Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar
De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.
i
Over deze StudieBijbel
Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.
De Bijbeltekst
De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.
De kanttekeningen
De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.
De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.
Het commentaar, de citaten en de overdenkingen
Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.
De verklaring van Dächsel
Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.
Namen, plaatsen en begrippen
De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.
Christus in dit hoofdstuk
Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.
Waarom deze uitgave bijzonder is
Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.
Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.
1En de HEERE sprak tot Mozes en tot Aaron, zeggende:
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
1En de HEEREH3068sprakH1696totH413MozesH4872 en totH413AaronH175, zeggendeH559:En de HEERE sprak tot Mozes en tot Aaron, zeggende:
KJVAnd the LORD2spake1unto Moses4and unto Aaron,6saying,
2De kinderen Israels zullen zich legeren, een ieder onder zijn banier, naar de tekenen van het huis hunner vaderen; rondom tegenover de tent der samenkomst zullen zij zich legeren.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
2De kinderenH1121IsraelsH3478 zullen zich legerenH2583, een iederH376 onder zijn banierH1714, naar de tekenenH226 van het huisH1004 hunner vaderenH1; rondomH5439tegenoverH5048 de tentH168 der samenkomstH4150 zullen zij zich legerenH2583.De kinderen Israels zullen zich legeren, een ieder onder zijn banier, naar de tekenen van het huis hunner vaderen; rondom tegenover de tent der samenkomst zullen zij zich legeren.
KJVEvery man1of the children8of Israel9shall pitch7by his own standard,3with the ensign4of their father's6house:5far off10about11the tabernacle12of the congregation13shall they pitch.
1אִ֣ישׁH376man, mannen, iederalso, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה)2עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with3דִּגְל֤וֹH1714banier, banierenbanner, standard4בְאֹתֹת֙H226teken, tekenenmark, miracle, (en-) sign, token5לְבֵ֣יתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)6אֲבֹתָ֔םH1vader, vaderen, vaderschief, (fore-) father(-less), [idiom] patrimony, principal. Compare names in 'Abi-'7יַחֲנ֖וּH2583legerden, legeren, gelegerdabide (in tents), camp, dwell, encamp, grow to an end, lie, pitch (tent), rest in tent8בְּנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth9יִשְׂרָאֵ֑לH3478Israel, Israels, IsraelietenIsrael10מִנֶּ֕גֶדH5048tegenover, tegenwoordigheidabout, (over) against, [idiom] aloof, [idiom] far (off), [idiom] from, over, presence, [idiom] other side, sight, [idiom] to view11סָבִ֥יבH5439rondom, Rondom, omgangen(place, round) about, circuit, compass, on every side12לְאֹֽהֶלH168tent, tenten, huttencovering, (dwelling) (place), home, tabernacle, tent13מוֹעֵ֖דH4150samenkomst, gezette hoogtijden, tijdappointed (sign, time), (place of, solemn) assembly, congregation, (set, solemn) feast, (appointed, due) season, solemn(-ity), synogogue, (set) time (appointed)14יַחֲנֽוּH2583legerden, legeren, gelegerdabide (in tents), camp, dwell, encamp, grow to an end, lie, pitch (tent), rest in tent
3Die zich nu legeren zullen oostwaarts tegen den opgang, zal zijn de banier des legers van Juda, naar hun heiren; en Nahesson, de zoon van Amminadab, zal de overste der zonen van Juda zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
3Die zich nu legerenH2583 zullen oostwaartsH6924 tegen den opgangH4217, zal zijn de banierH1714 des legersH4264 van JudaH3063, naar hun heirenH6635; en NahessonH5177, de zoonH1121 van AmminadabH5992, zal de oversteH5387 der zonenH1121 van JudaH3063 zijn.Die zich nu legeren zullen oostwaarts tegen den opgang, zal zijn de banier des legers van Juda, naar hun heiren; en Nahesson, de zoon van Amminadab, zal de overste der zonen van Juda zijn.
KJVAnd on the east side2toward the rising3of the sun shall they of the standard4of the camp5of Judah6pitch1throughout their armies:7and Nahshon11the son9of Amminadab13shall be captain8of the children12of Judah.
1וְהַחֹנִים֙H2583legerden, legeren, gelegerdabide (in tents), camp, dwell, encamp, grow to an end, lie, pitch (tent), rest in tent2קֵ֣דְמָהH6924oosten, ouds, oostwaartsaforetime, ancient (time), before, east (end, part, side, -ward), eternal, [idiom] ever(-lasting), forward, old, past. Compare H6926 (קִדְמָה)3מִזְרָ֔חָהH4217oosten, opgang, oostwaartseast (side, -ward), (sun-) rising (of the sun)4דֶּ֛גֶלH1714banier, banierenbanner, standard5מַחֲנֵ֥הH4264leger, legers, heirlegerarmy, band, battle, camp, company, drove, host, tents6יְהוּדָ֖הH3063JudaJudah7לְצִבְאֹתָ֑םH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)8וְנָשִׂיא֙H5387overste, oversten, vorstcaptain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour9לִבְנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth10יְהוּדָ֔הH3063JudaJudah11נַחְשׁ֖וֹןH5177NahessonNaashon, Nahshon12בֶּןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth13עַמִּינָדָֽבH5992AmminadabAmminadab
4Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en zeventig duizend en zeshonderd.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
4Zijn heirH6635 nu, en zijn geteldenH6485 waren vierH702 en zeventigH7657duizendH505 en zeshonderdH8337.Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en zeventig duizend en zeshonderd.
KJVAnd his host,1and those that were numbered2of them, were threescore and fourteen4thousand5and six6hundred.
1וּצְבָא֖וֹH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)2וּפְקֻדֵיהֶ֑םH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3אַרְבָּעָ֧הH702vier, vierhonderd, veertienfour4וְשִׁבְעִ֛יםH7657zeventig, Zeventig, duizend zeventigseventy, threescore and ten ([phrase] -teen)5אֶ֖לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand6וְשֵׁ֥שׁH8337zes, zeshonderd, zestiensix(-teen, -teenth), sixth7מֵאֽוֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore
5En nevens zal zich legeren de stam van Issaschar; en Nethaneel, de zoon van Zuar, zal de overste der zonen van Issaschar zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
5En nevensH5921 zal zich legerenH2583 de stamH4294 van IssascharH3485; en NethaneelH5417, de zoonH1121 van ZuarH6686, zal de oversteH5387 der zonenH1121 van IssascharH3485 zijn.En nevens zal zich legeren de stam van Issaschar; en Nethaneel, de zoon van Zuar, zal de overste der zonen van Issaschar zijn.
KJVAnd those that do pitch1next unto him shall be the tribe3of Issachar:4and Nethaneel8the son6of Zuar10shall be captain5of the children9of Issachar.
1וְהַחֹנִ֥יםH2583legerden, legeren, gelegerdabide (in tents), camp, dwell, encamp, grow to an end, lie, pitch (tent), rest in tent2עָלָ֖יוH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with3מַטֵּ֣הH4294stam, staf, stammenrod, staff, tribe4יִשָּׂשכָ֑רH3485IssascharIssachar5וְנָשִׂיא֙H5387overste, oversten, vorstcaptain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour6לִבְנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth7יִשָּׂשכָ֔רH3485IssascharIssachar8נְתַנְאֵ֖לH5417Nethaneel, NathaneelNethaneel9בֶּןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth10צוּעָֽרH6686ZuarZuar
6Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en vijftig duizend en vierhonderd.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
6Zijn heirH6635 nu, en zijn geteldenH6485 waren vierH702 en vijftigH2572duizendH505 en vierhonderdH702.Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en vijftig duizend en vierhonderd.
KJVAnd his host,1and those that were numbered2thereof, were fifty4and four3thousand5and four6hundred.
1וּצְבָא֖וֹH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)2וּפְקֻדָ֑יוH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3אַרְבָּעָ֧הH702vier, vierhonderd, veertienfour4וַחֲמִשִּׁ֛יםH2572vijftig, vijftigen, vijftigstefifty5אֶ֖לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand6וְאַרְבַּ֥עH702vier, vierhonderd, veertienfour7מֵאֽוֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore
7Daartoe de stam van Zebulon; en Eliab, de zoon van Helon, zal de overste der zonen van Zebulon zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
7Daartoe de stamH4294 van ZebulonH2074; en EliabH446, de zoonH1121 van HelonH2497, zal de oversteH5387 der zonenH1121 van ZebulonH2074 zijn.Daartoe de stam van Zebulon; en Eliab, de zoon van Helon, zal de overste der zonen van Zebulon zijn.
KJVThen the tribe1of Zebulun:2and Eliab6the son4of Helon8shall be captain3of the children7of Zebulun.
1מַטֵּ֖הH4294stam, staf, stammenrod, staff, tribe2זְבוּלֻ֑ןH2074ZebulonZebulun3וְנָשִׂיא֙H5387overste, oversten, vorstcaptain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour4לִבְנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth5זְבוּלֻ֔ןH2074ZebulonZebulun6אֱלִיאָ֖בH446EliabEliab7בֶּןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth8חֵלֹֽןH2497HelonHelon
8Zijn heir nu, en zijn getelden waren zeven en vijftig duizend en vierhonderd.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
8Zijn heirH6635 nu, en zijn geteldenH6485 waren zevenH7651 en vijftigH2572duizendH505 en vierhonderdH702.Zijn heir nu, en zijn getelden waren zeven en vijftig duizend en vierhonderd.
KJVAnd his host,1and those that were numbered2thereof, were fifty4and seven3thousand5and four6hundred.
1וּצְבָא֖וֹH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)2וּפְקֻדָ֑יוH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3שִׁבְעָ֧הH7651zeven, zevenhonderd, zevenmaal([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה)4וַחֲמִשִּׁ֛יםH2572vijftig, vijftigen, vijftigstefifty5אֶ֖לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand6וְאַרְבַּ֥עH702vier, vierhonderd, veertienfour7מֵאֽוֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore
9Al de getelden des legers van Juda waren honderd zes en tachtig duizend en vierhonderd, naar hun heiren. Zij zullen vooraan optrekken.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
9AlH3605 de geteldenH6485 des legersH4264 van JudaH3063 waren honderdH3967zesH8337 en tachtigH8084duizendH505 en vierhonderdH702, naar hun heirenH6635. Zij zullen vooraanH7223optrekkenH5265.Al de getelden des legers van Juda waren honderd zes en tachtig duizend en vierhonderd, naar hun heiren. Zij zullen vooraan optrekken.
KJVAll that were numbered2in the camp3of Judah4were an hundred5thousand6and fourscore7thousand8and six9thousand10and four11hundred,12throughout their armies.13These shall first14set forth.
1כָּֽלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)2הַפְּקֻדִ֞יםH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3לְמַחֲנֵ֣הH4264leger, legers, heirlegerarmy, band, battle, camp, company, drove, host, tents4יְהוּדָ֗הH3063JudaJudah5מְאַ֨תH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore6אֶ֜לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand7וּשְׁמֹנִ֥יםH8084tachtig, tachtigste, tweehonderdeighty(-ieth), fourscore8אֶ֛לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand9וְשֵֽׁשֶׁתH8337zes, zeshonderd, zestiensix(-teen, -teenth), sixth10אֲלָפִ֥יםH505duizend, duizenden, twee duizendthousand11וְאַרְבַּעH702vier, vierhonderd, veertienfour12מֵא֖וֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore13לְצִבְאֹתָ֑םH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)14רִאשֹׁנָ֖הH7223eerste, vorige, eerstenancestor, (that were) before(-time), beginning, eldest, first, fore(-father) (-most), former (thing), of old time, past15יִסָּֽעוּH5265verreisden, reisden, optrekkencause to blow, bring, get, (make to) go (away, forth, forward, onward, out), (take) journey, march, remove, set aside (forward), [idiom] still, be on his (go their) way
10De banier des legers van Ruben, naar hun heiren, zal tegen het zuiden zijn; en Elizur, de zoon van Sedeur, zal de overste der zonen van Ruben zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
10De banierH1714 des legersH4264 van RubenH7205, naar hun heirenH6635, zal tegen het zuidenH8486 zijn; en ElizurH468, de zoonH1121 van SedeurH7707, zal de oversteH5387 der zonenH1121 van RubenH7205 zijn.De banier des legers van Ruben, naar hun heiren, zal tegen het zuiden zijn; en Elizur, de zoon van Sedeur, zal de overste der zonen van Ruben zijn.
KJVOn the south side4shall be the standard1of the camp2of Reuben3according to their armies:5and the captain6of the children7of Reuben8shall be Elizur9the son10of Shedeur.
1דֶּ֣גֶלH1714banier, banierenbanner, standard2מַחֲנֵ֧הH4264leger, legers, heirlegerarmy, band, battle, camp, company, drove, host, tents3רְאוּבֵ֛ןH7205Ruben, Rubens, stam RubenReuben4תֵּימָ֖נָהH8486zuiden, zuidwaarts, zuidenwindsouth (side, -ward, wind)5לְצִבְאֹתָ֑םH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)6וְנָשִׂיא֙H5387overste, oversten, vorstcaptain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour7לִבְנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth8רְאוּבֵ֔ןH7205Ruben, Rubens, stam RubenReuben9אֱלִיצ֖וּרH468ElizurElizur10בֶּןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth11שְׁדֵיאֽוּרH7707SedeurShedeur
11Zijn heir nu, en zijn getelden waren zes en veertig duizend en vijfhonderd.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
11Zijn heirH6635 nu, en zijn geteldenH6485 waren zesH8337 en veertigH705duizendH505 en vijfhonderdH2568.Zijn heir nu, en zijn getelden waren zes en veertig duizend en vijfhonderd.
KJVAnd his host,1and those that were numbered2thereof, were forty4and six3thousand5and five6hundred.
1וּצְבָא֖וֹH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)2וּפְקֻדָ֑יוH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3שִׁשָּׁ֧הH8337zes, zeshonderd, zestiensix(-teen, -teenth), sixth4וְאַרְבָּעִ֛יםH705veertig, veertigste, Veertig-forty5אֶ֖לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand6וַחֲמֵ֥שׁH2568vijf, vijfhonderd, vijftienfif(-teen), fifth, five ([idiom] apiece)7מֵאֽוֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore
12En nevens hem zal zich legeren de stam van Simeon; en Selumiel, de zoon van Zurisaddai, zal de overste der zonen van Simeon zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
12En nevensH5921 hem zal zich legerenH2583 de stamH4294 van SimeonH8095; en SelumielH8017, de zoonH1121 van ZurisaddaiH6701, zal de oversteH5387 der zonenH1121 van SimeonH8095 zijn.En nevens hem zal zich legeren de stam van Simeon; en Selumiel, de zoon van Zurisaddai, zal de overste der zonen van Simeon zijn.
KJVAnd those which pitch1by him shall be the tribe3of Simeon:4and the captain5of the children6of Simeon7shall be Shelumiel8the son9of Zurishaddai.
1וְהַחוֹנִ֥םH2583legerden, legeren, gelegerdabide (in tents), camp, dwell, encamp, grow to an end, lie, pitch (tent), rest in tent2עָלָ֖יוH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with3מַטֵּ֣הH4294stam, staf, stammenrod, staff, tribe4שִׁמְע֑וֹןH8095Simeon, JudaSimeon5וְנָשִׂיא֙H5387overste, oversten, vorstcaptain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour6לִבְנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth7שִׁמְע֔וֹןH8095Simeon, JudaSimeon8שְׁלֻמִיאֵ֖לH8017SelumielShelumiel9בֶּןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth10צוּרִֽיH6701ZurisaddaiZurishaddai11שַׁדָּֽיH6701ZurisaddaiZurishaddai
13Zijn heir nu, en zijn getelden waren negen en vijftig duizend en driehonderd.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
13Zijn heirH6635 nu, en zijn geteldenH6485 waren negenH8672 en vijftigH2572duizendH505 en driehonderdH7969.Zijn heir nu, en zijn getelden waren negen en vijftig duizend en driehonderd.
KJVAnd his host,1and those that were numbered2of them, were fifty4and nine3thousand5and three6hundred.
1וּצְבָא֖וֹH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)2וּפְקֻדֵיהֶ֑םH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3תִּשְׁעָ֧הH8672negen, negenhonderd, negendennine ([phrase] -teen, [phrase] -teenth, -th)4וַחֲמִשִּׁ֛יםH2572vijftig, vijftigen, vijftigstefifty5אֶ֖לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand6וּשְׁלֹ֥שׁH7969drie, driehonderd, dertien[phrase] fork, [phrase] often(-times), third, thir(-teen, -teenth), three, [phrase] thrice. Compare H7991 (שָׁלִישׁ)7מֵאֽוֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore
14Daartoe de stam van Gad; en Eljasaf, de zoon van Rehuel, zal de overste der zonen van Gad zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
14Daartoe de stamH4294 van GadH1410; en EljasafH460, de zoonH1121 van RehuelH7467, zal de oversteH5387 der zonenH1121 van GadH1410 zijn.Daartoe de stam van Gad; en Eljasaf, de zoon van Rehuel, zal de overste der zonen van Gad zijn.
KJVThen the tribe1of Gad:2and the captain3of the sons4of Gad5shall be Eliasaph6the son7of Reuel.
1וְמַטֵּ֖הH4294stam, staf, stammenrod, staff, tribe2גָּ֑דH1410GadGad3וְנָשִׂיא֙H5387overste, oversten, vorstcaptain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour4לִבְנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth5גָ֔דH1410GadGad6אֶלְיָסָ֖ףH460EljasafEliasaph7בֶּןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth8רְעוּאֵֽלH7467Rehuel, ReuelRaguel, Reuel
15Zijn heir nu, en zijn getelden waren vijf en veertig duizend zeshonderd en vijftig.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
15Zijn heirH6635 nu, en zijn geteldenH6485 waren vijfH2568 en veertigH705duizendH505zeshonderdH8337 en vijftigH2572.Zijn heir nu, en zijn getelden waren vijf en veertig duizend zeshonderd en vijftig.
KJVAnd his host,1and those that were numbered2of them, were forty4and five3thousand5and six6hundred7and fifty.
1וּצְבָא֖וֹH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)2וּפְקֻדֵיהֶ֑םH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3חֲמִשָּׁ֤הH2568vijf, vijfhonderd, vijftienfif(-teen), fifth, five ([idiom] apiece)4וְאַרְבָּעִים֙H705veertig, veertigste, Veertig-forty5אֶ֔לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand6וְשֵׁ֥שׁH8337zes, zeshonderd, zestiensix(-teen, -teenth), sixth7מֵא֖וֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore8וַחֲמִשִּֽׁיםH2572vijftig, vijftigen, vijftigstefifty
16Al de getelden in het leger van Ruben waren honderd een en vijftig duizend vierhonderd en vijftig; naar hun heiren. En zij zullen de tweede optrekken.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
16AlH3605 de geteldenH6485 in het legerH4264 van RubenH7205 waren honderdH3967eenH259 en vijftigH2572duizendH505vierhonderdH702 en vijftigH2572; naar hun heirenH6635. En zij zullen de tweedeH8145optrekkenH5265.Al de getelden in het leger van Ruben waren honderd een en vijftig duizend vierhonderd en vijftig; naar hun heiren. En zij zullen de tweede optrekken.
KJVAll that were numbered2in the camp3of Reuben4were an hundred5thousand6and fifty8and one7thousand9and four10hundred11and fifty,12throughout their armies.13And they shall set forth15in the second rank.
1כָּֽלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)2הַפְּקֻדִ֞יםH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3לְמַחֲנֵ֣הH4264leger, legers, heirlegerarmy, band, battle, camp, company, drove, host, tents4רְאוּבֵ֗ןH7205Ruben, Rubens, stam RubenReuben5מְאַ֨תH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore6אֶ֜לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand7וְאֶחָ֨דH259een, ene, enerleia, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together,8וַחֲמִשִּׁ֥יםH2572vijftig, vijftigen, vijftigstefifty9אֶ֛לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand10וְאַרְבַּעH702vier, vierhonderd, veertienfour11מֵא֥וֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore12וַחֲמִשִּׁ֖יםH2572vijftig, vijftigen, vijftigstefifty13לְצִבְאֹתָ֑םH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)14וּשְׁנִיִּ֖םH8145tweede, tweeden, andermaalagain, either (of them), (an-) other, second (time)15יִסָּֽעוּH5265verreisden, reisden, optrekkencause to blow, bring, get, (make to) go (away, forth, forward, onward, out), (take) journey, march, remove, set aside (forward), [idiom] still, be on his (go their) way
17Daarna zal de tent der samenkomst optrekken, met het leger der Levieten, in het midden van de legers; gelijk als zij zich legeren zullen, alzo zullen zij optrekken, een iegelijk aan zijn plaats, naar hun banieren.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
17Daarna zal de tentH168 der samenkomstH4150optrekkenH5265, met het legerH4264 der LevietenH3881, in het middenH8432 van de legersH4264; gelijk als zij zich legerenH2583 zullen, alzoH3651 zullen zij optrekkenH5265, een iegelijkH376aanH5921 zijn plaatsH3027, naar hun banierenH1714.Daarna zal de tent der samenkomst optrekken, met het leger der Levieten, in het midden van de legers; gelijk als zij zich legeren zullen, alzo zullen zij optrekken, een iegelijk aan zijn plaats, naar hun banieren.
KJVThen the tabernacle2of the congregation3shall set forward1with the camp4of the Levites5in the midst6of the camp:7as they encamp,9so shall they set forward,11every man12in his place14by their standards.
1וְנָסַ֧עH5265verreisden, reisden, optrekkencause to blow, bring, get, (make to) go (away, forth, forward, onward, out), (take) journey, march, remove, set aside (forward), [idiom] still, be on his (go their) way2אֹֽהֶלH168tent, tenten, huttencovering, (dwelling) (place), home, tabernacle, tent3מוֹעֵ֛דH4150samenkomst, gezette hoogtijden, tijdappointed (sign, time), (place of, solemn) assembly, congregation, (set, solemn) feast, (appointed, due) season, solemn(-ity), synogogue, (set) time (appointed)4מַחֲנֵ֥הH4264leger, legers, heirlegerarmy, band, battle, camp, company, drove, host, tents5הַלְוִיִּ֖םH3881Levieten, Leviet, LevietischeLeviite6בְּת֣וֹךְH8432midden, middelste, binnensteamong(-st), [idiom] between, half, [idiom] (there-, where-), in(-to), middle, mid(-night), midst (among), [idiom] out (of), [idiom] through, [idiom] with(-in)7הַֽמַּחֲנֹ֑תH4264leger, legers, heirlegerarmy, band, battle, camp, company, drove, host, tents8כַּאֲשֶׁ֤רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection9יַחֲנוּ֙H2583legerden, legeren, gelegerdabide (in tents), camp, dwell, encamp, grow to an end, lie, pitch (tent), rest in tent10כֵּ֣ןH3651daarom, alzo, zo[phrase] after that (this, -ward, -wards), as... as, [phrase] (for-) asmuch as yet, [phrase] be (for which) cause, [phrase] following, howbeit, in (the) like (manner, -wise), [idiom] the more, right, (even) so, state, straightway, such (thing), surely, [phrase] there (where) -fore, this, thus, true, well, [idiom] you11יִסָּ֔עוּH5265verreisden, reisden, optrekkencause to blow, bring, get, (make to) go (away, forth, forward, onward, out), (take) journey, march, remove, set aside (forward), [idiom] still, be on his (go their) way12אִ֥ישׁH376man, mannen, iederalso, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה)13עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with14יָד֖וֹH3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves15לְדִגְלֵיהֶֽםH1714banier, banierenbanner, standard
18De banier des legers van Efraim, naar hun heiren, zal tegen het westen zijn; en Elisama, de zoon van Ammihud, zal de overste der zonen van Efraim zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
18De banierH1714 des legersH4264 van EfraimH669, naar hun heirenH6635, zal tegen het westenH3220 zijn; en ElisamaH476, de zoonH1121 van AmmihudH5989, zal de oversteH5387 der zonenH1121 van EfraimH669 zijn.De banier des legers van Efraim, naar hun heiren, zal tegen het westen zijn; en Elisama, de zoon van Ammihud, zal de overste der zonen van Efraim zijn.
KJVOn the west side5shall be the standard1of the camp2of Ephraim3according to their armies:4and the captain6of the sons7of Ephraim8shall be Elishama9the son10of Ammihud.
1דֶּ֣גֶלH1714banier, banierenbanner, standard2מַחֲנֵ֥הH4264leger, legers, heirlegerarmy, band, battle, camp, company, drove, host, tents3אֶפְרַ֛יִםH669Efraim, Efraims, EfraimietenEphraim, Ephraimites4לְצִבְאֹתָ֖םH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)5יָ֑מָּהH3220zee, westen, zeeensea ([idiom] -faring man, (-shore)), south, west (-ern, side, -ward)6וְנָשִׂיא֙H5387overste, oversten, vorstcaptain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour7לִבְנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth8אֶפְרַ֔יִםH669Efraim, Efraims, EfraimietenEphraim, Ephraimites9אֱלִישָׁמָ֖עH476Elisama, ElischamaElishama10בֶּןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth11עַמִּיהֽוּדH5989AmmihudAmmihud
19Zijn heir nu, en zijn getelden waren veertig duizend en vijfhonderd.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
19Zijn heirH6635 nu, en zijn geteldenH6485 waren veertigH705duizendH505 en vijfhonderdH2568.Zijn heir nu, en zijn getelden waren veertig duizend en vijfhonderd.
KJVAnd his host,1and those that were numbered2of them, were forty3thousand4and five5hundred.
1וּצְבָא֖וֹH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)2וּפְקֻדֵיהֶ֑םH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3אַרְבָּעִ֥יםH705veertig, veertigste, Veertig-forty4אֶ֖לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand5וַחֲמֵ֥שׁH2568vijf, vijfhonderd, vijftienfif(-teen), fifth, five ([idiom] apiece)6מֵאֽוֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore
20En nevens hem de stam van Manasse; en Gamaliel, de zoon van Pedazur, zal de overste der zonen van Manasse zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
20En nevensH5921 hem de stamH4294 van ManasseH4519; en GamalielH1583, de zoonH1121 van PedazurH6301, zal de oversteH5387 der zonenH1121 van ManasseH4519 zijn.En nevens hem de stam van Manasse; en Gamaliel, de zoon van Pedazur, zal de overste der zonen van Manasse zijn.
KJVAnd by him shall be the tribe2of Manasseh:3and the captain4of the children5of Manasseh6shall be Gamaliel7the son8of Pedahzur.
1וְעָלָ֖יוH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with2מַטֵּ֣הH4294stam, staf, stammenrod, staff, tribe3מְנַשֶּׁ֑הH4519ManasseManasseh4וְנָשִׂיא֙H5387overste, oversten, vorstcaptain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour5לִבְנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth6מְנַשֶּׁ֔הH4519ManasseManasseh7גַּמְלִיאֵ֖לH1583GamalielGamaliel8בֶּןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth9פְּדָהצֽוּרH6301PedazurPedahzur
21Zijn heir nu, en zijn getelden waren twee en dertig duizend en tweehonderd.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
21Zijn heirH6635 nu, en zijn geteldenH6485 waren tweeH8147 en dertigH7970duizendH505 en tweehonderdH3967.Zijn heir nu, en zijn getelden waren twee en dertig duizend en tweehonderd.
KJVAnd his host,1and those that were numbered2of them, were thirty4and two3thousand5and two hundred.
1וּצְבָא֖וֹH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)2וּפְקֻדֵיהֶ֑םH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3שְׁנַ֧יִםH8147twee, twaalf, beideboth, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two4וּשְׁלֹשִׁ֛יםH7970dertig, dertigste, Dertigthirty, thirtieth. Compare H7991 (שָׁלִישׁ)5אֶ֖לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand6וּמָאתָֽיִםH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore
22Daartoe de stam van Benjamin; en Abidan, de zoon van Gideoni, zal de overste der zonen van Benjamin zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
22Daartoe de stamH4294 van BenjaminH1144; en AbidanH27, de zoonH1121 van GideoniH1441, zal de oversteH5387 der zonenH1121 van BenjaminH1144 zijn.Daartoe de stam van Benjamin; en Abidan, de zoon van Gideoni, zal de overste der zonen van Benjamin zijn.
KJVThen the tribe1of Benjamin:2and the captain3of the sons4of Benjamin5shall be Abidan6the son7of Gideoni.
1וּמַטֵּ֖הH4294stam, staf, stammenrod, staff, tribe2בִּנְיָמִ֑ןH1144Benjamin, Benjamins, BenjaminietenBenjamin3וְנָשִׂיא֙H5387overste, oversten, vorstcaptain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour4לִבְנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth5בִנְיָמִ֔ןH1144Benjamin, Benjamins, BenjaminietenBenjamin6אֲבִידָ֖ןH27AbidanAbidan7בֶּןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth8גִּדְעֹנִֽיH1441GideoniGideoni
23Zijn heir nu, en zijn getelden waren vijf en dertig duizend en vierhonderd.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
23Zijn heirH6635 nu, en zijn geteldenH6485 waren vijfH2568 en dertigH7970duizendH505 en vierhonderdH702.Zijn heir nu, en zijn getelden waren vijf en dertig duizend en vierhonderd.
KJVAnd his host,1and those that were numbered2of them, were thirty4and five3thousand5and four6hundred.
1וּצְבָא֖וֹH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)2וּפְקֻדֵיהֶ֑םH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3חֲמִשָּׁ֧הH2568vijf, vijfhonderd, vijftienfif(-teen), fifth, five ([idiom] apiece)4וּשְׁלֹשִׁ֛יםH7970dertig, dertigste, Dertigthirty, thirtieth. Compare H7991 (שָׁלִישׁ)5אֶ֖לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand6וְאַרְבַּ֥עH702vier, vierhonderd, veertienfour7מֵאֽוֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore
24Al de getelden in het leger van Efraim waren honderd acht duizend en eenhonderd, naar hun heiren. En zij zullen de derde optrekken.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
24AlH3605 de geteldenH6485 in het legerH4264 van EfraimH669 waren honderdH3967achtH8083duizendH505 en eenhonderdH3967, naar hun heirenH6635. En zij zullen de derdeH7992optrekkenH5265.Al de getelden in het leger van Efraim waren honderd acht duizend en eenhonderd, naar hun heiren. En zij zullen de derde optrekken.
KJVAll that were numbered2of the camp3of Ephraim4were an hundred5thousand6and eight7thousand8and an hundred,9throughout their armies.10And they shall go forward12in the third rank.
1כָּֽלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)2הַפְּקֻדִ֞יםH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3לְמַחֲנֵ֣הH4264leger, legers, heirlegerarmy, band, battle, camp, company, drove, host, tents4אֶפְרַ֗יִםH669Efraim, Efraims, EfraimietenEphraim, Ephraimites5מְאַ֥תH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore6אֶ֛לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand7וּשְׁמֹֽנַתH8083acht, achttien, achthonderdeight(-een, -eenth), eighth8אֲלָפִ֥יםH505duizend, duizenden, twee duizendthousand9וּמֵאָ֖הH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore10לְצִבְאֹתָ֑םH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)11וּשְׁלִשִׁ֖יםH7992derde, derden, driejarigethird (part, rank, time), three (years old)12יִסָּֽעוּH5265verreisden, reisden, optrekkencause to blow, bring, get, (make to) go (away, forth, forward, onward, out), (take) journey, march, remove, set aside (forward), [idiom] still, be on his (go their) way
25De banier des legers van Dan zal tegen het noorden zijn, naar hun heiren; en Ahiezer, de zoon van Ammisaddai, zal de overste der zonen van Dan zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
25De banierH1714 des legersH4264 van Dan zal tegen het noordenH6828 zijn, naar hun heirenH6635; en AhiezerH295, de zoonH1121 van AmmisaddaiH5996, zal de oversteH5387 der zonenH1121 van Dan zijn.De banier des legers van Dan zal tegen het noorden zijn, naar hun heiren; en Ahiezer, de zoon van Ammisaddai, zal de overste der zonen van Dan zijn.
KJVThe standard1of the camp2of Dan3shall be on the north side4by their armies:5and the captain6of the children7of Dan8shall be Ahiezer9the son10of Ammishaddai.
1דֶּ֣גֶלH1714banier, banierenbanner, standard2מַחֲנֵ֥הH4264leger, legers, heirlegerarmy, band, battle, camp, company, drove, host, tents3דָ֛ןH1835DanDaniel4צָפֹ֖נָהH6828noorden, noordwaarts, Noordennorth(-ern, side, -ward, wind)5לְצִבְאֹתָ֑םH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)6וְנָשִׂיא֙H5387overste, oversten, vorstcaptain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour7לִבְנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth8דָ֔ןH1835DanDaniel9אֲחִיעֶ֖זֶרH295AhiezerAhiezer10בֶּןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth11עַמִּֽישַׁדָּֽיH5996AmmisaddaiAmmishaddai
26Zijn heir nu, en zijn getelden waren twee en zestig duizend en zevenhonderd.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
26Zijn heirH6635 nu, en zijn geteldenH6485 waren tweeH8147 en zestigH8346duizendH505 en zevenhonderdH7651.Zijn heir nu, en zijn getelden waren twee en zestig duizend en zevenhonderd.
KJVAnd his host,1and those that were numbered2of them, were threescore4and two3thousand5and seven6hundred.
1וּצְבָא֖וֹH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)2וּפְקֻדֵיהֶ֑םH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3שְׁנַ֧יִםH8147twee, twaalf, beideboth, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two4וְשִׁשִּׁ֛יםH8346zestigsixty, three score5אֶ֖לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand6וּשְׁבַ֥עH7651zeven, zevenhonderd, zevenmaal([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה)7מֵאֽוֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore
27En nevens hem zal zich legeren de stam van Aser; en Pagiel, de zoon van Ochran, zal de overste der zonen van Aser zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
27En nevensH5921 hem zal zich legerenH2583 de stamH4294 van AserH836; en PagielH6295, de zoonH1121 van OchranH5918, zal de oversteH5387 der zonenH1121 van AserH836 zijn.En nevens hem zal zich legeren de stam van Aser; en Pagiel, de zoon van Ochran, zal de overste der zonen van Aser zijn.
KJVAnd those that encamp1by him shall be the tribe3of Asher:4and the captain5of the children6of Asher7shall be Pagiel8the son9of Ocran.
1וְהַחֹנִ֥יםH2583legerden, legeren, gelegerdabide (in tents), camp, dwell, encamp, grow to an end, lie, pitch (tent), rest in tent2עָלָ֖יוH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with3מַטֵּ֣הH4294stam, staf, stammenrod, staff, tribe4אָשֵׁ֑רH836AserAsher5וְנָשִׂיא֙H5387overste, oversten, vorstcaptain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour6לִבְנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth7אָשֵׁ֔רH836AserAsher8פַּגְעִיאֵ֖לH6295PagielPagiel9בֶּןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth10עָכְרָֽןH5918OchranOcran
28Zijn heir nu, en zijn getelden waren een en veertig duizend en vijfhonderd.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
28Zijn heirH6635 nu, en zijn geteldenH6485 waren eenH259 en veertigH705duizendH505 en vijfhonderdH2568.Zijn heir nu, en zijn getelden waren een en veertig duizend en vijfhonderd.
KJVAnd his host,1and those that were numbered2of them, were forty4and one3thousand5and five6hundred.
1וּצְבָא֖וֹH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)2וּפְקֻדֵיהֶ֑םH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3אֶחָ֧דH259een, ene, enerleia, alike, alone, altogether, and, any(-thing), apiece, a certain, (dai-) ly, each (one), [phrase] eleven, every, few, first, [phrase] highway, a man, once, one, only, other, some, together,4וְאַרְבָּעִ֛יםH705veertig, veertigste, Veertig-forty5אֶ֖לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand6וַחֲמֵ֥שׁH2568vijf, vijfhonderd, vijftienfif(-teen), fifth, five ([idiom] apiece)7מֵאֽוֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore
29Daartoe de stam van Nafthali; en Ahira, de zoon van Enan, zal de overste der zonen van Nafthali zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
29Daartoe de stamH4294 van NafthaliH5321; en AhiraH299, de zoonH1121 van EnanH5881, zal de oversteH5387 der zonenH1121 van NafthaliH5321 zijn.Daartoe de stam van Nafthali; en Ahira, de zoon van Enan, zal de overste der zonen van Nafthali zijn.
KJVThen the tribe1of Naphtali:2and the captain3of the children4of Naphtali5shall be Ahira6the son7of Enan.
1וּמַטֵּ֖הH4294stam, staf, stammenrod, staff, tribe2נַפְתָּלִ֑יH5321NafthaliNaphtali3וְנָשִׂיא֙H5387overste, oversten, vorstcaptain, chief, cloud, governor, prince, ruler, vapour4לִבְנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth5נַפְתָּלִ֔יH5321NafthaliNaphtali6אֲחִירַ֖עH299AhiraAhira7בֶּןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth8עֵינָֽןH5881EnanEnan. Compare H2704 (חֲצַר עֵינָן)
30Zijn heir nu, en zijn getelden waren drie en vijftig duizend en vierhonderd.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
30Zijn heirH6635 nu, en zijn geteldenH6485 waren drieH7969 en vijftigH2572duizendH505 en vierhonderdH702.Zijn heir nu, en zijn getelden waren drie en vijftig duizend en vierhonderd.
KJVAnd his host,1and those that were numbered2of them, were fifty4and three3thousand5and four6hundred.
1וּצְבָא֖וֹH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)2וּפְקֻדֵיהֶ֑םH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3שְׁלֹשָׁ֧הH7969drie, driehonderd, dertien[phrase] fork, [phrase] often(-times), third, thir(-teen, -teenth), three, [phrase] thrice. Compare H7991 (שָׁלִישׁ)4וַחֲמִשִּׁ֛יםH2572vijftig, vijftigen, vijftigstefifty5אֶ֖לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand6וְאַרְבַּ֥עH702vier, vierhonderd, veertienfour7מֵאֽוֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore
31Al de getelden in het leger van Dan waren honderd zeven en vijftig duizend en zeshonderd. In het achterste zullen zij optrekken, naar hun banieren.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
31AlH3605 de geteldenH6485 in het legerH4264 van Dan waren honderdH3967zevenH7651 en vijftigH2572duizendH505 en zeshonderdH8337. In het achtersteH314 zullen zij optrekkenH5265, naar hun banierenH1714.Al de getelden in het leger van Dan waren honderd zeven en vijftig duizend en zeshonderd. In het achterste zullen zij optrekken, naar hun banieren.
KJVAll they that were numbered2in the camp3of Dan4were an hundred5thousand6and fifty8and seven7thousand9and six10hundred.11They shall go13hindmost12with their standards.
1כָּלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)2הַפְּקֻדִים֙H6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3לְמַ֣חֲנֵהH4264leger, legers, heirlegerarmy, band, battle, camp, company, drove, host, tents4דָ֔ןH1835DanDaniel5מְאַ֣תH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore6אֶ֗לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand7וְשִׁבְעָ֧הH7651zeven, zevenhonderd, zevenmaal([phrase] by) seven(-fold),-s, (-teen, -teenth), -th, times). Compare H7658 (שִׁבְעָנָה)8וַחֲמִשִּׁ֛יםH2572vijftig, vijftigen, vijftigstefifty9אֶ֖לֶףH505duizend, duizenden, twee duizendthousand10וְשֵׁ֣שׁH8337zes, zeshonderd, zestiensix(-teen, -teenth), sixth11מֵא֑וֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore12לָאַחֲרֹנָ֥הH314laatste, achterste, navolgendeafter (-ward), to come, following, hind(-er, -ermost, -most), last, latter, rereward, ut(ter) most13יִסְע֖וּH5265verreisden, reisden, optrekkencause to blow, bring, get, (make to) go (away, forth, forward, onward, out), (take) journey, march, remove, set aside (forward), [idiom] still, be on his (go their) way14לְדִגְלֵיהֶֽםH1714banier, banierenbanner, standard
32Dezen zijn de getelden van de kinderen Israels, naar het huis hunner vaderen; al de getelden der legers, naar hun heiren waren, zeshonderd drie duizend vijfhonderd en vijftig.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
32DezenH428 zijn de geteldenH6485 van de kinderenH1121IsraelsH3478, naar het huisH1004 hunner vaderenH1; alH3605 de geteldenH6485 der legersH4264, naar hun heirenH6635 waren, zeshonderdH8337drieH7969duizendH505vijfhonderdH2568 en vijftigH2572.Dezen zijn de getelden van de kinderen Israels, naar het huis hunner vaderen; al de getelden der legers, naar hun heiren waren, zeshonderd drie duizend vijfhonderd en vijftig.
KJVThese are those which were numbered2of the children3of Israel4by the house5of their fathers:6all those that were numbered8of the camps9throughout their hosts10were six11hundred12thousand13and three14thousand15and five16hundred17and fifty.
1אֵ֛לֶּהH428deze, dit, dezenan-(the) other; one sort, so, some, such, them, these (same), they, this, those, thus, which, who(-m)2פְּקוּדֵ֥יH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want3בְנֵֽיH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth4יִשְׂרָאֵ֖לH3478Israel, Israels, IsraelietenIsrael5לְבֵ֣יתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)6אֲבֹתָ֑םH1vader, vaderen, vaderschief, (fore-) father(-less), [idiom] patrimony, principal. Compare names in 'Abi-'7כָּלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)8פְּקוּדֵ֤יH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want9הַֽמַּחֲנֹת֙H4264leger, legers, heirlegerarmy, band, battle, camp, company, drove, host, tents10לְצִבְאֹתָ֔םH6635heirscharen, heir, heirenappointed time, ([phrase]) army, ([phrase]) battle, company, host, service, soldiers, waiting upon, war(-fare)11שֵׁשׁH8337zes, zeshonderd, zestiensix(-teen, -teenth), sixth12מֵא֥וֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore13אֶ֨לֶף֙H505duizend, duizenden, twee duizendthousand14וּשְׁלֹ֣שֶׁתH7969drie, driehonderd, dertien[phrase] fork, [phrase] often(-times), third, thir(-teen, -teenth), three, [phrase] thrice. Compare H7991 (שָׁלִישׁ)15אֲלָפִ֔יםH505duizend, duizenden, twee duizendthousand16וַחֲמֵ֥שׁH2568vijf, vijfhonderd, vijftienfif(-teen), fifth, five ([idiom] apiece)17מֵא֖וֹתH3967honderd, tweehonderd, honderdenhundred((-fold), -th), [phrase] sixscore18וַחֲמִשִּֽׁיםH2572vijftig, vijftigen, vijftigstefifty
33Maar de Levieten werden niet geteld onder de zonen van Israel, gelijk als de HEERE Mozes geboden had.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
33Maar de LevietenH3881 werden nietH3808geteldH6485 onder de zonenH1121 van IsraelH3478, gelijk als de HEEREH3068MozesH4872gebodenH6680 had.Maar de Levieten werden niet geteld onder de zonen van Israel, gelijk als de HEERE Mozes geboden had.
KJVBut the Levites1were not numbered3among4the children5of Israel;6as the LORD9commanded8Moses.
1וְהַ֨לְוִיִּ֔םH3881Levieten, Leviet, LevietischeLeviite2לֹ֣אH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without3הָתְפָּקְד֔וּH6485getelden, bezoeken, bezoekingappoint, [idiom] at all, avenge, bestow, (appoint to have the, give a) charge, commit, count, deliver to keep, be empty, enjoin, go see, hurt, do judgment, lack, lay up, look, make, [idiom] by any means, miss, number, officer, (make) overseer, have (the) oversight, punish, reckon, (call to) remember(-brance), set (over), sum, [idiom] surely, visit, want4בְּת֖וֹךְH8432midden, middelste, binnensteamong(-st), [idiom] between, half, [idiom] (there-, where-), in(-to), middle, mid(-night), midst (among), [idiom] out (of), [idiom] through, [idiom] with(-in)5בְּנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth6יִשְׂרָאֵ֑לH3478Israel, Israels, IsraelietenIsrael7כַּאֲשֶׁ֛רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection8צִוָּ֥הH6680geboden, gebood, gebiedeappoint, (for-) bid, (give a) charge, (give a, give in, send with) command(-er, -ment), send a messenger, put, (set) in order9יְהוָ֖הH3068HEEREJehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)10אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)11מֹשֶֽׁהH4872Mozes, Mozes', mozesMoses
34En de kinderen Israels deden naar alles, wat de HEERE Mozes geboden had, zo legerden zij zich naar hun banieren, en zo trokken zij op, een iegelijk naar zijn geslachten, naar het huis zijner vaderen.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
34En de kinderenH1121IsraelsH3478dedenH6213 naar alles, watH834 de HEEREH3068MozesH4872gebodenH6680 had, zoH3651legerdenH2583 zij zich naar hun banierenH1714, en zoH3651trokkenH5265 zij opH5921, een iegelijk naar zijn geslachtenH4940, naar het huisH1004 zijner vaderenH1.En de kinderen Israels deden naar alles, wat de HEERE Mozes geboden had, zo legerden zij zich naar hun banieren, en zo trokken zij op, een iegelijk naar zijn geslachten, naar het huis zijner vaderen.
KJVAnd the children2of Israel3did1according to all that the LORD7commanded6Moses:9so they pitched11by their standards,12and so they set forward,14every one15after their families,16according to the house18of their fathers.
1וַֽיַּעֲשׂ֖וּH6213doen, gedaan, maakteaccomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use2בְּנֵ֣יH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth3יִשְׂרָאֵ֑לH3478Israel, Israels, IsraelietenIsrael4כְּ֠כֹלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)5אֲשֶׁרH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection6צִוָּ֨הH6680geboden, gebood, gebiedeappoint, (for-) bid, (give a) charge, (give a, give in, send with) command(-er, -ment), send a messenger, put, (set) in order7יְהוָ֜הH3068HEEREJehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)8אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)9מֹשֶׁ֗הH4872Mozes, Mozes', mozesMoses10כֵּֽןH3651daarom, alzo, zo[phrase] after that (this, -ward, -wards), as... as, [phrase] (for-) asmuch as yet, [phrase] be (for which) cause, [phrase] following, howbeit, in (the) like (manner, -wise), [idiom] the more, right, (even) so, state, straightway, such (thing), surely, [phrase] there (where) -fore, this, thus, true, well, [idiom] you11חָנ֤וּH2583legerden, legeren, gelegerdabide (in tents), camp, dwell, encamp, grow to an end, lie, pitch (tent), rest in tent12לְדִגְלֵיהֶם֙H1714banier, banierenbanner, standard13וְכֵ֣ןH3651daarom, alzo, zo[phrase] after that (this, -ward, -wards), as... as, [phrase] (for-) asmuch as yet, [phrase] be (for which) cause, [phrase] following, howbeit, in (the) like (manner, -wise), [idiom] the more, right, (even) so, state, straightway, such (thing), surely, [phrase] there (where) -fore, this, thus, true, well, [idiom] you14נָסָ֔עוּH5265verreisden, reisden, optrekkencause to blow, bring, get, (make to) go (away, forth, forward, onward, out), (take) journey, march, remove, set aside (forward), [idiom] still, be on his (go their) way15אִ֥ישׁH376man, mannen, iederalso, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה)16לְמִשְׁפְּחֹתָ֖יוH4940geslacht, geslachten, huisgezinnenfamily, kind(-red)17עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with18בֵּ֥יתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)19אֲבֹתָֽיוH1vader, vaderen, vaderschief, (fore-) father(-less), [idiom] patrimony, principal. Compare names in 'Abi-'
KruisverwijzingenSchatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Numeri 2:2— De kinderen Israels zullen zich legeren, een ieder onder zijn banier, naar de tekenen van het huis hunner vaderen; rondom tegenover de tent der samenkomst zullen zij zich legeren.Numeri 1:50→1 Korinthe 14:40→1 Korinthe 14:33→Psalmen 76:11→Numeri 10:22→Numeri 10:25→Openbaring 4:2→Jozua 3:4→
Numeri 2:3— Die zich nu legeren zullen oostwaarts tegen den opgang, zal zijn de banier des legers van Juda, naar hun heiren; en Nahesson, de zoon van Amminadab, zal de overste der zonen van Juda zijn.Ruth 4:20→1 Kronieken 2:10→Numeri 1:7→Lukas 3:32→Numeri 10:14→Numeri 26:19→Numeri 7:17→Mattheüs 1:4→
Numeri 2:4— Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en zeventig duizend en zeshonderd.Numeri 26:22→Numeri 1:27→
Numeri 2:5— En nevens zal zich legeren de stam van Issaschar; en Nethaneel, de zoon van Zuar, zal de overste der zonen van Issaschar zijn.Numeri 1:8→Numeri 7:18→Numeri 7:23→Numeri 26:23→Numeri 1:28→Numeri 10:15→
Numeri 2:6— Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en vijftig duizend en vierhonderd.Numeri 1:29→Numeri 26:25→
Numeri 2:7— Daartoe de stam van Zebulon; en Eliab, de zoon van Helon, zal de overste der zonen van Zebulon zijn.Numeri 1:9→Numeri 10:16→Numeri 7:29→Numeri 1:30→Numeri 7:24→
Numeri 2:8— Zijn heir nu, en zijn getelden waren zeven en vijftig duizend en vierhonderd.Numeri 26:26→Numeri 1:31→
Numeri 2:9— Al de getelden des legers van Juda waren honderd zes en tachtig duizend en vierhonderd, naar hun heiren. Zij zullen vooraan optrekken.Numeri 10:14→
Numeri 2:10— De banier des legers van Ruben, naar hun heiren, zal tegen het zuiden zijn; en Elizur, de zoon van Sedeur, zal de overste der zonen van Ruben zijn.Numeri 1:5→Numeri 7:35→Numeri 10:18→Numeri 7:30→1 Kronieken 5:1→Genesis 49:3→
Numeri 2:11— Zijn heir nu, en zijn getelden waren zes en veertig duizend en vijfhonderd.Numeri 1:21→Numeri 26:7→
Numeri 2:12— En nevens hem zal zich legeren de stam van Simeon; en Selumiel, de zoon van Zurisaddai, zal de overste der zonen van Simeon zijn.Numeri 1:6→Numeri 7:41→Numeri 10:19→Numeri 7:36→
Numeri 2:13— Zijn heir nu, en zijn getelden waren negen en vijftig duizend en driehonderd.Numeri 1:23→Numeri 26:14→
Numeri 2:14— Daartoe de stam van Gad; en Eljasaf, de zoon van Rehuel, zal de overste der zonen van Gad zijn.Numeri 7:42→Numeri 1:14→Numeri 7:47→Numeri 10:20→
Numeri 2:15— Zijn heir nu, en zijn getelden waren vijf en veertig duizend zeshonderd en vijftig.Numeri 26:18→Numeri 1:25→
Numeri 2:16— Al de getelden in het leger van Ruben waren honderd een en vijftig duizend vierhonderd en vijftig; naar hun heiren. En zij zullen de tweede optrekken.Numeri 10:18→Numeri 2:9→Numeri 2:24→Numeri 2:31→
Numeri 2:17— Daarna zal de tent der samenkomst optrekken, met het leger der Levieten, in het midden van de legers; gelijk als zij zich legeren zullen, alzo zullen zij optrekken, een iegelijk aan zijn plaats, naar hun banieren.Numeri 10:21→Numeri 10:17→1 Korinthe 14:40→Numeri 1:50→Kolossenzen 2:5→Numeri 2:1→Numeri 3:38→
Numeri 2:18— De banier des legers van Efraim, naar hun heiren, zal tegen het westen zijn; en Elisama, de zoon van Ammihud, zal de overste der zonen van Efraim zijn.Numeri 1:10→Numeri 10:22→Genesis 48:14→Jeremia 31:18→Numeri 1:32→Psalmen 80:1→1 Kronieken 7:26→Numeri 7:48→
Numeri 2:19— Zijn heir nu, en zijn getelden waren veertig duizend en vijfhonderd.Numeri 26:37→Numeri 1:33→
Numeri 2:20— En nevens hem de stam van Manasse; en Gamaliel, de zoon van Pedazur, zal de overste der zonen van Manasse zijn.Numeri 1:10→Numeri 10:23→Numeri 7:54→Numeri 7:59→
Numeri 2:21— Zijn heir nu, en zijn getelden waren twee en dertig duizend en tweehonderd.Numeri 1:35→Numeri 26:34→
Numeri 2:22— Daartoe de stam van Benjamin; en Abidan, de zoon van Gideoni, zal de overste der zonen van Benjamin zijn.Numeri 1:11→Numeri 7:65→Numeri 7:60→Numeri 10:24→Psalmen 68:27→
Numeri 2:23— Zijn heir nu, en zijn getelden waren vijf en dertig duizend en vierhonderd.Numeri 26:41→Numeri 1:37→
Numeri 2:24— Al de getelden in het leger van Efraim waren honderd acht duizend en eenhonderd, naar hun heiren. En zij zullen de derde optrekken.Numeri 10:22→Numeri 2:31→Numeri 2:9→Psalmen 80:2→Numeri 2:16→
Numeri 2:25— De banier des legers van Dan zal tegen het noorden zijn, naar hun heiren; en Ahiezer, de zoon van Ammisaddai, zal de overste der zonen van Dan zijn.Numeri 1:12→Numeri 10:25→Numeri 7:71→Numeri 7:66→
Numeri 2:26— Zijn heir nu, en zijn getelden waren twee en zestig duizend en zevenhonderd.Numeri 1:39→Numeri 26:43→
Numeri 2:27— En nevens hem zal zich legeren de stam van Aser; en Pagiel, de zoon van Ochran, zal de overste der zonen van Aser zijn.Numeri 1:13→Numeri 7:72→Numeri 7:77→
Numeri 2:28— Zijn heir nu, en zijn getelden waren een en veertig duizend en vijfhonderd.Numeri 26:47→Numeri 1:41→
Numeri 2:29— Daartoe de stam van Nafthali; en Ahira, de zoon van Enan, zal de overste der zonen van Nafthali zijn.Numeri 1:15→Numeri 7:83→Numeri 1:42→Numeri 7:78→Numeri 26:48→Numeri 10:27→
Numeri 2:30— Zijn heir nu, en zijn getelden waren drie en vijftig duizend en vierhonderd.Numeri 1:42→Numeri 26:50→
Numeri 2:31— Al de getelden in het leger van Dan waren honderd zeven en vijftig duizend en zeshonderd. In het achterste zullen zij optrekken, naar hun banieren.Numeri 10:25→Numeri 2:16→Numeri 2:9→Numeri 2:24→
Numeri 2:32— Dezen zijn de getelden van de kinderen Israels, naar het huis hunner vaderen; al de getelden der legers, naar hun heiren waren, zeshonderd drie duizend vijfhonderd en vijftig.Numeri 1:46→Exodus 38:26→Numeri 11:21→Exodus 12:37→Numeri 2:9→Numeri 26:51→
Numeri 2:33— Maar de Levieten werden niet geteld onder de zonen van Israel, gelijk als de HEERE Mozes geboden had.Numeri 1:47→Numeri 26:57→
Numeri 2:34— En de kinderen Israels deden naar alles, wat de HEERE Mozes geboden had, zo legerden zij zich naar hun banieren, en zo trokken zij op, een iegelijk naar zijn geslachten, naar het huis zijner vaderen.Numeri 24:5→Numeri 24:2→Psalmen 119:6→Lukas 1:6→Numeri 23:9→Exodus 39:42→Numeri 1:54→Numeri 23:21→
KanttekeningenDe oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Numeri 2 vers 2— De kinderen Israels zullen zich legeren, een ieder onder zijn banier, naar de tekenen van het huis hunner vaderen; rondom tegenover de tent der samenkomst zullen zij zich legeren.
banier,
Van deze zijn er vier geweest, gelijk blijkt uit vs.3, 10, 18, 25. Zij waren gedeeld tegen de vier hoeken der wereld. Onder elke banier waren drie stammen, van welke een de voornaamste was, als: Juda, Ruben, Efraïm en Dan. Juda was gelegerd tegen het oosten, met Issaschar en Zebulon; Ruben tegen het zuiden, met Simeon en Gad; Efraïm tegen het westen, met Manasse en Benjamin; Dan tegen het noorden, met Aser en Nafthali. Zie de grootte van ieders heir vs.9, 16, 24, 31.
Hertaald:banier,
Er waren er vier, zoals blijkt uit vers 3, 10, 18, 25. Zij waren verdeeld over de vier windrichtingen. Onder elke banier stonden drie stammen, waarvan er één de voornaamste was, namelijk: Juda, Ruben, Efraïm en Dan. Juda lag gelegerd naar het oosten, met Issaschar en Zebulon; Ruben naar het zuiden, met Simeon en Gad; Efraïm naar het westen, met Manasse en Benjamin; Dan naar het noorden, met Aser en Naftali. Zie de grootte van elk leger in vers 9, 16, 24, 31.
tekenen van het huis hunner vaderen;
Of, vaandels. Het schijnt hieruit dat onder de vier voornaamste banieren nog andere vaandels of tekenen geweest zijn, naar de grootheid of veelheid der geslachten.
Hertaald:tekenen van het huis hunner vaderen;
Of: vaandels. Het lijkt erop dat er onder de vier hoofdbanieren nog andere vaandels of tekens waren, naar de grootte of het aantal van de geslachten.
tegenover de tent der samenkomst
Men meent dat de stammen zich rondom den tabernakel omtrent 2000 ellebogen er van verwijderd hebben, en dat wel uit hetgeen verhaald wordt Joz. 3:4. De priesters nu en Levieten waren op hun orde tussen de legers der stammen en den tabernakel; boven, hfdst.1:53, en onder, vs.17. Mozes en Aäron waren op de oostzijde, de Gersonieten op de westzijde, de Kehathieten op de zuidzijde, de Merarieten op de noordzijde des tabernakels.
Hertaald:tegenover de tent der samenkomst
Men neemt aan dat de stammen zich rondom de tabernakel legerden, ongeveer 2000 el ervandaan, blijkens Joz. 3:4. De priesters en Levieten stonden op hun plaats tussen de legers van de stammen en de tabernakel; hierboven, hoofdstuk 1:53, en hieronder, vers 17. Mozes en Aäron stonden aan de oostzijde, de Gersonieten aan de westzijde, de Kehathieten aan de zuidzijde, de Merarieten aan de noordzijde van de tabernakel.
Numeri 2 vers 3— Die zich nu legeren zullen oostwaarts tegen den opgang, zal zijn de banier des legers van Juda, naar hun heiren; en Nahesson, de zoon van Amminadab, zal de overste der zonen van Juda zijn.
tegen den opgang,
Of oostwaarts.
Hertaald:tegen den opgang,
Of: oostwaarts.
Numeri 2 vers 7— Daartoe de stam van Zebulon; en Eliab, de zoon van Helon, zal de overste der zonen van Zebulon zijn.
Daartoe
Dit woordje wordt hierbij gedaan uit de volgende, vs.14, 22, 29.
Hertaald:Daartoe
Dit woordje wordt hier toegevoegd op basis van de volgende verzen 14, 22, 29.
de stam van Zebulon;
Te weten, zal zich er nevens legeren. Gelijk in het voorgaande vs.5 en in het volgende vs.12, enz.
Hertaald:de stam van Zebulon;
Namelijk: zal zich ernaast legeren. Zoals in het voorgaande vers 5 en in het volgende vers 12.
Numeri 2 vers 9— Al de getelden des legers van Juda waren honderd zes en tachtig duizend en vierhonderd, naar hun heiren. Zij zullen vooraan optrekken.
van Juda
Zijnde daaronder begrepen de stammen van Issaschar en Zebulon, waarvan Juda de voornaamste was. Alzo voortaan van de anderen, als: van het leger van Ruben, vs.16; Efraïm, vs.24; Dan, vs.31.
Hertaald:van Juda
Waaronder ook de stammen Issaschar en Zebulon begrepen zijn, waarvan Juda de voornaamste was. Zo ook voortaan van de anderen, zoals: van het leger van Ruben, vers 16; Efraïm, vers 24; Dan, vers 31.
zes en tachtig duizend en vierhonderd,
Hebreeuws, tachtig duizend en zes duizend
Hertaald:zes en tachtig duizend en vierhonderd,
Hebreeuws: tachtigduizend en zesduizend.
vooraan optrekken
Dat is, in het reizen den voortocht hebben.
Hertaald:vooraan optrekken
Dat is: zal vooraan vertrekken op de reis.
Numeri 2 vers 14— Daartoe de stam van Gad; en Eljasaf, de zoon van Rehuel, zal de overste der zonen van Gad zijn.
Rehuël,
Boven, Num. 1:14, wordt hij genoemd Dehuel.
Hertaald:Rehuël,
Hierboven, Num. 1:14, wordt hij Dehuël genoemd.
Numeri 2 vers 16— Al de getelden in het leger van Ruben waren honderd een en vijftig duizend vierhonderd en vijftig; naar hun heiren. En zij zullen de tweede optrekken.
de tweede optrekken
Dat is, in het reizen den tweeden tocht hebben.
Hertaald:de tweede optrekken
Dat is: zal als tweede vertrekken op de reis.
Numeri 2 vers 17— Daarna zal de tent der samenkomst optrekken, met het leger der Levieten, in het midden van de legers; gelijk als zij zich legeren zullen, alzo zullen zij optrekken, een iegelijk aan zijn plaats, naar hun banieren.
aan zijn plaats,
Hebreeuws, aan zijn hand; dat is, aan zijn plaats of zijde. Versta de zijden van de tent der samenkomst, welke vier waren, zijnde in elkeen drie stammen, rondom den tabernakel en tussen beiden de Levieten. Zie boven, vs.2.
Hertaald:aan zijn plaats,
Hebreeuws: aan zijn hand; dat is: aan zijn plaats of zijde. Versta de vier zijden van de tent der samenkomst, elk met drie stammen, rondom de tabernakel, met de Levieten daartussen. Zie hierboven, vers 2.
Numeri 2 vers 18— De banier des legers van Efraim, naar hun heiren, zal tegen het westen zijn; en Elisama, de zoon van Ammihud, zal de overste der zonen van Efraim zijn.
tegen het westen zijn;
Hebreeuws, ter zeewaarts. Zie Gen. 12:8, en onder, Num. 3:23.
Hertaald:tegen het westen zijn;
Hebreeuws: ter zeewaarts. Zie Gen. 12:8 en hieronder, Num. 3:23.
Numeri 2 vers 20— En nevens hem de stam van Manasse; en Gamaliel, de zoon van Pedazur, zal de overste der zonen van Manasse zijn.
stam van Manasse;
Te weten, zal zich legeren; gelijk boven, vs.7, en onder, vs.22.
Hertaald:stam van Manasse;
Namelijk: zal zich legeren; zoals hierboven, vers 7, en hieronder, vers 22.
Numeri 2 vers 22— Daartoe de stam van Benjamin; en Abidan, de zoon van Gideoni, zal de overste der zonen van Benjamin zijn.
Daartoe de stam van Benjamin;
Zie boven, vs.7.
Hertaald:Daartoe de stam van Benjamin;
Zie hierboven, vers 7.
Numeri 2 vers 24— Al de getelden in het leger van Efraim waren honderd acht duizend en eenhonderd, naar hun heiren. En zij zullen de derde optrekken.
honderd acht duizend en eenhonderd,
Hebreeuws, honderd duizend en acht duizend. Vergelijk boven, vs.9.
Hertaald:honderd acht duizend en eenhonderd,
Hebreeuws: honderdduizend en achtduizend. Vergelijk hierboven, vers 9.
de derde optrekken
Dat is, in het reizen den derden tocht hebben.
Hertaald:de derde optrekken
Dat is: zal als derde vertrekken op de reis.
Numeri 2 vers 31— Al de getelden in het leger van Dan waren honderd zeven en vijftig duizend en zeshonderd. In het achterste zullen zij optrekken, naar hun banieren.
In het achterste
Dat is, in het verreizen zullen zij den achtertocht hebben.
Hertaald:In het achterste
Dat is: zullen bij het reizen de achterhoede vormen.
Numeri 2 vers 33— Maar de Levieten werden niet geteld onder de zonen van Israel, gelijk als de HEERE Mozes geboden had.
onder de zonen van Israël,
Hebreeuws, in het midden der zonen Israëls.
Hertaald:onder de zonen van Israël,
Hebreeuws: te midden van de zonen van Israël.
Numeri 2:31.KruisverwijzingenNumeri 10:25→Numeri 2:16→Numeri 2:9→Numeri 2:24→ — Al de getelden in het leger van Dan waren honderd zeven en vijftig duizend en zeshonderd. In het achterste zullen zij optrekken, naar hun banieren. Het leger van Dan sloot de rij wanneer de heirscharen van Israël optrokken. En toch behoorden zij even waarlijk tot het gezelschap als de voorste stammen. Zij volgden dezelfde vuur- en wolkkolom, aten hetzelfde manna, dronken uit dezelfde geestelijke steenrots en reisden naar dezelfde erfenis. Al zijn wij de laatsten en de geringsten, het is ons voorrecht in het leger te zijn en het te hebben zoals zij het hebben die de tocht aanvoeren.
Iemand moet achteraan staan in eer en achting, iemand moet het geringe werk voor Jezus doen — en waarom zou ik het niet zijn? In een arm dorp onder een onkundige landbevolking, of in een achterstraat onder diep gezonken zondaren: ik zal werken en mijn aangewezen plaats achteraan innemen.
De Danieten hadden een nuttige plaats. Achterblijvers moeten voortgeholpen worden, en verloren goed moet van het veld bijeengezocht worden. Vurige geesten mogen vooruitsnellen om nieuwe waarheid te leren en meer zielen voor Jezus te winnen, maar wie meer bewarend van aard is kan uitnemend bezig zijn met de gemeente aan haar oude belijdenis te herinneren en haar bezwijkende zonen op te richten. Elke plaats heeft haar eigen plichten, en de langzaam voortgaande kinderen van God zullen in hun eigenaardige toestand juist een plaats vinden waarin zij het hele gezelschap tot grote zegen kunnen zijn.
De achterhoede is een plaats van gevaar. Er zijn vijanden achter ons zowel als voor ons. Aanvallen kunnen uit elke hoek komen. Amalek viel Israël aan en doodde sommigen die achteraan liepen. De ervaren christen zal veel werk voor zijn wapens vinden in het bijstaan van de twijfelende, moedeloze, wankelende zielen die het traagst zijn in geloof, kennis en vreugde. Die mogen niet zonder hulp gelaten worden; laat het de zaak zijn van welonderwezen heiligen om hun vaandel onder de achterhoede te dragen. Mijn ziel, waak vandaag met teerheid om de achterblijvers te helpen.
I. Vs. 1-34.KruisverwijzingenRuth 4:20→1 Kronieken 2:10→Numeri 1:8→Numeri 1:9→Numeri 1:5→Numeri 1:50→1 Korinthe 14:40→1 Korinthe 14:33→ — En de HEERE sprak tot Mozes en tot Aaron, zeggende: De kinderen Israels zullen zich legeren, een ieder onder zijn banier, naar de tekenen van het huis hunner vaderen; rondom tegenover de tent der samenkomst zullen zij zich legeren. Die zich nu legeren zullen oostwaarts tegen den opgang, zal zijn de banier des legers van Juda, naar hun heiren; en Nahesson, de zoon van Amminadab, zal de overste der zonen van Juda zijn. Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en zeventig duizend en zeshonderd. En nevens zal zich legeren de stam van Issaschar; en Nethaneel, de zoon van Zuar, zal de overste der zonen van Issaschar zijn. Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en vijftig duizend en vierhonderd. Daartoe de stam van Zebulon; en Eliab, de zoon van Helon, zal de overste der zonen van Zebulon zijn. Zijn heir nu, en zijn getelden waren zeven en vijftig duizend en vierhonderd. Al de getelden des legers van Juda waren honderd zes en tachtig duizend en vierhonderd, naar hun heiren. Zij zullen vooraan optrekken. De banier des legers van Ruben, naar hun heiren, zal tegen het zuiden zijn; en Elizur, de zoon van Sedeur, zal de overste der zonen van Ruben zijn. Opdat de alzo getelden, die het krijgsleger van de Heere zouden uitmaken, een ordelijk gesloten geheel vormden, wordt nu ook de inrichting van de legerplaats, als ook de wijze waarop het vertrek moest plaats hebben, nauwkeurig beschreven. De tabernakel moet in het midden zijn plaats vinden om in zijn naaste omgeving moeten, zoals reeds het einde van het vorige hoofdstuk bepaald heeft, de tenten van de Levieten worden opgeslagen. Voorts nemen aan elk van de 4 zijden telkens 3 stammen een plaats in, van welke stammen elke reis de middelste, als de voornaamste, een banier voert, die de 2 belendende met hem gemeen hebben. Naar deze inrichting van het leger heeft het opbreken alzo plaats, dat 2 legerafdelingen of zes stammen de tabernakel vooruit, gaan, en dat twee andere afdelingen, die de 6 overige stammen bevatten, hem volgen.
— En de HEERE sprak tot Mozes en tot Aaron, zeggende:
En de HEERE sprak tot Mozes en tot Aäron, om hun Zijn wil ter zake van Israëls legering (hoofdstuk 1:52) nader bekend te maken, zeggende:
KruisverwijzingenNumeri 1:50→1 Korinthe 14:40→1 Korinthe 14:33→Psalmen 76:11→Numeri 10:22→Numeri 10:25→Openbaring 4:2→Jozua 3:4→— De kinderen Israels zullen zich legeren, een ieder onder zijn banier, naar de tekenen van het huis hunner vaderen; rondom tegenover de tent der samenkomst zullen zij zich legeren.
De kinderen van Israël zullen zich legeren, een ieder onder zijn banier, onder die banier, welke aan het hoofdkorps, waartoe zijn stam behoort, eigen is, naar detekenen 1) van het huis van hun vaderen, zodat elk blijft bij zijn eigen stam en bij zijn eigen geslacht, dat ook zijn bijzondere vaan hebbe; rondom, tegenover de tent der samenkomst zullen zij zich legeren. 2)
De slagordeningen van Israël, dus onder hun banier als een wél verenigd en samengevoegd leger in het veld verschijnende, zo gaf dit hieraan een gedaante, die in de ogen van vrienden aangenaam en schoon, maar tevens ontzaglijk en verschrikkelijk voor vijanden was. De Kerk, als een strijdbaar en gewillig volk, en een wél geordineerd en dicht ineen gesloten leger onder het geleide van haar grote Legervorst, die de banier draagt boven tienduizenden, is om die reden met alleen schoon en heerlijk, maar ook verschrikkelijk als slagorden met banieren (Hoogl.6:4,10)
Tussen banier en teken is dit verschil, dat onder banier verstaan moet worden, het grote veldteken van drie stammen, die onder één banier waren verenigd, en onder teken, het kleine veldteken van iedere stam of stamafdeling. Zoals de veldheerstent in het centrum van het leger is opgeslagen, zo bevond de tent der samenkomst zich in het midden van het volk van Israël, om daarmee te leren, dat het een volk was, dat in bijzondere zin, God, de Heere tot gebieder had.
De inrichting was, blijkens hetgeen daar volgt, deze: dat de tabernakel met de omringende voorhof, het middelpunt van de legerplaats innam; opdat de Heer zo ook uiterlijk in het midden van Zijn volk woonde. Rondom de tabernakel en dichtst hierbij legeren zich Mozes, de priesters en de Levieten, als die de Heere het naast. Rondom deze bevinden zich, op enige afstand, de overige stammen; zodat het geheel een vierkant (kwadraat) vormt en in deze gedaante het thans nog tot een enkel volk bepaalde, maar later zich tot alle volken uitbreidende godsrijk voorstelt. Aan de voorste of de oostelijke zijde heeft Juda, de vorstenstam, zijn plaats, terwijl hij aan weerszijden de beide jongere zonen van zijn moeder, Issaschar en Zebulon heeft (zie Ge 29.31). Aan de zuidzijde staat Ruben met zijn jongere broeder Simeon en met de oudste van de twee zonen van de dienstmaagd van zijn moeder, nl. Gad. De westzijde wordt door Rachels zonen, met Efraïm aan het hoofd ingenomen; en de noordkant eindelijk beslaan de drie overige zonen van de dienstmaagden, onder welke Dan billijkerwijze de voornaamste is (Genesis 49:16 vv.). Aangaande de aard en de gedaante van de banieren of veldtekenen van deze 4 legerafdelingen (divisiën) zegt de Heilige Schrift niets naders; doch volgens de overlevering van de Joodse rabbijnen, voerde Juda een leeuw in zijn vaan, Ruben het beeld van een mensenhoofd, Efraïm het beeld van een stier en Dan een adelaar (Ezech.1:10). Op de tocht werd de Verbondsark van de tabernakel gescheiden, de gehele trein vooruitgedragen (hoofdstuk 10:33), opdat de op haar rustende wolk- en vuurkolom de richting van de weg, die men volgen moest, zou aanwijzen. Op Juda’s banier volgde verder die van Ruben; de afdeling, aan welks hoofd Ruben stond, werd gevolgd door de Levieten met de tabernakel; achter deze kwam de banier van Efraïm, terwijl Dan met de bij hem behorende stammen de achterhoede uitmaakte. Ook de legering van de stam Levi (Gerson, Kahath, Merari) rondom de tabernakel is in haar bijzondere inrichting (hoofdstuk 3:23,29,35,38) niet zonder betekenis en beantwoordt aan de rangschikking van de zijwaarts gelegerde stammen. Aan de Oostzijde van de tabernakel bevonden zich Mozes, Aäron en zijn zonen, en achter deze Juda; aan de zuidzijde, de Kahathieten met Ruben achter zich; aan de westzijde, de Gersonieten, in wier rug Efraïm gelegerd was; en aan de noordzijde, de Merarieten, die van achteren door Dan gedekt werden.
KruisverwijzingenRuth 4:20→1 Kronieken 2:10→Numeri 1:7→Lukas 3:32→Numeri 10:14→Numeri 26:19→Numeri 7:17→Mattheüs 1:4→— Die zich nu legeren zullen oostwaarts tegen den opgang, zal zijn de banier des legers van Juda, naar hun heiren; en Nahesson, de zoon van Amminadab, zal de overste der zonen van Juda zijn.
Die 1) zich nu legeren zullen oostwaarts tegen de opgang van de zon zal zijn de banier van het leger van Juda, 2) naar hun legers, naar de 3 divisiës of stammen, die tot de vaan van Juda behoren; en Nahesson de zoon van Amminadab, zal de overste van de zonen van Juda zijn (hoofdstuk 1:7).
God zelf wijst Israëls stammen de plaats aan, waar zij zich hebben te legeren. Zo wordt afgunst en nijd onder het volk van God voorkomen.
Juda staat, krachtens het verkregen eerstgeboorterecht, aan het hoofd van Israëls stammen. Hij is de voorste in de rij, als het leger van plaats verandert. Zo vervult de Heere nu reeds Zijn belofte.
KruisverwijzingenNumeri 26:22→Numeri 1:27→— Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en zeventig duizend en zeshonderd.
Zijn leger nu, en zijn getelden waren vierenzeventigduizend en zeshonderd (hoofdstuk 1:26 vv.).
KruisverwijzingenNumeri 1:8→Numeri 7:18→Numeri 7:23→Numeri 26:23→Numeri 1:28→Numeri 10:15→— En nevens zal zich legeren de stam van Issaschar; en Nethaneel, de zoon van Zuar, zal de overste der zonen van Issaschar zijn.
En naast hem zal zich aan de ene zijde legeren de stam van Issaschar; en Nethaneël, de zoon van Zuar, zal de overste van de zonen van Issaschar zijn (hoofdstuk 1:8).
KruisverwijzingenNumeri 1:29→Numeri 26:25→— Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en vijftig duizend en vierhonderd.
Zijn leger nu en zijn getelden waren vierenvijftigduizend en vierhonderd (hoofdstuk 1:28 vv.).
KruisverwijzingenNumeri 1:9→Numeri 10:16→Numeri 7:29→Numeri 1:30→Numeri 7:24→— Daartoe de stam van Zebulon; en Eliab, de zoon van Helon, zal de overste der zonen van Zebulon zijn.
Daartoe de stam van Zebulon aan de andere zijde van Juda; en Eliab, de zoon van Helon, zal de overste van de zonen van Zebulon zijn (hoofdstuk 1:9).
KruisverwijzingenNumeri 26:26→Numeri 1:31→— Zijn heir nu, en zijn getelden waren zeven en vijftig duizend en vierhonderd.
Zijn leger nu en zijn getelden waren zevenenvijftigduizend en vierhonderd (hoofdstuk 1:30 vv.).
KruisverwijzingenNumeri 10:14→— Al de getelden des legers van Juda waren honderd zes en tachtig duizend en vierhonderd, naar hun heiren. Zij zullen vooraan optrekken.
Al de getelden van het leger van Juda, het gezamenlijk getal van de drie stammen, die tot Juda’s banier behoorden, zonder de vrouwen, kinderen en grijsaards mee te rekenen, waren honderdzesentachtigduizend en vierhonderd (186.400)naar hun legers. Zij zullen vooraan optrekken, en dus de voorhoede van het gehele leger uitmaken.
KruisverwijzingenNumeri 1:5→Numeri 7:35→Numeri 10:18→Numeri 7:30→1 Kronieken 5:1→Genesis 49:3→— De banier des legers van Ruben, naar hun heiren, zal tegen het zuiden zijn; en Elizur, de zoon van Sedeur, zal de overste der zonen van Ruben zijn.
De banier van het leger van Ruben, naar hun legers, zal tegen het zuiden zijn; en Elizur, de zoon van Sedéür zal de overste van de zonen van Ruben zijn (hoofdstuk 1:5).
KruisverwijzingenNumeri 1:21→Numeri 26:7→— Zijn heir nu, en zijn getelden waren zes en veertig duizend en vijfhonderd.
Zijn leger nu en zijn getelden waren zesenveertigduizend en vijfhonderd (hoofdstuk 1:20).
KruisverwijzingenNumeri 1:6→Numeri 7:41→Numeri 10:19→Numeri 7:36→— En nevens hem zal zich legeren de stam van Simeon; en Selumiel, de zoon van Zurisaddai, zal de overste der zonen van Simeon zijn.
En naast hem zal zich legeren aan de rechter zijde, de stam van Simeon; en Selûmiël, de zoon van Zurísaddai, zal de overste van de zonen van Simeon zijn (hoofdstuk 1:6).
KruisverwijzingenNumeri 1:23→Numeri 26:14→— Zijn heir nu, en zijn getelden waren negen en vijftig duizend en driehonderd.
Zijn leger nu en zijn getelden waren negenenvijftigduizend en driehonderd (hoofdstuk 1:22 vv.).
KruisverwijzingenNumeri 7:42→Numeri 1:14→Numeri 7:47→Numeri 10:20→— Daartoe de stam van Gad; en Eljasaf, de zoon van Rehuel, zal de overste der zonen van Gad zijn.
Daartoe aan Rubens linkerzijde de stam van Gad; en Eljasaf, de zoon van Rehuël, (hoofdstuk 1:14) zal de overste van de zonen van Gad zijn.
KruisverwijzingenNumeri 26:18→Numeri 1:25→— Zijn heir nu, en zijn getelden waren vijf en veertig duizend zeshonderd en vijftig.
Zijn leger nu en zijn getelden waren vijfenveertigduizend zeshonderd en vijftig (hoofdstuk 1:24 vv.).
KruisverwijzingenNumeri 10:18→Numeri 2:9→Numeri 2:24→Numeri 2:31→— Al de getelden in het leger van Ruben waren honderd een en vijftig duizend vierhonderd en vijftig; naar hun heiren. En zij zullen de tweede optrekken.
Al de getelden in het leger van Ruben waren honderd eenenvijftigduizend vierhonderd en vijftig, naar hun legers (151.450). En zij zullen de tweede optrekken, en dus als tweede legerafdeling, behalve de Gersonieten en Merarieten(hoofdstuk 10:17) aanstonds op Juda volgen.
KruisverwijzingenNumeri 10:21→Numeri 10:17→1 Korinthe 14:40→Numeri 1:50→Kolossenzen 2:5→Numeri 2:1→Numeri 3:38→— Daarna zal de tent der samenkomst optrekken, met het leger der Levieten, in het midden van de legers; gelijk als zij zich legeren zullen, alzo zullen zij optrekken, een iegelijk aan zijn plaats, naar hun banieren.
Daarna, achter Ruben met Simeon en Gad, zal de tent der samenkomst optrekken, met het leger van de Levieten, 1) in het midden van de legers; alzo zullen twee legers voorafgaan (vs.9,16) en twee legers(vs.24,31) volgen; zoals zij, de kinderen van Israël, zich legeren zullen, met de tabernakel en de Levieten in hun middelpunt, alzo zullen zij ook optrekken een ieder aan zijn plaats, waar hij overeenkomstig zijn stam behoort, naar hun banieren, wanneer de banier, waartoe zijn stam behoort, aan de beurt is.
Volgens hoofdstuk 10:17,21 is dit niet van het gehele leger van de Levieten te verstaan, maar alleen van de Kahathieten, die de heilige gereedschappen droegen (hoofdstuk 3:31 hoofdstuk 4:15). De Gersonieten en de Merarieten daarentegen, van welke de eersten de tot het heiligdom behorende bekleedsels, deksels enz., en de anderen de planken, richels en staven te dragen hadden (hoofdstuk 3:25,36 hoofdstuk 4:24,31) braken altijd reeds na de eerste legerafdeling (die van Juda, vs.9) op, opdat zij, ter plaatse van de nieuwe legering aangekomen, de tabernakel vooraf konden oprichten, en de later aankomende Kahathieten alsdan de heilige voorwerpen aanstonds daarin overbrengen mochten.
KruisverwijzingenNumeri 1:10→Numeri 10:22→Genesis 48:14→Jeremia 31:18→Numeri 1:32→Psalmen 80:1→1 Kronieken 7:26→Numeri 7:48→— De banier des legers van Efraim, naar hun heiren, zal tegen het westen zijn; en Elisama, de zoon van Ammihud, zal de overste der zonen van Efraim zijn.
De banier van het leger van Efraïm, naar hun legers, zal tegen het westen zijn; en Elisama, de zoon van Ammihud, zal de overste van de zonen van Efraïm zijn (hoofdstuk 1:10).
KruisverwijzingenNumeri 26:37→Numeri 1:33→— Zijn heir nu, en zijn getelden waren veertig duizend en vijfhonderd.
Zijn leger nu en zijn getelden waren veertigduizend en vijfhonderd (hoofdstuk 1:32 vv.).
KruisverwijzingenNumeri 1:10→Numeri 10:23→Numeri 7:54→Numeri 7:59→— En nevens hem de stam van Manasse; en Gamaliel, de zoon van Pedazur, zal de overste der zonen van Manasse zijn.
En naast hem de stam van Manasse; en Gamaliël, de zoon van Pedazur, zal de overste van de zonen van Manasse zijn (hoofdstuk 1:10).
KruisverwijzingenNumeri 1:35→Numeri 26:34→— Zijn heir nu, en zijn getelden waren twee en dertig duizend en tweehonderd.
Zijn leger nu en zijn getelden waren tweeëndertigduizend en tweehonderd (hoofdstuk 1:34 vv.).
KruisverwijzingenNumeri 1:11→Numeri 7:65→Numeri 7:60→Numeri 10:24→Psalmen 68:27→— Daartoe de stam van Benjamin; en Abidan, de zoon van Gideoni, zal de overste der zonen van Benjamin zijn.
Daartoe aan Efraïms andere zijde de stam van Benjamin; en Abídan, de zoon van Gidéoni, zal de overste van de zonen van Benjamin zijn (hoofdstuk 1:11).
KruisverwijzingenNumeri 26:41→Numeri 1:37→— Zijn heir nu, en zijn getelden waren vijf en dertig duizend en vierhonderd.
Zijn leger nu en zijn getelden waren vijfendertigduizend en vierhonderd (hoofdstuk 1:36 vv.).
KruisverwijzingenNumeri 10:22→Numeri 2:31→Numeri 2:9→Psalmen 80:2→Numeri 2:16→— Al de getelden in het leger van Efraim waren honderd acht duizend en eenhonderd, naar hun heiren. En zij zullen de derde optrekken.
Al de getelden in het leger van Efraïm waren honderdachtduizend en éénhonderd (108.100), naar hun legers. En zij zullen de derde optrekken, en alzoonmiddellijk achter de Levieten en de tabernakel (vs.17) volgen.
KruisverwijzingenNumeri 1:12→Numeri 10:25→Numeri 7:71→Numeri 7:66→— De banier des legers van Dan zal tegen het noorden zijn, naar hun heiren; en Ahiezer, de zoon van Ammisaddai, zal de overste der zonen van Dan zijn.
De banier van het leger van Dan zal tegen het noorden zijn, naar hun legers; en Ahiézer, de zoon van Ammísaddai zal de overste van de zonen van Dan zijn (hoofdstuk 1:12).
KruisverwijzingenNumeri 1:39→Numeri 26:43→— Zijn heir nu, en zijn getelden waren twee en zestig duizend en zevenhonderd.
Zijn leger nu en zijn getelden waren tweeënzestigduizend en zevenhonderd (hoofdstuk 1:38 vv.).
KruisverwijzingenNumeri 1:13→Numeri 7:72→Numeri 7:77→— En nevens hem zal zich legeren de stam van Aser; en Pagiel, de zoon van Ochran, zal de overste der zonen van Aser zijn.
En naast hem, naast de stam aan Dan, aan de ene zijde, zal zich legeren de stam van Aser; en Pagiël, de zoon van Ochran, zal de overste van de zonen van Aser zijn(hoofdstuk 1:13).
KruisverwijzingenNumeri 26:47→Numeri 1:41→— Zijn heir nu, en zijn getelden waren een en veertig duizend en vijfhonderd.
Zijn leger nu en zijn getelden waren eenenveertigduizend en vijfhonderd (hoofdstuk 1:40 vv.).
KruisverwijzingenNumeri 1:15→Numeri 7:83→Numeri 1:42→Numeri 7:78→Numeri 26:48→Numeri 10:27→— Daartoe de stam van Nafthali; en Ahira, de zoon van Enan, zal de overste der zonen van Nafthali zijn.
Daartoe, aan de andere zijde van Dan, de stam van Nafthali; en Ahira, de zoon van Enan, zal de overste van de zonen van Nafthali zijn (hoofdstuk 1:15).
KruisverwijzingenNumeri 1:42→Numeri 26:50→— Zijn heir nu, en zijn getelden waren drie en vijftig duizend en vierhonderd.
Zijn leger nu en zijn getelden waren drieënvijftigduizend en vierhonderd (hoofdstuk 1:42 vv.).
KruisverwijzingenNumeri 10:25→Numeri 2:16→Numeri 2:9→Numeri 2:24→— Al de getelden in het leger van Dan waren honderd zeven en vijftig duizend en zeshonderd. In het achterste zullen zij optrekken, naar hun banieren.
Al de getelden in het leger van Dan, de hoofdsom van de 3 tot het leger van Dan behorende stammen, waren honderdzevenenvijftigduizend en zeshonderd (157.600); inhet achterste, of de achterhoede, zullen zij optrekken, naar hun banieren, ieder onder de bijzondere banier van de stam en van het geslacht, waartoe hij behoort.
KruisverwijzingenNumeri 1:46→Exodus 38:26→Numeri 11:21→Exodus 12:37→Numeri 2:9→Numeri 26:51→— Dezen zijn de getelden van de kinderen Israels, naar het huis hunner vaderen; al de getelden der legers, naar hun heiren waren, zeshonderd drie duizend vijfhonderd en vijftig.
Deze, 186.400 + 151.450 + 108.100 + 157.600 (vs.9,16,24,31), zijn de getelden van de kinderen van Israël, naar het huis van hun vaderen; al de getelden van de legers, naar hun legers, waren a) zeshonderddrieduizend vijfhonderd en vijftig (603.550, hoofdstuk 1:46).
Exodus. 38:26
KruisverwijzingenNumeri 1:47→Numeri 26:57→— Maar de Levieten werden niet geteld onder de zonen van Israel, gelijk als de HEERE Mozes geboden had.
Maar de Levieten werden niet geteld onder de zonen van Israël, zoals de HEERE Mozes geboden had (hoofdstuk 1:47 vv.).
34. En de kinderen van Israël deden naar alles, wat de HEERE Mozes geboden had, en namen alzo Gods verordening, betreffende de inrichting van hun leger en van hunoptrekken, in gehoorzaamheid waar, zonder dat de een of andere stam zich verongelijkt of achtergesteld achtte en daarover enige klacht of enig bezwaar wilde doen gelden; zo legerden zij zich, naar hun banieren,1) nadat ook de in hoofdstuk 3 verhaalde telling van de Levieten had plaats gehad, en zo trokken zij op, een ieder naar zijn geslachten, naar het huis van zijn vaderen. 2)
De legerplaats is deels een uitbreiding van de tabernakel en als zodanig een openbaring van het Koninkrijk van God. De onvolkomenheid van de tegenwoordige bedeling, wordt door het langwerpig vierkant, de heerlijkheid van het Koninkrijk in de toekomende eeuw door het vierkant aangeduid (Openb.21:16)
Wat wij eigenlijk onder “het huis van de vaderen” te verstaan hebben, is bij Exodus. 6:14 opgemerkt. De uitdrukking heeft echter in de boeken van Mozes ook nog een ruimere betekenis, en geeft alzo in het algemeen een zeker getal van mensen te kennen, die dezelfde stamvader hebben. Zij bevat nu eens meer, dan eens minder dan een afdeling van de geslachten, en duidt nu eens de stammen van Israël, dan weer afdelingen van die stammen aan, en voorts ook wel aan elkaar verwante indelingen van deze stamafdelingen. Wat de geslachten betreft, komt soms ook het woord: “duizenden” voor; welke benaming wellicht zijn oorsprong daaraan ontleende, dat Mozes bij de indeling van het volk in duizenden, honderden enz. zich, ten geval van de rechtspleging, zo veel mogelijk aan de natuurlijke geslachtsafdelingen van de stammen hield.
God wilde, dat Israël ordelijk optrok en zich ordelijk legerde; deze orde werd door Hem zelf bepaald. God is een God van orde. Hij heeft ook voor elk van onze zijn plaats in gezin, gemeente en maatschappij bepaald daar Hij wil, dat alle dingen, die ons te doen staan, eerlijk en met orde gebeuren. Hierdoor wordt Zijn naam verheerlijkt. Eerlijkheid en orde in al onze zaken zijn nauw verwant. Orde is macht. Op de weg van de goede orde alleen is in alle dingen vordering mogelijk en kunnen wij dienstbaar zijn aan het welzijn van de naaste. “Heere, maak mij Uw wegen bekend, leer mij Uw paden; leid mij in Uw waarheid, en leer mij; want Gij zijt de God van mijn heil, U verwacht ik de hele dag.” (Psalm. 25:4,5).
Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.
Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!
Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]
Over de Auteur
C.H. Spurgeon
1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.
Numeri 2
Numeri 2:31.KruisverwijzingenNumeri 10:25→Numeri 2:16→Numeri 2:9→Numeri 2:24→
— Al de getelden in het leger van Dan waren honderd zeven en vijftig duizend en zeshonderd. In het achterste zullen zij optrekken, naar hun banieren.
Het leger van Dan sloot de rij wanneer de heirscharen van Israël optrokken. En toch behoorden zij even waarlijk tot het gezelschap als de voorste stammen. Zij volgden dezelfde vuur- en wolkkolom, aten hetzelfde manna, dronken uit dezelfde geestelijke steenrots en reisden naar dezelfde erfenis. Al zijn wij de laatsten en de geringsten, het is ons voorrecht in het leger te zijn en het te hebben zoals zij het hebben die de tocht aanvoeren.
Iemand moet achteraan staan in eer en achting, iemand moet het geringe werk voor Jezus doen — en waarom zou ik het niet zijn? In een arm dorp onder een onkundige landbevolking, of in een achterstraat onder diep gezonken zondaren: ik zal werken en mijn aangewezen plaats achteraan innemen.
De Danieten hadden een nuttige plaats. Achterblijvers moeten voortgeholpen worden, en verloren goed moet van het veld bijeengezocht worden. Vurige geesten mogen vooruitsnellen om nieuwe waarheid te leren en meer zielen voor Jezus te winnen, maar wie meer bewarend van aard is kan uitnemend bezig zijn met de gemeente aan haar oude belijdenis te herinneren en haar bezwijkende zonen op te richten. Elke plaats heeft haar eigen plichten, en de langzaam voortgaande kinderen van God zullen in hun eigenaardige toestand juist een plaats vinden waarin zij het hele gezelschap tot grote zegen kunnen zijn.
De achterhoede is een plaats van gevaar. Er zijn vijanden achter ons zowel als voor ons. Aanvallen kunnen uit elke hoek komen. Amalek viel Israël aan en doodde sommigen die achteraan liepen. De ervaren christen zal veel werk voor zijn wapens vinden in het bijstaan van de twijfelende, moedeloze, wankelende zielen die het traagst zijn in geloof, kennis en vreugde. Die mogen niet zonder hulp gelaten worden; laat het de zaak zijn van welonderwezen heiligen om hun vaandel onder de achterhoede te dragen. Mijn ziel, waak vandaag met teerheid om de achterblijvers te helpen.
© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas
I. Vs. 1-34.KruisverwijzingenRuth 4:20→1 Kronieken 2:10→Numeri 1:8→Numeri 1:9→Numeri 1:5→Numeri 1:50→1 Korinthe 14:40→1 Korinthe 14:33→
— En de HEERE sprak tot Mozes en tot Aaron, zeggende: De kinderen Israels zullen zich legeren, een ieder onder zijn banier, naar de tekenen van het huis hunner vaderen; rondom tegenover de tent der samenkomst zullen zij zich legeren. Die zich nu legeren zullen oostwaarts tegen den opgang, zal zijn de banier des legers van Juda, naar hun heiren; en Nahesson, de zoon van Amminadab, zal de overste der zonen van Juda zijn. Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en zeventig duizend en zeshonderd. En nevens zal zich legeren de stam van Issaschar; en Nethaneel, de zoon van Zuar, zal de overste der zonen van Issaschar zijn. Zijn heir nu, en zijn getelden waren vier en vijftig duizend en vierhonderd. Daartoe de stam van Zebulon; en Eliab, de zoon van Helon, zal de overste der zonen van Zebulon zijn. Zijn heir nu, en zijn getelden waren zeven en vijftig duizend en vierhonderd. Al de getelden des legers van Juda waren honderd zes en tachtig duizend en vierhonderd, naar hun heiren. Zij zullen vooraan optrekken. De banier des legers van Ruben, naar hun heiren, zal tegen het zuiden zijn; en Elizur, de zoon van Sedeur, zal de overste der zonen van Ruben zijn.
Opdat de alzo getelden, die het krijgsleger van de Heere zouden uitmaken, een ordelijk gesloten geheel vormden, wordt nu ook de inrichting van de legerplaats, als ook de wijze waarop het vertrek moest plaats hebben, nauwkeurig beschreven. De tabernakel moet in het midden zijn plaats vinden om in zijn naaste omgeving moeten, zoals reeds het einde van het vorige hoofdstuk bepaald heeft, de tenten van de Levieten worden opgeslagen. Voorts nemen aan elk van de 4 zijden telkens 3 stammen een plaats in, van welke stammen elke reis de middelste, als de voornaamste, een banier voert, die de 2 belendende met hem gemeen hebben. Naar deze inrichting van het leger heeft het opbreken alzo plaats, dat 2 legerafdelingen of zes stammen de tabernakel vooruit, gaan, en dat twee andere afdelingen, die de 6 overige stammen bevatten, hem volgen.
En de HEERE sprak tot Mozes en tot Aäron, om hun Zijn wil ter zake van Israëls legering (hoofdstuk 1:52) nader bekend te maken, zeggende:
De kinderen van Israël zullen zich legeren, een ieder onder zijn banier, onder die banier, welke aan het hoofdkorps, waartoe zijn stam behoort, eigen is, naar detekenen 1) van het huis van hun vaderen, zodat elk blijft bij zijn eigen stam en bij zijn eigen geslacht, dat ook zijn bijzondere vaan hebbe; rondom, tegenover de tent der samenkomst zullen zij zich legeren. 2)
De slagordeningen van Israël, dus onder hun banier als een wél verenigd en samengevoegd leger in het veld verschijnende, zo gaf dit hieraan een gedaante, die in de ogen van vrienden aangenaam en schoon, maar tevens ontzaglijk en verschrikkelijk voor vijanden was. De Kerk, als een strijdbaar en gewillig volk, en een wél geordineerd en dicht ineen gesloten leger onder het geleide van haar grote Legervorst, die de banier draagt boven tienduizenden, is om die reden met alleen schoon en heerlijk, maar ook verschrikkelijk als slagorden met banieren (Hoogl.6:4,10)
Tussen banier en teken is dit verschil, dat onder banier verstaan moet worden, het grote veldteken van drie stammen, die onder één banier waren verenigd, en onder teken, het kleine veldteken van iedere stam of stamafdeling. Zoals de veldheerstent in het centrum van het leger is opgeslagen, zo bevond de tent der samenkomst zich in het midden van het volk van Israël, om daarmee te leren, dat het een volk was, dat in bijzondere zin, God, de Heere tot gebieder had.
De inrichting was, blijkens hetgeen daar volgt, deze: dat de tabernakel met de omringende voorhof, het middelpunt van de legerplaats innam; opdat de Heer zo ook uiterlijk in het midden van Zijn volk woonde. Rondom de tabernakel en dichtst hierbij legeren zich Mozes, de priesters en de Levieten, als die de Heere het naast. Rondom deze bevinden zich, op enige afstand, de overige stammen; zodat het geheel een vierkant (kwadraat) vormt en in deze gedaante het thans nog tot een enkel volk bepaalde, maar later zich tot alle volken uitbreidende godsrijk voorstelt. Aan de voorste of de oostelijke zijde heeft Juda, de vorstenstam, zijn plaats, terwijl hij aan weerszijden de beide jongere zonen van zijn moeder, Issaschar en Zebulon heeft (zie Ge 29.31). Aan de zuidzijde staat Ruben met zijn jongere broeder Simeon en met de oudste van de twee zonen van de dienstmaagd van zijn moeder, nl. Gad. De westzijde wordt door Rachels zonen, met Efraïm aan het hoofd ingenomen; en de noordkant eindelijk beslaan de drie overige zonen van de dienstmaagden, onder welke Dan billijkerwijze de voornaamste is (Genesis 49:16 vv.). Aangaande de aard en de gedaante van de banieren of veldtekenen van deze 4 legerafdelingen (divisiën) zegt de Heilige Schrift niets naders; doch volgens de overlevering van de Joodse rabbijnen, voerde Juda een leeuw in zijn vaan, Ruben het beeld van een mensenhoofd, Efraïm het beeld van een stier en Dan een adelaar (Ezech.1:10). Op de tocht werd de Verbondsark van de tabernakel gescheiden, de gehele trein vooruitgedragen (hoofdstuk 10:33), opdat de op haar rustende wolk- en vuurkolom de richting van de weg, die men volgen moest, zou aanwijzen. Op Juda’s banier volgde verder die van Ruben; de afdeling, aan welks hoofd Ruben stond, werd gevolgd door de Levieten met de tabernakel; achter deze kwam de banier van Efraïm, terwijl Dan met de bij hem behorende stammen de achterhoede uitmaakte. Ook de legering van de stam Levi (Gerson, Kahath, Merari) rondom de tabernakel is in haar bijzondere inrichting (hoofdstuk 3:23,29,35,38) niet zonder betekenis en beantwoordt aan de rangschikking van de zijwaarts gelegerde stammen. Aan de Oostzijde van de tabernakel bevonden zich Mozes, Aäron en zijn zonen, en achter deze Juda; aan de zuidzijde, de Kahathieten met Ruben achter zich; aan de westzijde, de Gersonieten, in wier rug Efraïm gelegerd was; en aan de noordzijde, de Merarieten, die van achteren door Dan gedekt werden.
Die 1) zich nu legeren zullen oostwaarts tegen de opgang van de zon zal zijn de banier van het leger van Juda, 2) naar hun legers, naar de 3 divisiës of stammen, die tot de vaan van Juda behoren; en Nahesson de zoon van Amminadab, zal de overste van de zonen van Juda zijn (hoofdstuk 1:7).
God zelf wijst Israëls stammen de plaats aan, waar zij zich hebben te legeren. Zo wordt afgunst en nijd onder het volk van God voorkomen.
Juda staat, krachtens het verkregen eerstgeboorterecht, aan het hoofd van Israëls stammen. Hij is de voorste in de rij, als het leger van plaats verandert. Zo vervult de Heere nu reeds Zijn belofte.
Zijn leger nu, en zijn getelden waren vierenzeventigduizend en zeshonderd (hoofdstuk 1:26 vv.).
En naast hem zal zich aan de ene zijde legeren de stam van Issaschar; en Nethaneël, de zoon van Zuar, zal de overste van de zonen van Issaschar zijn (hoofdstuk 1:8).
Zijn leger nu en zijn getelden waren vierenvijftigduizend en vierhonderd (hoofdstuk 1:28 vv.).
Daartoe de stam van Zebulon aan de andere zijde van Juda; en Eliab, de zoon van Helon, zal de overste van de zonen van Zebulon zijn (hoofdstuk 1:9).
Zijn leger nu en zijn getelden waren zevenenvijftigduizend en vierhonderd (hoofdstuk 1:30 vv.).
Al de getelden van het leger van Juda, het gezamenlijk getal van de drie stammen, die tot Juda’s banier behoorden, zonder de vrouwen, kinderen en grijsaards mee te rekenen, waren honderdzesentachtigduizend en vierhonderd (186.400)naar hun legers. Zij zullen vooraan optrekken, en dus de voorhoede van het gehele leger uitmaken.
De banier van het leger van Ruben, naar hun legers, zal tegen het zuiden zijn; en Elizur, de zoon van Sedéür zal de overste van de zonen van Ruben zijn (hoofdstuk 1:5).
Zijn leger nu en zijn getelden waren zesenveertigduizend en vijfhonderd (hoofdstuk 1:20).
En naast hem zal zich legeren aan de rechter zijde, de stam van Simeon; en Selûmiël, de zoon van Zurísaddai, zal de overste van de zonen van Simeon zijn (hoofdstuk 1:6).
Zijn leger nu en zijn getelden waren negenenvijftigduizend en driehonderd (hoofdstuk 1:22 vv.).
Daartoe aan Rubens linkerzijde de stam van Gad; en Eljasaf, de zoon van Rehuël, (hoofdstuk 1:14) zal de overste van de zonen van Gad zijn.
Zijn leger nu en zijn getelden waren vijfenveertigduizend zeshonderd en vijftig (hoofdstuk 1:24 vv.).
Al de getelden in het leger van Ruben waren honderd eenenvijftigduizend vierhonderd en vijftig, naar hun legers (151.450). En zij zullen de tweede optrekken, en dus als tweede legerafdeling, behalve de Gersonieten en Merarieten(hoofdstuk 10:17) aanstonds op Juda volgen.
Daarna, achter Ruben met Simeon en Gad, zal de tent der samenkomst optrekken, met het leger van de Levieten, 1) in het midden van de legers; alzo zullen twee legers voorafgaan (vs.9,16) en twee legers(vs.24,31) volgen; zoals zij, de kinderen van Israël, zich legeren zullen, met de tabernakel en de Levieten in hun middelpunt, alzo zullen zij ook optrekken een ieder aan zijn plaats, waar hij overeenkomstig zijn stam behoort, naar hun banieren, wanneer de banier, waartoe zijn stam behoort, aan de beurt is.
Volgens hoofdstuk 10:17,21 is dit niet van het gehele leger van de Levieten te verstaan, maar alleen van de Kahathieten, die de heilige gereedschappen droegen (hoofdstuk 3:31 hoofdstuk 4:15). De Gersonieten en de Merarieten daarentegen, van welke de eersten de tot het heiligdom behorende bekleedsels, deksels enz., en de anderen de planken, richels en staven te dragen hadden (hoofdstuk 3:25,36 hoofdstuk 4:24,31) braken altijd reeds na de eerste legerafdeling (die van Juda, vs.9) op, opdat zij, ter plaatse van de nieuwe legering aangekomen, de tabernakel vooraf konden oprichten, en de later aankomende Kahathieten alsdan de heilige voorwerpen aanstonds daarin overbrengen mochten.
De banier van het leger van Efraïm, naar hun legers, zal tegen het westen zijn; en Elisama, de zoon van Ammihud, zal de overste van de zonen van Efraïm zijn (hoofdstuk 1:10).
Zijn leger nu en zijn getelden waren veertigduizend en vijfhonderd (hoofdstuk 1:32 vv.).
En naast hem de stam van Manasse; en Gamaliël, de zoon van Pedazur, zal de overste van de zonen van Manasse zijn (hoofdstuk 1:10).
Zijn leger nu en zijn getelden waren tweeëndertigduizend en tweehonderd (hoofdstuk 1:34 vv.).
Daartoe aan Efraïms andere zijde de stam van Benjamin; en Abídan, de zoon van Gidéoni, zal de overste van de zonen van Benjamin zijn (hoofdstuk 1:11).
Zijn leger nu en zijn getelden waren vijfendertigduizend en vierhonderd (hoofdstuk 1:36 vv.).
Al de getelden in het leger van Efraïm waren honderdachtduizend en éénhonderd (108.100), naar hun legers. En zij zullen de derde optrekken, en alzoonmiddellijk achter de Levieten en de tabernakel (vs.17) volgen.
De banier van het leger van Dan zal tegen het noorden zijn, naar hun legers; en Ahiézer, de zoon van Ammísaddai zal de overste van de zonen van Dan zijn (hoofdstuk 1:12).
Zijn leger nu en zijn getelden waren tweeënzestigduizend en zevenhonderd (hoofdstuk 1:38 vv.).
En naast hem, naast de stam aan Dan, aan de ene zijde, zal zich legeren de stam van Aser; en Pagiël, de zoon van Ochran, zal de overste van de zonen van Aser zijn(hoofdstuk 1:13).
Zijn leger nu en zijn getelden waren eenenveertigduizend en vijfhonderd (hoofdstuk 1:40 vv.).
Daartoe, aan de andere zijde van Dan, de stam van Nafthali; en Ahira, de zoon van Enan, zal de overste van de zonen van Nafthali zijn (hoofdstuk 1:15).
Zijn leger nu en zijn getelden waren drieënvijftigduizend en vierhonderd (hoofdstuk 1:42 vv.).
Al de getelden in het leger van Dan, de hoofdsom van de 3 tot het leger van Dan behorende stammen, waren honderdzevenenvijftigduizend en zeshonderd (157.600); inhet achterste, of de achterhoede, zullen zij optrekken, naar hun banieren, ieder onder de bijzondere banier van de stam en van het geslacht, waartoe hij behoort.
Deze, 186.400 + 151.450 + 108.100 + 157.600 (vs.9,16,24,31), zijn de getelden van de kinderen van Israël, naar het huis van hun vaderen; al de getelden van de legers, naar hun legers, waren a) zeshonderddrieduizend vijfhonderd en vijftig (603.550, hoofdstuk 1:46).
Exodus. 38:26
Maar de Levieten werden niet geteld onder de zonen van Israël, zoals de HEERE Mozes geboden had (hoofdstuk 1:47 vv.).
34. En de kinderen van Israël deden naar alles, wat de HEERE Mozes geboden had, en namen alzo Gods verordening, betreffende de inrichting van hun leger en van hunoptrekken, in gehoorzaamheid waar, zonder dat de een of andere stam zich verongelijkt of achtergesteld achtte en daarover enige klacht of enig bezwaar wilde doen gelden; zo legerden zij zich, naar hun banieren,1) nadat ook de in hoofdstuk 3 verhaalde telling van de Levieten had plaats gehad, en zo trokken zij op, een ieder naar zijn geslachten, naar het huis van zijn vaderen. 2)
De legerplaats is deels een uitbreiding van de tabernakel en als zodanig een openbaring van het Koninkrijk van God. De onvolkomenheid van de tegenwoordige bedeling, wordt door het langwerpig vierkant, de heerlijkheid van het Koninkrijk in de toekomende eeuw door het vierkant aangeduid (Openb.21:16)
Wat wij eigenlijk onder “het huis van de vaderen” te verstaan hebben, is bij Exodus. 6:14 opgemerkt. De uitdrukking heeft echter in de boeken van Mozes ook nog een ruimere betekenis, en geeft alzo in het algemeen een zeker getal van mensen te kennen, die dezelfde stamvader hebben. Zij bevat nu eens meer, dan eens minder dan een afdeling van de geslachten, en duidt nu eens de stammen van Israël, dan weer afdelingen van die stammen aan, en voorts ook wel aan elkaar verwante indelingen van deze stamafdelingen. Wat de geslachten betreft, komt soms ook het woord: “duizenden” voor; welke benaming wellicht zijn oorsprong daaraan ontleende, dat Mozes bij de indeling van het volk in duizenden, honderden enz. zich, ten geval van de rechtspleging, zo veel mogelijk aan de natuurlijke geslachtsafdelingen van de stammen hield.
God wilde, dat Israël ordelijk optrok en zich ordelijk legerde; deze orde werd door Hem zelf bepaald. God is een God van orde. Hij heeft ook voor elk van onze zijn plaats in gezin, gemeente en maatschappij bepaald daar Hij wil, dat alle dingen, die ons te doen staan, eerlijk en met orde gebeuren. Hierdoor wordt Zijn naam verheerlijkt. Eerlijkheid en orde in al onze zaken zijn nauw verwant. Orde is macht. Op de weg van de goede orde alleen is in alle dingen vordering mogelijk en kunnen wij dienstbaar zijn aan het welzijn van de naaste. “Heere, maak mij Uw wegen bekend, leer mij Uw paden; leid mij in Uw waarheid, en leer mij; want Gij zijt de God van mijn heil, U verwacht ik de hele dag.” (Psalm. 25:4,5).
Met dank aan OnlineBijbelverklaring.nl: Dachsel