Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar
De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.
Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is. De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen. De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler. De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders. Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften. Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is. De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas. Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd. Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen. Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten. © Teun van der Plas
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
1
Tot de verzegelingenH2856 nu waren: NehemiaH5166 HattirsathaH8660, zoonH1121 van HachaljaH2446, en ZidkiaH6667,
Tot de verzegelingen nu waren: Nehemia Hattirsatha, zoon van Hachalja, en Zidkia,
KJV
Now those that sealed8
were, Nehemiah,
the Tirshatha,
the son
of Hachaliah,
and Zidkijah,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
2
SerajaH8304, AzarjaH5838, JeremiaH3414,
Seraja, Azarja, Jeremia,
KJV
Seraiah,
Azariah,
Jeremiah,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
3
PashurH6583, AmarjaH568, MalchiaH4441,
Pashur, Amarja, Malchia,
KJV
Pashur,
Amariah,
Malchijah,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
4
HattusH2407, SebanjaH7645, MalluchH4409,
Hattus, Sebanja, Malluch,
KJV
Hattush,
Shebaniah,
Malluch,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
5
HarimH2766, MeremothH4822, ObadjaH5662,
Harim, Meremoth, Obadja,
KJV
Harim,
Meremoth,
Obadiah,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
6
DanielH1840, GinnethonH1599, BaruchH1263,
Daniel, Ginnethon, Baruch,
KJV
Daniel,
Ginnethon,
Baruch,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
7
MesullamH4918, AbiaH29, MijaminH4326,
Mesullam, Abia, Mijamin,
KJV
Meshullam,
Abijah,
Mijamin,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
8
MaaziaH4590, BilgaiH1084, SemajaH8098. Dit waren de priestersH3548.
Maazia, Bilgai, Semaja. Dit waren de priesters.
KJV
Maaziah,
Bilgai,
Shemaiah:
these were the priests.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
9
En de LevietenH3881, namelijk: JesuaH3442, zoonH1121 van AzanjaH245, BinnuiH1131; van de zonenH1121 van HenadadH2582, KadmielH6934;
En de Levieten, namelijk: Jesua, zoon van Azanja, Binnui; van de zonen van Henadad, Kadmiel;
KJV
And the Levites:
both Jeshua
the son
of Azaniah,
Binnui
of the sons
of Henadad,
Kadmiel;
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
10
En hun broederenH251: SebanjaH7645, HodiaH1941, KelitaH7042, PelajaH6411, HananH2605,
En hun broederen: Sebanja, Hodia, Kelita, Pelaja, Hanan,
KJV
And their brethren,
Shebaniah,
Hodijah,
Kelita,
Pelaiah,
Hanan,
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
11
MichaH4316, RehobH7340, HasabjaH2811,
Micha, Rehob, Hasabja,
KJV
Micha,
Rehob,
Hashabiah,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
12
ZakkurH2139, SerebjaH8274, SebanjaH7645,
Zakkur, Serebja, Sebanja,
KJV
Zaccur,
Sherebiah,
Shebaniah,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
13
HodiaH1941, BaniH1137, BeninuH1148;
Hodia, Bani, Beninu;
KJV
Hodijah,
Bani,
Beninu.
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
14
De hoofdenH7218 des volksH5971: ParhosH6551, Pahath-MoabH6355, ElamH5867, ZatthuH2240, BaniH1137,
De hoofden des volks: Parhos, Pahath-Moab, Elam, Zatthu, Bani,
KJV
The chief
of the people;
Parosh,
Pahathmoab,
Elam,
Zatthu,
Bani,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
15
BunniH1138, AzgadH5803, BebaiH893,
Bunni, Azgad, Bebai,
KJV
Bunni,
Azgad,
Bebai,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
16
AdoniaH138, BigvaiH902, AdinH5720,
Adonia, Bigvai, Adin,
KJV
Adonijah,
Bigvai,
Adin,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
17
AterH333, HizkiaH2396, AzzurH5809,
Ater, Hizkia, Azzur,
KJV
Ater,
Hizkijah,
Azzur,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
18
HodiaH1941, HasumH2828, BezaiH1209,
Hodia, Hasum, Bezai,
KJV
Hodijah,
Hashum,
Bezai,
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
19
HarifH2756, AnathothH6068, NebaiH5109,
Harif, Anathoth, Nebai,
KJV
Hariph,
Anathoth,
Nebai,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
20
MagpiasH4047, MesullamH4918, HezirH2387,
Magpias, Mesullam, Hezir,
KJV
Magpiash,
Meshullam,
Hezir,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
21
MesezabeelH4898, ZadokH6659, JadduaH3037,
Mesezabeel, Zadok, Jaddua,
KJV
Meshezabeel,
Zadok,
Jaddua,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
22
PelatjaH6410, HananH2605, AnajaH6043,
Pelatja, Hanan, Anaja,
KJV
Pelatiah,
Hanan,
Anaiah,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
23
HoseaH1954, HananjaH2608, HassubH2815,
Hosea, Hananja, Hassub,
KJV
Hoshea,
Hananiah,
Hashub,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
24
HallohesH3873, PilhaH6401, SobekH7733,
Hallohes, Pilha, Sobek,
KJV
Hallohesh,
Pileha,
Shobek,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
25
RehumH7348, HasabnaH2812, MaasejaH4641,
Rehum, Hasabna, Maaseja,
KJV
Rehum,
Hashabnah,
Maaseiah,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
26
En AhiaH281, HananH2605, AnanH6052,
En Ahia, Hanan, Anan,
KJV
And Ahijah,
Hanan,
Anan,
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
27
MalluchH4409, HarimH2766, BaanaH1196.
Malluch, Harim, Baana.
KJV
Malluch,
Harim,
Baanah.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
28
En het overigeH7605 des volksH5971, de priesterenH3548, de LevietenH3881, de poortiersH7778, de zangersH7891, de NethinimH5411, en al wie zich van de volkenH5971 der landenH776 had afgescheidenH914 tot GodsH430 wetH8451, hun vrouwenH802, hun zonenH1121 en hun dochterenH1323, al wie wetenschapH3045 en verstandH995 had;
En het overige des volks, de priesteren, de Levieten, de poortiers, de zangers, de Nethinim, en al wie zich van de volken der landen had afgescheiden tot Gods wet, hun vrouwen, hun zonen en hun dochteren, al wie wetenschap en verstand had;
KJV
And the rest
of the people,
the priests,
the Levites,
the porters,
the singers,
the Nethinims,
and all they that had separated
themselves from the people
of the lands
unto the law
of God,
their wives,
their sons,
and their daughters,
every one having knowledge,
and having understanding;
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
29
Die hieldenH2388 zich aanH413 hun broederenH251, hun voortreffelijkenH117, en kwamen in den vloekH423 en in den eedH7621, dat zij zouden wandelenH3212 in de wetH8451 GodsH430, die gegevenH5414 is door de handH3027 van den knechtH5650 GodsH430, MozesH4872; en dat zij zouden houdenH8104, en dat zij zouden doen alH3605 de gebodenH4687 des HEERENH113, onzes HeerenH3548, en Zijn rechtenH4941 en Zijn inzettingenH2706;
Die hielden zich aan hun broederen, hun voortreffelijken, en kwamen in den vloek en in den eed, dat zij zouden wandelen in de wet Gods, die gegeven is door de hand van den knecht Gods, Mozes; en dat zij zouden houden, en dat zij zouden doen al de geboden des HEEREN, onzes Heeren, en Zijn rechten en Zijn inzettingen;
Ook in dit vers
HEEREH3068
KJV
They clave
to their brethren,
their nobles,
and entered
into a curse,
and into an oath,
to walk
in God's14
law,13
which was given
by
Moses
the servant
of God,
and to observe
and do
all the commandments
of the LORD
our Lord,
and his judgments
and his statutes;
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
30
En datH834 wij onze dochterenH1323 niet zouden gevenH5414 aanH5921 de volkenH5971 des landsH776, noch hun dochterenH1323 nemenH3947 voor onze zonenH1121.
En dat wij onze dochteren niet zouden geven aan de volken des lands, noch hun dochteren nemen voor onze zonen.
KJV
And that we would not give12
our daughters
unto the people
of the land,
nor take
their daughters
for our sons:
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
31
Ook als de volkenH5971 des landsH776 waren en alle korenH7668 op den sabbatdagH7676 ten verkoopH4376 brengenH935, dat wij op den sabbatH7676, of op een anderen heiligenH6944 dagH3117 van hen nietH3808 zouden nemenH3947; en dat wij het zevendeH7637 jaarH8141 zouden vrij latenH5203, mitsgaders allerhandeH3605 bezwaarnisH4853.
Ook als de volken des lands waren en alle koren op den sabbatdag ten verkoop brengen, dat wij op den sabbat, of op een anderen heiligen dag van hen niet zouden nemen; en dat wij het zevende jaar zouden vrij laten, mitsgaders allerhande bezwaarnis.
KJV
And if the people5
of the land6
bring
ware
or any victuals
on the sabbath
day
to sell,
that we would not buy10
it of them on the sabbath,
or on the holy
day:
and that we would leave
the seventh
year,
and the exaction
of every debt.
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
32
Voorts zettenH5975 wij ons gebodenH4687 op, ons opleggendeH5414 een derdeH7992 deel van een sikkelH8255 in het jaarH8141, tot den dienstH5656 van het huisH1004 onzes GodsH430;
Voorts zetten wij ons geboden op, ons opleggende een derde deel van een sikkel in het jaar, tot den dienst van het huis onzes Gods;
KJV
Also we made
ordinances
for us, to charge
ourselves yearly19
with the third part
of a shekel
for the service
of the house
of our God;
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
33
Tot het broodH3899 der toerichtingH4635, en het gedurigH8548 spijsofferH4503, en tot het gedurigH8548 brandofferH5930, der sabbattenH7676, der nieuwe maandenH2320, tot de gezette hoogtijdenH4150, en tot de heiligeH6944 dingen, en tot de zondofferenH2403, om verzoeningH3722 te doen overH5921 IsraelH3478; en tot alle werkH4399 van het huisH1004 onzes GodsH430.
Tot het brood der toerichting, en het gedurig spijsoffer, en tot het gedurig brandoffer, der sabbatten, der nieuwe maanden, tot de gezette hoogtijden, en tot de heilige dingen, en tot de zondofferen, om verzoening te doen over Israel; en tot alle werk van het huis onzes Gods.
KJV
For the shewbread,
and for the continual
meat offering,
and for the continual
burnt offering,
of the sabbaths,
of the new moons,
for the set feasts,
and for the holy
things, and for the sin offerings
to make an atonement
for Israel,
and for all the work
of the house10
of our God.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
34
Ook wierpenH5307 wij de lotenH1486, onder de priestersH3548, de LevietenH3881 en het volkH5971, over het offerH7133 van het houtH6086, dat men brengenH935 zou ten huizeH1004 onzes GodsH430, naar het huisH1004 onzer vaderenH1, op bestemdeH2163 tijdenH6256, jaarH8141 op jaarH8141, om te brandenH1197 op het altaarH4196 des HEEREN, onzes GodsH430, gelijk het in de wetH8451 geschrevenH3789 is;
Ook wierpen wij de loten, onder de priesters, de Levieten en het volk, over het offer van het hout, dat men brengen zou ten huize onzes Gods, naar het huis onzer vaderen, op bestemde tijden, jaar op jaar, om te branden op het altaar des HEEREN, onzes Gods, gelijk het in de wet geschreven is;
Ook in dit vers
HEEREH3068
KJV
And we cast
the lots
among the priests,
the Levites,
and the people,
for the wood
offering,
to bring
it into the house17
of our God,18
after the houses
of our fathers,
at times
appointed
year
by year,
to burn
upon the altar
of the LORD
our God,
as it is written
in the law:
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
35
Dat wij ook de eerstelingenH1061 onzes landsH127 en de eerstelingenH1061 van alle vruchtH6529 van al het geboomteH6086, jaarH8141 opH5921 jaarH8141, zouden brengenH935 ten huizeH1004 des HEERENH3068;
Dat wij ook de eerstelingen onzes lands en de eerstelingen van alle vrucht van al het geboomte, jaar op jaar, zouden brengen ten huize des HEEREN;
KJV
And to bring9
the firstfruits
of our ground,
and the firstfruits
of all fruit
of all trees,5
year16
by year,17
unto the house10
of the LORD:
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
36
En de eerstgeborenen onzer zonenH1121 en onzer beestenH929, gelijk het in de wetH8451 geschrevenH3789 is; en dat wij de eerstgeborenen onzer runderenH1241 en onzer schapenH6629 zouden brengenH935 ten huizeH1004 onzes GodsH430, tot de priesterenH3548, die in het huisH1004 onzes GodsH430 dienenH8334.
En de eerstgeborenen onzer zonen en onzer beesten, gelijk het in de wet geschreven is; en dat wij de eerstgeborenen onzer runderen en onzer schapen zouden brengen ten huize onzes Gods, tot de priesteren, die in het huis onzes Gods dienen.
Ook in dit vers
eerstgeborenenH1060
KJV
Also the firstborn
of our sons,
and of our cattle,
as it is written
in the law,
and the firstlings
of our herds
and of our flocks,
to bring1
to the house12
of our God,
unto the priests
that minister
in the house
of our God:
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
37
En dat wij de eerstelingenH7225 onzes deegsH6182, en onze hefofferenH8641, en de vruchtH6529 allerH3605 bomenH6086, mostH8492 en olieH3323, zouden brengenH935 tot de priesterenH3548, in de kamerenH3957 van het huisH1004 onzes GodsH430, en de tienden onzes landsH127 tot de LevietenH3881; en dat dezelfde LevietenH3881 de tienden zouden hebben in alle stedenH5892 onzer landbouwerijH5656;
En dat wij de eerstelingen onzes deegs, en onze hefofferen, en de vrucht aller bomen, most en olie, zouden brengen tot de priesteren, in de kameren van het huis onzes Gods, en de tienden onzes lands tot de Levieten; en dat dezelfde Levieten de tienden zouden hebben in alle steden onzer landbouwerij;
Ook in dit vers
tiendenH4643
tiendenH6237
KJV
And that we should bring11
the firstfruits
of our dough,
and our offerings,
and the fruit
of all manner of trees,
of wine
and of oil,
unto the priests,14
to the chambers
of the house12
of our God;13
and the tithes
of our ground
unto the Levites,
that the same Levites
might have the tithes
in all the cities
of our tillage.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
38
En dat er een priesterH3548, een zoonH1121 van AaronH175, bij de LevietenH3881 zou zijn, als de LevietenH3881 de tiendenH4643 ontvangen; en dat de LevietenH3881 de tiendenH6237 zouden opbrengenH5927 ten huizeH1004 onzes GodsH430, in de kamerenH3957 van het schathuisH214.
En dat er een priester, een zoon van Aaron, bij de Levieten zou zijn, als de Levieten de tienden ontvangen; en dat de Levieten de tienden zouden opbrengen ten huize onzes Gods, in de kameren van het schathuis.
KJV
And the priest11
the son
of Aaron
shall be with the Levites,18
when the Levites20
take tithes:21
and the Levites
shall bring up
the tithe16
of the tithes
unto the house14
of our God,15
to the chambers,13
into the treasure
house.
Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.
39
Want de kinderenH1121 IsraelsH3478 en de kinderenH1121 van LeviH3878 moeten hefofferH8641 van korenH1715, mostH8492 en olieH3323 in die kamerenH3957 brengenH935, omdat aldaar de vatenH3627 des heiligdomsH4720 zijnH1961, en de priesterenH3548, die dienenH8334, en de poortiersH7778, en de zangersH7891; dat wij alzo het huisH1004 onzes GodsH430 niet zouden verlatenH5800.
Want de kinderen Israels en de kinderen van Levi moeten hefoffer van koren, most en olie in die kameren brengen, omdat aldaar de vaten des heiligdoms zijn, en de priesteren, die dienen, en de poortiers, en de zangers; dat wij alzo het huis onzes Gods niet zouden verlaten.
KJV
For the children3
of Israel
and the children
of Levi
shall bring
the offering
of the corn,
of the new wine,
and the oil,
unto the chambers,17
where are the vessels
of the sanctuary,
and the priests2
that minister,
and the porters,
and the singers:
and we will not forsake
the house14
of our God.
Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.
de verzegelingen
Hebreeuws, tot de verzegelden, of, verzegelingen. Versta, die het verbond, waarvan in het einde van Neh 9 uit naam der ganse gemeente, met hun zegelen bevestigd hebben.
Hertaald:
de verzegelingen
Hebreeuws: tot de verzegelden, of: verzegelingen. Versta hieronder degenen die het verbond, waarover aan het einde van Neh. 9, namens de hele gemeente met hun zegels bevestigd hebben.
Hattirsátha,
Zie Ezra 2:63 .
Hertaald:
Hattirsátha,
Zie Ezra 2:63.
Serája,
Vergelijk dit register met hetgeen volgt, onder, Neh. 12:1 , enz.
Hertaald:
Serája,
Vergelijk dit register met wat hieronder volgt in Neh. 12:1, enzovoort.
priesters
Nehemia [boven, vs.1 vermeld], daarin niet begrepen zijnde die van den stam van Levi niet was, naar sommiger mening.
Hertaald:
priesters
Nehemia [hierboven vers 1 genoemd] wordt daarin, volgens sommigen, niet meegerekend, aangezien hij niet van de stam Levi was.
hoofden des volks
Vergelijk boven, Neh. 7:8 , enz.; Ezra 2:3 , enz., en Ezra 8:3 , enz.
Hertaald:
hoofden des volks
Vergelijk hierboven Neh. 7:8, enzovoort; Ezra 2:3, enzovoort, en Ezra 8:3, enzovoort.
volks,
Vergelijk 2 Kron. 23:5 , en Ezra 2:70 .
Hertaald:
volks,
Vergelijk 2 Kron. 23:5, en Ezra 2:70.
Nethinim,
Zie Ezra 2:43 .
Hertaald:
Nethinim,
Zie Ezra 2:43.
afgescheiden
Gelijk boven, Neh. 9:2 .
Hertaald:
afgescheiden
Zoals hierboven Neh. 9:2.
voortreffelijken
Of, aanzienlijken, groten, die gesteld waren om dit verbond te zegelen uit naam der gemeente; zie Ps. 8:2 .
Hertaald:
voortreffelijken
Of: aanzienlijken, groten, die aangesteld waren om dit verbond namens de gemeente te bezegelen; zie Ps. 8:2.
vloek
Dat is, begaven zich mede in dit verbond, dat bevestigd werd met een eed en vervloeking hunner personen, indien zij dit verbond zouden komen te overtreden. Zie Deut. 29:12 , Deut. 29:14 , Deut. 29:19 , en vergelijk Joz. 24:25 ; 2 Kon. 23:3 ; 2 Kron. 15:12 .
Hertaald:
vloek
Dat is: begaven zich mee in dit verbond, dat bevestigd werd met een eed en vervloeking van hun eigen personen, mochten zij dit verbond komen te overtreden. Zie Deut. 29:12, Deut. 29:14, Deut. 29:19, en vergelijk Joz. 24:25; 2 Kon. 23:3; 2 Kron. 15:12.
geven
Te weten, ten huwelijk aan de heidenen.
Hertaald:
geven
Namelijk: ten huwelijk aan de heidenen.
alle koren
Dat is, allerlei koren, als rogge, tarwe, gerst. Zie Gen. 42:1 .
Hertaald:
alle koren
Dat is: allerlei koren, zoals rogge, tarwe, gerst. Zie Gen. 42:1.
zevende jaar
Zijnde een vrijjaar, waarin God den akkerbouw en invordering van schulden bevolen had na te laten. Zie Ex. 23:10-11 ; Lev. 25:4 ; Deut. 15:1-2 , enz.
Hertaald:
zevende jaar
Een vrijjaar, waarin God bevolen had de akkerbouw en het invorderen van schulden na te laten. Zie Ex. 23:10-11; Lev. 25:4; Deut. 15:1-2, enzovoort.
allerhande
Hebreeuws, den last, of bezwaarnis aller hand; dat is allerlei schuld, die wij anderszins macht hadden in te vorderen; of de invordering, inmaning aller schuld. Zie Deut. 15:2 , en boven, Neh. 5:7 , Neh. 5:10 .
Hertaald:
allerhande
Hebreeuws: de last, of bezwaring, van elke hand; dat is: allerlei schuld die wij anders het recht hadden om in te vorderen; of de invordering, aanmaning van elke schuld. Zie Deut. 15:2, en hierboven Neh. 5:7, Neh. 5:10.
geboden op,
Of, ordinantiën, die in het volgende verhaald worden.
Hertaald:
geboden op,
Of: verordeningen, die in het vervolg verteld worden.
sikkel
Versta hier, sikkel des heiligdoms, doende dubbel zoveel als de gemene of burgerlijke sikkel, te weten omtrent een halven rijksdaalder. Dit was een vrijwillige contributie tot onderhoud van den godsdienst, overmits den tegenwoordigen nood opgesteld. Vergelijk 1 Kron. 26:26-27 , en 2 Kron. 31:3 . Van de bevolen ordinaire schatting, zie Ex. 30:12 .
Hertaald:
sikkel
Versta hier: sikkel van het heiligdom, wat dubbel zoveel was als de gewone of burgerlijke sikkel, namelijk ongeveer een halve rijksdaalder. Dit was een vrijwillige bijdrage voor het onderhoud van de eredienst, opgesteld vanwege de toenmalige nood. Vergelijk 1 Kron. 26:26-27, en 2 Kron. 31:3. Zie over de voorgeschreven gewone heffing Ex. 30:12.
brood der toerichting,
Dat is, toonbrood; zie Lev. 24:6 , enz.; 2 Kron. 2:4 , en 2 Kron. 29:18 .
Hertaald:
brood der toerichting,
Dat is: toonbrood; zie Lev. 24:6, enzovoort; 2 Kron. 2:4, en 2 Kron. 29:18.
spijsoffer,
Zie Ex. 29:40 ; Num. 28:5 .
Hertaald:
spijsoffer,
Zie Ex. 29:40; Num. 28:5.
heilige dingen,
Die geheiligd zouden worden tot dankoffers voor het volk.
Hertaald:
heilige dingen,
Die geheiligd zouden worden tot dankoffers voor het volk.
huis onzer vaderen,
Dat is, naar de geslachten en huisgezinnen, om te weten hoeveel hout een ieder zou hebben te leveren tot den brand der offeranden.
Hertaald:
huis onzer vaderen,
Dat is: naar de geslachten en huisgezinnen, om te weten hoeveel hout ieder zou moeten leveren voor het verbranden van de offers.
lands
Dat is, der landvruchten, als rogge, tarwe, gerst, enz.
Hertaald:
lands
Dat is: van de landvruchten, zoals rogge, tarwe, gerst, enzovoort.
al het geboomte,
Dat is, allerlei.
Hertaald:
al het geboomte,
Dat is: allerlei.
eerstgeborenen
Versta, zekeren prijs, waarmede zij de eerstgeborenen zonen en het onreine vee, als paarden, ezels, kamelen, enz. moesten aflossen. Zie Ex. 13:13 ; Lev. 27:11-13 , Lev. 27:26-27 .
Hertaald:
eerstgeborenen
Versta hieronder een bepaalde prijs waarmee zij de eerstgeboren zonen en het onreine vee, zoals paarden, ezels, kamelen, enzovoort, moesten afkopen. Zie Ex. 13:13; Lev. 27:11-13, Lev. 27:26-27.
runderen
Runderen en schapen, dat is, van groot en klein vee.
Hertaald:
runderen
Runderen en schapen, dat is: van groot en klein vee.
hefofferen,
Of, heffingen.
Hertaald:
hefofferen,
Of: heffingen.
en dat dezelfde Levieten
Anders, opdat deze Levieten de tienden mochten geven, te weten, aan den hogepriester, waarvan in het volgende. Hebreeuws, de vertienende. Zie Gen. 28:22 ; Deut. 14:22 , en Deut. 26:12 .
Hertaald:
en dat dezelfde Levieten
Anders: opdat deze Levieten de tienden zouden mogen geven, namelijk aan de hogepriester, waarover in het vervolg. Hebreeuws: de tienende. Zie Gen. 28:22; Deut. 14:22, en Deut. 26:12.
ontvangen;
Of, geven; gelijk in vs.37.
Hertaald:
ontvangen;
Of: geven; zoals in vers 37.
omdat aldaar
Of, waar ook, enz.
Hertaald:
omdat aldaar
Of: waar ook, enzovoort. © Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas Zoon van Hachalja, schenker van koning Arthahsasta te Susan. Op het bericht dat Jeruzalems muur verwoest was, bad en vastte hij, en verkreeg van de koning verlof en volmacht om naar Jeruzalem te gaan; daar leidde hij, ondanks tegenstand van Sanballat en Tobia, de herbouw van de stadsmuur, diende twaalf jaar als landvoogd zonder zich op kosten van het volk te verrijken, en voerde later sociale en religieuze hervormingen door (Neh. 1-13). Zoon van Delaja, door Tobia en Sanballat gehuurd om Nehemia bang te maken met een valse profetie dat men hem 's nachts zou komen doden, in de hoop dat Nehemia zich door in de tempel te vluchten zou bezondigen en in diskrediet zou raken (Neh. 6:10-13). Easton’s Bible Dictionary, © hertaald naar het Nederlands door Teun van der Plas Het overige van het volk, de priesters, Levieten, poortiers, zangers en Nethinim sluiten zich bij hun voortreffelijken aan. Daarbij zijn ook allen die zich van de volken der landen tot Gods wet hadden afgescheiden, met hun vrouwen, zonen en dochters, en allen die verstand hadden om te begrijpen (Neh. 10:28). Zij komen in de vloek en in de eed dat zij zullen wandelen in de wet Gods, gegeven door de hand van Mozes, en dat zij alle geboden, rechten en inzettingen van de HEERE zullen houden en doen (Neh. 10:29). Daarna volgen de bepalingen, en die zijn opvallend concreet. Zij zullen hun dochters niet aan de volken van het land geven, noch hun dochters voor hun zonen nemen (Neh. 10:30). Zij zullen op de sabbat of op een heilige dag niets kopen van de volken die dan hun waren en koren te koop aanbieden, en zij zullen het zevende jaar het land laten rusten en de schulden vrijlaten (Neh. 10:31). Zij leggen zichzelf jaarlijks een derde deel van een sikkel op voor de dienst van het huis van God (Neh. 10:32). De eerstelingen van hun deeg, hun hefoffers, de vrucht van alle bomen, most en olie zullen naar de priesters gaan, en de tienden van hun land naar de Levieten (Neh. 10:37). Een priester uit de zonen van Aäron zal erbij zijn wanneer de Levieten de tienden ontvangen, en de Levieten brengen daarvan het hunne naar de kamers van het schathuis (Neh. 10:38). Het slotvers noemt waartoe dit alles dient (Neh. 10:39). Bijbelse betekenis: Wat in hoofdstuk 9 werd beleden, wordt hier ondertekend. Dat is een gezonde volgorde: eerst het Woord, dan de belijdenis, dan de verplichting; en de verplichting blijft niet hangen in algemeenheden. Er wordt niet beloofd God lief te hebben, maar niet te kopen op de sabbat, het land te laten rusten, de tienden op te brengen en een vast bedrag per jaar te betalen. Beloften die niets kosten, veranderen niets. Opmerkelijk is ook wie er meetekenen. Naast de leiders staan gewone mensen met hun vrouwen en kinderen, en uitdrukkelijk ook wie zich van de volken hadden afgescheiden tot Gods wet; de deur staat open voor wie werkelijk overkomt. En het slotwoord geeft aan waar het in al die bepalingen om ging. Niet de regels waren het doel maar de dienst: dat het huis van hun God niet opnieuw zou blijven liggen zoals in de jaren daarvoor. Het boek Nehemia laat overigens zelf zien hoe kort deze afspraken standhielden, want in hoofdstuk 13 moet vrijwel alles opnieuw worden afgedwongen. Typologie: Juist het verschil tussen dit verbond en het nieuwe is leerzaam. Hier wordt een wet op papier gezet en met de hand verzegeld; de belofte voor later luidt anders: "Ik zal Mijn wet in hun binnenste geven, en zal die in hun hart schrijven; en Ik zal hun tot een God zijn, en zij zullen Mij tot een volk zijn" (Jer. 31:33). Wat mensen zichzelf opleggen, houdt het zelden lang uit; wat God in het hart schrijft, blijft. De belofte bij de tienden werd eerder al door Maleachi verbonden aan de zegen (zie het commentaar bij 2 Kron. 31:10). Neh. 10:28-39; Neh. 13; 2 Kron. 31:10; Jer. 31:33 © Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas © 2026 Het Spurgeon Archief
Over deze StudieBijbel
De Bijbeltekst
De kanttekeningen
Het commentaar, de citaten en de overdenkingen
De verklaring van Dächsel
Namen, plaatsen en begrippen
Christus in dit hoofdstuk
Waarom deze uitgave bijzonder is
Nehemia 10
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
א
Kruisverwijzingen
Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Kanttekeningen
De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Bijbelse Namen
Personen die in dit hoofdstuk genoemd worden
Bijbelse Begrippen
Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen


Nehemia 10
Spurgeon heeft geen commentaar gegeven op dit hoofdstuk.
© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas
Tot de verzegelingen 1), tot de mannen, die het bewijsstuk van het verbond ondertekenden, en in den naam van de ganse gemeente bekrachtigden, behoorden de voornaamsten onder het volk. Hun namen nu waren: Nehemia Hattirsatha, de stadhouder of landvoogd, zoon van Hachalja (Hoofdstuk 1: 1), en Zidkia, vermoedelijk een hoog beambte, die den stadhouder ter zijde stond, misschien zijn schrijver (vergelijk (Ezra 4: 9),
Letterlijk luidt het: Aan het hoofd der verzegelenden, d.i. aan het hoofd dergenen, die het verbond ondertekend hadden.
Seraja (Hoofdstuk 11: 11), Azaria, Jeremia,
Maäzia, Bilgaï, Semaja. Dat waren de priesters, de toenmalige oversten der priesterorden. Dat Ezra niet mede genoemd wordt, verklaart zich van zelf, daar hij niet tot de hoofden behoorde, die in den naam van de door hen vertegenwoordigde geslachten of afdelingen met hun namen ondertekenden. Opmerkelijk echter is het, dat de toenmalige hogepriester Eljasib (Hoofdstuk 3: 1) ontbreekt; vermoedelijk was hij en een deel der priesters niet ingenomen met de strenge maatregelen van Ezra en Nehemia (vgl. vs. 30 met Hoofdstuk 13: 28); van daar ook, dat er slechts 21 in plaats van 24 priesterorden waren vertegenwoordigd.
Klinkenberg meent, dat Eljasib om zijn wangedrag (Hoofdstuk 13: 4-7 van de naamlijst zal afgelaten zijn. Ook is het mogelijk, dat Seraja het stuk ondertekende als vorst van het huis des Heren in naam van de Hogepriesters.
En de Levieten of de hoofden, om hen in het verbond te vertegenwoordigen, namelijk: Jesua, zoon van Azanja, Binnui; van de zonen van Henadad, Kadmiël;
De hoofden des volks waren (vergelijk Hoofdstuk 7 en Ezra 2): Paros, Pahath-Moab, Elam, Zatthu, Bani,
En het overige des volks, alle leden der gemeente, behalve de hoofden der priester- en Levietenorden, en de hoofden der vaderhuizen, de priesters, de Levieten, de poortiers, de zangers, de Nethinim (1 Kronieken 9: 2 ), en al wie zich van de volken der landen had afgescheiden tot Gods wet, de nakomelingen van de Israëlieten, die niet in ballingschap waren weggevoerd, en zich aan de nieuwe gemeente hadden aangesloten (Ezra 6: 21), hun vrouwen, hun zonen en hun dochters, al wie wetenschap en verstand had, alzo van de zonen en dochters dergenen, die reeds een rijperen ouderdom bereikt hadden (Hoofdstuk 8: 3);
Die hielden zich aan hun broederen, hun voortreffelijken, zij sloten zich aan de voornaamsten, verklaarden in te stemmen met de door de hoofden aangegane verbintenis, waartoe zij zich ook verplichtten, en kwamen in den vloek en in den eed, dat zij gezamenlijk zouden wandelen in de wet Gods, die gegeven is door de hand van den knecht Gods Mozes; en dat zij zouden houden, en dat zij zouden doen al de geboden des HEREN, onzes Heren, onzen Gebieder, en Zijne rechten en Zijne inzettingen.
a) En daarbij inzonderheid, dat wij onze dochters niet zouden geven aan de volken des lands, noch hun dochters nemen voor onze zonen (Ezra 9: 2).
Exodus 34: 16. Deuteronomium 7: 3.
a) Ook als de volken des lands koopwaren en alle koren op den Sabbatdag in de stad te verkoop brengen, dat wij het, om de Sabbatswet (Exodus 20: 9 vv.) niet te schenden, op den Sabbat, of op enen anderen heiligen dag, waarop naar Numeri 28 en 29 ene feestvergadering moest plaats hebben, en geen arbeid mocht verricht worden, van hen niet zouden nemen of kopen b); en dat wij, volgens de voorschriften in Leviticus 25: 7 en Deuteronomium 25: 2 vv. het zevende jaar zouden vrijlaten, mitsgaders allerhande bezwaarnis 1) opheffen, de vruchten aan de armen laten, niet om schuld manen, de knechten weer vrij geven, enz.
Exodus 20: 10; 34: 21. (Leviticus 23: 2 vv. Deuteronomium 5: 12 vv. b) Exodus 23: 10. Leviticus 25: 2. Deuteronomium 15: 1 vv.
Door den algemenen zin van dit verbond legden zij zich zelven genen anderen last op, dan waartoe zij reeds verplicht waren door alle andere banden van plicht, belang en dankbaarheid-in Gods wet te wandelen, en al Zijne geboden te onderhouden.
De inhoud van dit verbond was dan vooreerst, dat zij niet ten huwelijk zouden geven, of nemen van of aan de heidense volken, die in het land woonden; ten tweede, dat zij den Sabbat stiptelijk zouden houden en dien dag niet in een marktdag veranderen, dat ook op de overige heilige dagen zij niet zouden kopen van de heidenen, en eindelijk, dat zij het jubeljaar weer plechtig zouden vieren en aan de verplichtingen van dat jaar voldoen. In de tweede plaats beloven zij niet alleen de geboden niet ongehoorzaam te zijn, ook verplichten zij zich, om den dienst des Heren te onderhouden en er voor te zorgen, dat die dienst geregeld kon worden waargenomen. Ezra en Nehemia weten het wel, dat het onderhouden van den dienst des Heren boven alles gaat en dat, wanneer die dienst met blijdschap wordt waargenomen, er ook een strijd tegen de zonde zal zijn. Een ingaan tegen de geboden Gods staat in het nauwste verband met de verwaarlozing van den dienst des Heren. 32.
IV. Vs. 32-39.KruisverwijzingenExodus 13:2→Nehemia 13:31→Deuteronomium 26:2→Exodus 23:19→Leviticus 23:17→2 Kronieken 2:4→Numeri 18:12→Exodus 34:26→
— Voorts zetten wij ons geboden op, ons opleggende een derde deel van een sikkel in het jaar, tot den dienst van het huis onzes Gods; Tot het brood der toerichting, en het gedurig spijsoffer, en tot het gedurig brandoffer, der sabbatten, der nieuwe maanden, tot de gezette hoogtijden, en tot de heilige dingen, en tot de zondofferen, om verzoening te doen over Israel; en tot alle werk van het huis onzes Gods. Ook wierpen wij de loten, onder de priesters, de Levieten en het volk, over het offer van het hout, dat men brengen zou ten huize onzes Gods, naar het huis onzer vaderen, op bestemde tijden, jaar op jaar, om te branden op het altaar des HEEREN, onzes Gods, gelijk het in de wet geschreven is; Dat wij ook de eerstelingen onzes lands en de eerstelingen van alle vrucht van al het geboomte, jaar op jaar, zouden brengen ten huize des HEEREN; En de eerstgeborenen onzer zonen en onzer beesten, gelijk het in de wet geschreven is; en dat wij de eerstgeborenen onzer runderen en onzer schapen zouden brengen ten huize onzes Gods, tot de priesteren, die in het huis onzes Gods dienen. En dat wij de eerstelingen onzes deegs, en onze hefofferen, en de vrucht aller bomen, most en olie, zouden brengen tot de priesteren, in de kameren van het huis onzes Gods, en de tienden onzes lands tot de Levieten; en dat dezelfde Levieten de tienden zouden hebben in alle steden onzer landbouwerij; En dat er een priester, een zoon van Aaron, bij de Levieten zou zijn, als de Levieten de tienden ontvangen; en dat de Levieten de tienden zouden opbrengen ten huize onzes Gods, in de kameren van het schathuis. Want de kinderen Israels en de kinderen van Levi moeten hefoffer van koren, most en olie in die kameren brengen, omdat aldaar de vaten des heiligdoms zijn, en de priesteren, die dienen, en de poortiers, en de zangers; dat wij alzo het huis onzes Gods niet zouden verlaten.
Daarna worden nog enige bepalingen behandeld, die ten doel hebben om de orde en den onafgebroken voortgang van den godsdienst, zo als hij nu weer naar de voorschriften der wet is ingericht, te verzekeren.
Voorts zetten wij ons geboden, namen wij de verplichting op ons, ons opleggende een derde deel van enen sikkel= ½ gulden in het jaar, tot den dienst van het huis onzes Gods, hetzij, van wege de armoede der gemeente, in plaats van den in Exodus 30: 13 vv. bepaalden halven sikkel, hetzij als toevoegsel tot deze bepaalde belasting.
Tot het brood der toerichting, de toonbroden, en het gedurig spijsoffer, en tot het gedurig brandoffer, ook tot de brandofferen,der {a} sabbatten, der nieuwe maanden, tot de gezette hoogtijden, de grote feesten, en tot de heilige dingen {1}, en tot de zondofferen, om verzoening te doen over Israël, en tot alle werk van het huis onzes Gods2), wat den dienst des Heren kon bevorderen. {a} Numeri 28 en 29. {1} Onder de heilige dingen heeft men hier te verstaan, dewijl zij geplaatst worden tussen de feesttijden en de zondoffers, de dankoffers. Deze werden door het volk gebracht, o.a. op het Paasfeest (Leviticus 23: 9) en bij andere feestelijke gelegenheden (Exodus 24: 5. (Ezra 6: 17).
De vaststelling van zulk een bedrag voor de behoeften van den eredienst geeft geen recht tot de mening, dat de van Artaxerxes in zijn edict (Ezra 7: 20) toegezegde bijdragen voor den eredienst reeds toen hadden opgehouden en de Gemeente de kosten van den eredienst uit eigen middelen moest bestrijden. Het is toch licht denkbaar, dat bij de van den koning ontvangen ondersteuning de Gemeente nog voor de vermeerderde behoeften van den eredienst een bijdrage nodig achtte te geven, om het inkomen des tempels te vermeerderen, dewijl de koninklijke bijdrage slechts tot een zeker bedrag was toegezegd (Ezra 7: 22).
Ook wierpen wij de loten, onder de priesters, de Levieten en het volk, over het offer van het hout, dat men brengen zou ten huize onzes Gods; er werd door het lot vastgesteld, wie beurtelings het benodigde hout zou aanbrengen, naar het huis onzer vaderen, op bestemde tijden, jaar op jaar, namelijk het benodigde hout, om te branden op het altaar des HEREN, onzes Gods, gelijk het in de wet geschreven is 1) (Leviticus 6: 12).
Van het hout brengen op zich zelf is in de Wet van Mozes geen sprake, wel dat het vuur niet mocht uitgaan. Opdat nu dit laatste niet geschiedde, n.l. het uitgaan van het vuur, wordt er nu voor gezorgd, wie het hout zou brengen en wanneer dit zou geschieden. Waarschijnlijk was dit al een oude gewoonte, die nu nader geregeld werd.
Dat wij ook de a) eerstelingen onzes lands (Exodus 34: 26; (Deuteronomium 26: 2 vv.), en de eerstelingen van alle vrucht van al het geboomte (Numeri 18: 13), jaar op jaar, zouden brengen ten huize des HEREN;
Exodus 23: 19. Leviticus 19: 23.
En de eerstgeborenen onzer zonen en onzer beesten a), gelijk het in de wet geschreven is (Numeri 18: 16 vv.),en dat wij de eerstgeborenen onzer runderen en onzer schapen zouden brengen ten huize onzes Gods, tot de priesters, die in het huis onzes Gods dienen.
Exodus 13: 2. Numeri 3: 13 en 8: 17.
a) En dat wij de eerstelingen onzes deegs, en onze hefofferen, en de vrucht aller bomen, most en olie, zouden brengen tot de priesters, in de kamers van het huis onzes Gods, en de b) tienden onzes lands tot de Levieten; en dat dezelve Levieten de tienden zouden hebben in alle steden onzer landbouwerij (Numeri 18: 21 vv.);
Leviticus 23: 17. (Numeri 15: 18; 18: 12. Deuteronomium 18: 4. b) Numeri 18: 24,25.
En dat er een priester, een zoon van Aäron, bij de Levieten zou zijn, als de Levieten ook hun aandeel van de tienden ontvangen, opdat de priesters niet benadeeld zouden worden; en dat de Levieten de a) tienden der tienden zouden opbrengen ten huize onzes Gods, voor de priesters, in de kamers, de cellen van het schathuis 1) (2 (Kronieken 31: 11 31.11).
Numeri 18: 26.
In werken van Godsvrucht en liefdadigheid moeten wij alles doen, wat wij kunnen, niettegenstaande den last en taks, die wij in het burgerlijke betalen moeten, en God vooral onze plichten betalen, welke de beste en veiligste weg is, om gemak en vrijheid te verkrijgen, en om dezelve in Godes gunst te blijven genieten.
Want de kinderen Israël’s, en de kinderen van Levi moeten hefoffer van koren, most en olie in die kamers brengen, omdat aldaar in die kamers de vaten des heiligdoms zijn en aldaar zijn de priesters, die dienen, en de poortiers, en de zangers, voor wier onderhoud al die vruchten en gaven, die in de kamers afgeleverd worden, bestemd zijn; en nu willen wij ook behoorlijk en trouw de opbrengsten, die tot de instandhouding van den godsdienst, en tot het onderhoud van hen, die in het heiligdom dienen, bestemd zijn, daarheen brengen, opdat wij alzo het huis onzes Gods niet zouden verlaten; want zonder dit zou de gehele tempeldienst weldra in verval geraken. De reeds vóór de Ballingschap bestaande en gedurende deze meer uitgebreide gewoonte (2 Koningen 4: 22; Ezra 1: 11 ) om op Sabbatten en feestdagen, tot onderlinge opbouwing door Gods woord, te vergaderen, hoewel in het eerst alleen in ruime kamers en particuliere huizen, werd door de in Hoofdstuk 8 genoemde plechtige voorlezingen uit de wet, die door Ezra waren in het leven geroepen, en door zijne bemoeiingen om het volk te onderwijzen, al meer en meer uitgebreid. Daaruit ontstonden dan ook later de synagogen, waarvan wij in het N. Testament lezen (Luk 4: 16 ); daar werd uit de Schrift voorgelezen door een daartoe bestemden uitlegger (vgl. Hoofdstuk 8: 8). Dat er ook des Maandags en Donderdags godsdienst werd gehouden, had men ook aan Ezra, als eerste oorzaak, toegeschreven. De eigenlijke inrichting der synagogen of scholen voor de Joden heeft eerst plaats gehad ten tijde der Makkabeeën, toen de goddeloze koning Antiochus Epifanes het voornemen had om den Mozaïschen godsdienst geheel uit te roeien, en dit wekte onder het Joodse volk een buitengewonen ijver voor de wet. Maar die regelmatige vergaderingen tot het gebed, en tot het lezen der Heilige Schrift, op bepaalde plaatsen van het land, en in daarvoor ingerichte lokalen werden veel minder gerekend dan de eigenlijke tempeldienst; het is om die reden, dat men in de boeken der Makkabeeën er gene melding van heeft gemaakt.
Ezra, Nehemia en die met hen waren zorgden, dat alles, wat de wet van God had voorgeschreven tot het onderhoud van priesters en Levieten behoorlijk betaald werd. Deze verplichte opbrengsten waren ingehouden geworden; en daarom zegt God van het Joodse volk in Maleachi 3: 8-9, dat zij Hem beroofden, omdat Zijne dienaren, de priesters en Levieten, het hun verschuldigde deel niet ontvingen; terzelfder tijd moedigt Hij hen aan meer billijk te zijn tegenover hem en zijne ontvangers. Hiertoe besluiten zij nu, hoewel zij grote belastingen aan de koningen van Perzië betaalden; en al moesten zij nu reeds zoveel opbrengen, dat wilden zij niet tot verschoning rekenen; zij wilden Gode geven wat Hem behoorde, maar ook den keizer wat des keizers was. Wij moeten doen, wat wij kunnen, voor de uitoefening van den godsdienst, en om onze arme medebroeders te ondersteunen, niettegenstaande de belastingen, die wij betalen. In welken stand wij ook geplaatst zijn, wij moeten gewillig en met vreugde onze verplichtingen tegenover God en mensen volbrengen; dat is de zekerste weg om voorspoedig en gelukkig te zijn. Het volbrengen van Gods bevelen verschaft het beste voordeel aan onze zielen. De meesten echter geven hun zielen over aan den hongerdood!.
Met dank aan OnlineBijbelverklaring.nl: Dachsel