Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Numeri 34

1 Voorts sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 Voorts sprakH1696 de HEEREH3068 totH413 MozesH4872, zeggendeH559: Voorts sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

KJV And the LORD2 spake1 unto Moses,4 saying,

1 וַיְדַבֵּ֥ר H1696 gesproken, sprak, spreken answer, appoint, bid, command, commune, declare, destroy, give, name, promise, pronounce, rehearse, say, speak, be spokesman, subdue, talk, teach, tell, think, use (entreaties), utter, [idiom] well, [idiom] work 2 יְהוָ֖ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 4 מֹשֶׁ֥ה H4872 Mozes, Mozes', mozes Moses 5 לֵּאמֹֽר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 Gebied den kinderen Israels, en zeg tot hen: Wanneer gij in het land Kanaan ingaat, zo zal dit land zijn, dat u ter erfenis vallen zal, het land Kanaan, naar zijn landpalen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 GebiedH6680 den kinderenH1121 IsraelsH3478, en zegH559 totH413 hen: Wanneer gijH859 in het landH776 KanaanH3667 ingaatH935, zo zal ditH2063 landH776 zijn, dat u ter erfenisH5159 vallenH5307 zal, het landH776 KanaanH3667, naarH413 zijn landpalenH1367. Gebied den kinderen Israels, en zeg tot hen: Wanneer gij in het land Kanaan ingaat, zo zal dit land zijn, dat u ter erfenis vallen zal, het land Kanaan, naar zijn landpalen.

KJV Command1 the children3 of Israel,4 and say5 unto them, When ye come9 into the land11 of Canaan;12 (this is the land14 that shall fall16 unto you for an inheritance,18 even the land19 of Canaan20 with the coasts

1 צַ֞ו H6680 geboden, gebood, gebiede appoint, (for-) bid, (give a) charge, (give a, give in, send with) command(-er, -ment), send a messenger, put, (set) in order 2 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 3 בְּנֵ֤י H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 4 יִשְׂרָאֵל֙ H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel 5 וְאָמַרְתָּ֣ H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 6 אֲלֵהֶ֔ם H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 7 כִּֽי H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 8 אַתֶּ֥ם H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you 9 בָּאִ֖ים H935 komen, kwam, kwamen abide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way 10 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 11 הָאָ֣רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 12 כְּנָ֑עַן H3667 Kanaan, koophandel, Kanaanieten Canaan, merchant, traffick 13 זֹ֣את H2063 dit, deze, dat hereby (-in, -with), it, likewise, the one (other, same), she, so (much), such (deed), that, therefore, these, this (thing), thus 14 הָאָ֗רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 15 אֲשֶׁ֨ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 16 תִּפֹּ֤ל H5307 vallen, viel, gevallen be accepted, cast (down, self, (lots), out), cease, die, divide (by lot), (let) fail, (cause to, let, make, ready to) fall (away, down, -en, -ing), fell(-ing), fugitive, have (inheritance), inferior, be judged (by mistake for H6419 (פָּלַל)), lay (along), (cause to) lie down, light (down), be ([idiom] hast) lost, lying, overthrow, overwhelm, perish, present(-ed, -ing), (make to) rot, slay, smite out, [idiom] surely, throw down 17 לָכֶם֙ 18 בְּֽנַחֲלָ֔ה H5159 erfenis, erfdeel, erve heritage, to inherit, inheritance, possession. Compare H5158 (נַחַל) 19 אֶ֥רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 20 כְּנַ֖עַן H3667 Kanaan, koophandel, Kanaanieten Canaan, merchant, traffick 21 לִגְבֻלֹתֶֽיהָ H1367 landpalen, landpale, palen border, bound, coast, landmark. place
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 De zuiderhoek nu zal u zijn van de woestijn Zin, aan de zijden van Edom; en de zuider landpale zal u zijn van het einde der Zoutzee tegen het oosten;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 De zuiderhoekH5045 nu zal u zijnH1961 van de woestijnH4057 ZinH6790, aanH5921 de zijdenH3027 van EdomH123; en de zuiderH5045 landpaleH1366 zal u zijnH1961 van het eindeH7097 der ZoutzeeH4417 tegen het oostenH6924; De zuiderhoek nu zal u zijn van de woestijn Zin, aan de zijden van Edom; en de zuider landpale zal u zijn van het einde der Zoutzee tegen het oosten;

KJV Then your south4 quarter3 shall be from the wilderness5 of Zin6 along by the coast8 of Edom,9 and your south13 border12 shall be the outmost coast14 of the salt16 sea15 eastward:

1 וְהָיָ֨ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 2 לָכֶ֧ם 3 פְּאַת H6285 hoek, hoeken, palen corner, end, quarter, side 4 נֶ֛גֶב H5045 zuiden, zuidwaarts, Zuiden south (country, side, -ward) 5 מִמִּדְבַּר H4057 woestijn, wildernis, spraak desert, south, speech, wilderness 6 צִ֖ן H6790 Zin Zin 7 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 8 יְדֵ֣י H3027 hand, handen, dienst ([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves 9 אֱד֑וֹם H123 Edom, Edomieten, Edoms Edom, Edomites, Idumea 10 וְהָיָ֤ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 11 לָכֶם֙ 12 גְּב֣וּל H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 13 נֶ֔גֶב H5045 zuiden, zuidwaarts, Zuiden south (country, side, -ward) 14 מִקְצֵ֥ה H7097 einde, uiterste, deel [idiom] after, border, brim, brink, edge, end, (in-) finite, frontier, outmost coast, quarter, shore, (out-) side, [idiom] some, ut(-ter-) most (part) 15 יָם H3220 zee, westen, zeeen sea ([idiom] -faring man, (-shore)), south, west (-ern, side, -ward) 16 הַמֶּ֖לַח H4417 zout, Zoutzee salt(-pit) 17 קֵֽדְמָה H6924 oosten, ouds, oostwaarts aforetime, ancient (time), before, east (end, part, side, -ward), eternal, [idiom] ever(-lasting), forward, old, past. Compare H6926 (קִדְמָה)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 En deze landpale zal u omgaan van het zuiden naar den opgang van Akrabbim, en doorgaan naar Zin; en haar uitgangen zullen zijn, van het zuiden naar Kades-Barnea; en zij zal uitgaan naar Hazar-Addar, en doorgaan naar Azmon.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 En deze landpaleH1366 zal u omgaanH5437 van het zuidenH5045 naar den opgangH4608 van AkrabbimH4610, en doorgaanH5674 naar ZinH6790; en haar uitgangenH8444 zullen zijn, van het zuidenH5045 naar Kades-BarneaH6947; en zij zal uitgaanH3318 naar Hazar-AddarH2692, en doorgaanH5674 naar AzmonH6111. En deze landpale zal u omgaan van het zuiden naar den opgang van Akrabbim, en doorgaan naar Zin; en haar uitgangen zullen zijn, van het zuiden naar Kades-Barnea; en zij zal uitgaan naar Hazar-Addar, en doorgaan naar Azmon.

KJV And your border3 shall turn1 from the south4 to the ascent of Akrabbim,5 and pass on7 to Zin:8 and the going forth10 thereof shall be from the south11 to Kadeshbarnea,12 and shall go on14 to Hazaraddar,15 and pass on17 to Azmon:

1 וְנָסַ֣ב H5437 rondom, keerde, omgewend bring, cast, fetch, lead, make, walk, [idiom] whirl, [idiom] round about, be about on every side, apply, avoid, beset (about), besiege, bring again, carry (about), change, cause to come about, [idiom] circuit, (fetch a) compass (about, round), drive, environ, [idiom] on every side, beset (close, come, compass, go, stand) round about, inclose, remove, return, set, sit down, turn (self) (about, aside, away, back) 2 לָכֶם֩ 3 הַגְּב֨וּל H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 4 מִנֶּ֜גֶב H5045 zuiden, zuidwaarts, Zuiden south (country, side, -ward) 5 לְמַעֲלֵ֤ה H4610 Akrabbim, opgang Akrabbim Maaleh-accrabim, the ascent (going up) of Akrabbim 6 עַקְרַבִּים֙ H4610 Akrabbim, opgang Akrabbim Maaleh-accrabim, the ascent (going up) of Akrabbim 7 וְעָ֣בַר H5674 doorgaan, voorbij, gegaan alienate, alter, [idiom] at all, beyond, bring (over, through), carry over, (over-) come (on, over), conduct (over), convey over, current, deliver, do away, enter, escape, fail, gender, get over, (make) go (away, beyond, by, forth, his way, in, on, over, through), have away (more), lay, meddle, overrun, make partition, (cause to, give, make to, over) pass(-age, along, away, beyond, by, -enger, on, out, over, through), (cause to, make) [phrase] proclaim(-amation), perish, provoke to anger, put away, rage, [phrase] raiser of taxes, remove, send over, set apart, [phrase] shave, cause to (make) sound, [idiom] speedily, [idiom] sweet smelling, take (away), (make to) transgress(-or), translate, turn away, (way-) faring man, be wrath 8 צִ֔נָה H6790 Zin Zin 9 וְהָיוּ֙ H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 10 תּֽוֹצְאֹתָ֔יו H8444 uitgangen, uitkomsten border(-s), going(-s) forth (out), issues, outgoings 11 מִנֶּ֖גֶב H5045 zuiden, zuidwaarts, Zuiden south (country, side, -ward) 12 לְקָדֵ֣שׁ H6947 Kades-barnea Kadeshbarnea 13 בַּרְנֵ֑עַ H6947 Kades-barnea Kadeshbarnea 14 וְיָצָ֥א H3318 uitgaan, uitgegaan, uitgevoerd [idiom] after, appear, [idiom] assuredly, bear out, [idiom] begotten, break out, bring forth (out, up), carry out, come (abroad, out, thereat, without), [phrase] be condemned, depart(-ing, -ure), draw forth, in the end, escape, exact, fail, fall (out), fetch forth (out), get away (forth, hence, out), (able to, cause to, let) go abroad (forth, on, out), going out, grow, have forth (out), issue out, lay (lie) out, lead out, pluck out, proceed, pull out, put away, be risen, [idiom] scarce, send with commandment, shoot forth, spread, spring out, stand out, [idiom] still, [idiom] surely, take forth (out), at any time, [idiom] to (and fro), utter 15 חֲצַר H2692 Hazar-addar Hazar-addar 16 אַדָּ֖ר H2692 Hazar-addar Hazar-addar 17 וְעָבַ֥ר H5674 doorgaan, voorbij, gegaan alienate, alter, [idiom] at all, beyond, bring (over, through), carry over, (over-) come (on, over), conduct (over), convey over, current, deliver, do away, enter, escape, fail, gender, get over, (make) go (away, beyond, by, forth, his way, in, on, over, through), have away (more), lay, meddle, overrun, make partition, (cause to, give, make to, over) pass(-age, along, away, beyond, by, -enger, on, out, over, through), (cause to, make) [phrase] proclaim(-amation), perish, provoke to anger, put away, rage, [phrase] raiser of taxes, remove, send over, set apart, [phrase] shave, cause to (make) sound, [idiom] speedily, [idiom] sweet smelling, take (away), (make to) transgress(-or), translate, turn away, (way-) faring man, be wrath 18 עַצְמֹֽנָה H6111 Azmon Azmon

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Voorts zal deze landpale omgaan van Azmon naar de rivier van Egypte, en haar uitgangen zullen zijn naar de zee.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 Voorts zal deze landpaleH1366 omgaanH5437 van AzmonH6111 naar de rivierH5158 van EgypteH4714, en haar uitgangenH8444 zullen zijnH1961 naar de zeeH3220. Voorts zal deze landpale omgaan van Azmon naar de rivier van Egypte, en haar uitgangen zullen zijn naar de zee.

KJV And the border2 shall fetch a compass1 from Azmon3 unto the river4 of Egypt,5 and the goings out7 of it shall be at the sea.

1 וְנָסַ֧ב H5437 rondom, keerde, omgewend bring, cast, fetch, lead, make, walk, [idiom] whirl, [idiom] round about, be about on every side, apply, avoid, beset (about), besiege, bring again, carry (about), change, cause to come about, [idiom] circuit, (fetch a) compass (about, round), drive, environ, [idiom] on every side, beset (close, come, compass, go, stand) round about, inclose, remove, return, set, sit down, turn (self) (about, aside, away, back) 2 הַגְּב֛וּל H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 3 מֵעַצְמ֖וֹן H6111 Azmon Azmon 4 נַ֣חְלָה H5158 beek, beken, dal brook, flood, river, stream, valley 5 מִצְרָ֑יִם H4714 Egypte, Egyptenaren, Egyptenaars Egypt, Egyptians, Mizraim 6 וְהָי֥וּ H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 7 תוֹצְאֹתָ֖יו H8444 uitgangen, uitkomsten border(-s), going(-s) forth (out), issues, outgoings 8 הַיָּֽמָּה H3220 zee, westen, zeeen sea ([idiom] -faring man, (-shore)), south, west (-ern, side, -ward)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 Aangaande de landpale van het westen, daar zal u de grote zee de landpale zijn; dit zal uw landpale van het westen zijn.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 Aangaande de landpaleH1366 van het westenH3220, daar zal u de groteH1419 zeeH3220 de landpaleH1366 zijn; ditH2088 zal uw landpaleH1366 van het westenH3220 zijn. Aangaande de landpale van het westen, daar zal u de grote zee de landpale zijn; dit zal uw landpale van het westen zijn.

KJV And as for the western2 border,1 ye shall even have the great6 sea5 for a border:7 this shall be your west12 border.

1 וּגְב֣וּל H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 2 יָ֔ם H3220 zee, westen, zeeen sea ([idiom] -faring man, (-shore)), south, west (-ern, side, -ward) 3 וְהָיָ֥ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 4 לָכֶ֛ם 5 הַיָּ֥ם H3220 zee, westen, zeeen sea ([idiom] -faring man, (-shore)), south, west (-ern, side, -ward) 6 הַגָּד֖וֹל H1419 grote, groot, groten [phrase] aloud, elder(-est), [phrase] exceeding(-ly), [phrase] far, (man of) great (man, matter, thing,-er,-ness), high, long, loud, mighty, more, much, noble, proud thing, [idiom] sore, ([idiom]) very 7 וּגְב֑וּל H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 8 זֶֽה H2088 dit, deze, dezen he, [idiom] hence, [idiom] here, it(-self), [idiom] now, [idiom] of him, the one...the other, [idiom] than the other, ([idiom] out of) the (self) same, such (a one) that, these, this (hath, man), on this side...on that side, [idiom] thus, very, which. Compare H2063 (זֹאת), H2090 (זֹה), H2097 (זוֹ), H2098 (זוּ) 9 יִהְיֶ֥ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 10 לָכֶ֖ם 11 גְּב֥וּל H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 12 יָֽם H3220 zee, westen, zeeen sea ([idiom] -faring man, (-shore)), south, west (-ern, side, -ward)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Voorts zal u de landpale van het noorden deze zijn: van de grote zee af zult gij u den berg Hor aftekenen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 Voorts zal u de landpaleH1366 van het noordenH6828 dezeH2088 zijnH1961: vanH4480 de groteH1419 zeeH3220 af zult gij u den bergH2022 HorH2023 aftekenenH8376. Voorts zal u de landpale van het noorden deze zijn: van de grote zee af zult gij u den berg Hor aftekenen.

KJV And this shall be your north5 border:4 from the great8 sea7 ye shall point out9 for you mount12 Hor:

1 וְזֶֽה H2088 dit, deze, dezen he, [idiom] hence, [idiom] here, it(-self), [idiom] now, [idiom] of him, the one...the other, [idiom] than the other, ([idiom] out of) the (self) same, such (a one) that, these, this (hath, man), on this side...on that side, [idiom] thus, very, which. Compare H2063 (זֹאת), H2090 (זֹה), H2097 (זוֹ), H2098 (זוּ) 2 יִהְיֶ֥ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 3 לָכֶ֖ם 4 גְּב֣וּל H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 5 צָפ֑וֹן H6828 noorden, noordwaarts, Noorden north(-ern, side, -ward, wind) 6 מִן H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with 7 הַיָּם֙ H3220 zee, westen, zeeen sea ([idiom] -faring man, (-shore)), south, west (-ern, side, -ward) 8 הַגָּדֹ֔ל H1419 grote, groot, groten [phrase] aloud, elder(-est), [phrase] exceeding(-ly), [phrase] far, (man of) great (man, matter, thing,-er,-ness), high, long, loud, mighty, more, much, noble, proud thing, [idiom] sore, ([idiom]) very 9 תְּתָא֥וּ H8376 aftekenen point out 10 לָכֶ֖ם 11 הֹ֥ר H2023 Hor Hor 12 הָהָֽר H2022 berg, bergen, gebergte hill (country), mount(-ain), [idiom] promotion
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 Van den berg Hor zult gij aftekenen tot daar men komt te Hamath; en de uitgangen dezer landpale zullen zijn naar Zedad.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 Van den bergH2022 HorH2023 zult gij aftekenenH8376 tot daar men komtH935 te HamathH2574; en de uitgangenH8444 dezer landpaleH1366 zullen zijnH1961 naar ZedadH6657. Van den berg Hor zult gij aftekenen tot daar men komt te Hamath; en de uitgangen dezer landpale zullen zijn naar Zedad.

KJV From mount2 Hor1 ye shall point out3 your border unto the entrance4 of Hamath;5 and the goings forth7 of the border8 shall be to Zedad:

1 מֵהֹ֣ר H2023 Hor Hor 2 הָהָ֔ר H2022 berg, bergen, gebergte hill (country), mount(-ain), [idiom] promotion 3 תְּתָא֖וּ H8376 aftekenen point out 4 לְבֹ֣א H935 komen, kwam, kwamen abide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way 5 חֲמָ֑ת H2574 Hamath, Hammath Hamath, Hemath 6 וְהָי֛וּ H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 7 תּוֹצְאֹ֥ת H8444 uitgangen, uitkomsten border(-s), going(-s) forth (out), issues, outgoings 8 הַגְּבֻ֖ל H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 9 צְדָֽדָה H6657 Zedad Zedad
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 En deze landpale zal uitgaan naar Zifron, en haar uitgangen zullen zijn te Hazar-Enan; dit zal u de noorder landpale zijn.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 En deze landpaleH1366 zal uitgaanH3318 naar ZifronH2202, en haar uitgangenH8444 zullen zijnH1961 te Hazar-EnanH2704; ditH2088 zal u de noorderH6828 landpaleH1366 zijnH1961. En deze landpale zal uitgaan naar Zifron, en haar uitgangen zullen zijn te Hazar-Enan; dit zal u de noorder landpale zijn.

KJV And the border2 shall go on1 to Ziphron,3 and the goings out5 of it shall be at Hazarenan:6 this shall be your north12 border.

1 וְיָצָ֤א H3318 uitgaan, uitgegaan, uitgevoerd [idiom] after, appear, [idiom] assuredly, bear out, [idiom] begotten, break out, bring forth (out, up), carry out, come (abroad, out, thereat, without), [phrase] be condemned, depart(-ing, -ure), draw forth, in the end, escape, exact, fail, fall (out), fetch forth (out), get away (forth, hence, out), (able to, cause to, let) go abroad (forth, on, out), going out, grow, have forth (out), issue out, lay (lie) out, lead out, pluck out, proceed, pull out, put away, be risen, [idiom] scarce, send with commandment, shoot forth, spread, spring out, stand out, [idiom] still, [idiom] surely, take forth (out), at any time, [idiom] to (and fro), utter 2 הַגְּבֻל֙ H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 3 זִפְרֹ֔נָה H2202 Zifron Ziphron 4 וְהָי֥וּ H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 5 תוֹצְאֹתָ֖יו H8444 uitgangen, uitkomsten border(-s), going(-s) forth (out), issues, outgoings 6 חֲצַ֣ר H2704 Hazar-enan Hazar-enan 7 עֵינָ֑ן H2704 Hazar-enan Hazar-enan 8 זֶֽה H2088 dit, deze, dezen he, [idiom] hence, [idiom] here, it(-self), [idiom] now, [idiom] of him, the one...the other, [idiom] than the other, ([idiom] out of) the (self) same, such (a one) that, these, this (hath, man), on this side...on that side, [idiom] thus, very, which. Compare H2063 (זֹאת), H2090 (זֹה), H2097 (זוֹ), H2098 (זוּ) 9 יִהְיֶ֥ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 10 לָכֶ֖ם 11 גְּב֥וּל H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 12 צָפֽוֹן H6828 noorden, noordwaarts, Noorden north(-ern, side, -ward, wind)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 Voorts zult gij u tot een landpale tegen het oosten aftekenen van Hazar-Enan naar Sefam.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 Voorts zult gij u tot een landpaleH1366 tegen het oostenH6924 aftekenenH184 van Hazar-EnanH2704 naar SefamH8221. Voorts zult gij u tot een landpale tegen het oosten aftekenen van Hazar-Enan naar Sefam.

KJV And ye shall point out1 your east4 border3 from Hazarenan5 to Shepham:

1 וְהִתְאַוִּיתֶ֥ם H184 aftekenen point out 2 לָכֶ֖ם 3 לִגְב֣וּל H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 4 קֵ֑דְמָה H6924 oosten, ouds, oostwaarts aforetime, ancient (time), before, east (end, part, side, -ward), eternal, [idiom] ever(-lasting), forward, old, past. Compare H6926 (קִדְמָה) 5 מֵחֲצַ֥ר H2704 Hazar-enan Hazar-enan 6 עֵינָ֖ן H2704 Hazar-enan Hazar-enan 7 שְׁפָֽמָה H8221 Sefam Shepham
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 En deze landpale zal afgaan van Sefam naar Ribla, tegen het oosten van Ain; daarna zal deze landpale afgaan en strekken langs den oever van de zee Cinnereth oostwaarts.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 En deze landpaleH1366 zal afgaanH3381 van SefamH8221 naar RiblaH7247, tegenH5921 het oostenH6924 van AinH5871; daarna zal deze landpaleH1366 afgaanH3381 en strekkenH4229 langs den oeverH3802 van de zeeH3220 CinnerethH3672 oostwaartsH6924. En deze landpale zal afgaan van Sefam naar Ribla, tegen het oosten van Ain; daarna zal deze landpale afgaan en strekken langs den oever van de zee Cinnereth oostwaarts.

KJV And the coast2 shall go down1 from Shepham3 to Riblah,4 on the east side5 of Ain;6 and the border8 shall descend,7 and shall reach9 unto the side11 of the sea12 of Chinnereth13 eastward:

1 וְיָרַ֨ד H3381 nederdalen, neder, nedergedaald [idiom] abundantly, bring down, carry down, cast down, (cause to) come(-ing) down, fall (down), get down, go(-ing) down(-ward), hang down, [idiom] indeed, let down, light (down), put down (off), (cause to, let) run down, sink, subdue, take down 2 הַגְּבֻ֧ל H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 3 מִשְּׁפָ֛ם H8221 Sefam Shepham 4 הָרִבְלָ֖ה H7247 Ribla Riblah 5 מִקֶּ֣דֶם H6924 oosten, ouds, oostwaarts aforetime, ancient (time), before, east (end, part, side, -ward), eternal, [idiom] ever(-lasting), forward, old, past. Compare H6926 (קִדְמָה) 6 לָעָ֑יִן H5871 Ain Ain 7 וְיָרַ֣ד H3381 nederdalen, neder, nedergedaald [idiom] abundantly, bring down, carry down, cast down, (cause to) come(-ing) down, fall (down), get down, go(-ing) down(-ward), hang down, [idiom] indeed, let down, light (down), put down (off), (cause to, let) run down, sink, subdue, take down 8 הַגְּב֔וּל H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 9 וּמָחָ֛ה H4229 uitgedelgd, delg, verdelgen abolish, blot out, destroy, full of marrow, put out, reach unto, [idiom] utterly, wipe (away, out) 10 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 11 כֶּ֥תֶף H3802 schouder, schouderbanden, schouderen arm, corner, shoulder(-piece), side, undersetter 12 יָם H3220 zee, westen, zeeen sea ([idiom] -faring man, (-shore)), south, west (-ern, side, -ward) 13 כִּנֶּ֖רֶת H3672 Cinnereth, Cinneroth Chinnereth, Chinneroth, Cinneroth 14 קֵֽדְמָה H6924 oosten, ouds, oostwaarts aforetime, ancient (time), before, east (end, part, side, -ward), eternal, [idiom] ever(-lasting), forward, old, past. Compare H6926 (קִדְמָה)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 Voorts zal deze landpale afgaan langs de Jordaan, en haar uitgangen zullen zijn aan de Zoutzee. Dit zal u zijn het land naar zijn landpale rondom.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 Voorts zal deze landpale afgaanH3381 langs de JordaanH3383, en haar uitgangenH8444 zullen zijn aan de ZoutzeeH4417. DitH2063 zal u zijnH1961 het landH776 naar zijn landpale rondomH5439. Voorts zal deze landpale afgaan langs de Jordaan, en haar uitgangen zullen zijn aan de Zoutzee. Dit zal u zijn het land naar zijn landpale rondom.

Ook in dit vers landpaleH1366 landpaleH1367

KJV And the border2 shall go down1 to Jordan,3 and the goings out5 of it shall be at the salt7 sea:6 this shall be your land11 with the coasts12 thereof round about.

1 וְיָרַ֤ד H3381 nederdalen, neder, nedergedaald [idiom] abundantly, bring down, carry down, cast down, (cause to) come(-ing) down, fall (down), get down, go(-ing) down(-ward), hang down, [idiom] indeed, let down, light (down), put down (off), (cause to, let) run down, sink, subdue, take down 2 הַגְּבוּל֙ H1366 landpale, landpalen, palen border, bound, coast, [idiom] great, landmark, limit, quarter, space 3 הַיַּרְדֵּ֔נָה H3383 Jordaan Jordan 4 וְהָי֥וּ H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 5 תוֹצְאֹתָ֖יו H8444 uitgangen, uitkomsten border(-s), going(-s) forth (out), issues, outgoings 6 יָ֣ם H3220 zee, westen, zeeen sea ([idiom] -faring man, (-shore)), south, west (-ern, side, -ward) 7 הַמֶּ֑לַח H4417 zout, Zoutzee salt(-pit) 8 זֹאת֩ H2063 dit, deze, dat hereby (-in, -with), it, likewise, the one (other, same), she, so (much), such (deed), that, therefore, these, this (thing), thus 9 תִּהְיֶ֨ה H1961 zijn, geschiedde, was beacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use 10 לָכֶ֥ם 11 הָאָ֛רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 12 לִגְבֻלֹתֶ֖יהָ H1367 landpalen, landpale, palen border, bound, coast, landmark. place 13 סָבִֽיב H5439 rondom, Rondom, omgangen (place, round) about, circuit, compass, on every side
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 En Mozes gebood den kinderen Israels, zeggende: Dit is het land, dat gij door het lot ten erve innemen zult, hetwelk de HEERE aan de negen stammen en den halven stam van Manasse te geven geboden heeft.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 En MozesH4872 geboodH6680 den kinderenH1121 IsraelsH3478, zeggendeH559: DitH2063 is het landH776, dat gij door het lotH1486 ten erveH5157 innemen zult, hetwelkH834 de HEEREH3068 aan de negenH8672 stammenH4294 en den halvenH2677 stamH4294 van Manasse te gevenH5414 gebodenH6680 heeft. En Mozes gebood den kinderen Israels, zeggende: Dit is het land, dat gij door het lot ten erve innemen zult, hetwelk de HEERE aan de negen stammen en den halven stam van Manasse te geven geboden heeft.

KJV And Moses2 commanded1 the children4 of Israel,5 saying,6 This is the land8 which ye shall inherit10 by lot,12 which the LORD15 commanded14 to give16 unto the nine17 tribes,18 and to the half19 tribe:

1 וַיְצַ֣ו H6680 geboden, gebood, gebiede appoint, (for-) bid, (give a) charge, (give a, give in, send with) command(-er, -ment), send a messenger, put, (set) in order 2 מֹשֶׁ֔ה H4872 Mozes, Mozes', mozes Moses 3 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 4 בְּנֵ֥י H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 5 יִשְׂרָאֵ֖ל H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel 6 לֵאמֹ֑ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 7 זֹ֣את H2063 dit, deze, dat hereby (-in, -with), it, likewise, the one (other, same), she, so (much), such (deed), that, therefore, these, this (thing), thus 8 הָאָ֗רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 9 אֲשֶׁ֨ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 10 תִּתְנַחֲל֤וּ H5157 erven, erfelijk, erve divide, have (inheritance), take as a heritage, (cause to, give to, make to) inherit, (distribute for, divide (for, for an, by), give for, have, leave for, take (for)) inheritance, (have in, cause to, be made to) possess(-ion) 11 אֹתָהּ֙ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 12 בְּגוֹרָ֔ל H1486 lot, loten, lots lot 13 אֲשֶׁר֙ H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 14 צִוָּ֣ה H6680 geboden, gebood, gebiede appoint, (for-) bid, (give a) charge, (give a, give in, send with) command(-er, -ment), send a messenger, put, (set) in order 15 יְהוָ֔ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 16 לָתֵ֛ת H5414 gegeven, geven, gaf add, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield 17 לְתִשְׁעַ֥ת H8672 negen, negenhonderd, negenden nine ([phrase] -teen, [phrase] -teenth, -th) 18 הַמַּטּ֖וֹת H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 19 וַחֲצִ֥י H2677 helft, halve, halven half, middle, mid(-night), midst, part, two parts 20 הַמַּטֶּֽה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Want de stam van de kinderen der Rubenieten, naar het huis hunner vaderen, en de stam van de kinderen der Gadieten, naar het huis hunner vaderen, hebben ontvangen; mitsgaders de halve stam van Manasse heeft zijn erfenis ontvangen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 WantH3588 de stamH4294 van de kinderenH1121 der RubenietenH7206, naar het huisH1004 hunner vaderenH1, en de stamH4294 van de kinderenH1121 der GadietenH1425, naar het huisH1004 hunner vaderenH1, hebben ontvangenH3947; mitsgaders de halveH2677 stamH4294 van ManasseH4519 heeft zijn erfenisH5159 ontvangenH3947. Want de stam van de kinderen der Rubenieten, naar het huis hunner vaderen, en de stam van de kinderen der Gadieten, naar het huis hunner vaderen, hebben ontvangen; mitsgaders de halve stam van Manasse heeft zijn erfenis ontvangen.

KJV For the tribe3 of the children4 of Reuben5 according to the house6 of their fathers,7 and the tribe8 of the children9 of Gad10 according to the house11 of their fathers,12 have received2 their inheritance; and half13 the tribe14 of Manasseh15 have received16 their inheritance:

1 כִּ֣י H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 2 לָקְח֞וּ H3947 nam, nemen, genomen accept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win 3 מַטֵּ֨ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 4 בְנֵ֤י H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 5 הָראוּבֵנִי֙ H7206 Rubenieten, Rubeniet children of Reuben, Reubenites 6 לְבֵ֣ית H1004 huis, huizen, huize court, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out) 7 אֲבֹתָ֔ם H1 vader, vaderen, vaders chief, (fore-) father(-less), [idiom] patrimony, principal. Compare names in 'Abi-' 8 וּמַטֵּ֥ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 9 בְנֵֽי H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 10 הַגָּדִ֖י H1425 Gadieten, Gadiet Gadites, children of Gad 11 לְבֵ֣ית H1004 huis, huizen, huize court, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out) 12 אֲבֹתָ֑ם H1 vader, vaderen, vaders chief, (fore-) father(-less), [idiom] patrimony, principal. Compare names in 'Abi-' 13 וַחֲצִי֙ H2677 helft, halve, halven half, middle, mid(-night), midst, part, two parts 14 מַטֵּ֣ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 15 מְנַשֶּׁ֔ה H4519 Manasse Manasseh 16 לָקְח֖וּ H3947 nam, nemen, genomen accept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win 17 נַחֲלָתָֽם H5159 erfenis, erfdeel, erve heritage, to inherit, inheritance, possession. Compare H5158 (נַחַל)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 Twee stammen en een halve stam hebben hun erfenis ontvangen aan deze zijde van de Jordaan, van Jericho oostwaarts tegen den opgang.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 TweeH8147 stammenH4294 en een halveH2677 stamH4294 hebben hun erfenisH5159 ontvangenH3947 aan deze zijde van de JordaanH3383, van JerichoH3405 oostwaartsH6924 tegen den opgangH4217. Twee stammen en een halve stam hebben hun erfenis ontvangen aan deze zijde van de Jordaan, van Jericho oostwaarts tegen den opgang.

KJV The two1 tribes2 and the half3 tribe4 have received5 their inheritance6 on this side7 Jordan8 near Jericho9 eastward,10 toward the sunrising.

1 שְׁנֵ֥י H8147 twee, twaalf, beide both, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two 2 הַמַּטּ֖וֹת H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 3 וַחֲצִ֣י H2677 helft, halve, halven half, middle, mid(-night), midst, part, two parts 4 הַמַּטֶּ֑ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 5 לָקְח֣וּ H3947 nam, nemen, genomen accept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win 6 נַחֲלָתָ֗ם H5159 erfenis, erfdeel, erve heritage, to inherit, inheritance, possession. Compare H5158 (נַחַל) 7 מֵעֵ֛בֶר H5676 gene, zijden, recht [idiom] against, beyond, by, [idiom] from, over, passage, quarter, (other, this) side, straight 8 לְיַרְדֵּ֥ן H3383 Jordaan Jordan 9 יְרֵח֖וֹ H3405 Jericho Jericho 10 קֵ֥דְמָה H6924 oosten, ouds, oostwaarts aforetime, ancient (time), before, east (end, part, side, -ward), eternal, [idiom] ever(-lasting), forward, old, past. Compare H6926 (קִדְמָה) 11 מִזְרָֽחָה H4217 oosten, opgang, oostwaarts east (side, -ward), (sun-) rising (of the sun)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 Voorts sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 Voorts sprakH1696 de HEEREH3068 totH413 MozesH4872, zeggendeH559: Voorts sprak de HEERE tot Mozes, zeggende:

KJV And the LORD2 spake1 unto Moses,4 saying,

1 וַיְדַבֵּ֥ר H1696 gesproken, sprak, spreken answer, appoint, bid, command, commune, declare, destroy, give, name, promise, pronounce, rehearse, say, speak, be spokesman, subdue, talk, teach, tell, think, use (entreaties), utter, [idiom] well, [idiom] work 2 יְהוָ֖ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 אֶל H413 tot, naar, aan about, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in) 4 מֹשֶׁ֥ה H4872 Mozes, Mozes', mozes Moses 5 לֵּאמֹֽר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 Dit zijn de namen der mannen, die ulieden het land ten erve zullen uitdelen: Eleazar, de priester, en Jozua, de zoon van Nun.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 DitH428 zijn de namenH8034 der mannenH582, die ulieden het landH776 ten erveH5157 zullen uitdelen: EleazarH499, de priesterH3548, en JozuaH3091, de zoonH1121 van NunH5126. Dit zijn de namen der mannen, die ulieden het land ten erve zullen uitdelen: Eleazar, de priester, en Jozua, de zoon van Nun.

KJV These are the names2 of the men which shall divide5 the land8 unto you: Eleazar9 the priest,10 and Joshua11 the son12 of Nun.

1 אֵ֚לֶּה H428 deze, dit, dezen an-(the) other; one sort, so, some, such, them, these (same), they, this, those, thus, which, who(-m) 2 שְׁמ֣וֹת H8034 naam, Naam, namen [phrase] base, (in-) fame(-ous), named(-d), renown, report 3 הָֽאֲנָשִׁ֔ים H376 man, mannen, ieder also, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה) 4 אֲשֶׁר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 5 יִנְחֲל֥וּ H5157 erven, erfelijk, erve divide, have (inheritance), take as a heritage, (cause to, give to, make to) inherit, (distribute for, divide (for, for an, by), give for, have, leave for, take (for)) inheritance, (have in, cause to, be made to) possess(-ion) 6 לָכֶ֖ם 7 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 8 הָאָ֑רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 9 אֶלְעָזָר֙ H499 Eleazar Eleazar 10 הַכֹּהֵ֔ן H3548 priester, priesters, priesteren chief ruler, [idiom] own, priest, prince, principal officer 11 וִיהוֹשֻׁ֖עַ H3091 Jozua, Josua Jehoshua, Jehoshuah, Joshua. Compare H1954 (הוֹשֵׁעַ), H3442 (יֵשׁוּעַ) 12 בִּן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 13 נֽוּן H5126 Nun, Non Non, Nun

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 Daartoe zult gij uit elken stam een overste nemen, om het land ten erve uit te delen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 Daartoe zult gij uit elken stamH4294 eenH259 oversteH5387 nemenH3947, om het landH776 ten erveH5157 uit te delen. Daartoe zult gij uit elken stam een overste nemen, om het land ten erve uit te delen.

KJV And ye shall take6 one2 prince1 of every tribe,5 to divide7 the land9 by inheritance.

1 וְנָשִׂ֥יא H5387 overste, oversten, vorst captain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour 2 אֶחָ֛ד H259 een, ene, enerlei a, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together, 3 נָשִׂ֥יא H5387 overste, oversten, vorst captain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour 4 אֶחָ֖ד H259 een, ene, enerlei a, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together, 5 מִמַּטֶּ֑ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 6 תִּקְח֖וּ H3947 nam, nemen, genomen accept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win 7 לִנְחֹ֥ל H5157 erven, erfelijk, erve divide, have (inheritance), take as a heritage, (cause to, give to, make to) inherit, (distribute for, divide (for, for an, by), give for, have, leave for, take (for)) inheritance, (have in, cause to, be made to) possess(-ion) 8 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 9 הָאָֽרֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
19 En dit zijn de namen dezer mannen: van de stam van Juda, Kaleb, de zoon van Jefunne;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

19 En ditH428 zijn de namenH8034 dezer mannenH582: van de stamH4294 van JudaH3063, KalebH3612, de zoonH1121 van JefunneH3312; En dit zijn de namen dezer mannen: van de stam van Juda, Kaleb, de zoon van Jefunne;

KJV And the names2 of the men are these: Of the tribe4 of Judah,5 Caleb6 the son7 of Jephunneh.

1 וְאֵ֖לֶּה H428 deze, dit, dezen an-(the) other; one sort, so, some, such, them, these (same), they, this, those, thus, which, who(-m) 2 שְׁמ֣וֹת H8034 naam, Naam, namen [phrase] base, (in-) fame(-ous), named(-d), renown, report 3 הָאֲנָשִׁ֑ים H376 man, mannen, ieder also, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה) 4 לְמַטֵּ֣ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 5 יְהוּדָ֔ה H3063 Juda Judah 6 כָּלֵ֖ב H3612 Kaleb Caleb 7 בֶּן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 8 יְפֻנֶּֽה H3312 Jefunne Jephunneh

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
20 En van den stam der kinderen van Simeon, Semuel, zoon van Ammihud;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

20 En van den stamH4294 der kinderenH1121 van SimeonH8095, SemuelH8050, zoonH1121 van AmmihudH5989; En van den stam der kinderen van Simeon, Semuel, zoon van Ammihud;

KJV And of the tribe1 of the children2 of Simeon,3 Shemuel4 the son5 of Ammihud.

1 וּלְמַטֵּה֙ H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 2 בְּנֵ֣י H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 3 שִׁמְע֔וֹן H8095 Simeon, Juda Simeon 4 שְׁמוּאֵ֖ל H8050 Samuel, Samuels, Semuel Samuel, Shemuel 5 בֶּן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 6 עַמִּיהֽוּד H5989 Ammihud Ammihud
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
21 Van den stam van Benjamin, Elidad, zoon van Chislon;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

21 Van den stamH4294 van BenjaminH1144, ElidadH449, zoonH1121 van ChislonH3692; Van den stam van Benjamin, Elidad, zoon van Chislon;

KJV Of the tribe1 of Benjamin,2 Elidad3 the son4 of Chislon.

1 לְמַטֵּ֣ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 2 בִנְיָמִ֔ן H1144 Benjamin, Benjamins, Benjaminieten Benjamin 3 אֱלִידָ֖ד H449 Elidad Elidad 4 בֶּן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 5 כִּסְלֽוֹן H3692 Chislon Chislon
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
22 En van den stam der kinderen van Dan, de overste Bukki, zoon van Jogli;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

22 En van den stamH4294 der kinderenH1121 van Dan, de oversteH5387 BukkiH1231, zoonH1121 van JogliH3020; En van den stam der kinderen van Dan, de overste Bukki, zoon van Jogli;

KJV And the prince4 of the tribe1 of the children2 of Dan,3 Bukki5 the son6 of Jogli.

1 וּלְמַטֵּ֥ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 2 בְנֵי H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 3 דָ֖ן H1835 Dan Daniel 4 נָשִׂ֑יא H5387 overste, oversten, vorst captain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour 5 בֻּקִּ֖י H1231 Bukki Bukki 6 בֶּן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 7 יָגְלִֽי H3020 Jogli Jogli
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
23 Van de kinderen van Jozef: van den stam der kinderen van Manasse, de overste Hanniel, zoon van Efod;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

23 Van de kinderenH1121 van JozefH3130: van den stamH4294 der kinderenH1121 van ManasseH4519, de oversteH5387 HannielH2592, zoonH1121 van EfodH641; Van de kinderen van Jozef: van den stam der kinderen van Manasse, de overste Hanniel, zoon van Efod;

KJV The prince6 of the children1 of Joseph,2 for the tribe3 of the children4 of Manasseh,5 Hanniel7 the son8 of Ephod.

1 לִבְנֵ֣י H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 2 יוֹסֵ֔ף H3130 Jozef, Jozefs Joseph. Compare H3084 (יְהוֹסֵף) 3 לְמַטֵּ֥ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 4 בְנֵֽי H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 5 מְנַשֶּׁ֖ה H4519 Manasse Manasseh 6 נָשִׂ֑יא H5387 overste, oversten, vorst captain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour 7 חַנִּיאֵ֖ל H2592 Hanniel Hanniel 8 בֶּן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 9 אֵפֹֽד H641 Efod Ephod
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
24 En van den stam der kinderen van Efraim, de overste Kemuel, zoon van Siftan;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

24 En van den stamH4294 der kinderenH1121 van EfraimH669, de oversteH5387 KemuelH7055, zoonH1121 van SiftanH8204; En van den stam der kinderen van Efraim, de overste Kemuel, zoon van Siftan;

KJV And the prince4 of the tribe1 of the children2 of Ephraim,3 Kemuel5 the son6 of Shiphtan.

1 וּלְמַטֵּ֥ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 2 בְנֵֽי H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 3 אֶפְרַ֖יִם H669 Efraim, Efraims, Efraimieten Ephraim, Ephraimites 4 נָשִׂ֑יא H5387 overste, oversten, vorst captain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour 5 קְמוּאֵ֖ל H7055 Kemuel Kemuel 6 בֶּן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 7 שִׁפְטָֽן H8204 Siftan Shiphtan
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
25 En van den stam der kinderen van Zebulon, de overste Elizafan, zoon van Parnach;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

25 En van den stamH4294 der kinderenH1121 van ZebulonH2074, de oversteH5387 ElizafanH469, zoonH1121 van ParnachH6535; En van den stam der kinderen van Zebulon, de overste Elizafan, zoon van Parnach;

KJV And the prince4 of the tribe1 of the children2 of Zebulun,3 Elizaphan5 the son6 of Parnach.

1 וּלְמַטֵּ֥ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 2 בְנֵֽי H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 3 זְבוּלֻ֖ן H2074 Zebulon Zebulun 4 נָשִׂ֑יא H5387 overste, oversten, vorst captain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour 5 אֱלִיצָפָ֖ן H469 Elizafan, Elzafan, Elisafan Elizaphan, Elzaphan 6 בֶּן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 7 פַּרְנָֽךְ H6535 Parnach Parnach
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
26 En van den stam der kinderen van Issaschar, de overste Paltiel, zoon van Azzan;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

26 En van den stamH4294 der kinderenH1121 van IssascharH3485, de oversteH5387 PaltielH6409, zoonH1121 van AzzanH5821; En van den stam der kinderen van Issaschar, de overste Paltiel, zoon van Azzan;

KJV And the prince4 of the tribe1 of the children2 of Issachar,3 Paltiel5 the son6 of Azzan.

1 וּלְמַטֵּ֥ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 2 בְנֵֽי H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 3 יִשָׂשכָ֖ר H3485 Issaschar Issachar 4 נָשִׂ֑יא H5387 overste, oversten, vorst captain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour 5 פַּלְטִיאֵ֖ל H6409 Paltiel Paltiel, Phaltiel 6 בֶּן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 7 עַזָּֽן H5821 Azzan Azzan
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
27 En van den stam der kinderen van Aser, de overste Achihud, zoon van Selomi;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

27 En van den stamH4294 der kinderenH1121 van AserH836, de oversteH5387 AchihudH282, zoonH1121 van SelomiH8015; En van den stam der kinderen van Aser, de overste Achihud, zoon van Selomi;

KJV And the prince4 of the tribe1 of the children2 of Asher,3 Ahihud5 the son6 of Shelomi.

1 וּלְמַטֵּ֥ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 2 בְנֵי H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 3 אָשֵׁ֖ר H836 Aser Asher 4 נָשִׂ֑יא H5387 overste, oversten, vorst captain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour 5 אֲחִיה֖וּד H282 Achihud Ahihud 6 בֶּן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 7 שְׁלֹמִֽי H8015 Selomi Shelomi
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
28 En van den stam der kinderen van Nafthali, de overste Pedael, zoon van Ammihud.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

28 En van den stamH4294 der kinderenH1121 van NafthaliH5321, de oversteH5387 PedaelH6300, zoonH1121 van AmmihudH5989. En van den stam der kinderen van Nafthali, de overste Pedael, zoon van Ammihud.

KJV And the prince4 of the tribe1 of the children2 of Naphtali,3 Pedahel5 the son6 of Ammihud.

1 וּלְמַטֵּ֥ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 2 בְנֵֽי H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 3 נַפְתָּלִ֖י H5321 Nafthali Naphtali 4 נָשִׂ֑יא H5387 overste, oversten, vorst captain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour 5 פְּדַהְאֵ֖ל H6300 Pedael Pedahel 6 בֶּן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 7 עַמִּיהֽוּד H5989 Ammihud Ammihud
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
29 Dit zijn ze, dien de HEERE geboden heeft, den kinderen Israels de erfenissen uit te delen, in het land Kanaan.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

29 DitH428 zijn ze, dienH834 de HEEREH3068 gebodenH6680 heeft, den kinderenH1121 IsraelsH3478 de erfenissenH5157 uit te delen, in het landH776 KanaanH3667. Dit zijn ze, dien de HEERE geboden heeft, den kinderen Israels de erfenissen uit te delen, in het land Kanaan.

KJV These are they whom the LORD4 commanded3 to divide the inheritance5 unto the children7 of Israel8 in the land9 of Canaan.

1 אֵ֕לֶּה H428 deze, dit, dezen an-(the) other; one sort, so, some, such, them, these (same), they, this, those, thus, which, who(-m) 2 אֲשֶׁ֖ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 3 צִוָּ֣ה H6680 geboden, gebood, gebiede appoint, (for-) bid, (give a) charge, (give a, give in, send with) command(-er, -ment), send a messenger, put, (set) in order 4 יְהוָ֑ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 5 לְנַחֵ֥ל H5157 erven, erfelijk, erve divide, have (inheritance), take as a heritage, (cause to, give to, make to) inherit, (distribute for, divide (for, for an, by), give for, have, leave for, take (for)) inheritance, (have in, cause to, be made to) possess(-ion) 6 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 7 בְּנֵֽי H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 8 יִשְׂרָאֵ֖ל H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel 9 בְּאֶ֥רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 10 כְּנָֽעַן H3667 Kanaan, koophandel, Kanaanieten Canaan, merchant, traffick
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Numeri 34:2 Genesis 17:8 Psalmen 105:11 Deuteronomium 1:7 Ezechiël 47:14 Psalmen 78:54 Genesis 12:6 Genesis 15:16 Efeze 1:18
Numeri 34:3 Genesis 14:3 Ezechiël 47:13 Jozua 3:16 Ezechiël 47:8 Ezechiël 47:18 Exodus 23:31 Jozua 15:1
Numeri 34:4 Numeri 32:8 Numeri 34:3 Numeri 13:26 Numeri 33:36 Numeri 20:1 Jozua 15:3 Numeri 13:21 Richteren 1:36
Numeri 34:5 Jozua 15:4 Genesis 15:18 Jozua 15:47 1 Koningen 8:65 Jesaja 27:12 Numeri 34:6
Numeri 34:6 Jozua 23:4 Jozua 15:47 Ezechiël 47:15 Ezechiël 47:20 Ezechiël 47:10 Jozua 1:4 Jozua 9:1 Jozua 15:12
Numeri 34:7 Numeri 33:37 Numeri 34:6 Numeri 34:3 Ezechiël 47:15 Numeri 34:9
Numeri 34:8 Numeri 13:21 2 Koningen 14:25 Ezechiël 47:15 Jeremia 39:5 Jozua 13:5 2 Samuël 8:9
Numeri 34:9 Ezechiël 47:17
Numeri 34:11 2 Koningen 23:33 Deuteronomium 3:17 Jozua 11:2 Lukas 5:1 Jozua 19:35 Jeremia 52:26 2 Koningen 25:6 Jozua 13:27
Numeri 34:12 Numeri 34:3 Genesis 14:3 Genesis 19:24 Genesis 13:10
Numeri 34:13 Jozua 14:1 Numeri 34:1
Numeri 34:14 Numeri 32:33 Jozua 13:8 Deuteronomium 3:12 Numeri 32:23 Jozua 14:2
Numeri 34:15 Numeri 32:32
Numeri 34:17 Jozua 14:1 Jozua 19:51 Numeri 13:16 Numeri 13:8
Numeri 34:18 Numeri 1:4
Numeri 34:19 Numeri 26:65 Numeri 13:30 Numeri 14:30 Genesis 29:35 Numeri 14:38 Numeri 14:24 Deuteronomium 33:7 Numeri 14:6
Numeri 34:20 Genesis 49:5
Numeri 34:21 Psalmen 68:27 Genesis 49:27
Numeri 34:29 Numeri 34:18 Jozua 19:51
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Numeri 34 vers 2

vallen zal, Door loting ten deel zal vallen, of uitgedeeld worden.

Hertaald: vallen zal, Door loting zal toevallen, of uitgedeeld worden.

landpalen Die in het volgende beschreven worden; vergelijk hiermede Gen. 10:19, en Gen. 15:18; Ex. 23:31; Deut. 1:7, en Deut. 11:24; Joz. 1:4.

Hertaald: landpalen Die hierna beschreven worden; vergelijk hiermee Gen. 10:19 en Gen. 15:18; Ex. 23:31; Deut. 1:7 en Deut. 11:24; Joz. 1:4.

Numeri 34 vers 3

aan de zijden van Edom; Dat is, langs de landpalen of grenzen der Edomieten. Zie Joz. 15:1.

Hertaald: aan de zijden van Edom; Dat is: langs de grenzen van de Edomieten. Zie Joz. 15:1.

Zoutzee tegen het oosten; Anders genoemd de Dode zee. Zie Gen. 14:3.

Hertaald: Zoutzee tegen het oosten; Ook wel de Dode Zee genoemd. Zie Gen. 14:3.

Numeri 34 vers 4

Akrábbim, Dat is, der scorpioenen, waarvan deze plaats den naam kan hebben ontvangen; zie Deut. 8:15. Dit was aan de zuidelijke einde van de Zoutzee en het oostelijke einde van het gebergte van Edom.

Hertaald: Akrábbim, Dat is: der schorpioenen, waar deze plaats haar naam mogelijk aan ontleend heeft; zie Deut. 8:15. Dit lag aan het zuidelijke uiteinde van de Zoutzee en het oostelijke uiteinde van het Edomitische gebergte.

haar uitgangen zullen zijn, Dat is uitgangen dezer landpale.

Hertaald: haar uitgangen zullen zijn, Dat is: uiteinden van deze grens.

van het zuiden naar Kades-barnéa; Anders, tegen

Hertaald: van het zuiden naar Kades-barnéa; Ook mogelijk: tegen.

Hazar-addar, Deze twee plaatsen worden hier samengevoegd, als nabij elkander gelegen. Vergelijk Joz. 15:3, waar zij van elkander worden afgescheiden, en de eerste genoemd Hezron. De kaarten stellen haar beiden aan de noordelijke zijde van het gebergte van Edom, niet ver van Azmon.

Hertaald: Hazar-addar, Deze twee plaatsen worden hier samengevoegd, als dicht bij elkaar gelegen. Vergelijk Joz. 15:3, waar zij van elkaar onderscheiden worden, en de eerste Hezron genoemd wordt. De kaarten plaatsen ze beide aan de noordzijde van het Edomitische gebergte, niet ver van Azmon.

Azmon Gelegen aan het westeinde van het gebergte van Edom, niet ver van Gerar.

Hertaald: Azmon Gelegen aan het westelijke uiteinde van het Edomitische gebergte, niet ver van Gerar.

Numeri 34 vers 5

van Egypte, Die Egypte van het Joodse land afscheidt. Vergelijk Gen. 15:18. Anders, naar het dal, of, vallei van Egypte, want aldaar waren moerassige laagten.

Hertaald: van Egypte, Die Egypte van het Joodse land scheidt. Vergelijk Gen. 15:18. Ook mogelijk: naar het dal, of de vallei van Egypte, want daar waren moerassige laagten.

naar de zee Dat is, naar het westen. Zie Gen. 12:8.

Hertaald: naar de zee Dat is: naar het westen. Zie Gen. 12:8.

Numeri 34 vers 6

westen, Hebreeuws, zee; en zo in het volgende.

Hertaald: westen, Hebreeuws: zee; zo ook hierna.

grote zee de landpale zijn; Versta, de Middellandse zee, genoemd de Grote zee, in vergelijking der andere wateren en zeeën of meren, die omtrent het Joodse land zijn.

Hertaald: grote zee de landpale zijn; Versta: de Middellandse Zee, de Grote Zee genoemd, in vergelijking met de andere wateren en zeeën of meren die rond het Joodse land liggen.

Numeri 34 vers 7

Hor aftekenen Dit is niet geweest de berg Hor, op welken Aäron gestorven is, boven, Num. 33:38, maar een andere, ook genoemd Hermon, aan het westeinde van het gebergte Libanon. Uit vergelijking van Joz. 13:5, met dit en vs.8. Dat de berg Hermon verscheidene namen gehad heeft, blijkt uit Deut. 3:9, en Deut. 4:48. Sommigen nemen het voor een berg aan de zee gelegen, die als een hoofd, of kaap [gelijk wij nu spreken] uitstak.

Hertaald: Hor aftekenen Dit was niet de berg Hor, waarop Aäron gestorven is, hierboven, Num. 33:38, maar een andere, ook Hermon genoemd, aan het westelijke uiteinde van het Libanongebergte. Uit vergelijking van Joz. 13:5 met dit vers en vers 8 blijkt dat de berg Hermon verschillende namen heeft gehad, zoals te zien is in Deut. 3:9 en Deut. 4:48. Sommigen nemen het voor een berg bij de zee, die als een kop, of kaap [zoals wij nu zeggen] naar voren stak.

Numeri 34 vers 8

Hamath; Een vermaarde koninklijke stad, aan den voet van het gebergte Libanon. Zie Gen. 10:18; boven, Num. 13:21; Joz. 13:5; Richt. 3:3; 2 Sam. 8:9; 1 Kon. 8:65; 2 Kon. 14:25, 2 Kon. 14:28, en 2 Kon. 17:24, 2 Kon. 17:30, en 2 Kon. 23:33; Jer. 49:23; Ezech. 47:16-17, en Ezech. 48:1; Am. 6:2; Zach. 9:2.

Hertaald: Hamath; Een beroemde koninklijke stad, aan de voet van het Libanongebergte. Zie Gen. 10:18; hierboven, Num. 13:21; Joz. 13:5; Richt. 3:3; 2 Sam. 8:9; 1 Kon. 8:65; 2 Kon. 14:25, 2 Kon. 14:28, en 2 Kon. 17:24, 2 Kon. 17:30, en 2 Kon. 23:33; Jer. 49:23; Ezech. 47:16-17 en Ezech. 48:1; Am. 6:2; Zach. 9:2.

Zedad Deze en de volgende plaatsen strekten langs het gebergte Libanon van Hamath af, voorts aan de westzijde van de Jordaan, waar die begint, tot aan de zee Cinnereth of Gennesareth.

Hertaald: Zedad Deze en de volgende plaatsen liepen langs het Libanongebergte, vanaf Hamath, verder aan de westzijde van de Jordaan, waar die begint, tot aan de zee Cinnereth of Gennesareth.

Numeri 34 vers 10

Sefam Ook, naar sommiger gevoelen, genoemd Sifamoth; 1 Sam. 30:28.

Hertaald: Sefam Ook wel, volgens sommigen, Sifamoth genoemd; 1 Sam. 30:28.

Numeri 34 vers 11

oever van de zee Hebreeuws, schouder

Hertaald: oever van de zee Hebreeuws: schouder.

Cinnereth Naderhand genoemd Gennesareth, bekend in de Evangelische historie. Zie ook Deut. 3:17.

Hertaald: Cinnereth Later Gennesareth genoemd, bekend uit de evangelische geschiedenis. Zie ook Deut. 3:17.

Numeri 34 vers 12

langs de Jordaan, Hebreeuws, naar de Jordaan; te weten, daar en zo als deze rivier van de zee Cinnereth voortloopt en ten laatste valt in de Zoutzee.

Hertaald: langs de Jordaan, Hebreeuws: naar de Jordaan; namelijk daar en zoals deze rivier vanaf de zee Cinnereth stroomt en uiteindelijk in de Zoutzee uitmondt.

Numeri 34 vers 14

heeft zijn erfenis ontvangen Hebreeuws, hebben.

Hertaald: heeft zijn erfenis ontvangen Hebreeuws: hebben.

Numeri 34 vers 15

opgang Te weten, der zon.

Hertaald: opgang Namelijk: van de zon.

Numeri 34 vers 18

uit elken stam een overste nemen, Hebreeuws, een overste, of vorst, een overste uit een stam.

Hertaald: uit elken stam een overste nemen, Hebreeuws: een overste, of vorst, een overste uit een stam.

Numeri 34 vers 22

van den stam der kinderen van Dan, Of, van den stam der kinderen Dans, een overste: [te weten], Bukki, enz. en alzo in het volgende.

Hertaald: van den stam der kinderen van Dan, Of: van de stam van de Danieten, een overste: [namelijk] Bukki, enzovoort; en zo ook hierna.

Numeri 34 vers 29

geboden heeft, Of, gesteld, verordineerd heeft, om enz.; vergelijk 2 Sam. 6:21, en 2 Sam. 7:11, enz.

Hertaald: geboden heeft, Of: bepaald, verordend heeft; vergelijk 2 Sam. 6:21 en 2 Sam. 7:11.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Namen Personen die in dit hoofdstuk genoemd worden
Kaleb  — hond, of: onstuimig, voortvarend

De zoon van Jefunne, die namens de stam Juda als een van de twaalf verspieders het land Kanaän verkende. Samen met Jozua alleen bracht hij een goed bericht en spoorde hij het volk aan het land in te nemen, in vertrouwen op de HEERE (Num. 13:30; 14:6-9). Om zijn geloof mocht hij, als een van de weinigen van zijn generatie, later toch het beloofde land binnengaan.

Alle bijbelse namen in één overzicht →

Easton’s Bible Dictionary, © hertaald naar het Nederlands door Teun van der Plas

Bijbelse Plaatsen Plaatsen die in dit hoofdstuk genoemd worden
Kades (Kades-Barnea)  — Hebreeuws voor "heilig" of "geheiligd"

Ligging: Gelegen aan de zuidgrens van Kanaän, aan de rand van de woestijn Paran/Zin, vermoedelijk te identificeren met het bronnengebied van Ain el-Qudeirat, zo'n 80 km ten zuiden van Beër-Seba (naast, enkele kilometers verderop, het eveneens genoemde Ain Qedeis).

Geschiedenis: Reeds terloops genoemd in Gen. 14:7 (als En-Mispat) en Gen. 16:14 en 20:1, maar hier voor het eerst het toneel van een beslissende gebeurtenis: van hieruit werden de twaalf verspieders uitgezonden (Num. 13:26), en hier weigerde het volk, na hun ontmoedigend verslag, in geloof het land in te trekken — waarop de HEERE zwoer dat heel die generatie (op Jozua en Kaleb na) in de woestijn zou sterven (Num. 14). Israël verbleef vervolgens "vele dagen" in en om Kades (Deut. 1:46), en keerde er tegen het einde van de veertig jaar opnieuw naartoe (Num. 20).

Bijbelse betekenis: De plaats van Israëls grootste geloofscrisis in de woestijn: hier werd, op de drempel van de belofte, het ongeloof van een hele generatie beslissend — een aangrijpende les die Psalm 95 en Hebreeën 3-4 gebruiken als blijvende waarschuwing om, zo men Zijn stem hoort, het hart niet te verharden.

Archeologie: Bij Ain el-Qudeirat (in de Negev, nabij de Egyptische grens) zijn resten van een Israëlitische vesting uit de koningstijd opgegraven; sporen uit de tijd van de uittocht zelf zijn, zoals bij vrijwel alle woestijnkampementen, niet met zekerheid aangetroffen.

Recente inzichten: De precieze identificatie van Kades blijft onder geleerden voorwerp van bespreking; dit raakt uitsluitend de exacte plaatsbepaling, niet de historiciteit van de gebeurtenissen zelf.

Gen. 14:7; 16:14; 20:1; Num. 13:26; 14; 20:1, 14, 16, 22; 32:8; 33:36-37; Deut. 1:2, 19, 46; Ps. 95:8-11; Hebr. 3:7-4:11

De opgang van Akrabbim  — Hebreeuws voor "schorpioenenklim/-pas"

Ligging: Een bergpas ten zuidwesten van de Dode Zee, op de zuidgrens van het beloofde land.

Geschiedenis: Genoemd als vast punt op de zuidgrens van het land dat Israël in bezit zou nemen (Num. 34:4), en later herhaald als de zuidgrens van het gebied van de Amorieten/het rijk van Juda (Joz. 15:3; Richt. 1:36).

Bijbelse betekenis: Onderdeel van de nauwkeurig omschreven grenzen van het beloofde land — een teken dat de belofte aan de aartsvaders niet in het vage bleef, maar door de HEERE Zelf tot in de kleinste bijzonderheden werd vastgelegd.

Num. 34:4; Joz. 15:3; Richt. 1:36

De beek van Egypte  — een "beek" (Hebreeuws "nachal", een wadi/winterstroom) op de grens met Egypte — niet de Nijl zelf

Ligging: Doorgaans geïdentificeerd met de huidige Wadi el-Arish, die in de Middellandse Zee uitmondt en van oudsher de natuurlijke grens tussen Kanaän/Israël en Egypte vormde.

Geschiedenis: Vastgelegd als het zuidwestelijke eindpunt van de zuidgrens van het beloofde land, tot aan de Grote Zee (Num. 34:5). Later herhaaldelijk als vaste grensaanduiding gebruikt, onder meer voor de omvang van Salomo's rijk (1 Kon. 8:65) en in de profetische beschrijving van het toekomstige land (Ez. 47:19; 48:28).

Bijbelse betekenis: Een van de vaste geografische ijkpunten die door de hele Schrift heen de grenzen van het land aanduiden dat de HEERE aan Israël beloofd had, van de "beek van Egypte" tot de Eufraat (vgl. Gen. 15:18).

Num. 34:5; Joz. 15:4, 47; 1 Kon. 8:65; 2 Kon. 24:7; 2 Kron. 7:8; Jes. 27:12; Ez. 47:19; 48:28

Overige grensplaatsen van het beloofde land  — een verzamelartikel voor de resterende, in de Schrift verder nergens toegelichte grenspunten uit de beschrijving van Num. 34

Ligging: Verspreid langs de noord- en oostgrens van het beloofde land, zoals in Num. 34 omschreven; geen van deze plaatsen is met zekerheid te identificeren.

Geschiedenis: Na de zuid- en westgrens (zie de artikelen bij de opgang van Akrabbim en de beek van Egypte) beschrijft Num. 34 ook de noord- en oostgrens van het land, met een reeks grenspunten die verder nergens in de Schrift terugkeren: op de noordgrens (34:7-9) een berg Hor — een andere dan de berg Hor waar Aäron stierf (Num. 20), gelegen bij "de ingang van Hamath" (vgl. het eerdere artikel bij Rehob, Num. 13:21) — met Zedad, Zifron en Hazar-Enan; op de oostgrens (34:10-12) Sefam, met Ribla "aan de oostzijde van Ain" (eveneens een andere Ribla dan de bekende latere legerplaats van Nebukadnezar in het land Hamath, 2 Kon. 25:6, 20-21), aflopend naar de zee Cinnereth (het latere meer van Galilea) en vandaar de Jordaan af tot de Zoutzee.

Bijbelse betekenis: Ook deze verder onbekende grenspunten onderstrepen hoe zorgvuldig en concreet de HEERE de omvang van het beloofde land aan Zijn volk vastlegde, tot in details die voor de latere lezer nauwelijks nog te herleiden zijn.

Num. 34:7-12

Alle bijbelse plaatsen in één overzicht →

© Vertaling ISB Encyclopedia en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Numeri 34

Spurgeon heeft geen commentaar gegeven op dit hoofdstuk.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content