Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Micha 6

1 Hoort nu, wat de HEERE zegt: Maak u op, twist met de bergen, en laat de heuvelen uw stem horen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 HoortH8085 nu, watH834 de HEEREH3068 zegtH559: MaakH6965 u op, twistH7378 metH854 de bergenH2022, en laat de heuvelenH1389 uw stemH6963 horenH8085. Hoort nu, wat de HEERE zegt: Maak u op, twist met de bergen, en laat de heuvelen uw stem horen.

KJV Hear1 ye now what the LORD5 saith;6 Arise,7 contend8 thou before the mountains,10 and let the hills12 hear11 thy voice.

1 שִׁמְעוּ H8085 horen, gehoord, hoorde [idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness 2 נָ֕א H4994 toch, doch, Och I beseech (pray) thee (you), go to, now, oh 3 אֵ֥ת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 4 אֲשֶׁר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 5 יְהוָ֖ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 6 אֹמֵ֑ר H559 zeide, zeggende, zegt answer, appoint, avouch, bid, boast self, call, certify, challenge, charge, [phrase] (at the, give) command(-ment), commune, consider, declare, demand, [idiom] desire, determine, [idiom] expressly, [idiom] indeed, [idiom] intend, name, [idiom] plainly, promise, publish, report, require, say, speak (against, of), [idiom] still, [idiom] suppose, talk, tell, term, [idiom] that is, [idiom] think, use (speech), utter, [idiom] verily, [idiom] yet 7 ק֚וּם H6965 opstaan, stond, Sta abide, accomplish, [idiom] be clearer, confirm, continue, decree, [idiom] be dim, endure, [idiom] enemy, enjoin, get up, make good, help, hold, (help to) lift up (again), make, [idiom] but newly, ordain, perform, pitch, raise (up), rear (up), remain, (a-) rise (up) (again, against), rouse up, set (up), (e-) stablish, (make to) stand (up), stir up, strengthen, succeed, (as-, make) sure(-ly), (be) up(-hold, -rising) 8 רִ֣יב H7378 twisten, twist, getwist adversary, chide, complain, contend, debate, [idiom] ever, [idiom] lay wait, plead, rebuke, strive, [idiom] thoroughly 9 אֶת H854 met, van, bij against, among, before, by, for, from, in(-to), (out) of, with. Often with another prepositional prefix 10 הֶהָרִ֔ים H2022 berg, bergen, gebergte hill (country), mount(-ain), [idiom] promotion 11 וְתִשְׁמַ֥עְנָה H8085 horen, gehoord, hoorde [idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness 12 הַגְּבָע֖וֹת H1389 heuvelen, heuvel, heuvels hill, little hill 13 קוֹלֶֽךָ H6963 stem, geluid, geruis [phrase] aloud, bleating, crackling, cry ([phrase] out), fame, lightness, lowing, noise, [phrase] hold peace, (pro-) claim, proclamation, [phrase] sing, sound, [phrase] spark, thunder(-ing), voice, [phrase] yell
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 Hoort, gij bergen! den twist des HEEREN, mitsgaders gij sterke fondamenten der aarde! want de HEERE heeft een twist met Zijn volk, en Hij zal Zich met Israel in recht begeven.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 HoortH8085, gij bergenH2022! den twistH7379 des HEERENH3068, mitsgaders gij sterkeH386 fondamentenH4146 der aardeH776! wantH3588 de HEEREH3068 heeft een twistH7379 metH5973 Zijn volkH5971, en Hij zal Zich metH5973 IsraelH3478 in recht begevenH3198. Hoort, gij bergen! den twist des HEEREN, mitsgaders gij sterke fondamenten der aarde! want de HEERE heeft een twist met Zijn volk, en Hij zal Zich met Israel in recht begeven.

KJV Hear1 ye, O mountains,2 the LORD'S5 controversy,4 and ye strong6 foundations7 of the earth:8 for the LORD11 hath a controversy10 with his people,13 and he will plead16 with Israel.

1 שִׁמְע֤וּ H8085 horen, gehoord, hoorde [idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness 2 הָרִים֙ H2022 berg, bergen, gebergte hill (country), mount(-ain), [idiom] promotion 3 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 4 רִ֣יב H7379 twist, twistzaak, geschil [phrase] adversary, cause, chiding, contend(-tion), controversy, multitude (from the margin), pleading, strife, strive(-ing), suit 5 יְהוָ֔ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 6 וְהָאֵתָנִ֖ים H386 sterke, kracht, machtigen hard, mighty, rough, strength, strong 7 מֹ֣סְדֵי H4146 fondamenten, gronden, grondvesten foundation 8 אָ֑רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 9 כִּ֣י H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 10 רִ֤יב H7379 twist, twistzaak, geschil [phrase] adversary, cause, chiding, contend(-tion), controversy, multitude (from the margin), pleading, strife, strive(-ing), suit 11 לַֽיהוָה֙ H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 12 עִם H5973 met, bij, tegen accompanying, against, and, as ([idiom] long as), before, beside, by (reason of), for all, from (among, between), in, like, more than, of, (un-) to, with(-al) 13 עַמּ֔וֹ H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 14 וְעִם H5973 met, bij, tegen accompanying, against, and, as ([idiom] long as), before, beside, by (reason of), for all, from (among, between), in, like, more than, of, (un-) to, with(-al) 15 יִשְׂרָאֵ֖ל H3478 Israel, Israels, Israelieten Israel 16 יִתְוַכָּֽח H3198 bestraft, bestraffen, straffen appoint, argue, chasten, convince, correct(-ion), daysman, dispute, judge, maintain, plead, reason (together), rebuke, reprove(-r), surely, in any wise
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 O Mijn volk! wat heb Ik u gedaan, en waarmede heb Ik u vermoeid? Betuig tegen Mij.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 O Mijn volkH5971! watH4100 heb Ik u gedaanH6213, en waarmede heb Ik u vermoeidH3811? BetuigH6030 tegen Mij. O Mijn volk! wat heb Ik u gedaan, en waarmede heb Ik u vermoeid? Betuig tegen Mij.

KJV O my people,1 what have I done3 unto thee? and wherein have I wearied6 thee? testify

1 עַמִּ֛י H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 2 מֶה H4100 wat, waarom, hoe how (long, oft, (-soever)), (no-) thing, what (end, good, purpose, thing), whereby(-fore, -in, -to, -with), (for) why 3 עָשִׂ֥יתִי H6213 doen, gedaan, maakte accomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use 4 לְךָ֖ 5 וּמָ֣ה H4100 wat, waarom, hoe how (long, oft, (-soever)), (no-) thing, what (end, good, purpose, thing), whereby(-fore, -in, -to, -with), (for) why 6 הֶלְאֵתִ֑יךָ H3811 moede, vermoeid, moede maakt faint, grieve, lothe, (be, make) weary (selves) 7 עֲנֵ֥ה H6030 antwoordde, antwoorden, antwoordden give account, afflict (by mistake for H6031 (עָנָה)), (cause to, give) answer, bring low (by mistake for H6031 (עָנָה)), cry, hear, Leannoth, lift up, say, [idiom] scholar, (give a) shout, sing (together by course), speak, testify, utter, (bear) witness. See also H1042 (בֵּית עֲנוֹת), H1043 (בֵּית עֲנָת) 8 בִּֽי
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Immers heb Ik u uit Egypteland opgevoerd, en u uit het diensthuis verlost; en Ik heb voor uw aangezicht henen gezonden Mozes, Aaron en Mirjam.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 Immers heb Ik u uit EgyptelandH776 opgevoerdH5927, en u uit het diensthuisH1004 verlostH6299; en Ik heb voor uw aangezichtH6440 henen gezondenH7971 MozesH4872, AaronH175 en MirjamH4813. Immers heb Ik u uit Egypteland opgevoerd, en u uit het diensthuis verlost; en Ik heb voor uw aangezicht henen gezonden Mozes, Aaron en Mirjam.

KJV For I brought thee up2 out of the land3 of Egypt,4 and redeemed7 thee out of the house5 of servants;6 and I sent8 before9 thee Moses,11 Aaron,12 and Miriam.

1 כִּ֤י H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 2 הֶעֱלִתִ֨יךָ֙ H5927 optrekken, toog, opkomen arise (up), (cause to) ascend up, at once, break (the day) (up), bring (up), (cause to) burn, carry up, cast up, [phrase] shew, climb (up), (cause to, make to) come (up), cut off, dawn, depart, exalt, excel, fall, fetch up, get up, (make to) go (away, up); grow (over) increase, lay, leap, levy, lift (self) up, light, (make) up, [idiom] mention, mount up, offer, make to pay, [phrase] perfect, prefer, put (on), raise, recover, restore, (make to) rise (up), scale, set (up), shoot forth (up), (begin to) spring (up), stir up, take away (up), work 3 מֵאֶ֣רֶץ H776 land, aarde, lands [idiom] common, country, earth, field, ground, land, [idiom] natins, way, [phrase] wilderness, world 4 מִצְרַ֔יִם H4714 Egypte, Egyptenaren, Egyptenaars Egypt, Egyptians, Mizraim 5 וּמִבֵּ֥ית H1004 huis, huizen, huize court, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out) 6 עֲבָדִ֖ים H5650 knechten, knecht, knechts [idiom] bondage, bondman, (bond-) servant, (man-) servant 7 פְּדִיתִ֑יךָ H6299 verlost, lossen, verlossen [idiom] at all, deliver, [idiom] by any means, ransom, (that are to be, let be) redeem(-ed), rescue, [idiom] surely 8 וָאֶשְׁלַ֣ח H7971 zond, gezonden, zenden [idiom] any wise, appoint, bring (on the way), cast (away, out), conduct, [idiom] earnestly, forsake, give (up), grow long, lay, leave, let depart (down, go, loose), push away, put (away, forth, in, out), reach forth, send (away, forth, out), set, shoot (forth, out), sow, spread, stretch forth (out) 9 לְפָנֶ֔יךָ H6440 aangezicht, voor, aangezichten [phrase] accept, a-(be-) fore(-time), against, anger, [idiom] as (long as), at, [phrase] battle, [phrase] because (of), [phrase] beseech, countenance, edge, [phrase] employ, endure, [phrase] enquire, face, favour, fear of, for, forefront(-part), form(-er time, -ward), from, front, heaviness, [idiom] him(-self), [phrase] honourable, [phrase] impudent, [phrase] in, it, look(-eth) (-s), [idiom] me, [phrase] meet, [idiom] more than, mouth, of, off, (of) old (time), [idiom] on, open, [phrase] out of, over against, the partial, person, [phrase] please, presence, propect, was purposed, by reason of, [phrase] regard, right forth, [phrase] serve, [idiom] shewbread, sight, state, straight, [phrase] street, [idiom] thee, [idiom] them(-selves), through ([phrase] -out), till, time(-s) past, (un-) to(-ward), [phrase] upon, upside ([phrase] down), with(-in, [phrase] -stand), [idiom] ye, [idiom] you 10 אֶת H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 11 מֹשֶׁ֖ה H4872 Mozes, Mozes', mozes Moses 12 אַהֲרֹ֥ן H175 Aaron, Aarons, Aaronieten Aaron 13 וּמִרְיָֽם H4813 Mirjam Miriam
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Mijn volk! gedenk toch wat Balak, de koning van Moab, beraadslaagde, en wat hem Bileam, de zoon van Beor, antwoordde; en wat geschied is van Sittim af tot Gilgal toe, opdat gij de gerechtigheden des HEEREN kent.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 Mijn volkH5971! gedenkH2142 tochH4994 wat BalakH1111, de koningH4428 van MoabH4124, beraadslaagdeH3289, en watH4100 hem BileamH1109, de zoonH1121 van BeorH1160, antwoorddeH6030; en wat geschied is van SittimH7851 af tot GilgalH1537 toe, opdatH4616 gij de gerechtighedenH6666 des HEERENH3068 kentH3045. Mijn volk! gedenk toch wat Balak, de koning van Moab, beraadslaagde, en wat hem Bileam, de zoon van Beor, antwoordde; en wat geschied is van Sittim af tot Gilgal toe, opdat gij de gerechtigheden des HEEREN kent.

Ook in dit vers [geschied]H4480

KJV O my people,1 remember2 now what Balak6 king7 of Moab8 consulted,5 and what Balaam12 the son13 of Beor14 answered10 him from Shittim16 unto Gilgal;18 that ye may know20 the righteousness21 of the LORD.

1 עַמִּ֗י H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 2 זְכָר H2142 gedenken, gedacht, Gedenk [idiom] burn (incense), [idiom] earnestly, be male, (make) mention (of), be mindful, recount, record(-er), remember, make to be remembered, bring (call, come, keep, put) to (in) remembrance, [idiom] still, think on, [idiom] well 3 נָא֙ H4994 toch, doch, Och I beseech (pray) thee (you), go to, now, oh 4 מַה H4100 wat, waarom, hoe how (long, oft, (-soever)), (no-) thing, what (end, good, purpose, thing), whereby(-fore, -in, -to, -with), (for) why 5 יָּעַ֗ץ H3289 raad, beraadslaagd, geraden advertise, take advise, advise (well), consult, (give, take) counsel(-lor), determine, devise, guide, purpose 6 בָּלָק֙ H1111 Balak Balak 7 מֶ֣לֶךְ H4428 koning, konings, koningen king, royal 8 מוֹאָ֔ב H4124 Moab, Moabieten, Moabs Moab 9 וּמֶה H4100 wat, waarom, hoe how (long, oft, (-soever)), (no-) thing, what (end, good, purpose, thing), whereby(-fore, -in, -to, -with), (for) why 10 עָנָ֥ה H6030 antwoordde, antwoorden, antwoordden give account, afflict (by mistake for H6031 (עָנָה)), (cause to, give) answer, bring low (by mistake for H6031 (עָנָה)), cry, hear, Leannoth, lift up, say, [idiom] scholar, (give a) shout, sing (together by course), speak, testify, utter, (bear) witness. See also H1042 (בֵּית עֲנוֹת), H1043 (בֵּית עֲנָת) 11 אֹת֖וֹ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 12 בִּלְעָ֣ם H1109 Bileam, Bileams Balaam, Bileam 13 בֶּן H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 14 בְּע֑וֹר H1160 Beor Beor 15 מִן H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with 16 הַשִּׁטִּים֙ H7851 Sittim Shittim 17 עַד H5704 tot, totdat, aan against, and, as, at, before, by (that), even (to), for(-asmuch as), (hither-) to, [phrase] how long, into, as long (much) as, (so) that, till, toward, until, when, while, ([phrase] as) yet 18 הַגִּלְגָּ֔ל H1537 Gilgal Gilgal. See also H1019 (בֵּית הַגִּלְגָּל) 19 לְמַ֕עַן H4616 opdat, om, omdat because of, to the end (intent) that, for (to,... 's sake), [phrase] lest, that, to 20 דַּ֖עַת H3045 weten, weet, bekend acknowledge, acquaintance(-ted with), advise, answer, appoint, assuredly, be aware, (un-) awares, can(-not), certainly, comprehend, consider, [idiom] could they, cunning, declare, be diligent, (can, cause to) discern, discover, endued with, familiar friend, famous, feel, can have, be (ig-) norant, instruct, kinsfolk, kinsman, (cause to let, make) know, (come to give, have, take) knowledge, have (knowledge), (be, make, make to be, make self) known, [phrase] be learned, [phrase] lie by man, mark, perceive, privy to, [idiom] prognosticator, regard, have respect, skilful, shew, can (man of) skill, be sure, of a surety, teach, (can) tell, understand, have (understanding), [idiom] will be, wist, wit, wot 21 צִדְק֥וֹת H6666 gerechtigheid, gerechtigheden, Gerechtigheid justice, moderately, right(-eous) (act, -ly, -ness) 22 יְהוָֽה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 Waarmede zal ik den HEERE tegenkomen, en mij bukken voor den hogen God? Zal ik Hem tegenkomen met brandofferen, met eenjarige kalveren?
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 Waarmede zal ik den HEEREH3068 tegenkomenH6923, en mij bukkenH3721 voor den hogenH4791 GodH430? Zal ik Hem tegenkomenH6923 met brandofferenH5930, met eenjarigeH8141 kalverenH5695? Waarmede zal ik den HEERE tegenkomen, en mij bukken voor den hogen God? Zal ik Hem tegenkomen met brandofferen, met eenjarige kalveren?

KJV Wherewith shall I come before2 the LORD,3 and bow4 myself before the high6 God?5 shall I come before7 him with burnt offerings,8 with calves9 of a year11 old?

1 בַּמָּה֙ H4100 wat, waarom, hoe how (long, oft, (-soever)), (no-) thing, what (end, good, purpose, thing), whereby(-fore, -in, -to, -with), (for) why 2 אֲקַדֵּ֣ם H6923 voorgekomen, bejegend, komen come (go, (flee)) before, [phrase] disappoint, meet, prevent 3 יְהוָ֔ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 4 אִכַּ֖ף H3721 gebogenen, bukken, kromme bow down (self) 5 לֵאלֹהֵ֣י H430 God, Gods, goden angels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty 6 מָר֑וֹם H4791 hoogte, hoogten, omhoog (far) above, dignity, haughty, height, (most, on) high (one, place), loftily, upward 7 הַאֲקַדְּמֶ֣נּוּ H6923 voorgekomen, bejegend, komen come (go, (flee)) before, [phrase] disappoint, meet, prevent 8 בְעוֹל֔וֹת H5930 brandoffer, brandofferen, brandoffers ascent, burnt offering (sacrifice), go up to. See also H5766 (עֶוֶל) 9 בַּעֲגָלִ֖ים H5695 kalf, kalveren, kalfs bullock, calf 10 בְּנֵ֥י H1121 kinderen, zoon, zonen [phrase] afflicted, age, (Ahoh-) (Ammon-) (Hachmon-) (Lev-) ite, (anoint-) ed one, appointed to, ([phrase]) arrow, (Assyr-) (Babylon-) (Egypt-) (Grec-) ian, one born, bough, branch, breed, [phrase] (young) bullock, [phrase] (young) calf, [idiom] came up in, child, colt, [idiom] common, [idiom] corn, daughter, [idiom] of first, [phrase] firstborn, foal, [phrase] very fruitful, [phrase] postage, [idiom] in, [phrase] kid, [phrase] lamb, ([phrase]) man, meet, [phrase] mighty, [phrase] nephew, old, ([phrase]) people, [phrase] rebel, [phrase] robber, [idiom] servant born, [idiom] soldier, son, [phrase] spark, [phrase] steward, [phrase] stranger, [idiom] surely, them of, [phrase] tumultuous one, [phrase] valiant(-est), whelp, worthy, young (one), youth 11 שָׁנָֽה H8141 jaren, jaar, jaars [phrase] whole age, [idiom] long, [phrase] old, year([idiom] -ly)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Zou de HEERE een welgevallen hebben aan duizenden van rammen, aan tien duizenden van oliebeken? Zal ik mijn eerstgeborene geven voor mijn overtreding, de vrucht mijns buiks voor de zonde mijner ziel?
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 Zou de HEEREH3068 een welgevallenH7521 hebben aan duizendenH505 van rammenH352, aan tien duizendenH7233 van oliebekenH5158? Zal ik mijn eerstgeboreneH1060 gevenH5414 voor mijn overtredingH6588, de vruchtH6529 mijns buiksH990 voor de zondeH2403 mijner zielH5315? Zou de HEERE een welgevallen hebben aan duizenden van rammen, aan tien duizenden van oliebeken? Zal ik mijn eerstgeborene geven voor mijn overtreding, de vrucht mijns buiks voor de zonde mijner ziel?

KJV Will the LORD2 be pleased1 with thousands3 of rams,4 or with ten thousands5 of rivers6 of oil?7 shall I give8 my firstborn9 for my transgression,10 the fruit11 of my body12 for the sin13 of my soul?

1 הֲיִרְצֶ֤ה H7521 welgevallen, aangenaam, behagen (be) accept(-able), accomplish, set affection, approve, consent with, delight (self), enjoy, (be, have a) favour(-able), like, observe, pardon, (be, have, take) please(-ure), reconcile self 2 יְהוָה֙ H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 בְּאַלְפֵ֣י H505 duizend, duizenden, twee duizend thousand 4 אֵילִ֔ים H352 ram, rammen, posten mighty (man), lintel, oak, post, ram, tree 5 בְּרִֽבְב֖וֹת H7233 tien duizend, tien duizenden, tienduizenden many, million, [idiom] multiply, ten thousand 6 נַֽחֲלֵי H5158 beek, beken, dal brook, flood, river, stream, valley 7 שָׁ֑מֶן H8081 olie, olieachtige, Olie anointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine 8 הַאֶתֵּ֤ן H5414 gegeven, geven, gaf add, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield 9 בְּכוֹרִי֙ H1060 eerstgeborene, eerstgeborenen, eerstgeboren eldest (son), firstborn(-ling) 10 פִּשְׁעִ֔י H6588 overtredingen, overtreding, afval rebellion, sin, transgression, trespass 11 פְּרִ֥י H6529 vrucht, vruchten, vruchtbaar bough, (first-)fruit(-ful), reward 12 בִטְנִ֖י H990 buik, buiks, binnenste belly, body, [phrase] as they be born, [phrase] within, womb 13 חַטַּ֥את H2403 zonde, zondoffer, zonden punishment (of sin), purifying(-fication for sin), sin(-ner, offering) 14 נַפְשִֽׁי H5315 ziel, zielen, leven any, appetite, beast, body, breath, creature, [idiom] dead(-ly), desire, [idiom] (dis-) contented, [idiom] fish, ghost, [phrase] greedy, he, heart(-y), (hath, [idiom] jeopardy of) life ([idiom] in jeopardy), lust, man, me, mind, mortally, one, own, person, pleasure, (her-, him-, my-, thy-) self, them (your) -selves, [phrase] slay, soul, [phrase] tablet, they, thing, ([idiom] she) will, [idiom] would have it
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 Hij heeft u bekend gemaakt, o mens! wat goed is; en wat eist de HEERE van u, dan recht te doen, en weldadigheid lief te hebben, en ootmoediglijk te wandelen met uw God?
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 Hij heeft u bekendH5046 gemaakt, o mensH120! watH4100 goedH2896 is; en watH4100 eistH1875 de HEEREH3068 van u, dan rechtH4941 te doenH6213, en weldadigheidH2617 liefH160 te hebben, en ootmoediglijkH6800 te wandelenH3212 metH5973 uw GodH430? Hij heeft u bekend gemaakt, o mens! wat goed is; en wat eist de HEERE van u, dan recht te doen, en weldadigheid lief te hebben, en ootmoediglijk te wandelen met uw God?

KJV He hath shewed1 thee, O man,3 what is good;5 and what doth the LORD7 require8 of thee, but to do12 justly,13 and to love14 mercy,15 and to walk17 humbly16 with thy God?

1 הִגִּ֥יד H5046 kennen, verkondigen, bekend bewray, [idiom] certainly, certify, declare(-ing), denounce, expound, [idiom] fully, messenger, plainly, profess, rehearse, report, shew (forth), speak, [idiom] surely, tell, utter 2 לְךָ֛ 3 אָדָ֖ם H120 mens, mensen, Adam [idiom] another, [phrase] hypocrite, [phrase] common sort, [idiom] low, man (mean, of low degree), person 4 מַה H4100 wat, waarom, hoe how (long, oft, (-soever)), (no-) thing, what (end, good, purpose, thing), whereby(-fore, -in, -to, -with), (for) why 5 טּ֑וֹב H2896 goed, goede, beter beautiful, best, better, bountiful, cheerful, at ease, [idiom] fair (word), (be in) favour, fine, glad, good (deed, -lier, -liest, -ly, -ness, -s), graciously, joyful, kindly, kindness, liketh (best), loving, merry, [idiom] most, pleasant, [phrase] pleaseth, pleasure, precious, prosperity, ready, sweet, wealth, welfare, (be) well(-favoured) 6 וּמָֽה H4100 wat, waarom, hoe how (long, oft, (-soever)), (no-) thing, what (end, good, purpose, thing), whereby(-fore, -in, -to, -with), (for) why 7 יְהוָ֞ה H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 8 דּוֹרֵ֣שׁ H1875 zoeken, vragen, gezocht ask, [idiom] at all, care for, [idiom] diligently, inquire, make inquisition, (necro-) mancer, question, require, search, seek (for, out), [idiom] surely 9 מִמְּךָ֗ H4480 van, uit, dan above, after, among, at, because of, by (reason of), from (among), in, [idiom] neither, [idiom] nor, (out) of, over, since, [idiom] then, through, [idiom] whether, with 10 כִּ֣י H3588 want, dat, maar and, + (forasmuch, inasmuch, where-) as, assured(-ly), + but, certainly, doubtless, + else, even, + except, for, how, (because, in, so, than) that, + nevertheless, now, rightly, seeing, since, surely, then, therefore, + (al-) though, + till, truly, + until, when, whether, while, whom, yea, yet 11 אִם H518 zo, indien, of (and, can-, doubtless, if, that) (not), [phrase] but, either, [phrase] except, [phrase] more(-over if, than), neither, nevertheless, nor, oh that, or, [phrase] save (only, -ing), seeing, since, sith, [phrase] surely (no more, none, not), though, [phrase] of a truth, [phrase] unless, [phrase] verily, when, whereas, whether, while, [phrase] yet 12 עֲשׂ֤וֹת H6213 doen, gedaan, maakte accomplish, advance, appoint, apt, be at, become, bear, bestow, bring forth, bruise, be busy, [idiom] certainly, have the charge of, commit, deal (with), deck, [phrase] displease, do, (ready) dress(-ed), (put in) execute(-ion), exercise, fashion, [phrase] feast, (fight-) ing man, [phrase] finish, fit, fly, follow, fulfill, furnish, gather, get, go about, govern, grant, great, [phrase] hinder, hold (a feast), [idiom] indeed, [phrase] be industrious, [phrase] journey, keep, labour, maintain, make, be meet, observe, be occupied, offer, [phrase] officer, pare, bring (come) to pass, perform, pracise, prepare, procure, provide, put, requite, [idiom] sacrifice, serve, set, shew, [idiom] sin, spend, [idiom] surely, take, [idiom] thoroughly, trim, [idiom] very, [phrase] vex, be (warr-) ior, work(-man), yield, use 13 מִשְׁפָּט֙ H4941 recht, rechten, gericht [phrase] adversary, ceremony, charge, [idiom] crime, custom, desert, determination, discretion, disposing, due, fashion, form, to be judged, judgment, just(-ice, -ly), (manner of) law(-ful), manner, measure, (due) order, ordinance, right, sentence, usest, [idiom] worthy, [phrase] wrong 14 וְאַ֣הֲבַת H160 liefde, liefhad, bemint love 15 חֶ֔סֶד H2617 goedertierenheid, weldadigheid, goedertierenheden favour, good deed(-liness, -ness), kindly, (loving-) kindness, merciful (kindness), mercy, pity, reproach, wicked thing 16 וְהַצְנֵ֥עַ H6800 ootmoedigen, ootmoediglijk humbly, lowly 17 לֶ֖כֶת H3212 ging, ga, gaan [idiom] again, away, bear, bring, carry (away), come (away), depart, flow, [phrase] follow(-ing), get (away, hence, him), (cause to, made) go (away, -ing, -ne, one's way, out), grow, lead (forth), let down, march, prosper, [phrase] pursue, cause to run, spread, take away (-journey), vanish, (cause to) walk(-ing), wax, [idiom] be weak 18 עִם H5973 met, bij, tegen accompanying, against, and, as ([idiom] long as), before, beside, by (reason of), for all, from (among, between), in, like, more than, of, (un-) to, with(-al) 19 אֱלֹהֶֽיךָ H430 God, Gods, goden angels, [idiom] exceeding, God (gods) (-dess, -ly), [idiom] (very) great, judges, [idiom] mighty
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 De stem des HEEREN roept tot de stad (want Uw Naam ziet het wezen): Hoort de roede, en wie ze besteld heeft!
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 De stemH6963 des HEERENH3068 roeptH7121 tot de stadH5892 (want Uw NaamH8034 ziet het wezen): HoortH8085 de roedeH4294, en wieH4310 ze besteldH3259 heeft! De stem des HEEREN roept tot de stad (want Uw Naam ziet het wezen): Hoort de roede, en wie ze besteld heeft!

KJV The LORD'S2 voice1 crieth4 unto the city,3 and the man of wisdom5 shall see thy name:7 hear8 ye the rod,9 and who hath appointed

1 ק֤וֹל H6963 stem, geluid, geruis [phrase] aloud, bleating, crackling, cry ([phrase] out), fame, lightness, lowing, noise, [phrase] hold peace, (pro-) claim, proclamation, [phrase] sing, sound, [phrase] spark, thunder(-ing), voice, [phrase] yell 2 יְהוָה֙ H3068 HEERE Jehovah, the Lord. Compare H3050 (יָהּ), H3069 (יְהֹוִה) 3 לָעִ֣יר H5892 stad, steden, vrijstad Ai (from margin), city, court (from margin), town 4 יִקְרָ֔א H7121 riep, noemde, roepen bewray (self), that are bidden, call (for, forth, self, upon), cry (unto), (be) famous, guest, invite, mention, (give) name, preach, (make) proclaim(-ation), pronounce, publish, read, renowned, say 5 וְתוּשִׁיָּ֖ה H8454 wijsheid, bestendig, daad enterprise, that which (thing as it) is, substance, (sound) wisdom, working 6 יִרְאֶ֣ה H3372 vrezen, vreesde, Vrees affright, be (make) afraid, dread(-ful), (put in) fear(-ful, -fully, -ing), (be had in) reverence(-end), [idiom] see, terrible (act, -ness, thing) 7 שְׁמֶ֑ךָ H8034 naam, Naam, namen [phrase] base, (in-) fame(-ous), named(-d), renown, report 8 שִׁמְע֥וּ H8085 horen, gehoord, hoorde [idiom] attentively, call (gather) together, [idiom] carefully, [idiom] certainly, consent, consider, be content, declare, [idiom] diligently, discern, give ear, (cause to, let, make to) hear(-ken, tell), [idiom] indeed, listen, make (a) noise, (be) obedient, obey, perceive, (make a) proclaim(-ation), publish, regard, report, shew (forth), (make a) sound, [idiom] surely, tell, understand, whosoever (heareth), witness 9 מַטֶּ֖ה H4294 stam, staf, stammen rod, staff, tribe 10 וּמִ֥י H4310 wie, wien, wiens any (man), [idiom] he, [idiom] him, [phrase] O that! what, which, who(-m, -se, -soever), [phrase] would to God 11 יְעָדָֽהּ H3259 vergaderd, dagvaarden, komen agree,(maxke an) appoint(-ment, a time), assemble (selves), betroth, gather (selves, together), meet (together), set (a time)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 Zijn er niet nog, in eens ieders goddelozen huis, schatten der goddeloosheid en een schaarse efa, dat te verfoeien is?
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 Zijn er niet nogH5750, in eens ieders goddelozenH7563 huisH1004, schattenH214 der goddeloosheidH7562 en een schaarseH7332 efaH374, dat te verfoeienH2194 is? Zijn er niet nog, in eens ieders goddelozen huis, schatten der goddeloosheid en een schaarse efa, dat te verfoeien is?

KJV Are there2 yet the treasures5 of wickedness6 in the house3 of the wicked,4 and the scant8 measure7 that is abominable?

1 ע֗וֹד H5750 meer, nog, wederom again, [idiom] all life long, at all, besides, but, else, further(-more), henceforth, (any) longer, (any) more(-over), [idiom] once, since, (be) still, when, (good, the) while (having being), (as, because, whether, while) yet (within) 2 הַאִשׁ֙ H786 are there, none can. Compare H3426 (יֵשׁ) 3 בֵּ֣ית H1004 huis, huizen, huize court, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out) 4 רָשָׁ֔ע H7563 goddelozen, goddeloze, goddeloos [phrase] condemned, guilty, ungodly, wicked (man), that did wrong 5 אֹצְר֖וֹת H214 schatten, schat, schatkameren armory, cellar, garner, store(-house), treasure(-house) (-y) 6 רֶ֑שַׁע H7562 goddeloosheid, goddeloze, goddelooslijk iniquity, wicked(-ness) 7 וְאֵיפַ֥ת H374 efa, tweeerlei ephah, (divers) measure(-s) 8 רָז֖וֹן H7332 magerheid, schaarse leanness, [idiom] scant 9 זְעוּמָֽה H2194 gram, vergramd, scheld abhor, abominable, (be) angry, defy, (have) indignation
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 Zou ik rein zijn, met een goddeloze weegschaal en met een zak van bedriegelijke weegstenen?
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 Zou ik reinH2135 zijn, met een goddelozeH7562 weegschaalH3976 en met een zakH3599 van bedriegelijkeH4820 weegstenenH68? Zou ik rein zijn, met een goddeloze weegschaal en met een zak van bedriegelijke weegstenen?

KJV Shall I count them pure1 with the wicked3 balances,2 and with the bag4 of deceitful6 weights?

1 הַאֶזְכֶּ֖ה H2135 gezuiverd, rein, zuiver be (make) clean, cleanse, be clear, count pure 2 בְּמֹ֣אזְנֵי H3976 weegschaal, waag, wage balances 3 רֶ֑שַׁע H7562 goddeloosheid, goddeloze, goddelooslijk iniquity, wicked(-ness) 4 וּבְכִ֖יס H3599 zak, beurs, buidel bag, cup, purse 5 אַבְנֵ֥י H68 stenen, steen, gesteente [phrase] carbuncle, [phrase] mason, [phrase] plummet, (chalk-, hail-, head-, sling-) stone(-ny), (divers) weight(-s) 6 מִרְמָֽה H4820 bedrog, bedriegelijke, bedrogs craft, deceit(-ful, -fully), false, feigned, guile, subtilly, treachery
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 Dewijl haar rijke lieden vol zijn van geweld, en haar inwoners leugen spreken, en haar tong bedriegelijk is in haar mond;
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 Dewijl haar rijke liedenH6223 volH4390 zijn van geweldH2555, en haar inwonersH3427 leugenH8267 sprekenH1696, en haar tongH3956 bedriegelijkH7423 is in haar mondH6310; Dewijl haar rijke lieden vol zijn van geweld, en haar inwoners leugen spreken, en haar tong bedriegelijk is in haar mond;

KJV For the rich men2 thereof are full3 of violence,4 and the inhabitants5 thereof have spoken6 lies,7 and their tongue8 is deceitful9 in their mouth.

1 אֲשֶׁ֤ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 2 עֲשִׁירֶ֨יהָ֙ H6223 rijke, rijken, rijk rich (man) 3 מָלְא֣וּ H4390 vervuld, vol, vervullen accomplish, confirm, [phrase] consecrate, be at an end, be expired, be fenced, fill, fulfil, (be, become, [idiom] draw, give in, go) full(-ly, -ly set, tale), (over-) flow, fulness, furnish, gather (selves, together), presume, replenish, satisfy, set, space, take a (hand-) full, [phrase] have wholly 4 חָמָ֔ס H2555 geweld, gewelds, wrevel cruel(-ty), damage, false, injustice, [idiom] oppressor, unrighteous, violence (against, done), violent (dealing), wrong 5 וְיֹשְׁבֶ֖יהָ H3427 inwoners, wonen, woonden (make to) abide(-ing), continue, (cause to, make to) dwell(-ing), ease self, endure, establish, [idiom] fail, habitation, haunt, (make to) inhabit(-ant), make to keep (house), lurking, [idiom] marry(-ing), (bring again to) place, remain, return, seat, set(-tle), (down-) sit(-down, still, -ting down, -ting (place) -uate), take, tarry 6 דִּבְּרוּ H1696 gesproken, sprak, spreken answer, appoint, bid, command, commune, declare, destroy, give, name, promise, pronounce, rehearse, say, speak, be spokesman, subdue, talk, teach, tell, think, use (entreaties), utter, [idiom] well, [idiom] work 7 שָׁ֑קֶר H8267 leugen, valse, valsheid without a cause, deceit(-ful), false(-hood, -ly), feignedly, liar, [phrase] lie, lying, vain (thing), wrongfully 8 וּלְשׁוֹנָ֖ם H3956 tong, spraak, tongen [phrase] babbler, bay, [phrase] evil speaker, language, talker, tongue, wedge 9 רְמִיָּ֥ה H7423 bedriegelijke, bedrog, bedriegelijk deceit(-ful, -fully), false, guile, idle, slack, slothful 10 בְּפִיהֶֽם H6310 mond, monds, scherpte accord(-ing as, -ing to), after, appointment, assent, collar, command(-ment), [idiom] eat, edge, end, entry, [phrase] file, hole, [idiom] in, mind, mouth, part, portion, [idiom] (should) say(-ing), sentence, skirt, sound, speech, [idiom] spoken, talk, tenor, [idiom] to, [phrase] two-edged, wish, word
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Zo zal Ik u ook krenken, u slaande, en verwoestende om uw zonden.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 Zo zal IkH589 u ookH1571 krenkenH2470, u slaandeH5221, en verwoestendeH8074 om uw zondenH2403. Zo zal Ik u ook krenken, u slaande, en verwoestende om uw zonden.

KJV Therefore also will I make thee sick3 in smiting4 thee, in making thee desolate5 because of thy sins.

1 וְגַם H1571 ook, zelfs, ja again, alike, also, (so much) as (soon), both (so)...and, but, either...or, even, for all, (in) likewise (manner), moreover, nay...neither, one, then(-refore), though, what, with, yea 2 אֲנִ֖י H589 ik, mij I, (as for) me, mine, myself, we, [idiom] which, [idiom] who 3 הֶחֱלֵ֣יתִי H2470 krank, smeken, ziek beseech, (be) diseased, (put to) grief, be grieved, (be) grievous, infirmity, intreat, lay to, put to pain, [idiom] pray, make prayer, be (fall, make) sick, sore, be sorry, make suit ([idiom] supplication), woman in travail, be (become) weak, be wounded 4 הַכּוֹתֶ֑ךָ H5221 sloeg, slaan, geslagen beat, cast forth, clap, give (wounds), [idiom] go forward, [idiom] indeed, kill, make (slaughter), murderer, punish, slaughter, slay(-er, -ing), smite(-r, -ing), strike, be stricken, (give) stripes, [idiom] surely, wound 5 הַשְׁמֵ֖ם H8074 verwoest, verwoeste, ontzetten make amazed, be astonied, (be an) astonish(-ment), (be, bring into, unto, lay, lie, make) desolate(-ion, places), be destitute, destroy (self), (lay, lie, make) waste, wonder 6 עַל H5921 op, over, aan above, according to(-ly), after, (as) against, among, and, [idiom] as, at, because of, beside (the rest of), between, beyond the time, [idiom] both and, by (reason of), [idiom] had the charge of, concerning for, in (that), (forth, out) of, (from) (off), (up-) on, over, than, through(-out), to, touching, [idiom] with 7 חַטֹּאתֶֽךָ H2403 zonde, zondoffer, zonden punishment (of sin), purifying(-fication for sin), sin(-ner, offering)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Gij zult eten, maar niet verzadigd worden, en uw nederdrukking zal in het midden van u zijn; en gij zult aangrijpen, maar niet wegbrengen, en wat gij zult wegbrengen, zal Ik aan het zwaard overgeven.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 GijH859 zult etenH398, maar nietH3808 verzadigdH7646 worden, en uw nederdrukkingH3445 zal in het middenH7130 van u zijn; en gij zult aangrijpenH5253, maar nietH3808 wegbrengenH6403, en watH834 gij zult wegbrengenH6403, zal Ik aan het zwaardH2719 overgevenH5414. Gij zult eten, maar niet verzadigd worden, en uw nederdrukking zal in het midden van u zijn; en gij zult aangrijpen, maar niet wegbrengen, en wat gij zult wegbrengen, zal Ik aan het zwaard overgeven.

KJV Thou shalt eat,2 but not be satisfied;4 and thy casting down5 shall be in the midst6 of thee; and thou shalt take hold,7 but shalt not deliver;9 and that which thou deliverest11 will I give up13 to the sword.

1 אַתָּ֤ה H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you 2 תֹאכַל֙ H398 eten, gegeten, eet [idiom] at all, burn up, consume, devour(-er, up), dine, eat(-er, up), feed (with), food, [idiom] freely, [idiom] in...wise(-deed, plenty), (lay) meat, [idiom] quite 3 וְלֹ֣א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 4 תִשְׂבָּ֔ע H7646 verzadigd, verzadigen, verzadigt have enough, fill (full, self, with), be (to the) full (of), have plenty of, be satiate, satisfy (with), suffice, be weary of 5 וְיֶשְׁחֲךָ֖ H3445 nederdrukking casting down 6 בְּקִרְבֶּ֑ךָ H7130 midden, binnenste, ingewand [idiom] among, [idiom] before, bowels, [idiom] unto charge, [phrase] eat (up), [idiom] heart, [idiom] him, [idiom] in, inward ([idiom] -ly, part, -s, thought), midst, [phrase] out of, purtenance, [idiom] therein, [idiom] through, [idiom] within self 7 וְתַסֵּג֙ H5253 Zet, terug, verrukken departing away, remove, take (hold), turn away 8 וְלֹ֣א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 9 תַפְלִ֔יט H6403 bevrijd, Bevrijder, uitgeholpen calve, carry away safe, deliver, (cause to) escape 10 וַאֲשֶׁ֥ר H834 die, dat, wat [idiom] after, [idiom] alike, as (soon as), because, [idiom] every, for, [phrase] forasmuch, [phrase] from whence, [phrase] how(-soever), [idiom] if, (so) that ((thing) which, wherein), [idiom] though, [phrase] until, [phrase] whatsoever, when, where ([phrase] -as, -in, -of, -on, -soever, -with), which, whilst, [phrase] whither(-soever), who(-m, -soever, -se). As it is indeclinable, it is often accompanied by the personal pronoun expletively, used to show the connection 11 תְּפַלֵּ֖ט H6403 bevrijd, Bevrijder, uitgeholpen calve, carry away safe, deliver, (cause to) escape 12 לַחֶ֥רֶב H2719 zwaard, zwaards, zwaarden axe, dagger, knife, mattock, sword, tool 13 אֶתֵּֽן H5414 gegeven, geven, gaf add, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 Gij zult zaaien, maar niet maaien; gij zult olijven treden, maar u met olie niet zalven, en most, maar geen wijn drinken.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 Gij zult zaaienH2232, maar nietH3808 maaienH7114; gijH859 zult olijvenH2132 tredenH1869, maar u met olieH8081 nietH3808 zalvenH5480, en mostH8492, maar geenH3808 wijnH3196 drinkenH8354. Gij zult zaaien, maar niet maaien; gij zult olijven treden, maar u met olie niet zalven, en most, maar geen wijn drinken.

KJV Thou shalt sow,2 but thou shalt not reap;4 thou shalt tread6 the olives,7 but thou shalt not anoint9 thee with oil;10 and sweet wine,11 but shalt not drink13 wine.

1 אַתָּ֥ה H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you 2 תִזְרַ֖ע H2232 zaaien, gezaaid, bezaaien bear, conceive seed, set with sow(-er), yield 3 וְלֹ֣א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 4 תִקְצ֑וֹר H7114 maaien, maaiers, inoogsten [idiom] at all, cut down, much discouraged, grieve, harvestman, lothe, mourn, reap(-er), (be, wax) short(-en, -er), straiten, trouble, vex 5 אַתָּ֤ה H859 gij, gijlieden, u thee, thou, ye, you 6 תִדְרֹֽךְ H1869 treden, gespannen, getreden archer, bend, come, draw, go (over), guide, lead (forth), thresh, tread (down), walk 7 זַ֨יִת֙ H2132 olijfbomen, olijfboom, olijfgaarden olive (tree, -yard), Olivet 8 וְלֹא H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 9 תָס֣וּךְ H5480 zalfde, zalf, zalven anoint (self), [idiom] at all 10 שֶׁ֔מֶן H8081 olie, olieachtige, Olie anointing, [idiom] fat (things), [idiom] fruitful, oil(-ed), ointment, olive, [phrase] pine 11 וְתִיר֖וֹשׁ H8492 most (new, sweet) wine 12 וְלֹ֥א H3808 niet, geen, noch [idiom] before, [phrase] or else, ere, [phrase] except, ig(-norant), much, less, nay, neither, never, no((-ne), -r, (-thing)), ([idiom] as though...,(can-), for) not (out of), of nought, otherwise, out of, [phrase] surely, [phrase] as truly as, [phrase] of a truth, [phrase] verily, for want, [phrase] whether, without 13 תִשְׁתֶּה H8354 drinken, gedronken, drinkt [idiom] assuredly, banquet, [idiom] certainly, drink(-er, -ing), drunk ([idiom] -ard), surely. (Prop. intensive of H8248 (שָׁקָה).) 14 יָּֽיִן H3196 wijn, wijns, Wijn banqueting, wine, wine(-bibber)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 Want de inzettingen van Omri worden onderhouden, en het ganse werk van het huis van Achab; en gij wandelt in derzelver raadslagen; opdat Ik u stelle tot verwoesting, en haar inwoners tot aanfluiting; alzo zult gij de smaadheid Mijns volks dragen.
א

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, van rechts naar links, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Hebreeuwse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Hebreeuwse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Hebreeuws te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 Want de inzettingenH2708 van OmriH6018 worden onderhoudenH8104, en het ganseH3605 werkH4639 van het huisH1004 van AchabH256; en gij wandeltH3212 in derzelver raadslagenH4156; opdatH4616 Ik u stelleH5414 tot verwoestingH8047, en haar inwonersH3427 tot aanfluitingH8322; alzo zult gij de smaadheidH2781 Mijns volksH5971 dragenH5375. Want de inzettingen van Omri worden onderhouden, en het ganse werk van het huis van Achab; en gij wandelt in derzelver raadslagen; opdat Ik u stelle tot verwoesting, en haar inwoners tot aanfluiting; alzo zult gij de smaadheid Mijns volks dragen.

KJV For the statutes2 of Omri3 are kept,1 and all the works5 of the house6 of Ahab,7 and ye walk8 in their counsels;9 that I should make11 thee a desolation,13 and the inhabitants14 thereof an hissing:15 therefore ye shall bear18 the reproach16 of my people.

1 וְיִשְׁתַּמֵּ֞ר H8104 houden, bewaren, waarnemen beward, be circumspect, take heed (to self), keep(-er, self), mark, look narrowly, observe, preserve, regard, reserve, save (self), sure, (that lay) wait (for), watch(-man) 2 חֻקּ֣וֹת H2708 inzettingen, inzetting, ordinantien appointed, custom, manner, ordinance, site, statute 3 עָמְרִ֗י H6018 Omri Omri 4 וְכֹל֙ H3605 al, alle, ganse (in) all (manner, (ye)), altogether, any (manner), enough, every (one, place, thing), howsoever, as many as, (no-) thing, ought, whatsoever, (the) whole, whoso(-ever) 5 מַעֲשֵׂ֣ה H4639 werk, werken, daden act, art, [phrase] bakemeat, business, deed, do(-ing), labor, thing made, ware of making, occupation, thing offered, operation, possession, [idiom] well, (handy-, needle-, net-) work(ing, -manship), wrought 6 בֵית H1004 huis, huizen, huize court, daughter, door, [phrase] dungeon, family, [phrase] forth of, [idiom] great as would contain, hangings, home(born), (winter) house(-hold), inside(-ward), palace, place, [phrase] prison, [phrase] steward, [phrase] tablet, temple, web, [phrase] within(-out) 7 אַחְאָ֔ב H256 Achab, Achabs Ahab 8 וַתֵּלְכ֖וּ H3212 ging, ga, gaan [idiom] again, away, bear, bring, carry (away), come (away), depart, flow, [phrase] follow(-ing), get (away, hence, him), (cause to, made) go (away, -ing, -ne, one's way, out), grow, lead (forth), let down, march, prosper, [phrase] pursue, cause to run, spread, take away (-journey), vanish, (cause to) walk(-ing), wax, [idiom] be weak 9 בְּמֹֽעֲצוֹתָ֑ם H4156 raadslagen, beraadslagingen, raad counsel, device 10 לְמַעַן֩ H4616 opdat, om, omdat because of, to the end (intent) that, for (to,... 's sake), [phrase] lest, that, to 11 תִּתִּ֨י H5414 gegeven, geven, gaf add, apply, appoint, ascribe, assign, [idiom] avenge, [idiom] be (healed), bestow, bring (forth, hither), cast, cause, charge, come, commit, consider, count, [phrase] cry, deliver (up), direct, distribute, do, [idiom] doubtless, [idiom] without fail, fasten, frame, [idiom] get, give (forth, over, up), grant, hang (up), [idiom] have, [idiom] indeed, lay (unto charge, up), (give) leave, lend, let (out), [phrase] lie, lift up, make, [phrase] O that, occupy, offer, ordain, pay, perform, place, pour, print, [idiom] pull, put (forth), recompense, render, requite, restore, send (out), set (forth), shew, shoot forth (up), [phrase] sing, [phrase] slander, strike, (sub-) mit, suffer, [idiom] surely, [idiom] take, thrust, trade, turn, utter, [phrase] weep, [phrase] willingly, [phrase] withdraw, [phrase] would (to) God, yield 12 אֹתְךָ֜ H853 wijst het lijdend voorwerp aan; niet met een eigen woord vertaald (as such unrepresented in English) 13 לְשַׁמָּ֗ה H8047 verwoesting, ontzetting, schrik astonishment, desolate(-ion), waste, wonderful thing 14 וְיֹשְׁבֶ֨יהָ֙ H3427 inwoners, wonen, woonden (make to) abide(-ing), continue, (cause to, make to) dwell(-ing), ease self, endure, establish, [idiom] fail, habitation, haunt, (make to) inhabit(-ant), make to keep (house), lurking, [idiom] marry(-ing), (bring again to) place, remain, return, seat, set(-tle), (down-) sit(-down, still, -ting down, -ting (place) -uate), take, tarry 15 לִשְׁרֵקָ֔ה H8322 aanfluiting hissing 16 וְחֶרְפַּ֥ת H2781 smaadheid, smaad, versmaadheid rebuke, reproach(-fully), shame 17 עַמִּ֖י H5971 volk, volks, volken folk, men, nation, people 18 תִּשָּֽׂאוּ H5375 dragen, hief, droegen accept, advance, arise, (able to, (armor), suffer to) bear(-er, up), bring (forth), burn, carry (away), cast, contain, desire, ease, exact, exalt (self), extol, fetch, forgive, furnish, further, give, go on, help, high, hold up, honorable ([phrase] man), lade, lay, lift (self) up, lofty, marry, magnify, [idiom] needs, obtain, pardon, raise (up), receive, regard, respect, set (up), spare, stir up, [phrase] swear, take (away, up), [idiom] utterly, wear, yield
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Micha 6:1 Deuteronomium 32:1 Micha 1:2 Jeremia 22:29 Ezechiël 36:1 Psalmen 50:1 Psalmen 50:4 1 Samuël 15:16 Ezechiël 37:4
Micha 6:2 Hosea 4:1 Hosea 12:2 Jesaja 1:18 Psalmen 104:5 2 Samuël 22:16 Jeremia 2:29 2 Samuël 22:8 Spreuken 8:29
Micha 6:3 Jeremia 2:5 Psalmen 81:13 Jesaja 43:22 Psalmen 50:7 Jeremia 2:31 Romeinen 3:19 Romeinen 3:4 Psalmen 81:8
Micha 6:4 Exodus 12:51 Deuteronomium 7:8 Amos 2:10 2 Samuël 7:23 Numeri 12:1 Exodus 20:2 Jesaja 63:9 Jeremia 32:21
Micha 6:5 Numeri 25:1 Jozua 5:9 Richteren 5:11 Jozua 4:19 Jozua 10:42 Deuteronomium 23:4 Numeri 33:49 Romeinen 3:25
Micha 6:6 Romeinen 10:2 Hebreeën 10:4 Numeri 23:14 Mattheüs 19:16 Markus 5:7 Daniël 4:9 Daniël 3:26 Psalmen 51:16
Micha 6:7 2 Koningen 16:3 Psalmen 50:9 1 Samuël 15:22 Jesaja 40:16 2 Koningen 3:27 Jeremia 7:31 Leviticus 18:21 2 Koningen 21:6
Micha 6:8 Deuteronomium 10:12 1 Samuël 15:22 Jeremia 22:3 Hosea 6:6 Kolossenzen 3:12 1 Petrus 5:5 Jesaja 66:2 Spreuken 21:3
Micha 6:9 Jesaja 30:27 Sefanja 3:2 Jesaja 10:5 Amos 2:5 Hosea 13:16 Psalmen 9:16 Micha 3:12 Jesaja 40:6
Micha 6:10 Amos 3:10 Amos 8:5 Jeremia 5:26 Deuteronomium 25:13 Jakobus 5:1 2 Koningen 5:23 Leviticus 19:35 Hosea 12:7
Micha 6:11 Hosea 12:7 Leviticus 19:36 Spreuken 16:11
Micha 6:12 Hosea 7:13 Jesaja 1:23 Jeremia 9:8 Jeremia 9:2 Jesaja 3:8 Micha 2:1 Jesaja 5:7 Hosea 4:1
Micha 6:13 Psalmen 107:17 Handelingen 12:23 Jesaja 1:5 Deuteronomium 28:21 Hosea 5:9 Jesaja 6:11 Klaagliederen 1:13 Hosea 13:16
Micha 6:14 Hosea 4:10 Leviticus 26:26 Amos 9:1 Deuteronomium 32:22 Jesaja 9:20 Jesaja 3:6 Jesaja 24:17 Jesaja 65:13
Micha 6:15 Sefanja 1:13 Amos 5:11 Jeremia 12:13 Deuteronomium 28:38 Hagai 1:6 Leviticus 26:20 Joël 1:10 Jesaja 65:21
Micha 6:16 Jeremia 51:51 Jeremia 7:24 1 Koningen 16:25 Psalmen 44:13 Jeremia 19:8 Jesaja 25:8 1 Koningen 21:25 Daniël 9:16
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Micha 6 vers 1

met de bergen, Sommigen nemen dit, als tegen de bergen, verstaande door de bergen de groten, en door de heuvelen den gemenen man; maar het schijnt dat met hier zoveel is alsof de Heere zeide: Neem de bergen als te hulp, tot getuigen. Of, doe het, voor, bij, in tegenwoordigheid, enz., want God gebiedt den profeet in het volgende, de bergen aan te spreken, tot overtuiging en beschaming der mensen; verg. Deut. 4:26 , en Deut. 32:1 ; idem Mi. 1:2 met de aantekening.

Hertaald: met de bergen, Sommigen vatten dit op als tegen de bergen, waarbij zij onder de bergen de groten en onder de heuvels de gewone man verstaan. Maar het lijkt erop dat met hier zoveel betekent als: neem de bergen als het ware te hulp, tot getuigen. Of: doe het voor, bij of in tegenwoordigheid van de bergen, want God gebiedt de profeet in het vervolg de bergen aan te spreken, tot overtuiging en beschaming van de mensen; vergelijk Deut. 4:26 en Deut. 32:1, en ook Micha 1:2 met de aantekening.

Micha 6 vers 2

sterke fondamenten der aarde Dat is, gij vastgefondeerde aarde; of, gij gronden, wortelen, afsnijdingen [gelijk Jona 2:6 ] der bergen, rotsen en klippen, die als ene vastigheid of sterkte des aardrijks zijt.

Hertaald: sterke fondamenten der aarde Dat is: u, vastgegronde aarde; of: u, gronden, wortels of afsnijdingen (zoals Jona 2:6) van de bergen, rotsen en klippen, die als een vastheid of sterkte van het aardrijk zijn.

twist met Zijn volk, Of, pleit, rechtzaak. Verg. Jes. 1:18 , en Jes. 5:3-4 , en Jes. 43:26 , met de aantekening.

Hertaald: twist met Zijn volk, Of: pleit, rechtszaak. Vergelijk Jes. 1:18, Jes. 5:3-4 en Jes. 43:26 met de aantekening.

Micha 6 vers 3

wat heb Ik u gedaan, Verg. Jer. 2:5 , Jer. 2:31 .

Hertaald: wat heb Ik u gedaan, Vergelijk Jer. 2:5, Jer. 2:31.

vermoeid Of, moede gemaakt, ben Ik u moeilijk, lastig geweest? alsof de Heere zeide: Gij zijt immers in uwe conscientiën overtuigd, dat Ik u nooit kwaad, maar integendeel alles goeds heb gedaan; wat reden hebt gij dan dat gij u zo afkerig en wrevelig tegen mij gedraagt?

Hertaald: vermoeid Of: moe gemaakt; ben Ik u tot last geweest? Alsof de HEERE zei: u bent toch in uw geweten overtuigd dat Ik u nooit kwaad maar juist alleen goed gedaan heb; welke reden hebt u dan om u zo afkerig en wrevelig tegenover Mij te gedragen?

Micha 6 vers 4

diensthuis verlost; Hebr. huis der dienstknechten, of slaven, gelijk dikwijls. Zie Ex. 20:2 .

Hertaald: diensthuis verlost; Hebreeuws: huis van de dienstknechten of slaven, zoals vaker. Zie Ex. 20:2.

henen gezonden Mozes, Aäron Om u in het geestelijke en lichamelijke te geleiden en te helpen. Zie Jes. 63:11-12 .

Hertaald: henen gezonden Mozes, Aäron Om u geestelijk en lichamelijk te leiden en te helpen. Zie Jes. 63:11-12.

Mirjam Die ook ene profetes was. Zie Ex. 15:20 ; Num. 12:2 .

Hertaald: Mirjam Die ook een profetes was. Zie Ex. 15:20; Num. 12:2.

Micha 6 vers 5

beraadslaagde, Hoe hij met alle middelen mijn vloek over u zocht te brengen, en hoe Ik dien in zulk een heerlijken zegen veranderde. Zie Num. 22:5 , en Num. 23:7 , en Num. 24:1 , Num. 24:14 ; Deut. 23:4-5 ; Joz. 24:9-10 ; Openb. 2:14 .

Hertaald: beraadslaagde, Hoe hij met alle middelen Mijn vloek over u probeerde te brengen, en hoe Ik die in zo'n heerlijke zegen veranderde. Zie Num. 22:5, Num. 23:7 en Num. 24:1, Num. 24:14; Deut. 23:4-5; Joz. 24:9-10; Openb. 2:14.

Sittim Waar gij zo schandelijk hoereerdet met den Baäl-Peor, Num 25 .

Hertaald: Sittim Waar u zo schandelijk hoereerde met Baäl-Peor, Num. 25.

Gilgal Waar Ik, volgens mijne beloften, u, niettegenstaande uw veelvoudige ondankbaarheid, droogvoets door de Jordaan geleid en in het beloofde land gebracht hebbende, mijn verbond als opnieuw met u bevestigd heb door de besnijdenis. Zie Jos 3 en Joz. 5:2 .

Hertaald: Gilgal Waar Ik, volgens Mijn beloften, u ondanks uw veelvuldige ondankbaarheid droogvoets door de Jordaan geleid en in het beloofde land gebracht heb, en waar Ik Mijn verbond als het ware opnieuw met u bevestigd heb door de besnijdenis. Zie Joz. 3 en Joz. 5:2.

gerechtigheden des HEEREN kent Dat is, de rechtvaardige daden, die de Heere voor u gedaan heeft tegen uwe vijanden, verlenende u die heerlijke overwinningen, van de koningen der Midianieten, idem Sihon en Og. Zie Num. 31:7-8 ; Deut. 2:33 , en Deut. 3:3 . Sommigen verstaan door de gerechtigheden des Heeren zijn grote getrouwheid in het houden zijner beloften, of zijn oneindige barmhartigheid. Verg. Richt. 5:11 ; 1 Sam. 12:7 ; Dan. 9:16 , met de aantekening.

Hertaald: gerechtigheden des HEEREN kent Dat is: de rechtvaardige daden die de HEERE voor u gedaan heeft tegen uw vijanden, doordat Hij u die heerlijke overwinningen gaf op de koningen van de Midianieten en op Sihon en Og. Zie Num. 31:7-8; Deut. 2:33 en Deut. 3:3. Sommigen verstaan onder de gerechtigheden van de HEERE Zijn grote trouw in het houden van Zijn beloften, of Zijn oneindige barmhartigheid. Vergelijk Richt. 5:11; 1 Sam. 12:7; Dan. 9:16 met de aantekening.

Micha 6 vers 6

Waarmede zal ik den HEERE Hier wordt het volk ingevoerd, als antwoordende op de voorgaande woorden van den profeet, en vragende wat zij dan zouden moeten doen, dat God behagen mocht.

Hertaald: Waarmede zal ik den HEERE Hier wordt het volk sprekend ingevoerd, dat op de voorgaande woorden van de profeet antwoordt en vraagt wat zij dan zouden moeten doen om God te behagen.

tegenkomen, Dat is, bejegenen, tegemoet gaan. Alzo wordt het Hebr. woord genoemn, Deut. 23:4 ; Neh. 13:2 , enz.; of voorkomen, dat is, zijn toorn en straf ontgaan.

Hertaald: tegenkomen, Dat is: tegemoet gaan. Zo wordt het Hebreeuwse woord gebruikt in Deut. 23:4; Neh. 13:2, enzovoort. Of: voorkomen, dat is: Zijn toorn en straf ontgaan.

hogen God? Hebr. den God der hoogheid.

Hertaald: hogen God? Hebreeuws: de God van de hoogte.

eenjarige kalveren? Hebr. zonen, of kinderen van een jaar.

Hertaald: eenjarige kalveren? Hebreeuws: zonen of kinderen van een jaar.

Micha 6 vers 7

Zou de HEERE een welgevallen hebben aan duizenden van rammen, Dit kan men nemen als het antwoord van den profeet op de voorgaande vraag van het volk, waarop hij met deze manier van vragen wel uitdrukkelijk ontkent dat het met het uiterlijk offeren zou te doen zijn, al deden zij dat nog zoveel.

Hertaald: Zou de HEERE een welgevallen hebben aan duizenden van rammen, Dit kan men opvatten als het antwoord van de profeet op de voorgaande vraag van het volk. Met deze vraagvorm ontkent hij uitdrukkelijk dat het om het uiterlijke offeren zou gaan, hoeveel zij er ook zouden brengen.

Zal ik mijn eerstgeborene geven voor mijn overtreding, Tegenbewijs des volks, alsof zij zeiden: Is het met beesten te offeren niet te doen, zullen wij dan mensen, ja onze eerstgeboren zonen, offeren? Zouden wij daarmede den vrede met God kunnene maken? Gelijk zij gewoon waren hunne kinderen, op zijn heidens, den afgoden te offeren; zie Lev. 18:21 ; 2 Kon. 23:10 ; Jer. 7:31 , en Jer. 19:5-6 ; Ezech. 16:20-21 , en Ezech. 23:39 met de aantekening. Aldus drukt de profeet zeer levendig uit met hoedanige gedachten zij zwanger gingen, en waarin zij [als huichelaars] den waren godsdienst en bekering stelden.

Hertaald: Zal ik mijn eerstgeborene geven voor mijn overtreding, Een tegenwerping van het volk, alsof zij zeiden: als het niet om het offeren van dieren gaat, moeten wij dan mensen offeren, ja onze eerstgeboren zonen? Zouden wij daarmee vrede met God kunnen maken? Zij waren namelijk gewoon hun kinderen op heidense wijze aan de afgoden te offeren; zie Lev. 18:21; 2 Kon. 23:10; Jer. 7:31 en Jer. 19:5-6; Ezech. 16:20-21 en Ezech. 23:39 met de aantekening. Zo drukt de profeet zeer levendig uit met wat voor gedachten zij rondliepen en waarin zij als huichelaars de ware godsdienst en bekering stelden.

Micha 6 vers 8

Hij heeft Namelijk den Heere.

Hertaald: Hij heeft Namelijk de HEERE.

bekend gemaakt, o mens Door zijn woord; zodat gij gene ontwetendheid kunt voorwenden, en evenwel doet gij regelrecht daartegen, [gelijk hun in het volgende verweten wordt] en dan wilt gij u nog wijsmaken dat God met uw offeren moet tevreden zijn, alsof er dan niets aan schortte en niets anders van u te eisen zij.

Hertaald: bekend gemaakt, o mens Door Zijn Woord, zodat u geen onwetendheid kunt voorwenden. En toch doet u er regelrecht tegenin, zoals u in het vervolg verweten wordt, en dan wilt u zichzelf nog wijsmaken dat God met uw offeren tevreden moet zijn, alsof er dan niets aan schortte en er niets anders van u geëist zou worden.

recht te doen, Of, gericht. Zie Gen. 18:19 ; 1 Kon. 10:9 ; Jer. 4:2 met de aantekening. Deze eis Gods was zo klaar en overvloedig in zijn Woord uitgedrukt, dat zij, het tegendeel doende [gelijk zij deden] zonder alle onschuld waren.

Hertaald: recht te doen, Of: gericht. Zie Gen. 18:19; 1 Kon. 10:9; Jer. 4:2 met de aantekening. Deze eis van God stond zo duidelijk en zo overvloedig in Zijn Woord uitgedrukt, dat zij door het tegendeel te doen — wat zij deden — geen enkel excuus hadden.

ootmoediglijk te wandelen Hebr. ootmoedig zijn wandelen, of zich verootmoedigen [met wandelen, of wandelende. Zie van zulke samenvoeging van twee woorden Ps. 45:5 .

Hertaald: ootmoediglijk te wandelen Hebreeuws: ootmoedig zijn wandelen, of: zich verootmoedigen met wandelen. Zie over zo'n samenvoeging van twee woorden Ps. 45:5.

met uw God? Zie Gen. 5:22 .

Hertaald: met uw God? Zie Gen. 5:22.

Micha 6 vers 9

stem des HEEREN roept Alsof de profeet zeide: Dat gij nu geheel anders doet dan gij wel weet dat God van u eist, en dat gij daarmede zijne straffen verdient en veroorzaakt, zulks wordt dagelijks door zijne profeten, en nu door mij, gepredikt en openlijk aangezegd.

Hertaald: stem des HEEREN roept Alsof de profeet zei: dat u nu heel anders doet dan u heel goed weet dat God van u eist, en dat u daarmee Zijn straffen verdient en veroorzaakt, wordt dagelijks door Zijn profeten en nu door mij gepredikt en openlijk aangezegd.

stad Jeruzalem: sommigen duiden het op Samaria uit vs.16, of op beide deze hoofdsteden.

Hertaald: stad Namelijk Jeruzalem; sommigen betrekken het op Samaria uit vers 16, of op beide hoofdsteden.

Naam ziet Dat is, Gij zelf, o Heere, [vol van heerlijkheid en majesteit] weet alles. Zie Deut. 28:58 .

Hertaald: Naam ziet Dat is: U Zelf, o HEERE, vol heerlijkheid en majesteit, weet alles. Zie Deut. 28:58.

het wezen) Of, water is, dat is alle ding; of wat er omgaat, hoe het er gesteld is. Anders: ziet naar de wijsheid [die in de ware bekering bestaat]. Anders: de wijsheid [dat is een wijs man] zal uwen naam zien; dat is, zal merken dat Gij het zijt, dat het uwe woorden en werken zijn, en zich daarnaar regelen. Zie van het Hebr. woord Job 5:12 .

Hertaald: het wezen) Of: wat er is, dat is: alle dingen; of: wat er omgaat en hoe het ervoor staat. Anders: ziet naar de wijsheid, die in de ware bekering bestaat. Anders: de wijsheid — dat is: een wijs man — zal Uw naam zien, dat is: zal merken dat U het bent, dat het Uw woorden en werken zijn, en zich daarnaar richten. Zie over het Hebreeuwse woord Job 5:12.

roede, Dat is, de profetie van Gods roede, dat is, straffen en plagen. Zie Job 9:34 ; Jes. 10:5 ; Klaagl. 3:1 met de aantekening.

Hertaald: roede, Dat is: de profetie van Gods roede, dat is: van Zijn straffen en plagen. Zie Job 9:34; Jes. 10:5; Klaagl. 3:1 met de aantekening.

wie ze besteld heeft Dat is, dien die deze roede, of dat [kwaad] verordineerd, plaats en tijd bestemd heeft. Of, vragenderwijze: Wie heeft ze besteld? Te weten, anders dan God. Zie gelijke woorden van het zwaard des Heeren, Jer. 47:7 , en verg. Jes. 30:32 met de aantekening.

Hertaald: wie ze besteld heeft Dat is: Hem Die deze roede, of dat kwaad, verordend en er plaats en tijd voor bepaald heeft. Of vragenderwijs: wie heeft haar besteld? Namelijk niemand anders dan God. Zie soortgelijke woorden over het zwaard van de HEERE in Jer. 47:7, en vergelijk Jes. 30:32 met de aantekening.

Micha 6 vers 10

Zijn er niet nog, Of, [heeft niet] nog een ieder een goddeloos huis? [of] een huis eens goddelozen? [en] schatten der goddeloosheid? of, [met sommigen] aldus: Zijn er niet nog, in het huis der goddelozen, schatten der goddeloosheid? maar het schijnt dat de profeet ziet op de algemeenheid der boosheid, dat een ieder doorgaans met onrechtvaardigheid omging. Verg. Mi. 7:2-3 , enz. Doch het Hebr. woord, [zoals het hier in den Hebr. tekst staat] kan ook genomen worden voor is, of zijn. Zie dergelijke 2 Sam. 14:19 , in de aantekening, waaruit deze verscheidenheid ontstaat.

Hertaald: Zijn er niet nog, Of: heeft niet nog ieder een goddeloos huis, of een huis van een goddeloze, en schatten van goddeloosheid? Volgens sommigen aldus: zijn er niet nog in het huis van de goddelozen schatten van goddeloosheid? Maar het lijkt erop dat de profeet ziet op de algemeenheid van de boosheid, dat vrijwel iedereen met onrecht omging. Vergelijk Micha 7:2-3, enzovoort. Overigens kan het Hebreeuwse woord zoals het hier in de tekst staat ook opgevat worden als is of zijn; zie iets dergelijks bij 2 Sam. 14:19 in de aantekening — daaruit ontstaat dit verschil.

goddelozen huis, Na zoveel goddelijke waarschuwingen en kastijdingen, is het nog evenwel overal vol van goddeloosheid en onrecht.

Hertaald: goddelozen huis, Na zoveel goddelijke waarschuwingen en kastijdingen is het toch nog overal vol goddeloosheid en onrecht.

goddeloosheid Die met goddeloosheid, schenderij en onrecht verkregen zijn.

Hertaald: goddeloosheid Die met goddeloosheid, schending en onrecht verkregen zijn.

schaarse Of, scherp, dat is, wat te klein is. Hebr. ene efa der magerheid.

Hertaald: schaarse Of: krappe, dat is: wat te klein is. Hebreeuws: een efa van de magerheid.

efa, Zie Ex. 16:36 , en Deut. 25:15-16 ; Ezech. 45:10-11 , enz.

Hertaald: efa, Zie Ex. 16:36 en Deut. 25:15-16; Ezech. 45:10-11, enzovoort.

te verfoeien is? Of, verfoeid wordt, behoort verfoeid te worden.

Hertaald: te verfoeien is? Of: verfoeid wordt, verfoeid behoort te worden.

Micha 6 vers 11

Zou ik rein zijn, Dat is, zou iemand kunnen rein zijn, enz.

Hertaald: Zou ik rein zijn, Dat is: zou iemand rein kunnen zijn, enzovoort.

goddeloze weegschaal Hebr. weegschalen der goddeloosheid, en alzo weegstenen des bedrogs.

Hertaald: goddeloze weegschaal Hebreeuws: weegschalen van de goddeloosheid; en zo ook: weegstenen van het bedrog.

weegstenen? Namelijk van gewicht, dat zij in zakken hadden. Zie Lev. 19:36 , en Deut. 25:13 , enz. Geenszins [wil de Heere zeggen] zal Ik zulken voor rein houden; maar voor alzulken houden, en alzo behandelen, gelijk volgt.

Hertaald: weegstenen? Namelijk gewichten, die zij in zakken bij zich hadden. Zie Lev. 19:36 en Deut. 25:13, enzovoort. Volstrekt niet, wil de HEERE zeggen: Ik zal zulke mensen niet voor rein houden, maar hen beschouwen en behandelen zoals volgt.

Micha 6 vers 12

haar rijke lieden vol zijn van geweld, Van Jeruzalem, in vs.9, of aldus, welker, [namelijk, stad Jeruzalem] rijken, enz., en welker inwoners, enz.

Hertaald: haar rijke lieden vol zijn van geweld, Namelijk van Jeruzalem, uit vers 9. Of aldus: waarvan — namelijk van de stad Jeruzalem — de rijken, enzovoort, en waarvan de inwoners, enzovoort.

haar tong Der inwoners.

Hertaald: haar tong Namelijk van de inwoners.

bedriegelijk is in haar mond; Hebr. bedrog.

Hertaald: bedriegelijk is in haar mond; Hebreeuws: bedrog.

Micha 6 vers 13

u ook krenken, Gij inwoners van Jeruzalem, of gij volk, Ik zal u krenken, krank, zwak maken, enz.

Hertaald: u ook krenken, U, inwoners van Jeruzalem, of: u, volk; Ik zal u krenken, zwak maken, enzovoort.

Micha 6 vers 14

nederdrukking Gij die nu zo fier daarhenen praalt en het hoofd omhoog steekt. Zie Mi. 2:3 .

Hertaald: nederdrukking U die nu zo fier rondloopt en het hoofd omhoog steekt. Zie Micha 2:3.

midden van u zijn; Of, binnen in u, in uw binnenste. Dit kan men duiden op de grote benauwdheid, die zij binnen de stad zouden lijden ten tijde der Babylonische belegering. Sommigen nemen het alsof God zeide: Gij zelf zult de oorzaak zijn van uwe ellenden, en niemand anders: of, gij zult voor uwe ogen moeten zien, dat gij van tijd tot tijd zult vervallen, totdat gij te gronde gaat.

Hertaald: midden van u zijn; Of: binnen in u, in uw binnenste. Dit kan men betrekken op de grote benauwdheid die zij binnen de stad zouden lijden tijdens de Babylonische belegering. Sommigen vatten het op alsof God zei: u zult zelf de oorzaak van uw ellende zijn en niemand anders; of: u zult voor uw ogen moeten zien dat u van tijd tot tijd verder achteruitgaat, totdat u te gronde gaat.

aangrijpen, Of, verrukken, verroeren, verbrengen, van ene plaats in de andere, te weten, vrouw en kinderen, idem, goed en have, om die te behouden en daarvan te brengen, of te bergen, maar tevergeefs.

Hertaald: aangrijpen, Of: verplaatsen, van de ene plaats naar de andere brengen, namelijk vrouw en kinderen, en ook goed en have, om die te behouden en in veiligheid te brengen — maar tevergeefs.

wegbrengen, Dat is, zoudt mogen verkrijgen en menen al vrij en geborgen te zijn.

Hertaald: wegbrengen, Dat is: wat u nog zou kunnen redden en waarvan u meent dat het veilig geborgen is.

Micha 6 vers 15

olijven Hebr. den olijfboom.

Hertaald: olijven Hebreeuws: de olijfboom.

treden, Dat is, persen.

Hertaald: treden, Dat is: persen.

most, Dat is, druiven treden. Verg. Am. 5:11 ; Sef. 1:13 .

Hertaald: most, Dat is: druiven treden. Vergelijk Amos 5:11; Zef. 1:13.

Micha 6 vers 16

inzettingen van Omri worden onderhouden, Versta, de afgoderijen die Omri en zijn zoon Achab onder de tien stammen op het allerhoogste hebben bevorderd; zie 1 Kon. 16:16 , 1 Kon. 16:25 , 1 Kon. 16:30-31 met de aantekening.

Hertaald: inzettingen van Omri worden onderhouden, Versta: de afgoderijen die Omri en zijn zoon Achab onder de tien stammen ten zeerste bevorderd hebben; zie 1 Kon. 16:16, 1 Kon. 16:25, 1 Kon. 16:30-31 met de aantekening.

derzelver raadslagen; Raadslagen van Omri en Achab, om bij alle wegen en met alle handelingen de afgoderij te stijven en den gansen staat van het land daarnaar te vormen.

Hertaald: derzelver raadslagen; De raadslagen van Omri en Achab, om langs alle wegen en met alle middelen de afgoderij te versterken en de hele staat van het land daarnaar te vormen.

opdat Ik u stelle tot verwoesting, Waardoor gij het alzo maakt, dat Ik u zal moeten stellen, enz.; verg. Jer. 18:16 , en Jer. 27:10 , Jer. 27:15 , en Jer. 32:31 ; Klaagl. 2:14 ; Ezech. 8:6 , enz. met de aantekening.

Hertaald: opdat Ik u stelle tot verwoesting, Doordat u het zo maakt dat Ik u wel tot verwoesting moet stellen, enzovoort; vergelijk Jer. 18:16, Jer. 27:10, Jer. 27:15 en Jer. 32:31; Klaagl. 2:14; Ezech. 8:6, enzovoort, met de aantekening.

haar inwoners Van Jeruzalem.

Hertaald: haar inwoners Namelijk van Jeruzalem.

aanfluiting; Zie 1 Kon. 9:8 .

Hertaald: aanfluiting; Zie 1 Kon. 9:8.

smaadheid Mijns volks dragen Dat is, de straf der smaadheid en schande, die gij mijn volk, [bijzonderlijk den armen en nooddruftigen] met de voorzeide schandelijke werken hebt aangedaan. Of, de smadheid van mijn volk; dat is, die mijn volk verdiend heeft. Alzo, smaadheid mijner jeugd; dat is, die ik in mijne jeugd verdiend, of op mijn hals gehaald heb; Jer. 31:19 .

Hertaald: smaadheid Mijns volks dragen Dat is: de straf voor de smaad en schande die u Mijn volk — en in het bijzonder de armen en behoeftigen — met de genoemde schandelijke daden aangedaan hebt. Of: de smaad van Mijn volk, dat is: die Mijn volk verdiend heeft. Zo ook: de smaad van mijn jeugd, dat is: die ik in mijn jeugd verdiend of over mij gehaald heb; Jer. 31:19.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
De HEERE heeft een twist met Zijn volk  — een rechtszaak waarin God niet aanklaagt met vage verwijten, maar met concrete daden van trouw (Micha 6:1-5)

"Hoort nu, wat de HEERE zegt: Maak u op, twist met de bergen, en laat de heuvelen uw stem horen" (Micha 6:1). Het vers erna herhaalt de oproep en noemt de reden: "want de HEERE heeft een twist met Zijn volk, en Hij zal Zich met Israel in recht begeven" (Micha 6:2). Dan volgt Gods eigen vraag: "O Mijn volk! wat heb Ik u gedaan, en waarmede heb Ik u vermoeid? Betuig tegen Mij" (Micha 6:3). Het antwoord dat volgt, is geen verwijt maar een opsomming van weldaden: "Immers heb Ik u uit Egypteland opgevoerd, en u uit het diensthuis verlost; en Ik heb voor uw aangezicht henen gezonden Mozes, Aaron en Mirjam" (Micha 6:4), met de herinnering aan Balak en Bileam en de weg "van Sittim af tot Gilgal toe" (Micha 6:5).

Bijbelse betekenis: Merk op de ongewone vorm van deze rechtszaak: bergen en heuvelen worden als getuigen opgeroepen. Diezelfde soort vaste elementen van de schepping — bergen die smelten, dalen die splijten — kondigden al aan het begin van dit boek Gods eigen komst aan (reeds behandeld bij Micha 1:2-5). Let vervolgens op Gods eigen vraag in Micha 6:3: wat heb Ik u gedaan? Hij daagt Zijn volk niet uit om Zijn misstappen te noemen — die zijn er niet — maar om te laten zien dat er geen reden is voor hun ontrouw. Let ten slotte op wat er wordt opgesomd: niet straffen maar bevrijding, leiders, en trouw op de hele weg door de woestijn. De rechtszaak begint dus niet met een aanklacht tegen het volk, maar met een herinnering aan wat God gedaan heeft.

Typologie: Datzelfde middel — hemel en aarde als getuigen bij een verbondsrechtszaak — gebruikte Mozes al bij het begin van zijn afscheidslied: "Neig de oren, gij hemel, en ik zal spreken; en de aarde hore de redenen mijns monds" (Deut. 32:1).

Micha 6:1-5; Micha 1:2-5; Deut. 32:1

Recht te doen, en weldadigheid lief te hebben, en ootmoediglijk te wandelen met uw God  — het antwoord op de vraag waarmee men de HEERE tegemoet kan komen (Micha 6:6-8)

Op Gods rechtszaak volgt een vraag van de kant van het volk: "Waarmede zal ik den HEERE tegenkomen, en mij bukken voor den hogen God? Zal ik Hem tegenkomen met brandofferen, met eenjarige kalveren?" (Micha 6:6). De vraag klimt op tot het uiterste: "Zal ik mijn eerstgeborene geven voor mijn overtreding, de vrucht mijns buiks voor de zonde mijner ziel?" (Micha 6:7). Dan komt het antwoord, kort en helder: "Hij heeft u bekend gemaakt, o mens! wat goed is; en wat eist de HEERE van u, dan recht te doen, en weldadigheid lief te hebben, en ootmoediglijk te wandelen met uw God?" (Micha 6:8).

Bijbelse betekenis: Merk op de opklimming in de vragen: van gewone offers naar de grootste offergave die een mens zich kan voorstellen. Beide worden afgewezen, niet omdat offers op zichzelf verkeerd waren, maar omdat zij niet is wat God werkelijk vraagt. Let vervolgens op het woordje bekend gemaakt in Micha 6:8: dit is geen nieuwe eis, maar iets dat God al eerder had laten weten, onder meer door Zijn wet. Let ten slotte op de drie dingen die genoemd worden: recht doen, weldadigheid liefhebben, en ootmoedig wandelen met God — één naar buiten (recht), één naar de naaste (weldadigheid liefhebben), en één naar boven (wandelen met God). Dezelfde les is elders in het register al gegeven: gehoorzamen is beter dan slachtoffer (reeds behandeld bij 1 Sam. 15:22), en Ik heb lust tot weldadigheid, en niet tot offer (reeds behandeld bij Hos. 6:6).

Typologie: De Heere Jezus vat de wet op vergelijkbare wijze samen: "Gij zult liefhebben den Heere, uw God, met geheel uw hart, en met geheel uw ziel, en met geheel uw verstand" (Matt. 22:37), en: "Gij zult uw naaste liefhebben als uzelven" (Matt. 22:39). Wat bij Micha in drie delen komt, komt daar in twee samen.

Micha 6:6-8; 1 Sam. 15:22; Hos. 6:6; Matt. 22:37-39

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Micha 6

Micha 6:1.KruisverwijzingenDeuteronomium 32:1Micha 1:2Jeremia 22:29Ezechiël 36:1Psalmen 50:1Psalmen 50:41 Samuël 15:16Ezechiël 37:4
— Hoort nu, wat de HEERE zegt: Maak u op, twist met de bergen, en laat de heuvelen uw stem horen.
En toch twijfelen sommigen aan de onfeilbare ingeving van de Schrift. Ik zou elke schriftlezing willen beginnen met zo’n woord van vermaning als dit: hoort nu wat de HEERE zegt. Dat zei de profeet — maar God sprak door de profeet.

Omdat de mensen verhard waren en hun oren afkeerden, kreeg de profeet bevel tot de bergen te spreken. Die bergen waren met de heiligdommen van afgoden misvormd, met altaren op elke hoge heuvel. Of misschien die hogere heuvels die nooit bebouwd waren en die door de bezoedelende hand van mensen onaangeroerd gebleven waren. God doet een beroep op deze oude dingen.

Micha 6:2.KruisverwijzingenHosea 4:1Hosea 12:2Jesaja 1:18Psalmen 104:52 Samuël 22:16Jeremia 2:292 Samuël 22:8Spreuken 8:29
— Hoort, gij bergen! den twist des HEEREN, mitsgaders gij sterke fondamenten der aarde! want de HEERE heeft een twist met Zijn volk, en Hij zal Zich met Israel in recht begeven.
Het was een wonderlijke neerbuiging van Gods kant dat Hij Zich verwaardigde als verweerder te verschijnen voor het verheven gerechtshof van de bergen. En dat in de tegenwoordigheid van de diepe grondvesten van de aarde. Het is een edele voorstelling, als dichtkunst voortreffelijk en in grootsheid God waardig. Hij deed een beroep op de oude heuvels om Zijn pleidooi te horen. Zo verwaardigde Hij Zich te redetwisten en Zijn volk te vragen waarom zij hun God verworpen hadden en zich tot afgoden gewend.

Micha 6:3.KruisverwijzingenJeremia 2:5Psalmen 81:13Jesaja 43:22Psalmen 50:7Jeremia 2:31Romeinen 3:19Romeinen 3:4Psalmen 81:8
— O Mijn volk! wat heb Ik u gedaan, en waarmede heb Ik u vermoeid? Betuig tegen Mij.
“O Mijn volk! wat heb Ik u gedaan, en waarmede heb Ik u vermoeid? Betuig tegen Mij.”

Wat anders dan goed, wat anders dan barmhartigheid heb Ik u gedaan? Hij vraagt hun ook maar één reden op te geven waarom zij zich van Hem afgekeerd hadden.

Geliefde vrienden, is iemand van u, die het volk van God bent, koud geworden in uw liefde tot Hem? Verwaarloost u de dienst van de Allerhoogste? Begint u op een arm van vlees te vertrouwen? Zoekt u uw genoegens in de wereld? Bent u de liefde van uw ondertrouw kwijt, uw eerste liefde tot uw gezegende Heere? Hoor Hem dan met u pleiten. Wees niet als Israël, maar laat de HEERE tot ú spreken in plaats van tot de heuvels. O HEERE, wij hebben niets tegen U te betuigen! Wij hebben zeer veel vóór U te betuigen, en wij schamen ons dat wij het niet vaker gedaan hebben.

Micha 6:4.KruisverwijzingenExodus 12:51Deuteronomium 7:8Amos 2:102 Samuël 7:23Numeri 12:1Exodus 20:2Jesaja 63:9Jeremia 32:21
— Immers heb Ik u uit Egypteland opgevoerd, en u uit het diensthuis verlost; en Ik heb voor uw aangezicht henen gezonden Mozes, Aaron en Mirjam.
God verwijst voortdurend naar Israëls uittocht uit Egypte; bij elke grote gelegenheid begint Hij: “Ik ben de HEERE uw God, Die u uit Egypteland, uit het diensthuis, uitgeleid heb.” En tot Zijn volk zegt de HEERE nog altijd: Ik heb u uit het land van Egypte opgevoerd en u uit het huis van de slavernij verlost.

Is het niet zo? Verlustigen wij ons niet nog altijd in Zijn verlossend werk en in de besprenging van het bloed van het Paaslam? En in de sterke hand en de uitgestrekte arm waarmee de HEERE ons uit de slavernij van onze zonde verloste? Bedenk dat ook u een dienstknecht was; vergeet niet Wie u gekocht heeft en met welke prijs; herinner u Wie u verloste en uitleidde, en met welke machtige kracht. Denk daaraan, en laat uw koude liefde weer ontbranden en uw onverschilligheid in geestdrift veranderen.

De HEERE zegt verder tot Zijn volk dat Hij Mozes, Aäron en Mirjam voor hun aangezicht gezonden heeft: de wetgever, de priester en de profetes. De een om hen te onderwijzen en de ander om voor hen te pleiten en te offeren. En de derde om voor hen te zingen: om hun lied van blijdschap aan de Schelfzee aan te heffen. God heeft Zijn volk vele bedieningen in allerlei vorm gegeven, en zij zijn alle samengevat in Zijn Zoon, Die ons alles is.

Micha 6:5.KruisverwijzingenNumeri 25:1Jozua 5:9Richteren 5:11Jozua 4:19Jozua 10:42Deuteronomium 23:4Numeri 33:49Romeinen 3:25
— Mijn volk! gedenk toch wat Balak, de koning van Moab, beraadslaagde, en wat hem Bileam, de zoon van Beor, antwoordde; en wat geschied is van Sittim af tot Gilgal toe, opdat gij de gerechtigheden des HEEREN kent.
Balak trachtte Bileam ertoe te brengen het volk van God te vervloeken; maar zij konden door menselijke macht niet overwonnen worden. Hij zocht hen door bovenmenselijke middelen te verderven, maar de vloeken van Bileam veranderden in zegeningen. God stond de valse profeet niet toe Israël te vervloeken; en in ons geval heeft Hij de vloek van de grote tegenstander in een zegen veranderd.

Sittim was de laatste legerplaats aan de overzijde van de Jordaan, Gilgal de eerste in het beloofde land. Daarom worden zij hier verbonden met de gerechtighéden van de HEERE aan Zijn volk, want het woord staat in het meervoud. Het is een opmerkelijke wending: opdat u de gerechtighéden van de HEERE kent. Hij is altijd rechtvaardig, in alles, jegens alles, en onder elk opzicht. Ik wilde wel dat wij dat wisten, want soms beginnen wij te denken dat Hij hard met ons handelt. Worden wij zwaar beproefd, dan gaan wij aan de gerechtigheid van de HEERE twijfelen. Denk aan alles wat Hij van de eerste dag tot de laatste aan u gedaan heeft.

Micha 6:6-7.Kruisverwijzingen2 Koningen 16:3Psalmen 50:91 Samuël 15:22Jesaja 40:16Romeinen 10:22 Koningen 3:27Jeremia 7:31Leviticus 18:21
— Waarmede zal ik den HEERE tegenkomen, en mij bukken voor den hogen God? Zal ik Hem tegenkomen met brandofferen, met eenjarige kalveren? Zou de HEERE een welgevallen hebben aan duizenden van rammen, aan tien duizenden van oliebeken? Zal ik mijn eerstgeborene geven voor mijn overtreding, de vrucht mijns buiks voor de zonde mijner ziel?
Het volk wil God alles geven behalve wat Hij vraagt. U ziet dat zij beginnen met te zeggen dat zij brandoffers zullen brengen; daartoe zijn zij bereid. De bijl zal vallen op de kop van talloze jonge stieren, zoals God onder de wet eiste. Voor dat offer is het volk bereidwillig genoeg. En wat de rammen betreft: die zullen zij bij duizenden hun bloed doen storten. Is er olie nodig voor het spijsoffer, dan zullen er stromen van vloeien.

Als zij geofferd hebben wat God wíl hebben, bieden zij aan wat Hij niet hebben wil. Zij boden aan hun eerstgeborene te geven voor hun overtreding — iets wat God verafschuwde en waarvan Hij walgde. Zij beledigden de HEERE met de offers van Moloch, met mensenslachting, door hun kinderen te offeren om verzoening voor hun zonden te verkrijgen. Zij waren bereid zelfs zo ver te gaan en alles te doen behalve wat God vraagt. En mensen geven God nog altijd alles behalve wat Hij vraagt: verheven gebouwen, prachtige diensten, verrukkelijke muziek, goud en zilver — alles behalve wat de HEERE eist.

Micha 6:8.KruisverwijzingenDeuteronomium 10:121 Samuël 15:22Jeremia 22:3Hosea 6:6Kolossenzen 3:121 Petrus 5:5Jesaja 66:2Spreuken 21:3
— Hij heeft u bekend gemaakt, o mens! wat goed is; en wat eist de HEERE van u, dan recht te doen, en weldadigheid lief te hebben, en ootmoediglijk te wandelen met uw God?
“Hij heeft u bekend gemaakt, o mens! wat goed is; en wat eist de HEERE van u, dan recht te doen, en weldadigheid lief te hebben, en ootmoediglijk te wandelen met uw God?”

Het was een geestelijke eredienst die de HEERE eiste: geen uitwendigheden, geen uitwendige gaven, maar het hart. Wilt u een offer brengen, breng dan uzelf; er is geen andere gave die de HEERE zozeer begeert.

De profeet noemt drie dingen die de HEERE van Zijn volk eiste. Recht te doen: hier zijn de billijkheden van het leven. Weldadigheid lief te hebben: hier zijn de vriendelijkheden van het leven, die opgewekt bewezen moeten worden. De profeet zegt niet: weldadigheid te dóen, maar haar lief te hébben en er behagen in te scheppen. Groot genoegen te vinden in het vergeven van beledigingen, in het helpen van de armen en in het opbeuren van de zieken. En in het onderwijzen van de onwetenden en het terugwinnen van zondaars voor de wegen van God. En ootmoediglijk te wandelen met uw God.

Het wándelen met God duidt op een werkzame gewoonte, op een omgang in de gewone bewegingen van de dag. Sommigen buigen zich ootmoedig voor God in het uur van het gebed. Anderen zitten ootmoedig in Zijn tegenwoordigheid in de tijd van de overdenking, en weer anderen werken zich op om tot God te naderen in tijden van godsdienstige opwinding. Maar dat alles schiet tekort bij het wándelen met God.

Wandelen is een gewone gang, een alledaagse voortgang, en het lijkt geen grote inspanning te vergen. Maar het is een praktische, werkzame gang, een tempo waarin men door en door kan gaan en tegen zonsondergang een dagreis afgelegd heeft. Met God wandelen betekent dus altijd bij God zijn, ook bij Hem zijn in de gewone dingen. Bij Hem zijn op maandag, dinsdag, woensdag, donderdag, vrijdag en zaterdag, zowel als op de dag des HEEREN. Het betekent bij Hem zijn in de winkel, bij Hem in de keuken, bij Hem op het veld. Het is Zijn tegenwoordigheid gevoelen in het kopen en verkopen, in het wegen en meten, in het ploegen en maaien. Het is de meest gewone handelingen van het leven doen als voor de HEERE.

En dan komt het bepalende woord erbij: oótmoediglijk. Wanneer onze wandel met God het nauwst en het helderst is, moeten wij overweldigd worden door aanbiddende verwondering. Wat een neerbuiging, die ons toestaat eraan te denken met de Eeuwige te spreken! Bij die eerbied moet een bestendig besef van afhankelijkheid komen. Ootmoedig met God wandelen betekent dat wij dagelijks al onze voorraad uit Hem putten en dankbaar erkennen dat het zo is. Wij mogen nooit een gedachte van onafhankelijkheid van God koesteren, alsof wij iets waren of iets buiten Hem konden doen.

Ootmoedig met God wandelen sluit ook een diepe eerbied voor Zijn wil in, en een blijde onderwerping eraan: zowel werkzame gehoorzaamheid als lijdelijke berusting. Onder snijdende verdrukkingen roept het ootmoedig wandelen met God uit: “Hij is de HEERE; Hij doe, wat goed is in Zijn ogen!” Beveelt de HEERE mij Hem te dienen, dan moet ik om genade pleiten om in de weg van Zijn geboden te lopen. En kastijdt de HEERE mij, dan moet ik om lijdzaamheid bidden om Zijn beschikkingen te dragen. De praktische uitkomst van al die inwendige verootmoediging zal zijn dat wij ons jegens anderen gedragen en ons in alles bewegen onder de invloed van een ootmoedige geest.

Micha 6:9.KruisverwijzingenJesaja 30:27Sefanja 3:2Jesaja 10:5Amos 2:5Hosea 13:16Psalmen 9:16Micha 3:12Jesaja 40:6
— De stem des HEEREN roept tot de stad (want Uw Naam ziet het wezen): Hoort de roede, en wie ze besteld heeft!
Gods stem tot Zijn volk klinkt vaak door hun verdrukking heen: hoort de roede. Hij wil dat wij verstaan dat oordelen en rampen Zijn stem zijn die tot de stad roept. Och, dat wij mannen van wijsheid waren en hoorden wat God te zeggen heeft! Helaas, Israël hoorde niet, en Juda wilde niet luisteren, zelfs niet naar de eigen stem van God.

Micha 6:10.KruisverwijzingenAmos 3:10Amos 8:5Jeremia 5:26Deuteronomium 25:13Jakobus 5:12 Koningen 5:23Leviticus 19:35Hosea 12:7
— Zijn er niet nog, in eens ieders goddelozen huis, schatten der goddeloosheid en een schaarse efa, dat te verfoeien is?
Hier komt Hij op de praktijk. In de dagen van Micha waren mensen rijk geworden door verdrukking, door een gebrek aan recht. Zij hadden hun medemensen onrecht gedaan. En God vroeg hun of zij verwachtten Hem aangenaam te zijn, terwijl hun huizen vol schatten waren die zij feitelijk gestolen hadden door krappe maat en te licht gewicht.

God verwaardigt Zich zelfs deze kleine bijzonderheden van het zedelijk gedrag aan te wijzen, en zo behoren Zijn knechten dat ook te doen. Het is niet aan ons, Zijn dienaren, om in de wolken te zweven en u met de grootsheid van onze gedachten en woorden te verbazen. Het is aan ons om in uw winkels te komen en naar uw maten en gewichten te kijken.

Micha 6:11-12.KruisverwijzingenHosea 12:7Hosea 7:13Jesaja 1:23Jeremia 9:8Jeremia 9:2Jesaja 3:8Micha 2:1Jesaja 5:7
— Zou ik rein zijn, met een goddeloze weegschaal en met een zak van bedriegelijke weegstenen? Dewijl haar rijke lieden vol zijn van geweld, en haar inwoners leugen spreken, en haar tong bedriegelijk is in haar mond;
Zij waren, denk ik, ongeveer zoals oosterlingen nog altijd zijn: u kunt niet met hen handelen zonder meer dan twee ogen nodig te hebben. Hun prijs moet omlaag gepraat worden; hun hoeveelheden moeten nageteld worden. God wilde niet dat Zijn volk zo zou zijn. Hij zegt niets over de Moabieten of de Babyloniërs die dat deden; maar dat Zíjn volk het deed, was Hem zeer smartelijk.

Micha 6:13.KruisverwijzingenPsalmen 107:17Handelingen 12:23Jesaja 1:5Deuteronomium 28:21Hosea 5:9Jesaja 6:11Klaagliederen 1:13Hosea 13:16
— Zo zal Ik u ook krenken, u slaande, en verwoestende om uw zonden.
Zij logen en zij bedrogen, en daarom zou God hun een kwalijke tong geven, die van hun slechte gezondheid getuigde. Hij zou hun tegenwoordige benauwdheid steeds erger maken, totdat zij ziek zouden zijn van hun wonden.

Micha 6:14.KruisverwijzingenHosea 4:10Leviticus 26:26Amos 9:1Deuteronomium 32:22Jesaja 9:20Jesaja 3:6Jesaja 24:17Jesaja 65:13
— Gij zult eten, maar niet verzadigd worden, en uw nederdrukking zal in het midden van u zijn; en gij zult aangrijpen, maar niet wegbrengen, en wat gij zult wegbrengen, zal Ik aan het zwaard overgeven.
De voldoening die het eten ons geeft, komt uit Zijn barmhartigheid. En wil Hij het, dan kan Hij zeggen: “Gij zult eten, maar niet verzadigd worden.” U zult een innerlijke leegte gevoelen; ook wanneer u gegeten hebt, zult u mat zijn als iemand die niets gegeten heeft. Zo zouden zij in elk plan teleurgesteld worden en in elk voornemen verijdeld, omdat God tegen hen zou zijn.

Micha 6:15.KruisverwijzingenSefanja 1:13Amos 5:11Jeremia 12:13Deuteronomium 28:38Hagai 1:6Leviticus 26:20Joël 1:10Jesaja 65:21
— Gij zult zaaien, maar niet maaien; gij zult olijven treden, maar u met olie niet zalven, en most, maar geen wijn drinken.
God kan mensen elke vorm van uitwendige voorspoed geven en er toch niets van laten worden. Ik vrees dat sommigen, misschien sommigen die hier zijn, elke uitwendige godsdienstige zegen hebben en dat er toch niets van komt. U hoort preken, u komt naar de samenkomsten, u treedt de olijven — maar u wordt niet met de olie gezalfd. De druiven liggen in de perskuip, maar u drinkt de wijn niet. God beware ons voor die droeve toestand!

Micha 6:16.KruisverwijzingenJeremia 51:51Jeremia 7:241 Koningen 16:25Psalmen 44:13Jeremia 19:8Jesaja 25:81 Koningen 21:25Daniël 9:16
— Want de inzettingen van Omri worden onderhouden, en het ganse werk van het huis van Achab; en gij wandelt in derzelver raadslagen; opdat Ik u stelle tot verwoesting, en haar inwoners tot aanfluiting; alzo zult gij de smaadheid Mijns volks dragen.
Zij wilden de inzettingen van God niet houden, maar de vuile inzettingen van Omri konden zij wél houden. Achab was een aartsopstandeling tegen God; denk aan zijn moord op Naboth om de wijngaard van die man te krijgen. En deze mensen volgden zijn boze voorbeeld.

Het was zeer zwaar die smaad te dragen, terwijl er geen vertroostingen van de Geest bij zouden zijn. Er zijn belijders die de smaad van Christus dragen maar Zijn kroon nooit zullen delen; dat is een vreselijke toestand. Graag genoeg zouden wij die smaad opnemen om waarlijk de Zijnen te zijn. Maar belijden wij het volk van God te zijn en handelen wij daarmee in strijd, dan zullen wij alle smaad dragen en niets hebben om ons eronder staande te houden. O HEERE, verlos ons daarvan door Uw barmhartigheid!

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Spurgeon Citaten

Mocht de Heilige Geest ons leren wat een verbroken en verslagen geest betekent, en ons altijd laag houden voor de HEERE.

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content