door, om, vanwege after, always, among, at, to avoid, because of (that), briefly, by, for (cause) … fore, from, in, by occasion of, of, by reason of, for sake, that, thereby, therefore, X though, through(-out), to, wherefore, with (-in) 8 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 ονομα G3686 Naam, naam, name called, (+ sur-)name(-d) 10 μου G1473 mij, ik I, me 11 κεκοπιακας G2872 arbeiden, gearbeid, arbeide (bestow) labour, toil, be wearied 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 14 κεκμηκας G2577 moede, verflauwt, zieke faint, sick, be wearied
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Maar Ik heb tegen u, dat gij uw eerste liefde hebt verlaten.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 MaarG235 Ik heb tegenG2596 u, datG3754 gij uw eersteG4413 liefdeG26 hebtG2192 verlatenG863. Maar Ik heb tegen u, dat gij uw eerste liefde hebt verlaten.

KJV Nevertheless1 I have2 somewhat against3 thee, because5 thou hast left11 thy first10 love.

1 αλλ G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 2 εχω G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 3 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 4 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 5 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 6 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 αγαπην G26 liefde, liefdemaaltijden, liefhebben (feast of) charity(-ably), dear, love 8 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 9 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 πρωτην G4413 eerste, eersten, eerst before, beginning, best, chief(-est), first (of all), former 11 αφηκας G863 vergeven, verlaten, liet cry, forgive, forsake, lay aside, leave, let (alone, be, go, have), omit, put (send) away, remit, suffer, yield up
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Gedenk dan, waarvan gij uitgevallen zijt, en bekeer u, en doe de eerste werken; en zo niet, Ik zal u haastelijk bij komen, en zal uw kandelaar van zijn plaats weren, indien gij u niet bekeert.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 GedenkG3421 dan, waarvan gij uitgevallenG1601 zijt, en bekeerG3340 u, en doeG4160 de eersteG4413 werkenG2041; en zo nietG3361, Ik zal uG4771 haastelijkG5035 bij komenG2064, en zal uw kandelaarG3087 vanG1537 zijn plaatsG5117 werenG2795, indien gij u niet bekeertG3340. Gedenk dan, waarvan gij uitgevallen zijt, en bekeer u, en doe de eerste werken; en zo niet, Ik zal u haastelijk bij komen, en zal uw kandelaar van zijn plaats weren, indien gij u niet bekeert.

KJV Remember1 therefore2 from whence3 thou art fallen,4 and5 repent,6 and7 do11 the first9 works;10 or else I will come15 unto thee quickly,20 and22 will remove23 thy candlestick25 out of27 his30 place,29 except thou repent.

1 μνημονευε G3421 gedenkt, Gedenkt, Gedenk make mention; be mindful, remember 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 ποθεν G4159 vanwaar?, hoe? whence 4 εκπεπτωκας G1601 vervallen, afgevallen, uitgevallen be cast, fail, fall (away, off), take none effect 5 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 6 μετανοησον G3340 bekeerd, bekeert, bekeren repent 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 πρωτα G4413 eerste, eersten, eerst before, beginning, best, chief(-est), first (of all), former 10 εργα G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 11 ποιησον G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 12 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 13 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 14 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 15 ερχομαι G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 16 σοι G4771 u, gij, gijlieden thou 18 ταχει G5034 haast, haastelijk + quickly, + shortly, + speedily 20 ταχυ G5035 haastelijk, haastiglijk, haast lightly, quickly 22 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 23 κινησω G2795 schuddende, bewegen, bewogen (re-)move(-r), way 24 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 λυχνιαν G3087 kandelaar, kandelaren candlestick 26 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 27 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 28 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 29 τοπου G5117 plaats, plaatsen, Hoofdschedelplaats coast, licence, place, X plain, quarter, + rock, room, where 30 αυτης G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 31 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 32 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 33 μετανοησης G3340 bekeerd, bekeert, bekeren repent
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 Maar dit hebt gij, dat gij de werken der Nikolaieten haat, welke Ik ook haat.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 MaarG235 ditG3778 hebtG2192 gij, dat gij de werkenG2041 der NikolaietenG3531 haatG3404, welkeG3739 Ik ook haatG3404. Maar dit hebt gij, dat gij de werken der Nikolaieten haat, welke Ik ook haat.

KJV But1 this thou hast,3 that4 thou hatest5 the deeds7 of the Nicolaitans,9 which10 I also11 hate.

1 αλλα G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 2 τουτο G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 3 εχεις G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 4 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 5 μισεις G3404 haat, gehaat, haten hate(-ful) 6 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 εργα G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 8 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 νικολαιτων G3531 Nikolaieten Nicolaitane 10 α G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 11 καγω G2504 en ik, ook ik (and, even, even so, so) I (also, in like wise), both me, me also 12 μισω G3404 haat, gehaat, haten hate(-ful)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Die oren heeft, die hore wat de Geest tot de Gemeenten zegt. Die overwint, Ik zal hem geven te eten van den boom des levens, die in het midden van het paradijs Gods is.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 Die orenG3775 heeftG2192, die horeG191 wat de GeestG4151 tot de GemeentenG1577 zegtG3004. Die overwintG3528, Ik zal hemG846 gevenG1325 te etenG5315 vanG1537 den boomG3586 des levensG2222, dieG3739 inG1722 het middenG3319 van het paradijsG3857 GodsG2316 isG1510. Die oren heeft, die hore wat de Geest tot de Gemeenten zegt. Die overwint, Ik zal hem geven te eten van den boom des levens, die in het midden van het paradijs Gods is.

KJV He that hath2 an ear,3 let him hear4 what5 the Spirit7 saith8 unto the churches;10 To him14 that overcometh12 will I give13 to eat15 of16 the tree18 of life,20 which21 is in23 the midst24 of the paradise26 of God.

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 εχων G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 3 ους G3775 oren, oor ear 4 ακουσατω G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand 5 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 6 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 πνευμα G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 8 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 9 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 εκκλησιαις G1577 Gemeente, Gemeenten, gemeente assembly, church 11 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 νικωντι G3528 overwint, overwonnen, overwinnen conquer, overcome, prevail, get the victory 13 δωσω G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 14 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 15 φαγειν G5315 eten, gegeten, eet eat, meat 16 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 17 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 ξυλου G3586 hout, stokken, boom staff, stocks, tree, wood 19 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 ζωης G2222 leven, levens, Leven life(-time) 21 ο G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 22 εστιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 23 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 24 μεσω G3319 midden, middernacht among, X before them, between, + forth, mid(-day, -night), midst, way 25 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 26 παραδεισου G3857 paradijs, Paradijs paradise 27 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 28 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 En schrijf aan den engel der Gemeente van die van Smyrna: Dit zegt de Eerste en de Laatste, Die dood geweest is, en weder levend is geworden:
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 En schrijfG1125 aan den engelG32 der GemeenteG1577 van die van SmyrnaG4668: Dit zegtG3004 de EersteG4413 enG2532 de LaatsteG2078, DieG3739 doodG3498 geweestG1096 is, enG2532 weder levendG2198 is geworden: En schrijf aan den engel der Gemeente van die van Smyrna: Dit zegt de Eerste en de Laatste, Die dood geweest is, en weder levend is geworden:

KJV And1 unto the angel3 of the church5 in Smyrna6 write;7 These things8 saith9 the first11 and12 the last,14 which15 was16 dead,17 and18 is alive;

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 αγγελω G32 engel, engelen, engels angel, messenger 4 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 εκκλησιας G1577 Gemeente, Gemeenten, gemeente assembly, church 6 σμυρναιων G4668 Smyrna in Smyrna 7 γραψον G1125 geschreven, schrijf, schrijven describe, write(-ing, -ten) 8 ταδε G3592 deze, dit he, she, such, these, thus 9 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 10 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 πρωτος G4413 eerste, eersten, eerst before, beginning, best, chief(-est), first (of all), former 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 εσχατος G2078 laatste, laatsten, Laatste ends of, last, latter end, lowest, uttermost 15 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 16 εγενετο G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 17 νεκρος G3498 doden, dood, dode dead 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 εζησεν G2198 leven, levenden, leeft life(-time), (a-)live(-ly), quick
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Ik weet uw werken, en verdrukking, en armoede (doch gij zijt rijk), en de lastering dergenen, die zeggen, dat zij Joden zijn, en zijn het niet, maar zijn een synagoge des satans.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 Ik weetG1492 uw werkenG2041, en verdrukkingG2347, en armoedeG4432 (doch gijG4771 zijtG1510 rijkG4145), en de lasteringG988 dergenen, die zeggenG3004, dat zij JodenG2453 zijnG1510, en zijn het nietG3756, maar zijnG1510 een synagogeG4864 des satansG4567. Ik weet uw werken, en verdrukking, en armoede (doch gij zijt rijk), en de lastering dergenen, die zeggen, dat zij Joden zijn, en zijn het niet, maar zijn een synagoge des satans.

KJV I know1 thy works,4 and5 tribulation,7 and8 poverty,10 (but12 thou art rich)11 and14 I know the blasphemy16 of them which3 say18 they21 are Jews,19 and22 are not,23 but25 are the synagogue26 of Satan.

1 οιδα G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot 2 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 3 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 εργα G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 5 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 6 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 θλιψιν G2347 verdrukking, verdrukkingen, Verdrukking afflicted(-tion), anguish, burdened, persecution, tribulation, trouble 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 πτωχειαν G4432 armoede poverty 11 πλουσιος G4145 rijk, rijken, rijke rich 12 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 13 ει G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 βλασφημιαν G988 lastering, lasteringen blasphemy, evil speaking, railing 17 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 λεγοντων G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 19 ιουδαιους G2453 Joden, Jood, JODEN Jew(-ess), of Judæa 20 ειναι G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 21 εαυτους G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 22 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 23 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 24 εισιν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 25 αλλα G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 26 συναγωγη G4864 synagoge, synagogen, vergadering assembly, congregation, synagogue 27 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 28 σατανα G4567 satan, satanas, satans Satan
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 Vrees geen der dingen, die gij lijden zult. Ziet, de duivel zal enigen van ulieden in de gevangenis werpen, opdat gij verzocht wordt; en gij zult een verdrukking hebben van tien dagen. Zijt getrouw tot den dood, en Ik zal u geven de kroon des levens.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 VreesG5399 geen der dingen, dieG3739 gij lijdenG3958 zult. ZietG3708, de duivelG1228 zal enigen van ulieden inG1519 de gevangenisG5438 werpenG906, opdatG2443 gij verzochtG3985 wordtG1096; enG2532 gij zult een verdrukkingG2347 hebbenG2192 vanG1537 tienG1176 dagenG2250. Zijt getrouwG4103 tot den doodG2288, enG2532 Ik zal uG4771 gevenG1325 de kroonG4735 des levensG2222. Vrees geen der dingen, die gij lijden zult. Ziet, de duivel zal enigen van ulieden in de gevangenis werpen, opdat gij verzocht wordt; en gij zult een verdrukking hebben van tien dagen. Zijt getrouw tot den dood, en Ik zal u geven de kroon des levens.

KJV Fear2 none1 of those things which3 thou shalt4 suffer:5 behold, the devil12 shall7 cast8 some of9 you into13 prison,14 that15 ye may be tried;16 and17 ye shall have18 tribulation19 ten21 days:20 be thou22 faithful23 unto24 death,25 and26 I will give27 thee a crown30 of life.

1 μηδεν G3367 niemand, niets, ding any (man, thing), no (man), none, not (at all, any man, a whit), nothing, + without delay 2 φοβου G5399 bevreesd, vreest, vreesden be (+ sore) afraid, fear (exceedingly), reverence 3 α G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 4 μελλεις G3195 toekomende, toekomenden, komen about, after that, be (almost), (that which is, things, + which was for) to come, intend, was to (be), mean, mind, be at the point, (be) ready, + return, shall (begin), (which, that) should (after, afterwards, hereafter) tarry, which was for, will, would, be yet 5 πασχειν G3958 lijden, geleden, lijdt feel, passion, suffer, vex 6 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 7 μελλει G3195 toekomende, toekomenden, komen about, after that, be (almost), (that which is, things, + which was for) to come, intend, was to (be), mean, mind, be at the point, (be) ready, + return, shall (begin), (which, that) should (after, afterwards, hereafter) tarry, which was for, will, would, be yet 8 βαλειν G906 geworpen, wierp, werpen arise, cast (out), X dung, lay, lie, pour, put (up), send, strike, throw (down), thrust 9 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 10 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 11 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 διαβολος G1228 duivel, duivels, lasteressen false accuser, devil, slanderer 13 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 14 φυλακην G5438 gevangenis, gevangenissen, wake cage, hold, (im-)prison(-ment), ward, watch 15 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 16 πειρασθητε G3985 verzocht, verzoekende, verzoekt assay, examine, go about, prove, tempt(-er), try 17 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 18 εξετε G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 19 θλιψιν G2347 verdrukking, verdrukkingen, Verdrukking afflicted(-tion), anguish, burdened, persecution, tribulation, trouble 20 ημερων G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 21 δεκα G1176 tien, achttien (eight-)een, ten 22 γινου G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 23 πιστος G4103 getrouw, getrouwe, gelovigen believe(-ing, -r), faithful(-ly), sure, true 24 αχρι G891 tot, totdat, zolang als as far as, for, in(-to), till, (even, un-)to, until, while 25 θανατου G2288 dood, doods, dodelijke X deadly, (be…) death 26 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 27 δωσω G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 28 σοι G4771 u, gij, gijlieden thou 29 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 30 στεφανον G4735 kroon, kronen, doornenkroon crown 31 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 32 ζωης G2222 leven, levens, Leven life(-time)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 Die oren heeft, die hore wat de Geest tot de Gemeenten zegt. Die overwint, zal van den tweeden dood niet beschadigd worden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 Die orenG3775 heeftG2192, die horeG191 watG5101 de GeestG4151 tot de GemeentenG1577 zegtG3004. Die overwintG3528, zal vanG1537 den tweedenG1208 doodG2288 niet beschadigdG91 worden. Die oren heeft, die hore wat de Geest tot de Gemeenten zegt. Die overwint, zal van den tweeden dood niet beschadigd worden.

KJV He that hath2 an ear,3 let him hear4 what5 the Spirit7 saith8 unto the churches;10 He that overcometh12 shall15 not be hurt of16 the second20 death.

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 εχων G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 3 ους G3775 oren, oor ear 4 ακουσατω G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand 5 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 6 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 πνευμα G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 8 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 9 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 εκκλησιαις G1577 Gemeente, Gemeenten, gemeente assembly, church 11 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 νικων G3528 overwint, overwonnen, overwinnen conquer, overcome, prevail, get the victory 13 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 14 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 15 αδικηθη G91 onrecht, beschadigen, ongelijk hurt, injure, be an offender, be unjust, (do, suffer, take) wrong 16 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 17 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 θανατου G2288 dood, doods, dodelijke X deadly, (be…) death 19 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 δευτερου G1208 tweede, tweeden, tweeden male afterward, again, second(-arily, time)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 En schrijf aan den engel der Gemeente, die in Pergamus is: Dit zegt Hij, Die het tweesnijdend scherp zwaard heeft:
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 EnG2532 schrijfG1125 aan den engelG32 der GemeenteG1577, die inG1722 PergamusG4010 is: Dit zegtG3004 Hij, Die het tweesnijdendG1366 scherpG3691 zwaardG4501 heeftG2192: En schrijf aan den engel der Gemeente, die in Pergamus is: Dit zegt Hij, Die het tweesnijdend scherp zwaard heeft:

KJV And1 to the angel3 of the church7 in5 Pergamos6 write;8 These things9 saith10 he which hath12 the sharp18 sword14 with two edges;

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 αγγελω G32 engel, engelen, engels angel, messenger 4 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 6 περγαμω G4010 Pergamus Pergamos 7 εκκλησιας G1577 Gemeente, Gemeenten, gemeente assembly, church 8 γραψον G1125 geschreven, schrijf, schrijven describe, write(-ing, -ten) 9 ταδε G3592 deze, dit he, she, such, these, thus 10 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 11 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 εχων G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 13 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 ρομφαιαν G4501 zwaard sword 15 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 διστομον G1366 tweesnijdend with two edges, two-edged 17 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 οξειαν G3691 scherpe, scherp, snel sharp, swift
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Ik weet uw werken, en waar gij woont; namelijk daar de troon des satans is, en gij houdt Mijn Naam, en hebt Mijn geloof niet verloochend, ook in die dagen, in welke Antipas, Mijn getrouwe getuige was, welke gedood is bij ulieden, daar de satan woont.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 IkG1473 weetG1492 uw werkenG2041, enG2532 waar gijG4771 woontG2730; namelijk daar de troonG2362 des satansG4567 is, enG2532 gijG4771 houdtG2902 MijnG3450 NaamG3686, en hebt MijnG3450 geloofG4102 nietG3756 verloochendG720, ookG2532 inG1722 die dagenG2250, inG1722 welkeG3739 AntipasG493, MijnG3450 getrouweG4103 getuigeG3144 was, welkeG3739 gedoodG615 is bij ulieden, daar de satanG4567 woontG2730. Ik weet uw werken, en waar gij woont; namelijk daar de troon des satans is, en gij houdt Mijn Naam, en hebt Mijn geloof niet verloochend, ook in die dagen, in welke Antipas, Mijn getrouwe getuige was, welke gedood is bij ulieden, daar de satan woont.

KJV I know1 thy works,3 and5 where6 thou dwellest,7 even where8 Satan's12 seat10 is: and13 thou holdest fast14 my name,16 and18 hast20 not19 denied my faith,22 even24 in25 those days27 wherein28 Antipas30 was my faithful35 martyr,32 who29 was slain37 among38 you, where40 Satan43 dwelleth.

1 οιδα G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot 2 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 εργα G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 4 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 5 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 6 που G4226 waar where, whither 7 κατοικεις G2730 wonen, woont, woonden dwell(-er), inhabitant(-ter) 8 οπου G3699 waar, waarheen in what place, where(-as, -soever), whither (+ soever) 9 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 θρονος G2362 troon, tronen, troons seat, throne 11 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 σατανα G4567 satan, satanas, satans Satan 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 κρατεις G2902 grepen, houdt, vangen hold (by, fast), keep, lay hand (hold) on, obtain, retain, take (by) 15 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 ονομα G3686 Naam, naam, name called, (+ sur-)name(-d) 17 μου G1473 mij, ik I, me 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 20 ηρνησω G720 verloochend, verloochenen, loochende deny, refuse 21 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 πιστιν G4102 geloof, geloofs, gelove assurance, belief, believe, faith, fidelity 23 μου G1473 mij, ik I, me 24 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 25 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 26 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 27 ημεραις G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 28 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 29 αις G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 30 αντιπας G493 Antipas Antipas 31 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 32 μαρτυς G3144 getuigen, getuige, Getuige martyr, record, witness 33 μου G1473 mij, ik I, me 34 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 35 πιστος G4103 getrouw, getrouwe, gelovigen believe(-ing, -r), faithful(-ly), sure, true 36 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 37 απεκτανθη G615 doden, gedood, doodden put to death, kill, slay 38 παρ G3844 van, bij, naast above, against, among, at, before, by, contrary to, X friend, from, + give (such things as they), + that (she) had, X his, in, more than, nigh unto, (out) of, past, save, side…by, in the sight of, than, (there-)fore, with 39 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 40 οπου G3699 waar, waarheen in what place, where(-as, -soever), whither (+ soever) 41 κατοικει G2730 wonen, woont, woonden dwell(-er), inhabitant(-ter) 42 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 43 σατανας G4567 satan, satanas, satans Satan

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Maar Ik heb enige weinige dingen tegen u, dat gij aldaar hebt, die de lering van Balaam houden, die Balak leerde den kinderen Israels een aanstoot voor te werpen, opdat zij zouden afgodenoffer eten en hoereren.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 MaarG235 Ik hebG2192 enige weinigeG3641 dingen tegenG2596 u, dat gij aldaar hebtG2192, die de leringG1322 van BalaamG903 houdenG2902, dieG3739 BalakG904 leerdeG1722 den kinderenG5207 IsraelsG2474 een aanstootG4625 voor te werpenG906, opdat zij zouden afgodenofferG1494 etenG5315 enG2532 hoererenG4203. Maar Ik heb enige weinige dingen tegen u, dat gij aldaar hebt, die de lering van Balaam houden, die Balak leerde den kinderen Israels een aanstoot voor te werpen, opdat zij zouden afgodenoffer eten en hoereren.

KJV But1 I have2 a few things5 against3 thee, because6 thou hast7 there8 them that hold9 the doctrine11 of Balaam,12 who13 taught16 Balac21 to cast22 a stumblingblock23 before24 the children26 of Israel,27 to eat28 things sacrificed unto idols,29 and30 to commit fornication.

1 αλλ G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 2 εχω G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 3 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 4 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 5 ολιγα G3641 weinig, weinige, weinigen + almost, brief(-ly), few, (a) little, + long, a season, short, small, a while 6 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 7 εχεις G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 8 εκει G1563 daar, aldaar there, thither(-ward), (to) yonder (place) 9 κρατουντας G2902 grepen, houdt, vangen hold (by, fast), keep, lay hand (hold) on, obtain, retain, take (by) 10 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 διδαχην G1322 leer, lering, leringen doctrine, hath been taught 12 βαλααμ G903 Balaam Balaam 13 ος G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 14 εδιδασκεν G1321 lerende, leerde, leren teach 16 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 17 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 βαλακ G904 Balak Balac 22 βαλειν G906 geworpen, wierp, werpen arise, cast (out), X dung, lay, lie, pour, put (up), send, strike, throw (down), thrust 23 σκανδαλον G4625 ergernis, ergernissen, aanstoot occasion to fall (of stumbling), offence, thing that offends, stumblingblock 24 ενωπιον G1799 voor het aangezicht van, in tegenwoordigheid van before, in the presence (sight) of, to 25 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 26 υιων G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 27 ισραηλ G2474 Israels, Israel Israel 28 φαγειν G5315 eten, gegeten, eet eat, meat 29 ειδωλοθυτα G1494 afgoden, afgodenoffer (meat, thing that is) offered (in sacrifice, sacrificed) to (unto) idols 30 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 31 πορνευσαι G4203 gehoereerd, hoereren, hoererij bedrijft commit (fornication)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 Alzo hebt ook gij, die de lering der Nikolaieten houden; hetwelk Ik haat.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 AlzoG3779 hebtG2192 ookG2532 gijG4771, die de leringG1322 der NikolaietenG3531 houdenG2902; hetwelkG3739 Ik haatG3404. Alzo hebt ook gij, die de lering der Nikolaieten houden; hetwelk Ik haat.

KJV So1 hast2 thou4 also3 them that hold5 the doctrine7 of the Nicolaitans,9 which thing10 I hate.

1 ουτως G3779 alzo, aldus, zo after that, after (in) this manner, as, even (so), for all that, like(-wise), no more, on this fashion(-wise), so (in like manner), thus, what 2 εχεις G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 συ G4771 u, gij, gijlieden thou 5 κρατουντας G2902 grepen, houdt, vangen hold (by, fast), keep, lay hand (hold) on, obtain, retain, take (by) 6 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 διδαχην G1322 leer, lering, leringen doctrine, hath been taught 8 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 νικολαιτων G3531 Nikolaieten Nicolaitane 10 ο G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 11 μισω G3404 haat, gehaat, haten hate(-ful)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 Bekeer u; en zo niet, Ik zal u haastelijk bij komen, en zal tegen hen krijg voeren met het zwaard Mijns monds.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 BekeerG3340 u; en zoG1487 nietG3361, IkG1473 zal u haastelijkG5035 bijG1722 komenG2064, en zal tegen henG846 krijg voerenG4170 met het zwaardG4501 Mijns mondsG4750. Bekeer u; en zo niet, Ik zal u haastelijk bij komen, en zal tegen hen krijg voeren met het zwaard Mijns monds.

KJV Repent;1 or else I will come5 unto thee quickly,7 and8 will fight9 against10 them11 with12 the sword14 of my mouth.

1 μετανοησον G3340 bekeerd, bekeert, bekeren repent 2 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 3 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 4 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 5 ερχομαι G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 6 σοι G4771 u, gij, gijlieden thou 7 ταχυ G5035 haastelijk, haastiglijk, haast lightly, quickly 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 πολεμησω G4170 krijg voeren, voert krijg, krijgde fight, (make) war 10 μετ G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 11 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 12 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 13 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 ρομφαια G4501 zwaard sword 15 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 στοματος G4750 mond, monde, monden edge, face, mouth 17 μου G1473 mij, ik I, me
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 Die oren heeft, die hore, wat de Geest tot de Gemeenten zegt. Die overwint, Ik zal hem geven te eten van het manna, dat verborgen is, en Ik zal hem geven een witten keursteen, en op den keursteen een nieuwen naam geschreven, welken niemand kent, dan die hem ontvangt.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 Die orenG3775 heeftG2192, die horeG191, wat de GeestG4151 tot de GemeentenG1577 zegtG3004. Die overwintG3528, Ik zal hemG846 gevenG1325 te etenG5315 vanG575 het mannaG3131, dat verborgenG2928 is, enG2532 Ik zal hemG846 gevenG1325 een wittenG3022 keursteenG5586, enG2532 opG1909 den keursteenG5586 een nieuwenG2537 naamG3686 geschrevenG1125, welkenG3739 niemandG3762 kentG1097, dan die hem ontvangtG2983. Die oren heeft, die hore, wat de Geest tot de Gemeenten zegt. Die overwint, Ik zal hem geven te eten van het manna, dat verborgen is, en Ik zal hem geven een witten keursteen, en op den keursteen een nieuwen naam geschreven, welken niemand kent, dan die hem ontvangt.

KJV He that hath2 an ear,3 let him hear4 what5 the Spirit7 saith8 unto the churches;10 To him14 that overcometh12 will I give13 to eat15 of16 the hidden20 manna,18 and21 will give22 him23 a white25 stone,24 and26 in27 the stone29 a new31 name30 written,32 which33 no man34 knoweth35 saving he that receiveth

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 εχων G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 3 ους G3775 oren, oor ear 4 ακουσατω G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand 5 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 6 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 πνευμα G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 8 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 9 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 εκκλησιαις G1577 Gemeente, Gemeenten, gemeente assembly, church 11 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 νικωντι G3528 overwint, overwonnen, overwinnen conquer, overcome, prevail, get the victory 13 δωσω G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 14 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 15 φαγειν G5315 eten, gegeten, eet eat, meat 16 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 17 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 μαννα G3131 Manna, manna manna 19 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 κεκρυμμενου G2928 verborgen, verborg, bedekt hide (self), keep secret, secret(-ly) 21 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 22 δωσω G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 23 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 24 ψηφον G5586 keursteen stone, voice 25 λευκην G3022 witte, wit, witten white 26 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 27 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 28 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 29 ψηφον G5586 keursteen stone, voice 30 ονομα G3686 Naam, naam, name called, (+ sur-)name(-d) 31 καινον G2537 nieuw, nieuwe, nieuwen new 32 γεγραμμενον G1125 geschreven, schrijf, schrijven describe, write(-ing, -ten) 33 ο G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 34 ουδεις G3762 niemand, niets, Niemand any (man), aught, man, neither any (thing), never (man), no (man), none (+ of these things), not (any, at all, -thing), nought 35 εγνω G1097 gekend, weten, kent allow, be aware (of), feel, (have) know(-ledge), perceived, be resolved, can speak, be sure, understand 36 ει G1487 indien, zo, of forasmuch as, if, that, (al-)though, whether 37 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 38 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 39 λαμβανων G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 En schrijf aan den engel der Gemeente te Thyatire: Dit zegt de Zoon van God, Die Zijn ogen heeft als een vlam vuurs, en Zijn voeten zijn blinkend koper gelijk:
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 EnG2532 schrijfG1125 aan den engelG32 der GemeenteG1577 te ThyatireG2363: Dit zegtG3004 de ZoonG5207 van GodG2316, Die Zijn ogenG3788 heeftG2192 alsG5613 een vlamG5395 vuursG4442, enG2532 Zijn voetenG4228 zijn blinkend koperG5474 gelijk: En schrijf aan den engel der Gemeente te Thyatire: Dit zegt de Zoon van God, Die Zijn ogen heeft als een vlam vuurs, en Zijn voeten zijn blinkend koper gelijk:

KJV And1 unto the angel3 of the church7 in5 Thyatira6 write;8 These things9 saith10 the Son12 of God,14 who2 hath16 his19 eyes18 like20 unto a flame21 of fire,22 and23 his26 feet25 are like27 fine brass;

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 αγγελω G32 engel, engelen, engels angel, messenger 4 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 6 θυατειροις G2363 Thyatire, Thyatira Thyatira 7 εκκλησιας G1577 Gemeente, Gemeenten, gemeente assembly, church 8 γραψον G1125 geschreven, schrijf, schrijven describe, write(-ing, -ten) 9 ταδε G3592 deze, dit he, she, such, these, thus 10 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 11 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 υιος G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 13 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 θεου G2316 God, Gods, Gode X exceeding, God, god(-ly, -ward) 15 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 εχων G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 17 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 οφθαλμους G3788 ogen, oog, Ogen eye, sight 19 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 20 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 21 φλογα G5395 vlam, vlammend, vlammig flame(-ing) 22 πυρος G4442 vuur, vuurs, vurigen fiery, fire 23 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 24 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 ποδες G4228 voeten, voet, voetstap foot(-stool) 26 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 27 ομοιοι G3664 hoornen, gelijke like, + manner 28 χαλκολιβανω G5474 blinkend koper fine brass
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
19 Ik weet uw werken, en liefde, en dienst, en geloof, en uw lijdzaamheid, en uw werken, en dat de laatste meer zijn dan de eerste.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

19 Ik weetG1492 uw werkenG2041, enG2532 liefdeG26, enG2532 dienstG1248, enG2532 geloofG4102, enG2532 uw lijdzaamheidG5281, enG2532 uw werkenG2041, enG2532 dat de laatsteG2078 meer zijn dan de eersteG4413. Ik weet uw werken, en liefde, en dienst, en geloof, en uw lijdzaamheid, en uw werken, en dat de laatste meer zijn dan de eerste.

KJV I know1 thy works,4 and5 charity,7 and8 service,10 and11 faith,13 and14 thy patience,16 and18 thy works;20 and22 the last24 to be more than the first.

1 οιδα G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot 2 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 3 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 εργα G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 5 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 6 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 αγαπην G26 liefde, liefdemaaltijden, liefhebben (feast of) charity(-ably), dear, love 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 διακονιαν G1248 bediening, dienst, bedienen (ad-)minister(-ing, -tration, -try), office, relief, service(-ing) 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 πιστιν G4102 geloof, geloofs, gelove assurance, belief, believe, faith, fidelity 14 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 15 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 υπομονην G5281 lijdzaamheid, verdraagzaamheid, geduld enduring, patience, patient continuance (waiting) 17 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 εργα G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 21 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 22 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 23 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 24 εσχατα G2078 laatste, laatsten, Laatste ends of, last, latter end, lowest, uttermost 25 πλειονα G4183 vele, velen, veel abundant, + altogether, common, + far (passed, spent), (+ be of a) great (age, deal, -ly, while), long, many, much, oft(-en (-times)), plenteous, sore, straitly 26 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 27 πρωτων G4413 eerste, eersten, eerst before, beginning, best, chief(-est), first (of all), former
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
20 Maar Ik heb enige weinige dingen tegen u, dat gij de vrouw Jezabel, die zichzelve zegt een profetes te zijn, laat leren, en Mijn dienstknechten verleiden, dat zij hoereren en afgodenoffer eten.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

20 MaarG235 Ik hebG2192 enige weinigeG3641 dingen tegenG2596 u, datG3754 gij de vrouwG1135 JezabelG2403, die zichzelve zegtG3004 een profetesG4398 te zijn, laat lerenG1321, enG2532 MijnG1699 dienstknechtenG1401 verleidenG4105, dat zij hoererenG4203 enG2532 afgodenofferG1494 etenG5315. Maar Ik heb enige weinige dingen tegen u, dat gij de vrouw Jezabel, die zichzelve zegt een profetes te zijn, laat leren, en Mijn dienstknechten verleiden, dat zij hoereren en afgodenoffer eten.

Ook in dit vers zelveG1438

KJV Notwithstanding1 I have2 a few things5 against3 thee, because6 thou sufferest7 that woman9 Jezebel,10 which8 calleth12 herself13 a prophetess,14 to teach15 and16 to seduce17 my18 servants19 to commit fornication,20 and21 to eat23 things sacrificed unto idols.

1 αλλ G235 maar, doch and, but (even), howbeit, indeed, nay, nevertheless, no, notwithstanding, save, therefore, yea, yet 2 εχω G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 3 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 4 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 5 ολιγα G3641 weinig, weinige, weinigen + almost, brief(-ly), few, (a) little, + long, a season, short, small, a while 6 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 7 εας G1439 laten, liet, lieten commit, leave, let (alone), suffer 8 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 γυναικα G1135 vrouw, vrouwen, Vrouw wife, woman 10 ιεζαβηλ G2403 Jezabel Jezabel 11 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 λεγουσαν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 13 εαυτην G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 14 προφητιν G4398 profetes, profetesse prophetess 15 διδασκειν G1321 lerende, leerde, leren teach 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 πλανασθαι G4105 verleiden, Dwaalt, verleid go astray, deceive, err, seduce, wander, be out of the way 18 εμους G1699 Mijn, mijne, Mijnen of me, mine (own), my 19 δουλους G1401 dienstknecht, dienstknechten, dienstknechts bond(-man), servant 20 πορνευσαι G4203 gehoereerd, hoereren, hoererij bedrijft commit (fornication) 21 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 22 ειδωλοθυτα G1494 afgoden, afgodenoffer (meat, thing that is) offered (in sacrifice, sacrificed) to (unto) idols 23 φαγειν G5315 eten, gegeten, eet eat, meat
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
21 En Ik heb haar tijd gegeven, opdat zij zich zou bekeren van haar hoererij, en zij heeft zich niet bekeerd.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

21 En Ik heb haar tijdG5550 gegevenG1325, opdatG2443 zij zich zou bekerenG3340 vanG1537 haar hoererijG4202, enG2532 zijG846 heeft zich nietG3756 bekeerdG3340. En Ik heb haar tijd gegeven, opdat zij zich zou bekeren van haar hoererij, en zij heeft zich niet bekeerd.

KJV And1 I gave2 her3 space4 to5 repent6 of7 her10 fornication;9 and11 she repented13 not.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 εδωκα G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 3 αυτη G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 χρονον G5550 tijd, tijden, tijds + years old, season, space, (X often-)time(-s), (a) while 5 ινα G2443 opdat, dat, wil albeit, because, to the intent (that), lest, so as, (so) that, (for) to 6 μετανοηση G3340 bekeerd, bekeert, bekeren repent 7 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 8 της G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 πορνειας G4202 hoererij, hoererijen fornication 10 αυτης G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 13 μετενοησεν G3340 bekeerd, bekeert, bekeren repent
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
22 Zie, Ik werp haar te bed, en die met haar overspel bedrijven, in grote verdrukking, zo zij zich niet bekeren van hun werken.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

22 ZieG2400, IkG1473 werpG906 haarG846 te bedG2825, enG2532 die metG1537 haar overspel bedrijvenG3431, inG1519 groteG3173 verdrukkingG2347, zoG1437 zij zich nietG3361 bekerenG3340 van hunG846 werkenG2041. Zie, Ik werp haar te bed, en die met haar overspel bedrijven, in grote verdrukking, zo zij zich niet bekeren van hun werken.

KJV Behold, I2 will cast3 her4 into5 a bed,6 and7 them that commit adultery9 with10 her11 into12 great14 tribulation,13 except they repent17 of18 their21 deeds.

1 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 2 εγω G1473 mij, ik I, me 3 βαλλω G906 geworpen, wierp, werpen arise, cast (out), X dung, lay, lie, pour, put (up), send, strike, throw (down), thrust 4 αυτην G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 6 κλινην G2825 bed, bedden bed, table 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 μοιχευοντας G3431 overspel, overspel bedrijven, overspel begaande commit adultery 10 μετ G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 11 αυτης G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 12 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 13 θλιψιν G2347 verdrukking, verdrukkingen, Verdrukking afflicted(-tion), anguish, burdened, persecution, tribulation, trouble 14 μεγαλην G3173 grote, groot, groten (+ fear) exceedingly, great(-est), high, large, loud, mighty, + (be) sore (afraid), strong, X to years 15 εαν G1437 indien, zo, ware before, but, except, (and) if, (if) so, (what-, whither-)soever, though, when (-soever), whether (or), to whom, (who-)so(-ever) 16 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 17 μετανοησωσιν G3340 bekeerd, bekeert, bekeren repent 18 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 19 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 εργων G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 21 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
23 En haar kinderen zal Ik door den dood ombrengen; en al de Gemeenten zullen weten, dat Ik het ben, Die nieren en harten onderzoek. En Ik zal ulieden geven een iegelijk naar uw werken.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

23 EnG2532 haarG846 kinderenG5043 zal Ik door den doodG2288 ombrengenG615; enG2532 alG3956 de GemeentenG1577 zullen wetenG1097, datG3754 IkG1473 het benG1510, Die nierenG3510 enG2532 hartenG2588 onderzoekG2045. EnG2532 Ik zal ulieden gevenG1325 een iegelijkG1538 naarG2596 uw werkenG2041. En haar kinderen zal Ik door den dood ombrengen; en al de Gemeenten zullen weten, dat Ik het ben, Die nieren en harten onderzoek. En Ik zal ulieden geven een iegelijk naar uw werken.

KJV And1 I will kill5 her4 children3 with6 death;7 and8 all10 the churches12 shall know9 that13 I14 am15 he which2 searcheth17 the reins18 and19 hearts:20 and21 I will give22 unto every one24 of you according to25 your works.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 τεκνα G5043 kinderen, kind, zoon child, daughter, son 4 αυτης G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 αποκτενω G615 doden, gedood, doodden put to death, kill, slay 6 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 7 θανατω G2288 dood, doods, dodelijke X deadly, (be…) death 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 γνωσονται G1097 gekend, weten, kent allow, be aware (of), feel, (have) know(-ledge), perceived, be resolved, can speak, be sure, understand 10 πασαι G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 11 αι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 εκκλησιαι G1577 Gemeente, Gemeenten, gemeente assembly, church 13 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 14 εγω G1473 mij, ik I, me 15 ειμι G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 16 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 ερευνων G2045 Onderzoek, Onderzoekt, geschiedOnderzoekende search 18 νεφρους G3510 nieren reins 19 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 20 καρδιας G2588 hart, harten, harte (+ broken-)heart(-ed) 21 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 22 δωσω G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 23 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 24 εκαστω G1538 iegelijk, elk, iegelijks any, both, each (one), every (man, one, woman), particularly 25 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 26 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 27 εργα G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 28 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
24 Doch Ik zeg ulieden, en tot de anderen, die te Thyatire zijn, zovelen, als er deze leer niet hebben, en die de diepten des satans niet gekend hebben, gelijk zij zeggen: Ik zal u geen anderen last opleggen;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

24 DochG1161 Ik zegG3004 ulieden, en totG1909 de anderenG3062, die te ThyatireG2363 zijn, zovelenG3745, als er deze leerG1322 nietG3756 hebbenG2192, en die de dieptenG899 des satansG4567 nietG3756 gekendG1097 hebben, gelijkG5613 zij zeggenG3004: Ik zal uG4771 geenG3756 anderen lastG922 opleggenG906; Doch Ik zeg ulieden, en tot de anderen, die te Thyatire zijn, zovelen, als er deze leer niet hebben, en die de diepten des satans niet gekend hebben, gelijk zij zeggen: Ik zal u geen anderen last opleggen;

KJV But2 unto you I say,3 and4 unto the rest5 in7 Thyatira,8 as many as9 have11 not10 this doctrine,13 and15 which16 have18 not17 known the depths20 of Satan,22 as23 they speak;24 I will put26 upon27 you none25 other29 burden.

1 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 λοιποις G3062 anderen, andere, overige other, which remain, remnant, residue, rest 6 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 8 θυατειροις G2363 Thyatire, Thyatira Thyatira 9 οσοι G3745 zoveel als, allen die all (that), as (long, many, much) (as), how great (many, much), (in-)asmuch as, so many as, that (ever), the more, those things, what (great, -soever), wheresoever, wherewithsoever, which, X while, who(-soever) 10 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 11 εχουσιν G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 12 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 διδαχην G1322 leer, lering, leringen doctrine, hath been taught 14 ταυτην G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 15 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 16 οιτινες G3748 wie ook, die, welke X and (they), (such) as, (they) that, in that they, what(-soever), whereas ye, (they) which, who(-soever) 17 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 18 εγνωσαν G1097 gekend, weten, kent allow, be aware (of), feel, (have) know(-ledge), perceived, be resolved, can speak, be sure, understand 19 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 βαθη G899 diepte, diepten deep(-ness, things), depth 21 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 σατανα G4567 satan, satanas, satans Satan 23 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 24 λεγουσιν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 25 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 26 βαλω G906 geworpen, wierp, werpen arise, cast (out), X dung, lay, lie, pour, put (up), send, strike, throw (down), thrust 27 εφ G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 28 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou 29 αλλο G243 ander, anders more, one (another), (an-, some an-)other(-s, -wise) 30 βαρος G922 last, gewicht, lasten burden(-some), weight
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
25 Maar hetgeen gij hebt, houdt dat, totdat Ik zal komen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

25 Maar hetgeenG3739 gij hebtG2192, houdtG2902 datG3739, totdat Ik zal komenG302. Maar hetgeen gij hebt, houdt dat, totdat Ik zal komen.

KJV But1 that which2 ye have3 already hold fast4 till5 I come.7

1 πλην G4133 doch, behalve but (rather), except, nevertheless, notwithstanding, save, than 2 ο G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 3 εχετε G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 4 κρατησατε G2902 grepen, houdt, vangen hold (by, fast), keep, lay hand (hold) on, obtain, retain, take (by) 5 αχρις G891 tot, totdat, zolang als as far as, for, in(-to), till, (even, un-)to, until, while 6 ου G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 7 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 8 ηξω G2240 komen, kom come
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
26 En die overwint, en die Mijn werken tot het einde toe bewaart, Ik zal hem macht geven over de heidenen;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

26 En die overwintG3528, enG2532 die MijnG3450 werkenG2041 tot het eindeG5056 toe bewaartG5083, IkG1473 zal hemG846 machtG1849 gevenG1325 overG1909 de heidenenG1484; En die overwint, en die Mijn werken tot het einde toe bewaart, Ik zal hem macht geven over de heidenen;

KJV And1 he that overcometh,3 and4 keepeth6 my works10 unto7 the end,8 to him13 will I give12 power14 over15 the nations:

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 νικων G3528 overwint, overwonnen, overwinnen conquer, overcome, prevail, get the victory 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 τηρων G5083 bewaard, bewaren, bewaart hold fast, keep(- er), (pre-, re-)serve, watch 7 αχρι G891 tot, totdat, zolang als as far as, for, in(-to), till, (even, un-)to, until, while 8 τελους G5056 einde, Einde, tol + continual, custom, end(-ing), finally, uttermost 9 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 εργα G2041 werken, werk, daad deed, doing, labour, work 11 μου G1473 mij, ik I, me 12 δωσω G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 13 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 εξουσιαν G1849 macht, machten, gebied authority, jurisdiction, liberty, power, right, strength 15 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 16 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 εθνων G1484 heidenen, volken, volk Gentile, heathen, nation, people

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
27 En hij zal ze hoeden met een ijzeren staf; zij zullen als pottenbakkersvaten vermorzeld worden; gelijk ook Ik van Mijn Vader ontvangen heb.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

27 EnG2532 hij zal zeG846 hoedenG4165 metG1722 een ijzerenG4603 stafG4464; zij zullen alsG5613 pottenbakkersvatenG4632 vermorzeldG4937 worden; gelijkG5613 ook IkG1473 van MijnG3450 VaderG3962 ontvangenG2983 heb. En hij zal ze hoeden met een ijzeren staf; zij zullen als pottenbakkersvaten vermorzeld worden; gelijk ook Ik van Mijn Vader ontvangen heb.

KJV And1 he shall rule2 them3 with4 a rod5 of iron;6 as7 the vessels9 of a potter11 shall they be broken to shivers:12 even14 as13 I received15 of16 my Father.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ποιμανει G4165 weiden, hoeden, Hoed feed (cattle), rule 3 αυτους G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 5 ραβδω G4464 staf, roede, schepter rod, sceptre, staff 6 σιδηρα G4603 ijzeren (of) iron 7 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 8 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 σκευη G4632 vat, vaten, huisraad goods, sail, stuff, vessel 10 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 κεραμικα G2764 of a potter 12 συντριβεται G4937 gebroken, gekrookte, verbrijzeld break (in pieces), broken to shivers (+ -hearted), bruise 13 ως G5613 als, gelijk, hoe about, after (that), (according) as (it had been, it were), as soon (as), even as (like), for, how (greatly), like (as, unto), since, so (that), that, to wit, unto, when(-soever), while, X with all speed 14 καγω G2504 en ik, ook ik (and, even, even so, so) I (also, in like wise), both me, me also 15 ειληφα G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 16 παρα G3844 van, bij, naast above, against, among, at, before, by, contrary to, X friend, from, + give (such things as they), + that (she) had, X his, in, more than, nigh unto, (out) of, past, save, side…by, in the sight of, than, (there-)fore, with 17 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 πατρος G3962 Vader, vader, vaders father, parent 19 μου G1473 mij, ik I, me

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
28 En Ik zal hem de morgenster geven.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

28 EnG2532 Ik zal hemG846 de morgensterG4407 gevenG1325. En Ik zal hem de morgenster geven.

KJV And1 I will give2 him3 the morning7 star.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 δωσω G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 3 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 αστερα G792 sterren, ster star 6 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 πρωινον G4407 morgenster morning
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
29 Die oren heeft, die hore wat de Geest tot de Gemeenten zegt.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

29 Die orenG3775 heeftG2192, die horeG191 watG5101 de GeestG4151 tot de GemeentenG1577 zegtG3004. Die oren heeft, die hore wat de Geest tot de Gemeenten zegt.

KJV He that hath2 an ear,3 let him hear4 what5 the Spirit7 saith8 unto the churches.

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 εχων G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 3 ους G3775 oren, oor ear 4 ακουσατω G191 gehoord, horen, hoorde give (in the) audience (of), come (to the ears), (shall) hear(-er, -ken), be noised, be reported, understand 5 τι G5101 wat, wie, waarom every man, how (much), + no(-ne, thing), what (manner, thing), where (-by, -fore, -of, -unto, - with, -withal), whether, which, who(-m, -se), why 6 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 πνευμα G4151 Geest, geest, Geestes ghost, life, spirit(-ual, -ually), mind 8 λεγει G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 9 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 εκκλησιαις G1577 Gemeente, Gemeenten, gemeente assembly, church
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
De akropolis van Pergamus De ingang van de opgegraven akropolis van Pergamus, een van de zeven gemeenten waaraan de verhoogde Christus Zich in Openbaring 2 richtte.
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Openbaring 2:1 Openbaring 1:16 Openbaring 1:11 Openbaring 1:20 Openbaring 3:1 Openbaring 3:14 Openbaring 2:18 Openbaring 2:8 Openbaring 3:7
Openbaring 2:2 1 Johannes 4:1 2 Petrus 2:1 1 Thessalonicenzen 5:21 2 Korinthe 11:13 Openbaring 3:1 Openbaring 3:15 Openbaring 3:8 Efeze 4:14
Openbaring 2:3 Hebreeën 10:36 1 Thessalonicenzen 1:3 Romeinen 12:12 Galaten 6:9 Hebreeën 6:15 2 Petrus 1:6 2 Korinthe 4:1 Lukas 8:15
Openbaring 2:4 Mattheüs 24:12 Jeremia 2:2 Hebreeën 6:10 Filippenzen 1:9 Openbaring 2:14 1 Thessalonicenzen 4:9 Filippenzen 3:13 2 Thessalonicenzen 1:3
Openbaring 2:5 Openbaring 2:16 Openbaring 3:19 Openbaring 1:20 Openbaring 3:2 Openbaring 2:19 Handelingen 17:30 Mattheüs 24:48 Jeremia 2:2
Openbaring 2:6 Openbaring 2:14 2 Kronieken 19:2 Psalmen 139:21 Psalmen 101:3 2 Johannes 1:9 Psalmen 26:5
Openbaring 2:7 Openbaring 2:17 Openbaring 2:11 Openbaring 22:14 Lukas 23:43 Genesis 2:9 Mattheüs 11:15 Mattheüs 13:9 Openbaring 22:2
Openbaring 2:8 Openbaring 1:17 Openbaring 1:8 Openbaring 1:11 Openbaring 2:1
Openbaring 2:9 Openbaring 3:9 2 Korinthe 8:9 2 Korinthe 6:10 Romeinen 2:28 Jakobus 2:5 1 Timotheüs 6:18 Romeinen 9:6 Openbaring 2:2
Openbaring 2:10 Mattheüs 10:22 Jakobus 1:12 1 Petrus 5:4 Openbaring 3:10 Openbaring 2:9 Efeze 6:12 Daniël 1:14 Markus 13:13
Openbaring 2:11 Openbaring 20:6 Openbaring 21:8 Openbaring 20:14 Openbaring 2:7 Openbaring 13:9 Openbaring 2:17
Openbaring 2:12 Openbaring 1:16 Openbaring 1:11 Openbaring 2:16 Openbaring 19:21 Openbaring 19:15 Jesaja 11:4 Hebreeën 4:12 Openbaring 2:1
Openbaring 2:13 1 Timotheüs 5:8 Openbaring 2:9 2 Timotheüs 2:12 Handelingen 22:20 Hebreeën 10:23 Openbaring 3:11 Openbaring 14:12 1 Thessalonicenzen 5:21
Openbaring 2:14 Openbaring 2:20 2 Petrus 2:15 Numeri 31:16 Handelingen 15:29 Numeri 25:1 Judas 1:11 Jozua 24:9 Handelingen 21:25
Openbaring 2:15 Openbaring 2:6
Openbaring 2:16 2 Thessalonicenzen 2:8 Openbaring 2:5 Openbaring 1:16 Openbaring 2:12 Openbaring 3:19 Openbaring 19:21 Openbaring 19:15 Handelingen 17:30
Openbaring 2:17 Openbaring 2:11 Openbaring 2:7 Openbaring 3:12 Openbaring 19:12 Jesaja 62:2 Kolossenzen 3:3 Jesaja 65:15 Johannes 6:48
Openbaring 2:18 Openbaring 1:14 Openbaring 1:11 Psalmen 2:7 Johannes 1:49 Mattheüs 3:17 Johannes 3:16 Lukas 1:35 Mattheüs 17:5
Openbaring 2:19 2 Petrus 1:7 1 Timotheüs 1:5 2 Thessalonicenzen 1:3 2 Petrus 3:18 Johannes 15:2 Kolossenzen 3:14 Openbaring 2:2 1 Thessalonicenzen 3:6
Openbaring 2:20 Openbaring 2:14 1 Koningen 16:31 2 Koningen 9:7 Handelingen 15:29 1 Korinthe 10:18 Exodus 34:15 1 Koningen 21:23 Handelingen 15:20
Openbaring 2:21 Openbaring 9:20 Romeinen 2:4 2 Petrus 3:9 Openbaring 16:11 Openbaring 16:9 Jeremia 8:4 2 Petrus 3:15 Romeinen 9:22
Openbaring 2:22 Openbaring 17:2 Openbaring 18:9 Jeremia 36:3 Lukas 13:5 Ezechiël 18:30 Openbaring 18:3 Ezechiël 23:29 Ezechiël 16:37
Openbaring 2:23 Romeinen 8:27 Mattheüs 16:27 Jeremia 11:20 Handelingen 1:24 Psalmen 7:9 Jeremia 20:12 1 Samuël 16:7 Psalmen 62:12
Openbaring 2:24 Handelingen 15:28 2 Korinthe 11:3 Efeze 6:11 2 Korinthe 2:11 2 Korinthe 11:13 2 Thessalonicenzen 2:9 Openbaring 12:9 1 Korinthe 2:10
Openbaring 2:25 Openbaring 3:11 Openbaring 22:7 Openbaring 1:7 Johannes 21:22 1 Thessalonicenzen 5:21 1 Korinthe 4:5 1 Korinthe 11:26 Hebreeën 10:23
Openbaring 2:26 Openbaring 3:21 Psalmen 2:8 Openbaring 20:4 Daniël 7:22 Daniël 7:27 Openbaring 2:7 Daniël 7:18 Openbaring 22:5
Openbaring 2:27 Openbaring 12:5 Openbaring 19:15 Psalmen 2:8 Jesaja 30:14 Jeremia 19:11 Johannes 17:24 Mattheüs 11:27 Lukas 22:29
Openbaring 2:28 Openbaring 22:16 2 Petrus 1:19 Lukas 1:78
Openbaring 2:29 Openbaring 2:7
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Openbaring 2 vers 1

den engel Dat is, opziener, of herder der gemeente; gelijk Openb. 1:20 is verklaard; en hier wordt het in het enkelvoud gesteld, òf om het gehele gezelschap der opzieners daardoor te verstaan, gelijk Mal. 2:7, onder den naam van engel onder één het gehele college der priesters wordt verstaan; òf omdat een onder hen in orde den voorrang had, door wien het den ander werd aangediend, gelijk blijkt uit Hand. 20:17, Hand. 20:28, dat er meer ouderlingen of opzieners in deze gemeente van Efeze waren, aan wie gezamenlijk Paulus in zijn laatste afscheid gebiedt, dat zij zouden acht nemen op zichzelf en op de gehele kudde, waarover de Heilige Geest hen tot Episcopus, dat is Opzieners gesteld had, om de gemeente te hoeden. Zo is het dan ongegrond, dat door enigen hieruit enige bisschoppelijke macht van één boven de anderen besloten wordt. Want ook zelfs hetgeen aan den engel der gemeente hier wordt geschreven, wordt tot waarschuwing der gehele gemeente geschreven, gelijk blijkt uit vs.7, en Openb. 1:11.

Hertaald: den engel Dat is: de opziener of herder van de gemeente, zoals in Openb. 1:20 verklaard is. Het staat hier in het enkelvoud, óf om daarmee het hele gezelschap van de opzieners te bedoelen — zoals in Mal. 2:7 onder de naam van één engel het hele college van de priesters bedoeld wordt — óf omdat een van hen in de orde de voorrang had, door wie het aan de andere bekendgemaakt werd. Want uit Hand. 20:17, Hand. 20:28 blijkt dat er meer ouderlingen of opzieners in deze gemeente van Efeze waren; aan hen samen gebiedt Paulus in zijn laatste afscheid dat zij zouden letten op zichzelf en op de hele kudde, waarover de Heilige Geest hen tot episkopos, dat is: opzieners, gesteld had om de gemeente te hoeden. Het is dus ongegrond dat sommigen hieruit een bisschoppelijke macht van één boven de anderen besluiten. Want ook wat hier aan de engel van de gemeente geschreven wordt, wordt geschreven tot waarschuwing van de hele gemeente, zoals blijkt uit vers 7 en Openb. 1:11.

Efeze Van de ligging dezer stad, zie hiervoor Openb. 1:11.

Hertaald: Efeze Over de ligging van deze stad, zie hiervoor Openb. 1:11.

Hij, die Namelijk Christus, wien deze eigenschappen toegeschreven zijn, Openb. 1:13, Openb. 1:16, waar deze ook zijn verklaard.

Hertaald: Hij, die Namelijk Christus, aan Wie deze eigenschappen toegeschreven zijn in Openb. 1:13, Openb. 1:16, waar zij ook verklaard zijn.

wandelt: Namelijk om die te verzorgen van hun geestelijk licht en versiering [gelijk de priesters in den tempel het uiterlijk gewoon waren te doen], en om acht te nemen op hun goede orde en regering. Niet dat Hij niet met Zijn lichaam alomtegenwoordig is, maar omdat Hij Zijn gemeenten door Zijnen Geest en Woord altijd nabij is, verlicht en regeert, gelijk Hij Matt. 18:20, en Matt. 28:20, belooft. Zie dergelijke Lev. 26:12.

Hertaald: wandelt: Namelijk om ze te voorzien van hun geestelijke licht en versiering — zoals de priesters in de tempel dat uiterlijk gewoon waren te doen — en om te letten op hun goede orde en bestuur. Niet dat Hij met Zijn lichaam overal tegenwoordig is, maar omdat Hij Zijn gemeenten door Zijn Geest en Zijn Woord altijd nabij is, verlicht en regeert, zoals Hij in Matth. 18:20 en Matth. 28:20 belooft. Zie iets dergelijks in Lev. 26:12.

Openbaring 2 vers 2

Ik weet Dat is, al uw doen, goed en kwaad, gelijk in het volgende verklaard wordt; en hier spreekt Christus niet van enkel wetenschap alleen, maar van een wetenschap, die met een werkende zorg en voornemen om dat te belonen, of te bestraffen, is vergezeld, gelijk in al de brieven zal verklaard worden.

Hertaald: Ik weet Dat is: ik weet al uw doen, goed en kwaad, zoals in het volgende verklaard wordt. Christus spreekt hier niet over enkel kennis, maar over een kennis die gepaard gaat met een werkzame zorg en met het voornemen om dat te belonen of te bestraffen, zoals in al de brieven verklaard zal worden.

uw arbeid, Namelijk in het gestadig leren en vermanen. Zie 1 Thess. 5:12; 1 Tim. 5:17.

Hertaald: uw arbeid, Namelijk in het voortdurende leren en aansporen. Zie 1 Thess. 5:12; 1 Tim. 5:17.

uw lijdzaamheid, Namelijk in het verdragen van vervolgingen, gelijk vs.3 breder verhaald wordt.

Hertaald: uw lijdzaamheid, Namelijk in het verdragen van vervolgingen, zoals in vers 3 uitvoeriger verteld wordt.

de kwade Dat is, die ergernissen aanrichten in leer of leven. Zo wordt hier dan zijn ijver geprezen in het oefenen van de kerkelijke tucht.

Hertaald: de kwade Dat is: zij die aanstoot geven in leer of leven. Zo wordt hier dus zijn ijver in het uitoefenen van de kerkelijke tucht geprezen.

beproefd Grieks verzocht, of zo beproefd en onderzocht, dat gij hun valsheid hebt aan den dag gebracht.

Hertaald: beproefd Grieks: verzocht; of: zo beproefd en onderzocht dat u hun valsheid aan het licht gebracht hebt.

dat zij Dat is, die voorgaven dat zij door Christus waren gezonden, gelijk vele valse leraars en valse apostelen in dien tijd reeds in de gemeenten opstonden, Hand. 20:29, enz.; 2 Kor. 11:13, enz.

Hertaald: dat zij Dat is: zij die voorgaven dat zij door Christus gezonden waren, zoals in die tijd al veel valse leraars en valse apostelen in de gemeenten opstonden, Hand. 20:29, enzovoort; 2 Kor. 11:13, enzovoort.

Openbaring 2 vers 4

uw eerste Dat is, uw eersten ijver in het oefenen van uw ambt en van de werken der liefde, gelijk vs.5 verklaard wordt.

Hertaald: uw eerste Dat is: uw eerste ijver in het waarnemen van uw ambt en in de werken van de liefde, zoals in vers 5 verklaard wordt.

Openbaring 2 vers 5

waarvan Dat is, van hoe groten ijver tot hoe grote slapheid.

Hertaald: waarvan Dat is: van hoe grote ijver tot hoe grote slapheid.

bekeer Namelijk tot uw vorigen ijver. Want dat hij niet geheel van de liefde en van het geloof was vervallen, blijkt uit den lof, die in vs.2,3, en vs.6 hem door Christus nog wordt gegeven.

Hertaald: bekeer Namelijk tot uw eerdere ijver. Want dat hij niet geheel van de liefde en van het geloof vervallen was, blijkt uit de lof die Christus hem in vers 2, 3 en 6 nog geeft.

haastelijk Namelijk met mijn straffen en kastijdingen.

Hertaald: haastelijk Namelijk met Mijn straffen en kastijdingen.

uw kandelaar Dat is, uw gemeente, gelijk hiervoor Openb. 1:20 is verklaard. Waaruit blijkt dat ook de gemeente in dezelfde verslapping was vervallen, die Christus door dit dreigement tot haar eersten ijver wil verwekken. Want hoewel Christus' gemeente nimmer vergaat, Matt. 16:18, zo wordt zij nochtans wel van de ene plaats genomen, en op een andere geplant, gelik Christus den Joden dreigt, Matt. 21:43.

Hertaald: uw kandelaar Dat is: uw gemeente, zoals hiervoor bij Openb. 1:20 verklaard is. Daaruit blijkt dat ook de gemeente in dezelfde verslapping vervallen was; Christus wil haar door deze dreiging tot haar eerste ijver opwekken. Want hoewel de gemeente van Christus nooit vergaat, Matth. 16:18, wordt zij toch wel van de ene plaats weggenomen en op een andere geplant, zoals Christus de Joden dreigt, Matth. 21:43.

Openbaring 2 vers 6

der Deze secte der Nicolaïeten leerde, gelijk enige oude schrijvers getuigen, dat hoererij geen zonde was, en dat afgodenoffer te eten geoorloofd was, waartegen het besluit der apostelen, Hand. 15:29, is gesteld. Sommigen menen dat Nicolaüs, een van de eerste diakenen, Hand. 6:5, daarvan de stichter zou zijn geweest, die als een andere Judas van de zuiverheid der leer van Christus zou zijn vervallen, hoewel anderen hem verontschuldigen, en menen dat een andere Nicolaüs daarvan de invoerder geweest is, die den naam van diaken Nicolaüs daartoe heeft misbruikt. Zie Euseb. Hist.lib.3, hfdst. 26, en Iren. lib.1, hfdst.7.

Hertaald: der Deze sekte van de Nikolaïeten leerde, zoals enkele oude schrijvers betuigen, dat hoererij geen zonde was en dat het toegestaan was afgodenoffer te eten; daartegen is het besluit van de apostelen in Hand. 15:29 gesteld. Sommigen menen dat Nikolaüs, een van de eerste diakenen, Hand. 6:5, daarvan de stichter geweest zou zijn en dat hij als een tweede Judas van de zuiverheid van de leer van Christus vervallen zou zijn. Maar anderen verontschuldigen hem en menen dat een andere Nikolaüs daarvan de invoerder geweest is, die de naam van de diaken Nikolaüs daarvoor misbruikt heeft. Zie Eusebius, Historia, boek 3, hoofdstuk 26, en Irenaeus, boek 1, hoofdstuk 7.

Openbaring 2 vers 7

oren Grieks oor. Zie Matt. 13:43; Marc. 4:9.

Hertaald: oren Grieks: oor. Zie Matth. 13:43; Mark. 4:9.

den boom Grieks het hout des levens. Dit ziet op den boom des levens, die in het midden van het aardse paradijs genomen wordt als een beeld en schaduw van den hemel, of woonstede der uitverkorenen in den hemel, gelijk ook Luc. 23:43, en 2 Kor. 12:2, 2 Kor. 12:4. De boom des levens is een schaduw van Christus, de oorsprong des levens, waaraan eeuwige gemeenschap zullen hebben die in het geloof volstandig blijven, gelijk ook hierna in het hemelse Jeruzalem deze boom des levens geplant staat, Openb. 22:2, wiens bladeren dienen tot gezondmaking der heidenen, wier gezondmaking uit Christus alleen voortkomt; Joh. 11:25; Hand. 4:12.

Hertaald: den boom Grieks: het hout van het leven. Dit ziet op de boom van het leven die in het midden van het aardse paradijs stond en die opgevat wordt als een beeld en schaduw van de hemel, of van de woonplaats van de uitverkorenen in de hemel, zoals ook in Luk. 23:43 en 2 Kor. 12:2, 2 Kor. 12:4. De boom van het leven is een schaduw van Christus, de oorsprong van het leven; met Hem zullen zij eeuwige gemeenschap hebben die standvastig blijven in het geloof. Zo staat deze boom van het leven ook hierna in het hemelse Jeruzalem geplant, Openb. 22:2, en dienen zijn bladeren tot genezing van de heidenen, wier genezing alleen uit Christus voortkomt; Joh. 11:25; Hand. 4:12.

Openbaring 2 vers 8

den engel Zie de aantekeningen vs.1.

Hertaald: den engel Zie de aantekeningen bij vers 1.

Smyrna Dit was ook een voorname stad in Jonië, aan de zee gelegen, wat noordelijker dan Efeze, waaruit zij als een kolonie was gesproten.

Hertaald: Smyrna Dit was ook een voorname stad in Ionië, aan de zee gelegen, iets noordelijker dan Efeze, waaruit zij als een kolonie voortgekomen was.

de eerste Zie de aantekeningen Openb. 1:8.

Hertaald: de eerste Zie de aantekeningen bij Openb. 1:8.

die dood Namelijk naar Zijn menselijke natuur; 1 Petr. 2:18.

Hertaald: die dood Namelijk dood naar Zijn menselijke natuur; 1 Petr. 2:18.

weder levend Namelijk door Zijn opstanding uit de doden. Of was levende; namelijk naar Zijn goddelijke natuur, toen Hij dood was naar Zijn menselijke.

Hertaald: weder levend Namelijk door Zijn opstanding uit de doden. Of: Die levend was, namelijk naar Zijn goddelijke natuur, toen Hij naar Zijn menselijke natuur dood was.

Openbaring 2 vers 9

armoede Namelijk door de beroving van uwe goederen in de verdrukking.

Hertaald: armoede Namelijk armoede door de beroving van uw goederen in de verdrukking.

rijk Namelijk naar den geest, of naar de geestelijke en hemelse goederen, die geen vervolgers kunnen ontnemen; Matt. 6:19.

Hertaald: rijk Namelijk rijk naar de geest, of in de geestelijke en hemelse goederen die geen vervolgers kunnen ontnemen; Matth. 6:19.

de lastering Namelijk waarmede zij Christus als een verleider, en Zijn gemeente als vijanden der wet, afvalligen van Mozes en als oproermakers lasteren; gelijk doorgaans in het Evangelie en in de Handelingen der Apostelen voorkomt, en zij onder dezen dekmantel de christenen vervolgden. Zie Hand. 13:50, en Hand. 14:2, en elders.

Hertaald: de lastering Namelijk de lastering waarmee zij Christus als een verleider lasteren en Zijn gemeente als vijanden van de wet, afvalligen van Mozes en oproermakers; zoals telkens in het Evangelie en in de Handelingen der Apostelen voorkomt. Onder die dekmantel vervolgden zij de christenen. Zie Hand. 13:50 en Hand. 14:2, en elders.

zeggen Dat is, roemen dat zij Joden zijn en dienvolgens Gods volk en ijveraars voor de wet; Rom. 2:17, enz.

Hertaald: zeggen Dat is: roemen dat zij Joden zijn en dus Gods volk en ijveraars voor de wet; Rom. 2:17, enzovoort.

zijn het Dat is, zijn geen rechte Joden, noch Abrahams kinderen, gelijk zij roemen, maar zijn kinderen des duivels, wiens werken zij navolgen; Joh. 8:39, enz.

Hertaald: zijn het Dat is: zij zijn geen echte Joden en geen kinderen van Abraham, zoals zij roemen, maar zij zijn kinderen van de duivel, wiens werken zij navolgen; Joh. 8:39, enzovoort.

een synagoge Dat is, vergadering. Daar de Joden hun vergaderingen of gemeenten synagogen noemden, zo gebruikt daarom de Evangelist dit woord.

Hertaald: een synagoge Dat is: vergadering. Omdat de Joden hun vergaderingen of gemeenten synagogen noemden, gebruikt de evangelist daarom dit woord.

Openbaring 2 vers 10

Vrees Namelijk zo dat gij daarom zoudt afwijken of kleinmoedig worden.

Hertaald: Vrees Namelijk vrees niet zo dat u daarom zou afwijken of kleinmoedig zou worden.

de duivel Namelijk door zijn werktuigen, de tirannen, die hij daartoe zal verwekken.

Hertaald: de duivel Namelijk door zijn werktuigen, de tirannen die hij daartoe zal opwekken.

in de Namelijk om hun allerlei smaad en verdriet aan te doen.

Hertaald: in de Namelijk om hun allerlei smaad en verdriet aan te doen.

verzocht Of beproefd wordt; namelijk of gij standvastig bij de waarheid zult blijven.

Hertaald: verzocht Of: beproefd wordt, namelijk of u standvastig bij de waarheid zult blijven.

van tien Sommigen nemen deze dagen voor zoveel jaren, Num. 14:34; gelijk onder keizer Trajanus een tienjarig vervolging tegen de christenen kort hierna is verwekt. Anderen nemen het voor een kleinen of korten tijd, Hos. 6:2; daar dit hier tot vertroosting wordt bijgebracht.

Hertaald: van tien Sommigen vatten deze dagen op als zoveel jaren, Num. 14:34; zo is er onder keizer Trajanus kort hierna een tienjarige vervolging tegen de christenen opgekomen. Anderen vatten het op als een kleine of korte tijd, Hos. 6:2, omdat dit hier tot troost aangevoerd wordt.

tot den Dat is, zo dat gij den dood zelfs niet ontziet; of tot het einde toe.

Hertaald: tot den Dat is: zo dat u zelfs de dood niet ontziet; of: tot het einde toe.

de kroon Dat is, het eeuwige leven tot een kroon of genadige vergelding van uw arbeid, 1 Petr. 5:4; een gelijkenis genomen van die om een prijs strijden of lopen. Zie 2 Tim. 4:7-8.

Hertaald: de kroon Dat is: het eeuwige leven, als een kroon of genadige vergelding van uw arbeid, 1 Petr. 5:4. Dit is een vergelijking, genomen van hen die om een prijs strijden of lopen. Zie 2 Tim. 4:7-8.

Openbaring 2 vers 11

den tweeden Dat is, de eeuwige dood; want gelijk de eerste dood is de scheiding der ziel van het lichaam, zo is de tweede dood een scheiding en verstoting van de mensen van God, gevoegd met eeuwige smarten en pijniging in de hel, gelijk Johannes zulks verklaart; Openb. 20:14, en Openb. 21:8.

Hertaald: den tweeden Dat is: de eeuwige dood. Want zoals de eerste dood de scheiding van de ziel en het lichaam is, zo is de tweede dood een scheiding en verstoting van de mensen van God, gepaard met eeuwige smarten en pijniging in de hel, zoals Johannes dat verklaart; Openb. 20:14 en Openb. 21:8.

Openbaring 2 vers 12

Pérgamus Deze stad Pergamus was de hoofdstad van een deel van Klein-Azië, waar de Attalische koningen hun hof tevoren hadden gehad, en waar nu de Romeinse stadhouders hun hof ook hielden; welke stad daarom vol pracht, ongerechtigheid, hoererij en afgoderij was, hebbende een tempel, waar de duivel onder den naam van Esculapius ook antwoorden gaf, gelijk de heidense geschiedenis getuigt: en waar de gemeente der christenen allermeest werd vervolgd en verdrukt, en met grove ketterijen bestreden.

Hertaald: Pérgamus Deze stad Pergamus was de hoofdstad van een deel van Klein-Azië, waar de Attalische koningen eerder hun hof gehad hadden en waar nu ook de Romeinse stadhouders hun hof hielden. Die stad was daarom vol pracht, ongerechtigheid, hoererij en afgodendienst; er was een tempel waar de duivel onder de naam Aesculapius ook antwoorden gaf, zoals de heidense geschiedschrijving betuigt. Daar werd de gemeente van de christenen het meest vervolgd en verdrukt en met grove ketterijen bestreden.

die het Zie hiervan de aantekeningen Openb. 1:16.

Hertaald: die het Zie hierover de aantekeningen bij Openb. 1:16.

Openbaring 2 vers 13

de troon Christus noemt deze stad hier den troon des satans, omdat de satan daar op een bijzondere wijze door afgoderij en tirannij zetelde; gelijk hierna het beest met zeven hoofden en tien hoornen de troon des draaks wordt gegeven; Openb. 13:2.

Hertaald: de troon Christus noemt deze stad hier de troon van de satan, omdat de satan daar op een bijzondere wijze door afgodendienst en tirannie zetelde; zo wordt hierna het beest met zeven koppen en tien horens de troon van de draak gegeven; Openb. 13:2.

gij houdt Dat is, gij vreest niet mijn naam te belijden, niettegenstaande alle zwarigheden, die u daardoor overkomen.

Hertaald: gij houdt Dat is: u bent niet bang Mijn naam te belijden, ondanks alle moeilijkheden die u daardoor overkomen.

Antipas Van dezen Antipas leest men niet veel in de oude kerkelijke geschiedenis. Hier blijkt, dat hij een voornaam opziener of herder van die gemeente was geweest, die als een martelaar of getuige der waarheid van Christus, deze met zijn dood had verzegeld, tot wiens navolging hij hun dit voorbeeld voor ogen stelt.

Hertaald: Antipas Over deze Antipas leest men niet veel in de oude kerkelijke geschiedschrijving. Hier blijkt dat hij een voornaam opziener of herder van die gemeente geweest is, die als een martelaar of getuige van de waarheid van Christus die met zijn dood verzegeld had. Hij houdt hun dit voorbeeld voor ogen om het na te volgen.

Openbaring 2 vers 14

dat gij Dat is, onder u nog laat verkeren en leren, gelijk vs.20 wordt verklaard, zonder die door de macht van den kerkelijken ban uit het midden van u te weren; gelijk het tegendeel hiervan tevoren was geprezen in den engel der gemeente van Efeze vs.2.

Hertaald: dat gij Dat is: dat u onder u nog laat verkeren en leren, zoals in vers 20 verklaard wordt, zonder hen door de macht van de kerkelijke ban uit uw midden te weren; zoals het tegendeel hiervan eerder geprezen is in de engel van de gemeente van Efeze, vers 2.

van Balaäm Namelijk waarvan de historie Num 22, Num 23, Num 24 beschreven is; die, daar hem God niet toeliet de Israelieten te vloeken, aan Balak den koning der Moabieten ried, dat hij hen zou verlokken tot hun afgodische maaltijden, en tot hoererij door enige dochters en vrouwen, die hij in het leger der Israelieten heeft gezonden, gelik te zien is Num. 25:1, enz., vergeleken met Num. 31:16; opdat zij zo in Gods ongenade zouden mogen vervallen, gelijk geschied is. Hetwelk een gans duivelse raad was, tegen welke soorten van mensen Petrus in zijn tweeden zendbrief en ook Judas hebben geschreven.

Hertaald: van Balaäm Namelijk de leer van Bileam, waarvan de geschiedenis beschreven is in Num. 22, Num. 23 en Num. 24. Omdat God hem niet toestond de Israëlieten te vervloeken, gaf hij Balak, de koning van de Moabieten, de raad dat hij hen zou verlokken tot hun afgodische maaltijden en tot hoererij door enkele dochters en vrouwen die hij naar het leger van de Israëlieten gezonden heeft, zoals te zien is in Num. 25:1, enzovoort, vergeleken met Num. 31:16; en dat opdat zij zo in Gods ongenade zouden vervallen, zoals ook gebeurd is. Dat was een volkomen duivelse raad. Tegen zulke mensen hebben Petrus in zijn tweede brief en ook Judas geschreven.

Openbaring 2 vers 15

die de Dat is, gelijk de Israelieten door den raad Bileams tot afgoderij en hoererij zijn verleid, zo hebt gij ook onder u die de lering der Nicolaïeten houden, die daar leren dat het geoorloofd is, wat Bileam aan Balak had geraden. Van deze Nicolaïeten, zie hiervoor in de aantekeningen vs.6.

Hertaald: die de Dat is: zoals de Israëlieten door de raad van Bileam tot afgodendienst en hoererij verleid zijn, zo hebt u ook mensen onder u die de leer van de Nikolaïeten aanhangen, die leren dat toegestaan is wat Bileam Balak geraden had. Over deze Nikolaïeten, zie hiervoor de aantekeningen bij vers 6.

Openbaring 2 vers 16

met het Dat is, door mijn dreigementen en geestelijke macht. Zie hiervoren Openb. 1:16, en 2 Kor. 10:5-6.

Hertaald: met het Dat is: door Mijn dreigingen en Mijn geestelijke macht. Zie hiervoor Openb. 1:16 en 2 Kor. 10:5-6.

Openbaring 2 vers 17

van het De apostel ziet hier op de kruik met manna, die in het heilige der heiligen weggezet en bewaard werd, gelijk te lezen is Ex. 16:33-34; Hebr. 9:4, waardoor Christus, het brood des levens, die te Zijner tijd verschijnen zou, met al Zijn verdiensten en weldaden werd afgebeeld, gelijk in het brede wordt verklaard Joh. 6:31, enz. Hier wordt dus beloofd de nadere gemeenschap met Christus, en genieting van alle geestelijke weldaden, ook der heerlijkheid, die Hij ons heeft verworven gelijk hiervoor vs.7, door den boom des levens beloofd is; daar het den Vader behaagd heeft dat in Hem alle volheid zou wonen, en wij in Hem volmaakt zijn; Kol. 1:19, en Kol. 2:9-10.

Hertaald: van het De apostel ziet hier op de kruik met manna die in het heilige der heiligen weggezet en bewaard werd, zoals te lezen is in Ex. 16:33-34; Hebr. 9:4. Daardoor werd Christus, het Brood van het leven, Die te Zijner tijd zou verschijnen, met al Zijn verdiensten en weldaden afgebeeld, zoals uitvoerig verklaard wordt in Joh. 6:31, enzovoort. Hier wordt dus de nadere gemeenschap met Christus beloofd en het genieten van alle geestelijke weldaden, ook van de heerlijkheid die Hij voor ons verworven heeft, zoals hiervoor in vers 7 door de boom van het leven beloofd is. Want het heeft de Vader behaagd dat in Hem alle volheid zou wonen en dat wij in Hem volmaakt zijn; Kol. 1:19 en Kol. 2:9-10.

een witten Deze is de Heilige Geest, die in ons geweten deze keurstem des Vaders overbrengt, en getuigt dat wij om Christus' wil door het geloof in Gods oordeel vrijgesproken zijn van alle zonden en straffen waarvan 2 Kor. 1:22; een gelijkenis, genomen van de stemmingen der Grieken en Romeinen in het veroordelen of vrijspreken der misdadigers. Het veroordelen geschiedde door een zwarten keursteen, het vrijspreken door een witten. Zie iets dergelijks Hand. 26:10.

Hertaald: een witten Dit is de Heilige Geest, Die deze uitspraak van de Vader in ons geweten overbrengt en Die getuigt dat wij om Christus' wil door het geloof in Gods oordeel vrijgesproken zijn van alle zonden en straffen; daarover 2 Kor. 1:22. Dit is een vergelijking, genomen van de stemmingen van de Grieken en Romeinen bij het veroordelen of vrijspreken van de misdadigers. Het veroordelen gebeurde met een zwarte steen, het vrijspreken met een witte. Zie iets dergelijks in Hand. 26:10.

een nieuwen Deze naam is, dat hij, die tevoren een kind des toorns en des verderfs was, nu tot een kind Gods en erfgenaam des eeuwigen levens gesteld wordt, gelijk Paulus spreekt Rom. 8:15.

Hertaald: een nieuwen Deze naam houdt in dat hij die eerder een kind van de toorn en van het verderf was, nu tot een kind van God en een erfgenaam van het eeuwige leven gesteld wordt, zoals Paulus zegt in Rom. 8:15.

welken Want de natuurlijke mens verstaat niet de dingen die des Geestes Gods zijn, maar wij hebben den Geest van Christus ontvangen, opdat wij zouden weten hetgeen ons van God geschonken is. Zie Joh. 14:17; 1 Kor. 2:9-10, enz.

Hertaald: welken Want de natuurlijke mens begrijpt de dingen niet die van de Geest van God zijn; maar wij hebben de Geest van Christus ontvangen, opdat wij zouden weten wat ons door God geschonken is. Zie Joh. 14:17; 1 Kor. 2:9-10, enzovoort.

Openbaring 2 vers 18

te Thyatire Dit was de laatste stad in Mysië tegen Macedonië, zuidwaarts van Pergamus gelegen; zie Hand. 16:14.

Hertaald: te Thyatire Dit was de laatste stad in Mysië naar Macedonië toe, ten zuiden van Pergamus gelegen; zie Hand. 16:14.

de Zoon Hier noemt Zich Christus met Zijn naam, naar Zijne goddelijke natuur, gelijk hij Openb. 1:13, in het gezicht zich noemt den Zoon des mensen naar Zijn menselijke natuur, omdat Hij God en mens is in één persoon. En hij schrijft zichzelf hier de eigenschappen toe, die in het beeld van zijn persoon tevoren verklaard zijn; Openb. 1:14-15.

Hertaald: de Zoon Hier noemt Christus Zich met Zijn naam naar Zijn goddelijke natuur, zoals Hij Zich in Openb. 1:13 in het gezicht de Zoon des mensen noemt naar Zijn menselijke natuur, omdat Hij God en mens in één Persoon is. Hij schrijft Zich hier de eigenschappen toe die eerder in het beeld van Zijn Persoon verklaard zijn; Openb. 1:14-15.

blinkend Of fijn koper.

Hertaald: blinkend Of: fijn koper.

Openbaring 2 vers 19

en dat Sommige boeken aten het woord en hier uit.

Hertaald: en dat Sommige handschriften laten het woord en hier weg.

Openbaring 2 vers 20

weinige Namelijk in getal, hoewel zij van groot gewicht zijn, gelijk ook vs.14. En dit zegt Christus om hen te gemakkelijker en met meerderen moed tot verbetering derzelve te brengen.

Hertaald: weinige Namelijk weinige in aantal, hoewel zij van groot gewicht zijn, zoals ook in vers 14. Dat zegt Christus om hen des te gemakkelijker en met des te meer moed tot verbetering daarvan te brengen.

de vrouw Jezebel Sommigen verstaan hierdoor de secte zelf der Nicolaïeten, gelijk door de hoer van Babel hierna, Rev 17, verstaan wordt de gehele afgodische heerschappij van den antichrist. Doch dewijl Christus nu tweemaal deze secte met haar naam genoemd heeft, zo is het geloofwaardiger, dat hierdoor een zekere aanzienlijke vrouw van deze secte onder hen, die een schijn van godzaligheid had en een voorzeggenden geest roemde te hebben, verstaan wordt, die gelijk de rechte Jezebel eertijds het volk Israëls tot de afgoderij van Baäl bracht, en vervolgens ook tot hoererij, die met zulke afgoderij gewoonlijk gemengd was, ook zo door haar schijn en overredingen de christenen hiertoe, als een geoorloofde zaak, zocht te brengen, en daartoe haar huis openhield.

Hertaald: de vrouw Jezebel Sommigen verstaan hieronder de sekte van de Nikolaïeten zelf, zoals met de hoer van Babel hierna in Openb. 17 de hele afgodische heerschappij van de antichrist bedoeld wordt. Maar omdat Christus deze sekte nu al tweemaal met haar naam genoemd heeft, is het aannemelijker dat hiermee een bepaalde aanzienlijke vrouw van deze sekte onder hen bedoeld wordt. Die had een schijn van godvrezendheid en roemde erop dat zij een profetische geest had. Zoals de echte Izebel vroeger het volk van Israël tot de afgodendienst van Baäl bracht en vervolgens ook tot hoererij, die met zulke afgodendienst gewoonlijk gepaard ging, zo probeerde ook zij door haar schijn en haar overredingen de christenen hiertoe te brengen als tot een toegestane zaak, en hield zij daarvoor haar huis open.

Openbaring 2 vers 21

van hare hoererij, Namelijk geestelijke en lichamelijke, die hiervoor beide uitgedrukt zijn.

Hertaald: van hare hoererij, Namelijk geestelijke en lichamelijke hoererij, die hiervoor beide uitgedrukt zijn.

Openbaring 2 vers 22

ik werp Namelijk in een zware en kwellende ziekte, opdat het bed, dat haar tevoren tot wellust diende, haar nu diene tot straf en verdriet, en zij nog tijd hebbe om zich met hare kinderen te bekeren, gelijk volgt.

Hertaald: ik werp Namelijk in een zware en kwellende ziekte, opdat het bed dat haar eerder tot wellust diende haar nu tot straf en verdriet dient, en opdat zij nog tijd heeft om zich met haar kinderen te bekeren, zoals volgt.

die met Dat is, afgoderij en hoererij, als voren. Want afgoderij is ook geestelijk overspel, omdat zij den mens van God, den waren man van zijn gemeente, afkeert.

Hertaald: die met Dat is: afgodendienst en hoererij, zoals eerder. Want afgodendienst is ook geestelijke echtbreuk, omdat zij de mens afkeert van God, de ware Man van Zijn gemeente.

in grote Namelijk òf door de straf der overheid, òf door ziekte, òf ook door wroeging van hun geweten over hun boos leven.

Hertaald: in grote Namelijk óf door de straf van de overheid, óf door ziekte, óf ook door wroeging van hun geweten over hun slechte leven.

Openbaring 2 vers 23

hare Sommigen verstaan hierdoor haar discipelen. Doch daar tevoren daarvan gesproken is, zo verstaan anderen hier de kinderen, die uit deze vrouw en haar navolgers waren voortgekomen; en hier wordt zonder twijfel gezien op de kinderen, die afkomstig waren van Achab en Jezebel, die allen door het zwaard van Jehu zijn omgebracht, gelijk te lezen is 2 Kon. 9:22, en 2 Kon. 10:6, enz.

Hertaald: hare Sommigen verstaan hieronder haar discipelen. Maar omdat daarover eerder gesproken is, verstaan anderen hier de kinderen die uit deze vrouw en haar navolgers voortgekomen waren. Hier wordt zonder twijfel gezien op de kinderen die van Achab en Izebel afkomstig waren en die allen door het zwaard van Jehu omgebracht zijn, zoals te lezen is in 2 Kon. 9:22 en 2 Kon. 10:6, enzovoort.

dat ik Dit doet Christus daarbij, omdat de voorstanders van deze secte enige dekmantels van hare gruwelen voortbrachten, en zochten de lelijkheid daarvan onder den schijn van geestelijke verborgenheden en christelijke vrijheid, bij de eenvoudigen te verduisteren; gelijk uit vs.24 blijkt, en gelijk enige Libertijnse secten nu ook doen. Waartegen Christus zijn alwetendheid stelt in het oordelen ook zelfs van de nieren en gedachten hunner harten.

Hertaald: dat ik Dat voegt Christus eraan toe omdat de voorstanders van deze sekte enkele dekmantels voor hun gruwelen aanvoerden. Zij probeerden de lelijkheid daarvan bij de eenvoudigen te verduisteren onder de schijn van geestelijke geheimen en christelijke vrijheid, zoals uit vers 24 blijkt en zoals enkele libertijnse sekten nu ook doen. Daartegenover stelt Christus Zijn alwetendheid in het oordelen, zelfs van de nieren en de gedachten van hun harten.

Openbaring 2 vers 24

diepten Dat is, de duistere verborgenheden van hun satanische leer, die zij voorwenden van den Heiligen Geest voort te komen, en waar zij anderen mede bedriegen.

Hertaald: diepten Dat is: de duistere geheimen van hun satanische leer, waarvan zij voorwenden dat die van de Heilige Geest komen en waarmee zij anderen bedriegen.

niet Dat is, nog niet verstaan en voor goed gekend hebben.

Hertaald: niet Dat is: nog niet begrepen en voor goed gehouden hebben.

geen anderen Dat is, geen straf, geen verzoeking, gelijk deze bij de profeten doorgaans een last genoemd worden. Anderen nemen het voor een last van ceremoniën of onderhoudingen van enige zwaardere bevelen, gelijk Hand. 15:10, Hand. 15:28 zulke bevelen een juk en een last worden genoemd.

Hertaald: geen anderen Dat is: geen straf, geen verzoeking; die worden bij de profeten telkens een last genoemd. Anderen vatten het op als een last van ceremoniën of van het onderhouden van enkele zwaardere bevelen, zoals in Hand. 15:10, Hand. 15:28 zulke bevelen een juk en een last genoemd worden.

Openbaring 2 vers 26

mijn werken Dat is, mijn geboden en leringen; gelijk het geloof een werk Gods genoemd wordt; Joh. 6:29.

Hertaald: mijn werken Dat is: Mijn geboden en Mijn leringen, zoals het geloof ook een werk van God genoemd wordt; Joh. 6:29.

ik zal Deze plaats is genomen uit Ps. 2:8, waar deze belofte van God den Vader Zijn Zoon Jezus Christus gedaan wordt, in welker gemeenschap Christus hier belooft, dat Hij de ware gelovigen, die volstandig blijven, ook zal inlaten, op zulke wijze als hij Openb. 3:21 belooft, dat hij hun met Hem zal geven te zitten in Zijn troon, gelijk Hij gezeten is in den troon des Vaders. Zie ook Rom. 8:17; Ef. 2:6; 2 Tim. 2:12.

Hertaald: ik zal Deze plaats is genomen uit Ps. 2:8, waar deze belofte door God de Vader aan Zijn Zoon Jezus Christus gedaan wordt. Christus belooft hier dat Hij de ware gelovigen die standvastig blijven ook zal toelaten in de gemeenschap daarvan, op de wijze zoals Hij in Openb. 3:21 belooft dat Hij hun zal geven met Hem te zitten op Zijn troon, zoals Hij Zelf op de troon van de Vader gezeten is. Zie ook Rom. 8:17; Ef. 2:6; 2 Tim. 2:12.

over de Dat is, over de vijanden Zijner gemeente, gelijk de heidenen altijd vijanden van Gods volk waren.

Hertaald: over de Dat is: over de vijanden van Zijn gemeente, zoals de heidenen altijd vijanden van Gods volk waren.

Openbaring 2 vers 27

Hij zal Hierdoor wordt verstaan de geestelijke macht en overwinning over al de vijanden van Christus' gemeente, die zich stellen tegen de zaligheid der kinderen Gods, waarvan zij hier de beginselen genieten door het bloed van het Lam, en het woord hunner getuigenis, hetwelk de scepter van dit rijk is, Openb. 12:11, en zullen ten laatsten dage ook als koningen naast Christus de ongelovige wereld veroordelen; Matt. 19:28; 1 Kor. 6:2-3.

Hertaald: Hij zal Hiermee wordt de geestelijke macht en overwinning bedoeld over al de vijanden van de gemeente van Christus die zich stellen tegen de zaligheid van de kinderen van God. Daarvan genieten zij hier het begin door het bloed van het Lam en door het woord van hun getuigenis, dat de scepter van dit rijk is, Openb. 12:11; en op de laatste dag zullen zij ook als koningen naast Christus de ongelovige wereld veroordelen; Matth. 19:28; 1 Kor. 6:2-3.

Openbaring 2 vers 28

de morgenster geven Hierdoor wordt geschikt verstaan een groter licht der kennis van Christus, die gelijk de morgenster den dag voorgaat, zo ook hier in onze harten gedurig zal lichten, totdat de zon der volkomen kennis Gods in ons zal schijnen, als God zal zijn alles in allen, 1 Kor. 15:28. Zie ook 2 Petr. 1:19, en Openb. 22:16; waar Christus en Zijn kennis met de morgenster wordt vergeleken.

Hertaald: de morgenster geven Hiermee wordt terecht een groter licht van de kennis van Christus bedoeld. Zoals de morgenster aan de dag voorafgaat, zo zal die hier ook voortdurend in onze harten schijnen, totdat de zon van de volkomen kennis van God in ons zal schijnen, wanneer God alles in allen zal zijn, 1 Kor. 15:28. Zie ook 2 Petr. 1:19 en Openb. 22:16, waar Christus en de kennis van Hem met de morgenster vergeleken worden.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Namen Personen die in dit hoofdstuk genoemd worden
Antipas  — verkorting van Antipater, 'tegen alles' (Grieks)

Een gelovige te Pergamus, door Christus 'Mijn getrouwe getuige' genoemd, die daar om zijn geloof gedood werd (Openb. 2:13); een andere persoon dan Herodes Antipas.

Jezabel (te Thyatire)  — onzeker (dezelfde naam als koningin Izebel in het Oude Testament)

Een vrouw te Thyatire die zich profetes noemde en de gelovigen daar tot hoererij en het eten van afgodenoffers verleidde; naar de goddeloze koningin Izebel uit 1 Koningen wordt zij hier zo genoemd, maar het is een andere, latere persoon (Openb. 2:20-23).

Alle bijbelse namen in één overzicht →

Easton’s Bible Dictionary, © hertaald naar het Nederlands door Teun van der Plas

Bijbelse Plaatsen Plaatsen die in dit hoofdstuk genoemd worden
De zeven Gemeenten van Klein-Azië (Smyrna, Pergamus, Thyatire, Sardis en Filadelfia)  — Smyrna: "mirre"; Pergamus: van onzekere afleiding; Thyatire: van onzekere, mogelijk Lydische afleiding; Sardis: vernoemd naar de oude Lydische hoofdstad; Filadelfia: Grieks, "broederliefde", vernoemd naar de stichter Attalus II Filadelfus

Ligging: Vijf steden in de Romeinse provincie Asia (reeds bestaand, zie 1 Petr. 1), verspreid over het westen van Klein-Azië, samen met de reeds bestaande Efeze en het reeds bestaande Laodicea (zie Kol. 4) de zeven gemeenten vormend waaraan het boek Openbaring gericht is.

Geschiedenis: Aan elk van deze zeven gemeenten richt de verhoogde Christus, door Johannes, een persoonlijke brief met lof, berisping en belofte: Smyrna, arm maar geestelijk rijk, wordt tot getrouwheid tot de dood bemoedigd zonder enige berisping (Openb. 2:8-11); Pergamus, "waar de troon des satans is", wordt vermaand tegen de leer van Bileam en de Nikolaïeten (Openb. 2:12-17); Thyatire wordt berispt om het toelaten van de valse profetes "Izebel" (Openb. 2:18-29); Sardis, met een naam dat zij leeft, maar dood, wordt tot wakker worden opgeroepen (Openb. 3:1-6); Filadelfia, met slechts kleine kracht maar trouw aan Gods Woord, ontvangt een geopende deur en de belofte bewaard te blijven (Openb. 3:7-13). Laodicea (reeds bestaand) ontvangt de bekendste berisping van alle zeven: lauwheid (Openb. 3:14-22).

Bijbelse betekenis: De zeven brieven aan de gemeenten vormen samen een tijdloze spiegel voor de Kerk van alle eeuwen — van vurige eerste liefde tot lauwe zelfgenoegzaamheid, van armoede die rijk is tot rijkdom die arm is — waarin elke gemeente en elke gelovige zichzelf kan herkennen, met de herhaalde oproep: "Die oren heeft, die hore wat de Geest tot de Gemeenten zegt."

Archeologie: Alle vijf steden zijn archeologisch onderzocht: Smyrna (het huidige Izmir, nog altijd een grote stad) bewaart een Romeinse agora; Pergamus een indrukwekkend bergakropolis met bibliotheek en het altaar van Zeus; Sardis een synagoge en tempel van Artemis; Filadelfia (Alaşehir) resten van een Byzantijnse basiliek.

Recente inzichten: Smyrna: Izmir. Pergamus: Bergama. Thyatire: Akhisar. Sardis: bij Sart. Filadelfia: Alaşehir. Alle in Turkije.

Openb. 1:11; 2:1-3:22

Alle bijbelse plaatsen in één overzicht →

© Vertaling ISB Encyclopedia en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
De brieven aan de zeven Gemeenten  — de zeven brieven van Christus Zelf aan Efeze, Smyrna, Pergamus, Thyatire, Sardis, Filadelfia en Laodicea (Op. 2-3), elk in hetzelfde vaste patroon opgebouwd

Johannes moet schrijven wat hij ziet en zenden "aan de zeven Gemeenten, die in Azie zijn" (Op. 1:11). Elke brief volgt dezelfde vaste opbouw. Zij opent met een zelfaanduiding van Christus, ontleend aan het visioen van Op. 1:12-18. Dan volgt een "Ik weet uw werken", met lof waar die past en bestraffing waar die nodig is, en een oproep tot bekering of volharding. Elke brief sluit met de herhaalde formule "Die oren heeft, die hore wat de Geest tot de Gemeenten zegt" en een belofte aan "die overwint". Twee gemeenten, Smyrna en Filadelfia, ontvangen geen enkel verwijt (Op. 2:8-11; 3:7-13); twee andere, Sardis en Laodicea, ontvangen nauwelijks lof (Op. 3:1-6,14-22).

Bijbelse betekenis: Elke brief opent met een andere zelfaanduiding van Christus, steeds ontleend aan het visioen van hoofdstuk 1. Daarin toont Hij Zich telkens aan de gemeente zoals die gemeente Hem juist nodig heeft: aan de vervolgde gemeente van Smyrna als "de Eerste en de Laatste, Die dood geweest is" (Op. 2:8), aan de lauwe gemeente van Laodicea als "de Amen, de trouwe, en waarachtige Getuige" (Op. 3:14). Het is bovendien Christus Zelf Die de gemeenten kent en beoordeelt, niet Johannes: elke brief begint met "Ik weet". En het getal zeven, in heel Openbaring het getal van de volheid, maakt dat deze zeven gemeenten model staan voor de gemeente van alle plaatsen en alle tijden.

Typologie: De belofte "die overwint" loopt door heel Openbaring door. Zij vindt haar vervulling in de nieuwe hemel en de nieuwe aarde: wie overwint, zal alles beërven, en God zal hem tot een God zijn en hij Hem tot een zoon (Op. 21:7). Zo staan deze zeven brieven, aan het begin van het boek, al met de uitkomst aan het einde verbonden.

Op. 1:11-18; Op. 2:1-29; Op. 3:1-22; Op. 21:7

Eerste liefde verlaten  — de bestraffing die de gemeente van Efeze, ondanks al haar arbeid, geduld en rechtzinnigheid, van Christus ontvangt: "gij uw eerste liefde hebt verlaten" (Op. 2:4)

Van Efeze weet Christus veel goeds: werken, arbeid, lijdzaamheid, onverdraagzaamheid jegens het kwade, en een nuchtere toetsing van hen die zich apostel noemden en het niet waren (Op. 2:2-3, reeds behandeld bij Waarschuwing tegen het huisvesten van dwaalleraars). Toch klinkt er één zwaarwegend verwijt: "Ik heb tegen u, dat gij uw eerste liefde hebt verlaten" (Op. 2:4). Het herstel dat gevraagd wordt, bestaat uit drie stappen: gedenken waarvandaan men gevallen is, zich bekeren, en de eerste werken weer doen (Op. 2:5). Blijft dat uit, dan dreigt Christus de kandelaar van zijn plaats te weren — het licht van deze gemeente zou doven.

Bijbelse betekenis: Het merkwaardige van deze brief is dat rechtzinnigheid, ijver en volharding — precies de dingen die een gemeente doorgaans geprezen worden — niet beschermen tegen dit gebrek. Efeze had het kwade beproefd en verworpen, maar had daarbij de liefde verloren die aan het begin stond: niet in de eerste plaats de liefde tot elkaar, maar de eerste, brandende liefde tot Christus Zelf. Orthodoxie zonder die liefde blijft, in de eigen woorden van Christus, een gemis waarvoor bekering nodig is.

Typologie: Paulus roept de gemeente op om niet traag te zijn maar "vurig van geest" te blijven, de Heere dienende (Rom. 12:11) — dezelfde vlam die Efeze dreigde te verliezen. En de liefde die hier ontbreekt, is dezelfde die Paulus prijst boven kennis en gaven: zonder haar is zelfs de grootste rechtzinnigheid niets waard (1 Kor. 13:1-3, reeds behandeld bij De liefde/agapè).

Op. 2:1-5; Rom. 12:11; 1 Kor. 13:1-3

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Openbaringen 2

Openbaring 2:4–5.KruisverwijzingenMattheüs 24:12Openbaring 2:16Openbaring 3:19Jeremia 2:2Hebreeën 6:10Filippenzen 1:9Openbaring 1:20Openbaring 3:2
— Maar Ik heb tegen u, dat gij uw eerste liefde hebt verlaten. Gedenk dan, waarvan gij uitgevallen zijt, en bekeer u, en doe de eerste werken; en zo niet, Ik zal u haastelijk bij komen, en zal uw kandelaar van zijn plaats weren, indien gij u niet bekeert.
Maar Ik heb tegen u, dat gij uw eerste liefde hebt verlaten. Gedenk dan, waarvan gij uitgevallen zijt, en bekeer u, en doe de eerste werken; en zo niet, Ik zal u haastelijk bijkomen, en zal uw kandelaar van zijn plaats weren, indien gij u niet bekeert.”

Wat hadden wij onze Zaligmaker lief toen Hij ons voor het eerst de vergeving van onze zonden schonk. Hoe vurig was onze liefde in die eerste dagen! Er was geen enkel gedeelte van de Bijbel dat wij niet buitengewoon kostbaar vonden. Er was geen enkel gebod dat wij niet waardevoller achtten dan het fijnste goud.

Waar zijn wij die eerste liefde kwijtgeraakt, als wij haar inderdaad verloren hebben? Hebben wij haar verloren door de invloed van de wereld? Te veel omgang met de wereld is voor niemand goed. Is onze liefde verkoeld doordat wij ons te veel hebben omringd met wereldse mensen? Zijn wij vergeten hoeveel wij aan Christus verschuldigd zijn? Hebben wij de gemeenschap met Hem verwaarloosd? Er kunnen duizend oorzaken zijn, maar ieder mens moet zijn eigen hart onderzoeken.

Wanneer wij onze eerste liefde verloren hebben, moeten wij ernaar verlangen dat zij opnieuw wordt hersteld. Ook al zijn wij kinderen van God, het verlies van onze eerste liefde is een ernstig teken van geestelijk verval. Liefde en heiligheid gaan immers hand in hand. Wie veel liefheeft, zal ook naar heiligheid streven. Maar wie weinig liefheeft, zal merken dat zijn heiligheid afneemt, totdat zij wordt aangetast en bezoedeld.

De Heere laat Zijn kinderen echter niet ongestraft afdwalen. Want er staat geschreven: “Want dien de Heere liefheeft, kastijdt Hij, en Hij geselt een iegelijken zoon, dien Hij aanneemt.” (Hebreeën 12:6). Wanneer wij zondigen, zal Hij ons daarom zeker tuchtigen.

Openbaring 2:13.Kruisverwijzingen1 Timotheüs 5:8Openbaring 2:92 Timotheüs 2:12Handelingen 22:20Hebreeën 10:23Openbaring 3:11Openbaring 14:121 Thessalonicenzen 5:21
— Ik weet uw werken, en waar gij woont; namelijk daar de troon des satans is, en gij houdt Mijn Naam, en hebt Mijn geloof niet verloochend, ook in die dagen, in welke Antipas, Mijn getrouwe getuige was, welke gedood is bij ulieden, daar de satan woont.
Gij houdt Mijn Naam, en hebt Mijn geloof niet verloochend.” Het geloof kan op verschillende manieren worden verloochend. Sommigen doen dat door de Naam van Jezus nooit openlijk te belijden. Ook wordt Christus verloochend door valse leer. Wanneer wij dwalen in onze opvattingen over Zijn Persoon of Zijn werk, verloochenen wij zowel Zijn Naam als Zijn geloof. Daarnaast kan iemand Christus verloochenen door een onheilige levenswandel. Laat niemand denken dat een zuivere belijdenis hem tot voordeel zal zijn, wanneer zijn leven in strijd is met die belijdenis. Een rechtzinnige leer heeft geen waarde als zij gepaard gaat met een onrechtzinnig leven.

Ten slotte kan het geloof worden verloochend door het daadwerkelijk te verlaten en zich af te keren van het volk van God. Sommigen doen dit bewust, terwijl anderen zich laten meeslepen doordat de verleidingen van de wereld hun hart winnen.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Spurgeon Citaten

Laat niemand denken dat een zuivere belijdenis hem tot voordeel zal zijn, wanneer zijn leven in strijd is met die belijdenis.

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content