Gratis Studiebijbel – Spurgeon Studiebijbel SV

Gratis online Studiebijbel met Spurgeon-commentaar

De Spurgeon Studiebijbel is een gratis online studiebijbel waarmee u de Bijbel kunt lezen en bestuderen. U vindt hier de Statenvertaling met het commentaar van C.H. Spurgeon, kruisverwijzingen, kanttekeningen, Bijbelse namen, plaatsen en begrippen, Strong-nummers en meer. Ook kunt u per hoofdstuk ontdekken wat de Bijbel zegt over Christus. Zo hebt u niet alleen de Bijbeltekst bij de hand, maar ook allerlei hulpmiddelen om Gods Woord beter te begrijpen. De Studiebijbel is vrij toegankelijk en kan volledig online worden gebruikt, zonder abonnement of aankoop van een boek.

Over deze StudieBijbel

Naast de Bijbeltekst staan verschillende vensters open. Zij zijn niet van één hand, en dat is met opzet. Hieronder staat wie waarvoor verantwoordelijk is.

De Bijbeltekst

De tekst is de Statenvertaling, de vertaling die de Staten-Generaal in 1618 liet maken en die in 1637 verscheen. Zij is hier onveranderd overgenomen.

De kanttekeningen

De kanttekeningen zijn van de Statenvertalers zelf. Dat maakt ze bijzonder: het zijn geen latere verklaringen van buitenaf, maar de aantekeningen van de mannen die de grondtekst vertaalden, geschreven terwijl zij eraan werkten. Waar zij twijfelden, schreven zij het op. Waar een Hebreeuws of Grieks woord meer dan één kant op kon, noemden zij beide. Zo kijkt de lezer mee over de schouder van de vertaler.

De hertaling naar hedendaags Nederlands is van Teun van der Plas. De inhoud is daarbij gevolgd, niet vervangen; de bedoeling was het oude Nederlands weg te nemen en niets anders.

Het commentaar, de citaten en de overdenkingen

Deze zijn van Charles Haddon Spurgeon (1834-1892), vertaald in het Nederlands. Zij komen uit zijn Bijbelcommentaar en uit zijn preken en geschriften.

De verklaring van Dächsel

Het paneel met de Bijbelverklaring is niet van Spurgeon maar van Karl August Dächsel (1818-1901), wiens verklaring van de hele Bijbel in het Nederlands beschikbaar is.

Namen, plaatsen en begrippen

De registers van Bijbelse namen, plaatsen en begrippen gaan terug op oudere naslagwerken, waaronder Easton's Bible Dictionary en de International Standard Bible Encyclopedia. Zij zijn hertaald naar het Nederlands en aangevuld door Teun van der Plas.

Christus in dit hoofdstuk

Dit register is geschreven door Teun van der Plas, op grond van de kanttekeningen en de genoemde bronnen. Bij elke heenwijzing staat aangegeven hoe stevig zij is: of het Nieuwe Testament de plaats zelf op Christus toepast, of dat het om een verantwoorde uitleg of een oude overlevering van de kerk gaat. Wat de Schrift niet zegt, wordt ook niet als haar woord gepresenteerd.

Waarom deze uitgave bijzonder is

Wat hier bij elkaar staat, stond nooit eerder bij elkaar. De kanttekeningen van 1637 en het commentaar van Spurgeon zijn door tweeënhalve eeuw gescheiden, en de een is Nederlands en gereformeerd, de ander Engels en baptistisch; toch lezen zij dezelfde tekst, en juist naast elkaar wordt zichtbaar wat zij delen.

Daarbij is alles hertaald in hedendaags Nederlands, is de Statenvertaling zelf ongewijzigd gebleven, en loopt door alle registers heen de vraag waar de Schrift zelf op uitloopt: op Christus. Dat is geen invulling achteraf, maar wat Hij op de Emmausweg zelf deed, beginnende van Mozes en van al de profeten.

© Teun van der Plas

Mattheüs 25

1 Alsdan zal het Koninkrijk der hemelen gelijk zijn aan tien maagden, welke haar lampen namen, en gingen uit, den bruidegom tegemoet.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

1 AlsdanG5119 zal het KoninkrijkG932 der hemelenG3772 gelijk zijn aanG1519 tienG1176 maagdenG3933, welke haarG846 lampenG2985 namenG2983, en gingenG1831 uit, den bruidegomG3566 tegemoetG529. Alsdan zal het Koninkrijk der hemelen gelijk zijn aan tien maagden, welke haar lampen namen, en gingen uit, den bruidegom tegemoet.

KJV Then1 shall the kingdom4 of heaven6 be likened2 unto ten7 virgins,8 which9 took10 their13 lamps,12 and went forth14 to meet16 the bridegroom.

1 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 2 ομοιωθησεται G3666 vergelijken, vergeleken be (make) like, (in the) liken(-ess), resemble 3 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 βασιλεια G932 Koninkrijk, koninkrijk, Koninkrijks kingdom, + reign 5 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 ουρανων G3772 hemel, hemelen, hemels air, heaven(-ly), sky 7 δεκα G1176 tien, achttien (eight-)een, ten 8 παρθενοις G3933 maagd, maagden virgin 9 αιτινες G3748 wie ook, die, welke X and (they), (such) as, (they) that, in that they, what(-soever), whereas ye, (they) which, who(-soever) 10 λαβουσαι G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 11 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 λαμπαδας G2985 lampen, fakkel, fakkelen lamp, light, torch 13 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 εξηλθον G1831 uitgegaan, gingen, uitgaande come (forth, out), depart (out of), escape, get out, go (abroad, away, forth, out, thence), proceed (forth), spread abroad 15 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 16 απαντησιν G529 tegemoet meet 17 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 νυμφιου G3566 Bruidegom, bruidegom, bruidegoms bridegroom
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
2 En vijf van haar waren wijzen, en vijf waren dwazen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

2 En vijfG4002 vanG1537 haarG846 warenG1510 wijzenG5429, en vijfG4002 waren dwazenG3474. En vijf van haar waren wijzen, en vijf waren dwazen.

KJV And2 five1 of4 them5 were wise,6 and7 five9 were foolish.

1 πεντε G4002 vijf, Vijf, vijftig five 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 ησαν G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 4 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 5 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 φρονιμοι G5429 wijzen, wijs, voorzichtig wise(-r) 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 αι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 πεντε G4002 vijf, Vijf, vijftig five 10 μωραι G3474 dwazen, dwaas, dwaze fool(-ish, X -ishness)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
3 Die dwaas waren, haar lampen nemende, namen geen olie met zich.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

3 Die dwaasG3474 waren, haar lampenG2985 nemendeG2983, namenG2983 geenG3756 olieG1637 metG3326 zichG1438. Die dwaas waren, haar lampen nemende, namen geen olie met zich.

KJV They1 that were foolish2 took3 their6 lamps,5 and took8 no7 oil11 with9 them:

1 αιτινες G3748 wie ook, die, welke X and (they), (such) as, (they) that, in that they, what(-soever), whereas ye, (they) which, who(-soever) 2 μωραι G3474 dwazen, dwaas, dwaze fool(-ish, X -ishness) 3 λαβουσαι G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 4 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 λαμπαδας G2985 lampen, fakkel, fakkelen lamp, light, torch 6 εαυτων G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 7 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 8 ελαβον G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 9 μεθ G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 10 εαυτων G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves) 11 ελαιον G1637 olie oil
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
4 Maar de wijzen namen olie in haar vaten, met haar lampen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

4 MaarG1161 de wijzenG5429 namenG2983 olieG1637 inG1722 haar vatenG30, met haarG846 lampenG2985. Maar de wijzen namen olie in haar vaten, met haar lampen.

KJV But2 the wise3 took4 oil5 in6 their9 vessels8 with10 their13 lamps.

1 αι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 φρονιμοι G5429 wijzen, wijs, voorzichtig wise(-r) 4 ελαβον G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 5 ελαιον G1637 olie oil 6 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 7 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 αγγειοις G30 vaten vessel 9 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 10 μετα G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 11 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 λαμπαδων G2985 lampen, fakkel, fakkelen lamp, light, torch 13 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
5 Als nu de bruidegom vertoefde, werden zij allen sluimerig, en vielen in slaap.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

5 Als nuG1161 de bruidegomG3566 vertoefdeG5549, werden zij allenG3956 sluimerigG3573, en vielen in slaap. Als nu de bruidegom vertoefde, werden zij allen sluimerig, en vielen in slaap.

Ook in dit vers vielen slaapG2518

KJV While2 the bridegroom4 tarried,1 they all6 slumbered5 and7 slept.

1 χρονιζοντος G5549 vertoefde, vertoeft, vertoeven delay, tarry 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 νυμφιου G3566 Bruidegom, bruidegom, bruidegoms bridegroom 5 ενυσταξαν G3573 sluimerig, sluimert slumber 6 πασαι G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 εκαθευδον G2518 slaapt, slapende, slapen (be a-)sleep
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
6 En ter middernacht geschiedde een geroep: Ziet, de bruidegom komt, gaat uit hem tegemoet!
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

6 EnG1161 ter middernachtG3319 geschieddeG1096 een geroepG2906: ZietG3708, de bruidegomG3566 komtG2064, gaat uit hemG846 tegemoetG529! En ter middernacht geschiedde een geroep: Ziet, de bruidegom komt, gaat uit hem tegemoet!

KJV And2 at midnight1 there was a cry4 made,5 Behold, the bridegroom8 cometh;9 go ye out10 to11 meet12 him.

1 μεσης G3319 midden, middernacht among, X before them, between, + forth, mid(-day, -night), midst, way 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 νυκτος G3571 nacht, nachts, nachten (mid-)night 4 κραυγη G2906 geroep, gekrijt, roeping clamour, cry(-ing) 5 γεγονεν G1096 geworden, geschied, geschiedde arise, be assembled, be(-come, -fall, -have self), be brought (to pass), (be) come (to pass), continue, be divided, draw, be ended, fall, be finished, follow, be found, be fulfilled, + God forbid, grow, happen, have, be kept, be made, be married, be ordained to be, partake, pass, be performed, be published, require, seem, be showed, X soon as it was, sound, be taken, be turned, use, wax, will, would, be wrought 6 ιδου G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 7 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 νυμφιος G3566 Bruidegom, bruidegom, bruidegoms bridegroom 9 ερχεται G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 10 εξερχεσθε G1831 uitgegaan, gingen, uitgaande come (forth, out), depart (out of), escape, get out, go (abroad, away, forth, out, thence), proceed (forth), spread abroad 11 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 12 απαντησιν G529 tegemoet meet 13 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
7 Toen stonden al die maagden op, en bereidden haar lampen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

7 Toen stondenG1453 alG3956 dieG1565 maagdenG3933 op, enG2532 bereiddenG2885 haarG846 lampenG2985. Toen stonden al die maagden op, en bereidden haar lampen.

KJV Then1 all3 those6 virgins5 arose,2 and7 trimmed8 their11 lamps.

1 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 2 ηγερθησαν G1453 opgewekt, opgestaan, Sta awake, lift (up), raise (again, up), rear up, (a-)rise (again, up), stand, take up 3 πασαι G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 4 αι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 παρθενοι G3933 maagd, maagden virgin 6 εκειναι G1565 die, dien, dezen he, it, the other (same), selfsame, that (same, very), X their, X them, they, this, those 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 εκοσμησαν G2885 versierd, versieren, bereidden adorn, garnish, trim 9 τας G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 λαμπαδας G2985 lampen, fakkel, fakkelen lamp, light, torch 11 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
8 En de dwazen zeiden tot de wijzen: Geeft ons van uw olie; want onze lampen gaan uit.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

8 EnG1161 de dwazenG3474 zeidenG2036 tot de wijzenG5429: GeeftG1325 ons van uw olieG1637; wantG3754 onze lampenG2985 gaan uitG1537. En de dwazen zeiden tot de wijzen: Geeft ons van uw olie; want onze lampen gaan uit.

KJV And2 the foolish3 said unto the wise,5 Give7 us of9 your oil;11 for13 our lamps15 are gone out.

1 αι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 μωραι G3474 dwazen, dwaas, dwaze fool(-ish, X -ishness) 4 ταις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 φρονιμοις G5429 wijzen, wijs, voorzichtig wise(-r) 6 ειπον G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 7 δοτε G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 8 ημιν G1473 mij, ik I, me 9 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 10 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 ελαιου G1637 olie oil 12 υμων G4771 u, gij, gijlieden thou 13 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 14 αι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 λαμπαδες G2985 lampen, fakkel, fakkelen lamp, light, torch 16 ημων G1473 mij, ik I, me 17 σβεννυνται G4570 uitgeblust, uitblussen, Blust go out, quench

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
9 Doch de wijzen antwoordden, zeggende: Geenszins, opdat er misschien voor ons en voor u niet genoeg zij; maar gaat liever tot de verkopers, en koopt voor uzelven.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

9 DochG1161 de wijzenG5429 antwoorddenG611, zeggendeG3004: GeenszinsG3379, opdat er misschien voor ons en voor uG4771 nietG3756 genoegG714 zij; maarG1161 gaat lieverG3123 totG4314 de verkopersG4453, en kooptG59 voor uzelven. Doch de wijzen antwoordden, zeggende: Geenszins, opdat er misschien voor ons en voor u niet genoeg zij; maar gaat liever tot de verkopers, en koopt voor uzelven.

KJV But2 the wise4 answered,1 saying,5 Not so; lest6 there be8 not7 enough for us and10 you: but13 go ye12 rather14 to them15 that sell,17 and18 buy19 for yourselves.

1 απεκριθησαν G611 antwoordde, antwoordende, antwoordden answer 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 αι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 φρονιμοι G5429 wijzen, wijs, voorzichtig wise(-r) 5 λεγουσαι G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 6 μηποτε G3379 tijd, Geenszins, mogelijk if peradventure, lest (at any time, haply), not at all, whether or not 7 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 8 αρκεση G714 genoeg, vergenoegd, vergenoegen be content, be enough, suffice, be sufficient 9 ημιν G1473 mij, ik I, me 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 12 πορευεσθε G4198 reisde, reizen, reisden --depart, go (away, forth, one's way, up), (make a, take a) journey, walk 13 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 14 μαλλον G3123 meer, veeleer + better, X far, (the) more (and more), (so) much (the more), rather 15 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 16 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 πωλουντας G4453 verkochten, verkocht, verkoop sell, whatever is sold 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 αγορασατε G59 gekocht, kopen, kochten buy, redeem 20 εαυταις G1438 zichzelven, zich, onszelven alone, her (own, -self), (he) himself, his (own), itself, one (to) another, our (thine) own(-selves), + that she had, their (own, own selves), (of) them(-selves), they, thyself, you, your (own, own conceits, own selves, -selves)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
10 Als zij nu heengingen om te kopen, kwam de bruidegom; en die gereed waren, gingen met hem in tot de bruiloft, en de deur werd gesloten.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

10 Als zijG846 nuG1161 heengingenG565 om te kopenG59, kwamG2064 de bruidegomG3566; en die gereedG2092 waren, gingenG1525 metG3326 hemG846 in tot de bruiloftG1062, en de deurG2374 werd geslotenG2808. Als zij nu heengingen om te kopen, kwam de bruidegom; en die gereed waren, gingen met hem in tot de bruiloft, en de deur werd gesloten.

KJV And2 while they3 went1 to buy,4 the bridegroom7 came;5 and8 they that were ready10 went in11 with12 him13 to14 the marriage:16 and17 the door20 was shut.

1 απερχομενων G565 ging, weg, weggegaan come, depart, go (aside, away, back, out, … ways), pass away, be past 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 αγορασαι G59 gekocht, kopen, kochten buy, redeem 5 ηλθεν G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 6 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 νυμφιος G3566 Bruidegom, bruidegom, bruidegoms bridegroom 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 αι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 ετοιμοι G2092 bereid, gereed prepared, (made) ready(-iness, to our hand) 11 εισηλθον G1525 ingaan, ingegaan, inkomen X arise, come (in, into), enter in(-to), go in (through) 12 μετ G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 13 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 14 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 15 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 γαμους G1062 bruiloft, bruiloftskleed, huwelijk marriage, wedding 17 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 18 εκλεισθη G2808 gesloten, sluit, sluiten shut (up) 19 η G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 θυρα G2374 deur, deuren, Deur door, gate
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
11 Daarna kwamen ook de andere maagden, zeggende: Heer, heer, doe ons open!
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

11 Daarna kwamenG2064 ookG2532 de andereG3062 maagdenG3933, zeggendeG3004: HeerG2962, heerG2962, doe ons openG455! Daarna kwamen ook de andere maagden, zeggende: Heer, heer, doe ons open!

KJV Afterward2 came3 also4 the other6 virgins,7 saying,8 Lord,9 Lord,10 open11 to us.

1 υστερον G5305 laatste, namaals afterward, (at the) last (of all) 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 ερχονται G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 αι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 λοιπαι G3062 anderen, andere, overige other, which remain, remnant, residue, rest 7 παρθενοι G3933 maagd, maagden virgin 8 λεγουσαι G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 9 κυριε G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 10 κυριε G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 11 ανοιξον G455 geopend, open, openen open 12 ημιν G1473 mij, ik I, me
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
12 En hij, antwoordende, zeide: Voorwaar zeg ik u: Ik ken u niet.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

12 EnG1161 hij, antwoordendeG611, zeideG2036: VoorwaarG281 zegG3004 ik uG4771: Ik kenG1492 uG4771 nietG3756. En hij, antwoordende, zeide: Voorwaar zeg ik u: Ik ken u niet.

KJV But2 he answered3 and said, Verily5 I say4 unto you, I know9 you not.

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 αποκριθεις G611 antwoordde, antwoordende, antwoordden answer 4 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 5 αμην G281 Voorwaar, Amen, voorwaar amen, verily 6 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 7 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 8 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 9 οιδα G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot 10 υμας G4771 u, gij, gijlieden thou

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
13 Zo waakt dan; want gij weet den dag niet, noch de ure, in welke de Zoon des mensen komen zal.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

13 Zo waaktG1127 danG3767; wantG3754 gij weetG1492 den dagG2250 nietG3756, noch de ureG5610, inG1722 welkeG3739 de ZoonG5207 des mensenG444 komenG2064 zal. Zo waakt dan; want gij weet den dag niet, noch de ure, in welke de Zoon des mensen komen zal.

KJV Watch1 therefore,2 for3 ye know5 neither4 the day7 nor8 the hour10 wherein11 the Son14 of man16 cometh.

1 γρηγορειτε G1127 waakt, Waakt, waken be vigilant, wake, (be) watch(-ful) 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 4 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 5 οιδατε G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot 6 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 ημεραν G2250 dag, dagen, dage age, + alway, (mid-)day (by day, (-ly)), + for ever, judgment, (day) time, while, years 8 ουδε G3761 ook niet, noch neither (indeed), never, no (more, nor, not), nor (yet), (also, even, then) not (even, so much as), + nothing, so much as 9 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 ωραν G5610 ure, uur, uren day, hour, instant, season, X short, (even-)tide, (high) time 11 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 12 η G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 13 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 υιος G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 15 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 ανθρωπου G444 mensen, mens, Mens certain, man 17 ερχεται G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
14 Want het is gelijk een mens, die buiten 's lands reizende, zijn dienstknechten riep, en gaf hun zijn goederen over.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

14 WantG1063 het is gelijk een mensG444, die buiten 's lands reizende, zijn dienstknechtenG1401 riepG2564, enG2532 gaf hunG846 zijn goederenG5224 over. Want het is gelijk een mens, die buiten 's lands reizende, zijn dienstknechten riep, en gaf hun zijn goederen over.

Ook in dit vers buiten landsG589

KJV For2 the kingdom of heaven is as1 a man3 travelling into a far country,4 who called5 his own7 servants,8 and9 delivered10 unto them11 his14 goods.

1 ωσπερ G5618 gelijkerwijs, geschiedt (even, like) as 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 ανθρωπος G444 mensen, mens, Mens certain, man 4 αποδημων G589 buiten lands, reisde buiten, trok go (travel) into a far country, journey 5 εκαλεσεν G2564 genaamd, geroepen, genood bid, call (forth), (whose, whose sur-)name (was (called)) 6 τους G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 ιδιους G2398 eigen, bijzonder, eigenen X his acquaintance, when they were alone, apart, aside, due, his (own, proper, several), home, (her, our, thine, your) own (business), private(-ly), proper, severally, their (own) 8 δουλους G1401 dienstknecht, dienstknechten, dienstknechts bond(-man), servant 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 παρεδωκεν G3860 overgeleverd, overgegeven, verraden betray, bring forth, cast, commit, deliver (up), give (over, up), hazard, put in prison, recommend 11 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 12 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 υπαρχοντα G5225 zijn, bestaan, aanwezig zijn; bezitting after, behave, live 14 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
15 En den ene gaf hij vijf talenten, en den anderen twee, en den derden een, een iegelijk naar zijn vermogen, en verreisde terstond.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

15 En den ene gafG1325 hij vijfG4002 talentenG5007, en den anderen tweeG1417, en den derdenG3739 eenG1520, een iegelijkG1538 naarG2596 zijn vermogenG1411, en verreisdeG589 terstondG2112. En den ene gaf hij vijf talenten, en den anderen twee, en den derden een, een iegelijk naar zijn vermogen, en verreisde terstond.

Ook in dit vers anderG3739

KJV And1 unto one2 he gave4 five5 talents,6 to another7 two,9 and8 to another10 one;12 to every man13 according14 to his several16 ability;17 and18 straightway20 took his journey.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 ω G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 3 μεν G3303 wel, enerzijds even, indeed, so, some, truly, verily 4 εδωκεν G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 5 πεντε G4002 vijf, Vijf, vijftig five 6 ταλαντα G5007 talenten, talent talent 7 ω G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 8 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 9 δυο G1417 twee, Twee, tweeen both, twain, two 10 ω G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 11 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 12 εν G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 13 εκαστω G1538 iegelijk, elk, iegelijks any, both, each (one), every (man, one, woman), particularly 14 κατα G2596 naar, tegen, door about, according as (to), after, against, (when they were) X alone, among, and, X apart, (even, like) as (concerning, pertaining to touching), X aside, at, before, beyond, by, to the charge of, (charita-)bly, concerning, + covered, (dai-)ly, down, every, (+ far more) exceeding, X more excellent, for, from … to, godly, in(-asmuch, divers, every, -to, respect of), … by, after the manner of, + by any means, beyond (out of) measure, X mightily, more, X natural, of (up-)on (X part), out (of every), over against, (+ your) X own, + particularly, so, through(-oughout, -oughout every), thus, (un-)to(-gether, -ward), X uttermost, where(-by), with 15 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 ιδιαν G2398 eigen, bijzonder, eigenen X his acquaintance, when they were alone, apart, aside, due, his (own, proper, several), home, (her, our, thine, your) own (business), private(-ly), proper, severally, their (own) 17 δυναμιν G1411 kracht, krachten, vermogen ability, abundance, meaning, might(-ily, -y, -y deed), (worker of) miracle(-s), power, strength, violence, mighty (wonderful) work 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 απεδημησεν G589 buiten lands, reisde buiten, trok go (travel) into a far country, journey 20 ευθεως G2112 terstond, dadelijk anon, as soon as, forthwith, immediately, shortly, straightway
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
16 Die nu de vijf talenten ontvangen had, ging heen, en handelde daarmede, en won andere vijf talenten.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

16 Die nuG1161 de vijfG4002 talentenG5007 ontvangenG2983 had, ging heen, en handeldeG2038 daarmede, en wonG4160 andere vijfG4002 talentenG5007. Die nu de vijf talenten ontvangen had, ging heen, en handelde daarmede, en won andere vijf talenten.

KJV Then2 he that had received7 the five5 talents6 went1 and traded8 with9 the same,10 and11 made12 them other13 five14 talents.

1 πορευθεις G4198 reisde, reizen, reisden --depart, go (away, forth, one's way, up), (make a, take a) journey, walk 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 πεντε G4002 vijf, Vijf, vijftig five 6 ταλαντα G5007 talenten, talent talent 7 λαβων G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 8 ειργασατο G2038 werkt, werken, werkende commit, do, labor for, minister about, trade (by), work 9 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 10 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 εποιησεν G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 13 αλλα G243 ander, anders more, one (another), (an-, some an-)other(-s, -wise) 14 πεντε G4002 vijf, Vijf, vijftig five 15 ταλαντα G5007 talenten, talent talent
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
17 Desgelijks ook die de twee ontvangen had, die won ook andere twee.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

17 Desgelijks ook die de tweeG1417 ontvangen had, die wonG2770 ookG2532 andere tweeG1417. Desgelijks ook die de twee ontvangen had, die won ook andere twee.

KJV And2 likewise1 he that had received3 two,5 he8 also7 gained6 other9 two.

1 ωσαυτως G5615 insgelijks even so, likewise, after the same (in like) manner 2 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 δυο G1417 twee, Twee, tweeen both, twain, two 6 εκερδησεν G2770 winnen, gewonnen, won (get) gain, win 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 αυτος G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 9 αλλα G243 ander, anders more, one (another), (an-, some an-)other(-s, -wise) 10 δυο G1417 twee, Twee, tweeen both, twain, two
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
18 Maar die het ene ontvangen had, ging heen en groef in de aarde, en verborg het geld zijns heren.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

18 MaarG1161 die het eneG1520 ontvangenG2983 had, gingG565 heen en groefG3736 inG1722 de aardeG1093, en verborgG613 het geldG694 zijns herenG2962. Maar die het ene ontvangen had, ging heen en groef in de aarde, en verborg het geld zijns heren.

KJV But2 he that had received5 one4 went6 and digged7 in8 the earth,10 and11 hid12 his17 lord's16 money.

1 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 εν G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 5 λαβων G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 6 απελθων G565 ging, weg, weggegaan come, depart, go (aside, away, back, out, … ways), pass away, be past 7 ωρυξεν G3736 groef dig 8 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 9 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 γη G1093 aarde, land, Egypteland country, earth(-ly), ground, land, world 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 απεκρυψεν G613 verborgen, bedekt, verborg hide 13 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 αργυριον G694 geld, zilveren, gelds money, (piece of) silver (piece) 15 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 κυριου G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 17 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
19 En na een langen tijd kwam de heer van dezelve dienstknechten, en hield rekening met hen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

19 En naG3326 een langenG4183 tijdG5550 kwamG2064 de heerG2962 van dezelve dienstknechtenG1401, en hieldG4868 rekeningG3056 metG3326 hen. En na een langen tijd kwam de heer van dezelve dienstknechten, en hield rekening met hen.

KJV After2 a long4 time3 the lord7 of those10 servants9 cometh,5 and11 reckoneth12 with1 them.

1 μετα G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 χρονον G5550 tijd, tijden, tijds + years old, season, space, (X often-)time(-s), (a) while 4 πολυν G4183 vele, velen, veel abundant, + altogether, common, + far (passed, spent), (+ be of a) great (age, deal, -ly, while), long, many, much, oft(-en (-times)), plenteous, sore, straitly 5 ερχεται G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 6 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 κυριος G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 8 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 δουλων G1401 dienstknecht, dienstknechten, dienstknechts bond(-man), servant 10 εκεινων G1565 die, dien, dezen he, it, the other (same), selfsame, that (same, very), X their, X them, they, this, those 11 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 12 συναιρει G4868 hield, houden, rekenen reckon, take 13 μετ G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 14 αυτων G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 15 λογον G3056 woord, Woord, woorden account, cause, communication, X concerning, doctrine, fame, X have to do, intent, matter, mouth, preaching, question, reason, + reckon, remove, say(-ing), shew, X speaker, speech, talk, thing, + none of these things move me, tidings, treatise, utterance, word, work
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
20 En die de vijf talenten ontvangen had, kwam, en bracht tot hem andere vijf talenten, zeggende: Heer, vijf talenten hebt gij mij gegeven; zie, andere vijf talenten heb ik boven dezelve gewonnen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

20 EnG2532 die de vijfG4002 talentenG5007 ontvangenG2983 had, kwam, en brachtG4374 totG1909 hem andere vijfG4002 talentenG5007, zeggendeG3004: HeerG2962, vijfG4002 talentenG5007 hebt gij mijG1473 gegevenG3860; zieG2396, andere vijfG4002 talentenG5007 heb ik boven dezelveG846 gewonnenG2770. En die de vijf talenten ontvangen had, kwam, en bracht tot hem andere vijf talenten, zeggende: Heer, vijf talenten hebt gij mij gegeven; zie, andere vijf talenten heb ik boven dezelve gewonnen.

KJV And so1 he that had received7 five5 talents6 came2 and brought8 other9 five10 talents,11 saying,12 Lord,13 thou deliveredst17 unto me five14 talents:15 behold, I have gained22 beside23 them24 five20 talents21 more.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 προσελθων G4334 komende, gingen, gaande (as soon as he) come (unto), come thereunto, consent, draw near, go (near, to, unto) 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 πεντε G4002 vijf, Vijf, vijftig five 6 ταλαντα G5007 talenten, talent talent 7 λαβων G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 8 προσηνεγκεν G4374 brachten, geofferd, gebracht bring (to, unto), deal with, do, offer (unto, up), present unto, put to 9 αλλα G243 ander, anders more, one (another), (an-, some an-)other(-s, -wise) 10 πεντε G4002 vijf, Vijf, vijftig five 11 ταλαντα G5007 talenten, talent talent 12 λεγων G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 13 κυριε G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 14 πεντε G4002 vijf, Vijf, vijftig five 15 ταλαντα G5007 talenten, talent talent 16 μοι G1473 mij, ik I, me 17 παρεδωκας G3860 overgeleverd, overgegeven, verraden betray, bring forth, cast, commit, deliver (up), give (over, up), hazard, put in prison, recommend 18 ιδε G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 19 αλλα G243 ander, anders more, one (another), (an-, some an-)other(-s, -wise) 20 πεντε G4002 vijf, Vijf, vijftig five 21 ταλαντα G5007 talenten, talent talent 22 εκερδησα G2770 winnen, gewonnen, won (get) gain, win 23 επ G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 24 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
21 En zijn heer zeide tot hem: Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht! over weinig zijt gij getrouw geweest; over veel zal ik u zetten; ga in, in de vreugde uws heeren.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

21 En zijn heerG2962 zeideG5346 tot hemG846: Wel, gij goedeG18 en getrouweG4103 dienstknechtG1401! overG1909 weinigG3641 zijtG1510 gij getrouwG4103 geweest; overG1909 veelG4183 zal ik uG4771 zettenG2525; ga in, in de vreugdeG5479 uws heerenG2962. En zijn heer zeide tot hem: Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht! over weinig zijt gij getrouw geweest; over veel zal ik u zetten; ga in, in de vreugde uws heeren.

KJV His3 lord5 said1 unto him,6 Well done,7 thou good9 and10 faithful11 servant:8 thou hast been faithful15 over12 a few things,13 I will make19 thee ruler over16 many things:17 enter thou20 into21 the joy23 of thy lord.

1 εφη G5346 zeide, zeg, zegt affirm, say 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 κυριος G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 6 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 7 ευ G2095 good, well (done) 8 δουλε G1401 dienstknecht, dienstknechten, dienstknechts bond(-man), servant 9 αγαθε G18 goede, goed, goeden benefit, good(-s, things), well 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 πιστε G4103 getrouw, getrouwe, gelovigen believe(-ing, -r), faithful(-ly), sure, true 12 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 13 ολιγα G3641 weinig, weinige, weinigen + almost, brief(-ly), few, (a) little, + long, a season, short, small, a while 14 ης G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 15 πιστος G4103 getrouw, getrouwe, gelovigen believe(-ing, -r), faithful(-ly), sure, true 16 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 17 πολλων G4183 vele, velen, veel abundant, + altogether, common, + far (passed, spent), (+ be of a) great (age, deal, -ly, while), long, many, much, oft(-en (-times)), plenteous, sore, straitly 18 σε G4771 u, gij, gijlieden thou 19 καταστησω G2525 gesteld, zetten, stellen appoint, be, conduct, make, ordain, set 20 εισελθε G1525 ingaan, ingegaan, inkomen X arise, come (in, into), enter in(-to), go in (through) 21 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 22 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 23 χαραν G5479 blijdschap, vreugde gladness, X greatly, (X be exceeding) joy(-ful, -fully, -fulness, -ous) 24 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 25 κυριου G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 26 σου G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
22 En die de twee talenten ontvangen had, kwam ook tot hem, en zeide: Heer, twee talenten hebt gij mij gegeven; zie, twee andere talenten heb ik boven dezelve gewonnen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

22 En die de tweeG1417 talentenG5007 ontvangenG2983 had, kwam ookG2532 totG1909 hem, en zeideG2036: HeerG2962, tweeG1417 talentenG5007 hebt gij mijG1473 gegevenG3860; zieG2396, tweeG1417 andere talentenG5007 heb ik boven dezelveG846 gewonnenG2770. En die de twee talenten ontvangen had, kwam ook tot hem, en zeide: Heer, twee talenten hebt gij mij gegeven; zie, twee andere talenten heb ik boven dezelve gewonnen.

KJV He also3 that had received8 two6 talents7 came1 and said, Lord,10 thou deliveredst14 unto me two11 talents:12 behold, I have gained19 two17 other16 talents18 beside20 them.

1 προσελθων G4334 komende, gingen, gaande (as soon as he) come (unto), come thereunto, consent, draw near, go (near, to, unto) 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 δυο G1417 twee, Twee, tweeen both, twain, two 7 ταλαντα G5007 talenten, talent talent 8 λαβων G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 9 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 10 κυριε G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 11 δυο G1417 twee, Twee, tweeen both, twain, two 12 ταλαντα G5007 talenten, talent talent 13 μοι G1473 mij, ik I, me 14 παρεδωκας G3860 overgeleverd, overgegeven, verraden betray, bring forth, cast, commit, deliver (up), give (over, up), hazard, put in prison, recommend 15 ιδε G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 16 αλλα G243 ander, anders more, one (another), (an-, some an-)other(-s, -wise) 17 δυο G1417 twee, Twee, tweeen both, twain, two 18 ταλαντα G5007 talenten, talent talent 19 εκερδησα G2770 winnen, gewonnen, won (get) gain, win 20 επ G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 21 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
23 Zijn heer zeide tot hem: Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht, over weinig zijt gij getrouw geweest; over veel zal ik u zetten; ga in, in de vreugde uws heeren.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

23 Zijn heerG2962 zeideG5346 tot hemG846: Wel, gij goedeG18 enG2532 getrouweG4103 dienstknechtG1401, overG1909 weinigG3641 zijtG1510 gij getrouwG4103 geweest; overG1909 veelG4183 zal ik uG4771 zettenG2525; ga in, in de vreugdeG5479 uws heerenG2962. Zijn heer zeide tot hem: Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht, over weinig zijt gij getrouw geweest; over veel zal ik u zetten; ga in, in de vreugde uws heeren.

KJV His2 lord4 said1 unto him,5 Well done,6 good8 and9 faithful10 servant;7 thou hast been faithful14 over11 a few things,12 I will make18 thee ruler over15 many things:16 enter thou19 into20 the joy22 of thy lord.

1 εφη G5346 zeide, zeg, zegt affirm, say 2 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 κυριος G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 5 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 ευ G2095 good, well (done) 7 δουλε G1401 dienstknecht, dienstknechten, dienstknechts bond(-man), servant 8 αγαθε G18 goede, goed, goeden benefit, good(-s, things), well 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 πιστε G4103 getrouw, getrouwe, gelovigen believe(-ing, -r), faithful(-ly), sure, true 11 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 12 ολιγα G3641 weinig, weinige, weinigen + almost, brief(-ly), few, (a) little, + long, a season, short, small, a while 13 ης G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 14 πιστος G4103 getrouw, getrouwe, gelovigen believe(-ing, -r), faithful(-ly), sure, true 15 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 16 πολλων G4183 vele, velen, veel abundant, + altogether, common, + far (passed, spent), (+ be of a) great (age, deal, -ly, while), long, many, much, oft(-en (-times)), plenteous, sore, straitly 17 σε G4771 u, gij, gijlieden thou 18 καταστησω G2525 gesteld, zetten, stellen appoint, be, conduct, make, ordain, set 19 εισελθε G1525 ingaan, ingegaan, inkomen X arise, come (in, into), enter in(-to), go in (through) 20 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 21 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 22 χαραν G5479 blijdschap, vreugde gladness, X greatly, (X be exceeding) joy(-ful, -fully, -fulness, -ous) 23 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 24 κυριου G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 25 σου G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
24 Maar die het ene talent ontvangen had, kwam ook en zeide: Heer, ik kende u, dat gij een hard mens zijt, maaiende, waar gij niet gezaaid hebt, en vergaderende van daar, waar gij niet gestrooid hebt;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

24 MaarG1161 die het eneG1520 talentG5007 ontvangenG2983 had, kwam ookG2532 en zeideG2036: HeerG2962, ik kendeG1097 u, datG3754 gij een hardG4642 mensG444 zijtG1510, maaiendeG2325, waar gij nietG3756 gezaaidG4687 hebt, en vergaderendeG4863 van daar, waar gij nietG3756 gestrooidG1287 hebt; Maar die het ene talent ontvangen had, kwam ook en zeide: Heer, ik kende u, dat gij een hard mens zijt, maaiende, waar gij niet gezaaid hebt, en vergaderende van daar, waar gij niet gestrooid hebt;

KJV Then2 he which had received8 the one6 talent7 came1 and said, Lord,10 I knew11 thee that13 thou art an hard14 man,16 reaping17 where18 thou hast20 not19 sown, and3 gathering22 where23 thou hast25 not24 strawed:

1 προσελθων G4334 komende, gingen, gaande (as soon as he) come (unto), come thereunto, consent, draw near, go (near, to, unto) 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 εν G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 7 ταλαντον G5007 talenten, talent talent 8 ειληφως G2983 ontvangen, nam, genomen accept, + be amazed, assay, attain, bring, X when I call, catch, come on (X unto), + forget, have, hold, obtain, receive (X after), take (away, up) 9 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 10 κυριε G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 11 εγνων G1097 gekend, weten, kent allow, be aware (of), feel, (have) know(-ledge), perceived, be resolved, can speak, be sure, understand 12 σε G4771 u, gij, gijlieden thou 13 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 14 σκληρος G4642 hard, harde fierce, hard 15 ει G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 16 ανθρωπος G444 mensen, mens, Mens certain, man 17 θεριζων G2325 maaien, maait, maai reap 18 οπου G3699 waar, waarheen in what place, where(-as, -soever), whither (+ soever) 19 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 20 εσπειρας G4687 gezaaid, zaait, bezaaid sow(- er), receive seed 21 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 22 συναγων G4863 vergaderd, vergaderden, vergadert + accompany, assemble (selves, together), bestow, come together, gather (selves together, up, together), lead into, resort, take in 23 οθεν G3606 Waaruit, waaruit from thence, (from) whence, where(-by, -fore, -upon) 24 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 25 διεσκορπισας G1287 verstrooid, gestrooid, doorbracht disperse, scatter (abroad), strew, waste

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
25 En bevreesd zijnde, ben ik heengegaan, en heb uw talent verborgen in de aarde; zie, gij hebt het uwe.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

25 EnG2532 bevreesdG5399 zijnde, ben ik heengegaanG565, en heb uw talentG5007 verborgenG2928 inG1722 de aardeG1093; zieG2396, gijG4771 hebt het uwe. En bevreesd zijnde, ben ik heengegaan, en heb uw talent verborgen in de aarde; zie, gij hebt het uwe.

KJV And1 I was afraid,2 and went3 and hid4 thy talent6 in8 the earth:10 lo, there thou hast12 that is thine.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 φοβηθεις G5399 bevreesd, vreest, vreesden be (+ sore) afraid, fear (exceedingly), reverence 3 απελθων G565 ging, weg, weggegaan come, depart, go (aside, away, back, out, … ways), pass away, be past 4 εκρυψα G2928 verborgen, verborg, bedekt hide (self), keep secret, secret(-ly) 5 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 ταλαντον G5007 talenten, talent talent 7 σου G4771 u, gij, gijlieden thou 8 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 9 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 γη G1093 aarde, land, Egypteland country, earth(-ly), ground, land, world 11 ιδε G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 12 εχεις G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 13 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 σον G4674 uw, de uwe thine (own), thy (friend)

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
26 Maar zijn heer, antwoordende, zeide tot hem: Gij boze en luie dienstknecht! gij wist, dat ik maai, waar ik niet gezaaid heb, en van daar vergader, waar ik niet gestrooid heb.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

26 MaarG1161 zijn heerG2962, antwoordendeG611, zeideG2036 tot hemG846: Gij bozeG4190 en luieG3636 dienstknechtG1401! gij wistG1492, datG3754 ik maaiG2325, waar ik nietG3756 gezaaidG4687 heb, en van daar vergaderG4863, waar ik nietG3756 gestrooidG1287 heb. Maar zijn heer, antwoordende, zeide tot hem: Gij boze en luie dienstknecht! gij wist, dat ik maai, waar ik niet gezaaid heb, en van daar vergader, waar ik niet gestrooid heb.

KJV His5 lord4 answered1 and said unto him,7 Thou wicked8 and10 slothful11 servant,9 thou knewest12 that13 I reap14 where15 I sowed17 not,16 and18 gather19 where20 I have22 not21 strawed:

1 αποκριθεις G611 antwoordde, antwoordende, antwoordden answer 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 κυριος G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 5 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 ειπεν G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 7 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 8 πονηρε G4190 boze, boos, bozen bad, evil, grievous, harm, lewd, malicious, wicked(-ness) 9 δουλε G1401 dienstknecht, dienstknechten, dienstknechts bond(-man), servant 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 οκνηρε G3636 luie, traag, verdrietig grievous, slothful 12 ηδεις G1492 weet, zag, ziende be aware, behold, X can (+ not tell), consider, (have) know(-ledge), look (on), perceive, see, be sure, tell, understand, wish, wot 13 οτι G3754 dat, want, omdat as concerning that, as though, because (that), for (that), how (that), (in) that, though, why 14 θεριζω G2325 maaien, maait, maai reap 15 οπου G3699 waar, waarheen in what place, where(-as, -soever), whither (+ soever) 16 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 17 εσπειρα G4687 gezaaid, zaait, bezaaid sow(- er), receive seed 18 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 19 συναγω G4863 vergaderd, vergaderden, vergadert + accompany, assemble (selves, together), bestow, come together, gather (selves together, up, together), lead into, resort, take in 20 οθεν G3606 Waaruit, waaruit from thence, (from) whence, where(-by, -fore, -upon) 21 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 22 διεσκορπισα G1287 verstrooid, gestrooid, doorbracht disperse, scatter (abroad), strew, waste

Een nummer met een stippellijn in de Nederlandse tekst komt uit de concordantie: dat grondwoord staat in deze grondtekst niet als afzonderlijk woord. Meestal is het een andere schrijfwijze van dezelfde naam, een naamvalsvorm die apart geteld wordt, een voorzetsel dat in het Hebreeuws aan het woord vastzit, of een lezing die in een ander handschrift staat. De woordstudie erachter hoort wel degelijk bij dit woord.

Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
27 Zo moest gij dan mijn geld den wisselaren gedaan hebben, en ik, komende, zou het mijne wedergenomen hebben met woeker.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

27 Zo moestG1163 gijG4771 dan mijn geldG694 den wisselarenG5133 gedaan hebben, enG2532 ikG1473, komendeG2064, zou het mijneG1699 wedergenomenG2865 hebben met woekerG5110. Zo moest gij dan mijn geld den wisselaren gedaan hebben, en ik, komende, zou het mijne wedergenomen hebben met woeker.

KJV Thou oughtest1 therefore2 to have put4 my money6 to the exchangers,9 and10 then at my coming11 I7 should14 have received13 mine own16 with17 usury.

1 εδει G1163 moet, moest, moeten behoved, be meet, must (needs), (be) need(-ful), ought, should 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 σε G4771 u, gij, gijlieden thou 4 βαλειν G906 geworpen, wierp, werpen arise, cast (out), X dung, lay, lie, pour, put (up), send, strike, throw (down), thrust 5 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 αργυριον G694 geld, zilveren, gelds money, (piece of) silver (piece) 7 μου G1473 mij, ik I, me 8 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 9 τραπεζιταις G5133 wisselaren exchanger 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 ελθων G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 12 εγω G1473 mij, ik I, me 13 εκομισαμην G2865 Verkrijgende, behalen, bracht bring, receive 14 αν G302 drukt voorwaardelijkheid uit; blijft meestal onvertaald (what-, where-, wither-, who-)soever 15 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 εμον G1699 Mijn, mijne, Mijnen of me, mine (own), my 17 συν G4862 met, samen met beside, with 18 τοκω G5110 woeker usury
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
28 Neemt dan van hem het talent weg, en geeft het dengene, die de tien talenten heeft.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

28 NeemtG142 danG3767 vanG575 hemG846 het talentG5007 weg, enG2532 geeftG1325 het dengene, die de tienG1176 talentenG5007 heeftG2192. Neemt dan van hem het talent weg, en geeft het dengene, die de tien talenten heeft.

KJV Take1 therefore2 the talent6 from3 him,4 and7 give8 it unto him which hath10 ten12 talents.

1 αρατε G142 weggenomen, namen, neem away with, bear (up), carry, lift up, loose, make to doubt, put away, remove, take (away, up) 2 ουν G3767 dan, zo, nu and (so, truly), but, now (then), so (likewise then), then, therefore, verily, wherefore 3 απ G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 4 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 ταλαντον G5007 talenten, talent talent 7 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 8 δοτε G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 9 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 εχοντι G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 11 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 12 δεκα G1176 tien, achttien (eight-)een, ten 13 ταλαντα G5007 talenten, talent talent
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
29 Want een iegelijk, die heeft, dien zal gegeven worden, en hij zal overvloedig hebben; maar van dengene, die niet heeft, van dien zal genomen worden, ook dat hij heeft.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

29 WantG1063 een iegelijkG3956, die heeft, dien zal gegevenG1325 worden, en hij zal overvloedigG4052 hebben; maarG1161 vanG575 dengene, die nietG3361 heeftG2192, vanG575 dienG3739 zal genomenG142 worden, ookG2532 dat hijG846 heeft. Want een iegelijk, die heeft, dien zal gegeven worden, en hij zal overvloedig hebben; maar van dengene, die niet heeft, van dien zal genomen worden, ook dat hij heeft.

KJV For2 unto every one4 that hath3 shall be given,5 and6 he shall have abundance:7 but9 from8 him18 that hath12 not11 shall be taken away16 even13 that which14 he hath.

1 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 εχοντι G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 4 παντι G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 5 δοθησεται G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 περισσευθησεται G4052 overvloedig, overvloed, overgeschoten (make, more) abound, (have, have more) abundance (be more) abundant, be the better, enough and to spare, exceed, excel, increase, be left, redound, remain (over and above) 8 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 9 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 10 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 μη G3361 niet, geen, niemand any but (that), X forbear, + God forbid, + lack, lest, neither, never, no (X wise in), none, nor, (can-)not, nothing, that not, un(-taken), without 12 εχοντος G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 ο G3739 die, welke, welken one, (an-, the) other, some, that, what, which, who(-m, -se), etc 15 εχει G2192 hebben, heeft, hebt be (able, X hold, possessed with), accompany, + begin to amend, can(+ -not), X conceive, count, diseased, do + eat, + enjoy, + fear, following, have, hold, keep, + lack, + go to law, lie, + must needs, + of necessity, + need, next, + recover, + reign, + rest, + return, X sick, take for, + tremble, + uncircumcised, use 16 αρθησεται G142 weggenomen, namen, neem away with, bear (up), carry, lift up, loose, make to doubt, put away, remove, take (away, up) 17 απ G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 18 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
30 En werpt den onnutten dienstknecht uit in de buitenste duisternis; daar zal wening zijn en knersing der tanden.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

30 EnG2532 werptG1544 den onnuttenG888 dienstknechtG1401 uit inG1519 de buitensteG1857 duisternisG4655; daar zal weningG2805 zijnG1510 enG2532 knersingG1030 der tandenG3599. En werpt den onnutten dienstknecht uit in de buitenste duisternis; daar zal wening zijn en knersing der tanden.

KJV And1 cast ye5 the unprofitable3 servant4 into6 outer10 darkness:8 there11 shall be weeping14 and15 gnashing17 of teeth.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 τον G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 3 αχρειον G888 onnutte, onnutten unprofitable 4 δουλον G1401 dienstknecht, dienstknechten, dienstknechts bond(-man), servant 5 εκβαλλετε G1544 werpt, wierpen, uitgeworpen bring forth, cast (forth, out), drive (out), expel, leave, pluck (pull, take, thrust) out, put forth (out), send away (forth, out) 6 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 7 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 σκοτος G4655 duisternis darkness 9 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 εξωτερον G1857 buitenste outer 11 εκει G1563 daar, aldaar there, thither(-ward), (to) yonder (place) 12 εσται G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 13 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 κλαυθμος G2805 wening, geween wailing, weeping, X wept 15 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 16 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 βρυγμος G1030 knersing gnashing 18 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 οδοντων G3599 tanden, tand tooth
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
31 En wanneer de Zoon des mensen komen zal in Zijn heerlijkheid, en al de heilige engelen met Hem, dan zal Hij zitten op den troon Zijner heerlijkheid.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

31 En wanneer de ZoonG5207 des mensenG444 komenG2064 zal inG1722 Zijn heerlijkheidG1391, en alG3956 de heiligeG40 engelenG32 met Hem, danG1161 zal Hij zittenG2523 op den troonG2362 Zijner heerlijkheidG1391. En wanneer de Zoon des mensen komen zal in Zijn heerlijkheid, en al de heilige engelen met Hem, dan zal Hij zitten op den troon Zijner heerlijkheid.

KJV When2 the Son5 of man7 shall come3 in8 his11 glory,10 and12 all13 the holy15 angels16 with17 him,18 then19 shall he sit20 upon21 the throne22 of his24 glory:

1 οταν G3752 wanneer, zodra as long (soon) as, that, + till, when(-soever), while 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 ελθη G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 4 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 υιος G5207 Zoon, zoon, kinderen child, foal, son 6 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 ανθρωπου G444 mensen, mens, Mens certain, man 8 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 9 τη G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 δοξη G1391 heerlijkheid, eer, heerlijkheden dignity, glory(-ious), honour, praise, worship 11 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 παντες G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 14 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 αγιοι G40 heiligen, Heiligen, Heilige (most) holy (one, thing), saint 16 αγγελοι G32 engel, engelen, engels angel, messenger 17 μετ G3326 met, na, nadat after(-ward), X that he again, against, among, X and, + follow, hence, hereafter, in, of, (up-)on, + our, X and setting, since, (un-)to, + together, when, with (+ -out) 18 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 19 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 20 καθισει G2523 gezeten, zitten, neder continue, set, sit (down), tarry 21 επι G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 22 θρονου G2362 troon, tronen, troons seat, throne 23 δοξης G1391 heerlijkheid, eer, heerlijkheden dignity, glory(-ious), honour, praise, worship 24 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
32 En voor Hem zullen al de volken vergaderd worden, en Hij zal ze van elkander scheiden, gelijk de herder de schapen van de bokken scheidt.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

32 En voor Hem zullen alG3956 de volkenG1484 vergaderdG4863 worden, enG2532 Hij zal ze van elkanderG240 scheidenG873, gelijk de herderG4166 de schapenG4263 vanG575 de bokkenG2056 scheidtG873. En voor Hem zullen al de volken vergaderd worden, en Hij zal ze van elkander scheiden, gelijk de herder de schapen van de bokken scheidt.

KJV And1 before3 him4 shall be gathered2 all5 nations:7 and8 he shall separate9 them10 one12 from11 another, as13 a shepherd15 divideth16 his sheep18 from19 the goats:

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 συναχθησεται G4863 vergaderd, vergaderden, vergadert + accompany, assemble (selves, together), bestow, come together, gather (selves together, up, together), lead into, resort, take in 3 εμπροσθεν G1715 vóór, voor het aangezicht van against, at, before, (in presence, sight) of 4 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 5 παντα G3956 allen, alle, al all (manner of, means), alway(-s), any (one), X daily, + ever, every (one, way), as many as, + no(-thing), X thoroughly, whatsoever, whole, whosoever 6 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 7 εθνη G1484 heidenen, volken, volk Gentile, heathen, nation, people 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 αφοριει G873 afgezonderd, afscheiden, scheidde divide, separate, sever 10 αυτους G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 11 απ G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 12 αλληλων G240 elkander, ander, onderlinge each other, mutual, one another, (the other), (them-, your-)selves, (selves) together (sometimes with G3326 (μετά) or G4314 (πρός)) 13 ωσπερ G5618 gelijkerwijs, geschiedt (even, like) as 14 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 ποιμην G4166 Herder, herder, herders shepherd, pastor 16 αφοριζει G873 afgezonderd, afscheiden, scheidde divide, separate, sever 17 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 προβατα G4263 schapen, schaap sheep(-fold) 19 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 20 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 21 εριφων G2056 bokje, bokken goat, kid
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
33 En Hij zal de schapen tot Zijn rechter hand zetten, maar de bokken tot Zijn linker hand.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

33 En HijG846 zal de schapenG4263 tot Zijn rechterG1188 hand zettenG2476, maarG1161 de bokkenG2055 tot Zijn linkerG2176 hand. En Hij zal de schapen tot Zijn rechter hand zetten, maar de bokken tot Zijn linker hand.

Ook in dit vers uit/metG1537 uit/metG1537

KJV And1 he shall set2 the sheep5 on6 his8 right hand,7 but10 the goats11 on12 the left.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 στησει G2476 stond, staande, staan abide, appoint, bring, continue, covenant, establish, hold up, lay, present, set (up), stanch, stand (by, forth, still, up) 3 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 μεν G3303 wel, enerzijds even, indeed, so, some, truly, verily 5 προβατα G4263 schapen, schaap sheep(-fold) 6 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 7 δεξιων G1188 rechter, rechterhand, rechter- right (hand, side) 8 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 9 τα G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 10 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 11 εριφια G2055 bokken goat 12 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 13 ευωνυμων G2176 linker (on the) left
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
34 Alsdan zal de Koning zeggen tot degenen, die tot Zijn rechter hand zijn: Komt, gij gezegenden Mijns Vaders! beerft dat Koninkrijk, hetwelk u bereid is van de grondlegging der wereld.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

34 AlsdanG5119 zal de KoningG935 zeggenG2046 tot degenen, die tot Zijn rechterG1188 hand zijn: KomtG1205, gij gezegendenG2127 Mijns VadersG3962! beerftG2816 dat KoninkrijkG932, hetwelk uG4771 bereidG2090 is vanG575 de grondleggingG2602 der wereldG2889. Alsdan zal de Koning zeggen tot degenen, die tot Zijn rechter hand zijn: Komt, gij gezegenden Mijns Vaders! beerft dat Koninkrijk, hetwelk u bereid is van de grondlegging der wereld.

Ook in dit vers uit/metG1537

KJV Then1 shall the King4 say2 unto them on6 his8 right hand,7 Come,9 ye blessed11 of my Father,13 inherit15 the kingdom19 prepared17 for you from20 the foundation21 of the world:

1 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 2 ερει G2046 zeggen, gezegd, gesproken call, say, speak (of), tell 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 βασιλευς G935 koning, Koning, koningen king 5 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 6 εκ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 7 δεξιων G1188 rechter, rechterhand, rechter- right (hand, side) 8 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 9 δευτε G1205 Komt, komt, Volgt come, X follow 10 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 ευλογημενοι G2127 gezegend, zegende, Gezegend bless, praise 12 του G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 13 πατρος G3962 Vader, vader, vaders father, parent 14 μου G1473 mij, ik I, me 15 κληρονομησατε G2816 beerven, beerft, beerve be heir, (obtain by) inherit(-ance) 16 την G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 17 ητοιμασμενην G2090 bereid, bereiden, bereidden prepare, provide, make ready 18 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 19 βασιλειαν G932 Koninkrijk, koninkrijk, Koninkrijks kingdom, + reign 20 απο G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 21 καταβολης G2602 grondlegging conceive, foundation 22 κοσμου G2889 wereld, versiersel adorning, world
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
35 Want Ik ben hongerig geweest, en gij hebt Mij te eten gegeven; Ik ben dorstig geweest, en gij hebt Mij te drinken gegeven; Ik was een vreemdeling, en gij hebt Mij geherbergd.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

35 WantG1063 Ik ben hongerigG3983 geweest, enG2532 gij hebt Mij te etenG5315 gegevenG1325; Ik ben dorstigG1372 geweest, enG2532 gij hebt Mij te drinkenG4222 gegeven; IkG1473 wasG1510 een vreemdelingG3581, enG2532 gij hebt MijG1473 geherbergdG4863. Want Ik ben hongerig geweest, en gij hebt Mij te eten gegeven; Ik ben dorstig geweest, en gij hebt Mij te drinken gegeven; Ik was een vreemdeling, en gij hebt Mij geherbergd.

KJV For2 I was an hungred,1 and3 ye gave4 me meat:6 I was thirsty,7 and8 ye gave9 me drink: I was a stranger,11 and13 ye took14 me in:

1 επεινασα G3983 hongerde, hongerig, hongeren be an hungered 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 εδωκατε G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 5 μοι G1473 mij, ik I, me 6 φαγειν G5315 eten, gegeten, eet eat, meat 7 εδιψησα G1372 dorsten, dorst, dorstig (be, be a-)thirst(-y) 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 εποτισατε G4222 drinken, gedrenkt, nat maakt give (make) to drink, feed, water 10 με G1473 mij, ik I, me 11 ξενος G3581 vreemdelingen, vreemdeling, vreemde host, strange(-r) 12 ημην G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 συνηγαγετε G4863 vergaderd, vergaderden, vergadert + accompany, assemble (selves, together), bestow, come together, gather (selves together, up, together), lead into, resort, take in 15 με G1473 mij, ik I, me
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
36 Ik was naakt, en gij hebt Mij gekleed; Ik ben krank geweest, en gij hebt Mij bezocht; Ik was in de gevangenis, en gij zijt tot Mij gekomen.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

36 Ik was naaktG1131, enG2532 gij hebt Mij gekleedG4016; IkG1473 ben krankG770 geweest, enG2532 gij hebt Mij bezochtG1980; IkG1473 was inG1722 de gevangenisG5438, enG2532 gij zijt totG4314 MijG1473 gekomenG2064. Ik was naakt, en gij hebt Mij gekleed; Ik ben krank geweest, en gij hebt Mij bezocht; Ik was in de gevangenis, en gij zijt tot Mij gekomen.

KJV Naked,1 and2 ye clothed3 me: I was sick,5 and6 ye visited7 me: I was in9 prison,10 and12 ye came13 unto14 me.

1 γυμνος G1131 naakt, bloot, naakte naked 2 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 3 περιεβαλετε G4016 bekleed, gekleed, Werp array, cast about, clothe(-d me), put on 4 με G1473 mij, ik I, me 5 ησθενησα G770 zwak, krank, kranken be diseased, impotent folk (man), (be) sick, (be, be made) weak 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 επεσκεψασθε G1980 bezocht, bezoeken, bezoekt look out, visit 8 με G1473 mij, ik I, me 9 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 10 φυλακη G5438 gevangenis, gevangenissen, wake cage, hold, (im-)prison(-ment), ward, watch 11 ημην G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 ηλθετε G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 14 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 15 με G1473 mij, ik I, me
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
37 Dan zullen de rechtvaardigen Hem antwoorden, zeggende: Heere! wanneer hebben wij U hongerig gezien, en gespijzigd, of dorstig, en te drinken gegeven?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

37 Dan zullen de rechtvaardigenG1342 HemG846 antwoordenG611, zeggendeG3004: HeereG2962! wanneer hebben wij UG4771 hongerigG3983 gezienG3708, enG2532 gespijzigdG5142, ofG2228 dorstigG1372, enG2532 te drinkenG4222 gegeven? Dan zullen de rechtvaardigen Hem antwoorden, zeggende: Heere! wanneer hebben wij U hongerig gezien, en gespijzigd, of dorstig, en te drinken gegeven?

KJV Then1 shall the righteous5 answer2 him,3 saying,6 Lord,7 when8 saw we thee an hungred,11 and12 fed13 thee? or14 thirsty,15 and16 gave thee drink?

1 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 2 αποκριθησονται G611 antwoordde, antwoordende, antwoordden answer 3 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 δικαιοι G1342 rechtvaardig, rechtvaardigen, rechtvaardige just, meet, right(-eous) 6 λεγοντες G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 7 κυριε G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 8 ποτε G4219 wanneer?, hoe lang? + how long, when 9 σε G4771 u, gij, gijlieden thou 10 ειδομεν G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 11 πεινωντα G3983 hongerde, hongerig, hongeren be an hungered 12 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 13 εθρεψαμεν G5142 gespijzigd, gevoed, voedt bring up, feed, nourish 14 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 15 διψωντα G1372 dorsten, dorst, dorstig (be, be a-)thirst(-y) 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 εποτισαμεν G4222 drinken, gedrenkt, nat maakt give (make) to drink, feed, water
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
38 En wanneer hebben wij U een vreemdeling gezien, en geherbergd, of naakt en gekleed?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

38 En wanneer hebben wij UG4771 een vreemdelingG3581 gezienG3708, en geherbergdG4863, ofG2228 naaktG1131 en gekleedG4016? En wanneer hebben wij U een vreemdeling gezien, en geherbergd, of naakt en gekleed?

KJV When1 saw we thee a stranger,5 and6 took thee in?7 or8 naked,9 and10 clothed

1 ποτε G4219 wanneer?, hoe lang? + how long, when 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 σε G4771 u, gij, gijlieden thou 4 ειδομεν G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 5 ξενον G3581 vreemdelingen, vreemdeling, vreemde host, strange(-r) 6 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 7 συνηγαγομεν G4863 vergaderd, vergaderden, vergadert + accompany, assemble (selves, together), bestow, come together, gather (selves together, up, together), lead into, resort, take in 8 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 9 γυμνον G1131 naakt, bloot, naakte naked 10 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 11 περιεβαλομεν G4016 bekleed, gekleed, Werp array, cast about, clothe(-d me), put on
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
39 En wanneer hebben wij U krank gezien, of in de gevangenis, en zijn tot U gekomen?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

39 En wanneer hebben wij UG4771 krankG772 gezienG3708, ofG2228 inG1722 de gevangenisG5438, en zijn totG4314 UG4771 gekomenG2064? En wanneer hebben wij U krank gezien, of in de gevangenis, en zijn tot U gekomen?

KJV Or when1 saw we thee sick,5 or6 in7 prison,8 and9 came10 unto11 thee?

1 ποτε G4219 wanneer?, hoe lang? + how long, when 2 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 3 σε G4771 u, gij, gijlieden thou 4 ειδομεν G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 5 ασθενη G772 zwak, zwakken, krank more feeble, impotent, sick, without strength, weak(-er, -ness, thing) 6 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 7 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 8 φυλακη G5438 gevangenis, gevangenissen, wake cage, hold, (im-)prison(-ment), ward, watch 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 ηλθομεν G2064 komen, gekomen, kwam accompany, appear, bring, come, enter, fall out, go, grow, X light, X next, pass, resort, be set 11 προς G4314 tot, bij, aan about, according to , against, among, at, because of, before, between, (where-)by, for, X at thy house, in, for intent, nigh unto, of, which pertain to, that, to (the end that), X together, to (you) -ward, unto, with(-in) 12 σε G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
40 En de Koning zal antwoorden en tot hen zeggen: Voorwaar zeg Ik u: Voor zoveel gij dit een van deze Mijn minste broeders gedaan hebt, zo hebt gij dat Mij gedaan.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

40 En de KoningG935 zal antwoordenG611 enG2532 totG1909 henG846 zeggenG2046: VoorwaarG281 zegG3004 Ik uG4771: Voor zoveelG3745 gij dit eenG1520 van dezeG3778 Mijn minsteG1646 broedersG80 gedaanG4160 hebt, zo hebt gij dat Mij gedaan. En de Koning zal antwoorden en tot hen zeggen: Voorwaar zeg Ik u: Voor zoveel gij dit een van deze Mijn minste broeders gedaan hebt, zo hebt gij dat Mij gedaan.

KJV And1 the King4 shall answer2 and say5 unto them,6 Verily7 I say8 unto you, Inasmuch10 as11 ye have done12 it unto one13 of the least19 of these my brethren,16 ye have done21 it unto me.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 αποκριθεις G611 antwoordde, antwoordende, antwoordden answer 3 ο G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 4 βασιλευς G935 koning, Koning, koningen king 5 ερει G2046 zeggen, gezegd, gesproken call, say, speak (of), tell 6 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 7 αμην G281 Voorwaar, Amen, voorwaar amen, verily 8 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 9 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 10 εφ G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 11 οσον G3745 zoveel als, allen die all (that), as (long, many, much) (as), how great (many, much), (in-)asmuch as, so many as, that (ever), the more, those things, what (great, -soever), wheresoever, wherewithsoever, which, X while, who(-soever) 12 εποιησατε G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 13 ενι G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 14 τουτων G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 15 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 αδελφων G80 broeders, broeder, broederen brother 17 μου G1473 mij, ik I, me 18 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 19 ελαχιστων G1646 minste, klein, minsten least, very little (small), smallest 20 εμοι G1473 mij, ik I, me 21 εποιησατε G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
41 Dan zal Hij zeggen ook tot degenen, die ter linker hand zijn: Gaat weg van Mij, gij vervloekten, in het eeuwige vuur, hetwelk den duivel en zijn engelen bereid is.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

41 Dan zal HijG846 zeggenG2046 ookG2532 tot degenen, die ter linkerG2176 hand zijn: Gaat wegG4198 vanG575 MijG1473, gij vervloektenG2672, inG1519 het eeuwigeG166 vuurG4442, hetwelk den duivelG1228 enG2532 zijn engelenG32 bereidG2090 is. Dan zal Hij zeggen ook tot degenen, die ter linker hand zijn: Gaat weg van Mij, gij vervloekten, in het eeuwige vuur, hetwelk den duivel en zijn engelen bereid is.

Ook in dit vers uit/metG1537

KJV Then1 shall he say2 also3 unto them on5 the left hand,6 Depart7 from8 me, ye cursed,11 into12 everlasting16 fire,14 prepared18 for the devil20 and21 his24 angels:

1 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 2 ερει G2046 zeggen, gezegd, gesproken call, say, speak (of), tell 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 5 εξ G1537 uit, van, met after, among, X are, at, betwixt(-yond), by (the means of), exceedingly, (+ abundantly above), for(- th), from (among, forth, up), + grudgingly, + heartily, X heavenly, X hereby, + very highly, in, …ly, (because, by reason) of, off (from), on, out among (from, of), over, since, X thenceforth, through, X unto, X vehemently, with(-out) 6 ευωνυμων G2176 linker (on the) left 7 πορευεσθε G4198 reisde, reizen, reisden --depart, go (away, forth, one's way, up), (make a, take a) journey, walk 8 απ G575 van, uit, af (X here-)after, ago, at, because of, before, by (the space of), for(-th), from, in, (out) of, off, (up-)on(-ce), since, with 9 εμου G1473 mij, ik I, me 10 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 11 κατηραμενοι G2672 vervloeken, vervloekt, vervloekten curse 12 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 13 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 14 πυρ G4442 vuur, vuurs, vurigen fiery, fire 15 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 16 αιωνιον G166 eeuwige, eeuwigen, eeuwig eternal, for ever, everlasting, world (began) 17 το G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 18 ητοιμασμενον G2090 bereid, bereiden, bereidden prepare, provide, make ready 19 τω G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 20 διαβολω G1228 duivel, duivels, lasteressen false accuser, devil, slanderer 21 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 22 τοις G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 23 αγγελοις G32 engel, engelen, engels angel, messenger 24 αυτου G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
42 Want Ik ben hongerig geweest, en gij hebt Mij niet te eten gegeven; Ik ben dorstig geweest, en gij hebt Mij niet te drinken gegeven;
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

42 WantG1063 Ik ben hongerigG3983 geweest, enG2532 gij hebt Mij nietG3756 te etenG5315 gegevenG1325; Ik ben dorstigG1372 geweest, enG2532 gij hebt MijG1473 nietG3756 te drinkenG4222 gegeven; Want Ik ben hongerig geweest, en gij hebt Mij niet te eten gegeven; Ik ben dorstig geweest, en gij hebt Mij niet te drinken gegeven;

KJV For2 I was an hungred,1 and3 ye gave5 me no4 meat:7 I was thirsty,8 and9 ye gave11 me no10 drink:

1 επεινασα G3983 hongerde, hongerig, hongeren be an hungered 2 γαρ G1063 want, wil, immers and, as, because (that), but, even, for, indeed, no doubt, seeing, then, therefore, verily, what, why, yet 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 5 εδωκατε G1325 gegeven, geven, gaf adventure, bestow, bring forth, commit, deliver (up), give, grant, hinder, make, minister, number, offer, have power, put, receive, set, shew, smite (+ with the hand), strike (+ with the palm of the hand), suffer, take, utter, yield 6 μοι G1473 mij, ik I, me 7 φαγειν G5315 eten, gegeten, eet eat, meat 8 εδιψησα G1372 dorsten, dorst, dorstig (be, be a-)thirst(-y) 9 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 10 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 11 εποτισατε G4222 drinken, gedrenkt, nat maakt give (make) to drink, feed, water 12 με G1473 mij, ik I, me
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
43 Ik was een vreemdeling; en gij hebt Mij niet geherbergd; naakt, en gij hebt Mij niet gekleed; krank, en in de gevangenis, en gij hebt Mij niet bezocht.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

43 Ik wasG1510 een vreemdelingG3581; enG2532 gij hebt Mij nietG3756 geherbergdG4863; naaktG1131, enG2532 gij hebt Mij nietG3756 gekleedG4016; krankG772, enG2532 inG1722 de gevangenisG5438, enG2532 gij hebt MijG1473 nietG3756 bezochtG1980. Ik was een vreemdeling; en gij hebt Mij niet geherbergd; naakt, en gij hebt Mij niet gekleed; krank, en in de gevangenis, en gij hebt Mij niet bezocht.

KJV I was a stranger,1 and3 ye took5 me not4 in: naked,7 and8 ye clothed10 me not:9 sick,12 and13 in14 prison,15 and16 ye visited18 me not.

1 ξενος G3581 vreemdelingen, vreemdeling, vreemde host, strange(-r) 2 ημην G1510 is, zijn, was am, have been, X it is I, was 3 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 4 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 5 συνηγαγετε G4863 vergaderd, vergaderden, vergadert + accompany, assemble (selves, together), bestow, come together, gather (selves together, up, together), lead into, resort, take in 6 με G1473 mij, ik I, me 7 γυμνος G1131 naakt, bloot, naakte naked 8 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 9 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 10 περιεβαλετε G4016 bekleed, gekleed, Werp array, cast about, clothe(-d me), put on 11 με G1473 mij, ik I, me 12 ασθενης G772 zwak, zwakken, krank more feeble, impotent, sick, without strength, weak(-er, -ness, thing) 13 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 14 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 15 φυλακη G5438 gevangenis, gevangenissen, wake cage, hold, (im-)prison(-ment), ward, watch 16 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 17 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 18 επεσκεψασθε G1980 bezocht, bezoeken, bezoekt look out, visit 19 με G1473 mij, ik I, me
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
44 Dan zullen ook dezen Hem antwoorden, zeggende: Heere, wanneer hebben wij U hongerig gezien, of dorstig, of een vreemdeling, of naakt, of krank, of in de gevangenis, en hebben U niet gediend?
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

44 Dan zullen ookG2532 dezenG846 Hem antwoordenG611, zeggendeG3004: HeereG2962, wanneer hebben wij UG4771 hongerigG3983 gezienG3708, ofG2228 dorstigG1372, ofG2228 een vreemdelingG3581, ofG2228 naaktG1131, ofG2228 krankG772, ofG2228 inG1722 de gevangenisG5438, enG2532 hebben UG4771 nietG3756 gediendG1247? Dan zullen ook dezen Hem antwoorden, zeggende: Heere, wanneer hebben wij U hongerig gezien, of dorstig, of een vreemdeling, of naakt, of krank, of in de gevangenis, en hebben U niet gediend?

KJV Then1 shall they3 also4 answer2 him,5 saying,6 Lord,7 when8 saw we thee an hungred,11 or12 athirst,13 or14 a stranger,15 or16 naked,17 or18 sick,19 or20 in21 prison,22 and23 did25 not24 minister unto thee?

1 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 2 αποκριθησονται G611 antwoordde, antwoordende, antwoordden answer 3 αυτω G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 5 αυτοι G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 6 λεγοντες G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 7 κυριε G2962 Heere, Heeren, heer God, Lord, master, Sir 8 ποτε G4219 wanneer?, hoe lang? + how long, when 9 σε G4771 u, gij, gijlieden thou 10 ειδομεν G3708 ziet, gezien, Zie behold, perceive, see, take heed 11 πεινωντα G3983 hongerde, hongerig, hongeren be an hungered 12 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 13 διψωντα G1372 dorsten, dorst, dorstig (be, be a-)thirst(-y) 14 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 15 ξενον G3581 vreemdelingen, vreemdeling, vreemde host, strange(-r) 16 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 17 γυμνον G1131 naakt, bloot, naakte naked 18 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 19 ασθενη G772 zwak, zwakken, krank more feeble, impotent, sick, without strength, weak(-er, -ness, thing) 20 η G2228 of, dan and, but (either), (n-)either, except it be, (n-)or (else), rather, save, than, that, what, yea 21 εν G1722 in, met, onder about, after, against, + almost, X altogether, among, X as, at, before, between, (here-)by (+ all means), for (… sake of), + give self wholly to, (here-)in(-to, -wardly), X mightily, (because) of, (up-)on, (open-)ly, X outwardly, one, X quickly, X shortly, (speedi-)ly, X that, X there(-in, -on), through(-out), (un-)to(-ward), under, when, where(-with), while, with(-in) 22 φυλακη G5438 gevangenis, gevangenissen, wake cage, hold, (im-)prison(-ment), ward, watch 23 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 24 ου G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 25 διηκονησαμεν G1247 dienen, dient, gediend (ad-)minister (unto), serve, use the office of a deacon 26 σοι G4771 u, gij, gijlieden thou
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
45 Dan zal Hij hun antwoorden en zeggen: Voorwaar zeg Ik u: Voor zoveel gij dit een van deze minsten niet gedaan hebt, zo hebt gij het Mij ook niet gedaan.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

45 Dan zal Hij hun antwoordenG611 en zeggenG3004: VoorwaarG281 zegG3004 Ik uG4771: Voor zoveelG3745 gij dit eenG1520 van dezeG3778 minstenG1646 niet gedaanG4160 hebt, zo hebt gij het Mij ook niet gedaan. Dan zal Hij hun antwoorden en zeggen: Voorwaar zeg Ik u: Voor zoveel gij dit een van deze minsten niet gedaan hebt, zo hebt gij het Mij ook niet gedaan.

KJV Then1 shall he answer2 them,3 saying,4 Verily5 I say6 unto you, Inasmuch8 as9 ye did11 it not10 to one12 of the least15 of these, ye did18 it not16 to me.

1 τοτε G5119 toen, daarna that time, then 2 αποκριθησεται G611 antwoordde, antwoordende, antwoordden answer 3 αυτοις G846 hem, hen, hij her, it(-self), one, the other, (mine) own, said, (self-), the) same, ((him-, my-, thy- )self, (your-)selves, she, that, their(-s), them(-selves), there(-at, - by, -in, -into, -of, -on, -with), they, (these) things, this (man), those, together, very, which 4 λεγων G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 5 αμην G281 Voorwaar, Amen, voorwaar amen, verily 6 λεγω G3004 zeggende, zeide, zeg ask, bid, boast, call, describe, give out, name, put forth, say(-ing, on), shew, speak, tell, utter 7 υμιν G4771 u, gij, gijlieden thou 8 εφ G1909 op, over, tot about (the times), above, after, against, among, as long as (touching), at, beside, X have charge of, (be-, (where-))fore, in (a place, as much as, the time of, -to), (because) of, (up-)on (behalf of), over, (by, for) the space of, through(-out), (un-)to(-ward), with 9 οσον G3745 zoveel als, allen die all (that), as (long, many, much) (as), how great (many, much), (in-)asmuch as, so many as, that (ever), the more, those things, what (great, -soever), wheresoever, wherewithsoever, which, X while, who(-soever) 10 ουκ G3756 niet, geen, niemand + long, nay, neither, never, no (X man), none, (can-)not, + nothing, + special, un(-worthy), when, + without, + yet but 11 εποιησατε G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield 12 ενι G1520 een, ene, enen a(-n, -ny, certain), + abundantly, man, one (another), only, other, some 13 τουτων G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 14 των G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 15 ελαχιστων G1646 minste, klein, minsten least, very little (small), smallest 16 ουδε G3761 ook niet, noch neither (indeed), never, no (more, nor, not), nor (yet), (also, even, then) not (even, so much as), + nothing, so much as 17 εμοι G1473 mij, ik I, me 18 εποιησατε G4160 doen, gedaan, doet abide, + agree, appoint, X avenge, + band together, be, bear, + bewray, bring (forth), cast out, cause, commit, + content, continue, deal, + without any delay, (would) do(-ing), execute, exercise, fulfil, gain, give, have, hold, X journeying, keep, + lay wait, + lighten the ship, make, X mean, + none of these things move me, observe, ordain, perform, provide, + have purged, purpose, put, + raising up, X secure, shew, X shoot out, spend, take, tarry, + transgress the law, work, yield
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
46 En dezen zullen gaan in de eeuwige pijn; maar de rechtvaardigen in het eeuwige leven.
Α

Hieronder staat het vers in de Statenvertaling, met bij elk woord het Strong's-nummer van het Griekse woord dat erachter staat. Onderaan ziet u de grondtekst zelf, met bij elk woord de betekenissen die de Statenvertalers ervoor gekozen hebben. Zo leest u mee in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

Hier staat het vers in de Statenvertaling, daaronder de King James Version (1769), en onderaan de Griekse grondtekst met de Strong's-nummers. Elk grondtekstwoord heeft een eigen volgnummer; hetzelfde nummer bij een woord in de King James wijst naar het Griekse woord dat erachter staat. Zo kunt u vers voor vers meelezen in de grondtaal, ook zonder Grieks te kennen. Een enkel grondtekstwoord draagt geen nummer, doordat de King James daar geen apart woord tegenover stelt. Klik op een nummer voor de woordstudie erachter.

46 En dezenG3778 zullen gaanG565 inG1519 de eeuwigeG166 pijnG2851; maarG1161 de rechtvaardigenG1342 inG1519 het eeuwigeG166 levenG2222. En dezen zullen gaan in de eeuwige pijn; maar de rechtvaardigen in het eeuwige leven.

KJV And1 these3 shall go away2 into4 everlasting6 punishment:5 but8 the righteous9 into10 life11 eternal.

1 και G2532 en, ook, mede and, also, both, but, even, for, if, or, so, that, then, therefore, when, yet 2 απελευσονται G565 ging, weg, weggegaan come, depart, go (aside, away, back, out, … ways), pass away, be past 3 ουτοι G3778 deze, dit, die he (it was that), hereof, it, she, such as, the same, these, they, this (man, same, woman), which, who 4 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 5 κολασιν G2851 pijn punishment, torment 6 αιωνιον G166 eeuwige, eeuwigen, eeuwig eternal, for ever, everlasting, world (began) 7 οι G3588 de, het, die (lidwoord) the, this, that, one, he, she, it, etc 8 δε G1161 maar, en, nu also, and, but, moreover, now (often unexpressed in English) 9 δικαιοι G1342 rechtvaardig, rechtvaardigen, rechtvaardige just, meet, right(-eous) 10 εις G1519 in, tot, naar (abundant-)ly, against, among, as, at, (back-)ward, before, by, concerning, + continual, + far more exceeding, for (intent, purpose), fore, + forth, in (among, at, unto, -so much that, -to), to the intent that, + of one mind, + never, of, (up-)on, + perish, + set at one again, (so) that, therefore(-unto), throughout, til, to (be, the end, -ward), (here-)until(-to), …ward, (where-)fore, with 11 ζωην G2222 leven, levens, Leven life(-time) 12 αιωνιον G166 eeuwige, eeuwigen, eeuwig eternal, for ever, everlasting, world (began)
Meer over de grondtalen en de Strong's-nummers
Kruisverwijzingen Schatkamer van Schriftkennis (Treasury of Scripture Knowledge)
Mattheüs 25:1 Mattheüs 13:24 Lukas 12:35 Openbaring 19:7 Openbaring 21:2 Mattheüs 22:2 Daniël 2:44 Jesaja 54:5 Filippenzen 2:15
Mattheüs 25:2 Jeremia 24:2 Mattheüs 7:24 1 Korinthe 10:1 Judas 1:5 1 Johannes 2:19 Mattheüs 24:45 Mattheüs 22:10 Mattheüs 13:38
Mattheüs 25:3 Jesaja 48:1 Jesaja 58:2 Openbaring 3:15 Ezechiël 33:3 2 Timotheüs 3:5 Mattheüs 23:25 Openbaring 3:1 Hebreeën 12:15
Mattheüs 25:4 Johannes 3:34 1 Johannes 2:20 1 Johannes 2:27 Romeinen 8:9 Psalmen 45:7 Galaten 5:22 Zacharia 4:2 2 Korinthe 1:22
Mattheüs 25:5 Mattheüs 25:19 Mattheüs 24:48 Openbaring 2:25 Mattheüs 26:40 1 Petrus 5:8 Hooglied 3:1 1 Thessalonicenzen 5:6 Lukas 18:8
Mattheüs 25:6 Maleachi 3:1 1 Thessalonicenzen 4:16 Mattheüs 24:31 Mattheüs 25:31 Lukas 12:38 Amos 4:12 Jesaja 25:9 Judas 1:14
Mattheüs 25:7 Openbaring 3:19 Lukas 12:35 2 Petrus 3:14 Openbaring 2:4 Openbaring 3:2
Mattheüs 25:8 Lukas 12:35 Spreuken 13:9 Handelingen 8:24 Openbaring 3:9 Mattheüs 3:9 Job 21:17 Spreuken 20:20 Spreuken 4:18
Mattheüs 25:9 Jeremia 15:1 Ezechiël 14:14 Openbaring 3:17 Handelingen 8:22 Jesaja 55:6 Jesaja 55:1 Psalmen 49:7 Ezechiël 14:20
Mattheüs 25:10 Lukas 13:25 Openbaring 22:20 Openbaring 22:11 Mattheüs 25:20 Amos 8:12 Numeri 14:28 Genesis 7:16 1 Petrus 1:13
Mattheüs 25:11 Mattheüs 7:21 Hebreeën 12:16
Mattheüs 25:12 2 Timotheüs 2:19 Lukas 13:26 1 Korinthe 8:3 Johannes 9:31 Psalmen 1:6 Galaten 4:9 Johannes 10:27 Psalmen 5:5
Mattheüs 25:13 Markus 13:33 Mattheüs 24:42 1 Korinthe 16:13 1 Thessalonicenzen 5:6 Openbaring 16:15 2 Timotheüs 4:5 1 Petrus 4:7 1 Petrus 5:8
Mattheüs 25:14 Mattheüs 21:33 1 Korinthe 12:7 1 Korinthe 12:4 Efeze 4:11 Lukas 19:12 Markus 13:34 1 Petrus 4:9 1 Korinthe 3:5
Mattheüs 25:15 Mattheüs 18:24 Lukas 12:48 Lukas 19:13
Mattheüs 25:16 2 Kronieken 19:4 1 Korinthe 15:10 1 Kronieken 28:2 1 Timotheüs 6:17 1 Korinthe 9:16 2 Samuël 7:1 Filemon 1:6 2 Kronieken 1:9
Mattheüs 25:17 1 Timotheüs 5:10 Handelingen 11:29 Spreuken 3:9 2 Koningen 4:8 Efeze 5:16 2 Timotheüs 1:16 Job 31:16 2 Korinthe 8:12
Mattheüs 25:18 Lukas 19:20 Hebreeën 6:12 2 Petrus 1:8 Maleachi 1:10 Spreuken 18:9 Hagai 1:2 Spreuken 26:13
Mattheüs 25:19 Mattheüs 25:5 Lukas 16:1 Mattheüs 18:23 2 Korinthe 5:10 Lukas 16:19 Romeinen 14:7 Mattheüs 24:48 Jakobus 3:1
Mattheüs 25:20 Handelingen 20:24 Kolossenzen 1:29 2 Timotheüs 4:1 1 Korinthe 15:10 Jakobus 2:18 Lukas 19:16
Mattheüs 25:21 Lukas 16:10 Mattheüs 25:23 Johannes 12:26 2 Timotheüs 2:12 Openbaring 3:21 Mattheüs 24:47 Filippenzen 1:23 Openbaring 2:10
Mattheüs 25:22 2 Korinthe 8:12 Romeinen 12:6 Lukas 19:18 2 Korinthe 8:7 2 Korinthe 8:1
Mattheüs 25:23 Mattheüs 25:21 Markus 14:8 Markus 12:41
Mattheüs 25:24 Maleachi 1:12 Jesaja 58:3 Romeinen 8:7 Jeremia 2:31 Lukas 6:46 Ezechiël 18:25 Job 21:14 Mattheüs 7:21
Mattheüs 25:25 Jesaja 57:11 2 Timotheüs 1:6 2 Samuël 6:9 Spreuken 26:13 Romeinen 8:15 Openbaring 21:8
Mattheüs 25:26 Mattheüs 18:32 Job 15:5
Mattheüs 25:27 Judas 1:15 Lukas 19:22 Deuteronomium 23:19 Romeinen 3:19
Mattheüs 25:28 Lukas 10:42 Lukas 19:24
Mattheüs 25:29 Mattheüs 13:12 Markus 4:25 Lukas 8:18 Johannes 15:2 Mattheüs 21:41 Klaagliederen 2:6 Lukas 16:9 Openbaring 2:5
Mattheüs 25:30 Mattheüs 8:12 Mattheüs 22:13 Openbaring 3:15 Mattheüs 13:50 Hebreeën 6:7 Johannes 15:6 Mattheüs 13:42 Jeremia 15:1
Mattheüs 25:31 Mattheüs 19:28 Mattheüs 16:27 2 Thessalonicenzen 1:7 Judas 1:14 Openbaring 1:7 Markus 8:38 1 Thessalonicenzen 4:16 Markus 14:62
Mattheüs 25:32 Mattheüs 13:49 Maleachi 3:18 Psalmen 98:9 Ezechiël 34:17 Psalmen 96:13 2 Korinthe 5:10 Psalmen 50:3 1 Korinthe 4:5
Mattheüs 25:33 Psalmen 100:3 Psalmen 45:9 Genesis 48:13 Markus 16:19 Psalmen 110:1 Genesis 48:17 Johannes 10:26 Psalmen 95:7
Mattheüs 25:34 Jakobus 2:5 Openbaring 21:7 Lukas 12:32 Openbaring 13:8 1 Korinthe 6:9 Mattheüs 20:23 1 Petrus 3:9 1 Korinthe 2:9
Mattheüs 25:35 Ezechiël 18:7 Ezechiël 18:16 1 Johannes 3:16 Romeinen 12:13 Deuteronomium 15:7 Jakobus 1:27 Hebreeën 13:1 Jakobus 2:15
Mattheüs 25:36 Jakobus 1:27 Hebreeën 13:3 Jakobus 5:14 Hebreeën 10:34 Ezechiël 18:7 Lukas 3:11 Handelingen 28:8 Job 31:19
Mattheüs 25:37 1 Petrus 5:5 Mattheüs 6:3 1 Korinthe 15:10 1 Kronieken 29:14 Jesaja 64:6 Spreuken 15:33
Mattheüs 25:40 Spreuken 19:17 Mattheüs 10:42 Spreuken 14:31 Markus 9:41 Galaten 5:6 1 Johannes 4:7 1 Petrus 1:22 Hebreeën 6:10
Mattheüs 25:41 Mattheüs 13:40 Judas 1:6 Mattheüs 7:23 2 Petrus 2:4 Mattheüs 3:12 2 Thessalonicenzen 1:9 Mattheüs 13:42 Mattheüs 13:50
Mattheüs 25:42 Mattheüs 12:30 Jakobus 2:15 Amos 6:6 1 Johannes 4:20 1 Korinthe 16:22 Johannes 14:21 2 Thessalonicenzen 1:8 Mattheüs 10:37
Mattheüs 25:44 Maleachi 3:13 1 Samuël 15:13 Jeremia 2:23 Lukas 10:29 1 Samuël 15:20 Mattheüs 7:22 Mattheüs 25:24 Maleachi 2:17
Mattheüs 25:45 Mattheüs 25:40 Spreuken 21:13 Handelingen 9:5 Psalmen 105:15 Spreuken 17:5 Spreuken 14:31 1 Johannes 5:1 Johannes 15:18
Mattheüs 25:46 Johannes 3:36 Daniël 12:2 Johannes 5:29 Romeinen 6:23 Johannes 3:15 Openbaring 20:15 2 Thessalonicenzen 1:9 Openbaring 21:8
Kanttekeningen De oorspronkelijke aantekeningen van de Statenvertalers (1637/1657)
Mattheüs 25 vers 1

Alsdan zal Namelijk als de Heere Christus zal komen ten oordeel, waarvan in het einde van het voorgaande, Mat 24 , gesproken wordt.

Hertaald: Alsdan zal Namelijk wanneer de Heere Christus ten oordeel zal komen, waarover aan het einde van het voorgaande hoofdstuk 24 gesproken wordt.

gelijk tien maagden, Deze gelijkenis wordt genomen van hetgeen gebruikelijk was in de bruiloften van dien tijd, die des nachts gehouden werden, in welke de bruidegom met de zijnen van enig maagden ingehaald en tot bruid geleid werd met brandende lampen of fakkelen. Zie ook Luc. 12:35 van dergelijke wijze; en wordt verstaan door de komst des bruidegoms de toekomst van Christus ten oordeel, vs.13. Door de maagden allen die den Christelijken naam voeren. Door de wijzen allen oprechte ware gelovigen. Door de dwazen alle mondchristenen en geveinsden. Door de lampen de belijdenis des Christelijken geloofs. Door de olie en het licht het ware geloof door de liefde krachtig. Door den middernacht den onverwachten tijd van Christus' komst. En door de bruiloft de vreugd des eeuwigen levens.

Hertaald: gelijk tien maagden, Deze gelijkenis is ontleend aan wat gebruikelijk was bij de bruiloften van die tijd, die 's nachts gehouden werden. Daarbij werd de bruidegom met de zijnen door enkele meisjes ingehaald en met brandende lampen of fakkels naar de bruid geleid. Zie ook Luk. 12:35 over iets dergelijks. Met de komst van de bruidegom wordt de komst van Christus ten oordeel bedoeld, vers 13; met de maagden allen die de christelijke naam dragen; met de wijzen alle oprechte, ware gelovigen; met de dwazen alle naamchristenen en huichelaars; met de lampen de belijdenis van het christelijke geloof; met de olie en het licht het ware geloof dat door de liefde werkzaam is; met de middernacht het onverwachte moment van Christus' komst; en met de bruiloft de vreugde van het eeuwige leven.

Mattheüs 25 vers 2

wijs en vijf waren dwaas Grieks, voorzichtig.

Hertaald: wijs en vijf waren dwaas Grieks: voorzichtig.

Mattheüs 25 vers 5

allen sluimerig Namelijk zowel de wijzen als de dwazen. Want ook de ware gelovigen sluimeren wel somtijds, doch hun geloof en liefde worden daarna wederom wakker.

Hertaald: allen sluimerig Namelijk zowel de wijzen als de dwazen. Want ook de ware gelovigen sluimeren soms, maar hun geloof en liefde worden daarna weer wakker.

Mattheüs 25 vers 7

bereidden hare lampen Grieks, versierden.

Hertaald: bereidden hare lampen Grieks: versierden.

Mattheüs 25 vers 11

Heer, heer, doe ons open Hetwelk, dewijl het dan te laat zal zijn, zo wordt daarmede alleen te kennen gegeven dat wij ons intijds moeten voorzien; Joh. 9:4 .

Hertaald: Heer, heer, doe ons open Omdat het dan te laat zal zijn, wordt hiermee alleen te kennen gegeven dat wij ons op tijd moeten voorbereiden; Joh. 9:4.

Mattheüs 25 vers 12

Ik ken u niet Namelijk voor de mijnen. Zie Matt. 7:23 .

Hertaald: Ik ken u niet Namelijk als de Mijnen. Zie Matth. 7:23.

Mattheüs 25 vers 14

gelijk een mens, Door deze gelijkenis worden wij vermaand de gaven, die God ons verleent, elk naar de mate derzelve waar te nemen en te besteden tot de meeste stichting van anderen, met belofte van genadige beloning hier en hiernamaals voor degenen die zulks doen, en bedreiging van zware straffen tegen degenen, die zulks nalaten. Zie Joh. 15:2 ; 1 Kor. 12:5-7 .

Hertaald: gelijk een mens, Met deze gelijkenis worden wij vermaand om de gaven die God ons verleent, ieder naar de mate daarvan, waar te nemen en te besteden tot zo groot mogelijke stichting van anderen. Daarbij wordt een genadige beloning beloofd, hier en hierna, aan wie dat doen, en worden zware straffen aangekondigd tegen wie dat nalaten. Zie Joh. 15:2; 1 Kor. 12:5-7.

Mattheüs 25 vers 15

vermogen, Dat is, begrip of bekwaamheid, namelijk om te handelen en winst te doen. Waaruit niet kan besloten worden dat een mens uit zichzelven kracht of bekwaamheid heeft om de gaven Gods recht te gebruiken. Want in de Schrift wordt doorgaans getuigd dat al onze bekwaamheid uit God is. Zie Joh. 15:5 ; 1 Kor. 15:10 ; 2 Kor. 3:5 .

Hertaald: vermogen, Dat is: bevattingsvermogen of bekwaamheid, namelijk om ermee te handelen en winst te maken. Daaruit kan niet afgeleid worden dat een mens uit zichzelf kracht of bekwaamheid heeft om de gaven van God goed te gebruiken. Want in de Schrift wordt overal getuigd dat al onze bekwaamheid uit God is. Zie Joh. 15:5; 1 Kor. 15:10; 2 Kor. 3:5.

Mattheüs 25 vers 16

won andere vijf talenten Grieks, maakte.

Hertaald: won andere vijf talenten Grieks: maakte.

Mattheüs 25 vers 19

na een langen tijd Grieks, na veel tijds.

Hertaald: na een langen tijd Grieks: na veel tijd.

Mattheüs 25 vers 20

boven dezelve gewonnen Of, met, door.

Hertaald: boven dezelve gewonnen Of: met, door.

Mattheüs 25 vers 21

Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht, Of, het is wel, het gaat wel, gij hebt wel gedaan.

Hertaald: Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht, Of: het is goed, het gaat goed, u hebt goed gedaan.

ga in, in de vreugde uws heren Dat is, ga in met uwen heer ter plaatse waar hij zijne vreugde en heeflijkheid heeft. Zie Joh. 17:24 ; Luc. 22:30 .

Hertaald: ga in, in de vreugde uws heren Dat is: ga met uw heer binnen op de plaats waar hij zijn vreugde en heerlijkheid heeft. Zie Joh. 17:24; Luk. 22:30.

Mattheüs 25 vers 24

hard mens zijt, Of, straf.

Hertaald: hard mens zijt, Of: streng.

Maaiende, waar gij niet gezaaid hebt, Dit was een spreekwoord, waarmede beschreven werd een mens, die alles op het scherpste en nauwste tot zijn voordeel trekt.

Hertaald: Maaiende, waar gij niet gezaaid hebt, Dit was een spreekwoord waarmee een mens beschreven werd die alles zo scherp en nauw mogelijk naar zijn eigen voordeel trekt.

Mattheüs 25 vers 26

Gij boze en luie dienstknecht, Dat is, niet de vrees van mijne hardigheid, maar uw eigen boosheid en luiheid is daarvan de oorzaak.

Hertaald: Gij boze en luie dienstknecht, Dat is: niet de vrees voor mijn hardheid, maar uw eigen boosheid en luiheid is daarvan de oorzaak.

Mattheüs 25 vers 27

gedaan hebben, Grieks, geworpen, of gelegd; namelijk in de wisselbank.

Hertaald: gedaan hebben, Grieks: geworpen of gelegd, namelijk bij de wisselbank.

woeker Grieks, tokos; waardoor allerlei vrucht of winst van het gebruik des gelds wordt betekend, welke soms in het goede, soms in het kwade genomen wordt, naardat de winst redelijk of onredelijk is. Zie voorts Luc. 19:23 .

Hertaald: woeker Grieks: tokos, waarmee elke vrucht of winst uit het gebruik van geld aangeduid wordt. Dat wordt soms in gunstige, soms in ongunstige zin opgevat, al naar gelang de winst redelijk of onredelijk is. Zie verder Luk. 19:23.

Mattheüs 25 vers 29

een iegelijk Grieks, allen.

Hertaald: een iegelijk Grieks: allen.

die heeft, Dat is, die zijne gaven, die hij heeft, tewerkstelt en wel besteedt.

Hertaald: die heeft, Dat is: wie de gaven die hij heeft in werking stelt en goed besteedt.

die niet heeft, Dat is, die zijne gaven niet gebruikt of ledig laat liggen, alsof hij ze niet had gehad.

Hertaald: die niet heeft, Dat is: wie zijn gaven niet gebruikt of ongebruikt laat liggen, alsof hij ze niet gehad had.

Mattheüs 25 vers 30

buitenste duisternis; Zie Matt. 8:12 .

Hertaald: buitenste duisternis; Zie Matth. 8:12.

Mattheüs 25 vers 31

op den troon Dat is, op zijn heerlijken troon, welke in de wolken zal opgericht worden. Zie Matt. 24:30 ; Openb. 1:7 .

Hertaald: op den troon Dat is: op Zijn heerlijke troon, die in de wolken opgericht zal worden. Zie Matth. 24:30; Openb. 1:7.

Mattheüs 25 vers 32

vergaderd worden, Namelijk door den dienst der engelen. Zie Matt. 13:41 .

Hertaald: vergaderd worden, Namelijk door de dienst van de engelen. Zie Matth. 13:41.

Mattheüs 25 vers 33

rechter -hand zetten, Of, rechterzijde; alzo ook in het volgende.

Hertaald: rechter -hand zetten, Of: rechterzijde; zo ook in het vervolg.

Mattheüs 25 vers 34

de Koning Namelijk Christus, die in vs.31, de Zoon des mensen genaamd wordt, en nu hier Koning, omdat Hij alsdan wezen zal in de volle heerschappij van zijn rijk.

Hertaald: de Koning Namelijk Christus, Die in vers 31 de Zoon des mensen genoemd wordt en hier Koning, omdat Hij dan in de volle heerschappij van Zijn rijk zal zijn.

gezegenden mijns Vaders, Van deze zegening zie Ef. 1:3-5 .

Hertaald: gezegenden mijns Vaders, Zie over deze zegening Ef. 1:3-5.

u bereid is Namelijk van God, door en naar zijn eeuwige verkiezing, Ef. 1:4 .

Hertaald: u bereid is Namelijk door God, door en naar Zijn eeuwige verkiezing, Ef. 1:4.

Mattheüs 25 vers 35

geherbergd; Grieks, medegeleid, of medegenomen; namelijk om te herbergen.

Hertaald: geherbergd; Grieks: meegeleid of meegenomen, namelijk om te herbergen.

Mattheüs 25 vers 36

bezocht; Of, hebt opzicht over mij genomen.

Hertaald: bezocht; Of: hebt naar Mij omgezien.

Ik was in de gevangenis Onder deze verhaalde werken der liefde worden alle andere vruchten des geloofs verstaan, die hier voortgebracht worden, niet als verdienende oorzaken der zaligheid, maar als openbare getuigenissen en tekenen van hun geloof, die om de verdiensten van Christus uit genade zullen beloond worden, om daarmede te bewijzen de rechtvaardigheid van zijn vonnis in dit oordeel voor de gehele wereld, gelijk blijkt uit vs.34, waar als de eerst oorzaak hunner zaligheid gesteld wordt de zegen des Vaders, en de zaligheid een erfdeel wordt genaamd, en deze gezegd wordt hun bereid of toegeschikt te zijn eer de grond der wereld gelegd was; Ef. 1:4 .

Hertaald: Ik was in de gevangenis Onder deze genoemde werken van liefde worden alle andere vruchten van het geloof verstaan die hier voortgebracht worden — niet als verdienende oorzaken van de zaligheid, maar als openbare getuigenissen en tekenen van hun geloof, die om de verdiensten van Christus uit genade beloond zullen worden. Zo wordt de rechtvaardigheid van Zijn vonnis in dit oordeel voor de hele wereld bewezen, zoals blijkt uit vers 34, waar als eerste oorzaak van hun zaligheid de zegen van de Vader gesteld wordt, waar de zaligheid een erfdeel genoemd wordt, en waar gezegd wordt dat die hun bereid of toebedeeld is voordat de grondslag van de wereld gelegd was; Ef. 1:4.

Mattheüs 25 vers 40

zo hebt gij Dat is, dat zal ik achten alsof zulks mijzelven gedaan ware. Hand. 9:4 .

Hertaald: zo hebt gij Dat is: dat zal Ik beschouwen alsof het Mijzelf gedaan was. Hand. 9:4.

Mattheüs 25 vers 41

vervloekten, Dat is om deze uwe zonden naar Gods rechtvaardig oordeel de straf des eeuwigen vloeks onderworpen.

Hertaald: vervloekten, Dat is: om deze zonden van u naar Gods rechtvaardig oordeel onderworpen aan de straf van de eeuwige vloek.

duivel en zijnen engelen Zo noemt Hij het hoofd der boze geesten, die hier ook zijne engelen genoemd worden, omdat de duivel hen gebruikt tot zijne dienstboden, gelijk Christus zijn goede engelen; Openb. 12:7 .

Hertaald: duivel en zijnen engelen Zo noemt Hij het hoofd van de boze geesten, die hier ook zijn engelen genoemd worden, omdat de duivel hen als zijn dienaren gebruikt, zoals Christus Zijn goede engelen; Openb. 12:7.

Mattheüs 25 vers 45

deze minsten niet gedaan hebt, Namelijk die hier tot mijne rechterhand staan.

Hertaald: deze minsten niet gedaan hebt, Namelijk zij die hier aan Mijn rechterhand staan.

Mattheüs 25 vers 46

pijn; Of, straf, pijniging, gelijk 1 Joh. 4:18 .

Hertaald: pijn; Of: straf, pijniging, zoals 1 Joh. 4:18.

© Hertaling van de kanttekeningen: Teun van der Plas

Bijbelse Begrippen Begrippen die in dit hoofdstuk voorkomen
Gelijkenis  — Grieks: parabole, van paraballo, "naast elkaar leggen" — een verhaal uit het gewone leven naast een hemelse zaak gelegd; in het Hebreeuws masjal

Mattheüs 13 bundelt zeven gelijkenissen over het Koninkrijk der hemelen: de zaaier, het onkruid onder de tarwe, het mosterdzaad, het zuurdeeg, de verborgen schat, de kostelijke perel en het net (Matt. 13:1-50). Christus spreekt tot de scharen "vele dingen door gelijkenissen" (Matt. 13:3), en op de vraag van de discipelen waarom, antwoordt Hij dat het hun gegeven is de verborgenheden van het Koninkrijk te weten, maar aan de scharen niet. Daarbij haalt Hij Jesaja aan over horen zonder verstaan (Matt. 13:10-15; Jes. 6:9-10). Van de eerste twee geeft Hij Zelf de uitlegging (Matt. 13:18-23,36-43). Het hoofdstuk merkt op dat Hij zonder gelijkenis niet tot hen sprak, opdat vervuld zou worden wat door de profeet gezegd is (Matt. 13:34-35; Ps. 78:2).

Bijbelse betekenis: Een gelijkenis is geen versiering en ook geen vereenvoudiging. Zij werkt twee kanten uit: voor wie hoort ontsluit zij, voor wie niet wil horen sluit zij toe — precies wat Christus in Matt. 13:10-15 zegt. Daarom is het beeld altijd eenvoudig en de zaak nooit: iedereen in Galilea kende zaad, onkruid en netten, en juist daardoor kan niemand zeggen dat de zaak te hoog was. En de gelijkenis vraagt om een beslissing in plaats van om een verklaring: de schat en de perel worden gekocht, met alles wat men heeft.

Typologie: Christus Zelf noemt de reden dat Hij zo spreekt een vervulling: Ik zal Mijn mond opendoen door gelijkenissen, Ik zal voortbrengen dingen die verborgen waren van de grondlegging der wereld (Matt. 13:35, uit Ps. 78:2). Dat de verborgenheid nu geopend is, is in het Nieuwe Testament de kern van de zaak. God, Die gebood dat het licht uit de duisternis zou schijnen, heeft geschenen in onze harten tot verlichting van de kennis der heerlijkheid Gods in het aangezicht van Jezus Christus (2 Kor. 4:6). De natuurlijke mens begrijpt intussen de dingen die des Geestes Gods zijn niet (1 Kor. 2:14). De gelijkenis legt daarmee bloot wat een mens is voordat God hem opent.

Matt. 13:1-52; Jes. 6:9-10; Ps. 78:2; 1 Kor. 2:14; 2 Kor. 4:6

Wederkomst  — Grieks: parousia, "aankomst, tegenwoordigheid" — in de Statenvertaling "toekomst", dat wil zeggen het toekomen of komen van Christus

Op de vraag van de discipelen naar het teken van Zijn toekomst en van de voleinding der wereld (Matt. 24:3) volgt de langste rede van Mattheüs. Zij waarschuwt eerst tegen misleiding: velen zullen komen onder Zijn Naam, er zullen oorlogen en hongersnoden zijn, maar dat alles is nog niet het einde (Matt. 24:4-8). Daarna spreekt zij van verdrukking, van valse profeten met tekenen, en van de komst van de Zoon des mensen die zo onmiskenbaar zal zijn als de bliksem van het oosten tot het westen (Matt. 24:23-27,30-31). Twee dingen worden nadrukkelijk gezegd: het Evangelie moet eerst in de gehele wereld gepredikt worden (Matt. 24:14), en van die dag en die ure weet niemand, ook niet de engelen (Matt. 24:36). Daarop volgen drie gelijkenissen die alle op één woord uitkomen: waakt (Matt. 24:42-51; 25:1-13,14-30).

Bijbelse betekenis: De rede is met opzet zo gebouwd dat zij nieuwsgierigheid ontmoedigt en waakzaamheid wekt. Elke poging de dag te berekenen loopt stuk op Matt. 24:36, en elke poging het uit te stellen loopt stuk op de gelijkenis van de dienstknecht die zegt dat zijn heer vertoeft. Het teken dat wél gegeven wordt, is er één van arbeid en niet van sensatie: het Evangelie gepredikt onder alle volken. En de maatstaf in de laatste gelijkenis is opvallend gewoon — wat men aan de geringste van Zijn broeders gedaan heeft (Matt. 25:40).

Typologie: Paulus geeft dezelfde twee dingen. De dag des Heeren komt als een dief in de nacht, maar de gelovigen zijn geen kinderen der duisternis en worden daarom tot waakzaamheid geroepen (1 Thess. 5:2-6). En de Heere Zelf zal met een geroep en met de bazuin Gods nederdalen van de hemel (1 Thess. 4:16). Petrus voegt de reden van het uitstel toe: de Heere is lankmoedig, niet willende dat enigen verloren gaan (2 Petr. 3:9). Zo eindigt de Schrift met een gebed en niet met een berekening: Amen, ja, kom, Heere Jezus (Op. 22:20).

Matt. 24:3-51; Matt. 25:1-46; 1 Thess. 4:16; 1 Thess. 5:2-6; 2 Petr. 3:9; Op. 22:20

Zoon des mensen  — Grieks: ho huios tou anthropou, naar het Aramese bar enasj — de aanduiding die Christus in de Evangeliën vrijwel uitsluitend van Zichzelf gebruikt

De uitdrukking komt in Mattheüs ruim dertig maal voor en altijd uit Zijn eigen mond. Zij klinkt het eerst in armoede: de vossen hebben holen en de vogelen des hemels nesten, maar de Zoon des mensen heeft niet waar Hij het hoofd nederlegge (Matt. 8:20). Zij klinkt in gezag: de Zoon des mensen heeft macht op de aarde de zonden te vergeven (Matt. 9:6), en Hij is een Heere ook van de sabbat (Matt. 12:8). Zij klinkt in het lijden: driemaal kondigt Hij aan dat de Zoon des mensen overgeleverd zal worden en ten derden dage opstaan (Matt. 17:22-23; 20:18-19). En zij klinkt in heerlijkheid: men zal Hem zien komen op de wolken des hemels, en voor Hem zullen alle volken vergaderd worden (Matt. 24:30; 25:31-32).

Bijbelse betekenis: De aanduiding is met opzet dubbelzinnig. In het gewone Aramees betekent zij niet meer dan "mens", en juist daarom kon Christus haar gebruiken zonder Zich vóór de tijd bloot te geven. Maar bij Daniël is zij een titel van hemelse waardigheid, en dáár grijpt Hij naar terug op het beslissende ogenblik. Voor de hogepriester zegt Hij onder ede dat men de Zoon des mensen zal zien zitten ter rechterhand der kracht en komen op de wolken des hemels (Matt. 26:64). Daarop volgt het vonnis. De laagheid en de hoogheid zitten dus in één woord.

Typologie: Daniël zag in de nachtgezichten "Een met de wolken des hemels, als eens mensen zoon", en Hem werd heerschappij, eer en het koninkrijk gegeven, een eeuwige heerschappij die niet vergaan zal (Dan. 7:13-14). Stefanus ziet die Zoon des mensen staande ter rechterhand Gods (Hand. 7:56). De Hebreeënbrief past Psalm 8 op Hem toe: wij zien nog niet dat Hem alle dingen onderworpen zijn, maar wij zien Jezus, met heerlijkheid en eer gekroond vanwege het lijden des doods (Hebr. 2:6-9). De weg van Matt. 8:20 naar Matt. 25:31 is dus geen omslag maar één weg.

Matt. 8:20; Matt. 9:6; Matt. 12:8; Matt. 17:22-23; Matt. 20:18-19; Matt. 24:30; Matt. 25:31-32; Matt. 26:64; Dan. 7:13-14; Hand. 7:56; Hebr. 2:6-9

Alle bijbelse begrippen in één overzicht →

© Vertaling Easton’s Bible Dictionary en informatieve aanvullingen: Teun van der Plas

Christus in dit hoofdstuk Heenwijzingen naar Christus in dit hoofdstuk

Gelijk de herder de schapen van de bokken scheidt — 25:31-46

Het koninkrijk niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe

Het laatste onderwijs voor het lijden gaat over Zijn wederkomst. Na twee gelijkenissen over wachten en over toevertrouwd geld volgt geen derde gelijkenis meer, maar een tafereel dat als een gerechtszitting is ingericht.

De Zoon des mensen zit op de troon, en Hij scheidt met een beeld dat niet uit de rechtszaal komt maar van het land.

De opening is die van Daniël: “En wanneer de Zoon des mensen komen zal in Zijn heerlijkheid, en al de heilige engelen met Hem, dan zal Hij zitten op den troon Zijner heerlijkheid.” Voor Hem worden alle volken vergaderd.

En dan komt het beeld, en het is opvallend huiselijk: “Hij zal ze van elkander scheiden, gelijk de herder de schapen van de bokken scheidt.” Een herder deed dat elke avond; schapen en bokken weidden overdag door elkaar en gingen 's nachts apart.

Dat beeld is niet nieuw. Ezechiël had het al gebruikt, en daar zei God het Zelf: “Ziet, Ik zal richten tussen klein vee en klein vee, tussen de rammen en de bokken.” In datzelfde hoofdstuk beloofde Hij Zijn schapen te verlossen en één Herder over hen te verwekken. Wat God daar aan Zichzelf toeschreef, doet hier de Zoon des mensen.

Daarom staat er in vers 34 opeens een ander woord. Tot dan toe heet Hij de Zoon des mensen; vanaf het ogenblik dat Hij spreekt, heet Hij de Koning. De kanttekening zegt waarom: omdat Hij dan wezen zal in de volle heerschappij van Zijn rijk.

Het vonnis zelf is verrassend. Er wordt niet gevraagd naar wat men beleden heeft, maar naar brood, water, onderdak, kleding, een bezoek. En beide partijen zijn even verbaasd, want beide vragen: wanneer hebben wij U zo gezien?

Het antwoord verbindt Hem aan de geringste: “Voor zoveel gij dit een van deze Mijn minste broeders gedaan hebt, zo hebt gij dat Mij gedaan.”

Daar staat dezelfde Koning Die eerder over Zichzelf gezegd had dat de Zoon des mensen niet had waar Hij het hoofd nederlegde. Hij is hongerig geweest, dorstig, een vreemdeling, naakt, en Hij is in de gevangenis geweest. Wat aan de geringsten gedaan wordt, rekent Hij Zich aan omdat Hij hun plaats kent.

Zo komt de koningslijn hier op haar eindpunt. Zij begon bij een mens die over de schepping gesteld werd en zijn kroon verloor. Zij liep door een volk dat een koning vroeg en er één kreeg naar Gods hart, en door een huis dat viel. En zij eindigt met een troon waarop de Zoon des mensen zit, en met een koninkrijk dat er al was: “beerft dat Koninkrijk, hetwelk u bereid is van de grondlegging der wereld.”

  1. Genesis 1:28 — De mens wordt over de schepping gesteld, en verliest die kroon.
  2. Ezechiël 34:17 — God zegt Zelf te zullen richten tussen klein vee en klein vee.
  3. Ezechiël 34:23 — En Hij belooft één Herder over hen te verwekken.
  4. Daniël 7:13 — De Zoon des mensen ontvangt heerschappij en een troon.
  5. Mattheüs 25:32 — Hij scheidt zoals een herder schapen van bokken scheidt.
  6. Mattheüs 25:34 — En vanaf dat ogenblik heet Hij in dit hoofdstuk de Koning.

In het Nieuwe Testament: Daniël 7:13-14; Ezechiël 34:17; Ezechiël 34:22-23; Psalm 72:12-13; Mattheüs 8:20

Hoever dit reikt: Wie met de minste broeders bedoeld worden, wordt hier niet omschreven. De tekst zegt alleen dat wat hun gedaan is, aan Hem gedaan is. Dat het vonnis naar de werken gevraagd wordt, zegt niet dat die werken de grond ervan zijn. Vers 34 noemt het koninkrijk bereid van de grondlegging der wereld, en de kanttekening wijst daarbij op de verkiezing.

Wat betekenen de niveaus?

Het niveau zegt hoe stevig de verbinding met Christus is. Hoe lager het getal, hoe vaster de grond. Onder elke heenwijzing staat bij "Hoever dit reikt" wat er wél en niet vaststaat.

  1. niveau 1 Het Nieuwe Testament past deze plaats zelf op Christus toe
  2. niveau 2 Sterk onderbouwd vanuit meerdere Schriftplaatsen
  3. niveau 3 Verantwoorde typologische of heilshistorische verbinding
  4. niveau 4 Mogelijke toepassing, niet de zekere betekenis van de tekst

Een vijfde niveau, de vrije allegorie waarin men Christus in elk detail zoekt, wordt in dit register niet gebruikt.

Alle heenwijzingen naar Christus in één overzicht →

© Teun van der Plas

Mattheüs 25

Mattheüs 25:1-2.KruisverwijzingenMattheüs 13:24Lukas 12:35Openbaring 19:7Openbaring 21:2Jeremia 24:2Mattheüs 22:2Mattheüs 7:24Daniël 2:44
— Alsdan zal het Koninkrijk der hemelen gelijk zijn aan tien maagden, welke haar lampen namen, en gingen uit, den bruidegom tegemoet. En vijf van haar waren wijzen, en vijf waren dwazen.
“Alsdan zal het Koninkrijk der hemelen gelijk zijn aan tien maagden, welke haar lampen namen, en gingen uit, den bruidegom tegemoet. En vijf van haar waren wijzen, en vijf waren dwazen.”

Wat een scheiding brengt dit aan in de zichtbare gemeente van God! Laten wij hopen dat wij hieruit niet hoeven op te maken dat op elk willekeurig ogenblik de helft van de belijders van het christendom als deze dwaze maagden is. Toch zou onze Heere niet zo’n hoog aandeel genoemd hebben als er niet een heel grote vermenging van dwazen onder de wijzen was.

Mattheüs 25:3.KruisverwijzingenJesaja 48:1Jesaja 58:2Openbaring 3:15Ezechiël 33:32 Timotheüs 3:5Mattheüs 23:25Openbaring 3:1Hebreeën 12:15
— Die dwaas waren, haar lampen nemende, namen geen olie met zich.
“Die dwaas waren, haar lampen nemende, namen geen olie met zich.”

Zij dachten dat het uiterlijke wel genoeg zou zijn. De verborgen voorraad olie achtten zij overbodig, want die zou toch niemand zien. Met de ene hand wilden zij wel de lamp dragen. Maar ook de andere hand met een oliekruik bezetten leek hun te veel gevraagd, alsof zij zich dan al te grondig aan het werk overgaven.

Zo namen zij hun lampen en namen zij geen olie met zich. Zij hadden net zo goed helemaal geen lamp kunnen hebben.

Mattheüs 25:4.KruisverwijzingenJohannes 3:341 Johannes 2:201 Johannes 2:27Romeinen 8:9Psalmen 45:7Galaten 5:22Zacharia 4:22 Korinthe 1:22
— Maar de wijzen namen olie in haar vaten, met haar lampen.
“Maar de wijzen namen olie in haar vaten, met haar lampen.”

Olie ín hun lampen, en olie bíj hun lampen. Lampen zijn zonder olie nutteloos; en toch heeft de olie de lamp nodig, want anders is zij niet goed te gebruiken.

Het licht van de belijdenis kan niet werkelijk brandend gehouden worden zonder de olie van de genade. En waar genade is, daar behoort zij zich te tonen, zoals de olie door de lamp tot branden gebracht wordt. Maar het heeft geen zin te proberen vertoon te maken als er niet ergens die verborgen voorraad is waaruit het uiterlijke deel van de godsdienst gevoed wordt.

Mattheüs 25:5.KruisverwijzingenMattheüs 25:19Mattheüs 24:48Openbaring 2:25Mattheüs 26:401 Petrus 5:8Hooglied 3:11 Thessalonicenzen 5:6Lukas 18:8
— Als nu de bruidegom vertoefde, werden zij allen sluimerig, en vielen in slaap.
“Als nu de bruidegom vertoefde, werden zij allen sluimerig, en vielen in slaap.”

Zowel de wijzen als de dwazen raakten in een toestand die bij beiden hetzelfde leek. Bij goede mensen brengt het uitblijven van de komst van Christus dikwijls teleurstelling en moeheid teweeg, en daarna traagheid; zelfs de ware gemeente valt in een diepe slaap.

Bij de dwazen, de louter naamchristenen, gaat die toestand veel verder. Omdat er in hen geen waar leven is, wordt zelfs de naam dat zij leven prijsgegeven. En eer het lang duurt geven zij zelfs de belijdenis van de godsdienst op, want er is geen verborgen olie van de genade om die te onderhouden.

Mattheüs 25:6.KruisverwijzingenMaleachi 3:11 Thessalonicenzen 4:16Mattheüs 24:31Mattheüs 25:31Lukas 12:38Amos 4:12Jesaja 25:9Judas 1:14
— En ter middernacht geschiedde een geroep: Ziet, de bruidegom komt, gaat uit hem tegemoet!
“En ter middernacht geschiedde een geroep: Ziet, de bruidegom komt, gaat uit hem tegemoet!”

Toen het er het slechtst voorstond: te middernacht, het koudste en donkerste uur, toen iedereen sliep. Dat was een geroep dat iedereen deed opschrikken. Geen van de maagden kon nog slapen zodra er eenmaal aangekondigd was dat de bruidegom kwam.

Ik wilde, lieve vrienden, dat wij meer dachten aan de grote waarheid van de tweede komst. Hoe vaker die gepredikt wordt, in de juiste verhouding tot andere waarheden, hoe beter. Wij hebben dat middernachtelijk geroep nog altijd nodig: gaat uit hem tegemoet.

Mattheüs 25:7.KruisverwijzingenOpenbaring 3:19Lukas 12:352 Petrus 3:14Openbaring 2:4Openbaring 3:2
— Toen stonden al die maagden op, en bereidden haar lampen.
“Toen stonden al die maagden op, en bereidden haar lampen.”

Zij konden niet langer slapen; zij waren goed en wel opgeschrikt en wakker geworden.

Mattheüs 25:8.KruisverwijzingenLukas 12:35Spreuken 13:9Handelingen 8:24Openbaring 3:9Mattheüs 3:9Job 21:17Spreuken 20:20Spreuken 4:18
— En de dwazen zeiden tot de wijzen: Geeft ons van uw olie; want onze lampen gaan uit.
“En de dwazen zeiden tot de wijzen: Geeft ons van uw olie; want onze lampen gaan uit.”

Ach, nu begonnen zij te waarderen wat zij eerder veracht hadden. Zij waren dwaas genoeg geweest om te menen dat olie overbodig was, maar nu zagen zij dat het het ene noodzakelijke was. En hoor dan de vreselijke reden die zij noemen.

Ik ken geen verschrikkelijker woorden dan deze: onze lampen gaan uit. Het is erger een lamp te hebben gehad die uitgegaan is dan nooit een lamp gehad te hebben. Wij hebben ons er eens in verheugd; wij beloofden onszelf een blinkende toekomst; wij zeiden dat alles in orde was voor het bruiloftsmaal. En nu gaan onze lampen uit, en wij hebben geen olie om ze bij te vullen.

Och, dat niemand van ons ooit die treurige kreet hoeft aan te heffen! Op een sterfbed, in de uiterste pijn, in de diepte van de menselijke zwakheid: daar is dat een ontzettende zaak. Uw belijdenis brandt laag, en uw hoop op de hemel gaat uit als de snuit van een kaars.

Mattheüs 25:9.KruisverwijzingenJeremia 15:1Ezechiël 14:14Openbaring 3:17Handelingen 8:22Jesaja 55:6Jesaja 55:1Psalmen 49:7Ezechiël 14:20
— Doch de wijzen antwoordden, zeggende: Geenszins, opdat er misschien voor ons en voor u niet genoeg zij; maar gaat liever tot de verkopers, en koopt voor uzelven.
“Doch de wijzen antwoordden, zeggende: Geenszins, opdat er misschien voor ons en voor u niet genoeg zij; maar gaat liever tot de verkopers, en koopt voor uzelven.”

Het is geen kleinigheid de verkoper van olie op te gaan wekken wanneer het middernachtelijk uur geslagen heeft. Och, u die de bekering uitstelt tot een sterfbed, u bent werkelijk een dwaze maagd! Uw dwaasheid heeft haar hoogste punt bereikt.

U zult meer dan genoeg te doen hebben wanneer u daar ligt met het doodszweet koud op uw voorhoofd. Dan moet u niet ook nog de genade gaan zoeken die u vandaag verzuimt te verkrijgen maar die u dan waarderen zult.

Mattheüs 25:10-11.KruisverwijzingenLukas 13:25Openbaring 22:20Openbaring 22:11Mattheüs 7:21Mattheüs 25:20Amos 8:12Numeri 14:28Genesis 7:16
— Als zij nu heengingen om te kopen, kwam de bruidegom; en die gereed waren, gingen met hem in tot de bruiloft, en de deur werd gesloten. Daarna kwamen ook de andere maagden, zeggende: Heer, heer, doe ons open!
“Als zij nu heengingen om te kopen, kwam de bruidegom; en die gereed waren, gingen met hem in tot de bruiloft, en de deur werd gesloten. Daarna kwamen ook de andere maagden, zeggende: Heer, heer, doe ons open!”

Terwijl zij heengingen… en toen te laat, zodat zij niet meer naar binnen konden.

Mattheüs 25:12.Kruisverwijzingen2 Timotheüs 2:19Lukas 13:261 Korinthe 8:3Johannes 9:31Psalmen 1:6Galaten 4:9Johannes 10:27Psalmen 5:5
— En hij, antwoordende, zeide: Voorwaar zeg ik u: Ik ken u niet.
“En hij, antwoordende, zeide: Voorwaar zeg ik u: Ik ken u niet.”

Ik heb u nooit gekend, zegt Christus op een andere plaats. En dat kennen van Hem is altijd met genegenheid verbonden. Hij heeft geen hart lief dat Hij in deze zin niet kent; wie Hij ként, die heeft Hij lief. Zal Hij ooit tot mij of tot u zeggen: Ik ken u niet? God geve dat Hij daar nooit reden toe hoeft te hebben.

Mattheüs 25:14.KruisverwijzingenMattheüs 21:331 Korinthe 12:71 Korinthe 12:4Efeze 4:11Lukas 19:12Markus 13:341 Petrus 4:91 Korinthe 3:5
— Want het is gelijk een mens, die buiten 's lands reizende, zijn dienstknechten riep, en gaf hun zijn goederen over.
“Want het is gelijk een mens, die buiten ‘s lands reizende, zijn dienstknechten riep, en gaf hun zijn goederen over.”

Deze gelijkenis heeft te maken met u die het christendom belijdt. Hij riep zijn eigen dienstknechten: hen die met hun eigen instemming onder zijn huisgenoten gerekend werden. En hij gaf hun zijn goederen — niet hún goederen maar de zíjne, en dus te gebruiken voor hém.

Bent u een dienstknecht van Christus, dan zijn uw gaven de Zijne. Hij heeft ze u geleend om ze voor uw Heere te gebruiken.

Mattheüs 25:15.KruisverwijzingenMattheüs 18:24Lukas 12:48Lukas 19:13
— En den ene gaf hij vijf talenten, en den anderen twee, en den derden een, een iegelijk naar zijn vermogen, en verreisde terstond.
“En den ene gaf hij vijf talenten, en den anderen twee, en den derden een, een iegelijk naar zijn vermogen, en verreisde terstond.”

Hij is heengegaan; onze Heere is opgevaren. En wij, Zijn dienstknechten, zijn achtergebleven om met Zijn goederen te handelen tot Zijn eer.

Mattheüs 25:16-18.Kruisverwijzingen2 Kronieken 19:41 Korinthe 15:101 Kronieken 28:21 Timotheüs 6:171 Korinthe 9:162 Samuël 7:1Filemon 1:62 Kronieken 1:9
— Die nu de vijf talenten ontvangen had, ging heen, en handelde daarmede, en won andere vijf talenten. Desgelijks ook die de twee ontvangen had, die won ook andere twee. Maar die het ene ontvangen had, ging heen en groef in de aarde, en verborg het geld zijns heren.
“Die nu de vijf talenten ontvangen had, ging heen, en handelde daarmede, en won andere vijf talenten. Desgelijks ook die de twee ontvangen had, die won ook andere twee. Maar die het ene ontvangen had, ging heen en groef in de aarde, en verborg het geld zijns heren.”

Het bedroeft ons te weten dat er mensen met vijf talenten en met twee talenten zijn die doen wat deze man deed. Maar de zaak wordt zo voorgesteld dat zij ons allen bereikt.

Omdat de meesten maar één talent hebben, hoor je juist hen het vaakst zeggen: ik heb zo weinig gaven, ik zal maar niets doen. Had ik vijf talenten, dan zou ik misschien uitblinken; had ik er twee, dan zou ik heel nuttig kunnen zijn. Maar met één hoef ik niets te ondernemen. Ik ben maar een gewoon mens — een moeder, heel onaanzienlijk, met mijn kleine gezin om mij heen. Wat kan ik doen?

Het is heel dikwijls een sterke verzoeking van satan aan wie maar één talent hebben om hen te doen denken dat zij dat ene ongestraft mogen begraven. En dan snijdt het betoog meteen naar de andere kant. Is het verkeerd één talent te verbergen, dan is het veel verkeerder er twee te verbergen, en nog veel erger er vijf in de aarde te begraven.

Mattheüs 25:19.KruisverwijzingenMattheüs 25:5Lukas 16:1Mattheüs 18:232 Korinthe 5:10Lukas 16:19Romeinen 14:7Mattheüs 24:48Jakobus 3:1
— En na een langen tijd kwam de heer van dezelve dienstknechten, en hield rekening met hen.
“En na een langen tijd kwam de heer van dezelve dienstknechten, en hield rekening met hen.”

Vergeet nooit de afrekening. Wij hebben gehoord van iemand die een herberg binnenging en zich buitengewoon goed te goed deed. Maar toen de waard hem de rekening bracht, zei hij: o, daar had ik helemaal niet aan gedacht!

Er zijn er velen die hun hele leven doorbrengen zonder ooit aan de afrekening te denken. Toch moet die komen. Van elk uur, van elke gelegenheid, van elke gave, van elke zonde en van elke verzuimde plicht zullen zij rekenschap moeten geven.

Mattheüs 25:20-21.KruisverwijzingenLukas 16:10Mattheüs 25:23Johannes 12:262 Timotheüs 2:12Openbaring 3:21Mattheüs 24:47Filippenzen 1:23Openbaring 2:10
— En die de vijf talenten ontvangen had, kwam, en bracht tot hem andere vijf talenten, zeggende: Heer, vijf talenten hebt gij mij gegeven; zie, andere vijf talenten heb ik boven dezelve gewonnen. En zijn heer zeide tot hem: Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht! over weinig zijt gij getrouw geweest; over veel zal ik u zetten; ga in, in de vreugde uws heeren.
“En die de vijf talenten ontvangen had, kwam, en bracht tot hem andere vijf talenten, zeggende: Heer, vijf talenten hebt gij mij gegeven; zie, andere vijf talenten heb ik boven dezelve gewonnen. En zijn heer zeide tot hem: Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht! over weinig zijt gij getrouw geweest; over veel zal ik u zetten; ga in, in de vreugde uws heeren.”

Ik twijfel er niet aan dat deze man dikwijls met zichzelf afgerekend had. Wie nooit met zichzelf afrekent, mag wel bang zijn wanneer hij geroepen wordt met zijn God af te rekenen. En ik verwacht dat het hem vaak bedroefd had dat hij van de vijf talenten er geen twintig gemaakt had. Hij moet gedacht hebben dat er maar vijf talenten bijwinnen heel weinig was; maar hij merkte dat zijn heer heel tevreden was met wat hij gedaan had.

Denkt u, broeder, dat u allen die vijf talenten hebt er ook vijf bijgewonnen hebt? U was als jongeman rijk toegerust; hebt u het vermogen om uw God te dienen vermeerderd?

U ziet dat de gelijkenis niet zozeer spreekt over wat zij voor anderen gedaan hadden, als wel over wat zij zelf gewonnen hadden en nog in handen hadden. Hebt u meer genade? Hebt u meer beleid? Bent u beter geschikt geworden voor de dienst van uw Meester? Bent u zich ervan bewust dat het zo is?

Het zou mij niet verbazen als u er juist over treurt dat u niet nuttiger bent en niet bruikbaarder. Het is goed dat u zó treurt; maar wanneer uw Meester komt, vertrouw ik dat Hij zeggen zal: “Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht!”

Mattheüs 25:22-23.KruisverwijzingenMattheüs 25:21Markus 14:8Markus 12:412 Korinthe 8:12Romeinen 12:6Lukas 19:182 Korinthe 8:72 Korinthe 8:1
— En die de twee talenten ontvangen had, kwam ook tot hem, en zeide: Heer, twee talenten hebt gij mij gegeven; zie, twee andere talenten heb ik boven dezelve gewonnen. Zijn heer zeide tot hem: Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht, over weinig zijt gij getrouw geweest; over veel zal ik u zetten; ga in, in de vreugde uws heeren.
“En die de twee talenten ontvangen had, kwam ook tot hem, en zeide: Heer, twee talenten hebt gij mij gegeven; zie, twee andere talenten heb ik boven dezelve gewonnen. Zijn heer zeide tot hem: Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht, over weinig zijt gij getrouw geweest; over veel zal ik u zetten; ga in, in de vreugde uws heeren.”

Dat is een prachtig loon: niet zozeer een eigen vreugde te hebben, als wel in te gaan in de vreugde van onze Heere. Het is geen knechtendeel dat ons gegeven wordt; het is het deel van de Meester, door Zijn knechten met Hem gedeeld.

Wat adelt dat het christelijke werk, te beseffen dat het niet eenvoudig óns werk is maar werk dat de Meester dóór Zijn knecht doet. En het loon zal niet zozeer onze eigen blijdschap zijn als wel ons ingaan in de blijdschap van onze Meester. Dat is werkelijk het beste van het beste geven in ruil voor onze armzalige dienst hier.

Mattheüs 25:24-25.KruisverwijzingenMaleachi 1:12Jesaja 58:3Romeinen 8:7Jeremia 2:31Lukas 6:46Ezechiël 18:25Job 21:14Mattheüs 7:21
— Maar die het ene talent ontvangen had, kwam ook en zeide: Heer, ik kende u, dat gij een hard mens zijt, maaiende, waar gij niet gezaaid hebt, en vergaderende van daar, waar gij niet gestrooid hebt; En bevreesd zijnde, ben ik heengegaan, en heb uw talent verborgen in de aarde; zie, gij hebt het uwe.
“Maar die het ene talent ontvangen had, kwam ook en zeide: Heer, ik kende u, dat gij een hard mens zijt, maaiende, waar gij niet gezaaid hebt, en vergaderende van daar, waar gij niet gestrooid hebt; En bevreesd zijnde, ben ik heengegaan, en heb uw talent verborgen in de aarde; zie, gij hebt het uwe.”

Ik was bevreesd, en ging heen en verborg uw talent in de aarde. Ziet u, vrienden, hoe de vrees vaak de moeder van de vermetelheid kan zijn? Vertrouwen op God brengt heilige vreze voort; maar onheilige vrees brengt twijfel aan God voort en leidt ons tot de vertwijfelde opstand van het ongeloof. God beware ons voor zo’n vrees!

Mattheüs 25:26-27.KruisverwijzingenMattheüs 18:32Judas 1:15Lukas 19:22Deuteronomium 23:19Romeinen 3:19Job 15:5
— Maar zijn heer, antwoordende, zeide tot hem: Gij boze en luie dienstknecht! gij wist, dat ik maai, waar ik niet gezaaid heb, en van daar vergader, waar ik niet gestrooid heb. Zo moest gij dan mijn geld den wisselaren gedaan hebben, en ik, komende, zou het mijne wedergenomen hebben met woeker.
“Maar zijn heer, antwoordende, zeide tot hem: Gij boze en luie dienstknecht! gij wist, dat ik maai, waar ik niet gezaaid heb, en van daar vergader, waar ik niet gestrooid heb. Zo moest gij dan mijn geld den wisselaren gedaan hebben, en ik, komende, zou het mijne wedergenomen hebben met woeker.”

Zijn heer nam hem op zijn eigen grond en veroordeelde hem uit zijn eigen mond.

Mattheüs 25:28-29.KruisverwijzingenMattheüs 13:12Markus 4:25Lukas 8:18Johannes 15:2Lukas 10:42Lukas 19:24Mattheüs 21:41Klaagliederen 2:6
— Neemt dan van hem het talent weg, en geeft het dengene, die de tien talenten heeft. Want een iegelijk, die heeft, dien zal gegeven worden, en hij zal overvloedig hebben; maar van dengene, die niet heeft, van dien zal genomen worden, ook dat hij heeft.
“Neemt dan van hem het talent weg, en geeft het dengene, die de tien talenten heeft. Want een iegelijk, die heeft, dien zal gegeven worden, en hij zal overvloedig hebben; maar van dengene, die niet heeft, van dien zal genomen worden, ook dat hij heeft.”

Wie geloof heeft, zal meer geloof krijgen. Wie een verborgen smaak voor de hemelse dingen heeft, zal er meer liefde voor krijgen. Wie enig verstand van de waarheid van God heeft, zal er meer verstand van krijgen. God geeft aan wie hebben — en het is even waar dat Hij geeft aan wie belijden dat zij niet hebben.

Wilt u een voorbeeld van het wegnemen van wat iemand niet heeft? Dan hebt u dat misschien wel eens gezien bij iemand zonder enige ontwikkeling, die daar heel tevreden mee is. Maar dan komt hij ineens in geleerd gezelschap. Hij hoort wat ontwikkelde mensen te zeggen hebben, en hij roept uit: wat ben ik een dwaas! Wat hij dacht te hebben, hoewel hij het nooit gehad heeft, gaat plotseling van hem weg.

Mattheüs 25:30.KruisverwijzingenMattheüs 8:12Mattheüs 22:13Openbaring 3:15Mattheüs 13:50Hebreeën 6:7Johannes 15:6Mattheüs 13:42Jeremia 15:1
— En werpt den onnutten dienstknecht uit in de buitenste duisternis; daar zal wening zijn en knersing der tanden.
“En werpt den onnutten dienstknecht uit in de buitenste duisternis; daar zal wening zijn en knersing der tanden.”

Geven wij enige beschrijving van de toekomende wereld die maar enigszins verschrikkelijk is? Dan roepen zij die de Schriften verwerpen dat wij die van Dante geleend of aan Milton ontleend hebben. Maar ik neem de vrijheid iets anders te zeggen. Nooit zijn er van menselijke lippen zulke ontzagwekkende beschrijvingen van de weeën van de verlorenen gekomen als van de liefdevolle Christus Zelf. Niemand overtreft Hem daarin, en niemand evenaart Hem.

Hij heeft de zielen van de mensen waarlijk lief die hen niet bedriegt. Wie de ellenden van de hel afschildert alsof zij maar gering zijn, tracht de zielen van de mensen te vermoorden onder het voorwendsel hun vriend te zijn. God geve u allen genade om zelf op Jezus te vertrouwen, en dan anderen op Hem te wijzen, om Christus’ wil. Amen.

Mattheüs 25:31-33.KruisverwijzingenMattheüs 13:49Mattheüs 19:28Maleachi 3:18Psalmen 98:9Ezechiël 34:17Psalmen 96:132 Korinthe 5:10Mattheüs 16:27
— En wanneer de Zoon des mensen komen zal in Zijn heerlijkheid, en al de heilige engelen met Hem, dan zal Hij zitten op den troon Zijner heerlijkheid. En voor Hem zullen al de volken vergaderd worden, en Hij zal ze van elkander scheiden, gelijk de herder de schapen van de bokken scheidt. En Hij zal de schapen tot Zijn rechter hand zetten, maar de bokken tot Zijn linker hand.
“En wanneer de Zoon des mensen komen zal in Zijn heerlijkheid, en al de heilige engelen met Hem, dan zal Hij zitten op den troon Zijner heerlijkheid. En voor Hem zullen al de volken vergaderd worden, en Hij zal ze van elkander scheiden, gelijk de herder de schapen van de bokken scheidt. En Hij zal de schapen tot Zijn rechter hand zetten, maar de bokken tot Zijn linker hand.”

Op de dag dat Christus komt, zal Hij alle volken oordelen. Voor Hem vergaderd zullen niet alleen de Joden worden, aan wie de wet gegeven was, maar ook de heidenen.

En niet alleen die volken die het evangelie eeuwenlang gehoord hebben, maar ook die aan wie het dan pas kort verkondigd zal zijn. Want het Koninkrijk van God moet onder alle volken verkondigd worden, hun tot een getuigenis. Overal zal Christus gepredikt zijn, en dan zullen uit alle streken mensen opgeroepen worden om voor Hem te verschijnen.

Dit ziet niet alleen op alle volken die nu leven, maar ook op alle volken die allang vergaan zijn. Dan zullen zij opstaan die voor de zondvloed omkwamen. De talloze heidenen die gestorven zijn, zijn niet zoekgeraakt; ieder van hen zal antwoorden op het appel op de grote dag van de HEERE.

De aarde, die meer en meer een kerkhof wordt, zal haar doden teruggeven, en de zee zelf zal in een vaste vloer veranderd worden. Menigten zullen vergaderd worden, want “de dag des HEEREN is nabij, in het dal des dorswagens”. Hun beenderen zullen tot elkaar komen, en de adem zal opnieuw in hun lichaam varen, en zij zullen weer leven. Al hebben zij lang in het graf geslapen, zij zullen alle met één beweging opstaan, en met één gedachte: ik sta op het punt voor de Rechter te verschijnen.

© Nederlandse vertaling: Teun van der Plas

Spurgeon Citaten

Er is een glans en een flikkering, maar er is geen bestendigheid tenzij de Geest van God in ons is.

Verdiepende artikelen

Schijn het Licht

Voor Iedere Dag

Het volk vervloekt wie hun koren onthoudt, maar zegening rust er op het hoofd van wie het verkoopt. (Spreuken 11:26) Lees verder 2 Koningen 7:3—9. Ik prijs de Christen…

Korven vol overgeschoten brokken

Nabij De Zon

Alsdan zal de Koning zeggen tot degenen, die tot Zijn rechterhand zijn: Komt, gij gezegenden Mijns Vaders! beërft dat Koninkrijk, hetwelk u bereid is van de grondlegging der…

Voer de wil van de Meester uit

Aan De Voeten Van De Meester

En zijn heer zeide tot hem: Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht! over weinig zijt gij getrouw geweest; over veel zal ik u zetten; ga in, in de…

Gehoorzaamheid in kleine dingen

Aan De Voeten Van De Meester

En zijn heer zeide tot hem: Wel, gij goede en getrouwe dienstknecht! over weinig zijt gij getrouw geweest; over veel zal ik u zetten; ga in, in de…

Een standvastige vriend van de waarheid

Aan De Voeten Van De Meester

Achtende de versmaadheid van Christus meerderen rijkdom te zijn dan de schatten in Egypte; want hij zag op de vergelding des loons. Hebreeën 11:26 Tegenwoordig lijkt de waarheid die God…

De laatste scheiding

Preken

En voor hem zullen al de volken vergaderd worden, en hij zal ze van elkaar scheiden, gelijk de herder de schapen van de bokken scheidt. Mattheus 25:32 Jezus Christus,…

De schapen en de bokken

Preken

En wanneer de Zoon des mensen komen zal in Zijn heerlijkheid, en al de heilige engelen met hem, dan zal hij zitten op de troon van zijn heerlijkheid.…

De twee talenten

Preken

En die de twee talenten ontvangen had, kwam ook tot hem, en zei: Heere! Twee talenten hebt gij mij gegeven; zie, twee andere talenten heb ik boven dezelve…

Zo hebt gij dat Mij gedaan

Korte Overdenkingen

Voorwaar zeg Ik u, voor zoveel gij dit een van deze Mijn minste broeders gedaan hebt, zo hebt gij dat Mij gedaan. Mattheüs 25:40 Stel u voor dat u…

Misvattingen over het geloof

Geloof

Wat zijn we toch dwaas! Of we nu jong of oud zijn, we zijn als een kind in geestelijke zaken. Wat een grote dwazen zijn we toch, als…

Spaarzaamheid

Korte Overdenkingen

En die twee talenten had, kwam ook tot hem. Mattheüs 25:22 God geeft aan sommige mensen slechts weinige talenten, omdat Hij vele kleine sferen heeft en deze vervuld…

Verscheidenheid

Korte Overdenkingen

En die twee talenten had, kwam ook tot hem. Mattheüs 25:22 God heeft alle dingen verschillend gemaakt en overal zien wij verscheidenheid. Ik twijfel niet of het is…

Te leen

Korte Overdenkingen

En die twee talenten ontvangen had, kwam ook tot hem en zeide: Heere! twee talenten hebt gij mij gegeven; zie, twee andere talenten heb ik boven dezelve gewonnen.…

Steun ons met een donatie

Uw steun helpt ons om Het Spurgeon Archief in stand te houden. Dankzij uw bijdrage kunnen wij ons werk voortzetten en dit waardevolle archief gratis aanbieden en vrijhouden van reclame en commerciële invloeden.

Wij danken u hartelijk voor uw steun en betrokkenheid!

Archiefhulpmiddelen

Contact

Heeft u een tekstfout gevonden, of heeft u een vraag? Stuur dan een E-mail naar: [email protected]

Over de Auteur

C.H. Spurgeon

1834 – 1892 Was een Engelse baptistenpredikant in de puriteinse traditie. Belangrijke onderwerpen uit zijn prediking waren de vergeving van zonden en de noodzaak van wedergeboorte.

Onze Socials:

Copyright & Content