Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar
De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.
i
Over deze StudieBijbel
Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.
De Bijbeltekst
De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.
De kanttekeningen
De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.
De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.
Het commentaar, de citaten en de overdenkingen
Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.
De verklaring van Dächsel
Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.
Namen, plaatsen en begrippen
De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.
Christus in dit hoofdstuk
Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.
Waarom deze uitgave bijzonder is
Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.
Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.
1Voorts is het geschied, als van Sanballat, en Tobia, en van Gesem, den Arabier, en van onze andere vijanden gehoord was, dat ik den muur gebouwd had, en dat geen scheur daarin was overgelaten; ook had ik tot dezen tijd toe de deuren niet opgezet in de poorten;
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
1Voorts is hetH1931geschiedH1961, alsH3588 van SanballatH5571, en TobiaH2900, en van GesemH1654, den ArabierH6163, en van onze andere vijandenH341gehoordH8085 was, dat ik den muurH2346gebouwdH1129 had, en dat geenH3808scheurH6556 daarin was overgelatenH3498; ookH1571 had ik totH5704 dezen tijdH6256 toe de deurenH1817nietH3808opgezetH5975 in de poortenH8179;Voorts is het geschied, als van Sanballat, en Tobia, en van Gesem, den Arabier, en van onze andere vijanden gehoord was, dat ik den muur gebouwd had, en dat geen scheur daarin was overgelaten; ook had ik tot dezen tijd toe de deuren niet opgezet in de poorten;
KJVNow it came to pass, when Sanballat,4and Tobiah,5and Geshem6the Arabian,7and the rest8of our enemies,9heard3that I had builded11the wall,13and that there was no breach17left15therein; (though18at that time20I had not set up24the doors22upon the gates;)
1וַיְהִ֣יH1961zijn, geschiedde, wasbeacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use2כַאֲשֶׁ֣רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection3נִשְׁמַ֣עH8085horen, gehoord, hoorde[idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness4לְסַנְבַלַּ֣טH5571SanballatSanballat5וְ֠טוֹבִיָּהH2900TobiaTobiah, Tobijah6וּלְגֶ֨שֶׁםH1654Gesem, GasmuGeshem, Gashmu7הָֽעַרְבִ֜יH6163Arabieren, ArabierArabian8וּלְיֶ֣תֶרH3499overige, overblijfsel, overgelaten[phrase] abundant, cord, exceeding, excellancy(-ent), what they leave, that hath left, plentifully, remnant, residue, rest, string, with9אֹֽיְבֵ֗ינוּH341vijanden, vijand, vijandsenemy, foe10כִּ֤יH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet11בָנִ֨יתִי֙H1129bouwen, gebouwd, bouwde(begin to) build(-er), obtain children, make, repair, set (up), [idiom] surely12אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)13הַ֣חוֹמָ֔הH2346muur, muren, muurswall, walled14וְלֹאH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without15נ֥וֹתַרH3498overgebleven, overgelaten, overigeexcel, leave (a remnant), left behind, too much, make plenteous, preserve, (be, let) remain(-der, -ing, -nant), reserve, residue, rest16בָּ֖הּ17פָּ֑רֶץH6556scheur, breuk, bressenbreach, breaking forth (in), [idiom] forth, gap18גַּ֚םH1571ook, zelfs, jaagain, alike, also, (so much) as (soon), both (so)...and, but, either...or, even, for all, (in) likewise (manner), moreover, nay...neither, one, then(-refore), though, what, with, yea19עַדH5704tot, totdat, aanagainst, and, as, at, before, by (that), even (to), for(-asmuch as), (hither-) to, [phrase] how long, into, as long (much) as, (so) that, till, toward, until, when, while, ([phrase] as) yet20הָעֵ֣תH6256tijd, tijde, tijden[phrase] after, (al-) ways, [idiom] certain, [phrase] continually, [phrase] evening, long, (due) season, so (long) as, (even-, evening-, noon-) tide, (meal-), what) time, when21הַהִ֔יאH1931hij, het, zijhe, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who22דְּלָת֖וֹתH1817deuren, deur, poortendoor (two-leaved), gate, leaf, lid. (Psalm 141:3)23לֹאH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without24הֶעֱמַ֥דְתִּיH5975stond, staan, stondenabide (behind), appoint, arise, cease, confirm, continue, dwell, be employed, endure, establish, leave, make, ordain, be (over), place, (be) present (self), raise up, remain, repair, [phrase] serve, set (forth, over, -tle, up), (make to, make to be at a, with-) stand (by, fast, firm, still, up), (be at a) stay (up), tarry25בַשְּׁעָרִֽיםH8179poort, poorten, stadspoortcity, door, gate, port ([idiom] -er)
2Zo zond Sanballat, en Gesem, tot mij, om te zeggen: Kom en laat ons te zamen vergaderen in de dorpen, in het dal Ono. Maar zij dachten mij kwaad te doen.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
2Zo zondH7971SanballatH5571, en GesemH1654, totH413 mij, om te zeggenH559: KomH3212 en laat ons te zamenH3162vergaderenH3259 in de dorpenH3715, in het dalH1237OnoH207. Maar zijH1992dachtenH2803 mij kwaadH7451 te doenH6213.Zo zond Sanballat, en Gesem, tot mij, om te zeggen: Kom en laat ons te zamen vergaderen in de dorpen, in het dal Ono. Maar zij dachten mij kwaad te doen.
KJVThat Sanballat2and Geshem3sent1unto me, saying,5Come,6let us meet7together8in some one of the villages9in the plain10of Ono.11But they thought13to do14me mischief.
1וַיִּשְׁלַ֨חH7971zond, gezonden, zenden[idiom] any wise, appoint, bring (on the way), cast (away, out), conduct, [idiom] earnestly, forsake, give (up), grow long, lay, leave, let depart (down, go, loose), push away, put (away, forth, in, out), reach forth, send (away, forth, out), set, shoot (forth, out), sow, spread, stretch forth (out)2סַנְבַלַּ֤טH5571SanballatSanballat3וְגֶ֨שֶׁם֙H1654Gesem, GasmuGeshem, Gashmu4אֵלַ֣יH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)5לֵאמֹ֔רH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet6לְכָ֞הH3212ging, ga, gaan[idiom] again, away, bear, bring, carry (away), come (away), depart, flow, [phrase] follow(-ing), get (away, hence, him), (cause to, made) go (away, -ing, -ne, one's way, out), grow, lead (forth), let down, march, prosper, [phrase] pursue, cause to run, spread, take away (-journey), vanish, (cause to) walk(-ing), wax, [idiom] be weak7וְנִֽוָּעֲדָ֥הH3259vergaderd, dagvaarden, komenagree,(maxke an) appoint(-ment, a time), assemble (selves), betroth, gather (selves, together), meet (together), set (a time)8יַחְדָּ֛וH3162samen, tezamenalike, at all (once), both, likewise, only, (al-) together, withal9בַּכְּפִירִ֖יםH3715jonge leeuwen, jonge leeuw, jongen leeuws(young) lion, village. Compare H3723 (כָּפָר)10בְּבִקְעַ֣תH1237vallei, dal, dalenplain, valley11אוֹנ֑וֹH207OnoOno12וְהֵ֨מָּה֙H1992zij, die, hunit, like, [idiom] (how, so) many (soever, more as) they (be), (the) same, [idiom] so, [idiom] such, their, them, these, they, those, which, who, whom, withal, ye13חֹֽשְׁבִ֔יםH2803geacht, gedacht, bedenken(make) account (of), conceive, consider, count, cunning (man, work, workman), devise, esteem, find out, forecast, hold, imagine, impute, invent, be like, mean, purpose, reckon(-ing be made), regard, think14לַעֲשׂ֥וֹתH6213doen, gedaan, maakteaccomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use15לִ֖י16רָעָֽהH7451kwaad, kwade, bozeadversity, affliction, bad, calamity, [phrase] displease(-ure), distress, evil((-favouredness), man, thing), [phrase] exceedingly, [idiom] great, grief(-vous), harm, heavy, hurt(-ful), ill (favoured), [phrase] mark, mischief(-vous), misery, naught(-ty), noisome, [phrase] not please, sad(-ly), sore, sorrow, trouble, vex, wicked(-ly, -ness, one), worse(-st), wretchedness, wrong. (Incl. feminine raaah; as adjective or noun.)
3En ik zond boden tot hen, om te zeggen: Ik doe een groot werk, zodat ik niet zal kunnen afkomen; waarom zou dit werk ophouden, terwijl ik het zou nalaten, en tot ulieden afkomen?
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
3En ik zondH7971bodenH4397 tot hen, om te zeggenH559: Ik doeH6213 een grootH1419werkH4399, zodat ikH589 niet zal kunnen afkomenH3381; waaromH4100 zou dit werkH4399ophoudenH7673, terwijlH834 ik het zou nalatenH7503, en totH413 ulieden afkomenH3381?En ik zond boden tot hen, om te zeggen: Ik doe een groot werk, zodat ik niet zal kunnen afkomen; waarom zou dit werk ophouden, terwijl ik het zou nalaten, en tot ulieden afkomen?
KJVAnd I sent1messengers3unto them, saying,4I am doing8a great6work,5so that I cannot10come down:11why should the work14cease,13whilst15I leave16it, and come down
1וָאֶשְׁלְחָ֨הH7971zond, gezonden, zenden[idiom] any wise, appoint, bring (on the way), cast (away, out), conduct, [idiom] earnestly, forsake, give (up), grow long, lay, leave, let depart (down, go, loose), push away, put (away, forth, in, out), reach forth, send (away, forth, out), set, shoot (forth, out), sow, spread, stretch forth (out)2עֲלֵיהֶ֤םH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with3מַלְאָכִים֙H4397Engel, boden, engelambassador, angel, king, messenger4לֵאמֹ֔רH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet5מְלָאכָ֤הH4399werk, werks, handwerkbusiness, [phrase] cattle, [phrase] industrious, occupation, ([phrase] -pied), [phrase] officer, thing (made), use, (manner of) work((-man), -manship)6גְדוֹלָה֙H1419grote, groot, groten[phrase] aloud, elder(-est), [phrase] exceeding(-ly), [phrase] far, (man of) great (man, matter, thing,-er,-ness), high, long, loud, mighty, more, much, noble, proud thing, [idiom] sore, ([idiom]) very7אֲנִ֣יH589ik, mijI, (as for) me, mine, myself, we, [idiom] which, [idiom] who8עֹשֶׂ֔הH6213doen, gedaan, maakteaccomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use9וְלֹ֥אH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without10אוּכַ֖לH3201konden, kan, konbe able, any at all (ways), attain, can (away with, (-not)), could, endure, might, overcome, have power, prevail, still, suffer11לָרֶ֑דֶתH3381nederdalen, neder, nedergedaald[idiom] abundantly, bring down, carry down, cast down, (cause to) come(-ing) down, fall (down), get down, go(-ing) down(-ward), hang down, [idiom] indeed, let down, light (down), put down (off), (cause to, let) run down, sink, subdue, take down12לָ֣מָּהH4100wat, waarom, hoehow (long, oft, (-soever)), (no-) thing, what (end, good, purpose, thing), whereby(-fore, -in, -to, -with), (for) why13תִשְׁבַּ֤תH7673ophouden, rusten, houdt(cause to, let, make to) cease, celebrate, cause (make) to fail, keep (sabbath), suffer to be lacking, leave, put away (down), (make to) rest, rid, still, take away14הַמְּלָאכָה֙H4399werk, werks, handwerkbusiness, [phrase] cattle, [phrase] industrious, occupation, ([phrase] -pied), [phrase] officer, thing (made), use, (manner of) work((-man), -manship)15כַּאֲשֶׁ֣רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection16אַרְפֶּ֔הָH7503slap, begeven, ledigabate, cease, consume, draw (toward evening), fail, (be) faint, be (wax) feeble, forsake, idle, leave, let alone (go, down), (be) slack, stay, be still, be slothful, (be) weak(-en). See H7495 (רָפָא)17וְיָרַדְתִּ֖יH3381nederdalen, neder, nedergedaald[idiom] abundantly, bring down, carry down, cast down, (cause to) come(-ing) down, fall (down), get down, go(-ing) down(-ward), hang down, [idiom] indeed, let down, light (down), put down (off), (cause to, let) run down, sink, subdue, take down18אֲלֵיכֶֽםH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)
4Zij zonden nu wel viermaal tot mij, op dezelfde wijze. En ik antwoordde hun op dezelfde wijze.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
4Zij zondenH7971 nu wel viermaalH702totH413 mij, op dezelfde wijzeH1697. En ik antwoorddeH7725 hun op dezelfde wijzeH1697.Zij zonden nu wel viermaal tot mij, op dezelfde wijze. En ik antwoordde hun op dezelfde wijze.
KJVYet they sent1unto me four5times6after this sort;3and I answered7them after the same manner.
1וַיִּשְׁלְח֥וּH7971zond, gezonden, zenden[idiom] any wise, appoint, bring (on the way), cast (away, out), conduct, [idiom] earnestly, forsake, give (up), grow long, lay, leave, let depart (down, go, loose), push away, put (away, forth, in, out), reach forth, send (away, forth, out), set, shoot (forth, out), sow, spread, stretch forth (out)2אֵלַ֛יH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)3כַּדָּבָ֥רH1697woord, woorden, zaakact, advice, affair, answer, [idiom] any such (thing), because of, book, business, care, case, cause, certain rate, [phrase] chronicles, commandment, [idiom] commune(-ication), [phrase] concern(-ing), [phrase] confer, counsel, [phrase] dearth, decree, deed, [idiom] disease, due, duty, effect, [phrase] eloquent, errand, (evil favoured-) ness, [phrase] glory, [phrase] harm, hurt, [phrase] iniquity, [phrase] judgment, language, [phrase] lying, manner, matter, message, (no) thing, oracle, [idiom] ought, [idiom] parts, [phrase] pertaining, [phrase] please, portion, [phrase] power, promise, provision, purpose, question, rate, reason, report, request, [idiom] (as hast) said, sake, saying, sentence, [phrase] sign, [phrase] so, some (uncleanness), somewhat to say, [phrase] song, speech, [idiom] spoken, talk, task, [phrase] that, [idiom] there done, thing (concerning), thought, [phrase] thus, tidings, what(-soever), [phrase] wherewith, which, word, work4הַזֶּ֖הH2088dit, deze, dezenhe, [idiom] hence, [idiom] here, it(-self), [idiom] now, [idiom] of him, the one...the other, [idiom] than the other, ([idiom] out of) the (self) same, such (a one) that, these, this (hath, man), on this side...on that side, [idiom] thus, very, which. Compare H2063 (זֹאת), H2090 (זֹה), H2097 (זוֹ), H2098 (זוּ)5אַרְבַּ֣עH702vier, vierhonderd, veertienfour6פְּעָמִ֑יםH6471ditmaal, malen, tweemaalanvil, corner, foot(-step), going, (hundred-) fold, [idiom] now, (this) [phrase] once, order, rank, step, [phrase] thrice, (often-), second, this, two) time(-s), twice, wheel7וָאָשִׁ֥יבH7725wederkeren, keerde, keren((break, build, circumcise, dig, do anything, do evil, feed, lay down, lie down, lodge, make, rejoice, send, take, weep)) [idiom] again, (cause to) answer ([phrase] again), [idiom] in any case (wise), [idiom] at all, averse, bring (again, back, home again), call (to mind), carry again (back), cease, [idiom] certainly, come again (back), [idiom] consider, [phrase] continually, convert, deliver (again), [phrase] deny, draw back, fetch home again, [idiom] fro, get (oneself) (back) again, [idiom] give (again), go again (back, home), (go) out, hinder, let, (see) more, [idiom] needs, be past, [idiom] pay, pervert, pull in again, put (again, up again), recall, recompense, recover, refresh, relieve, render (again), requite, rescue, restore, retrieve, (cause to, make to) return, reverse, reward, [phrase] say nay, send back, set again, slide back, still, [idiom] surely, take back (off), (cause to, make to) turn (again, self again, away, back, back again, backward, from, off), withdraw8אוֹתָ֖םH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)9כַּדָּבָ֥רH1697woord, woorden, zaakact, advice, affair, answer, [idiom] any such (thing), because of, book, business, care, case, cause, certain rate, [phrase] chronicles, commandment, [idiom] commune(-ication), [phrase] concern(-ing), [phrase] confer, counsel, [phrase] dearth, decree, deed, [idiom] disease, due, duty, effect, [phrase] eloquent, errand, (evil favoured-) ness, [phrase] glory, [phrase] harm, hurt, [phrase] iniquity, [phrase] judgment, language, [phrase] lying, manner, matter, message, (no) thing, oracle, [idiom] ought, [idiom] parts, [phrase] pertaining, [phrase] please, portion, [phrase] power, promise, provision, purpose, question, rate, reason, report, request, [idiom] (as hast) said, sake, saying, sentence, [phrase] sign, [phrase] so, some (uncleanness), somewhat to say, [phrase] song, speech, [idiom] spoken, talk, task, [phrase] that, [idiom] there done, thing (concerning), thought, [phrase] thus, tidings, what(-soever), [phrase] wherewith, which, word, work10הַזֶּֽהH2088dit, deze, dezenhe, [idiom] hence, [idiom] here, it(-self), [idiom] now, [idiom] of him, the one...the other, [idiom] than the other, ([idiom] out of) the (self) same, such (a one) that, these, this (hath, man), on this side...on that side, [idiom] thus, very, which. Compare H2063 (זֹאת), H2090 (זֹה), H2097 (זוֹ), H2098 (זוּ)
5Toen zond Sanballat tot mij op dezelfde wijze, ten vijfden male, zijn jongen, met een open brief in zijn hand.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
5Toen zondH7971SanballatH5571totH413 mij op dezelfde wijzeH1697, ten vijfdenH2549maleH6471, zijn jongenH5288, met een openH6605briefH107 in zijn handH3027.Toen zond Sanballat tot mij op dezelfde wijze, ten vijfden male, zijn jongen, met een open brief in zijn hand.
KJVThen sent1Sanballat3his servant9unto me in like manner4the fifth7time6with an open11letter10in his hand;
1וַיִּשְׁלַח֩H7971zond, gezonden, zenden[idiom] any wise, appoint, bring (on the way), cast (away, out), conduct, [idiom] earnestly, forsake, give (up), grow long, lay, leave, let depart (down, go, loose), push away, put (away, forth, in, out), reach forth, send (away, forth, out), set, shoot (forth, out), sow, spread, stretch forth (out)2אֵלַ֨יH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)3סַנְבַלַּ֜טH5571SanballatSanballat4כַּדָּבָ֥רH1697woord, woorden, zaakact, advice, affair, answer, [idiom] any such (thing), because of, book, business, care, case, cause, certain rate, [phrase] chronicles, commandment, [idiom] commune(-ication), [phrase] concern(-ing), [phrase] confer, counsel, [phrase] dearth, decree, deed, [idiom] disease, due, duty, effect, [phrase] eloquent, errand, (evil favoured-) ness, [phrase] glory, [phrase] harm, hurt, [phrase] iniquity, [phrase] judgment, language, [phrase] lying, manner, matter, message, (no) thing, oracle, [idiom] ought, [idiom] parts, [phrase] pertaining, [phrase] please, portion, [phrase] power, promise, provision, purpose, question, rate, reason, report, request, [idiom] (as hast) said, sake, saying, sentence, [phrase] sign, [phrase] so, some (uncleanness), somewhat to say, [phrase] song, speech, [idiom] spoken, talk, task, [phrase] that, [idiom] there done, thing (concerning), thought, [phrase] thus, tidings, what(-soever), [phrase] wherewith, which, word, work5הַזֶּ֛הH2088dit, deze, dezenhe, [idiom] hence, [idiom] here, it(-self), [idiom] now, [idiom] of him, the one...the other, [idiom] than the other, ([idiom] out of) the (self) same, such (a one) that, these, this (hath, man), on this side...on that side, [idiom] thus, very, which. Compare H2063 (זֹאת), H2090 (זֹה), H2097 (זוֹ), H2098 (זוּ)6פַּ֥עַםH6471ditmaal, malen, tweemaalanvil, corner, foot(-step), going, (hundred-) fold, [idiom] now, (this) [phrase] once, order, rank, step, [phrase] thrice, (often-), second, this, two) time(-s), twice, wheel7חֲמִישִׁ֖יתH2549vijfde, vijfden, vijfde deelfifth (part)8אֶֽתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)9נַעֲר֑וֹH5288jongen, jongeling, jongensbabe, boy, child, damsel (from the margin), lad, servant, young (man)10וְאִגֶּ֥רֶתH107brieven, briefletter11פְּתוּחָ֖הH6605open, opende, geopendappear, break forth, draw (out), let go free, (en-) grave(-n), loose (self), (be, be set) open(-ing), put off, ungird, unstop, have vent12בְּיָדֽוֹH3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves
6Daarin was geschreven: Het is onder de volken gehoord, en Gasmu zegt: Gij en de Joden denkt te rebelleren, daarom bouwt gij den muur, en gij zult hun ten koning zijn; naar dat deze zaken zijn.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
6Daarin was geschrevenH3789: Het is onder de volkenH1471gehoordH8085, en GasmuH1654zegtH559: GijH859 en de JodenH3064denktH2803 te rebellerenH4775, daaromH3651bouwtH1129 gij den muurH2346, en gijH859 zult hun ten koningH4428 zijn; naar dat dezeH428zakenH1697 zijn.Daarin was geschreven: Het is onder de volken gehoord, en Gasmu zegt: Gij en de Joden denkt te rebelleren, daarom bouwt gij den muur, en gij zult hun ten koning zijn; naar dat deze zaken zijn.
KJVWherein was written,1It is reported4among the heathen,3and Gashmu5saith6it, that thou and the Jews8think9to rebel:10for which cause12thou buildest14the wall,15that thou mayest be17their king,19according to these words.
1כָּת֣וּבH3789geschreven, schreef, beschrevendescribe, record, prescribe, subscribe, write(-ing, -ten)2בָּ֗הּ3בַּגּוֹיִ֤םH1471heidenen, volken, volkGentile, heathen, nation, people4נִשְׁמָע֙H8085horen, gehoord, hoorde[idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness5וְגַשְׁמ֣וּH1654Gesem, GasmuGeshem, Gashmu6אֹמֵ֔רH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet7אַתָּ֤הH859gij, gijlieden, uthee, thou, ye, you8וְהַיְּהוּדִים֙H3064Joden, Jood, JoodsJew9חֹשְׁבִ֣יםH2803geacht, gedacht, bedenken(make) account (of), conceive, consider, count, cunning (man, work, workman), devise, esteem, find out, forecast, hold, imagine, impute, invent, be like, mean, purpose, reckon(-ing be made), regard, think10לִמְר֔וֹדH4775wederspannig, gerebelleerd, rebelleerderebel(-lious)11עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with12כֵּ֛ןH3651daarom, alzo, zo[phrase] after that (this, -ward, -wards), as... as, [phrase] (for-) asmuch as yet, [phrase] be (for which) cause, [phrase] following, howbeit, in (the) like (manner, -wise), [idiom] the more, right, (even) so, state, straightway, such (thing), surely, [phrase] there (where) -fore, this, thus, true, well, [idiom] you13אַתָּ֥הH859gij, gijlieden, uthee, thou, ye, you14בוֹנֶ֖הH1129bouwen, gebouwd, bouwde(begin to) build(-er), obtain children, make, repair, set (up), [idiom] surely15הַחוֹמָ֑הH2346muur, muren, muurswall, walled16וְאַתָּ֗הH859gij, gijlieden, uthee, thou, ye, you17הֹוֶ֤הH1933wees, Weesbe, [idiom] have18לָהֶם֙19לְמֶ֔לֶךְH4428koning, konings, koningenking, royal20כַּדְּבָרִ֖יםH1697woord, woorden, zaakact, advice, affair, answer, [idiom] any such (thing), because of, book, business, care, case, cause, certain rate, [phrase] chronicles, commandment, [idiom] commune(-ication), [phrase] concern(-ing), [phrase] confer, counsel, [phrase] dearth, decree, deed, [idiom] disease, due, duty, effect, [phrase] eloquent, errand, (evil favoured-) ness, [phrase] glory, [phrase] harm, hurt, [phrase] iniquity, [phrase] judgment, language, [phrase] lying, manner, matter, message, (no) thing, oracle, [idiom] ought, [idiom] parts, [phrase] pertaining, [phrase] please, portion, [phrase] power, promise, provision, purpose, question, rate, reason, report, request, [idiom] (as hast) said, sake, saying, sentence, [phrase] sign, [phrase] so, some (uncleanness), somewhat to say, [phrase] song, speech, [idiom] spoken, talk, task, [phrase] that, [idiom] there done, thing (concerning), thought, [phrase] thus, tidings, what(-soever), [phrase] wherewith, which, word, work21הָאֵֽלֶּהH428deze, dit, dezenan-(the) other; one sort, so, some, such, them, these (same), they, this, those, thus, which, who(-m)
7Dat gij ook profeten hebt besteld, om van u te Jeruzalem uit te roepen, zeggende: Hij is koning in Juda. Nu zal het van den koning gehoord worden, naar dat deze zaken zijn; kom dan nu, en laat ons te zamen raadslaan.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
7Dat gij ookH1571profetenH5030 hebt besteldH5975, om van u te JeruzalemH3389 uit te roepenH7121, zeggendeH559: Hij is koningH4428 in JudaH3063. NuH6258 zal het van den koningH4428gehoordH8085 worden, naar dat dezeH428zakenH1697 zijn; komH3212 dan nu, en laat ons te zamenH3162raadslaanH3289.Dat gij ook profeten hebt besteld, om van u te Jeruzalem uit te roepen, zeggende: Hij is koning in Juda. Nu zal het van den koning gehoord worden, naar dat deze zaken zijn; kom dan nu, en laat ons te zamen raadslaan.
KJVAnd thou hast also appointed3prophets2to preach4of thee at Jerusalem,6saying,7There is a king8in Judah:9and now shall it be reported11to the king12according to these words.13Come16now therefore, and let us take counsel17together.
1וְגַםH1571ook, zelfs, jaagain, alike, also, (so much) as (soon), both (so)...and, but, either...or, even, for all, (in) likewise (manner), moreover, nay...neither, one, then(-refore), though, what, with, yea2נְבִיאִ֡יםH5030profeet, profeten, Profeetprophecy, that prophesy, prophet3הֶעֱמַ֣דְתָּH5975stond, staan, stondenabide (behind), appoint, arise, cease, confirm, continue, dwell, be employed, endure, establish, leave, make, ordain, be (over), place, (be) present (self), raise up, remain, repair, [phrase] serve, set (forth, over, -tle, up), (make to, make to be at a, with-) stand (by, fast, firm, still, up), (be at a) stay (up), tarry4לִקְרֹא֩H7121riep, noemde, roepenbewray (self), that are bidden, call (for, forth, self, upon), cry (unto), (be) famous, guest, invite, mention, (give) name, preach, (make) proclaim(-ation), pronounce, publish, read, renowned, say5עָלֶ֨יךָH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with6בִֽירוּשָׁלִַ֜םH3389Jeruzalem, JeruzalemsJerusalem7לֵאמֹ֗רH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet8מֶ֚לֶךְH4428koning, konings, koningenking, royal9בִּֽיהוּדָ֔הH3063JudaJudah10וְעַתָּה֙H6258nu, danhenceforth, now, straightway, this time, whereas11יִשָּׁמַ֣עH8085horen, gehoord, hoorde[idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness12לַמֶּ֔לֶךְH4428koning, konings, koningenking, royal13כַּדְּבָרִ֣יםH1697woord, woorden, zaakact, advice, affair, answer, [idiom] any such (thing), because of, book, business, care, case, cause, certain rate, [phrase] chronicles, commandment, [idiom] commune(-ication), [phrase] concern(-ing), [phrase] confer, counsel, [phrase] dearth, decree, deed, [idiom] disease, due, duty, effect, [phrase] eloquent, errand, (evil favoured-) ness, [phrase] glory, [phrase] harm, hurt, [phrase] iniquity, [phrase] judgment, language, [phrase] lying, manner, matter, message, (no) thing, oracle, [idiom] ought, [idiom] parts, [phrase] pertaining, [phrase] please, portion, [phrase] power, promise, provision, purpose, question, rate, reason, report, request, [idiom] (as hast) said, sake, saying, sentence, [phrase] sign, [phrase] so, some (uncleanness), somewhat to say, [phrase] song, speech, [idiom] spoken, talk, task, [phrase] that, [idiom] there done, thing (concerning), thought, [phrase] thus, tidings, what(-soever), [phrase] wherewith, which, word, work14הָאֵ֑לֶּהH428deze, dit, dezenan-(the) other; one sort, so, some, such, them, these (same), they, this, those, thus, which, who(-m)15וְעַתָּ֣הH6258nu, danhenceforth, now, straightway, this time, whereas16לְכָ֔הH3212ging, ga, gaan[idiom] again, away, bear, bring, carry (away), come (away), depart, flow, [phrase] follow(-ing), get (away, hence, him), (cause to, made) go (away, -ing, -ne, one's way, out), grow, lead (forth), let down, march, prosper, [phrase] pursue, cause to run, spread, take away (-journey), vanish, (cause to) walk(-ing), wax, [idiom] be weak17וְנִֽוָּעֲצָ֖הH3289raad, beraadslaagd, geradenadvertise, take advise, advise (well), consult, (give, take) counsel(-lor), determine, devise, guide, purpose18יַחְדָּֽוH3162samen, tezamenalike, at all (once), both, likewise, only, (al-) together, withal
8Doch ik zond tot hem, om te zeggen: Er is van al zulke zaken, als gij zegt, niets geschied; maar gij versiert ze uit uw hart.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
8Doch ik zondH7971totH413 hem, om te zeggenH559: Er is van al zulke zakenH1697, als gijH859zegtH559, nietsH3808geschiedH1961; maarH3588gijH859versiertH908 ze uit uw hartH3820.Doch ik zond tot hem, om te zeggen: Er is van al zulke zaken, als gij zegt, niets geschied; maar gij versiert ze uit uw hart.
KJVThen I sent1unto him, saying,3There are5no such things6doneas thou sayest,10but thou feignest14them out of thine own heart.
1וָאֶשְׁלְחָ֤הH7971zond, gezonden, zenden[idiom] any wise, appoint, bring (on the way), cast (away, out), conduct, [idiom] earnestly, forsake, give (up), grow long, lay, leave, let depart (down, go, loose), push away, put (away, forth, in, out), reach forth, send (away, forth, out), set, shoot (forth, out), sow, spread, stretch forth (out)2אֵלָיו֙H413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)3לֵאמֹ֔רH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet4לֹ֤אH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without5נִֽהְיָה֙H1961zijn, geschiedde, wasbeacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use6כַּדְּבָרִ֣יםH1697woord, woorden, zaakact, advice, affair, answer, [idiom] any such (thing), because of, book, business, care, case, cause, certain rate, [phrase] chronicles, commandment, [idiom] commune(-ication), [phrase] concern(-ing), [phrase] confer, counsel, [phrase] dearth, decree, deed, [idiom] disease, due, duty, effect, [phrase] eloquent, errand, (evil favoured-) ness, [phrase] glory, [phrase] harm, hurt, [phrase] iniquity, [phrase] judgment, language, [phrase] lying, manner, matter, message, (no) thing, oracle, [idiom] ought, [idiom] parts, [phrase] pertaining, [phrase] please, portion, [phrase] power, promise, provision, purpose, question, rate, reason, report, request, [idiom] (as hast) said, sake, saying, sentence, [phrase] sign, [phrase] so, some (uncleanness), somewhat to say, [phrase] song, speech, [idiom] spoken, talk, task, [phrase] that, [idiom] there done, thing (concerning), thought, [phrase] thus, tidings, what(-soever), [phrase] wherewith, which, word, work7הָאֵ֔לֶּהH428deze, dit, dezenan-(the) other; one sort, so, some, such, them, these (same), they, this, those, thus, which, who(-m)8אֲשֶׁ֖רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection9אַתָּ֣הH859gij, gijlieden, uthee, thou, ye, you10אוֹמֵ֑רH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet11כִּ֥יH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet12מִֽלִּבְּךָ֖H3820hart, harten, harte[phrase] care for, comfortably, consent, [idiom] considered, courag(-eous), friend(-ly), ((broken-), (hard-), (merry-), (stiff-), (stout-), double) heart(-ed), [idiom] heed, [idiom] I, kindly, midst, mind(-ed), [idiom] regard(-ed), [idiom] themselves, [idiom] unawares, understanding, [idiom] well, willingly, wisdom13אַתָּ֥הH859gij, gijlieden, uthee, thou, ye, you14בוֹדָֽאםH908verdacht, versiertdevise, feign
9Want zij allen zochten ons vreesachtig te maken, zeggende: Hun handen zullen van het werk aflaten, dat het niet zal gedaan worden; nu dan, sterk mijn handen!
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
9Want zij allenH3605 zochten ons vreesachtigH3372 te maken, zeggendeH559: Hun handenH3027 zullen vanH4480 het werkH4399aflatenH7503, dat het nietH3808 zal gedaanH6213 worden; nuH6258 dan, sterkH2388 mijn handenH3027!Want zij allen zochten ons vreesachtig te maken, zeggende: Hun handen zullen van het werk aflaten, dat het niet zal gedaan worden; nu dan, sterk mijn handen!
KJVFor they all made us afraid,3saying,5Their hands7shall be weakened6from the work,9that it be not done.11Now therefore, O God, strengthen13my hands.
1כִּ֣יH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet2כֻלָּ֗םH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)3מְיָֽרְאִ֤יםH3372vrezen, vreesde, Vreesaffright, be (make) afraid, dread(-ful), (put in) fear(-ful, -fully, -ing), (be had in) reverence(-end), [idiom] see, terrible (act, -ness, thing)4אוֹתָ֨נוּ֙H853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)5לֵאמֹ֔רH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet6יִרְפּ֧וּH7503slap, begeven, ledigabate, cease, consume, draw (toward evening), fail, (be) faint, be (wax) feeble, forsake, idle, leave, let alone (go, down), (be) slack, stay, be still, be slothful, (be) weak(-en). See H7495 (רָפָא)7יְדֵיהֶ֛םH3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves8מִןH4480van, uit, danabove, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with9הַמְּלָאכָ֖הH4399werk, werks, handwerkbusiness, [phrase] cattle, [phrase] industrious, occupation, ([phrase] -pied), [phrase] officer, thing (made), use, (manner of) work((-man), -manship)10וְלֹ֣אH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without11תֵעָשֶׂ֑הH6213doen, gedaan, maakteaccomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use12וְעַתָּ֖הH6258nu, danhenceforth, now, straightway, this time, whereas13חַזֵּ֥קH2388sterk, verbeterde, wees sterkaid, amend, [idiom] calker, catch, cleave, confirm, be constant, constrain, continue, be of good (take) courage(-ous, -ly), encourage (self), be established, fasten, force, fortify, make hard, harden, help, (lay) hold (fast), lean, maintain, play the man, mend, become (wax) mighty, prevail, be recovered, repair, retain, seize, be (wax) sore, strengthen (self), be stout, be (make, shew, wax) strong(-er), be sure, take (hold), be urgent, behave self valiantly, withstand14אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)15יָדָֽיH3027hand, handen, dienst([phrase] be) able, [idiom] about, [phrase] armholes, at, axletree, because of, beside, border, [idiom] bounty, [phrase] broad, (broken-) handed, [idiom] by, charge, coast, [phrase] consecrate, [phrase] creditor, custody, debt, dominion, [idiom] enough, [phrase] fellowship, force, [idiom] from, hand(-staves, -y work), [idiom] he, himself, [idiom] in, labour, [phrase] large, ledge, (left-) handed, means, [idiom] mine, ministry, near, [idiom] of, [idiom] order, ordinance, [idiom] our, parts, pain, power, [idiom] presumptuously, service, side, sore, state, stay, draw with strength, stroke, [phrase] swear, terror, [idiom] thee, [idiom] by them, [idiom] themselves, [idiom] thine own, [idiom] thou, through, [idiom] throwing, [phrase] thumb, times, [idiom] to, [idiom] under, [idiom] us, [idiom] wait on, (way-) side, where, [phrase] wide, [idiom] with (him, me, you), work, [phrase] yield, [idiom] yourselves
10Als ik nu kwam in het huis van Semaja, den zoon van Delaja, den zoon van Mehetabeel (hij nu was besloten), zo zeide hij: Laat ons samenkomen in het huis Gods, in het midden des tempels, en laat ons de deuren des tempels toesluiten; want zij zullen komen om u te doden, ja, bij nacht zullen zij komen, om u te doden.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
10Als ikH589 nu kwam in het huisH1004 van SemajaH8098, den zoonH1121 van DelajaH1806, den zoonH1121 van MehetabeelH4105 (hijH1931 nu was beslotenH6113), zo zeideH559 hij: Laat ons samenkomenH3259 in het huisH1004GodsH430, in het middenH8432 des tempelsH1964, en laat ons de deurenH1817 des tempelsH1964toesluitenH5462; wantH3588 zij zullen komenH935 om u te dodenH2026, ja, bij nachtH3915 zullen zij komenH935, om u te dodenH2026.Als ik nu kwam in het huis van Semaja, den zoon van Delaja, den zoon van Mehetabeel (hij nu was besloten), zo zeide hij: Laat ons samenkomen in het huis Gods, in het midden des tempels, en laat ons de deuren des tempels toesluiten; want zij zullen komen om u te doden, ja, bij nacht zullen zij komen, om u te doden.
KJVAfterward I came2unto the house3of Shemaiah4the son5of Delaiah6the son7of Mehetabeel,8who was shut up;10and he said,11Let us meet together12in the house14of God,15within17the temple,18and let us shut19the doors20of the temple:21for they will come23to slay24thee; yea, in the night25will they come26to slay
1וַאֲנִיH589ik, mijI, (as for) me, mine, myself, we, [idiom] which, [idiom] who2בָ֗אתִיH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way3בֵּ֣יתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)4שְֽׁמַֽעְיָ֧הH8098SemajaShemaiah5בֶןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth6דְּלָיָ֛הH1806DelajaDalaiah, Delaiah7בֶּןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth8מְהֵֽיטַבְאֵ֖לH4105Mehetabeel, MechetabeelMehetabeel, Mehetabel9וְה֣וּאH1931hij, het, zijhe, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who10עָצ֑וּרH6113opgehouden, besloten, beslotene[idiom] be able, close up, detain, fast, keep (self close, still), prevail, recover, refrain, [idiom] reign, restrain, retain, shut (up), slack, stay, stop, withhold (self)11וַיֹּ֡אמֶרH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet12נִוָּעֵד֩H3259vergaderd, dagvaarden, komenagree,(maxke an) appoint(-ment, a time), assemble (selves), betroth, gather (selves, together), meet (together), set (a time)13אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)14בֵּ֨יתH1004huis, huizen, huizecourt, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out)15הָאֱלֹהִ֜יםH430God, Gods, godenangels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty16אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)17תּ֣וֹךְH8432midden, middelste, binnensteamong(-st), [idiom] between, half, [idiom] (there-, where-), in(-to), middle, mid(-night), midst (among), [idiom] out (of), [idiom] through, [idiom] with(-in)18הַֽהֵיכָ֗לH1964tempel, tempels, paleispalace, temple19וְנִסְגְּרָה֙H5462gesloten, sloot, toegeslotenclose up, deliver (up), give over (up), inclose, [idiom] pure, repair, shut (in, self, out, up, up together), stop, [idiom] straitly20דַּלְת֣וֹתH1817deuren, deur, poortendoor (two-leaved), gate, leaf, lid. (Psalm 141:3)21הַהֵיכָ֔לH1964tempel, tempels, paleispalace, temple22כִּ֚יH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet23בָּאִ֣יםH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way24לְהָרְגֶ֔ךָH2026doden, gedood, dooddedestroy, out of hand, kill, murder(-er), put to (death), make (slaughter), slay(-er), [idiom] surely25וְלַ֖יְלָהH3915nacht, nachts, nachten(mid-)night (season)26בָּאִ֥יםH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way27לְהָרְגֶֽךָH2026doden, gedood, dooddedestroy, out of hand, kill, murder(-er), put to (death), make (slaughter), slay(-er), [idiom] surely
11Maar ik zeide: Zou een man, als ik, vlieden? En wie is er, zijnde als ik, die in den tempel zou gaan, dat hij levend bleve? Ik zal er niet ingaan.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
11Maar ik zeideH559: Zou een manH376, als ik, vliedenH1272? En wieH4310 is er, zijnde als ik, die in den tempelH1964 zou gaan, datH834 hij levend bleveH2425? Ik zal er nietH3808ingaanH935.Maar ik zeide: Zou een man, als ik, vlieden? En wie is er, zijnde als ik, die in den tempel zou gaan, dat hij levend bleve? Ik zal er niet ingaan.
KJVAnd I said,1Should such3a man2as I flee?4and who is there, that, being as I am, would go8into the temple10to save his life?11I will not go in.
1וָאֹמְרָ֗הH559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet2הַאִ֤ישׁH376man, mannen, iederalso, another, any (man), a certain, [phrase] champion, consent, each, every (one), fellow, (foot-, husband-) man, (good-, great, mighty) man, he, high (degree), him (that is), husband, man(-kind), [phrase] none, one, people, person, [phrase] steward, what (man) soever, whoso(-ever), worthy. Compare H802 (אִשָּׁה)3כָּמ֨וֹנִי֙H3644gelijk, alsaccording to, (such) as (it were, well as), in comparison of, like (as, to, unto), thus, when, worth4יִבְרָ֔חH1272vluchtte, vlood, gevlodenchase (away); drive away, fain, flee (away), put to flight, make haste, reach, run away, shoot5וּמִ֥יH4310wie, wien, wiensany (man), [idiom] he, [idiom] him, [phrase] O that! what, which, who(-m, -se, -soever), [phrase] would to God6כָמ֛וֹנִיH3644gelijk, alsaccording to, (such) as (it were, well as), in comparison of, like (as, to, unto), thus, when, worth7אֲשֶׁרH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection8יָב֥וֹאH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way9אֶלH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)10הַהֵיכָ֖לH1964tempel, tempels, paleispalace, temple11וָחָ֑יH2425leven, leefde, levelive, save life12לֹ֖אH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without13אָבֽוֹאH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way
12Want ik merkte, en ziet, God had hem niet gezonden; maar hij sprak deze profetie tegen mij, omdat Tobia en Sanballat hem gehuurd hadden.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
12Want ik merkteH5234, en zietH2009, GodH430 had hem nietH3808gezondenH7971; maarH3588 hij sprakH1696 deze profetieH5016tegenH5921 mij, omdat TobiaH2900 en SanballatH5571 hem gehuurdH7936 hadden.Want ik merkte, en ziet, God had hem niet gezonden; maar hij sprak deze profetie tegen mij, omdat Tobia en Sanballat hem gehuurd hadden.
KJVAnd, lo, I perceived1that God4had not sent5him; but that he pronounced8this prophecy7against me: for Tobiah10and Sanballat11had hired
1וָאַכִּ֕ירָהH5234kennen, kende, kentacknowledge, [idiom] could, deliver, discern, dissemble, estrange, feign self to be another, know, take knowledge (notice), perceive, regard, (have) respect, behave (make) self strange(-ly)2וְהִנֵּ֥הH2009ziet, ziebehold, lo, see3לֹֽאH3808niet, geen, noch[idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without4אֱלֹהִ֖יםH430God, Gods, godenangels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty5שְׁלָח֑וֹH7971zond, gezonden, zenden[idiom] any wise, appoint, bring (on the way), cast (away, out), conduct, [idiom] earnestly, forsake, give (up), grow long, lay, leave, let depart (down, go, loose), push away, put (away, forth, in, out), reach forth, send (away, forth, out), set, shoot (forth, out), sow, spread, stretch forth (out)6כִּ֤יH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet7הַנְּבוּאָה֙H5016profetieprophecy8דִּבֶּ֣רH1696gesproken, sprak, sprekenanswer, appoint, bid, command, commune, declare, destroy, give, name, promise, pronounce, rehearse, say, speak, be spokesman, subdue, talk, teach, tell, think, use (entreaties), utter, [idiom] well, [idiom] work9עָלַ֔יH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with10וְטוֹבִיָּ֥הH2900TobiaTobiah, Tobijah11וְסַנְבַלַּ֖טH5571SanballatSanballat12שְׂכָרֽוֹH7936gehuurd, huren, huurdenearn wages, hire (out self), reward, [idiom] surely
13Daarom was hij gehuurd, opdat ik zou vrezen, en alzo doen, en zondigen; opdat zij iets zouden hebben tot een kwaden naam, opdat zij mij zouden honen.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
13Daarom was hijH1931gehuurdH7936, opdatH4616 ik zou vrezenH3372, en alzoH3651doenH6213, en zondigenH2398; opdat zij ietsH1961 zouden hebben tot een kwadenH7451naamH8034, opdatH4616 zij mij zouden honenH2778.Daarom was hij gehuurd, opdat ik zou vrezen, en alzo doen, en zondigen; opdat zij iets zouden hebben tot een kwaden naam, opdat zij mij zouden honen.
KJVTherefore was he hired,2that I should be afraid,5and do so,6and sin,8and that they might have matter for an evil12report,11that they might reproach
1לְמַ֤עַןH4616opdat, om, omdatbecause of, to the end (intent) that, for (to,... 's sake), [phrase] lest, that, to2שָׂכוּר֙H7936gehuurd, huren, huurdenearn wages, hire (out self), reward, [idiom] surely3ה֔וּאH1931hij, het, zijhe, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who4לְמַֽעַןH4616opdat, om, omdatbecause of, to the end (intent) that, for (to,... 's sake), [phrase] lest, that, to5אִירָ֥אH3372vrezen, vreesde, Vreesaffright, be (make) afraid, dread(-ful), (put in) fear(-ful, -fully, -ing), (be had in) reverence(-end), [idiom] see, terrible (act, -ness, thing)6וְאֶֽעֱשֶׂהH6213doen, gedaan, maakteaccomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use7כֵּ֖ןH3651daarom, alzo, zo[phrase] after that (this, -ward, -wards), as... as, [phrase] (for-) asmuch as yet, [phrase] be (for which) cause, [phrase] following, howbeit, in (the) like (manner, -wise), [idiom] the more, right, (even) so, state, straightway, such (thing), surely, [phrase] there (where) -fore, this, thus, true, well, [idiom] you8וְחָטָ֑אתִיH2398gezondigd, zondigen, zondigtbear the blame, cleanse, commit (sin), by fault, harm he hath done, loss, miss, (make) offend(-er), offer for sin, purge, purify (self), make reconciliation, (cause, make) sin(-ful, -ness), trespass9וְהָיָ֤הH1961zijn, geschiedde, wasbeacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use10לָהֶם֙11לְשֵׁ֣םH8034naam, Naam, namen[phrase] base, (in-) fame(-ous), named(-d), renown, report12רָ֔עH7451kwaad, kwade, bozeadversity, affliction, bad, calamity, [phrase] displease(-ure), distress, evil((-favouredness), man, thing), [phrase] exceedingly, [idiom] great, grief(-vous), harm, heavy, hurt(-ful), ill (favoured), [phrase] mark, mischief(-vous), misery, naught(-ty), noisome, [phrase] not please, sad(-ly), sore, sorrow, trouble, vex, wicked(-ly, -ness, one), worse(-st), wretchedness, wrong. (Incl. feminine raaah; as adjective or noun.)13לְמַ֖עַןH4616opdat, om, omdatbecause of, to the end (intent) that, for (to,... 's sake), [phrase] lest, that, to14יְחָֽרְפֽוּנִיH2778honen, gehoond, smadenbetroth, blaspheme, defy, jeopard, rail, reproach, upbraid
14Gedenk, mijn God, aan Tobia en aan Sanballat, naar deze zijn werken; en ook aan de profetes Noadja, en aan de andere profeten, die mij gezocht hebben vreesachtig te maken.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
14GedenkH2142, mijn GodH430, aan TobiaH2900 en aan SanballatH5571, naar dezeH428 zijn werkenH4639; en ookH1571 aan de profetesH5031NoadjaH5129, en aan de andere profetenH5030, die mij gezochtH1961 hebben vreesachtigH3372 te maken.Gedenk, mijn God, aan Tobia en aan Sanballat, naar deze zijn werken; en ook aan de profetes Noadja, en aan de andere profeten, die mij gezocht hebben vreesachtig te maken.
KJVMy God,2think1thou upon Tobiah3and Sanballat4according to these their works,5and on the prophetess9Noadiah,8and the rest10of the prophets,11that would have put me in fear.
1זָכְרָ֧הH2142gedenken, gedacht, Gedenk[idiom] burn (incense), [idiom] earnestly, be male, (make) mention (of), be mindful, recount, record(-er), remember, make to be remembered, bring (call, come, keep, put) to (in) remembrance, [idiom] still, think on, [idiom] well2אֱלֹהַ֛יH430God, Gods, godenangels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty3לְטוֹבִיָּ֥הH2900TobiaTobiah, Tobijah4וּלְסַנְבַלַּ֖טH5571SanballatSanballat5כְּמַעֲשָׂ֣יוH4639werk, werken, dadenact, art, [phrase] bakemeat, business, deed, do(-ing), labor, thing made, ware of making, occupation, thing offered, operation, possession, [idiom] well, (handy-, needle-, net-) work(ing, -manship), wrought6אֵ֑לֶּהH428deze, dit, dezenan-(the) other; one sort, so, some, such, them, these (same), they, this, those, thus, which, who(-m)7וְגַ֨םH1571ook, zelfs, jaagain, alike, also, (so much) as (soon), both (so)...and, but, either...or, even, for all, (in) likewise (manner), moreover, nay...neither, one, then(-refore), though, what, with, yea8לְנוֹעַדְיָ֤הH5129NoadjaNoadiah9הַנְּבִיאָה֙H5031profetes, profetesseprophetess10וּלְיֶ֣תֶרH3499overige, overblijfsel, overgelaten[phrase] abundant, cord, exceeding, excellancy(-ent), what they leave, that hath left, plentifully, remnant, residue, rest, string, with11הַנְּבִיאִ֔יםH5030profeet, profeten, Profeetprophecy, that prophesy, prophet12אֲשֶׁ֥רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection13הָי֖וּH1961zijn, geschiedde, wasbeacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use14מְיָֽרְאִ֥יםH3372vrezen, vreesde, Vreesaffright, be (make) afraid, dread(-ful), (put in) fear(-ful, -fully, -ing), (be had in) reverence(-end), [idiom] see, terrible (act, -ness, thing)15אוֹתִֽיH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)
15De muur nu werd volbracht, op den vijf en twintigsten van Elul, in twee en vijftig dagen.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
15De muurH2346 nu werd volbrachtH7999, op den vijfH2568 en twintigstenH6242 van ElulH435, in tweeH8147 en vijftigH2572dagenH3117.De muur nu werd volbracht, op den vijf en twintigsten van Elul, in twee en vijftig dagen.
KJVSo the wall2was finished1in the twenty3and fifth4day of the month Elul,5in fifty6and two7days.
1וַתִּשְׁלַם֙H7999vergelden, wedergeven, betalenmake amends, (make an) end, finish, full, give again, make good, (re-) pay (again), (make) (to) (be at) peace(-able), that is perfect, perform, (make) prosper(-ous), recompense, render, requite, make restitution, restore, reward, [idiom] surely2הַֽחוֹמָ֔הH2346muur, muren, muurswall, walled3בְּעֶשְׂרִ֥יםH6242twintig, twintigste, twintigsten(six-) score, twenty(-ieth)4וַחֲמִשָּׁ֖הH2568vijf, vijfhonderd, vijftienfif(-teen), fifth, five ([idiom] apiece)5לֶאֱל֑וּלH435ElulElul6לַחֲמִשִּׁ֥יםH2572vijftig, vijftigen, vijftigstefifty7וּשְׁנַ֖יִםH8147twee, twaalf, beideboth, couple, double, second, twain, [phrase] twelfth, [phrase] twelve, [phrase] twenty (sixscore) thousand, twice, two8יֽוֹםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger
16En het geschiedde, als al onze vijanden dit hoorden, zo vreesden al de heidenen, die rondom ons waren, en zij vervielen zeer in hun ogen; want zij merkten, dat dit werk van onzen God gedaan was.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
16En het geschiedde, als al onze vijandenH341 dit hoordenH8085, zo vreesdenH7200alH3605 de heidenenH1471, dieH834rondomH5439 ons waren, en zij vervielenH5307zeerH3966 in hun ogenH5869; wantH3588 zij merktenH3045, dat ditH2063werkH4399vanH854 onzen GodH430gedaanH6213 was.En het geschiedde, als al onze vijanden dit hoorden, zo vreesden al de heidenen, die rondom ons waren, en zij vervielen zeer in hun ogen; want zij merkten, dat dit werk van onzen God gedaan was.
KJVAnd it came to pass, that when all our enemies5heard3thereof, and all the heathen8that were about us10saw6these things, they were much12cast down11in their own eyes:13for they perceived14that this work19was wrought18of our God.
1וַיְהִ֗יH1961zijn, geschiedde, wasbeacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use2כַּאֲשֶׁ֤רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection3שָֽׁמְעוּ֙H8085horen, gehoord, hoorde[idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness4כָּלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)5א֣וֹיְבֵ֔ינוּH341vijanden, vijand, vijandsenemy, foe6וַיִּֽרְא֗וּH7200zag, zien, gezienadvise self, appear, approve, behold, [idiom] certainly, consider, discern, (make to) enjoy, have experience, gaze, take heed, [idiom] indeed, [idiom] joyfully, lo, look (on, one another, one on another, one upon another, out, up, upon), mark, meet, [idiom] be near, perceive, present, provide, regard, (have) respect, (fore-, cause to, let) see(-r, -m, one another), shew (self), [idiom] sight of others, (e-) spy, stare, [idiom] surely, [idiom] think, view, visions7כָּלH3605al, alle, ganse(in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever)8הַגּוֹיִם֙H1471heidenen, volken, volkGentile, heathen, nation, people9אֲשֶׁ֣רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection10סְבִֽיבֹתֵ֔ינוּH5439rondom, Rondom, omgangen(place, round) about, circuit, compass, on every side11וַיִּפְּל֥וּH5307vallen, viel, gevallenbe accepted, cast (down, self, (lots), out), cease, die, divide (by lot), (let) fail, (cause to, let, make, ready to) fall (away, down, -en, -ing), fell(-ing), fugitive, have (inheritance), inferior, be judged (by mistake for H6419 (פָּלַל)), lay (along), (cause to) lie down, light (down), be ([idiom] hast) lost, lying, overthrow, overwhelm, perish, present(-ed, -ing), (make to) rot, slay, smite out, [idiom] surely, throw down12מְאֹ֖דH3966zeer, gans, grotediligently, especially, exceeding(-ly), far, fast, good, great(-ly), [idiom] louder and louder, might(-ily, -y), (so) much, quickly, (so) sore, utterly, very ([phrase] much, sore), well13בְּעֵינֵיהֶ֑םH5869ogen, oog, verfaffliction, outward appearance, [phrase] before, [phrase] think best, colour, conceit, [phrase] be content, countenance, [phrase] displease, eye((-brow), (-d), -sight), face, [phrase] favour, fountain, furrow (from the margin), [idiom] him, [phrase] humble, knowledge, look, ([phrase] well), [idiom] me, open(-ly), [phrase] (not) please, presence, [phrase] regard, resemblance, sight, [idiom] thee, [idiom] them, [phrase] think, [idiom] us, well, [idiom] you(-rselves)14וַיֵּ֣דְע֔וּH3045weten, weet, bekendacknowledge, acquaintance(-ted with), advise, answer, appoint, assuredly, be aware, (un-) awares, can(-not), certainly, comprehend, consider, [idiom] could they, cunning, declare, be diligent, (can, cause to) discern, discover, endued with, familiar friend, famous, feel, can have, be (ig-) norant, instruct, kinsfolk, kinsman, (cause to let, make) know, (come to give, have, take) knowledge, have (knowledge), (be, make, make to be, make self) known, [phrase] be learned, [phrase] lie by man, mark, perceive, privy to, [idiom] prognosticator, regard, have respect, skilful, shew, can (man of) skill, be sure, of a surety, teach, (can) tell, understand, have (understanding), [idiom] will be, wist, wit, wot15כִּ֚יH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet16מֵאֵ֣תH854met, van, bijagainst, among, before, by, for, from, in(-to), (out) of, with. Often with another prepositional prefix17אֱלֹהֵ֔ינוּH430God, Gods, godenangels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty18נֶעֶשְׂתָ֖הH6213doen, gedaan, maakteaccomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use19הַמְּלָאכָ֥הH4399werk, werks, handwerkbusiness, [phrase] cattle, [phrase] industrious, occupation, ([phrase] -pied), [phrase] officer, thing (made), use, (manner of) work((-man), -manship)20הַזֹּֽאתH2063dit, deze, dathereby (-in, -with), it, likewise, the one (other, same), she, so (much), such (deed), that, therefore, these, this (thing), thus
17Ook schreven in die dagen edelen van Juda vele brieven, die naar Tobia gingen; en die van Tobia kwamen tot hen.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
17OokH1571schrevenH1980 in die dagenH3117edelenH2715 van JudaH3063veleH7235brievenH107, die naar TobiaH2900gingenH834; en die van TobiaH2900kwamenH935 tot hen.Ook schreven in die dagen edelen van Juda vele brieven, die naar Tobia gingen; en die van Tobia kwamen tot hen.
KJVMoreover in those days2the nobles5of Judah6sent8many4letters7unto Tobiah,10and the letters of Tobiah12came
1גַּ֣םH1571ook, zelfs, jaagain, alike, also, (so much) as (soon), both (so)...and, but, either...or, even, for all, (in) likewise (manner), moreover, nay...neither, one, then(-refore), though, what, with, yea2בַּיָּמִ֣יםH3117dagen, dag, dageage, [phrase] always, [phrase] chronicals, continually(-ance), daily, ((birth-), each, to) day, (now a, two) days (agone), [phrase] elder, [idiom] end, [phrase] evening, [phrase] (for) ever(-lasting, -more), [idiom] full, life, as (so) long as (... live), (even) now, [phrase] old, [phrase] outlived, [phrase] perpetually, presently, [phrase] remaineth, [idiom] required, season, [idiom] since, space, then, (process of) time, [phrase] as at other times, [phrase] in trouble, weather, (as) when, (a, the, within a) while (that), [idiom] whole ([phrase] age), (full) year(-ly), [phrase] younger3הָהֵ֗םH1992zij, die, hunit, like, [idiom] (how, so) many (soever, more as) they (be), (the) same, [idiom] so, [idiom] such, their, them, these, they, those, which, who, whom, withal, ye4מַרְבִּ֞יםH7235veel, vermenigvuldigen, vermenigvuldigd(bring in) abundance ([idiom] -antly), [phrase] archer (by mistake for H7232 (רָבַב)), be in authority, bring up, [idiom] continue, enlarge, excel, exceeding(-ly), be full of, (be, make) great(-er, -ly, [idiom] -ness), grow up, heap, increase, be long, (be, give, have, make, use) many (a time), (any, be, give, give the, have) more (in number), (ask, be, be so, gather, over, take, yield) much (greater, more), (make to) multiply, nourish, plenty(-eous), [idiom] process (of time), sore, store, thoroughly, very5חֹרֵ֤יH2715edelennoble6יְהוּדָה֙H3063JudaJudah7אִגְּרֹ֣תֵיהֶ֔םH107brieven, briefletter8הוֹלְכ֖וֹתH1980wandelt, gewandeld, wandelen(all) along, apace, behave (self), come, (on) continually, be conversant, depart, [phrase] be eased, enter, exercise (self), [phrase] follow, forth, forward, get, go (about, abroad, along, away, forward, on, out, up and down), [phrase] greater, grow, be wont to haunt, lead, march, [idiom] more and more, move (self), needs, on, pass (away), be at the point, quite, run (along), [phrase] send, speedily, spread, still, surely, [phrase] tale-bearer, [phrase] travel(-ler), walk (abroad, on, to and fro, up and down, to places), wander, wax, (way-) faring man, [idiom] be weak, whirl9עַלH5921op, over, aanabove, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with10טוֹבִיָּ֑הH2900TobiaTobiah, Tobijah11וַאֲשֶׁ֥רH834die, dat, wat[idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection12לְטוֹבִיָּ֖הH2900TobiaTobiah, Tobijah13בָּא֥וֹתH935komen, kwam, kwamenabide, apply, attain, [idiom] be, befall, [phrase] besiege, bring (forth, in, into, to pass), call, carry, [idiom] certainly, (cause, let, thing for) to come (against, in, out, upon, to pass), depart, [idiom] doubtless again, [phrase] eat, [phrase] employ, (cause to) enter (in, into, -tering, -trance, -try), be fallen, fetch, [phrase] follow, get, give, go (down, in, to war), grant, [phrase] have, [idiom] indeed, (in-) vade, lead, lift (up), mention, pull in, put, resort, run (down), send, set, [idiom] (well) stricken (in age), [idiom] surely, take (in), way14אֲלֵיהֶֽםH413tot, naar, aanabout, according to, after, against, among, as for, at, because(-fore, -side), both...and, by, concerning, for, from, [idiom] hath, in(-to), near, (out) of, over, through, to(-ward), under, unto, upon, whether, with(-in)
18Want velen in Juda hadden hem gezworen, omdat hij was een schoonzoon van Sechanja, den zoon van Arah; en zijn zoon Johanan had genomen de dochter van Mesullam, den zoon van Berechja.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
18WantH3588velenH7227 in JudaH3063 hadden hem gezworenH1167, omdatH3588 hij was een schoonzoonH2860 van SechanjaH7935, den zoonH1121 van ArahH733; en zijn zoonH1121JohananH3076 had genomenH3947 de dochterH1323 van MesullamH4918, den zoonH1121 van BerechjaH1296.Want velen in Juda hadden hem gezworen, omdat hij was een schoonzoon van Sechanja, den zoon van Arah; en zijn zoon Johanan had genomen de dochter van Mesullam, den zoon van Berechja.
KJVFor there were many2in Judah3sworn4unto him, because he was the son in law8of Shechaniah10the son11of Arah;12and his son14Johanan13had taken15the daughter17of Meshullam18the son19of Berechiah.
1כִּיH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet2רַבִּ֣יםH7227vele, veel, grote(in) abound(-undance, -ant, -antly), captain, elder, enough, exceedingly, full, great(-ly, man, one), increase, long (enough, (time)), (do, have) many(-ifold, things, a time), (ship-)master, mighty, more, (too, very) much, multiply(-tude), officer, often(-times), plenteous, populous, prince, process (of time), suffice(-lent)3בִּֽיהוּדָ֗הH3063JudaJudah4בַּעֲלֵ֤יH1167burgers, heer, man[phrase] archer, [phrase] babbler, [phrase] bird, captain, chief man, [phrase] confederate, [phrase] have to do, [phrase] dreamer, those to whom it is due, [phrase] furious, those that are given to it, great, [phrase] hairy, he that hath it, have, [phrase] horseman, husband, lord, man, [phrase] married, master, person, [phrase] sworn, they of5שְׁבוּעָה֙H7621eed, eeds, edencurse, oath, [idiom] sworn6ל֔וֹ7כִּיH3588want, dat, maarand, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet8חָתָ֥ןH2860schoonzoon, bruidegom, bruidegomsbridegroom, husband, son in law9ה֖וּאH1931hij, het, zijhe, as for her, him(-self), it, the same, she (herself), such, that (...it), these, they, this, those, which (is), who10לִשְׁכַנְיָ֣הH7935SechanjaShecaniah, Shechaniah11בֶןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth12אָרַ֑חH733Arach, ArahArah13וִֽיהוֹחָנָ֣ןH3076JohananJehohanan, Johanan. Compare H3110 (יוֹחָנָן)14בְּנ֔וֹH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth15לָקַ֕חH3947nam, nemen, genomenaccept, bring, buy, carry away, drawn, fetch, get, infold, [idiom] many, mingle, place, receive(-ing), reserve, seize, send for, take (away, -ing, up), use, win16אֶתH853wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald(as such unrepresented in English)17בַּתH1323dochter, dochteren, onderhorige plaatsenapple (of the eye), branch, company, daughter, [idiom] first, [idiom] old, [phrase] owl, town, village18מְשֻׁלָּ֖םH4918MesullamMeshullam19בֶּ֥ןH1121kinderen, zoon, zonen[phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth20בֶּֽרֶכְיָֽהH1296BerechjaBerachiah, Berechiah
19Ook verhaalden zij zijn goeddadigheden voor mijn aangezicht, en mijn woorden brachten zij uit tot hem. Tobia dan zond brieven, om mij vreesachtig te maken.
א
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
19OokH1571verhaaldenH1961 zij zijn goeddadighedenH2896 voor mijn aangezichtH6440, en mijn woordenH1697brachtenH1961 zij uit tot hem. TobiaH2900 dan zondH7971brievenH107, om mij vreesachtigH3372 te maken.Ook verhaalden zij zijn goeddadigheden voor mijn aangezicht, en mijn woorden brachten zij uit tot hem. Tobia dan zond brieven, om mij vreesachtig te maken.
KJVAlso they reported4his good deeds2before5me, and uttered8my words6to him. And Tobiah12sent11letters10to put me in fear.
1גַּ֣םH1571ook, zelfs, jaagain, alike, also, (so much) as (soon), both (so)...and, but, either...or, even, for all, (in) likewise (manner), moreover, nay...neither, one, then(-refore), though, what, with, yea2טוֹבֹתָ֗יוH2896goed, goede, beterbeautiful, best, better, bountiful, cheerful, at ease, [idiom] fair (word), (be in) favour, fine, glad, good (deed, -lier, -liest, -ly, -ness, -s), graciously, joyful, kindly, kindness, liketh (best), loving, merry, [idiom] most, pleasant, [phrase] pleaseth, pleasure, precious, prosperity, ready, sweet, wealth, welfare, (be) well(-favoured)3הָי֤וּH1961zijn, geschiedde, wasbeacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use4אֹמְרִים֙H559zeide, zeggende, zegtanswer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet5לְפָנַ֔יH6440aangezicht, voor, aangezichten[phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you6וּדְבָרַ֕יH1697woord, woorden, zaakact, advice, affair, answer, [idiom] any such (thing), because of, book, business, care, case, cause, certain rate, [phrase] chronicles, commandment, [idiom] commune(-ication), [phrase] concern(-ing), [phrase] confer, counsel, [phrase] dearth, decree, deed, [idiom] disease, due, duty, effect, [phrase] eloquent, errand, (evil favoured-) ness, [phrase] glory, [phrase] harm, hurt, [phrase] iniquity, [phrase] judgment, language, [phrase] lying, manner, matter, message, (no) thing, oracle, [idiom] ought, [idiom] parts, [phrase] pertaining, [phrase] please, portion, [phrase] power, promise, provision, purpose, question, rate, reason, report, request, [idiom] (as hast) said, sake, saying, sentence, [phrase] sign, [phrase] so, some (uncleanness), somewhat to say, [phrase] song, speech, [idiom] spoken, talk, task, [phrase] that, [idiom] there done, thing (concerning), thought, [phrase] thus, tidings, what(-soever), [phrase] wherewith, which, word, work7הָי֥וּH1961zijn, geschiedde, wasbeacon, [idiom] altogether, be(-come), accomplished, committed, like), break, cause, come (to pass), do, faint, fall, [phrase] follow, happen, [idiom] have, last, pertain, quit (one-) self, require, [idiom] use8מוֹצִיאִ֖יםH3318uitgaan, uitgegaan, uitgevoerd[idiom] after, appear, [idiom] assuredly, bear out, [idiom] begotten, break out, bring forth (out, up), carry out, come (abroad, out, thereat, without), [phrase] be condemned, depart(-ing, -ure), draw forth, in the end, escape, exact, fail, fall (out), fetch forth (out), get away (forth, hence, out), (able to, cause to, let) go abroad (forth, on, out), going out, grow, have forth (out), issue out, lay (lie) out, lead out, pluck out, proceed, pull out, put away, be risen, [idiom] scarce, send with commandment, shoot forth, spread, spring out, stand out, [idiom] still, [idiom] surely, take forth (out), at any time, [idiom] to (and fro), utter9ל֑וֹ10אִגְּר֛וֹתH107brieven, briefletter11שָׁלַ֥חH7971zond, gezonden, zenden[idiom] any wise, appoint, bring (on the way), cast (away, out), conduct, [idiom] earnestly, forsake, give (up), grow long, lay, leave, let depart (down, go, loose), push away, put (away, forth, in, out), reach forth, send (away, forth, out), set, shoot (forth, out), sow, spread, stretch forth (out)12טוֹבִיָּ֖הH2900TobiaTobiah, Tobijah13לְיָֽרְאֵֽנִיH3372vrezen, vreesde, Vreesaffright, be (make) afraid, dread(-ful), (put in) fear(-ful, -fully, -ing), (be had in) reverence(-end), [idiom] see, terrible (act, -ness, thing)
KruisverwijzingenSchatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Nehemia 6:1— Voorts is het geschied, als van Sanballat, en Tobia, en van Gesem, den Arabier, en van onze andere vijanden gehoord was, dat ik den muur gebouwd had, en dat geen scheur daarin was overgelaten; ook had ik tot dezen tijd toe de deuren niet opgezet in de poorten;Nehemia 2:10→Nehemia 2:19→Nehemia 3:3→Nehemia 3:1→Nehemia 4:1→Nehemia 4:6→Daniël 9:25→Nehemia 3:6→
Nehemia 6:2— Zo zond Sanballat, en Gesem, tot mij, om te zeggen: Kom en laat ons te zamen vergaderen in de dorpen, in het dal Ono. Maar zij dachten mij kwaad te doen.1 Kronieken 8:12→Psalmen 37:12→Psalmen 37:32→Psalmen 12:2→2 Samuël 20:9→2 Samuël 3:27→Jeremia 41:2→Ezechiël 33:31→
Nehemia 6:3— En ik zond boden tot hen, om te zeggen: Ik doe een groot werk, zodat ik niet zal kunnen afkomen; waarom zou dit werk ophouden, terwijl ik het zou nalaten, en tot ulieden afkomen?Johannes 9:4→1 Timotheüs 4:15→Lukas 14:30→Spreuken 14:15→Mattheüs 10:16→Prediker 9:10→
Nehemia 6:4— Zij zonden nu wel viermaal tot mij, op dezelfde wijze. En ik antwoordde hun op dezelfde wijze.Spreuken 7:21→Richteren 16:6→1 Korinthe 15:58→Spreuken 14:15→Lukas 18:5→Richteren 16:15→Galaten 2:5→Richteren 16:10→
Nehemia 6:5— Toen zond Sanballat tot mij op dezelfde wijze, ten vijfden male, zijn jongen, met een open brief in zijn hand.Efeze 6:11→2 Korinthe 11:13→2 Korinthe 2:11→2 Thessalonicenzen 2:10→2 Koningen 18:26→
Nehemia 6:6— Daarin was geschreven: Het is onder de volken gehoord, en Gasmu zegt: Gij en de Joden denkt te rebelleren, daarom bouwt gij den muur, en gij zult hun ten koning zijn; naar dat deze zaken zijn.Nehemia 2:19→Jeremia 20:10→Ezra 4:12→Mattheüs 5:11→Romeinen 3:8→Jeremia 9:3→Johannes 19:13→2 Korinthe 6:8→
Nehemia 6:7— Dat gij ook profeten hebt besteld, om van u te Jeruzalem uit te roepen, zeggende: Hij is koning in Juda. Nu zal het van den koning gehoord worden, naar dat deze zaken zijn; kom dan nu, en laat ons te zamen raadslaan.Nehemia 6:12→1 Koningen 1:18→Spreuken 26:24→2 Samuël 15:10→Handelingen 23:15→1 Koningen 1:34→1 Koningen 1:7→1 Koningen 1:25→
Nehemia 6:8— Doch ik zond tot hem, om te zeggen: Er is van al zulke zaken, als gij zegt, niets geschied; maar gij versiert ze uit uw hart.Psalmen 52:2→Job 13:4→Johannes 8:44→Handelingen 24:12→Psalmen 36:3→Daniël 11:27→Mattheüs 12:34→Jesaja 59:4→
Nehemia 6:9— Want zij allen zochten ons vreesachtig te maken, zeggende: Hun handen zullen van het werk aflaten, dat het niet zal gedaan worden; nu dan, sterk mijn handen!Psalmen 138:3→Filippenzen 4:13→2 Kronieken 15:7→2 Kronieken 32:18→2 Korinthe 12:9→Jeremia 38:4→Nehemia 6:14→Efeze 3:16→
Nehemia 6:10— Als ik nu kwam in het huis van Semaja, den zoon van Delaja, den zoon van Mehetabeel (hij nu was besloten), zo zeide hij: Laat ons samenkomen in het huis Gods, in het midden des tempels, en laat ons de deuren des tempels toesluiten; want zij zullen komen om u te doden, ja, bij nacht zullen zij komen, om u te doden.Jeremia 36:5→Nehemia 6:12→Psalmen 120:2→Psalmen 37:12→Maleachi 1:10→2 Kronieken 28:24→2 Kronieken 29:3→Job 24:13→
Nehemia 6:11— Maar ik zeide: Zou een man, als ik, vlieden? En wie is er, zijnde als ik, die in den tempel zou gaan, dat hij levend bleve? Ik zal er niet ingaan.Spreuken 28:1→Psalmen 112:6→Handelingen 21:13→Psalmen 11:1→Handelingen 20:24→Filippenzen 2:17→Lukas 13:31→Psalmen 112:8→
Nehemia 6:12— Want ik merkte, en ziet, God had hem niet gezonden; maar hij sprak deze profetie tegen mij, omdat Tobia en Sanballat hem gehuurd hadden.Ezechiël 13:22→2 Petrus 2:3→Ezechiël 13:19→Handelingen 20:33→1 Timotheüs 3:3→Titus 1:7→Openbaring 18:13→Jeremia 23:16→
Nehemia 6:13— Daarom was hij gehuurd, opdat ik zou vrezen, en alzo doen, en zondigen; opdat zij iets zouden hebben tot een kwaden naam, opdat zij mij zouden honen.Jeremia 18:18→Spreuken 29:5→Jakobus 4:17→Jeremia 20:10→Nehemia 6:6→Handelingen 6:13→Jesaja 57:11→Titus 2:8→
Nehemia 6:14— Gedenk, mijn God, aan Tobia en aan Sanballat, naar deze zijn werken; en ook aan de profetes Noadja, en aan de andere profeten, die mij gezocht hebben vreesachtig te maken.Nehemia 13:29→2 Timotheüs 4:14→Nehemia 4:4→Ezechiël 13:16→Jeremia 14:18→Psalmen 36:11→Openbaring 19:20→Jeremia 28:1→
Nehemia 6:15— De muur nu werd volbracht, op den vijf en twintigsten van Elul, in twee en vijftig dagen.Nehemia 4:1→Psalmen 1:3→Daniël 9:25→Ezra 6:15→
Nehemia 6:16— En het geschiedde, als al onze vijanden dit hoorden, zo vreesden al de heidenen, die rondom ons waren, en zij vervielen zeer in hun ogen; want zij merkten, dat dit werk van onzen God gedaan was.Psalmen 126:2→Jozua 5:1→Nehemia 2:10→Nehemia 4:1→Nehemia 4:7→Exodus 14:25→Numeri 23:23→Nehemia 6:1→
Nehemia 6:17— Ook schreven in die dagen edelen van Juda vele brieven, die naar Tobia gingen; en die van Tobia kwamen tot hen.Mattheüs 24:10→Nehemia 5:7→Micha 7:1→Nehemia 3:5→Nehemia 13:28→
Nehemia 6:18— Want velen in Juda hadden hem gezworen, omdat hij was een schoonzoon van Sechanja, den zoon van Arah; en zijn zoon Johanan had genomen de dochter van Mesullam, den zoon van Berechja.Ezra 2:5→Nehemia 3:4→Nehemia 7:10→Nehemia 3:30→
Nehemia 6:19— Ook verhaalden zij zijn goeddadigheden voor mijn aangezicht, en mijn woorden brachten zij uit tot hem. Tobia dan zond brieven, om mij vreesachtig te maken.1 Johannes 4:5→Johannes 15:19→Handelingen 4:18→Jesaja 37:10→Spreuken 28:4→Nehemia 6:9→Nehemia 6:13→Johannes 7:7→
KanttekeningenDe oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Nehemia 6 vers 1— Voorts is het geschied, als van Sanballat, en Tobia, en van Gesem, den Arabier, en van onze andere vijanden gehoord was, dat ik den muur gebouwd had, en dat geen scheur daarin was overgelaten; ook had ik tot dezen tijd toe de deuren niet opgezet in de poorten;
onze andere
Hebreeuws, het overige onzer vijanden.
Hertaald:onze andere
Hebreeuws: de rest van onze vijanden.
Nehemia 6 vers 2— Zo zond Sanballat, en Gesem, tot mij, om te zeggen: Kom en laat ons te zamen vergaderen in de dorpen, in het dal Ono. Maar zij dachten mij kwaad te doen.
dorpen,
Dat is, in een van de dorpen; zie Richt. 12:7 . Anderen Cefirim, houdende het voor een eigennaam van een plaats; gelijk Cefira is, onder, Neh. 7:29 .
Hertaald:dorpen,
Dat is: in een van de dorpen; zie Richt. 12:7. Anderen: Kefirim, dat zij opvatten als de eigennaam van een plaats; zoals Kefira is, hieronder Neh. 7:29.
Ono
Gelegen in Benjamin, onder, Neh. 11:35 .
Hertaald:Ono
Gelegen in Benjamin, hieronder Neh. 11:35.
kwaad te doen
Dat is, om te brengen.
Hertaald:kwaad te doen
Dat is: om te doden.
Nehemia 6 vers 4— Zij zonden nu wel viermaal tot mij, op dezelfde wijze. En ik antwoordde hun op dezelfde wijze.
op dezelfde wijze
Hebreeuws, naar ditzelfde woord; en zo in vs.4 en het volgende terstond wedeRom.
Hertaald:op dezelfde wijze
Hebreeuws: naar datzelfde woord; en zo ook in vers 4 en het vervolg steeds opnieuw.
Nehemia 6 vers 6— Daarin was geschreven: Het is onder de volken gehoord, en Gasmu zegt: Gij en de Joden denkt te rebelleren, daarom bouwt gij den muur, en gij zult hun ten koning zijn; naar dat deze zaken zijn.
Gasmu zegt
Boven, vs.1, genoemd Gesem, de Arabier.
Hertaald:Gasmu zegt
Hierboven, vers 1, Gesem genoemd, de Arabier.
naar dat deze zaken zijn
Dat is, naardat deze zaken zich laten inzien. Anders, volgens deze woorden, of naardat men hiervan spreekt. Hebreeuws, naar deze woorden, of zaken, dingen.
Hertaald:naar dat deze zaken zijn
Dat is: naardat deze zaken zich laten aanzien. Anders: volgens deze woorden, of naardat men hierover spreekt. Hebreeuws: naar deze woorden, of zaken, dingen.
Nehemia 6 vers 7— Dat gij ook profeten hebt besteld, om van u te Jeruzalem uit te roepen, zeggende: Hij is koning in Juda. Nu zal het van den koning gehoord worden, naar dat deze zaken zijn; kom dan nu, en laat ons te zamen raadslaan.
Hij is koning
Hebreeuws, een koning in Juda; dat is, wij hebben nu een eigen koning onder ons.
Hertaald:Hij is koning
Hebreeuws: een koning in Juda; dat is: wij hebben nu een eigen koning onder ons.
naar deze zaken zijn;
Dat is, zoals deze zaken gepasseerd zijn. Anders, achtervolgens deze woorden.
Hertaald:naar deze zaken zijn;
Dat is: zoals deze zaken verlopen zijn. Anders: overeenkomstig deze woorden.
raadslaan
Hoe wij zullen voorkomen dat de koning van Perzië, dit horende, vertoornd wordt en een groot kwaad tegen u en ons allen voorneemt.
Hertaald:raadslaan
Hoe wij zullen voorkomen dat de koning van Perzië, wanneer hij dit hoort, boos wordt en iets ergs tegen u en ons allemaal onderneemt.
Nehemia 6 vers 9— Want zij allen zochten ons vreesachtig te maken, zeggende: Hun handen zullen van het werk aflaten, dat het niet zal gedaan worden; nu dan, sterk mijn handen!
zochten
Hebreeuws, maakten ons vreesachtig; te weten, zoveel in hen was, het was hun oogmerk in dit alles dat zij ons vrees zochten aan te jagen. Alzo onder, vs.14. Vergelijk Ps. 56:2 ; Jer. 2:3 .
Hertaald:zochten
Hebreeuws: maakten ons bang; namelijk zoveel als in hen was; het was hun bedoeling in dit alles om ons angst aan te jagen. Zo ook hieronder vers 14. Vergelijk Ps. 56:2; Jer. 2:3.
zeggende
Te weten, bij zichzelven, dat is denkende.
Hertaald:zeggende
Namelijk: bij zichzelf, dat is: denkend.
sterk mijn handen
Dit wordt van velen genomen als een gebed van Nehemia tot God, tegen de aanslagen zijner vijanden. Sommigen nemen het aldus: Maar nu, ik zal mijn handen sterken. Of, het is om mijn handen te sterken; dat is, ik zal niet dan te wakkerder en moediger daartegen zijn.
Hertaald:sterk mijn handen
Dit wordt door velen opgevat als een gebed van Nehemia tot God tegen de aanslagen van zijn vijanden. Sommigen vatten het zo op: maar nu, ik zal mijn handen sterken. Of: het is om mijn handen te sterken; dat is: ik zal er alleen maar wakkerder en moediger tegen optreden.
Nehemia 6 vers 10— Als ik nu kwam in het huis van Semaja, den zoon van Delaja, den zoon van Mehetabeel (hij nu was besloten), zo zeide hij: Laat ons samenkomen in het huis Gods, in het midden des tempels, en laat ons de deuren des tempels toesluiten; want zij zullen komen om u te doden, ja, bij nacht zullen zij komen, om u te doden.
Als ik nu
Het voorgaande hadden de vijanden van buiten gedaan. Hier verhaalt Nehemia wat hem van zijn valse broeders is wedervaren van binnen.
Hertaald:Als ik nu
Het voorgaande hadden de vijanden van buiten gedaan. Hier vertelt Nehemia wat hem van zijn valse broeders van binnen overkomen is.
Delája,
1 Kron. 24:18 wordt vermeld van een Delaja, dat hij de voornaamste priester der drie en twintigste beurt geweest is, van welken sommigen menen dat deze Semaja een nakomeling geweest is.
Hertaald:Delája,
In 1 Kron. 24:18 wordt melding gemaakt van een Delaja, die de voornaamste priester van de drieëntwintigste beurt geweest is, van wie sommigen menen dat deze Semaja een nakomeling geweest is.
besloten
Veinzende dat hij zich in zijn kamer aan den tempel [gelijk te vermoeden is, omdat de priesters daar hun kamers hadden] in eenzaamheid hield, vanwege devotie of enige religieuse gelofte, om alzo Nehemia onder schijn van heiligheid met zijn profetie [alsof zij van God kwam] te bekwamer te bedriegen, waarvan in het volgende. Vergelijk 1 Sam. 21:7 .
Hertaald:besloten
Terwijl hij deed alsof hij zich in zijn kamer bij de tempel [zoals te vermoeden is, omdat de priesters daar hun kamers hadden] in eenzaamheid ophield, vanwege devotie of een religieuze gelofte, om zo Nehemia onder schijn van heiligheid met zijn profetie [alsof die van God kwam] des te gemakkelijker te bedriegen, waarover in het vervolg. Vergelijk 1 Sam. 21:7.
in het midden
Dat is, in den tempel.
Hertaald:in het midden
Dat is: in de tempel.
Nehemia 6 vers 11— Maar ik zeide: Zou een man, als ik, vlieden? En wie is er, zijnde als ik, die in den tempel zou gaan, dat hij levend bleve? Ik zal er niet ingaan.
als ik,
Die een goede conscientie heb, en ten volle verzekerd ben dat mijn beroep en werk van God is. Hieruit kon Nehemia ook afnemen dat zijn profetie niet van God was.
Hertaald:als ik,
Die een goed geweten heb en volledig verzekerd ben dat mijn roeping en werk van God zijn. Hieruit kon Nehemia ook opmaken dat zijn profetie niet van God was.
levend bleve?
Gelijk somtijds de misdadigers zich zoeken te behouden in het huis Gods. Zie Ex. 21:14 ; 1 Kon. 1:51 , en 1 Kon. 2:28 . Ook waren de deuren in de poorten nog niet opgehangen, onder Neh. 7:1 , zulks dat er mogelijkheid van gevaar bij nacht voor Nehemia zijnde, deze Semaja veinst, alsof hij Nehemia uit goede genegenheid in den tempel wil bergen. Maar het was bedrog. Anders, en leven, of levend blijven, alsof hij zeide: Ik zou toch den dood hebben te vrezen of te verwachten, zo ik tegen Gods bevel in den tempel ging.
Hertaald:levend bleve?
Zoals soms misdadigers proberen zich in het huis van God te redden. Zie Ex. 21:14; 1 Kon. 1:51, en 1 Kon. 2:28. Ook waren de deuren in de poorten nog niet opgehangen, hieronder Neh. 7:1, zodat er 's nachts gevaar voor Nehemia mogelijk was; deze Semaja veinst alsof hij Nehemia uit goede bedoeling in de tempel wil verbergen. Maar het was bedrog. Anders: en leven, of levend blijven, alsof hij zei: ik zou toch de dood moeten vrezen of verwachten als ik tegen Gods gebod in de tempel zou gaan.
Nehemia 6 vers 12— Want ik merkte, en ziet, God had hem niet gezonden; maar hij sprak deze profetie tegen mij, omdat Tobia en Sanballat hem gehuurd hadden.
tegen mij,
Niet tot mijn best, gelijk hij zich geliet, maar door ingeven mijner vijanden, om mij vreesachtig te maken en in schande te brengen; gelijk volgt.
Hertaald:tegen mij,
Niet tot mijn welzijn, zoals hij deed voorkomen, maar op aansporing van mijn vijanden, om mij bang te maken en in opspraak te brengen; zoals hierna volgt.
Nehemia 6 vers 13— Daarom was hij gehuurd, opdat ik zou vrezen, en alzo doen, en zondigen; opdat zij iets zouden hebben tot een kwaden naam, opdat zij mij zouden honen.
zondigen;
Tegen Gods wet en mijn beroep. Zie boven, vs.11.
Hertaald:zondigen;
Tegen de wet van God en mijn roeping. Zie hierboven vers 11.
tot een kwaden naam,
Dat is, om mij een kwaden naam te maken; of een kwaad gerucht van mij te stooien. Vergelijk Pred. 7:1 .
Hertaald:tot een kwaden naam,
Dat is: om mij een slechte naam te geven; of een slecht gerucht over mij te verspreiden. Vergelijk Pred. 7:1.
Nehemia 6 vers 14— Gedenk, mijn God, aan Tobia en aan Sanballat, naar deze zijn werken; en ook aan de profetes Noadja, en aan de andere profeten, die mij gezocht hebben vreesachtig te maken.
zijn werken;
Anders, hunne. Hebreeuws, zijne; dat men kan duiden op enen of elk van dezen, of op Semaja, die zich van hen tot deze boze werken had laten huren.
Hertaald:zijn werken;
Anders: hun. Hebreeuws: zijn; wat men kan betrekken op een van hen of ieder van hen, of op Semaja, die zich door hen voor deze slechte werken had laten inhuren.
profetes Noádja,
Die dezen titel valselijk aannam.
Hertaald:profetes Noádja,
Die deze titel ten onrechte aannam.
de andere profeten,
Hebreeuws, het overige der profeten.
Hertaald:de andere profeten,
Hebreeuws: de rest van de profeten.
gezocht hebben
Gelijk boven, vs.9; zie aldaar.
Hertaald:gezocht hebben
Zoals hierboven vers 9; zie daar.
Nehemia 6 vers 15— De muur nu werd volbracht, op den vijf en twintigsten van Elul, in twee en vijftig dagen.
Elul,
De zesde maand der Joden, passende eensdeels op onzen Augustus, anderdeels op September.
Hertaald:Elul,
De zesde maand van de Joden, komt deels overeen met onze augustus, deels met september.
in twee en vijftig dagen
Nadat zij begonnen hadden te bouwen. Deze omstandigheid dient tot vergroting van Gods genade, in spijt der vijanden zijn volk bewezen.
Hertaald:in twee en vijftig dagen
Nadat zij begonnen waren te bouwen. Deze bijzonderheid dient om Gods genade te vergroten, die Hij, ondanks de vijanden, aan Zijn volk bewezen heeft.
Nehemia 6 vers 16— En het geschiedde, als al onze vijanden dit hoorden, zo vreesden al de heidenen, die rondom ons waren, en zij vervielen zeer in hun ogen; want zij merkten, dat dit werk van onzen God gedaan was.
vervielen
Dat is, hun gelaat verviel van mismoedigheid, of zij dachten dat zij na dezen geen macht meer zouden hebben om de Joden te bestrijden. Vergelijk Job 12:3 met de aantekening.
Hertaald:vervielen
Dat is: hun gezicht betrok van moedeloosheid, of zij dachten dat zij daarna geen macht meer zouden hebben om de Joden te bestrijden. Vergelijk Job 12:3 met de aantekening.
Nehemia 6 vers 17— Ook schreven in die dagen edelen van Juda vele brieven, die naar Tobia gingen; en die van Tobia kwamen tot hen.
schreven
Hebreeuws, vermenigvuldigden hun brieven.
Hertaald:schreven
Hebreeuws: vermeerderden hun brieven.
edelen van Juda
Hebreeuws, witte; zie boven, Neh. 2:16 .
Hertaald:edelen van Juda
Hebreeuws: witten; zie hierboven Neh. 2:16.
die van Tobia kwamen
Te weten, de brieven, die Tobia weder schreEf.
Hertaald:die van Tobia kwamen
Namelijk: de brieven die Tobia terugschreef.
Nehemia 6 vers 18— Want velen in Juda hadden hem gezworen, omdat hij was een schoonzoon van Sechanja, den zoon van Arah; en zijn zoon Johanan had genomen de dochter van Mesullam, den zoon van Berechja.
gezworen,
Hebreeuws, heren, of meesters des eeds; dat is, eedgenoten, met ede aan hem verplicht. Dit waren de vruchten van de verboden huwelijken, die hier verhaald worden.
Hertaald:gezworen,
Hebreeuws: heren, of meesters van de eed; dat is: eedgenoten, met een eed aan hem verbonden. Dit waren de vruchten van de verboden huwelijken, waarover hier verteld wordt.
schoonzoon
Anders, zwager.
Hertaald:schoonzoon
Anders: zwager.
Nehemia 6 vers 19— Ook verhaalden zij zijn goeddadigheden voor mijn aangezicht, en mijn woorden brachten zij uit tot hem. Tobia dan zond brieven, om mij vreesachtig te maken.
verhaalden
Hebreeuws, zij waren zeggende.
Hertaald:verhaalden
Hebreeuws: zij waren zeggende.
Bijbelse NamenPersonen die in dit hoofdstuk genoemd worden
Sanballat — (Babylonische naam, vernoemd naar de maangod Sin)
De Horoniet, landvoogd van Samaria, die met Tobia de herbouw van Jeruzalems muur door Nehemia met hoon en spot, en later met samenzwering en dreigementen, probeerde te verhinderen (Neh. 2:10, 19; 4; 6).
Tobia — de HEERE is goed
"De Ammonietische knecht", een ambtenaar die zich, samen met Sanballat, tegen de herbouw van Jeruzalems muur door Nehemia verzette, eerst door spot en later door samenzwering en intimidatie (Neh. 2:10, 19; 4; 6).
Gesem (de Arabier) — regen (onzeker)
Een Arabische vorst, die zich, samen met Sanballat en Tobia, tegen de herbouw van Jeruzalems muur door Nehemia verzette; hij probeerde Nehemia onder het mom van een bespreking naar het dal Ono te lokken om hem kwaad te doen, en beschuldigde hem later, in een open brief, van opstand tegen de koning (Neh. 2:19; 6:1-7); ook Gasmu genoemd (Neh. 6:6).
Semaja (zoon van Delaja) — de HEERE heeft gehoord
Zoon van Delaja, door Tobia en Sanballat gehuurd om Nehemia bang te maken met een valse profetie dat men hem 's nachts zou komen doden, in de hoop dat Nehemia zich door in de tempel te vluchten zou bezondigen en in diskrediet zou raken (Neh. 6:10-13).
Noadja (de profetes) — de HEERE ontmoet
Een valse profetes, die met andere profeten probeerde Nehemia bang te maken tijdens de herbouw van de muur (Neh. 6:14).
Bijbelse BegrippenBegrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Ik doe een groot werk — viermaal wordt Nehemia uitgenodigd voor een gesprek buiten de stad, en viermaal krijgt hij hetzelfde antwoord: "Ik doe een groot werk, zodat ik niet zal kunnen afkomen; waarom zou dit werk ophouden, terwijl ik het zou nalaten, en tot ulieden afkomen?" (Neh. 6:3)
De muur staat en er is geen scheur meer in, al zijn de deuren nog niet in de poorten gezet (Neh. 6:1). Sanballat en Gesem stellen dan een ontmoeting voor in de dorpen in het dal Ono, maar zij dachten hem kwaad te doen (Neh. 6:2). Nehemia zendt boden met zijn antwoord terug (Neh. 6:3). Viermaal komt dezelfde uitnodiging, en viermaal geeft hij hetzelfde antwoord (Neh. 6:4). De vijfde keer stuurt Sanballat zijn knecht met een open brief, die dus door ieder onderweg gelezen kon worden (Neh. 6:5). Daarin staat de beschuldiging dat Nehemia en de Joden willen rebelleren en dat hij zich koning wil maken, en dat hij daarvoor profeten heeft besteld om hem in Jeruzalem uit te roepen (Neh. 6:6-7). De brief eindigt met een uitnodiging om samen te beraadslagen. Nehemia's weerwoord is kort en zonder omhaal: van al die zaken was niets gebeurd, en de afzender verzon ze uit zijn eigen hart (Neh. 6:8). Hij noemt bovendien het doel van dit alles bij name, en voegt daar een gebed van vier woorden aan toe: zij zochten hun handen te verzwakken, nu dan, sterk mijn handen (Neh. 6:9).
Bijbelse betekenis: De uitnodiging leek redelijk: kom praten. Dat het dal Ono ongeveer een dagreis buiten Jeruzalem lag, maakt echter duidelijk wat er werkelijk werd gevraagd, namelijk dat de bouwmeester zijn werk verliet. Nehemia weigert dan ook niet het gesprek maar de afdaling; hij zegt letterlijk dat hij niet zal afkomen. Wie ergens toe geroepen is, hoeft niet op elke uitnodiging in te gaan, en hoeft dat ook niet telkens opnieuw te overwegen: viermaal hetzelfde verzoek krijgt viermaal hetzelfde antwoord. Bij de open brief verandert de tactiek van lokken in lasteren, en ook daar is zijn reactie leerzaam. Hij ontkent eenvoudig, zonder zich te verdedigen tegen een gerucht dat hij niet kan weerleggen, en zonder alsnog naar Ono te gaan om de zaak uit te praten. En het slot van zijn antwoord wijst waar zijn eigenlijke kracht ligt. Hij verzoekt niet om de laster te stoppen, maar of God zijn handen wil sterken.
Typologie: De apostelen wezen in Jeruzalem een taak af met dezelfde redenering: "Het is niet behoorlijk, dat wij het Woord Gods nalaten, en de tafelen dienen" (Hand. 6:2). Het ging daar niet om iets slechts maar om iets goeds dat hun roeping zou onderbreken. En de Heere Jezus noemt de gestalte van wie zich niet laat afleiden: "Niemand, die zijn hand aan den ploeg slaat, en ziet naar hetgeen achter is, is bekwaam tot het Koninkrijk Gods" (Luk. 9:62).
Neh. 6:1-9; Hand. 6:2; Luk. 9:62
God had hem niet gezonden — een profeet raadt Nehemia aan zich in de tempel te verbergen, en hij doorziet het: "Want ik merkte, en ziet, God had hem niet gezonden; maar hij sprak deze profetie tegen mij, omdat Tobia en Sanballat hem gehuurd hadden" (Neh. 6:12)
Nehemia komt in het huis van Semaja, de zoon van Delaja, die opgesloten zat (Neh. 6:10). Semaja stelt voor samen te komen in het huis Gods, midden in de tempel, en de deuren te sluiten, want men zou komen om hem te doden, en dat nog wel bij nacht. Nehemia weigert met twee vragen. Zou een man als hij vluchten? En wie zou, zijnde als hij, de tempel binnengaan om het leven te behouden (Neh. 6:11)? Hij zal er niet ingaan. Daarna volgt de verklaring: hij merkte dat God deze man niet gezonden had, maar dat Tobia en Sanballat hem gehuurd hadden (Neh. 6:12). Het doel van die huur was dat Nehemia bevreesd zou worden, zo zou handelen en daarmee zondigen, zodat men iets zou hebben om hem een kwade naam te geven en hem te honen (Neh. 6:13). Nehemia legt de zaak daarna bij God neer en vraagt Hem aan Tobia en Sanballat te gedenken naar hun werken, en ook aan de anderen die hem vreesachtig hebben willen maken (Neh. 6:14).
Bijbelse betekenis: Hier komt de aanval niet van buiten maar uit een vroom klinkende mond, met een raad die op het eerste gehoor bezorgd lijkt. Nehemia toetst die raad echter niet aan het gevoel maar aan de wet: een gewone Israëliet mocht het heilige niet binnengaan, en wat hem werd aangeraden was dus zonde. Daarmee is het beslist, hoe dringend het gevaar ook geschilderd wordt. Een profetie die tot overtreding aanspoort, komt niet van God, ook al noemt zij Zijn Naam. Even opmerkelijk is de opzet die erachter zat. Men wilde niet zozeer zijn leven als zijn goede naam; als hij uit angst het heiligdom ingevlucht was, had het volk gezien dat de man die hen tot moed vermaande zelf niet durfde. Wie een werk van God wil breken, mikt vaak eerst op de geloofwaardigheid van wie het draagt. En Nehemia's weigering rust niet op moed alleen. Hij vraagt niet wat veilig is maar wat past bij wie hij is en bij wat God verboden heeft.
Typologie: Johannes geeft de gemeente dezelfde opdracht tot toetsing: "gelooft niet een iegelijken geest, maar beproeft de geesten, of zij uit God zijn; want vele valse profeten zijn uitgegaan in de wereld" (1 Joh. 4:1). De maatstaf is daarbij niet de indruk die een boodschap maakt maar haar overeenstemming met wat God gezegd heeft. Dezelfde les werd eerder geleerd door een profeet die een woord van elders geloofde zonder het te toetsen (reeds behandeld bij De ongehoorzame man Gods, 1 Kon. 13:11-32).
Neh. 6:10-14; 1 Kon. 13:11-32; 1 Joh. 4:1
In twee en vijftig dagen — de muur waaraan tientallen jaren niets gebeurd was, staat binnen twee maanden, en de omwonenden trekken er hun eigen conclusie uit: "want zij merkten, dat dit werk van onzen God gedaan was" (Neh. 6:16)
De muur wordt volbracht op de vijfentwintigste van de maand Elul, in tweeënvijftig dagen (Neh. 6:15). Als de vijanden dat horen, vrezen alle omringende heidenen en vervallen zij zeer in eigen ogen, want zij merken dat dit werk van God gedaan was (Neh. 6:16). Daarmee is het hoofdstuk echter niet uit, en het slot is minder opwekkend. In diezelfde dagen gingen er vele brieven van edelen uit Juda naar Tobia, en van Tobia naar hen (Neh. 6:17). Velen in Juda waren namelijk door een eed aan hem verbonden, omdat hij een schoonzoon was van Sechanja en zijn zoon getrouwd was met de dochter van Mesullam (Neh. 6:18). Zij prezen zijn goede daden in Nehemia's tegenwoordigheid en brachten diens woorden aan hem over, terwijl Tobia brieven zond om Nehemia bevreesd te maken (Neh. 6:19).
Bijbelse betekenis: Tweeënvijftig dagen is opmerkelijk kort voor een werk dat generaties lang had stilgelegen, en de heidenen zien dat scherper dan menigeen binnen de muren. Zij vervallen in eigen ogen; hun eigen grootheid slinkt zodra zij Gods hand herkennen. Zo kan een voltooid werk een getuigenis worden zonder dat er één woord over gesproken wordt. Des te veelzeggender is wat er onmiddellijk op volgt. Terwijl de buitenkant af is, loopt er binnen de stad een briefwisseling met de vijand, gedragen door aanzienlijke families die door huwelijken aan Tobia verbonden waren. De muur hield Tobia buiten, maar de post ging gewoon door. Verwantschap en verplichting binden mensen sterker dan overtuiging, en een gemeente die haar tegenstanders keurig buiten de deur houdt, kan hen intussen in haar bestuurskamers hebben zitten.
Typologie: De psalm beschrijft hetzelfde onder de volken gehoorde oordeel over een werk van God: "toen zeide men onder de heidenen: De HEERE heeft grote dingen aan dezen gedaan" (Ps. 126:2). Wat buitenstaanders opmerken is niet de vlijt van de bouwers maar de hand die erachter stond; en juist daarop doelt de Heere Jezus wanneer Hij zegt dat de mensen de goede werken zien en de Vader verheerlijken (Matt. 5:16).
VI. Vs. 1-19.KruisverwijzingenNehemia 2:10→Nehemia 2:19→1 Kronieken 8:12→Psalmen 138:3→Nehemia 3:3→Nehemia 3:1→Nehemia 4:1→Psalmen 37:12→ — Voorts is het geschied, als van Sanballat, en Tobia, en van Gesem, den Arabier, en van onze andere vijanden gehoord was, dat ik den muur gebouwd had, en dat geen scheur daarin was overgelaten; ook had ik tot dezen tijd toe de deuren niet opgezet in de poorten; Zo zond Sanballat, en Gesem, tot mij, om te zeggen: Kom en laat ons te zamen vergaderen in de dorpen, in het dal Ono. Maar zij dachten mij kwaad te doen. En ik zond boden tot hen, om te zeggen: Ik doe een groot werk, zodat ik niet zal kunnen afkomen; waarom zou dit werk ophouden, terwijl ik het zou nalaten, en tot ulieden afkomen? Zij zonden nu wel viermaal tot mij, op dezelfde wijze. En ik antwoordde hun op dezelfde wijze. Toen zond Sanballat tot mij op dezelfde wijze, ten vijfden male, zijn jongen, met een open brief in zijn hand. Daarin was geschreven: Het is onder de volken gehoord, en Gasmu zegt: Gij en de Joden denkt te rebelleren, daarom bouwt gij den muur, en gij zult hun ten koning zijn; naar dat deze zaken zijn. Dat gij ook profeten hebt besteld, om van u te Jeruzalem uit te roepen, zeggende: Hij is koning in Juda. Nu zal het van den koning gehoord worden, naar dat deze zaken zijn; kom dan nu, en laat ons te zamen raadslaan. Doch ik zond tot hem, om te zeggen: Er is van al zulke zaken, als gij zegt, niets geschied; maar gij versiert ze uit uw hart. Want zij allen zochten ons vreesachtig te maken, zeggende: Hun handen zullen van het werk aflaten, dat het niet zal gedaan worden; nu dan, sterk mijn handen! Als ik nu kwam in het huis van Semaja, den zoon van Delaja, den zoon van Mehetabeel (hij nu was besloten), zo zeide hij: Laat ons samenkomen in het huis Gods, in het midden des tempels, en laat ons de deuren des tempels toesluiten; want zij zullen komen om u te doden, ja, bij nacht zullen zij komen, om u te doden. Daar nu Sanballat en de met hem verbondene vijanden, door openbaar geweld niets tegen ons hadden kunnen uitrichten, maar dat veeleer de muren van Jeruzalem reeds geheel gereed waren, behalve de vleugels der poorten, beproeven zij met list om Nehemia in hun handen te krijgen, met het doel, om als hij uit den weg was geruimd. zich meester te maken van de nog niet geheel versterkte stad. Dan konden zij de nu voltooide muren weer verwoesten, en met goed gevolg de zelfstandige ontwikkeling van de Joodse gemeente tegenwerken. Intussen weigert Nehemia herhaaldelijk ene uitnodiging van Sanballat en Gesem, om ene samenkomst te houden in het dal Ono, omdat hij de geheime raadslagen zijner tegenstanders doorziet, voorgevende, en met recht, dat hij het werk, waarmee hij bezig is, niet kan verlaten. Nu zendt Sanballat zijne knechten met ene openbare aanklacht naar Nehemia; maar ook thans laat deze zich niet in de voor hem gestelde strikken vangen, ofschoon zelfs valse profeten en aanzienlijke familiehoofden in Juda, Sanballat en Tobia in de hand werken. Op den 25sten dag der maand Elul, alzo 52 dagen na het begin van den bouw, is de muur geheel gereed; alzo in hetzelfde jaar 444 v. Chr.
KruisverwijzingenNehemia 2:10→Nehemia 2:19→Nehemia 3:3→Nehemia 3:1→Nehemia 4:1→Nehemia 4:6→Daniël 9:25→Nehemia 3:6→— Voorts is het geschied, als van Sanballat, en Tobia, en van Gesem, den Arabier, en van onze andere vijanden gehoord was, dat ik den muur gebouwd had, en dat geen scheur daarin was overgelaten; ook had ik tot dezen tijd toe de deuren niet opgezet in de poorten;
Voorts is het geschied, als van Sanballat, en Tobia, en van Gesem, den Arabier (Hoofdstuk 2: 19), en van onze andere vijanden, die van Asdod en de andere bewoners van het land der Filistijnen (Hoofdstuk 4: 7) gehoord was, dat ik den muur gebouwd had, en dat gene scheur daarin was overgelaten, en dat alles gereed was, wat wij voorgenomen hadden te doen, om de stad te versterken, behalve de vleugels der poorten: ook had ik tot dezen tijd toe de deuren niet opgezet in de poorten (vgl. Hoofdstuk 7: 1 vv.);
Kruisverwijzingen1 Kronieken 8:12→Psalmen 37:12→Psalmen 37:32→Psalmen 12:2→2 Samuël 20:9→2 Samuël 3:27→Jeremia 41:2→Ezechiël 33:31→— Zo zond Sanballat, en Gesem, tot mij, om te zeggen: Kom en laat ons te zamen vergaderen in de dorpen, in het dal Ono. Maar zij dachten mij kwaad te doen.
Zo zond Sanballat, en Gesem, nu met list beproevende wat zij met geweld niet hadden kunnen doen, tot mij, om mij te doen zeggen: Kom, en laat ons, om wederkerig tot ene betere verstandhouding met elkaar te geraken, te zamen vergaderen in de dorpen, in het dal Ono 1), thans Kefr Ana, 1 3/4 uur noordwaarts van Lydda (1 (Kronieken 8: 12).Maar zij dachten mij kwaad te doen, menende mij op deze wijze in handen te krijgen, om mij alzo uit den weg te ruimen.
Waar de vijanden des volks geen openlijken aanval op Jeruzalem meer durfden doen, daar trachtten zij door list den werkzamen landvoogd buiten Jeruzalem te lokken, om alsdan een aanval op de stad te wagen, waarvan nu wel de muren waren hersteld, maar waarin de poorten nog niet in orde waren. Zij nemen nu tot list hun toevlucht, maar ook die list zal niet gelukkken, dewijl Nehemia hun helse plannen, door Gods Geest voorgelicht, doorziet.
KruisverwijzingenJohannes 9:4→1 Timotheüs 4:15→Lukas 14:30→Spreuken 14:15→Mattheüs 10:16→Prediker 9:10→— En ik zond boden tot hen, om te zeggen: Ik doe een groot werk, zodat ik niet zal kunnen afkomen; waarom zou dit werk ophouden, terwijl ik het zou nalaten, en tot ulieden afkomen?
En ik, hun plannen doorziende, en tegenover hun list die voorzichtigheid stellende, die aan de kinderen Gods geoorloofd is en ook overeenkomt met hun oprechtheid (MATTHEUS. 10: 16 10.16), zond boden tot hen, om zo als het inderdaad was en niet een bloot voorwendsel, te zeggen: Ik doe een groot werk, namelijk het bouwen van Jeruzalems muren, zodat ik niet zal kunnen afkomen, waarom zou dit werk ophouden, terwijl ik het zou nalaten en tot ulieden afkomen?
KruisverwijzingenSpreuken 7:21→Richteren 16:6→1 Korinthe 15:58→Spreuken 14:15→Lukas 18:5→Richteren 16:15→Galaten 2:5→Richteren 16:10→— Zij zonden nu wel viermaal tot mij, op dezelfde wijze. En ik antwoordde hun op dezelfde wijze.
Zij zonden nu wel viermaal tot mij, op dezelve wijze, met de in vs. 2 gedane uitnodiging. En ik antwoordde hun op dezelve wijze, dezelfde reden opgevende als in vs. 3.
KruisverwijzingenEfeze 6:11→2 Korinthe 11:13→2 Korinthe 2:11→2 Thessalonicenzen 2:10→2 Koningen 18:26→— Toen zond Sanballat tot mij op dezelfde wijze, ten vijfden male, zijn jongen, met een open brief in zijn hand.
Toen zond Sanballat tot mij op dezelve wijze, ten vijfde maal, zijnen jongen, dien knaap, waarvan hij zich gewoonlijk bediende, wanneer hij ambtsbrieven te bezorgen had, met enen openen brief 1) in zijne hand.
Met enen open brief. Nehemia vermeldt dit opzettelijk. Niet om, zoals sommigen beweren, hem een teken van minachting te geven, maar om hem daarmee te zeggen, dat, waarvan zij hem beschuldigen, een publiek geheim is, zodat hij het gerust in een open brief hem durft mededelen. Alles was er op aangelegd, om hem te verblinden en naar hun redenen te doen luisteren.
KruisverwijzingenNehemia 2:19→Jeremia 20:10→Ezra 4:12→Mattheüs 5:11→Romeinen 3:8→Jeremia 9:3→Johannes 19:13→2 Korinthe 6:8→— Daarin was geschreven: Het is onder de volken gehoord, en Gasmu zegt: Gij en de Joden denkt te rebelleren, daarom bouwt gij den muur, en gij zult hun ten koning zijn; naar dat deze zaken zijn.
Daarin was geschreven: Het is onder de naburige volken gehoord, en Gasmu, Gesem, die dan toch om zijne aanzienlijke betrekking een geloofwaardig getuige is, zegt: Gij en de Joden denkt te rebelleren tegen de opperheerschappij der Perzen, daarom alleen bouwt gij den muur, en gij zult hun ten koning zijn; naar dat deze zaken zijn schijnt dit daaruit te blijken; uwe gehele handelwijze is daar het bewijs van.
KruisverwijzingenNehemia 6:12→1 Koningen 1:18→Spreuken 26:24→2 Samuël 15:10→Handelingen 23:15→1 Koningen 1:34→1 Koningen 1:7→1 Koningen 1:25→— Dat gij ook profeten hebt besteld, om van u te Jeruzalem uit te roepen, zeggende: Hij is koning in Juda. Nu zal het van den koning gehoord worden, naar dat deze zaken zijn; kom dan nu, en laat ons te zamen raadslaan.
Dat gij ook profeten 1) hebt besteld, om van u te Jeruzalem uit te roepen, zeggende: Hij is koning in Juda. Nu zal het van den koning gehoord worden, naar dat deze zaken zijn 2), en hoe zult gij u dan kunnen verantwoorden? kom dan nu, en laat ons te zamen raadslaan, hoe het u dreigend gevaar van ene aanklacht bij den koning kan afgewend worden 3).
De betekenis van het woord profetie in de Schrift beperkt zich niet altijd tot het voorzeggen van toekomstige gebeurtenissen. Soms betekent het, het prediken en uitleggen der Schriften, of het stichten, vertroosten en vermanen van anderen, zo als hier (zie 1 Cor. 14: 3 vv.).
of, nu zullen den koning dergelijke dingen ter ore komen. Sanballat doet zich voor als een vriend, die Nehemia nog ter rechter tijd waarschuwt, terwijl hij toch een heimelijke vijand is van den knecht Gods. Door ‘s Heren Geest voorgelicht weet echter Nehemia het ware van het valse te onderscheiden.
Zo als bij Hoofdstuk 1: 1 is aangemerkt, stamde Nehemia wellicht van een koninklijk geslacht af. Deze omstandigheid kon hier dienen, om de verdenking tegen hem meer schijn van waarheid te geven. Misschien waren er reeds door enkele profeten uitspraken gedaan, die aan de bewering van Sanballat enigen grond gaven; maar dat waren gene ware, maar valse profeten, die aan de zijde van den vijand stonden, zo als de in vs. 10 genoemde Semaja, en de in vs. 14 vermelde Noadja.
KruisverwijzingenPsalmen 52:2→Job 13:4→Johannes 8:44→Handelingen 24:12→Psalmen 36:3→Daniël 11:27→Mattheüs 12:34→Jesaja 59:4→— Doch ik zond tot hem, om te zeggen: Er is van al zulke zaken, als gij zegt, niets geschied; maar gij versiert ze uit uw hart.
Doch ik zond tot hem, tot Sanballat, om te zeggen: Er is van al zulke zaken, als gij zegt, als hadden wij Joden het voornemen om tegen den koning van Perzië op te staan en ons onafhankelijk van hem te maken, niets geschied; maar gij versiert 1), verzint ze uit uw hart.
Het woord in den grondtekst heeft, altijd een slechte betekenis, betekent altijd iets slechts verzinnen.
KruisverwijzingenPsalmen 138:3→Filippenzen 4:13→2 Kronieken 15:7→2 Kronieken 32:18→2 Korinthe 12:9→Jeremia 38:4→Nehemia 6:14→Efeze 3:16→— Want zij allen zochten ons vreesachtig te maken, zeggende: Hun handen zullen van het werk aflaten, dat het niet zal gedaan worden; nu dan, sterk mijn handen!
Ik had immers grondige redenen, waarom ik de woorden van Sanballat ronduit voor ene listig bedachten leugen verklaarde. Want zij allen zochten ons vreesachtig te maken, zeggende: Hun handen zullen van het werk aflaten, dat het niet zal gedaan worden 1), daarom willen wij hen angstig maken; nu dan, alzo bad ik vurig tot God, sterk mijne handen 2), en laat niet toe, dat onze vijanden ons van het werk aftrekken!
Zijne oprechte godsvrucht en kinderlijke eenvoudigheid schenken aan Nehemia een klaar, doorziend oog om alle listige aantijgingen der vijanden terstond te doorzien. “Wat al het verstand der verstandigen niet ziet, dat ziet dikwijls een kinderlijk gemoed in zijne eenvoudigheid.”. In het midden van zijne klacht over de boosaardigheid van zijne vijanden verhief Nehemia zijn hart tot God, in een kort gebed. Het is het voorrecht der ware gelovigen, dat zij in alle angsten en moeilijkheden een goeden God hebben, tot wie zij kunnen gaan, van wie zij door het geloof en het gebed de genade ontvangen, waardoor hun angst wordt gestild, hun handen gesterkt; wanneer hun vijanden trachten hen bevreesd te maken. Door tegenstand wordt de kracht van den Christen vermeerderd. Elke verzoeking om ons van onzen plicht af te trekken, moet ons opwekken om des te getrouwer te zijn.
Terwijl Nehemia dit ter neerschrijft en zich verplaatst in dien tijd, is nog zijn ganse ziel in beroering. Het is hem nog, alsof hij de boodschap van Sanballat krijgt. Hij herinnert zich, hoe hij zijn toevlucht nam te midden van het sarren des vijands tot den Heere, zijn God, en daarom schrijft hij niet: en ik bad tot God, sterk mijne handen, maar alleen: sterk mijne handen, waardoor hij ook nu als bij vernieuwing de toevlucht neemt tot de armen der sterkte van zijn God.
KruisverwijzingenJeremia 36:5→Nehemia 6:12→Psalmen 120:2→Psalmen 37:12→Maleachi 1:10→2 Kronieken 28:24→2 Kronieken 29:3→Job 24:13→— Als ik nu kwam in het huis van Semaja, den zoon van Delaja, den zoon van Mehetabeel (hij nu was besloten), zo zeide hij: Laat ons samenkomen in het huis Gods, in het midden des tempels, en laat ons de deuren des tempels toesluiten; want zij zullen komen om u te doden, ja, bij nacht zullen zij komen, om u te doden.
Als ik nu, kort na het in vs. 1 verhaalde, kwam in het huis van Semaja 1), vermoedelijk een priester van de 23ste ordening (1 (Kronieken 24: 18), den zoon van Delaja, den zoon van Mehetabeël, die mij had laten roepen, voorgevende, dat hij mij ene gewichtige mededeling te doen had, bemerkte ik spoedig, dat hij mij valselijk behandelde; (hij was nu besloten), hij had zich wellicht onder voorwendsel van Levitische onreinheid in zijn huis teruggetrokken, en daarom was hij niet tot mij gekomen, maar had hij mij bij zich ontboden. Toen ik gekomen was, zo zei hij: Laat ons samenkomen in het huis Gods, in het midden des tempels, in het heilige, en laat ons de deuren des tempels toesluiten, om op deze wijze uw leven te redden, en u te onttrekken aan de nasporingen uwer vijanden, want zij zullen komen om u te doden, ja bij nacht zullen zij komen, om u te doden.
Met de vijanden van buiten had Nehemia afgedaan, nu treedt bij hem een vijand van binnen op. Niet een Samaritaan of Ammoniet, maar een eigen volksgenoot, nl. een zekere Semaja, die zich in alles openbaart als een valsen profeet, door Sanballat en Tobia gehuurd, in de armen genomen, om Nehemia op listige wijze te brengen tot dat, waartoe zij hem niet hadden kunnen krijgen. Hij kondigt zich aan als profeet, dewijl hij het als ene openbaring Gods doet voorkomen, dat hij weet, dat Nehemia dien nacht zal worden omgebracht door de vijanden. Ja, indien men besloten niet opvat in den zin van Levitisch onrein, maar in dien van, zich zelf opgesloten, dan is daaruit af te leiden, dat ook hij zelf zich voorstelt, als door de vijanden vervolgd. De bedoeling is duidelijk. Had Nehemia gehoor gegeven en was hij gaan vluchten in den tempel, op eigen lijfsbehoud bedacht, dan zouden ook de anderen zijn voorbeeld hebben gevolgd, de werktuigen en het zwaard, waarmee zij werkten, of gewapend waren, hebben weggeworpen en in de vlucht hun heil hebben gezocht. Maar dan waren de muren onvoltooid gebleven en hadden de wederpartijders van Israël gewonnen spel gehad. De Heere kent echter den raad der goddelozen en doet ook dezen met schande terugkeren. Ook kan de zaak nog van deze zijde beschouwd worden, dat Nehemia, was hij met Semaja in het Heilige gevlucht, met recht van overtreding der Wet had kunnen aangeklaagd worden, dewijl geen gewoon Israëliet, hoe voornaam ook (denk aan Uzzia), in het Heilige mocht komen. Men ziet, de zaak was met zeer veel list aangelegd, opdat men in elk geval Nehemia onschadelijk en nutteloos zou maken.
KruisverwijzingenSpreuken 28:1→Psalmen 112:6→Handelingen 21:13→Psalmen 11:1→Handelingen 20:24→Filippenzen 2:17→Lukas 13:31→Psalmen 112:8→— Maar ik zeide: Zou een man, als ik, vlieden? En wie is er, zijnde als ik, die in den tempel zou gaan, dat hij levend bleve? Ik zal er niet ingaan.
Maar ik zei: Zou een man als ik, die zijne bepaalde roeping van God ontvangen en in alle dingen een rein geweten heeft, vlieden (Jes. 28: 10)? en wie is er, zijnde als ik, niet van priesterlijke afkomst, die in den tempel zou gaan, dat hij levend bleve, daar toch geen gewoon Israëliet dien betreden mag (Numeri 18: 7)? Ik zal er niet ingaan 1), om mij, daargelaten de schandelijkheid van te vluchten in het algemeen, niet ook nog tegen den Heere te bezondigen, door het betreden van Zijn heiligdom.
Nehemia doorziet alles en wijst daarom met heilige verontwaardiging het voorstel van de hand. Noch wil hij vluchten, noch zich stellen tegen Gods wetten en ordinantiën.
KruisverwijzingenEzechiël 13:22→2 Petrus 2:3→Ezechiël 13:19→Handelingen 20:33→1 Timotheüs 3:3→Titus 1:7→Openbaring 18:13→Jeremia 23:16→— Want ik merkte, en ziet, God had hem niet gezonden; maar hij sprak deze profetie tegen mij, omdat Tobia en Sanballat hem gehuurd hadden.
Want ik merkte 1), doordat hij mij iets aanraadde, dat tegen het uitdrukkelijk gebod van God was, dat hij mij bedroog, en ziet, God had hem niet gezonden (Deuteronomium 13: 1 vv.); maar hij sprak deze profetie tegen mij; hij gaf voor, dat hij ene Goddelijke openbaring had ontvangen, om mij te moeten waarschuwen, omdat Tobia en Sanballat hem gehuurd hadden; hij had zich laten omkopen, om mij op de ene of andere wijze, zo als hem het meest geschikt voorkwam, ten gronde te richten.
Hieruit kan ook worden afgeleid, dat houding en toon van Semaja Nehemia duidelijk maakten, dat deze een valse profeet was.
KruisverwijzingenJeremia 18:18→Spreuken 29:5→Jakobus 4:17→Jeremia 20:10→Nehemia 6:6→Handelingen 6:13→Jesaja 57:11→Titus 2:8→— Daarom was hij gehuurd, opdat ik zou vrezen, en alzo doen, en zondigen; opdat zij iets zouden hebben tot een kwaden naam, opdat zij mij zouden honen.
Daarom was hij gehuurd 1), opdat ik zou vrezen, en alzo doen, als hij mij raadde, en zondigen, door in den tempel te gaan, opdat zij iets zouden hebben tot enen kwaden naam, opdat zij mij zouden honen 2). Als ik zijnen raad had gevolgd, dan zouden de vijanden terstond een groot geroep hebben aangeheven, om mij te lasteren en bij het volk mijn aanzien te doen verliezen.
In de Christelijke kerk wordt meer schade en onheil aangericht door eergierigheid, valsheid en nijd van vrienden, die lidmaten van de kerk willen zijn, dan door openlijke vijanden; daarom hoede zich een iegelijk voor zijnen vriend! Jer. 9: 4; 12: 6. Micha 7: 5.
Nehemia begreep terstond, dat Semaja dezen raad niet gaf door Gods bestuur, maar met een voornemen tegen hem. De slechtheid van zulke baatzuchtige ellendelingen zal vroeg of laat aan het licht komen. Nehemia vreesde God te beledigen. Zou ik zulk een groot kwaad doen en zondigen tegen God? De zonde moeten wij meer dan iets vrezen; het is een goed behoedmiddel tegen de zonde, niets anders te vrezen dan de zonde. Zich te moeten schamen; daar zij hem zouden kunnen verwijten. Behalve de zondigheid der zonde, moeten wij ook de schandelijkheid daarvan vrezen. Hij vraagt God ootmoedig om hunner te gedenken om hun slechte voornemens jegens hem. Hij smeekt niet wraakzuchtig enig oordeel over zijne vijanden af, maar laat alles aan God over. Welke beledigingen ons ook aangedaan worden, wij moeten ons zelven niet wreken, maar onze zaak overlaten aan Hem, die rechtvaardig oordeelt.
KruisverwijzingenNehemia 13:29→2 Timotheüs 4:14→Nehemia 4:4→Ezechiël 13:16→Jeremia 14:18→Psalmen 36:11→Openbaring 19:20→Jeremia 28:1→— Gedenk, mijn God, aan Tobia en aan Sanballat, naar deze zijn werken; en ook aan de profetes Noadja, en aan de andere profeten, die mij gezocht hebben vreesachtig te maken.
Gedenk, mijn God! aan Tobia en aan Sanballat, naar deze zijne werken, en vergeld hun naar hun boosheid jegens mij; en ook aan de profetes Noadja (overigens nergens genoemd), en aan de andere profeten, die mij gezocht hebben vreesachtig te maken 1), en op dergelijke wijze hun schandelijk spel drijven, zo als de valse profeten ten tijde van Jeremia en Ezechiël.
Hieruit zien we, dat ook na de Ballingschap even goed als vóór dat treurig tijdvak in Israël’s geschiedenis de valse profeten optraden, naast de profeten Gods, en dat die valse profeten het volk wilden tegenhouden in hun leven naar de ordinantiën Gods. Israël was wel genezen van de afgoderij en beeldendienst, maar de zonde was volstrekt niet onder hen uitgeroeid. Ook nu vindt ge in Israël den strijd tussen het slangenzaad en het vrouwenzaad, opdat zo mogelijk de heilsbelofte niet in vervulling zou treden.
KruisverwijzingenNehemia 4:1→Psalmen 1:3→Daniël 9:25→Ezra 6:15→— De muur nu werd volbracht, op den vijf en twintigsten van Elul, in twee en vijftig dagen.
De muur nu werd, omdat ik mij door niets van het bouwen liet aftrekken, volbracht op den vijf en twintigsten dag van de maand Elul, = onze maand September (Exodus 12: 2 ), in twee en vijftig dagen, gerekend van den 3den Augustus van het jaar 444 v. Chr. Het is terecht door Bertheau opgemerkt, dat deze opgave de rechte is (en niet die van Josefus, volgens wie de bouw 2 jaar en 4 maanden geduurd heeft), wat blijkt uit het volgende. 1) De noodzakelijkheid van de verhaasting van het werk, waarop Nehemia gedurig terugkomt. 2) De ijver en het betrekkelijk groot aantal bouwlieden, want de gehele gemeente, zowel de bewoners van Jeruzalem, als de mannen van Jericho, Thekoa enz. hadden zich tot het gemeenschappelijke werk verenigd. 3) De wijze van bouwen, want zulk een ingespannen arbeid en zulke onophoudelijke wachtdiensten, zo als zij in Hoofdstuk 4 beschreven worden, konden wel 52 dagen worden volgehouden, maar bezwaarlijk gedurende zulk ene lange tijdruimte. 4) De omvang van het werk, dat niet geheel nieuw behoefde gemaakt te worden: er behoefde alleen hersteld te worden, wat hier en daar verwoest was, de scheuren en openingen moesten slechts gestopt worden. De bouwstoffen lagen overal gereed; men behoefde alleen de stenen uit het stof en puin op te zoeken om de beschadigde plaatsen daarmee aan te vullen.
Zo heeft ook Alexander de Grote de muren van de nieuwe stad Alexandrië, die toch ruim 11.000 meters lang waren, in 17 dagen opgetrokken. De muren en poorten waren door de Chaldeeën niet geheel omver geworpen; het werk, dat in den bovengenoemden tijd voltooid werd, was herstellen en niet nieuw bouwen.
De muur nu werd, omdat ik mij door niets van het bouwen liet aftrekken, volbracht op den vijf en twintigsten dag van de maand Elul, = onze maand September (Exodus 12: 2 ), in twee en vijftig dagen, gerekend van den 3den Augustus van het jaar 444 v. Chr. Het is terecht door Bertheau opgemerkt, dat deze opgave de rechte is (en niet die van Josefus, volgens wie de bouw 2 jaar en 4 maanden geduurd heeft), wat blijkt uit het volgende. 1) De noodzakelijkheid van de verhaasting van het werk, waarop Nehemia gedurig terugkomt. 2) De ijver en het betrekkelijk groot aantal bouwlieden, want de gehele gemeente, zowel de bewoners van Jeruzalem, als de mannen van Jericho, Thekoa enz. hadden zich tot het gemeenschappelijke werk verenigd. 3) De wijze van bouwen, want zulk een ingespannen arbeid en zulke onophoudelijke wachtdiensten, zo als zij in Hoofdstuk 4 beschreven worden, konden wel 52 dagen worden volgehouden, maar bezwaarlijk gedurende zulk ene lange tijdruimte. 4) De omvang van het werk, dat niet geheel nieuw behoefde gemaakt te worden: er behoefde alleen hersteld te worden, wat hier en daar verwoest was, de scheuren en openingen moesten slechts gestopt worden. De bouwstoffen lagen overal gereed; men behoefde alleen de stenen uit het stof en puin op te zoeken om de beschadigde plaatsen daarmee aan te vullen.
Zo heeft ook Alexander de Grote de muren van de nieuwe stad Alexandrië, die toch ruim 11.000 meters lang waren, in 17 dagen opgetrokken. De muren en poorten waren door de Chaldeeën niet geheel omver geworpen; het werk, dat in den bovengenoemden tijd voltooid werd, was herstellen en niet nieuw bouwen.
KruisverwijzingenPsalmen 126:2→Jozua 5:1→Nehemia 2:10→Nehemia 4:1→Nehemia 4:7→Exodus 14:25→Numeri 23:23→Nehemia 6:1→— En het geschiedde, als al onze vijanden dit hoorden, zo vreesden al de heidenen, die rondom ons waren, en zij vervielen zeer in hun ogen; want zij merkten, dat dit werk van onzen God gedaan was.
En het geschiedde als al onze vijanden dit hoorden, dat het werk, niettegenstaande alle moeilijkheden, ons door hen berokkend, nu toch tot stand gekomen was, zo vreesden al de Heidenen, die rondom ons waren; dat waren juist de Samaritanen, de Ammonieten en de Filistijnen, die ons zo vijandig behandeld hadden, en zij vervielen zeer tot moedeloosheid; zij waren nu zo nietig in hun eigene ogen; want zij merkten dat dit werk van onzen God gedaan was, en dat wij ons nu, na zo langen tijd van smaad en vernedering, weer mochten verheugen over de genade en de hulp des Heren.
KruisverwijzingenMattheüs 24:10→Nehemia 5:7→Micha 7:1→Nehemia 3:5→Nehemia 13:28→— Ook schreven in die dagen edelen van Juda vele brieven, die naar Tobia gingen; en die van Tobia kwamen tot hen.
Ook schreven in die dagen, toen ik zoveel moeite met de vijanden van buiten had, edelen van Juda, die mij ook moeilijkheden van binnen, in de gemeente zelf, berokkenden, vele brieven, die naar Tobia, den bevelhebber van het land der Edomieten (Hoofdstuk 2: 10
gingen, en die van Tobia kwamen tot hen; zij onderhielden met Tobia ene levendige briefwisseling, om ene verstandhouding tussen hem en mij daar te stellen, waarmee zij toch mijne pogingen zeer belemmerden.
KruisverwijzingenEzra 2:5→Nehemia 3:4→Nehemia 7:10→Nehemia 3:30→— Want velen in Juda hadden hem gezworen, omdat hij was een schoonzoon van Sechanja, den zoon van Arah; en zijn zoon Johanan had genomen de dochter van Mesullam, den zoon van Berechja.
Want velen in Juda hadden hem gezworen zijne vrienden en bondgenoten te zijn, omdat hij was een schoonzoon van Sechanja, den zoon van Arah 1), van een voornamen Jood uit het geslacht van Arach (Ezra 2: 5); en zijn zoon Johanan had als vrouw genomen de dochter van Mesullam, den zoon van Berechja, vermoedelijk den in Hoofdstuk 3: 4 genoemden priester, of den in Hoofdstuk 3: 30 genoemden Leviet; door deze verzwagering was dus ook Tobia een bloedverwant van den hogepriester Eljasib (Hoofdstuk 13: 4).
Tobia was dus met twee Joodse families door bloedverwantschap verbonden. Deze mededeling dient om te verklaren, dat velen hem gezworen hadden, door eden met hem verbonden waren. Zij waren dus niet met hen verbonden door een eed van bondgenootschap.
Kruisverwijzingen1 Johannes 4:5→Johannes 15:19→Handelingen 4:18→Jesaja 37:10→Spreuken 28:4→Nehemia 6:9→Nehemia 6:13→Johannes 7:7→— Ook verhaalden zij zijn goeddadigheden voor mijn aangezicht, en mijn woorden brachten zij uit tot hem. Tobia dan zond brieven, om mij vreesachtig te maken.
Ook verhaalden zij, de vrienden van Tobia, zijne goeddadigheden voor mijn aangezicht, om mij tot toenadering met hem te bewegen, terwijl zij bij mij zijne goede eigenschappen en loffelijke oogmerken roemden, en mijne woorden brachten zij uit tot hem, en door alzo mijne weigerende uitdrukkingen tot hem over te brengen, verwekte zij des te meer vijandschap van zijne zijde tegen mij. Tobia dan zond brieven aan mij, welke beschuldigingen en voorstellingen van dezelfden aard bevatten, als de brief van Sanballat (vs. 5 vv.), om mij vreesachtig te maken. Wat Paulus in 2 Cor. 11: 26 van valse broederen schrijft, dat heeft ook Nehemia in ruime mate ondervonden; van al het lijden van trouwe knechten Gods is dit wel in vele opzichten het zwaarste, wanneer zij moeten zien, dat hun geloofsgenoten, ja soms hun ambtgenoten, die met hen aan hetzelfde werk arbeiden, met de vijanden van Christus en Zijne kerk in ene schadelijke verstandhouding staan, en toch willen gehouden worden voor getrouwe medeleden, die voor de eer van God strijden.
Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.
Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!
Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]
Over de Auteur
C.H. Spurgeon
1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.
Nehemia 6
Spurgeon heeft geen commentaar gegeven op dit hoofdstuk.
© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas
VI. Vs. 1-19.KruisverwijzingenNehemia 2:10→Nehemia 2:19→1 Kronieken 8:12→Psalmen 138:3→Nehemia 3:3→Nehemia 3:1→Nehemia 4:1→Psalmen 37:12→
— Voorts is het geschied, als van Sanballat, en Tobia, en van Gesem, den Arabier, en van onze andere vijanden gehoord was, dat ik den muur gebouwd had, en dat geen scheur daarin was overgelaten; ook had ik tot dezen tijd toe de deuren niet opgezet in de poorten; Zo zond Sanballat, en Gesem, tot mij, om te zeggen: Kom en laat ons te zamen vergaderen in de dorpen, in het dal Ono. Maar zij dachten mij kwaad te doen. En ik zond boden tot hen, om te zeggen: Ik doe een groot werk, zodat ik niet zal kunnen afkomen; waarom zou dit werk ophouden, terwijl ik het zou nalaten, en tot ulieden afkomen? Zij zonden nu wel viermaal tot mij, op dezelfde wijze. En ik antwoordde hun op dezelfde wijze. Toen zond Sanballat tot mij op dezelfde wijze, ten vijfden male, zijn jongen, met een open brief in zijn hand. Daarin was geschreven: Het is onder de volken gehoord, en Gasmu zegt: Gij en de Joden denkt te rebelleren, daarom bouwt gij den muur, en gij zult hun ten koning zijn; naar dat deze zaken zijn. Dat gij ook profeten hebt besteld, om van u te Jeruzalem uit te roepen, zeggende: Hij is koning in Juda. Nu zal het van den koning gehoord worden, naar dat deze zaken zijn; kom dan nu, en laat ons te zamen raadslaan. Doch ik zond tot hem, om te zeggen: Er is van al zulke zaken, als gij zegt, niets geschied; maar gij versiert ze uit uw hart. Want zij allen zochten ons vreesachtig te maken, zeggende: Hun handen zullen van het werk aflaten, dat het niet zal gedaan worden; nu dan, sterk mijn handen! Als ik nu kwam in het huis van Semaja, den zoon van Delaja, den zoon van Mehetabeel (hij nu was besloten), zo zeide hij: Laat ons samenkomen in het huis Gods, in het midden des tempels, en laat ons de deuren des tempels toesluiten; want zij zullen komen om u te doden, ja, bij nacht zullen zij komen, om u te doden.
Daar nu Sanballat en de met hem verbondene vijanden, door openbaar geweld niets tegen ons hadden kunnen uitrichten, maar dat veeleer de muren van Jeruzalem reeds geheel gereed waren, behalve de vleugels der poorten, beproeven zij met list om Nehemia in hun handen te krijgen, met het doel, om als hij uit den weg was geruimd. zich meester te maken van de nog niet geheel versterkte stad. Dan konden zij de nu voltooide muren weer verwoesten, en met goed gevolg de zelfstandige ontwikkeling van de Joodse gemeente tegenwerken. Intussen weigert Nehemia herhaaldelijk ene uitnodiging van Sanballat en Gesem, om ene samenkomst te houden in het dal Ono, omdat hij de geheime raadslagen zijner tegenstanders doorziet, voorgevende, en met recht, dat hij het werk, waarmee hij bezig is, niet kan verlaten. Nu zendt Sanballat zijne knechten met ene openbare aanklacht naar Nehemia; maar ook thans laat deze zich niet in de voor hem gestelde strikken vangen, ofschoon zelfs valse profeten en aanzienlijke familiehoofden in Juda, Sanballat en Tobia in de hand werken. Op den 25sten dag der maand Elul, alzo 52 dagen na het begin van den bouw, is de muur geheel gereed; alzo in hetzelfde jaar 444 v. Chr.
Voorts is het geschied, als van Sanballat, en Tobia, en van Gesem, den Arabier (Hoofdstuk 2: 19), en van onze andere vijanden, die van Asdod en de andere bewoners van het land der Filistijnen (Hoofdstuk 4: 7) gehoord was, dat ik den muur gebouwd had, en dat gene scheur daarin was overgelaten, en dat alles gereed was, wat wij voorgenomen hadden te doen, om de stad te versterken, behalve de vleugels der poorten: ook had ik tot dezen tijd toe de deuren niet opgezet in de poorten (vgl. Hoofdstuk 7: 1 vv.);
Zo zond Sanballat, en Gesem, nu met list beproevende wat zij met geweld niet hadden kunnen doen, tot mij, om mij te doen zeggen: Kom, en laat ons, om wederkerig tot ene betere verstandhouding met elkaar te geraken, te zamen vergaderen in de dorpen, in het dal Ono 1), thans Kefr Ana, 1 3/4 uur noordwaarts van Lydda (1 (Kronieken 8: 12).Maar zij dachten mij kwaad te doen, menende mij op deze wijze in handen te krijgen, om mij alzo uit den weg te ruimen.
Waar de vijanden des volks geen openlijken aanval op Jeruzalem meer durfden doen, daar trachtten zij door list den werkzamen landvoogd buiten Jeruzalem te lokken, om alsdan een aanval op de stad te wagen, waarvan nu wel de muren waren hersteld, maar waarin de poorten nog niet in orde waren. Zij nemen nu tot list hun toevlucht, maar ook die list zal niet gelukkken, dewijl Nehemia hun helse plannen, door Gods Geest voorgelicht, doorziet.
En ik, hun plannen doorziende, en tegenover hun list die voorzichtigheid stellende, die aan de kinderen Gods geoorloofd is en ook overeenkomt met hun oprechtheid (MATTHEUS. 10: 16 10.16), zond boden tot hen, om zo als het inderdaad was en niet een bloot voorwendsel, te zeggen: Ik doe een groot werk, namelijk het bouwen van Jeruzalems muren, zodat ik niet zal kunnen afkomen, waarom zou dit werk ophouden, terwijl ik het zou nalaten en tot ulieden afkomen?
Zij zonden nu wel viermaal tot mij, op dezelve wijze, met de in vs. 2 gedane uitnodiging. En ik antwoordde hun op dezelve wijze, dezelfde reden opgevende als in vs. 3.
Toen zond Sanballat tot mij op dezelve wijze, ten vijfde maal, zijnen jongen, dien knaap, waarvan hij zich gewoonlijk bediende, wanneer hij ambtsbrieven te bezorgen had, met enen openen brief 1) in zijne hand.
Met enen open brief. Nehemia vermeldt dit opzettelijk. Niet om, zoals sommigen beweren, hem een teken van minachting te geven, maar om hem daarmee te zeggen, dat, waarvan zij hem beschuldigen, een publiek geheim is, zodat hij het gerust in een open brief hem durft mededelen. Alles was er op aangelegd, om hem te verblinden en naar hun redenen te doen luisteren.
Daarin was geschreven: Het is onder de naburige volken gehoord, en Gasmu, Gesem, die dan toch om zijne aanzienlijke betrekking een geloofwaardig getuige is, zegt: Gij en de Joden denkt te rebelleren tegen de opperheerschappij der Perzen, daarom alleen bouwt gij den muur, en gij zult hun ten koning zijn; naar dat deze zaken zijn schijnt dit daaruit te blijken; uwe gehele handelwijze is daar het bewijs van.
Dat gij ook profeten 1) hebt besteld, om van u te Jeruzalem uit te roepen, zeggende: Hij is koning in Juda. Nu zal het van den koning gehoord worden, naar dat deze zaken zijn 2), en hoe zult gij u dan kunnen verantwoorden? kom dan nu, en laat ons te zamen raadslaan, hoe het u dreigend gevaar van ene aanklacht bij den koning kan afgewend worden 3).
De betekenis van het woord profetie in de Schrift beperkt zich niet altijd tot het voorzeggen van toekomstige gebeurtenissen. Soms betekent het, het prediken en uitleggen der Schriften, of het stichten, vertroosten en vermanen van anderen, zo als hier (zie 1 Cor. 14: 3 vv.).
of, nu zullen den koning dergelijke dingen ter ore komen. Sanballat doet zich voor als een vriend, die Nehemia nog ter rechter tijd waarschuwt, terwijl hij toch een heimelijke vijand is van den knecht Gods. Door ‘s Heren Geest voorgelicht weet echter Nehemia het ware van het valse te onderscheiden.
Zo als bij Hoofdstuk 1: 1 is aangemerkt, stamde Nehemia wellicht van een koninklijk geslacht af. Deze omstandigheid kon hier dienen, om de verdenking tegen hem meer schijn van waarheid te geven. Misschien waren er reeds door enkele profeten uitspraken gedaan, die aan de bewering van Sanballat enigen grond gaven; maar dat waren gene ware, maar valse profeten, die aan de zijde van den vijand stonden, zo als de in vs. 10 genoemde Semaja, en de in vs. 14 vermelde Noadja.
Doch ik zond tot hem, tot Sanballat, om te zeggen: Er is van al zulke zaken, als gij zegt, als hadden wij Joden het voornemen om tegen den koning van Perzië op te staan en ons onafhankelijk van hem te maken, niets geschied; maar gij versiert 1), verzint ze uit uw hart.
Het woord in den grondtekst heeft, altijd een slechte betekenis, betekent altijd iets slechts verzinnen.
Ik had immers grondige redenen, waarom ik de woorden van Sanballat ronduit voor ene listig bedachten leugen verklaarde. Want zij allen zochten ons vreesachtig te maken, zeggende: Hun handen zullen van het werk aflaten, dat het niet zal gedaan worden 1), daarom willen wij hen angstig maken; nu dan, alzo bad ik vurig tot God, sterk mijne handen 2), en laat niet toe, dat onze vijanden ons van het werk aftrekken!
Zijne oprechte godsvrucht en kinderlijke eenvoudigheid schenken aan Nehemia een klaar, doorziend oog om alle listige aantijgingen der vijanden terstond te doorzien. “Wat al het verstand der verstandigen niet ziet, dat ziet dikwijls een kinderlijk gemoed in zijne eenvoudigheid.”. In het midden van zijne klacht over de boosaardigheid van zijne vijanden verhief Nehemia zijn hart tot God, in een kort gebed. Het is het voorrecht der ware gelovigen, dat zij in alle angsten en moeilijkheden een goeden God hebben, tot wie zij kunnen gaan, van wie zij door het geloof en het gebed de genade ontvangen, waardoor hun angst wordt gestild, hun handen gesterkt; wanneer hun vijanden trachten hen bevreesd te maken. Door tegenstand wordt de kracht van den Christen vermeerderd. Elke verzoeking om ons van onzen plicht af te trekken, moet ons opwekken om des te getrouwer te zijn.
Terwijl Nehemia dit ter neerschrijft en zich verplaatst in dien tijd, is nog zijn ganse ziel in beroering. Het is hem nog, alsof hij de boodschap van Sanballat krijgt. Hij herinnert zich, hoe hij zijn toevlucht nam te midden van het sarren des vijands tot den Heere, zijn God, en daarom schrijft hij niet: en ik bad tot God, sterk mijne handen, maar alleen: sterk mijne handen, waardoor hij ook nu als bij vernieuwing de toevlucht neemt tot de armen der sterkte van zijn God.
Als ik nu, kort na het in vs. 1 verhaalde, kwam in het huis van Semaja 1), vermoedelijk een priester van de 23ste ordening (1 (Kronieken 24: 18), den zoon van Delaja, den zoon van Mehetabeël, die mij had laten roepen, voorgevende, dat hij mij ene gewichtige mededeling te doen had, bemerkte ik spoedig, dat hij mij valselijk behandelde; (hij was nu besloten), hij had zich wellicht onder voorwendsel van Levitische onreinheid in zijn huis teruggetrokken, en daarom was hij niet tot mij gekomen, maar had hij mij bij zich ontboden. Toen ik gekomen was, zo zei hij: Laat ons samenkomen in het huis Gods, in het midden des tempels, in het heilige, en laat ons de deuren des tempels toesluiten, om op deze wijze uw leven te redden, en u te onttrekken aan de nasporingen uwer vijanden, want zij zullen komen om u te doden, ja bij nacht zullen zij komen, om u te doden.
Met de vijanden van buiten had Nehemia afgedaan, nu treedt bij hem een vijand van binnen op. Niet een Samaritaan of Ammoniet, maar een eigen volksgenoot, nl. een zekere Semaja, die zich in alles openbaart als een valsen profeet, door Sanballat en Tobia gehuurd, in de armen genomen, om Nehemia op listige wijze te brengen tot dat, waartoe zij hem niet hadden kunnen krijgen. Hij kondigt zich aan als profeet, dewijl hij het als ene openbaring Gods doet voorkomen, dat hij weet, dat Nehemia dien nacht zal worden omgebracht door de vijanden. Ja, indien men besloten niet opvat in den zin van Levitisch onrein, maar in dien van, zich zelf opgesloten, dan is daaruit af te leiden, dat ook hij zelf zich voorstelt, als door de vijanden vervolgd. De bedoeling is duidelijk. Had Nehemia gehoor gegeven en was hij gaan vluchten in den tempel, op eigen lijfsbehoud bedacht, dan zouden ook de anderen zijn voorbeeld hebben gevolgd, de werktuigen en het zwaard, waarmee zij werkten, of gewapend waren, hebben weggeworpen en in de vlucht hun heil hebben gezocht. Maar dan waren de muren onvoltooid gebleven en hadden de wederpartijders van Israël gewonnen spel gehad. De Heere kent echter den raad der goddelozen en doet ook dezen met schande terugkeren. Ook kan de zaak nog van deze zijde beschouwd worden, dat Nehemia, was hij met Semaja in het Heilige gevlucht, met recht van overtreding der Wet had kunnen aangeklaagd worden, dewijl geen gewoon Israëliet, hoe voornaam ook (denk aan Uzzia), in het Heilige mocht komen. Men ziet, de zaak was met zeer veel list aangelegd, opdat men in elk geval Nehemia onschadelijk en nutteloos zou maken.
Maar ik zei: Zou een man als ik, die zijne bepaalde roeping van God ontvangen en in alle dingen een rein geweten heeft, vlieden (Jes. 28: 10)? en wie is er, zijnde als ik, niet van priesterlijke afkomst, die in den tempel zou gaan, dat hij levend bleve, daar toch geen gewoon Israëliet dien betreden mag (Numeri 18: 7)? Ik zal er niet ingaan 1), om mij, daargelaten de schandelijkheid van te vluchten in het algemeen, niet ook nog tegen den Heere te bezondigen, door het betreden van Zijn heiligdom.
Nehemia doorziet alles en wijst daarom met heilige verontwaardiging het voorstel van de hand. Noch wil hij vluchten, noch zich stellen tegen Gods wetten en ordinantiën.
Want ik merkte 1), doordat hij mij iets aanraadde, dat tegen het uitdrukkelijk gebod van God was, dat hij mij bedroog, en ziet, God had hem niet gezonden (Deuteronomium 13: 1 vv.); maar hij sprak deze profetie tegen mij; hij gaf voor, dat hij ene Goddelijke openbaring had ontvangen, om mij te moeten waarschuwen, omdat Tobia en Sanballat hem gehuurd hadden; hij had zich laten omkopen, om mij op de ene of andere wijze, zo als hem het meest geschikt voorkwam, ten gronde te richten.
Hieruit kan ook worden afgeleid, dat houding en toon van Semaja Nehemia duidelijk maakten, dat deze een valse profeet was.
Daarom was hij gehuurd 1), opdat ik zou vrezen, en alzo doen, als hij mij raadde, en zondigen, door in den tempel te gaan, opdat zij iets zouden hebben tot enen kwaden naam, opdat zij mij zouden honen 2). Als ik zijnen raad had gevolgd, dan zouden de vijanden terstond een groot geroep hebben aangeheven, om mij te lasteren en bij het volk mijn aanzien te doen verliezen.
In de Christelijke kerk wordt meer schade en onheil aangericht door eergierigheid, valsheid en nijd van vrienden, die lidmaten van de kerk willen zijn, dan door openlijke vijanden; daarom hoede zich een iegelijk voor zijnen vriend! Jer. 9: 4; 12: 6. Micha 7: 5.
Nehemia begreep terstond, dat Semaja dezen raad niet gaf door Gods bestuur, maar met een voornemen tegen hem. De slechtheid van zulke baatzuchtige ellendelingen zal vroeg of laat aan het licht komen. Nehemia vreesde God te beledigen. Zou ik zulk een groot kwaad doen en zondigen tegen God? De zonde moeten wij meer dan iets vrezen; het is een goed behoedmiddel tegen de zonde, niets anders te vrezen dan de zonde. Zich te moeten schamen; daar zij hem zouden kunnen verwijten. Behalve de zondigheid der zonde, moeten wij ook de schandelijkheid daarvan vrezen. Hij vraagt God ootmoedig om hunner te gedenken om hun slechte voornemens jegens hem. Hij smeekt niet wraakzuchtig enig oordeel over zijne vijanden af, maar laat alles aan God over. Welke beledigingen ons ook aangedaan worden, wij moeten ons zelven niet wreken, maar onze zaak overlaten aan Hem, die rechtvaardig oordeelt.
Gedenk, mijn God! aan Tobia en aan Sanballat, naar deze zijne werken, en vergeld hun naar hun boosheid jegens mij; en ook aan de profetes Noadja (overigens nergens genoemd), en aan de andere profeten, die mij gezocht hebben vreesachtig te maken 1), en op dergelijke wijze hun schandelijk spel drijven, zo als de valse profeten ten tijde van Jeremia en Ezechiël.
Hieruit zien we, dat ook na de Ballingschap even goed als vóór dat treurig tijdvak in Israël’s geschiedenis de valse profeten optraden, naast de profeten Gods, en dat die valse profeten het volk wilden tegenhouden in hun leven naar de ordinantiën Gods. Israël was wel genezen van de afgoderij en beeldendienst, maar de zonde was volstrekt niet onder hen uitgeroeid. Ook nu vindt ge in Israël den strijd tussen het slangenzaad en het vrouwenzaad, opdat zo mogelijk de heilsbelofte niet in vervulling zou treden.
De muur nu werd, omdat ik mij door niets van het bouwen liet aftrekken, volbracht op den vijf en twintigsten dag van de maand Elul, = onze maand September (Exodus 12: 2 ), in twee en vijftig dagen, gerekend van den 3den Augustus van het jaar 444 v. Chr. Het is terecht door Bertheau opgemerkt, dat deze opgave de rechte is (en niet die van Josefus, volgens wie de bouw 2 jaar en 4 maanden geduurd heeft), wat blijkt uit het volgende. 1) De noodzakelijkheid van de verhaasting van het werk, waarop Nehemia gedurig terugkomt. 2) De ijver en het betrekkelijk groot aantal bouwlieden, want de gehele gemeente, zowel de bewoners van Jeruzalem, als de mannen van Jericho, Thekoa enz. hadden zich tot het gemeenschappelijke werk verenigd. 3) De wijze van bouwen, want zulk een ingespannen arbeid en zulke onophoudelijke wachtdiensten, zo als zij in Hoofdstuk 4 beschreven worden, konden wel 52 dagen worden volgehouden, maar bezwaarlijk gedurende zulk ene lange tijdruimte. 4) De omvang van het werk, dat niet geheel nieuw behoefde gemaakt te worden: er behoefde alleen hersteld te worden, wat hier en daar verwoest was, de scheuren en openingen moesten slechts gestopt worden. De bouwstoffen lagen overal gereed; men behoefde alleen de stenen uit het stof en puin op te zoeken om de beschadigde plaatsen daarmee aan te vullen.
Zo heeft ook Alexander de Grote de muren van de nieuwe stad Alexandrië, die toch ruim 11.000 meters lang waren, in 17 dagen opgetrokken. De muren en poorten waren door de Chaldeeën niet geheel omver geworpen; het werk, dat in den bovengenoemden tijd voltooid werd, was herstellen en niet nieuw bouwen.
De muur nu werd, omdat ik mij door niets van het bouwen liet aftrekken, volbracht op den vijf en twintigsten dag van de maand Elul, = onze maand September (Exodus 12: 2 ), in twee en vijftig dagen, gerekend van den 3den Augustus van het jaar 444 v. Chr. Het is terecht door Bertheau opgemerkt, dat deze opgave de rechte is (en niet die van Josefus, volgens wie de bouw 2 jaar en 4 maanden geduurd heeft), wat blijkt uit het volgende. 1) De noodzakelijkheid van de verhaasting van het werk, waarop Nehemia gedurig terugkomt. 2) De ijver en het betrekkelijk groot aantal bouwlieden, want de gehele gemeente, zowel de bewoners van Jeruzalem, als de mannen van Jericho, Thekoa enz. hadden zich tot het gemeenschappelijke werk verenigd. 3) De wijze van bouwen, want zulk een ingespannen arbeid en zulke onophoudelijke wachtdiensten, zo als zij in Hoofdstuk 4 beschreven worden, konden wel 52 dagen worden volgehouden, maar bezwaarlijk gedurende zulk ene lange tijdruimte. 4) De omvang van het werk, dat niet geheel nieuw behoefde gemaakt te worden: er behoefde alleen hersteld te worden, wat hier en daar verwoest was, de scheuren en openingen moesten slechts gestopt worden. De bouwstoffen lagen overal gereed; men behoefde alleen de stenen uit het stof en puin op te zoeken om de beschadigde plaatsen daarmee aan te vullen.
Zo heeft ook Alexander de Grote de muren van de nieuwe stad Alexandrië, die toch ruim 11.000 meters lang waren, in 17 dagen opgetrokken. De muren en poorten waren door de Chaldeeën niet geheel omver geworpen; het werk, dat in den bovengenoemden tijd voltooid werd, was herstellen en niet nieuw bouwen.
En het geschiedde als al onze vijanden dit hoorden, dat het werk, niettegenstaande alle moeilijkheden, ons door hen berokkend, nu toch tot stand gekomen was, zo vreesden al de Heidenen, die rondom ons waren; dat waren juist de Samaritanen, de Ammonieten en de Filistijnen, die ons zo vijandig behandeld hadden, en zij vervielen zeer tot moedeloosheid; zij waren nu zo nietig in hun eigene ogen; want zij merkten dat dit werk van onzen God gedaan was, en dat wij ons nu, na zo langen tijd van smaad en vernedering, weer mochten verheugen over de genade en de hulp des Heren.
Ook schreven in die dagen, toen ik zoveel moeite met de vijanden van buiten had, edelen van Juda, die mij ook moeilijkheden van binnen, in de gemeente zelf, berokkenden, vele brieven, die naar Tobia, den bevelhebber van het land der Edomieten (Hoofdstuk 2: 10
gingen, en die van Tobia kwamen tot hen; zij onderhielden met Tobia ene levendige briefwisseling, om ene verstandhouding tussen hem en mij daar te stellen, waarmee zij toch mijne pogingen zeer belemmerden.
Want velen in Juda hadden hem gezworen zijne vrienden en bondgenoten te zijn, omdat hij was een schoonzoon van Sechanja, den zoon van Arah 1), van een voornamen Jood uit het geslacht van Arach (Ezra 2: 5); en zijn zoon Johanan had als vrouw genomen de dochter van Mesullam, den zoon van Berechja, vermoedelijk den in Hoofdstuk 3: 4 genoemden priester, of den in Hoofdstuk 3: 30 genoemden Leviet; door deze verzwagering was dus ook Tobia een bloedverwant van den hogepriester Eljasib (Hoofdstuk 13: 4).
Tobia was dus met twee Joodse families door bloedverwantschap verbonden. Deze mededeling dient om te verklaren, dat velen hem gezworen hadden, door eden met hem verbonden waren. Zij waren dus niet met hen verbonden door een eed van bondgenootschap.
Ook verhaalden zij, de vrienden van Tobia, zijne goeddadigheden voor mijn aangezicht, om mij tot toenadering met hem te bewegen, terwijl zij bij mij zijne goede eigenschappen en loffelijke oogmerken roemden, en mijne woorden brachten zij uit tot hem, en door alzo mijne weigerende uitdrukkingen tot hem over te brengen, verwekte zij des te meer vijandschap van zijne zijde tegen mij. Tobia dan zond brieven aan mij, welke beschuldigingen en voorstellingen van dezelfden aard bevatten, als de brief van Sanballat (vs. 5 vv.), om mij vreesachtig te maken. Wat Paulus in 2 Cor. 11: 26 van valse broederen schrijft, dat heeft ook Nehemia in ruime mate ondervonden; van al het lijden van trouwe knechten Gods is dit wel in vele opzichten het zwaarste, wanneer zij moeten zien, dat hun geloofsgenoten, ja soms hun ambtgenoten, die met hen aan hetzelfde werk arbeiden, met de vijanden van Christus en Zijne kerk in ene schadelijke verstandhouding staan, en toch willen gehouden worden voor getrouwe medeleden, die voor de eer van God strijden.
Met dank aan OnlineBijbelverklaring.nl: Dachsel